Beleidsregel wegslepen, bewaren en teruggave van voertuigen gemeente Waalre

H et college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre;

 

overwegende dat,

 

- het gewenst is om een beleidsregel vast te stellen omtrent de uitvoering van de Wegsleepverordening gemeente Waalre, omdat dit bijdraagt aan een zorgvuldige, transparante en rechtmatige belangenafweging;

- dit in het belang is van de verkeersveiligheid en het doelmatig gebruik van de openbare ruimte;

- dit in het belang is van de eigenaar of houder van het voertuig om te weten hoe wij omgaan met het wegslepen, bewaren en teruggeven van voertuigen;

- de beleidsregel zorgt voor eenduidigheid en voorspelbaarheid; en

- de beleidsregel zorgt voor gelijke behandeling in gelijke gevallen.

 

gelet op de artikelen 4:81, eerste lid, 4:83 en 1:3, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht;

 

besluit vast te stellen de volgende beleidsregel:

 

Hoofdstuk 1 . Begripsbepalingen

 

Paragraaf 1 . Begrippen

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

  • a.

    bevoegde functionaris: de gemandateerde parkeercontroleur, de gemandateerde juridisch adviseur vergunningen, toezicht en handhaving, de gemandateerde toezichthouder van de gemeente Waalre, gemandateerde buitengewoon opsporingsambtenaren en/of de gemandateerde executieve politieambtenaar.

  • b.

    buitengewoon opsporingsambtenaar: ambtenaar in dienst van de gemeente Waalre bevoegd tot het toepassen van bestuursdwang met betrekking tot de wegsleepverordering gemeente Waalre of haar rechtsopvolgers.

  • c.

    berger: het wegsleepbedrijf zoals opgenomen in artikel 3 van de wegsleepverordening gemeente Waalre of haar rechtsopvolgers.

  • d.

    rechthebbende: de eigenaar of houder van een voertuig.

  • e.

    bewaarder: het wegsleepbedrijf zoals opgenomen in artikel 3 van de wegsleepverordening gemeente Waalre of haar rechtsopvolgers.

  • f.

    wegsleepverordening: Wegsleepverordening gemeente Waalre of haar rechtsopvolgers.

  • g.

    College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre.

Hoofdstuk 2. Aantreffen foutief geparkeerd voertuig

 

Paragraaf 2.1. Algemeen

Wegslepen is een bijzondere vorm van bestuursdwang, waarvoor de wettelijke regels wat betreft bestuursdwang van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing zijn.

De procedure betreffende de wegsleepregeling start met het aantreffen van een fout geparkeerd voertuig. Onder “voertuigen” wordt naar de motorvoertuigen onder meer verstaan: fietsen, bromfietsen, scooters, invalidenvoertuigen en aanhangwagens.

De eerste afweging die dan moet worden gemaakt, is of de aangetroffen situatie wegsleepwaardig is. Een voertuig is wegsleepwaardig, indien er een verkeersregel wordt overtreden én het wegslepen van het voertuig noodzakelijk is in verband met het belang van:

  • 1.

    De veiligheid op de weg en/of;

  • 2.

    De vrijheid van het verkeer en/of;

  • 3.

    Het vrijhouden van de wegen of weggedeelten, zoals aangewezen in het ‘Besluit wegslepen van voertuigen’ (Staatsblad 2001, nr. 353) en waarop de gemeentelijke wegsleepverordening van toepassing is.

Daarnaast is een voertuig wegsleepwaardig, indien er sprake is van overtreding van de Algemeen Plaatselijke Verordening gemeente Waalre.

Ingevolge artikel 170, eerste lid, sub c van de Wegenverkeerswet 1994, juncto artikel 3 van het (staats)besluit, juncto artikel 2 van de wegsleepverordering, kan in de gemeente Waalre van alle wegen en weggedeelten worden weggesleept.

