Gemeenteblad van Lingewaard
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lingewaard | Gemeenteblad 2026, 283069 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Lingewaard | Gemeenteblad 2026, 283069 | beleidsregel |
Interventiebeleid Alcoholwet gemeente Lingewaard 2026
Paragraaf 1.1 Algemeen en doel
Sinds 1 januari 2013 zijn de gemeenten aan zet als het gaat om de uitvoering toezicht van de Alcoholwet. Voorheen was dat de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. De Alcoholwet is gericht op alcoholmatiging (met name onder jongeren) en het effectief terugdringen van alcoholgerelateerde overlast en verstoring van de openbare orde en veiligheid.
Het is van belang dat de gemeente bij de niet-naleving van de Alcoholwet, naast waarschuwen, ook verdere sancties kan inzetten om naleving zo nodig af te dwingen en om herhaling van overtreding(en) te voorkomen. Dit Interventiebeleid Alcoholwet is een belangrijk onderdeel van de handhaving van de Alcoholwet. De burgemeester legt hiermee vast hoe de gemeente Lingewaard reageert als zij constateert dat regels uit de Alcoholwet of voorschriften, verbonden aan een Alcoholwetvergunning of -ontheffing, niet worden nageleefd. Overtredingen kunnen onder meer tijdens een controle aan het licht komen, maar bijvoorbeeld ook bij de actualisatie van een vergunning of bij een check van gegevens bij de Kamer van Koophandel.
Bij dit Interventiebeleid hoort ook het Stappenplan overtredingen Alcoholwet gemeente Lingewaard 2026. Daarin staan de sancties die de burgemeester, afhankelijk van de specifieke overtreding, in beginsel oplegt na een overtreding en bij herhaling(en) van diezelfde overtreding. Zo komt men te weten bij welke overtreding men welke reactie kan verwachten en wat de eventuele vervolgstappen zijn in het traject.
De wettelijke basis voor dit Interventiebeleid zijn de Alcoholwet, het Alcoholbesluit en de Alcoholregeling. De wettelijke bevoegdheid tot het doen naleven van wetten en regels is gelegen in artikel 125 van de Gemeentewet en in hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht, met name in de artikelen 5:4, 5:21 en 5:32. Voor de naleving van de Alcoholwet en bijbehorende regelingen is de burgemeester het bevoegd gezag.
De burgemeester kan op grond van artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) beleidsregels vaststellen. Door het vaststellen van beleidsregels geeft de burgemeester duidelijkheid aan alle betrokken partijen over hoe de gemeente Lingewaard invulling geeft aan de bevoegdheid tot het doen naleven van de Alcoholwet en bijbehorende regelgeving.
Een bestuurlijke- of strafrechtelijke sanctie met als doel om de overtreder leed toe te voegen. Mogelijke bestraffende sancties zijn:
Bestuurlijke boete opgelegd door de burgemeester na het opstellen van een boeterapport.
Straf opgelegd door de strafrechter of het Openbaar Ministerie na indienen van een proces-verbaal.
Bestraffende sanctie, inhoudende een onvoorwaardelijke verplichting tot betalingen van een geldsom. De hoogte van de boete is opgenomen in de bijlage bij het Alcoholbesluit.
Het rapport waarin de toezichthouder de overtreding(en) vastlegt.
Buitengewoon opsporingsambtenaar (BOA)
De beëdigde ambtenaar met een specifieke opsporingsbevoegdheid, inhoudende te onderzoeken of er bepaalde strafbare feiten zijn gepleegd, verdachten aanhouden, identiteit controleren, processen-verbaal opmaken en boetes uitschrijven.
Het beoordelen van (bedrijfs)processen en/of zaken om vast te stellen of deze voldoen aan de gestelde wettelijke voorschriften.
De bevindingen van een uitgevoerde (her)controle.
Het door de bevoegde toezichthouder of buitengewoon opsporingsambtenaar controleren op de naleving van wettelijke voorschriften en het opsporen van overtredingen van wettelijke voorschriften, waaronder het proberen te voorkomen van (herhaling van) overtredingen.
Een hercontrole is een controle die volgt op een eerdere controle waarbij de toezichthouder een overtreding constateerde en het noodzakelijk is bij een volgende controle na te gaan of de overtreder voldoende maatregelen heeft genomen en de overtreding heeft beëindigd of vast te stellen wat de omvang van de overtreding is.
