Gemeenteblad van Leiden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Leiden | Gemeenteblad 2026, 321919 | andere beschikking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Leiden | Gemeenteblad 2026, 321919 | andere beschikking |
Bekendmaking voornemens tot verstrekking van begrotingssubsidies 2027 Gemeente Leiden
In deze bekendmaking vindt u de subsidies die worden voorgesteld op te nemen in de Programmabegroting van 2027 als begrotingssubsidie. Om deze subsidies te kunnen verstrekken is de bekendmaking van het voornemen tot subsidieverstrekking noodzakelijk.
Deze voornemens zijn gebaseerd op eerdere subsidieverleningen op grond van artikel 4:23, derde lid, aanhef en onder c Awb. Voor 2026 is aan een aantal organisaties, via de Programmabegroting 2026 gemeente Leiden, een begrotingssubsidie verstrekt. Zie hiervoor de link: 3.2.8 Subsidies | Programmabegroting 2026. Bedragen voor 2027 worden in november 2026 definitief vastgesteld via de Programmabegroting 2027 gemeente Leiden.
De subsidies zijn getoetst aan (de toetsingscriteria van artikel 2 van) de Beleidsregels begrotingssubsidies gemeente Leiden 2026. Uit deze toetsing blijkt dat de subsidieontvangers van een aantal voorgenomen begrotingssubsidies kunnen worden aangemerkt als de enige serieuze gegadigden. Deze voornemens worden daarom alvast openbaar gemaakt.
Aan deze voornemens kan niet het vertrouwen worden ontleend dat de subsidies daadwerkelijk verstrekt zullen worden. De uiteindelijk subsidie kan anders zijn dan hieronder vermeld afhankelijk van de (beoordeling van de) aanvraag door het college, het door de raad beschikbaar gestelde bedrag bij de vaststelling van de programmabegroting en (de beoordeling van) eventuele zienswijzen die worden ingediend naar aanleiding van een voornemen.
In deze voornemens zijn geen subsidies meegenomen, die mogelijk per 2028 via de begroting worden beëindigd. Deze subsidies hoeven niet vanuit (artikel 5 van) de Beleidsregels Begrotingssubsidies gemeente Leiden te worden gepubliceerd. Let op: dit is dus geen volledig overzicht van alle subsidies, die voor 2027 op de begroting zullen staan.
Huisvesting van Ars Aemula Naturae in het rijksmonument aan de Pieterskerkgracht in Leiden en instandhouding van het pand voor verenigings- en culturele activiteiten.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b
De te subsidiëren activiteit bestaat uit de huisvesting van Ars Aemula Naturae en het aan die huisvesting verbonden onderhoud van het pand aan de Pieterskerkgracht 9A in Leiden. De te subsidiëren activiteiten zien op het in stand houden van de huisvesting van juist de tentoonstellingen, cursussen en publieksactiviteiten van ARS in dit pand. De activiteit is locatie gebonden, omdat deze bestaat uit het feitelijk beschikbaar houden van de ruimte waar de vereniging haar exposities organiseert, cursussen verzorgt en publiek ontvangt. Ars Aemula Naturae heeft voor dit pand een huurovereenkomst en beschikt daarmee over de feitelijke zeggenschap die nodig is om deze activiteit uit te voeren.
Uitvoering van een laagdrempelig verslavingsspreekuur voor dak- en thuisloze mensen in de maatschappelijke opvang in Leiden, met inbegrip van advies, toeleiding naar behandeling en ondersteuning bij het toezicht op de gebruikersruimtes, ter bevordering van een stabiele leefsituatie voor kwetsbare groepen.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-iii, f-ii & iii, g
Brijder beschikt over specialistische kennis die noodzakelijk is voor de uitvoering van deze activiteit. Het gaat niet alleen om algemene kennis van verslavingsproblematiek, maar om direct toepasbare expertise in het begeleiden van dakloze mensen met verslavingsproblemen binnen een maatschappelijke opvangsetting. Het wekelijkse open spreekuur in De Nieuwe Energie vraagt om een partij die laagdrempelig contact kan leggen met bewoners, signalen van verslaving kan herkennen, passende adviezen kan geven en waar nodig direct kan overgaan tot behandeling. Daarnaast vraagt de activiteit ook om deskundigheid in het ondersteunen van medewerkers van De Binnenvest bij het toezien op het gebruik van de gebruikersruimtes in de opvang. Brijder verenigt deze elementen in één organisatie en beschikt daarmee over een combinatie van specialistische verslavingszorgkennis, ervaring met deze doelgroep en praktische inzet binnen de opvang die voor deze activiteit noodzakelijk is.
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding die Brijder heeft met de doelgroep en de regio Holland Rijnland, waaronder Leiden. De doelgroep van het spreekuur bestaat uit dakloze mensen in de maatschappelijke opvang die vaak kampen met meervoudige en langdurige problematiek, waaronder verslaving. Voor een effectieve uitvoering is daarom van belang dat de uitvoerende partij niet alleen kennis heeft van verslavingszorg, maar ook bekend is met de regionale zorgstructuur en met de problematiek van deze kwetsbare doelgroep. Brijder heeft als regionaal werkende verslavingszorgaanbieder een bestaande positie binnen Holland Rijnland en sluit daardoor direct aan op de context waarin deze activiteit wordt uitgevoerd.
Brijder beschikt over een regionaal netwerk van behandellocaties, opnamecapaciteit en samenwerkingsrelaties binnen de verslavingszorg en aanpalende ondersteuning. Ook in relatie tot De Binnenvest is deze netwerkpositie van belang, omdat het spreekuur plaatsvindt binnen een bestaande opvangvoorziening en moet aansluiten op de dagelijkse begeleiding van bewoners. De ondersteuning van medewerkers van De Binnenvest bij het toezien op het gebruik van de gebruikersruimtes vraagt om een partij die deze praktijk kent en binnen die setting effectief kan samenwerken.
De kracht van deze activiteit is juist dat het open spreekuur, de advisering, de eventuele behandeling en de ondersteuning binnen de opvang in elkaars verlengde liggen. Juist bij deze kwetsbare doelgroep is snelle, laagdrempelige en samenhangende opvolging van groot belang. Door deze activiteit bij Brijder te beleggen, blijven signalering, advies, eventuele behandeling en ondersteuning binnen de opvang zoveel mogelijk in één hand.
Organisatie van werkgroepen en evenementen voor ontmoeting, sociale steun, zichtbaarheid bij belangrijke evenementen in de stad en gemeenschapsvorming voor diverse doelgroepen binnen de LHBTIQ+ gemeenschap in Leiden en de regio.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii
COC Leiden ontvangt structurele jaarlijkse subsidies vanuit de Regenbooggelden. De Regenbooggelden worden gefinancierd door het ministerie van OC&W en gemeente Leiden, waarvoor elke vier jaar beleid wordt geschreven. Vanuit de Regenbooggelden worden naast COC Leiden ook andere LHBTIQ+ activiteiten gefinancierd met incidentele subsidies.
COC Leiden is langdurig actief in Leiden en omstreken als organisatie voor de LHBTIQ+ gemeenschap en beschikt over een bestaande, doelgroepgerichte organisatiestructuur met meerdere inhoudelijke werkgroepen. Daardoor heeft COC Leiden een duurzaam gegroeide en herkenbare positie binnen juist de gemeenschap waarop de activiteiten zijn gericht. Die positie is van wezenlijk belang voor het bereiken van de verschillende deelgroepen en voor het organiseren van een toegankelijke, passende en vertrouwde omgeving voor ontmoeting, ondersteuning en gemeenschapsvorming.
De activiteiten van COC Leiden zijn gebaseerd op een al bestaande organisatorische en sociale infrastructuur binnen de LHBTIQ+ gemeenschap in Leiden en de regio. Die infrastructuur omvat niet alleen de interne werkgroepen, maar ook de bestaande relaties met deelnemers, vrijwilligers en samenwerkingspartners die nodig zijn om de activiteiten structureel en doelgroepgericht aan te bieden.
Coöperatie Sociaal Wijk Team Leiden e.o. (SWT)
Voert de toegang tot de WMO uit en biedt inwoners van 18 plus daarmee toegang tot zorg en welzijn bij vragen of zorgen over onder meer wonen, gezondheid, relaties, veiligheid, daginvulling en geldzaken.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2 tweede lid, onder a, c-ii, c-vi, f-ii & iii
Het SWT voert de toegang tot de WMO uit binnen zeven sociale wijkteams verdeeld over de stad Leiden, werkt met een integrale benadering van vragen op meerdere leefgebieden en combineert vroegsignalering, ondersteuning, procesregie en toegang tot Wmo-ondersteuning binnen één uitvoeringspraktijk. SWT beschikt vanuit haar achtergrond en deelnames aan werkgroepen over de specialistische kennis, ervaring, aandachtsfunctionarissen en methodische werkwijzen in de Leidse praktijk.
De uitvoering is georganiseerd in een coöperatieve structuur waarin de vier dragende organisaties Kwadraad, Radius, MEE Zuid-Holland Noord en Libertas Leiden ieder hun eigen specialistische kennis meebrengen, bestuurlijk zijn verbonden en waarin ook medewerkers van de gemeente Leiden participeren. Die governance-structuur maakt het mogelijk om wijkgericht, integraal en in samenhang met de gemeentelijke uitvoeringspraktijk te werken. De combinatie van bestuurlijke inbedding, gedeelde verantwoordelijkheid en personele verwevenheid ondersteunt de continuïteit en aansturing van de wijkteams.
Het SWT is in iedere wijk aanwezig, herkenbaar en toegankelijk voor volwassen inwoners van Leiden. Het team is lokaal ingebed en sluit aan bij wijkgebonden problematiek en lokale sociale structuren. Daardoor beschikt het SWT over naamsbekendheid, vertrouwen en een bestaande positie in de wijken. Deze binding is relevant voor de bereikbaarheid en effectiviteit van de ondersteuning.
Het SWT werkt structureel samen met partners in de wijk, met de sterke sociale basis, met jeugdteams, met het Meldpunt Zorg en Overlast, met maatschappelijke zorgpartners, met Veilig Thuis, de politie, Rosa Manus en met de gemeente(n). Juist deze bestaande relaties zijn nodig voor vroegsignalering, integrale ondersteuning, op- en afschaling en regie bij complexe casuïstiek.
Coöperatie van Verloskundigenpraktijken Leiden e.o.
Het organiseren van 10 Mamacafés en 4 werkbijeenkomsten in Leiden, gericht op ontmoeting, uitwisseling en netwerkversterking voor ouders en op samenwerking met professionals rond opvoeding en gezinsondersteuning.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii, h
De subsidieontvanger is voornamelijk werkzaam in de Leidse regio en organiseert al 13 jaar met succes het Mamacafé in Leiden. Daardoor beschikt subsidieontvanger over een duurzame en directe relatie met de doelgroep van ouders en gezinnen voor wie het Mamacafé is bedoeld.
De kracht van het Mamacafé ligt in de lokale samenwerking tussen verloskundigen, lactatiedeskundigen, het Centrum voor Jeugd en Gezin en Stichting BplusC. Subsidieontvanger heeft in de afgelopen jaren met deze partijen een bestendig netwerk en structurele samenwerking opgebouwd. Het college acht aannemelijk dat juist deze bestaande samenwerking bepalend is voor een goede uitvoering van het Mamacafé in Leiden.
Het Mamacafé draagt bij aan goede gebieds- en beleidsgerichte ondersteuning en hulp aan jeugd en gezin. Door de bestaande binding met de doelgroep en het opgebouwde samenwerkingsnetwerk kan de subsidieontvanger deze doelstelling in Leiden op effectieve en laagdrempelige wijze ondersteunen.
Stevig Ouderschap (prenataal) trajecten, groepsvoorlichting, CJG cursusbureau, Nu niet Zwanger, Pedagogisch adviseur in het CJG, Scholingsbudget Pedagogisch advies, inzet JGZ teams 0-12, inzet JGZ teams 12+, VVE, CJG dienstverlening.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a, c-vi, f-ii & iii De te subsidiëren activiteiten zijn preventieve en ondersteunende diensten voor jeugdigen en hun ouders of opvoeders, waaronder Stevig Ouderschap trajecten, groepsvoorlichting, CJG-cursusbureau, Nu Niet Zwanger, inzet van pedagogisch adviseurs binnen het CJG, scholing pedagogisch advies, inzet van JGZ-teams 0-12 en 12+, VVE en overige CJG-dienstverlening. Deze activiteiten liggen in het verlengde van de wettelijke gemeentelijke taken op het terrein van publieke gezondheid en jeugdgezondheidszorg. Het college bevordert op grond van Artikel 2 Wpg lid 1 “de totstandkoming en de continuïteit van en de samenhang binnen de publieke gezondheidszorg” en draagt op grond van Artikel 5 Wpg lid 1 zorg voor de uitvoering van de jeugdgezondheidszorg. Deze taak omvat mede vroegsignalering, preventie en “het geven van voorlichting, advies, instructie en begeleiding” Artikel 5 Wpg lid 1. Voor zover de aanvullende diensten zien op samenwerking, toeleiding en advisering binnen het sociaal domein, passen zij ook binnen Artikel 7 Besluit publieke gezondheid en Artikel 8 Besluit publieke gezondheid. De activiteiten sluiten daarnaast aan bij het gemeentelijke beleidsdoel uit programma 7A van de programmabegroting: goede gebiedsgerichte ondersteuning en hulp aan jeugd en gezin en gelijke kansen voor kinderen en jongeren. Daarmee houden de te subsidiëren activiteiten rechtstreeks verband met de uitvoering van een publieke taak van de gemeente, die is belegd bij Hecht als openbaar lichaam binnen een gemeenschappelijke regeling tussen gemeenten.
Hecht is de regionale uitvoeringsorganisatie waarin Leiden en de overige deelnemende gemeenten hun wettelijke taken op het terrein van publieke gezondheid en jeugdgezondheidszorg structureel hebben ondergebracht. De uitvoering van de wettelijke basistaken is verankerd in de gemeenschappelijke regeling Hecht en vindt plaats binnen één bestaande bestuurlijke, personele en organisatorische structuur. De aanvullende diensten jeugd worden uitgevoerd binnen diezelfde structuur en bouwen voort op de al aanwezige uitvoeringspraktijk van jeugdgezondheidszorg en gezondheidsbevordering. Daardoor zijn de voor deze activiteiten noodzakelijke specialistische kennis, personele infrastructuur, regionale governance, samenwerkingsrelaties en uitvoeringscontinuïteit al aanwezig.
De aanvullende diensten jeugd liggen inhoudelijk en operationeel in het verlengde van het basistakenpakket JGZ 0-18 jaar en gezondheidsbevordering. Voor werkzaamheden binnen de jeugdgezondheidszorg is samenwerking vereist met onderwijs, voorschoolse voorzieningen, jeugdhulp, verloskundigen, kraamzorg, huisartsen, buurtteams en andere relevante hulpverleners. Juist omdat Hecht deze basisstructuur al regionaal en lokaal uitvoert, sluiten de aanvullende diensten doelmatig aan op bestaande signaleringslijnen, verwijsstructuren, samenwerkingsverbanden en preventieve inzet. De activiteiten kunnen daardoor worden uitgevoerd zonder institutionele ontvlechting van taken die in de praktijk nauw samenhangen met de wettelijke basistaken. Het college acht deze samenhang van wezenlijk belang voor de kwaliteit, bereikbaarheid en continuïteit van de dienstverlening aan jeugdigen en hun ouders of opvoeders.
