Gemeenteblad van Wierden
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Wierden | Gemeenteblad 2026, 278000 | ruimtelijk plan of omgevingsdocument |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek | Datum ondertekening |
|---|---|---|---|---|
| Wierden | Gemeenteblad 2026, 278000 | ruimtelijk plan of omgevingsdocument |
Deze publicatie bevat verschilmarkering t.o.v. eerdere regelingtekst. Tekst en afbeeldingen die worden toegevoegd zijn onderstreept en groen gemarkeerd, of van een groen kader voorzien. Tekst en afbeeldingen die worden verwijderd zijn doorgestreept en rood gemarkeerd, of van een rood kader voorzien.
De publicatie wordt standaard getoond met verschilmarkering. Door te kiezen voor ‘Was’ of ‘Wordt’ kunt u de voormalige of vernieuwde tekst op zichzelf bekijken.
Toon versie van document
Dit document bevat verschilmarkering t.o.v. eerdere regelingtekst.
Tekst en afbeeldingen die worden toegevoegd zijn onderstreept en groen gemarkeerd, of van een groen kader voorzien. Tekst en afbeeldingen die worden verwijderd zijn doorgestreept en rood gemarkeerd, of van een rood kader voorzien.
Het college van burgemeester en wethouders van Gemeente Wierden heeft, na het lezen van de tekstinhoud van ”Omgevingsplan gemeente Wierden” d.d. 2 juni 2026, het volgende besloten:
Het ontwerp van "Omgevingsplan gemeente Wierden" voor de locatie Rijssensestraat 118-120 in overeenstemming met de aan dit besluit gekoppelde Bijlage A voor zes weken ter inzage leggen.
Aldus besloten door het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Wierden op 2 juni 2026.
Het college van burgemeester en wethouders van Wierden,
Marcel Klos, Secretaris
Nick Hubers, Burgemeester
A
Hoofdstuk 21 wordt geplaatst na hoofdstuk 19. Hoofdstuk 21 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
B
Hoofdstuk 20 wordt geplaatst na hoofdstuk 21. Hoofdstuk 20 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
[Red: Artikel 21.1 verplaatst van paragraaf 21.1.1 naar afdeling 21.1.1. ]
De regels in deze afdelingtitel gaan over de locatie Wijziging De Weustevijver en zijn van toepassing op een voor een regel bepaald werkingsgebied;
De regels in deze afdelingtitel gelden in afwijking van het bepaalde in respectievelijk Hoofdstuk 2 van het "bestemmingsplan Wierden Dorp" en Hoofdstuk 2 van het bestemmingsplan "Buitengebied 2009, herziening 2019 (veegplan 2)" zoals opgenomen in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan (bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet), indien en voor zover de regels met elkaar in strijd zijn.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van deze afdelingtitel.
[Red: Artikel 21.2 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.2.1 naar paragraaf 21.1.2.1. ]
Artikel 21.2 Hoogspanningsverbinding
Ter plaatse van de Gebiedsaanwijzing hoogspanningsverbinding gelden regels ten behoeve van de de bescherming van de aanleg, instandhouding en bescherming van (een) bovengrondse verbinding(en) ten behoeve van het transport van elektriciteit met de daarbij behorende:
[Red: Artikel 21.3 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.2.2.1 naar subparagraaf 21.1.2.2.1. ]
Artikel 21.3 Archeologische verwachtingswaarde
Ter plaatse van de Gebiedsaanwijzing archeologische verwachtingswaarde gelden regels voor het behoud, de bescherming en/of het herstel van de archeologische waarden met daarbijbehorende bouwwerken en voorzieningen.
[Red: Artikel 21.4 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.1 naar subparagraaf 21.1.3.1.1. ]
Artikel 21.4 Toepassingsbereik
Deze afdeling is van toepassing op het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen functies.
[Red: Artikel 21.5 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.1 naar subparagraaf 21.1.3.1.1. ]
Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is met een onder deze afdeling aan een locatie gegeven gebruiksdoel, of op een wijze die in strijd is met de daarop betrekking hebbende regels over gebruik.
[Red: Artikel 21.6 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.1 naar subparagraaf 21.1.3.1.1. ]
Artikel 21.6 Ondergeschikte activiteiten en voorzieningen
Ondergeschikt aan het gebruiksdoel mogen gronden en bouwwerken binnen de functie worden gebruikt voor de volgende bijbehorende activiteiten en voorzieningen:
[Red: Artikel 21.7 verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.2 naar subparagraaf 21.1.3.1.2. ]
Artikel 21.7 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Groen.
[Red: Artikel 21.8 verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.2 naar subparagraaf 21.1.3.1.2. ]
Gronden en bouwwerken binnen de locatie Groen mogen worden gebruikt voor groenvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de toegankelijkheid en beleving van de openbare ruimte. Hieronder wordt in ieder geval begrepen het gebruik van gronden voor groenvoorzieningen, fiets- en/of voetpaden, speelvoorzieningen, parkeervoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de waterberging.
Een ander gebruik is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is geregeld en met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen.
[Red: Artikel 21.9 verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.3 naar subparagraaf 21.1.3.1.3. ]
Artikel 21.9 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Verkeer
[Red: Artikel 21.10 verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.3 naar subparagraaf 21.1.3.1.3. ]
Gronden en bouwwerken binnen de locatie Verkeer mogen worden gebruikt voor verkeerstechnische doeleinden.
Een ander gebruik is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is geregeld en met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen.
[Red: Artikel 21.11 verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.4 naar subparagraaf 21.1.3.1.4. ]
Artikel 21.11 Toepassingsbereik
Deze paragraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Water
[Red: Artikel 21.12 verplaatst van subsubparagraaf 21.1.3.1.4 naar subparagraaf 21.1.3.1.4. ]
Gronden en bouwwerken binnen de locatie Water mogen gebruikt worden voor:
Waterbergingen, waaronder begrepen plassen en vijvers;
Watergangen, waaronder begrepen kanalen, vaarten, waterlopen, waterwegen;
Waterhuishoudkundige voorzieningen;
Voorzieningen voor het keren en beheersen van water;
Extensief recreatief medegebruik, zoals onverharde en (half)verharde wandel-, fiets- en ruiterpaden;
Behoud, herstel en ontwikkeling van de natuurlijke en landschappelijke waarden;
Infrastructurele voorzieningen zoals deze bestonden op het tijdstip van terinzagelegging van dit plan;
Een ander gebruik van gronden en bouwwerken is uitsluitend toegestaan voor zover dit in deze subsubparagraafsubparagraaf is aangegeven en met inachtneming van de daarvoor geldende regels.
[Red: Artikel 21.13 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.1.1 naar subparagraaf 21.1.4.1.1. ]
Artikel 21.13 Beoordelingsregel aanvraag binnenplanse omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit bouwwerken in relatie tot het gebruiksdoel van de gronden en bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in 22.26 kan uitsluitend worden verleend wanneer de activiteit wordt uitgeoefend in het kader van het gebruiksdoel van de functie waar deze ruimtelijke bouwactiviteit plaatsvindt, zoals dat in paragraaf 21.1.3 is bepaald.
[Red: Artikel 21.14 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.1.2 naar subparagraaf 21.1.4.1.2. ]
Artikel 21.14 Maatwerkvoorschriften
Burgemeester en wethouders kunnen maatwerkvoorschriften stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing ten behoeve van:
[Red: Artikel 21.15 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.1.2 naar subparagraaf 21.1.4.1.2. ]
Artikel 21.15 Bebouwingsgrenzen
Het bouwen van gebouwen binnen de zone ‘bebouwingszone verkeer' kan worden toegelaten, indien:
dat uit stedenbouwkundig oogpunt ter plaatse aanvaardbaar is;
uit overleg met de wegbeheerder blijkt dat daar uit oogpunt van het wegbeheer en de verkeersveiligheid geen bezwaar tegen bestaat;
in voldoende mate is betrokken:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van milieu, externe veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeerssituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
[Red: Artikel 21.16 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.1.3 naar subparagraaf 21.1.4.1.3. ]
Artikel 21.16 Hoogspanningsverbinding
Binnen de locatie Hoogspanningsverbinding kan de omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 uitsluitend worden verleend indien uit overleg met de leidingbeheerder(s) en brandweer blijkt dat daartegen met het oog op het doelmatig functioneren van de hoogspanningsverbinding(en) en/of het aspect veiligheid geen bezwaar bestaat;
In afwijking van hetgeen in de overige regels is bepaald, gelden voor het bouwen van een bouwwerk, geen gebouw of overkapping zijnde de volgende regels:
de bouwhoogte van een hoogspanningsmast mag niet meer bedragen dan de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte hoogspanningsmast aangegeven bouwhoogte;
in overige gevallen mag de bouwhoogte niet meer dan 2,5 m bedragen.
[Red: Artikel 21.17 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.1.3 naar subparagraaf 21.1.4.1.3. ]
Artikel 21.17 Archeologische verwachtingswaarde
Binnen de locatie Archeologische verwachtingswaarde kan de omgevingsvergunning als bedoeld in 22.26 uitsluitend worden verleend indien daartegen uit hoofde van de bescherming van de archeologische waarde geen bezwaar bestaat, hetgeen kan blijken uit een rapport waarin de archeologische waarde van de gronden in voldoende mate is vastgesteld;
Het bepaalde in lid 1 is niet van toepassing op:
bouwwerken en -projecten met een oppervlakte van niet meer dan 2.500 m2;
activiteiten waarvoor geen omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit bouwwerken vereist is;
bouwprojecten waarvoor een omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit bouwwerken is verleend en waarbij een rapport is overlegd waarin de archeologische waarde van de gronden in voldoende mate is vastgesteld.
[Red: Artikel 21.18 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.1.3 naar subparagraaf 21.1.4.1.3. ]
Artikel 21.18 Zone - Archeologie
Binnen de locatie Zone - Archeologie kan de omgevingsvergunning als bedoeld in 22.26 uitsluitend worden verleend, indien:
de aanvrager een rapport heeft overlegd waarin de archeologische waarde van de betrokken locatie naar het oordeel van burgemeester en wethouders in voldoende mate is vastgesteld;
de betrokken archeologische waarden, gelet op dit rapport, door de activiteiten niet worden geschaad of mogelijke schade kan worden voorkomen door aan de omgevingsvergunning voor de omgevingsplanactiviteit bouwwerken regels te verbinden, gericht op het behoud van de archeologische resten in de bodem, het doen van opgravingen dan wel het begeleiden van de bouwactiviteiten door een archeologische deskundige;
Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing, indien het bouwplan betrekking heeft op één of meer van de volgende activiteiten of bouwwerken:
vervanging, vernieuwing of verandering van bestaande bebouwing, waarbij de oppervlakte, voor zover gelegen op of onder peil, niet wordt uitgebreid en waarbij gebruik wordt gemaakt van de bestaande fundering;
een bouwwerk dat zonder graafwerkzaamheden dieper dan 50 cm en zonder heiwerkzaamheden kan worden geplaatst;
een bouwwerk met een oppervlakte van ten hoogste 250 m2.
[Red: Artikel 21.19 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.2.1 naar subparagraaf 21.1.4.2.1. ]
Artikel 21.19 Bushaltes en andere wachtruimten
Voor het bouwen van bushaltes en andere wachtruimtes gelden de volgende beoordelingsregels:
[Red: Artikel 21.20 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.1.4.3.1 naar subparagraaf 21.1.4.3.1. ]
Artikel 21.20 Algemene beoordelingsregels voor bouwwerken, geen gebouw of overkapping zijnde
De bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen of overkapping zijnde bedraagt maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte bouwwerken geen gebouw of overkapping zijnde aangegeven bouwhoogte.