Een bestuurlijke sanctie die strekt tot het geheel of gedeeltelijk ongedaan maken of beëindigen van een overtreding, tot het voorkomen van herhaling van een overtreding dan wel tot het wegnemen of beperken van de gevolgen van een overtreding.
Er is sprake van herhaling als er eerder vanwege dezelfde overtreding een onherroepelijke sanctie, boete of straf is opgelegd.
Het tijdens een (her)controle opnieuw vaststellen van dezelfde overtreding waarvoor de burgemeester een sanctie oplegde in de twee jaar voor de dag van de hercontrole.
Een bestuurlijke sanctie die strekt tot het geheel of gedeeltelijk ongedaan maken of beëindigen van een overtreding, tot het voorkomen van herhaling van een overtreding, dan wel tot het wegnemen of beperken van de gevolgen van een overtreding. Mogelijke herstellende sancties zijn:
Bestuurlijke waarschuwing (mondeling of schriftelijk);
Het door de toezichthouder of buitengewoon opsporingsambtenaar onder zich nemen of gaan houden van daarvoor vatbare voorwerpen voor de strafvordering.
Het beleid dat de burgemeester toepast om geconstateerde overtredingen te laten stoppen en in de toekomst te voorkomen, rekening houdend met:
De ernst van de overtreding, de houding en het gedrag van de overtreder; en
De risico’s van het proces en het product waarmee de overtreder zich bezighoudt.
De herstelsanctie, inhoudende een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding en de bevoegdheid van het bestuursorgaan om de last door feitelijk handelen ten uitvoer te leggen indien de last niet of niet tijdig wordt uitgevoerd.
De herstelsanctie, inhoudende een last tot geheel of gedeeltelijk herstel van de overtreding en de verplichting tot de betaling van een geldsom indien de last niet of niet tijdig wordt uitgevoerd.
Een mededeling (mondeling of schriftelijk) van een door de toezichthouder geconstateerde overtreding waarop de gemeente geen interventie toepast. Daarbij behorende gemaakte afspraken worden bij voorkeur schriftelijk bevestigd.
Informatie die voor de toezichthouder of buitengewoon opsporingsambtenaar relevant kan zijn bij het toezicht houden en/of handhaven.
Een mondelinge mededeling aan een overtreder van de geconstateerde overtreding. De toezichthouder registreert: de overtreder, de overtreding met het wetsartikel, de gegeven nalevingshulp, en de vervolgsanctie bij een eventuele volgende constatering en de termijn waarop hercontrole zal plaatsvinden. Een waarschuwing is geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht.
Het geven van informatie en ondersteuning om te helpen met het begrijpen en (bevorderen van het) naleven van de wettelijke regels. En het geven van uitleg over wettelijke voorschriften waarvan de handhaving bij de burgemeester ligt.
Het onderzoek naar strafbare feiten door de buitengewoon opsporingsambtenaar onder leiding van de Officier van Justitie. Anders dan bij toezicht houden is er een redelijk vermoeden nodig dat er een overtreding zal plaatsvinden of heeft plaatsgevonden.
De natuurlijke persoon of rechtspersoon die een overtreding pleegt of medepleegt.
Een gedraging die in strijd is met het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift.
Een proces-verbaal is een door de buitengewoon opsporingsambtenaar ondertekend verslag van een handeling, bevinding of proces. Uitsluitend door de Minister van Veiligheid en Justitie aangewezen buitengewoon opsporingsambtenaren zijn bevoegd om overtredingen strafrechtelijk op te sporen (artikel 142 Wetboek van Strafvordering en artikel 17 Wet op de economische delicten) en de daaraan verbonden maatregel(en) te nemen (opmaken proces-verbaal).
Elk instrument dat de burgemeester gebruikt om naleving van wettelijke voorschriften te bevorderen met als doel voorkomen, beëindigen, bestraffen en/of afschrikken.
Een schriftelijke mededeling aan de overtreder van een geconstateerde overtreding. In de brief staat: de overtreder, de overtreding met het wetsartikel, de gegeven nalevingshulp, de eventuele termijn voor het opheffen van de overtreding, de vervolgsanctie bij een eventuele volgende constatering en de termijn waarop hercontrole zal plaatsvinden. Een waarschuwing is geen besluit in de zin van de Algemene wet bestuursrecht.
