Gemeenteblad van Oss
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Oss | Gemeenteblad 2026, 310799 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Oss | Gemeenteblad 2026, 310799 | beleidsregel |
Beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang Oss 2026
De gemeenteraad heeft ingevolge de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (hierna: Wmo 2015) de taak een verordening vast te stellen. In de verordening maatschappelijke ondersteuning Oss 2026 (hierna: verordening) heeft de gemeenteraad de kaders vastgesteld waarbinnen het college uitvoering geeft aan het raadsbeleid op grond van de Wmo 2015. Het college heeft bij de uitvoering rekening te houden met de kaders in de verordening en met de taken en bevoegdheden die in de Wmo 2015 rechtstreeks aan het college worden verstrekt en de daarbij geldende kaders.
De beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang Oss 2026 (hierna: beleidsregels) zijn een uitwerking van de aan het college toebedeelde bevoegdheden en van de beleidsruimte die de wetgever en de gemeenteraad aan het college laat. De beleidsregels bevatten afwegingskaders die gelden bij het inzetten van passende ondersteuning (algemene- en maatwerkvoorzieningen).
In de verordening en ook in de beleidsregels is een belangrijke rol weggelegd voor het proces om te komen tot een passende oplossing voor problemen die inwoners ondervinden bij zelfredzaamheid en participatie. Bij de afweging over maatwerkvoorzieningen wordt altijd nagegaan wat de mogelijkheden van inwoners zelf zijn (eigen kracht), wat het sociaal netwerk aan ondersteuning kan bieden, of er mogelijkheden zijn op basis van andere wettelijke regelingen en tenslotte of er algemene voorzieningen zijn die de hulpvraag kunnen oplossen. Dit afwegingsproces is waar nodig per voorziening uitgewerkt in de beleidsregels.
Uitgangspunt is de persoonlijke situatie van iedere inwoner. Dit betekent dat in de beleidsregels niet tot in detail is vastgelegd hoe het college in concrete situaties zal handelen. De beleidsregels bieden ruimte om in te spelen op persoonlijke mogelijkheden en omstandigheden.
Op grond van de Wmo 2015 is de gemeente Oss als centrumgemeente verantwoordelijk voor het bieden van beschermd wonen en maatschappelijke opvang in de regio Brabant Noordoost-Oost (BNO-O). De gemeente Oss koopt beschermd wonen en maatschappelijke opvang in en draagt zorg voor de toegang voor de inwoners van de vijf regiogemeenten.
Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, de Algemene wet bestuursrecht en de hierop gebaseerde Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Oss 2026.
Algemene voorziening: Aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand diepgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning.
Beschermd wonen (BW): Wonen in een beschermde leefomgeving met daarbij behorend toezicht en ondersteuning. Deze ondersteuning is gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de burger of anderen. Beschermd wonen is bestemd voor mensen met een blijvende of langdurige psychische aandoening, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Persoonlijke verzorging en verpleging kunnen onderdeel zijn van de ondersteuning.
Centrumgemeente: De gemeente Oss die mede namens de gemeenten Bernheze, Boekel, Land van Cuijk en Maashorst beschermd wonen en de maatschappelijke opvang uitvoert.
Maatschappelijke opvang (MO): Het tijdelijk bieden van opvang en/of ondersteuning (met inbegrip van screening en advisering) aan volwassenen en gezinnen die, door meerdere problemen, al dan niet gedwongen, de thuissituatie hebben of dreigen te verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving en waarvoor geen andere oplossing mogelijk of beschikbaar is.
Maatwerkvoorziening: Op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen:
Regio: Regio Brabant Noordoost-Oost bestaande uit de gemeenten Bernheze, Boekel, Land van Cuijk, Maashorst en Oss.
Regionale Toegang: Werkwijze waarbij gemeenten in de regio Brabant Noordoost-Oost samenwerken om de toegang tot specialistische voorzieningen te regelen en te financieren.
