Gemeenteblad van Rotterdam
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2026, 260730 | delegatie- of mandaatbesluit |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Rotterdam | Gemeenteblad 2026, 260730 | delegatie- of mandaatbesluit |
Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging cluster Maatschappelijke Ontwikkeling 2026
De concerndirecteur van het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling en de directeur Publieke Gezondheid GGD Rotterdam-Rijnmond, elk voor zover het zijn bevoegdheden betreft,
overwegende,dat het om redenen van doelmatigheid wenselijk is de aan de concerndirecteur Maatschappelijke Ontwikkeling alsmede de aan de directeur Publieke Gezondheid GGD Rotterdam-Rijnmond opgedragen en daarvoor in aanmerking komende bevoegdheden, te ondermandateren, onvolmachten en ondermachtigen aan ondergeschikte managers en medewerkers;
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 1.3 Managementlagen, organisatiestructuur
De managementlagen van het cluster MO zijn onderverdeeld in:
Artikel 1.4 Bevoegdheden in projectorganisaties
De ambtelijk opdrachtgever is onbeperkt bevoegd met dien verstande dat bij besluiten tot het aangaan en ondertekenen van een overeenkomst, waaronder mede begrepen een publiekrechtelijke overeenkomst, met een geldelijke waarde van meer dan €250.000 exclusief btw, een verantwoordelijk directeur mede ondertekent.
Artikel 1.5 Bevoegdheden bovengeschikte
De in dit besluit ondergemandateerde bevoegdheden kunnen ook worden uitgeoefend door de hiërarchisch bovengeschikte van de ondergemandateerde medewerker.
Artikel 1.9 Algemene bevoegdheden in de derde laag
Een medewerker in de derde managementlaag wordt binnen het eigen beleidsterrein gemandateerd tot:
een last onder bestuursdwang en een last onder dwangsom opleggen als bedoeld in artikel 125 van de Gemeentewet juncto artikel 5:32 van de Algemene wet bestuursrecht met inbegrip van het uitoefenen van de bevoegdheden, bedoeld in titel 5.3 van de Algemene wet bestuursrecht in het kader van de aan hen gemandateerde bevoegdheden;
Artikel 1.11 Vertegenwoordiging bij bezwaarschrift- en beroepsprocedures
De kwaliteitsmedewerker, stafadviseur, wijkteamleider of wijkteammedewerker, werkzaam binnen de directie waar een besluit is genomen waartegen bezwaar is gemaakt, kan het college vertegenwoordigen bij een ambtelijke hoorzitting, bij een hoorzitting van de Algemene bezwaarschriftencommissie of bij een zitting van de bestuursrechter.
De bevoegdheden, bedoeld in de vorige leden, worden tevens gemandateerd aan de beleidsadviseur, werkzaam binnen het cluster, die belast is met de beleidsadvisering over de grondslag van het besluit, alsmede de juridisch adviseur die werkzaam is ten behoeve van het cluster, of een andere, daartoe door de medewerker in de derde laag, aangewezen persoon.
Hoofdstuk 2 Bijzondere bepalingen met betrekking tot overeenkomsten
Artikel 2.1 Overeenkomsten met financiële waarde
De volgende medewerkers worden gemandateerd tot het besluiten tot het aangaan en ondertekenen van een overeenkomst, waaronder mede begrepen een publiekrechtelijke overeenkomst, met een geldelijke waarde van meer dan €250.000 exclusief btw:
Hoofdstuk 3 Directie en Clusterondersteuning MO
Artikel 3.2 Clusterondersteuning MO
Aan het hoofd Clusterondersteuning MO worden de bevoegdheden gemandateerd die verband houden met het uitoefenen van de taken van de teams binnen de afdeling Clusterondersteuning MO als genoemd in artikel 1.2, tweede lid, onderdeel a.
