Gemeenteblad van Lingewaard
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lingewaard | Gemeenteblad 2026, 327809 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lingewaard | Gemeenteblad 2026, 327809 | beleidsregel |
Uitwegenbeleid gemeente Lingewaard 2026
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Lingewaard heeft op 30 juni 2026 besloten het Uitwegenbeleid gemeente Lingewaard 2026 vast te stellen onder gelijktijdige intrekking van het Uitwegenbeleid gemeente Lingewaard 2022.
College van burgemeester en wethouders van de gemeente Lingewaard,
Besluiten de volgende beleidsregels vast te stellen:
In de gemeente Lingewaard is het verboden zonder vergunning een uitweg te maken of te veranderen. Op grond van de Omgevingswet in combinatie met de APV, moet hiervoor een omgevingsvergunning worden aangevraagd. In de APV zijn voor deze vergunning diverse weigeringsgronden opgenomen. Bovendien kan de gemeente, ter bescherming van het belang waarvoor de vergunning is vereist, voorschriften en beperkingen verbinden aan de vergunning. Er bestaat binnen de gemeente behoefte aan een kader op basis waarvan vergunningsaanvragen voor uitwegen worden getoetst. Dit beleids- en toetsingskader is in dit document vastgelegd. Dit beleid bevordert eenduidige besluitvorming (consistentie) en biedt de aanvrager vooraf inzicht in de toetsingscriteria (transparantie). Daarnaast zijn ook inrichtingseisen opgenomen waarbij de CROW-publicatie 344 “Richtlijn drempels, plateaus en uitritten” als basis is gebruikt.
In deze notitie worden alleen uitwegen naar ‘bestemmingen’ (bijvoorbeeld woningen, bedrijven, percelen) behandeld.
De doelstelling van dit beleid is een helder en formeel kader te scheppen, waarin onder andere de voorwaarden en het beheer en onderhoud, met betrekking tot de aanleg van een uitweg naar de gemeentelijke weg is vastgelegd.
Hoofdstuk 2 benoemt de afkortingen en geeft een toelichting op de begrippen. In hoofdstuk 3 is het beleid nader geformuleerd. Hoofdstuk 4 beschrijft de uitvoeringsaspecten en tenslotte zijn in hoofdstuk 5 de overgangs- en slotbepalingen opgenomen.
Hoofdstuk 2 Afkortingen- en begrippenlijst
Een perceel met daarop een inrichting/instelling gericht op het bedrijfsmatig voortbrengen, vervaardigen, bewerken, opslaan, installeren en/of herstellen van goederen of het bedrijfsmatig verlenen van diensten. Aan-huis-verbonden beroepen en aan-huis-verbonden bedrijven worden hieronder niet begrepen.
Alle percelen binnen de komgrenzen van de bebouwde kom (in de zin van de Wegenverkeerswet).
Alle percelen buiten de komgrenzen van de bebouwde kom (in de zin van de Wegenverkeerswet).
In het Wegencategoriseringsplan en bijbehorend addendum (te raadplegen via www.overheid.nl) is aangegeven welke wegen zijn aangemerkt als erftoegangsweg dan wel gebiedsontsluitingsweg.
In het Wegencategoriseringsplan en bijbehorend addendum (te raadplegen via www.overheid.nl) is aangegeven welke wegen zijn aangemerkt als erftoegangsweg dan wel gebiedsontsluitingsweg.
Het bovenaanzicht van de boom (projectie van de kroon op de grond) + 1,5 meter.
Het belangrijkste gebouw op het perceel, inclusief aan- of uitbouwen en exclusief aangebouwd bijgebouw
Locatie waar nieuwe bouwwerken worden opgericht en waar in opdracht van de gemeente nieuw openbaar gebied wordt aangelegd.
Plaats op straat (openbaar) waar je een motorvoertuig kunt/mag parkeren. Dit kunnen gemarkeerde vakken zijn maar ook niet gemarkeerde delen van de weg gelegen aan de linker- of rechter kant van de rijweg in de lengterichting langs een trottoirband.
Hetgeen onder ‘wegen’ wordt verstaan in artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet 1994.
Rechtstreekse ontsluitingsmogelijkheid voor gemotoriseerd verkeer vanaf een perceel naar de voor het openbaar verkeer openstaande weg. Vaak door middel van fysieke voorzieningen zoals een verlaagde band of een in-/uitritconstructie.
Onder een uitweg verstaan we ook de begrippen inrit, oprit of uitrit.
Het deel van de weg waar het verkeer direct overheen rijdt en bestaat uit een gesloten (bijv. asfalt), open (bijv. klinkers), half-verhard (bijv. grond, puin) of onverhard (bijv. zand) oppervlak.
Het gebied gelegen vóór de voorgevel van het hoofdgebouw en dat begrensd wordt door (het gebied dat ligt tussen) de voorgevellijn en zijgevellijnen. Zie ook tekening A in de bijlage.
de denkbeeldige lijn die gelijkloopt met de voorgevel van het hoofdgebouw doorgetrokken tot aan de perceelsgrenzen. Zie ook tekening A in de bijlage.
