Rectificatie bekendmaking voornemen tot vestiging van een erfpachtrecht op grond(en) gelegen aan/nabij Lodewijkstraat 7-9 te Eindhoven

Dit is een rectificatie van de publicatie van 18 maart 2026, Gemeenteblad 2026, 125627 inzake de voorgenomen vestiging van een erfpachtrecht op grond(en) gelegen aan/nabij Lodewijkstraat 7-9 te Eindhoven. In de tekst en de aangehechte tekening stond per abuis een verkeerd perceelnummer vermeld, te weten: perceelnummer 3698 in plaats van 3498. Daarom volgt de kennisgeving hieronder opnieuw.

 

Aanleiding

Als gevolg van de door de Hoge Raad gewezen arresten d.d. 26 november 2021 (ECLI:NL:HR:2021:1778) en 15 november 2024 (ECLI:NL:HR:2024:1661), bekend als de ‘Didam-arresten’, is de gemeente Eindhoven, hierna: “(de) Gemeente”, gehouden om, gelet op het gelijkheidsbeginsel, indien geen openbare selectieprocedure wordt gehouden, kennis te geven van het voornemen tot uitgifte van onroerend goed.

 

De Gemeente maakt hierbij bekend dat zij voornemens is om over te gaan tot het vestigen van een erfpachtrecht op grond(en), gelegen aan en nabij Lodewijkstraat 7-9 te Eindhoven ten behoeve van Gemeenschappelijke Regeling Cure, hierna: “(de) Beoogde partij”. c

 

Deze grond(en) betreffen de percelen kadastraal bekend gemeente Strijp, sectie D, nummers 3498 en 3736, met een gezamenlijke grootte van circa 5583 m2, hierna: “(de) Grond”, zoals indicatief met gele arcering (zonder blauwe strepen) weergegeven op de bij deze publicatie aangehechte tekening d.d. 26 juni 2026 met kenmerk GRB-20260216 (voorlopig).

 

De Beoogde partij is voornemens om op de Grond, alsook op aangrenzende percelen waarvoor de Gemeente en de Beoogde partij op 10 december 2015 een erfpachtovereenkomst hebben gesloten, een bouwplan te realiseren bestaande uit de herontwikkeling van de milieustraat.

 

Enige serieuze gegadigde

De Gemeente is van oordeel dat op grond van de navolgende objectieve, toetsbare en redelijke criteria enkel de Beoogde partij in aanmerking komt voor de voorgenomen vestiging van een erfpachtrecht op de Grond:

 

  • -

    De (voorgenomen) grondtransactie is noodzakelijk om tot de (ruimtelijke en stedenbouwkundig gewenste) herontwikkeling van de milieustraat te komen;

  • -

    Met de Beoogde partij is op 10 december 2015 reeds een erfpachtovereenkomst gesloten ten behoeve van aangrenzende gronden. Deze aangrenzende gronden zijn noodzakelijk voor een samenhangende ontwikkeling. Andere partijen kunnen deze ontwikkeling niet realiseren zonder deze bestaande grondpositie van de Beoogde partij.

     

Bedenkingen ten aanzien van voorgenomen vestiging van een erfpachtrecht

Meent u dat u ook als gegadigde in aanmerking had moeten komen voor de (voorgenomen) vestiging van een erfpachtrecht, dan dient u binnen 28 kalenderdagen na de datum van deze publicatie een kort geding aanhangig te maken bij de voorzieningenrechter van de rechtbank Oost-Brabant.

 

De 28 dagen termijn betreft een vervaltermijn. Indien binnen deze termijn geen kort geding aanhangig is gemaakt, vervalt het recht om tegen deze (voorgenomen) vestiging van een erfpachtrecht op te komen.

 

Bijlage: Tekening d.d. 26 juni 2026 met kenmerk GRB-20260216 (voorlopig).

 

Naar boven