Aan de teammanager Secretariaat en Publieksreacties wordt mandaat verleend tot het behandelen van klachten die betrekking hebben op het cluster Maatschappelijke Ontwikkeling, met uitzondering van klachten over de GGD-taakuitoefening, genoemd in de Wet publieke gezondheid, waaronder het schriftelijk in kennis stellen van de bevindingen van het onderzoek naar de klacht, het oordeel daarover alsmede de conclusies die daaraan worden verbonden als bedoeld in artikel 9:12 van de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 3.4 Verstrekking AOW- en Jeugdtegoed
Aan de teammanager Rotterdampas & AOW- en Jeugdtegoed wordt mandaat verleend tot het verstrekken van een AOW- of jeugdtegoed als bedoeld in de vigerende Verordening AOW- en Jeugdtegoed Rotterdam.
Hoofdstuk 4 Sport, Onderwijs en Cultuur
Artikel 4.1 Afdelingshoofd Sport, Natuur en Recreatie
Aan het afdelingshoofd Sport, Natuur en Recreatie wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam, voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Sport, Natuur en Recreatie;
Artikel 4.2 Afdelingshoofd Cultuur
Aan het afdelingshoofd Cultuur wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam, voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Cultuur;
Artikel 4.3 Afdelingshoofd Onderwijs
Aan het afdelingshoofd Onderwijs wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam, voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Onderwijs;
Artikel 4.4 Teammanager Primair Onderwijs
Aan de teammanager Primair Onderwijs wordt mandaat verleend bevoegd tot:
Artikel 4.5 Teammanager Onderwijshuisvesting
Aan de teammanager Onderwijshuisvesting wordt mandaat verleend tot:
Artikel 4.6 Teammanager Het Jonge Kind
Aan de teammanager Het Jonge Kind wordt mandaat verleend tot het uitoefenen van de bevoegdheden in verband met aanvraag en registratie als bedoeld in paragraaf 1 van afdeling 3 van hoofdstuk 1 van de Wet kinderopvang alsmede in het kader hiervan het opleggen van een bestuurlijke boete, bedoeld in artikel 1.72 van de Wet kinderopvang.
Hoofdstuk 5 Publieke Gezondheid, Welzijn en Zorg
Artikel 5.1 Afdelingshoofd Publieke Gezondheid
Aan het afdelingshoofd Publieke Gezondheid wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam, voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Publieke Gezondheid;
Artikel 5.2 Afdelingshoofd Participatie en Stedelijke Zorg
Aan het afdelingshoofd Participatie en Stedelijke Zorg wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam, voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Participatie en Stedelijke Zorg;
In het kader van de Gemeenschappelijke regeling beschermd wonen regio Rotterdam is het afdelingshoofd Participatie en Stedelijke Zorg bevoegd tot het uitoefenen van de in het eerste lid genoemde taken en bevoegdheden voor regiogemeenten, voor zover deze taken en bevoegdheden betrekking hebben op het uitvoeren van de functie beschermd wonen, bedoeld in de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.
Artikel 5.3 Afdelingshoofd Ondersteuning en Hulp
Aan het afdelingshoofd Ondersteuning en Hulp wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Ondersteuning en Hulp;
Artikel 5.4 Afdelingshoofd Preventie en Welzijn
Aan het afdelingshoofd Preventie en Welzijn wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam, voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Preventie en Welzijn;
Artikel 5.5 Afdelingshoofd Zorg en Bescherming
Aan het afdelingshoofd Zorg en Bescherming wordt mandaat verleend tot:
het nemen van besluiten op grond van de Subsidieverordening Rotterdam 2014 en daarop gebaseerde regelgeving, dan wel op grond van een andere door de raad vastgestelde autonome verordening met gebruikmaking van de bevoegdheden, bedoeld in de afdelingen 4.2.3 tot en met 4.2.8 van de Algemene wet bestuursrecht, met uitzondering van de Verordening leningverstrekking en garantieverlening Rotterdam, voor zover dit betrekking heeft op het beleidsterrein Zorg en Bescherming;
Artikel 5.6 Teammanager Bijzondere Taken
Aan de teammanager Bijzondere Taken wordt mandaat verleend tot het uitvoeren van de gemeentelijke taken en bevoegdheden, bedoeld in artikel 5.2, eerste lid, onderdeel f.
