Telecommunicatieverordening Westerveld 2026

De raad van de gemeente Westerveld;

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;

overwegende dat het wenselijk is om een verordening vast te stellen met het oog op minimalisatie van overlast en maatschappelijke kosten, alsmede een efficiënt gebruik van de openbare ruimte met betrekking tot werkzaamheden aan kabels en/of leidingen;

gelet op artikelen 5.2 en 5.4, vierde lid, van de Telecommunicatiewet en artikel 149 van de Gemeentewet;

 

B E S L U I T :

vast te stellen de hierna volgende:

 

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Westerveld houdende regels omtrent openbare elektronische communicatienetwerken 2026 (Telecommunicatieverordening Westerveld 2026)

 

 

 

Hoofdstuk 1: Inleidende bepalingen

Artikel 1.1 Begrips omschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

a. aanbieder: aanbieder van een openbaar elektronisch communicatienetwerk als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, van de wet;

b. belanghebbenden: de omwonenden en bedrijfsmatige gebruikers van alle

percelen, grenzend aan het tracé van kabels en/of leidingen;

c. breekverbod: tijdelijk verbod voor het uitvoeren van werkzaamheden, zoals genoemd in onderdeel r van dit artikel;

d. college: college van burgemeester en wethouders gemeente Westerveld;

e. gedoogplichtige: degene op wie een gedoogplicht rust als bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, van de wet;

f. huisaansluiting: het gedeelte van een kabel van minder dan vijftien meter in openbare gronden dat een openbaar elektronisch communicatienetwerk verbindt met een netwerkaansluitpunt als bedoeld onder artikel 1.1 van de wet;

g. instemmingsaanvraag: aanvraag als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid onder a, van de wet;

h. instemmingsbesluit: besluit van het college als bedoeld in artikel 5.4 eerste lid, onder b, van de wet;

i. instemmingsbesluit voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard: werkzaamheden van niet ingrijpende aard die samenlopen met één of meer andere activiteiten in de openbare ruimte en hierdoor afstemming nodig is om redenen van openbare orde, veiligheid, het voorkomen of beperken van overlast, de bereikbaarheid van gronden of gebouwen dan wel ondergrondse ordening;

j. kabels: kabels als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;

k. melding: een melding voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard, waarvoor geen instemming noodzakelijk is;

l. openbaar elektronisch communicatienetwerk: telecommunicatienetwerk als bedoeld in artikel 1.1 van de wet;

m. openbare gronden: openbare gronden zoals bedoeld in artikel 1.1 van de wet; (openbare wegen met inbegrip van de daartoe behorende stoepen, glooiingen, bermen, sloten, bruggen, viaducten, tunnels, duikers, beschoeiingen en andere werken en wateren met de daartoe behorende bruggen, plantsoenen, pleinen en andere plaatsen, die voor eenieder toegankelijk zijn;

n. registratiesysteem: digitaal systeem dat het college hanteert om meldingen en instemmingen van werkzaamheden, zoals genoemd in onderdeel q van dit artikel, en alles wat daarmee samenhangt te verwerken;

o. spoedeisende werkzaamheden: werkzaamheden zoals bedoelt in artikel 5.6 lid 1 van de wet.

p. voorzieningen: ondergrondse ondersteuningswerken en beschermingswerken als bedoeld in artikel 5.15, van de wet;

q. werkzaamheden: werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van kabels ten dienste van een openbaar elektronisch communicatienetwerk in of op openbare gronden;

r. werkzaamheden van niet- ingrijpende aard: werkzaamheden die dusdanig beperkt zijn dat geen instemming noodzakelijk is en kan worden volstaan met een melding;

s. wet: de Telecommunicatiewet;

 

Artikel 1.2 Toepasselijkheid

1. Deze verordening is van toepassing op werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding en opruiming van telecomkabels ten behoeve van een openbaar elektronisch telecommunicatienetwerk in of op openbare gronden.

2. Het college voert de regie over de efficiënte ordening van werkzaamheden in verband met het werken aan, de aanleg, het onderhouden of verwijderen van een openbaar elektronisch communicatienetwerk zoals bedoeld in het eerste lid.