Het uitvoeren van een integrale aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling in Leiden, waaronder preventie, advies, voorlichting, laagdrempelige ondersteuning en de inrichting van één meldpunt met mogelijkheden voor onderzoek en regie.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a, c-ii, c-vi, f-iii
De te subsidiëren activiteiten behoren tot een wettelijke taak die op grond van de Wmo 2015 bij het college berust en die in regionaal verband publiekrechtelijk is belegd bij Hecht als openbaar lichaam.
Vanuit de Wmo 2015 draagt het college zorg voor de inrichting van een Veilig Thuis-organisatie. De activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend, namelijk een integrale aanpak van huiselijk geweld en kindermishandeling, preventie door advies, voorlichting en laagdrempelige ondersteuning, en het in stand houden van één meldpunt met mogelijkheid tot onderzoek en regie, sluiten rechtstreeks aan op deze wettelijk omschreven taken.
De deelnemende gemeenten hebben hun taken op dit terrein ondergebracht in een gemeenschappelijke regeling. In de gemeenschappelijke regeling van Hecht is vervolgens expliciet bepaald dat Hecht tot taak heeft het advies- en meldpunt huiselijk geweld en kindermishandeling in te stellen en in stand te houden. Ook is geregeld dat de bij die opgedragen taak behorende bevoegdheden en verplichtingen toekomen aan Hecht en zijn bestuursorganen. Dat betekent dat de wettelijke gemeentelijke taak om een Veilig Thuis-organisatie in stand te houden in deze regio niet los of incidenteel wordt uitgevoerd, maar structureel en juridisch is ondergebracht bij Hecht als openbaar lichaam.
Voor de uitvoering van deze activiteiten acht het college van belang dat specialistische kennis is vereist op het gebied van huiselijk geweld, kindermishandeling, veiligheidsbeoordeling, triage, onderzoek en regie in complexe situaties. Deze deskundigheid is wettelijk voorgeschreven. Daarnaast moet de onderzoekstaak onafhankelijk worden uitgevoerd.
Binnen de publiekrechtelijke en regionale structuur wordt Veilig Thuis door Hecht uitgevoerd als de daarvoor ingerichte voorziening. De te subsidiëren activiteiten zijn daarmee niet slechts feitelijk werkzaamheden die Hecht uitvoert, maar activiteiten die behoren tot de wettelijk opgedragen en regionaal belegde taak van Hecht. Het college stelt vast dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteiten in beslissende mate afhankelijk is van bestaande en bestendige samenwerking binnen de regionale keten van zorg en veiligheid. De Wmo 2015 verlangt een goede samenwerking tussen Veilig Thuis, hulpverlenende instanties, politie, gecertificeerde instellingen en de raad voor de kinderbescherming. De uitvoering van de activiteiten is daarmee onlosmakelijk verbonden met een bestaand netwerk, samenwerkingsrelaties en een langdurige regionale uitvoeringspraktijk.
Uitvoering van activiteiten gericht op emancipatie, participatie en maatschappelijke activering van met name de Turkse gemeenschap in Leiden, waaronder ontmoeting, informatievoorziening, ondersteuning en positieversterking van jongeren, vrouwen en ouderen.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b
HTIB voert de te subsidiëren activiteiten uit vanuit het pand aan Eksterpad 4, welk pand zij sinds 1991 op grond van de huurovereenkomst in gebruik heeft. HTIB beschikt daarmee over bestendige feitelijke zeggenschap over deze locatie voor de uitvoering van de activiteiten.
Leidse Bond van Speeltuinverenigingen
Uitvoering en ondersteuning van activiteiten bij speeltuinverenigingen in Leiden, met inbegrip van toezicht en gastheerschap, activiteitenaanbod, aanschaf van sport- en spelmateriaal, organisatie- en administratiekosten, ondersteuning van de LBS en klein onderhoud aan de speeltuinen, ter bevordering van een krachtige en pedagogische samenleving.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, c-vi, f-ii
De Leidse Bond van Speeltuinverenigingen beschikt over specialistische kennis van het functioneren van speeltuinverenigingen in Leiden en van de ondersteuning die nodig is om deze verenigingen duurzaam en verantwoord te laten functioneren. Die kennis betreft niet alleen het organiseren van activiteiten, maar ook toezicht en gastheerschap, vrijwilligersinzet, ondersteuning van besturen, inzet van sport- en spelmateriaal en het praktisch organiseren van klein onderhoud en dagelijkse uitvoering. Deze kennis is in Leiden gedurende lange tijd opgebouwd in directe relatie met de aangesloten speeltuinverenigingen en hun vrijwilligers.
De Leidse Bond van Speeltuinverenigingen beschikt als enige over de governance-structuur die noodzakelijk is voor de uitvoering en ondersteuning van activiteiten bij de speeltuinverenigingen in Leiden. Als koepelorganisatie verbindt de Leidse Bond van Speeltuinverenigingen de 14 afzonderlijke speeltuinverenigingen in één stedelijke samenwerkingsstructuur. Daardoor bestaat een vaste organisatorische basis voor afstemming, ondersteuning, belangenbehartiging en coördinatie tussen de verenigingen onderling en in de relatie met de gemeente.
De uitvoering van de te subsidiëren activiteiten is in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding die de Leidse Bond van Speeltuinverenigingen heeft met de speeltuinverenigingen, de betrokken vrijwilligers en de stad Leiden. De Leidse Bond van Speeltuinverenigingen vervult sinds 1946 een centrale rol binnen het Leidse speelveld en is duurzaam verbonden met de lokale verenigingen en hun achterban. De activiteiten waarvoor subsidie wordt verstrekt zijn direct verweven met deze lokale binding, omdat zij zien op de dagelijkse ondersteuning van speeltuinlocaties, vrijwilligers en kinderen in Leiden.
Het adviseren van het college van B&W van de gemeente Leiden over de georganiseerde en ongeorganiseerde sport.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, c-vi, f-iii
De Leidse Sport Federatie beschikt als enige over de voor deze concrete activiteit vereiste specialistische kennis en institutionele uitvoeringspraktijk. De Federatie is het adviesorgaan van het college van burgemeester en wethouders voor de georganiseerde en ongeorganiseerde sport in Leiden. Voor die activiteit is vereist dat de betreffende organisatie het Leidse sportveld over de volle breedte kent, signalen uit de sportpraktijk kan bundelen en deze kan vertalen naar structurele advisering richting college.
Het college acht daarnaast aannemelijk dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteit uitsluitend door de Leidse Sport Federatie kan plaatsvinden, omdat zij beschikt over de noodzakelijke governance-structuur voor deze adviesfunctie. De te subsidiëren activiteit is volgens het college niet vrij inwisselbaar, omdat zij is gekoppeld aan een eerder door het college toegekende en door statuten geborgde adviespositie bij een collegebesluit van 13 april 2010. Aan deze erkenning zijn voorwaarden verbonden, die door de federatie in haar statuten zijn vastgelegd. Daarmee is de adviesfunctie niet alleen feitelijk, maar ook organisatorisch en juridisch ingebed in de structuur van de federatie. Juist deze formele erkenning in samenhang met de statutaire borging maakt dat de Leidse Sport Federatie voor deze specifieke activiteit een objectief onderscheidende positie inneemt ten opzichte van andere sportorganisaties.
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is ook afhankelijk van een bestaand netwerk, samenwerkingsrelatie en langdurig partnerschap. De adviesfunctie van de federatie berust op een bestendige relatie tussen gemeente en sportveld. De federatie functioneert binnen Leiden als schakel tussen het college en de georganiseerde en ongeorganiseerde sport en ontleent haar meerwaarde juist aan die opgebouwde netwerkpositie. Het college acht van belang dat een andere organisatie deze bestaande adviesrelatie, vertegenwoordiging en samenwerkingsstructuur niet zonder meer kan overnemen, omdat die positie in de loop der jaren is opgebouwd en mede voortvloeit uit de eerdere erkenning als adviesorgaan.
Leidse Vereniging van Mantelzorgers
Organisatie van activiteiten voor en door mantelzorgers in Leiden en belangenbehartiging, gericht op praktische ondersteuning, lotgenotencontact en het bieden van respijtmomenten.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii
Het college acht aannemelijk dat de Leidse Vereniging van Mantelzorgers een bijzondere binding heeft met Leiden. De vereniging organiseert sinds 2011 activiteiten voor en door mantelzorgers in Leiden en is daarmee duurzaam lokaal ingebed. De Leidse Vereniging van Mantelzorgers behartigt als enige de belangen van de Leidse mantelzorgers.
Het college acht aannemelijk dat de uitvoering van de activiteiten in overwegende mate afhankelijk is van een bestaand Leids netwerk en een langdurige samenwerking. De vereniging werkt binnen een lokaal netwerk van welzijns-, zorg- en eerstelijnspartijen en organiseert de activiteiten in samenhang met deze bestaande relaties. Daardoor zijn de activiteiten niet los te zien van het opgebouwde Leidse samenwerkingsverband.
De organisatie van de jaarlijkse viering van Koningsdag. Het gaat hierbij om niet-commerciële en niet-horecagerichte activiteiten, maar activiteiten als de wedstrijd Gouden Petje, de organisatie van diverse rommelmarkten, meezingen voor ouderen, Kookwedstrijd Heel Leiden Bakt oranje, oranje wandeltocht in de verschillende wijken in samenwerking met de wijkverenigingen en de studentenverenigingen.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-v, c-vi, f-ii & iii
Het college acht aannemelijk dat Oranjevereniging Leiden als enige beschikt over de noodzakelijke contractuele betrekkingen, dan wel daarmee gelijk te stellen bestendige organisatorische relaties, die nodig zijn voor de totstandkoming van deze activiteit. Deze betrekkingen en relaties zijn van wezenlijk belang voor de praktische organisatie, continuïteit en samenhang van de viering.
Subsidieontvanger beschikt als enige beschikt over de noodzakelijke governance-structuur om de uitvoering en continuïteit van deze jaarlijks terugkerende publieke activiteit te waarborgen. De organisatorische inrichting van de vereniging sluit rechtstreeks aan op het doel en de aard van de te subsidiëren activiteit.
Daarnaast acht het college van belang dat de uitvoering van deze activiteit in overwegende mate afhankelijk is van de bijzondere binding die Oranjevereniging Leiden heeft met de stad Leiden en met deze jaarlijks terugkerende lokale viering. Die binding draagt bij aan de herkenbaarheid, legitimiteit en lokale verankering van de activiteit.
Het college is van oordeel dat de uitvoering van de jaarlijkse Koningsdagviering in overwegende mate afhankelijk is van een bestaand netwerk, samenwerkingsrelaties en langdurige partnerschappen waarover Oranjevereniging Leiden beschikt. Deze bestaande verbindingen zijn essentieel voor een ordelijke, samenhangende en uitvoerbare organisatie van de activiteit.
Plaatselijke Kamer van Verenigingen Leiden - PKvV
De coördinatie en uitvoering van gezamenlijke activiteiten en evenementen die de verbinding tussen studenten en de stad versterken.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii, g
De PKvV is het overkoepelende orgaan van 25 Leidse studentenverenigingen en vertegenwoordigt als enige daarmee juist de doelgroep waarop het strategisch partnerschap student en stad is gericht. Juist omdat de PKvV de gezamenlijke studentenverenigingen in Leiden vertegenwoordigt, beschikt zij over een bijzondere en directe binding met deze doelgroep binnen de Leidse context.
De PKvV is de enige vaste koepelorganisatie van de Leidse studentenverenigingen en treedt op als vertegenwoordiger richting de gemeente Leiden en de EL CID-week. Het strategisch partnerschap loopt bovendien al elf jaar met de PKvV als coördinator. De opzet van het partnerschap veronderstelt dat één partij de gezamenlijke evenementen organiseert, deelname van verschillende verenigingen coördineert en de verdeling en samenhang van de verenigingsactiviteiten bewaakt.
Het strategisch partnerschap is juist opgezet als gezamenlijk en samenhangend programma waarin meerdere studentenverenigingen via één coördinerende partij samenwerken aan stedelijke verbinding. Wanneer de coördinatie en subsidierelatie bij een andere partij worden gelegd, ontbreekt de bestaande koepelstructuur waarin de Leidse studentenverenigingen gezamenlijk zijn verbonden. Dat maakt het minder doelmatig om de gezamenlijke evenementen, de toeleiding van verenigingen en de verdeling van de verenigingsbudgetten in samenhang te organiseren.
Regionale Ontwikkelingsmaatschappij InnovationQuarter B.V.
Ondersteuning van bedrijven in Zuid-Holland bij het innoveren, investeren en internationaliseren, gericht op het versterken van de economie en werkgelegenheid in Zuid-Holland.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-ii & iii, g
InnovationQuarter beschikt als enige regionale ontwikkelingsmaatschappij voor Zuid-Holland over specialistische kennis en een geïntegreerde uitvoeringsmethodiek op het terrein van innoveren, investeren en internationaliseren binnen de regionale economie van Zuid-Holland. InnovationQuarter ondersteunt innovatieve technologische bedrijven bij het op de markt brengen en verder ontwikkelen van hun businessidee met een combinatie van funding, brede sectorkennis, een uitgebreid netwerk en betrokken begeleiding.
InnovationQuarter richt zich specifiek op innovatieve mkb-ondernemingen in Zuid-Holland en is opgericht om het innovatiepotentieel en de economische ontwikkeling van deze regio te versterken.
InnovationQuarter werkt met een zeer uitgebreid netwerk en is een initiatief van meerdere overheidsinstellingen en toonaangevende kennisinstituten. Daarnaast voert InnovationQuarter het secretariaat van de Economic Board Zuid-Holland, werkt zij aan de verdere uitwerking en uitvoering van het Zuid-Hollands Investeringsplatform, coördineert zij namens partners het samenwerkingsverband Maritime Delta en is zij betrokken bij Digitalzh als onderdeel van het netwerk van European Digital Innovation Hubs.
De activiteiten op het terrein van innoveren, investeren en internationaliseren worden door InnovationQuarter in onderlinge samenhang uitgevoerd binnen één regionale ontwikkelingsmaatschappij. Deze functies worden gecombineerd aangeboden ten behoeve van innovatieve ondernemingen en regionale economische ontwikkeling.
Stichting Beheer Begraafplaats Rhijnhof
Activiteiten: Reservevorming meerjaren investeringen voor beheer en onderhoud gemeentelijke begraafplaats Rhijnhof, deze investeringskosten kunnen niet uit de reguliere exploitatie worden gedekt.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, iv, vi, f-ii & iii, g
De feitelijke exploitatie en het beheer van deze gemeentelijke begraafplaats zijn sinds 1995 belegd bij Stichting Beheer Begraafplaats Rhijnhof. De meerjaren investeringen waarop de subsidie ziet, staan niet los van die exploitatie, maar vormen daarvan een integraal onderdeel. De subsidieontvanger beschikt over hele gerichte kennis die nodig is voor de technische staat, de onderhoudsbehoefte, de inrichting, het gebruik en de beheerpraktijk van deze gemeentelijke begraafplaats.
De subsidieontvanger beschikt als enige over de noodzakelijke vergunningen voor het voeren van gemeentelijke begraafplaats voor alle gezindten.
In de statuten van de Stichting Beheer Begraafplaats Rhijnhof is bepaald dat de stichting de mogelijkheid garandeert tot begraven van alle gezindten op de door haar beheerde begraafplaats Rhijnhof. Dit is in lijn met de wettelijke taak, die zij voor de gemeente uitvoert. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leiden heeft statutair de bevoegdheid om bestuurders te benoemen en om indien nodig deze ook ontslag te verlenen. Daarnaast behoeft statutenwijziging en ontbinding van de Stichting Beheer Begraafplaats Rhijnhof de voorafgaande goedkeuring van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Leiden. Met deze bepalingen beschikt subsidieontvanger over de noodzakelijke governance-structuur.