[Red: Artikel 21.21 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.5.1 naar paragraaf 21.1.5.1. ]
Artikel 21.21 Vergravingen van de bodem
Op de locatie vergravingen van de bodem zijn de volgende aanlegactiviteiten vergunningplichtig:
het afgraven van een perceel, dan wel een deel van een perceel, met een diepte van meer dan 20cm. Minder dan 20cm is toegestaan;
vergraven, oftewel het verplaatsen van grond of zand zonder dat de maaiveldhoogte meer dan 20cm hoger of lager wordt. Minder dan 20cm is toegestaan;
diepploegen en diepwoelen tot een maximum van 2 meter diep. Dieper dan 2 meter is verboden.
[Red: Artikel 21.22 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.5.1 naar paragraaf 21.1.5.1. ]
Artikel 21.22 Aanpassingen van het waterstelsel
Op de locatie aanpassingen van het waterstelsel zijn de volgende aanlegactiviteiten vergunningplichtig:
het aanleggen van een drainagestelsel;
het aanleggen, verbreden of verbeteren van sloten en greppels;
het dempen van sloten en greppels;
het aanbrengen van geïsoleerde wateren;
het dempen van geïsoleerde wateren;
het aansluiten van hemelwaterafvoer en drainage op gemeentelijke sloten;
het aanbrengen van ondergrondse leidingen.
[Red: Artikel 21.23 verplaatst van subparagraaf 21.1.5.1 naar paragraaf 21.1.5.1. ]
Artikel 21.23 Uitzonderingen op vergunningplicht
De in 21.1.5.1 opgenomen vergunningplicht is niet van toepassing op werken en werkzaamheden die:
het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen;
reeds legaal in uitvoering zijn dan wel krachtens een verleende vergunning reeds mogen worden uitgevoerd;
ten dienste zijn van een onderzoek naar de opsporing van, dan wel het behoud, de bescherming en/of het herstel van aanwezige waarden;
de aanwezige waarden niet onevenredig aantasten, hetgeen kan blijken uit een rapport van een uitgevoerd onderzoek.
[Red: Artikel 21.24 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.5.1 naar paragraaf 21.1.5.1. ]
Bij het verlenen van omgevingsvergunningen als bedoeld in 21.1.5.1 vindt een evenredige belangenafweging plaats waarbij betrokken wordt:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
[Red: Artikel 21.25 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.5.2 naar paragraaf 21.1.5.2. ]
Artikel 21.25 Zone - Archeologie
Op de locatie Zone - Archeologie is het verboden om zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde en werkzaamheden uit te voeren:
het ontgronden, vergraven, afgraven, egaliseren, diepploegen, woelen en mengen en ophogen van gronden;
het aanleggen, verbreden en verharden van wegen, paden, banen, parkeervoorzieningen en andere oppervlakteverhardingen;
het aanleggen, verdiepen, verbreden en dempen van sloten, watergangen en overige waterpartijen en het aanbrengen van drainage;
het aanleggen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- en/of communicatieleidingen en daarmee verband houdende constructies, installaties en apparatuur;
het aanbrengen of verwijderen van diepwortelende beplantingen, het bebossen van gronden en het rooien van bos of andere houtgewassen waarbij de stobben worden verwijderd;
het scheuren van grasland.
Geen omgevingsvergunning is nodig voor werken, geen bouwwerk zijnde en werkzaamheden:
die het normale onderhoud, gebruik en beheer betreffen, waarbij de gronden niet dieper dan 0,5 m worden geroerd;
reeds legaal in uitvoering zijn dan wel krachtens een verleende vergunning mogen worden uitgevoerd;
als onderdeel van een ingreep in de bodem met een oppervlakte van ten hoogste 250 m².
[Red: Artikel 21.26 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.5.2 naar paragraaf 21.1.5.2. ]
Artikel 21.26 Zone - Hoogspanning
Op de locatie Zone - Hoogspanning is het verboden zonder een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden uit te voeren:
het aanbrengen van hoogopgaande beplanting of bomen;
het aanbrengen van bovengrondse constructies, installaties of apparatuur hoger dan 2,5 m;
het opslaan van materialen of stoffen, die onder bepaalde omstandigheden gevaar van brand of explosie kunnen opleveren;
het ophogen en egaliseren, bodemverlaging of afgraven of anderszins wijzigen in maaiveld of weghoogte.
Geen omgevingsvergunning is nodig voor werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden:
Alvorens te beslissen over een aanvraag voor een omgevingsvergunning wordt de betreffende leidingbeheerder gehoord.
[Red: Artikel 21.27 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.5.2 naar paragraaf 21.1.5.2. ]
Binnen de locatie Water is het verboden om zonder een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, en werkzaamheden uit te voeren:
Geen omgevingsvergunning is nodig voor werken, geen bouwwerk zijnde en werkzaamheden:
[Red: Artikel 21.28 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.1.5.2 naar paragraaf 21.1.5.2. ]
Bij het verlenen van omgevingsvergunningen als bedoeld in 21.1.5.2 vindt een evenredige belangenafweging plaats waarbij betrokken wordt:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
[Red: Artikel 21.29 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.1.6 naar afdeling 21.1.6. ]
[Red: Artikel 21.30 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.1.7 naar afdeling 21.1.7. ]
Het legale gebruik van gronden en bouwwerken op een locatie, dat bestond op 1 januari 2024 maar in strijd is met het omgevingsplan, mag worden voortgezet tot 1 januari 2032, indien en voor zover op dit gebruik geen andere overgangsregels in dit plan op die locatie van toepassing zijn.
Het is verboden een met het omgevingsplan strijdig gebruik te veranderen of te laten veranderen, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
[Red: Artikel 21.31 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.1.7 naar afdeling 21.1.7. ]
Als de activiteit, bedoeld in artikel 21.30 na het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden de activiteit daarna te hervatten.
[Red: Artikel 21.32 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.1.7 naar afdeling 21.1.7. ]
Een bouwwerk dat voor 1 januari 2024 legaal is opgericht, of op grond van een omgevingsvergunning mag worden opgericht, en afwijkt van het omgevingsplan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
in stand worden gehouden, gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden;
na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het (bouw-)werk is teniet gegaan.
[Red: Artikel 21.33 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.1.7 naar afdeling 21.1.7. ]
Het bevoegd gezag kan eenmalig bij en omgevingsvergunning afwijken van artikel 21.32 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk met maximaal 10%.
[Red: Artikel 21.34 verplaatst van paragraaf 21.2.1 naar afdeling 21.2.1. ]
De regels in deze afdelingtitel gaan over de locatie Wijziging Weuste Noord Fase 2 en zijn van toepassing op een voor een regel bepaald werkingsgebied;
De regels in deze afdelingtitel gelden in afwijking van het bepaalde in Hoofdstuk 2 van de bestemmingsplannen "Buitengebied 2009, herziening 2019 (veegplan 2)", "Buitengebied 2009, herziening zonnepark Weuste Noord" en "Bestemmingsplan Bedrijvenpark Weuste Noord" zoals opgenomen in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan (bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet), indien en voor zover de regels met elkaar in strijd zijn.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van deze afdelingtitel.
[Red: Artikel 21.35 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.2.1.1 naar subparagraaf 21.2.2.1.1. ]
Artikel 21.35 Archeologische verwachtingswaarde
Ter plaatse van de locatie Archeologische verwachtingswaarde - Weuste Noord fase 2 komen de regels zoals opgenomen in artikel 38 van bestemmingsplan "Buitengebied 2009, herziening 2019 (veegplan 2)" zoals opgenomen in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan (bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet), te vervallen.
[Red: Artikel 21.36 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.2.2 naar paragraaf 21.2.2.2. ]
Artikel 21.36 Beoordelingsregel omgevingsplanactiviteit bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 wordt pas verleend, indien:
in het geval van nieuwbouw, uitbreiding en functiewijziging van gebouwen en/of voorzieningen, op eigen terrein dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen;
er is sprake van voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen, indien:
voldaan wordt aan de normen uit de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024', zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag omgevingsvergunning en dat indien deze publicatie gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging;
de parkeerplaatsen voldoen aan de verdere eisen (maatvoering en ontwerp) die zijn neergelegd in de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024', zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag omgevingsvergunning en dat indien deze publicatie gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging;
Voor de toepassing van de normen uit de CROW-publicatie wordt aangesloten bij de in artikel 21.38 gehanteerde gebiedsindeling
[Red: Artikel 21.37 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.2.2 naar paragraaf 21.2.2.2. ]
Artikel 21.37 Specifieke beoordelingsregels omgevingsplanactiviteit bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 kan, in afwijking van het bepaalde in artikel 21.36, ook worden verleend, indien:
aanpassing van het bouwplan om alsnog te kunnen voorzien in voldoende parkeerruimte op eigen terrein redelijkerwijs niet kan worden verlangd;
op een andere wijze is of wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen om de toename van de parkeerbehoefte op te vangen;
de betreffende ontwikkeling, mits voldoende ruimtelijk onderbouwd, niet valt in te delen binnen één van de gestelde categorieën uit de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024'.
[Red: Artikel 21.38 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.2.2 naar paragraaf 21.2.2.2. ]
Artikel 21.38 Van toepassing zijnde parkeernormen
Ter plaatse van de locatie rest bebouwde kom - Weuste Noord fase 2 gelden de normen voor de stedelijke zone 'rest bebouwde kom'.
[Red: Artikel 21.39 verplaatst van subparagraaf 21.2.3.1 naar paragraaf 21.2.3.1. ]
Artikel 21.39 Afwegingskader omgevingsplanactiviteit
Bij het verlenen van een omgevingsvergunning als bedoeld in deze paragraafafdeling vindt een evenredige belangenafweging plaats, waarbij betrokken worden:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van gezondheid, duurzaamheid, milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
[Red: Artikel 21.40 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.1 naar subparagraaf 21.2.3.2.1. ]
Artikel 21.40 Toepassingsbereik
Deze subparagraafparagraaf is van toepassing op het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen functies.
[Red: Artikel 21.41 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.1 naar subparagraaf 21.2.3.2.1. ]
Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is met een onder deze subparagraafparagraaf aan een locatie gegeven gebruiksdoel, of op een wijze die in strijd is met de daarop betrekking hebbende regels over gebruik.
[Red: Artikel 21.42 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.1 naar subparagraaf 21.2.3.2.1. ]
Artikel 21.42 Uitzonderingen op verbodsbepaling
De verbodsbepaling als genoemd in artikel 21.41 geldt niet voor de gebruiksactiviteiten die zijn benoemd op een locatie, inclusief de bijbehorende beoordelingsregels, zoals deze zijn geregeld in subparagraaf 21.2.3.3 en artikel 21.43.
[Red: Artikel 21.43 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.1 naar subparagraaf 21.2.3.2.1. ]
Artikel 21.43 Ondergeschikte activiteiten en voorzieningen
Ondergeschikt aan het gebruiksdoel mogen gronden en bouwwerken binnen de functie worden gebruikt voor de volgende bijbehorende activiteiten en voorzieningen:
[Red: Artikel 21.44 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.2 naar subparagraaf 21.2.3.2.2. ]
Artikel 21.44 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Groen.
[Red: Artikel 21.45 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.2 naar subparagraaf 21.2.3.2.2. ]
Gronden en bouwwerken binnen de locatie Groen - Weuste noord fase 2 mogen worden gebruikt voor groenvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de toegankelijkheid en beleving van de openbare ruimte. Hieronder wordt in ieder geval begrepen het gebruik van gronden voor groenvoorzieningen, fiets- en/of voetpaden, speelvoorzieningen, parkeervoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de waterberging.
Een ander gebruik is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is geregeld en met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen.
[Red: Artikel 21.46 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.3 naar subparagraaf 21.2.3.2.3. ]
Artikel 21.46 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de functie Functie Verkeer.
[Red: Artikel 21.47 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.3 naar subparagraaf 21.2.3.2.3. ]
Gronden en bouwwerken binnen de locatie Verkeer - Weuste noord fase 2 mogen worden gebruikt voor verkeerstechnische doeleinden.
Een ander gebruik is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is geregeld en met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen.
