Gemeenteblad van Meierijstad
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Meierijstad | Gemeenteblad 2026, 314760 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Meierijstad | Gemeenteblad 2026, 314760 | beleidsregel |
Beleidsregels plaatsen laadpalen voor elektrische voertuigen op openbaar terrein gemeente Meierijstad 2026 -2030
In het Klimaatakkoord is de Nationale Agenda Laadinfrastructuur (NAL) vastgesteld. Hierin is opgenomen dat de ontwikkeling van laadinfrastructuur geen belemmering mag vormen voor de groei van het aantal elektrische auto’s. Het voorzien in voldoende openbare laadpunten is cruciaal omdat bezitters van elektrische voertuigen zonder eigen laadvoorziening geen adequate alternatieve energievoorziening hebben. Deze ontwikkelingen vragen om de benodigde laadinfrastructuur. Daarnaast wordt hiermee voorkomen dat een gebrek aan openbare laadvoorzieningen de aanschaf van elektrische voertuigen gaat ontmoedigen.
Met de groei van het aantal elektrische voertuigen en de ambitie om een duurzame mobiliteitstransitie te realiseren, staat onze gemeente voor de uitdaging om een robuust en toekomstbestendig netwerk van laadinfrastructuur te ontwikkelen. De Nationale Agenda Laadinfrastructuur vraagt van decentrale overheden een proactieve rol in de grootschalige uitrol van publieke laadinfrastructuur.
Om gemeenten beter in staat te stellen de doelstellingen uit de Nationale Agenda Laadinfrastructuur te halen heeft de provincie Noord-Brabant heeft op 21 juli 2024, namens alle Brabantse gemeenten, waaronder Meierijstad, een concessieovereenkomst gesloten met een laapaalexploitant, Charge Point Operator (CPO), om de uitrol van laadpalen in goede banen te leiden. Deze overeenkomst is in 2025 geëvalueerd en aangepast. Daaruit kwam voort dat bezwaren op verkeersbesluiten voor laadpalen een belemmering vormen voor de uitvoering van de NAL.
Verkeersbesluiten zijn ontvankelijk voor bezwaar bij de bezwarencommissie en beroep bij de rechtbank. Voor een zorgvuldige behandeling van de bezwaren is gebleken dat in Meierijstad behoefte is aan een toetsingskader voor de locatiekeuze van een laadpaal. De beleidsregels in dit stuk bieden het toetsingskader voor de locatiekeuze van een laadpaal
Hoofdstuk 1: Inleiding en context van het nieuwe laadbeleid
Volgend uit de Nationale Agenda Laadinfrastructuur NAL heeft de gemeente Meierijstad tot 2030 een taakstelling van 791 locaties met twee laadpunten. Omdat het plaatsen van laadpalen;
bieden deze beleidsregels het toetsingskader voor het plaatsen van laadpalen.
Niet alle laadpalen worden vanuit hetzelfde doel geplaatst. Hier wordt op ingegaan in hoofdstuk 1. Ook heeft iedere betrokken partij andere verantwoordelijkheden bij de uitvoering van dit beleid. In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op plaatsingscriteria van elektrische laadplaatsen. In hoofdstuk 3 worden de procedures rondom de plaatsing behandeld.
1.2 Doelstelling en scope van het beleid
Dit beleid biedt houvast voor de ontwikkeling, implementatie, en het beheer van laadinfrastructuur in onze gemeente van 2026 tot 2029.
Om de opgave van 791 laadpalen in Meierijstad te halen zet de gemeente voor laadinfrastructuur in op:
Bovenstaande kan het beste bereikt worden door:
In samenwerking met de provincies Noord-Brabant en Limburg, en onder de samenwerkingsregio RAL-zuid, wordt medio 2024-2028 een collectieve aanpak voor publieke laadinfrastructuur geïmplementeerd. Binnen deze collectieve aanpak heeft elke partij zijn eigen rol, zie bijlage 1.
