Gemeenteblad van Bunschoten
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bunschoten | Gemeenteblad 2026, 312442 | overige overheidsinformatie |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Bunschoten | Gemeenteblad 2026, 312442 | overige overheidsinformatie |
Gedragscode integriteit volksvertegenwoordigers gemeente Bunschoten 2026
2 Voorkomen van belangenverstrengeling
Het raadslid gaat zorgvuldig en correct om met de informatie waarover hij uit hoofde van zijn lidmaatschap van de Raad beschikt en zorgt ervoor dat vertrouwelijke en geheime informatie veilig wordt bewaard.
Een raadslid brengt geen informatie naar buiten die geheim is.
Een raadslid gaat verantwoord en zorgvuldig om met social media en zijn uitingen daarop. Het raadslid is zelf verantwoordelijk voor het beheer van zijn eventuele social media-accounts en is altijd aanspreekbaar op zijn gedrag en uitlatingen hierop. Bij uitingen op social media wordt geen onderscheid gemaakt tussen het raadslid en de privépersoon.
4 Geschenken, faciliteiten, diensten, excursies, evenementen en buitenlandse reizen op uitnodiging van derden
Een raadslid accepteert geen lunches, diners, recepties, excursies, evenementen, reizen en andere uitnodigingen uit hoofde van zijn functie die door anderen betaald of georganiseerd worden, tenzij dat behoort tot de uitoefening van de functie en de aanwezigheid gezien kan worden als functioneel.
5 Gebruik van voorzieningen van de gemeente
Burgemeester en wethouders richten de financiële en administratieve organisatie zodanig in dat er een getrouw beeld mogelijk is van de juistheid en rechtmatigheid van de uitgaven, met heldere procedures over de wijze waarop functionele uitgaven rechtstreeks in rekening worden gebracht of kunnen worden gedeclareerd bij de gemeente.
Gebruik van voorzieningen en eigendommen van de gemeente ten eigen bate of ten bate van derden is, tenzij dit wettelijk is geregeld, niet toegestaan.
Toelichting: Voor bureaus die integriteitsonderzoeken uitvoeren, geldt dat zij verplicht een vergunning moeten hebben op grond van de Wet particuliere beveiligingsorganisaties en recherchebureaus (Wpbr). Alleen bureaus met zo’n vergunning die herkenbaar zijn aan een POB-nummer, zijn bevoegd om dit type onderzoek uit te voeren.
Advocaten- en accountantskantoren zijn uitgezonderd van deze vergunningplicht, omdat zij vanwege hun beroepsregels al aan strikte wettelijke kaders zijn gebonden.
De afspraken als bedoeld onder 6.2, b, worden vastgelegd in een bijlage die onderdeel uitmaakt van de gedragscode.
Bijlage 1 bij gedragscode gemeenteraad Bunschoten 2026
Protocol handhaving integriteit
De gedragscode heeft tot doel raadsleden en commissieleden te ondersteunen bij de invulling van hun verantwoordelijkheid voor de integriteit van het openbaar bestuur. In aanvulling op de gedragscode beschrijft het protocol de procedures op welke wijze een raadslid handelt bij (een vermoeden van) schending van de integriteit.
Er zijn verschillende fasen te onderscheiden die spelen bij het toezien op de naleving van de gedragscode:
In iedere fase is het van belang om de volgende drie principes te hanteren:
Hoofdstuk 1 benoemt de rollen van de betrokkenen in de procedure, hoofdstuk 2 beschrijft de procedures en hoofdstuk 3 gaat in op de communicatie rondom een (vermeende) integriteitschending.
HOOFDSTUK 1 VIJF ROLLEN: WIE DOET WAT
Hieronder wordt ingegaan op de situaties waarin een raadslid twijfelt over:
1. Twijfels ten aanzien van eigen handelingen
1a. Een raadslid twijfelt over een eigen nog uit te voeren handeling.
Het raadslid vraagt de griffier om advies of de voorgenomen handeling een schending van de integriteit is. De griffier formuleert een advies. Als de griffier aangeeft dat de kwestie niet eenduidig is of als het raadslid het niet met het advies van de griffier eens is, leggen ze de kwestie voor aan de burgemeester. De burgemeester formuleert een advies, eventueel na raadpleging interne en externe deskundigen. Uit het advies van de burgemeester kan blijken dat er geen eenduidige uitspraak mogelijk is over de vraag of een voorgenomen handeling een integriteitschending is of niet. Meestal betekent dit dat ook deskundigen de zaak verschillend beoordelen. Het is aan het raadslid zelf welke keuze hij of zij maakt over de nog uit te voeren handeling.
1b. Een raadslid twijfelt over een eigen al uitgevoerde handeling.
Hiervoor geldt dezelfde procedure als onder 1a. Mocht de conclusie zijn dat er van een schending geen sprake is, dan is de zaak afgedaan. Mocht de gedeelde conclusie zijn dat de handeling een schending was, dan overleggen de burgemeester en het raadslid over de vervolgstappen. In voorkomende gevallen deelt de burgemeester zijn visie in het seniorenconvent. De burgemeester kan zich daarbij door deskundigen laten adviseren. Het raadslid kan de raad laten weten een schending te hebben begaan en waar mogelijk die ongedaan maken. De raad kan besluiten hierover in debat te gaan.
2. Twijfels ten aanzien van het handelen van een ander raadslid
2a. Een raadslid twijfelt over een nog uit te voeren handeling.
Een raadslid twijfelt over een nog niet uitgevoerde handeling van een ander raadslid. Hij waarschuwt het betreffende raadslid, benoemt zijn twijfels en verwijst naar de gedragscode. Tevens verwijst hij het betreffende raadslid naar de griffier en de burgemeester. Zie verder onder procedure bij 1a.
