Nadere regels Subsidie Ondernemersfonds Westerkwartier 2026

Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Westerkwartier;

 

overwegende dat het gewenst is om de economische kracht van de kernen van de gemeente te versterken;

 

gelet op artikel 3 van de Algemene Subsidieverordening gemeente Westerkwartier 2019 en de Verordening reclamebelasting gemeente Westerkwartier 2026;

 

Besluit vast te stellen: Nadere regels Subsidie Ondernemersfonds Westerkwartier 2026.

Artikel 1. Definities

  • 1.

    Ondernemersfonds: een gezamenlijke financiële positie van ondernemers in een gemeente of een bepaald gebied, zoals een bedrijventerrein of winkelcentrum. De middelen uit het fonds worden besteed aan activiteiten die bijdragen aan het beleidsdoel (artikel 2), en alle ondernemers in het trekkingsgebied dragen bij aan het fonds middels een verplichte heffing via de reclamebelasting. De stichtingen voeren de regie uit over de bestedingen die vanuit het fonds plaatsvinden voor de aangewezen gebieden binnen de gemeente.

  • 2.

    Stichting: een rechtspersoon met volledige rechtsbevoegdheid die door het college is aangewezen voor het beheer en de uitvoering van het ondernemersfonds in een specifiek trekkingsgebied.

  • 3.

    Trekkingsgebied: het gebied dat ten behoeve van de heffing en invordering van reclamebelasting is aangewezen in de geldende Verordening op de heffing en invordering van reclamebelasting gemeente Westerkwartier.

Artikel 2. Beleidsdoel

Krachtenbundeling van ondernemers in een trekkingsgerechtigd gebied in de gemeente Westerkwartier die gezamenlijk activiteiten organiseren ter bevordering van de aantrekkelijkheid en het versterken van de economische positie van het trekkingsgebied, waaronder in ieder geval wordt verstaan:

 

  • Evenementen;

  • Promotie en marketing;

  • Aankleding, uitstraling en kwaliteitsverbetering van het trekkingsgebied;

  • Organisatie, samenwerking en coördinatie van ondernemers in het trekkingsgebied, waaronder mede begrepen de inzet van een centrummanager of vergelijkbare functionaris.

Artikel 3. Subsidiabele activiteiten

Subsidie wordt verleend voor activiteiten die bijdragen aan het beleidsdoel in artikel 2, waaronder in ieder geval de in artikel 2 genoemde activiteiten.

Artikel 4. Subsidiedoelgroep

  • 1.

    Subsidie kan uitsluitend worden aangevraagd door een stichting die door het college is aangewezen voor het desbetreffende trekkingsgebied.

  • 2.

    Het college wijst per trekkingsgebied maximaal één stichting aan die, blijkens haar statuten, ten doel heeft een ondernemersfonds te beheren ter behartiging van de collectieve belangen van ondernemers in dat specifieke trekkingsgebied.

Artikel 5. Aanvraag

In afwijking van de in artikel 6, lid twee van de Algemene subsidieverordening gemeente Westerkwartier genoemde gegevens, moet een aanvraag de volgende informatie bevatten:

 

  • a.

    Een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd;

  • b.

    Een toelichting op de wijze waarop de activiteiten bijdragen aan het beleidsdoel in artikel 2;

  • c.

    De jaarbegroting van inkomsten en uitgaven van de activiteiten waar de subsidie voor aangevraagd wordt;

  • d.

    Indien van toepassing het jaarprogramma met balans van het voorgaande jaar met de stand van zaken van de algemene reserve;

Artikel 6. Bepaling subsidiehoogte

  • 1.

    De hoogte van de subsidie wordt bepaald door de daadwerkelijk gerealiseerde opbrengsten van de reclamebelasting per trekkingsgebied in het desbetreffende subsidiejaar, verminderd met een vast bedrag van € 1.650 aan gemeentelijke perceptiekosten per trekkingsgebied.

  • 2.

    De aangewezen stichting kan uitsluitend aanspraak maken op het deel van de inkomsten van de reclamebelasting dat is geïnd in het aan die stichting toegewezen trekkingsgebied.

  • 3.

    De aanspraak op subsidie op grond van deze regeling wordt opgeschort of vervalt indien de gemeenteraad gebruik maakt van zijn budgetrecht, als gevolg waarvan het niet of niet in voldoende mate mogelijk is het ondernemersfonds te financieren met gelden die verkregen zijn uit de reclamebelasting. De gemeente is in dat geval niet gehouden de subsidie (volledig) uit algemene middelen te financieren.

Artikel 7. Verplichtingen

Naast de verplichtingen genoemd in de Algemene Subsidieverordening gemeente Westerkwartier 2019, gelden tevens de volgende verplichtingen:

 

  • a.

    De stichting betrekt de heffingsplichtige ondernemers actief bij het opstellen van het jaarlijkse activiteitenplan;

  • b.

    De stichting draagt zorg voor actieve informatievoorziening aan de heffingsplichtige ondernemers over de bestedingen uit het ondernemersfonds en het behoud van het draagvlak;

  • c.

    De stichting voert minimaal één keer per kalenderjaar overleg met een vertegenwoordiging van de gemeente over de voortgang.

  • d.

    Het college kan aanvullende voorschriften en verplichtingen opleggen in de subsidiebeschikking;

  • e.

    De stichting voert in 2029 een evaluatie uit naar de werking van het ondernemersfonds en het draagvlak onder de heffingsplichtige ondernemers in het trekkingsgebied. De resultaten worden aan het college verstrekt en betrokken bij de besluitvorming over eventuele voortzetting van het ondernemersfonds na 31 december 2029.

Artikel 8. Aanvraagtermijn

  • 1.

    In afwijking van Artikel 7 van de Algemene subsidieverordening gemeente Westerkwartier 2019, dient een aanvraag voor een subsidie uit het Ondernemersfonds door het college te zijn ontvangen uiterlijk 1 maart van het jaar waarop de subsidieaanvraag betrekking heeft.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid kunnen de subsidieaanvragen voor het subsidiejaar 2026 tot uiterlijk 1 augustus 2026 worden ingediend.

Artikel 9. Beslistermijn

In afwijking van artikel 8 van de Algemene Subsidieverordening Westerkwartier beslist het college binnen 4 weken na ontvangst van de volledige aanvraag.

Artikel 10. Bevoorschotting

  • 1.

    Het college verstrekt het jaarlijkse voorschot binnen 4 weken na de positieve beslissing op de subsidieaanvraag.

  • 2.

    Het voorschot bedraagt 95% van de voor dat jaar verwachte opbrengst van de reclamebelasting in het desbetreffende trekkingsgebied, verminderd met de perceptiekosten.

Artikel 11. Vaststelling

  • 1.

    Na definitieve vaststelling en inning van de opbrengst van de reclamebelasting over het betreffende kalenderjaar wordt de subsidie definitief vastgesteld.

  • 2.

    Indien de verleende voorschotten de daadwerkelijke opbrengst van de reclamebelasting (minus perceptiekosten) overstijgen, worden de te veel ontvangen middelen door de stichting aan de gemeente terugbetaald.

  • 3.

    Indien sprake is van een positief verschil tussen de verleende voorschotten en de definitieve subsidiehoogte zoals bepaald in artikel 6, wordt dit positieve verschil bij de definitieve vaststelling aan de stichting uitgekeerd.

Artikel 12. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op de dag na publicatie.

Artikel 13. Citeertitel

Deze nadere regels worden aangehaald als: “Nadere regels Subsidie Ondernemersfonds Westerkwartier 2026’

Naar boven