Gemeenteblad van Twenterand
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Twenterand | Gemeenteblad 2026, 256076 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Twenterand | Gemeenteblad 2026, 256076 | beleidsregel |
Beleidsregels bijzondere bijstand Twenterand 2026
In deze beleidsregels wordt aangegeven in welke gevallen wel of geen bijzondere bijstand wordt verleend aan inwoners van de gemeente Twenterand.
Burgemeester en wethouders van Twenterand;
Bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht (titel 4.3) en de Participatiewet (artikel 35)
Vast te stellen de Beleidsregels bijzondere bijstand Twenterand 2026
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Artikel 3 Voorliggende voorziening
Voor kosten van medische aard gelden de Zorgverzekeringswet en de Wet langdurige zorg als een voorliggende voorziening die geacht wordt passend en toereikend te zijn. De gemeente verleent ook geen bijzondere bijstand voor het eigen risico, de eigen bijdrage van kosten die maar voor een deel worden vergoed en voor kosten die helemaal niet worden vergoed.
Hoofdstuk 2 Drempelbedrag en draagkracht
Artikel 7 Algemene uitgangspunten drempelbedrag en draagkracht
Bij de vaststelling van de bijzondere bijstand houdt de gemeente rekening met de aanwezige draagkracht in het inkomen (exclusief vakantiegeld) en het vermogen gedurende de draagkrachtperiode. De gemeente rekent de toeslag bedoeld in artikel 36 van de wet (individuele inkomenstoeslag) niet tot de draagkracht.
Artikel 8 Draagkracht uit inkomen
Bij wisselende inkomsten gaat de gemeente uit van het gemiddelde inkomen van de drie maanden voorafgaand aan de maand waarin de kosten zich voor hebben gedaan, tenzij het gaat om een zelfstandige met wisselende inkomsten. Bij een zelfstandige met wisselende inkomsten gaat de gemeente uit van de inkomsten over de periode van een jaar.
Hoofdstuk 3 Verhuizing, inrichting en wonen
Artikel 10 Verhuiskosten en aan verhuizing gerelateerde kosten
De hoogte van de bijzondere bijstand voor de kosten van de waarborgsom is gelijk aan de waarborgsom van de nieuwe woning onder aftrek van de eventuele waarborgsom van de oude woning. Voor zover de waarborgsom van de oude woning niet volledig wordt terugbetaald, bijvoorbeeld omdat de woning niet in de juiste staat is opgeleverd, verleent de gemeente voor dit bedrag geen bijzondere bijstand.
Artikel 11 Duurzame gebruiksgoederen
De gemeente verleent geen bijzondere bijstand voor de kosten van duurzame gebruiksgoederen. De reden hiervan is dat het gaat om incidenteel voorkomende algemeen noodzakelijke kosten van het bestaan, waar de inwoner geacht wordt zelf in te voorzien. Dit kan door reservering of door gespreide betaling achteraf.
Artikel 12 Woonkostentoeslag bij een huurwoning
Als de gemeente bijzondere bijstand verleent voor woonkosten omdat de inwoner te hoge woonlasten heeft dan wordt aan de verlening van de bijzondere bijstand de verplichting verbonden dat de inwoner alles in het werk stelt om passende en betaalbare woonruimte te vinden. Hierbij legt de gemeente in ieder geval de volgende verplichtingen op. De inwoner:
De gemeente beoordeelt een half jaar na het verlenen van de woonkostentoeslag of de inwoner voldoende heeft gedaan om passende en betaalbare woonruimte te verkrijgen. Wanneer er niet voldoende inspanningen zijn verricht, stuurt de gemeente een brief aan de inwoner. Bij herhaling van het niet nakomen van de verplichtingen gaat de gemeente de woonkostentoeslag tussentijds beëindigen. De beëindiging gaat in op de eerste dag van de volgende maand.
Als de inwoner na de periode van één jaar nog geen passende en betaalbare woonruimte heeft gevonden, kan hij verlenging aanvragen. De gemeente verleent opnieuw de bijzondere bijstand voor woonkosten voor een periode van maximaal zes maanden als de inwoner voldoende inspanningen heeft verricht. Dit kan vervolgens worden herhaald zolang er voldoende inspanningen worden verricht, maar de inwoner er niet in slaagt passende en betaalbare woonruimte te vinden.
De gemeente berekent de hoogte van de bijzondere bijstand voor de woonkostentoeslag volgens de systematiek van de Wet op de huurtoeslag, uitgaande van de rekenhuur volgens de maximale huurtoeslaggrens. Voor de meerkosten van de huur gaat de gemeente uit van het bedrag boven de maximale huurtoeslaggrens.
