Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda tot wijziging van de Handhavingsmatrix Breda 2020

Bekendmaking

Burgemeester en wethouders van Breda maken bekend dat zij op 19 mei 2026 de Handhavingsmatrix Breda 2020 hebben gewijzigd.

 

Inwerkingtreding

De wijziging treedt in werking met ingang van de dag na bekendmaking.

 

Rechtsmiddelen

Tegen het besluit tot wijziging van de Handhavingsmatrix Breda 2020 is geen bezwaar of beroep mogelijk.

 

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Breda tot wijziging van de Handhavingsmatrix Breda 2020

 

Burgemeester en wethouders van de gemeente Breda;

besluiten:

Artikel I  

De Handhavingsmatrix Breda 2020 wordt als volgt gewijzigd:

 

Bijlage 11 komt als volgt te luiden:

 

Bijlage 11: Overtredingen die samenhangen met straattaxivervoer opstapmarkt Breda

 

Regel

Wetsartikel / overtreding

Maatregel

Bevoegdheid

1

Artikel 2.1 lid 1 Verordening Kwaliteitsbevordering Straattaxivervoer Breda 2025

 

Zonder of in afwijking van een geldige GTB-vergunning taxivervoer aanbieden voor de opstapmarkt.

1e Constatering

Bestuurlijke waarschuwing

 

2e Constatering binnen twee jaar na bestuurlijke waarschuwing en/of constatering vorige overtreding/verbeuring dwangsom

Opleggen last onder dwangsom met vijf termijnen bestaande uit opeenvolgend

  • -

    twee termijnen van € 1.000,- ;

  • -

    twee termijnen van € 2.000,- ;

  • -

    één termijn van € 5.000,- ; (maximaal bedrag € 11.000,-)

Als na afloop van de begunstigingstermijn niet aan de opgelegde last is voldaan dan wordt opnieuw een last opgelegd waarbij de hoogte van de dwangsom met 100 % wordt verhoogd. De opgelegde last heeft dan kennelijk onvoldoende prikkel gehad om de overtreding te beëindigen

College van burgemeester en wethouders

2

Artikel 2.1 lid 1 Verordening Kwaliteitsbevordering Straattaxivervoer Breda 2025

 

Taxivervoer aanbieden voor de opstapmarkt gedurende de schorsing van de GTB-vergunning.

1e Constatering binnen opgelegde schorsingstermijn

Verlenging van de opgelegde schorsing van de GTB-vergunning met twee weken

 

2e Constatering binnen opgelegde schorsingstermijn (incl. verlenging schorsingstermijn)

Verlenging van de opgelegde schorsing van de GTB-vergunning met vier weken

 

3e Constatering binnen opgelegde schorsingstermijn (incl. verlenging schorsingstermijn)

Intrekken van de GTB-vergunning

College van burgemeester en wethouders

3

Artikel 2.1 lid 2 Verordening Kwaliteitsbevordering Straattaxivervoer Breda 2025

 

Verbod op al of niet tegen betaling ter beschikking te stellen van de GTB-vergunning aan een derde voor het aanbieden van taxivervoer

1e Constatering

Bestuurlijke waarschuwing

 

2e Constatering binnen twee jaar na bestuurlijke waarschuwing

Schorsen van de GTB-vergunning voor twee weken

 

Herhaling overtreding(en) binnen twee jaar na vorige constatering

  • a.

    eerste herhaalde overtreding: schorsen GTB-vergunning voor vier weken;

  • b.

    tweede herhaalde overtreding: schorsen GTB-vergunning voor acht weken;

  • c.

    derde herhaalde overtreding: intrekken GTB-vergunning

College van burgemeester en wethouders

4

Artikel 2.7 jo. Artikel 2.9 lid 1, sub c Verordening Kwaliteitsbevordering Straattaxivervoer Breda 2025 *

 

