Gemeente Alphen aan den Rijn, verkeersbesluit Boskoop – diverse verkeersmaatregelen

Gelet op:

  • artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de provincie of een waterschap en dat deze bevoegdheid op grond van het mandaatbesluit 2019 is gemandateerd aan de Teammanager Beheer Openbare Ruimte;

  • artikel 15 lid 1 van de WVW 1994 ingevolge de plaatsing of verwijdering van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd, geschiedt krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 15 lid 2 van de WVW 1994 ingevolge het aanbrengen of verwijderen van infrastructurele maatregelen die leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik maken, geschiedt krachtens een verkeersbesluit;

  • artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) ingevolge het plaatsen en verwijderen van de in dit artikel genoemde verkeerstekens moet geschieden krachtens een verkeersbesluit;

  • krachtens artikel 14 van het BABW wordt de plaatsing van onderborden, zoals bedoeld in artikel 8, lid 2 en lid 3 van het BABW, in het betrokken verkeersbesluit tot uitdrukking gebracht;

  • artikel 24 BABW ingevolge verkeersbesluiten worden genomen na overleg met een gemachtigde van de korpschef van de politie;

 

Overwegingen

 

Naar aanleiding van het op orde brengen van de verkeersborden in Boskoop in de gemeente Alphen aan den Rijn is tevens beoordeeld of de aanwezige verkeersmaatregelen administratief zijn vastgelegd in geldige en actuele verkeersbesluiten. De verkeersmaatregelen waarvoor geen, of geen actueel, verkeersbesluit aanwezig is, worden met dit verkeersbesluit alsnog juridisch vastgelegd. Hiermee wordt beoogd de bestaande verkeerssituatie te formaliseren en te borgen.

 

Daarnaast is beoordeeld of de bestaande verkeersmaatregelen nog aansluiten bij de huidige functie, inrichting en het gebruik van de wegen, waarbij waar nodig een actualisatie heeft plaatsgevonden.

 

De in dit besluit opgenomen maatregelen dragen bij aan de doelstellingen zoals genoemd in artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994, waaronder:

  • het verzekeren van de veiligheid op de weg;

  • het beschermen van weggebruikers en passagiers;

  • het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;

  • het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer;

  • het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder of schade;

  • het bevorderen van de leefbaarheid van de omgeving, waaronder begrepen het verbeteren van de kwaliteit van de openbare ruimte, het verminderen van verkeersdruk en -overlast, en het creëren van een prettig en gezond woon- en verblijfsklimaat voor omwonenden en gebruikers van het gebied.

 

Omdat er sprake is van reeds al jaren bestaande verkeersmaatregelen, leidt dit verkeersbesluit niet tot een toename van de geluidsbelasting afkomstig van het wegverkeerslawaai op de geluidsgevoelige gebouwen als gevolg van de wijziging.

 

Snelheid

Conform de uitgangspunten van het landelijke programma Duurzaam Veilig zijn verblijfsgebieden ingericht als 30 km/uur-zones. Deze inrichting draagt bij aan het verbeteren van de verkeersveiligheid en leefbaarheid, doordat snelheidsverschillen tussen verkeersdeelnemers worden verkleind.

 

Binnen deze 30 km/uur-zones zijn op specifieke locaties erven aangewezen. In deze erven staat de verblijfsfunctie centraal en geldt een maximumsnelheid van 15 km/uur. De inrichting van deze gebieden (onder andere het ontbreken van trottoirs en het aanduiden van parkeervakken met P-tegels of borden) ondersteunt dit gebruik.

 

Voor wegen buiten de bebouwde kom is een maximumsnelheid van 60 km/uur vastgesteld (besluit 2), passend bij het landelijke karakter en de inrichting van deze wegen

 

De Roemer (voor het deel binnen de bebouwde kom), Zijde, het westelijke deel van de Reijerskoop, Laag Boskoop, Zuidkade (tussen de Emmakade en nummer 145), Rijneveld (tussen de Boskoopseweg en nummer 85), Boskoopseweg, Mendelweg (tussen de Linnaeusweg en de Snijdelwijklaan) en het zuidelijke deel van Paddegat vervullen een verkeersfunctie als gebiedsontsluitingswegen. Om een goede doorstroming van het verkeer te waarborgen, is hier een maximumsnelheid van 50 km/uur ingesteld.

 

Daarnaast is op de Zijde ter hoogte van de kruising met het Zwarte Pad een adviessnelheid van 30 km/uur ingesteld. Deze maatregel is genomen vanwege de hoge intensiteit van overstekende fietsers en de daarmee samenhangende verhoogde kans op conflicten.