De denkbeeldige lijn die gelijkloopt met de zijgevel van het hoofdgebouw doorgetrokken tot aan de perceelsgrenzen. Zie ook tekening A in de bijlage.
Het afwerken van openbare delen van een bouwterrein voor uiteindelijk gebruik. Het betreft het aanbrengen van voorzieningen op of in het maaiveld. Woonrijp maken vindt plaats aan het einde of na afronding van de bouwactiviteiten.
Hoofdstuk 3 Nadere uitwerking weigeringsgronden voor een uitweg
Voor iedere aanleg of wijziging in een uitweg, binnen of buiten de bebouwde kom, moet een omgevingsvergunning worden aangevraagd. De aanvraag voor deze vergunning wordt getoetst aan de weigeringsgronden genoemd in de APV. Dit hoofdstuk beschrijft de uitleg die het college van burgemeester en wethouders aan deze weigeringsgronden geeft. Bij iedere aanvraag worden onderstaande criteria meegenomen. Daarnaast wordt iedere aanvraag voor een omgevingsvergunning voor een uitweg altijd getoetst aan het geldende omgevingsplan.
Artikel 3 Ter voorkoming van gevaar voor het verkeer op de weg
Een vergunning wordt geweigerd wanneer door de uitweg de verkeersveiligheid in gevaar kan komen. Daarvan is in ieder geval sprake in de volgende gevallen:
Artikel 4 Als de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats
Een vergunning wordt geweigerd als de aanleg van de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats. Daarvan is in ieder geval sprake als de uitweg, naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders, op een andere plek gerealiseerd kan worden waar het niet ten koste gaat van een openbare parkeerplaats.
Artikel 5 Als door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast
Een vergunning wordt geweigerd als door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast. Daarvan is in ieder geval sprake in de volgende gevallen:
Artikel 6 Als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, tenzij naar het oordeel van college van burgemeester en wethouders de verkeersveiligheid door die tweede uitweg wordt gediend
Een vergunning wordt geweigerd als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, tenzij de verkeersveiligheid naar het oordeel van het college van burgemeester en wethouders zodanig toeneemt dat de vergunning toch moet worden verleend.
Hoofdstuk 4 Uitvoeringsaspecten
Bij het aanleggen van een uitweg hanteert de gemeente een aantal algemene en specifieke uitgangspunten. Daarbij wordt onderscheid gemaakt in een uitweg buiten de bebouwde kom en een uitweg binnen de bebouwde kom onderverdeeld naar particulier, nieuwbouw en bedrijfsmatig.
Artikel 8 Algemene uitgangspunten
Algemene uitgangspunten bij de aanleg van een uitweg:
kosten voor de aanleg van de uitweg (inclusief eventuele extra maatregelen zoals verplaatsen van een lichtmast, kolken, straatmeubilair, groenvoorziening en kabels en leidingen en legeskosten) worden door de gemeente Lingewaard aan de vergunninghouder gemeld. De gemeente stelt een offerte op voor de kosten. De uitvoering start nadat de omgevingsvergunning onherroepelijk is geworden, de kosten door de aanvrager zijn voldaan en eventuele andere voor de aanleg noodzakelijke vergunningen en meldingen zijn verleend en/of gedaan;
Artikel 9 Terugbrengen van uitwegen na reconstructiewerkzaamheden
Bij een reconstructie van een weg of berm worden uitwegen die niet langer in gebruik zijn verwijderd. Belanghebbende zal hierover worden geïnformeerd.
Artikel 10 Aanvullende uitvoeringsaspecten uitwegen
De wegconstructie van zowel de openbare weg ter plaatse van de uitweg als de uitweg zelf moet berekend zijn op het te verwachten gebruik c.q. verkeersbelasting. Daarom wordt de constructie bepaald door de gemeente en bestaat die in principe uit een elementenverharding met:
Bij uitwegen waarbij de bestemming niet zichtbaar of herkenbaar is, dient de uitwegconstructie duidelijk herkenbaar te zijn. Om de herkenbaarheid en uniformiteit van een uitweg te waarborgen, zal de uitweg zo veel mogelijk op uniforme wijze worden aangelegd.
Er wordt een afweging gemaakt of een uitweg past binnen het (historische) straatbeeld. Dit kan namelijk per straat verschillen.
Omdat uitwegconstructies met niveauverschil voor zwaar verkeer problematisch kunnen zijn voor kwetsbare lading, kan bij een uitweg naar bedrijven een uitwegconstructie zonder niveauverschil worden toegepast.
Ingeval de uitweg over een sloot/watergang gaat, dient er ook een dam met duiker (of een brug) aangelegd te worden. Het onderhoud van de dam met duiker/brug berust bij aanvrager. Het kan zijn dat hiervoor een vergunning aangevraagd moet worden of een melding gedaan moet worden bij het Waterschap op basis van de Keur en daarnaast is mogelijk privaatrechtelijke toestemming van de eigenaar van de grond noodzakelijk. Voor het regelen van deze zaken is aanvrager zelf verantwoordelijk.
Hoofdstuk 5 Overgangs- en slotbepalingen
Aanvragen die voor inwerkingtreding van dit beleid zijn ingediend, worden getoetst aan het Uitwegenbeleid gemeente Lingewaard 2022.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-327809.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.