[Red: Artikel 21.48 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.3 naar subparagraaf 21.2.3.2.3. ]
Op de locatie zonnepark - Weuste noord fase 2 mogen gronden worden gebruikt voor het opwekken van energie door middel van zonlicht met gebruik van zonnepanelen met de daarbij behorende voorzieningen.
[Red: Artikel 21.49 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Artikel 21.49 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de functie Functie Bedrijventerrein.
[Red: Artikel 21.50 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Gronden en bouwwerken binnen de functie Bedrijventerrein - Weuste noord fase 2 mogen worden gebruikt voor de uitoefening van bedrijven tot en met de ter plaatse aangegeven bedrijfscategorie van de Staat van Bedrijfsactiviteiten zoals opgenomen in bijlage IIIIV.
Een ander gebruik van de gronden en/of bouwwerken is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is aangegeven en met inachtneming van de daarvoor geldende regels.
[Red: Artikel 21.51 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Artikel 21.51 Geluid van activiteiten - algemeen
In afwijking van het bepaalde in artikel 22.63, lid 1, is het geluid van een activiteit binnen de functie Bedrijventerrein - Weuste noord fase 2 op een geluidgevoelig gebouw niet hoger dan de waarde bedoeld in de volgende tabel, uitgaande van situaties die representatief zijn voor de activiteit (de representatieve bedrijfssituatie).
[Red: Artikel 21.52 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Artikel 21.52 Geluid van activiteiten – specifiek bedrijfscategorie 2 tot en met 3.2
Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau van een activiteit binnen de locatie zone geluid basis - Weuste noord fase 2 is op een afstand van 50 meter van de activiteit niet hoger dan de waarde bedoeld in de volgende tabel, uitgaande van:
[Red: Artikel 21.53 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Artikel 21.53 Geluid van activiteiten – specifiek bedrijfscategorie 4.1
Het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau van een activiteit binnen de locatie zone geluid verruimd - Weuste noord fase 2 is op een afstand van 100 meter van de activiteit niet hoger dan de waarde bedoeld in de volgende tabel, uitgaande van:
[Red: Artikel 21.54 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Artikel 21.54 Verboden gebruiksactiviteiten
De volgende gebruiksactiviteiten zijn niet toegestaan:
activiteiten die in aanzienlijke mate geluid kunnen veroorzaken op grond van artikel 5.78b van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
risicovolle activiteiten zoals bedoeld in bijlage VII van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
m.e.r.-plichtige activiteiten op basis van kolom 2 bijlage V van het Omgevingsbesluit;
het vervaardigen en/of opslaan van vuurwerk;
het buiten de bedrijfsgebouwen opslaan van al dan niet aan het gebruik onttrokken voorwerpen met een totale hoogte van meer dan 3 m;
het gebruik van de gronden voor de voorgevel van de bedrijfsgebouwen als opslagplaats van al dan niet aan het gebruik ontrokken voorwerpen;
bewoning van bedrijfsruimten.
[Red: Artikel 21.55 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Artikel 21.55 Andersoortige bedrijvigheid - vergunningplicht
Voor de uitoefening van bedrijven die niet zijn genoemd in de Staat van Bedrijfsactiviteiten zoals opgenomen in bijlage IIIIV of die volgens de Staat van Bedrijfsactiviteiten van een hogere categorie zijn dan de ter plaatse aangegeven bedrijfscategorie geldt een omgevingsvergunningplicht. De vergunning wordt verleend, indien:
aangetoond wordt dat het betrokken bedrijf naar aard en invloed op de omgeving geacht kan worden te behoren tot de reeds toegelaten bedrijfscategorie;
het niet gaat om een verboden gebruiksactiviteit als bedoeld in artikel 21.54.
[Red: Artikel 21.56 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.2.4 naar subparagraaf 21.2.3.2.4. ]
Artikel 21.56 Bedrijfsverzamelgebouwen - verboden
Het is verboden om bouwwerken of gedeelten daarvan, op te richten, te gebruiken of te laten gebruiken voor bedrijfsverzamelgebouwen indien de oppervlakte kleiner is dan 100 m2 per te verkopen of te verhuren eenheid. Onder een bedrijfsverzamelgebouw wordt verstaan 'een gebouw op een onverdeeld bouwperceel, dat dient voor de huisvesting van drie of meer verschillende bedrijven, waarbij eventueel faciliteiten, zoals ICT-voorzieningen, parkeervoorzieningen, vergaderruimtes en/of horeca / kantine gedeeld worden of kunnen worden en waarbij de ruimtelijke uitstraling in overeenstemming is met die van een bedrijf'.
[Red: Artikel 21.57 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.3.3.1 naar subparagraaf 21.2.3.3.1. ]
Artikel 21.57 Aanleggen van kabels en leidingen
Een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het aanleggen of laten aanleggen van kabels en leidingen ten behoeve van de drinkwatervoorziening, de riolering, de waterhuishouding, de energievoorziening en de datacommunicatie, met uitzondering van:
[Red: Artikel 21.58 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.1.1 naar subparagraaf 21.2.4.1.1. ]
Artikel 21.58 Beoordelingsregel aanvraag binnenplanse omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit bouwwerken in relatie tot het gebruiksdoel van de gronden en bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in 22.26 kan uitsluitend worden verleend wanneer de activiteit wordt uitgeoefend in het kader van het gebruiksdoel van de functie waar deze ruimtelijke bouwactiviteit plaatsvindt, zoals dat in paragraaf 21.2.3 is bepaald.
[Red: Artikel 21.59 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.1.2 naar subparagraaf 21.2.4.1.2. ]
Bij het verlenen van omgevingsvergunningen als bedoeld in 21.2.4.1.2, 21.2.4.2.2 en 21.2.4.3.2 vindt een evenredige belangenafweging plaats waarbij betrokken worden:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van gezondheid, duurzaamheid, milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
[Red: Artikel 21.60 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.1.2 naar subparagraaf 21.2.4.1.2. ]
Artikel 21.60 Maatwerkvoorschriften
Burgemeester en wethouders kunnen maatwerkvoorschriften stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing ten behoeve van:
[Red: Artikel 21.61 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.1.2 naar subparagraaf 21.2.4.1.2. ]
Artikel 21.61 Afwijking tot niet meer dan 10% van maten, afmetingen en percentages
Een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het afwijken van de in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot maximaal 10%, met dien verstande dat dit niet geldt voor oppervlakte- en inhoudsmaten.
[Red: Artikel 21.62 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.1.2 naar subparagraaf 21.2.4.1.2. ]
Artikel 21.62 Wijzigen beloop of profiel van wegen
Een omgevingsvergunning kan worden verleend om het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate aan te passen indien de verkeersveiligheid en/of de -intensiteit daartoe aanleiding geeft.
[Red: Artikel 21.63 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.1.2 naar subparagraaf 21.2.4.1.2. ]
Artikel 21.63 Werkelijke afmetingen van het terrein
Een omgevingsvergunning kan worden verleend om af te wijken van de regels met het oog op de aanpassing aan de werkelijke afmetingen van het terrein mits de structuur van het plan niet worden aangetast en de afwijking gewenst en noodzakelijk wordt geacht voor de juiste verwezenlijking van het plan.
[Red: Artikel 21.64 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.1.2 naar subparagraaf 21.2.4.1.2. ]
Artikel 21.64 Bouwen buiten bouwvlak
Een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het bouwen op een afstand van maximaal 5 meter buiten een bouwvlak, mits:
[Red: Artikel 21.65 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.2.1 naar subparagraaf 21.2.4.2.1. ]
Artikel 21.65 Toepassingsbereik
Voor het bouwen van gebouwen gelden de in deze subparagraafparagraaf gestelde beoordelingsregels.
De beoordelingsregels in deze subparagraafparagraaf zijn niet van toepassing op het bouwen van (bedrijfs en/of recreatie)woningen, voormalige bedrijfswoningen en/of bijbehorende bouwwerken bij (bedrijfs en/of recreatie)woningen of voormalige bedrijfswoningen.
Wanneer in deze subparagraafparagraaf beoordelingsregels zijn opgenomen voor een specifiek gebouw, wordt voldaan aan de voor dat gebouw bepaalde beoordelingsregels.
[Red: Artikel 21.66 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.2.1 naar subparagraaf 21.2.4.2.1. ]
Artikel 21.66 Bouwen van gebouwen
Gebouwen worden binnen het bouwvlak - Weuste noord fase 2 gebouwd.
Op de locatie maximum bebouwingspercentage - Weuste noord fase 2 mag het bebouwingspercentage van het bouwperceel maximaal het ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bebouwingspercentage (%) aangegeven percentage bedragen.
Op de locatie maximum bouwhoogte - Weuste noord fase 2 mag de bouwhoogte van een gebouw maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte (m) aangegeven bouwhoogte bedragen.
Op de locatie afstand perceelsgrens 3 m - Weuste noord fase 2 bedraagt de afstand van gebouwen tot de perceelsgrens minimaal 3 m.
Op de locatie voorgevel - Weuste noord fase 2 dient de voorgevel van een gebouw naar de openbare weg te worden gericht.
Op de locatie flexibele voorgevel - Weuste noord fase 2 bedraagt de afstand van de voorgevel van gebouwen tot de openbare weg minimaal 13 m.
[Red: Artikel 21.67 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.2.1 naar subparagraaf 21.2.4.2.1. ]
Artikel 21.67 Beeldkwaliteitsplan
In afwijking van artikel 22.29, eerste lid, onder b geldt dat het uiterlijk van gebouwen, zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, voldoen aan de beeldkwaliteitscriteria zoals opgenomen in het bijlage IIIIV opgenomen Beeldkwaliteitsplan Weuste Noord fase 2.
[Red: Artikel 21.68 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.2.2 naar subparagraaf 21.2.4.2.2. ]
Artikel 21.68 Verhogen bouwhoogte gebouwen
Op de locatie verhogen bouwhoogte gebouwen - 15 meter - Weuste noord fase 2 kan een omgevingsvergunning worden verleend voor het verhogen van de bouwhoogte van gebouwen tot maximaal 15 meter.
[Red: Artikel 21.69 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.1 naar subparagraaf 21.2.4.3.1. ]
Artikel 21.69 Toepassingsbereik
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen of overkapping zijnde, gelden de in deze afdeling gestelde beoordelingsregels.
[Red: Artikel 21.70 verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.1 naar subparagraaf 21.2.4.3.1. ]
Artikel 21.70 Algemene regels voor bouwwerken, geen gebouw of overkapping zijnde
De bouwhoogte van een bouwwerk, geen gebouwen of overkapping zijnde mag maximaal de aangegeven bouwhoogte bedragen ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte bouwwerken geen gebouw of overkapping zijnde tenzij er voor een bouwwerk, geen gebouw of overkapping zijnde een specifieke bouwhoogte is opgenomen in deze subparagraafparagraaf.
[Red: Artikel 21.71 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.1 naar subparagraaf 21.2.4.3.1. ]
Artikel 21.71 Bouwwerken, geen gebouwen of overkapping zijnde voor de voorgevel
Ter plaatse van de locatie bouwwerk geen gebouw zijnde 1 m - Weuste noord fase 2 mag de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouwen of overkapping zijnde die voor de voorgevel of een naar de weg gekeerde zijgevel van een hoofdgebouw of het verlengde daarvan worden opgericht maximaal 1 meter bedragen;
[Red: Artikel 21.72 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.1 naar subparagraaf 21.2.4.3.1. ]
Artikel 21.72 Reclame- en vlaggenmasten
Ter plaatse van de locatie reclame- en vlaggenmasten 8 meter - Weuste noord fase 2 mag de bouwhoogte van reclame- en vlaggenmasten maximaal 8 m bedragen.
[Red: Artikel 21.73 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.1 naar subparagraaf 21.2.4.3.1. ]
Op de locatie antennes - Weuste noord fase 2 mogen antennes worden gebouwd met een bouwhoogte van maximaal 20 m.