 

Voorrang

Binnen de 30 km/uur-zones zijn kruisingen in beginsel ingericht als gelijkwaardige kruisingen, conform de principes van Duurzaam Veilig. Dit draagt bij aan een lagere snelheid en verhoogde attentie van weggebruikers.

 

Op de gebiedsontsluitingswegen en overige wegen met een belangrijke verkeersfunctie zijn voorrangssituaties ingesteld om de verkeersafwikkeling veilig en efficiënt te laten verlopen.

 

Daarnaast zijn op diverse locaties specifieke voorrangssituaties ingesteld, waaronder bij fietsoversteken en uitritten van parkeerterreinen. Deze maatregelen zijn noodzakelijk om kwetsbare verkeersdeelnemers, zoals fietsers, extra bescherming te bieden en om onduidelijke verkeerssituaties te voorkomen.

 

Geslotenverklaringen

De geslotenverklaringen zijn ingesteld om ongewenst verkeer te weren van wegen met een verblijfsfunctie of beperkte capaciteit. Hiermee wordt de verkeersveiligheid verhoogd, de leefbaarheid verbeterd en schade aan de infrastructuur voorkomen.

Specifiek gaat het om:

  • het beperken van doorgaand verkeer in woongebieden;

  • het weren van zwaar verkeer op wegen en kunstwerken die daarvoor niet geschikt zijn (aslast-, breedte- en lengtebeperkingen);

  • het beschermen van kwetsbare gebieden en routes voor langzaam verkeer;

  • het reguleren van verkeer tijdens specifieke situaties, zoals markten.

Door deze maatregelen wordt sluipverkeer tegengegaan en wordt de wegencategorisering conform Duurzaam Veilig ondersteund.

 

Verkeerscirculatie en rijrichtingen

Op diverse wegen zijn eenrichtingsregelingen en verplichte rijrichtingen ingesteld. Deze maatregelen zijn noodzakelijk om de verkeersveiligheid te waarborgen, de doorstroming te verbeteren en conflicten tussen weggebruikers te voorkomen, met name op locaties met beperkte ruimte of intensief gebruik.

 

Rotondes en middengeleiders zijn voorzien van verplichte rijrichtingen om het verkeer eenduidig en veilig af te wikkelen.

 

Parkeren

Ten aanzien van parkeren zijn diverse maatregelen getroffen om het gebruik van de openbare ruimte te reguleren en de bereikbaarheid en verkeersveiligheid te waarborgen.

 

Op verschillende locaties zijn parkeerverboden ingesteld om de doorgang voor hulpdiensten en het overige verkeer te garanderen. Daarnaast zijn parkeerverbodszones toegepast om het parkeren gebiedsgericht te reguleren.

 

Verder zijn specifieke parkeerregelingen ingesteld, waaronder:

  • gehandicaptenparkeerplaatsen ter bevordering van de toegankelijkheid;

  • laad- en losplaatsen voor het faciliteren van bevoorrading;

  • parkeerschijfzones ter bevordering van de parkeerrotatie bij voorzieningen;

  • Canadees parkeren op locaties waar dit ruimtelijk wenselijk is.

 

Deze maatregelen dragen bij aan een ordelijk en veilig gebruik van de openbare ruimte.

 

Langzaam verkeer en openbaar vervoer

Binnen het plangebied zijn diverse voorzieningen voor langzaam verkeer aanwezig, waaronder voetpaden, fietspaden en fiets-/bromfietspaden. Door deze voorzieningen formeel aan te wijzen wordt de positie van kwetsbare verkeersdeelnemers versterkt en de verkeersveiligheid vergroot.

 

Voetgangersoversteekplaatsen (besluit 54) zijn aangewezen op locaties waar veel overstekend verkeer voorkomt, zodat de oversteekbaarheid en veiligheid worden verbeterd.

 

Daarnaast zijn bushaltes aangewezen om het openbaar vervoer goed te faciliteren en de doorstroming van lijnbussen te waarborgen.

