Beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang Oss 2026

Het college van burgemeester en wethouders,

In zijn vergadering van 26 mei 2026

Gezien het voorstel met registratienummer 1056

 

Besluit

 

  • 1.

    De Beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang Oss 2026 vast te stellen.

  • 2.

    De Nadere regels en beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Oss 2021 en de Beleidsregels beschermd wonen Oss 2021 in te trekken.

INLEIDING

De gemeenteraad heeft ingevolge de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (hierna: Wmo 2015) de taak een verordening vast te stellen. In de verordening maatschappelijke ondersteuning Oss 2026 (hierna: verordening) heeft de gemeenteraad de kaders vastgesteld waarbinnen het college uitvoering geeft aan het raadsbeleid op grond van de Wmo 2015. Het college heeft bij de uitvoering rekening te houden met de kaders in de verordening en met de taken en bevoegdheden die in de Wmo 2015 rechtstreeks aan het college worden verstrekt en de daarbij geldende kaders.

 

De beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang Oss 2026 (hierna: beleidsregels) zijn een uitwerking van de aan het college toebedeelde bevoegdheden en van de beleidsruimte die de wetgever en de gemeenteraad aan het college laat. De beleidsregels bevatten afwegingskaders die gelden bij het inzetten van passende ondersteuning (algemene- en maatwerkvoorzieningen).

 

In de verordening en ook in de beleidsregels is een belangrijke rol weggelegd voor het proces om te komen tot een passende oplossing voor problemen die inwoners ondervinden bij zelfredzaamheid en participatie. Bij de afweging over maatwerkvoorzieningen wordt altijd nagegaan wat de mogelijkheden van inwoners zelf zijn (eigen kracht), wat het sociaal netwerk aan ondersteuning kan bieden, of er mogelijkheden zijn op basis van andere wettelijke regelingen en tenslotte of er algemene voorzieningen zijn die de hulpvraag kunnen oplossen. Dit afwegingsproces is waar nodig per voorziening uitgewerkt in de beleidsregels.

 

Uitgangspunt is de persoonlijke situatie van iedere inwoner. Dit betekent dat in de beleidsregels niet tot in detail is vastgelegd hoe het college in concrete situaties zal handelen. De beleidsregels bieden ruimte om in te spelen op persoonlijke mogelijkheden en omstandigheden.

 

Op grond van de Wmo 2015 is de gemeente Oss als centrumgemeente verantwoordelijk voor het bieden van beschermd wonen en maatschappelijke opvang in de regio Brabant Noordoost-Oost (BNO-O). De gemeente Oss koopt beschermd wonen en maatschappelijke opvang in en draagt zorg voor de toegang voor de inwoners van de vijf regiogemeenten.

HOOFDSTUK 1 Begripsbepalingen

Alle begrippen die in deze beleidsregels worden gebruikt en die niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, het Uitvoeringsbesluit Wmo 2015, de Algemene wet bestuursrecht en de hierop gebaseerde Verordening Maatschappelijke Ondersteuning Oss 2026.

 

Algemene voorziening: Aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand diepgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning.

 

Beschermd wonen (BW): Wonen in een beschermde leefomgeving met daarbij behorend toezicht en ondersteuning. Deze ondersteuning is gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing of maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de burger of anderen. Beschermd wonen is bestemd voor mensen met een blijvende of langdurige psychische aandoening, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Persoonlijke verzorging en verpleging kunnen onderdeel zijn van de ondersteuning.

 

Centrumgemeente: De gemeente Oss die mede namens de gemeenten Bernheze, Boekel, Land van Cuijk en Maashorst beschermd wonen en de maatschappelijke opvang uitvoert.

 

Maatschappelijke opvang (MO): Het tijdelijk bieden van opvang en/of ondersteuning (met inbegrip van screening en advisering) aan volwassenen en gezinnen die, door meerdere problemen, al dan niet gedwongen, de thuissituatie hebben of dreigen te verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving en waarvoor geen andere oplossing mogelijk of beschikbaar is.

 

Maatwerkvoorziening: Op de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van een persoon afgestemd geheel van diensten, hulpmiddelen, woningaanpassingen en andere maatregelen:

  • ten behoeve van de zelfredzaamheid;

  • ten behoeve van participatie;

  • ten behoeve van beschermd wonen en opvang.

Regio: Regio Brabant Noordoost-Oost bestaande uit de gemeenten Bernheze, Boekel, Land van Cuijk, Maashorst en Oss.

 

Regionale Toegang: Werkwijze waarbij gemeenten in de regio Brabant Noordoost-Oost samenwerken om de toegang tot specialistische voorzieningen te regelen en te financieren.

 

Regioteam BWO (beschermd wonen en maatschappelijke opvang): Zorgt voor consultatie en advies, fungeert als expertiseteam, voert brede vraagverheldering uit wanneer het gaat om een bovenregionaal of safehouse verzoek en neemt het besluit rondom maatschappelijke opvang en beschermd wonen.

 

Scheiden wonen en zorg: Bij het scheiden van wonen en zorg betaalt de inwoner zelf voor het wonen via huur of koop. Door een tarief te hanteren waarin de huisvesting en zorg apart inzichtelijk is, komt er zicht op de zorgkosten en worden deze niet vertroebeld door kapitaallasten van een gebouw of andere investeringen. Voor alle maatwerkvoorzieningen in regio BNO-O is scheiden van wonen en zorg doorgevoerd.

HOOFDSTUK 2 Procedure

De wet kent een uitgebreide toegangsprocedure tot (maatwerk)voorzieningen die bestaat uit drie delen:

  • Melding en onderzoek

  • Aanvraag en besluit

  • Bezwaar, beroep en hoger beroep

2.1 Melding en onderzoek

Melding

Inwoners melden zich direct bij hun eigen gemeente van herkomst met vragen rondom beschermd wonen en maatschappelijke opvang.

 

Onderzoek

De gemeente van herkomst voert de brede vraagverheldering uit voor beschermd wonen en maatschappelijke opvang en kan indien nodig het Regioteam BWO inschakelen voor consultatie en advies. Wanneer het gaat om een bovenregionaal- of safehouse verzoek, dan voert het Regioteam BWO de brede vraagverheldering uit.

De consulent van de gemeente van herkomst bespreekt samen met de inwoner of zijn vertegenwoordiger wat de hulpvraag inhoudt en waaruit de behoefte aan ondersteuning bestaat.

Om de situatie in kaart te brengen wordt gekeken naar de beperkingen die iemand ondervindt in de zelfredzaamheid en/of participatie.

