Gemeenteblad van Simpelveld
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Simpelveld | Gemeenteblad 2026, 297307 | ruimtelijk plan of omgevingsdocument |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Simpelveld | Gemeenteblad 2026, 297307 | ruimtelijk plan of omgevingsdocument |
De Ontwerp Omgevingsvisie gemeente Simpelveld, Samen maken we morgen! is opgenomen in Bijlage A.
Op 1 januari 2024 is de Omgevingswet in werking getreden. De Omgevingswet bepaalt dat iedere gemeente vóór 1 januari 2027 een omgevingsvisie voor het gehele grondgebied moet opstellen. De omgevingsvisie bevat het strategische beleid voor de lange termijn over de fysieke leefomgeving. Daarnaast is in de wet vastgelegd dat elke gemeente over een omgevingsplan moet beschikken, waarin de regels voor de fysieke leefomgeving zijn opgenomen. Daarmee wordt bijvoorbeeld bepaald waar industrie is toegestaan en hoe hoog ergens mag worden gebouwd. De omgevingsvisie vormt de beleidsmatige basis voor het omgevingsplan en biedt het afwegingskader voor afwijkingen, zoals buitenplanse omgevingsplanactiviteiten. Gemeenten kunnen daarnaast kiezen om specifieke programma’s op te stellen, waarin bepaalde thema’s of gebieden nader worden uitgewerkt.
De gemeente Simpelveld heeft in 2025 de strategische toekomstvisie ‘Simpelveld 2040, samen maken we morgen!’ opgesteld. Deze visie is nadrukkelijk samen met een groep bewoners ontwikkeld. Daarmee vormt deze toekomstvisie een breed gedragen vertrekpunt voor de verdere ontwikkeling van Simpelveld. De omgevingsvisie bouwt daarop voort en vertaalt deze gezamenlijke koers naar een integrale langetermijnvisie op de fysieke leefomgeving. De verdere uitwerking van de strategische toekomstvisie en de uitvoering van deze omgevingsvisie worden daarbij inhoudelijk op elkaar afgestemd, zodat visie en uitvoering in elkaars verlengde blijven liggen. Tevens is er ook een Publiekssamenvatting Omgevingsvisie Simpelveld beschikbaar, zie bijlage.

De omgevingsvisie schetst voor de periode tot 2050 een perspectief op de ruimte waar we wonen, werken en ontspannen. Daarnaast gaat de visie in op onze verantwoordelijkheid voor de zorg en ondersteuning van onze inwoners en de voorzieningen die daarbij horen. Maatschappelijke ondersteuning, onderwijs, jeugdhulp en werk maken daar deel van uit.
De Omgevingswet en de omgevingsvisie gaan over de fysieke leefomgeving, maar veel thema’s in deze visie raken meerdere domeinen tegelijk. Leefbaarheid is daarvan een goed voorbeeld. In het sociaal domein ondersteunen we hiervoor onder andere de sociale samenhang, de zorg en het verenigingsleven in onze kernen, terwijl we in de fysieke leefomgeving werken aan onder andere sterke dorpsharten, bereikbare voorzieningen en een openbare ruimte die prettig en bruikbaar is voor het dagelijks leven.
Omdat veel onderwerpen met elkaar samenhangen, kiezen we ervoor om in deze omgevingsvisie over al deze opgaven na te denken. Dat helpt ons om de verschillende domeinen met elkaar te verbinden en een samenhangend beleid te voeren.
Bij het opstellen van de onderliggende strategische toekomstvisie ‘Simpelveld 2040, samen maken we morgen!’ is uitgebreid aandacht besteed aan participatie. Naast maatschappelijke organisaties, de raad, het college van burgemeester en wethouders en heeft een denktank van bewoners, jongeren en ondernemers actief meegedacht over de toekomst van Simpelveld. Bij het opstellen van deze omgevingsvisie hebben sessies met betrokkenen plaatsgevonden, waaronder medeoverheden en ketenpartners, maatschappelijke organisaties, burgers, de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders. Ook is er een bewonersenquête uitgezet. De participatie-opbrengsten zijn verwerkt in deze visie.
Deze paragraaf licht de opbouw van de omgevingsvisie toe. Omdat de gemeenteraad deze visie vaststelt, hanteren we de ‘wij-vorm’, waarmee we de gemeenteraad bedoelen. Als er Simpelveld staat wordt de gemeente bedoeld. Als we de kern Simpelveld bedoelen, gebruiken we die term of dorp
Hoofdstuk 1 beschrijft de inleiding en de aanleiding van de omgevingsvisie.
Hoofdstuk 2 geeft een overzicht van de kracht van Simpelveld, belicht vanuit historisch en geografisch perspectief. Dat vormt het vertrekpunt voor de toekomst.
Hoofdstuk 3 geeft de kern weer van onze omgevingsvisie.
Hoofdstuk 4 beschrijft de belangrijkste ambities, uitgewerkt per thema en onderwerp.
Hoofdstuk 5 werkt 7deze ambities verder uit voor de verschillende deelgebieden.
Hoofdstuk 6 bevat de uitvoeringsparagraaf. Daarin leggen we uit hoe de visie doorwerkt in andere Omgevingswetinstrumenten, hoe we de voortgang monitoren en actualiseren, en welke programma's in ontwikkeling zijn.
In de bijlage is het participatieverslag opgenomen, met daarin de bijdrage van inwoners en belanghebbenden.
De geschiedenis van Simpelveld ligt nog herkenbaar in het landschap en in de dorpen zelf. De huidige gemeente Simpelveld ontstond bij de gemeentelijke herindeling van 1 januari 1982, toen de voormalige gemeenten Simpelveld en Bocholtz werden samengevoegd. De naam Simpelveld is echter al in 1137 opgetekend. Bocholtz verschijnt in 1253 in de geschriften als Bukehout. De oudste historische laag in de gemeente is het Romeinse verleden. Simpelveld maakt deel uit van een Romeins cultuurlandschap dat over de Duitse grens doorloopt richting Aken. De vruchtbare lössgronden en de ligging langs oude verbindingen maakten dit gebied al vroeg aantrekkelijk voor bewoning en landbouw. Die laag is in Simpelveld opvallend tastbaar gebleven. De resten van Romeinse villa’s tussen Simpelveld en Aken en de sarcofaag van de Dame van Simpelveld, een archeologisch topstuk in de geschiedenis van Nederland, zijn tastbare herinneringen aan dit verleden. Daar overheen liggen latere tijdlagen die het beeld van Simpelveld verder hebben gevormd.
De twee kernen liggen midden in het dal van de Eyserbeek. De agrarische ontwikkeling van de gemeente is nog altijd zichtbaar in het landschap door haar historische boerderijen en hoeves. Ook religieus erfgoed heeft een vaste plaats behouden. In Simpelveld staan met Loreto en Damiaan twee beeldbepalende kloostercomplexen; het voormalige meisjeshuis van Loreto dateert uit 1878 en behoort tot de zogenoemde Kulturkampf-kloosters. Met de spoorlijn Maastricht–Aken en het grensstation van Simpelveld kreeg de gemeente in de negentiende en vroege twintigste eeuw bovendien een nieuwe positie in het regionale spoornetwerk. Ook vandaag kenmerken zowel de ligging in het Heuvelland als de sterke verbondenheid met Parkstad het karakter van Simpelveld.

Simpelveld ligt op een markante positie tussen het stedelijk deel van Parkstad, het Heuvelland en Aken. De gemeente maakt deel uit van de Stadsregio Parkstad Limburg, een bestuurlijk samenwerkingsverband in Zuidoost Limburg met ruim 255.000 inwoners. Samen met Heerlen, Kerkrade, Brunssum, Voerendaal, Landgraaf en Beekdaelen vormt het Parkstad Limburg. Binnen Zuid-Limburg ligt Simpelveld op de overgang tussen meer stedelijke en meer landelijke delen van de regio. Economisch gezien is de gemeente sterker verbonden met Parkstad en de stedelijke omgeving daaromheen. Landschappelijk en toeristisch sluit Simpelveld sterker aan op het Heuvelland en het grensgebied richting Aken. De gemeente maakt daarmee bovendien deel uit van een grensregio waarin de oriëntatie op Duitsland van oudsher sterk aanwezig is.
Na decennia van krimp streeft Parkstad Limburg nu naar een evenwichtige bevolkingssamenstelling door strategische groei. Dit betekent inzetten op onderwijs, economie, woningbouw en bereikbaarheid om de regio aantrekkelijk te maken voor jonge inwoners en gezinnen. De toenemende vergrijzing vraagt om een langetermijnvisie die de regio vitaal en toekomstbestendig houdt. Door deze groeiopgave actief op te pakken, kan Parkstad niet alleen de demografische balans herstellen, maar ook bijdragen aan nationale vraagstukken zoals klimaat, energie en woningbouw. Investeren in duurzame mobiliteit, innovatieve werkgelegenheid en toekomstbestendige woningen draagt bij aan een economisch en sociaal sterke inclusieve regio. Ook Simpelveld geeft hiermee concreet invulling aan het gezamenlijke groeinarratief van Parkstad, waarin regionale en euregionale samenwerking en toekomstgericht handelen centraal staan.
Parkstad heeft zich met het Regionaal Afstemmingskader GOVI’s (Gemeentelijke Omgevingsvisies) Parkstad bovendien voorbereid op toekomstige regionale uitdagingen. Dit kader biedt een richtinggevend toekomstperspectief. Het fungeert als bouwsteen voor de zeven gemeentelijke omgevingsvisies, zonder strikte planologische regels, maar als inspirerend vergezicht. Het afwegingskader helpt binnen dit document om lokale ontwikkelingen te toetsen aan de gezamenlijke ambities. Parkstad werkt aan een actualisatie van het afstemmingskader dat in 2022 door alle Parkstadraden is vastgesteld.
De Provinciale Omgevingsvisie Limburg (POVI) is het strategische kader van de provincie voor de ruimtelijke en fysieke leefomgeving. Daarin legt de provincie haar ambities, doelen en kaders vast voor onder meer wonen, natuur, landbouw, water, energie, economie, mobiliteit, erfgoed, gezondheid en leefbaarheid. Provinciale Staten hebben de POVI 2026 op 8 mei 2026 vastgesteld; na verwerking van amendementen volgt publicatie in juni 2026. Deze omgevingsvisie sluit aan op de provinciale koers en vertaalt waar gepast de relevante provinciale ambities naar de ruimtelijke praktijk. Concreet betekent dit dat provinciale uitgangspunten voor water en bodem, landschap, wonen, mobiliteit en energie zijn meegenomen bij de keuzes voor de fysieke leefomgeving in Simpelveld.
De Nota Ruimte is de nationale langetermijnvisie van het Rijk op de ruimtelijke inrichting van Nederland. De ontwerpversie maakt keuzes richting 2030 en 2050, met een doorkijk naar 2100, en wordt na vaststelling de opvolger van de Nationale Omgevingsvisie. De Ontwerp-Nota Ruimte is op 26 september 2025 aangeboden aan de Tweede Kamer. Deze omgevingsvisie sluit aan op de nationale koers doorthema’s als zorgvuldig ruimtegebruik, water en bodem, wonen, bereikbaarheid, energie en landschap integraal mee te wegen in de lokale keuzes voor Simpelveld.
Simpelveld ligt vlak bij Aken. De nabijheid van Aken biedt economische en maatschappelijke kansen, mede door de aanwezigheid van de Rheinisch-Westfälische Technische Hochschule (RWTH) Aachen en de bredere kennis- en innovatiemilieus in en rond de stad. Samen vormen Parkstad Limburg en de Städteregion Aachen een grensoverschrijdende agglomeratie van ruim 800.000 inwoners. Deze strategische ligging vraagt om het wegnemen van grensbarrières en het benutten van de kansen die de euregionale ligging biedt.
Deze paragraaf belicht de identiteit en kernkwaliteiten van Simpelveld. Dit zijn de unieke kenmerken waar we trots op zijn en die we koesteren als fundament voor de toekomst van onze gemeente.
Simpelveld is een groene, landelijke gemeente met een rustig en dorps woonmilieu. De kwaliteit van wonen hangt sterk samen met de directe landschappelijke omgeving. De compacte centra met herkenbare dorpsstructuren en de nabijheid van het buitengebied geven de gemeente een woonmilieu waarin dorp en landschap nauw met elkaar verbonden zijn. Tegelijkertijd liggen ook stedelijke voorzieningen en werkgelegenheid nabij door de nauwe verwevenheid met Parkstad, vaak zelfs binnen fietsbereik. De kracht van wonen in Simpelveld zit in het samengaan van een landschappelijk woonmilieu met stedelijke voorzieningen binnen handbereik.
Simpelveld en Bocholtz vormen samen een kleine meerkernige gemeente, waarin beide kernen ongeveer even groot zijn maar een eigen dorpskarakter en gemeenschapsleven kennen. De gemeenschap wordt gekenmerkt door sterke sociale cohesie, een rijk verenigingsleven en een grote betrokkenheid van inwoners bij hun leefomgeving. Die betrokkenheid blijkt uit de traditie van burgerparticipatie en uit de manier waarop inwoners, verenigingen en lokale netwerken bijdragen aan de leefbaarheid van hun kern. Ook in de buurtschappen is dit goed zichtbaar, bijvoorbeeld bij RKVV WDZ in Bocholtzerheide. Tegelijk heeft de kern Simpelveld een duidelijke centrum- en verzorgingsfunctie voor omliggende dorpen en buurtschappen. Ook Bocholtz heeft daarin een eigen positie als volwaardige woonkern, maar met een eigen kleinschaliger voorzieningenprofiel.
Het landschap van Simpelveld wordt sterk bepaald door het reliëf van het Heuvelland. Beekdalen, plateaus en hoogteverschillen geven de gemeente een landschappelijke opbouw die herkenbaar Zuid-Limburgs is. De landschappelijke basis wordt gevormd door het Eyserbeekdal en de hellingen daaromheen, met de plateaus van Ubachsberg en Bocholtz, de hooggelegen randen en het Land van Kalk als omringende landschappelijke structuren.
Die structuur blijft niet beperkt tot het buitengebied. Simpelveld en Bocholtz liggen zichtbaar in het landschap en hebben er ook ruimtelijk een directe relatie mee. Historische linten, groene dorpsranden, bosranden en open agrarische delen zorgen ervoor dat de overgang tussen kern en buitengebied in de gemeente op veel plekken ervaren kan worden. Dat geeft Simpelveld een landschappelijke identiteit waarin het hoogteverschil en de dorpsbebouwing nauw op elkaar aansluiten.
Landschap en erfgoed zijn ook belangrijke economische dragers voor Simpelveld. Het buitengebied biedt prachtige mogelijkheden voor wandelen, fietsen en andere vormen van dagrecreatie. Met een ligging aan de rand van het Heuvelland kent de gemeente een sterk recreatief profiel. Daarin zijn ook de stoomtrein van de Miljoenenlijn, de imposante kloosters en de bourgondische sfeer belangrijke toeristische trekkers.
Het is essentieel om onze kwaliteiten te behouden, te versterken en waar mogelijk uit te breiden. Bestaande uitdagingen, nieuwe trends en ontwikkelingen kunnen deze kwaliteiten echter onder druk zetten. Tegelijkertijd is er de overkoepelende opgave om de brede welvaart in de gemeente te versterken. Met de omgevingsvisie spelen we hier tijdig op in, zodat Simpelveld goed voorbereid de toekomst tegemoet gaat.
Net als in de overige gemeenten in Parkstad veranderen vergrijzing, ontgroening en huishoudensverdunning de samenstelling van de bevolking. Een onevenwichtige bevolkingsopbouw maakt het moeilijker de voorzieningen in de lucht te houden. De bestaande woningvoorraad sluit bovendien steeds minder goed aan op de veranderende vraag, en daarmee ligt er ook een stevige herstructureringsopgave.
Voor starters en jonge gezinnen is het passende en betaalbare aanbod beperkt, terwijl de vraag naar levensloopgeschikte woningen en woonvormen voor ouderen en mensen met een zorgvraag groeit. De woningbouwopgave hangt daarnaast samen met de ambitie van Parkstad om jongeren, starters, gezinnen en werkenden voor de regio te behouden en aan te trekken. Parkstad zet in de komende tien jaar in op minimaal 7.500 nieuwe woningen, vooral voor starters en doorstromers en deels ter vervanging van woningen die niet meer toekomstbestendig zijn.
Het is van belang om de juiste keuzes in de woningbouwopgave te maken. Een passend woningaanbod draagt namelijk bij aan een evenwichtige bevolkingsopbouw, en dat is noodzakelijk om de kernen en de samenleving levendig te houden.
De leefbaarheid vormt in delen van de gemeente een belangrijke opgave. Door vergrijzing en ontgroening verandert de samenstelling van de bevolking en krimpt tegelijk de beroepsbevolking. De vraag naar zorg en ondersteuning neemt daardoor toe, terwijl het draagvlak voor voorzieningen en vrijwilligerswerk minder vanzelfsprekend wordt. In een gemeente als Simpelveld maakt dat ontmoeting, informele hulp en dagelijkse voorzieningen minder vanzelfsprekend, vooral in Bocholtz en de kleinere kernen waar bereikbaarheid en dorpsfuncties kwetsbaar zijn.
De andere kant van leefbaarheid zijn veerkracht en veiligheid. Veerkrachtonderzoek laat zien dat we hierbij alert moeten blijven: het behouden en versterken van de veerkracht van inwoners, buurten en dorpen is een belangrijke opgave voor de komende jaren. Overlast, jeugdcriminaliteit en ondermijning tasten het vertrouwen van bewoners in hun buurt of dorp aan. Hoe het met kinderen en jongeren gaat, is belangrijk voor hun eigen toekomst en voor de toekomst van Simpelveld. Parkstad benadert deze opgave daarom regionaal, met een gezamenlijke inzet op gelijke kansen, gezondheid en sociale veerkracht waarin de jeugd centraal staat. De vitaliteit van de kernen hangt uiteindelijk af van de mate waarin kinderen, jongeren en gezinnen er perspectief vinden en zich blijvend aan Simpelveld kunnen verbinden.
Waterveiligheid en klimaatadaptatie zijn in Simpelveld uitgegroeid tot urgente ruimtelijke opgaven. Klimaatverandering zorgt vaker voor hevige buien en wateroverlast, maar ook voor perioden van droogte. De overstromingen van juli 2021 hebben ook in Simpelveld laten zien hoe groot de impact op woningen, natuur en leefomgeving kan zijn, terwijl de jaren daarvoor juist uitzonderlijk droog waren. Een klimaatadaptieve inrichting draagt daarnaast bij aan een aangenamere en koelere leefomgeving, bijvoorbeeld door minder opwarming van stenige oppervlakken en meer natuurlijke verkoeling door groen en schaduw.
De opgave ligt daarbij niet uitsluitend in de kernen zelf. Het watersysteem in Simpelveld is opgebouwd uit een reeks dalen en watergangen die afstroming bundelen richting het centrum van Bocholtz en vervolgens doorzetten naar de kern Simpelveld. Door de bodemgesteldheid, met slecht doorlatende lagen, is infiltratie op grote delen van het grondgebied echter beperkt of nauwelijks mogelijk. Het is daarom belangrijk om water in de gemeente op de juiste plekken vast te houden, af te voeren of juist door te laten stromen.
De bereikbaarheid van Simpelveld staat onder druk. Dagelijkse verplaatsingen naar Parkstad en de grensregio maken de gemeente sterk afhankelijk van regionale verbindingen. Een van deze regionale verbindingen, tussen Parkstad en Heuvelland, loopt bovendien dwars door het centrum van Simpelveld. Tegelijk hebben de kernen zelf belang bij een goed functionerend lokaal netwerk, met veilige schoolroutes en goede verbindingen tussen Simpelveld, Bocholtz en de buurtschappen.
Ook de aard van mobiliteit verandert. Het aandeel van het elektrisch vervoer groeit, het gebruik van verschillende vervoersmiddelen raakt sterker met elkaar verweven en de druk op de openbare ruimte neemt toe. Daarmee wordt de spanning tussen bereikbaarheid, verkeersveiligheid en leefkwaliteit groter. De opgave voor Simpelveld ligt in het opvangen van die druk binnen een fijnmazig netwerk van kernen, voorzieningen en regionale routes.
De energietransitie is voor Simpelveld een forse opgave. De gemeente wil in 2030 in de gebouwde omgeving minimaal 20 procent minder aardgas gebruiken. Deze doelstelling is een lokale tussenstap binnen de bredere landelijke klimaatopgave en de regionale ambitie om toe te werken naar een energieneutrale regio. De zwaarste opgave ligt bij woningen en andere gebouwen, waar veel energie naar verwarming gaat. Tegelijk groeit de elektriciteitsvraag, onder meer door de overstap naar andere vormen van verwarmen en door elektrisch vervoer. Die omslag vraagt ook meer ruimte. Nieuwe opwekking, extra transformatorstations, kabels en laadpunten moeten een plek krijgen in een regio waar wonen, water, natuur, landbouw en energie steeds vaker om diezelfde ruimte concurreren. Daar komt bij dat het elektriciteitsnet steeds voller raakt. Netcongestie beperkt de ruimte voor nieuwe aansluitingen voor woningen en bedrijven. Daardoor hangt de energietransitie direct samen met opgaven als woningbouw, mobiliteit en economische groei.
De economische opgave van Simpelveld staat in het teken van een bredere Parkstadse beweging. In de Strategische Agenda zet Parkstad in op het slechten van drempels met de Städteregion Aachen op het gebied van onderwijs, economie, wetenschap en arbeidsmarkt, als stap naar een gezamenlijke innovatieve economie. Die koers krijgt inmiddels concreet vorm in de versterking van de Brightlands Smart Services Campus, Medlands Parkstad en de samenwerking met kennisinstellingen als RWTH Aachen, Zuyd, Vista en Universiteit Maastricht.
Simpelveld ligt op een bijzondere plek tussen Parkstad, Heuvelland en Aken. In deze groene gemeente gaan dorps wonen, landschappelijke kwaliteit en regionale nabijheid hand in hand. De rust en schaal van Simpelveld en Bocholtz maken het prettig wonen, terwijl werk, onderwijs en voorzieningen in de regio dichtbij zijn. Wij koesteren deze identiteit en kernkwaliteiten. We trekken de lijnen uit het verleden door naar de toekomst. Dit gaat echter niet vanzelf. Er komen immers ontwikkelen op de gemeente af, zoals demografische ontwikkelingen en klimaatverandering, die vragen om actie om het goede te behouden en daar nieuwe kwaliteiten aan toe te voegen. Zo zijn we tot drie pijlers voor Simpelveld in 2050 gekomen:
Sterke kernen in een vitaal Simpelveld.
Een toekomstbestendig landschap.
Lokale schakel in een innovatieve regio.
Samen borgen deze drie pijlers de brede welvaart in Simpelveld. Dit werken we als volgt uit.
Met nieuwe woningen voor starters, gezinnen en ouderen, voor huidige en nieuwe inwoners, versterken we de vitaliteit van onze kernen. Dat doen we zonder de dorpse maat, het eigen karakter en de nauwe verwevenheid met het landschap los te laten. We investeren in jeugd, in zorg en ontmoeting dichtbij huis en in voorzieningen die het dagelijks leven dragen. Ook de inrichting van de openbare ruimte moet daaraan bijdragen, met meer groen, ruimte om te bewegen en plekken waar mensen elkaar vanzelf tegenkomen.
In Simpelveld en Bocholtz versterken we de dorpsharten als compacte en levendige plekken voor het dagelijks leven. Daar komen voorzieningen, ontmoeting en wonen samen, met ruimte voor jong en oud door elkaar. Nieuwe woningen voegen we bij voorkeur toe binnen het bestaande bebouwde gebied, op plekken waar zij ook bijdragen aan groen, verblijfskwaliteit en een aantrekkelijker centrum.
Voor de toekomst van Simpelveld nemen we water en bodem als vertrekpunt, werken we aan een gezonde leefomgeving en kiezen we voor verduurzaming die past bij de maat van onze gemeente. Het beekdallandschap, de dorpsranden en het omliggende Heuvelland vormen daarbij de basis voor onze leefkwaliteit. Tegelijk geven het Romeinse verleden, de Miljoenenlijn, de kloosters en het omliggende landschap Simpelveld een herkenbare identiteit en een sterk recreatief profiel. Dit maken we nog beter zichtbaar en beleefbaar.
Dankzij de ligging midden in de Euregio kan Simpelveld ook op grotere schaal betekenis hebben. De nabijheid van Aken, de verbinding met Parkstad, het grensoverstijgende bedrijventerrein Avantis, het naastgelegen Trilandis en de aansluiting op regionale kennis- en routenetwerken bieden kansen voor kleinschalig ondernemerschap, toerisme en een aantrekkelijk woonmilieu. Zo verbindt Simpelveld de dynamiek van de regio met de rust, ruimte en kwaliteit van het Zuid-Limburgse heuvellandschap.
In het diagram hieronder staan de drie pijlers voor Simpelveld. Elke pijler heeft drie kernambities. Die zijn weer verdeeld in thema’s. Zo werken we stap voor stap van de kernwaarden van de gemeente naar plannen en projecten.
Simpelveld: Samen maken we morgen!