Artikel 5.7 Teammanager Detentie & Re-integratie
Aan de teammanager Detentie & Re-integratie wordt mandaat verleend tot het aanvragen van autorisatie voor de Injus berichtenbox re-integratie ex- gedetineerden en het machtigen van medewerkers met gemeentelijke nazorgtaken tot het gebruik maken van de autorisatie, bedoeld in artikel 51c van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens.
Hoofdstuk 6 Maatschappelijke Ondersteuning
Artikel 6.1 Afdelingshoofd Leerrecht en Ondersteuning
Aan het afdelingshoofd Leerrecht en Ondersteuning wordt mandaat verleend tot het uitoefenen van de taken en bevoegdheden, bedoeld in de Leerplichtwet 1969.
Artikel 6.3 Teammanager Advies en Financiën Geldplein Rotterdam
Aan de teammanager Advies en Financiën Geldplein Rotterdam worden tevens de in artikel 6.2 bedoelde bevoegdheden gemandateerd.
De medewerkers, aangesteld ten behoeve van de uitvoering van bewindvoeringstaken bij Geldplein Rotterdam, worden gemandateerd tot het besluiten tot aanvaarden van de benoeming tot bewindvoerder door de rechtbank Rotterdam, sector kanton, ter bescherming van meerderjarigen, als bedoeld in artikel 435, eerste lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek.
Artikel 6.5 Schuldbemiddelaars
De schuldbemiddelaars bij Geldplein Rotterdam worden in het kader van de uitoefening van de taken, bedoeld in artikel 2 van het Bankreglement Geldplein Rotterdam 2025, gemandateerd en gemachtigd tot:
Artikel 6.6 Overige medewerkers Geldplein Rotterdam
De medewerkers schuldhulpverlening van Geldplein Rotterdam worden gemandateerd en gemachtigd tot:
Artikel 6.7 Rayonmanagers en het Afdelingshoofd Gemeentelijke Inzet & Projecten
De rayonmanagers en het afdelingshoofd Gemeentelijke Inzet & Projecten worden gemandateerd en gemachtigd tot:
Artikel 6.8 Medewerkers in de vierde en vijfde managementlaag
Artikel 6.10 Medewerkers Directie Maatschappelijke ondersteuning in de Wijk/Vraagwijzers
De medewerkers van de Vraagwijzers worden gemandateerd en gemachtigd tot:
Artikel 6.11 Medewerkers directie Maatschappelijke ondersteuning in de Wijk/WMO
De medewerkers van WMO worden gemandateerd en gemachtigd tot:
Artikel 6.12 Afdelingshoofd Jongerenloket
Het afdelingshoofd Jongerenloket wordt binnen zijn beleidsterrein gemandateerd en gemachtigd tot:
Artikel 7.1 Intrekking oude regeling
Het Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging cluster Maatschappelijke Ontwikkeling 2023 wordt ingetrokken.
Aldus vastgesteld op 3 april 2026.
E. Hadziavdic
Concerndirecteur cluster Maatschappelijke Ontwikkeling
Y.T.H.P. van Duijnhoven
Directeur Publieke Gezondheid GGD Rotterdam-Rijnmond
Toelichting op Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging cluster Maatschappelijke Ontwikkeling 2026 (BOOO MO 2026)
Het BOOO MO 2026 is ter vervanging van het BOOO MO 2023 en treedt na publicatie in werking met terugwerkende kracht tot en met 1 januari 2026. De belangrijkste redenen voor vervanging zijn gelegen in een aantal doorgevoerde reorganisaties bij het cluster en de wijziging van het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rotterdam 2021 (hierna: MVMR 2021) en het Besluit ondermandaat, ondervolmacht en ondermachtiging algemeen directeur 2021 (hierna: BOOO AD 2021) in het kader van bevoegdheden in projectorganisaties.