Paragraaf 2.2. Geen Mulder-traject na wegslepen

De wetgever zet in de memorie van toelichting uiteen, dat van het instellen van een strafvervolging, dan wel het opleggen van een sanctie ingevolge de Wet Mulder, kan worden afgezien, omdat de overtreder ten gevolge van het wegslepen van het voertuig al genoeg ‘gestraft’ is. Er wordt niet echt gestraft want het doel van het wegslepen is een einde maken aan een verboden gedraging en niet zozeer het bestraffen van de bestuurder. De overtreder wordt met het toepassen van deze vorm van bestuursdwang wel geconfronteerd met hoge kosten en kan dit als straf ervaren. Op het moment er besloten wordt om een voertuig weg te slepen, dan wordt door de bevoegde functionaris geen Mulder-traject opgestart, tenzij de parkeerovertreding zo ernstig is – als gevolg van de overtreding is bijvoorbeeld een omvangrijke schade ontstaan.

Paragraaf 2.3. Noodzaak

Het aantreffen van een fout geparkeerd voertuig op een aangewezen weg of weggedeelte, als bedoeld in artikel 2 van het Besluit wegslepen van voertuigen, is in beginsel voldoende is om de wegsleepverordening toe te passen. De veiligheid op de weg of de vrijheid van het verkeer hoeft dan niet tevens in het geding te zijn. Wel moet de noodzaak in zekere mate duidelijk zijn. Deze noodzaak wordt aangetoond door de bevoegde functionaris in het proces-verbaal van constatering.

Paragraaf 2.4. Actie

Alleen een bevoegde functionaris is bevoegd actie te ondernemen na het constateren van de overtreding. Indien er sprake is van een wegsleepwaardige situatie, wordt de wegsleep- en bewaarprocedure in gang gezet. Deze procedure wordt hierna beschreven. Alvorens wordt overgegaan tot deze procedure probeert de bevoegde functionaris eerst te achterhalen wie de rechthebbende van het voertuig is en probeert de wegsleepwaardige situatie zoveel als mogelijk minnelijk op te lossen voor zover het in de macht van de bevoegde functionaris ligt om het minnelijk op te lossen. Het ligt bijvoorbeeld niet in de macht van bevoegde functionaris als blijkt dat de rechthebbende van het voertuig buiten de gemeentegrenzen woonachtig is of verblijft, er geen rechthebbende bekend is of als de situatie vanwege de vereiste spoed zich verzet tegen een minnelijke oplossing.

Paragraaf 2.5. Waarnemingstijd

Alvorens door een bevoegde functionaris een voertuig wordt weggesleept, wordt een waarnemingstijd gehanteerd om de overtreding daadwerkelijk vast te kunnen stellen.

Verbod stil te staan

Geen waarnemingstijd nodig

Parkeerverboden

De waarnemingstijd bedraagt tien minuten voordat er kan worden geconstateerd dat er sprake is van parkeren.

Parkeren op laad- en loshavens

De waarnemingstijd bedraagt tien minuten gedurende welke geen laad- en losactiviteiten worden geconstateerd. Pas daarna wordt geconstateerd dat er sprake is van parkeren.

Hoofdstuk 3. Procedure

 

Paragraaf 3.1. Besluit bestuursdwang

Stap 1

De bevoegde functionaris komt ter plaatse en constateert een wegsleepwaardige situatie aan. De bevoegde functionaris neemt telefonisch contact op met de berger. De bevoegde functionaris blijft te allen tijde wachten in de nabijheid van het voertuig voor de komst van de berger. De bevoegde functionaris maakt een verslag en foto’s van de aangetroffen wegsleepwaardige situatie. Op de foto moet de overtreding zoveel mogelijk zichtbaar zijn. Hierdoor kan het nodig zijn dat meerdere foto’s worden gemaakt. Deze foto’s worden in het verslag gezet.

Stap 2

Na de komst van de berger met een takelwagen, maakt de berger een (digitale) foto van de situatie. Op de foto moet de overtreding zoveel mogelijk zichtbaar zijn. Hierdoor kan het nodig zijn dat meerdere foto’s worden gemaakt. De foto’s worden in het bewaringsregister van de berger/bewaarder opgenomen.