In dit hoofdstuk hebben we de drie thematische pijlers voor Simpelveld uitgewerkt. De drie pijlers staan voor de sociale, economische en fysieke aspecten van de leefomgeving. Oftewel, ze beschrijven hoe we samen leven, hoe we bouwen aan onze welvaart en hoe we onze omgeving beschermen.
Iedere pijler is daarom onderverdeeld in drie kernambities. Deze kernambities zijn gebaseerd op het Regionaal Afstemmingskader Parkstad, maar wel vertaald op een Simpelveldse manier. Zo zorgen we dat ontwikkelingen in onze gemeente goed samengaan met ontwikkelingen in de regio, zonder daarbij onze eigen kwaliteiten en opgaven uit het oog te verliezen. De kernambities zijn:
Sterke kernen in een vitaal Simpelveld
Opgroeien en oud worden in een kansrijke gemeente
Woningbouw als impuls voor levendige dorpen
Erfgoed en gemeenschap als dragers van identiteit
Een toekomstbestendig landschap
Lokale schakel in een innovatieve regio
Lokale kracht in een grensoverstijgende regio
Grensgemeente als schakel in een euregionaal mobiliteitssysteem
Recreatief knooppunt tussen Parkstad, Aken en Heuvelland
Samen zorgen deze negen kernambities voor het beschermen en ontwikkelen van de brede welvaart in Simpelveld. Deze kernambities staan niet op zichzelf, maar hebben allemaal invloed op elkaar. We hebben iedere kernambitie daarom vertaald vanuit het regionale naar het gemeentelijke schaalniveau en vervolgens uitgewerkt in een aantal thema’s voor de leefomgeving. Zo gaan we van groot naar klein. We gaan van de kernwaarden van onze gemeente naar concrete projecten en plannen, en zorgen zo dat ontwikkelingen elkaar kunnen versterken.
De regionale sociale lijn richt zich op wijken en kernen waar inwoners prettig, gezond en vitaal kunnen samenleven. Dat vraagt om langdurige investeringen in de sociale en ruimtelijke basis van gemeenschappen. Voor Simpelveld betekent dit een koers waarin de vitaliteit van de kernen Simpelveld en Bocholtz wordt versterkt vanuit hun dorpse schaal, sociale samenhang en eigen voorzieningenstructuur.