 

Na afronding van het onderzoek, schrijft de gemeente van herkomst het onderzoeksverslag. In dit verslag staat alle informatie die relevant is voor de hulpvraag. Het bevat ook een advies met goede motivering voor het Regioteam over de toegangsbepaling beschermd wonen of maatschappelijke opvang.

 

2.2 Aanvraag en besluit

Aanvraag

Het onderzoeksverslag wordt naar de inwoner gestuurd. Het door de inwoner ondertekende onderzoeksverslag kan als aanvraag voor beschermd wonen of maatschappelijke opvang dienen. Voor MO hoeft het onderzoeksverslag niet ondertekend te worden. De gemeente van herkomst stuurt het ondertekende verslag via een beveiligde mail door naar het Regioteam BWO.

 

Afwegingskader

Het Regioteam stelt vast of de inwoner tot de doelgroep beschermd wonen of maatschappelijke opvang behoort. Het afwegingskader van BW verschilt van dat van MO. De criteria verschillen per product. De beoordeling van maatwerkvoorzieningen staat beschreven in hoofdstuk 3. De afwegingscriteria voor beschermd wonen, safehouses en maatschappelijke opvang zijn uitgewerkt in hoofdstuk 4, 5 en 6 van deze beleidsregels.

 

Daar waar nodig om de toegang van beschermd wonen te kunnen bepalen wordt, met alle privacyregels in acht nemend, extra informatie of advies ingewonnen bij onafhankelijke partijen, bijvoorbeeld bij eerste- of tweedelijns professionals. Voor beschermd wonen doen de consulenten van de lokale gemeenten dit, voor safehouse- en bovenregionale aanvragen doet het Regioteam dit.

 

Beschikking

Het Regioteam draagt zorg voor de afronding van de aanvraag en het besluit. Er wordt in beginsel binnen twee weken een besluit genomen over de toegang tot beschermd wonen of maatschappelijke opvang. Dit wordt vastgelegd in een beschikking, die de inwoner via het Regioteam ontvangt. In de beschikking staat vermeld:

  • Het resultaat van de ondersteuning en waar de ondersteuning zich op richt;

  • De vorm van de ondersteuning;

  • De ingangsdatum en de duur;

  • Dat de voorziening wordt verstrekt in natura;

  • Informatie over de eigen bijdrage.

2.3 Bezwaar, beroep en hoger beroep

De inwoner kan bezwaar aantekenen tegen het besluit op zijn aanvraag.

HOOFDSTUK 3 Algemeen beoordelingskader maatwerkvoorzieningen

Het algemene beoordelingskader voor aanspraken op maatwerkvoorzieningen wordt bepaald door de wet (zoals de doelgroep en de eigen verantwoordelijkheid), de Verordening (voorwaarden om in aanmerking te komen voor een maatwerkvoorziening), de Nadere regels en de onderhavige beleidsregels. Daarnaast geldt dat sprake moet zijn van maatwerk.

 

Bij de aanspraak op iedere maatwerkvoorziening wordt gekeken naar:

  • 1.

    Behoort de inwoner tot de doelgroep van beschermd wonen of maatschappelijke opvang?

  • 2.

    Zijn er andere mogelijkheden, zoals eigen kracht, mantelzorg of hulp van iemand uit het sociale netwerk?

  • 3.

    Is er sprake van gebruikelijke hulp?

  • 4.

    Zijn er (deels) voorliggende voorzieningen beschikbaar?

  • 5.

    Zijn er (deels) algemene voorzieningen beschikbaar?

Eigen kracht, mantelzorg en hulp van sociaal netwerk

De eigen kracht van de inwoner is een belangrijke pijler van de wet. Het uitgangspunt van de wet is immers dat de inwoner eerst kijkt in hoeverre hij zelf, of samen met zijn directe omgeving als dat mogelijk is, een bijdrage kan leveren aan het verbeteren van zijn situatie. De inwoner wordt gestimuleerd om zelf de regie te voeren en eigen mogelijkheden te benutten. Hiertoe behoort ook dat hij een beroep doet op familie, vrienden, buren, collega's – zijn eigen sociaal netwerk – alvorens hij bij de gemeente aanklopt voor hulp. Het is immers normaal dat mensen iets doen voor hun partner, familielid, vriend, buur of collega als deze persoon niet geheel op eigen kracht kan deelnemen aan de samenleving. Het uitgangspunt is dus dat iedere inwoner eerst kijkt wat hij zelf kan doen, wat zijn sociale omgeving voor hem kan doen of wat hij zelf voor een ander kan doen. Oplossingen die een inwoner zelf redelijkerwijs kan realiseren gaan voor op het verstrekken van een maatwerkvoorziening.

 

Gebruikelijke hulp

Hulp die naar algemeen aanvaarde opvattingen in redelijkheid dagelijks mag worden verwacht van de echtgenoot, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten uit de eigen familiekring.

 

Voorliggende voorzieningen

Voorliggende voorzieningen zijn voorzieningen op grond van een andere wet die voorgaan op de verstrekking van een maatwerkvoorziening, voor zover deze voorliggende voorziening een passende en toereikende oplossing biedt en/of de maatwerkvoorziening als niet noodzakelijk heeft aangemerkt. Naast de Wmo zijn andere financieringsvormen op het gebied van de Geestelijke Gezondheidszorg (GGZ). Het gaat dan om verblijf gefinancierd vanuit de Zorgverzekeringswet (Zvw), de Wet langdurige zorg (Wlz) en de Wet forensische zorg (Wfz). Dat betekent dat de gemeente altijd onderzoekt of één van deze wetten mogelijk voorliggend is.

  • Zorgverzekeringswet

    Er is sprake van zorg uit de Zorgverzekeringswet wanneer de aanwezigheid van een psychiater of arts in de directe nabijheid van de inwoner noodzakelijk is. Het wonen maakt integraal onderdeel uit van de behandeling.

  • Wet langdurige zorg

    De Wet langdurige zorg regelt en financiert onder andere de intramurale zorg voor inwoners die blijvend zijn aangewezen op 24 uur per dag zorg in nabijheid of permanent toezicht vanwege hun psychische stoornis (al dan niet in combinatie met een verstandelijke beperking). Er is vastgesteld dat de inwoner levenslange en levensbrede noodzaak heeft tot 24-uurs zorg in nabijheid. Er is geen uitzicht op verbetering of herstel.

  • Wet forensische zorg

    De Wet forensische zorg regelt en financiert de zorg voor inwoners met een justitiële forensische zorgtitel.

