Wijzigingsregeling subsidieregeling Jeugdactiviteiten en -preventie Ede - organisaties met vrijwillige inzet Ede

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Ede;

gelezen het voorstel van 23 juni 2026, zaaknummer 519228;

gelet op artikel 3 van de Algemene subsidieverordening Ede 2017;

besluit:

Artikel I  

Het volgende artikel wordt toegevoegd:

 

Artikel 1a. Doel van de subsidieregeling

 

Het doel van deze regeling is het ondersteunen van jeugdigen en gezinnen via laagdrempelige, informele, preventieve hulp door vrijwilligers, zodat problemen worden voorkomen of verminderd en het netwerk van gezinnen wordt versterkt.

Artikel II  

  • 1.

    Dit besluit treedt in werking op de dag na die van bekendmaking.

Vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders d.d. 23 juni 2026, zaaknummer 519228.

Het college voornoemd,

drs. M. Schlebusch

de secretaris,

mr. L.J. Verhulst

de burgemeester.

Toelichting

Beleidsvrijheid gemeente

 

In deze regeling wordt een kader gegeven voor subsidiëring van activiteiten rondom de sociale basis, jeugd en preventie in de gemeente Ede. In de verschillende bovengenoemde artikelen wordt nadrukkelijk gesteld dat ‘burgemeester en wethouders subsidie kunnen verlenen voor de aangewezen (beoogde/bedoelde) activiteiten …’. Subsidieverlening is dus geen automatisme, ook als er geen specifieke weigeringsgronden van toepassing zijn. Met andere woorden, ook al voldoet de aanvraag aan alle criteria dan kan het college van B&W alsnog anders besluiten op grond van eigen overwegingen. Voorbeeld: mocht uit de resultaten van een eerder uitgevoerde pilot blijken dat een bepaalde aanpak niet of onvoldoende bijdraagt aan de doelstellingen van een activiteit, dan kan het college van B&W een vergelijkbare subsidieaanvraag afwijzen.

 

Samenwerking binnen de sociale basis

 

In de subsidieregelingen van de sociale basis en bijbehorende Programma’s van Eisen wordt nadrukkelijk aandacht gevraagd voor samenwerking met andere partners. De sociale basis is volop in ontwikkeling; het aantal initiatieven is de afgelopen jaren flink gegroeid. Dit maakt de onderlinge samenwerking des te belangrijker om de inwoners goed te kunnen ondersteunen.

 

We constateren dat nieuwe en bestaande organisaties soms onvoldoende rekening houden met het bestaande aanbod wanneer zij een aanvraag doen. Er wordt onvoldoende onderbouwd wat de toegevoegde waarde is van het gepresenteerde voorstel. Het is essentieel dat organisaties afstemmen met elkaar voordat zij een subsidieaanvraag indienen.

 

Paragraaf 1 Begrips- en algemene bepalingen

 

Visie Sociaal Domein Ede

 

Eind 2024 presenteerde de gemeente haar nieuwe visie voor het Sociaal Domein, met de titel ‘Voorkomen is beter dan genezen, op weg naar een gezonder en socialer Ede in de 2040’. De groeiende vraag naar zorg en de daarmee stijgende zorgkosten maakt dat we fundamentele keuzes moeten maken. Eén belangrijke keuze is dat de focus meer op gezondheid komt te liggen, hoe zorgen we er met elkaar voor dat inwoners de mogelijkheden hebben om gezonder en vitaler te leven. Dat inwoners in buurten en wijken omkijken naar elkaar, elkaar om hulp durven vragen en elkaar helpen. De gemeente streeft naar een samenleving waar inwoners met lichamelijke, sociale en emotionele uitdagingen om kunnen gaan en richting kunnen geven aan hun eigen leven.

 

In de nieuwe visie ligt de nadruk niet op ziekte en zorg, maar op gezondheid en preventie. Om dit te bereiken zetten we in op beschermende factoren die bijdragen aan ieders gezondheid en trachten we de invloed van risicofactoren op de gezondheid te verminderen. Sommige doelgroepen hebben onze steun meer nodig dan anderen. We richten ons daarom vooral op ouderen, kinderen en jongeren en psychisch kwetsbare inwoners. Levensgebeurtenissen maken we allemaal mee en kunnen een grote impact hebben. We organiseren beschikbare hulp en ondersteuning rondom deze belangrijke gebeurtenissen zodat inwoners meer rust en grip ervaren.

 

We zetten in op vijf leidende principes:

 

  • 1.

    Voorkomen is beter dan genezen

  • 2.

    We kijken breed naar gezondheid

  • 3.

    Ongelijk investeren voor gelijke kansen

  • 4.

    We doen het samen

  • 5.