Simpelveld heeft een dorpse schaal, korte afstanden en een hechte sociale infrastructuur. Daardoor zijn zorg, voorzieningen en verenigingsleven dichtbij en kunnen inwoners elkaar gemakkelijk ontmoeten, steun vinden en gezond blijven. Deze schaal wordt ook herkend door de samenleving (zie resultaten enquête). We versterken die basis door zorg en ondersteuning dichter bij het dagelijks leven te brengen. Ook richten we de leefomgeving zo in dat inwoners elkaar gemakkelijker ontmoeten, gezond kunnen leven en in alle kernen gelijke kansen hebben om op te groeien, ouder te worden en mee te doen.
Maatschappelijke knooppunten dichtbij
Sterke kernen vragen om plekken waar ontmoeting, ondersteuning en eigen initiatief samenkomen. Een sterke sociale basis betekent dat inwoners in beide kernen, van jong tot oud, gemakkelijk steun kunnen vinden. In de kernen Simpelveld en Bocholtz vervullen onder meer de bibliotheek, D’r Durpswinkel, wijkcentra De Rode Beuk, Op de Boor en andere maatschappelijke voorzieningen daarin een belangrijke rol (zie de themakaart 'Sterke kernen in een vitaal Simpelveld' aan het eind van deze paragraaf). We versterken deze plekken als herkenbare knooppunten in het dagelijks leven: plekken waar inwoners elkaar ontmoeten, mee kunnen doen en zo nodig snel op de juiste ondersteuning worden gewezen. Daarbij sturen we op samenwerking en doorontwikkeling, zodat voorzieningen beter zichtbaar worden, en de verbinding tussen beide kernen wordt versterkt.
Voorzieningen als basis voor leefbaarheid
Leefbaarheid begint bij een voorzieningenstructuur die past bij de schaal van de gemeente en tegelijk voldoende kwaliteit biedt. Voor het dorp Simpelveld betekent dat een sterke hoofdkern met een bredere verzorgingsfunctie, en Bocholtz dat als volwaardige woonkern over goede basisvoorzieningen blijft beschikken. We bouwen aan één samenhangende voorzieningenstructuur die past bij het dagelijks leven in beide kernen. Daarbij sturen we niet op losse voorzieningen, maar op een goed bereikbaar en elkaar aanvullend aanbod van kwaliteit.
Leefbare buurten
Sociale samenhang ontstaat niet alleen in gebouwen, maar ook in de manier waarop straten, pleinen en centra functioneren. Het dorpshart van Simpelveld en andere ontmoetingsplekken in de gemeente kunnen sterker bijdragen aan contact, verblijf en gemeenschapsgevoel. We benutten de ontwikkeling van de dorpsharten en de inrichting van onze woonwijken daarom bewust om ontmoeting te stimuleren. Zo kunnen we eenzaamheid verminderen en buurten aantrekkelijker en socialer maken, voor jong en oud samen. Meer groen, verblijfskwaliteit en kleinschalige activiteiten horen daar nadrukkelijk bij.
Bestaanszekerheid en meedoen
Een sterke sociale basis vraagt ook aandacht voor bestaanszekerheid. Wanneer inwoners door geldzorgen of praktische drempels moeilijk toegang krijgen tot regelingen en voorzieningen, wordt meedoen minder vanzelfsprekend. Daarom willen we problemen eerder zien, ondersteuning toegankelijker maken en bestaande instrumenten zoals De VoorzieningenWijzer, die inwoners helpt om regelingen en toeslagen te vinden en aan te vragen, beter gebruiken om inwoners praktisch te helpen bij geldzorgen en meedoen. Zo maken we de ondersteuning begrijpelijker en brengen deze dichterbij. Daarnaast leggen we het accent eerder in de eigen omgeving: minder vanuit zorg achteraf, meer vanuit welzijn, preventie en laagdrempelige ondersteuning.
Samenredzaamheid en initiatief uit de samenleving
De kracht van Simpelveld ligt voor een belangrijk deel in de gemeenschap zelf. De kracht van het lokale verenigingsleven, vrijwilligerswerk en bewonersinitiatief maakt Simpelveld dagelijks leefbaarder, socialer en zorgzamer. Zij vragen echter ook om vernieuwing en goede randvoorwaarden. Daarom geven we inwoners meer ruimte om initiatief te nemen, maken we vrijwilligerswerk toekomstbestendiger en zorgen we dat participatie echt uitnodigt tot meedoen. Daarbij betrekken we ook jongeren, kwetsbare groepen en minder mondige inwoners actief bij de ontwikkeling van hun leefomgeving.
Veilige en leefbare buurten
Een sterke sociale basis vraagt ook om buurten waar inwoners zich veilig voelen. Veiligheid gaat daarbij niet alleen over toezicht en handhaving. Ook een overzichtelijke, schone en goed onderhouden openbare ruimte helpt. Net als plekken waar inwoners elkaar kennen, signalen op tijd delen en samen verantwoordelijkheid nemen voor hun buurt. Daarom kijken we extra goed naar plekken waar problemen zich opstapelen, zoals overlast, kwetsbaarheid of verloedering. We willen zulke signalen eerder herkennen en samen aanpakken, ook wanneer het gaat om jongeren, middelengebruik of minder zichtbare vormen van criminaliteit. Dat doen we niet als gemeente alleen, maar samen met inwoners, politie, handhaving, zorg, jongerenwerk en regionale partners. Zo werken we aan buurten waar inwoners prettig wonen, elkaar durven aanspreken en zich veilig voelen.
Kansrijk vanaf het begin
In Simpelveld willen we dat kinderen al vanaf de eerste levensfase een goede basis krijgen. Juist in de eerste levensfase wordt voor een belangrijk deel bepaald hoe gezond, veerkrachtig en kansrijk kinderen zich kunnen ontwikkelen. We bouwen daarom verder aan een preventieve aanpak waarin ouders en gezinnen vroegtijdig passende ondersteuning kunnen vinden. Binnen het actieprogramma Kansrijke Start werken we met partners rond kind en gezin aan vroege signalering en begeleiding op belangrijke momenten in de ontwikkeling van het kind.
Een sterke doorgaande lijn rond het kind
Kinderen ontwikkelen zich beter wanneer hun leer-, zorg- en leefwereld als één samenhangende lijn werkt. In Simpelveld willen we daarom een sterke doorgaande lijn organiseren, van kinderopvang naar basisschool en van school naar verdere ontwikkeling en passende hulp. We zorgen voor betere afstemming tussen kinderopvang, onderwijs en jeugdhulp, zodat achterstanden eerder in beeld komen en kinderen minder tussen systemen in vallen. Daarbij sturen we op een herkenbaar basisaanbod voor kinderen en ouders, ongeacht woonplaats of schoollocatie.
Het integraal kindcentrum als lokale basis
Het integraal kindcentrum in Bocholtz is meer dan een school. Het integraal kindcentrum brengt de belangrijkste ontwikkelvoorzieningen voor kinderen samen en is daarmee een centrale plek waar kinderen en ouders gemakkelijk steun vinden en anderen ontmoeten. We versterken deze functie als maatschappelijk knooppunt voor de volgende generatie. Dat betekent dat we deze voorziening toekomstbestendig houden en de samenwerking rond kinderen versterken, ook met welzijn, opvoedondersteuning en naschoolse activiteiten.
Gezond opgroeien als dagelijkse praktijk
Gezond opgroeien vraagt een dagelijkse omgeving waarin bewegen, gezonde voeding en welbevinden vanzelfsprekend onderdeel zijn van het leven van kinderen. Simpelveld heeft daarvoor met het programma Gezonde Basisschool van de Toekomst een sterke basis. We bouwen daarop door en verbinden deze aanpak aan Trendbreuk, GALA, IZA, AZWA en andere regionale gezondheidsprogramma’s. Met partners rond kind en gezin werken we aan een gezonde schooldag waarin een gezonde ontwikkeling vanzelfsprekend onderdeel is van de dag, van voorschool tot vervolgonderwijs.
Taal, talent en gelijke kansen
Ieder kind moet in Simpelveld de kans krijgen om de eigen talenten te ontdekken en basisvaardigheden stevig te ontwikkelen. Een rijk leerklimaat helpt kinderen hun taal en talenten te ontwikkelen, zodat zij later kunnen meedoen, doorleren en zelfstandig hun weg vinden. Daarom versterken we de samenwerking rond kinderen, zodat zij opgroeien in een taalrijke en ontwikkelrijke omgeving die past bij de meertalige grensregio. Daarnaast bouwen we aan rijke schooldagen en activiteiten in buurt en regio, zodat kinderen ook buiten de les hun talenten kunnen ontplooien.
Veilig en weerbaar
Een kansrijke jeugd vraagt ook om een omgeving waarin kinderen zich veilig voelen, op tijd worden gezien en steun kunnen krijgen wanneer dat nodig is. Daarom organiseren we alles rond leren, ondersteuning en sociale veiligheid in Simpelveld meer in samenhang. We zetten in op schoolomgevingen waarin jongeren zich mentaal gezond, gesteund en weerbaar kunnen ontwikkelen, en waarin problemen vroeg worden gezien. Tegelijk werken we samen aan preventie van jeugdoverlast en jeugdcriminaliteit, onder meer via de verbinding met regionale partners en programma’s zoals de Integrale Jeugd Aanpak Parkstad en, waar passend, regionale inzet rond preventie en veiligheid.
Gezondheid als leidraad
In Simpelveld benaderen we gezondheid als een brede leefomgevingsopgave. Daarbij gaat het om gezondheidsbevordering. Gezond gedrag ontstaat niet alleen door zorg of voorlichting. Ook de inrichting van de openbare ruimte en de nabijheid van voorzieningen bepalen hoe gemakkelijk inwoners gezond kunnen leven. Juist in een gemeente met hardnekkige gezondheidsverschillen moet de fysieke leefomgeving bijdragen aan veerkracht, ontmoeting en dagelijkse beweging. Daarom wegen we gezondheid standaard mee bij gebiedsontwikkeling, herinrichting en beheer. Die inzet moet inwoners breder gezond houden, problemen helpen voorkomen en gezondheidsachterstanden verkleinen.
Preventie en positieve gezondheid
Goede zorg begint niet pas wanneer problemen zwaar worden, maar veel eerder in het dagelijks leven van inwoners. In Simpelveld benaderen we gezondheid daarom breed: als het vermogen van inwoners om lichamelijk en mentaal gezond te blijven, gezond te leven en volwaardig mee te doen, mede bepaald door hun sociale omstandigheden. We werken vanuit positieve gezondheid en willen problemen eerder voorkomen, eerder herkennen en inwoners beter in staat stellen om met hun gezondheid om te gaan. Dat doen we onder meer via het voorliggend veld en instrumenten zoals Welzijn op Recept. Samen met partners binnen GALA, IZA, Trendbreuk en Parkstad richten we ons extra op inwoners bij wie gezondheidsrisico’s zich opstapelen, bijvoorbeeld door mentale problemen, eenzaamheid, vallen, overgewicht, middelengebruik of sociaaleconomische kwetsbaarheid.
Groene en koele kernen
Een gezonde leefomgeving vraagt om meer groen op de plekken waar mensen wonen, lopen, spelen en elkaar ontmoeten. Meer toegankelijk groen maakt de openbare ruimte aantrekkelijker en gezonder, doordat het verkoeling biedt, het microklimaat verbetert en bijdraagt aan mentaal welbevinden. In Simpelveld en Bocholtz vergroenen we stenige plekken gericht, vooral waar vergroening veel verschil maakt in het dagelijks gebruik: in de centra, rond scholen, langs wandelroutes en bij ontmoetingsplekken. We zorgen dat vergroening niet op zichzelf staat, maar ook helpt om klimaatverandering op te vangen, water vast te houden en prettige routes voor lopen en fietsen te maken. Zo versterken gezondheid, waterbeheer en verblijfskwaliteit elkaar in de openbare ruimte.
Bewegen in het dagelijks leven
In een compacte gemeente als Simpelveld kan dagelijkse beweging veel vanzelfsprekender door een beter ingerichte leefomgeving. Goede loop- en fietsverbindingen maken dagelijkse bestemmingen beter bereikbaar en stimuleren beweging. Daarmee zijn zij niet alleen een mobiliteitsmaatregel, maar ook een investering in gezondheid. De beweegroute (zie de themakaart 'Sterke kernen in een vitaal Simpelveld' aan het eind van deze paragraaf) is hiervan een concreet voorbeeld: zij verbindt dagelijkse plekken in de kern en nodigt jong en oud uit om te bewegen, te spelen, te sporten en elkaar onderweg te ontmoeten. We maken dagelijkse routes beter bruikbaar: veiliger, aantrekkelijker, toegankelijker en ook op warme dagen prettiger. Zo bouwen we aan een bewegingsvriendelijke gemeente waarin lopen en fietsen voor jong en oud een normaal onderdeel van het dagelijks leven worden.
Gezonde plekken om elkaar te ontmoeten
Gezondheid hangt ook samen met de kwaliteit van de plekken waar inwoners verblijven, spelen, sporten en elkaar tegenkomen. Een aantrekkelijk plein, parkje of dorpsrand kan ontmoeting stimuleren, eenzaamheid verkleinen en buiten zijn vanzelfsprekender maken. Daarom benutten we centrumvernieuwing en herinrichting van de openbare ruimte om plekken te maken waar inwoners prettiger kunnen verblijven, spelen en bewegen. Dat doen we onder meer rond de Markt in Simpelveld en bij andere dagelijkse ontmoetingsplekken. Waar mogelijk richten we de openbare ruimte zo in dat zij uitnodigt tot actief gebruik, verblijf en ontmoeting.
Een gezonde omgeving voor kinderen
Voor kinderen en jongeren is de leefomgeving van directe invloed op gezondheid, ontwikkeling en kansengelijkheid. Veilige schoolomgevingen, groene speelplekken en ruimte om te bewegen dragen eraan bij dat gezond opgroeien niet beperkt blijft tot binnen de schoolmuren. We bouwen daarom voort op de lokale en regionale inzet rond gezonde schoolomgevingen en groene schoolpleinen, bijvoorbeeld wanneer het gaat om speelruimte, verkeersveiligheid en routes naar school. Zo maken we van de leefomgeving voor de jeugd een actief onderdeel van onze preventieve gezondheidsaanpak.
Gebiedsgericht en samen uitvoeren
De gezonde leefomgeving vraagt om een gebiedsgerichte aanpak waarin fysieke en sociale investeringen elkaar versterken. In Simpelveld sluiten we daarvoor aan op regionale beleidslijnen zoals Trendbreuk, GALA, IZA en AZWA, en vertalen we die naar concrete keuzes in onze kernen. We werken samen met scholen, welzijns- en zorgpartners, sportaanbieders, corporaties en inwoners om juist op kwetsbare plekken gerichter te investeren. Daarbij kiezen we voor maatregelen en projecten die aantoonbaar werken, zodat de gezondheidsaanpak zichtbaar landt in de dagelijkse leefomgeving.
Gezondheidsbescherming
Een gezonde leefomgeving moet gezond gedrag mogelijk maken én inwoners beschermen tegen ongezonde omgevingsinvloeden. Bij ruimtelijke keuzes wegen we luchtkwaliteit, geluidbelasting, hittestress en milieudruk daarom vroeg mee. We sturen minimaal op een goede fysieke basiskwaliteit en zoeken per ontwikkeling naar verbetering. Dat betekent dat gevoelige functies zoals wonen, zorg, onderwijs en ontmoeting zorgvuldig worden geplaatst ten opzichte van verkeer, bedrijvigheid en andere bronnen van milieubelasting. Zo voorkomen we dat nieuwe plannen gezondheidsrisico’s vergroten, en benutten we ruimtelijke keuzes juist om de leefomgeving schoner, veiliger en prettiger te maken.
Gezond omgaan met water, bodem en landgebruik
Ook in het buitengebied is gezondheidsbescherming een ruimtelijke opgave. De manier waarop het buitengebied wordt gebruikt, werkt direct door in de kwaliteit van bodem en water en daarmee in de leefomgeving van inwoners. Daarom sturen we op landbouwontwikkeling die zorgvuldig omgaat met het landschap en risico’s voor bodem en water beperkt, onder meer rond middelengebruik, uitspoeling en erosie. Samen met agrariërs en gebiedspartners zoeken we naar maatregelen die de landbouw toekomstbestendig houden en tegelijk bijdragen aan een gezonde en veilige leefomgeving.
Zorg en welzijn dichtbij
Simpelveld gaat zorg en welzijn zo organiseren dat inwoners ondersteuning dichtbij in hun eigen leefomgeving kunnen vinden. Juist in een compacte gemeente met korte afstanden kunnen zorg, praktische hulp en ontmoeting beter deel worden van de eigen woonomgeving. Daarom versterken we een fijnmazige lokale zorg- en welzijnsstructuur. Waar mogelijk koppelen we huisartsenzorg, dagbesteding en laagdrempelige hulp aan plekken waar inwoners toch al komen en elkaar ontmoeten, in de kernen Simpelveld en Bocholtz. Daarbij kijken we niet alleen naar formele aanspraken, maar vooral naar wat inwoners nodig hebben om zo zelfstandig, gezond en volwaardig mogelijk mee te blijven doen.
Langer thuis wonen mogelijk maken
Steeds meer inwoners worden ouder in hun eigen dorp, terwijl de zorgvraag toeneemt en intramurale zorg afneemt. Dat vraagt om woningen en woonomgevingen die langer zelfstandig wonen daadwerkelijk ondersteunen. Daarom zetten we in op woningen waarin inwoners langer zelfstandig kunnen wonen: geschikt voor zorg, zonder onnodige drempels en bruikbaar in verschillende levensfasen, met zorg, dagelijkse voorzieningen en openbaar vervoer binnen bereik. Voor ouderen en minder mobiele inwoners is goed bereikbaar openbaar vervoer daarbij een belangrijke voorwaarde om zelfstandig mee te blijven doen, voorzieningen te bereiken en sociale contacten te onderhouden. Ook benutten we zorgtechnologie en digitale toepassingen zolang die zorgvuldig worden ingezet en aantoonbaar bijdragen aan veiligheid, contact en zelfstandigheid in het dagelijks leven.
Wonen met zorg op de juiste plek
Naast ondersteuning in de bestaande woning is er behoefte aan passende woonzorgvormen voor inwoners die meer nabijheid van zorg of begeleiding nodig hebben. Zulke woonvormen werken het best op plekken waar zorg nabij is en bewoners actief en sociaal verbonden kunnen blijven wonen. Daarom maken we gerichte afspraken met woningcorporaties en zorg- en welzijnspartijen over wonen met zorg. Ook bieden we ruimte aan vernieuwende woonzorgconcepten op dorpse schaal, waarin ontmoeting tussen jong en oud vanzelfsprekend onderdeel kan zijn.
Mantelzorg en nabuurschap versterken
In Simpelveld dragen mantelzorg, vrijwillige inzet en nabuurschap in hoge mate bij aan het dagelijks welzijn van inwoners. Die informele zorg wordt alleen maar belangrijker naarmate de zorgvraag groeit en professionele capaciteit onder druk staat. We ondersteunen mantelzorgers daarom zichtbaarder en laagdrempeliger, met praktische hulp en goede aansluiting op professionele ondersteuning. Tegelijk versterken we plekken en netwerken waar inwoners elkaar kunnen ontmoeten, helpen en signaleren, zodat informele zorg duurzaam vol te houden blijft.
Inclusieve en dementievriendelijke buurten
Een zorgzame gemeente vraagt om buurten waarin mensen ook bij kwetsbaarheid volwaardig kunnen blijven deelnemen. Dat vraagt niet alleen om ondersteuning, maar ook om een leefomgeving die overzichtelijk, toegankelijk en uitnodigend is. Daarom sturen we op buurten waar ook mensen met dementie of een beperking zich goed kunnen redden: met herkenbare routes, passende woningen, toegankelijke openbare ruimte en een sterke sociale basis. Zo maken we het makkelijker om te blijven bewegen, elkaar te ontmoeten en langer zelfstandig onderdeel te blijven van de gemeenschap.
Simpelveld en Bocholtz hebben compacte kernen en concrete ontwikkellocaties, maar ook een waardevolle voorzieningenstructuur die kwetsbaar kan zijn. Daardoor hangt woningbouw direct samen met leefbaarheid, centrumkwaliteit en het draagvlak voor dagelijkse voorzieningen. We zetten woningvernieuwing en herstructurering in om beide kernen sterker te maken. Die vernieuwing koppelen we aan een groenere en betere openbare ruimte, terwijl we de dorpsharten verder uitbouwen tot compacte centra voor ontmoeting en dagelijks gebruik.
Woningbouw als kernversterking
Simpelveld zet woningbouw in als middel om de kernen sterker, completer en toekomstbestendiger te maken. Nieuwe woningen moeten meer doen dan woonruimte toevoegen: ze moeten de dorpen leefbaarder, diverser en aantrekkelijker maken en het draagvlak voor voorzieningen versterken. Daarbij vraagt iedere kern om een eigen benadering: in de kern Simpelveld versterkt woningbouw in het centrum vooral de voorzieningenkern en ruimtelijke samenhang, terwijl in Bocholtz gerichte toevoegingen helpen om de sociale basis van het dorp te verbreden. We koppelen woningbouw daarom steeds aan kernversterking en aan een herkenbare kwaliteitsimpuls voor de omgeving.
Passende woningen voor doorstroming
De grootste woonopgave ligt in Simpelveld bij woningen die doorstroming mogelijk maken en aansluiten op veranderende huishoudens. Vooral starters, ouderen, kleinere huishoudens en inwoners met een zorgvraag hebben in of nabij de kernen behoefte aan woningtypen die doorstroming mogelijk maken, zoals appartementen, nultredenwoningen, middenhuur en betaalbare koop. Met die woningtypen brengen we de woningmarkt beter in balans en geven we inwoners, jongeren en terugkeerders meer perspectief om in de kernen Simpelveld en Bocholtz te blijven of terug te keren. Daarom sturen we op een gevarieerd woningprogramma dat betaalbaar is, past bij verschillende levensfasen en ook op langere termijn bruikbaar blijft. Daarbij houden we ook rekening met specifieke woon- en opvangopgaven die vanuit wetgeving of maatschappelijke urgentie op de gemeente afkomen.
Eerst de kern versterken
Het vertrekpunt voor woningbouw ligt in de bestaande kernen. We zoeken groei eerst binnen de bestaande kernen: op plekken waar ruimte vrijkomt, vastgoed leegstaat of vernieuwing nodig is. Zo draagt woningbouw direct bij aan de vernieuwing van centra, dorpslinten en woonbuurten. Daarmee gebruiken we de ruimte zuinig en versterken we tegelijk de kwaliteit van bestaande structuren. Waar dat nodig en ruimtelijk passend is, blijft ook gerichte uitbreiding aan de randen van de kernen mogelijk. We hanteren daarom een voorkeursvolgorde van inbreiding, transformatie en pas daarna beperkte uitbreiding op zorgvuldig gekozen locaties, zoals aan de Kruinweg en Orsbacherweg-Biesweg in Bocholtz. Bij uitbreiding moet woningbouw worden ingebed in een groene en waterrijke omgeving volgens het principe ‘water en bodem sturend’, die landschappelijk klopt en waar mogelijk natuur herstelt.
Gerichte vernieuwing van de woningvoorraad
Een belangrijk deel van de opgave ligt in het vernieuwen van verouderde of niet-passende woningen en woongebieden. In delen van de particuliere voorraad en op specifieke herstructureringslocaties is renovatie alleen niet voldoende en is sloop-nieuwbouw of een ingrijpende kwaliteitsverbetering nodig. Zo vernieuwen we de woningvoorraad op een manier die woningen beter maakt, betaalbaar houdt, gezond wonen ondersteunt en de kern toekomstwaarde geeft. We werken daarom gericht aan vernieuwing van zwakke woningvoorraad, onder meer samen met woningcorporaties en particuliere eigenaren. Julianastraat en met name de Schilterstraat zijn voorbeelden voor de toekomst.
Wonen en leefomgeving in één aanpak
Wijkvernieuwing omvat in Simpelveld ook de verbetering van de kwaliteit van de woonomgeving. Een sterke woonbuurt vraagt om openbare ruimte die meer doet dan er goed uitzien: zij moet vergroenen, water opvangen, ontmoeting mogelijk maken en voorzieningen op kernschaal ondersteunen. Wanneer woningbouw tegelijk bijdraagt aan klimaatbestendigheid, energie- en netbewuste keuzes, prettig verblijf en sociale samenhang, ontstaat een gezondere en toekomstbestendigere leefomgeving.
Uitvoering met partners en projecten
De woonopgave vraagt om een actieve en langdurige uitvoeringsaanpak. Alleen met goede samenwerking tussen gemeente, woningcorporaties, particuliere eigenaren, marktpartijen en de stadsregio Parkstad kunnen we voldoende tempo maken in nieuwbouw, herstructurering en verduurzaming. Daarbij horen ook instrumenten die plannen haalbaar maken en doorstroming ondersteunen. We actualiseren onze woonsturing daarom steeds op basis van behoefteonderzoek, zetten actief grondbeleid en financiële instrumenten in waar de situatie daarom vraagt en de markt het niet vanzelf oppakt, en geven gericht uitvoering aan of faciliteren projecten zoals het Centrumplan Simpelveld, Muyrers-Wijnen, Schoolstraat-Kloosterhof, Kruinweg en de gebiedsgerichte aanpak van De Baan. Ook kijken we, waar juridisch mogelijk en doelmatig, naar instrumenten voor woonruimteverdeling die de positie van lokale woningzoekenden kunnen versterken.
Tijdelijke opvang zorgvuldig inpassen
Simpelveld neemt haar verantwoordelijkheid in de tijdelijke opvang van asielzoekers, als onderdeel van een bredere regionale en landelijke opgave. Deze opvang is geen reguliere woningbouwopgave, maar vraagt wel om zorgvuldige ruimtelijke en maatschappelijke inpassing. Daarom kiezen we voor opvanglocaties die tijdelijk, veilig en goed beheerd zijn. Vooraf maken we duidelijke afspraken over het functioneren van de locatie: zij moet goed bereikbaar zijn, passend worden ondersteund en zorgvuldig worden ingebed in de omgeving, zonder onevenredige druk op lokale voorzieningen. Daarbij werken we samen met de Veiligheidsregio, het COA, maatschappelijke organisaties en regiogemeenten. De tijdelijke opvang aan de Nijswillerweg laat zien dat zulke opgaven zorgvuldig en in regionaal verband moeten worden opgepakt. Deze opvanglocatie loopt nog tot oktober 2026. Of er draagvlak is voor een nieuwe tijdelijke opvanglocatie, zal moeten blijken uit een participatietraject met bewoners.
Oekraïense ontheemden
Naast asielopvang heeft Simpelveld ook te maken met de opvang en ondersteuning van Oekraïense ontheemden. Deze groep valt onder een andere regeling dan asielzoekers, maar vraagt in de praktijk om een tijdelijke woon- en ondersteuningsstructuur waarin ook onderwijs, zorg en participatie goed zijn geregeld. We houden daarom rekening met tijdelijke woon- en opvangvragen die voortkomen uit oorlog, crisis of humanitaire nood. Daarbij zoeken we naar oplossingen die passen bij de schaal van onze kernen, die bestaande woonopgaven niet onnodig verdringen en die tijdelijke bewoners helpen om zo goed mogelijk deel te nemen aan het dagelijks leven in Simpelveld.
Voorzieningen dichtbij
Simpelveld wil in beide kernen een toegankelijk en toekomstbestendig basisniveau van voorzieningen behouden. Daarbij gaat het om functies die direct samenhangen met leefbaarheid, zelfstandig functioneren, sociale samenhang en meedoen, zoals de supermarkt, eerstelijnszorg, onderwijs, welzijn, ontmoeting en openbaar vervoer. We benaderen Simpelveld en Bocholtz als complementaire kernen: Simpelveld dorp heeft een bredere verzorgingsfunctie, terwijl Bocholtz een volwaardige woonkern blijft waar basisvoorzieningen ook ontmoeting, kleinschalig ondernemerschap en recreatief-toeristische kansen dragen. We sturen daarom op bereikbare, herkenbare en kwalitatief goede voorzieningen in beide dorpen. Overigens heeft de gemeente beperkt sturing op en verantwoordelijkheid over de commerciële voorzieningen zoals winkels, maar kunnen wel de omstandigheden gunstig worden ingericht, zoals een prettig verblijfs- en beleefklimaat.
Kwaliteit en transformatie
Waar centra onder druk staan, vraagt dat om gerichte kwaliteitsverbetering. Leegstand, beeldverstorende panden en gaten in de straatwand verzwakken de levendigheid en uitstraling van de dorpsharten en ondermijnen op termijn ook het draagvlak voor voorzieningen. We pakken zulke plekken daarom doelgericht aan, koppelen transformatie aan ruimtelijke kwaliteit en werken samen met ondernemers, vastgoedeigenaren en andere partners aan aantrekkelijke en verzorgde centrumgebieden. Daarbij benutten we lopende trajecten, zoals de centrumontwikkeling in de kern Simpelveld en de verdere opwaardering van het dorpshart van Bocholtz.
Compacte dorpsharten
Sterke voorzieningen vragen om sterke centra. Om leegstand en gaten in de winkelstraten te voorkomen zetten we in op compacte dorpsharten waar publieksfuncties elkaar versterken en waar voorzieningen, ontmoeting en verblijf ruimtelijk samenkomen. Daarbij ligt het accent in Simpelveld sterker op de bredere commerciële voorzieningenfunctie, terwijl Bocholtz vooral vraagt om versterking van het dorpshart, passende basisvoorzieningen en lokaal ondernemerschap. Door functies te concentreren ontstaat meer levendigheid, een duidelijker kernwinkelgebied en meer draagvlak voor ondernemers en maatschappelijke functies. Verder begeleiden we de herontwikkeling van zwakke plekken in de straten rondom het centrum.
Levendige centra
Een vitaal centrum bestaat uit meer dan winkels alleen. De dorpsharten worden sterker wanneer zij niet alleen winkelgebied zijn, maar een bredere plek voor ondernemen, maatschappelijke functies, cultuur, ambacht en verblijf. Zo worden de centra niet alleen functioneel, maar ook herkenbare plekken voor dagelijks gebruik, beleving en spontane ontmoeting. We richten de ontwikkeling van de centra daarom op functiemenging en een openbare ruimte die uitnodigt tot verblijven, bewegen en elkaar treffen. In de kern Simpelveld werken we daarnaast aan een prettig winkelrondje, en bieden we ruimte voor kleinschalige evenementen.
Maatschappelijke knooppunten
Voorzieningen zijn in Simpelveld ook plekken waar inwoners elkaar tegenkomen, steun vinden en de gemeenschapskracht groeit. We willen in en rond de centra maatschappelijke functies beter bundelen en doorontwikkelen, zodat inwoners op logische plekken terechtkunnen voor activiteiten, informatie, lichte ondersteuning en passende doorverwijzing. De bibliotheek, het integraal kindcentrum en bestaande ontmoetingsplekken als de wijkcentra de Rode Beuk en Op de Boor zijn daarvoor belangrijke ankers (zie de themakaart 'Sterke kernen in een vitaal Simpelveld' aan het eind van deze paragraaf). We werken aan sterke maatschappelijke knooppunten, onder meer via doorontwikkeling van bibliotheekfuncties, betere samenwerking tussen organisaties en waar nodig een herschikking van culturele, jeugd- en buurtvoorzieningen, met oog voor de verbinding tussen beide kernen.
Lokaal gedragen voorzieningen
Toekomstbestendige voorzieningen vragen ook om ruimte voor initiatieven die aansluiten op het dagelijks leven van inwoners. In de kernen Simpelveld en Bocholtz bestaan daarvan al herkenbare voorbeelden, zoals D’r Durpswinkel, de Crea Hoeskamer en andere kleinschalige ontmoetings- en voorzieningsconcepten. Zulke initiatieven versterken niet alleen het aanbod, maar ook het ‘wij-gevoel’ en de sociale veerkracht van de kernen.
Simpelveld beschikt over sterke historische en sociale dragers, met het Romeinse erfgoed, de Miljoenenlijn, monumentale kloosters en een rijk verenigingsleven als herkenbare bronnen van identiteit. We maken die kwaliteiten zichtbaarder en beleefbaarder, benutten ons erfgoed actief door herbestemming en profilering, en versterken ons verenigingsleven.
Erfgoed als ruimtelijke drager
De geschiedenis van Simpelveld is geen los verhaal naast de leefomgeving, maar een kwaliteit die zichtbaar richting geeft aan dorpen, landschap en ontwikkellocaties. Het Romeinse verleden, het stoomtreinerfgoed, historische dorpsstructuren en karakteristieke gebouwen vormen samen een herkenbare laag in de gemeente. Daarom gebruiken we erfgoed als ruimtelijke drager bij nieuwe plannen en kwaliteitsverbetering. Ontwerp, inrichting en planvorming moeten sterker voortbouwen op historische structuren, zichtbare sporen en cultuurhistorische samenhang.
Het Romeinse verhaal als geheel
Het Romeinse erfgoed van Simpelveld en Bocholtz heeft bovenlokale betekenis. Niet één vondst of locatie staat centraal; het gaat om het bredere Romeinse landschap, waarin bewoning, begraving, wegen, kalkovens en verhalen met elkaar samenhangen. We werken daarom aan een zichtbaar Romeins erfgoedlandschap, met recreatieve routes, markeringen, informatiepunten en herkenbare plekken. We verbinden dit verhaal aan initiatieven als het Archeopark en de Dame van Simpelveld.
De Miljoenenlijn als cultuurhistorisch profiel
De Miljoenenlijn, het stationsgebied en het spoorerfgoed geven Simpelveld een eigen cultuurhistorisch profiel dat direct zichtbaar en beleefbaar is. Het station, de museale functie, het spoorpark en de historische wagons vormen samen een sterke drager voor identiteit, maar ook voor ontmoeting en verblijf. We bouwen deze lijn verder uit met partners als de Stichting Zuid-Limburgse Stoomtrein Maatschappij (ZLSM) en de provincie, koppelen het stationsgebied sterker aan centrum en recreatieve routes, en benutten het spoorerfgoed voor de ruimtelijke en toeristische profilering van Simpelveld.
Monumenten en nieuw gebruik
Monumenten, kerken, kloosters, historische hoeves, kasteel De Bongard en andere beeldbepalende panden dragen de geschiedenis van Simpelveld zichtbaar in zich en geven karakter aan de kernen en het buitengebied. Hun betekenis blijft het sterkst wanneer behoud wordt verbonden aan een passende nieuwe functie en een zorgvuldige inpassing. We zetten daarom actief in op herbestemming, herstel en hergebruik van erfgoed. We koppelen dit waar passend aan nieuwe functies als wonen, cultuur, verblijf of ondernemerschap, en geven beeldbepalende gebouwen een stevige plek in de ontwikkeling van de centra en de openbare ruimte.
Erfgoed zichtbaar in het dagelijks leven
Erfgoed krijgt pas echt betekenis wanneer inwoners en bezoekers het herkennen, begrijpen en er een band mee kunnen opbouwen. Erfgoed moet niet alleen beschermd worden, maar ook herkenbaar worden gemaakt in de openbare ruimte, via routes, verhalen en publieksactiviteiten. Daarmee versterken we tegelijk onze identiteit, de leefbaarheid en de beleving voorbezoekers. Daarom maken we erfgoed zichtbaar en beleefbaar in de openbare ruimte, bijvoorbeeld met markeringen, verhalenplekken, groene accenten en passende programmering. Daarbij werken we samen met lokale erfgoedpartijen, musea, ondernemers en verenigingen.
Verenigingsleven als drager van gemeenschap
Het verenigingsleven is in Simpelveld en Bocholtz veel meer dan vrijetijdsbesteding. Het verenigingsleven, van voetbal tot fanfare, maakt dorpen levendig: het brengt mensen samen, houdt inwoners actief en versterkt de binding met de gemeenschap. Juist in een kleinschalige gemeente zijn sport, cultuur en vrijwilligersinitiatieven onmisbaar voor de leefbaarheid en de identiteit. Daarom koesteren we het verenigingsleven als dragende kracht van onze kernen en verbinden we het aan de bredere opgave om dorpen leefbaar, gezond, betrokken en samenhangend te houden.
Toekomstbestendige verenigingen
Veel verenigingen zijn van grote betekenis voor het dorp, maar staan onder druk: leden en vrijwilligers worden ouder, jongeren stromen minder vanzelfsprekend in en de organisatie wordt zwaarder. Toekomstbestendigheid vraagt daarom niet alleen betrokken vrijwilligers, maar ook nieuwe vormen van samenwerking en een scherpere organisatie. We helpen verenigingen vernieuwen en continuïteit houden, onder meer door kennis te delen en samenwerking, gedeeld gebruik of samengaan mogelijk te maken. Zo blijft het lokale netwerk sterk en beter passend bij de schaal en toekomst van Simpelveld.
Passende accommodaties en sterke ontmoetingsplekken
Een vitaal verenigingsleven vraagt om accommodaties die goed functioneren, uitnodigend zijn en tegen beperkte beheerskosten kunnen worden geëxploiteerd. In de kernen Simpelveld en Bocholtz moet de accommodatiestructuur het dorpsleven blijven dragen, met goede plekken voor sport, gemeenschap, jeugd en ontmoeting. We sturen op een kwalitatief sterke en toekomstbestendige accommodatiestructuur, met adequaat onderhoud, gerichte investeringen en een slimme bundeling van gebruik. Waar nodig grijpen we gericht in om strategische plekken voor ontmoeting, activiteit en verenigingsleven te behouden of verder te ontwikkelen.
Vrijwilligerskracht vernieuwen en verbreden
Vrijwilligerswerk blijft de motor voor veel activiteiten in Simpelveld, maar vraagt in deze tijd om nieuwe vormen van betrokkenheid. Niet iedereen wil of kan zich langdurig verbinden aan een activiteit, terwijl dorpen wel mensen nodig hebben die initiatief nemen, iets organiseren of praktisch bijdragen. Daarom maken we vrijwillige inzet eigentijdser en toegankelijker, ondersteunen we bewoners die initiatief nemen en zorgen we dat meer inwoners kunnen meedoen. Daarbij maken we het voor nieuwe generaties aantrekkelijker om mee te doen, met waardering, makkelijke instap en minder praktische drempels bij terugkerende activiteiten.
Sport, cultuur en ontmoeting voor iedereen
Een sterk verenigingsleven werkt pas echt als inwoners op een laagdrempelige manier kunnen meedoen. Deelname aan sport, cultuur, maatschappelijke activiteiten en buurtactiviteiten vergroot de gezondheid, het zelfvertrouwen, sociale contacten en de binding met het dorp. Dat geldt voor jong en oud, en juist ook voor inwoners voor wie meedoen minder vanzelfsprekend is. Daarom maken we activiteiten breed toegankelijk en ondersteunen we initiatieven die sport, cultuur en ontmoeting dichterbij brengen, vooral voor jeugd, ouderen en inwoners die extra nabijheid of ondersteuning nodig hebben.
Samen bouwen aan sterke dorpsnetwerken
De kracht van Simpelveld ligt in de combinatie van verenigingen, bewonersinitiatieven, maatschappelijke organisaties en informele netwerken. Die samenwerking is nodig om voorzieningen, activiteiten en gemeenschapsvorming ook op langere termijn sterk te houden. We werken daarom aan hechte dorpsnetwerken waarin verenigingen, vrijwilligers, scholen, bibliotheek, jeugd- en welzijnsorganisaties en andere lokale partners elkaar beter weten te vinden. Ook betrekken we verenigingen en belangenorganisaties actief bij relevante ontwikkelingen, zodat de kracht van de gemeenschap zichtbaar doorwerkt in ons beleid en onze projecten.

Het regionale economische perspectief draait om Parkstad als euregionale kenniscorridor, met sterke verbindingen tussen Parkstad, Aken en de tussenliggende werklocaties. Het gaat ook om talentontwikkeling en een complementaire woon- en arbeidsmarkt. Simpelveld onderscheidt zich binnen de euregionale kennis-as Parkstad-Aken als een kleinschalige woonwerkgemeente die haar grensligging, vakmanschap en recreatief profiel daarvoor inzet.