Regioteam BWO (beschermd wonen en maatschappelijke opvang): Zorgt voor consultatie en advies, fungeert als expertiseteam, voert brede vraagverheldering uit wanneer het gaat om een bovenregionaal of safehouse verzoek en neemt het besluit rondom maatschappelijke opvang en beschermd wonen.
Scheiden wonen en zorg: Bij het scheiden van wonen en zorg betaalt de inwoner zelf voor het wonen via huur of koop. Door een tarief te hanteren waarin de huisvesting en zorg apart inzichtelijk is, komt er zicht op de zorgkosten en worden deze niet vertroebeld door kapitaallasten van een gebouw of andere investeringen. Voor alle maatwerkvoorzieningen in regio BNO-O is scheiden van wonen en zorg doorgevoerd.
De wet kent een uitgebreide toegangsprocedure tot (maatwerk)voorzieningen die bestaat uit drie delen:
Inwoners melden zich direct bij hun eigen gemeente van herkomst met vragen rondom beschermd wonen en maatschappelijke opvang.
De gemeente van herkomst voert de brede vraagverheldering uit voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang en kan indien nodig het Regioteam BWO inschakelen voor consultatie en advies. Wanneer het gaat om een bovenregionaal- of safehouse verzoek, dan voert het Regioteam BWO de brede vraagverheldering uit.
De consulent van de gemeente van herkomst bespreekt samen met de inwoner of zijn vertegenwoordiger wat de hulpvraag inhoudt en waaruit de behoefte aan ondersteuning bestaat.
Om de situatie in kaart te brengen wordt gekeken naar de beperkingen die iemand ondervindt in de zelfredzaamheid en/of participatie.
Na afronding van het onderzoek, schrijft de gemeente van herkomst het onderzoeksverslag. In dit verslag staat alle informatie die relevant is voor de hulpvraag. Het bevat ook een advies met goede motivering voor het Regioteam over de toegangsbepaling beschermd wonen of maatschappelijke opvang.
Het onderzoeksverslag wordt naar de inwoner gestuurd. Het door de inwoner ondertekende onderzoeksverslag kan als aanvraag voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang dienen. Voor MO hoeft het onderzoeksverslag niet ondertekend te worden. De gemeente van herkomst stuurt het ondertekende verslag via een beveiligde mail door naar het Regioteam BWO.
Het Regioteam stelt vast of de inwoner tot de doelgroep beschermd wonen of maatschappelijke opvang behoort. Het afwegingskader van BW verschilt van dat van MO. De criteria verschillen per product. De beoordeling van maatwerkvoorzieningen staat beschreven in hoofdstuk 3. De afwegingscriteria voor beschermd wonen, safehouses en maatschappelijke opvang zijn uitgewerkt in hoofdstuk 4, 5 en 6 van deze beleidsregels.
Daar waar nodig om de toegang van beschermd wonen te kunnen bepalen wordt, met alle privacyregels in acht nemend, extra informatie of advies ingewonnen bij onafhankelijke partijen, bijvoorbeeld bij eerste- of tweedelijns professionals. Voor beschermd wonen doen de consulenten van de lokale gemeenten dit, voor safehouse- en bovenregionale aanvragen doet het Regioteam dit.
Het Regioteam draagt zorg voor de afronding van de aanvraag en het besluit. Er wordt in beginsel binnen twee weken een besluit genomen over de toegang tot beschermd wonen of maatschappelijke opvang. Dit wordt vastgelegd in een beschikking, die de inwoner via het Regioteam ontvangt. In de beschikking staat vermeld:
HOOFDSTUK 3 Algemeen beoordelingskader maatwerkvoorzieningen
Het algemene beoordelingskader voor aanspraken op maatwerkvoorzieningen wordt bepaald door de wet (zoals de doelgroep en de eigen verantwoordelijkheid), de Verordening (voorwaarden om in aanmerking te komen voor een maatwerkvoorziening), de Nadere regels en de onderhavige beleidsregels. Daarnaast geldt dat sprake moet zijn van maatwerk.