    We investeren in collectieve hulp

We lichten de vijf leidende principes en de rol die wij voor de sociale basis zien hieronder toe. In de programma’s van eisen, verbonden aan deze subsidieregeling, vragen we aanvragers specifiek om toe te lichten hoe zij bijdragen aan deze leidende principes.

 

1. Voorkomen is beter dan genezen

 

Dit leidende principe is de titel van onze visie en is daarmee overkoepelend. Ook de andere leidende principes koersen immers (deels) op preventie. ‘Voorkomen is beter dan genezen’ houdt in dat we vooral kijken naar onderliggende oorzaken van problematiek. We hanteren hierbij het concept Positieve Gezondheid en zetten preventief in op de dimensies van gezondheid: lichamelijk functioneren, mentaal welbevinden, zingeving, kwaliteit van leven, meedoen en het dagelijks functioneren.

 

De sociale basis kan van betekenis zijn door de activiteiten die zij aanbiedt te richten op het versterken van beschermende factoren en verminderen van risicofactoren binnen de dimensies van (positieve) gezondheid. Voorbeelden van beschermende factoren zijn het hebben van een sociaal netwerk, bestaanszekerheid, eigen regie over het leven, ouderbetrokkenheid, je onderdeel voelen van de maatschappij en mee kunnen doen; deze factoren dragen bij aan een positieve gezondheid. Risicofactoren zijn bijvoorbeeld eenzaamheid, financiële problemen en verlies van werk; deze factoren bedreigen een goede gezondheid. Signaleren is hier ook een belangrijk onderdeel in. Op tijd zien dat iemand iets nodig heeft en een reikende hand bieden.

 

2. We kijken breed naar gezondheid

 

We bekijken gezondheid vanuit het integrale model van positieve gezondheid. Gezondheid gaat namelijk niet alleen over aan- of afwezigheid van ziekte, maar om het vermogen om te gaan met de fysieke, sociale en emotionele uitdagingen van het leven. Dit vermogen is afhankelijk van de zes dimensie van positieve gezondheid die onder 1 genoemd zijn.

 

Levensgebeurtenissen zoals geboorte van een kind, overlijden, scheiding of verlies van inkomen kunnen grote impact hebben op de verschillende dimensies van gezondheid en de veerkracht van mensen (tijdelijk) verminderen. Dat is de reden dat we de (preventieve) ondersteuning van inwoners rond levensgebeurtenissen willen versterken. De sociale basis speelt hier een belangrijke rol, omdat de organisaties informeren, signaleren, ondersteunen en verwijzen.

 

3. Ongelijk investeren voor gelijke kansen

 

Niet elke buurt, doelgroep of gemeenschap heeft hetzelfde nodig om zich te kunnen redden. Daarom gaan we de schaarse middelen ongelijk investeren om gelijke kansen te creëren. We richten ons extra op de specifieke groepen inwoners en buurten/wijken waar hulp en ondersteuning het hardst nodig is. Daarbij zorgen we dat de basisvoorzieningen op orde zijn en voor iedereen beschikbaar blijven. Ook bij dit principe houden we oog voor levensgebeurtenissen. Die doen zich bij iedereen voor, ook bij inwoners die in eerste instantie niet in kwetsbare omstandigheden verkeren.

 

Deze aanpak is onlosmakelijk verbonden met ons inclusiebeleid. Een inclusieve samenleving is geen vanzelfsprekendheid, maar een bewuste keuze. De diversiteit in onze gemeente – qua achtergrond, cultuur, levensbeschouwing, seksuele oriëntatie of beperking – vraagt om maatwerk. Ongelijk investeren betekent dat we rekening houden met de specifieke drempels die verschillende groepen ervaren, en dat we ondersteuning bieden op de momenten dat levensgebeurtenissen zich voordoen, ook bij inwoners die niet direct in kwetsbare omstandigheden lijken te verkeren.

 

4. We doen het samen

 

In Ede is sprake van een sterke verbondenheid binnen gemeenschappen. We bouwen hierop voort. Inwoners, de gemeente en partners in de sociale basis ondersteunen elkaar, werken actief samen en zetten zich actief in voor de omgeving. We werken samen, op alle niveaus, vanuit erkenning van ieders kwaliteiten. De sociale basis faciliteert verbinding tussen verschillende groepen inwoners, stimuleert (bewoners)initiatieven en de inzet van vrijwilligers en versterkt talenten, zodat iedereen een bijdrage kan leveren. Onze partners binnen de sociale basis zoeken oplossingen voor problemen op de eerste plaats binnen het netwerk en de context van de inwoner zelf. Inwoners hebben zelf veel kennis in huis. We maken daarom gebruik van hun ervaringsdeskundigheid. We normaliseren het vragen en bieden van hulp aan elkaar. En schalen hulp en ondersteuning met elkaar op en af waar nodig.