Het verzamelen van informatie, het nemen en onderzoeken van monsters en het beoordelen van de verzamelde informatie en de resultaten van monsteronderzoek, en op grond daarvan vaststellen of er sprake is van een overtreding van een wettelijk voorschrift en eventueel naar aanleiding daarvan interveniëren. Toezicht wordt uitgevoerd op die plaatsen waar en waarvoor de aan de toezichthouder Alcoholwet opgedragen wettelijke voorschriften van toepassing zijn.
De bevoegde medewerker die controles uitvoert en toezicht houdt op de naleving van het bepaalde bij of krachtens enig wettelijk voorschrift.
Het uitgangspunt is dat de burgemeester bestuursrechtelijk optreedt tegen overtredingen, tenzij toepassing van het strafrecht wettelijk verplicht is of bestuursrechtelijke handhaving niet mogelijk is. Ook in dit laatste geval, wordt het strafrecht toegepast indien mogelijk. De bestuursrechtelijke handhaving betekent dat de burgemeester herstellend en eventueel bestraffend optreedt (paragraaf 3.2). Ook wordt nalevingshulp gegeven. Verder is er een grote rol weggelegd voor ondernemers, paracommerciële rechtspersonen en organisatoren van evenementen zelf. Zij hebben een eigen verantwoordelijkheid om de regels van de Alcoholwet na te leven. De gemeente zal hen stimuleren en de ruimte geven om zelf maatregelen te treffen om de naleving van de Alcoholwet te verbeteren.
Bij het beoordelen van een overtreding en het bepalen van de juiste interventie houdt de burgemeester in ieder geval rekening met:
De burgemeester kan gemotiveerd afwijken van het Stappenplan overtredingen Alcoholwet en maatwerk toepassen als de specifieke omstandigheden van het geval daartoe aanleiding geven. De sancties zijn bij herhaling van de overtredingen oplopend van aard. Bij de sancties is rekening gehouden met de ernst van de overtreding en de mogelijke risico’s (bij herhaling) van de overtreding, zoals deze zich in het algemeen naar verwachting zullen voordoen.
Sancties worden toegepast per natuurlijke- en/of rechtspersoon. Als binnen twee jaar na een geconstateerde overtreding de overtreding opnieuw wordt begaan, past de burgemeester de volgende stap uit het Stappenplan overtredingen Alcoholwet toe. Vinden er binnen twee jaar na een overtreding geen nieuwe overtredingen plaats, dan begint de ondernemer of organisator met een schone lei.
In het geval dat een inrichting al is geopend, terwijl een vergunningsaanvraag is ingediend, maar de burgemeester nog geen besluit op die aanvraag heeft genomen, zal in ieder geval per zaak een individuele afweging plaatsvinden. Bij deze afweging betrekt de burgemeester of er op korte termijn concreet zicht op legalisatie is.
Overtredingen die zijn begaan vóór de vaststelling van dit vernieuwde Interventiebeleid en waarvoor een schriftelijke waarschuwing is opgelegd of een boeterapport is opgemaakt, worden meegerekend in dit Stappenplan, voor zover deze minder dan twee jaar voor de inwerkingtreding van dit Interventiebeleid zijn uitgereikt.
Hoofdstuk 3 Toezicht en handhaving
Paragraaf 3.1 Categorieën overtredingen
Overtredingen zijn ingedeeld in drie categorieën naar de ernst van de overtreding. Het gaat dan om lichte overtredingen, overtredingen en ernstige overtreding. Hierbij kan sprake zijn van herhaling.
Een lichte overtreding is een handelen, gedragen of nalaten in strijd met daarop van toepassing zijnde wettelijke voorschriften, die niet, ook niet bij herhaling, leiden tot een (ernstige) overtreding.
Een overtreding is een handelen, gedragen of nalaten in strijd met daarop van toepassing zijnde wettelijke voorschriften dat:
Een ernstige overtreding is een handelen, gedragen of nalaten in strijd met wettelijke voorschriften dat:
Overigens verwijst het Stappenplan ook naar boetecategorie A, B of C. Deze categorieën komen uit het Alcoholbesluit, dat een eigen driedeling in beboetbare gedragingen maakt:
Zoals hiervoor benoemd, handelt de burgemeester overtredingen van de Alcoholwet over het algemeen niet strafrechtelijk, maar bestuursrechtelijk af. De te nemen maatregelen per artikel van de Alcoholwet zijn stapsgewijs genoemd in de tabel in het Stappenplan overtredingen Alcoholwet. Het Stappenplan heeft als doel dat de burgemeester op een eenduidige wijze toezicht houdt en handhaaft op (mogelijke) overtredingen van de Alcoholwet.
