Besluit tot het aanwijzen van het pand te Schoolstraat 18 te Gemert, kadastraal bekend als GM TOO sectie N perceelnummer 2303 als gemeentelijk monument

Het college van de gemeente Gemert-Bakel,

gelet op artikel 3:1 ., eerste lid, van de Erfgoedverordening 2023 gemeente Gemert-Bakel;

gelet op artikel 3:6., tweede lid, van de Erfgoedverordening 2023 gemeente Gemert-Bakel;

gezien het advies van de monumentencommissie d.d. 31 mei 2023;

Besluit

  • 1.

    tot het aanwijzen van het pand te Schoolstraat 18 te Gemert, kadastraal bekend als GM TOO sectie N perceelnummer 2303 als gemeentelijk monument;

Motivering

Uit de redengevende omschrijving is gebleken dat het pand waardevol is. Het pand is waardevol vanwege de uitdrukking van de sociaaleconomische ontwikkeling van Gemert in de negentiende en twintigste eeuw. Het pand representeert de welvarende textielindustrie in Gemert. Tevens is dit pand kenmerkend voor een traditionalistische bouwstijl. Het pand maakt onderdeel uit van het geheel van de Textielfabriek Van den Acker. Het pand bezit een grote mate van gaafheid. Ook is er sprake van enige zeldzaamheid op lokaal niveau. Ten slotte heeft de monumentencommissie in haar vergadering van 31 mei 2023 positief geadviseerd op de aanwijzing tot gemeentelijk monument.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering 23 juni 2026.

namens het college van burgemeester en wethouders,

het college van burgemeester en wethouders,

Secretaris,

F. Kabbouti

de burgemeester,

M. van Veen

Complexnaam:

Van den Ackerterrein

Adres:

Schoolstraat 18

5421 KT Gemert

Provincie:

Noord-Brabant

Gemeente:

Gemert-bakel

Kadastrale gemeente:

Sectie:

Gemert

Grondperceel:

nummer 2303

Kadaster deel/nr:

n.v.t.

Status:

Monumentnummer:

Datum van aanwijzing:

Gemeentelijk monument

Bouwjaar:

1931

Bouwstijl:

traditionalistisch

Architect:

n.v.t.

Categorie

Hoofdcategorie: kantoor

Subcategorie: kantoor

Omschrijving

Historie: Aan de westzijde van het centrum van Gemert ligt het complex van Textielfabriek Van den Acker. Het complex is ingesloten tussen de Komweg, Schoolstraat en Ruijschenberghstraat. In 1931 is de naam van een deel van de Schoolstraat aan de noordzijde gewijzigd in Ruijschenberghstraat. Ruijschenbergh was de stichter van de Latijnse School waarnaar de Schoolstraat is vernoemd. Oorspronkelijk liep de Schoolstraat aan de zuidzijde door in de richting van de kerk en het kasteel van Gemert. Eind twintigste eeuw is deze onderbroken toen de Komwegwerd aangelegd. De textielnijverheid in Gemert vindt zijn oorsprong al in de zeventiende eeuw en was voor lange tijd een belangrijke inkomstenbron voor het dorp. Textielfabriek Van den Acker is een van de textielfabrieken in Gemert naast bijvoorbeeld de fabrieken van Prinzen en Raymakers. De voorloper van Van den Acker werd aan het begin van de negentiende eeuw opgericht door Hendrikus van den Acker. Dit bedrijf werd meerdere malen uitgebreid en ging over op de zonen en kleinzonen van Hendrikus van den Acker. In 1893 werd dit bedrijf opgeheven, maar in 1905 begon een van de kleinzonen een stoombontweverij. Dit is de fabriek die nu bekend staat als Textielfabriek Johan van den Acker. Na 200 jaar is de fabriek failliet gegaan en staan de panden leeg.

Op het Kadastrale Minuutplan van 1 818 staat er op het perceel reeds bebouwing ingetekend. De percelen 522-527 zijn dan al in het bezit van Hendrikus van den Akker. Op de percelen staan dan huizen met schuren, erf en moestuinen. In 1849 wordt op de kadastrale hulpkaart een uitbreiding ingetekend. Op de hulpkaart van 1909 wordt een flinke uitbreiding van de fabriek ingetekend.