Algemene voorzieningen

Een algemene voorziening is een aanbod van diensten of activiteiten dat, zonder voorafgaand onderzoek naar de behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden van de gebruikers, toegankelijk is en dat is gericht op maatschappelijke ondersteuning.

De inwoner komt op grond van de wet (en ook de Verordening) niet in aanmerking voor een maatwerkvoorziening als er een algemene voorziening is die:

  • Daadwerkelijk beschikbaar is voor de inwoner.

  • Financieel gedragen kan worden door de inwoner.

  • Passend en toereikend is voor de inwoner.

Voorbeelden van algemene voorzieningen op het gebied van beschermd wonen en maatschappelijke opvang zijn de time-out voorziening, de kortdurende noodopvang en de winteropvang. Ook dagbestedingsactiviteiten via bijvoorbeeld welzijnswerk vallen hieronder.

HOOFDSTUK 4 Beschermd wonen

Onder beschermd wonen wordt verstaan het wonen in een beschermde leefomgeving met daarbij behorend toezicht en ondersteuning. Deze ondersteuning is gericht op het bevorderen van zelfredzaamheid en participatie, het psychisch en psychosociaal functioneren, stabilisatie van een psychiatrisch ziektebeeld, het voorkomen van verwaarlozing en maatschappelijke overlast of het afwenden van gevaar voor de burger of anderen. Beschermd wonen is bestemd voor mensen met een blijvende of langdurige psychische aandoening, die niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving. Persoonlijke verzorging en verpleging kunnen onderdeel zijn van de ondersteuning. Er is een grote variatie in beschermde woonvormen.

 

Beschermd wonen moet leiden tot een situatie waarin de inwoner weer in staat is zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving of wanneer dit niet mogelijk is, een situatie waarin de inwoner zoveel mogelijk voldoende zelfredzaam is en kan participeren in de samenleving.

 

4.1 Criteria beschermd wonen

De centrumgemeente stelt vast of de inwoner tot de doelgroep behoort waarvoor beschermd wonen is bedoeld. In de Verordening staan de criteria voor beschermd wonen benoemd. In dit hoofdstuk staan de toelatingscriteria per voorziening binnen beschermd wonen nader uitgewerkt in paragraaf 4.3 en 4.4.

 

4.2 Landelijke toegankelijkheid

Beschermd wonen is een landelijk toegankelijke voorziening, dat betekent dat inwoners die gebruik maken of willen maken van beschermd wonen zich in elke gemeente kunnen melden. Op verzoek van de centrumgemeenten is een handreiking opgesteld om de landelijke toegankelijkheid van beschermd wonen te waarborgen. Deze Handreiking en beleidsregels Landelijke toegang beschermd wonen doet aanbevelingen aan gemeenten over hoe te handelen op het moment dat een inwoner zich meldt. De gezamenlijke centrumgemeenten onderschrijven de lijn uit deze handreiking in het Convenant Landelijke Toegankelijkheid Beschermd Wonen. De afwegingen in deze handreiking hebben betrekking op: Waar is de kans op een succesvol traject het grootst, wat is de wens van de inwoner en de aan-of afwezigheid van een positief netwerk. De handreiking over de landelijke toegankelijkheid van beschermd wonen vormt onderdeel van het werkproces van de toegang tot beschermd wonen in de centrumgemeente Oss. In 2026 is de Handreiking en beleidsregels landelijke toegankelijkheid beschermd wonen geactualiseerd.

 

4.3 Algemene voorziening Beschermd wonen

4.3.1 Time-out voorziening

Omschrijving product

De time-out voorziening is een tijdelijke opvang met 24-uurs toezicht (fysiek aanwezig slapende dienst) als algemene voorziening binnen het regionale vangnet.

 

Doel

Het doel is stabilisatie of herstel van de inwoner realiseren, zodat de inwoner weer terug kan naar de eigen woonomgeving.

 

Doelgroep

De time-out voorziening is bedoeld voor:

  • inwoners met een psychische kwetsbaarheid die zelfstandig wonen en tot rust moeten komen om escalatie of terugval te voorkomen en daarna weer terug naar huis kunnen;

  • inwoners met een psychische kwetsbaarheid die beschermd wonen en tijdelijk uit de groep geplaatst moeten worden om escalatie/ terugval te voorkomen;

  • inwoners die tijdelijk opvang met toezicht nodig hebben voor en na intramurale behandeling GGZ of verplichte zorg (Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg / Wvggz);

  • inwoners die een time-out nodig hebben, maar tussen wal en schip dreigen te vallen tussen medisch domein (Wlz, Zvw, behandeling) en sociaal domein.

Duur

Plaatsing in een time-out voorziening is voor een periode van maximaal 12 weken, waarna de inwoner weer terug kan naar de eigen woonomgeving of naar een vervolgvoorziening. Verlenging is alleen mogelijk in overleg met het Regioteam.

 

Aanmelding

Inwoners kunnen gebruik maken van deze algemene voorziening na een lichte toets door de Regionale Toegang. De time-out voorziening heeft een aantal plekken op een centrale plaats in de regio, die uitsluitend beschikbaar zijn voor inwoners die op het moment van toewijzing woonachtig zijn in de regio Brabant Noordoost-Oost.

 

4.4 Maatwerkvoorzieningen Beschermd wonen

Er worden bij beschermd wonen twee producten onderscheiden, beide maatwerkvoorzieningen:

  • 1.

    Geclusterd Beschermd Thuis

  • 2.

    Beschermd wonen met 24-uurs ondersteuning

Daarnaast kan er bij Beschermd wonen met 24-uurs ondersteuning een toeslag worden verstrekt voor het tijdelijk opplussen van de inzet van de zorgaanbieder, voor inwoners die tijdelijk extra ondersteuning nodig hebben. Hier zijn criteria aan verbonden.

4.4.1 Geclusterd beschermd thuis

Omschrijving product

De inwoner krijgt bij Geclusterd beschermd thuis (GBT) intensieve ondersteuning in de woning van de aanbieder.

 

Doel

Kwetsbare inwoners voorbereiden op de overgang naar zelfstandig wonen in de wijk waarbij de tussenstap dient om de nodige vaardigheden en stabiliteit op te bouwen. De intensieve ondersteuning is gericht op het bieden van integrale ondersteuning op verschillende levensgebieden om te leren zo zelfstandig mogelijk te wonen afgestemd op het individu. Vroegtijdig ingrijpen voorkomt instroom in de zwaardere voorziening van het Regionaal Specialistisch Vangnet zoals beschermd Wonen met 24-uurs ondersteuning, maatschappelijke opvang en time-out voorziening.