Voor de keuze van interventies gelden in beginsel de volgende uitgangspunten op basis van de ernst van de overtreding:
Bij overtreding: er wordt eerst een schriftelijke waarschuwing1 gegeven en de mogelijkheid tot herstel geboden. Er wordt passende nalevingshulp geboden en een hercontrole uitgevoerd.
3.2.1 Bestuursrechtelijke sancties
De bestuursrechtelijke middelen zijn de herstelsancties en de bestraffende sanctie op grond van de Algemene wet bestuursrecht. Herstelsancties zijn de last onder bestuursdwang en de last onder dwangsom. De bestraffende sanctie is de bestuurlijke boete. Daarnaast kan de burgemeester op grond van de Alcoholwet de toegang ontzeggen dan wel de vergunning schorsen of intrekken.
Bij het opleggen van een last onder bestuursdwang of een dwangsom of het intrekken of schorsen van de vergunning wordt een voornemen uitgebracht teneinde hoor- en wederhoor toe te passen. De termijn kan uiteenlopen van 3 dagen tot 14 dagen.
Bij de last onder bestuursdwang wordt door of namens de gemeente door feitelijk handelen de overtreding ongedaan gemaakt (artikel 125 Gemeentewet en afdeling 5.3.1 Awb). De kosten van het toepassen van bestuursdwang kunnen worden verhaald op de overtreder.
Hieronder valt bijvoorbeeld het sluiten en verzegelen van gebouwen en terreinen. Een (tijdelijke) sluiting van een locatie gebeurt op grond van de APV, de Alcoholwet en/of artikel 174 Gemeentewet. Als de overtreder geen gevolg geeft aan de last, zal de burgemeester de woning, het lokaal of gebouw ontoegankelijk maken, bijvoorbeeld door andere sloten óp de toegangsdeuren aan te brengen. Veelal zal een sluiting plaatsvinden door de feitelijke handeling van verzegeling (artikel 5:28 Awb). Het doorbreken van het zegel is strafbaar op grond van artikel 199 Wetboek van Strafrecht. Verder staat in artikel 2:41 APV een verbod om gesloten locaties te betreden. Ook de eigenaar kan gedurende de sluiting niet over zijn eigendom beschikken ook al heeft de eigenaar zelf de overtreding niet begaan.
Bij de last onder dwangsom moet onder dreiging van het invorderen van een geldbedrag de overtreding ongedaan worden gemaakt en/of het voortduren dan wel het herhalen moet worden voorkomen. De last kan ook preventief worden opgelegd (artikel 5:7 Awb).
De bevoegdheid van de burgemeester tot het ontzeggen van de toegang tot een ruimte als daar in strijd met de Alcoholwet alcoholhoudende drank wordt verstrekt, staat in artikel 36 Alcoholwet. De personen die daar wonen zijn hiervan uitgezonderd.
Dit is een vorm van toepassing van bestuursdwang. De regels uit de Awb zijn van overeenkomstige toepassing. Dat betekent ook dat de kosten van de toepassing van de bestuursdwang kunnen worden verhaald op de overtreder.
Het schorsen van de vergunning staat in artikel 32 Alcoholwet. Het schorsen van een vergunning is maatwerk en kan alleen bij artikelen waarvoor een facultatieve (niet verplichte) intrekkingsgrond bestaat. De termijn wordt bepaald aan de hand van de omstandigheden van het geval. De burgemeester kan de lengte van de schorsingsperiode afstemmen op de ernst van de overtreding. De schorsing kan ten hoogste twaalf weken duren.
Overigens verleent de burgemeester tijdens een schorsing aan de vergunninghouder geen nieuwe artikel 3-vergunning.
Het intrekken van de vergunning gebeurt op grond van artikel 31 lid 1 Alcoholwet (imperatief) en artikel 31 lid 2 en lid 3 Alcoholwet (facultatief).