Met de instandhouding van de aangewezen gemeentelijke begraafplaats Rhijnhof wordt direct uitvoering gegeven aan de gemeentelijke verantwoordelijkheid om gelegenheid tot begraven te bieden. De Stichting heeft in dit verband een bijzondere binding met de stad Leiden, omdat haar werkzaamheden rechtstreeks zijn gericht op het beheer en de instandhouding van deze Leidse gemeentelijke voorziening.
De exploitatie van de begraafplaats is sinds 1995 bij de Stichting belegd. De meerjaren investeringen sluiten aan op die bestaande beheerrelatie en kunnen niet goed worden losgezien van de organisatie, planning en verantwoordelijkheid die al bij de Stichting liggen. Deze langdurige samenwerkingsrelatie is objectief en toetsbaar en maakt dat de uitvoering van de activiteit in praktische en organisatorische zin op de Stichting is aangewezen.
Omdat deze investeringen direct samenhangen met de staat, inrichting en exploitatie van Rhijnhof, is bundeling van beheer, onderhoud en investeringsplanning bij één uitvoerende partij doelmatig.
Stichting BplusC verzorgt in Leiden de openbare bibliotheekvoorziening, waaronder de wettelijke bibliotheekfuncties, het Taalhuis en het Informatiepunt Digitale Overheid, en draagt daarmee bij aan geletterdheid, digitale participatie en een leven lang ontwikkelen.
Stichting BplusC voert in Leiden activiteiten uit die gericht zijn op leesbevordering, taalontwikkeling en ondersteuning van kinderen en ouders binnen het onderwijsachterstandenbeleid. Het gaat onder meer om BoekStart, ondersteuning van voorschoolse voorzieningen in het Primair Onderwijs en in samenwerking met maatschappelijke en welzijnsorganisaties zoals JES Rijnland. Denk aan programma's zoals VoorleesExpress, DoorleesExpress, de Bibliotheek op School en wijkgerichte inzet voor kinderen en ouders.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a, b, c-ii, f-iii
Stichting BplusC is aangesloten bij het landelijke netwerk van bibliotheken, voert als enige serieuze gegadigde de gemeentelijke wettelijke taken vanuit de (toekomstige) Wet Stelsel openbare bibliotheekvoorzieningen (Wsob) uit, geeft uitvoering aan de drie maatschappelijke opgaven uit het Bibliotheekconvenant 2024 – 2027, met ruimte voor de lokale behoeften van de inwoners van Leiden. Voor zover de voorgenomen wijziging van de Wsob in werking is getreden per 1 januari 2027, ziet deze taakuitoefening mede op de daaruit voortvloeiende gemeentelijke verantwoordelijkheden.
BplusC beschikt over bestaande publiekslocaties, een bibliotheekcollectie, digitale voorzieningen, personeel en een uitvoeringspraktijk, die is ingericht op laagdrempelige en voor inwoners toegankelijke dienstverlening op het gebied van lezen, taal, informatie, ontwikkeling, educatie en digitale participatie.
Stichting BplusC beschikt over specialistische kennis voor de uitvoering van de openbare bibliotheekvoorziening, het Taalhuis en het Informatiepunt Digitale Overheid. Die expertise blijkt niet alleen uit de algemene bibliotheekfunctie, maar ook uit de feitelijke structurele uitvoering van leesbevordering, taalondersteuning en basisvaardigheden voor verschillende doelgroepen, waaronder kinderen, ouders en inwoners met vragen over taal en digitale overheid. Voor IDO is bovendien relevant dat lokale bibliotheken aantoonbare kennis en kunde moeten hebben op het gebied van bibliotheekdienstverlening en basisvaardigheden voor kwetsbare doelgroepen, gratis dienstverlening moeten aanbieden en toegang moeten hebben tot computers met internet- en printfaciliteiten.
De uitvoering van deze activiteiten is in overwegende mate afhankelijk van een bestaand netwerk van samenwerking met maatschappelijke, educatieve en publieke partners in Leiden. Dat netwerk blijkt niet alleen uit de algemene bibliotheekfunctie, maar wordt concreter door de in de tekst genoemde samenwerking rond BoekStart, jeugdgezondheidszorg, JES Rijnland, voorschoolse voorzieningen, scholen en wijkgerichte programma’s. Deze bestaande samenwerkingsstructuur is van wezenlijk belang voor een goed bereik van inwoners, voor doorgeleiding naar passend aanbod en voor de samenhangende uitvoering van de bibliotheekfunctie, het Taalhuis en het Informatiepunt Digitale Overheid.
Stichting BplusC verzorgt activiteiten die zijn gericht op de verbinding tussen onderwijs en culturele en maatschappelijke initiatieven in Leiden door inzet van de cultuurcoaches, waarbij in het bijzonder aandacht is voor inwoners die drempels ervaren bij cultuurdeelname.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-iii
De cultuurcoaches die vanuit BplusC uitvoering geven aan de activiteiten doen dit vanaf de start van de landelijke matchingsregeling Cultuureducatie met Kwaliteit (hierna: CmK) in 2013 met als doel om kennismaking met cultuur onder schooltijd en doorstroom naar regulier cultuuraanbod te stimuleren. De werkzaamheden van de cultuurcoaches zijn georganiseerd rondom drie samenhangende thema’s: kunst en cultuur in welzijn, kunst en cultuur met kinderen en kunst en cultuur in de wijk. De te subsidiëren activiteiten vragen om inhoudelijke begeleiding van welzijnspartners, scholen, culturele instellingen en het ontwikkelen van cultuur op maat voor diverse doelgroepen.
Vanuit het tweede thema werken de cultuurcoaches vanuit BplusC samen met de Cultuureducatiegroep en Naturalis binnen Verwonder om de Hoek aan een samenhangend aanbod voor kinderen, waarbij binnenschools en buitenschools aanbod met elkaar worden verbonden. Het gaat niet om incidentele contacten, maar om een bestaand samenwerkingsverband waarin expertise, uitvoering en doorverwijzing al bijeen zijn gebracht.
Stichting Centrummanagement Leiden
Uitvoering en ondersteuning van gebiedsgericht centrummanagement in de Leidse binnenstad, gericht op samenwerking, economische vitaliteit, bezoekersaantrekkelijkheid en een sterk ondernemersklimaat.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii, g, h
De uitvoering van de te subsidiëren activiteiten is in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding van de gegadigde met het gebied, de doelgroep en met name de (binnen)stad (van) Leiden. Stichting Centrummanagement Leiden is de bestaande centrummanagementorganisatie voor de Leidse binnenstad en is een belangrijke belangenbehartiger van de Leidse binnenstad. De activiteiten waarvoor subsidie wordt verleend zijn volledig gericht op de economische vitaliteit, aantrekkelijkheid en ontwikkeling van juist de Leidse binnenstad. Voor de uitvoering is die specifieke gebiedskennis van subsidieontvanger nodig over de binnenstad, de ondernemersstructuur, de bezoekersstromen en de lokale opgaven rond leegstand, retail, horeca en verblijfskwaliteit. Het college acht daarom aannemelijk dat de uitvoering in overwegende mate afhankelijk is van de bijzondere binding van Stichting Centrummanagement Leiden met de Leidse binnenstad en de daar actieve ondernemers.
De uitvoering van de te subsidiëren activiteiten is in overwegende mate afhankelijk van een bestaand netwerk, samenwerkingsrelatie of langdurig partnerschap. Stichting Centrummanagement Leiden opereert specifiek als verbindende partij tussen Leidse binnenstadondernemers, gemeente en andere stadspartners. De activiteiten betreffen juist het bijeenbrengen van ondernemersbelangen, het ondersteunen van gezamenlijke acties en projecten en het uitvoeren van binnenstadactiviteiten in samenhang met andere betrokken partijen. Het college acht van belang dat deze activiteiten niet los staan van een bestaand netwerk, maar juist steunen op al opgebouwde relaties met ondernemers, vastgoedeigenaren, branchevertegenwoordigers, gemeentelijke partners en andere organisaties in de binnenstad.
De te subsidiëren activiteiten vormen één samenhangende gebiedsgerichte inzet op belangenbehartiging, ondernemerschap en -binding, bezoekerseconomie, leegstandsaanpak, evenementen, samenwerking, acquisitie en binnenstadontwikkeling. Stichting Centrummanagement Leiden vervult deze samenhangende rol en richt zich in het bijzonder op de economische vitaliteit van de binnenstad.
Juist de combinatie van gebiedskennis, bestaande relaties en een al functionerende positie tussen ondernemers, gemeente en andere stadspartners maakt dat deze activiteiten als enige door Stichting Centrummanagement Leiden in samenhang kunnen worden uitgevoerd.
Stichting COOL (Comité Ondersteuning Ongedocumenteerden Leiden e.o., voorheen Diaconie Protestantse gemeenten)
Het bieden en organiseren van integrale begeleiding en ondersteuning aan ongedocumenteerden in Leiden en de Leidse regio, waaronder individuele begeleiding, woonbegeleiding, informatie en advies, dagbesteding, ontmoeting en samenwerking met partnerorganisaties.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, f-ii & iii, g
Voor zover de subsidie ziet op woonbegeleiding voor bewoners van het huis van COOL, is uitvoering van die activiteit uitsluitend mogelijk met gebruik van een goed waarover Stichting COOL zeggenschap heeft. Het gaat om de woning waarin de doelgroep feitelijk wordt opgevangen en van waaruit de woonbegeleiding wordt verleend. De woonbegeleiding is daarmee onlosmakelijk verbonden met deze opvanglocatie. Andere gegadigden beschikken niet over deze woning en hebben daarover geen zeggenschap.
De netwerkpositie van Stichting COOL is van belang voor doorverwijzing, casuïstiek, afstemming, vrijwilligersinzet, signalering en samenwerking rondom opvang en begeleiding. Het college acht aannemelijk dat Stichting COOL op dit moment de enige gegadigde is die deze combinatie van lokaal ingebedde relaties en langdurige samenwerking in Leiden en de Leidse regio in deze vorm beschikbaar heeft voor de uitvoering van de voorgenomen activiteiten.
De uitvoering van de te subsidiëren activiteiten is ook afhankelijk van de bijzondere binding die Stichting COOL heeft met de doelgroep van ongedocumenteerden in Leiden en de Leidse regio. Deze binding is van betekenis voor het bereiken van de doelgroep, het opbouwen en behouden van vertrouwen, het begeleiden van bewoners en het opstellen en uitvoeren van perspectiefplannen.
De activiteiten van opvang, woonbegeleiding, perspectiefbegeleiding, vrijwilligersinzet, casuïstiek en netwerkafstemming zijn bij Stichting COOL in één organisatie gebundeld. Als deze activiteiten bij een andere gegadigde zouden worden belegd, zou die samenhang geheel of gedeeltelijk opnieuw moeten worden opgebouwd. Dat leidt tot verlies aan continuïteit, overlap in organisatie en afstemming, en een minder doelmatige inzet van middelen.
Het college baseert dit voornemen niet op de enkele geschiktheid van Stichting COOL, maar op de combinatie van de hiervoor genoemde criteria. Voor zover andere organisaties in algemene zin ondersteuning bieden aan kwetsbare doelgroepen, blijkt niet dat zij voor deze specifieke combinatie van woonbegeleiding op de opvanglocatie van Stichting COOL, binding met de doelgroep, bestaand lokaal netwerk en gebundelde uitvoering in Leiden en de Leidse regio een gelijkwaardige en onmiddellijk beschikbare positie hebben.
Stichting Cultuureducatiegroep
De Cultuureducatiegroep ontwikkelt, coördineert en ondersteunt het cultuur- en natuur- en duurzaamheids- educatieaanbod voor het primair onderwijs in Leiden en de regio Holland Rijnland, inclusief de aansluiting tussen binnen- en buitenschoolse educatie.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-i & ii & iii, g
Cultuureducatiegroep is het expertisecentrum voor cultuureducatie in de regio Holland Rijnland en Midden-Holland is en scholen ondersteunt bij het ontwikkelen van cultuureducatie die aansluit bij de visie, ambitie en omgeving van de school. Zij doen dit vanaf de start van de landelijke regeling in 2013 (CmK1). De te subsidiëren activiteit vraagt om inhoudelijke begeleiding van scholen, aansluiting op de onderwijspraktijk en het ontwikkelen van cultuureducatie op maat.
De uitvoering van de activiteit is in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding die Cultuureducatiegroep heeft met Leiden en de regio Holland Rijnland. De activiteit is specifiek gericht op scholen en leerlingen in deze regio en vereist aansluiting op de lokale en regionale onderwijs- en cultuur- en NDE praktijk. Cultuureducatiegroep is juist in Holland Rijnland en Midden-Holland werkzaam is en haar werkzaamheden op die regio richt.
Cultuureducatiegroep werkt binnen Verwonder om de Hoek samen met BplusC en Naturalis aan een samenhangend aanbod voor kinderen, waarbij binnenschools en buitenschools aanbod met elkaar worden verbonden. Het gaat niet om incidentele contacten, maar om een bestaand samenwerkingsverband waarin expertise, uitvoering en doorverwijzing al bijeen zijn gebracht.
De activiteit wordt uitgevoerd in samenhang met scholen en culturele en NDE-partners en is juist gericht op het verbinden van binnenschools en buitenschools aanbod. Cultuureducatiegroep vervult daarin als enige een verbindende rol tussen scholen en aanbieders.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a, b, c-i, c-vi, f-iii
De maatschappelijke opvang op locatie Nieuwe Energie draagt bij aan het gemeentelijke beleidsdoel ‘Stabiele leefsituatie voor kwetsbare groepen’. De Binnenvest voert een wettelijke taak uit namens de gemeenten van Holland Rijnland, waaronder Leiden, op grond van de Wmo 2015. Opvang is binnen de Wmo een maatwerkvoorziening en bestaat uit onderdak en begeleiding voor personen die de thuissituatie hebben verlaten, al dan niet in verband met risico’s voor hun veiligheid als gevolg van huiselijk geweld, en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. De colleges van de gemeenten binnen Holland Rijnland zijn verantwoordelijk voor deze opvangtaak en kunnen de feitelijke uitvoering daarvan door een derde laten verrichten. Binnen Holland Rijnland is deze wettelijke taak regionaal georganiseerd en vervult De Binnenvest daarin de feitelijke uitvoering vanuit locatie Nieuwe Energie. Met het bieden van onderdak, toezicht, begeleiding en ondersteuning aan deze kwetsbare doelgroep geeft De
Binnenvest dus niet alleen uitvoering aan gemeentelijk beleid, maar ook aan een wettelijke publieke taak.
Voor het bieden van maatschappelijke opvang is een geschikte en direct beschikbare opvanglocatie met voldoende capaciteit noodzakelijk. De Binnenvest gebruikt daarvoor al jaren de locatie Nieuwe Energie in Leiden. Op deze locatie worden 42 regionale specialistische opvangplekken beschikbaar gesteld, inclusief crisisbedden, en is 24 uur per dag en 7 dagen per week toezicht en/of beveiliging aanwezig. Als uit het dossier blijkt dat De Binnenvest huurder is van deze locatie, is daarmee ook sprake van feitelijke zeggenschap over de locatie.
De Binnenvest vervult voor de gemeenten in Holland Rijnland, waaronder Leiden, een bestaande uitvoeringsrol bij het bieden van maatschappelijke opvang. De maatschappelijke opvang op locatie Nieuwe Energie maakt onderdeel uit van deze structurele regionale opvangtaak. Daarmee is sprake van een bestaande uitvoeringspraktijk binnen de regionale uitvoering van de Wmo.
De Binnenvest maakt voor de maatschappelijke opvang onderdeel uit van een noodzakelijke governance- en uitvoeringsstructuur binnen Holland Rijnland. De opvang op Nieuwe Energie staat niet op zichzelf, maar is ingebed in regionale afspraken over toelating, opvang, begeleiding en doorstroom. Daardoor is De Binnenvest niet slechts een uitvoerende partij, maar een structureel ingebedde ketenpartner.