 

Doelgroep

Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder;

  • die beperkt zelfredzaam is;

  • bij wie de psychische en/of psychosociale problematiek op de voorgrond staat;

  • waarbij complexe en veelomvattende problematiek op meerdere leefgebieden speelt;

  • die weinig tot goed belastbaar is, met weinig tot normale leerbaarheid en/of weinig tot voldoende intellectueel vermogen;

  • die woont (huurt) in een woonvorm van een zorgaanbieder;

  • die past bij geclusterd beschermd thuis en ervaart de meerwaarde van het kleinschalig wonen door het contact met medebewoners;

  • die de wens heeft om vaardigheden aan te leren om duurzaam zelfstandig te wonen in de wijk;

  • die met passende ondersteuning kan (leren) omgaan met eigen problematiek;

  • die met intensieve ondersteuning regie kan voeren over het eigen leven, maar waarbij overname van regie of meekijken op één of enkele leefgebieden tijdelijk nodig kan zijn;

  • die grotendeels planbare maar vooral intensieve hulp en ondersteuning nodig heeft en behoefte heeft aan achtervang voor ongeplande hulpvragen;

  • die voldoende leervermogen heeft zodat doorstroom naar zelfstandig wonen met Beschermd Thuis, Individuele Ondersteuning (Extra) of zelfs volledig zelfstandig wonen, na verloop van tijd mogelijk is;

  • die dagelijks ondersteuning nodig heeft bij het invullen en structureren van de dag en het aangaan en onderhouden van relaties.

Duur

Geclusterd beschermd thuis vangt aan op het moment dat de Regionale Toegang de inwoner plaatst bij de aanbieder, is zo kort mogelijk en heeft een maximale duur van 2 jaar. In overleg met de Regionale Toegang kan verlenging aan de orde zijn. Binnen 8 weken na de start van de ondersteuning stelt de aanbieder een trajectplan op met de inwoner.

4.4.2 Beschermd wonen met 24-uurs ondersteuning

Omschrijving product

Het bieden van een beschermde woonomgeving met 24-uurs onplanbare ondersteuning en toezicht.

 

Doel

De intensieve ondersteuning is gericht op het behouden en ontwikkelen van vaardigheden, het bevorderen van persoonlijk en maatschappelijk herstel en het versterken van de eigen regie. Er wordt gewerkt aan stabilisatie binnen de huidige setting, afgestemd op het individu, en wanneer mogelijk aan uitstroom richting meer zelfstandige vormen van wonen.

 

Doelgroep

Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder;

  • die beperkt zelfredzaam is en een onvoldoende netwerk heeft om zelfstandig te wonen;

  • bij wie ernstige psychische of psychosociale problematiek op de voorgrond staat;

  • waarbij langdurige complexe en veelomvattende problematiek speelt op meerdere leefgebieden;

  • die niet in staat is zelf de regie te voeren over diverse leefgebieden, ook niet met intensieve ambulante begeleiding;

  • die beperkt inzicht heeft in eigen gedrag en de gevolgen daarvan;

  • die (nog) niet in staat is om zelfstandig te wonen omdat de inwoner ondersteuning nodig heeft bij het uitvoeren van algemene dagelijkse zaken en bij het onderhouden van een veilige en gezonde leefomgeving;

  • die 24 uur onplanbare ondersteuning nodig heeft waarbij toezicht en nabijheid van personeel noodzakelijk is;

  • die woont (huurt) in een woonvorm van de aanbieder;

  • die dagelijks ondersteuning nodig heeft bij het invullen en structureren van de dag en het aangaan en onderhouden van relaties;

  • die structureel toezicht nodig heeft om de veiligheid te waarborgen, voor zichzelf en/of de omgeving.

Aanmelding en duur

De indicatie voor beschermd wonen met 24-uurs ondersteuning wordt afgegeven door de Regionale Toegang. De indicatie is zo kort mogelijk, met een maximale duur van twee jaar. Hierna kan er eventueel verlengd worden in overleg met het Regioteam.

4.4.3 Toeslag beschermd wonen

Omschrijving product

Het is mogelijk om voor een inwoner naast een indicatie beschermd wonen een toeslag beschermd wonen te verstrekken. De inzet van de zorgaanbieder wordt dan tijdelijk verhoogd, waarvoor de aanbieder een toeslag krijgt.

 

Doelgroep

De toegang kan met de volgende criteria bepalen of een inwoner hier aanspraak op maakt:

  • er is aantoonbaar sprake van een hoge mate van onvoorspelbaarheid en/of hoge intensiteit van de zorg; of

  • voor persoonlijke verzorging geldt dat er sprake is van een ernstige (onvoorzienbare) somatische zorgbehoefte; of

  • de veiligheid van de inwoner of zijn omgeving is in het geding. Onder cliëntveiligheid wordt verstaan afwezigheid van onaanvaardbare risico’s voor de inwoner op lichamelijke en/of psychische en/of sociale schade; of

  • er doen zich dagelijks ongeplande zorgmomenten voor. Hiervoor is het nodig dat de aanbieder meerdere malen per dag de inwoner in beeld heeft en zo nodig ingrijpt om ernstig nadeel voor de inwoner te voorkomen; of

  • tussentijds wordt door de aanbieder bepaald of afschalen voor de inwoner mogelijk is.

Duur

Afhankelijk van het gelopen voortraject bijvoorbeeld bij de start van beschermd wonen (of doorstroom vanuit crisis) is het mogelijk dat gedurende maximaal drie maanden het tijdelijk opplussen van de inzet bij beschermd wonen wordt geïndiceerd om daarna vanuit de herstelvisie af te schalen.

HOOFDSTUK 5 Safehouses

Er is een aparte productomschrijving safehouses in regio Brabant Noordoost-Oost en in Q2 van 2026 is er een aanbesteding (open house).

 

Omschrijving product

Een safehouse biedt intensieve ondersteuning aan herstelgerichte volwassenen met verslavingsproblematiek in een beschutte woonvoorziening van de aanbieder. De term 'safehouse’ duidt op een veilige, gezonde en abstinente leefomgeving in een kleinschalige huiselijke setting waar een sterke nadruk ligt op groepsdynamiek en onderlinge steun. De ondersteuning is gebaseerd op evidence-based en practice-based herstelgerichte methodieken die effectief en passend zijn bij de ondersteuningsvraag van de inwoner. Denk hierbij aan het Minnesota 12 stappen-model of een andere gelijkwaardige methode die door het Trimbosinstituut is erkend.

