Subsidieregeling Dierenvoedselbank 2027 tot en met 2030

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal,

 

gelet op:

 

artikel 2, eerste lid, onder i, en tweede lid, van de Algemene subsidieverordening Roosendaal:

 

besluit:

 

vast te stellen de Subsidieregeling Dierenvoedselbank 2027 tot en met 2030

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze subsidieregeling wordt verstaan onder:

  • a.

    dierenvoedselbank: een locatie waar kosteloos of tegen een kleine bijdrage voeding voor dieren verstrekt wordt aan de doelgroep;

  • b.

    doelgroep: inwoners van de gemeente Roosendaal met een inkomen tot een in 2027 nader te bepalen percentage van het wettelijk sociaal minimum, die niet of nauwelijks genoeg geld hebben om voor hun huisdieren te zorgen;

  • c.

    inclusie: inwoners in staat stellen mee te doen op alle onderdelen van het leven, ongeacht hun achtergrond, kenmerken, voorkeuren en vaardigheden. Zie ook het Routeplan inclusieve samenleving, te downloaden op www.roosendaal.nl/belangrijke-documenten-subsidies;

  • d.

    ongedierte: plaagdieren die belangrijke hygiëne- en gezondheidsrisico’s met zich meebrengen;

  • e.

    penvoerder: de door het samenwerkingsverband aangewezen organisatie of persoon, die optreedt als aanvrager en na verlening als ontvanger en verantwoorder van de subsidie;

  • f.

    samenwerkingsverband: een verband zonder rechtspersoonlijkheid dat is opgericht ten behoeve van de uitvoering van activiteiten, blijkend uit een daartoe vastgestelde overeenkomst;

Artikel 2 Doelstelling subsidieregeling

Doelstelling van de regeling is het dierenwelzijn in de gemeente Roosendaal te bevorderen, zoals bedoeld in het geldende dierenwelzijnsbeleid van de gemeente Roosendaal

 

Hierbij is het hoofddoel: het bevorderen van het dierenwelzijn door het faciliteren van een dierenvoedselbank binnen de gemeentegrenzen van Roosendaal.

 

Onderliggend subdoel is bijdragen aan het behouden van en/of het verbeteren van het welzijn van gehouden dieren. Het streven hierbij is meervoudig:

  • -

    Gehouden dieren lijden er niet onder als hun eigenaar of eigenaren financieel niet of nauwelijks in staat zijn in het levensonderhoud van hun dieren te voorzien;

  • -

    Dierenbezitters zijn beter in staat in hun eigen levensonderhoud te voorzien, als de dierenvoedselbank een bijdrage levert in het levensonderhoud van hun dieren;

  • -

    Door het bevorderen van de mentale gezondheid van de dierenbezitters (stress verminderen) wordt er beter gezorgd voor de dieren.

  • -

    De verspilling van dierenvoeding wordt tegengegaan.

Artikel 3 Activiteiten die voor een jaarlijkse subsidie in aanmerking komen

Activiteiten die voor een jaarlijkse subsidie in aanmerking komen, moeten aantoonbaar bijdragen aan de doelstelling, hoofd- en subdoelen van deze regeling.

 

Activiteiten die hieraan bijdragen:

  • 1.

    Het inzamelen van voeding voor gehouden dieren, hetzij door giften, hetzij door het opkopen van grotere hoeveelheden, om via de dierenvoedselbank aan de doelgroep te verstrekken.

     

    Aantoonbare/meetbare bijdrage aan de doelstelling: organisatie maakt inzichtelijk in welke mate zij verwachten de ingezamelde voeding via giften te ontvangen en hoeveel voeding ingekocht moet worden.

     

  • 2.

    De uitgifte van pakketten met voeding voor gezelschapsdieren aan de doelgroep.

     

    Aantoonbare/meetbare bijdrage aan de doelstelling: organisatie geeft zowel aan hoeveel unieke inwoners van Roosendaal zij verwachten, met vermelding van het verwachte aantal dieren dat daarmee geholpen wordt, als inzicht in de hoeveelheid dierenvoeding die naar verwachting verstrekt zal worden aan cliënten.

Artikel 4 Voorwaarden aan de aanvrager

Organisaties die voor subsidie in aanmerking komen voldoen aan de volgende vereisten

  • 1.