Deze aanpak omvat vijf kernonderdelen:
Deze kernonderdelen worden verder toegelicht in Bijlage 2.
Het toetsingskader voor het plaatsen van laadpalen heeft betrekking op de plankaart, locatiekeuze en participatietool.
Hoofdstuk 2: Plaatsingscriteria
Eerst wordt behandeld waar en wanneer in het netwerk van elektrische laadpalen een laadpaal wordt bijgeplaatst en vervolgens welke uitzonderingsgronden er zijn. Daarna wordt ingegaan op de eisen die aan een te reserveren parkeerplaats worden gesteld.
2.1 Waar en wanneer in het netwerk van laadpalen wordt een laadpaal bijgeplaatst?
In de samenwerkingsovereenkomst tussen de provincie en de Charge Point Operator (CPO) is bepaald dat de standaard analyse wordt gebruikt met rasters van 500×500-meter. Deze rasters worden gebruikt als basis voor de laaddrukanalyse. In 2025 is na plaatsingsronde 3, deze standaard analyse geëvalueerd en uitgebreid. Uit de evaluatie bleek dat het beter is om tot een dichter netwerk van laadpalen te komen. Daarom worden vanaf plaatsingsronde vier door de CPO, subrasters van 250×250-meter operationeel gebruikt.
Vattenfall en de provincies hebben na evaluatie als volgt overeengekomen:
“Op 21 juli 2024 sloot de provincie Noord-Brabant, namens alle Brabantse gemeenten, waaronder Meierijstad een concessieovereenkomst met de Charge Point Operator (CPO) voor een gestructureerde uitrol van laadpalen. De uitrol van laadpalen vindt plaats op basis van de werkelijke prestaties van het huidige laadpalennetwerk. Op de plekken waar laadpalen veel bezet zijn worden nieuwe laadpalen geplaatst. Zo wordt de laadzekerheid voor EV-rijders geborgen. Om te bepalen op welke plekken nieuwe laadpalen worden geplaatst wordt een laaddruk analyse uitgevoerd. Hiervoor wordt gebruikt gemaakt van rasters van 500 bij 500 meter. Deze rasters worden gebruikt als basis voor de laaddrukanalyse. Uit een evaluatie bleek dat de grote raster op verschillende plekken te grofmazig bleken om lokale pieken in de laaddruk goed te detecteren. Zodoende wordt er een tweede analyse uitgevoerd in rasters van 250 bij 250 meter om het laadnetwerk verder te verdichten en laadzekerheid voor EV-rijders voldoende te borgen.”
De CPO kiest welke locaties uit de plankaart gerealiseerd worden. De gemeente toetst het verzoek aan deze beleidsregels. De locaties worden geplaatst op basis van een laaddrukanalyse en een standaardselectieprocedure. Locaties met het grootste gebruik worden als eerste uitgebreid.
De laaddruk in een bepaald raster (vierkant) te bepalen wordt als volgt beoordeeld:
2.2 Overige gronden voor het plaatsen van een laadpaal
Niet alleen wordt gekeken naar het gebruik van laadpalen maar ook naar het netwerk van laadpalen en of er verzoeken zijn van toekomstige elektrische rijders.
Verzoeken/signalen van EV-rijders
Indien er een verzoek van een EV-rijder is ontvangen, wordt bijgeplaatst indien er per jaar meer wordt geladen dan 7000 kWu per jaar op de dichtstbijzijnde laadpaal vanaf het adres van de verzoeker. Indien dat het geval is, kiezen we de dichtstbijzijnde optie vanaf het verzoekadres (maximale afstand = 300m) binnen het raster.
Vervolgens op standaard selectiecriteria, vanaf punt b.
Indien er maar 1 optie in het raster aanwezig is, wordt die optie gekozen. Wanneer er meerdere opties in een raster aanwezig zijn dan wordt gekeken naar de nabijheid van bestaande laadpalen.