 

Doel

Het bevorderen van zelfregie en het vergroten van de kwaliteit van leven staan centraal. Inwoners leren vaardigheden en gedrag aan die essentieel zijn voor duurzaam herstel. De intensieve ondersteuning is gericht op het bieden van integrale ondersteuning op verschillende levensgebieden om te leren abstinent te blijven en zo zelfstandig mogelijk te wonen afgestemd op het individu.

Verblijf in het safehouse verkleint de kans op crisissituaties of terugvalrisico's en instroom in zwaardere voorzieningen van het regionaal specialistisch vangnet.

 

Doelgroep

Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder:

  • die recent is afgekickt van een verslaving (o.a. middelengebruik, gameverslaving, gokverslaving, sex and love addiction) en hiervoor meerdere behandelingen in de vorm van een klinische opname heeft gehad volgens de professionele standaard en zover hersteld zijn dat hij/zij abstinent kan blijven;

  • die vanuit de behandelkliniek rechtstreeks naar het safehouse gaat, zonder tussenpoos;

  • die een verwijzing heeft vanuit de behandelaar voor verblijf in een safehouse waaruit blijkt dat de behandelaar de aanvraag voor een safehouse-traject ondersteunt en kansrijk acht;

  • voor wie andere hulp (bijvoorbeeld individuele ondersteuning) aantoonbaar niet toereikend is om maatschappelijke uitval of sociale uitsluiting te voorkomen of op te lossen;

  • die na eerdere behandelingen (detox-pogingen) is teruggevallen in verslaving;

  • die beperkt zelfredzaam is;

  • die (tijdelijk) niet in staat is om zelfstandig met individuele ondersteuning thuis abstinent te blijven;

  • bij wie de verslavingsproblematiek op de voorgrond staat;

  • waarbij complexe en veelomvattende problematiek op meerdere leefgebieden speelt, zoals (nog niet) gediagnosticeerde psychische problematiek en psychosociale problematiek (zoals schulden, justitiële achtergrond, werk- en relatieproblematiek);

  • die een beschutte, methodisch ingerichte omgeving nodig heeft, vrij van het oude verslavingsnetwerk;

  • die gebaat is bij kleinschalig wonen door het contact met en steun van medebewoners;

  • die met passende ondersteuning kan (leren) omgaan met eigen problematiek;

  • die met intensieve ondersteuning regie kan voeren over het eigen leven, maar waarbij overname van regie of meekijken op één of meerdere leefgebieden tijdelijk nodig kan zijn;

  • die grotendeels planbare intensieve hulp en ondersteuning nodig heeft en behoefte heeft aan achtervang voor ongeplande hulpvragen;

  • die voldoende leervermogen heeft zodat doorstroom naar zelfstandig wonen met beschermd thuis, individuele ondersteuning (extra) of zelfs volledig zelfstandig wonen, na verloop van tijd mogelijk is;

  • die dagelijkse ondersteuning nodig heeft bij het invullen en structureren van de dag en het aangaan en onderhouden van relaties;

  • die duidelijk kan aantonen dat hij gemotiveerd is en actief wil werken aan het toepassen van de aangeleerde herstelvaardigheden.

Aanmelding, duur en uitstroom

  • De indicatie wordt afgegeven door de Regionale Toegang, is zo kort mogelijk en heeft een maximale duur van een jaar.

  • Binnen 8 weken na start van de ondersteuning stelt de aanbieder een trajectplan op met de inwoner. Aanbieder draagt zorg voor het proces naar een passende vervolgplek, zoveel als mogelijk naar het opgegeven uitstroomadres.

  • Na afloop of bij voortijdige beëindiging van de safehouseplaatsing heeft de inwoner geen recht op beschermd wonen. Bij aanvang van de plaatsing dient de inwoner te beschikken over een uitstroomadres. Dit hoeft niet per se een eigen woning te zijn, maar kan ook een adres zijn binnen het netwerk van de inwoner.

  • Het betreft een tijdelijke plaatsing en de regels van ‘landelijke toegankelijkheid beschermd wonen’ zijn niet van toepassing.

HOOFDSTUK 6 Maatschappelijke opvang

Onder maatschappelijke opvang wordt verstaan: Het tijdelijk bieden van onderdak, opvang en/of ondersteuning (met inbegrip van screening en advisering) aan volwassenen en gezinnen die, door meerdere problemen, al dan niet gedwongen, de thuissituatie hebben of dreigen te verlaten en niet in staat zijn zich op eigen kracht te handhaven in de samenleving en waarvoor geen andere oplossing mogelijk of beschikbaar is.

 

Het beoogde resultaat van de maatschappelijke opvang is primair het bieden van tijdelijk, veilig onderdak en ondersteuning aan personen die door urgente (vaak meervoudige) problematiek de thuissituatie hebben verlaten en zich niet op eigen kracht kunnen handhaven. Het doel is het herstel van de zelfredzaamheid en het toeleiden naar een passende, zo zelfstandig mogelijke woonplek.

 

6.1 Criteria maatschappelijke opvang

  • De maatschappelijke opvang is bedoeld voor inwoners van 18 jaar en ouder waarbij naast het ontbreken van huisvesting meerdere problemen aanwezig zijn, waardoor men onvoldoende zelfredzaam is. Het kan gaan om financiële problemen, psychische problemen, justitiële problemen, verslaving en het ontbreken van een zinvolle daginvulling.

  • De doelgroep, duur van opvang en het toegangsproces verschilt per vorm van opvang. Dit staat in paragraaf 6.3 en 6.4 verder uitgewerkt.

6.2 Landelijke toegankelijkheid

De maatschappelijke opvang is een algemene, landelijk toegankelijke voorziening. De maatschappelijke opvang moet daarom opvang kunnen bieden voor diegenen die dat nodig hebben en daar recht op hebben. Dit is vastgelegd in een Convenant Landelijke Toegankelijkheid Maatschappelijke Opvang (2016). De handreiking die is gebaseerd op dit convenant wordt in 2026 geactualiseerd. De nieuwe versie is van toepassing zodra die gepubliceerd is.

Uitgangspunt is dat voor inwoners uit de regio Brabant Noordoost-Oost de gemeente van herkomst het eerste aanspreekpunt is en het Regioteam BWO is aanspreekpunt voor alle anderen conform het Convenant Landelijke Toegankelijkheid.