Stap 3

De bevoegde functionaris vult een blanco exemplaar van het ‘Besluit tot toepassing bestuursdwang wegslepen en opslaan voertuig’ en maakt hier onverwijld een kopie van. Het origineel is bestemd voor de eigenaar/houder van het voertuig en wordt onverwijld per aangetekende post naar de eigenaar/houder verstuurd. De eigenaar/houder is in ieder geval de persoon die volgens de Rijksdienst voor het wegverkeer (RDW) de eigenaar is. Naar deze persoon wordt eveneens per aangetekende post de last verstuurd.

Stap 4

De berger vult alvorens de werkzaamheden van het meevoeren starten, de vrachtbrief in. Op dit formulier wordt eventuele schade aan het voertuig genoteerd. Dit document wordt ondertekend door zowel een medewerker van de berger als de bevoegde functionaris. De vrachtbrief wordt in het bewaringsregister opgenomen.

Stap 5

Na aankomst op de bewaarplaats controleert de berger het voertuig nogmaals op beschadigingen en maakt indien nodig een (digitale) foto. De bevindingen worden eveneens ingevuld op de vrachtbrief. Het voornoemde wordt opgenomen in het bewaringsregister.

Paragraaf 3.2. Buitenlands kenteken

In de meeste gevallen is het voor het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre niet mogelijk een eigenaar van een voertuig met een buitenlands kenteken te achterhalen omdat het college geen toegang heeft tot het buitenlandse kentekenregister. In dat geval vindt publicatie van het besluit tot toepassing bestuursdwang wegslepen en opslaan voertuig plaats op de gemeentelijke website en in het huis-aan-huisblad van de gemeente Waalre. Zodra bekend is wie de eigenaar/houder van het voertuig is, wordt het originele besluit alsnog bekend gemaakt via aangetekende post.

Indien het college niet bekend wordt wie eigenaar is, gaat paragraaf 5.3 alsnog in.

Paragraaf 3.3. Schade

In verband met de schadevergoedingsplicht van de gemeente op grond van artikel 172, lid 8 van de Wegenverkeerswet 1994 moet het weg te slepen voertuig zorgvuldig worden gecontroleerd op reeds aanwezige schade. De schade wordt genoteerd in de vrachtbrief en gefotografeerd. Ook schade, die wordt veroorzaakt tijdens het bevestigen in het juk of tijdens het overbrengen moeten worden genoteerd en gefotografeerd.

Paragraaf 3.4. Sleepfasen en de daarmee samenhangende kosten

Het wegslepen van voertuigen is te verdelen in drie fasen, welke hun eigen kosten meebrengen.

Fase 1

Een wegsleepvoertuig is besteld. Er is sprake van een onvolledige berging indien de eigenaar/houder/bestuurder van het voertuig ter plaatse komt, voordat het wegsleepvoertuig ter plaatse is en de eigenaar/houder/bestuurder het voertuig wil verplaatsen.

 

De voorrijkosten worden aan de eigenaar/houder/bestuurder worden doorbelast. Deze krijgt 15 minuten de tijd om de betaling te voldoen. Daarna volgt alsnog afsleep van het voertuig naar de bewaarplaats en is de eigenaar/houder/bestuurder de volledige wegsleepvergoeding verschuldigd, mogelijk vermeerderd met toeslagen en bewaarkosten.

Fase 2

De takelwagen is ter plaatse en het voertuig bevindt zich op de lepel van de takelwagen en is vastgesjord. Vanaf dat moment is er sprake van een volledige berging. De eigenaar/houder/bestuurder komt ter plaatse en wil het voertuig verplaatsen.

 

De voorrijkosten worden aan de eigenaar/houder/bestuurder worden doorbelast. Deze krijgt 15 minuten de tijd om de betaling te voldoen. Daarna volgt alsnog afsleep van het voertuig naar de bewaarplaats en is de eigenaar/houder/bestuurder de volledige wegsleepvergoeding verschuldigd, mogelijk vermeerderd met toeslagen en bewaarkosten.

Fase 3

Het voertuig is weggesleept en overgebracht naar de bewaarplaats.

 

Teruggave kan slechts plaatsvinden aan de eigenaar of houder of gemachtigde van het voertuig, na betaling van de volledige kosten: de wegsleepkosten en de kosten van bewaring.