De Binnenvest biedt al jaren opvang aan dak- en thuisloze mensen in Leiden en omstreken en maakt daarbij al geruime tijd gebruik van Nieuwe Energie. De uitvoering van deze opvang is daarmee in overwegende mate afhankelijk van een bestaande werkwijze, een operationeel netwerk en structurele samenwerking met betrokken partners.
De winteropvang draagt eveneens bij aan het gemeentelijke beleidsdoel ‘Stabiele leefsituatie voor kwetsbare groepen’. Deze activiteit sluit aan op dezelfde wettelijke taak tot het bieden van opvang aan personen die zich niet op eigen kracht kunnen handhaven in de samenleving. De winteropvang vormt binnen de regionale opvangstructuur een feitelijke en noodzakelijke aanvulling op de reguliere maatschappelijke opvang gedurende de winterperiode. Door in die periode onderdak en bescherming te bieden aan dak- en thuisloze mensen in kwetsbare omstandigheden, wordt voorkomen dat zij op straat moeten verblijven en wordt hun leefsituatie tijdelijk gestabiliseerd.
Voor het bieden van winteropvang is eveneens een geschikte en direct beschikbare opvanglocatie met voldoende capaciteit noodzakelijk. De Binnenvest organiseert deze opvang vanuit gebouw C bij Nieuwe Energie en gebruikt deze locatie sinds 2024 voor winteropvang. Voor de winterperiode van 1 november 2026 tot en met 31 maart 2027 is daar een capaciteit van maximaal 45 bedden voorzien. Als uit het dossier blijkt dat De Binnenvest huurder is van gebouw C, is ook hier sprake van feitelijke zeggenschap over de locatie.
De winteropvang is nauw verbonden met dezelfde publieke opvangverantwoordelijkheid en wordt uitgevoerd binnen de bestaande regionale opvangstructuur. De Binnenvest voert deze taak namens de gemeenten in Holland Rijnland, waaronder Leiden, al jaren uit. Daarmee is ook voor de winteropvang sprake van een bestaande regionale uitvoeringsrol.
Ook de winteropvang is onderdeel van de bestaande regionale opvangstructuur. Het gaat daarbij om een seizoensgebonden uitbreiding van opvangcapaciteit die moet aansluiten op de reguliere opvangketen, de regionale afspraken en de feitelijke uitvoeringspraktijk. De Binnenvest beschikt al over die aansluiting.
De Binnenvest verzorgt ook al jaren winteropvang voor dak- en thuisloze mensen. Eerst gebeurde dat wanneer de winterkouderegeling van kracht was. Daarna is in de winters van 2024–2025 en 2025–2026 gewerkt met aaneengesloten openstelling. Voor de winter van 2026–2027 is opnieuw gekozen voor aaneengesloten openstelling. Daarmee is sprake van een bestendige uitvoeringspraktijk.
Het bieden van regionale specialistische maatschappelijke opvang aan dak- en thuisloze jongeren van 18 tot 27 jaar in Leiden, met inbegrip van begeleiding, toezicht en 24-uursbeschikbaarheid, ter bevordering van een stabiele leefsituatie voor kwetsbare groepen.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, c-ii, f-ii & iii, g
Het college acht aannemelijk dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteit uitsluitend door Stichting De Binnenvest kan plaatsvinden, omdat De Binnenvest als enige beschikt over de voor deze concrete activiteit benodigde specialistische kennis en uitvoeringspraktijk. De activiteit betreft niet alleen het beschikbaar stellen van 15 opvangplekken, maar het bieden van specialistische maatschappelijke opvang aan dak- en thuisloze jongeren van 18 tot 27 jaar, inclusief begeleiding, toezicht en 24-uurs beschikbaarheid op locatie Maansteenpad 2 in Leiden. De Binnenvest voert deze specialistische jongerenopvang al feitelijk uit op een bestaande operationele voorziening en beschikt daarmee over de noodzakelijke praktijkkennis, methodische ervaring en organisatie van 24-uurs opvang die voor deze concrete activiteit vereist zijn.
De te subsidiëren activiteit is specifiek gericht op dak- en thuisloze jongeren van 18 tot 27 jaar, die zijn aangewezen op maatschappelijke opvang en intensieve begeleiding. Het Maansteenpad is ingericht als specialistische jongerenopvang voor deze specifieke doelgroep. Die binding met de doelgroep is relevant, omdat deze activiteit alleen effectief kan worden uitgevoerd door een aanbieder die ervaring heeft met deze kwetsbare jongerengroep en die opvang, begeleiding en toezicht daarop kan afstemmen. Daarnaast is sprake van feitelijke binding met Leiden, nu deze specialistische opvangvoorziening zich op het Maansteenpad 2 in Leiden bevindt en juist daar als bestaande voorziening functioneert.
De jongerenopvang op het Maansteenpad is ontstaan binnen een regionale samenwerking en functioneert als bestaande specialistische voorziening voor jongeren uit de gemeenten van Holland Rijnland. Daarmee is de activiteit niet op te vatten als een losstaande opvangprestatie, maar als een al ingebedde regionale voorziening binnen de maatschappelijke opvang voor jongeren. Het college acht van belang dat een andere aanbieder deze bestaande samenwerkings- en toeleidingsstructuren opnieuw zou moeten opbouwen. Dat zou afbreuk doen aan de continuïteit en uitvoerbaarheid van de opvang.
Het Maansteenpad betreft een bestaande specialistische jongerenopvang met 15 regionale opvangplekken, inclusief begeleiding, toezicht en 24-uurs beschikbaarheid. Het college acht van belang dat deze activiteit als integraal geheel functioneert. De meerwaarde van deze voorziening juist is gelegen in de concentratie van opvang, begeleiding en toezicht op één specialistische locatie.
Stichting Dodenherdenking Leiden
De organisatie van de jaarlijkse Dodenherdenking op 4 mei bij de Haagsche Schouw voor de gevallen militairen uit de Leidse regio en Pieterskerk (dienst) stille tocht Rapenburg, kranslegging Lammermarkt.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-vi, f-ii & iii
Het college acht aannemelijk dat Stichting Dodenherdenking Leiden als enige beschikt over de noodzakelijke governance-structuur voor de uitvoering van deze activiteit. Daarbij is van belang dat de stichting statutair en organisatorisch specifiek is ingericht op de organisatie van de jaarlijkse Dodenherdenking in Leiden bij de Haagsche Schouw, de Pieterskerk en Lammermarkt. Daarmee is de organisatorische inrichting van de stichting rechtstreeks toegesneden op deze te subsidiëren activiteit.
Daarnaast is het college van oordeel dat de uitvoering van de te subsidiëren activiteit in overwegende mate afhankelijk is van de bijzondere binding die Stichting Dodenherdenking Leiden heeft met de stad Leiden en met deze specifieke lokale herdenkingstraditie. De jaarlijkse Dodenherdenking op deze locaties heeft een eigen lokale context en betekenis, waardoor de verbondenheid van de organisator met de Leidse herdenkingspraktijk een wezenlijk element vormt voor een zorgvuldige uitvoering.
Het college acht ook van belang dat de uitvoering van de activiteit in overwegende mate afhankelijk is van een bestaand netwerk en van bestendige samenwerkingsrelaties met de betrokken locaties en deelnemers. Deze bestaande relaties zijn van wezenlijk belang voor de praktische en inhoudelijke uitvoering van de jaarlijkse herdenking.
Stichting Dress for Success Leiden
Dress for Success Leiden ondersteunt werkzoekenden met een uitkering of minimuminkomen door het aanbieden van gratis representatieve sollicitatiekleding, presentatieadvies, workshops en persoonlijke begeleiding gericht op het vergroten van hun kansen op werk.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-iii
Dress for Success Leiden vervult binnen Leiden een aanvullende rol naast het bestaande aanbod op het gebied van arbeidsbemiddeling en re-integratie. Waar andere organisaties zich vooral richten op begeleiding naar werk, richt Dress for Success Leiden zich heel op representatieve sollicitatiekleding, presentatieadvies en het versterken van zelfvertrouwen als onderdeel van de stap naar werk.
De subsidieontvanger heeft in de afgelopen jaren een netwerk opgebouwd van vrijwilligers, lokale kledingwinkeliers en verwijzende organisaties. Dit netwerk helpt bij het bereiken en ondersteunen van de doelgroep. Vrijwilligers verzorgen de begeleiding en het kleding- en presentatieadvies. Lokale kledingwinkeliers en andere donateurs stellen representatieve kleding, schoenen en accessoires beschikbaar voor sollicitaties en de start van een nieuwe baan. De uitvoering van de activiteiten is afhankelijk van deze samenwerking. Zonder dit netwerk kan de subsidieontvanger de doelgroep minder goed bereiken en niet op dezelfde wijze ondersteunen.
Dress for Success Leiden is in de afgelopen jaren uitgegroeid tot een bekende organisatie voor werkzoekende, donateurs en verwijzende organisaties. Wanneer deze activiteiten bij een andere organisatie worden ondergebracht, bestaat het risico dat deze bekendheid, de opgebouwde kennis en het netwerk verloren gaan. Hierdoor kan het aanbod minder toegankelijk worden voor werkzoekenden en ontstaat versnippering van de ondersteuning.
Het organiseren en begeleiden van een ondernemerswedstrijd van startende ondernemers.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-ii & iii
Een methodiek waarin talentselectie, begeleiding, toetsing, zichtbaarheid, netwerktoegang en doorgeleiding binnen het Leidse ondernemers- en innovatie-ecosysteem in één samenhangend traject zijn georganiseerd. De gegadigde beschikt over een specifieke aanpak waarin een wedstrijdvorm wordt gekoppeld aan begeleiding van startende ondernemers en positionering binnen het lokale ecosysteem van bedrijven, overheden en kennisinstellingen. Het is een geïntegreerde methode om startende ondernemers via competitie en begeleiding verder te brengen in Leiden.
De activiteit specifiek is gericht op deze doelgroep binnen de stad en aansluit op de lokale behoeften van ondernemers in de beginfase. De ondernemerswedstrijd is ingebed in het lokale economische en innovatieve ecosysteem. De meerwaarde van de activiteit hangt samen met de toegang tot Leidse netwerken, zichtbaarheid in de stad en aansluiting op lokale partners en voorzieningen voor starters.
Bestaand netwerk van ondernemers, coaches, juryleden, kennisinstellingen, overheden en andere partners binnen het Leidse ecosysteem. Dat netwerk is nodig voor werving, selectie, begeleiding, zichtbaarheid en vervolgkansen voor deelnemers en de kwaliteit van de wedstrijd te borgen.
Stichting Het Leids Wevershuis
Het in stand houden, openstellen en museaal exploiteren van Museum Het Leids Wevershuis in het gemeentelijk monument aan de Middelstegracht 143 in Leiden.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, f-i & ii
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is uitsluitend mogelijk met gebruik van Middelstegracht 143 in Leiden, waarin Museum Het Leids Wevershuis is gevestigd. De subsidie ziet niet op algemene publieksactiviteiten over textiel of sociale geschiedenis, maar op de instandhouding, openstelling en museale exploitatie van juist dit gemeentelijk monument als museum. Het pand vormt zelf een wezenlijk onderdeel van de museale functie. Stichting Het Leids Wevershuis huurt dit pand van de gemeente en beschikt daarmee over de feitelijke zeggenschap die nodig is om deze activiteiten daar uit te voeren. Een andere gegadigde kan deze activiteiten niet in dezelfde vorm uitvoeren zonder toegang tot juist deze locatie.
Het museum is inhoudelijk gericht op de woon- en werkomstandigheden van gewone Leidenaars in arbeiderswijken in voorgaande eeuwen. Juist doordat deze geschiedenis wordt getoond in een historisch Leids wevershuis, vallen inhoud, locatie en publieksfunctie samen. De activiteit is daarom niet willekeurig verplaatsbaar naar een andere plek of naar een algemene museale setting. De band met Leiden is daarmee geen bijkomstigheid, maar een wezenlijk onderdeel van de uitvoering van de activiteit.
Voortzetting onderzoeksproject Leuker voor Later en de vertaling van de onderzoeksresultaten naar kennisdeling en informatievoorziening voor gebiedsgerichte ondersteuning van jeugd en gezin in Leiden.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-ii & iii, h
Het onderzoek wordt sinds 2015 door Hogeschool Leiden uitgevoerd en volgt ouders vanaf de zwangerschap tot het moment dat hun kind 24 jaar oud is. De voortzetting van dit onderzoek is daardoor in overwegende mate afhankelijk van de al bestaande en opgebouwde onderzoeksopzet, dataverzameling, methodische continuïteit en inhoudelijke expertise van dezelfde onderzoeksgroep tot het einde van het onderzoek. Overdracht aan een andere partij zou leiden tot een inhoudelijke en methodische breuk in de longitudinale opzet en daarmee afbreuk doen aan de betrouwbaarheid en bruikbaarheid van de onderzoeksresultaten.
Het onderzoek loopt sinds 2015 en betreft een langdurige relatie met deelnemende ouders en kinderen binnen één doorlopende onderzoekslijn. Die binding is niet alleen feitelijk aanwezig, maar is ook inhoudelijk van belang voor de kwaliteit van het onderzoek. De wetenschappelijke waarde van een longitudinaal onderzoek hangt af van de ononderbroken voortzetting van de relatie met dezelfde onderzoekspopulatie tot afronding van alle fasen. Deze langdurig opgebouwde respondent- en doelgroepbinding is niet zonder betekenisverlies overdraagbaar aan een andere gegadigde.
Het onderzoek is sinds 2015 ingebed in een bestaand netwerk van inhoudelijke en lokale partners. Juist deze bestaande samenwerkingsstructuur maakt het mogelijk om het onderzoek in de resterende fasen voort te zetten en de opgedane kennis in Leiden te blijven delen. Het college acht daarom aannemelijk dat de uitvoering van het onderzoek tot het einde van de looptijd in overwegende mate afhankelijk is van dit bestaande netwerk en langdurige partnerschap.
Het onderzoek is gericht op kennisontwikkeling over ouderschap en ouderwelzijn en op het delen van die kennis met professionals en inwoners van Leiden. Omdat het onderzoek al tien jaar loopt, als één longitudinaal programma is ingericht en nog meerdere fasen kent, acht het college aannemelijk dat een andere gegadigde deze beleidsdoelstelling niet in gelijke mate kan realiseren. Dat geldt in het bijzonder voor de voltooiing van het volledige onderzoek tot het einde van de onderzoeksperiode, omdat alleen bij ononderbroken voortzetting van dezelfde methodiek, doelgroeprelatie en samenwerkingsstructuur de uiteindelijke opbrengst van het onderzoek behouden blijft.
Stichting Japanmuseum SieboldHuis
Openstelling en exploitatie van Japanmuseum SieboldHuis aan het Rapenburg 19 in Leiden, met inbegrip van publieksopenstelling, thematentoonstellingen en publieksactiviteiten, waaronder de jaarlijkse Japanmarkt.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, c-ii, f-i & ii & iii
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is uitsluitend mogelijk met gebruik van het pand aan het Rapenburg 19 in Leiden, het voormalig woonhuis van Philipp Franz von Siebold. De subsidie ziet niet op algemene publieksactiviteiten over Japan, maar op de openstelling en exploitatie van dit specifieke museum op deze specifieke locatie. Voor die activiteiten is vereist dat de uitvoerende partij feitelijk over het pand kan beschikken. De Stichting Japanmuseum Sieboldhuis huurt Rapenburg 19 van het Rijksvastgoedbedrijf en ontvangt subsidie van het ministerie van OCW om op deze locatie het museum te exploiteren.