[Red: Artikel 21.74 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.1 naar subparagraaf 21.2.4.3.1. ]
Op de locatie geluidwal - Weuste noord fase 2 mag de bouwhoogte van een (geluid)wal maximaal 3 meter bedragen.
[Red: Artikel 21.75 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.1 naar subparagraaf 21.2.4.3.1. ]
Op de locatie zonnepark - Weuste noord fase 2 mag de bouwhoogte van zonnepanelen maximaal 2,5 meter bedragen.
[Red: Artikel 21.76 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.2.4.3.2 naar subparagraaf 21.2.4.3.2. ]
Artikel 21.76 Energieopslagsysteem
Op de locatie energieopslagsysteem - Weuste noord fase 2 kan een omgevingsvergunning worden verleend voor het toestaan van energieopslagsystemen. Onder een energieopslagsysteem wordt verstaan een technische installatie bestaande uit batterijen, omvormers en bijbehorende infrastructuur, bedoeld voor het tijdelijk opslaan van elektrische energie en het weer afgeven daarvan aan het elektriciteitsnet of voor eigen gebruik.
[Red: Artikel 21.77 verplaatst van subparagraaf 21.2.5.1 naar paragraaf 21.2.5.1. ]
Tot een met de Functie Bedrijventerrein strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het bouwen van gebouwen binnen de locatie Bedrijventerrein - Weuste noord fase 2 zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen op het bouwperceel of daaraan op een logische wijze aangrenzend (en in het verlengde van het bouwperceel liggende) Functie Groen, conform het in het bijlage IIIIV opgenomen Beplantingsplan Weuste Noord fase 2, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gebouwen op de locatie Bedrijventerrein - Weuste noord fase 2 overeenkomstig de Functie Bedrijventerrein worden gebouwd onder de voorwaarde dat binnen 24 maanden na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen op het bouwperceel of daaraan op een logische wijze aangrenzend (en in het verlengde van het bouwperceel liggende) Functie Groen conform het in het bijlage IIIIV opgenomen Beplantingsplan Weuste Noord fase 2, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
Bij een omgevingsvergunning kan, mits in overeenstemming met de gemeente, worden afgeweken van het bepaalde artikel 21.77 eerste lid indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals opgenomen in het Beplantingsplan Weuste Noord fase 2 andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat:
de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het in bijlage IIIIV opgenomen Beplantingsplan Weuste Noord fase 2 en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het genoemde Beplantingsplan Weuste Noord fase 2 maatregelen zijn bepaald;
er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in de omgeving aanwezige functies en waarden.
[Red: Artikel 21.78 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.5.2 naar paragraaf 21.2.5.2. ]
Artikel 21.78 Bemesting van gronden
Tot een met de Functie Bedrijventerrein strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het bouwen van gebouwen en het gebruiken van de gronden binnen de locatie Bedrijventerrein - Weuste noord fase 2, voordat de bemesting van de gronden binnen de locaties Bedrijventerrein - Weuste noord fase 2, Groen - Weuste noord fase 2 en Verkeer - Weuste noord fase 2 volledig en permanent is beëindigd.
[Red: Artikel 21.79 verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.79 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de functie Kostenverhaalsgebied Weuste Noord fase 2
[Red: Artikel 21.80 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.80 Tijdvak voor het kostenverhaal
Voor de locatie kostenverhaalgebied - Weuste noord fase 2 geldt een tijdvak van 10 jaar met ingang van NCW 1 januari 2026.
[Red: Artikel 21.81 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.81 Kostensoorten die worden toegerekend aan het kostenverhaalsgebied
Alle kosten worden voor 100% toegerekend aan kostenverhaalgebied - Weuste noord fase 2.
[Red: Artikel 21.82 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.82 Raming van de kosten
De totale aan kostenverhaalgebied - Weuste noord fase 2 toe te rekenen kosten worden geraamd op € 11.168.830. De raming van de kosten is opgenomen in tabel 21.2.1.
[Red: Artikel 21.83 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.83 Raming van de opbrengsten
De totale opbrengsten van de gronden in kostenverhaalgebied - Weuste noord fase 2 worden geraamd op € 14.876.709. De raming van de opbrengsten is opgenomen in tabel 21.2.2.
[Red: Artikel 21.84 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.84 Verdeling van de verhaalbare kosten over de activiteiten
De verhaalbare kosten worden naar rato van de opbrengstpotentie per m2 uitgeefbare grond verdeeld, zoals is weergegeven in tabel 21.2.3.
[Red: Artikel 21.85 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.85 Eindafrekening van de kosten
Binnen drie maanden na het uitvoeren van de in een kostenverhaalsgebied voorziene werken, werkzaamheden en maatregelen stellen burgemeester en wethouders bij beschikking een eindafrekening van het kostenverhaal in het kostenverhaalsgebied vast.
Bij de eindafrekening wordt de geldsom die op het moment van de afgifte van de kostenverhaalsbeschikking zou zijn verschuldigd, herberekend overeenkomstig de rekenmethodiek die is opgenomen artikel 21.84, met dien verstande dat:
het bedrag van de te verhalen kosten de daadwerkelijke kosten betreft van de werken, werkzaamheden en maatregelen die zijn uitgevoerd of nog zullen worden uitgevoerd.
de totale opbrengsten van de grond worden herberekend op basis van het aantal basiseenheden per uitgiftecategorie dat is gerealiseerd of nog zal worden gerealiseerd.
voor de opbrengsten van de grond per basiseenheid van een uitgiftecategorie hetzelfde bedrag wordt toegepast als bij de afgifte van de kostenverhaalsbeschikking.
bij kostenverhaal met tijdvak de kosten, bedoeld in artikel 13.18, tweede lid, van de Omgevingswet in mindering worden gebracht.
Indien een aanvrager van een kostenverhaalsbeschikking op basis van artikel 13.20, tweede lid, van de Omgevingswet recht heeft op terugbetaling, wordt rente vergoed vanaf de datum van de afgifte van de kostenverhaalsbeschikking.
[Red: Artikel 21.86 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.86 Maximaal verhaalbare kosten
Alle kosten zijn verhaalbaar. Dit is berekend door te toetsen of de opbrengsten hoger zijn dan de kosten, verminderd met bijdragen en subsidies. De berekening is weergegeven in tabel 21.2.4.
[Red: Artikel 21.87 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.2.6.1 naar paragraaf 21.2.6.1. ]
Artikel 21.87 Indieningsvereisten kostenverhaalbeschikking
Een kostenverhaalsbeschikking kan aangevraagd worden door of namens een huidig of toekomstig eigenaar van gronden gelegen in het kostenverhaalgebied - Weuste noord fase 2 via het daartoe door de gemeente beschikbaar gestelde formulier op haar website.
[Red: Artikel 21.88 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.2.7 naar afdeling 21.2.7. ]
Het legale gebruik van gronden en bouwwerken op een locatie, dat bestond op 1 januari 2024 maar in strijd is met het omgevingsplan, mag worden voortgezet tot 1 januari 2032, indien en voor zover op dit gebruik geen andere overgangsregels in dit plan op die locatie van toepassing zijn.
Het is verboden een met het omgevingsplan strijdig gebruik te veranderen of te laten veranderen, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
[Red: Artikel 21.89 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.2.7 naar afdeling 21.2.7. ]
Als de activiteit, bedoeld in artikel 21.88 na het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden de activiteit daarna te hervatten.
[Red: Artikel 21.90 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.2.7 naar afdeling 21.2.7. ]
Een bouwwerk dat voor 1 januari 2024 legaal is opgericht, of op grond van een omgevingsvergunning mag worden opgericht, en afwijkt van het omgevingsplan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
in stand worden gehouden, gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden;
na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het (bouw-)werk is teniet gegaan.
[Red: Artikel 21.91 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.2.7 naar afdeling 21.2.7. ]
Het bevoegd gezag kan eenmalig bij en omgevingsvergunning afwijken van artikel 21.90 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk met maximaal 10%.
[Red: Artikel 21.92 verplaatst van paragraaf 21.3.1 naar afdeling 21.3.1. ]
De regels in deze afdelingtitel gaan over de locatie Wijziging Kindcentrum Enter en zijn van toepassing op een voor een regel bepaald werkingsgebied;
De regels in deze afdelingtitel gelden in afwijking van het bepaalde in respectievelijk Hoofdstuk 2 van het bestemmingsplan "Enter-Dorp" en Hoofdstuk 2 van het bestemmingsplan "Buitengebied 2009, herziening 2019 (veegplan 2)" zoals opgenomen in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan (bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet), indien en voor zover de regels met elkaar in strijd zijn.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van deze afdelingtitel.
[Red: Artikel 21.93 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.3.2.1 naar paragraaf 21.3.2.1. ]
Artikel 21.93 Beoordelingsregel omgevingsplanactiviteit bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 wordt pas verleend, indien:
in het geval van nieuwbouw, uitbreiding en functiewijziging van gebouwen en/of voorzieningen, op eigen terrein dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen;
er is sprake van voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen, indien:
voldaan wordt aan de normen uit de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024', zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag omgevingsvergunning en dat indien deze publicatie gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging;
de parkeerplaatsen voldoen aan de verdere eisen (maatvoering en ontwerp) die zijn neergelegd in de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024', zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag omgevingsvergunning en dat indien deze publicatie gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging;
Voor de toepassing van de normen uit de CROW-publicatie wordt aangesloten bij de in artikel 21.95 gehanteerde gebiedsindeling
[Red: Artikel 21.94 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.3.2.1 naar paragraaf 21.3.2.1. ]
Artikel 21.94 Specifieke beoordelingsregels omgevingsplanactiviteit bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 kan, in afwijking van artikel 21.93 ook worden verleend, indien:
aanpassing van het bouwplan om alsnog te kunnen voorzien in voldoende parkeerruimte op eigen terrein redelijkerwijs niet kan worden verlangd;
op een andere wijze is of wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen om de toename van de parkeerbehoefte op te vangen;
de betreffende ontwikkeling, mits voldoende ruimtelijk onderbouwd, niet valt in te delen binnen één van de gestelde categorieën uit de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024'.
[Red: Artikel 21.95 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.3.2.1 naar paragraaf 21.3.2.1. ]
Artikel 21.95 Van toepassing zijnde parkeernormen
Ter plaatse van de locatie rest bebouwde kom - Kindcentrum Enter gelden de normen voor de stedelijke zone 'rest bebouwde kom'.
[Red: Artikel 21.96 verplaatst van subparagraaf 21.3.3.1 naar paragraaf 21.3.3.1. ]
Artikel 21.96 Afwegingskader omgevingsplanactiviteit
Bij het verlenen van een omgevingsvergunning als bedoeld in deze paragraafafdeling vindt een evenredige belangenafweging plaats, waarbij betrokken worden:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
[Red: Artikel 21.97 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.1 naar subparagraaf 21.3.3.2.1. ]
Artikel 21.97 Toepassingsbereik
Deze subparagraafparagraaf is van toepassing op het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen functies.
[Red: Artikel 21.98 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.1 naar subparagraaf 21.3.3.2.1. ]
Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is met een onder deze subparagraafparagraaf aan een locatie gegeven gebruiksdoel, of op een wijze die in strijd is met de daarop betrekking hebbende regels over gebruik.
[Red: Artikel 21.99 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.1 naar subparagraaf 21.3.3.2.1. ]
Artikel 21.99 Uitzonderingen op verbodsbepaling
De verbodsbepaling als genoemd in artikel 21.98 geldt niet voor de gebruiksactiviteiten die zijn benoemd op een locatie, inclusief de bijbehorende beoordelingsregels, zoals deze zijn geregeld in subparagraafparagraaf 21.3.3.3 en artikel 21.100.
[Red: Artikel 21.100 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.1 naar subparagraaf 21.3.3.2.1. ]
Artikel 21.100 Ondergeschikte activiteiten en voorzieningen
Ondergeschikt aan het gebruiksdoel mogen gronden en bouwwerken binnen de functie worden gebruikt voor de volgende bijbehorende activiteiten en voorzieningen:
[Red: Artikel 21.101 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.2 naar subparagraaf 21.3.3.2.2. ]
Artikel 21.101 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Groen.