    Subsidie voor de activiteit kan alleen worden aangevraagd voor activiteiten waarmee geen winst wordt gemaakt.

  • 2.

    De aanvrager beschikt over een geschikte locatie binnen de gemeente Roosendaal. Deze locatie is goed bereikbaar per auto, fiets en/of openbaar vervoer en biedt voldoende, veilige en hygiënische ruimte voor de opslag en distributie van dierenvoeding. De locatie voldoet aan de geldende veiligheids- en arbo-eisen en is geschikt voor het ontvangen van bezoekers en vrijwilligers.

  • 3.

    Indien sprake is van een samenwerkingsverband dient de penvoerder de aanvraag in.

  • 4.

    Aanvrager is in staat vanaf de start van de subsidieperiode alle onder artikel 3 genoemde activiteiten uit te voeren, met inachtneming van een opstartperiode van maximaal 3 maanden.

  • 5.

    Aanvrager is in staat inzicht te geven in de meetbare effecten van de uitgevoerde activiteiten.

  • 6.

    Aanvrager is na de opstartperiode in staat de voedselveiligheid te garanderen door het voorkomen en eventueel bestrijden van ongedierte.

  • 7.

    Aanvrager draagt aantoonbaar bij aan de inclusieve samenleving:

    • aanvrager stimuleert dat diverse (culturele-) achtergronden, handicap, persoonlijke kenmerken, eigenschappen, (seksuele en/of gender-) identiteiten geen belemmering vormen voor het (kunnen) stellen van de hulpvraag en/of het gebruik (kunnen) maken van de Dierenvoedselbank;

    • aanvrager draagt duurzaam en actief bij aan het vergroten van bewustwording rondom emancipatiethema's bij medewerkers door kennis te delen, bespreekbaarheid te vergroten en streeft daarmee naar meer insluiting en acceptatie van inwoners;

    • aanvrager draagt zorg voor goede vindbaarheid van zowel de vraag naar als het aanbod van de Dierenvoedselbank door in ieder geval informatie op B1 niveau aan te bieden;

    • aanvrager draagt zorg voor voldoende bereikbare (fysieke, telefonische en digitale) dienstverlening, afgestemd op de doelgroep.

Artikel 5 Voorwaarden aan de aanvraag

De subsidieaanvraag voldoet aan de volgende voorwaarden:

  • 1.

    De subsidieaanvraag gaat vergezeld van een activiteitenplan waarin in ieder geval een omschrijving en/of beschrijving van het volgende is vermeld:

    • a.

      de wijze waarop is voldaan aan de voorwaarden van artikel 3 en 4;

    • b.

      de wijze waarop de activiteiten bijdragen aan het realiseren van de in artikel 2 genoemde doelstelling;

  • 2.

    De aanvraag gaat vergezeld van een sluitende begroting conform verplicht format.

Artikel 6 Subsidiabele kosten

  • 1.

    Het subsidiebedrag is gebaseerd op de noodzakelijke en werkelijke kosten. Subsidiabele kosten zijn:

    • a.

      huisvesting: noodzakelijke kosten voor het exploiteren en beheren van de uitgifte- en opslaglocatie van voeding voor dieren;

    • b.

      transport: noodzakelijke kosten voor het vervoeren van dierenvoeding naar de uitgifte en opslaglocatie;

    • c.

      dierenvoeding: noodzakelijke kosten voor het aanvullen van voorraden ten behoeve van de uitgifte van dierenvoeding aan de doelgroep;

    • d.

      opslag en vervoer: noodzakelijke kosten voor het garanderen van de voedselveiligheid.

  • 2.

    Niet subsidiabele kosten zijn:

    • a.

      Personele en vrijwilliger gerelateerde kosten zoals loonkosten, vergoedingen en/of consumpties;

    • b.

      Kosten voor entertainment;

    • c.

      Kosten die niet direct samenhangen met de verstrekking van dierenvoeding aan de doelgroep.

Artikel 7 Maximaal subsidiebedrag per aanvraag/aanvrager

De aan te vragen subsidie bedraagt maximaal € 60.000 voor de gehele subsidieperiode.

Artikel 8 Subsidieplafond

  • 1.