Simpelveld ligt nabij krachtige regionale kennisnetwerken, campussen en onderwijsclusters, maar onderscheidt zich vooral door de mogelijkheid om die regionale innovatie te verbinden aan kleinschalige, concrete bedrijvigheid. We sluiten sterker aan op de euregionale kennis-as. In Simpelveld vertalen we dat naar ruimte voor makers en ondernemers op plekken waar dat past: in de kernen en op bestaande werklocaties, met bedrijvigheid die ruimtelijk goed landt en de leefbaarheid niet onder druk zet.
Aanhaken op de kennis-as
Simpelveld wil sterker meebewegen met de economische ontwikkeling op de as Parkstad–Aken. De groei van campussen, kennisclusters en euregionale samenwerking biedt ook voor een kleine gemeente kansen, mits die regionaal en euregionaal goed is aangesloten en lokaal herkenbaar wordt vertaald. Ook ontwikkelingen zoals de Einstein Telescope kunnen daarbij kansen bieden voor kennis, werk en profilering. We richten onze ruimtelijk-economische keuzes daarom op een betere verbinding met de regionale kennisinfrastructuur, belangrijke werklocaties en groeiclusters in Parkstad en de Euregio, zodat inwoners en ondernemers beter kunnen profiteren van die ontwikkeling.
Innovatie landen in de lokale economie
De meerwaarde van de kenniscorridor voor Simpelveld zit vooral in het ruimtelijk-economisch inspelen op regionale kennisnetwerken, en in de toepassing van die kennis in de dagelijkse economie. Digitalisering, slimme dienstverlening en nieuwe technieken kunnen juist de lokale economie vernieuwen, van zorg en bezoekerssector tot landbouw, detailhandel en dienstverlening. We werken daarom met de stadsregio Parkstad en andere regionale partners aan een praktische vertaling van innovatie naar het midden- en kleinbedrijf (mkb) en lokale initiatieven, zodat regionale kennisontwikkeling ook zichtbaar wordt in Simpelveldse bedrijven, voorzieningen en verdienmodellen.
Ruimte voor makers en starters
Vakmanschap, ambacht en kleinschalig ondernemerschap passen bij het profiel van Simpelveld. Juist in een innovatieve regio is er behoefte aan plekken waar makers, zzp’ers en startende ondernemers hun bedrijf kunnen opbouwen en laten groeien. We geven die bedrijvigheid ruimte op flexibele centrumlocaties en in leegstaande panden. Daar kunnen gedeelde werkplekken, ateliers en kleinschalige bedrijfsruimten ontstaan, met laagdrempelige ondersteuning voor initiatiefnemers. We maken meer ruimte voor mengvormen van werken, leren en ambacht in bestaande panden, oude gebouwen en op centrumlocaties. Daarbij zorgen we voor duidelijke procedures, een toegankelijk aanspreekpunt en begeleiding waar nodig, zodat initiatieven sneller en beter kunnen opbloeien.
Leren, talen en talentontwikkeling
Een sterke kenniscorridor vraagt niet alleen om bereikbare campussen, maar ook om ‘handige handen’ die kunnen maken wat ‘knappe koppen’ verzinnen. Daarbij zijn scale-ups (bedrijven die schaalvergroten) nog belangrijker dan start-ups (bedrijven die net starten). Voor Simpelveld betekent dit dat we werk en ondernemerschap versterken met vakmanschap, technische vaardigheden, meertaligheid en een levenlangontwikkelen. We werken met Parkstad, onderwijsinstellingen, ondernemers en arbeidsmarktpartners aan een betere aansluiting tussen onderwijs, ondernemerschap en regionale groeisectoren, met ruimte voor praktijkplekken rond ambacht, restauratie, hergebruik en wijkontwikkeling. Zo helpen we inwoners en bedrijven om beter verbonden te raken met de kansen van de euregionale economie, ook over de grens richting Duitsland.
Bereikbaarheid als economische voorwaarde
De kenniscorridor functioneert alleen goed als ook de verbindingen goed zijn. Voor Simpelveld gaat het daarbij om zowel fysieke als digitale aansluiting op Parkstad, Aken en de bredere Euregio. We zetten daarom in op een betere aanhaking op hoogwaardige ontwikkelingen in het openbaar vervoer (HOV) tussen Heerlen en Aken (zie de themakaart 'Lokale schakel in een innovatieve regio' aan het eind van deze paragraaf), sterkere verbindingen richting Duitsland en een goede aansluiting op regionale mobiliteitsnetwerken. Daarnaast versterken we de digitale zichtbaarheid en bereikbaarheid van ondernemers en locaties, zodat Simpelveld economisch beter vindbaar en verbonden wordt.
Een herkenbare positie in de Euregio
Simpelveld kan zich binnen de kenniscorridor onderscheiden door zijn ligging tussen Parkstad, Heuvelland en Aken te koppelen aan een eigen profiel van kleinschaligheid, kwaliteit en ondernemerschap. Een duidelijke positionering helpt om bedrijven, bewoners, bezoekers en investeringen beter aan de gemeente te binden. Daarom werken we aan een sterker economisch verhaal richting de regionale en Duitse markt, waarin gezamenlijke profilering en herkenbare dragers elkaar versterken. Daarbij organiseren we ondernemers, gemeente en partners rond een gedeelde koers en uitvoeringskracht.
Passende bedrijvigheid op de juiste plek
Simpelveld wil werklocaties versterken op een schaal en in een profiel, die passen bij de gemeente. Daarbij bouwen we voort op een economische structuur waarin kleinschalig ondernemerschap, lokale dienstverlening, horeca, recreatie en ambacht een belangrijke rol spelen. Werklocaties moeten economische ruimte bieden op een manier die de omgeving leefbaar houdt, herkenbaar maakt en ruimtelijke kwaliteit toevoegt. We geven voorrang aan functies die aansluiten bij het Simpelveldse profiel en toetsen ruimtevragen steeds op hun lokale meerwaarde, inpasbaarheid en toekomstbestendigheid.
Lokaal handelen, regionaal afstemmen
Werklocaties in Simpelveld staan niet op zichzelf, maar maken deel uit van een regionale economische structuur in Parkstad en de Euregio. We stemmen nieuwe ontwikkelingen af met regionale partners, benutten eerst de kracht van bestaande locaties en locaties langs de provinciale wegen en kijken pas daarna naar aanvullende ruimte of verplaatsing. Tegelijk blijven we investeren in ons lokale ondernemersklimaat, onder meer via bedrijvencontacten, samenwerking tussen ondernemers en instrumenten die gezamenlijke uitvoeringskracht versterken.
Bocholtzerweg toekomstbestendig vernieuwen
Het bedrijventerrein Bocholtzerweg blijft een belangrijke geconcentreerde werklocatie, maar vraagt wel een gerichte kwaliteitsimpuls. De opgave is de openbare ruimte toekomstbestendiger te maken, de uitstraling te verbeteren en het terrein af te stemmen op de economische en ruimtelijke koers van Simpelveld. We werken daar samen met ondernemers en partners aan. Daarbij beoordelen we nieuwe ontwikkelingen steeds op hun bijdrage aan ruimtelijke kwaliteit, bereikbaarheid en klimaatbestendigheid. We houden bovendien oog voor de strategische positie van deze locatie binnen de bredere regionale economie.
Blauw-groene kwaliteit op het terrein
Een toekomstbestendig bedrijventerrein vraagt om meer dan alleen functionele bedrijfsruimte. Aan de rand van het beekdal willen we Bocholtzerweg zo vernieuwen dat klimaatadaptatie en vergroening direct bijdragen aan een beter bruikbaar terrein. Dat betekent dat we water, groen en verharding bewuster op elkaar afstemmen, zodat het terrein meer water kan opvangen, koeler wordt en minder stenig oogt. Daarom stimuleren we een blauw-groene inrichting van kavels en openbare ruimte. Water kan daar beter infiltreren en vertraagd afstromen, terwijl schaduw, bomen en landschappelijk passende erfafscheidingen het terrein robuuster en aantrekkelijker maken. Waar de ligging in het beekdal, de wateropgave of regionale economische ontwikkelingen daarom vragen, wegen we ook verdergaande scenario’s mee, zoals gedeeltelijke herontwikkeling, functiewijziging of verplaatsing van bedrijvigheid. Daarbij kijken we per locatie welke invulling het best past bij de omgeving, de milieuruimte en de toekomst van het terrein, zodat economische dynamiek hand in hand gaat met ruimtelijke verbetering.
In de maat van het landschap
Bedrijvigheid moet in Simpelveld zorgvuldig worden ingepast in een kwetsbaar en kleinschalig landschap. Dat vraagt om aandacht voor hoogte, materialisering, zichtlijnen en de overgang tussen werklocatie en omgeving. We sturen daarom op een ruimtelijke vormgeving die aansluit bij het dorpse en landschappelijke karakter van de gemeente. Bij vernieuwing, uitbreiding en herinrichting wegen we steeds mee hoe bebouwing, opslag, parkeren en terreinranden bijdragen aan een rustig, leesbaar en verzorgd geheel.
Samen werken aan uitvoeringskracht
De kwaliteitsverbetering van werklocaties vraagt om samenwerking en afstemming tussen gemeente, ondernemers, gebruikers en regionale partners. Alleen dan kunnen investeringen in openbare ruimte, klimaatadaptatie, energie, bereikbaarheid en het profiel van het terrein als één samenhangende kwaliteitsverbetering worden opgepakt. We werken daarom gebiedsgericht samen aan het toekomstbestendig maken van de werklocaties.
Simpelveld ligt tussen Parkstad, het Heuvelland en Aken. Inwoners reizen dagelijks binnen deze regio voor werk, onderwijs, zorg en voorzieningen. Daarom werken we aan goede en veilige verbindingen tussen Simpelveld, Bocholtz, Heerlen, Aken en de omliggende dorpen. We geven daarbij meer ruimte aan lopen, fietsen en openbaar vervoer en zorgen voor goede aansluitingen tussen verschillende vervoersmiddelen. Ook versterken we de verbindingen over de grens en de bereikbaarheid van Bocholtz als grenskern. Zo maken we belangrijke bestemmingen in de regio gemakkelijker en duurzamer bereikbaar.
Schakel tussen Parkstad, Heuvelland en Aken
Simpelveld ligt op een uitzonderlijke plek tussen Parkstad, het Heuvelland en Aken. Die ligging geeft de gemeente kansen om wonen, werken, recreatie en voorzieningen sterker te verbinden aan een bredere euregionale context. We positioneren Simpelveld daarom nadrukkelijk als schakelgemeente in het grensgebied. In onze ruimtelijke keuzes en profilering zoeken we steeds de samenhang met Parkstad, het Duitse achterland en de bredere Euregio, en de grotere euregionale ontwikkelrichting.
Bocholtz als herkenbare grenskern
Bocholtz heeft binnen Simpelveld een bijzondere rol als dorp aan de grens. Daarom bouwen we Bocholtz verder uit als herkenbare grenskern, met een dorpshart dat basisvoorzieningen, kleinschalig ondernemerschap en verblijfskwaliteit samenbrengt. Daarbij versterken we de zichtbaarheid van Bocholtz richting Duitsland, verbeteren we de bereikbaarheid richting Avantis en koppelen we ruimtelijke ingrepen in het dorp bewust aan haar ligging, identiteit en rol in het grensgebied.
Een Romeins villalandschap over de grens
Het Romeinse erfgoed vormt een krachtige schakel tussen Simpelveld, Bocholtz en Aken. Het verhaal houdt niet op bij de landsgrens, maar ligt juist verankerd in een gedeeld villalandschap met routes, vondsten en historische plekken aan beide zijden. We ontwikkelen dit grensgebied daarom als samenhangend Romeins erfgoedlandschap, met ruimte voor het Archeopark, tweetalige beleving en koppelingen aan de Via Belgica, de Römerstrasse en andere routes. Ook zetten we in op herkenbare ankers, zoals de sarcofaag van de Dame van Simpelveld, de villa Dellender/Butterweide en andere Romeinse vindplaatsen en verhalen in het grenslandschap.
Aanvullende voorzieningen en bestemmingen
De kracht van de euregionale ligging zit ook in complementariteit. De kernen Simpelveld en Bocholtz hoeven niet ieder op zichzelf het volledige voorzieningenniveau te dragen, zolang de kernen samen met Parkstad en Aken een goed bereikbaar en logisch geheel vormen. Daarom houden we de basis in onze eigen dorpen sterk en verbinden we die gericht met bovenlokale functies in de regio, van voorzieningen en onderwijs tot cultuur, werkmilieus en bezoekersstromen. Zo versterken we zowel de lokale leefbaarheid als de positie van Simpelveld binnen een bredere 30-minutenregio, waarin belangrijke bestemmingen binnen ongeveer een half uur bereikbaar zijn.
Grensoverstijgende samenwerking als vaste werkwijze
De grenspositie krijgt pas echt betekenis als zij doorwerkt in samenwerking en uitvoering. Voor dit thema zijn losse projecten daarom niet genoeg; het is nodig een structurele manier van werken te ontwikkelen met partners in de stadsregio Parkstad, de provincie, het Duitse achterland, ondernemers en erfgoed- en recreatieorganisaties. Daarom bouwen we aan duurzame euregionale samenwerking met nabijgelegen Duitse kernen zoals Orsbach en Laurensberg, zodat bereikbaarheid, erfgoed, toeristische profilering, voorzieningen en economische kansen in samenhang worden opgepakt. Daarbij koppelen we lokale projecten in de kernen Simpelveld en Bocholtz telkens aan grotere regionale programma’s.
Dagelijkse bereikbaarheid over de grens
Simpelveld wil dat dagelijkse bestemmingen in Parkstad, Aken en het Duitse achterland voor inwoners vlot en logisch bereikbaar zijn. Voor een grensgemeente gaat het daarbij om werk, onderwijs, zorg, cultuur en voorzieningen, maar ook om de verplaatsingen van alledag tussen dorp, regio en grens. We vertalen de euregionale 30-minutenregio daarom naar een Simpelveldse schaal, met sterke verbindingen tussen Simpelveld, Bocholtz, Heerlen en Aken en met aandacht voor duurzame vervoerskeuzes in de hele mobiliteitsketen. We sluiten aan bij de studie naar een hoogwaardige verbinding voor het openbaar vervoer (HOV) tussen Parkstad en Aken (zie de themakaart 'Lokale schakel in een innovatieve regio' aan het eind van deze paragraaf). Daarnaast hebben we ook aandacht voor grensroutes zoals de Akerweg en Orsbacherweg.
Fijnmazige dagelijkse routes
Een goed ‘daily urban system’ begint met korte, veilige en aantrekkelijke routes naar voorzieningen, haltes, scholen en werkplekken. In Simpelveld vraagt dat om een fijnmazig netwerk waarin lopen en fietsen vanzelfsprekende schakels worden in de dagelijkse mobiliteit, ook tussen de kernen Simpelveld en Bocholtz en richting regionale routes. We werken daarom vanuit het STOMP-principe. Dit betekent dat Stappen (lopen), Trappen (fietsen) en Openbaar Vervoer meer prioriteit krijgen dan ‘Mobility as a Service’ en Privéauto. Zo werken we aan een comfortabel fietsnetwerk, sterke wandelverbindingen en veilige schoolroutes. We maken de dagelijkse routenetwerken completer, toegankelijker en sociaal veiliger, en zorgen dat zij beter aansluiten op recreatieve routes. Daarbij geven we extra aandacht aan verkeersveiligheid, vooral in de dorpsharten, schoolomgevingen en op routes tussen de kernen.
Alternatieve route voor landbouwverkeer
Ook het landbouwverkeer vraagt om een betere ruimtelijke inpassing in het mobiliteitsnetwerk. Op dit moment loopt de verbinding tussen het agrarische achterland en Parkstad noodgedwongen via het dorpshart van Simpelveld. Dat leidt tot spanning met verblijfskwaliteit, verkeersveiligheid en leefbaarheid in de kern. Daarom onderzoeken we samen met de provincie Limburg een alternatieve route voor landbouwverkeer langs de N281 (zie de themakaart 'Lokale schakel in een innovatieve regio' aan het eind van deze paragraaf). Een veilige en goed ingepaste route voor landbouwverkeer is een belangrijke voorwaarde om de leefbaarheid en verblijfskwaliteit in het dorpshart te verbeteren.
Deelmobiliteit in de keten
Voor veel dagelijkse ritten ligt de kracht in de combinatie van vervoerswijzen. Deelmobiliteit kan daarbij een praktische schakel vormen tussen woonomgeving, centra, werklocaties en regionale ov-verbindingen. We bouwen daarom stapsgewijs aan mobiliteitshubs en deelconcepten die passen bij de schaal van Simpelveld, met mogelijke locaties bij het station, in het centrum en in Bocholtz. Samen met de stadsregio Parkstad, de provincie en Zuid-Limburg Bereikbaar versterken we zo de keten van fiets, ov en gedeeld vervoer. Daarbij kijken we ook naar betere directe verbindingen tussen de kernen Simpelveld en Bocholtz.
Betrouwbaar en toegankelijk openbaar vervoer
Goede grensoverschrijdende bereikbaarheid vraagt om openbaar vervoer dat betrouwbaar, comfortabel en toegankelijk is, van halte tot eindbestemming. Voor Simpelveld gaat het daarbij om sterke busverbindingen, goede toeleidende routes en een slimme aantakking op regionale en euregionale systemen zoals de Drielandentrein en de corridor Heerlen–Aken. Daarom verbeteren we haltes en looproutes, vooral voor minder mobiele inwoners en bezoekers. Met Arriva, de provincie, Parkstad en Zuid-Limburg Bereikbaar werken we aan een betere ov-keten en sluiten we aan bij regionale afspraken over concessies, ticketing en netwerksamenhang.
Simpelveld heeft een sterke recreatieve uitgangspositie tussen Parkstad, Aken en het Heuvelland. Het heuvellandschap, de Miljoenenlijn en Romeins erfgoed, zijn herkenbare recreatieve dragers. We versterken die positie door het stationsgebied beter te verbinden met de dorpsharten, recreatieve routes en verblijfsfuncties, zodat zij meer als één samenhangend recreatief systeem werken. Zo kiezen we voor een kleinschalig recreatief profiel dat bezoekers langer vasthoudt, lokale bestedingen vergroot en past bij de leefbaarheid en schaal van Simpelveld en Bocholtz.
Een herkenbaar profiel
Simpelveld kiest op het gebied van ‘leisure’ (ontspanning en vermaak) voor een kleinschalig en onderscheidend profiel dat past bij het landschap, de dorpen en de schaal van de gemeente. Juist de combinatie van rust, reliëf en gastvrijheid maakt de gemeente aantrekkelijk als bestemming binnen Parkstad en het Heuvelland, en als ontspannen poort naar het Heuvelland. We zetten daarom in op kwaliteit boven kwantiteit, met een herkenbare profilering van Simpelveld en Bocholtz en met recreatie die de leefbaarheid van de kernen versterkt in plaats van onder druk zet.
Stationsgebied als recreatieve poort
De stationsomgeving van de Miljoenenlijn is de sterkste toeristische hotspot van Simpelveld, maar de kwaliteit en samenhang van deze plek kunnen duidelijk sterker. Hier ligt de kans om recreanten beter te ontvangen, langer vast te houden en vanzelfsprekender door te leiden naar het centrum en het landschap. We ontwikkelen het stationsgebied daarom samen met onder meer de ZLSM, de provincie Limburg en andere partners door tot een uitnodigend knooppunt. We verbeteren de openbare ruimte rond het stationsgebied, zodat bezoekers er prettiger verblijven en recreatieve routes sterker verbonden worden met horeca en centrumfuncties. Dit doen we altijd binnen de kaders van het historische spoorwegerfgoed van de Miljoenenlijn.
Routes die bezoekers door Simpelveld leiden
Een sterk recreatief profiel vraagt om een goed verbonden netwerk dat bezoekers daadwerkelijk door de gemeente beweegt. In Simpelveld betekent dat betere verbindingen tussen centrum, station, Hulsveld, Bocholtz en het buitengebied, en een logische aansluiting op regionale en grensoverschrijdende netwerken. Daarbij versterken we groene verbindingen die het buitengebied, het beekdal en de kernen beter met elkaar verbinden voor wandelaars en fietsers. We zetten daarom in op samenhangende wandel- en fietsstructuren die aansluiten op onder meer de Parkstadroute, Kalkbaan, het Heuvelland en de bestaande fiets- en wandelknooppuntennetwerken. Ook waarderen we uitzichtpunt Huls op als kleinschalige verblijfsplek, zodat het landschap van Simpelveld hier beter beleefbaar wordt (zie de themakaart 'Lokale schakel in een innovatieve regio' aan het eind van deze paragraaf). Uitgangspunt is daarbij altijd dat recreatieve routes ook van waarde zijn voor alledaags gebruik van bewoners.
Erfgoed en landschap als één beleving
Het toeristisch profiel van Simpelveld is het sterkst waar het landschap en het erfgoed elkaar versterken. De Miljoenenlijn, het Romeinse verleden, het heuvellandschap en de historische dorpsstructuren moeten daarom niet als losse bestemmingen worden benaderd, maar als onderdelen van één groter verhaal. We maken van erfgoed en landschap één herkenbare beleving, met verhaallijnen die terugkomen in routes, startpunten, informatie en publieksactiviteiten. Daarbij krijgt Bocholtz ruimte voor het Romeinse verhaal en Simpelveld voor de stoomtrein- en stationsbeleving, zodat beide kernen een eigen maar samenhangend profiel ontwikkelen.
Ondernemers en lokale ketens versterken
Een herkenbare bestemming ontstaat pas echt wanneer ondernemers, producenten en instellingen samen één beleefbaar aanbod vormen. In Simpelveld ontstaan die kansen wanneer verblijf, streekproducten, evenementen en recreatief aanbod samen één beleefbaar geheel vormen. We nemen als gemeente vooral een stimulerende en verbindende rol: we brengen partijen bijeen, ondersteunen gezamenlijke profilering en helpen sterke concepten mogelijk te maken. Daarbij werken we samen met ondernemers, horeca- en verblijfsaanbieders, het Land van Kalk, Visit Zuid-Limburg en andere partners aan een gastvrij en economisch houdbaar leisureprofiel.
Langer verblijf en meer bestedingen
De recreatieve opgave van Simpelveld is niet alleen om bezoekers te trekken, maar ook om hen langer vast te houden en meer aanleiding te geven om in de gemeente te verblijven en te besteden. Daarvoor moeten de centra aantrekkelijker worden als plekken waar bezoekers graag blijven, met goede horeca, passende overnachtingsmogelijkheden en een betere verbinding tussen trekkers en voorzieningen. Daarom faciliteren we de opwaardering van bestaande verblijfsaccommodaties en geven we ruimte aan kleinschalige nieuwe concepten, zolang zij passen bij de identiteit van plek en landschap en de economische vitaliteit van de kernen versterken.

De regionale koers zet in op een toekomstbestendig Limburgs landschap, waarin beekdalen, verduurzaming en een herkenbare samenhang van landschap en landgebruik richtinggevend zijn. Voor Simpelveld landt die koers in het Eyserbeekdal, het heuvellandschap en een verduurzamingsopgave die past bij dorp en landschap.