 

nemen, gelet op het voorgaande, de volgende

 

BESLUITEN:

  • 1.

    het in stand houden van de borden A1(zone 30 km) en A2 (zone 30 km) van bijlage I van het RVV 1990 om de maximum snelheid voor alle wegen in Boskoop in te stellen op 30 km/uur, met uitzondering van de benoemde gebiedsontsluitingswegen en erven;

  • 2.

    het in stand houden van de borden A1(zone 60 km) van bijlage I van het RVV 1990 om de maximum snelheid buiten de bebouwde kom in te stellen op 60 km/uur;

  • 3.

    het in stand houden van de borden A4 (30 km) van bijlage I van het RVV 1990 om een adviessnelheid van 30 km/uur in te stellen voor de Zijde ter hoogte van de kruising met het Zwarte Pad;

  • 4.

    het in stand houden van de borden B1, B2 en B6 van bijlage I van het RVV 1990 om de volgende wegen aan te wijzen als voorrangsweg:

    • a.

      Mendelweg voor het deel tussen de Linnaeusweg en de Snijdelwijklaan;

    • b.

      Reijerskoop ter hoogte van de aansluiting met de provinciale weg;

  • 5.

    het in stand houden van de borden B3, B4, B5 en B6 van bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden om de volgende kruisingen aan te wijzen als voorrangskruisingen:

    • a.

      de kruising van de Zijde met de Parklaan waarbij het verkeer op de Parklaan voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Zijde;

    • b.

      de kruising van Laag Boskoop met de Parklaan waarbij het verkeer op de Parklaan voorrang dient te verlenen aan het verkeer op Laag Boskoop;

    • c.

      de kruising van de Comperiekade net de Kooiweg waarbij het verkeer op de Kooiweg voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Comperiekade;

    • d.

      de kruising van de Rijneveld met de Boskoopseweg waarbij het verkeer komende van de Alphenseweg voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Boskoopseweg/Rijneveld;

    • e.

      de kruising van de Halve Raak met de Goudse Rijweg waarbij het verkeer op het zuidelijke deel van de Goudse Rijweg voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Halve Raak en het noordelijke deel van de Goudse Rijweg;

    • f.

      de kruising van de Insteek met de Goudse Rijweg waarbij het verkeer op het noordelijke deel van de Goudse Rijweg voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Insteek en het zuidelijke deel van de Goudse Rijweg;

    • g.

      de kruising van de Insteek met de Voshol waarbij het verkeer op het noordelijke deel van de Voshol voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Insteek en het zuidelijke deel van de Voshol;

    • h.

      de kruising van de Omloop/Wijkdijk met de Tempeldijk waarbij het verkeer op de Tempeldijk voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Omloop/Wijkdijk;

    • i.

      de kruising van de Omloop met de Middelburgseweg waarbij het verkeer op de Middelburgseweg voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Omloop;

    • j.

      de kruising van de Omloop met de toegang tot het perceel Omloop 30 waarbij het verkeer komende van Omloop 30 voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Omloop;

    • k.

      de kruising van de Omloop met de Zuidwijk waarbij het verkeer komend van het westelijke deel van de Zuidwijk voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Omloop en het zuidelijke deel van de Zuidwijk;

  • 6.

    het in stand houden van de borden B6 van bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden om te benadrukken dat het verkeer komende van de sportterreinen op de Sportlaan voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Sportlaan/Westpark;

  • 7.

    het in stand houden van de borden B6 van bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden op:

    • a.

      de Linnaeusweg om aan te geven dat het verkeer op de Linnaeusweg voorrang dient te verlenen aan de fietsers op de fietsoversteek ter hoogte van het Wilgenlaantje;

    • b.

      op de Zuidkade om aan te geven dat het verkeer op de Zuidkade voorrang dient te verlenen aan de fietsers op de fietsoversteek ter hoogte van nummer 85;

    • c.

      het fiets/bromfietspad het Wonnepad om aan te geven dat het verkeer op het Wonnepad voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de Wijkdijk;

    • d.

      de Rijneveld om aan te geven dat het verkeer komend van Rijneveld 93-109 voorrang dient te verlenen aan het verkeer op de hoofdweg Rijneveld;

  • 8.

    het in stand houden van het bord C1 van bijlage I van het RVV 1990 om de toegangsweg tot het spoor aan de Parklaan gesloten te verklaren in beide richtingen voor voertuigen, ruiters, en geleiders van rij- of trekdieren of vee;

  • 9.

    het in stand houden van de borden C1 van bijlage I van het RVV 1990 en onderborden OB52 en de tekst “uitgezonderd expeditieverkeer” om de doorgang tussen de Zijde en het parkeerterrein ter hoogte van Zijde 22 gesloten te verklaren in beide richtingen voor voertuigen, ruiters, en geleiders van rij- of trekdieren of vee uitgezonderd fietsers en expeditieverkeer;