Bij de aanspraak op iedere maatwerkvoorziening wordt gekeken naar:
Eigen kracht, mantelzorg en hulp van sociaal netwerk
De eigen kracht van de inwoner is een belangrijke pijler van de wet. Het uitgangspunt van de wet is immers dat de inwoner eerst kijkt in hoeverre hij zelf, of samen met zijn directe omgeving als dat mogelijk is, een bijdrage kan leveren aan het verbeteren van zijn situatie. De inwoner wordt gestimuleerd om zelf de regie te voeren en eigen mogelijkheden te benutten. Hiertoe behoort ook dat hij een beroep doet op familie, vrienden, buren, collega's – zijn eigen sociaal netwerk – alvorens hij bij de gemeente aanklopt voor hulp. Het is immers normaal dat mensen iets doen voor hun partner, familielid, vriend, buur of collega als deze persoon niet geheel op eigen kracht kan deelnemen aan de samenleving. Het uitgangspunt is dus dat iedere inwoner eerst kijkt wat hij zelf kan doen, wat zijn sociale omgeving voor hem kan doen of wat hij zelf voor een ander kan doen. Oplossingen die een inwoner zelf redelijkerwijs kan realiseren gaan voor op het verstrekken van een maatwerkvoorziening.
Hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid dagelijks mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten uit de eigen familiekring.
Voorliggende voorzieningen zijn voorzieningen op grond van een andere wet die voorgaan op de verstrekking van een maatwerkvoorziening, voor zover deze voorliggende voorziening een passende en toereikende oplossing biedt en/of de maatwerkvoorziening als niet noodzakelijk heeft aangemerkt. Naast de Wmo zijn andere financieringsvormen op het gebied van de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ). Het gaat dan om verblijf gefinancierd vanuit de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Wet forensische zorg (Wfz). Dat betekent dat de gemeente altijd onderzoekt of één van deze wetten mogelijk voorliggend is.
De Wet langdurige zorg regelt en financiert onder andere de intramurale zorg voor inwoners die blijvend zijn aangewezen op 24 uur per dag zorg in nabijheid of permanent toezicht vanwege hun psychische stoornis (al dan niet in combinatie met een verstandelijke beperking). Er is vastgesteld dat de inwoner levenslange en levensbrede noodzaak heeft tot 24-uurs zorg in nabijheid. Er is geen uitzicht op verbetering of herstel.
Een algemene voorziening is een aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning.
De inwoner komt op grond van de wet (en ook de Verordening) niet in aanmerking voor een maatwerkvoorziening als er een algemene voorziening is die:
Voorbeelden van algemene voorzieningen op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang zijn de time-out voorziening, de kortdurende noodopvang en de winteropvang. Ook dagbestedingsactiviteiten via bijvoorbeeld welzijnswerk vallen hieronder.
Onder beschermd wonen wordt verstaan het wonen in een beschermde leefomgeving met daarbij behorend toezicht en ondersteuning. Deze ondersteuning is gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing en maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de burger of anderen. Beschermd wonen is bestemd voor mensen met een blijvende of langdurige psychische aandoening, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Persoonlijke verzorging en verpleging kunnen onderdeel zijn van de ondersteuning. Er is een grote variatie in beschermde woonvormen.
Beschermd wonen moet leiden tot een situatie waarin de inwoner weer in staat is zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving of wanneer dit niet mogelijk is, een situatie waarin de inwoner zoveel mogelijk voldoende zelfredzaam is en kan participeren in de samenleving.