[Red: Artikel 21.102 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.2 naar subparagraaf 21.3.3.2.2. ]
Gronden en bouwwerken binnen de functie Groen - Kindcentrum Enter mogen worden gebruikt voor groenvoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de toegankelijkheid en beleving van de openbare ruimte. Hieronder wordt in ieder geval begrepen het gebruik van gronden voor groenvoorzieningen, fiets- en/of voetpaden, speelvoorzieningen, straatmeubilair, parkeervoorzieningen en voorzieningen ten behoeve van de waterberging.
Een ander gebruik is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is geregeld en met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen.
[Red: Artikel 21.103 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.3 naar subparagraaf 21.3.3.2.3. ]
Artikel 21.103 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Maatschappelijk.
[Red: Artikel 21.104 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.3 naar subparagraaf 21.3.3.2.3. ]
Gronden en bouwwerken ter plaatse van de functie Maatschappelijk - Kindcentrum Enter mogen worden gebruikt voor maatschappelijke voorzieningen, met dien verstande dat uitsluitend ter plaatse van de locatie Speelvoorziening en speelterrein - Kindcentrum Enter speelvoorzieningen en speelterreinen zijn toegestaan.
Een ander gebruik van gronden en bouwwerken is uitsluitend toegestaan voor zover dit in deze subsubparagraafsubparagraaf is aangegeven en met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen.
[Red: Artikel 21.105 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.3 naar subparagraaf 21.3.3.2.3. ]
Artikel 21.105 Verboden gebruik
Het gebruik van gronden en bouwwerken binnen de locatie Gebruiksbeperking speelvoorziening - Kindcentrum Enter als speelvoorziening en speelterrein is niet toegestaan tussen 19:00 en 7:00 uur.
[Red: Artikel 21.106 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.4 naar subparagraaf 21.3.3.2.4. ]
Artikel 21.106 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Sport.
[Red: Artikel 21.107 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.4 naar subparagraaf 21.3.3.2.4. ]
Gronden en bouwwerken ter plaatse van de functie Sport - Kindcentrum Enter mogen worden gebruikt voor sportvoorzieningen.
Een ander gebruik van gronden en bouwwerken is uitsluitend toegestaan voor zover dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is aangegeven en met inachtneming van de daarvoor geldende regels.
[Red: Artikel 21.108 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.5 naar subparagraaf 21.3.3.2.5. ]
Artikel 21.108 Toepassingsbereik
Deze subsubparagraafsubparagraaf gaat over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Verkeer.
[Red: Artikel 21.109 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.2.5 naar subparagraaf 21.3.3.2.5. ]
Gronden en bouwwerken binnen de locatie Verkeer - Kindcentrum Enter mogen worden gebruikt voor verkeerstechnische doeleinden.
Een ander gebruik is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subsubparagraafsubparagraaf is geregeld en met inachtneming van de daarvoor geldende bepalingen.
[Red: Artikel 21.110 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.3.1 naar subparagraaf 21.3.3.3.1. ]
Artikel 21.110 Kortstondige, incidentele evenementen, festiviteiten en manifestaties
Een omgevingsvergunning kan worden verleend ten behoeve van kortstondige, incidentele evenementen, festiviteiten en manifestaties, indien en voor zover daarvoor ingevolge een wettelijk voorschrift, vergunning, ontheffing, afwijking of vrijstelling vereist is en deze is verleend, dan wel een melding is gedaan.
[Red: Artikel 21.111 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.3.3.2 naar subparagraaf 21.3.3.3.2. ]
Artikel 21.111 Aanleggen van kabels en leidingen
Een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het aanleggen of laten aanleggen van kabels en leidingen ten behoeve van de drinkwatervoorziening, de riolering, de waterhuishouding, de energievoorziening en de datacommunicatie, met uitzondering van:
[Red: Artikel 21.112 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.1.1 naar subparagraaf 21.3.4.1.1. ]
Artikel 21.112 Beoordelingsregel aanvraag binnenplanse omgevingsvergunning omgevingsplanactiviteit bouwwerken in relatie tot het gebruiksdoel van de gronden en bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in 22.26 kan uitsluitend worden verleend wanneer de activiteit wordt uitgeoefend in het kader van het gebruiksdoel van de functie waar deze ruimtelijke bouwactiviteit plaatsvindt, zoals dat in paragraafafdeling 21.3.3 is bepaald.
[Red: Artikel 21.113 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.1.2 naar subparagraaf 21.3.4.1.2. ]
Bij het verlenen van omgevingsvergunningen als bedoeld in 21.3.4.1.2 vindt een evenredige belangenafweging plaats waarbij betrokken worden:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
[Red: Artikel 21.114 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.1.2 naar subparagraaf 21.3.4.1.2. ]
Artikel 21.114 Maatwerkvoorschriften
Burgemeester en wethouders kunnen maatwerkvoorschriften stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing ten behoeve van:
[Red: Artikel 21.115 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.1.2 naar subparagraaf 21.3.4.1.2. ]
Artikel 21.115 Afwijking tot niet meer dan 10% van maten, afmetingen en percentages
Een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het afwijken van de in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot maximaal 10%, met dien verstande dat dit niet geldt voor oppervlakte- en inhoudsmaten.
[Red: Artikel 21.116 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.1.2 naar subparagraaf 21.3.4.1.2. ]
Artikel 21.116 Wijzigen beloop of profiel van wegen
Een omgevingsvergunning kan worden verleend om het beloop of het profiel van wegen of de aansluiting van wegen onderling in geringe mate aan te passen indien de verkeersveiligheid en/of de -intensiteit daartoe aanleiding geeft.
[Red: Artikel 21.117 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.1.2 naar subparagraaf 21.3.4.1.2. ]
Artikel 21.117 Werkelijke afmetingen van het terrein
Een omgevingsvergunning kan worden verleend om af te wijken van de regels met het oog op de aanpassing aan de werkelijke afmetingen van het terrein mits de structuur van het plan niet worden aangetast en de afwijking gewenst en noodzakelijk wordt geacht voor de juiste verwezenlijking van het plan.
[Red: Artikel 21.118 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.1.2 naar subparagraaf 21.3.4.1.2. ]
Artikel 21.118 Bouwen buiten bouwvlak
Een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het bouwen op een afstand van maximaal 5 meter buiten een bouwvlak, mits
[Red: Artikel 21.119 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.2.1 naar subparagraaf 21.3.4.2.1. ]
Artikel 21.119 Toepassingsbereik
Voor het bouwen van gebouwen gelden de in deze subparagraafparagraaf gestelde beoordelingsregels.
De beoordelingsregels in deze subparagraafparagraaf zijn niet van toepassing op het bouwen van (bedrijfs en/of recreatie)woningen, voormalige bedrijfswoningen en/of bijbehorende bouwwerken bij (bedrijfs en/of recreatie)woningen of voormalige bedrijfswoningen.
Wanneer in deze subparagraafparagraaf beoordelingsregels zijn opgenomen voor een specifiek gebouw, wordt voldaan aan de voor dat gebouw bepaalde beoordelingsregels.
[Red: Artikel 21.120 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.2.1 naar subparagraaf 21.3.4.2.1. ]
Artikel 21.120 Bouwen van gebouwen
Gebouwen worden binnen het bouwvlak - Kindcentrum Enter gebouwd.
Op de locatie maximum bebouwingspercentage - Kindcentrum Enter mag het bebouwingspercentage van het bouwperceel maximaal het ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bebouwingspercentage (%) aangegeven percentage bedragen. Onder een bouwperceel wordt verstaan een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten.
Op de locatie maximum bouwhoogte - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van een gebouw maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte (m) aangegeven bouwhoogte bedragen.
[Red: Artikel 21.121 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.2.1 naar subparagraaf 21.3.4.2.1. ]
Artikel 21.121 Beeldkwaliteitsplan
In afwijking van artikel 22.29, eerste lid, onder b geldt dat het uiterlijk van gebouwen, zowel op zichzelf beschouwd als in verband met de omgeving of de te verwachten ontwikkeling daarvan, voldoen aan de beeldkwaliteitscriteria zoals opgenomen in het bijlage IIIIV opgenomenBeeldkwaliteitsplan - Kindcentrum Enter Beeldkwaliteitsplan Kindcentrum Enter.
[Red: Artikel 21.122 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.3.1 naar subparagraaf 21.3.4.3.1. ]
Artikel 21.122 Toepassingsbereik
Voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen of overkapping zijnde, gelden de in deze afdelingparagraaf gestelde beoordelingsregels.
[Red: Artikel 21.123 verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.3.1 naar subparagraaf 21.3.4.3.1. ]
Artikel 21.123 Algemene regels voor bouwwerken, geen gebouw of overkapping zijnde
De bouwhoogte van een bouwwerk, geen gebouwen of overkapping zijnde mag maximaal de aangegeven bouwhoogte bedragen ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte bouwwerken geen gebouw of overkapping zijnde tenzij er voor een bouwwerk, geen gebouw of overkapping zijnde een specifieke bouwhoogte is opgenomen in deze subparagraafparagraaf.
[Red: Artikel 21.124 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.3.1 naar subparagraaf 21.3.4.3.1. ]
Ter plaatse van de locatie lichtmasten 6 meter - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van lichtmasten maximaal 6 meter bedragen.
Ter plaatse van de locatie lichtmasten 18 meter - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van lichtmasten maximaal 18 meter bedragen.
[Red: Artikel 21.125 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.3.1 naar subparagraaf 21.3.4.3.1. ]
Ter plaatse van de locatie ballenvangers 6 meter - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van ballenvangers maximaal 6 meter bedragen.
[Red: Artikel 21.126 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.3.1 naar subparagraaf 21.3.4.3.1. ]
Ter plaatse van de locatie reclameborden 3 meter - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van reclameborden maximaal 3 meter bedragen.
[Red: Artikel 21.127 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.3.1 naar subparagraaf 21.3.4.3.1. ]
Ter plaatse van de locatie tribunes 6 meter - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van tribunes maximaal 6 meter bedragen.
[Red: Artikel 21.128 ongewijzigd verplaatst van subsubparagraaf 21.3.4.3.1 naar subparagraaf 21.3.4.3.1. ]
Op de locatie geluidscherm 2,7 meter - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van een geluidsscherm maximaal 2,7 meter bedragen.
Op de locatie geluidscherm 3,1 meter - Kindcentrum Enter mag de bouwhoogte van een geluidsscherm maximaal 3,1 meter bedragen.
[Red: Artikel 21.129 verplaatst van subparagraaf 21.3.5.1 naar paragraaf 21.3.5.1. ]
Artikel 21.129 Beplantingsplan
Tot een met de Functie Maatschappelijk strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het gebruik van en het in gebruik laten nemen van gronden en bouwwerken binnen de locatie Maatschappelijk - Kindcentrum Enter zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in het bijlage IIIIV opgenomen Beplantingsplan Kindcentrum Enter, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gronden en bouwwerken op de locatie Maatschappelijk - Kindcentrum Enter overeenkomstig de Functie Maatschappelijk worden gebruikt onder de voorwaarde dat binnen 72 maanden na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor het Kindcentrum Enter, geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen conform het in het bijlage IIIIV opgenomen Beplantingsplan Kindcentrum Enter, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
Bij een omgevingsvergunning kan, mits in overeenstemming met de gemeente, worden afgeweken van het bepaalde artikel 21.129 eerste lid indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals opgenomen in het Beplantingsplan Kindcentrum Enter andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat:
de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het in bijlage IIIIV opgenomen Beplantingsplan Kindcentrum Enter en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het genoemde Beplantingsplan Kindcentrum Enter maatregelen zijn bepaald;
er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in de omgeving aanwezige functies en waarden.