De ruimtelijke logica van Simpelveld begint bij het systeem van beekdalen, hellingen, hoogteverschillen en de ondergrond. Dit heeft het grondgebruik mogelijk gemaakt en het landschap in de loop der eeuwen gevormd. Tegelijkertijd is die logica soms ook niet onderkend; zo kreeg het water te weinig ruimte. We nemen daarom water en bodem sturend als vertrekpunt voor ruimtelijke keuzes, geven beekdalen en watersystemen meer ruimte voor buffering en infiltratie, en wegen ook in de ondergrond functies en risico’s van meet af aan zorgvuldig mee.
Water en bodem sturend
In Simpelveld laten we het water- en bodemsysteem nadrukkelijk richting geven aan ruimtelijke keuzes. Het beekdal, de hoogteverschillen en de slecht infiltrerende ondergrond maken dat niet iedere plek dezelfde ontwikkelruimte heeft. Nieuwe woningbouw, herinrichting en andere ruimtelijke ingrepen moeten daarom aantoonbaar passen bij de natuurlijke condities van bodem, afstroming en waterveiligheid. We baseren keuzes op stresstesten, waterkaarten en gebiedskenmerken, en voorkomen dat wateroverlast of droogte wordt afgewenteld op andere plekken of op volgende generaties.
Van vasthouden tot vertraagd afvoeren
De kern van ons waterbeleid is dat regenwater zo lang mogelijk in het systeem wordt vastgehouden. We sturen daarom consequent op vasthouden, bergen en pas als laatste afvoeren, met maatwerk per locatie en zonder het riool onnodig te belasten. In Simpelveld betekent dat: bovenstrooms water vasthouden en laten infiltreren waar dat kan, water remmen op hellingen door afstroming te vertragen en in lagere delen ruimte maken voor waterbuffers en veilige afvoer (zie de themakaart 'Een toekomstbestendig landschap' aan het eind van deze paragraaf). Op hellingen en in de overgang van plateau naar beekdal beperken we de afstroming met passend landgebruik, vergroening en kleinschalige buffers. Daarmee bouwen we aan een klimaatrobuust watersysteem dat beter bestand is tegen piekbuien én droge perioden.
De beek weer ruimte geven
De Eyserbeek, de Bocholtzerbeek en hun dalen zijn niet alleen afvoerstructuren, maar ook dragende onderdelen van het ruimtelijk systeem van Simpelveld. Juist door beken meer ruimte te geven, hun natuurlijke karakter te versterken en water weer zichtbaarder te maken, kunnen we wateroverlast beperken en tegelijk ruimtelijke kwaliteit toevoegen. Daarom zetten we in op beekherstel: we geven de beken meer ruimte en versterken hun natuurlijke karakter (zie de themakaart 'Een toekomstbestendig landschap' aan het eind van deze paragraaf). Dat doen we met herstelmaatregelen in en langs het beekdal, met beplanting, buffering en waar passend renaturering in en aan de kernen, zoals rond de Markt en langs de Eyserbeek.
Klimaatbestendige kernen
Ook in de kernen moet water veel meer onderdeel worden van de inrichting van de openbare ruimte. In Simpelveld en Bocholtz richten we kwetsbare plekken klimaatrobuuster in. Regenwater wordt waar mogelijk afgekoppeld en gescheiden afgevoerd, met lokale opvang in buffers en wadi’s. Daarmee beperken we wateroverlast, ontlasten we de riolering en maken we de leefomgeving groener en gezonder. Daarom benutten we herstructurering, straatvernieuwing en nieuwbouw om hemelwater beter op te vangen, minder te verharden en water en groen slimmer met elkaar te verbinden.
Bodemkwaliteit en waterkwaliteit beschermen
Een toekomstbestendig watersysteem vraagt niet alleen ruimte voor water, maar ook een gezonde bodem en goede waterkwaliteit. In het Heuvelland raken erosie, verdroging, landbouw, natuur en waterbeheer direct aan elkaar. Daarom beschermen we de sponswerking van bodem en landschap, verbeteren we waar nodig de kwaliteit van water en grondwater en houden we rekening met kwetsbare bronnen en beschermingsgebieden. We sturen op zorgvuldig grondgebruik, beperken verontreiniging en koppelen maatregelen voor waterkwaliteit, ecologie en bodemherstel waar mogelijk aan elkaar.
Samen sturen en gericht uitvoeren
De wateropgave kunnen we als gemeente niet alleen dragen. Het systeem houdt zich niet aan gemeentegrenzen en vraagt om samenwerking met de stadsregio Parkstad, Waterschap Limburg, WML, WBL en waar nodig ook grensoverschrijdende partners. Tegelijkertijd vraagt goed waterbeleid om betere data, stresstesten en een duidelijke uitvoeringsagenda. We werken daarom programmatisch en gebiedsgericht, benutten regionale instrumenten en vertalen die naar concrete keuzes in het omgevingsplan, herinrichtingsprojecten en uitvoeringsmaatregelen zoals Water in Balans en lokale knelpuntlocaties.
Ondergrond als sturende laag
De ondergrond van Simpelveld is een volwaardige sturende laag in de ruimtelijke ordening. In de ondergrond komen veel ruimteclaims samen. Er moet ruimte zijn voor waterbuffering, kabels en leidingen en warmte, terwijl ook archeologische waarden, bodemkwaliteit en bouwtechnische geschiktheid vroeg moeten worden meegewogen. Daarom bekijken we bovengrond en ondergrond vanaf het begin in samenhang. We maken ruimtelijke keuzes op basis van gebiedskenmerken, beperken onnodige bodemafdekking en zorgen dat toekomstige claims onder maaiveld tijdig worden meegewogen in plannen voor woningbouw, herinrichting en infrastructuur.
Ruimte reserveren voor netten en leidingen
De energietransitie, digitalisering en groeiende druk op nutsvoorzieningen vragen in toenemende mate om ruimte onder het maaiveld. Ook in Simpelveld moeten we de ondergrond steeds beter ordenen, omdat energie-infrastructuur, warmteoplossingen, waterstructuren en andere ondergrondse netwerken vaker om dezelfde ruimte vragen. We reserveren daarom vroegtijdig ruimte voor deze systemen en stemmen lokale keuzes af met netbeheerders, waterbedrijven, Stadsregio Parkstad en provincie. Zo voorkomen we dat ontwikkelingen vastlopen doordat de ondergrond pas laat in beeld komt.
Drinkwater en grondwater beschermen
Grondwater en drinkwater zijn harde randvoorwaarden voor ruimtelijke ontwikkeling. In een tijd van droogte, klimaatverandering en toenemende ruimteclaims kan niet alles overal meer. Zeker in en rond grondwaterbeschermingsgebieden moeten functies passen bij de kwetsbaarheid van bodem en grondwater (zie de themakaart 'Een toekomstbestendig landschap' aan het eind van deze paragraaf). We beschermen daarom grondwaterlichamen en drinkwaterbelangen expliciet in onze ruimtelijke afwegingen. Ook werken we conform provinciale regimes voor grondwaterbescherming en boringsvrije zones. Verder voorkomen we dat nieuwe functies structureel risico’s op verontreiniging of uitputting vergroten.
Bodemenergie met zorg inpassen
De ondergrond biedt Simpelveld ook kansen. Vooral bodemenergie, warmte-koudeopslag en andere bodemgebonden warmteoplossingen kunnen bijdragen aan een haalbare lokale warmtetransitie, zeker in de gebouwde omgeving. Die potentie benutten we, maar niet zonder een goede afweging. We beoordelen bodemgebonden warmteoplossingen steeds als onderdeel van het bredere ondergrondse systeem, waarin drinkwater, waterhuishouding, kabels en leidingen, toekomstige energievraag en andere functies elkaar kunnen beïnvloeden. Zo sturen we op doelmatige inzet van bodemenergie, zonder nieuwe conflicten in de ondergrond te organiseren.
Rekening houden met mijnverleden en draagkracht
Bij nieuwe ontwikkelingen houden we expliciet rekening met de technische geschiktheid van de bodem en, waar relevant, met de regionale bodem- en mijnbouwhistorie. In delen van Zuid-Limburg kunnen verzakkingsrisico’s, ondergrondse instabiliteit en een beperkte infiltratiecapaciteit rechtstreeks doorwerken in wat waar veilig en verantwoord kan. Hoewel de grootschalige mijnbouw niet in Simpelveld zelf heeft plaatsgevonden, zijn er wel degelijk ondergrondse structuren die van invloed zijn op onze bodem. We gebruiken daarom zoals gezegd actuele kaarten, stresstesten en bodemgegevens bij locatiekeuzes en ontwerp, zodat ontwikkelingen beter aansluiten op de draagkracht van de ondergrond en geen nieuwe kwetsbaarheden creëren.
Archeologie vroeg meenemen
Ook archeologische waarden maken deel uit van de ondergrond en vragen een volwaardige plaats in de ruimtelijke afweging. In Simpelveld is de bodem niet alleen technisch, maar ook historisch geladen. We nemen zoals eerder aangegeven archeologische verwachtingen daarom vroeg mee in planvorming, sturen waar mogelijk op behoud in situ en gebruiken kaarten, planregels en gefaseerd onderzoek om initiatiefnemers tijdig duidelijkheid te geven.

Het Heuvelland, de beekdalen, het agrarisch cultuurlandschap en het rijke erfgoed geven Simpelveld een sterk herkenbare identiteit, waarin landschap, natuur en landbouw onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn. We versterken die samenhang door de landschappelijke kwaliteit en beleefbaarheid te vergroten, landbouw toekomstbestendig te ontwikkelen en cultuurhistorische elementen te beschermen.
Landschap leidend
Simpelveld ontwikkelt zich vanuit en met de kwaliteiten van het heuvellandschap. Bewoners geven ook aan dat zij het landschap enorm waarderen. Beekdalen, hellingen, dorpsranden en hoogteverschillen bepalen waar ontwikkeling past en in welke vorm. Daarmee gaat landschap niet alleen over hoe een gebied eruitziet, maar ook over waar en hoe wonen, recreatie, natuur en leefbaarheid een plek krijgen. Daarom hanteren we het uitgangspunt ‘landschap leidend’ bij alles wat de ruimte verandert. Initiatieven moeten aantoonbaar bijdragen aan een landschap dat kwalitatief sterk, leesbaar en toekomstbestendig is.
Sterke dorpsranden
De overgangen tussen kernen en buitengebied zijn in Simpelveld cruciaal voor de herkenbaarheid van het landschap. Juist aan de dorpsranden wordt zichtbaar of nieuwe ontwikkelingen de maat van het heuvelland respecteren. Daarom passen we uitbreidingen, erven en kernranden zorgvuldig in het landschap in. Streekeigen beplanting, zoals hoogstamboomgaarden, hagen, knotbomen en erfbeplanting, helpt om die overgang sterker en herkenbaarder te maken. Zo versterken we het dorpse karakter van Simpelveld, Bocholtz en de kleinere buurtschappen en voorkomen we dat kernen hard of willekeurig in het landschap eindigen.
Herstel van karakteristieke elementen
Het Zuid-Limburgse cultuurlandschap ontleent zijn kracht aan een fijnmazig netwerk van historische elementen. Karakteristieke landschapselementen zijn niet alleen erfgoed, maar maken het landschap ook ecologisch sterker, waterrobuuster en beter beleefbaar. Dat geldt voor de karakteristieke structuren van het Heuvelland, zoals graften, holle wegen, houtwallen, beekbeplanting en boomgaarden. We werken aan herstel en versterking van deze structuren, met voorrang op plekken waar de landschappelijke samenhang is verzwakt. Daarbij zorgen we dat landschapsherstel niet alleen de cultuurhistorie versterkt, maar ook bijdraagt aan ecologische kwaliteit, klimaatadaptatie en een robuuster gebied.
Groenblauwe lijnen tot in de kern
Het landschap van Simpelveld houdt niet op bij de bebouwde kom. Ook in de kernen willen we de landschappelijke onderlegger zichtbaarder en beleefbaarder maken, zodat groen, water en verblijfskwaliteit elkaar versterken. Daarom trekken we het landschap verder de dorpen in. We vergroenen stenige buurten en maken de verbinding tussen centrum, beekdal en buitengebied herkenbaarder, met voldoende groeiruimte voor bomen en beplanting. Daarbij is de verbinding van de Markt met Oude Molen, Eyserbeek en Hellingbos een richtinggevend voorbeeld voor verdere uitwerking in de openbare ruimte. Ook in Bocholtz benutten we kansen om groenblauwe lijnen, onder meer richting kasteel De Bongard, beter beleefbaar te maken.
Openheid en reliëf beschermen
Niet ieder deel van het landschap vraagt dezelfde ingreep. We kiezen per landschapstype voor maatwerk. Zo willen we op flauwe hellingen en in open agrarische delen de openheid en het reliëf leesbaar houden, terwijl we op andere plekken bosontwikkeling, haagstructuren of laanherstel stimuleren. We beschermen bovendien groene buffers tussen kernen, zodat verstedelijking niet aaneengroeit. Nieuwe functies zijn alleen passend wanneer zij de kernkwaliteiten van het Nationaal Landschap en de groenblauwe mantel behouden of versterken.
Ecologische kwaliteit als eigen waarde
Hellingbossen, graslanden, beekzones, graften, holle wegen, boomgaarden, bermen en groene dorpsranden vormen samen leefgebied voor planten en dieren. We beschermen en versterken deze plekken als ecologisch netwerk, met aandacht voor kwetsbare habitats, beschermde soorten en de draagkracht van het gebied. Bij ruimtelijke ontwikkelingen kijken we daarom niet alleen naar beeldkwaliteit, maar ook naar leefgebied, soortenbescherming en natuurbeheer.
Natura 2000
De Natura 2000-waarden rond de Kunderberg en Putberg vragen om extra zorgvuldigheid bij ruimtelijke keuzes in het buitengebied. Deze gebieden maken deel uit van een kwetsbaar hellinglandschap met kalkgraslanden, kalkbossen, graften en holle wegen (zie de themakaart 'Een toekomstbestendig landschap' aan het eind van deze paragraaf). We beschermen deze waarden niet alleen binnen de begrenzing van Natura 2000, maar kijken ook naar ontwikkelingen in de omgeving die daarop invloed kunnen hebben. Bij nieuwe functies, landbouwontwikkeling, recreatieve druk of andere ruimtelijke ingrepen toetsen we daarom vroegtijdig op effecten zoals stikstofdepositie, inspoeling van meststoffen of verdroging. Zo zorgen we dat ontwikkeling alleen plaatsvindt wanneer kwetsbare natuurwaarden behouden blijven of worden versterkt.
Leefgebieden beter verbinden
De grootste natuurwinst ligt in het herstellen van samenhang. Versnippering maakt natuur kwetsbaar, zeker in een kleinschalig heuvellandschap waar beekdalen, hellingen, landbouwgronden en kernen dicht op elkaar liggen. Daarom zorgen we dat natuurgebieden en leefgebieden beter op elkaar aansluiten. Beekdalen, hellingbossen, dorpsranden en buitengebied worden verbonden via ecologische schakels, stapstenen en corridors. Daarbij sluiten we aan op bovenlokale kaders zoals het Natuurnetwerk Nederland en de Groenblauwe Mantel (zie de themakaart 'Een toekomstbestendig landschap' aan het eind van deze paragraaf). We benutten hagen, houtwallen, bermen, taluds en beekbegeleidende beplanting als verbindende structuren.
Biodivers groen in en rond de kernen
Ook binnen de kernen krijgt natuur meer ruimte. We bouwen voort op het Groenstructuurplan door openbaar groen ecologisch waardevoller te maken. Dat betekent minder eenvormige plantsoenen en meer groen dat past bij de plek, met bloemrijk gras, sterke boomstructuren, schaduw en voldoende groeiruimte. Dat is belangrijk want een groenblauw netwerk in Simpelveld en Bocholtz draagt niet alleen bij aan de soortenrijkdom van plant en dier, maar ook aan koelte, gezondheid en verblijfskwaliteit voor de mens.
Ecologische aandacht bij ontwikkelplekken
Bij grotere ontwikkelplekken nemen we ecologische waarden vroeg mee. Dat geldt bijvoorbeeld voor de stationsomgeving en de zones rond de Miljoenenlijn, waar recreatieve, cultuurhistorische en ecologische kwaliteiten samenkomen. Zo bestaan er rond de Miljoenenlijn biotopen die uniek zijn voor dit type infrastructuur. Bermen, taluds en groene randen kunnen in veel gebieden bijdragen aan droge ecologische verbindingen, mits inrichting en beheer daarop worden afgestemd. Zo voorkomen we dat gebiedsontwikkeling ten koste gaat van bestaande natuurwaarden, en benutten we projecten juist om biodiversiteit te versterken.
Natuurherstel met beheer en partners
Natuurontwikkeling vraagt om beheer, continuïteit en samenwerking. We werken met de partijen die het landschap beheren, gebruiken en mede ontwikkelen aan natuurherstel. Samen versterken we de biodiversiteit en herstellen we de landschapselementen, graslanden, bosranden en groene verbindingen die daarvoor nodig zijn. Waar nieuwe functies of gebiedsontwikkelingen aan de orde zijn, vragen we om ecologische meerwaarde en voorkomen we dat kwetsbare natuur verder versnippert. Zo verbinden we natuurherstel met andere gebiedsopgaven, zonder dat natuur ondergeschikt wordt aan landschap, landbouw, klimaatadaptatie of leefbaarheid.
Landbouw als drager van het buitengebied
De landbouw blijft een dragende functie in het buitengebied van Simpelveld. Agrarische bedrijven beheren een groot deel van het cultuurlandschap en zijn direct van invloed op de kwaliteit van landschap, bodem, water en leefomgeving. Daarom geven we landbouw een volwaardige plaats in onze omgevingsvisie, als economische sector en als beheerder van het landelijk gebied. We werken aan een koers waarin landbouwontwikkeling bijdraagt aan een sterker landschap en een vitaal buitengebied. Boeren benaderen we daarbij als gebiedspartners, binnen de provinciale kaders voor het landelijk gebied.
Ruimte voor maatwerk en bedrijfsontwikkeling
Toekomstbestendige landbouw vraagt in Simpelveld om maatwerk per bedrijf en per locatie. De sector is relatief kleinschalig opgebouwd. Daardoor verschilt de ontwikkelruimte per plek en wordt die mede bepaald door de percelen, de erven, de bestaande bebouwing en de landschappelijke gevoeligheid van de omgeving. Daarom geven we agrarische bedrijven ruimte voor een ontwikkelpad dat past bij hun situatie. Dat kan gaan om consolideren, verbreden of verduurzamen, en waar dat ruimtelijk verantwoord is ook om uitbreiding binnen de genoemde gebiedskwaliteiten. Daarbij hebben we nadrukkelijk oog voor jonge agrariërs, bedrijfsopvolging en langjarige continuïteit.
Boeren met bodem en water mee
De landbouw in Simpelveld beweegt mee met de verschillen tussen plateaus, hellingen en beekdalen in het landschap. In dit reliëfrijke gebied werken keuzes op het land en op het erf direct door in erosie, uitspoeling, waterkwaliteit en biodiversiteit. Daarom sturen we op landbouw die past bij bodem en watersysteem. Dat vraagt om een landbouwpraktijk die het gebied groener, waterrobuuster en minder kwetsbaar maakt, bijvoorbeeld door groenblauwe dooradering, behoud van grasland, herstel van graften en brongerichte maatregelen op kwetsbare locaties. Samen met agrariërs en gebiedspartners koppelen we de landbouwtransitie aan water-, natuur- en landschapsdoelen.
Grensoverstijgend samenwerken aan landbouw, water en natuur
De landbouwopgaven in Simpelveld houden niet op bij de gemeente- of landsgrens. Waterstromen, bodemkwaliteit, natuurverbindingen, teelten en landschapsbeheer maken deel uit van een groter grenslandschap richting Aken, Parkstad en het Heuvelland. Daarom zoeken we nadrukkelijk samenwerking met agrariërs, gebiedspartners, buurgemeenten, provincie en Duitse partners. Zo kunnen we kennis delen, maatregelen rond water, erosie, biodiversiteit en landschapselementen beter op elkaar afstemmen en waar mogelijk werken aan meer samenhang in regels en uitvoering. Daarmee versterken we de positie van boeren als beheerder van een gedeeld landschap, en voorkomen we onvoorspelbaarheid of tegenstrijdige maatregelen in het grensgebied.
Verbreding als sterke economische basis
Een houdbaar agrarisch verdienmodel vraagt in Simpelveld om meer dan primaire productie alleen. Agrarische bedrijven kunnen economisch sterker en maatschappelijk zichtbaarder worden wanneer zij hun bedrijfsvoering verbinden met streekproducten, recreatief-toeristisch aanbod, zorg en de beleving van bezoekers. We ondersteunen daarom verbrede bedrijfsvoering die past bij het landschap en de schaal van onze gemeente, zoals hoevetoerisme, kamperen bij de boer, zorgfuncties en agrotoerisme. Samen met ondernemers en partners zoals het Land van Kalk versterken we de verbinding tussen landbouw, gastvrijheid en het profiel van Simpelveld.
Korte ketens en circulaire landbouw
De landbouw van de toekomst in Simpelveld bouwt ook op kortere ketens en slimmere kringlopen. Er blijft meer waarde in de regio wanneer voedselproductie regionaal wordt georganiseerd, reststromen beter worden benut en boeren, verwerkers en afnemers nauwer samenwerken. We zetten daarom in op korte ketens, circulaire materiaalkringlopen en nieuwe verbindingen tussen landbouw en lokale economie. Daarbij sluiten we aan op Parkstadbrede ontwikkelingen rond circulaire economie, en stimuleren we initiatieven die productie en verkoop dichter bij elkaar brengen.
Nieuwe teelten en toekomstbestendige erven
De landbouwtransitie biedt ook ruimte voor vernieuwing in teelten, erven en bebouwing. Agroforestry (waarbij bomen en struiken worden gecombineerd met landbouw of veeteelt), voedselbossen, strokenteelt en biobased gewassen kunnen bijdragen aan nieuwe verdienmodellen en tegelijk het landschap, de bodem en de regionale bouwketen versterken. Daarnaast vragen verouderde schuren, leegstand en vrijkomende agrarische bebouwing om een gerichte aanpak. Daarom helpen we erven toekomstbestendig te maken. Passend hergebruik of herbestemming krijgt ruimte, en samen met provincie en regio pakken we vrijkomende agrarische bebouwing zorgvuldig aan, inclusief sloop waar dat de ruimtelijke kwaliteit versterkt.
De verduurzamingsopgave van Simpelveld ligt vooral in de gebouwde omgeving, in lokaal inpasbare energieoplossingen en in een zuinig gebruik van ruimte en grondstoffen. We kiezen voor energieopwekking en warmteoplossingen die passen bij het landschap en de schaal van de gemeente. Tegelijk zorgen we voor de benodigde infrastructuur en benutten we bouw, herstructurering en landbouw om circulaire ontwikkeling concreet te maken.
Eerst besparen, dan slimmer opwekken
De energietransitie begint in Simpelveld met het terugbrengen van de energievraag. Juist in een gemeente met veel bestaande woningen en maatschappelijk vastgoed ligt daar de grootste en snelste winst. Isolatie, efficiëntere installaties en bewuster energiegebruik verlagen de warmtevraag, beperken woonlasten en maken vervolgstappen beter haalbaar. We sturen daarom op een gemeentebrede besparingsaanpak en koppelen verduurzaming aan natuurlijke momenten zoals onderhoud en woningverbetering. Bij renovatie en isolatie houden we rekening met soortenbescherming, zodat verduurzaming samengaat met het behoud van beschermde soorten. We ondersteunen inwoners, verenigingen en vastgoedeigenaren actief bij het zetten van uitvoerbare stappen.
De gebouwde omgeving als hoofdopgave
De kern van de Simpelveldse energieopgave ligt in de gebouwde omgeving. In de gebouwde omgeving komen klimaatdoelen direct samen met betaalbaarheid, gezondheid en leefbaarheid. Daarom bieden we algemene ondersteuning waar dat veel inwoners helpt, en zetten we extra inzet op plekken waar de opgave het grootst of het meest kansrijk is, zoals bij energiearmoede, corporatiebezit, gemeentelijk vastgoed en bewonersinitiatieven.
Zonne-energie op logische plekken
Voor duurzame opwekking ligt in Simpelveld de grootste potentie bij zonne-energie. We benutten daarom eerst de logische plekken: daken van woningen, maatschappelijk vastgoed, agrarische bebouwing, bedrijven en waar passend ook parkeerterreinen en andere verhardingen. Waar zonne-energie buiten daken aan de orde is, vragen we om zorgvuldig dubbel ruimtegebruik en landschappelijke inpassing. Zo versterken we de opwekking zonder onnodige druk op landschap en landbouw.
Warmte op maat van dorp en woningvoorraad
De warmtetransitie vraagt in Simpelveld om maatwerk. De spreiding van bebouwing, de beperkte woningdichtheid van de kernen en de samenstelling van de woningvoorraad maken vooral individuele en kleinschalig collectieve oplossingen kansrijk. We zetten daarom eerst in op isoleren en daarna op passende overstappen naar hybride of volledig elektrische verwarming, aangevuld met kleinschalige collectieve systemen waar dat technisch mogelijk en economisch haalbaar is.
Een robuust en slim energiesysteem
De energietransitie is alleen uitvoerbaar als ook het energiesysteem meegroeit. Netcongestie, teruglevering, piekbelasting en de groei van elektrisch vervoer maken dat opwek, verbruik, opslag en infrastructuur veel sterker in samenhang moeten worden benaderd. We werken daarom met de netbeheerder en regionale partners aan netverzwaring, extra transformatorruimte en een slimmere benutting van het elektriciteitsnet. Daarnaast stimuleren we opslag, energiedelen en slimme sturing om vraag en aanbod beter op elkaar te laten aansluiten, zodat nieuwe initiatieven ook daadwerkelijk aangesloten en gebruikt kunnen worden.
Bronnenmix met lokale meerwaarde
Een toekomstbestendige energievoorziening vraagt om een mix van bronnen die past bij de schaal en het karakter van Simpelveld. Naast zonne-energie kunnen bodemenergie, warmte-koudeopslag en groengas uit reststromen bijdragen aan de lokale energievoorziening. Dit is afhankelijk van onderzoek, boringsvrije zones, technische haalbaarheid en ruimtelijke inpassing. Ook kleinschalige wind of regionale windenergie blijft alleen bespreekbaar wanneer dit zorgvuldig inpasbaar, technisch haalbaar en maatschappelijk verantwoord is. Daarbij nemen we ook de principes uit Windenergie Parkstad-Zuid mee. We ontwikkelen deze bronnen zorgvuldig, zodat energieprojecten ook landschappelijk goed zijn ingepast en inwoners worden betrokken. Daarbij sturen we erop dat lusten en lasten eerlijker worden verdeeld en dat opbrengsten waar mogelijk in de directe omgeving terechtkomen, bijvoorbeeld via energiedelen of energiegemeenschappen. Gezien de mogelijke komst van de Einsteintelescoop, is er door de invloed van trillingen op dit moment geen ruimte voor windmolens in de gemeente. Mogelijke zoeklocaties voor windenergie zullen zorgvuldig worden afgewogen, wanneer daar in de toekomst toch ruimte voor ontstaat (zie de themakaart 'Een toekomstbestendig landschap' aan het eind van deze paragraaf).
Regionaal samenwerken, lokaal uitvoeren
Veel onderdelen van de energietransitie overstijgen de schaal van Simpelveld. Voor opwek, warmte, voldoende netcapaciteit en uitvoering is nauwe samenwerking nodig in Parkstad, Zuid-Limburg en waar relevant de Euregio. Tegelijk moet die samenwerking in Simpelveld landen in concrete projecten en keuzes. We sluiten daarom actief aan op de RES, de Transitievisie Warmte, Parkstadbrede uitvoeringsprogramma’s en gesprekken met provincie en andere partners. Tegelijk vertalen we die regionale koers naar een uitvoerbare Simpelveldse aanpak voor wijken, maatschappelijk vastgoed, bedrijven en het buitengebied, samen met ondernemers, maatschappelijke organisaties en inwoners.
Circulair bouwen als nieuwe standaard
In Simpelveld benutten we de woningbouw-, herstructurerings- en verduurzamingsopgave om circulair bouwen stap voor stap tot nieuwe standaard te maken. Daarbij staat centraal dat circulair bouwen niet alleen over materialen gaat, maar ook over gebouwen die lang meegaan, aanpasbaar en betaalbaar zijn en bijdragen aan een goede openbare ruimte. Zo versterken circulariteit en leefbaarheid elkaar. Daarom sturen we bij nieuwbouw, renovatie en sloop-nieuwbouw op circulaire materiaalkeuzes, zoals hergebruik en biobased toepassingen, én op woonvormen die op langere termijn bruikbaar blijven. Die inzet verbinden we aan de lokale woonopgave en aan projecten in de kernen.
Gebouwen en materialen langer in omloop
De bestaande gebouwde omgeving is voor Simpelveld een belangrijke bron van waarde. Door gebouwen slim te vernieuwen en vrijkomende materialen hoogwaardig te benutten, besparen we grondstoffen en voegen we nieuwe kwaliteit toe aan wijken en dorpscentra. Circulariteit begint daarmee bij zorgvuldig omgaan met wat er al is. Ingrepen in bestaande gebouwen worden zo momenten om materialen langer in gebruik te houden. Bij sloop, renovatie, beheer en herontwikkeling zetten we in op hergebruik, sluiten we aan op regionale initiatieven om bruikbare materialen uit bestaande gebouwen terug te winnen en gebruiken we maatschappelijk vastgoed als zichtbare praktijk voor circulair ontwikkelen.
Lokale economie van reparatie en hergebruik
De circulaire economie biedt kansen voor een sterkere lokale economie. Ook op kleine schaal kan circulariteit werkgelegenheid, vakmanschap en ondernemerschap opleveren, bijvoorbeeld door materialen te repareren, onderhouden, verwerken, hergebruiken of er nieuwe diensten omheen te ontwikkelen. Dat past goed bij het profiel van Simpelveld. Daarom krijgt circulariteit een duidelijke plek in ons economisch beleid en bij de ontwikkeling van werklocaties. Ook ondersteunen we lokale ondernemers die met hergebruik, grondstoffenbesparing en circulaire diensten nieuwe verdienmodellen ontwikkelen.
Landbouw en biobased ketens verbinden
In Simpelveld liggen duidelijke koppelkansen tussen landbouw, landschap en circulariteit. Agrarische bedrijven kunnen een grotere rol spelen in kringlopen van organische reststromen, regionale voedselproductie en de teelt van biobased grondstoffen voor de bouw. Daarmee ontstaat een verbinding tussen verduurzaming van het buitengebied en nieuwe verdienmodellen. Daarom stimuleren we samenwerking tussen landbouw, bouw, overheid en circulaire ondernemers. Waar dat praktisch en financieel haalbaar is, geven we ruimte aan initiatieven die reststromen beter benutten, kringlopen sluiten en biobased materialen onderdeel maken van regionale ketens.
Regionaal organiseren en lokaal toepassen
Een circulaire economie vraagt om samenhang in de hele keten. De regionale materialenketen moet zo worden georganiseerd dat materialen kunnen worden opgeslagen, verwerkt, gedeeld en opnieuw toegepast. Zo wordt hergebruik zichtbaar in lokale projecten. Voor Simpelveld ligt de kracht in een uitvoerbare koppeling tussen regionale samenwerking en concrete gebiedsontwikkeling. We werken met Parkstad en andere partners aan circulaire ketens, sluiten aan op regionale kennis en voorzieningen en vertalen die naar haalbare keuzes in woningbouw, centrumontwikkeling, maatschappelijk vastgoed en particuliere verduurzaming. Ook via eigen inkoop en aanbesteding geven we circulariteit waar mogelijk een plek in de gemeentelijke uitvoeringspraktijk.
Circulariteit zichtbaar maken in het dagelijks leven
Circulariteit krijgt pas echt betekenis als inwoners, maatschappelijke organisaties en bedrijven er in de praktijk mee aan de slag kunnen. Daarvoor moeten inwoners ook in hun bestaande woning en dagelijks gebruik concreet kunnen zien wat circulair handelen betekent, welke ondersteuning beschikbaar is en welke keuzes zij zelf kunnen maken. Zo wordt circulariteit onderdeel van de leefkwaliteit in de kernen. Daarom maken we circulariteit tastbaar met voorbeeldprojecten, duidelijke informatie en ondersteuning bij circulaire verduurzaming. Ook ondersteunen we initiatieven waardoor producten en materialen vaker worden gedeeld, hergebruikt en langer meegaan.
De ambities en gewenste ontwikkelingen voor Simpelveld zijn in de voorgaande paragrafen toegelicht met tekst, beeld en kaartmateriaal. De omgevingsvisiekaart geeft een overzicht van de belangrijkste ruimtelijke ontwikkelingen en laat zien waar we als gemeente naartoe willen. Deze kaart moet worden gezien als een richtinggevende visiekaart, niet als een juridisch bindend bestemmings- of omgevingsplan. De visie legt geen directe verplichtingen op aan burgers, maar schetst de koers die we willen volgen voor de toekomst van Simpelveld. De omgevingsvisiekaart biedt daarmee een fundament voor verdere gebiedsgerichte uitwerking, zoals beschreven in het volgende hoofdstuk. Het is een instrument om samen met inwoners, bedrijven en partners te werken aan een duurzame, aantrekkelijke en leefbare gemeente.