  • 10.

    het in stand van de borden C1 van bijlage I van het RVV 1990 en onderborden met de tekst “in verband met de weekmarkt op zaterdag van 06.00 tot 18.00h” om de Burgmeester Colijnstraat gesloten te verklaren in beide richtingen voor voertuigen, ruiters, en geleiders van rij- of trekdieren of vee ter hoogte van nummer 24 in verband met de weekmarkt;

  • 11.

    het in stand houden van de borden C2 en C3 van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als eenrichtingsweg:

    • a.

      de parallelweg van de Linnaeusweg ter hoogte van nummer 30;

    • b.

      het parkeerterrein ter hoogte van de Boomgaard 2;

    • c.

      de toegangsweg naar Boomgaard 151-269;

    • d.

      de toegangswegen van de Reijerskoop naar de provinciale weg;

    • e.

      de keerlus aan de Parklaan ter hoogte van het station;

  • 12.

    het in stand houden van de borden C2, C3 en C4 van bijlage I van het RVV 1990 en OB52 om aan te wijzen als eenrichtingsweg uitgezonderd fietsers:

    • a.

      Hoefblad;

    • b.

      K.J.W. Ottolanderstraat;

    • c.

      C. de Vosstraat;

    • d.

      Emmakade;

    • e.

      Barendstraat, ten noorden van de Zuidstraat;

    • f.

      Burgemeester Colijnstraat voor het deel tussen de Kerkstraat en het Torenpad;

    • g.

      Voorkade voor het deel tussen nummer 30 en de Ridderbuurt;

    • h.

      Ridderbuurt ten zuiden van de aansluiting met de Alphenseweg;

    • i.

      Biezen/Nieuwstraat;

    • j.

      Dwars Nieuwstraat;

    • k.

      Houtsingel;

    • l.

      Rozenlaan;

    • m.

      Valkenburgerlaan voor het deel tussen de Proeftuin en de Biezen;

    • n.

      Tuinstraat voor het deel tussen nummer 13 en 121;

    • o.

      Acerstraat/Azalealaan tot aan Azalealaan 101;

    • p.

      Berkelweg;

    • q.

      Otweg voor het deel tussen nummer 18 en de brug naar de Badhuisweg;

    • r.

      de westelijke toegang tot station Snijdelwijk;

  • 13.

    het in stand houden van de borden C2 en C3 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord OB11om eenrichtingsverkeer in te stellen voor vrachtauto’s op de Goudse Rijweg tussen nummer 99 en de Rijneveld;

  • 14.

    het in stand houden van het bord C6 van bijlage I van het RVV 1990 om de toegangsweg tot Mendelweg 14-16 gesloten te verklaren voor motorvoertuigen op meer dan twee wielen;

  • 15.

    het in stand houden van de borden C7 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring voor vrachtauto’s in te stellen voor:

    • a.

      de Voorofscheweg ten westen van Zijde 36;

    • b.

      de Reijerskoop ten oosten van de A.P. van Neslaan;

    • c.

      Populierenhof;

    • d.

      Houtsingel;

    • e.

      Goudse Rijweg ten noorden van de Buxushof;

    • f.

      Burgemeester Colijnstaat tussen het Torenpad en Laag Boskoop;

  • 16.

    het in stand houden van de borden C7 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “uitgezonderd bestemmingsverkeer” om een geslotenverklaring voor vrachtauto’s in te stellen, uitgezonderd bestemmingsverkeer, voor:

    • a.

      de Wilhelminalaan ten oosten van de Mendelweg;

    • b.

      de Julianastraat;

    • c.

      de Zuidwijk ten westen van de Randenburgseweg;

  • 17.

    het in stand houden van de borden C8 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “uitgezonderd bestemmingsverkeer” om een geslotenverklaring in te stellen voor motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h, uitgezonderd bestemmingsverkeer, voor:

    • a.

      de Zuidwijk ten westen van de Randenburgseweg;

  • 18.

    het in stand houden van de borden C8 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring in te stellen voor motorvoertuigen die niet sneller kunnen of mogen rijden dan 25 km/h voor:

    • a.

      de Zuidwijk ten noorden van nummer 7;

    • b.

      de Reijerskoop ten oosten van de A.P. van Neslaan;

    • c.

      Voorkade ten noorden van de Galerij;

    • d.

      de Goudse Rijweg ten zuiden van de Rijneveld;

    • e.

