Beleidsregels Schulddienstverlening Gemeente Zwolle 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwolle,

gelet op:

  • artikel 3 van de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening

  • artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht

Besluit:

vast te stellen de “Beleidsregels schulddienstverlening gemeente Zwolle 2026”:

De inhoud van deze beleidsregels is als volgt:

Artikel 1. Begrippen

  • 1.

    Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet gemeentelijke schuldhulpverlening (Wgs), de Algemene wet bestuursrecht (Awb), de Participatiewet (Pw) en het Burgerlijk Wetboek (BW).

  • 2.

    In de beleidsregels wordt verstaan onder:

    • a.

      Besluit bijstand zelfstandigen (Bbz) krediet: een lening voor ondernemers op grond van de Bbz.

    • b.

      Betalingsregeling: een afspraak voor gespreide betaling door een derde met een schuldeiser.

    • c.

      Budgetbeheer: beheren van het inkomen van de aanvrager door het openen van een rekening bij de gemeente Zwolle, waarop de inkomsten worden gestort en waarvan uitgaven en reserveringen worden gedaan.

    • d.

      Budgetcoaching: gezamenlijk met een budgetcoach toewerken naar meer inzicht in de geldzaken met als doel financiële redzaamheid.

    • e.

      Inkomen: alle van toepassing zijnde middelen als bedoeld in artikel 32 van de Pw.

    • f.

      Geslaagde schuldregeling: Het bereiken van een minnelijk akkoord met alle schuldeisers ter (gedeeltelijke) aflossing van de schuldenlast tegen finale kwijting.

    • g.

      Minnelijk traject: onderdeel van de schulddienstverlening waarbij een schuldregeling wordt getroffen door overeenstemming met alle schuldeisers te krijgen over de schulden, inclusief de doorlooptijd van de minnelijke schuldregeling.

    • h.

      Nazorg: het hebben van een of meerdere contactmomenten met een natuurlijk persoon na afloop van een traject schulddienstverlening.

    • i.

      Plan van aanpak: Het plan wat na de intake en analyse voor de natuurlijke persoon wordt opgesteld en waarin de wederzijdse afspraken en aangeboden dienstverlening wordt beschreven.

    • j.

      Formele schuld: schuld die formeel is vastgesteld, bijvoorbeeld bij de notaris of vordering van overheidsinstanties en van commerciële partijen.

    • k.

      Informele schuld: schuld aan mensen in het sociale netwerk (familie, vrienden, kennissen).

    • l.

      Problematische schuld: situatie waarbij redelijkerwijs is te voorzien dat een natuurlijk persoon zijn betalingsverplichtingen niet meer kan voldoen.

    • m.

      Recofa: Landelijk overlegorgaan van rechters-commissarissen in faillissementen.

    • n.

      Saneringskrediet: de gemeente verstrekt een krediet en bemiddelt een afkoop van de totale schuld van de klant. Uitgangspunt van de looptijd van het krediet is 18 maanden tenzij er omstandigheden zijn op grond waarvan een andere looptijd nodig is.

    • o.

      Schuldbemiddeling: maken van betalingsafspraken door bemiddeling van de gemeente Zwolle naar aanleiding van een schuldregeling waarbij alle schuldeisers instemmen met een prognose voorstel tegen finale kwijting. Uitgangspunt van de looptijd is 18 maanden tenzij er omstandigheden zijn op grond waarvan een andere looptijd nodig is.

    • p.

      Schuldregeling zonder afloscapaciteit: de gemeente bemiddelt een afkoop van de totale schuld met een aanbod zonder aflossing, omdat het inkomen van de klant hiervoor te laag is. Schuldeisers worden verzocht akkoord te gaan met finale kwijting zonder betaling of met een eenmalige betaling vanuit aanwezig vermogen.

    • q.

      Schuldregeling: Verzamelnaam voor de diensten tot minnelijke regeling van de schulden door een saneringskrediet, schuldbemiddeling en schuldregeling zonder afloscapaciteit.

    • r.

      Schulddienstverlening: samenhangend aanbod van verschillende diensten ter voorkoming van schulden en/of het beheersbaar maken van een schuldensituatie en/of het oplossen van schulden.

    • s.

