Gemeenteblad van Utrechtse Heuvelrug
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrechtse Heuvelrug | Gemeenteblad 2026, 298341 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Utrechtse Heuvelrug | Gemeenteblad 2026, 298341 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Subsidieregeling Sociale Basis en Cultuur gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026
Burgemeester en wethouders van Utrechtse Heuvelrug;
Gelet op artikel 4 van de Algemene subsidieverordening gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026
Gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 16 juli 2020 over de visie ‘Samen Leven, Samen Doen, Herijking beleidskeuzen sociaal domein’ en de op 3 juli 2023 vastgestelde uitvoeringsagenda 2023-2025
gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 3 juli 2023 over de omgevingsvisie gemeente Utrechtse Heuvelrug
gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 20 april 2023 over de ‘kadernota cultuur Meedoen is de Kunst’ en bijbehorende uitvoeringsnota;
gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 9 november 2020 over het ‘speelbeleidsplan Natuurlijk! Buitenspelen 2020-2030 van de gemeente Utrechtse Heuvelrug‘
gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 5 juni 2025 over de gezondheidsnota Gezond en vitaal in Utrechtse Heuvelrug 2025-2028
gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 24 oktober 2024 over de regionale inkoopvisie Regionale Inkoopkoers Jeugd en Wmo, Versterken van het gewone leven, maart 2025
gelet op het besluit van de gemeenteraad d.d. 21 maart 2024 over de beleidsnota Samen Vooruit, minimabeleid Utrechtse Heuvelrug
Besluit vast te stellen de volgende subsidieregeling:
Subsidieregeling Sociale Basis en Cultuur gemeente Utrechtse Heuvelrug 2026
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Begripsomschrijvingen
Ervaringsdeskundige, volgens de definitie van Movisie: iemand die geleerd heeft van zijn ervaringen met een aandoening, ontwrichtende situatie en hoe je daarmee omgaat en deze ook gebruikt als bron van kennis om daarmee anderen verder te helpen. Ervaringsdeskundigheid wordt onder meer ingezet in de de ggz, jeugdzorg, maatschappelijke zorg, mantelzorg, cliëntondersteuning in de Wmo, bestaanszekerheid en vluchtelingencentra. Ervaringskennis, als die wordt ingezet als kennisbron, naast vakkennis en wetenschappelijke kennis, kan organisaties enorm helpen bij het realiseren van hun doelen;
Sociale basis, volgens de definitie van Movisie: Het geheel van informele sociale verbanden (buurten, groepen, verenigingen, netwerken, gezinnen) van mensen, aangevuld en ondersteund vanuit de lokale overheid, organisaties, diensten en voorzieningen. Zij maken het mogelijk dat inwoners de mogelijkheden hebben om te participeren in sociale relaties op een manier die hun welzijn, capaciteiten en individueel potentieel verbetert. In de sociale basis gaat het om het versterken van eigenaarschap, zeggenschap en eigen regie van inwoners;
Tegemoetkoming Jeugd en Spel: een vergoeding voor de kosten van burgerinitiatieven, waarbij inwoners het beheer van een speelplek voor jeugdigen tot 18 jaar van de gemeente overnemen of een vergoeding voor het organiseren van de Nationale Buitenspeeldag, NK Stoepranden of andere nationale buitenspeeldagen;
Voor alle organisaties die werken met jeugdigen of kwetsbare inwoners, geldt dat stagiairs en vrijwilligers en eventuele beroepskracht in het bezit dienen te zijn van een actuele verklaring omtrent het gedrag (VOG). Zij kunnen die meestal gratis aanvragen via gratisvog.nl. Het college kan van deze bepaling afwijken op basis van de volgende gronden:
Als de stagiair, vrijwilliger of beroepskracht zonder VOG wel ingezet wordt bij contacten met kwetsbare personen vanwege een specifieke deskundigheid. Bijvoorbeeld voor een ervaringsdeskundige waarvoor de VOG aanvraag is of zal worden afgewezen, kan de organisatie een uitzondering maken op de VOG-plicht.
De werkwijze van een aanvraag voor subsidie is geregeld in artikel 7 en 8 Asv. In afwijking van artikel 8.1 en 8.2 van de Asv geldt het volgende:
Een aanvraag voor een incidentele subsidie wordt, in afwijking van artikel 8.2 van de Asv, ingediend tussen 1 september voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft en uiterlijk 8 weken voordat de aanvrager van plan is te beginnen met de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, met gebruikmaking van het aanvraagformulier. Een aanvraag kan niet eerder worden gedaan dan 5 maanden voordat de aanvrager begint met de activiteiten waarvoor subsidie wordt aangevraagd, maar niet voor 1 september voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft.