      Burgemeester Colijnstaat tussen het Torenpad en Laag Boskoop;

  • 19.

    het in stand houden van de borden C12 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen in te stellen voor het Zwarte Pad ten noorden van Snijdelwijklaan 2;

  • 20.

    het in stand houden van het bord C12 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “uitgezonderd bestemmingsverkeer” om een geslotenverklaring voor alle motorvoertuigen in te stellen, uitgezonderd bestemmingsverkeer, voor de Spoelwijkschedijk;

  • 21.

    het in stand houden van de borden C15 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring in te stellen voor fietsen, bromfietsen en gehandicaptenvoertuigen voor de toegangswegen van de Reijerskoop naar de provinciale weg;

  • 22.

    het in stand houden van de borden C16 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring in te stellen voor voetgangers voor de toegangswegen van de Reijerskoop naar de provinciale weg;

  • 23.

    het in stand houden van de borden C17 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring in te stellen voor voertuigen en samenstellingen van voertuigen die, met inbegrip van de lading, langer zijn dan op het bord is aangegeven voor:

    • a.

      de toegang van Achter de Kerk naar de Burgemeester Colijnstraat;

    • b.

      de Tuinstraat ten noorden van nummer 11;

  • 24.

    het in stand houden van de borden C18 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring in te stellen voor voertuigen die, met inbegrip van de lading, breder zijn dan op het bord is aangegeven:

    • a.

      de Wilhelminalaan, ten oosten van de Mendelweg;

    • b.

      de Julianastraat;

    • c.

      de Rozenlaan;

    • d.

      de Goudse Rijweg voor het deel tussen de Buxushof en de Acerstraat;

    • e.

      de Rijneveld voor het deel tussen de komgrens en de Spoelwijkerlaan;

    • f.

      de overgang van de Spoelwijkerlaan naar de Voshol (en vice versa);

    • g.

      de Ridderbuurt voor het deel tussen nummer 65 en nummer 80A;

    • h.

      de brug tussen de Badhuisweg en de Otweg;

    • i.

      de Nesse;

  • 25.

    het in stand houden van de borden C19 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring in te stellen voor voertuigen, die met inbegrip van de lading, hoger zijn dan op het bord is aangegeven voor:

    • a.

      de doorgang van het Kerkplein naar de Barendstraat;

    • b.

      de Zuidwijk ten zuiden van de Reijerskoop;

  • 26.

    het in stand houden van de borden C20 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring voor voertuigen waarvan de aslast hoger is dan op het bord is aangegeven voor:

    • a.

      de brug tussen de Linnaeusweg en de Meerbrughstraat;

    • b.

      de brug tussen de Linnaeusweg en de Brugmanstraat;

    • c.

      de Clusiuserf;

    • d.

      de Mendelweg;

    • e.

      de Voorkade ten noorden van de Galerij;

    • f.

      de brug tussen de Badhuisweg en de Otweg;

    • g.

      de Berkenweg;

    • h.

      de Compierekade ten zuiden van het Paddegat;

  • 27.

    het in stand houden van de borden C21 van bijlage I van het RVV 1990 om een geslotenverklaring in de stellen voor voertuigen en samenstellingen van voertuigen, waarvan de som van de aslasten of de totaalmassa hoger is dan op het bord is aangegeven voor:

    • a.

      de toegang tot Boezemlaan 4;

    • b.

      de brug ter hoogte van de Middelburgseweg 135;

    • c.

      de brug ten westen van de Spoelwijkerlaan 3;

  • 28.

    het in stand houden van de borden D1 en B6 van bijlage I van het RVV 1990 en haaientanden om de volgende kruisingen aan te wijzen als rotonde:

    • a.

      Zijde/Boezemlaan;

    • b.

      Zijde/Voorofscheweg;

  • 29.

    het in stand houden van de borden D2 van bijlage I van het RVV 1990 om de bestuurders te gebieden de middengeleiders voorbij te gaan aan de zijde die de pijl op het bord aangeeft op:

    • a.

      Snijdelwijklaan;

    • b.

      Boezemlaan;

    • c.

      Boomgaard;

    • d.

      Zijde;

    • e.

      Reijerskoop;

    • f.

      Middelburgseweg;

    • g.