De stichting richt zich op de presentatie van Von Siebold, zijn collectie en de historische en culturele relatie tussen Japan en Nederland. De activiteiten van het museum, waaronder tentoonstellingen, publieksactiviteiten en de jaarlijkse Japanmarkt, vergen inhoudelijke kennis van Japan, van de betekenis van Von Siebold en van de samenhang tussen de collectie, de locatie en het publieksprogramma.
De uitvoering van de activiteiten is ook in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding die de stichting heeft met de stad Leiden. Het museum is gevestigd in het voormalige woonhuis van Von Siebold in Leiden en ontleent aan die locatie zijn unieke historische, inhoudelijke en publieksfunctie. De activiteiten zijn daarom niet willekeurig verplaatsbaar, maar nauw verbonden met deze plek in Leiden. Het Japanmuseum draagt bij aan de stedenband die tussen de gemeente Leiden en Nagasaki in 2017 is aangegaan. Ook de jaarlijkse Japanmarkt en de overige publieksactiviteiten zijn ingebed in deze lokale context.
De stichting onderhoudt samenwerkingsrelaties met kennis- en erfgoedinstellingen en organiseert activiteiten die aansluiten bij bredere culturele en internationale contacten rond Japan en Von Siebold. De exploitatie van het museum omvat niet alleen de openstelling van het voormalige woonhuis, maar vooral ook een duurzaam georganiseerde museale praktijk, met tentoonstellingen, publieksactiviteiten en internationale contacten door samenwerking met verschillende ministeries, Japanse bedrijven en Japanse organisaties.
Jeugddorp biedt activiteiten gedurende de twee ‘middelste’ weken van de zomervakantie zoals huttenbouwen, knutselen, theater en diverse sport- en spelonderdelen. Ze werken aanvullend op de activiteiten van SOL.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c, f-ii & iii
Het college acht aannemelijk dat Jeugddorp beschikt over specifieke ervaring en uitvoeringskennis voor deze activiteiten. Jeugddorp organiseert deze zomeractiviteiten sinds 1966. Daarmee beschikt Jeugddorp over concrete kennis van de organisatie van dit terugkerende aanbod in Leiden.
Het college acht aannemelijk dat Jeugddorp een bijzondere binding heeft met Leiden. Daarbij is van belang dat Jeugddorp deze activiteiten al sinds 1966 in Leiden organiseert. Daarmee is sprake van een bestendige lokale inbedding.
Het college acht aannemelijk dat de uitvoering van de activiteiten in overwegende mate afhankelijk is van een bestaand netwerk en een langdurige samenwerking. Daarbij is van belang dat Jeugddorp werkt met en aanvullend op de activiteiten van SOL. Ze werken met doorverwijzing richting Jeugddorp. De activiteiten zijn ingebed in een bestaand Leids netwerk.
Stichting JobOn ondersteunt werkzoekenden in Leiden door het organiseren van werk- en loopbaanbijeenkomsten, een talentprogramma voor werkzoekenden, begeleiding van eventsmanagers en het aanbieden van een online leeromgeving genaamd GoodHabitz.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, c-v, f-iii
JobOn beschikt over een specifieke methode waarbij activiteiten voor en door werkzoekenden worden georganiseerd. Dit gebeurt via het talentprogramma. Deelnemers delen ervaringen, ondersteunen elkaar en zetten hun eigen kennis en talenten in voor andere werkzoekenden. De activiteiten richten zich onder meer op loopbaanontwikkeling, personal branding, netwerken, sollicitatievaardigheden en digitale vaardigheden, zoals het opbouwen van een LinkedIn-profiel. De activiteiten worden zowel in het Nederlands als in het Engels aangeboden, zodat ook nieuwkomers kunnen deelnemen en actief aan hun ontwikkeling kunnen werken. Deze werkwijze vormt een aanvulling op bestaande arbeidsmarkt- en re-integratievoorzieningen, die zich vooral richten op begeleiding richting werk.
Voor het aanbieden van de GoodHabitz-leeromgeving beschikt JobOn over de benodigde contractuele afspraken en gebruiksrechten. Hierdoor kan deze voorziening via JobOn aan de doelgroep worden aangeboden.
JobOn heeft in de afgelopen jaren een netwerk opgebouwd van werkzoekenden, vrijwilligers, eventsmanagers en trainers. Dit netwerk maakt het mogelijk om bijeenkomsten, workshops en netwerkactiviteiten te organiseren en werkzoekenden met elkaar in contact te brengen. De uitvoering van de activiteiten zijn afhankelijk van dit opgebouwde netwerk en deze samenwerkingsrelatie.
Uitvoering van crisisgerichte bereikbaarheid en ondersteuning buiten kantoortijden, advisering en trajectuitvoering in het kader van huisverboden en het voeren van hoorgesprekken in het kader van de Wet verplichte Geestelijke Gezondheidszorg (WvGGZ) ter versterking van tijdige hulp en veiligheid voor inwoners in kwetsbare situaties.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a, c-ii, c-vi, f-iii
De subsidieontvanger voert de gemeentelijke wettelijke taken uit van het Huisverbod, de 24 uurs beschikbaar- en bereikbaarheidsdienst en de WvGGZ.
Kwadraad beschikt over specialistische kennis en ervaring die rechtstreeks aansluiten op de te subsidiëren activiteiten. Dat geldt in het bijzonder voor de uitvoering van de bereikbaarheidsdienst buiten kantoortijden, de beoordeling van situaties waarin een huisverbod aan de orde kan zijn, de begeleiding binnen huisverbod-trajecten en de gespreksvoering in het kader van een mogelijke crisismaatregel. Deze activiteiten vragen om specifieke expertise op het snijvlak van veiligheid, crisisinterventie, zorgtoeleiding en vervolghulpverlening.
Kwadraad maakt voor deze activiteiten onderdeel uit van een noodzakelijke governance- en uitvoeringsstructuur. Bij huisverboden vindt de beoordeling plaats in samenhang met de hulpofficier van justitie en Veilig Thuis. Bij crisismaatregelen worden de gesprekken gevoerd binnen de bestaande structuur met Hecht. Daarmee zijn de activiteiten van Kwadraad niet losstaand, maar ingebed in een vaste bestuurlijke en operationele keten.
Kwadraad beschikt over een bestaand en stevig netwerk binnen de relevante crisis- en veiligheidsketen. De samenwerking is gericht op 24/7-reactie en het organiseren van vervolgzorg. De activiteiten worden uitgevoerd in samenhang met onder andere de burgemeester, de hulpofficier van justitie, Veilig Thuis en Hecht. Juist omdat deze werkzaamheden afhankelijk zijn van bestaande werkrelaties, operationele afstemming, informatieoverdracht en ketencontinuïteit, kan een andere partij deze activiteiten niet zonder meer gelijkwaardig overnemen.
Stichting Landelijke Instelling voor Maatschappelijke Ondersteuning en Rehabilitatie - Limor
Het toeleiden van zeer kwetsbare dakloze mensen naar zelfstandige huisvesting en ambulante begeleiding gericht op duurzaam herstel.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-ii & iii
Limor biedt het product Housing First aan en heeft hiervoor als enige organisatie een gespecialiseerd team met personeel dat getraind is in het werken met deze methodiek in de regio Holland Rijnland. Deze methodiek is op dit moment de enige die bewezen effectief is voor de gestelde doelen bij deze groep kwetsbare mensen.
Limor biedt dit product in regio Holland Rijnland sinds 2022. Een deel van de inwoners die toen bij hen in zorg zijn gekomen ontvangt nog steeds de benodigde begeleiding gefinancierd vanuit deze subsidie. Het aangaan van een langdurige relatie gebaseerd op vertrouwen is een essentieel onderdeel van de methodiek. Stoppen met deze begeleiding of deze moeten overdragen naar een andere partij is niet wenselijk in verband met het risico op verlies van de stabiele woonsituatie van deze inwoners.
Limor heeft sinds 2022 een netwerk opgebouwd met andere relevante partijen zoals woningbouwcorporaties en zorgorganisaties. Dit netwerk is relevant voor de continuïteit van de begeleiding van de inwoners die nu deze zorg ontvangen.
Stichting Leiden Bio Science Park
Ontwikkelactiviteiten op het Leiden Bio Science Park zoals lobby en belangenbehartiging, bevorderen samenwerking tussen stakeholders en een signaalfunctie voor advisering bij gebiedsontwikkeling.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, c-vi, f-iii
Stichting Leiden Bio Science Park beschikt als enige over specialistische kennis van het Leiden Bio Science Park als economisch ecosysteem, bestaande uit een duurzaam netwerk van onderling afhankelijke ondernemingen, kennisinstellingen en overheden. De activiteiten waarvoor subsidie wordt overwogen — lobby en belangenbehartiging, het bevorderen van samenwerking tussen stakeholders en het vervullen van een signaalfunctie ten behoeve van advisering bij gebiedsontwikkeling — vereisen niet slechts algemene kennis van economische ontwikkeling of public affairs, maar gebied specifieke kennis van de actoren, hun onderlinge verhoudingen, de ontwikkelopgaven en de bestuurlijke en economische dynamiek van het Leiden Bio Science Park.
Voor de beoogde activiteiten is vereist dat signalen uit het gebied op een bestendige en gelegitimeerde wijze worden opgehaald, gewogen en vertaald naar gezamenlijke belangenbehartiging en advisering. Dat veronderstelt een structuur waarin de relevante categorieën stakeholders duurzaam zijn verbonden en waarin afstemming, prioritering en vertegenwoordiging institutioneel zijn geborgd.
De activiteiten zijn alleen effectief als de uitvoerder al beschikt over duurzaam opgebouwde werkrelaties met de in het gebied actieve ondernemingen, kennisinstellingen, grondeigenaren, overheden en overige gebiedspartners. Juist bij lobby, stakeholdercoördinatie en signalering is dat bestaande netwerk geen bijkomend voordeel, maar een noodzakelijke voorwaarde voor de activiteit zelf. De te subsidiëren activiteiten zijn naar hun aard gericht op bundeling van belangen, coördinatie van samenwerking en eenduidige signalering richting gemeente en andere betrokken overheden en partners.
Stichting Leids Centrum voor Innovatie en Ondernemerschap
Het faciliteren van startende ondernemers, omdat hun activiteiten bijdragen aan het behalen van het beleidsdoel sterker ondernemersklimaat.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-iii, f-i & ii & iii
De activiteit bestaat specifiek uit begeleiding van startende ondernemers in een economisch ecosysteem: een dynamisch netwerk van onderling afhankelijke actoren, zoals bedrijven, overheden en kennisinstellingen, die samenwerken om waarde te creëren, te innoveren en economische groei te stimuleren. Deze ecosysteembenadering specialistische kennis vergt van zowel ondernemerschapsontwikkeling als van de specifieke verbindingen tussen ondernemers, kennisinstellingen en publieke partners in Leiden en omgeving.
Voor een effectieve uitvoering is daarom vereist dat de uitvoerder niet alleen ondernemers ondersteunt, maar ook feitelijk en institutioneel is ingebed in de Leidse context waarin deze ondernemers opereren. Subsidieontvanger is vanwege zijn positie in Leiden en zijn duurzame verbinding met het lokale innovatie- en ondernemerschapsklimaat als enige in staat de begeleiding van startende ondernemers direct te verbinden met de regionale kansen, voorzieningen, kennisinstellingen en netwerken die voor hun ontwikkeling van belang zijn.
Het faciliteren van startende ondernemers vereist dat de uitvoerder al toegang heeft tot een functionerend netwerk van ondernemers, overheden, kennisinstellingen en andere relevante partners, zodat starters kunnen worden verbonden met kennis, begeleiding, huisvesting, financieringsmogelijkheden en samenwerkingskansen. Subsidieontvanger beschikt over een duurzaam opgebouwd, feitelijk werkzaam en op Leiden georiënteerd netwerk dat deze ondersteuning integraal mogelijk maakt.
Stichting Leiden Ongehinderd (voorheen Stichting Platform gehandicapten)
Advisering aan de gemeente Leiden over de belangen van inwoners met een functiebeperking of chronische ziekte bij beleidsontwikkeling, projectuitvoering en bewustwording rondom toegankelijkheid, ter bevordering van een toegankelijke en inclusieve stad.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-iii, f-ii & iii, g
Voor de advisering is niet alleen algemene kennis van inclusie of toegankelijkheid vereist, maar ook concrete kennis van de aard, omvang en praktische gevolgen van toegankelijkheidsdrempels voor verschillende typen beperkingen in de Leidse context. Leiden Ongehinderd beschikt over die gerichte kennis, omdat de stichting de belangen behartigt van mensen met een functiebeperking en chronische aandoening en daarbij werkt met een brede achterban van ervaringsdeskundigen en betrokkenen uit Leiden en omstreken. Daardoor kan de stichting signalen uit de praktijk vertalen naar inhoudelijk en praktisch toepasbaar advies voor de gemeente.
De stichting richt zich als enige specifiek op mensen in Leiden met een functiebeperking en chronische aandoening en ontleent haar functioneren juist aan de structurele betrokkenheid van deze doelgroep. Daardoor beschikt zij over direct zicht op wat inwoners met verschillende beperkingen in Leiden ervaren in de openbare ruimte, in gebouwen en in de toegang tot voorzieningen. Die binding met de doelgroep is voor deze activiteit essentieel, omdat de waarde van de advisering juist ligt in het kunnen vertalen van ervaringskennis naar gemeentelijke beleids- en uitvoeringsvraagstukken. Daarnaast is sprake van een sterke lokale binding, omdat de werkzaamheden van Leiden Ongehinderd zijn gericht op concrete situaties, locaties en ontwikkelingen binnen Leiden.
De stichting onderhoudt structurele contacten met plaatselijke zorgverleners, corporaties, ondernemers en andere betrokken organisaties en is onderdeel van meerdere landelijke en regionale netwerken. Ook verricht zij regelmatig schouwen in de openbare ruimte en bij gebouwen in Leiden om toegankelijkheidsknelpunten feitelijk in beeld te brengen. Juist deze combinatie van contacten, praktijkwaarneming en opgebouwde samenwerkingsrelaties maakt dat signalen over toegankelijkheid niet losstaand worden verzameld, maar in samenhang kunnen worden beoordeeld en vertaald naar advies aan de gemeente.
Voor de gemeente is het van belang dat er op het terrein van toegankelijkheid één vaste, herkenbare en representatieve gesprekspartner is die signalen, klachten, ervaringen en verbetermogelijkheden vanuit verschillende typen functiebeperkingen en chronische aandoeningen kan bundelen en in samenhang kan beoordelen. Daarmee kunnen individuele knelpunten worden geplaatst in een breder kader en worden vertaald naar consistente advisering over gemeentelijk beleid, projecten en bewustwording.
Stichting Lumen Holland Rijnland
Uitvoering collectieve preventieve activiteiten in de maatschappelijke zorg voor mensen met psychische en psychosociale problematiek.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, c-ii, f-ii & iii
De uitvoering van de te subsidiëren activiteiten is uitsluitend mogelijk met gebruik van een fysieke locatie en bijbehorende voorzieningen waarover de subsidieontvanger duurzame zeggenschap heeft zoals het Inloophuis Leiden en het Lotgenotencafé. Lumen biedt onderdak aan een aantal andere partners die zelf geen locatie hebben.
Gespecialiseerde kennis op psychische en psychosociale problematiek wordt niet alleen ingezet in de dagelijkse ondersteuning, maar ook structureel overgedragen via scholing van medewerkers en vrijwilligers in het verantwoord inzetten van eigen ervaring voor anderen. Stichting Lumen werkt als zelfregie- en herstelorganisatie met ervaringsdeskundige medewerkers, herstelgerichte ondersteuning en laagdrempelige steunpunten die juist buiten de reguliere zorginstellingen en hulpverleningsstructuren functioneren.