    Het subsidieplafond bedraagt:

    • a.

      voor het jaar 2027 € 15.000,-

    • b.

      voor het jaar 2028 € 15.000,-

    • c.

      voor het jaar 2029 € 15.000,-

    • d.

      voor het jaar 2030 € 15.000,-

  • 2.

    Het subsidieplafond kan worden verhoogd met een indexering.

  • 3.

    Het subsidieplafond wordt vastgesteld onder voorbehoud van goedkeuring van de gemeentebegroting door de gemeenteraad. Indien de gemeenteraad geen of onvoldoende financiële middelen beschikbaar stelt, kan het subsidieplafond worden verlaagd. Een verlaagd subsidieplafond geldt tevens voor reeds ingediende aanvragen.

  • Subsidieverlening vindt uitsluitend plaats voor zover het vastgestelde subsidieplafond toereikend is. Indien als gevolg van het bereiken of verlagen van het subsidieplafond onvoldoende financiële middelen beschikbaar zijn, kan geen subsidie worden verleend.

Artikel 9 Beoordeling subsidieaanvraag

  • 1.

    Tijdige en volledige subsidieaanvragen die voldoen aan de voorwaarden van de artikelen 4 en 5 worden inhoudelijk beoordeeld aan de hand van de volgende criteria.

    • a.

      Kwaliteit van de dienstverlening:

      • de mate waarin de doelgroep bereikt wordt;

      • de reikwijdte en (beoogde) groei van de omvang van de dienstverlening;

      • de capaciteit van de organisatie om na een opstartperiode van maximaal 3 maanden uitvoering te geven aan de activiteiten zoals beschreven in artikel 3.

    • b.

      Aansluiten bij beoogde doelstellingen:

      • de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het realiseren van de doelstellingen genoemd in artikel 2.

    • c.

      Effectiviteit en efficiëntie:

      • de mate waarin de subsidie direct wordt besteed aan het uitvoeren van de activiteiten;

      • de mate waarin de beschikbare middelen effectief en efficiënt worden ingezet.

  • 2.

    Aan de in het eerste lid vermelde criteria wordt een score toegekend met toepassing van een wegingsfactor zoals vermeld op het bijgevoegde vastgestelde beoordelingsformulier. Dit beoordelingsformulier maakt onderdeel uit van deze subsidieregeling.

  • 3.

    De subsidieaanvragen met een totaalscore van minimaal 5,5 punten worden na een onderlinge vergelijking gerangschikt in een volgorde van hoog naar laag, waarna subsidie wordt verstrekt aan de eerste aanvrager in de ranglijst. Per subsidieperiode wordt maximaal één subsidie verleend.

  • 4.

    De subsidieaanvragen die een totaalscore hebben van minder dan 5,5 punten worden geweigerd.

  • 5.

    Indien geen of onvoldoende financiële middelen in de begroting worden vastgesteld, geldt het bepaalde in artikel 8 lid 3 van deze subsidieregeling en kunnen reeds ingediende aanvragen buiten behandeling worden gesteld.

Artikel 10 Besluitvorming

De besluitvorming op de aanvragen op grond van deze subsidieregeling geschiedt volgens de volgende procedure.

  • 1.

    Het college stelt instructies vast voor de samenstelling en werkwijze van een onafhankelijke adviescommissie.

  • 2.

    Het college stelt een onafhankelijk adviescommissie in, bestaande uit drie personen.

  • 3.

    De commissie beoordeelt alle aanvragen die tijdig en volledig zijn en voldoen aan de voorwaarden van de artikelen 4 en 5 op grond van de in artikel 9, eerste lid, vermelde criteria.

  • 4.

    Ieder commissielid vult individueel per aanvraag een beoordelingsformulier in.

  • 5.

    De ingevulde beoordelingsformulieren worden in een commissievergadering besproken.

  • 6.

    De commissie stelt tijdens de vergadering in gezamenlijk overleg de totaalscores per aanvraag vast en rangschikt vervolgens de aanvragen op grond van artikel 9, derde lid.

  • 7.

    De commissie brengt advies uit aan het college over de afhandeling van de ingediende aanvragen.

  • 8.

    Het college besluit tot afwijzing en verlening van de aangevraagde subsidies.