De deelgebieden
In hoofdstuk 4 hebben we onze visie en ambities per thema beschreven. Hoe die ambities in de gemeente landen, verschilt echter per gebied. Sommige opgaven spelen vooral op bedrijventerreinen, andere juist in woonwijken, centra of het buitengebied. Daarom werken we in dit hoofdstuk met een gebiedsgerichte benadering.
Om de visie ruimtelijk concreet te maken – dus te laten zien waar ontwikkelingen landen - delen we de gemeente in vijf deelgebieden in:
Deze indeling is gebaseerd op de functionele en ruimtelijke kenmerken. Zo omvat het woongebied verschillende buurten en wijken met ieder een eigen karakter, maar met wonen als gemeenschappelijke hoofdfunctie. Met deze gebiedsgerichte aanpak kunnen we gerichter inspelen op de kwaliteiten, opgaven en ontwikkelkansen van ieder deelgebied. Waar dat nodig is, benoemen we ook de onderlinge verschillen en specifieke accenten.
In dit hoofdstuk vertalen we de thematische ambities uit hoofdstuk 4 naar de verschillende deelgebieden. Per gebied werken we daarbij drie onderdelen uit:
Karakter - een korte beschrijving van de ruimtelijke kenmerken en kwaliteiten van het gebied. Nieuwe ontwikkelingen moeten daarop aansluiten en de identiteit van het gebied versterken.
Koers - de visie en ontwikkelrichting voor het gebied, als ruimtelijke vertaling van de thematische ambities uit hoofdstuk 4.
Afwegingskader - een visuele weergave van de koers, waarin de belangrijkste ambities van de toekomstvisie per gebied ten opzichte van elkaar worden gewogen. Hoewel alle ambities van belang zijn, verschillen de accenten per gebied.
Met deze gebiedsgerichte uitwerking wordt de omgevingsvisie niet alleen richtinggevend op gemeentelijk niveau, maar ook concreet toepasbaar op het niveau van afzonderlijke gebieden.
Afwegingskader
Het afwegingskader geeft per deelgebied een visuele en evenwichtige weergave van de ambities. Iedere as in het schema staat voor een ambitie en wordt weergegeven op een schaal met vijf niveaus.
Middelpunt (niveau 3): de ambitie heeft een gemiddelde positie ten opzichte van de omgevingsvisie als geheel.
Hoger niveau (meer naar buiten): de ambitie krijgt in dit gebied extra nadruk.
Lager niveau (meer naar binnen): de ambitie speelt in dit gebied een minder prominente rol dan elders.
De verdeling is steeds relatief binnen het betreffende gebied. Meer nadruk op de ene ambitie betekent dus dat een andere ambitie daar relatief minder zwaar weegt. Zo ontstaat een evenwichtige en realistische weging van de verschillende opgaven. Per gebied lichten we toe op welke punten het afwijkt van het gemiddelde. Wanneer extra nadruk op het ene thema samengaat met minder nadruk op een ander, blijft het geheel in balans. We hebben de afwegingskaders samen met bewoners en ondernemers, maatschappelijke organisaties, keten- en regiopartners, ambtenaren, collegeleden en raadsleden ingevuld. De gemiddelde resultaten hebben we hier gebruikt.
Het afwegingskader is een praktisch hulpmiddel bij:
de ontwikkeling van nieuw beleid;
het opstellen van het omgevingsplan;
de beoordeling van nieuwe, buitenplanse, initiatieven.
Zo wordt in één oogopslag duidelijk welke ontwikkelrichting per gebied wenselijk is en kunnen beleidskeuzes en ruimtelijke ontwikkelingen gericht en transparant worden afgewogen.
Inleiding
De woonkernen van Simpelveld bestaan uit de dorpen Simpelveld, Bocholtz, exclusief de centra, en een aantal verspreide kernen in het buitengebied, waaronder Baneheide en Bocholtzerheide. Wonen is daar de belangrijkste functie, maar de wijken bieden ook ruimte aan maatschappelijke voorzieningen, zoals scholen, zorg en ontmoetingsplekken. Multifunctionele accommodaties vervullen daarbij een belangrijke rol in het sociale weefsel van de wijken. Hier ontmoeten inwoners elkaar en kunnen zij ondersteuning vinden.
Simpelveld is de grootste woonkern van de gemeente. De buurten strekken zich uit rond het dorpshart midden in het dal, langs de loop van de Eyserbeek en tegen de omliggende hellingen, zoals de Huls. Op veel plekken is de relatie met het buitengebied daardoor direct beleefbaar.
Bocholtz is een compacte woonkern met een sterk eigen dorps karakter. Het dorp is kleinschaliger van opzet dan Simpelveld, en heeft een grilliger ruimtelijk profiel.
De verspreide kernen, zoals Baneheide en Bocholtzerheide, hebben een kleinschaliger en landelijker woonkarakter. Het gaat om buurtschappen en linten die losser van opzet zijn dan de twee hoofdkernen en die nauw verweven zijn met het buitengebied. Het wonen is hier sterk verbonden met rust, ruimte, uitzicht en de nabijheid van het agrarische cultuurlandschap.

Herstructurering met kwaliteit
In de woonkernen benutten we verouderde of minder passende locaties als kans om de woonkwaliteit gericht te verbeteren. Daarbij gaat het om woningen en plekken waar een nieuwe invulling meer kan betekenen voor de buurt als geheel. We zetten daarom in op herstructurering, sloop-nieuwbouw en verduurzaming van woningen. Bovendien werken we aan een klimaatadaptieve herinrichting van de openbare ruimte. Projecten als Schilterstraat in Simpelveld, Julianastraat in Bocholtz en de woonzorgontwikkeling aan de Schoolstraat-Kloosterhof laten zien hoe vernieuwing kan bijdragen aan beter wonen, meer groen, sociale cohesie en een sterkere buurtstructuur.
Passend wonen in iedere kern
De woonkernen van Simpelveld vragen om maatwerk per kern. Zoals eerder toegelicht is Simpelveld de grootste woonkern met het grootste dagelijkse voorzieningenaanbod. Bocholtz heeft een compactere, dorpse schaal en vraagt om gerichte versterking van haar woonkwaliteit, leefbaarheid en basisvoorzieningen.
Voorzieningen en zorg dichtbij
Sterke woonkernen vragen om voorzieningen en ondersteuning op loop- of korte reisafstand. Daarom versterken we in de woonkernen de verbinding tussen wonen, onderwijs, welzijn en zorg. We bouwen in Bocholtz voort op het Integraal Kind Centrum en de doorontwikkeling van d’r Durpswinkel. De sterke nabijheid van eerstelijnszorg en dagelijkse voorzieningen bereiken we onder meer door de woonzorgontwikkeling aan de Schoolstraat-Kloosterhof en het voorzieningencluster bij het Patersplein.
Groene en klimaatbestendige buurten
De woonkernen van Simpelveld moeten groener, koeler en klimaatbestendiger worden. In veel buurten liggen kansen om stenige straten, pleinen en grasvlakken om te vormen tot aantrekkelijkere en ecologisch sterkere woonomgevingen. We versterken daarom groene longen in de wijken, vergroenen woonstraten en dorpslinten, en koppelen dat aan wateropvang, verblijfskwaliteit en biodiversiteit. In Simpelveld maken we de relatie met de Eyserbeek en de hellingen beter beleefbaar; in Bocholtz versterken we groene structuren in woonwijken, langs de spoorzone en aan de dorpsranden.
Stationsomgeving als poort naar het centrum
De stationsomgeving van Simpelveld is een sleutelplek tussen het centrum van Simpelveld en de recreatieve netwerken in de regio. Daarom ontwikkelen we deze locatie verder als herkenbare poort waar bezoekers vanzelf worden doorgeleid naar het centrum. Samen met partners zoals de ZLSM geven we deze entree een sterk en gastvrij profiel.
Ook de kleine kernen vitaal
In Baneheide en Bocholtzerheide staat het landelijke woonkarakter voorop, met rust, uitzicht en een directe relatie met het agrarische landschap. We bewaken daar de kleinschalige maat en zorgen tegelijkertijd voor een basisniveau van bereikbaarheid, leefbaarheid en ruimtelijke kwaliteit.

Het beekdal als basis
In de woonkernen hebben water, verharding en hittestress direct invloed op de leefbaarheid. Daarom trekken we groen en water sterker de dorpen in, maken we de Eyserbeek zichtbaarder en koppelen we herinrichting nadrukkelijk aan klimaatadaptatie. Deze ambitie krijgt hier een gemiddelde nadruk.
Natuur en landbouw in een herkenbaar landschap
In de woonkernen gaat deze ambitie vooral om de relatie tussen dorp en landschap. Een groene dorpsrand en doorlopende watergangen en andere landschapselementen moeten het landschap ook in het dagelijkse woonmilieu beleefbaar houden. Natuur en landbouw zijn hier minder sturend dan in het buitengebied of de beekdalen, maar blijven belangrijk voor de kwaliteit van dorpsranden en groene verbindingen de wijken in.
Verduurzaming op passende schaal
In de woonkernen uit verduurzaming zich het meest concreet in (maatregelen aan) woningen en maatschappelijk vastgoed. We zetten hier in op betere isolatie, gebouwgebonden opwekking (zoals zonnepanelen op daken) en passende warmteoplossingen. Daarnaast stimuleren we de aanleg van laadplekken voor elektrisch vervoer. Omdat de meeste gebouwen en huishoudens zich in de woonkernen bevinden, krijgt verduurzaming hier extra nadruk.
Lokale kracht in een grensoverstijgende regio
De woonkernen zijn geen primaire werklocaties, maar wel een vanzelfsprekende plek voor kleinschalig ondernemerschap, thuiswerken en aan-huis-gebonden beroepen. Deze ambitie krijgt hier daarom een beperkte nadruk: economische dynamiek is welkom wanneer die past bij het woonmilieu, en dus niet ten koste gaat van de woonkwaliteit, maar het is niet de hoofdopgave van de woongebieden.
Grensgemeente als schakel midden in de Euregio
In de woonkernen werkt de euregionale ligging vooral door via dagelijkse grensoverstijgende verplaatsingen. Deze hebben echter geen invloed op de woonkernen als gebied.
Recreatief knooppunt tussen Parkstad, Aken en Heuvelland
In de woonkernen is recreatie alleen relevant waar routes, entrees en verblijfskwaliteit bijdragen aan het dagelijks woonmilieu. Deze ambitie heeft in de woonkernen daarom een lage prioriteit.
Opgroeien en oud worden in een kansrijke gemeente
In de woonkernen komen scholen, zorg, ontmoeting, verenigingen en dagelijkse ondersteuning samen. Hier moet de leefomgeving zo worden ingericht dat kinderen kansrijk kunnen opgroeien en blijven wonen en leven, en ouderen zo lang mogelijk zelfstandig kunnen blijven wonen binnen hun sociaal netwerk. Deze ambitie krijgt daarom de hoogste prioriteit in de woongebieden.
Woningbouw als impuls voor levendige dorpen
In de woonkernen bouwen we de meest nieuwe woningen. Het gaat daarbij niet alleen om de extra woningen (kwaliteit), maar ook de soort woningen (kwantiteit). Die moeten aansluiten op de lokale behoefte. Doorstroming en betaalbaarheid zijn belangrijke richtlijnen in de lokale woonbehoefte. We zorgen dat woningbouw direct bijdraagt aan sterkere, levendige en toekomstbestendige dorpen. Daarom krijgt woningbouw hier de hoogste prioriteit: juist in de woongebieden kan vernieuwing van de voorraad direct bijdragen aan leefbaarheid, sociale samenhang en een toekomstbestendige leefomgeving.
Erfgoed en gemeenschap als dragers van identiteit
De identiteit van de woonkernen zit niet alleen in de gebouwen en landschap, maar ook in de gemeenschap die daar is gegroeid. De herkenbare dorpsstructuur met kleinschalige, groene buurten en landschappelijke randen vormt daar een ruimtelijk kader voor. Het bruisende verenigingsleven en lokale evenementen geven er cultureel vorm aan. Daarom krijgt deze ambitie hier extra nadruk.
Inleiding
De twee centrumkernen Simpelveld en Bocholtz hebben elk een eigen karakter en functie, maar samen vormen ze de dagelijkse voorzieningenstructuur van de gemeente. De historische lintbebouwing wordt afgewisseld met winkels, horeca en maatschappelijke voorzieningen, waardoor een herkenbaar lokaal dorpsbeeld ontstaat. Beide centrumgebieden bevatten commerciële en maatschappelijke functies, zoals winkels, horeca, voorzieningen en ontmoetingsplekken.
Het centrum van Simpelveld vormt het belangrijkste voorzieningenhart van de gemeente, en heeft een verzorgingsgebied tot daarbuiten. Het centrumgebied is geconcentreerd rond de Markt, Marktstraat, het Kloosterplein en de Kloosterstraat. De nabijheid van de Sint Remiguskerk, het kloostercomplex Loreto en het Hellingbos geven het centrum van Simpelveld een herkenbaar eigen profiel binnen de gemeente.
Bocholtz heeft een compacter en meer dorps centrum, geconcentreerd rond de Wilhelminastraat, de Jacobus de Meerderekerk en het kerkplein. Rond dit kerngebied liggen winkels, horeca en andere dagelijkse voorzieningen op korte afstand van elkaar. Het centrum heeft in recente jaren een grondige, voetgangersgerichte herinrichting gekregen en ontleent een belangrijk deel van zijn identiteit aan de dorpse schaal.

Vitale dorpsharten
We versterken de centrumgebieden van Simpelveld en Bocholtz als compacte, complete en herkenbare dorpsharten. Juist door functies te bundelen ontstaat voldoende levendigheid en draagvlak voor winkels, horeca en voorzieningen. We ondersteunen ondernemers en voorzieningen die bijdragen aan het dagelijks functioneren van het centrum en houden tegelijk ruimte voor maatwerk per kern.
Ruimte voor ontmoeting
De kwaliteit van de centrumgebieden hangt sterk samen met de inrichting van de openbare ruimte. We versterken de centra als plekken waar inwoners elkaar treffen. In beide centra willen we meer ruimte maken voor groen, water en ontmoeten. In Simpelveld ligt het accent onder meer op de Markt, in Bocholtz op het dorpshart rond Kerkplein en Wilhelminastraat.
De Markt als levendig hart van Simpelveld
Het centrum van Simpelveld heeft de schaal en ligging om uit te groeien tot een sterker voorzieningen- en verblijfscentrum. Daarbij zijn de Markt, Marktstraat, het Kloosterplein en de Kloosterstraat de ruimtelijke sleutels. We zetten daarom in op een groener en meer uitnodigend centrumhart, met meer ruimte voor verblijf, terrassen, ontmoeting en kleinschalige evenementen. Ook benutten we locaties die niet meer goed passen bij de gewenste centrumstructuur, zoals het voormalige postkantoor, voor nieuwe woningen en functies die bijdragen aan een levendig dorpshart.
Bocholtz als compact dagelijks dorpshart
In Bocholtz ligt de kracht niet in een breed winkelcentrum, maar in een compact dorpshart dicht bij het dagelijks leven van inwoners. Daarom versterken we het gebied rond het Kerkplein en de Wilhelminastraat als herkenbare plek voor basisvoorzieningen, ontmoeting en kleinschalig dorpsleven. Op de Boor en de supermarkt vormen daarbij belangrijke ankers. Ook zorgen we voor een openbare ruimte die overzichtelijk, verzorgd en prettig bruikbaar is voor jong en oud. Zo blijft Bocholtz een volwaardige woonkern met een eigen sociaal hart.