 

6.3 Algemene voorzieningen maatschappelijke opvang

Een algemene voorziening geldt als preventief en voorliggend op de maatwerkvoorziening. Het doel is om zwaardere, specialistische zorg te voorkomen. In regio Brabant Noordoost-Oost worden de volgende algemene voorzieningen aangeboden gericht binnen de maatschappelijke opvang.

6.3.1 Kortdurende noodopvang en inloopvoorziening

Omschrijving product

Kortdurende noodopvang is acute opvang die voor mensen die in directe nood verkeren en geen veilige slaapplek hebben. Het is een bed, bad, brood voorziening met lichte ondersteuning. De inwoner kan terecht op de kortdurende noodopvang vanaf 17.00 uur ’s avonds tot 10.00 uur de volgende ochtend. De inloopvoorziening is op werkdagen open vanaf 10.00 uur tot 17.00 uur.

 

Doel

De kortdurende noodopvang is een laagdrempelige opvangvoorziening. Het doel is kortdurende opvang in de avond en nacht met als doel stabilisatie, tot rust komen, het bieden van een veilige overnachtingsplek en een maaltijd. Overdag kan men gebruik maken van de voorzieningen van de inloopvoorziening.

De kortdurende opvang is bedoeld om:

  • contact te leggen met de inwoner;

  • waar mogelijk toe te leiden naar passende zorg;

  • situatie in kaart te brengen;

  • een veilige overnachtingsplek te bieden;

  • voorkomen van overlast in de openbare ruimte.

Bij de inloopvoorziening overdag worden aanvullend hierop de volgende activiteiten uitgevoerd:

  • bieden van praktische ondersteuning;

  • het bieden van onderdak voor basisvoorzieningen ten behoeve van de gezondheid van de dakloze inwoner, zoals sociaal-medische zorg en het bieden van sanitaire en wasvoorzieningen;

  • het bieden van activiteiten die bijdragen aan activering en/of een bijdrage leveren aan de opvanglocatie of omgeving.

Doelgroep

De persoon is dak- of thuisloos en is niet in staat zich op eigen kracht, met gebruikelijke hulp, met mantelzorg of met behulp van andere personen in zijn sociale netwerk te handhaven in de samenleving. Specifiek aan de doelgroep van de kortdurende noodopvang is dat zij geen gebruik maken van een maatwerkvoorziening voor maatschappelijke opvang, hetzij doordat zij (nog) niet in aanmerking komen voor een maatwerkvoorziening of dit niet willen. De inloopvoorziening is vrij toegankelijk voor iedereen verblijvend in de kortdurende noodopvang, maar ook voor andere (dreigend) dak- en thuisloze inwoners vanaf 18 jaar uit de regio Brabant Noordoost-Oost.

 

Duur

  • Het uitgangspunt is dat verblijf in de avond en nacht mogelijk is voor de maximale duur van drie aaneengesloten maanden of zoveel korter als mogelijk. In deze periode is er ruimte om verder onderzoek te doen naar de ondersteuningsbehoefte en een vervolgtraject. Het verblijf wordt beëindigd zodra persoon kan doorstromen naar een trajectvoorziening of als persoon daarvoor niet in aanmerking komt. Verblijf in de kortdurende noodopvang langer dan drie maanden is niet mogelijk. Dit voorkomt dat de kortdurende noodopvang ingezet wordt als permanente verblijf- of woonplek.

  • Personen die niet rechthebbend zijn voor de Wmo kunnen maximaal drie nachten gebruik maken van de kortdurende noodopvang ten behoeve van onderzoek of overdracht naar een voor deze groep aangewezen voorziening. Waar dit niet duidelijk is, kan dit gecheckt worden bij het Regioteam BWO.

  • Van de inloopvoorziening mag onbeperkt gebruik gemaakt worden.

Aanmelding en beoordeling

  • Inwoners van boven de 18 jaar die gebruik willen maken van de kortdurende noodopvang kunnen zich direct melden bij de zorgaanbieder, die met een lichte toets beoordeeld of de inwoner tot de doelgroep voor de opvang behoort.

  • Inwoner wordt toegeleid naar de eigen gemeente van herkomst ten behoeve van onderzoek voor een traject maatschappelijke opvang.

  • Als de gemeente van herkomst niet bekend is of buiten de regio wordt melding gemaakt bij het Regioteam BWO. Dit kan zijn als iemand bijvoorbeeld langere tijd niet meer staat ingeschreven, in het buitenland heeft verbleven of buiten de regio BNO-O heeft gewoond.

  • Er is geen sprake van een toegangsproces voor de inloopvoorziening. Het is een openbare voorziening en voor iedereen binnen de doelgroep vrij toegankelijk.

6.3.2 Winteropvang

Omschrijving product

Het bieden van winteropvang is het tijdelijk bieden van een veilige opvangplek aan dak- en thuisloze personen in de winterperiode van november tot april wanneer de weersomstandigheden dit vereisen. De winteropvang is geopend bij een gevoelstemperatuur onder de 0 graden Celsius of bij andere extreme weersomstandigheden.

 

Doel

Het doel van de winteropvang is om gezondheidsschade door vrieskou te voorkomen en personen ’s nachts een veilige slaapplek te bieden.

 

Doelgroep

Kwetsbare dak- of thuisloze personen van 18 jaar en ouder die niet zelfredzaam zijn in het vinden van onderdak in de winterperiode en anders op straat zouden verblijven. Daarbij komen zij niet in aanmerking voor andere voorzieningen zoals bijvoorbeeld kortdurende noodopvang of maatschappelijke opvang. De persoon kan zich houden aan geldende huisregels.

Voor de winteropvang gelden in principe géén uitzonderingen op basis van status (documentatie), verleden, herkomst, geslacht en/ of leeftijd. Hier kan van afgeweken worden indien zorgaanbieder aantoont dat opvang op basis van zwaarwegende gronden niet van hen kan worden gevraagd. Denk hierbij als een persoon heelt, steelt, dealt, in bezit is van wapens en/ of extreem agressief gedrag laat zien tijdens het verblijf op de winteropvang. De politie zal worden ingeschakeld en de toegang tot opvang kan dan ontzegd worden.

 

Duur

De winteropvang is geopend in de periode 1 november t/m 31 maart, wanneer de weersomstandigheden daar aanleiding voor geven.

De criteria voor openstelling zijn:

  • de minimum gevoelstemperatuur en/ of feitelijke temperatuur is lager dan nul graden Celsius;

  • en/ of andere extreme weersomstandigheden kunnen leiden tot ontoelaatbare gezondheidsrisico’s.

Aanmelding

De aanmelding en beoordeling voor de winteropvang verloopt rechtstreeks via de zorgaanbieder van de winteropvang. De inwoner kan zich daar direct melden.