2b. Een raadslid twijfelt over een vermeende uitgevoerde handeling.
Het raadslid heeft diverse mogelijkheden:
Hij of zij bespreekt de vermeende handeling met het betreffende raadslid. Als de ander hierdoor gaat twijfelen over de al uitgevoerde handeling: zie procedure 1 b. Als het aangesproken raadslid niet twijfelt over de al uitgevoerde handeling, dan bespreekt het raadslid dat twijfelt dit met de griffier. De griffier geeft advies. Wijst dat advies erop dat de vermeende handeling een schending zou zijn, dan wordt het voorgelegd aan de burgemeester.
Hij meldt de vermeende overtreding bij de burgemeester. De burgemeester doet een vooronderzoek. N.B. Het raadslid dat twijfelt aan een ander raadslid doet zelf geen vooronderzoek. Dat is aan de burgemeester. Is na het vooronderzoek de conclusie van de burgemeester dat er geen grond is voor de verdenking, dan is de zaak afgedaan. De burgemeester beoordeelt of hij het seniorenconvent hierover moet informeren. Komt uit het vooronderzoek dat het raadslid zelf erkent een schending te hebben begaan: zie procedure 1b. Komt uit het vooronderzoek dat er gronden zijn voor de verdenking dat er een integriteitschending heeft plaatsgevonden, maar dat er geen sprake is van erkenning door het raadslid, dan gelast de burgemeester een onderzoek door deskundigen. Het onderzoek richt zich in ieder geval op de feiten en op welke wijze de gedraging zich verhoudt tot hetgeen in de wet en gedragscode is vastgelegd. De burgemeester beoordeelt de resultaten van het vervolgonderzoek.
Als het vervolgonderzoek tot de conclusie leidt dat er geen integriteitschending is begaan, wordt dat in het seniorenconvent gedeeld. Het vervolgonderzoek blijft in beginsel vertrouwelijk, alleen de melder, betrokken raadslid, burgemeester, griffier en de leden van het seniorenconvent weten ervan.
Als de conclusie van het vervolgonderzoek luidt dat er sprake is van een integriteitschending, legt de burgemeester de resultaten eerst voor aan het seniorenconvent. Hierbij deelt de burgemeester zijn visie over de ernst van de schending en welke consequenties hieraan verbonden kunnen worden. De burgemeester kan, als hij dit nodig acht, aan een expert advies vragen. Vervolgens legt de burgemeester de resultaten en het eventuele advies zoals besproken in het seniorenconvent, voor aan de raad.
Als is komen vast te staan dat er sprake is van overtreding van de gedragscode dan kan dit diverse gevolgen hebben. Hoewel het niet naleven van de gedragscode op zichzelf geen rechtsgevolgen heeft, is de gedragscode niet vrijblijvend. De gedragscode is een vorm van zelfbinding, waarbij de regels in gezamenlijk debat worden vastgesteld door de politieke ambtsdragers zelf. Schendingen die de zuiverheid van de besluitvorming raken, zoals belangenverstrengeling, corruptie en sommige kwesties rondom het gebruik van informatie, raken aan de kerntaak van politieke ambtsdragers en zijn om die reden ernstig. De bestuurders kunnen worden aangesproken en dienen zich over de naleving van de gedragscode te verantwoorden. Het niet naleven van de gedragscode kan onderdeel worden van het politieke debat en kan politieke gevolgen hebben. De raad beoordeelt de politieke consequenties. Hierbij wordt het advies zoals besproken in het seniorenconvent voorgelegd.
Er zijn verschillende gevolgen, die aan de orde kunnen zijn voor gekozen dan wel benoemde politieke ambtsdragers.
Strafrechtelijke vervolging kan alleen indien er sprake is van een strafbaar feit, niet sec overtreding gedragscode. Daarnaast kan worden gedacht aan:
Daarnaast heeft de partij waartoe betrokkene behoort de volgende mogelijkheid:
3. Twijfels ten aanzien van een vermeende uitgevoerde handeling van een wethouder
Zie procedure 2b. De raad beoordeelt geheel zelfstandig de politieke consequenties die de eventuele schending zou moeten hebben. Daarover adviseert de burgemeester niet. Bij elk dossier over een vermeende schending van de integriteit wordt vastgelegd wie bij afwezigheid van de burgemeester als locoburgemeester toegang heeft tot het dossier.
4. Twijfels ten aanzien van een vermeende uitgevoerde handeling van de burgemeester
Zie procedure 2b. In plaats van naar de burgemeester, gaan raadslid en griffier naar de vicevoorzitter van de raad. Na vooronderzoek door de vicevoorzitter wordt de commissaris van de Koning erbij betrokken als er reden is om het onderzoek voort te zetten.
5. Twijfels ten aanzien van een vermeende uitgevoerde handeling door de griffier
Zie procedure 2b. Bij twijfel over een vermeende uitgevoerde handeling van de griffier, laat de burgemeester vooronderzoek uitvoeren.
Communicatie over integriteitkwesties of vermeende integriteitkwesties vragen om zorgvuldige communicatie wat betreft moment, toon en informatie. In beginsel wordt geen melding gedaan over kwesties, anders dan naar direct betrokkenen en eventueel senioren. Het betreft lopende het (voor)onderzoek een 'interne kwestie'. Als de pers op de hoogte worden gesteld wordt, dan staat de burgemeester als eerste de pers te woord. Geen van de overige betrokken (indiener, betrokken raadslid, eventueel senioren / raadsleden of griffier) spreekt met de pers, voordat de burgemeester de pers heeft geïnformeerd. Mocht de pers of anderen over de casus berichten lopende een (voor)onderzoek, dan is de burgemeester woordvoerder.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-312442.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.