De gemeente werkt ook met de bestuurlijke boete als instrument uit de Alcoholwet. In de bijlage van het Alcoholbesluit staan de vastgestelde bedragen van de bestuurlijke boetes. Er moet, op grond van dit besluit, rekening gehouden worden met verhoging van de genoemde bestuurlijke boetebedragen in verband met recidive. In de sanctietabel is aangegeven wanneer de bestuurlijke boete het eerste sanctiemiddel is bij een bepaalde overtreding. De bevoegde toezichthouders kunnen een boeterapport opmaken, als de betreffende artikelen in de Alcoholwet daarin voorzien.
Omdat de bestuurlijke boete een bestraffende sanctie is, geeft een BOA de cautie en geeft hij aan dat de verdachte recht heeft op verhoorbijstand.
De bevoegdheid om een bestuurlijke boete op te leggen, vervalt als de burgemeester aan de vergunninghouder schriftelijke mededeling heeft gedaan van het voornemen om de vergunning in te trekken. De burgemeester kan overtredingen ook niet met een bestuurlijke boete afdoen als:
3.2.2 Strafrechtelijke sancties
In artikel 44a Alcoholwet is bepaald wanneer de burgemeester een bestuurlijke boete mag opleggen en wanneer dat niet mogelijk is. Als de burgemeester bij een bepaalde overtreding niet bevoegd is om een bestuurlijke boete op te leggen, kan via de strafrechtelijke weg worden opgetreden. Overigens kan de burgemeester daarnaast ook een herstelsanctie opleggen. De reden daarvoor is dat een herstelsanctie niet is bedoeld om leed toe te voegen, maar om de overtreding te beëindigen en de rechtmatige situatie te herstellen of om (een herhaling van) een overtreding te voorkomen.
Strafrechtelijk handhaven op een overtreding uit de Alcoholwet gebeurt door het opstellen van een proces-verbaal door de opsporingsambtenaar. Als er sprake is van een vermoeden van een strafbaar feit geeft een opsporingsambtenaar de cautie en geeft hij aan dat de verdachte recht heeft op verhoorbijstand.
Jongeren van 12 tot 18 jaar, die zijn staande gehouden voor artikel 45 van de Alcoholwet, hebben de keuze om naar HALT te gaan. In een HALT-afdoening kunnen jongeren rechtzetten wat zij fout hebben gedaan, zonder dat zij in aanraking komen met het Openbaar Ministerie.
Paragraaf 3.3 Werkwijze controle en hercontrole
De toezichthouder of buitengewoon opsporingsambtenaar beoordeelt bij (een) geconstateerde overtreding(en) de ernst van de overtreding(en) en kijkt daarbij naar de totale bedrijfsvoering van de gecontroleerde onderneming of het gecontroleerde evenement. Deze beoordeling gebeurt op basis van technisch inhoudelijke kennis, kennis van het overtreden wettelijke voorschrift en kennis van dit Interventiebeleid. Hierbij worden de gegevens betrokken van eerdere controles, voor zover die plaatsvonden tot twee jaar voor de dag van (her)controle.
Bij het toezicht op de naleving van het bepaalde in de Alcoholwet en bijbehorende regelgeving maakt de toezichthouder gebruik van de toezichthoudende bevoegdheden uit de Algemene wet bestuursrecht. Het gaat dan om het betreden van plaatsen, het vorderen van identiteitsbewijzen, het vorderen van inlichtingen, het vorderen van inzage in zakelijke gegevens, monsterneming, het onderzoeken van vervoermiddelen en het vorderen van medewerking. Van deze bevoegdheden maakt de toezichthouder slechts gebruik voor zover dat redelijkerwijs noodzakelijk is voor de vervulling van zijn taak.
Naast deze algemene bevoegdheden geeft artikel 42 Alcoholwet de bevoegdheid een woning binnen te treden zonder toestemming van de bewoner als daar bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank aan particulieren wordt verstrekt of daarvan een redelijk vermoeden bestaat.
Tijdens de controle bepaalt de toezichthouder de wettelijke voorschriften waarop de controle betrekking heeft. Hierbij spelen de prioriteiten uit het Handhavingsbeleid van de gemeente een rol. Daarnaast heeft de toezichthouder altijd de bevoegdheid om andere opvallende zaken te betrekken bij zijn controle.