4.2 Landelijke toegankelijkheid
Beschermd wonen is een landelijk toegankelijke voorziening, dat betekent dat inwoners die gebruik maken of willen maken van beschermd wonen zich in elke gemeente kunnen melden. Op verzoek van de centrumgemeenten is een handreiking opgesteld om de landelijke toegankelijkheid van beschermd wonen te waarborgen. Deze Handreiking en beleidsregels Landelijke toegang beschermd wonen doet aanbevelingen aan gemeenten over hoe te handelen op het moment dat een inwoner zich meldt. De gezamenlijke centrumgemeenten onderschrijven de lijn uit deze handreiking in het Convenant Landelijke Toegankelijkheid Beschermd Wonen. De afwegingen in deze handreiking hebben betrekking op: Waar is de kans op een succesvol traject het grootst, wat is de wens van de inwoner en de aan-of afwezigheid van een positief netwerk. De handreiking over de landelijke toegankelijkheid van beschermd wonen vormt onderdeel van het werkproces van de toegang tot beschermd wonen in de centrumgemeente Oss. In 2026 is de Handreiking en beleidsregels landelijke toegankelijkheid beschermd wonen geactualiseerd.
4.3 Algemene voorziening Beschermd wonen
De time-out voorziening is een tijdelijke opvang met 24-uurs toezicht (fysiek aanwezig slapende dienst) als algemene voorziening binnen het regionale vangnet.
Het doel is stabilisatie of herstel van de inwoner realiseren, zodat de inwoner weer terug kan naar de eigen woonomgeving.
De time-out voorziening is bedoeld voor:
Plaatsing in een time-out voorziening is voor een periode van maximaal 12 weken, waarna de inwoner weer terug kan naar de eigen woonomgeving of naar een vervolgvoorziening. Verlenging is alleen mogelijk in overleg met het Regioteam.
Inwoners kunnen gebruik maken van deze algemene voorziening na een lichte toets door de Regionale Toegang. De time-out voorziening heeft een aantal plekken op een centrale plaats in de regio, die uitsluitend beschikbaar zijn voor inwoners die op het moment van toewijzing woonachtig zijn in de regio Brabant Noordoost-Oost.
4.4 Maatwerkvoorzieningen Beschermd wonen
Er worden bij beschermd wonen twee producten onderscheiden, beide maatwerkvoorzieningen:
Daarnaast kan er bij Beschermd wonen met 24-uurs ondersteuning een toeslag worden verstrekt voor het tijdelijk opplussen van de inzet van de zorgaanbieder, voor inwoners die tijdelijk extra ondersteuning nodig hebben. Hier zijn criteria aan verbonden.
4.4.1 Geclusterd beschermd thuis
De inwoner krijgt bij Geclusterd beschermd thuis (GBT) intensieve ondersteuning in de woning van de aanbieder.
Kwetsbare inwoners voorbereiden op de overgang naar zelfstandig wonen in de wijk waarbij de tussenstap dient om de nodige vaardigheden en stabiliteit op te bouwen. De intensieve ondersteuning is gericht op het bieden van integrale ondersteuning op verschillende levensgebieden om te leren zo zelfstandig mogelijk te wonen afgestemd op het individu. Vroegtijdig ingrijpen voorkomt instroom in de zwaardere voorziening van het Regionaal Specialistisch Vangnet zoals beschermd Wonen met 24-uurs ondersteuning, maatschappelijke opvang en time-out voorziening.
Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder;
Geclusterd beschermd thuis vangt aan op het moment dat de Regionale Toegang de inwoner plaatst bij de aanbieder, is zo kort mogelijk en heeft een maximale duur van 2 jaar. In overleg met de Regionale Toegang kan verlenging aan de orde zijn. Binnen 8 weken na de start van de ondersteuning stelt de aanbieder een trajectplan op met de inwoner.
4.4.2 Beschermd wonen met 24-uurs ondersteuning
Het bieden van een beschermde woonomgeving met 24-uurs onplanbare ondersteuning en toezicht.
De intensieve ondersteuning is gericht op het behouden en ontwikkelen van vaardigheden, het bevorderen van persoonlijk en maatschappelijk herstel en het versterken van de eigen regie. Er wordt gewerkt aan stabilisatie binnen de huidige setting, afgestemd op het individu, en wanneer mogelijk aan uitstroom richting meer zelfstandige vormen van wonen.
Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder;
De indicatie voor beschermd wonen met 24-uurs ondersteuning wordt afgegeven door de Regionale Toegang. De indicatie is zo kort mogelijk, met een maximale duur van twee jaar. Hierna kan er eventueel verlengd worden in overleg met het Regioteam.
Het is mogelijk om voor een inwoner naast een indicatie beschermd wonen een toeslag beschermd wonen te verstrekken. De inzet van de zorgaanbieder wordt dan tijdelijk verhoogd, waarvoor de aanbieder een toeslag krijgt.
De toegang kan met de volgende criteria bepalen of een inwoner hier aanspraak op maakt:
Afhankelijk van het gelopen voortraject bijvoorbeeld bij de start van beschermd wonen (of doorstroom vanuit crisis) is het mogelijk dat gedurende maximaal drie maanden het tijdelijk opplussen van de inzet bij beschermd wonen wordt geïndiceerd om daarna vanuit de herstelvisie af te schalen.
Er is een aparte productomschrijving safehouses in regio Brabant Noordoost-Oost en in Q2 van 2026 is er een aanbesteding (open house).
Een safehouse biedt intensieve ondersteuning aan herstelgerichte volwassenen met verslavingsproblematiek in een beschutte woonvoorziening van de aanbieder. De term 'safehouse’ duidt op een veilige, gezonde en abstinente leefomgeving in een kleinschalige huiselijke setting waar een sterke nadruk ligt op groepsdynamiek en onderlinge steun. De ondersteuning is gebaseerd op evidence-based en practice-based herstelgerichte methodieken die effectief en passend zijn bij de ondersteuningsvraag van de inwoner. Denk hierbij aan het Minnesota 12 stappen-model of een andere gelijkwaardige methode die door het Trimbosinstituut is erkend.
Het bevorderen van zelfregie en het vergroten van de kwaliteit van leven staan centraal. Inwoners leren vaardigheden en gedrag aan die essentieel zijn voor duurzaam herstel. De intensieve ondersteuning is gericht op het bieden van integrale ondersteuning op verschillende levensgebieden om te leren abstinent te blijven en zo zelfstandig mogelijk te wonen afgestemd op het individu.
Verblijf in het safehouse verkleint de kans op crisissituaties of terugvalrisico's en instroom in zwaardere voorzieningen van het regionaal specialistisch vangnet.
Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder:
Na afloop of bij voortijdige beëindiging van de safehouseplaatsing heeft de inwoner geen recht op beschermd wonen. Bij aanvang van de plaatsing dient de inwoner te beschikken over een uitstroomadres. Dit hoeft niet per se een eigen woning te zijn, maar kan ook een adres zijn binnen het netwerk van de inwoner.
HOOFDSTUK 6 Maatschappelijke opvang
Onder maatschappelijke opvang wordt verstaan: Het tijdelijk bieden van onderdak, opvang en/of ondersteuning (met inbegrip van screening en advisering) aan volwassenen en gezinnen die, door meerdere problemen, al dan niet gedwongen, de thuissituatie hebben of dreigen te verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving en waarvoor geen andere oplossing mogelijk of beschikbaar is.
Het beoogde resultaat van de maatschappelijke opvang is primair het bieden van tijdelijk, veilig onderdak en ondersteuning aan personen die door urgente (vaak meervoudige) problematiek de thuissituatie hebben verlaten en zich niet op eigen kracht kunnen handhaven. Het doel is het herstel van de zelfredzaamheid en het toeleiden naar een passende, zo zelfstandig mogelijke woonplek.
6.1 Criteria maatschappelijke opvang
De maatschappelijke opvang is bedoeld voor inwoners van 18 jaar en ouder waarbij naast het ontbreken van huisvesting meerdere problemen aanwezig zijn, waardoor men onvoldoende zelfredzaam is. Het kan gaan om financiële problemen, psychische problemen, justitiële problemen, verslaving en het ontbreken van een zinvolle daginvulling.