Hoofdstuk 4. Bewaren van voertuigen

 

Paragraaf 4.1. Aanvang van het bewaren

Het is belangrijk te weten wanneer er een aanvang is gemaakt met het bewaren van een voertuig. Aan het bewaren van een voertuig zijn verhaalbare bewaarkosten verbonden. Het tijdstip van bewaren van een weggesleept voertuig gaat in op het moment dat het voertuig van het wegsleepvoertuig is losgekoppeld op de plaats van bewaring.

Paragraaf 4.2. Plaats van het bewaren

Het bewaren geschiedt op de daarvoor bestemde plaatsen. In de Wegsleepverordening gemeente Waalre is in artikel 4 bepaald dat de plaats van bewaring Van Eijck Mobility B.V. is. Dit bedrijf is gevestigd aan de Langendijk 5 te Eindhoven.

Hoofdstuk 5. Teruggave van voertuigen

 

Paragraaf 5.1. Betaling van de kosten

Voordat een voertuig kan worden teruggeven dienen alle kosten, genoemd artikel 5 van de Wegsleepverordening, te zijn voldaan. Bij de bewaarder kan middels een (mobiel) pinapparaat met vrijwel elke reguliere betaalpas of creditcard betaald worden. Ook is het mogelijk om contant te betalen bij de bewaarder. De bewaarder is niet in staat om wisselgeld terug te geven. Bij een contante betaling dient er sprake te zijn van een gepaste betaling.

Indien de rechthebbende van het voertuig weigert om de kosten zoals opgenomen in artikel 5 van de Wegsleepverordening te voldoen, dan wordt het voertuig niet meegegeven. Het college heeft het recht van retentie. Dat houdt in dat het college het recht heeft om het voertuig van de rechthebbende onder zich kan houden totdat deze de betalingsverplichting nakomt. Het college weigert de teruggave van het voertuig totdat de openstaande schuld volledig is voldaan. Slechts in uitzonderlijke gevallen, kan het college afwijkende afspraken maken.

Indien noodzakelijk, kan er ook een betalingsregeling worden gesloten met het college. Het college neemt in die situatie de geldschuld over van de bewaarder en de rechthebbende betaald vervolgens de openstaande schuld aan het college zoals overeengekomen. De voorwaarden voor een betalingsregeling zijn:

  • 1.

    een betalingsregeling is mogelijk wanneer men (tijdelijk) moeite heeft om een factuur of schuld in één keer te betalen;

  • 2.

    het voertuig kan enkel in tarieftijd 1 opgehaald worden;

  • 3.

    men dient zo snel mogelijk voor het ophalen van het voertuig contact op te nemen met het college;

  • 4.

    men dient aantoonbaar niet in staat te zijn om in één keer te betalen;

  • 5.

    men dient een redelijk voorstel te doen waarbij men minimaal één keer in de maand een bedrag overmaakt; en

  • 6.

    er is geen sprake van herhaald wanbetalingsgedrag of eerder gebroken regeling bij de gemeente bekend.

Het college brengt de bewaarder onverwijld op de hoogte na het afspreken van een betalingsregeling.

Paragraaf 5.2. Teruggave van het weggesleepte voertuig

Afhalen van een voertuig op de bewaarplaats is mogelijk na het maken van een afspraak bij de bewaarder. Als het ophalen buiten tarieftijd 1 plaatsvindt is er een aanvullende afgiftevergoeding verschuldigd. De eigenaar/houder/gebruiker van het voertuig dient zich te legitimeren als rechtmatige eigenaar/houder/gebruiker van het voertuig. Ook is het mogelijk zich te laten machtigen door de eigenaar/houder/gebruik van het voertuig.

Paragraaf 5.3. Niet afgehaalde voertuigen

Indien een voertuig niet binnen 48 uur afgehaald, dan laat de bewaarder een onderzoek instellen naar de eigenaar/houder van het voertuig. Zodra die bekend is, stuurt het college aan de eigenaar/houder van het voertuig binnen 7 dagen, per aangetekend schrijven een kennisgeving van het besluit tot toepassen van bestuursdwang ex. paragraaf 3.1. In de kennisgeving wordt vermeldt:

  • 1.

    gepleegde overtreding;

  • 2.

    het in bewaring nemen van het voertuig;

  • 3.

    de voorwaarden waaraan voldaan moet zijn om het voertuig terug te krijgen.