 

5. We investeren in collectieve hulp

 

We verschuiven onze aandacht en middelen van individuele naar collectieve voorzieningen, dit geldt zowel voor de preventieve als curatieve (geïndiceerde) voorzieningen. We zetten in op deze beweging omdat we met:

  • Collectieve voorzieningen efficiënter omgaan met de beperkte financiële en personele middelen in de zorg, zodat we de zorg toegankelijk en betaalbaar houden

  • De inzet van collectieve voorzieningen de verbinding en de onderlinge steun tussen gebruikers (inwoners) versterken en inzet op collectieve voorzieningen draagt ook bij aan het normaliseren van problematiek.

Zo blijft geïndiceerde zorg beschikbaar voor wie dat het hardst nodig heeft.

 

Paragraaf 2 & 3

 

Alle te subsidiëren activiteiten dienen in lijn te zijn met het Beleidsplan Jeugd en Onderwijs 2019 – 2022. In dit beleidsplan staat de visie voor de komende jaren beschreven. De inzet binnen deze paragrafen draagt bij aan de beleidsdoelstellingen en is erop gericht om bij te dragen aan het gezond, kansrijk en veilig opgroeien van kinderen en jeugdigen, het versterken van het netwerk van gezinnen en het voorkomen of afbouwen van (specialistische) ondersteuning binnen de Jeugdhulp, WMO of participatie of andere specialistische, niet-vrij toegankelijke ondersteuning. We zijn erop gericht een passend preventief aanbod in de gemeente te bieden, dat wil zeggen, aanbod dat aansluit bij maatschappelijke behoeften, trends en cijfers. In de subsidieaanvragen zien we graag terug hoe de activiteiten en inzet aansluiten bij de behoeften en vragen van inwoners uit Ede. Vrijwilligersorganisaties werken niet altijd enkel en alleen met vrijwilligers maar soms ook met één of meerdere betaalde krachten. In beginsel is dat ook mogelijk. Hierbij kan gedacht worden aan een directeur of vaste medewerker die zorgdraagt voor de continuïteit van de organisatie en/of toezicht houdt op het verloop van de activiteiten van de totale organisatie. De activiteiten waar de organisatie zich op richt, het primaire proces (bijvoorbeeld het uitvoeren van klussen of het maatjeswerk), wordt wel door vrijwilligers uitgevoerd. Onder het begrip vrijwilliger wordt ook een stagiair verstaan.

 

Eén van de subsidiabele activiteiten is huiswerkbegeleiding. Dit is begeleiding en ondersteuning die geboden wordt door vrijwilligers aan kwetsbare kinderen of jongeren. Belangrijk is dat het gaat om een combinatie van zowel huiswerkbegeleiding als ondersteuning op het gebied van welzijn en preventie aan kwetsbare kinderen en jongeren in de basisschoolleeftijd (vanaf groep 5) t/m het voortgezet onderwijs. Wanneer een kind of jongere na een inschatting van het initiatief niet aan de definitie kwetsbaar voldoet, wordt gekeken of deze jongere op school of op een andere plek terecht kan. De school is primair verantwoordelijk voor de ondersteuning van haar leerlingen. Belangrijk hierbij is dat het voor de ouders niet haalbaar is om commerciële huiswerkbegeleiding in te schakelen en ze een beperkt eigen netwerk hebben. Het initiatief maakt, wanneer mogelijk, deze inschatting wanneer er een nieuwe jongere wordt aangemeld. Bij uitzondering kan er begeleiding geboden worden aan jongeren op het MBO, maar op het MBO zijn professionals aanwezig die deze jongeren kunnen helpen. Er wordt daarom eerst gekeken of de jongeren bij hun eigen school terecht kunnen.

 

Paragraaf 4, 5 en 6:

 

De inzet binnen deze paragrafen draagt bij aan de beleidsdoelstellingen van de gemeente Ede. De te subsidiëren activiteiten zijn met name gericht op het kansrijk opgroeien van kinderen en jeugdigen en het bieden van een zinvolle tijdsbesteding in het dagelijkse leven.

 

Paragraaf 7

 

Deze subsidieregeling voorziet in een ‘hardheidsclausule’. Hierdoor kunnen burgemeesters en wethouders, in gevallen waarin toepassing van de bepalingen in deze regeling - gegeven de doelstelling en de strekking van die regeling - een onbillijkheid van overwegende aard zou opleveren, een onderdeel van die regeling buiten toepassing te laten of daarvan af te wijken. Burgemeesters en wethouders maken hiervan slechts gebruik in zeer uitzonderlijke situaties.

Naar boven