Eisen die gaan over de GTB-vergunning, de herkenbaarheid van het voertuig en de chauffeur ingevolge artikel 2 van de Nadere regels kwaliteitsbevordering straattaxivervoer Breda

1e Constatering

Bestuurlijke waarschuwing

 

2e Constatering binnen twee jaar na bestuurlijke waarschuwing

Opleggen last onder dwangsom van € 500,- met een maximum van € 2000,-

College van burgemeester en wethouders

1e Constatering binnen twee jaar nadat het maximumbedrag van de last onder dwangsom is verbeurd

Schorsing van de GTB-vergunning voor vier weken

 

2e Constatering binnen twee jaar na een eerdere schorsing van de GTB-vergunning

Intrekking van de GTB-vergunning

5

Artikel 2.9 lid 1 sub c Verordening Kwaliteitsbevordering Straattaxivervoer Breda 2025 **

 

Niet handelen conform voorschriften/beperkingen die aan de GTB-vergunning dan wel in artikel 6 (zeer zwaarwegende kwaliteitsregels) en artikel 7 (zwaarwegende kwaliteitsregels) van de Nadere regels kwaliteitsbevordering straattaxivervoer Breda zijn opgenomen.

1e Constatering

Bestuurlijke waarschuwing

 

2e Constatering binnen twee jaar na bestuurlijke waarschuwing

Zwaarwegende overtreding: Schorsing van de GTB-vergunning voor vier weken

Zeer zwaarwegende overtreding: Schorsing van de GTB-vergunning voor acht weken

 

3e Constatering binnen twee jaar na eerste schorsingsbesluit

Zwaarwegende overtreding: Schorsing van de GTB-vergunning voor vier weken

Zeer zwaarwegende overtreding: Schorsing van de GTB-vergunning voor acht weken

 

4e Constatering binnen twee jaar na tweede schorsingsbesluit

Zwaarwegende overtreding: Schorsing van de GTB-vergunning voor acht weken

Zeer zwaarwegende overtreding: Intrekking van de GTB-vergunning

 

Na het bereiken of overschrijden van een totale schorsingstermijn van zestien weken wordt bij de eerstvolgende overtreding – ongeacht of deze zwaarwegend of zeer zwaarwegend is – overgegaan tot intrekking van de GTB-vergunning

College van burgemeester en wethouders

6

Artikel 2.7 lid 4 Verordening Kwaliteitsbevordering Straattaxivervoer Breda 2025

 

Niet inleveren van het GTB-bewijs binnen zeven dagen na schorsing, intrekking of het van rechtswege vervallen van de GTB-vergunning

Constatering na uiterste inleverdatum zoals vermeld in het schorsingsbesluit of intrekkingsbesluit

 

Opleggen van een last onder dwangsom met de volgende voorwaarden:

  • -

    Dwangsom: € 500,- per week (of een gedeelte daarvan) dat het GTB-bewijs niet is ingeleverd

  • -

    Maximumbedrag: € 5.000,-

College van burgemeester en wethouders

* & ** = Tijdens de overgangsfase geldt een afwijkend handhavingsregime; zie toelichting.

 

Toelichting punt 5: Hierbij is gekozen voor een proportionele opbouw, waarbij rekening wordt gehouden met de ernst van de overtreding. Deze matrix maakt onderscheid tussen zwaarwegende en zeer zwaarwegende overtredingen en introduceert een systeem van cumulatieve schorsingen. Pas wanneer een vergunninghouder minimaal 16 weken aan schorsingen heeft gehad, wordt bij een volgende overtreding overgegaan tot intrekking van de GTB-vergunning.

 

Toelichting op de aangepaste matrix

 

  • 1.

    Uitgangspunten van de matrix

    • De handhaving begint altijd met een bestuurlijke waarschuwing.

    • Daarna volgen schorsingen, afhankelijk van de ernst van de overtreding:

      • Zwaarwegende overtreding → schorsing van 4 weken.