De bijzondere binding blijkt uit het feit dat de organisatie werkt met medewerkers en vrijwilligers die zelf ervaringsdeskundig zijn en daardoor op een voor de doelgroep herkenbare, geloofwaardige en toegankelijke wijze ondersteuning bieden. Het college acht aannemelijk dat juist deze ervaringsdeskundige basis bepalend is voor het bereiken van mensen die anders moeilijk aansluiten bij reguliere voorzieningen.
Stichting Lumen is een bekende partij voor andere maatschappelijke partners in de stad en deze partijen verwijzen inwoners door naar Lumen. Hiermee is Stichting Lumen ingebed in de stad en regio. Stichting werkt samen met Stichting KernKracht aan de ontwikkeling van een regionale academie voor ervaringsdeskundigheid en is voor maatschappelijke partners een bekende verwijspartner voor inwoners met psychische en psychosociale problematiek. Daarnaast draagt Lumen met ervaringsdeskundige panels bij aan gemeentelijke en regionale beleidsbeïnvloeding en wordt zij regelmatig betrokken bij nieuwe en bestaande projecten.
De organisatie van de Leiden Marathon als meerdaags sportevenement in Leiden en omgeving.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii, h
Stichting Marathon Leiden organiseert jaarlijks de Leiden Marathon als sportevenement in Leiden en omgeving, met meerdere hardloopafstanden en een wandelonderdeel. Het college acht van belang dat Stichting Marathon Leiden een bijzondere binding heeft met Leiden en met de doelgroep van het evenement. De Leiden Marathon wordt sinds 1991 jaarlijks in Leiden en omgeving georganiseerd. Daardoor is het evenement duurzaam verbonden met de stad, haar inwoners, deelnemers, vrijwilligers en toeschouwers. Die historische en lokale verbondenheid maakt dat de stichting voor deze specifieke activiteit een onderscheidende positie heeft.
Stichting Marathon Leiden organiseert en onderhoudt de Leiden Marathon als jaarlijks terugkerend stedelijk sportevenement binnen een bestendige samenwerking met de gemeente Leiden en andere betrokken partijen. Daarbij is van belang dat het gemeentebestuur een convenant heeft gesloten met Stichting Marathon Leiden over de jaarlijkse organisatie van de Leiden Marathon en dat dit convenant in 2024 is geactualiseerd. In samenhang met de jaarlijkse organisatie sinds 1991 volgt hieruit dat sprake is van een duurzame uitvoeringsrelatie en een bestaande organisatorische structuur.
Stichting Marathon Leiden organiseert een jaarlijks sportevenement dat inwoners en bezoekers stimuleert tot bewegen en dat bijdraagt aan het beleidsdoel dat iedere Leidenaar een gezonde en actieve leefstijl heeft. De Leiden Marathon is sinds 1991 in Leiden geworteld en heeft naast sportieve ook maatschappelijke, promotionele en economische betekenis voor de stad. Juist door deze historische, organisatorische en stedelijke inbedding draagt de activiteit in haar huidige vorm bij aan een gezonde en actieve leefstijl én aan de zichtbaarheid van sport in Leiden.
Het uitvoeren van Medical Delta 3.0 ter doorontwikkeling van health- en innovatiesystemen met het oog op het stimuleren van kennisintensieve bedrijvigheid.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, c-vi, f-i & ii & iii
De uitvoering van Medical Delta 3.0 vraagt om specialistische kennis van publiek-private samenwerking, innovatieontwikkeling, valorisatie en ecosysteemvorming op het terrein van gezondheid, technologie en kennisintensieve bedrijvigheid. De subsidieontvanger beschikt over een specifieke methodiek waarin bedrijven, overheden en kennisinstellingen in samenhang worden verbonden om innovatie, kennisdeling en economische ontwikkeling te versnellen.
De uitvoering van de activiteit is afhankelijk van een governance-structuur waarin partijen uit Rotterdam, Delft, Leiden en Den Haag op duurzaam en bestuurlijk afgestemd niveau samenwerken. Die governance is niet inwisselbaar, omdat zij de basis vormt voor gezamenlijke besluitvorming, prioritering, uitvoering en regionale afstemming.
De activiteit is verbonden aan een specifieke regionale samenwerking tussen Rotterdam, Delft, Leiden en Den Haag, waarin Leiden deel uitmaakt van een bredere kennis- en innovatieregio. De geografische positie van de subsidieontvanger ligt niet alleen in een vestigingsplaats, maar in de inbedding in deze meerstedelijke samenwerking op health- en innovatiegebied.
Gericht op samenwerking met kennisinstellingen, onderwijsinstellingen, bedrijven en publieke partners binnen de regionale health- en innovatiepraktijk waarin Leiden een wezenlijke positie inneemt. Die binding blijkt uit de structurele rol in het verbinden van partijen die voor de verwezenlijking van de beleidsdoelstelling nodig zijn.
Bestaand netwerk en langdurige samenwerkingsrelaties tussen kennisinstellingen, overheden en bedrijven binnen de regionale health- en innovatiesamenwerking. Dat netwerk is noodzakelijk voor gezamenlijke programmering, kennisuitwisseling, opschaling en verbinding met economische ontwikkeling. De beleidsdoelstelling is juist gebaat bij bundeling van kennis, netwerk en governance binnen één samenhangend platform.
Stichting MEE Zuid-Holland Noord
Het bieden van integrale en toegankelijke ondersteuning aan inwoners van Leiden met een beperking of complexe problematiek en aan ouders van jonge kinderen met een ontwikkelingsachterstand, via vroeghulp, onafhankelijke cliëntondersteuning en specialistisch advies aan sociale wijkteams.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-ii & iii, g
Deze subsidieontvanger beschikt over de voor deze activiteiten benodigde specialistische kennis en methodische expertise binnen de bestaande Leidse uitvoeringspraktijk. Voor de coördinatie van Integrale Vroeghulp heeft Stichting MEE specialistische kennis in het bestrijden van ontwikkelingsachterstanden en van het coördineren van samenhangende hulp aan zeer jonge kinderen en hun ouders. Voor de specialistenpool heeft Stichting MEE Zuid-Holland Noord specialistische gedragsdeskundige expertise bij complexe problematiek, waaronder licht verstandelijke beperking, autisme, niet-aangeboren hersenletsel en problematiek met een mogelijke GGZ-component.
De uitvoering van de activiteiten is in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding die Stichting MEE Zuid-Holland Noord heeft met de doelgroep en met de stad Leiden. Voor de onafhankelijke cliëntondersteuning blijkt dit uit de bestaande herkenbaarheid, toegankelijkheid en vindbaarheid van deze voorziening voor inwoners en samenwerkingspartners in Leiden. Daarbij weegt mee dat recent is geïnvesteerd in het vergroten van de bekendheid en vindbaarheid van deze ondersteuning. Voor Integrale Vroeghulp blijkt deze binding uit de bestaande relatie met ouders van zeer jonge kinderen met een ontwikkelingsachterstand en met de lokale professionals die betrokken zijn bij vroegsignalering en ondersteuning. Voor de specialistenpool blijkt deze binding uit de bestaande aansluiting op de Leidse doelgroep van inwoners met complexe problematiek en de lokale uitvoeringspraktijk van de sociale wijkteams.
Stichting MEE Zuid-Holland Noord beschikt voor alle drie de activiteiten over een gericht functionerend netwerk in Leiden. Voor de onafhankelijk cliëntondersteuning blijkt dat uit de samenwerking en uitwisseling met Lumen en de sociale wijkteams. Voor Integrale Vroeghulp blijkt dat uit de samenwerking met jeugdteams, jeugdgezondheidszorg en deelname aan de lokale coalitie Kansrijke Start Leiden. Voor de specialistenpool blijkt dat uit de bestaande operationele aansluiting op de sociale wijkteams, waardoor snel inhoudelijk kan worden geschakeld bij complexe problematiek en specialistisch advies of diagnostiek direct beschikbaar is.
Voor de onafhankelijk cliëntondersteuning geldt dat onderbrenging bij een andere partij ertoe zou leiden dat een bestaande, herkenbare en reeds versterkte voorziening opnieuw moet worden opgebouwd wat betreft bekendheid, vindbaarheid en samenwerking. Voor Integrale Vroeghulp geldt dat de coördinerende functie alleen goed werkt als deze is ingebed in bestaande ketensamenwerking; overdracht aan een andere partij zou betekenen dat werkrelaties met jeugdteams, jeugdgezondheidszorg en andere partners opnieuw moeten worden opgebouwd. Voor de specialistenpool geldt dat het los organiseren van gedragsdeskundige expertise buiten de bestaande aansluiting op de sociale wijkteams de samenhang tussen consultatie, vroegsignalering en interventie vermindert.
Stichting Middelen Adviesraad Sociaal Domein Leiden
Advisering aan het college van burgemeester en wethouders vanuit cliënt- en burgerperspectief over het sociaal domein en aanpalende beleidsterreinen, ter bevordering van sociale binding en participatie van inwoners.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a
De te subsidiëren activiteit behoort tot een publiekrechtelijk opgedragen taak van de gegadigde. Artikel 2.1.3 Wmo 2015 verplicht de gemeenteraad om bij verordening te bepalen op welke wijze ingezetenen, waaronder cliënten of hun vertegenwoordigers, worden betrokken bij de uitvoering van deze wet. Daarbij moet in ieder geval worden geregeld dat zij vroegtijdig in staat worden gesteld om gevraagd en ongevraagd advies uit te brengen over verordeningen en beleidsvoorstellen. Daarnaast volgt uit artikel 150 Gemeentewet dat de raad een verordening vaststelt over de wijze waarop ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding, uitvoering en evaluatie van gemeentelijk beleid worden betrokken. Voor het sociaal domein bevat ook artikel 47 Participatiewet een grondslag voor cliëntenparticipatie.
Leiden heeft deze wettelijke participatie- en adviesfunctie in de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Leiden 2019 via een verordening belegd bij de Adviesraad Sociaal Domein Leiden. Uit artikel 1 en artikel 2 van die verordening volgt dat het college een adviesraad sociaal domein instelt en dat deze raad het college gevraagd en ongevraagd adviseert over beleidsvoorstellen en verordeningen binnen het sociaal domein, waaronder in elk geval de Wmo 2015, de Jeugdwet en de Participatiewet. Uit artikel 4 van de verordening volgt bovendien dat het college de adviesraad bij de voorbereiding van beleid en regelgeving betrekt, conceptvoorstellen voor advies voorlegt en bij afwijking van een advies motiveert waarom daarvan wordt afgeweken. Uit artikel 5 volgt dat het college de adviesraad de benodigde informatie en financiële middelen verstrekt om zijn taak naar behoren te vervullen. De activiteit waarvoor subsidie wordt beoogd, namelijk het vanuit cliënt- en burgerperspectief gevraagd en ongevraagd adviseren van het college over beleid en verordeningen in het sociaal domein, is daarmee geen vrije of facultatieve activiteit, maar de concrete uitvoering van een door wet en verordening ingerichte participatie- en adviesfunctie. Omdat deze functie in Leiden specifiek is opgedragen aan de Adviesraad Sociaal Domein Leiden, acht het college redelijkerwijs aannemelijk dat voor deze activiteit slechts deze gegadigde de enige serieuze gegadigde is.
Vervulling van de functie van natuur- en milieueducatiecentrum voor kinderen in de basisschoolleeftijd en hun ouders in Leiden.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-i & ii & iii
Natuur- en milieueducatie voor jonge kinderen, gecombineerd met kennis van het groen en de natuur in en rond Leiden en met het vermogen om educatief aanbod te verbinden aan scholen en andere aanbieders. De subsidieontvanger beschikt over een specifieke aanpak waarin natuurbeleving, educatie, lokale context en bemiddeling tussen onderwijs en aanbieders samenkomen.
De activiteiten zijn in hoge mate verbonden met de lokale groen- en natuurstructuur van Leiden en de directe omgeving. Voor een goede uitvoering is kennis nodig van de Leidse plekken, aanbieders en mogelijkheden in en rond de stad, omdat juist die lokale omgeving onderdeel is van de educatieve aanpak.
De bijzondere binding blijkt uit de langdurige gerichtheid van de activiteiten op deze doelgroep en uit de rol die de subsidieontvanger vervult binnen de stad op het terrein van natuur- en milieueducatie.
De uitvoering van de activiteiten is in overwegende mate afhankelijk van bestaande samenwerkingsrelaties met scholen, welzijnsorganisaties, de gemeente, natuurorganisaties en kennisinstellingen. Deze relaties zijn nodig om het aanbod te ontwikkelen, te koppelen aan onderwijs en doelgroepgericht uit te voeren.
Stichting ter Ondersteuning van de Dierenambulance - Vogelasiel Regio Leiden
Het vervoeren van zwervende huisdieren en zieke of gewonde en ontheemde dieren uit het wild in de Leidse regio.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, c-ii & iii, f-iii
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is uitsluitend mogelijk met gebruik van speciaal voor dierennoodhulp ingerichte vervoermiddelen en bijbehorende hulpmiddelen voor het veilig vervoeren van zwervende huisdieren en zieke of gewonde dieren uit het wild. Voor deze activiteit is vereist dat de uitvoerder duurzaam en onmiddellijk kan beschikken over dierenambulances, transportmiddelen, vervoersbenodigdheden en voorzieningen voor tijdelijke opvang en veilige overdracht. De beoogde subsidieontvanger beschikt als enige in het Leiden en omstreken verzorgingsgebied over deze goederen of heeft daarover duurzame zeggenschap.
De stichting beschikt over certificaten, keurmerken of andere kwaliteitsverklaringen waaruit blijkt dat de organisatie voldoet aan eisen ten aanzien van bereikbaarheid, inzetbaarheid, professionaliteit, dierenwelzijn, hygiëne, voertuigen en hulpmiddelen. Deze kwaliteitsborging ondersteunt dat de beoogde subsidieontvanger als enige de activiteit structureel en op verantwoorde wijze kan uitvoeren.
De stichting beschikt als enige over een specifiek ingerichte werkwijze voor het veilig benaderen, vervoeren en overdragen van zwervende huisdieren en zieke of gewonde dieren uit het wild. Deze kennis ziet onder meer op dierenwelzijn, hygiëne, triage, veilig transport en samenwerking binnen de dierenhulpketen.
De subsidieontvanger beschikt over een functionerend regionaal netwerk met partijen die nodig zijn voor melding, vervoer, opvang, behandeling en overdracht van dieren. Dit regionale netwerk is noodzakelijk voor een snelle, samenhangende en verantwoorde uitvoering van de activiteit.
Stichting Open Monumentendagen Leiden
Het organiseren en uitvoeren van de Open Monumentendagen in Leiden.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii
De stichting is specifiek (op)gericht op het bevorderen van de belangstelling voor monumenten en hun historische en culturele context in de stad Leiden. De activiteit betreft bovendien de openstelling en publieksprogrammering van juist Leidse monumenten, in een Leidse organisatorische context en voor een Leids publiek en bezoekers van de stad. Voor een goede uitvoering is daarom niet alleen algemene evenementervaring vereist, maar ook concrete kennis van de Leidse monumenten, de deelnemende locaties, de lokale publieksstromen en de erfgoedcontext van de stad. Daarmee is de bijzondere binding met Leiden geen bijkomstigheid, maar een dragend element van de uitvoering.