[Red: Artikel 21.130 ongewijzigd verplaatst van subparagraaf 21.3.5.2 naar paragraaf 21.3.5.2. ]
Artikel 21.130 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
Het is verboden op of in gronden zonder of in afwijking van een omgevingsvergunning de volgende werken, geen bouwwerken zijnde, aan te leggen of de volgende werkzaamheden uit te voeren:
het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage;
het uitvoeren van heiwerkzaamheden en het op een of andere wijze indrijven van voorwerpen;
het verlagen of verhogen van het waterpeil;
het aanleggen of rooien van bos of boomgaard waarbij stobben worden verwijderd;
het aanleggen van ondergrondse kabels en leidingen en het aanbrengen van daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur;
het verwijderen van opgaande houtige beplanting;
het verharden van onverharde gronden;
het aanleggen van duikers, bruggen of andere kunstwerken ter overbrugging van een watergang.
Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing indien nader onderzoek heeft plaatsgevonden naar boombewonende vleermuissoorten en eventueel verplichte vervolgstappen zijn genomen, waaronder wordt verstaan het treffen van mitigerende maatregelen en het verkrijgen van een omgevingsverunning voor een flora- en fauna-activiteit.
[Red: Artikel 21.131 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.3.6 naar afdeling 21.3.6. ]
Het legale gebruik van gronden en bouwwerken op een locatie, dat bestond op 1 januari 2024 maar in strijd is met het omgevingsplan, mag worden voortgezet tot 1 januari 2032, indien en voor zover op dit gebruik geen andere overgangsregels in dit plan op die locatie van toepassing zijn.
Het is verboden een met het omgevingsplan strijdig gebruik te veranderen of te laten veranderen, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind.
[Red: Artikel 21.132 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.3.6 naar afdeling 21.3.6. ]
Als de activiteit, bedoeld in artikel 21.131 na het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden de activiteit daarna te hervatten.
[Red: Artikel 21.133 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.3.6 naar afdeling 21.3.6. ]
Een bouwwerk dat voor 1 januari 2024 legaal is opgericht, of op grond van een omgevingsvergunning mag worden opgericht, en afwijkt van het omgevingsplan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
in stand worden gehouden, gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden;
na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het (bouw-)werk is teniet gegaan.
[Red: Artikel 21.134 ongewijzigd verplaatst van paragraaf 21.3.6 naar afdeling 21.3.6. ]
Het bevoegd gezag kan eenmalig bij en omgevingsvergunning afwijken van artikel 21.133 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk met maximaal 10%.
De regels in deze titel gaan over de locatie Wijziging Rijssensestraat 118 en 120 Wierden en zijn van toepassing op een voor een regel bepaald werkingsgebied.
De regels in deze titel gelden in afwijking van het bepaalde in Hoofdstuk 2 van het bestemmingsplan 'Buitengebied 2009, herziening 2019 (veegplan 2)' en 'Paraplubestemmingsplan parkeren gemeente Wierden' zoals opgenomen in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan (bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet), indien en voor zover de regels met elkaar in strijd zijn.
De aanvraagvereisten, bedoeld in paragraaf 22.5.2 van dit omgevingsplan, zijn van overeenkomstige toepassing op een omgevingsvergunning die is vereist op grond van deze titel.
Artikel 21.136 Beoordelingsregel omgevingsplanactiviteit bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 wordt pas verleend, indien:
in het geval van nieuwbouw, uitbreiding en functiewijziging van gebouwen en/of voorzieningen, op eigen terrein dient te worden voorzien in voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen;
er is sprake van voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen, indien:
voldaan wordt aan de normen uit de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024', zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag omgevingsvergunning en dat indien deze publicatie gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging;
de parkeerplaatsen voldoen aan de verdere eisen (maatvoering en ontwerp) die zijn neergelegd in de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024', zoals die gelden op het tijdstip van indiening van de aanvraag omgevingsvergunning en dat indien deze publicatie gedurende de planperiode wordt gewijzigd, rekening wordt gehouden met de wijziging;
Voor de toepassing van de normen uit de CROW-publicatie wordt aangesloten bij de in artikel 21.138 gehanteerde gebiedsindeling.
Artikel 21.137 Specifieke beoordelingsregels omgevingsplanactiviteit bouwwerken
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 kan, in afwijking van artikel 21.136 ook worden verleend, indien:
aanpassing van het bouwplan om alsnog te kunnen voorzien in voldoende parkeerruimte op eigen terrein redelijkerwijs niet kan worden verlangd;
op een andere wijze is of wordt voorzien in voldoende parkeergelegenheid en laad- en losvoorzieningen om de toename van de parkeerbehoefte op te vangen;
de betreffende ontwikkeling, mits voldoende ruimtelijk onderbouwd, niet valt in te delen binnen één van de gestelde categorieën uit de CROW-publicatie 744 'Parkeercijfers 2024'.
Artikel 21.138 Van toepassing zijnde parkeernormen
Op de locatie buitengebied - Rijssensestraat 118 en 120 Wierden gelden de normen voor de stedelijke zone 'buitengebied'.
Artikel 21.139 Toepassingsbereik
De regels in deze afdeling hebben betrekking op het gebruik van gronden en bouwwerken.
Artikel 21.140 Afwegingskader omgevingsplanactiviteit
Bij het verlenen van een omgevingsvergunning als bedoeld in 21.5.3 vindt een evenredige belangenafweging plaats, waarbij betrokken worden:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van gezondheid, duurzaamheid, milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
Artikel 21.141 Toepassingsbereik
De regels in deze paragraaf (21.5.3.2) gaan over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen functies.
Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is met een onder deze paragraaf aan een locatie gegeven gebruiksdoel, of op een wijze die in strijd is met de daarop betrekking hebbende regels over gebruik.
Artikel 21.143 Uitzondering op verbod
De verbodsbepaling als genoemd in artikel 21.142 geldt niet voor de gebruiksactiviteiten die zijn benoemd op een locatie, inclusief de bijbehorende beoordelingsregels, zoals deze zijn geregeld in paragraaf 21.5.3.3 en artikel 21.144.
Artikel 21.144 Ondergeschikte activiteiten en voorzieningen
Ondergeschikt aan het gebruiksdoel mogen gronden en bouwwerken binnen de functie worden gebruikt voor de volgende bijbehorende activiteiten en voorzieningen:
Artikel 21.145 Toepassingsbereik
De regels in deze subparagraaf (21.5.3.2.2) gaan over het gebruik van gronden en bouwwerken binnen de Functie Bedrijf.
Gronden en bouwwerken binnen de functie Bedrijf - Rijssensestraat 120 mogen worden gebruikt voor het uitoefenen van bedrijfsmatige activiteiten.
Een ander gebruik van de gronden of bouwwerken is uitsluitend toegestaan indien dat in deze subparagraaf is aangegeven en wanneer wordt voldaan aan de daarvoor geldende regels.
Artikel 21.147 Bedrijfsactiviteiten - toegestaan
Op de locatie verhuur landbouwmachines – Rijssensestraat 120 is de verhuur van landbouwmachines toegestaan.
Artikel 21.148 Eén bedrijf per bouwvlak
Per Bouwvlak mogen de gronden en bouwwerk worden gebruikt door maximaal één bedrijf.
Artikel 21.149 Bedrijfsactiviteiten - vergunningplichtig
Voor het uitoefenen van andere bedrijfsactiviteiten dan genoemd in artikel 21.147 kan een omgevingsvergunning worden verleend, als wordt voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
er wordt aangetoond dat de beoogde bedrijfsactiviteiten naar de aard, omvang en de invloed op de omgeving gelijk te stellen zijn met de toegestane activiteiten dan wel minder invloed op de omgeving hebben;
er is geen sprake van een activiteit als genoemd in artikel 21.150.
Artikel 21.150 Verboden gebruiksactiviteiten
De volgende gebruiksactiviteiten zijn niet toegestaan:
activiteiten die in aanzienlijke mate geluid kunnen veroorzaken op grond van artikel 5.78b van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
risicovolle activiteiten zoals bedoeld in bijlage VII van het Besluit kwaliteit leefomgeving;
m.e.r.-plichtige activiteiten op basis van kolom 2 bijlage V van het Omgevingsbesluit;
het vervaardigen en/of opslaan van vuurwerk.
Artikel 21.151 Toepassingsbereik
De regels in deze subparagraaf (21.5.3.2.3) gaan over het gebruiken van gronden en bouwwerken binnen de Functie Verkeer.
Gronden en bouwwerken binnen de functie Verkeer - Rijssensestraat 118 mogen worden gebruikt voor verkeerstechnische doeleinden.
Artikel 21.153 Toepassingsbereik
De regels in deze subparagraaf (21.5.3.2.4) gaan over de activiteit wonen binnen de Functie Wonen.
Gronden en bouwwerken binnen de functie Wonen - Rijssensestraat 118 mogen worden gebruikt voor het wonen.
Op de locatie buitengebied - Rijssensestraat 118 en 120 Wierden hebben de gronden tevens het gebruiksdoel van landschappelijke inpassing en het behoud, het beheer en het herstel van de landschappelijke en natuurlijke waarden, zoals deze tot uitdrukking komen in de aanwezige hoogopgaande (bos-) beplantingen.
Een ander gebruik van de gronden of bouwwerken is uitsluitend toegestaan voor zover dat in deze subparagraaf is aangegeven en wanneer wordt voldaan aan de daarvoor geldende regels.
Artikel 21.155 Regels over aantallen
Op de locatie aantal wooneenheden - Rijssensestraat 118 mag het aantal wooneenheden maximaal het ter plaatse van de omgevingsnorm maximum aantal wooneenheden aangegeven aantal bedragen.
Artikel 21.156 Regels over doelgroepen
Op de locatie Wonen - Rijssensestraat 118 dienen tenminste zes van de te bouwen woningen gereserveerd te worden voor de categorie 'sociale koop', zoals opgenomen in de 'Verordening doelgroepen woningbouw gemeente Wierden 2024', met dien verstande dat:
De desbetreffende woningen worden voor een VON prijs behorend tot de categorie 'sociale koop' (onder voorbehoud van prijsindexatie) gerealiseerd;
De desbetreffende woningen worden voor maximaal 10 jaar gereserveerd voor deze doelgroep na vaststelling van het wijzigingsbesluit Wijziging Rijssensestraat 118 en 120 Wierden.
Artikel 21.157 Uitoefenen van een beroep of bedrijf aan huis
Het is toegestaan om ruimten binnen de woning of in de bijbehorende bouwwerken te gebruiken ten behoeve van de uitoefening van een beroep aan huis, voor zover dit gebruik ondergeschikt blijft aan de woonfunctie en mits voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:
niet meer dan 35% van het vloeroppervlakte van de woning en de bijbehorende bouwwerken mag worden gebruikt voor een aan-huis-verbonden beroep tot een maximale oppervlakte van 50 m2;
degene die de activiteiten uitvoert, dient tevens de bewoner van de woning te zijn;
er mag geen sprake zijn van opslag danwel bedrijfsactiviteiten buiten de aangegeven ruimte;
detailhandel is niet toegestaan, tenzij dit direct aan het huis verboden beroep gerelateerde en daaraan ondergeschikte detailhandel betreft;
een reclame-/naambord mag niet verlicht zijn en niet groter zijn dan 0,5 m². Het bord moet dichtbij de voorgevel of de erfafscheiding worden geplaatst;
het beroep aan huis mag geen afbreuk doen aan het woonmilieu in de buurt. De activiteit is naar aard in overeenstemming met het woonkarakter in de omgeving;
er mag geen flinke toename van verkeers- en parkeerdrukte plaatsvinden.
Artikel 21.158 Toepassingsbereik
De regels in deze subparagraaf (21.5.3.3.1) gaan over inwoning.
Artikel 21.159 Inwoning - vergunningplicht
Op de locatie inwoning - vergunningplicht - Rijssensestraat 118 kan een omgevingsvergunning worden verleend voor de huisvesting van twee huishoudens ten behoeve van inwoning, mits wordt voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
Artikel 21.160 Toepassingsbereik
De regels in deze subparagraaf (21.5.3.3.2) gaan over het uitoefenen van de activiteit mantelzorg.