Selectie op afstand van bestaande laadpunten: We kijken naar de afstand t.o.v. huidige laadpunten aangezien we spreiding van laadpalen willen creëren. Dit doen we door te kijken naar de verste optie. Vervolgens nemen we alle locaties die binnen 100 meter van die verste optie liggen. Bijvoorbeeld: als de verste locatie 250 meter van een bestaand laadpunt ligt, kiezen we locaties die minimaal 150 meter van dat laadpunt af liggen. Zo zorgen we voor spreiding, zonder alleen maar voor de verste locatie te kiezen.
Overige en strategische laadpalen
Onder deze categorie valt elke willekeurige locatie in de publieke ruimte waar de gemeente een laadpaal wenst te plaatsen. De CPO dient mee te werken aan het realiseren van een laadpaal op deze locaties. Denk hierbij bijvoorbeeld aan locaties voor deelvervoer. Een ander voorbeeld is laden bij parkeerplaatsen voor gehandicapten.
Voor laadpalen bij gereserveerde gehandicapten parkeerplaatsen wordt rekening gehouden met de positie van de laadpaal. De toegang tot de auto mag niet belemmerd worden.
Hoofdstuk 3: Welke procedure wordt gevolgd na de locatiekeuze om de laadpaal op straat te realiseren?
De gemeente Meierijstad is als wegbeheerder voor het nemen van een verkeersbesluit voor het reserveren van een parkeerplaats voor het elektrisch laden. Bij realisatie van de laadpaal reserveert de gemeente twee parkeerplekken. Als dit verkeersbesluit van kracht is, kan de besluiten de CPO de plaatsingsprocedure starten. De CPO is verantwoordelijk voor een deugdelijke uitvoering. Monitoring van deze uitvoering door de gemeente van deze procedure is mogelijk via het dashboard dat de CPO beheert. Daarnaast zorgt de CPO voor een vaste contactpersoon voor de gemeente.
De CPO draagt zorg voor plaatsing van een flessenhalspaal met bebording, conform de hiervoor geldende voorschriften, tenzij de gemeente nadrukkelijk aangeeft zelf zorg te dragen voor de bebording. Het staat de gemeente vrij om ook andere wegmarkeringen toe te passen.
Deze beleidsregels treden in werking op 15 april 2026.
Aldus vastgesteld in de vergadering van 14 april 2026.
Burgemeester en wethouders van de gemeente Meierijstad,
De secretaris,
Drs. M.J.M. Meertens
De burgemeester,
Ir. C.H.C. van Rooij
De implementatie van een effectieve en efficiënte laadinfrastructuur vereist een duidelijke afbakening van rollen en verantwoordelijkheden tussen de betrokken partijen. Dit hoofdstuk belicht de specifieke rollen en verantwoordelijkheden van de gemeente, de provincie, en de Charge Point Operator (CPO) binnen de context van de collectieve aanpak.
De gemeente is verantwoordelijk voor het definitief beoordelen van de door de CPO voorgestelde locaties op basis van de plankaart. De gemeente zorgt voor de benodigde verkeersbesluiten voor deze publieke laadpalen.
Als de gemeente Meierijstad een participatietraject met belanghebbenden zou hebben dan zou de gemeente de input integreren in de plankaart.
De gemeente zal zich inzetten om (vraaggestuurd) in te spelen op duurzame kansen rondom duurzame mobiliteit. Zo wordt bijvoorbeeld deelmobiliteit gefaciliteerd. De focus ligt primair op de publieke laadinfrastructuur. De elektrificatie van fietsen- en scooters, commerciële bestelwagens, taxi- en doelgroepenvervoer en OV neemt ook toe. Ondernemers, OV-bedrijven en (in het geval van fietsen- en scooters) particulieren dragen grotendeels zelf zorg voor de plaatsing van laadpalen of het thuis opladen van de accu’s. De verduurzaming van zwaar transport zal naar verwachting pas in de jaren ’30 plaatsvinden. Deze ontwikkeling kan hand in hand gaan met de ambities op het gebied van deelmobiliteit. Het ontwikkelen van hubs en overstappunten behoort tot de mogelijkheden.