Na een bewaartijd van 7 dagen kan het voertuig, in opdracht van de bewaarder, worden overgebracht naar een andere bewaarplaats. De kosten zijn kosten van bewaring. De berger informeert de rechthebbende conform artikel 5:30 Algemene wet bestuursrecht over deze verplaatsing.

Ingeval een voertuig niet binnen 13 weken is opgehaald, dan wel indien de kosten van overbrenging, bewaring, e.d. hoger worden dan de waarde van het voertuig, kan het voertuig worden verkocht, weggegeven e.d. vanaf 14 dagen na het uitgaan van de kennisgeving van dit besluit van het college aan de rechthebbende. De bewaarder draagt namens het college zorg voor de bewaring en eventuele verkoop van het voertuig. De gemeente Waalre krijgt de opbrengst van de verkoop. Een in bewaring gesteld voertuig wordt niet verkocht, om niet in eigendom overgedragen of vernietigd dan nadat een beëdigd taxateur een rapport betreffende de waarde heeft opgemaakt.

Hoofdstuk 6. Rechtsmiddelen

 

Paragraaf 6.1. Karakter bestuursdwang

Een beslissing tot toepassing van bestuursdwang, dat wil in dit geval zeggen het toepassen van de wegsleepverordening als bedoeld in artikel 170, lid 1 Wegenverkeerswet 1994, wordt op schrift gesteld door de bevoegde functionaris. Deze schriftelijke beslissing is een beschikking, zie artikel 5:24 lid 1 Awb. Hiervoor is een model ontwikkeld, te weten: ‘Besluit tot toepassing bestuursdwang wegslepen en opslaan voertuig.’ Ingevolge artikel 5:24, lid 2 Algemene wet bestuursrecht moet de beschikking vermelden welk voorschrift is overtreden.

Elke beschikking is een besluit, waartegen op grond van artikel 7:1 Algemene wet bestuursrecht bezwaar openstaat. In het Besluit tot toepassing bestuursdwang wegslepen en opslaan voertuig, dat wordt bekendgemaakt aan de rechthebbende, staat vermeld dat iedere belanghebbende tegen het genomen besluit bezwaar kan maken. Tevens vermeldt het besluit aan welke voorwaarden het bezwaarschrift moet voldoen.

Paragraaf 6.2. Bezwaar- en beroepsmogelijkheden

De rechthebbende kan zijn bezwaren tegen het toepassen van de bestuursdwang - in casu de wegsleepverordening op grond van artikel 170, lid 1, WVW 1994 – binnen zes weken na dagtekening van de beschikking tot het toepassen van bestuursdwang richten aan het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre, Postbus 10.000, 5580 GA Waalre. Tegen het besluit op bezwaar van het college staat beroep open bij de rechtbank met de mogelijkheid van hoger beroep op de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.

Indien een rechthebbende het e.a. niet kan afwachten, kan hij een verzoek om voorlopige voorziening vorderen bij de Rechtbank Oost-Brabant, locatie ’s-Hertogenbosch, team voorlopige voorzieningen. De rechthebbende dient te allen tijde een bodemprocedure te hebben opgestart.

Hoofdstuk 7. Inwerkingtreding en citeertitel

 

  • 1.

    Deze beleidsregel treedt in werking op de dag na bekendmaking hiervan in het elektronisch Gemeenteblad.

  • 2.

    Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel wegslepen, bewaren en teruggave van voertuigen gemeente Waalre.

 

 

 

 

 

 

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre tot vaststelling van beleidsregel voor de uitvoering van de Wegsleepverordening gemeente Waalre

 

Beleidsregel wegslepen, bewaren en teruggave van voertuigen gemeente Waalre

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre in de vergadering van dinsdag 20 januari 2026.

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Waalre,

Gemeentesecretaris, Burgemeester,

mr. drs. R.L. Franken de heer M.F. Oosterveer

Naar boven