Artikel 21.161 Mantelzorg - vergunningplicht
In afwijking van artikel 22.36 onder c kan op de locatie mantelzorg - vergunningplicht - Rijssensestraat 118 een omgevingsvergunning worden verleend voor de uitoefening van mantelzorg, mits wordt voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
mantelzorg vindt plaats in een bijbehorend bouwwerk;
er niet meer dan 75 m2 aan bestaande bijbehorende bouwwerken in gebruik wordt genomen als afhankelijke woonruimte;
er geen sprake is van nieuwbouw ten behoeve van de afhankelijke woonruimte;
het bijbehorend bouwwerk een ruimtelijke eenheid vormt met de woning;
het gebruik van een bijbehorend bouwwerk als afhankelijke woonruimte niet mag leiden tot een onevenredige aantasting van de omgeving;
de afwijking en derhalve het gebruik van het bijbehorend bouwwerk als afhankelijke woonruimte dient te worden beëindigd als de mantelzorgsituatie is komen te vervallen.
Artikel 21.162 Toepassingsbereik
De regels in deze afdeling (21.5.4) gaan over activiteiten en regels met betrekking tot bouwwerken.
Artikel 21.163 Anti-dubbeltelregel
Grond welke eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.
Subparagraaf 21.5.4.1.2 Vergunningplicht voor het bouwen, in stand houden en gebruiken van een bouwwerk
Artikel 21.164 Bouwwerken uitsluitend toegestaan voor het toegestane gebruik
De omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 22.26 kan uitsluitend worden verleend wanneer de activiteit wordt uitgeoefend in het kader van het gebruiksdoel van de functie waar deze ruimtelijke bouwactiviteit plaatsvindt, zoals dat in afdeling 21.5.3 is bepaald.
Artikel 21.165 Bebouwingsconcentratie
Op de locatie buitengebied - Rijssensestraat 118 en 120 Wierden geldt dat bij het verrichten van een bouwactiviteit het beginsel van bebouwingsconcentratie in acht worden genomen.
Artikel 21.166 Verbodsbepaling
Ongeacht het bepaalde in dit omgevingsplan, is op de locatie bebouwing uitgesloten - Rijssensestraat 118 en 120 geen bebouwing toegestaan.
Bij het verlenen van omgevingsvergunningen als bedoeld in subsubparagraaf 21.5.4.2.1.2 vindt een evenredige belangenafweging plaats waarbij betrokken worden:
de mate waarin de belangen van gebruikers en/of van eigenaren van de aanliggende gronden kunnen worden geschaad;
de mate waarin de uitvoerbaarheid is aangetoond, waaronder begrepen de toelaatbaarheid op het gebied van gezondheid, duurzaamheid, milieu, (omgevings)veiligheid, waterhuishouding, ecologie en archeologie;
de mate waarin de landschappelijke/stedenbouwkundige inpasbaarheid is aangetoond;
de mate waarin de verkeer- en parkeersituatie wordt beïnvloed, waaronder begrepen de gevolgen voor de infrastructuur.
Artikel 21.168 Maatwerkvoorschriften
Burgemeester en wethouders kunnen maatwerkvoorschriften stellen aan de plaats en de afmetingen van de bebouwing ten behoeve van:
Artikel 21.169 Afwijking tot niet meer dan 10% van maten, afmetingen en percentages
Een omgevingsvergunning kan worden verleend voor het afwijken van de in de regels gegeven maten, afmetingen en percentages tot maximaal 10%, met dien verstande dat dit niet geldt voor oppervlakte- en inhoudsmaten.
Artikel 21.170 Werkelijke afmetingen van het terrein
Een omgevingsvergunning kan worden verleend om af te wijken van de regels met het oog op de aanpassing aan de werkelijke afmetingen van het terrein mits de structuur van het plan niet worden aangetast en de afwijking gewenst en noodzakelijk wordt geacht voor de juiste verwezenlijking van het plan.
Artikel 21.171 Toepassingsbereik
De regels in deze paragraaf (21.5.4.2) gaan over het bouwen van gebouwen.
Wanneer in deze paragraaf beoordelingsregels zijn opgenomen voor een specifiek gebouw, wordt voldaan aan de voor dat gebouw bepaalde beoordelingsregels.
De regels in deze paragraaf gelden niet voor het bouwen van:
Artikel 21.172 Waar zijn gebouwen toegestaan
Een gebouw wordt gebouwd binnen een bouwvlak - Rijssensestraat 118 en 120, tenzij anders bepaald in dit omgevingsplan.
Artikel 21.173 Afstand tot de perceelsgrens
Op de locatie afstand perceelsgrens 3 m - Rijssensestraat 120 bedraagt de afstand tot de perceelsgrens minimaal 3 m.
Artikel 21.174 Regels over de bouwhoogte
Op de locatie maximum bouwhoogte - Rijssensestraat 118 en 120 bedraagt de bouwhoogte van een gebouw maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte gebouwen aangegeven bouwhoogte.
Artikel 21.175 Regels over de goothoogte
Op de locatie maximum goothoogte - Rijssensestraat 118 en 120 bedraagt de goothoogte van een gebouw maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum goothoogte gebouwen aangegeven goothoogte.
Artikel 21.176 Regels over de dakhelling
Op de locatie maximum dakhelling - Rijssensestraat 118 en 120 bedraagt de dakhelling van een gebouw maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum dakhelling gebouwen aangegeven dakhelling.
Op de locatie minimum dakhelling - Rijssensestraat 118 en 120 bedraagt de dakhelling van een gebouw minimaal de ter plaatse van de omgevingsnorm minimum dakhelling gebouwen aangegeven dakhelling.
Artikel 21.177 Regels over de inhoud van een woning
Op de locatie maximum inhoud woningen - Rijssensestraat 118 bedraagt de inhoud van een woning maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum inhoud woning aangegeven inhoud.
De inhoud of de oppervlakte van kelders hoeft niet meegerekend te worden binnen respectievelijk de inhoud of de oppervlakte van een woning wanneer wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:
de kelderramen mogen niet boven maaiveldniveau worden aangebracht;
de kelder heeft op maaiveldniveau geen ruimtelijke uitstraling en is dus niet zichtbaar;
ten behoeve van daglichttoetreding en ventilatie mogen ramen met een koekoek worden aangebracht;
voor de maximale afmetingen van de koekoek wordt verwezen naar de tekening;
maximaal 50% van de omtrek van het bouwwerk (buitenmuren) mag worden voorzien van een koekoek;
het is toegestaan over de volle lengte/breedte van het pand een koekoek aan te brengen.
Artikel 21.178 Regels over de oppervlakte van gebouwen
Op de locatie maximum oppervlakte - Rijssensestraat 120 bedraagt de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum oppervlakte gebouwen aangegeven oppervlakte.
Artikel 21.179 Bouwen van ondergrondse gebouwen
Op de locatie ondergrondse gebouwen - Rijssensestraat 118 zijn ondergrondse gebouwen (kelders) toegestaan, indien wordt voldaan aan de volgende beoordelingsregels:
Artikel 21.180 Bouwen tot op de perceelsgrens
Op de locatie bouwen tot op de perceelgrens - Rijssensestraat 120 kan een omgevingsvergunning worden verleend voor het bouwen van gebouwen tot op de perceelsgrens.
Artikel 21.181 Verhogen oppervlakte van gebouwen
Op de locatie verhogen maximum oppervlakte gebouwen - Rijssensestraat 120 kan de omgevingsvergunning ook worden verleend voor een grotere oppervlakte dan aangegeven onder artikel 21.178 met dien verstande dat:
de oppervlakte maximaal wordt vergroot tot de ter plaatse van de omgevingsnorm verhogen maximum oppervlakte gebouwen aangegeven oppervlakte;
de noodzaak is aangetoond door middel van een bedrijfsplan;
het perceel landschappelijk wordt ingepast, passend binnen het gemeentelijk landschapsbeleid.
Artikel 21.182 Verhogen bouwhoogte gebouwen
Op de locatie verhogen bouwhoogte gebouwen - 12 meter - Rijssensestraat 120 kan een omgevingsvergunning worden verleend voor het verhogen van de bouwhoogte van gebouwen tot maximaal 12 meter.
Artikel 21.183 Verhogen goothoogte gebouwen
Op de locatie verhogen goothoogte gebouwen - 8 meter - Rijssensestraat 120 kan een omgevingsvergunning worden verleend voor het verhogen van de goothoogte van gebouwen tot maximaal 8 meter.
Artikel 21.184 Realiseren van een afwijkende dakvorm
Op de locatie afwijkende dakvorm - Rijssensestraat 120 kan een omgevingsvergunning worden verleend voor het realiseren van een afwijkende dakvorm als bedoeld in artikel 21.176 eerste en tweede lid, indien en voor zover het bebouwingsbeeld daardoor niet onevenredig wordt aangetast.
Artikel 21.185 Toepassingsbereik
De regels in deze subparagraaf (21.5.4.2.2) zijn van toepassing op het bouwen van woningen binnen de Functie Wonen.
Artikel 21.186 Regels over aantallen
Per bouwvlak wordt maximaal één woning gebouwd.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid bedraagt het aantal wooneenheden - Rijssensestraat 118 het ter plaatse van de omgevingsnorm maximum aantal wooneenheden aangegeven aantal.
Artikel 21.187 Regels over de situering
De voorgevel van een woning dient te worden gebouwd in de naar de weg gekeerde bouwgrens. Indien bij een hoekperceel twee bouwgrenzen naar de openbare weg zijn gekeerd, dan dient de voorgevel te worden gebouwd in de bouwgrens, die zoveel mogelijk een regelmatige of nagenoeg regelmatige ligging ten opzichte van de voorgevels van de bestaande gebouwen op de naastgelegen percelen heeft.
Artikel 21.188 Regels over de vormgeving
Een woning wordt vrijstaand of halfvrijstaand gebouwd.
In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt op de locatie aaneengebouwd - Rijssensestraat 118 dat woningen uitsluitend in een rij mogen worden gebouwd.
Artikel 21.189 Regels met betrekking tot bescherming van woon- en leefklimaat
Op de locatie Wonen - Rijssensestraat 118 wordt de omgevingsvergunning voor het bouwen uitsluitend verleend wanneer is voorzien in de aanleg van de in bijlage III opgenomen geluidwerende voorzieningen.
Artikel 21.190 Toepassingsbereik
De regels in deze subparagraaf (21.5.4.3.1) gaan over het bouwen van bijbehorende bouwwerken en overkappingen bij woningen.
Artikel 21.191 Waar bijbehorende bouwwerken zijn toegestaan
Bijbehorende bouwwerken en overkappingen worden in het achtererfgebied gebouwd.
Artikel 21.192 Regels over de oppervlakte
Op de locatie oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en overkappingen - Rijssensestraat 118 is de oppervlakte van bijbehorende bouwwerken en overkappingen per woning maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum oppervlakte bijbehorende bouwwerken en overkappingen aangegeven oppervlakte.
Artikel 21.194 Regels over de goothoogte
De goothoogte van een bijbehorend bouwwerk is maximaal 3 m.
Artikel 21.195 Regels over de dakhelling
De dakhelling van een bijbehorend bouwwerk is maximaal 60°.
Artikel 21.196 Toepassingsbereik
De regels in deze paragraaf (21.5.4.4) gaan over het bouwen van bouwwerken, geen gebouw of overkapping zijnde.
Artikel 21.197 Regels over de bouwhoogte - algemeen
De bouwhoogte van een bouwwerk, geen gebouwen of overkapping zijnde is maximaal de ter plaatse van de omgevingsnorm maximum bouwhoogte bouwwerken geen gebouw of overkapping zijnde aangegeven bouwhoogte, tenzij er voor een bouwwerk, geen gebouw of overkapping zijnde een specifieke bouwhoogte is opgenomen in deze subparagraaf.