6.2 Landelijke toegankelijkheid
De maatschappelijke opvang is een algemene, landelijk toegankelijke voorziening. De maatschappelijke opvang moet daarom opvang kunnen bieden voor diegenen die dat nodig hebben en daar recht op hebben. Dit is vastgelegd in een Convenant Landelijke Toegankelijkheid Maatschappelijke Opvang (2016). De handreiking die is gebaseerd op dit convenant wordt in 2026 geactualiseerd. De nieuwe versie is van toepassing zodra die gepubliceerd is.
Uitgangspunt is dat voor inwoners uit de regio Brabant Noordoost-Oost de gemeente van herkomst het eerste aanspreekpunt is en het Regioteam BWO is aanspreekpunt voor alle anderen conform het Convenant Landelijke Toegankelijkheid.
6.3 Algemene voorzieningen maatschappelijke opvang
Een algemene voorziening geldt als preventief en voorliggend op de maatwerkvoorziening. Het doel is om zwaardere, specialistische zorg te voorkomen. In regio Brabant Noordoost-Oost worden de volgende algemene voorzieningen aangeboden gericht binnen de maatschappelijke opvang.
6.3.1 Kortdurende noodopvang en inloopvoorziening
Kortdurende noodopvang is acute opvang die voor mensen die in directe nood verkeren en geen veilige slaapplek hebben. Het is een bed, bad, brood voorziening met lichte ondersteuning. De inwoner kan terecht op de kortdurende noodopvang vanaf 17.00 uur ’s avonds tot 10.00 uur de volgende ochtend. De inloopvoorziening is op werkdagen open vanaf 10.00 uur tot 17.00 uur.
De kortdurende noodopvang is een laagdrempelige opvangvoorziening. Het doel is kortdurende opvang in de avond en nacht met als doel stabilisatie, tot rust komen, het bieden van een veilige overnachtingsplek en een maaltijd. Overdag kan men gebruik maken van de voorzieningen van de inloopvoorziening.
De kortdurende opvang is bedoeld om:
Bij de inloopvoorziening overdag worden aanvullend hierop de volgende activiteiten uitgevoerd:
De persoon is dak- of thuisloos en is niet in staat zich op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met behulp van andere personen in zijn sociale netwerk te handhaven in de samenleving. Specifiek aan de doelgroep van de kortdurende noodopvang is dat zij geen gebruik maken van een maatwerkvoorziening voor maatschappelijke opvang, hetzij doordat zij (nog) niet in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening of dit niet willen. De inloopvoorziening is vrij toegankelijk voor iedereen verblijvend in de kortdurende noodopvang, maar ook voor andere (dreigend) dak- en thuisloze inwoners vanaf 18 jaar uit de regio Brabant Noordoost-Oost.
Het uitgangspunt is dat verblijf in de avond en nacht mogelijk is voor de maximale duur van drie aaneengesloten maanden of zoveel korter als mogelijk. In deze periode is er ruimte om verder onderzoek te doen naar de ondersteuningsbehoefte en een vervolgtraject. Het verblijf wordt beëindigd zodra persoon kan doorstromen naar een trajectvoorziening of als persoon daarvoor niet in aanmerking komt. Verblijf in de kortdurende noodopvang langer dan drie maanden is niet mogelijk. Dit voorkomt dat de kortdurende noodopvang ingezet wordt als permanente verblijf- of woonplek.
Het bieden van winteropvang is het tijdelijk bieden van een veilige opvangplek aan dak- en thuisloze personen in de winterperiode van november tot april wanneer de weersomstandigheden dit vereisen. De winteropvang is geopend bij een gevoelstemperatuur onder de 0 graden Celsius of bij andere extreme weersomstandigheden.
Het doel van de winteropvang is om gezondheidsschade door vrieskou te voorkomen en personen ’s nachts een veilige slaapplek te bieden.
Kwetsbare dak- of thuisloze personen van 18 jaar en ouder die niet zelfredzaam zijn in het vinden van onderdak in de winterperiode en anders op straat zouden verblijven. Daarbij komen zij niet in aanmerking voor andere voorzieningen zoals bijvoorbeeld kortdurende noodopvang of maatschappelijke opvang. De persoon kan zich houden aan geldende huisregels.