3. Paragraaf 4.1.3.3. van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing op het bepaalde in deze verordening.

4. Een bouwwerk voor een infrastructurele voorziening voor zover het gaat om een nutsvoorziening die valt onder de uitzondering van art. 2.29 onder p van het Bouwbesluit Leefomgeving valt voor wat betreft het bouwen niet onder de werkingssfeer van deze verordening.

 

Artikel 1.3 Nadere regels kabels & leidingen

Het college is bevoegd ter uitvoering van deze verordening nadere regels vast te stellen die betrekking hebben op:

a. openbare orde en veiligheid;

b. het tijdstip, de plaats en de wijze van uitvoering van werkzaamheden;

c. het bevorderen van het medegebruik van voorzieningen;

d. ondergrondse ordening, planning en coördinatie van werkzaamheden;

e. de te verstrekken gegevens en over de wijze waarop die dienen te worden verstrekt.

 

Hoofdstuk 2: instemmingsbesluit

Artikel 2.1 Instemmingsvereiste

1. Het is verboden werkzaamheden te verrichten zonder of in afwijking van een door het college genomen instemmingsbesluit.

2. In afwijking van het eerste lid kan voor spoedeisende werkzaamheden worden volstaan met een onverwijlde melding aan de burgemeester. Na ontvangst van de melding kunnen de werkzaamheden plaatsvinden tenzij de burgemeester besluit dat de werkzaamheden op een ander tijdstip moeten plaatsvinden in verband met de openbare orde of gevaar dan wel de vrees voor het ontstaan van gevaar door de uitvoering van de werkzaamheden.

3. Voor het verrichten van werkzaamheden van niet ingrijpende aard is geen instemmingsbesluit, als bedoeld in het eerste lid, noodzakelijk, maar kan worden volstaan met een door het college goedgekeurde melding.

4. Het college is bevoegd om redenen van veiligheid delen van het grondgebied aan te wijzen waarvoor hetgeen zoals bedoeld in het tweede en derde lid niet van toepassing is.

5. Het college kan bepalen dat niet kan worden volstaan met een melding zoals bedoeld in artikel 1.1 onder k en dat de melding wordt gezien als een aanvraag voor een instemmingsbesluit voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard zoals bedoeld in artikel 1.1. onder i.

6. De werkzaamheden dienen binnen een jaar na de datum waarop het instemmingsbesluit onherroepelijk is geworden te zijn voltooid.

7. De werkzaamheden van niet ingrijpende aard dienen binnen het in de goedgekeurde melding bepaalde tijdvak te zijn voltooid.

 

Artikel 2.2 de aanvraag en de melding

1. Een aanbieder die werkzaamheden wil verrichten, meldt dit voornemen ten minste acht weken voor de aanvang van de werkzaamheden via het door het college gehanteerd registratiesysteem.

2. Wanneer er sprake is van een werk van complexe aard of van een tracélengte groter dan 5.000 meter, meldt de aanbieder dit voornemen tenminste dertien weken voor de aanvang van de werkzaamheden aan het college via het gehanteerde registratiesysteem.

3. Voor het uitvoeren van werkzaamheden van niet ingrijpende aard kan de aanbieder volstaan met een melding aan het college minimaal vijf werkdagen voorafgaande aan de werkzaamheden, via het door het college gehanteerd registratiesysteem.

4. Indien het college besluit voorschriften te verbinden aan de melding voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard vallen deze werkzaamheden daarmee onder een instemmingsbesluit voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard, zoals bedoeld in artikel 1.1 van deze verordening.

5. Een aanbieder die werkzaamheden wil verrichten, kan hierover vooroverleg voeren met het college teneinde de instemmingsaanvraag, bedoeld in het eerste lid van dit artikel voor te bereiden.

6. Indien de werkzaamheden ook betrekking hebben op openbare gronden van een andere gedoogplichtige of grondeigenaar dan de gemeente en/of als er een aanvraag voor een vergunning al dan niet bij een ander bestuursorgaan op grond van een andere wet is ingediend, dan stelt de aanbieder het college hiervan op de hoogte.

7. Het college stelt nadere regels vast ten aanzien van de bij een aanvraag of melding te verstrekken gegevens en de wijze van verstrekking.

 

Artikel 2.3 Ernstige belemmeringen en storingen

1. Ingeval van spoedeisende werkzaamheden ten gevolge van ernstige belemmering of storing van de communicatie in de zin van artikel 5.6, tweede lid, van de wet, is geen instemmingsbesluit als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 van deze verordening noodzakelijk, maar volstaat de aanbieder met een melding aan het college voorafgaand aan de start van de werkzaamheden, in het door het college gehanteerde registratiesysteem.