  • 9.

    De subsidie wordt verleend voor de periode van vier jaar.

  • 10.

    Indien sprake is van een samenwerkingsverband verstuurt het college de beschikking aan de penvoerder.

Artikel 11 Samenloop van subsidies

De aanvraag voor subsidie wordt afgewezen voor zover voor dezelfde activiteiten reeds subsidie is of wordt verstrekt op grond van andere regelingen.

Artikel 12 Verplichtingen

  • 1.

    De subsidieontvanger is verplicht:

    • a.

      De activiteiten uit te voeren zoals beschreven in de subsidieaanvraag.

    • b.

      Zorg te dragen voor adequate (fysieke, telefonische en digitale) bereikbaarheid.

    • c.

      Zorg te dragen voor een passende reactie op ontwikkelingen op het gebied van dierenwelzijn binnen de gemeente Roosendaal.

  • 2.

    Indien sprake is van een samenwerkingsverband is de penvoerder verantwoordelijk voor het afleggen van rekening en verantwoording.

Artikel 13 Intrekking

De Subsidieregeling Dierenvoedselbank 2024 tot en met 2027 wordt ingetrokken.

Artikel 14 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op de derde dag na bekendmaking in het Gemeenteblad.

Aldus besloten door burgemeester en wethouders van Roosendaal op 23 juni 2026,

de secretaris,

de burgemeester,

Bijlage: Individueel beoordelingsformulier tender Subsidieregeling Dierenvoedselbank 2027 tot en met 2030.

 

Beoordeling en afweging van subsidieaanvragen door de adviescommissie vindt per commissielid plaats via onderstaand toetsingsformulier.

 

Toetsingsformulier 

Aanvrager 

… 

Zaaknummer 

… 

Ingevuld door 

Naam commissielid 

… 

 

a.

Beoordelingscriterium Kwaliteit van de dienstverlening

Weging (%)

 

• de mate waarin de doelgroep bereikt wordt;

20%

• de reikwijdte en (beoogde) groei van de omvang van de dienstverlening;

10%

• de capaciteit van de organisatie om na een opstartperiode van maximaal 3 maanden uitvoering te geven aan de activiteiten zoals beschreven in artikel 3.

10%

b.

Beoordelingscriterium Aansluiten bij beoogde doelstellingen

 

• de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het realiseren van de doelstelling genoemd in artikel 2.

25%

c.

Beoordelingscriterium Effectiviteit en efficiëntie

 

• de mate waarin de subsidie direct wordt besteed aan het uitvoeren van de activiteiten;

20%

• de mate waarin de beschikbare middelen effectief en efficiënt worden ingezet.

15%

 

Totaal

100%

 

a. Beoordelingscriterium Kwaliteit van de dienstverlening

• de mate waarin de doelgroep bereikt wordt

Waardering

Punten

Score

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

0

Motivering oordeel

Geef hier een toelichting op de score …

 

• de reikwijdte en (beoogde) groei van de omvang van de dienstverlening

Waardering

Punten

Score

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

0

Motivering oordeel

Geef hier een toelichting op de score …

 

• de capaciteit van de organisatie om na een opstartperiode van maximaal 3 maanden uitvoering te geven aan de activiteiten zoals beschreven in artikel 3

Waardering

Punten

Score

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

0

Motivering oordeel

Geef hier een toelichting op de score …

 

b. Beoordelingscriterium Aansluiten bij beoogde doelstellingen

• de mate waarin de activiteiten bijdragen aan het realiseren van de doelstelling genoemd in artikel 2

Waardering

Punten

Score

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

0

Motivering oordeel

Geef hier een toelichting op de score …

 

c. Beoordelingscriterium Effectiviteit en efficiëntie

• de mate waarin de subsidie direct wordt besteed aan het uitvoeren van de activiteiten

Waardering

Punten

Score

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

0

Motivering oordeel

Geef hier een toelichting op de score …

 

• de mate waarin de beschikbare middelen effectief en efficiënt worden ingezet

Waardering

Punten

Score

Uitstekend

10

Goed

8

Voldoende

6

Redelijk

4

Minimaal

2

0

Motivering oordeel

Geef hier een toelichting op de score …

Naar boven