      • Zeer zwaarwegende overtreding → schorsing van 8 weken.

    • De schorsingsperiodes wordt opgeteld.

    • Zodra een vergunninghouder 16 weken of meer aan schorsingen heeft gehad, waarbij geldt dat de volgende overtreding geconstateerd moet zijn binnen een termijn van 2 jaar na de vorige constatering, leidt een volgende overtreding tot intrekking van de vergunning.

  • 2.

    Cumulatie en opbouw

    • Zwaarwegende overtredingen bouwen langzamer op: pas bij een derde zwaarwegende overtreding wordt een schorsing van 8 weken opgelegd (totale schorsing komt dan op 16 weken).

    • Zeer zwaarwegende overtredingen tellen zwaarder mee: bij twee zeer zwaarwegende overtredingen is het maximum van 16 weken bereikt.

    • Combinaties zijn mogelijk, bijvoorbeeld:

      • Zwaar (8 weken) + licht (4 weken) + zwaar (8 weken) = 20 weken → toegestaan. De grens van 16 weken is een minimum voor intrekking.

  • 3.

    Doel van de matrix

    • Zorgt voor een duidelijke en transparante opbouw van maatregelen;

    • Biedt ruimte voor correctiegedrag bij (zeer) zwaarwegende overtredingen;

    • Straft recidive zwaarder, zeker bij ernstige feiten;

    • Houdt rekening met het proportionaliteitsbeginsel (artikel 3:4 Awb) en de inherente afwijkingsbevoegdheid (artikel 4:84 Awb).

  • 4.

    Voorbeelden uit de praktijk

    • Casus A (alleen zwaarwegende overtredingen):

      • 1e keer: waarschuwing

      • 2e keer: 4 weken schorsing

      • 3e keer: 4 weken schorsing (totaal 8 weken)

      • 4e keer: 8 weken schorsing (totaal 16 weken)

      • 5e keer: intrekking vergunning

    • Casus B (alleen zeer zwaarwegende overtredingen):

      • 1e keer: waarschuwing

      • 2e keer: 8 weken schorsing

      • 3e keer: 8 weken schorsing (totaal 16 weken)

      • 4e keer: intrekking vergunning

    • Casus C (combinatie zwaarwegend en zeer zwaarwegend):

      • 1e keer: waarschuwing

      • 2e keer: zeer zwaarwegende overtreding → 8 weken

      • 3e keer: zwaarwegende overtreding → 4 weken (totaal 12 weken)

      • 4e keer: zeer zwaarwegende overtreding → 8 weken (totaal 20 weken)

      • 5e keer: intrekking vergunning

*Toelichting overgangsfase (bij overtredingen van artikel 2.7 lid 1 jo. artikel 2.9, lid 1, sub c Verordening Kwaliteitsbevordering Straattaxivervoer Breda 2025)

Tijdens de overgangsfase (eerste zes maanden na inwerkingtreding van de nieuwe verordening) kan het voorkomen dat voormalige KTB-vergunninghouders (nog) zonder GTB-vergunning rondrijden. In deze fase beschikken zij formeel niet over een geldige vergunning, waardoor handhaving via schorsing of intrekking niet mogelijk is.

 

Om in deze overgangsfase toch toezicht te houden op zichtbaarheid, herkenbaarheid en toonplicht (zoals het tonen van het keurmerkcertificaat of GTB-bewijs), wordt tijdelijk gewerkt met een alternatieve handhavingslijn:

 

  • Eerste constatering: bestuurlijke waarschuwing.

  • Vervolgconstateringen: last onder dwangsom van €500 per overtreding, met een maximum van €2.000.