2. Degene die spoedeisende werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.6 eerste lid van de wet heeft uitgevoerd verstrekt binnen twee weken na beëindiging van de werkzaamheden een uitvoeringsverslag aan het college.

3. Het uitvoeringsverslag omvat in ieder geval:

a. een omschrijving van de telecommunicatiekabels die zijn aangelegd, in standgehouden of opgeruimd;

b. een omschrijving van de werkzaamheden die zijn uitgevoerd; en

c. een aanduiding van de spoedeisende aard van de werkzaamheden.

 

Artikel 2.4 Beslistermijnen en aanhouding

1. Een instemmingsbesluit, als bedoeld in artikel 2.1 lid 1 van deze verordening, wordt genomen uiterlijk acht weken na de dag van ontvangst van de instemmingsaanvraag.

2. Indien een instemmingsbesluit niet binnen acht weken kan worden gegeven, deelt het college dit aan de aanvrager mee en noemt daarbij een redelijke termijn (maximaal acht weken) waarbinnen het instemmingsbesluit wel tegemoet kan worden gezien.

3. Een instemmingsbesluit voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard, als bedoeld in artikel 2.1 lid van deze verordening, wordt genomen uiterlijk vijf werkdagen na de dag van ontvangst van de melding.

4. Indien een beschikking voor een instemming voor werkzaamheden van niet ingrijpende aard niet binnen vijf werkdagen kan worden gegeven, deelt het college dit aan de aanvrager mee en noemt daarbij een zo kort mogelijke termijn, van ten hoogste vijf werkdagen, waarbinnen de beschikking wel tegemoet kan worden gezien.

5. Paragraaf 4.1.3.3. Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) is niet van toepassing.

 

 

 

Artikel 2.5 Gegevensverstrekking

Bij de instemmingsaanvraag of melding werkzaamheden van niet ingrijpende aard verstrekt de aanbieder in ieder geval de gegevens zoals vermeld in artikel 2.2 van de nadere regels kabels en leidingen Westerveld alsmede:

a. de opgave van ondergrondse of bovengrondse voorzieningen waarvoor geen omgevingsvergunning noodzakelijk is, alsmede de situering daarvan;

b. vereiste vergunning(en), ontheffing(en) of toestemming(en) op grond van overige wetgeving, alsmede informatie over de afstemming met andere gedoogplichtigen, grondeigenaren en/of beheerders van openbare gronden;

c. naam, (e-mail)adres en telefoonnummer van de contactpersoon, aannemers of onderaannemers die belast zijn met de werkzaamheden en van een door hen aangewezen contactpersoon die ten tijde van de uitvoering van de werkzaamheden vierentwintig uur per dag bereikbaar is in verband met mogelijke calamiteiten;

d. de maatregelen die de bereikbaarheid van de reeds in de openbare grond aanwezige kabels en leidingen waarborgen;

e. de bereikbaarheid van percelen en opstallen in de nabijheid van de uit te voeren werkzaamheden;

f. alle overige van belang zijnde feiten en omstandigheden gelet op de in artikel 5.4 leden 2 en 3 van de Telecommunicatiewet genoemde belangen.

 

Artikel 2.6 Voorschriften en beperkingen bij instemming

1. Het college kan aan een instemmingsbesluit voorschriften en beperkingen verbinden in het belang van:

a. de openbare orde;

b. de veiligheid, waaronder mede verstaan wordt de verkeersveiligheid en/of een goede doorstroming van het verkeer;

c. het voorkomen of beperken van overlast;

d. de bereikbaarheid van gronden of gebouwen, waaronder mede verstaan wordt het veilig en doelmatig gebruik van openbare gronden en gebouwen, het doelmatig beheer en onderhoud en het belang van nader aan te geven lokale evenementen;

e. de ondergrondse ordening, waaronder mede verstaan wordt de bescherming van reeds in de grond aanwezige werken;

f. het uiterlijk aanzien van de omgeving.

2. De voorschriften, zoals genoemd in het eerste lid, kunnen slechts betrekking hebben op:

a. het tijdstip, de plaats en wijze van uitvoering van werkzaamheden;

b. het bevorderen van medegebruik van voorzieningen;

c. afstemming met betrekking tot overige in de grond aanwezige werken.