Stichting Open Monumentendagen Leiden organiseert al jarenlang de Leidse editie, werkt samen met Erfgoed Leiden en Omstreken, maakt deel uit van de landelijke Open Monumentendag-structuur en werkt met een groot vrijwilligersnetwerk. De stichting voert zelf de organisatie en daar zijn bijna 200 vrijwilligers actief. Ook de landelijke Open Monumentendag-site erkent de organisatorische rol van het Leidse comité Leiden - Open Monumentendag, en Erfgoed Leiden publiceert over de jaarlijkse Leidse uitvoering Open Monumentendagen 2025 - Erfgoed Leiden. Juist dit bestaande netwerk van monumenteigenaren, vrijwilligers, erfgoedpartners en landelijke afstemming maakt dat sprake is van een bestaande operationele en duurzaam ingebedde uitvoeringsstructuur.
Onderhoud en instandhouding van de monumentale Pieterskerk in Leiden voor het duurzaam te behouden voor de stad en voor toekomstige generaties.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, h
De te subsidiëren activiteit kan alleen worden uitgevoerd met gebruik van het monument waarop de subsidie betrekking heeft. De Pieterskerk is eigendom van Stichting Pieterskerk Leiden. Daardoor kan deze activiteit niet los worden gezien van de eigenaar van het monument. Alleen de stichting kan als eigenaar het onderhoud en de instandhouding van de Pieterskerk laten uitvoeren en daarvoor verantwoordelijkheid dragen.
Subsidiëring aan een andere gegadigde draagt niet of in mindere mate bij aan de verwezenlijking van de beleidsdoelstelling om de monumentale Pieterskerk voor Leiden te behouden. De subsidie kan alleen worden besteed aan het onderhoud van dit specifieke monument. Omdat de eigendoms- en beheerrelatie bij Stichting Pieterskerk Leiden ligt, kan een andere gegadigde deze activiteit niet op dezelfde directe en doelmatige manier uitvoeren.
Facilitering van de Adviesraad Sociaal Domein. Zie ook subsidieontvanger ASDL.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a, c-v, c-ii, f-iii, h; artikel 2, derde lid
Stichting Radius en de Adviesraad Sociaal Domein Leiden beschikken over een langlopende (2009 - heden) overeenkomst waarin het in dienst nemen en uitlenen van personeel door Stichting Radius aan de Adviesraad Sociaal Domein is vastgelegd. Hierin is overeengekomen dat medewerkers die werkzaam zijn voor de Adviesraad Sociaal Domein arbeidsrechtelijk in dienst komen van Stichting Radius. Stichting Radius is de enige partij die een dergelijke overeenkomst met de Adviesraad Sociaal Domein heeft. Gemeente Leiden is geen partij bij deze overeenkomst.
De te subsidiëren activiteit is ter facilitering van de wettelijke taak van de Adviesraad Sociaal Domein, zoals volgt uit artikel 2 lid 2 sub a: artikel 2.1.3 van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Verordening cliëntenparticipatie sociaal domein Leiden 2019 van de gemeente Leiden.
De beleidsmedewerker in loondienst bij Stichting Radius heeft immers door haar werkzaamheden bij de Adviesraad sociaal domein de afgelopen 17 jaar unieke & specialistische kennis opgebouwd die significant bijdragen aan de kwaliteit van de geleverde adviezen van de Adviesraad Sociaal Domein en daarmee het sociaal domein in Leiden.
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is sterk afhankelijk van de samenwerkingsrelatie en het langdurige partnerschap met Stichting Radius en de Adviesraad Sociaal Domein Leiden. Uitvoering door een andere organisatie levert geen inhoudelijke meerwaarde op. Het kan het risico op eventuele belangenverstrengeling vergroten, omdat de Adviesraad Sociaal Domein adviseert over activiteiten in het sociale domein.
De subsidiëring aan een andere gegadigde draagt in mindere mate bij aan de verwezenlijking van de beleidsdoelstellingen, doordat subsidiering aan een andere partij leidt tot verlies van kennis, deskundigheid en jarenlange ervaring.
Subsidiëring aan een andere gegadigde heeft een negatief effect op de continuïteit en kwaliteit van de facilitering van de Adviesraad Sociaal Domein. Wisselingen in de samenstelling van de Adviesraad Sociaal Domein komen vaak voor vanwege zittingstermijnen. Deze doorloop maakt continuïteit in de ondersteuning van de Adviesraad Sociaal Domen van extra belang: dit helpt in de borging van kennis en vergroot daarmee de kwaliteit van de advisering. Bovendien betekent (periodiek) wisselen van ondersteunend personeel ook dat meer tijd besteed wordt aan inwerken, waardoor minder middelen besteed kunnen worden aan daadwerkelijke advisering. Dit vergroot de ondoelmatigheid van de inzet van de beschikbare middelen. Door langdurig partnerschap met één partij (Stichting Radius) blijft kennis beter geborgd.
Stichting Reclassering Nederland
Uitvoering van de interventies Huisverbod en Bruggenbouwers voor veiligheid, hulpverlening en continuïteit binnen het gezinssysteem.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder a, c-ii, f-iii
De subsidieontvanger voert de gemeentelijke wettelijke taak uit op het gebied van hulpverlening binnen het Huisverbod.
De subsidieontvanger beschikt over gerichte expertise in het begeleiden van uithuisgeplaatsten bij een Huisverbod, kennis over plegers van huiselijk geweld, het voeren van gesprekken binnen een complex gezinssysteem, het inschatten en beperken van risico’s, het organiseren van toeleiding naar passende hulp en het afstemmen met betrokken hulpverlening en strafrechtpartners.
Het college is daarnaast van oordeel dat de uitvoering van de activiteiten Huisverbod en Bruggenbouwers in overwegende mate afhankelijk is van een bestaand netwerk, samenwerkingsrelatie of langdurig partnerschap. De activiteiten vereisen directe en doorlopende afstemming tussen de gemeente, het interventieteam Huisverbod, Veilig Thuis, politie, zorgaanbieders en, waar aan de orde, partners binnen het strafrecht. Deze samenwerking is niet ondersteunend, maar een wezenlijk onderdeel van de uitvoering, omdat juist in de periode na afloop van het huisverbod moet worden voorkomen dat een gat ontstaat tussen het einde van de maatregel en de start of voortzetting van vervolghulp.
De meerwaarde van Bruggenbouwers ligt erin dat de professional die tijdens het huisverbod betrokken is, ook daarna zicht houdt op de veiligheid, de voortgang van hulpverlening bewaakt, voortijdige uitval helpt voorkomen en bijdraagt aan het voorkomen van terugval. Dat veronderstelt een reeds bestaand en functionerend netwerk waarin informatie-uitwisseling, afstemming en continuïteit van handelen zijn geborgd.
Stichting Rijnlands Architectuur Platform
Het organiseren van publieksactiviteiten over architectuur, stedenbouw en ruimtelijke ontwikkeling in de Leidse regio.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-ii & iii
De subsidieontvanger maakt specifiek architectuur, stedenbouw en ruimtelijke ontwikkeling toegankelijk voor een breed publiek in Leiden en de regio met een heel samenhangend programma van lezingen, talkshows, filmvertoningen, exposities, open huizen, de tweejaarlijkse architectuurprijs RAP071 en het periodieke Stadscafé, waarbij inhoudelijke programmering plaatsvindt met inzet van een redactie van vakprofessionals.
Al meer dan 25 jaar organiseert de subsidieontvanger een publiek programma dat in het bijzonder is gericht op architectuur, stedenbouw en ontwerp in deze omgeving (van de Leidse regio). Die langdurige focus heeft geleid tot opgebouwde kennis van lokale opgaven, betrokkenheid bij actuele ruimtelijke thema’s en herkenbaarheid voor een publiek dat juist in Leiden en de regio belangstelling heeft voor deze onderwerpen.
Een bestaand netwerk van vakprofessionals, betrokkenen uit de stad en regio, publiek en samenwerkingspartners. Dat netwerk komt tot uitdrukking in de programmering van onder meer Stadscafé, de organisatie van RAP071 met een jury- en publiekscomponent, en de bredere reeks publieksactiviteiten. De subsidieontvanger richt zich specifiek op Leiden en de regio.
Stichting Ruimte Onderzoek Nederland (SRON)
Uitvoering van innovatief ruimtevaart gerelateerd onderzoek en ontwikkeling, met inbegrip van samenwerking met nationale en internationale universiteiten en kennisinstituten, ter ontwikkeling van nieuwe technologie en versterking van het Leiden Bio Science Park.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, c-v, f-iii
Specialistische kennis op het snijvlak van ruimtevaart gerelateerd onderzoek, technologische ontwikkeling en toepassing binnen een gebied gebonden innovatie-ecosysteem. In het bijzonder gericht op astrofysisch onderzoek, aardgericht onderzoek, exoplaneetonderzoek en de ontwikkeling van gevoelige sensoren voor röntgen en infraroodstraling. De activiteiten zien niet alleen op onderzoek en ontwikkeling als zodanig, maar ook op samenwerking met nationale en internationale universiteiten en kennisinstituten, gericht op de ontwikkeling van nieuwe technologie en op versterking van het ecosysteem van het Leiden Bio Science Park. Voor die combinatie van wetenschappelijke kwaliteit, technologische toepassingsgerichtheid en ecosysteemversterking is meer vereist dan algemene onderzoeksbekwaamheid.
Contractuele betrekkingen met nationale en internationale universiteiten, kennisinstituten en andere samenwerkingspartners, dit zijn onder andere Universiteit Leiden, Leidse instrumentenmakers School, TNO en ESA ESTEC. Onderzoeksprojecten zijn niet alleen inhoudelijk, maar ook juridisch en organisatorisch uitvoerbaar binnen bestaande samenwerkingsrelaties. Als de uitvoering afhankelijk is van al bestaande samenwerkingsovereenkomsten, consortia, afspraken over onderzoeksfaciliteiten, gegevensuitwisseling of intellectuele eigendom, dan vormen deze betrekkingen geen bijkomend voordeel maar een noodzakelijke voorwaarde voor uitvoering.
De activiteiten zijn gericht op onderzoek en ontwikkeling in samenwerking met nationale en internationale universiteiten en kennisinstituten, maar tevens op versterking van het ecosysteem van het Leiden Bio Science Park en het spacecluster Zuid-Holland. Dat vereist een al functionerend netwerk tussen onderzoekers, kennisinstellingen, bedrijven en publieke partners. De subsidieontvanger beschikt over een duurzaam opgebouwd, feitelijk werkzaam en op het Leiden Bio Science Park georiënteerd samenwerkingsnetwerk waarin deze actoren reeds op structurele basis met elkaar zijn verbonden.
Het bieden van ondersteuning, lotgenotencontact en welzijnsactiviteiten aan mensen die geraakt zijn door kanker.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f–ii & iii
Stichting Scarabee heeft gespecialiseerde medewerkers in dienst die geschoold en ervaren zijn in het ondersteunen van inwoners die zijn getroffen door kanker. Het is daarom aannemelijk dat deze taak alleen door gegadigde uitgevoerd kan worden omdat deze als enige beschikt over de specialistische kennis of een unieke methodiek.
Het college stelt vast dat Stichting Scarabee een bijzondere binding heeft met de doelgroep van mensen die leven met en na kanker en met hun naasten en nabestaanden. De te subsidiëren activiteiten zijn specifiek gericht op deze afgebakende doelgroep en bestaan uit laagdrempelige ontmoeting, lotgenotencontact en ondersteuning. Het college acht deze doelgroep binding van wezenlijk belang voor de uitvoering van de activiteiten, omdat deze activiteiten juist zijn gericht op ondersteuning en participatie van inwoners met een specifieke psychosociale ondersteuningsbehoefte.
Het college stelt daarnaast vast dat Stichting Scarabee beschikt over een bestaand netwerk en samenwerkingsrelaties die voor de uitvoering van de te subsidiëren activiteiten van betekenis zijn. Zoals samenwerking met ziekenhuizen LUMC, Alrijne en het Zorgkantoor. Het college betrekt hierbij dat de activiteiten van Scarabee plaatsvinden binnen een al functionerende structuur van vrijwilligers, ontmoeting, ondersteuning en samenwerking rondom oncologische zorg en nazorg op regionaal niveau. Deze bestaande relaties zijn van belang voor het bereiken van de doelgroep en voor de samenhangende uitvoering van de activiteiten.
De organisatie van de Singelloop.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-iii
Het college is voornemens een begrotingssubsidie te verlenen aan Stichting Singelloop Leiden voor een bijdrage in de organisatie van de Leidse Singelloop. De activiteit draagt bij aan het gemeentelijke beleidsdoel dat iedere Leidenaar een gezonde en actieve leefstijl heeft. Het college betrekt daarbij dat sprake is van een bestaand netwerk, een samenwerkingsrelatie of een langdurig partnerschap. Stichting Singelloop Leiden komt voort uit het initiatief dat in 1976 is genomen door de Leidse Politie Sport Vereniging en het Leidsch Dagblad en is sindsdien belast met de organisatie van de Leidse Singelloop. Daarmee bestaat een duurzame organisatorische relatie tussen de stichting en dit specifieke evenement.
Stichting Stadspartners Leiden Stad van Ontdekkingen
Uitvoering van citymarketing, gastheerschap en bezoekersinformatie voor de positionering van Leiden en de economische vitaliteit van de binnenstad.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-iii, g, h Stichting Stadspartners beschikt over specialistische kennis en ervaring op het gebied van citymarketing, branding, bezoekerscommunicatie, congreswerving en gastheerschap. Stichting Stadspartners is daarnaast verantwoordelijk is voor branding en marketing van Leiden en een rol vervult in het gastheerschap van de stad. Het college acht daarom aannemelijk dat de uitvoering van deze activiteiten specialistische kennis en ervaring vereist die binnen Stichting Stadspartners aanwezig is.
Stichting Stadspartners werkt met en via stadspartners en voert citymarketing niet solistisch, maar in samenwerking met culturele instellingen, kennisinstellingen, ondernemers, congrespartners en andere partners in de stad en regio. Het college acht van belang dat juist de te subsidiëren activiteiten, waaronder gastheerschap, bezoekersinformatie, citymarketing en gezamenlijke projecten, steunen op dit al opgebouwde netwerk en op bestaande samenwerkingsrelaties.
De activiteiten vormen één samenhangende inzet op positionering van Leiden, publieksbereik, ontvangst van bezoekers, samenwerking met stadspartners en stimulering van de binnenstedelijke economie. Stichting Stadspartners voert deze taken integraal uitvoert en brengt daarin verschillende functies samen.
De activiteiten zijn gericht op meer zakelijk en recreatief bezoek aan Leiden en op het versterken van de economische vitaliteit van de binnenstad. Stichting Stadspartners vervult een belangrijke rol in de branding en marketing van Leiden, in het gastheerschap van de stad en in de samenwerking met partners die bijdragen aan bezoekers- en congresontwikkeling. Juist de combinatie van bestaande kennis, gebied gebonden binding en het functionerend netwerk maakt dat deze activiteiten door Stichting Stadspartners in samenhang kunnen worden uitgevoerd.
Bevordering van topsport, talentontwikkeling en professionalisering van de Leidse topsport, mede door versterking van de samenwerking tussen topsportclubs.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding die Stichting Topsport Leiden heeft met de doelgroep en met de stad Leiden. Stichting Topsport Leiden is specifiek (op)gericht op het ondersteunen van talenten, topsporters en topsportclubs uit Leiden. Het college betrekt daarbij dat de stichting is gericht op het bevorderen van topsport, talentontwikkeling, verbinding tussen topsportclubs en professionalisering binnen de Leidse context.
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is in overwegende mate afhankelijk van een bestaand netwerk, een samenwerkingsrelatie en een langdurig partnerschap. Stichting Topsport Leiden werkt vanuit een breed netwerk van topsportverenigingen, onderwijs, bedrijfsleven en andere Leidse partners, en dat de stichting daarbij de kennis en ervaring van de topsportcoördinator benut. Het college acht daarom aannemelijk dat het uitvoeren van deze activiteiten in belangrijke mate afhankelijk is van een al bestaand en duurzaam Leids samenwerkingsverband.