De toezichthouder verzamelt op basis van zijn kennis van zaken en ervaring de relevante feiten en omstandigheden en onderscheidt feiten en omstandigheden. Feiten zijn daden en handelingen die werkelijk plaatsgevonden hebben of niet. Omstandigheden zijn bijzonderheden die verband houden met de vastgestelde feiten.
De toezichthouder beoordeelt de relevante feiten en omstandigheden en bepaalt of er wel of geen sprake is van een overtreding van de wettelijke- en/of vergunningsvoorschriften. Als er geen overtreding is, rondt de toezichthouder de controle af.
Als er een overtreding van de wettelijke- en/of vergunningsvoorschriften is, bepaalt de toezichthouder de status van de overtreding op basis van de ernst van deze overtreding. Dan bekijkt hij op basis van dit Interventiebeleid en bijbehorend Stappenplan wat de categorie van de overtreding is en de daarbij behorende sanctie.
De toezichthouder stelt vast welke herstellende en/of sanctionerende interventie(s) de meest geschikte is of zijn op basis van zijn oordeel over: de status van de overtreding, de verwijtbaarheid, herhaling/onwil, economisch voordeel en de voorgeschiedenis. De toezichthouder past die interventie(s) toe die nodig is (zijn) en maakt indien van toepassing in overleg afspraken over de begunstigingstermijn voor het opheffen van de overtreding.
De toezichthouder bepaalt de overige stappen. Deze kunnen bestaan uit het bieden van nalevingshulp om de betreffende overtreding te doen beëindigen en om herhaling van de overtreding te voorkomen en het afspreken van een termijn voor de hercontrole.
De toezichthouder registreert de controle.
De toezichthouder bewaakt de termijn en neemt de noodzakelijke vervolgstappen, zoals in dit Interventiebeleid staat en met de ondernemer/organisatie/overtreder is afgesproken.
|
Zonder daartoe strekkende vergunning van de burgemeester het horecabedrijf of slijtersbedrijf uitoefenen hangende de eerste aanvraag |
Last onder dwangsom (geen alcohol verstrekken) Let op: het schenken van alcohol in de lokaliteit moet direct zijn gestaakt |
Een aanschrijving bestuursdwang of dwangsom kan niet de verplichting hebben een Alcoholwet vergunning aan te vragen. Het moet gaan om het beëindigen van de overtreding. |
||||||
|
Zonder daartoe strekkende vergunning van de burgemeester het horecabedrijf of slijtersbedrijf uitoefenen als geen aanvraag is ingediend, de aanvraag buiten behandeling is gelaten of de vergunning is geweigerd, geschorst of ingetrokken |
Last onder bestuursdwang (direct sluiten) Let op: het schenken van alcohol in de lokaliteit moet direct zijn gestaakt |
Het verbreken van een verzegeld pand (artikel 5:28 Awb) wordt als misdrijf bestraft op grond van de artikelen 199 en 202 Wetboek van Strafrecht. De gemeente kan aangifte doen. |
||||||
|
Niet voldoen aan de regels gesteld in de paracommerciële verordening (APV) |
||||||||
|
Ontheffing of afschrift ervan niet aanwezig in de inrichting |
||||||||
|
Verplichting tot intrekken vergunning volgt uit artikel 31 lid 1 sub b. |
||||||||
|
Registratie barvrijwilligers niet bijgehouden en/of registratie of een afschrift ervan niet aanwezig in de inrichting |
||||||||
|
Bestuursreglement of afschrift van het bestuursreglement niet aanwezig in de inrichting |
||||||||
|
Inrichting voldoet niet (meer) aan één of meer van de gestelde eisen |
Verplichting tot intrekken vergunning volgt uit artikel 31 lid 1 sub b. |
|||||||
|
Het verstrekken van alcoholhoudende drank op andere gedeelten van de openbare weg, dan die waar dat verstrekken door de burgemeester uitdrukkelijk is toegestaan |
||||||||
|
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik ter plaatse anders dan in een in de vergunning vermelde horecalokaliteit of vermeld terras (behalve hotelkamers, voor zover de alcohol wordt verstrekt vanuit de horecalokaliteit in het hotel) |
||||||||
|
Verbod op verstrekken van sterke drank voor gebruik elders dan ter plaatse anders dan in een in de vergunning vermelde slijtlokaliteit |
||||||||
|
Verbod op verstrekken alcoholhoudende drank in een horecalokaliteit of op een terras voor gebruik elders dan ter plaatse |