3. De geldigheid van een verleend instemmingsbesluit komt van rechtswege te vervallen indien de aanbieder niet binnen zes maanden na het onherroepelijk worden van het instemmingsbesluit, is aangevangen met de werkzaamheden, tenzij het college hiervan uitdrukkelijk afwijkt in het instemmingsbesluit.

4. Het is verplicht na het einde van de werkzaamheden de grond, eventuele verhardingen en groenvoorzieningen terug te brengen in de oude staat, tenzij het college vooraf heeft aangegeven hier (gedeeltelijk) zelf zorg voor te willen dragen.

5. Indien binnen drie jaar na groot onderhoud of herinrichting van de openbare gronden de aanbieder werkzaamheden gaat uitvoeren, kan het college nadere voorschriften stellen met betrekking tot de uitvoering.

6. Indien de aanbieder werkzaamheden gaat uitvoeren in bijzondere bestrating, kan het college nadere voorschriften stellen met betrekking tot de uitvoering van de werkzaamheden.

7. Het college kan op schriftelijk verzoek van de aanbieder de termijn van zes maanden, zoals genoemd in het tweede lid, met een door het college te bepalen termijn verlengen.het college binnen de daarvoor gestelde termijn, tenzij anders met het college overeengekomen.

 

 

Hoofdstuk 3: Overige bepalingen

Artikel 3.1 zorgplicht

De aanbieder is verplicht zorg te dragen voor een goede staat van onderhoud van de aangelegde telecomkabels.

 

Artikel 3.2 Informatieplicht

1. Indien de eigendom, de exploitatie, het beheer of het gebruik van kabels en leidingen wijzigt, stelt de aanbieder het college onverwijld schriftelijk van deze wijziging in kennis.

2. Een instemmingsbesluit geldt voor een specifieke kabel of leiding en is overdraagbaar, tenzij in het instemmingsbesluit anders is bepaald.

3. Het in of uit gebruik nemen van een telecomkabel op of in openbare gronden wordt door de aanbieder schriftelijk gemeld aan het college.

4. De aanbieder stelt het college onverwijld schriftelijk in kennis van het feit dat een kabel of leiding definitief buiten gebruik is gesteld, of niet langer ten dienste staat of deel uitmaakt van een net.

5. De aanbieder levert op verzoek van het college een overzicht van alle (niet) in gebruik zijnde kabels informatie over een kabel of leiding.

 

Artikel 3.3 Aanvullende verplichtingen aanbieder

1. De aanbieder is verplicht omwonenden en bedrijven ter plaatse van de uit te voeren werkzaamheden op de hoogte te stellen, conform de in het Handboek kabels en leidingen opgenomen wijze.

2. De aanbieder voegt na voltooiing van de werkzaamheden de as build tekeningen toe in het daarvoor gehanteerde registratiesysteem.

3. Op het moment van de oplevering van de werkzaamheden is de aanbieder op verzoek van het college verplicht een overzicht te geven van de niet in gebruik zijnde kabels.

 

Artikel 3.4 (Mede)gebruik van voorzieningen

1. Een aanbieder is verplicht om bij de aanleg van kabels in openbare grond zoveel mogelijk (mede)gebruik te maken van bestaande voorzieningen van andere aanbieders of van voorzieningen die in opdracht van het college zijn aangelegd.

2. Het vooroverleg zoals bedoeld in artikel 5 lid 4 van deze verordening naar aanleiding van een instemmingsaanvraag, als bedoeld in artikel 5 lid 1 van deze verordening, is er mede op gericht te bepalen of en zo ja langs welke delen van het tracé gebruik kan worden gemaakt van bestaande voorzieningen als bedoeld in het eerste lid.

3. Indien de aanbieder een redelijk aanbod wordt gedaan om gebruik te maken van de vooraangelegde voorzieningen, zoals mantelbuizen, kabelgoten of kabel- en leidingentunnels, is de aanbieder verplicht om voor de aanleg of uitbreiding van zijn netwerk van deze voorzieningen gebruik te maken.

4. Indien er in de openbare grond geen ruime is voor de aanleg van nieuwe kabels kiest de aanbieder een alternatief tracé of doet aan andere aanbieders een billijk verzoek tot medegebruik van kabels, op grond van artikel 5.12, van de wet.