In 1931 wordt er vergunning verleend om links naast het toenmalige kantoor de fabriek uit te breiden. Deze uitbreiding is plat afgedekt, opgetrokken in donkerrode steen in Vlaamsverband, met terugliggende voeg en het metselwerk wordt aan de bovenzijde beëindigt met een rode kantpan. In de voorgevel van de uitbreiding werd op de begane grond een dubbel houten deur aangebracht en erboven op de eerste en tweede verdieping een houten luik. De gevelopeningen op de verdiepingen zijn later gewijzigd in venster met nieuw metselwerk rondom en ook de dubbele deur op de begane grond is toen vernieuwd. Deze uitbreiding sluit aan de achterzijde aan op de oorspronkelijke bebouwing die zichtbaar is op de kadastrale hulpkaart uit 1909. Deze bebouwing is een paar stenen lager en opgetrokken in kruisverband met rollagen boven de vensters en gemetselde raamdorpelstenen. De vensters zijn uitgevoerd in zesruitsvensters met stalen roeden. Het metselwerk wordt ook hier aan de bovenzijde afgedekt met een rode kantpan.

Hierna wordt er in 1935 een vergunning verleend voor de bouw van een nieuw kantoor (magazijn) en woonhuis. De uitbreiding uit 1931 blijft hierbij staan en ook een deel van de oorspronkelijke bebouwing die daar aan de achterzijde op aansluit. In afwijking van de vergunning uit 1935, waarop het kantoor/magazijn drie bouwlagen hoog is, wordt het gebouw uitgevoerd in twee bouwlagen en alleen uiterst links, twee vensterassen breed, drie bouwlagen hoog. De verdieping is dan waarschijnlijk grotendeels niet ingedeeld in ruimten en vermoedelijk in gebruik als opslag. In de jaren '70 van de twintigste eeuw worden er nieuwe trappen naar de verdieping aangebracht en de verdieping vermoedelijk ingedeeld. Daarna wordt het kantoor/magazijn voorzien van aluminium vensters met dubbelglas. Hierbij komt de roedeverdeling die in de oorspronkelijke vensters aanwezig was te vervallen. In de linkerzijgevel blijft een enkel oorspronkelijk stalen venster behouden. Het kantoor/magazijn is opgebouwd in metselwerk in donkerrode steen in Vlaams verband met een terugliggende voeg, uitstekend trasraam, rollagen boven de gevelopeningen en gebakken raamdorpelstenen. De dakrand is afgedekt met een rode kantpan.

Exterieur: De voorgevel betreft de gevel die evenwijdig aan de Schoolstraat staat. Uiterst links, terugliggend ten opzichte van de voorgevel, bevindt zich de voorgevel van de uitbreiding van het oorspronkelijke gebouw. Dit gedeelte is drie bouwlagen hoog met drie boven elkaar gelegen gevelopeningen. Op de begane grond dubbele openslaande deuren onder een hard betonnen balk. Rechts van de opening is nieuw siermetselwerk aangebracht. De dubbele deur en aansluitend metselwerk is terugliggend in de vermoedelijke oorspronkelijke opening aangebracht. In het verlengde van de betonbalk is eveneens nieuw siermetselwerk in halfsteensverband aangebracht met daarin twee boven elkaar gelegen aluminium vensters met dubbelglas. Zeer waarschijnlijk zijn de vensters, dubbele deur en siermetselwerk in de jaren '80 van de twintigste eeuw aangebracht, gelijktijdige met de nieuwe vensters en het dubbelglas in nagenoeg het gehele kantoor.

De voorgevel van het kantoor/magazijn uit 1935 is opgebouwd in twee vensterassen van drie bouwlagen hoog en rechts daarvan vier vensterassen van twee bouwlagen hoog.

Waarbij in de derde vensteras van het tweelaagse deel op de begane grond een grote opening aanwezig is met een roldeur. Achter de roldeur bevindt zich een entree bestaande uit een dubbele deur met zijlichten en bovenlichten voorzien van enkel glas.

Zeer waarschijnlijk is deze puivulling aangebracht in de jaren '70 van de twintigste eeuw, toen ook de trap in het verlengde van de deuren is geplaatst. Rechts van deze puivulling, in de laatste vensteras, zijn op de begane grond, tijdens de bouw drie afzonderlijker vensters aangebracht in plaats van een grote opening met onderverdeling.