      Wsnp (Wet schuldsanering natuurlijke personen): Onderdeel van de faillissementswet waarbij de toepassing ervan wordt uitgesproken door de rechtbank en waarbij sprake is van een verplichte medewerking aan de schuldsanering onder benoeming van een bewindvoerder en onder toezicht van de rechter.

Artikel 2. Vroegsignalering

De gemeente Zwolle benadert mensen met financiële problemen in een zo vroeg mogelijk stadium om vroegtijdige hulp te verlenen door gebruik te maken van signalen van schuldeisers.

Artikel 3. Rechthebbende

  • 1.

    Alle inwoners van 18 jaar en ouder met een hoofdverblijf in de gemeente Zwolle of één van de samenwerkende regiogemeente komen in aanmerking voor schulddienstverlening.

  • 2.

    Personen zonder adres voor wie het college op grond van artikel 40 van de Pw is aangewezen voor de verlening van bijstand, komen in aanmerking voor schulddienstverlening mits zij bereikbaar zijn en er sprake is van een stabiele situatie.

  • 3.

    In bijzondere omstandigheden kan het college op grond van artikel 3, lid 5 van de Wgs, zo nodig in overleg met het college van een andere woongemeente, ook schulddienstverlening geven aan een persoon als die geen inwoner (meer) is. Die persoon wordt dan gelijkgesteld met een inwoner.

  • 4.

    Bijzondere omstandigheden, genoemd in lid 3, zijn:

    • a)

      verhuizing;

    • b)

      detentie;

    • c)

      andere bijzondere omstandigheden.

Artikel 4. Aantoonbare schulden

  • 1.

    De aanvrager moet met bewijsstukken kunnen aantonen dat er sprake is van een opeisbare formele of informele schuld met een juridisch afdwingbare terugbetalingsverplichting.

  • 2.

    Het college stelt vast of de in lid 1 bedoelde schuld voldoende is aangetoond met één enkel bewijsstuk of met een combinatie van bewijsstukken, bijvoorbeeld:

    • a.

      een factuur;

    • b.

      een bankoverschrijving (bijvoorbeeld met de omschrijving "lening");

    • c.

      een ondertekende leningsovereenkomst of schuldbekentenis;

    • d.

      een e-mail of app-bericht waarin de lening en de terugbetalingsverplichting worden bevestigd;

    • e.

      een notariële akte.

Artikel 5. De aanvraag schulddienstverlening

  • 1.

    Inwoners van Zwolle kunnen zich voor ondersteuning bij geldzaken aanmelden bij de sociaal raadslieden van Op Orde en digitaal op de site van de gemeente Zwolle.

  • 2.

    Voor inwoners van een samenwerkende regiogemeente geldt dat de desbetreffende gemeente de inwoner informeert over de werkwijze waarop een aanvraag kan worden ingediend. Een rechthebbende moet aan de volgende minimale voorwaarden voldoen:

    • a.

      hij dient ingeschreven te staan in de Basisregistratie Personen (BRP) van de gemeente Zwolle of één van de samenwerkende regiogemeenten.

    • b.

      hij dient zich voor toelating te legitimeren met een geldig legitimatiebewijs. Als geldig legitimatiebewijs gelden de documenten genoemd in artikel 1 van de Wet op de Identificatieplicht;

  • 3.

    Bij in gemeenschap van goederen gehuwden of geregistreerde partners kan een aanvraag schulddienstverlening alleen gezamenlijk door beide echtgenoten worden gedaan. Bij gehuwden op huwelijkse voorwaarden en/of een beperkte gemeenschap moeten beide partners apart een aanvraag indienen. Indien er sprake is van beschermingsbewind dient de bewindvoerder mede te ondertekenen.

  • 4.

    Er geldt een brede toegang d.w.z. er wordt niemand uitgesloten. Wanneer schulddienstverlening niet haalbaar is vanwege de instabiele situatie, zal de aanvrager voor zover mogelijk naar een andere instelling of traject worden begeleid.

  • 5.

    Indien een aanvrager binnen een jaar gerekend vanaf de datum van het besluit tot afwijzing van de aanvraag een nieuwe aanvraag indient, kan besloten worden om deze aanvraag niet in behandeling te nemen, tenzij er sprake is van aantoonbaar gewijzigde omstandigheden.

  • 6.