Het beekdal als basis
In de centrumgebieden hebben water, verharding en hittestress direct invloed op de leefbaarheid. Hier liggen kansen om het water zichtbaarder te maken, het talud te vergroenen en stenige, autogerichte ruimtes te veranderen in prettige groene ontmoetingsplekken, onder meer rond de Markt in Simpelveld en in het dorpshart van Bocholtz. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: water en klimaatadaptatie zijn belangrijk voor de centrumkwaliteit, maar staan hier in dienst van verblijf, ontmoeting en voorzieningen.
Natuur en landbouw in een herkenbaar landschap
In de centrumgebieden gaat het vooral om de relatie tussen dorpshart en buitengebied. Het centrum van Simpelveld moet sterker functioneren als kern waar bezoekers en dagrecreanten worden ontvangen. We verbinden via het Hellingbos en park In gen Bende het centrum recreatief met het buitengebied, met de Markt als centrale schakel in het dorpshart van Simpelveld. Natuur en landbouw krijgen hier minder nadruk dan in het buitengebied en de beekdalen, maar de landschappelijke verbinding blijft wel belangrijk voor de identiteit en verblijfskwaliteit van de centra.
Verduurzaming op passende schaal
In de centrumgebieden uit de wens te verduurzamen zich het meest concreet in woningen, winkels, horeca, maatschappelijk vastgoed en de openbare ruimte. De opgave ligt hier in het combineren van energiezuinige renovatie en nieuwbouw met een vergroende, klimaatbestendige openbare ruimte. Omdat centrumvernieuwing en vastgoedtransformatie hier direct kansen bieden om te verduurzamen, krijgt deze ambitie extra nadruk.
Lokale kracht in een grensoverstijgende regio
De centrumgebieden vormen de belangrijkste plekken voor winkels, horeca, MKB en andere publieksfuncties. Daarom ligt de nadruk hier op concentratie, kwaliteitsverbetering en het versterken van een compact en vitaal kerngebied, met minder versnippering en meer ruimte voor ondernemerschap, die past bij de schaal van Simpelveld en Bocholtz. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: de centra zijn weliswaar belangrijk voor lokale economie en ondernemerschap, maar blijven primair dorpsharten voor dagelijks gebruik.
Grensgemeente als schakel midden in de Euregio
In de centrumgebieden krijgt de euregionale ligging vooral betekenis door bereikbaarheid, bezoekersstromen en de verbinding met regionale routes. Het centrum van Bocholtz positioneren we nadrukkelijk als recreatieve bestemming aan de Duitse grens. Deze ambitie krijgt hier minder nadruk dan in de grenszones (buitengebied) zelf: de centra moeten vooral goed bereikbaar en prettig om in te verblijven zijn. Een teveel aan verkeersbewegingen staat dat in de weg.
Recreatief knooppunt tussen Parkstad, Aken en Heuvelland
De centrumgebieden hebben betekenis voor recreatie doordat zij bezoekers ontvangen, voorzieningen bieden en routes verbinden met horeca, erfgoed en verblijf. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: recreatie kan de centra versterken, maar moet altijd passen bij de dorpse schaal en het dagelijks functioneren van Simpelveld en Bocholtz.
Opgroeien en oud worden in een kansrijke gemeente
De centrumgebieden zijn belangrijke plekken voor maatschappelijke functies, ondersteuning zoals eerstelijns zorg, en dagelijkse voorzieningen. Ook in de toekomst moet daar ruimte voor zijn. Er komt in de centra bovendien meer nadruk op beleving en ontmoeting in plaats van alleen winkelen; een goede openbare ruimte maakt het mogelijk dat mensen elkaar, ook jong en oud, treffen. Daarom krijgt deze ambitie hier extra nadruk.
Woningbouw als impuls voor levendige dorpen
In de centrumgebieden kan woningbouw direct bijdragen aan centrumversterking. Door kwetsbare panden te ontwikkelen, zwakkere winkelstroken te ontwikkelen en woningen op strategische centrumlocaties toe te voegen, maken we de dorpsharten compacter, levendiger en toekomstbestendiger. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: wonen is belangrijk voor levendige centra, maar moet steeds worden afgewogen tegen voorzieningen, verblijfskwaliteit en publieke functies.
Erfgoed en gemeenschap als dragers van identiteit
De identiteit van de centrumgebieden ligt sterk in hun historische en maatschappelijke betekenis. Kerken, kloosters, lintstructuren en dorpspleinen geven de centra van Simpelveld en Bocholtz een herkenbaar profiel. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: erfgoed en gemeenschap zijn bepalend voor de sfeer van de centra, maar vormen hier één van meerdere dragende opgaven.
Simpelveld kent een kleinschalig profiel van werklocaties, met Bocholtzerweg als enige geconcentreerde bedrijventerrein van de gemeente. Dit terrein vervult een belangrijke rol in de lokale economie en biedt ruimte aan bedrijven in onder meer handel, logistiek, productie en dienstverlening. Tegelijk past de schaal van het terrein bij het meer kleinschalige en dorpse economische profiel van Simpelveld.

Kwaliteit op het bestaande terrein
Het bedrijventerrein aan de Bocholtzerweg vraagt om een gerichte kwaliteitsimpuls. De opgave is in de eerste plaats het bestaande terrein te herstructureren en te verbeteren. We zetten daarom samen met ondernemers in op opwaardering van private kavels en openbare ruimte, en een terrein dat beter past bij de maat en kwaliteit van Simpelveld.
Werken in de maat van het landschap
De ligging van Bocholtzerweg aan het dal van de Eyserbeek vraagt om een zorgvuldige landschappelijke en klimaatadaptieve inpassing. We versterken daarom de groene randen en de interne ruimtelijke kwaliteit van het terrein, en koppelen herinrichting waar mogelijk aan wateropvang, vergroening en een beter beeld van het gebied. Zo groeit het bedrijventerrein mee met het landschap mee.
Bedrijvigheid op de juiste plek
De ligging van het bedrijventerrein aan de Bocholtzerweg in het dal van de Eyserbeek en het feit dat hier wateroverlast, verharding en hittestress spelen, vragen om maatregelen op het gebied van landschap en klimaatadaptie. We onderzoeken samen met gebruikers de mogelijke ontwikkelruimte in het gebied, binnen de kaders die het beekdal stelt aan water en bodem. Daarbij nemen we ook de kansen van de grensoverstijgende economische as tussen Parkstad en Aken in overweging, en onderzoeken we op welke plekken Simpelveld hier het best op kan aansluiten.

Het beekdal als basis
Juist door de ligging aan de rand van het Eyserbeekdal moet de voorgenomen kwaliteitsimpuls van het gebied ook ruimte bieden aan klimaatadaptieve maatregelen en landschappelijke structuren. Deze ambitie krijgt echter een gemiddelde nadruk: water en bodem zijn belangrijke randvoorwaarden, maar worden hier afgewogen tegen het functioneren van de werklocatie.
Natuur en landbouw in een herkenbaar landschap
Bedrijventerreinen zijn gemiddeld genomen niet de drager van de ruimtelijke identiteit, maar moeten wel goed landschappelijk worden ingepast. Versterking van de groenstructuur helpt om de Bocholtzerweg beter aan te laten sluiten op de schaal en kwaliteit van Simpelveld en zorgt tegelijk voor een aantrekkelijkere werkomgeving. Deze ambitie krijgt hier minder nadruk dan in het buitengebied en de beekdalen, maar blijft relevant voor randen, groenstructuur en landschappelijke inpassing.
Verduurzaming op passende schaal
De bebouwing op bedrijventerreinen biedt kansen voor de energietransitie. Zon op dak en verharde terreinen, solarcarports, collectieve laadsystemen en ruimte voor bedrijvigheid in de circulaire economie kunnen namelijk op bedrijventerreinen vaak goed ingepast worden. Daarom krijgt verduurzaming hier extra nadruk: juist op werklocaties kunnen energie, circulariteit en klimaatadaptatie praktisch worden gecombineerd.
Lokale kracht in een grensoverstijgende regio
Het bedrijventerrein vormt de belangrijkste lokale werklocatie van Simpelveld. In lijn met de Strategische visie is de opgave hier de bestaande bedrijvigheid te ondersteunen en het toekomstbestendig economisch profiel van innovatief vakmanschap te versterken. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: het terrein blijft belangrijk voor de lokale economie, maar de ontwikkelruimte wordt begrensd door schaal, ligging en ruimtelijke kwaliteit.
Grensgemeente als schakel in een euregionaal mobiliteitssysteem
De ontwikkeling van Bocholtzerweg staat niet op zichzelf, maar moet aansluiten op de bredere regionale koers van Parkstad. We onderzoeken hoe we het bedrijventerrein het best kunnen opnemen in de grensoverstijgende economische corridor tussen Parkstad en Aken. Door de ligging in de bredere verbinding tussen Parkstad, Aken en het Duitse achterland krijgt deze ambitie hier extra nadruk. Bereikbaarheid, logistiek en regionale afstemming zijn bepalend voor de toekomstwaarde van de werklocatie.
Recreatief knooppunt tussen Parkstad, Aken en Heuvelland
Het bedrijventerrein is geen primaire recreatieve bestemming. Deze ambitie krijgt daarom minder nadruk. Wel is van belang dat de uitstraling, randen en routes rond het terrein geen afbreuk doen aan het recreatieve en landschappelijke profiel van Simpelveld.
Opgroeien en oud worden in een kansrijke gemeente
Bedrijventerreinen zijn geen primaire plek voor zorg, ontmoeting of dagelijkse sociale voorzieningen. Deze ambitie krijgt hier een gemiddelde nadruk omdat leefbaarheid, veiligheid en een gezonde werkomgeving wel moeten worden meegewogen bij de inrichting en ontwikkeling van het terrein.
Woningbouw als impuls voor levendige dorpen
De bedrijventerreinen zijn in de eerste plaats bedoeld voor werken en ondernemen. Economische functies die beter in de centra passen, horen hier in beginsel niet thuis, zodat de schaarse ruimte beschikbaar blijft voor bedrijvigheid met een afwijkende ruimtebehoefte. Woningbouw is hier geen vanzelfsprekende hoofdfunctie, maar kan bij herstructurering, functiewijziging of randen alleen via een zorgvuldige gebiedsgerichte afweging aan de orde zijn. Daarom krijgt deze ambitie een gemiddelde, maar terughoudend ingevulde positie.
Erfgoed en gemeenschap als dragers van identiteit
Simpelveldse ondernemers dragen bij aan onze lokale identiteit, maar deze ambitie werkt niet actief door in het bedrijventerrein. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: het terrein is geen erfgoedlocatie, maar de manier waarop bedrijvigheid zich presenteert, samenwerkt en ruimtelijk wordt ingepast, draagt wel bij aan het beeld van Simpelveld als verzorgde en ondernemende gemeente.
De beekdalen van Simpelveld vormen de landschappelijke ruggengraat van de gemeente. Het Eyserbeekdal ligt als lagergelegen gebied tussen de hellingen van het Heuvelland en geeft daarbij de hoofdrichting aan. Ook de kernen Simpelveld en Bocholtz zijn genesteld in deze dalen. De belangrijkste infrastructurele verbindingen, zoals wegen en de Miljoenenlijn, en monumenten als de kloosters en kasteel de Bongard zijn in of langs de beekdalen aangelegd.

Het watersysteem van de dalen herstellen
In de beekdalen is herstel van het watersysteem een centrale opgave. Het Eyserbeekdal en andere dalen moeten landschappelijk en ecologisch beter zichtbaar, beleefbaar en toekomstbestendig worden. Dat vraagt om ruimte voor beekherstel, buffering en beekbegeleidende structuren, en om het wegnemen of verzachten van barrières waar infrastructuur de dalen doorsnijdt.
Beekdalen met voorrang voor water en natuur
Voor de beekdalen van Simpelveld geldt een strikter ontwikkelregime dan voor de rest van het buitengebied. Hier staan ruimte voor water, natuurherstel, en ecologische samenhang voorop. Nieuwe ontwikkelingen zijn alleen passend als zij de werking en kwaliteit van het beekdal versterken.
Erfgoed in het dal zichtbaar
In en langs de beekdalen liggen meerdere historische lagen over elkaar heen, van hoogwaardige dorpsgezichten en gehuchten tot spoorerfgoed en karakteristieke hoeves. Die gelaagdheid geeft het gebied een eigen identiteit en biedt kansen om het dal sterker te profileren. We versterken de beleefbaarheid van de beekdalen, zowel tussen Simpelveld en Eys als tussen Simpelveld en Bocholtz.
Samen uitvoeren vanuit het gebied
De beekdalen kunnen alleen sterker worden door een gezamenlijke gebiedsaanpak. Ingrepen in het watersysteem, landschapsherstel, ontwikkeling van recreatieve routes en langdurig beheer grijpen hier direct in elkaar en vragen om afstemming tussen gemeente, waterschap, grondeigenaren, Natuurmonumenten en andere partners. We organiseren de uitvoering daarom programmatisch en benutten meekoppelkansen met biodiversiteit, recreatiemogelijkheden en landschappelijke kwaliteit.

Het beekdal als basis
In de beekdalen komt de ruimtelijke logica van Simpelveld het scherpst samen. Hier staan ruimte voor water, buffering, natuurherstel, waterkwaliteit en ecologische samenhang voorop. Nieuwe ontwikkelingen passen alleen als zij de werking en kwaliteit van het beekdal versterken. Deze ambitie krijgt hier de hoogste prioriteit, omdat het beekdal zelf de drager is van waterveiligheid, klimaatadaptatie en landschappelijke structuur.
Natuur en landbouw in een herkenbaar landschap
De beekdalen zijn dragers van het landschap, ecologie en rust. Recreatieve routes horen hier vooral langs de randen van gevoelige zones, zodat natuur, erfgoed en landschapsbeleving elkaar versterken zonder de kwetsbare dalen zelf te overbelasten. We stellen hier zwaardere milieutechnische randvoorwaarden aan de landbouw in verband met het gevoelige water- en bodemsysteem. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: natuur en landbouw blijven relevant, maar worden hier nadrukkelijk gestuurd door de werking van het beekdal (‘water en bodem sturend’).
Verduurzaming op passende schaal
In de beekdalen vraagt verduurzaming om een gepaste benadering. Nieuwe energie-ingrepen zijn hier namelijk niet gewenst, maar wel het herstel van natuurlijke systemen, waterberging en een inrichting die de ecologische en landschappelijke draagkracht respecteert. Deze ambitie krijgt daarom een gemiddelde nadruk, waarbij verduurzaming vooral ondersteunend moet zijn aan systeemherstel en gebiedskwaliteit.
Lokale kracht in een grensoverstijgende regio
De beekdalen zijn geen primaire plek voor economische ontwikkeling of nieuwe bedrijvigheid. De kwaliteit van dit gebied is het landschap. Voor bestaande bedrijvigheid in de beekdalen zoeken we met maatwerk naar gepaste ingrepen om het water- en bodemsysteem in de beekdalen te versterken. Deze ambitie krijgt hier minder nadruk, omdat economische ontwikkeling ondergeschikt is aan water, natuur en landschappelijke draagkracht.
Grensgemeente als schakel in een euregionaal mobiliteitssysteem
De beekdalen hebben betekenis als grensoverstijgende landschappelijke en recreatieve structuren. Langs en in deze dalen lopen routes, infrastructuur en erfgoedlijnen die Simpelveld verbinden met het Heuvelland, Parkstad en het grensgebied richting Aken. Deze ambitie krijgt hier minder nadruk: verbindingen zijn relevant, maar mogen de kwetsbaarheid en rust van het beekdal niet onder druk zetten.
Recreatief knooppunt tussen Parkstad, Aken en Heuvelland
De beekdalen dragen sterk bij aan de recreatieve kwaliteit van Simpelveld. Juist de combinatie van water, reliëf, erfgoed, rust en routes maakt het dal beleefbaar voor bewoners en bezoekers. Deze ambitie krijgt daarom extra nadruk, mits recreatie wordt geleid langs passende routes en niet leidt tot overbelasting van kwetsbare zones.
Opgroeien en oud worden in een kansrijke gemeente
De beekdalen zijn niet de plek waar voorzieningen, zorg en dagelijkse ontmoeting samenkomen, maar zij dragen wel bij aan gezondheid en welzijn. Rust, groen, wandelmogelijkheden en beleefbare natuur maken de dalen van betekenis voor bewegen, herstel en de kwaliteit van het dagelijks leven. Deze ambitie krijgt daarom een gemiddelde nadruk.
Woningbouw als impuls voor levendige dorpen
De beekdalen vragen er juist om terughoudend te zijn met nieuwe bebouwing. Woningbouw en het versterken van de kern horen in de eerste plaats thuis binnen het bestaande bebouwde gebied, terwijl de dalen vooral open, klimaatrobuust en landschappelijk leesbaar moeten blijven. Deze ambitie krijgt hier minder nadruk: woningbouw is alleen denkbaar wanneer deze de werking en kwaliteit van het beekdal niet aantast maar bij voorkeur versterkt.
Erfgoed en gemeenschap als dragers van identiteit
In de beekdalen komen landschap en erfgoed op een bijzondere manier samen. De Miljoenenlijn, de kloosters, kasteel de Bongard en de ligging van de kernen in het dal maken deze gebieden tot belangrijke dragers van de identiteit van Simpelveld. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk, omdat erfgoed hier vooral betekenis krijgt in samenhang met landschap, water en routes.
Het buitengebied van Simpelveld bestaat vooral uit het agrarische cultuurlandschap rond de beekdalen. Hellingen en plateaus geven dit gebied een herkenbaar reliëf. Dat reliëf is goed te ervaren vanaf bijvoorbeeld de Plateaus van Ubachsberg en Bocholtz. Open akkercomplexen en karakteristieke landschapselementen zoals graften, holle wegen, hagen en hoogstam-boomgaarden vormen samen een karakteristiek Zuid-Limburgs cultuurlandschap.

Water en bodem als ordenend principe
De sleutel voor een groot deel van de wateropgave van Simpelveld ligt in het buitengebied. Op de hellingen en plateaus ontstaan afstroming, erosie en piekbelasting die lager in het systeem voelbaar worden. Daarom richten we het bovenstroomse landschap zo in dat we het water vasthouden, vertragen en bufferen. We werken met grondeigenaren, Waterschap Limburg en Duitse partners aan maatregelen zoals bodemverbetering, landschapselementen, buffers, dijkjes en gerichte watergeleiding, onder meer in het kader van Water in Balans, zodat beekdalen, natuur en kernen minder worden belast.
Landbouw met toekomstperspectief
De landbouw blijft een dragende functie van het buitengebied. De opgave is om agrarische bedrijven toekomstperspectief te bieden en tegelijk de kwaliteit van bodem, water, natuur en landschap te versterken. Dit is maatwerk. Samen met agrariërs werken we aan toekomstbestendige erven en een sterker samenspel tussen agrarisch gebruik, landschaps- en natuurbeheer en recreatieve profilering. Daarbij houden we ook rekening met hinderaspecten zoals geur, gifstoffen en veiligheid, zodat de agrarische ontwikkeling, de woonkwaliteit en nieuwe functies zorgvuldig op elkaar worden afgestemd.
Het Romeinse landschap beleefbaar
In het buitengebied tussen Simpelveld, Bocholtz en de Duitse grens ligt een bijzondere kans om het Romeinse cultuurlandschap opnieuw zichtbaar en beleefbaar te maken. De openheid van het gebied, de archeologische rijkdom en de grensligging geven dit deel van de gemeente een onderscheidend profiel binnen Parkstad en het Heuvelland. Ook het middengebied tussen Simpelveld en Bocholtz vraagt daarbij om een zorgvuldige visie, waarin openheid, routes, dorpsranden, water en erfgoed in samenhang worden bekeken. We zetten daarom in op een gebiedsgerichte uitwerking van het Archeopark, met routes, beleefpunten, landschappelijke markeringen en een mogelijke publieksfunctie bij Overhuizen, steeds in samenhang met open landschap, recreatie en grensoverschrijdende samenwerking.