      Tempeldijk;

  • 30.

    het in stand houden van het bord D4 van bijlage I van het RVV 1990 om het verkeer op de Reijerskoop, ter hoogte van de afrit van de provinciale weg, te gebieden tot het volgen van de aangegeven rijrichting;

  • 31.

    het in stand houden van het bord D5 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord OB11om het vrachtverkeer te gebieden tot het volgen van de aangegeven rijrichting komende van de Rijneveld in de richting van de Goudse Rijweg;

  • 32.

    het in stand houden van het bord D5 van bijlage I van het RVV 1990 en onderborden OB52 om een verplichte rijrichting aan te geven komende van Achter de Kerk in de richting van de Burgemeester Colijnstraat, uitgezonderd fietsers;

  • 33.

    het in stand houden van de borden E1 van bijlage I van het RVV 1990 en onderborden OB501l en OB501r een parkeerverbod in te stellen voor:

    • a.

      de zuidzijde van de Dokter Hamburgerlaan;

    • b.

      de zuidzijde van de toegang tot Boezemlaan 4;

    • c.

      beide zijden van de Boomgaard ter hoogte van nummer 2-4;

    • d.

      de noordzijde van de Gouwestraat;

    • e.

      de oostzijde van de kade ter hoogte van Overslag 14;

    • f.

      de oostzijde van de Azalealaan;

    • g.

      de zuidzijde van de Biezen;

    • h.

      de noordzijde van de Genistatstraat;

    • i.

      de oostzijde van de Berkenweg;

  • 34.

    het in stand houden van het bord E1 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “op donderdag van 7:00-17:00 uur ivm legen containers” om een parkeerverbod in te stellen aan de westzijde van de Azalealaan ter hoogte van nummer 32 gedurende het aangegeven tijdsvenster in verband met het legen van containers;

  • 35.

    het in stand houden van het bord E1(zone) van bijlage I van het RVV 1990 om een parkeerverbodszone in te stellen voor:

    • a.

      de Zijde/Weteringpad;

    • b.

      de Reijerskoop/A.P. van Neslaan;

    • c.

      de Lansing;

    • d.

      de Biezen ten westen van de A.P. van Neslaan;

    • e.

      de Parklaan;

  • 36.

    het in stand houden van de borden E2 van bijlage I van het RVV 1990 om een verbod stil te staan in te stellen voor:

    • a.

      de oostzijde van de oprit van de Reijerskoop naar de provinciale weg;

    • b.

      de oostzijde van de Plankier;

  • 37.

    het in stand houden van de borden E3(zone) van bijlage I van het RVV 1990 om een verbod fietsen en bromfietsen te plaatsen in te stellen voor de Parklaan voor het deel tussen nummer 1A en 10;

  • 38.

    het in stand houden van het bord E4 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “ma t/m za max ½ uur” om de parkeervakken ter hoogte van de Zijde 19-31 aan te wijzen als parkeervakken voor een maximale parkeerduur van een half uur gedurende het aangegeven tijdsvenster;

  • 39.

    het in stand houden van de borden E6 van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als algemene gehandicaptenparkeerplaats:

    • a.

      een parkeervak op het parkeerterrein van de Karwei aan de Sportlaan;

    • b.

      twee parkeervakken aan de zuidzijde van de parkeerterreinen aan het Westpark;

    • c.

      een parkeervak ter hoogte van de Puttelaan 148;

    • d.

      twee parkeervakken ter hoogte van de Snijdelwijklaan 2;

    • e.

      een parkeervak ter hoogte van de Linnaeusweg 96-114;

    • f.

      twee parkeervakken ter hoogte van Boezemlaan 10-94;

    • g.

      een parkeervak ter hoogte van de Boomgaard 2-4;

    • h.

      een parkeervak aan de noordzijde van het parkeerterrein aan de Reinette 21;

    • i.

      een parkeervak aan de oostzijde van het parkeerterrein aan de oostzijde van Voorofscheweg 10-64;

    • j.

      drie parkeervakken op het parkeerterrein achter de Zijde 22;

    • k.

      een parkeervak aan de zuidzijde van het Kerkplein;

    • l.

      een parkeervak ter hoogte van de Burgemeester Colijnstraat 22A;

    • m.

      een parkeervak ter hoogte van het Torenpad 62;

    • n.

      een parkeervak ter hoogte van Babsloot 39;

    • o.

      twee parkeervakken ter hoogte van de Parklaan 4-4B;

    • p.

      een parkeervak ter hoogte van de Parklaan 6-10;

    • q.

      een parkeervak ter hoogte van de Biezen 83;

  • 40.

    het in stand houden van het bord E6 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “ma t/m za 13.00-17.00h” een parkeervak ter hoogte van de Reijerskoop 101 aan te wijzen als algemene gehandicaptenparkeerplaats gedurende het aangegeven tijdsvenster;

  • 41.

    het in stand houden van het bord E7 van bijlage I van het RVV 1990 om een gelegenheid aan te wijzen voor het onmiddellijk laden en lossen van goederen aan:

    • a.