De provincie beheert en voert de collectieve concessie uit namens de deelnemende gemeenten. De provincie coördineert de gezamenlijke aanpak en ondersteunt gemeenten bij de implementatie van de laadinfrastructuur.
De laadpaalexploitant/Charge Point Operator (CPO)
De CPO is verantwoordelijk voor de operationele aspecten van de laadpalen, inclusief plaatsing, onderhoud, en exploitatie. Ook het beheren van de monitoringstool en het delen van relevante gebruiksdata met de gemeente hoort bij het takenpakket. De CPO zorgt voor het voorstellen van locaties voor nieuwe laadpalen op basis van de plankaart en beheren van het realisatieportaal.
Een soepele samenwerking en regelmatige afstemming tussen de gemeente, de provincie, en de CPO zijn cruciaal om de implementatie van de laadinfrastructuur te optimaliseren. Dit omvat het delen van data, het gezamenlijk evalueren van de voortgang, en het samenwerken aan communicatie middels ten minste een bewonersbrief die omwonenden van een toekomstige laadpaal inlicht over de aankomende werkzaamheden.
Bijlage 2 Kernonderdelen van beleid tot plaatsing.
De concessie voor de plaatsing, beheer, onderhoud en exploitatie van publieke laadinfrastructuur, uitgevoerd door de provincie Noord-Brabant namens de deelnemende gemeenten waarbij geprofiteerd kan worden van gespecialiseerde juridische contractkennis, gunstige prijsafspraken voor plaatsing en gebruikers en een efficiënte inzet van installatieploegen. De CPO zal in deze context fungeren als de centrale partij die niet alleen verantwoordelijk is voor de operationele aspecten van de laadpalen maar ook voor het voorstellen van locaties op basis van de plankaart en het beheren van de realisatie- en monitoringstools.
De plankaart, die potentiële locaties voor laadinfrastructuur tot 2030 identificeert, is een cruciaal instrument om de uitrol van laadpalen te sturen. Op deze kaart staan alle locaties binnen de gemeente en CPO aangegeven die aan alle technische-, ruimtelijke- en verkeerskundige criteria voldoen. De CPO heeft toegang tot deze plankaart en op stelt basis hiervan te realiseren locaties voor. Op basis van deze plankaart kunnen belanghebbenden via de bij 3 beschreven participatietool inspraak leveren.
Een tool die gemeenten in staat stelt om inwoners digitaal inspraak te geven in de potentiële locaties voor laadinfrastructuur. Gezien de bestaande plankaart van Meierijstad wordt geen gebruik gemaakt van deze tool. De technische-, ruimtelijke en verkeerstechnische criteria geven onvoldoende keuzemogelijkheden om zinvol inspraak te kunnen verlenen. Het aantal mogelijk geschikte locaties in Meierijstad is hiervoor gewoon te beperkt.
Een portaal dat inzicht biedt in de realisatieprocessen van laadpalen en waarin gemeenten strategische locaties en laadpalen voor specifieke gebruikersgroepen kunnen aanvragen. De CPO is verantwoordelijk voor het beheer van dit portaal en zorgt voor een transparante communicatie met de gemeente over de voortgang van de realisatieprocessen.
Een tool die gebruiksgegevens van laadpalen vastlegt en deelt met gemeenten. Deze data vormt de basis voor de CPO om de best presterende locaties te identificeren en draagt bij aan een gebruiksgedreven aanpak voor de uitbreiding en optimalisatie van het laadnetwerk. Daarnaast heeft de gemeente inzicht in het gebruik van de laadpalen. Dit inzicht is van waarde bij eventuele klachten/meldingen en zorgt voor overzicht.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-314760.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.