||||||||
|
Verbod op verstrekken alcoholhoudende drank in een slijtersbedrijf voor gebruik ter plaatse zonder verzoek klant om in het slijtersbedrijf regulier verkrijgbare alcoholhoudende drank te proeven |
||||||||
|
Verbod (toelaten) andere bedrijfsactiviteiten in slijtersbedrijf |
||||||||
|
Verbod (toelaten) kleinhandel of zelfbedieningsgroothandel of in lid 3 genoemde activiteiten in horecalokaliteit of terras m.u.v. de in lid 2 genoemde producten met in achtneming van lid 4 |
||||||||
|
Verboden bedrijfsactiviteiten in lokaliteit behorende bij een horeca inrichting als het publiek uitsluitend toegang heeft tot die lokaliteit door een lokaliteit te betreden waar alcoholhoudende drank aanwezig is, m.u.v. de in lid 2 genoemde producten |
||||||||
|
Voornemen last onder dwangsom (zienswijzentermijn van 14 dagen) |
||||||||
|
162 |
||||||||
|
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse anders dan in gesloten verpakking, die niet zonder kenbare beschadiging kan worden geopend |
||||||||
|
173 |
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse anders dan in gesloten verpakking, die niet zonder kenbare beschadiging kan worden geopend |
|||||||
|
Verbod op verkopen van zwak-alcoholhoudende drank voor gebruik elders dan ter plaatse, m.u.v. de in lid 2 genoemde locaties |
||||||||
|
Geen voor het publiek duidelijk onderscheid tussen zwak-alcoholhoudende drank en alcoholvrije drank |
||||||||
|
Verbod op bestelservice en (doen) afleveren van sterke drank door ander bedrijf dan een slijtersbedrijf of een partijen-cateringbedrijf |
||||||||
|
Verbod op bestelservice en (doen) afleveren van zwak-alcoholhoudende drank anders dan vanuit de in sub a en b genoemde uitzonderingen |
||||||||
|
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende dranken aan een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt dan wel het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, welke drank echter kennelijk bestemd is voor een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt |
||||||||
|
20 lid 14 |
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende dranken aan een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt dan wel het verstrekken van alcoholhoudende drank aan een persoon van wie is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt, welke drank echter kennelijk bestemd is voor een persoon van wie niet is vastgesteld dat deze de leeftijd van 18 jaar heeft bereikt |
|||||||
|
Niet duidelijk zichtbaar en goed leesbaar aangegeven leeftijdsgrens of leeftijdsgrenzen bij de voor het publiek bestemde toegang tot een horecalokaliteit, slijtlokaliteit of een ruimte, zoals benoemd in artikel 18 lid 2 of een vervoermiddel waarin alcoholhoudende drank wordt verstrekt |
||||||||
|
Verbod op aanwezigheid van een persoon in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van andere psychotrope stoffen in een slijt- of horecalokaliteit of op een terras |
||||||||
|
Verbod op dienst doen in kennelijke staat van dronkenschap of kennelijk onder invloed van andere psychotrope stoffen in een slijt- of horecalokaliteit |
||||||||
|
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende drank, als redelijkerwijs moet worden vermoed dat dit zal leiden tot verstoring van de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid |
Verplichting tot intrekken vergunning volgt uit artikel 31 lid 1 sub c. |
|||||||
|
215 |
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende drank, als redelijkerwijs moet worden vermoed dat dit zal leiden tot verstoring van de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid |
|||||||
|
Verbod op verstrekken van alcoholhoudende drank in ruimten, zoals genoemd in sub a, b en c |
||||||||
|
Verbod op voor het publiek geopend houden van een slijt- of horecalokaliteit zonder de aanwezigheid van een leidinggevende die vermeld is op (het aanhangsel bij) de vergunning of van een vereist persoon, zoals benoemd in sub b en c |
||||||||
|