Besluit concerndirecteur MO en besluit Directeur PG GGD RR
De functie van directeur Publieke Gezondheid GGD Rotterdam-Rijnmond valt samen met de functie van directeur Welzijn en Publieke Gezondheid. In artikel 1.2, eerste lid, onderdeel e, wordt dit tot uitdrukking gebracht door de benaming ‘directeur Publieke Gezondheid en Welzijn/directeur Publieke Gezondheid GGD Rotterdam-Rijnmond’.
Hiërarchisch gezien valt de directeur Publieke Gezondheid GGD Rotterdam-Rijnmond niet onder de concerndirecteur cluster MO (dit in tegenstelling tot de directeur Welzijn en Publieke Gezondheid). In lijn hiermee is ook artikel 5.16 van het MVMR 2021. Hierin zijn door het college rechtstreeks aan de directeur PG GGD RR bevoegdheden gemandateerd, waarbij niet de lijn Algemeen Directeur-Concerndirecteur is gevolgd. Er zijn overigens maar twee bepalingen waarbij dit onderscheid van belang is, en waarin dit ook expliciet tot uitdrukking is gebracht, te weten artikel 4.3, onderdeel f, subonderdeel 2 en artikel 5.4, onderdeel c, van het BOOO MO 2026.
Dit besluit is ingekaderd door de bepalingen die in afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht (hierna: Awb) zijn opgenomen. Het BOOO MO 2026 dient vanwege de gelaagde structuur gelezen te worden in combinatie met het MVMR 2021 en het BOOO AD 2021. Hieruit blijkt de hiërarchische lijn college/burgemeester> algemeen directeur> concerndirecteur. Op grond van de Awb blijft de mandaatgever bevoegd de gemandateerde bevoegdheid uit te oefenen en kan de mandaatgever ook instructies geven. Dit kan er bijvoorbeeld toe leiden dat ondanks het feit dat er mandaat is geregeld om een besluit te nemen, het college toch gevraagd wordt om dit besluit zelf te nemen of om hiermee in te stemmen. Dit is vooral aan de orde bij politiek en bestuurlijk gezien zwaarwegende kwesties. Een voorbeeld hiervan is de contrairprocedure waarbij ondanks het mandaat van JD om namens het college een besluit op bezwaar te nemen, het college (op verzoek van een directeur van het beleidsverantwoordelijke cluster) gevraagd kan worden om een ander besluit te nemen.
Bevoegdheden in projectorganisaties
Met ingang van 1 januari 2026 is, in aansluiting op een reeds doorgevoerde wijziging in het MVMR 2021, het BOOO AD 2021 aangepast in verband met de uitoefening van bevoegdheden in projectorganisaties.
Dit noodzaakt ook tot een wijziging van alle ondermandaatbesluiten van de onderdelen van de gemeente die te maken hebben met projecten waarbij ambtelijke opdrachtgevers worden aangewezen. Artikel 1.4 van het BOOO MO 2026 is hiermee in overeenstemming gebracht.
De reden om extra in te gaan op de indeling in het cluster, heeft te maken met het feit dat in artikel 1.8, derde lid, is bepaald dat de bevoegdheden zich beperken zich tot het beleidsterrein van de directie, de afdeling of het team waarin de medewerker werkzaam is. Dit is zonder de kennis van de indeling van het cluster niet altijd helder. Bovendien verschaft dit het nodige inzicht met het oog op toepassing van artikel 1.5 waarin is bepaald dat de in dit besluit ondergemandateerde bevoegdheden ook kunnen worden uitgeoefend door de hiërarchisch bovengeschikte van de ondergemandateerde medewerker.
Dit gemeenteblad ligt ook ter inzage bij het Concern Informatiecentrum Rotterdam (CIC): 010-267 2514 of bir@rotterdam.nl
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-260730.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.