      Laag Boskoop ter hoogte van nummer 73;

    • b.

      De Voorofscheweg ter hoogte van nummer 1-13F en 13;

  • 42.

    Het in stand houden van de borden E8 van bijlage I van het RVV 1990 en onderborden OB501l en OB501r de parkeervakken aan de noordoostzijde van de kade aan de Badhuisweg aan te wijzen als parkeervakken voor personenauto’s;

  • 43.

    het in stand houden van de borden E8(b) van bijlage I van het RVV 1990 om Canadees parkeren in te stellen voor:

    • a.

      de oostzijde van de Badhuisweg tussen 7A en 9, 18 en 19 en 30A en 30C;

    • b.

      de westzijde van de Valkenburgerlaan ten noorden van nummer 33;

  • 44.

    het in stand houden van de borden E8 van bijlage I van het RVV 1990 om de parkeervakken op het parkeerterreintje bij de keerlus van de Parklaan aan te wijzen als parkeervakken specifiek voor artsen;

  • 45.

    het in stand houden van de borden E10 van bijlage I van het RVV 1990 en onderborden met de tekst “ma t/m za 09.00 – 18.00h en op koopavonden” om een parkeerschijfzone in te stellen voor de drie parkeervakken ter hoogte van de Voorofscheweg 15 met een maximale parkeerduur van 2 uur gedurende het aangegeven tijdsvenster;

  • 46.

    het in stand houden van de borden E10 van bijlage I van het RVV 1990 en onderborden met de tekst “ma t/m za 09.00 – 18.00h koopavond 18.00-21.00h” om een parkeerschijfzone in te stellen voor:

    • a.

      het noordoostelijke deel van het parkeerterrein achter Zijde 22 met een maximale parkeerduur van 2 uur gedurende het aangegeven tijdsvenster;

    • b.

      de parkeervakken ter hoogte van Achter de Kerk 2 en ter hoogte van Achter de Kerk 2A;

    • c.

      de parkeervakken aan de Burgemeester Colijnstraat ten zuiden van het Torenpad en het parkeerterreintje achter nummer 16;

  • 47.

    het in stand houden van de borden F5 en F6 van bijlage I van het RVV 1990 om een voorrangsregeling in te stellen voor de brug tussen Zuidwijk 4 en 6 waarbij het verkeer vanuit het zuiden voorrang heeft op het verkeer vanuit het noorden;

  • 48.

    het in stand houden van de borden G5 en G6 van bijlage I van het RVV 1990 om de volgende straten aan te wijzen als erf:

    • a.

      het gebied bij de fietsenstallingen bij station Snijdelwijk aan de Snijdelwijklaan;

    • b.

      het Weteringpad;

    • c.

      Voorofscheweg 220-436;

    • d.

      Zinkeling ten noorden van nummer 14;

    • e.

      Burgemeester Colijnstraat voor het deel tussen de Zijde en het Torenpad;

    • f.

      Enterij;

    • g.

      het gebied gelegen tussen de Reijerskoop, provinciale weg en Ridderbuurt 55;

    • h.

      Sint Janshof 1-9;

    • i.

      Twaalfhoven/Spoorhaven;

  • 49.

    het in stand houden van de borden G7 van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als voetpad:

    • a.

      het pad tussen Noordeinde en het Kruiskruid;

    • b.

      het pad tussen de Snijdelwijklaan en de Lage Weide;

    • c.

      het pad tussen de Rozenlaan en de Populierenhof;

  • 50.

    het in stand houden van de borden G11 van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als fietspad:

    • a.

      het vrijliggende pad ten oosten van de Zuidkade;

    • b.

      het vrijliggende pad ten westen van de Sportlaan;

    • c.

      de vrijliggende paden aan beide zijden van de Zijde;

    • d.

      de vrijliggende paden aan beide zijden van de Reijerskoop;

    • e.

      de Spoelwijkschedijk tussen nummer 6 en 8;

    • f.

      het vrijliggende pad ten zuidoosten van de Voshol;

  • 51.

    het in stand houden van de borden G12a van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als fiets/bromfietspad:

    • a.

      het vrijliggende pad tussen de Veldlaan en het Weteringpad;

    • b.

      het vrijliggende pad aan de noordzijde van de Halve Raak;

    • c.

      het Wonnepad tussen nummer 4 en de Wijkdijk;