Verbod voor paracommerciële rechtspersonen op het geopend houden van een horecalokaliteit gedurende de tijd dat daar alcoholhoudende drank wordt verstrekt als in de inrichting niet aanwezig is een persoon zoals benoemd in sub a, b of c. |
||||||||
|
Verbod om personen jonger dan 16 jaar dienst te laten doen in een slijt- of horecalokaliteit gedurende de tijd dat daarin dranken worden verstrekt, m.u.v. de gevallen van lid 5 |
||||||||
|
Verbod op aanwezigheid alcoholhoudende drank in een voor het publiek geopende ruimte anders dan een horeca- of slijtersbedrijf, m.u.v. de gevallen van sub a of b |
||||||||
|
Verbod op aanwezigheid alcoholhoudende drank in een voor het publiek geopende ruimte anders dan een horeca- of slijtersbedrijf, m.u.v. de gevallen van sub a of b |
Bij zwak alcoholhoudende drank en in het geval van sterke drank aanwezig bij een artikel 35-ontheffing. |
|||||||
|
Verbod op toelaten van nuttigen alcoholhoudende drank in een voor het publiek geopende ruimte anders dan een horecabedrijf, m.u.v. de genoemde gevallen |
||||||||
|
Verbod op aanwezigheid alcoholhoudende drank in, op of aan een vervoermiddel dat in gebruik is voor het rondtrekkend uitoefenen van kleinhandel, m.u.v. de gevallen van sub a en b |
||||||||
|
Niet aanwezig hebben van (het aanhangsel van) de vergunning in de inrichting |
||||||||
|
Niet binnen één maand melding doen van verandering van de inrichting als deze niet meer voldoet aan de omschrijving in de vergunning |
Verplichting tot intrekken vergunning volgt uit artikel 31 lid 1 sub d. |
|||||||
|
Geen melding van een nieuwe leidinggevende of geen melding dat de aantekening dat een leidinggevende geen bemoeienis heeft met de bedrijfsvoering of exploitatie moet worden doorgehaald |
Verplichting tot intrekken vergunning volgt uit artikel 31 lid 1 sub d. |
|||||||
|
Het bijschrijven van een nieuwe leidinggevende is binnen twee jaar drie keer geweigerd op grond van artikel 8 Alcoholwet en/of artikel 3 Wet Bibob |
||||||||
|
Vrees dat het van kracht blijven van de vergunning gevaar oplevert voor de openbare orde, veiligheid of zedelijkheid |
||||||||
|
Er is sprake van het geval en onder de voorwaarden in artikel 3 van de Wet Bibob |
Voordat de burgemeester de vergunning daadwerkelijk intrekt, kan om een Bibob-advies worden gevraagd. |
|||||||
|
In een periode van twee jaar is de vergunninghouder minimaal drie keer een bijschrijving van een persoon op het aanhangsel bij de vergunning geweigerd |
||||||||
|
Overtreding van gestelde voorschriften en/of beperkingen aan de ontheffing |
||||||||
|
Niet ter plaatse aanwezig hebben van de ontheffing of een afschrift daarvan |
||||||||
|
Verbod op verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens bij de aanvraag voor een vergunning of een ontheffing |
Zie artikel 31 lid 1 sub a, verplichte intrekkingsgrond. De gemeente kan ook aangifte doen van valsheid in geschrifte. Het verstrekken van onjuiste of onvolledige gegevens kan in bijzondere gevallen ook strafrechtelijk worden vervolgd (artikel 1 aanhef onder 4 Wet op de economische delicten). |
|||||||
|
Als natuurlijke persoon of rechtspersoon, die een bedrijf exploiteert als bedoeld in artikel 18 lid 2, in een periode van twaalf maanden driemaal artikel 20 lid 1 overtreden |
Last onder bestuursdwang (ontzeggen van de bevoegdheid om zwak-alcoholhouden-de drank te verkopen vanaf die locatie) |
Facultatieve bevoegdheid met een afweging per geval. Een ontzegging duurt ten minste een week en ten hoogste twee weken (artikel 44 lid 3). |
||||||
|
Verbod voor personen onder de 18 jaar om alcoholhoudende drank aanwezig te hebben of voor consumptie gereed te hebben op voor publiek toegankelijke plaatsen, m.u.v. plaatsen waar bedrijfsmatig of anders dan om niet alcoholhoudende drank wordt verstrekt voor gebruik elders dan ter plaatse en de gevallen van lid 2 |
||||||||
|
Verbod voor personen vanaf 18 jaar om alcoholhoudende drank te verstrekken aan personen onder de 18 jaar op voor publiek toegankelijke plaatsen anders dan bedrijfsmatig |
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-283069.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.