 

6.4 Maatwerkvoorzieningen maatschappelijke opvang

Een maatwerkvoorziening maatschappelijke opvang is een op de individuele behoeften, persoonskenmerken en mogelijkheden afgestemde vorm van tijdelijke opvang met begeleiding. Met als doel toe te werken naar een passende duurzame woonplek.

 

In regio Brabant Noordoost-Oost worden de volgende maatwerkvoorzieningen aangeboden binnen de maatschappelijke opvang: kleinschalige opvang, kleinschalige opvang voor gezinnen, maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning en vrouwenopvang (via centrumgemeente ’s-Hertogenbosch).

6.4.1 Kleinschalige opvang

Omschrijving product

Kleinschalige opvang is een voorziening voor dak- en thuisloze personen en gezinnen vanaf 18 jaar waarbij geen noodzaak is voor 24 uurs toezicht en nabijheid van begeleiding, maar voor wie zelfstandig wonen in de thuissituatie nog niet haalbaar is. Inwoners verblijven in een (kleinschalige) woonvoorziening van de aanbieder, waar zij intensieve ondersteuning ontvangen.

 

Doel

Alle inwoners die gebruik maken van een opname in de kleinschalige opvang hebben een traject op maat om te kunnen werken aan zo gewoon mogelijk wonen met herstelondersteuning gericht op inclusie, volwaardig burgerschap, participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving. Doel is ontwikkeling naar zelfredzaamheid en zelfstandig wonen in de wijk, zodat uiteindelijk afschaling, naar bijvoorbeeld Individuele Ondersteuning Wmo of sociale teams vanuit de gemeente van herkomst, weer mogelijk is. Of, wanneer dit niet haalbaar is, toewerken naar een andere woonvorm zoals bijvoorbeeld beschermd wonen of Wet langdurige zorg.

 

Doelgroep

Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder:

  • die beperkt zelfredzaam is;

  • die dak-/thuisloos is of dreigt te raken;

  • waarbij woonproblematiek op de voorgrond staat en er ondersteuning nodig is om een zelfstandige woonplek te krijgen/ te behouden;

  • waarbij sprake is van psychische problematiek en/of psychosociale problemen en/of verslaving en/of (licht) verstandelijke beperking;

  • die de wens heeft om vaardigheden (bijvoorbeeld financiële vaardigheden, woonvaardigheden en sociale vaardigheden) aan te leren om duurzaam zelfstandig te kunnen wonen in de wijk met passende ondersteuning en kan (leren) omgaan met eigen problematiek;

  • die met intensieve ondersteuning regie kan voeren over het eigen leven, maar waarbij overname van regie of meekijken op één of enkele leefgebieden tijdelijk nodig kan zijn; én/of

  • die grotendeels planbare maar intensieve hulp en ondersteuning nodig heeft en behoefte heeft aan achtervang voor ongeplande hulpvragen;

  • die niet in een (psychiatrische) crisis of in een acute situatie verkeerd. Eventuele gedragsproblemen zijn beïnvloedbaar, al dan niet met medicatie, en;

  • die structuur, veiligheid en bescherming nodig heeft, en;

  • die met intensieve ondersteuning regie kan voeren over het eigen leven, maar waarbij overname van regie of meekijken op één of enkele leefgebieden tijdelijk nodig kan zijn;

  • die grotendeels planbare maar vooral intensieve hulp en ondersteuning nodig heeft en behoefte heeft aan achtervang voor ongeplande hulpvragen; De fysieke opvolging kan wel uitgesteld worden tot het volgende dagdeel;

  • die dagelijks ondersteuning nodig heeft bij het invullen en structureren van de dag en het aangaan en onderhouden van relaties.

  • die voldoende leervermogen heeft zodat doorstroom naar duurzaam zelfstandig wonen na verloop van tijd mogelijk is;

  • geen noodzaak heeft tot een beveiligde en/of gesloten opvangplek (denk aan HIC / behandelplek;

  • rechtmatig in Nederland verblijft en de meeste kans van slagen heeft op duurzaam herstel in de regio BNO-O, en;

  • geen indicatie heeft zoals een forensische indicatie, jeugd of Wlz waarbij blijf in een instelling is geïndiceerd.

Aanvulling doelgroep kleinschalige opvang voor gezinnen:

  • gezinnen waarbij de ouders tenminste 18 jaar zijn.

Duur

De duur van een traject in de kleinschalige opvang is in de regel 6 maanden; waarbij uitgegaan wordt van zo kort als mogelijk, zo lang als noodzakelijk.

 

Aanmelding

De Regionale Toegang plaatst de inwoner bij de aanbieder. Of de inwoner stroomt door vanuit de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning, na overleg met de Regionale Toegang. Met als doel duurzame doorstroom naar zelfstandig wonen.

6.4.2 Maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning

Omschrijving product

Maatschappelijke opvang met 24 uurs ondersteuning is een voorziening voor dak- en thuisloze personen vanaf 18 jaar voor wie het noodzakelijk is dat er continue nabijheid van begeleiding en toezicht is. Het betreft inwoners voor wie zelfstandig wonen nog niet haalbaar is en die intensieve ondersteuning nodig hebben om stabiliteit en basisvaardigheden op te bouwen.

 

Doel

Alle inwoners die gebruik maken van een opname in de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning hebben een traject op maat om te kunnen werken aan zo gewoon mogelijk wonen met herstelondersteuning gericht op inclusie, volwaardig burgerschap, participatie, zelfredzaamheid en informele steun in de lokale omgeving. Doel is ontwikkeling naar zelfredzaamheid en zelfstandig wonen in de wijk, zodat uiteindelijk afschaling, naar bijvoorbeeld Individuele Ondersteuning Wmo of sociale teams vanuit de gemeente van herkomst, weer mogelijk is. Of, wanneer dit niet haalbaar is, toewerken naar een andere woonvorm zoals bijvoorbeeld beschermd wonen of een woonvorm binnen de Wet langdurige zorg.

