Instellen parkeerverboden Fennaweg

 

Zaaknummer: 2026-042140

Burgemeester en wethouders van Barendrecht

Gelet op:

artikel 18, lid 1 onder d van de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994) ingevolge verkeersbesluiten worden genomen door burgemeester en wethouders voor zover zij betreffen het verkeer op wegen, welke niet in beheer zijn bij het Rijk, de Provincie of een waterschap;

artikel 15, lid 1 van de WVW 1994 ingevolge de plaatsing van de bij algemene maatregel van bestuur aangewezen verkeerstekens en onderborden, voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat, geschiedt krachtens een verkeersbesluit;

artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) ingevolge de plaatsing en verwijdering van de verkeerstekens van Bijlage 1 van het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990) moet geschieden krachtens een verkeersbesluit;

artikel 15 van het BABW ingevolge in het verkeersbesluit dient te worden aangegeven op welke wijze wordt voldaan aan de krachtens artikel 14 van de Wvw 1994 gestelde voorschriften, zoals deze zijn opgenomen in Hoofdstuk II, paragraaf 4, lid 1 en lid 4 van de ‘Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens’;artikel 24 BABW ingevolge verkeersbesluiten worden genomen na overleg met (een gemachtigde van) de korpschef van de politie;

Overwegende dat;

de Fennaweg binnen de bebouwde kom van Barendrecht ligt;

de Fennaweg ligt op een bedrijventerrein waar zwaar verkeer gebruikelijk is;

Zwaar verkeer logischerwijs een grote draaicirkel nodig heeft dan licht en middelzwaar verkeer;

Parkeren nabij of in bochtstralen de doorgang belemmert en de verkeersveiligheid daarmee negatief beïnvloed;

Het zicht en mogelijkheid tot het nemen van bochten gegarandeerd mogelijk blijft zonder geparkeerde voertuigen;

Een parkeerverbod duidelijkheid geeft aan weggebruikers;

Hiermee ook een situatie ontstaat waarbij handhavend opgetreden kan worden indien nodig;

Er meldingen zijn ontvangen over het niet kunnen nemen van bochten op de Fennaweg;

Het gewenst is dat parkeren niet meer mogelijk is nabij of in bochten;

Bovenstaande gerealiseerd kan worden door het instellen van parkeerverboden;

Hiermee de bruikbaarheid en doel van de weg in stand blijven;

 

deze verkeersmaatregel draagt daarom bij aan het verbeteren van de verkeersveiligheid op de Fennaweg en bedrijventerrein;

Overeenkomstig artikel 2, lid 1, sub a t/m d, van de WW 1994 en artikel 21 BABW op de bovengenoemde weg maatregelen dienen te worden genomen met als doel:b. het beschermen van weggebruikers en passagiers;

c. het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan.Hoofdstuk 10, titel 1, afdeling 1 van de Algemene wet bestuursrecht wij de bevoegdheid tot het nemen van verkeersbesluiten hebben gemandateerd aan de manager Ontwikkeling Leefomgeving en Regio. het treffen van een verkeersmaatregel een normale maatschappelijke ontwikkeling is waarmee een ieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van betrokkenen behoren te blijven;

op grond van artikel 24 BABW, overleg heeft plaats gevonden met de korpschef van het landelijk politiekorps, namens de korpschef met de vertegenwoordiger van de Regiopolitie Rotterdam-Rijnmond.

De betreffende vertegenwoordiger heeft ingestemd met de voorgestelde maatregel;

de onder ‘besluiten’ genoemde (delen van) wegen zijn in eigendom, beheer en onderhoud bij de gemeente Barendrecht.

BESLUITEN

1. het instellen van parkeerverboden aan de Fennaweg door het plaatsen van borden E01 uit bijlage 1 van het RVV 1990;

2. De verkeersborden te plaatsen zoals aangegeven op de bij dit besluit behorende situatietekening;

3. deze maatregel in te laten gaan vanaf het moment dat de bebording geplaatst is;

4. dit besluit op de voor de gemeente gebruikelijke wijze bekend te maken.

Aldus besloten te Barendrecht 29 juni 2026 Burgemeester en wethouders van gemeente Barendrecht, Namens deze,De heer G. Veneberg Manager Ontwikkeling Leefomgeving en Regio

 

Bezwaar

Belanghebbenden kunnen binnen 6 weken na de publicatiedatum tegen dit besluit een gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Barendrecht, Postbus 501, 2990 EA Barendrecht.

Het bezwaarschrift dient te zijn ondertekend en bevat tenminste het volgende:

a. Naam en het adres van de indiener;

b. De dagtekening;

c. Vermelding van de datum en het kenmerk van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

d. Een opgave van de redenen waarom men zich met de beschikking niet kan vinden.

Als u op de uitspraak in bezwaar niet kunt wachten en snel een voorlopige maatregel nodig is, kunt u de rechter daar om verzoeken. Dat verzoek kunt u indienen bij de voorzieningenrechter van de Arrondissementsrechtbank Rotterdam, Postbus 50951, 3007 BM Rotterdam. Dit kan alleen als u het bezwaarschrift al bij het college van burgemeester en wethouders heeft ingediend. Met uw verzoek aan de rechtbank moet u een kopie van het bezwaarschrift meesturen. Als u van deze mogelijkheid gebruik maakt, wordt u griffierecht berekend.

Naar boven