In de aanwezige gevelopeningen zijn in 1982 aluminium vensters geplaatst die zijn onderverdeeld in drie ramen. In de gevel zijn muurankers zichtbaar die de achterliggende constructie verbinden met het metselwerk. In de linkerzijgevel van het kantoor/magazijn bevinden zich drie boven elkaar liggende aluminium vensters onderverdeeld in drie ramen met dubbelglas. Ook in deze gevel zijn muurankers zichtbaar die de constructie verbinden met het metselwerk.

De linkerzijgevel van de uitbreiding uit 1931 sluit aan op het oorspronkelijke pand dat zichtbaar is op de kadastrale hulpkaart uit 1909. In de zijgevel van de uitbreiding zijn drie boven elkaar liggende aluminium vensters met een onderverdeling in drie ramen aangebracht. In het oudere aansluitende deel is uiterst links een loopdeur aangebracht met daarboven op de eerste en tweede bouwlaag een enkel houten venster met een zesruits stalen roedeverdeling. Rechts daarvan zijn twee keer drie houten vensters boven elkaar aangebracht in oorspronkelijke openingen. Deze vensters zijn onderverdeeld in drie ramen met eveneens zesruits stalen roedeverdeling. Tegen deze oorspronkelijke bebouwing is na de Tweede Wereldoorlog aan de achterzijde een uitbreiding gerealiseerd in halfsteens verband en aluminium vensters. Deze bebouwing valt niet onder de beschrijving.

In de achtergevel aan de linkerzijde op de begane grond een groot vernieuwd aluminium venster onderverdeeld in vijf ramen met ieder een bovenlicht. Rechts van het venster is tijdens de bouw een gedenksteen aangebracht met daarop de tekst: 'herbouwd in 't jaar 1935 onder directie van Johan v/d Acker Harrij v/d Acker'. Naast de gedenksteen is, terugliggend in een bestaande opening, eenzelfde pui als in de voorgevel aangebracht; dubbele deuren met zijlichten en bovenlichten. Aan het metselwerk en raamdorpelstenen onder de zijlichten valt op te maken dat deze puivulling waarschijnlijk in de jaren '70 is aangebracht. Verder in de gevel op de begane grond twee enkele aluminium vensters met inboetwerk tussen de vensters. Waarschijnlijk heeft hier een breder venster met drieruitsverdeling gezeten net als op de verdieping en in de andere gevel van het pand. Verder is de gevel op de begane grond aan het zicht onttrokken door een latere haakse aanbouw in halfsteensverband. Op de verdieping zijn in het tweelaagse deel vier aluminium vensters met drieruitsverdeling aangebracht. Rechts daarvan het drielaagse deel met daarin op de eerste en tweede bouwlaag twee aluminium vensters met drieruitsverdeling. Ook in deze gevel zijn muurankers zichtbaar die de achterliggende constructie met de gevel verbinden.

De achtergevel van de oorspronkelijke bebouwing, waartegen de uitbreiding uit 1 931 is gezet, is afgewerkt met groene verticale damwandplaten.

De linkerzijgevel is op de begane grond voorzien van twee aluminium vensters met drieruitsverdeling. Op de verdieping zijn de oorspronkelijke vensters uit 1935 nog aanwezig. Deze oorspronkelijke vensters zijn uitgevoerd als gekoppelde vensters met bovenlicht in staal met roedeverdeling. Het tweede venster is een enkelraam zonder bovenlicht en met vierruits roedeverdeling. Ook in deze gevel muurankers die de achterliggende constructie verbindt met de gevel.