    Indien een aanvrager binnen twee jaar na voortijdige beëindiging van een schuldregeling, gerekend vanaf de datum van de beëindigingbeschikking, een nieuwe aanvraag indient, kan besloten worden dat geen schuldregeling wordt aangeboden, tenzij er sprake is van aantoonbaar gewijzigde omstandigheden.

  • 7.

    Indien een aanvrager binnen vijf jaar, gerekend vanaf de datum van de reguliere beëindiging van een schuldregeling of Wsnp-traject een nieuwe aanvraag voor schulddienstverlening indient, kan besloten worden dat geen schuldregeling wordt aangeboden.

Artikel 6. Voorwaarden en verplichtingen schulddienstverlening

  • 1.

    Om de schulddienstverlening te doen slagen is de medewerking én de inzet van de aanvrager noodzakelijk. Bij geen of onvoldoende medewerking kan de aanvraag schulddienstverlening buiten behandeling gesteld, worden afgewezen of voortijdig worden beëindigd. Er is sprake van geen of onvoldoende medewerking als de aanvrager:

    • a.

      niet verschijnt op een oproep, nadat een hersteltermijn is gegeven;

    • b.

      geen, foutieve of onvolledige informatie verstrekt of heeft verstrekt;

    • c.

      naar oordeel van het college verwijtbaar nieuwe schulden is aangegaan na de aanvraag schulddienstverlening;

    • d.

      zich na de aanvraag schulddienstverlening of gedurende de schuldregeling niet houdt aan de opgelegde voorwaarden;

    • e.

      niet meewerkt aan de totstandkoming van het plan van aanpak of een overeenkomst in het kader van de schulddienstverlening bijvoorbeeld Budgetbeheer en/of schuldregeling of juiste uitvoering van het plan van aanpak en/of een dergelijke overeenkomst;

    • f.

      niet meewerkt aan de verplichting tot begeleiding door een erkende hulpverleningsinstelling;

    • g.

      zich misdraagt ten opzichte van de medewerkers, belast met de werkzaamheden voor de schulddienstverlening.

    • h.

      niet meewerkt aan het verbeteren van de financiële vaardigheden door middel van gedragsverandering en/of budgettering als dit naar oordeel van het college nodig is voor het (duurzaam) slagen van het schulddienstverleningstraject.

    • i.

      geen toestemming verleent aan het college om relevante informatie in te winnen en te verstrekken bij en aan derden.

  • 2.

    De aanvrager is verplicht om direct en uit eigen beweging dan wel op verzoek van de gemeente alle gegevens door te geven waarvan het hem duidelijk moet zijn dat deze van invloed kunnen zijn op de schulddienstverlening.

  • 3.

    Voordat tot beëindiging wordt besloten, wordt de aanvrager een redelijke termijn geboden om alsnog de gevraagde medewerking te verlenen of informatie te verstrekken.

  • 4.

    In het kader van de schulddienstverlening is de aanvrager verplicht om de onderstaande verzekeringen af te sluiten, de polis(sen) te overleggen en de verschuldigde premies te betalen van:

    • a.

      wettelijke aansprakelijkheid (WA);

    • b.

      inboedelverzekering;

    • c.

      opstalverzekering bij bewoning van een woning in eigendom;

Artikel 7. Wacht- en doorlooptijden

  • 1.

    Indien een aanvraag bij het college wordt ingediend, vindt het intakegesprek uiterlijk binnen vier weken plaats, na datum binnenkomst van de aanvraag.

  • 2.

    Indien er sprake is van een crisissituatie conform de Wgs wordt er binnen drie werkdagen contact opgenomen met de aanvrager om de hulpvraag vast te stellen.

  • 3.

    Tijdens de intakefase wordt aan de verzoeker inzicht gegeven over de periode tussen het eerste gesprek waarin de hulpvraag wordt vastgesteld en het bereiken van het resultaat zoals dit in het plan van aanpak wordt vastgelegd.

Artikel 8. Toekenning van schulddienstverlening

  • 1.

    Een aanvrager van schulddienstverlening kan naar het oordeel van het college van Burgemeester en Wethouders in aanmerking komen voor schulddienstverlening bestaande uit één of meerdere van de volgende diensten:

    • a.

      informatie- of adviesgesprek d.w.z. raadgeving op basis van individuele omstandigheden als andere diensten niet ingezet kunnen of hoeven te worden;

    • b.

      herfinanciering op basis van Bbz krediet voor ondernemers;

    • c.

      stabilisatietraject;

    • d.

      budgetbeheer;

    • e.

      budgetcoaching;

    • f.

      niet problematische schulden traject (NPS) d.w.z. betalingsregelingen voor alle schulden;

    • g.

      schuldbemiddeling;

    • h.

      saneringskrediet d.w.z. lening voor voldoen van alle schulden tegen percentagevoorstel;

    • i.

      schuldregeling zonder afloscapaciteit;

    • j.