Het beekdal als basis
In het buitengebied begint de wateropgave bovenstrooms, op hellingen, plateaus en in droogdalen. Juist hier moeten buffers, dijkjes, watergangen en bodemingrepen de afstroming vroegtijdig vertragen, zodat de druk op beekdalen en kernen rond Simpelveld en Bocholtz afneemt. Deze ambitie krijgt een gemiddelde nadruk: water en bodem zijn richtinggevend, maar worden hier steeds verbonden met landbouw, landschap en beheer.
Natuur en landbouw in een herkenbaar landschap
Hier zijn landschapskwaliteit en landbouw twee zijden van dezelfde munt. Deze ambitie krijgt de hoogste prioriteit, omdat juist in het buitengebied natuur, landbouw, landschapsbeheer en openheid de ruimtelijke kwaliteit bepalen. Daarbij wegen we ook hinderaspecten zoals geur en veiligheid mee bij nieuwe functies en ontwikkelingen.
Verduurzaming op passende schaal
In het buitengebied vraagt verduurzaming om zorgvuldig ingepaste oplossingen. De nadruk ligt op zon op daken en andere logisch inpasbare plekken, en op de verduurzaming van agrarische bedrijven. Tegelijkertijd houden we ruimte om toekomstige vormen van duurzame opwekking zorgvuldig te beoordelen, wanneer die landschappelijk inpasbaar zijn, passen bij de draagkracht van de natuur en meerwaarde bieden voor agrariërs, inwoners of de lokale energieopgave. Daarom krijgt verduurzaming hier extra nadruk, zonder het landschap bij voorbaat ondergeschikt te maken aan energieopwekking.
Lokale kracht in een grensoverstijgende regio
De economische betekenis van het buitengebied ligt vooral in een toekomstbestendige landbouw en een landschappelijke vrijetijdssector. We stimuleren hier nieuwe verdienmodellen door recreatie, verblijfsfuncties, streekproducten en landschapsbeheer aan elkaar te koppelen in een Simpelvelds cultureel profiel. Deze ambitie krijgt hier minder nadruk dan op werklocaties en in centra, maar blijft relevant waar agrarisch ondernemerschap, streekproducten en recreatieve economie elkaar versterken.
Grensgemeente als schakel in een euregionaal mobiliteitssysteem
Het Simpelveldse buitengebied functioneert als schakel tussen Parkstad, Heuvelland en de Duitse grens. Recreatieve routes zoals de Heuvellandroute, de Kalkbaan en de Parkstadroute, de Miljoenenlijn en het Romeins villalandschap bij Bocholtz geven het buitengebied een onderscheidend grensoverschrijdend karakter. Deze ambitie krijgt hier echter minder nadruk: verbindingen zijn belangrijk voor routes en bereikbaarheid, maar mogen de rust, openheid en landschappelijke kwaliteit van het buitengebied niet overheersen.
Recreatief knooppunt tussen Parkstad, Aken en Heuvelland
Het buitengebied is een belangrijke drager van recreatie en beleving in Simpelveld. Wandel- en fietsroutes, vergezichten, erfgoed, het agrarische landschap en de verbinding met het Heuvelland maken het gebied aantrekkelijk voor bewoners en bezoekers. Deze ambitie krijgt daarom extra nadruk, mits recreatie kleinschalig blijft, aansluit op landschap en erfgoed en bijdraagt aan lokale bestedingen zonder het gebied te overbelasten.
Opgroeien en oud worden in een kansrijke gemeente
Dat het buitengebied rust, ruimte, beweging en bereikbare recreatieve routes biedt, draagt bij aan gezond opgroeien en ouder worden. Tegelijk vraagt het om een veilige ontsluiting, passende mobiliteit en aandacht voor de bereikbaarheid van kleine kernen en voorzieningen voor wie minder mobiel is. Deze ambitie krijgt hier minder nadruk dan in de woonkernen en centra, omdat voorzieningen en zorg vooral daar geconcentreerd zijn.
Woningbouw als impuls voor levendige dorpen
De woningbouwopgave ligt in Simpelveld in de eerste plaats binnen de bestaande kernen en niet in het open buitengebied; het buitengebied is primair bedoeld voor landschap, landbouw, water, erfgoed en recreatie, niet voor nieuwe woonontwikkeling. Woningbouw is hier op een aantal beperkte locaties toegestaan, zoals te zien is op de omgevingsvisiekaart. Dit is alleen voor ontwikkelingen die programmatisch geen plek vinden binnen de bestaande kernen. Deze ambitie krijgt hier daarom de laagste prioriteit.
Erfgoed en gemeenschap als dragers van identiteit
In het buitengebied komen erfgoed en identiteit heel direct samen. Het open Romeinse villalandschap, Overhuizen, archeologische hotspots en het agrarische cultuurlandschap maken dit gebied tot een belangrijke drager van het verhaal. Omdat het buitengebied een groot deel van de historische en landschappelijke identiteit van Simpelveld zichtbaar maakt, krijgt deze ambitie hier extra nadruk.
In dit hoofdstuk beschrijven we hoe we de visie willen operationaliseren. Als gemeente staan we hiervoor niet alleen zelf ‘aan de lat’. Samen met onze inwoners, ondernemers, maatschappelijke organisaties en partners gaan we aan de slag. Onder sturingsfilosofie geven we aan hoe we dit willen doen. In dit hoofdstuk beschrijven we verder de doorwerking van de omgevingsvisie in de andere Omgevingswet-instrumenten. Daarnaast geven we aan hoe we als gemeente de uitvoering van onze gestelde ambities in de visie gaan monitoren en hoe we omgaan met het actualiseren van de visie.
Het uitgangspunt van de Omgevingswet is ontwikkelingen mogelijk maken en tegelijkertijd de kwaliteit van de leefomgeving te waarborgen. Met de omgevingsvisie laten we inhoudelijk op hoofdlijnen zien hoe we in de gemeente Simpelveld initiatieven willen ondersteunen waarmee tegelijkertijd een bijdrage wordt geleverd aan de kwaliteit van de leefomgeving. Met deze visie als onderlegger gaan we daarmee concreet aan de slag. De concrete uitwerking van de omgevingsvisie hangt ook af van de rol die de gemeente aanneemt. We hebben als overheid diverse rollen en sturingsfilosofieën tot onze beschikking.
Rollen
Er zijn vier benaderingen van sturing (zie figuur XX). In elk van de vier benaderingen gaat het om overheidssturing, in die zin dat de overheid doelen formuleert en die probeert te realiseren in interactie met de omgeving. De aanduidingen in de kwadranten geven accenten aan in de rolopvatting en geen scheidingen. Zo wil de ‘Netwerkende Overheid’ ook prestaties leveren en ook zorgvuldig en duidelijk de kaders stellen net als de ‘Rechtmatige Overheid’. In de praktijk maakt de gemeente dus van alle vier gebruik.

Het is niet zo dat de ene rol beter is dan de andere. Het gaat erom dat de gemeente in staat is om alle rollen te kunnen vervullen. En weet welke rol bij welke opgave en context het best passend is. De rolneming kan per fase van een initiatief veranderen. In essentie gaat het dus om het zijn van een wendbare organisatie.
We hebben als gemeente hoge ambities om de democratie van onderaf beter te faciliteren, meer gebiedsgericht en van buiten naar binnen te werken. De 'netwerkende' en 'responsieve' overheid passen goed in de geest van de Omgevingswet. Hierbij staat 'van buiten naar binnen werken' centraal en draagt de samenleving initiatieven aan. Dat is voor ons een belangrijke leidraad. We zetten daarom in op alliantievorming, het zoeken naar partners om gezamenlijke doelen of belangen te behalen. We leggen ook verbindingen tussen verschillende actoren in de samenleving, ook als we zelf niet de leiding hebben. Door te bouwen aan een verbonden samenleving faciliteren we dat eenieder zelf en met elkaar werkt aan een betere samenleving en leefomgeving. Dit doen we met een relatiegerichte houding en we moedigen actief burgerschap aan. De ontwikkeling naar een meer netwerkende en responsieve overheid is een organisatorische opgave. In Simpelveld hebben we de rol als ‘presterende overheid’ sterk ontwikkeld, maar de rollen waarin de gemeente meer voorwaardenscheppend en faciliterend werkt, vragen om ontwikkeling van de organisatie, en om voldoende capaciteit om deze rol in de praktijk goed te kunnen invullen.
Dit neemt niet weg dat het belangrijk is te benoemen dat we op verschillende thema's en/of gebieden verschillende sturingsfilosofieën (rolneming en instrumentarium) nodig zullen hebben om het gewenste resultaat te behalen. Op onderdelen zal er dus een andere sturingsfilosofie gekozen kunnen worden. We werken dit verder uit bij concrete projecten.
De sturingsfilosofie gaat overigens niet alleen over de rolneming van de gemeente ten opzichte van de samenleving maar ook over de rolneming van de raad ten opzichte van het college.
De Omgevingswet voorziet in een zestal Omgevingswet-instrumenten - de omgevingsvisie, het programma, decentrale regels (omgevingsplan), algemene rijksregels, de omgevingsvergunning en het projectbesluit - waarvan de omgevingsvisie en de omgevingsprogramma’s de belangrijkste beleidsmatige instrumenten zijn. De omgevingsvisie heeft een duidelijke relatie met deze overige Omgevingswet-instrumenten. De wetgever gaat met de Omgevingswet namelijk uit van beleidsontwikkeling op basis van de beleidscyclus (zie figuur 22). De verschillende instrumenten worden in samenhang ontwikkeld en actief gemonitord en aangescherpt. De omgevingsvisie vormt de eerste stap in deze cyclus en is een dynamisch document dat we als gemeente samen met betrokkenen blijven aanscherpen.

Belangrijk is de bepaling in de Omgevingswet dat een gemeente één gebiedsdekkend omgevingsplan kent. Dit betekent in principe dat het systeem zoals we dat kenden, verschillende bestemmingsplannen voor het stedelijk- en het buitengebied, niet meer aan de orde zal zijn. Ook alle onderdelen uit de verordeningen die betrekking hebben op de fysieke leefomgeving, moeten in het omgevingsplan worden opgenomen. Het omgevingsplan is het enige kerninstrument uit de Omgevingswet dat de burger, bedrijven, andere overheden en de gemeente bindt. De omgevingsvisie is alleen zelfbindend: ze bindt het bestuursorgaan (bevoegd gezag) dat het document heeft vastgesteld. De omgevingsvisie wordt zodanig opgesteld dat de stap naar het omgevingsplan beleidsmatig relatief eenvoudig is te maken. We hebben in deze omgevingsvisie de kernkwaliteiten (hoofdstuk 2) en beleidsprioriteiten van de gemeente Simpelveld als geheel (hoofdstuk 4) en per deelgebied (hoofdstuk 5) opgenomen. Deze kunnen in het omgevingsplan verder juridisch uitgewerkt worden. Het opstellen van regels over activiteiten in de fysieke leefomgeving is geen doel op zich maar vloeit voort uit de toekomstambities en daarvoor benodigde maatregelen die we met elkaar formuleren.
Het doel is dat in het omgevingsplan een deel van de verzoeken snel kan worden afgedaan en dat voor een deel een nadere afweging nodig is. Als een initiatief niet blijkt te passen in het omgevingsplan, dan moet worden beoordeeld of hiervan kan worden afgeweken. Voor de beoordeling daarvan kunnen we terugvallen op (het afwegingskader van) de omgevingsvisie. Dit is het kwalitatieve kader waarmee de gemeenteraad de beoordeling van initiatieven in vertrouwen loslaat aan het college van burgemeester en wethouders.
De omgevingsvisie stelt ambities voor de toekomst en formuleert hiervoor het strategisch beleid aan de hand van kaders en richtlijnen. De gewenste verdere uitwerking van het strategisch beleid kan op tactisch en operationeel niveau plaatsvinden via het (vrijwillige/onverplichte) omgevingsprogramma. De integrale afweging vindt op hoofdlijnen plaats in de omgevingsvisie. In de programma’s wordt daarop voortgeborduurd en worden de lijnen voor de uitvoering uitgezet. Het omgevingsprogramma is een flexibel instrument dat de gemeente kan toepassen in verschillende fasen van de beleidscyclus. Een omgevingsprogramma heeft verschillende kenmerken en is zelfbindend. Het wordt vastgesteld door het college. Omgevingsprogramma’s kunnen gebiedsgericht of thematisch van aard zijn.
Bovendien kan het nodig zijn verdieping in thema’s of gebieden aan te brengen. Momenteel beoogt de gemeente te werken aan de volgende omgevingsprogramma’s:
De Omgevingswet biedt de mogelijkheid om in het omgevingsplan voor de gehele gemeente omgevingswaarden vast te leggen. Bijvoorbeeld ten aanzien van de uitstoot van schadelijke stoffen, de productie van geluid of andere vormen van hinder of mogelijke overlast. Als die vastgelegde omgevingswaarden niet gehaald worden, is een omgevingsprogramma verplicht. Het is wenselijk in de omgevingsvisie al aan te geven als dit aan de orde is. Vooralsnog zien wij echter geen noodzaak om omgevingswaarden te stellen. Mocht in de toekomst blijken dat bepaalde ‘doelen’ niet worden gehaald dan kunnen we alsnog overwegen om in het omgevingsplan omgevingswaarden vast te stellen en deze te koppelen aan een omgevingsprogramma. Dit is ook een aspect wat aan bod komt bij de monitoring en evaluatie van deze eerste omgevingsvisie.
De omgevingsvisie gaat uit van realisatie van initiatieven door eenieder die in de gemeente Simpelveld woont, werkt of recreëert of er op een andere manier bij betrokken is. Als gemeente stimuleren en ondersteunen (leveren van kennis, zorgen voor verbinding) we initiatieven die bijdragen aan de hoofddoelen van de omgevingsvisie, de beleidskeuzes per thema en de gebiedsprioriteiten in de omgevingsvisie. De gezamenlijk gestelde waarden zijn de basis geweest voor het beschrijven van de beleidsdoelstellingen uit deze visie en voor het formuleren van gebiedsgerichte uitgangspunten. Van belang is dat momenteel ook wordt gewerkt aan de Uitvoeringsagenda van de Strategische Visie. In de nader op te stellen uitvoeringstabel voor de Uitvoeringsagenda en de omgevingsvisie geven we vorm aan de gestelde ambities in de praktijk (zie bijlage PM).
De omgevingsvisie wordt uitgevoerd door de verdere uitwerking in het omgevingsplan en programma’s, maar is op zichzelf ook een instrument voor het toetsen van nieuwe ontwikkelingen, zoals bij een vergunningaanvraag voor een plan dat niet past binnen de regels van het omgevingsplan: een Buitenplanse Omgevings Plan Activiteit, kortweg BOPA genoemd. Hierbij hanteren we als gemeente de ‘Ja, mits - benadering’ uit de Omgevingswet. Het is van belang daarbij de balans tussen borgen van kwaliteiten enerzijds en ruimte bieden voor ontwikkelingen anderzijds inzichtelijk te maken. Hiervoor bieden het integrale afwegingskader en de afwegingskaders voor de deelgebieden uit de omgevingsvisie inhoudelijke en gebiedsgerichte richting. Ze geven richting voor initiatieven en voor de nadere uitwerking in programma’s en het omgevingsplan. De kaders geven ook richting bij de toetsing van de wenselijkheid van een nieuwe ontwikkeling.
Aanvullend op deze algemene kaders - voor zover deze al niet zijn opgenomen in het afwegingskader - gelden de beginselen uit de Omgevingswet en de afwegingsprincipes uit de (ontwerp) Nota Ruimte.
Milieubeginselen Omgevingswet:
het voorzorgsbeginsel;
het beginsel van preventief handelen;
het beginsel dat milieuaantastingen bij voorrang aan de bron bestreden moeten worden;
het beginsel dat de vervuiler betaalt.
De drie leidende principes in de Nota Ruimte zijn:
De ontwikkelingen in de gemeente Simpelveld staan natuurlijk niet op zichzelf. Ook in de regio vinden allerlei ontwikkelingen plaats die van invloed kunnen zijn op onze gemeente. Daarom hebben we actief contact met buurgemeenten, de Stadsregio Parkstad, de provincie Limburg en ketenpartners en nemen we deel aan verschillende andere regionale samenwerkingsverbanden. In paragraaf 2.2 Positie in de regio is gereflecteerd op een aantal belangrijke visies van onze partners. Samen met die partners blijven we werk maken van belangrijke regionale opgaven. Alle aangrenzende gemeenten waren uitgenodigd om deel te nemen aan ketenpartnersessies tijdens de totstandkoming van deze omgevingsvisie. Daarnaast hebben ze allemaal een uitnodiging gekregen om te reageren op de omgevingsvisie tijdens de inzageperiode.
In 2024 is door de gemeenteraad van Simpelveld de Kadernota grondbeleid 2024-2028 vastgesteld. Uitvoering van het grondbeleid van de gemeente Simpelveld vindt plaats binnen het wettelijke kader en houdt rekening met beleidsmatige kaders van de gemeente en andere overheden. Het uitgangspunt bij grondverwerving is minnelijke verwerving. Hierbij is sprake van het doen van een aankoop van gronden waarbij de gemeente met een grondeigenaar op vrijwillige basis tot overeenstemming komt. Planmatige verwerving van gronden vindt plaats voor zover deze past binnen de vastgestelde exploitaties van de gemeente Simpelveld. Indien nodig, en mogelijk, maakt de gemeente Simpelveld gebruik van de bevoegdheden die de Omgevingswet biedt.
Het college kan via een voorstel worden gemandateerd om strategische aankopen tot een door de raad te bepalen bedrag te doen, waarbij het college de gemeenteraad zo spoedig mogelijk zal informeren. Voorafgaand aan een strategische aankoop wordt een uitgebreide risicoanalyse gemaakt waarin de realisatietermijn, risico’s, prijs, dekking en toekomstig resultaat beschreven worden. De gemeente Simpelveld kiest telkens voor maatwerk en daarmee ook voor het concept van situationeel grondbeleid. Dat betekent dat per ontwikkellocatie of project wordt gezocht naar de gewenste vorm van grondbeleid: actief, facilitair of een van de vele tussenvormen (samenwerking vanuit een positieve en verbindende grondhouding).
Voor de afweging welk grondbeleid op een bepaalde locatie wordt gevoerd, wordt gebruik gemaakt van het beslismodel. Op basis van grondeigendom, capaciteit en financiële draagkracht, mogelijke risico’s en de invloed op de gewenste invulling van een gebied wordt een keuze gemaakt voor de gewenste vorm van grondbeleid. De gemeente zorgt ervoor dat ze op elke ontwikkelingslocatie haar gewenste regierol in beeld heeft. Indien gekozen wordt voor samenwerking met marktpartijen weegt de gemeente per project de vorm van samenwerking af.
Voor de ontwikkelingen in de gemeente Simpelveld wordt een integrale gebiedsontwikkeling als lijn gekozen. Dat betekent dat het kostenverhaal voor het gehele gebied voor de vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan inzichtelijk is. De door de gemeente te nemen financiële risico’s dienen zeker bij een integrale gebiedsontwikkeling vooraf duidelijk ingekaderd te zijn. Ook dient vooraf duidelijk te zijn op welke wijze de gemeente eventuele ‘tegenvallers’ zelf kan opvangen. Hierbij gaan wij er overigens al vanuit dat de mate van te nemen risico past binnen de ‘maat en schaal van de gemeente Simpelveld’ én de financiële ruimte binnen haar begroting de komende jaren.
Kosten worden bij voorkeur op basis van een anterieure overeenkomst verhaald. Minimaal de kosten die de gemeente maakt in relatie tot het initiatief, ongeacht de fase waarin het initiatief zich bevindt, worden in rekening gebracht. Binnen de beschikbare mogelijkheden brengt de gemeente aanvullend financiële bijdragen in rekening. De gemeente Simpelveld verleent in de basis enkel medewerking aan particuliere en/of marktinitiatieven wanneer die minimaal kostenneutraal (vanuit de positie van de gemeente Simpelveld) ontwikkeld worden. Het kan zijn dat een initiatief met het oog op maatschappelijk rendement wenselijk is, maar niet de volledige kosten kan dragen. In dat geval kan de gemeente onder voorwaarden besluiten de gevraagde bijdrage te verlagen of zelfs in zijn geheel te laten vervallen. Ook kan er tegelijkertijd sprake zijn van meerdere initiatieven met een positief maatschappelijk rendement die kostenneutraal ontwikkeld kunnen worden. In dat geval kan temporisatie van de plannen noodzakelijk zijn waarbij plannen met het grootste maatschappelijk rendement een hogere prioriteit krijgen.
Met de omgevingsvisie hebben we als gemeente een koers en een integraal afwegingskader voor de inrichting van onze fysieke leefomgeving. We beschouwen de omgevingsvisie, en in het verlengende daarvan alle Omgevingswet-instrumenten, als levende documenten. De wereld verandert continu en daarom moeten we dus ook regelmatig onze instrumenten herijken. Liggen we nog op koers, zijn er nieuwe ontwikkelingen waar we rekening mee moeten houden, halen we onze ambities wel met onze huidige aanpak? Met een monitoringssysteem houden we als gemeente zicht op de voortgang van onze koers. Het gebruikmaken van meetbare indicatoren is een logische stap bij de verdere aanscherping van de omgevingsvisie. Dit vraagt om beschikbaarheid, analyse en toepassing van de juiste informatie (datagedreven werken).
Bij de uitwerking van de Omgevingsvisie in programma’s en het omgevingsplan worden per ambitie concrete en meetbare indicatoren vastgesteld. Deze indicatoren komen terug in de rapportages van de P&C-cyclus en maken inzichtelijk in hoeverre de ambities bijdragen aan de drie doelen en negen ambities zoals genoemd in hoofdstuk 4.
Er is geen wettelijke actualiseringstermijn meer zoals dat bij de structuurvisie en bestemmingsplannen wel altijd het geval was. Op enig moment zullen we tot de conclusie komen dat een bepaald thema toch nog onvoldoende is uitgewerkt of dat de situatie voor een gebied dusdanig is veranderd dat herziening van de visie nodig is. We kiezen als gemeente voor een actualiseringscyclus van eens per jaar, met ingang van 2028, om de omgevingsvisie voldoende scherp en bij de tijd te houden. We kiezen voor deze korte cyclus omdat de Omgevingswet en bijbehorende instrumenten nieuw zijn. Op termijn bekijken we of we de tijdsdoorloop van de cyclus verlengen. Een actualisatie verloopt altijd via de wettelijk voorgeschreven procedure, waarbij de gemeenteraad het besluit over de vaststelling van de geactualiseerde versie neemt.
De evaluatie en herijking van de omgevingsvisie wordt onderdeel van de gemeentebrede beleidscyclus in het zogenaamde beleidshuis. Evaluatie en herijking vindt dan plaats in samenhang met de strategische visie en het uitvoeringsdocument. Onderdeel van deze cyclus is ook betere afstemming tussen visie – sectoraal beleid – en uitvoering (verticale afstemming). Door het toepassen van deze cyclus werken we meer integraal aan de grote opgaven.
Deze eerste omgevingsvisie voor de gemeente Simpelveld zet een eerste stap richting volledige strategische beleidsintegratie. Het uiteindelijke doel is dat de omgevingsvisie dé centrale plek wordt voor al het strategisch ruimtelijk beleid. Dat betekent dat er vanaf nu naar wordt gestreefd zo min mogelijk thematische of gebiedsgerichte visies als losstaand beleid vast te stellen en visies daar waar mogelijk te integreren in (voor zover het de fysieke leefomgeving betreft) de omgevingsvisie. Om die beleidsintegratie te realiseren beschouwen we de omgevingsvisie als een ‘levend’ document dat continu aangescherpt en aangevuld wordt.
Vanzelfsprekend gaan we als gemeente wel verder met het uitwerken van bepaalde thema’s parallel aan de omgevingsvisie. Dit wordt dan niet opgenomen in losstaande beleidsstukken, maar integraal meegenomen in een herziening van deze omgevingsvisie. Via programma’s werken we bijvoorbeeld aan de uitwerking van een bepaald thema, een specifieke gebiedsuitwerking of anderszins. De strategische uitspraken van een verdiepingsslag, de zogenoemde ‘haakjes’, moeten uiteindelijk weer landen in de omgevingsvisie en vanwege eventuele juridische consequenties verwerkt worden in het omgevingsplan.
Voor deze eerste omgevingsvisie is geen afzonderlijke plan-MER opgesteld. Bij de uitwerking van programma’s en het topstellen van de omgevingsvisie 2.0 beoordelen we beoordelen we of een plan-MER nodig is.
In deze eerste versie van de omgevingsvisie hebben we alle ruimtelijke thema’s en de verschillende (bestaande) beleidstrajecten en ontwikkelingen met elkaar verbonden. In de eerstvolgende actualisatie van de omgevingsvisie zetten we een volgende stap in het integreren van nieuw strategisch ruimtelijk beleid en de aangegeven thematische/gebiedsgerichte programma’s.
/join/id/regdata/gm0965/2026/bd6f56782f2045279dcbb9dd9f1daea3/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/bb60e10486e64aa383870ccc8f734aa5/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/b246f08be62c42d5af868ee6a3802361/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/c2cee00e2a6742cea9f073395976a8be/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/5f470c31f95a48ce81186d702206426c/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/51dc8d9803294eb49d8a0dbfe5af2b7f/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/70347ab1c2794e2ca1129075343559b0/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/699e379cbea24a1ea4802e7218951755/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/8f33be2b274a4073bc135a14cc057b1f/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/c8d8b2ca50fc4bdc8a5bccf64bc64562/nld@2026‑06‑18;17305508
/join/id/regdata/gm0965/2026/45910a81357f4db491fc60fcc89027af/nld@2026‑06‑18;17305508
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-297307.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.