Interieur: In de loop der jaren is het interieur en de indeling van het kantoor/magazijn meerdere keren aangepast aan het gebruik. Zo zijn in het van oorsprong open magazijngedeelte, links van de entree achter het rolluik, meerdere ruimten gemaakt, zoals kantoren en toiletruimten. Ook is in het gehele kantoor/magazijn op de begane grond een verlaagd systeemplafond aangebracht. Afgezien van de gang achter de entree, daar is een gestuct plafond aangebracht. Achter de entree in de voorgevel, waarvoor het rolluik is aangebracht, is een lange gang die uitkomt op de puivulling met dubbele deuren in de achtergevel. In deze gang is, vermoedelijk in de jaren '70 van de twintigste eeuw een stalen trap met houten treden aangebracht. Rechts van de gang zijn twee afzonderlijke ruimten, vermoedelijk kantoren, aanwezig. De ruimten zijn voorzien van paneeldeuren in geprofileerde deurkozijnen, zeer waarschijnlijk te dateren in de bouwperiode van het kantoor/magazijn. Boven deze kantoren bevinden zich op de verdieping eveneens kantoren. De twee ruimten met tussenkamer, allen gelegen tegen de linker zijgevel, zijn voorzien van paneeldeuren in geprofileerde kozijnen. Het plafond is afgewerkt met zachtboard platen en op de vloer is parket aangebracht. In deze kantoorruimten op de verdieping bevinden zich in de rechterzijgevel de oorspronkelijke stalen vensters. In de ruimten is zichtbaar dat deze vensters zijn uitgevoerd met stalen achterzetramen uit dezelfde periode en met dezelfde roedeverdeling. De overige indeling op de verdieping is van latere datum. In het magazijngedeelte is op de begane grond eenzelfde stalen trap met houten treden aanwezig als in de entree. Op de bouwtekening uit 1935 staat op deze plaats al een trap ingetekend, echter dateert de huidige trap zeer waarschijnlijk uit de jaren '70 van de twintigste eeuw. Via deze trap is de tweede verdieping te bereiken. Op deze verdieping is een staalconstructie zichtbaar.

Uit de bouwtekening blijkt dat staalconstructie uit de bouwperiode van het kantoor/magazijn dateert. De uitbreiding uit 1931 heeft geen indeling. De verdieping van dit gedeelte is te bereiken via de verdieping van het magazijn. De aansluitende oorspronkelijke bebouwing is te bereiken via een tussendeur. Ook deze ruimte is niet nader ingedeeld.

Cultuurhistorische waardering

Cultuurhistorische waarden: Het kantoor/magazijn, de uitbreiding uit 1931 en de oorspronkelijke bebouwing bezitten hoge cultuurhistorische waarden als uitdrukking van de sociaaleconomische ontwikkeling van Gemert in de 19e en 20ste eeuw en als uitdrukking van de ontwikkeling van de textielindustrie aan de Schoolstraat. De objecten zijn een representant van de welvarende textielindustrie in Gemert en vertegenwoordigen daarmee ook een bijzondere herinneringswaarde.

Architectuur en kunsthistorische waarden: Het kantoor/magazijn, de uitbreiding uit 1 931 en de oorspronkelijke bebouwing zijn architectuur- en bouwhistorisch waardevol. De oorspronkelijke bebouwing uit de 1 9e eeuw is gebouwd in traditionalistische bouwstijl met baksteengevels en houten vensters. Het kantoor/magazijn uit 1935 en de eerdere uitbreiding uit 1931 zijn deels traditioneel gebouwd met baksteengevels, maar met eigentijdse accenten zoals stalen vensters.

Situationele en ensemble waarden: De objecten zijn van situationele betekenis vanwege de ligging aan de Schoolstraat. Tevens vormt bebouwing een ensemble met de woningen aan Schoolstraat 1 2, 14 en 16, en de directeurswoning op Ruijschenberghstraat 14 als onderdeel van de Textielfabriek Van den Acker.

Gaafheid en herkenbaarheid: De bebouwing uit de 19e eeuw is deels gesloopt voor de bebouwing uit 1931 en het kantoor/magazijn uit 1935. De 19e-eeuwse bebouwing is hierdoor aangetast. De linkerzijgevel verkeerd nog in een hoge mate van oorspronkelijke staat. De objecten zijn van belang vanwege de gaafheid en herkenbaarheid van de hoofdvorm en indeling van de gevels. De voorgevel van de bebouwing uit 1931 is aangetast door de wijziging uit de jaren '80 van de twintigste eeuw. De gewijzigde vensters in de zijgevel van de uitbreiding uit 1931 en in de bebouwing uit 1935 doen afbreuk aan de oorspronkelijke staat. Deze wijzigingen zijn dan ook niet waardevol. De indeling in de gebouwen is grotendeels aangepast. De indeling in het kantoor/magazijn uit 1935, rechts van de oorspronkelijke hal aan de voorzijde met paneeldeuren en inbouwkasten is nog oorspronkelijk en ook de staalconstructie magazijn dateert uit de bouwperiode van het kantoor/magazijn.

Zeldzaamheid: De bebouwing vertegenwoordigt een hoge zeldzaamheidswaarde vanwege de historie van de textielindustrie in Gemert. Tevens heeft de cultuurhistorische-, architectuurhistorische-, stedenbouwkundige- en zeldzaamheidswaarde op lokaal niveau.

Naar boven