  • 52.

    het in stand houden van de borden G13 en G14 van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als onverplicht fietspad:

    • a.

      het vrijliggende pad ten zuidoosten van de P. den Oudenstraat;

    • b.

      het Wilgenlaantje;

    • c.

      het Aardbeienpad;

    • d.

      het vrijliggende pad tussen de Rozenlaan 4 en 8;

    • e.

      het vrijliggende pad ten oosten van de Dammekade;

  • 53.

    het in stand houden van het bord G13 van bijlage I van het RVV 1990 en onderbord met de tekst “bestemmingsverkeer toegestaan” om de Spoelwijkschedijk ten zuiden van de Spoelwijkerlaan aan te wijzen als onverplicht fietspad waar bestemmingsverkeer is toegestaan;

  • 54.

    het in stand houden van de zebramarkering en de borden L2 van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als voetgangersoversteekplaatsen:

    • a.

      de oversteekplaatsen ten noorden en ten westen van het kruispunt Snijdelwijklaan/Puttelaan;

    • b.

      de oversteekplaatsen op de Bosweg ter hoogte van nummer 2 en 14;

    • c.

      de oversteekplaatsen op de Snijdelwijklaan ter hoogte van nummer 2, 4 en ter hoogte van het Clusiuserf;

    • d.

      de oversteekplaatsen op de Mendelweg ten noorden en ten zuiden van de kruising met de Snijdelwijklaan;

    • e.

      de oversteekplaats op de Mendelweg ter hoogte van nummer 2;

    • f.

      de oversteekplaatsen op de Linnaeusweg ter hoogte van nummer 59, 21 en het Wilgenlaantje;

    • g.

      de oversteekplaats op de Wilhelminalaan ten westen van de Mendelweg;

    • h.

      de oversteekplaats op de Zuidkade ter hoogte van de Nassaustraat;

    • i.

      de oversteekplaats op de Boomgaard ter hoogte van Reinette;

    • j.

      de oversteekplaatsen op de Voorofscheweg ter hoogte van 1A en 212;

    • k.

      de oversteekplaatsen ten oosten en ten zuiden van de rotonde Zijde/Voorofscheweg;

    • l.

      de oversteekplaats op de Boezemlaan ter hoogte van Voorofscheweg 436;

    • m.

      de oversteekplaats op de Zijde ter hoogte van de Zinkeling;

    • n.

      de oversteekplaats ten zuiden van de kruising Reijerskoop en de zuidelijke oprit naar de provinciale weg;

    • o.

      de oversteekplaats ten noorden van de kruising Reijerskoop met de noordelijke afrit van de provinciale weg;

    • p.

      de oversteekplaatsen ten westen en ten noorden van de kruising Reijerskoop/Plankier;

    • q.

      de oversteekplaats op de Reijerskoop ter hoogte van de A.P. van Neslaan;

    • r.

      de oversteekplaats op de A.P. van Neslaan ter hoogte nummers van 8-46;

    • s.

      de oversteekplaatsen op het Torenpad ter hoogte van de Enterij;

  • 55.

    het in stand houden van de borden L3 van bijlage I van het RVV 1990 om aan te wijzen als bushaltes:

    • a.

      de haltes aan de Snijdelwijklaan;

    • b.

      de halte bij het Snijdelstation;

    • c.

      de haltes aan de Zuidkade;

    • d.

      de haltes aan de Mendelweg;

    • e.

      de haltes aan de Boomgaard;

    • f.

      de haltes aan de Boezemlaan;

    • g.

      de haltes aan de Zijde;

    • h.

      de haltes aan de Goudse Rijweg;

    • i.

      de halte aan de Parklaan.

 

 

Nummer: 3913013

Burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn,

 

Bezwaar- of beroepsclausule

Dit besluit zal door publicatie in het digitale Gemeenteblad, zie www.officielebekendmakingen.nl, bekend worden gemaakt. Belanghebbenden kunnen tegen dit besluit volgens de artikelen 7:1 en 8:1 van de Algemene wet bestuursrecht binnen 6 weken na de openbare bekendmaking van dit besluit in de Staatscourant, een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij burgemeester en wethouders, Postbus 13, 2400 AA te Alphen aan den Rijn.

 

 

 

 

 

 

 

Het college van burgemeester en wethouders van Alphen aan den Rijn.

Namens het college,

P. Vreugdenhil-van der Lijcke

Teammanager Beheer Openbare Ruimte

Alphen aan den Rijn, 18 juni 2026

Naar boven