Voor de winteropvang gelden in principe géén uitzonderingen op basis van status (documentatie), verleden, herkomst, geslacht en/ of leeftijd. Hier kan van afgeweken worden indien zorgaanbieder aantoont dat opvang op basis van zwaarwegende gronden niet van hen kan worden gevraagd. Denk hierbij als een persoon heelt, steelt, dealt, in bezit is van wapens en/ of extreem agressief gedrag laat zien tijdens het verblijf op de winteropvang. De politie zal worden ingeschakeld en de toegang tot opvang kan dan ontzegd worden.
De winteropvang is geopend in de periode 1 november t/m 31 maart, wanneer de weersomstandigheden daar aanleiding voor geven.
De criteria voor openstelling zijn:
De aanmelding en beoordeling voor de winteropvang verloopt rechtstreeks via de zorgaanbieder van de winteropvang. De inwoner kan zich daar direct melden.
6.4 Maatwerkvoorzieningen maatschappelijke opvang
Een maatwerkvoorziening maatschappelijke opvang is een op de individuele behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden afgestemde vorm van tijdelijke opvang met begeleiding. Met als doel toe te werken naar een passende duurzame woonplek.
In regio Brabant Noordoost-Oost worden de volgende maatwerkvoorzieningen aangeboden binnen de maatschappelijke opvang: kleinschalige opvang, kleinschalige opvang voor gezinnen, maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning en vrouwenopvang (via centrumgemeente ’s-Hertogenbosch).
Kleinschalige opvang is een voorziening voor dak- en thuisloze personen en gezinnen vanaf 18 jaar waarbij geen noodzaak is voor 24 uurs toezicht en nabijheid van begeleiding, maar voor wie zelfstandig wonen in de thuissituatie nog niet haalbaar is. Inwoners verblijven in een (kleinschalige) woonvoorziening van de aanbieder, waar zij intensieve ondersteuning ontvangen.
Alle inwoners die gebruik maken van een opname in de kleinschalige opvang hebben een traject op maat om te kunnen werken aan zo gewoon mogelijk wonen met herstelondersteuning gericht op inclusie, volwaardig burgerschap, participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving. Doel is ontwikkeling naar zelfredzaamheid en zelfstandig wonen in de wijk, zodat uiteindelijk afschaling, naar bijvoorbeeld Individuele Ondersteuning Wmo of sociale teams vanuit de gemeente van herkomst, weer mogelijk is. Of, wanneer dit niet haalbaar is, toewerken naar een andere woonvorm zoals bijvoorbeeld beschermd wonen of Wet langdurige zorg.
Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder:
Aanvulling doelgroep kleinschalige opvang voor gezinnen:
De duur van een traject in de kleinschalige opvang is in de regel 6 maanden; waarbij uitgegaan wordt van zo kort als mogelijk, zo lang als noodzakelijk.
De Regionale Toegang plaatst de inwoner bij de aanbieder. Of de inwoner stroomt door vanuit de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning, na overleg met de Regionale Toegang. Met als doel duurzame doorstroom naar zelfstandig wonen.
6.4.2 Maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning
Maatschappelijke opvang met 24 uurs ondersteuning is een voorziening voor dak- en thuisloze personen vanaf 18 jaar voor wie het noodzakelijk is dat er continue nabijheid van begeleiding en toezicht is. Het betreft inwoners voor wie zelfstandig wonen nog niet haalbaar is en die intensieve ondersteuning nodig hebben om stabiliteit en basisvaardigheden op te bouwen.