Stichting Urgente Noden Leiden
SUN Leiden (Stichting Urgente Noden Leiden) helpt inwoners van Leiden en aangrenzende gemeenten, die om welke reden dan ook in acute financiële nood zijn gekomen en nergens anders terecht kunnen. Denk bijvoorbeeld aan een bijdrage voor woninginrichting, huishoudelijke apparatuur of medische kosten. Ze kunnen zo nodig binnen 24 uur helpen.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-ii & iii
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is in overwegende mate afhankelijk van de bijzondere binding die Stichting Urgente Noden Leiden heeft met de doelgroep en het verzorgingsgebied Leiden en de aangrenzende gemeenten. SUN Leiden richt zich sinds 2009 als regionaal noodfonds specifiek op inwoners van Leiden, Oegstgeest, Leiderdorp, Zoeterwoude en Voorschoten die in acute financiële nood verkeren en nergens anders terecht kunnen. De uitvoering is rechtstreeks verbonden met de lokale en regionale hulpverleningspraktijk, omdat aanvragen uitsluitend via professionele hulpverleners worden ingediend en individueel worden beoordeeld. Het college acht daarom niet aannemelijk dat een andere gegadigde zonder dezelfde aantoonbare regionale taakuitoefening, zonder dezelfde feitelijke toegang tot deze regionaal afgebakende doelgroep en zonder dezelfde structurele inbedding in de lokale verwijzerspraktijk deze activiteit op gelijkwaardige wijze kan uitvoeren.
SUN Leiden functioneert binnen een duurzaam regionaal samenwerkingsverband van gemeenten, professionele hulpverleners, fondsen, kerken en andere hulp- en dienstverleningsorganisaties. De kantoor- en personeelskosten worden gedragen door Leiden en regiogemeenten, terwijl donaties van fondsen en maatschappelijke organisaties beschikbaar zijn voor de noodhulpverlening zelf. Daarnaast is de uitvoering afhankelijk van structurele samenwerking met partijen die betrokken zijn bij signalering, doorverwijzing, aanvullende ondersteuning en feitelijke hulp aan inwoners in acute nood. Het college acht daarom niet aannemelijk dat een andere gegadigde zonder een bestaand en aantoonbaar functionerend regionaal netwerk, zonder structurele samenwerkingsafspraken met lokale gemeenten en verwijzende organisaties en zonder duurzaam opgebouwde financierings- en doorgeleidingsstructuur deze activiteit op gelijkwaardige wijze kan uitvoeren.
Stichting VluchtelingenWerk ZWN
Uitvoering van de maatschappelijke begeleiding van statushouders en ongedocumenteerden, inclusief huisvestingsondersteuning en uitvoeringskosten.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-iii
Stichting VluchtelingenWerk beschikt als enige over de specialistische kennis die nodig is voor de integrale uitvoering van informatie en advies, monitoring van verblijf, gezinshereniging en juridische begeleiding, maatschappelijke begeleiding van statushouders, ondersteuning bij huisvesting en herhuisvesting en begeleiding van ongedocumenteerden bij juridische checks, procedurele ondersteuning en toekomstoriëntatie. Van een andere gegadigde die aantoonbaar beschikt over dezelfde combinatie van specialistische kennis, uitvoeringspraktijk en ervaring met deze volledige doelgroep-keten is niet gebleken.
De activiteiten vereisen voortdurende afstemming met gemeentelijke diensten, woningcorporaties, maatschappelijke partners, vrijwilligers en regionale samenwerkingspartners. Juist bij deze integrale opdracht zijn continuïteit, dossierkennis en ketensamenwerking van doorslaggevend belang. Stichting VluchtelingenWerk beschikt over een bestaand professioneel en vrijwilligersnetwerk en neemt in Leiden en de regio een vaste positie in binnen de ondersteuning van vluchtelingen en statushouders. Het college acht splitsing van deze activiteiten over meerdere uitvoerders ondoelmatig, omdat dit zou leiden tot versnippering van begeleiding, minder herkenbaarheid voor de doelgroep en parallelle opbouw van kennis en netwerkrelaties.
Stichting Voedselbank Leiden e.o.
Stichting Voedselbank Leiden e.o. helpt mensen die niet genoeg geld hebben om iedere dag een volledige maaltijd op tafel te zetten. Zij zamelen levensmiddelen in en stellen deze gratis ter beschikking aan huishoudens die, tijdelijk, onvoldoende in hun levensbehoefte kunnen voorzien.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-iii, g
De Voedselbank Leiden en Omstreken verzorgt de inzameling, opslag en verstrekking van voedselpakketten aan huishoudens met onvoldoende financiële middelen in Leiden en de omliggende gemeenten. De organisatie beschikt over een omvangrijk en langdurig opgebouwd netwerk van leveranciers, maatschappelijke organisaties, vrijwilligers en verwijzers, waardoor de uitvoering van deze activiteit in belangrijke mate afhankelijk is van een bestaand netwerk en langdurige samenwerkingsrelaties.
Daarnaast beschikt de subsidieontvanger over specialistische kennis en een beproefde methodiek voor de beoordeling van aanvragen, voedselveiligheid, logistiek en distributie van voedselhulp in Leiden en omstreken. De opgebouwde expertise en werkwijze zijn essentieel voor een doelmatige en verantwoorde uitvoering van de voedselhulpverlening.
Verder is het aannemelijk dat subsidiëring aan een andere gegadigde zou leiden tot ondoelmatige versnippering van het aanbod van voedselhulp in de stad Leiden en de regio. De Voedselbank Leiden en Omstreken vervult binnen Leiden en omstreken een centrale en coördinerende rol binnen de lokale infrastructuur voor voedselhulp.
Stichting Volwassenenfonds Sport & Cultuur
Het Volwassenenfonds Sport & Cultuur helpt volwassenen met een laag inkomen om mee te doen aan sportieve en culturele activiteiten.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-iii
De uitvoering van de activiteiten is in overwegende mate afhankelijk van een bestaand en lokaal ingebed netwerk van gemeentelijke partners, welzijnsorganisaties, schuldhulpverlening, intermediairs, sportverenigingen en culturele aanbieders. Binnen Leiden functioneert reeds een uitvoeringsketen waarin professionele intermediairs namens deelnemers aanvragen indienen en waarin direct wordt aangesloten op lokale sport- en cultuuraanbieders. Gelet op deze sinds 2022 operationele samenwerkingsstructuur, kan redelijkerwijs worden aangenomen dat voor deze begrotingssubsidie slechts één serieuze gegadigde in aanmerking komt.
Stichting Vrouwennetwerk Leiden e.o.
Organiseren en samenbrengen van (programmerings)activiteiten rond Internationale Vrouwendag jaarlijks op (of rond) 8 maart en activiteiten over bewustwording rond femicide.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder f-iii, g, h
Met het Vrouwennetwerk is sinds 2013 een bestaande samenwerkingsrelatie en een langdurig partnerschap voor de organisatie van de viering van Internationale Vrouwendag in Leiden. Het Vrouwennetwerk is destijds door het college gevraagd een leidende rol te vervullen bij het organiseren van deze viering en daarbij een zo divers mogelijk programma op te stellen in samenwerking met partijen in de stad. De nadrukkelijke opdracht was het bijeenbrengen, afstemmen en programmeren van bijdragen van verschillende organisaties en initiatiefnemers binnen één stedelijk verband.
Het college heeft in 2013 bewust gekozen voor een herkenbare, centrale viering van Internationale Vrouwendag, nadat voorheen verschillende partijen afzonderlijk activiteiten organiseerden. Het gemeentelijke doel is sindsdien gericht op één samenhangende stedelijke programmering met herkenbaarheid, zichtbaarheid en toegankelijkheid voor inwoners en deelnemende organisaties. Het college beoogt daarmee geen open subsidiëring van meerdere naast elkaar staande initiatieven, maar ondersteuning van één organisatorische structuur die zorgt voor samenhang, afstemming en centrale zichtbaarheid.
Het college beoogt met deze subsidie niet slechts het ondersteunen van afzonderlijke activiteiten, maar het realiseren van een breed, divers en centraal gecoördineerd stedelijk programma rond vrouwenrechten, emancipatie, veiligheid en bewustwording rond femicide. Het college acht het van belang dat deze thema’s binnen één samenhangende programmering worden gepresenteerd.
Stichting Vrouwenopvang Rosa Manus
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid onder a, b, c-ii & iii, c-vi, f-i
De subsidieontvanger voert een gemeentelijke wettelijke taak uit om tijdelijke opvang, bescherming en begeleiding te bieden aan slachtoffers van huiselijk geweld en mensenhandel.
Rosa Manus beschikt over een eigen pand waarin de vrouwenopvang is gevestigd. Voor deze activiteit is een vaste en direct beschikbare opvanglocatie essentieel. De opvang van slachtoffers van huiselijk geweld vereist immers een veilige, ingerichte en onmiddellijk inzetbare voorziening. Daarmee is de locatie niet slechts ondersteunend, maar een noodzakelijke voorwaarde voor de uitvoering van de activiteit.
Rosa Manus beschikt over specialistische kennis en ervaring op het gebied van vrouwenopvang en de begeleiding van slachtoffers van geweld in huiselijke kring. Het gaat hierbij om een specifieke doelgroep en een voorziening met een hoog veiligheids- en begeleidingskarakter. Die expertise is wezenlijk anders dan algemene opvang of algemene maatschappelijke ondersteuning.
Rosa Manus beschikt over het keurmerk vrouwenopvang. Daarmee is objectief onderbouwd dat Rosa Manus voldoet aan de kwaliteitseisen die aan deze gespecialiseerde opvangvorm worden gesteld. Dit biedt een toetsbare waarborg voor de kwaliteit en veiligheid van de uitvoering.
Opvangklas Rosa Manus biedt direct onderwijs als een moeder met één of meer kinderen opvang krijgt in Rosa Manus. De ervaren leerkracht sluit met het geboden onderwijs aan op het niveau van de kinderen. Voor de kinderen is het van belang dat hun leefsituatie zo snel mogelijk weer ‘normaal’ wordt, dat er continuïteit wordt geboden in het onderwijs en dat zij kunnen aansluiten bij leeftijdgenoten. Regelmatig blijkt dat kinderen die eerder voor het S(B)O in aanmerking leken te komen toch naar een reguliere school kunnen na de periode in de schoolklas van Rosa Manus.
Rosa Manus maakt onderdeel uit van een noodzakelijke governance- en uitvoeringsstructuur rond de opvang van slachtoffers van huiselijk geweld. De uitvoering van vrouwenopvang vindt plaats in nauwe samenhang met partners binnen de veiligheids-, zorg- en opvangketen. Daardoor is Rosa Manus niet een losstaande uitvoerder, maar een structureel ingebedde partner binnen de regionale aanpak.
Rosa Manus ligt centraal in de regio. Voor deze activiteit is dat van belang, omdat opvang en begeleiding bereikbaar moeten zijn voor de doelgroep en voor betrokken ketenpartners uit de regio. De regionale ligging draagt daarmee bij aan een effectieve en werkbare uitvoering.
De activiteiten bestaan uit de exploitatie van theater Imperium aan de Oude Vest 33e in Leiden voor amateurkunst.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b
De uitvoering van de te subsidiëren activiteit is uitsluitend mogelijk met gebruik van theater Imperium aan de Oude Vest 33e in Leiden. De vereniging huurt vanaf 1993 de locatie van de gemeente Leiden. De exploitatie waarop deze subsidie ziet, is onlosmakelijk verbonden met deze specifieke kleinere theaterlocatie voor amateurtheater. Imperium Theater is een vlakkevloertheater met 80 stoelen is in het hart van Leiden. De Leidse Toneelgroep Imperium is sinds 1957 actief en heeft feitelijke zeggenschap over dit theater aan de Oude Vest 33e in Leiden. Toneelvereniging Imperium verzorgt zelf jaarlijks meerdere producties in het amateurtheater en stelt het theater daarnaast beschikbaar aan andere lokale gezelschappen die niet over een vaste repetitie- en speelplek beschikken.
Vereniging Leidse Schooltuinen
Verzorging van schooltuinonderwijs voor leerlingen van basisscholen in Leiden, en ook organisatie van open tuindagen en ondersteuning van scholen bij het opzetten en onderhouden van schoolmoestuinen.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder b, c-ii & iii, f-ii & iii
De grond en gebouwen op de vijf schooltuincomplexen worden door de Vereniging Leidse Schooltuinen beheerd en gebruikt. Deze concrete fysieke voorzieningen zijn voor de uitvoering van schooltuinonderwijs en aanverwante activiteiten.
Het programma wordt uitgevoerd volgens de kernelementen van de Modelinterventie Schooltuinieren. In 2025 is het Certificaat Schooltuinprogramma daarvoor ontvangen. De Modelinterventie Schooltuinieren is erkend als goed onderbouwd. Zij is gekoppeld aan een concreet onderwijsprogramma en een kwaliteitsverklaring.
Het schooltuinonderwijs wordt in Leiden al sinds 1926 verzorgd en is daardoor duurzaam ingebed in de lokale onderwijs- en vrijwilligersstructuur. Daarnaast bestaat een stevige inbedding in de landelijke Alliantie Schooltuinen. De huidige uitvoering is gebundeld binnen één bestaande structuur waarin onderwijs, vrijwilligersinzet, gebruik van de schooltuincomplexen en samenwerking met scholen samenkomen.
Uitvoering van natuureducatie- en natuurbelevingsactiviteiten voor leerlingen van groep 5 en 6 van het basisonderwijs in het programma Het Bewaarde Land in Meijendel, en ook een bijdrage aan de opleiding van natuurgidsen en aan publieksgerichte natuurevenementen.
Motivering voornemen tot subsidie:
Artikel 2, tweede lid, onder c-ii, f-i & iii
De vereniging voert dit programma al ruim 30 jaar in Meijendel uit en heeft in die periode specifieke deskundigheid opgebouwd in natuureducatie en natuurbeleving voor leerlingen van groep 5 en 6 van het basisonderwijs. Het programma heeft zich over een lange periode bewezen en uit wetenschappelijk onderzoek blijkt dat deelnemende kinderen langdurig meer zorg en respect voor de natuur ontwikkelen.
Het programma wordt al ruim 30 jaar op dezelfde locatie uitgevoerd en is inhoudelijk verweven met het natuurgebied en de educatieve mogelijkheden daarvan.
Er wordt nauw samengewerkt met Dunea als terrein beherende organisatie en met partnerorganisaties in de regio, waaronder IVN Leidse regio. Daarnaast is er een bestaand netwerk van Leidse basisscholen en binding met vrijwilligers uit de regio.
Bent u het niet eens met één van deze voornemens, omdat u van mening bent dat uw organisatie op basis van de criteria ook een serieuze gegadigde is? Reageer dan vóór dinsdag 1 september 2026. U kunt uw zienswijze sturen aan de gemeente Leiden, Team Subsidies, via subsidie@leiden.nl onder vermelding van de naam van de voorgenomen begrotingssubsidie en zaaknummer Z/26/4005619.
Uw reactie is schriftelijk en door u ondertekend. Als u voor iemand anders een reactie indient, bijvoorbeeld namens een bedrijf, voegt u een machtiging toe.
Na afloop van de termijn beoordelen wij uw reactie. Zodra de beoordeling is afgerond, informeren wij u over de afdoening van uw zienswijze.
Blijft een schriftelijke reactie binnen de reactietermijn uit of voldoet deze niet aan de bovengenoemde voorwaarden, dan zal de gemeente (verder) gevolg geven aan haar voornemen tot subsidiëring.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-321919.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.