      Zwolse toekomstlening;

    • k.

      bemiddeling voor een saneringsregeling op basis van Bbz krediet voor ondernemers;

    • l.

      duurzame financiële dienstverlening (DFD) d.w.z. langdurige stabilisatie voor de betaling van de primaire vaste lasten als er geen zicht is op een schuldregeling;

    • m.

      verklaring ex art 285 Fw voor toepassing van de Wsnp d.w.z. document waarmee men bij de rechtbank de wettelijke schuldsanering (Wsnp) kan vragen;

    • n.

      nazorg.

  • 2.

    Bovengenoemde diensten worden ook geleverd aan de doelgroep ondernemers waarbij geldt dat het verzorgen van de bemiddeling voor een herfinanciering of saneringsregeling op basis van een Bbz krediet voorliggend is aan een reguliere saneringsregeling en een reguliere herfinanciering.

  • 3.

    De bovenvermelde diensten worden aangeboden en uitgevoerd conform de gedragscode, richtlijnen en modulen van de branchevereniging voor schuldhulpverlening, de Nederlandse vereniging voor volkskrediet (NVVK), en worden opgenomen in het met de aanvrager opgestelde plan van aanpak.

Artikel 9. Middelen en inkomen

Voor de schulddienstverlening worden middelen van de verzoeker in aanmerking genomen. Tot de middelen worden alle vermogens- en inkomensbestanddelen gerekend waarover de aanvrager beschikt of redelijkerwijs kan beschikken. Voor de beoordeling of en in hoeverre middelen bij de uitvoering van schulddienstverlening in aanmerking worden genomen, wordt aangesloten bij de werkgroep Rekenmethode VTLB van Recofa.

Artikel 10. Beëindiging van de schulddienstverlening

  • 1.

    Het college kan overgaan tot beëindiging van de schulddienstverlening als:

    • a.

      de verzoeker niet of in onvoldoende mate de verplichtingen bedoeld in artikel 4 nakomt;

    • b.

      het traject en/of het plan van aanpak succesvol is afgerond;

    • c.

      de verzoeker niet langer tot de doelgroep behoort;

    • d.

      de noodzaak voor schulddienstverlening niet (langer) aanwezig wordt geacht;

    • e.

      de verzoeker zijn beschikbare aflossingscapaciteit niet gebruikt voor de aflossing van schulden;

    • f.

      de inkomens-, woon- of leefsituatie van de verzoeker dermate onzeker is geworden, dat schulddienstverlening niet meer mogelijk is;

    • g.

      de verzoeker naar een andere gemeente verhuist, tenzij er sprake is van een lopende schuldbemiddeling of één van de samenwerkende regiogemeente;

    • h.

      de verzoeker hier zelf om vraagt;

    • i.

      onjuiste gegevens door de aanvrager aan de gemeente Zwolle zijn verstrekt, terwijl als deze gegevens ten tijde van de besluitvorming bekend waren geweest, een ander besluit zou zijn genomen.

Artikel 11. Nazorg

Bij beëindiging van de schulddienstverlening beoordeelt het college van burgemeester en wethouders in welke vorm de belanghebbende nazorg moet worden aangeboden ter voorkoming van nieuwe schulden.

Artikel 12. Citeertitel

Deze beleidsregels kunnen worden aangehaald als “Beleidsregels schulddienstverlening gemeente Zwolle 2026”.

Artikel 13. Inwerkingtreding

Deze beleidsregels treden in werking op de dag nadat de beleidsregels bekend zijn gemaakt.

Artikel 14. Intrekking

De beleidsregels Schulddienstverlening Gemeente Zwolle 2023 worden ingetrokken per datum inwerkingtreding van deze beleidsregels.

Aldus vastgesteld in de vergadering van 16 juni 2026.

Burgemeester en wethouders van Zwolle,

Burgemeester

P. Snijders

Secretaris

D. Emmer

Naar boven