Artikel 13 Woonkostentoeslag bij een koopwoning
Tot de woonkosten worden gerekend:
rente (meestal hypotheekrente) die betaald moet worden voor de lening die bestemd is voor de door de inwoner zelf bewoonde eigen woning. Hypotheekrente voor aanschaf van bijvoorbeeld een auto of caravan, telt niet mee. Dit geldt ook voor de aflossing en betaling van premies voor zogenaamde spaarhypotheken;
De gemeente berekent de hoogte van de woonkostentoeslag volgens de systematiek van de Wet op de huurtoeslag. Dit betekent dat de hoogte van de bijzondere bijstand voor woonkosten is gemaximeerd tot de huurtoeslaggrens. De gemeente brengt op de vastgestelde woonlasten de belastingteruggave voor de hypotheekrenteaftrek en de draagkracht in mindering.
Als de totale woonkosten van de inwoner, na aftrek van de belastingteruggave voor de hypotheekrenteaftrek, hoger zijn dan de maximale huurtoeslaggrens en de inwoner voor het meerdere ook bijzondere bijstand voor woonkosten wenst, dan verleent de gemeente voor het meerdere bijzondere bijstand voor woonkosten en verbindt daaraan de verplichting dat de inwoner de woning verkoopt en aantoonbaar actief op zoek gaat naar woonruimte die zonder de ontvangst van woonkostentoeslag door de inwoner te betalen is. Hierbij legt de gemeente in ieder geval de verplichtingen op dat de inwoner:
De gemeente beoordeelt een half jaar na het verlenen van de woonkostentoeslag of de inwoner voldoende heeft gedaan om de woning te verkopen en om passende en betaalbare woonruimte te verkrijgen. Wanneer er niet voldoende inspanningen zijn verricht, stuurt de gemeente een brief aan de inwoner. Bij herhaling van het niet nakomen van de verplichtingen gaat de gemeente de woonkostentoeslag tussentijds beëindigen. De beëindiging gaat in op de eerste dag van de volgende maand.
Als de inwoner na de periode van één jaar de woning nog niet heeft verkocht en nog geen passende en betaalbare woonruimte heeft gevonden, kan hij verlenging aanvragen. De gemeente verleent opnieuw de bijzondere bijstand voor woonkosten voor een periode van maximaal zes maanden als de inwoner voldoende inspanningen heeft verricht. Dit kan vervolgens worden herhaald zolang er voldoende inspanningen worden verricht, maar de inwoner er niet in slaagt om zijn woning te verkopen en passende en betaalbare woonruimte te vinden.
Artikel 15 Algemene voorwaarden voor reiskosten
Reiskosten behoren tot de algemene noodzakelijke kosten van het bestaan. De inwoner wordt geacht deze kosten uit het inkomen ter hoogte van de bijstandsnorm te kunnen bekostigen. Om die reden bestaat voor deze kosten als uitgangspunt geen recht op bijzondere bijstand. Alleen als er sprake is van noodzakelijke reiskosten binnen Nederland als gevolg van bijzondere omstandigheden, verleent de gemeente bijzondere bijstand.
Voor vergoeding van de reiskosten gaat de gemeente uit van de goedkoopste wijze van reizen met het openbaar vervoer. Alleen als het openbaar vervoer geen redelijk alternatief is of het reizen met eigen vervoer goedkoper is, verleent de gemeente bijzondere bijstand in de vorm van kilometervergoeding en voor de eventuele parkeerkosten.
Artikel 21 Kosten bewind, mentorschap en curatele
De gemeente verleent de bijzondere bijstand voor de kosten van bewind, mentorschap of curatele voor de duur die door de rechtbank is vastgesteld bij de aanvang van het bewind, mentorschap of curatele. Als de gemeente het nodig vindt, beoordeelt de gemeente het recht op bijzondere bijstand jaarlijks opnieuw.
Artikel 22 Inwoner van 18 tot en met 20 jaar in een inrichting
De inwoner van 18 tot en met 20 jaar die in een inrichting verblijft is op grond van artikel 13, lid 2 onder a van de wet, uitgesloten van het recht op algemene bijstand. Aan de inwoner van 18 tot en met 20 jaar die in een inrichting verblijft en geen beroep kan doen op de onderhoudsplicht van zijn ouders, verleent de gemeente bijzondere bijstand als wordt voldaan aan de algemene voorwaarden voor het recht op bijzondere bijstand.
De kosten van een uitvaart behoren niet tot de kosten van de overledene, maar komen ten laste van de nalatenschap. Is de nalatenschap niet toereikend, dan kunnen inwoners die erfgenaam zijn, ieder voor hun eigen aandeel, bijzondere bijstand aanvragen. De gemeente verleent niet meer bijstand dan het verplichte aandeel van de erfgenaam in de totale kosten.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-256076.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.