Hoewel de nieuwe Nadere regels verwijzen naar het GTB-bewijs en bijbehorende voorschriften (zoals plaatsing in een insteekhoes achter de voorruit), wordt tijdens de overgangsfase ten aanzien van voormalige KTB-houders een functionele benadering gehanteerd. Dat betekent dat vergelijkbare gedragingen van oude vergunninghouders (zoals het niet tonen van het KTB-certificaat) naar evenredigheid en proportionaliteit zoveel mogelijk worden gekoppeld aan de overtredingscategorieën uit de nieuwe matrix.

 

Deze benadering is afgestemd op het evenredigheids- en rechtszekerheidsbeginsel, waarbij enerzijds het toezicht wordt gewaarborgd en anderzijds wordt voorkomen dat chauffeurs worden geconfronteerd met onduidelijke of buitenproportionele sancties. De basis hiervoor is terug te vinden in artikel 5.3 lid 2 van de Verordening 2025, waarin de mogelijkheid is opgenomen voor het college om aanvullende eisen te stellen aan het KTB-keurmerkcertificaat in deze overgangsfase.

 

Het verbeuren van de genoemde maximale dwangsom brengt niet met zich mee dat de overtreding mag worden voortgezet. Als de maximale dwangsom is verbeurd zonder dat dit heeft geleid tot het beëindigen van de overtreding, kan besloten worden om een nieuwe dwangsom op te leggen, dan wel andere passende maatregelen te treffen

 

**Toelichting overgangsfase (bij overtredingen van artikel 6 en 7 van de Nadere regels kwaliteitsbevordering straattaxivervoer Breda)

In de periode van zes maanden na inwerkingtreding van het nieuwe vergunningenstelsel (GTB-vergunning), vervallen de oude KTB-vergunningen. Tijdens deze overgangsfase wordt taxichauffeurs de gelegenheid geboden om een nieuwe GTB-vergunning aan te vragen en te behalen.

 

Omdat er in deze fase geen geldige vergunning van kracht is, zijn de reguliere bestuursrechtelijke handhavingsinstrumenten – zoals het schorsen of intrekken van een vergunning – niet toepasbaar. Om in deze periode toch effectief te kunnen optreden tegen een overtreding van een (zeer) zwaarwegende kwaliteitsregel zoals genoemd in artikel 6 en 7 van Nadere regels kwaliteitsbevordering straattaxivervoer Breda, is gekozen voor een alternatieve handhavingswijze.

 

Handhavingsaanpak in de overgangsfase:

  • Bij een eerste constatering van niet-naleving volgt een bestuurlijke waarschuwing.

  • Bij herhaling wordt een last onder dwangsom opgelegd van €500 per overtreding, met een maximum van €2.000 in totaal.

  • Deze maatregel is herhaalbaar zolang het maximale bedrag van €2.000 niet is bereikt.

  • De overtredingen waarvoor deze aanpak geldt, komen overeen met gedragingen die – na vergunningverlening – onder de reguliere matrix vallen.

Het verbeuren van de genoemde maximale dwangsom brengt niet met zich mee dat de overtreding mag worden voortgezet. Als de maximale dwangsom is verbeurd zonder dat dit heeft geleid tot het beëindigen van de overtreding, kan besloten worden om een nieuwe dwangsom op te leggen, dan wel andere passende maatregelen te treffen.

 

Verwijzing in de matrix:

In de matrix is deze afwijkende aanpak aangeduid met een sterretje ()** bij de opgelegde maatregelen. Dit geeft aan dat, zolang de chauffeur nog geen GTB-vergunning heeft verkregen, de reguliere sanctie (zoals schorsing) vervangen wordt door een bestuurlijke waarschuwing of een last onder dwangsom.

Na de overgangsfase, zodra de nieuwe GTB-vergunning is verleend, treedt het reguliere handhavingsregime van bestuurlijke waarschuwing, schorsing en intrekking volledig in werking.

Artikel II  

Dit besluit treedt in werking op de dag na bekendmaking.

Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van Breda op 19 mei 2026

, burgemeester

, gemeentesecretaris

Naar boven