 

Artikel 3.5 Verontreiniging, gevaar en hinder

1. De aanbieder is verplicht verontreiniging, gevaar of hinder, dan wel storingen waarbij verontreiniging, gevaar of hinder kunnen optreden, onmiddellijk conform de procedures als bedoeld in de nadere door het college te stellen regels, te melden aan het college en alle maatregelen te treffen ten einde verdere verontreiniging, schade of hinder te voorkomen.

2. Het college kan de aanbieder opdragen een milieutechnisch onderzoek dan wel een onderzoek naar mogelijk gevaar of hinder uit te voeren, als er een redelijk vermoeden bestaat van verontreiniging, gevaar of hinder, ontstaan bij de aanleg en de exploitatie van telecomkabels.

3. Het college kan bij gebleken, of ernstige dreiging van, verontreiniging, gevaar of hinder in of nabij het tracé van telecomkabels opschorting gelasten van de aanleg en de exploitatie van de betreffende telecomkabels.

 

Artikel 3.6 Overleg en aftstemming tijdens planvorming

1. Het college initieert en faciliteert nader overleg tussen alle betrokken partijen over alle projecten in openbare gronden. Dit overleg vindt periodiek, doch tenminste eenmaal per jaar plaats.

2. Het college initieert in de planfase van een door of vanwege de gemeente uit te voeren project overleg met de desbetreffende aanbieder(s) ten einde de gevolgen van dat project voor de ligging en het onderhoud van telecomkabels te analyseren. Het college doet per bedoeld project een voorstel ten aanzien van het aantal overleggen en de regelmaat daarvan.

3. Op initiatief van het college wisselen alle betrokken partijen voorafgaand aan de start van een werk dat gevolgen heeft voor de ondergrondse infrastructuur de noodzakelijke informatie met elkaar uit.

 

Hoofdstuk 4: Herstelkosten

Artikel 4.1 Herstelkosten

1. Indien door de aanbieder werkzaamheden aan kabels en leidingen in of op openbare gronden worden uitgevoerd, brengt het college de kosten voor herstel, beheer, onderhoud en degeneratie van openbare gronden die het rechtstreekse gevolg zijn van de uitgevoerde werkzaamheden bij de aanbieder in rekening conform de door het college vast te stellen nadere regels.

2. Het uitgangspunt bij het herstel van gronden is dat de grond wordt teruggebracht in de oude staat.

 

Hoofdstuk 5: Toezicht en handhaving

Artikel 5.1 Toezicht

Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening bepaalde zijn belast de door het college aangewezen personen, functies en/ of afdelingen.

 

Artikel 5.2 Hardheidsclausule

Het college heeft de bevoegdheid op grond van afweging van de te behartigen belangen en met in acht name van de redelijkheid en billijkheid in incidentele en uitzonderlijke gevallen af te wijken van de bepalingen van deze verordening.

Hoofdstuk 6: Overgangs- en slotbepalingen

Artikel 6.1 Toezicht op de naleving

De Telecommunicatieverordening gemeente Westerveld 2021 wordt ingetrokken met ingang van het moment van inwerkingtreding van deze verordening.

Artikel 6.2 Overgangsbepalingen

1. De Telecommunicatieverordening gemeente Westerveld 2021, ingetrokken bij inwerkingtreding van deze verordening, blijft van kracht op instemmingsaanvragen en meldingen waarop op grond van deze verordening al is beslist maar waarvan de uitvoering op het moment van inwerkingtreding van de Telecommunicatieverordening Westerveld 2026, nog niet is gerealiseerd.

2. Indien vóór het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een instemmingsbesluit is aangevraagd voor werkzaamheden in verband met de aanleg, instandhouding of opruiming van telecomkabels in of op openbare gronden waarin nog niet is beslist, wordt deze aanvraag beoordeeld aan de hand van de bepalingen van de Telecommunicatieverordening Westerveld 2026.

 

 

Artikel 6.3 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.

 

Artikel 6.4 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Telecommunicatieverordening Westerveld 2026.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Westerveld van 21-04-2026,

 

Ondertekening

 

 

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering

van de raad van 21 april 2026.

de griffier, de voorzitter,

R. Weernekers J. Spoelstra

Naar boven