 

Doelgroep

Deze voorziening is bedoeld voor een inwoner van 18 jaar en ouder:

  • die dak- of thuisloos, uit onderzoek blijkt dat de inwoner geen vast verblijfadres heeft, en beperkt zelfredzaam is;

  • waarbij woonproblematiek op de voorgrond staat en er ondersteuning nodig is om een duurzame woonplek te krijgen;

  • waarbij sprake is van psychische problematiek en/of psychosociale problemen en/of verslaving en/of (licht) verstandelijke beperking;

  • die grotendeels onplanbare en intensieve hulp en ondersteuning nodig heeft;

  • die de wens heeft om vaardigheden (bijvoorbeeld financiële vaardigheden, woonvaardigheden en sociale vaardigheden) aan te leren om duurzaam zelfstandig te kunnen wonen in de wijk met passende ondersteuning;

  • die de wens heeft door te stromen naar een passende duurzame woonplek;

  • die intensieve ondersteuning nodig heeft om regie te kunnen voeren over het eigen leven en waarbij overname van regie of meekijken op meerdere leefgebieden noodzakelijk is;

  • niet in een (psychiatrische) crisis of in een acute situatie verkeerd. Eventuele gedragsproblemen zijn beïnvloedbaar, al dan niet met medicatie, en;

  • structuur, veiligheid en bescherming nodig heeft, en;

  • geen noodzaak heeft tot een beveiligde en/of gesloten opvangplek (denk aan HIC/ behandelplek);

  • rechtmatig in Nederland verblijft en de meeste kans van slagen heeft op duurzaam herstel in de regio BNO-O, en;

  • geen indicatie heeft zoals een forensische indicatie, jeugd of Wlz waarbij blijf in een instelling is geïndiceerd.

Duur

De duur van een traject in de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning is in de regel 3 tot 6 maanden; waarbij uitgegaan wordt van zo kort als mogelijk, zo lang als noodzakelijk.

 

Aanmelding

Inwoners die gebruik willen maken van een opname in de maatschappelijke opvang met 24-uurs ondersteuning, melden zich zoals eerder genoemd bij de gemeente van herkomst (geldt niet voor inwoners van buiten de regio BNO-O). Meestal is dit de gemeente waar de inwoner als laatst ingeschreven stond dan wel het langst verbleef. Plaatsing verloopt via de Regionale Toegang.

6.4.3 Vrouwenopvang

Omschrijving product

Vrouwenopvang is het tijdelijk bieden van onderdak en begeleiding aan vrouwen en kinderen die slachtoffer zijn van huiselijk geweld.

 

Doel

De vrouwenopvang biedt vrouwen en kinderen veiligheid, opvang en begeleiding om weer tot rust te komen.

 

Doelgroep

Een inwoner kan in aanmerking komen voor vrouwenopvang als die:

  • slachtoffer is van geweld in huiselijke kring, dan wel slachtoffer is van mensenhandel, en vanwege aspecten van veiligheid de thuissituatie moet verlaten, of indien er sprake is van kindermishandeling en opvang van kind(eren) met de beschermende ouder/verzorger in de opvang noodzakelijk is; en

  • 18 jaar of ouder is, al dan niet met kinderen; en

  • geen mogelijkheid heeft om zelf, al dan niet met gebruikmaking van het eigen sociale netwerk of door interventie van derden een veilige situatie te creëren, of in alternatieve huisvesting te voorzien.

Aanmelding

Centrumgemeente ’s-Hertogenbosch voert deze opvang uit voor de gemeente Oss. Voor de werkwijze aanmeldingsprocedure vrouwenopvang verwijzen we naar artikel 4.5.5.2. in de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning 's-Hertogenbosch 2026. In artikel 4.5.5.3. van deze beleidsregels staan de algemene toelatingsvoorwaarden en weigeringsgronden voor de toelating tot de vrouwenopvang en in artikel 4.5.5.4. staat de productomschrijving en specifieke aanvullende toelatingsvoorwaarden per voorziening, waaronder vrouwenopvang.

HOOFDSTUK 7 Financiering van de voorzieningen

Uitgangspunt voor de maatwerkvoorzieningen beschermd wonen, safehouses en de maatschappelijke opvang is dat de inwoner zorg in natura krijgt.

 

Het pgb minder geschikt als financieringsvorm voor deze doelgroep, vanwege de redelijke waardering van belangen van de inwoner. De inwoners die deze voorzieningen nodig hebben zijn dermate kwetsbaar dat sprake is van een voorziening met een beschermend karakter. De doelgroep kenmerkt zich door (ernstige) psychische en psychiatrische beperkingen en/of omstandigheden, met verlies van zelfredzaamheid, zelfregie en risico's voor bestaanszekerheid. Daardoor is de inwoner niet in staat om zijn of haar belangen te behartigen en taken uit te voeren die verbonden zijn aan het inkopen van zorg.

 

De zorg moet daarnaast voldoen aan de kwaliteitseisen zoals die ook voor gecontracteerde aanbieders geldt. Voor beschermd wonen in de vorm zorg in natura heeft de gemeente Oss resultaatovereenkomsten getekend met diverse zorgaanbieders. Hierin zijn de tussen de centrumgemeente Oss en de verschillende aanbieders gemaakte afspraken en voorwaarden voor het leveren van de ondersteuning nader uitgewerkt en vastgelegd. De tarieven en daarmee ook de producten voor beschermd wonen zijn gekoppeld aan de zorgzwaarte.

 

Voor alle maatwerkvoorzieningen beschermd wonen en maatschappelijke opvang in regio Brabant Noordoost-Oost is het scheiden van wonen en zorg doorgevoerd. Bij het scheiden van wonen en zorg betaalt de inwoner zelf voor het wonen via huur of koop. Door een tarief te hanteren waarin de huisvesting en zorg apart inzichtelijk is, komt er zicht op de zorgkosten en worden deze niet vertroebeld door kapitaallasten van een gebouw of andere investeringen. Alleen de zorgkosten worden gefinancierd door de gemeente en woon- en verblijfkosten komen voor rekening van de inwoner.

HOOFDSTUK 8 Slotbepalingen

8.1 Samenhang

Bij deze beleidsregels horen de Verordening maatschappelijke ondersteuning Oss 2026, de Nadere regels maatschappelijke ondersteuning Oss 2026 en de Beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Oss 2026.

 

8.2 Intrekking

De Nadere regels en beleidsregels maatschappelijke ondersteuning Oss 2021 en de beleidsregels beschermd wonen Oss 2021 worden ingetrokken op het moment dat de beleidsregels als genoemd in artikel 8.3. in werking treden.

 

8.3 Inwerkingtreding

Deze beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang Oss 2026 treden in werking met ingang van 1 juli 2026.

 

8.4 Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangeduid als: Beleidsregels beschermd wonen en maatschappelijke opvang Oss 2026.

Deze beleidsregels zijn vastgesteld in de vergadering van burgemeester en wethouders op 26 mei 2026 en treden in werking op 1 juli 2026.

Naar boven