Op de locatie lichtmasten 6 meter - Rijssensestraat 118 is de bouwhoogte van lichtmasten maximaal 6 m.
Artikel 21.199 Beplantingsplan Rijssensestraat 118
Tot een met de Functie Wonen strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het bouwen van gebouwen binnen de locatie Wonen - Rijssensestraat 118 zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen op het bouwperceel conform het in het bijlage III opgenomen Beplantingsplan Rijssensestraat 118, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gebouwen op de locatie Wonen - Rijssensestraat 118 overeenkomstig de Functie Wonen worden gebouwd onder de voorwaarde dat binnen 24 maanden na onherroepelijk worden van de omgevingsvergunning voor het bouwen van een gebouw geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen op het bouwperceel conform het in het bijlage III opgenomen Beplantingsplan Rijssensestraat 118, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
Bij een omgevingsvergunning kan, mits in overeenstemming met de gemeente, worden afgeweken van het bepaalde artikel 21.199 eerste lid indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals opgenomen in het Beplantingsplan Rijssensestraat 118 andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat:
de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het in bijlage III opgenomen Beplantingsplan Rijssensestraat 118 en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het genoemde Beplantingsplan Rijssensestraat 118 maatregelen zijn bepaald;
er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in de omgeving aanwezige functies en waarden.
Artikel 21.200 Beplantingsplan Rijssensestraat 120
Tot een met de Functie Bedrijf strijdig gebruik wordt in elk geval gerekend het bouwen van gebouwen binnen de locatie Bedrijf - Rijssensestraat 120 zonder de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen op het bouwperceel conform het in het bijlage III opgenomen Beplantingsplan Rijssensestraat 120, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
in afwijking van het bepaalde onder a mogen gebouwen op de locatie Bedrijf - Rijssensestraat 120 overeenkomstig de Functie Bedrijf worden gebruikt onder de voorwaarde dat binnen 24 maanden na onherroepelijk worden van het wijzigingsbesluit 'Wijziging Rijssensestraat 118 en 120, Wierden' geheel uitvoering is gegeven aan de aanleg en instandhouding van de landschapsmaatregelen op het bedrijfsperceel conform het in het bijlage III opgenomen Beplantingsplan Rijssensestraat 120, teneinde te komen tot een goede landschappelijke inpassing.
Bij een omgevingsvergunning kan, mits in overeenstemming met de gemeente, worden afgeweken van het bepaalde artikel 21.200 eerste lid indien in plaats van de landschapsmaatregelen zoals opgenomen in het Beplantingsplan Rijssensestraat 120 andere landschapsmaatregelen worden getroffen, met dien verstande dat:
de landschapsmaatregelen minimaal gelijk zijn aan de in het in bijlage III opgenomen Beplantingsplan Rijssensestraat 120 en voorzien in een minimaal gelijk beschermingsniveau van de landschappelijke waarden waarvoor de in het genoemde Beplantingsplan Rijssensestraat 120 maatregelen zijn bepaald;
er geen onevenredige aantasting plaatsvindt van in de omgeving aanwezige functies en waarden.
Artikel 21.201 Geluidwerende voorziening
Op de locatie Wonen - Rijssensestraat 118 geldt een verplichting om de geluidwerende voorzieningen zoals opgenomen in bijlage III Geluidwerende voorzieningen - Rijssensestraat 118 in stand te houden.
Het legale gebruik van gronden en bouwwerken op een locatie, dat bestond op 1 januari 2024 maar in strijd is met het omgevingsplan, mag worden voortgezet tot 1 januari 2032, indien en voor zover op dit gebruik geen andere overgangsregels in dit plan op die locatie van toepassing zijn.
Het is verboden een met het omgevingsplan strijdig gebruik te veranderen of te laten veranderen, tenzij door deze verandering de afwijking naar aard en omvang wordt verkleind
Als de activiteit, bedoeld in artikel 21.202 na het tijdstip van inwerkingtreding van het omgevingsplan voor een periode langer dan een jaar wordt onderbroken, is het verboden de activiteit daarna te hervatten.
Een bouwwerk dat voor 1 januari 2024 legaal is opgericht, of op grond van een omgevingsvergunning mag worden opgericht, en afwijkt van het omgevingsplan, mag, mits deze afwijking naar aard en omvang niet wordt vergroot:
in stand worden gehouden, gedeeltelijk worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden;
na het teniet gaan ten gevolge van een calamiteit geheel worden vernieuwd of veranderd en in respectievelijk vernieuwde of veranderde staat in stand worden gehouden, mits de aanvraag van de omgevingsvergunning voor het bouwen wordt gedaan binnen twee jaar na de dag waarop het (bouw-)werk is teniet gegaan.
Het bevoegd gezag kan eenmalig bij en omgevingsvergunning afwijken van artikel 21.204 voor het vergroten van de inhoud van een bouwwerk met maximaal 10%.
C
Bijlage I wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
/join/id/regdata/gm0189/2026/87729dea0a404e6e8ca368b4c3c45534/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/c25da30dfa7541e1b5e0d2b5d810aa3a/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2026/7f989a6e4d6044a7a00b8e851d090331/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/17cb2b9d0fb34910a1e7db1b590d3d92/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/ffa031bf94e44d31a30071fe061209f7/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2026/8fd005f4d61e4642bdca2d8f474f18df/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/ea1f07b80c8943b6a052a8351f4c280e/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/f97ae050924549c5a3ccb520eb5b8df7/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2025/c150e890b7db49d6bb0d4e6e3efcd40a/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/a8c92f6e0ac6456a80a03af8e0d37a21/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2026/91f7370011634dab8b4a2db1abe64c41/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/ad6863328c4a4d4f8cb3d91f3d0a74b6/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2026/b4812c0622164ae8804bc616c6b8c130/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/814b72cb39e94e889e031f6a4f1514db/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/430ef5d55a8f4deead149d53d7733095/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2026/2601c65fdbc2493bb785c0e4fa8f9fb5/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/3ec19e246164407286548266fb38882e/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/7d38131646514c3fad516414af4cfb66/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2026/3780c197a8b14f7eaab4a3ff26128fba/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/129c6166f58b4354ae239b60259e96a1/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/197d630390da4923abf5f41b075666f3/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2026/1d47c68c7ae14b9889f5279fe435b2fa/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/f9c008be8abe4efa97070d42e7ee0763/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/f05b3be4a2314fcfa058154b39b8c6d8/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2026/2720af54e6f54605a251fd775b4ba313/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/c04e987c39ce48938adb2707eded1620/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/77249c34eeb44323ad0b8904f5d279c8/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/209f613988a84bb9bdb23a0e4dd87731/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/c20058d485914f918084ba2c0525390c/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2024/5e50a87a72fa44f9b8fa21048dd580b4/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/5e50a87a72fa44f9b8fa21048dd580b4/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/7467f251cfe141ffb9ab0aece0c70bd8/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2026/4149e77d0801437a9ee4b06c970d9a07/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/f5d3394770bf4f6484950925a749cee4/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/abedf4610b534b93a7eaa24d117dff93/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2025/50698725e36849788ff3df71856e236f/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/7805bcbac0e445b7825c5680e7c3edf3/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/1aab25b3d1d04be9b10c6892a51b6d49/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/b60d64326ce9454bb002bc7dfcdf0749/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/f0f13916e14b4a1f8d3f0451a56cb104/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2025/ad4805b4a6624e39a2bbee3b55bb1eee/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/8bb3ec4e965e415298437ebc9e2466fc/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/a6036561c3544833a42b8f9e5396da97/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2026/1dc397ce14ef4dfcafea106c8065c547/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/0b9b62b68ee746e5ab93f4913a35f057/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/5500fb7038124a2c841bb7112e611bcb/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/60c7b9fa357344879186103977236bbe/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/dff23da31fcd4be7b4d02cdef4dd4c51/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2026/2b1a2950380a41b0a9c665fe1a5f2d24/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/f71d1bf311a9411ab98daafea77d523b/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2026/cd575e04a2ed46f2828b3634cd0065c4/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/9da4898566764cb598d7a4e8d1985e02/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/18ae1bc500a64908aee086e9eb24ddc1/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/402a08548f8746d3aa398074e1c4ea6c/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/d6cd8c0cf22944918fcbf285c5e80e0f/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/910807fdddd846d1851e439d4528823c/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2026/4082dae75ace426b923d94ec857c63df/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/04757bc7ede54f77b166d79456b5d2d8/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/0f04b10a487648ad817ebb8f4d24b037/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/0f04b10a487648ad817ebb8f4d24b037/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/10c6f896fbfb4dc8ae48059d4d9e6d10/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/10c6f896fbfb4dc8ae48059d4d9e6d10/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/85518e675bba4f3bb6515437e40939cc/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2026/bfdf99f3e08b44879f3c6652ceaedfe3/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/a730af71cf464960b88a69edc1885a75/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/9ace3b98122442cebf3716e4f2edfac4/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/488c4bfe91be4356b39e8ed1f3243023/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/671b22aaee5c47c5ae2d6da726a3cf45/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/488d0ed0846a4548b72999f8d3ae10ca/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/dd4d40a72cf64b309f6e2324677defc6/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/65a6e0000dbd46d293139aa31d21cf12/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/62fbebc4759d4093b0efc6133fc34ed7/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/91acc50a262042e093b24b064b05d60d/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/88163d4e06de423f90df28527775b6bc/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/55ed9c8bebc34890b91ee3a81216deaf/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/f8fb07db127f457b8b13748f3e593743/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/a24aa6c8fd2c4c328995e827b06e99e0/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/6287f4ce19b8462a996807f7f724c550/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/2831ada74bd9473fbd049a6c6f021f5f/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/1f2043e4fd654383906b0fc8df0f11b0/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/b570d0f21ab34a10ba7ccf14f2f18cc5/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/f783c3fc930a45919261b139d21a4352/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2025/187eb6cef3f64fdfb9b947d1cafeccc8/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2024/1d714f2623e1494689491438db6005c2/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2026/6b4531a1a35240d9925069e42d6f23cb/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/a18c631c1e8544f69ff959c9dd01e726/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2026/fae97984d57840d6a5d0591458bef780/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/5aeeb1d97948444cb5b1dde958a6281e/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/ba725b6405d44626a6a49e8cd6490a75/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/b67b76ba1aa441989363d4dc223df400/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/868637665ec84b1d807f9881932c6e35/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2025/86f7c6d5de7b44fda3cb248679bf0dbb/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2026/f84e0a2cdefe479aa18136ae90606cb9/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/8abe2fd93de2434086e520636a1c4b2a/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/8377064530f04959a35f1991948eb985/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2024/90566994756b462c99effff7fde4549c/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2024/05a4c2a648e942089b81c202a0a087cf/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2025/49e5807115e84206affb1320cef9bb52/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2026/aac0c88fda824341a31aaa15c4434fcd/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2025/1e1e87ae362946cf83d223c769c06b6a/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2026/fa1ca87f100742f19ee3e199ce0a10c4/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2024/2592a2e17324440cbd41479ae2f23aec/nld@2025‑12‑10;12182181
/join/id/regdata/gm0189/2024/5c9216c78938476ab4a3741cc77dc7b5/nld@2025‑02‑10;10435720
/join/id/regdata/gm0189/2025/bfffcdc672024aea8dc1cf7d0e678019/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/053fe1a7563a418bbaf2dfbe78b5f7a9/nld@2026‑02‑03;09515482
/join/id/regdata/gm0189/2025/7aa778c69baa45cd8ca895b8cf08db4d/nld@2026‑02‑03;09515482
D
Na bijlage II wordt een bijlage ingevoegd, luidende:
/join/id/regdata/gm0189/2026/4c824fe509354d70bda2fd2f476f4ad2/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/f48e900416694a578299e769063cf738/nld@2026‑06‑09;13073345
/join/id/regdata/gm0189/2026/ba4d2000735d42e8951a6d639e289769/nld@2026‑06‑09;13073345
E
Het opschrift van bijlage III wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-278000.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.