Alle inwoners die gebruik maken van een opname in de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning hebben een traject op maat om te kunnen werken aan zo gewoon mogelijk wonen met herstelondersteuning gericht op inclusie, volwaardig burgerschap, participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving. Doel is ontwikkeling naar zelfredzaamheid en zelfstandig wonen in de wijk, zodat uiteindelijk afschaling, naar bijvoorbeeld Individuele Ondersteuning Wmo of sociale teams vanuit de gemeente van herkomst, weer mogelijk is. Of, wanneer dit niet haalbaar is, toewerken naar een andere woonvorm zoals bijvoorbeeld beschermd wonen of een woonvorm binnen de Wet langdurige zorg.
Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder:
De duur van een traject in de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning is in de regel 3 tot 6 maanden; waarbij uitgegaan wordt van zo kort als mogelijk, zo lang als noodzakelijk.
Inwoners die gebruik willen maken van een opname in de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning, melden zich zoals eerder genoemd bij de gemeente van herkomst (geldt niet voor inwoners van buiten de regio BNO-O). Meestal is dit de gemeente waar de inwoner als laatst ingeschreven stond dan wel het langst verbleef. Plaatsing verloopt via de Regionale Toegang.
Vrouwenopvang is het tijdelijk bieden van onderdak en begeleiding aan vrouwen en kinderen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld.
De vrouwenopvang biedt vrouwen en kinderen veiligheid, opvang en begeleiding om weer tot rust te komen.
Een inwoner kan in aanmerking komen voor vrouwenopvang als die:
Centrumgemeente ’s-Hertogenbosch voert deze opvang uit voor de gemeente Oss. Voor de werkwijze aanmeldingsprocedure vrouwenopvang verwijzen we naar artikel 4.5.5.2. in de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 's-Hertogenbosch 2026. In artikel 4.5.5.3. van deze beleidsregels staan de algemene toelatingsvoorwaarden en weigeringsgronden voor de toelating tot de vrouwenopvang en in artikel 4.5.5.4. staat de productomschrijving en specifieke aanvullende toelatingsvoorwaarden per voorziening, waaronder vrouwenopvang.
HOOFDSTUK 7 Financiering van de voorzieningen
Uitgangspunt voor de maatwerkvoorzieningen beschermd wonen, safehouses en de maatschappelijke opvang is dat de inwoner zorg in natura krijgt.
Het pgb minder geschikt als financieringsvorm voor deze doelgroep, vanwege de redelijke waardering van belangen van de inwoner. De inwoners die deze voorzieningen nodig hebben zijn dermate kwetsbaar dat sprake is van een voorziening met een beschermend karakter. De doelgroep kenmerkt zich door (ernstige) psychische en psychiatrische beperkingen en/of omstandigheden, met verlies van zelfredzaamheid, zelfregie en risico's voor bestaanszekerheid. Daardoor is de inwoner niet in staat om zijn of haar belangen te behartigen en taken uit te voeren die verbonden zijn aan het inkopen van zorg.
De zorg moet daarnaast voldoen aan de kwaliteitseisen zoals die ook voor gecontracteerde aanbieders geldt. Voor beschermd wonen in de vorm zorg in natura heeft de gemeente Oss resultaatovereenkomsten getekend met diverse zorgaanbieders. Hierin zijn de tussen de centrumgemeente Oss en de verschillende aanbieders gemaakte afspraken en voorwaarden voor het leveren van de ondersteuning nader uitgewerkt en vastgelegd. De tarieven en daarmee ook de producten voor beschermd wonen zijn gekoppeld aan de zorgzwaarte.
Voor alle maatwerkvoorzieningen beschermd wonen en maatschappelijke opvang in regio Brabant Noordoost-Oost is het scheiden van wonen en zorg doorgevoerd. Bij het scheiden van wonen en zorg betaalt de inwoner zelf voor het wonen via huur of koop. Door een tarief te hanteren waarin de huisvesting en zorg apart inzichtelijk is, komt er zicht op de zorgkosten en worden deze niet vertroebeld door kapitaallasten van een gebouw of andere investeringen. Alleen de zorgkosten worden gefinancierd door de gemeente en woon- en verblijfkosten komen voor rekening van de inwoner.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-310799.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.