Instellen algemene gehandicaptenparkeerplaats op zondagen en intrekken verplicht fiets- en bromfietspad Dorpstienden te Ouddorp

Ons kenmerk: Z-26-181316

 

Burgemeester en wethouders van Goeree-Overflakkee, hiertoe bevoegd op basis van artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994;

 

Gelet op:

  • de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW1994);

  • het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (hierna: BABW);

  • de Uitvoeringsvoorschriften BABW inzake verkeerstekens;

  • het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990);

  • de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb).

 

Overwegingen:

De gemeente heeft een aanvraag ontvangen voor het instellen van een algemene gehandicaptenparkeerplaats op zondagen aan de Dorpstienden in Ouddorp. Door het instellen van deze gehandicaptenparkeerplaats wordt beoogd kerkgangers die beschikken over een gehandicaptenparkeerkaart zo dicht mogelijk bij de ingang van de kerk te kunnen laten parkeren. Om de parkeercapaciteit zo optimaal mogelijk te benutten, zal deze gehandicaptenparkeerplaats enkel op zondagen ingesteld worden. Van maandag tot en met zaterdag kan deze parkeerplaats daardoor als reguliere parkeerplaats gebruikt worden.

De Dorpstienden is op dit wegvak (tussen de parkeerplaats ‘P2’ en de Dirkdoensweg) een verplicht fiets- en bromfietspad, uitgezonderd bestemmingsverkeer. De aanwezigheid van parkeervakken op een fiets- en bromfietspad levert strijdigheid op met artikel 10 van het RVV 1990, waarin staat dat voertuigen niet op een fiets/bromfietspad geparkeerd mogen worden. Met dit besluit wordt door het verplichte fiets- en bromfietspad in te trekken beoogd deze strijdigheid weg te nemen. Om te verduidelijken dat dit deel van de Dorpstienden een doodlopende weg betreft, zal een bord L08 (doodlopende weg) met OB54 (Uitgezonderd fietsers en bromfietsers) geplaatst worden.

Met deze verkeersmaatregel wordt beoogd de weg in stand te houden en de bruikbaarheid daarvan te waarborgen, weggebruikers en passagiers te beschermen, alsmede de vrijheid van het verkeer zo veel mogelijk te waarborgen. Het treffen van een of meerdere verkeersmaatregelen is een normale maatschappelijke ontwikkeling waarmee eenieder kan worden geconfronteerd en waarvan de nadelige gevolgen in beginsel voor rekening van de betrokkenen blijven.

Bij het voorbereiden van dit besluit is een integrale belangenafweging gemaakt op basis van de verkeersveiligheid, doorstroming, leefbaarheid, inpasbaarheid, uniformiteit en het beheren van de openbare ruimte. Er geen zijn aanwijzingen dat er sprake is van belangen die strijdig zijn met de gewenste verkeersmaatregelen, in die mate dat gesproken kan worden van onevenredigheid als bedoeld in artikel 3:4, tweede lid, van de Awb.

Overeenkomstig artikel 24 van het BABW is overleg gepleegd met de politiechef van de Regionale Eenheid Rotterdam.

 

Besluiten:

  • 1.

    tot het aanwijzen van een algemene gehandicaptenparkeerplaats op zondagen aan de Dorpstienden in Ouddorp in de langsparkeervakken nabij huisnummer 15, door het plaatsen van verkeersbord E06 met onderbord OB310 (onderbord met de tekst ‘Uitsluitend op zondagen’) conform bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 2.

    Tot het intrekken van het verplichte fiets- en bromfietspad aan de Dorpstienden in Ouddorp, tussen de Dirkdoensweg en parkeerterrein ‘P2’, door het verwijderen van het verkeersbord G12a en het verkeersbord G12a met onderbord OB108 (met de tekst ‘Uitgezonderd bestemmingsverkeer’) conform bijlage 1 van het RVV 1990;

  • 3.

    de verkeersmaatregel vast te leggen op de in de bijlage bij dit besluit opgenomen tekening met kenmerk Z-26-181316 d.d. 25-06-2026.

 

Aldus besloten te Middelharnis, 25 juni 2026

Namens burgemeester en wethouders van Goeree-Overflakkee,

 

 

 

Hans Sellink

teamleider Ruimtelijk Beleid en Projecten

 

 

Bezwaarclausule

Indien u het met deze beslissing niet eens bent kunt u hiertegen op grond van de Awb een schriftelijk gemotiveerd bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders van Goeree-Overflakkee. De termijn voor het indienen van een bezwaarschrift is zes weken en gaat in op de dag na publicatie in het Gemeenteblad.

Het bezwaarschrift moet in ieder geval bevatten:

  • a.

    de naam en het adres van de indiener;

  • b.

    de dagtekening;

  • c.

    een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht;

  • d.

    de argumenten voor het bezwaar;

  • e.

    de handtekening van de indiener;

  • f.

    indien u bezwaar maakt namens een instelling: een kopie van de statuten en ondertekening van het bezwaarschrift door alle functionarissen die volgens de statuten bevoegd zijn om de instelling in rechte te vertegenwoordigen (vaak zijn ingevolge de statuten de handtekeningen van meerdere bestuursleden noodzakelijk).

Als u over een DigiD beschikt kunt u ook digitaal een bezwaarschrift indienen. Op het moment dat u een bezwaarschrift heeft ingediend kunt u ook de voorzieningenrechter van de Rechtbank te Rotterdam verzoeken om een voorlopige voorziening te treffen. Hiervoor moet er sprake zijn van onverwijlde spoed. Voor het verzoek om een voorlopige voorziening bent u griffierecht verschuldigd. U kunt dit verzoek indienen bij adres: Rechtbank Rotterdam, Postbus 50951, 3007 BM Rotterdam.

U kunt een verzoek om voorlopige voorziening ook digitaal indienen bij de Rechtbank Rotterdam via https://mijn.rechtspraak.nl/start/burger

 

 

Bijlage: Tekening

Naar boven