Hoofdstuk 2 Maatschappelijke ondersteuning en preventie
Artikel 6. Doel van dit hoofdstuk in de regeling
Doel is om activiteiten te stimuleren die bijdragen aan het versterken van de sociale basis en het versterken van het gewone leven:
Artikel 7. Activiteiten Omzien naar elkaar of ontmoeten
Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten in de Utrechtse Heuvelrug die er op gericht zijn dat (kwetsbare) inwoners zelfstandig(er) kunnen blijven meedoen zonder professionele hulp of ondersteuning.
Hieronder wordt activiteiten verstaan die een alternatieve vorm van passende zorg en ondersteuning bieden, waardoor een individuele maatwerkvoorziening niet of in mindere mate nodig is en/of bijdragen aan het makkelijker meedoen in de samenleving.
Als de subsidie wordt toegekend, informeert de subsidie-ontvanger de Stichting Sociale Dorpsteams Utrechtse Heuvelrug over de activiteiten die uitgevoerd gaan worden en de wijze waarop inwoners hier aan kunnen deelnemen.
In aanvulling op artikel 5 overlegt de aanvrager bij de aanvraag tenminste het volgende:
een beschrijving hoe met de activiteiten bereikt wordt dat (kwetsbare) inwoners meedoen, elkaar kunnen ontmoeten en zo lang mogelijk deel kunnen nemen aan het maatschappelijk leven in de Utrechtse Heuvelrug. En op welke wijze een alternatieve vorm van passende zorg en ondersteuning wordt geboden, waardoor een individuele maatwerkvoorziening niet of in mindere mate nodig is en/of bijdragen aan het makkelijker meedoen in de samenleving.
Artikel 9. Doel van dit hoofdstuk in de regeling
De burgerinitiatieven en activiteiten in het kader van tegemoetkoming Jeugd en Spel dragen bij aan het realiseren van de doelstellingen zoals geformuleerd in het speelbeleidsplan Natuurlijk! Buitenspelen 2020-2030 van de gemeente Utrechtse Heuvelrug:
Artikel 10. Organisatie van jeugd- en spelactiviteiten
Subsidie wordt verstrekt voor activiteiten voor jeugdigen in de gemeente Utrechtse Heuvelrug, die een bijdrage leveren aan vrijetijdsbesteding, ontspanning en ontmoeting.
In aanvulling op artikel 3 geldt dat voor dit hoofdstuk van de regeling aanvullende bepalingen van toepassing zijn:
Artikel 12. Hoogte van de subsidie
In afwijking van artikel 4 geldt dat voor dit hoofdstuk van de regeling de volgende bepalingen van toepassing zijn:
Hoofdstuk 4 Dorpsgerichte activiteiten
Artikel 14. Doel van dit hoofdstuk in de regeling
Doel van de subsidieregeling is om activiteiten te stimuleren die bijdragen aan het verbeteren van de sociale basis in de dorpen.
In aanvulling op artikel 3 geldt dat voor dit hoofdstuk van de regeling een aanvullende bepaling van toepassing is:
Artikel 20. Doel van dit hoofdstuk in de regeling
Doel van de subsidieregeling is om activiteiten te stimuleren die aansluiten bij een of meer doelen uit de cultuurnota en het uitvoeringsplan cultuur.
Artikel 23. Hoogte van de subsidie
In afwijking van artikel 4 gelden de volgende (norm)bedragen voor de subsidiabele activiteiten:
Van het bepaalde in 2 en 3 kan worden afgeweken als de activiteiten bijdragen aan meerdere doelstellingen van de cultuurnota en/ of als deze in hoge mate bijdragen aan het bereiken van een of meer van de doelstellingen van de cultuurnota, zoals vermeld in artikel 21.2. Daarbij wordt ook meegewogen of sprake is van:
Artikel 29. Aanvullende weigeringsgronden
Artikel 30. Algemene verplichtingen van de subsidie-ontvanger
Het college kan bij de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen aan de subsidie-ontvanger opleggen.
Artikel 31. Eindverantwoording
De wijze van vaststelling van een subsidie tot en met € 25.000 per jaar, is geregeld in artikel 15 Asv. Aanvullend geldt het volgende:
Het college kan steekproefsgewijs het door de aanvrager opgegeven aantal deelnemers of leden controleren door inzicht te vragen in de administratie van de aanvrager. Het college kan tevens steekproefsgewijs inzicht vragen in de financiële administratie van de aanvrager. De aanvrager dient hieraan haar medewerking te verlenen.
Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing gelet op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot onbillijkheid van overwegende aard. Het van toepassing verklaren van dit artikel wordt gemotiveerd in het besluit.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-298341.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.