Gemeenteblad van Haarlemmermeer
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Haarlemmermeer | Gemeenteblad 2026, 205679 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Haarlemmermeer | Gemeenteblad 2026, 205679 | beleidsregel |
Reglement basisregistratie personen Haarlemmermeer 2026
Burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer
Gelezen het voorstel van 27 januari 2026, zaaknummer 12948396;
Gelet op artikel 2.34, vierde lid, van de Wet basisregistratie personen, artikel 6 van het Besluit basisregistratie personen en de artikelen 1 en 2 van de Verordening gegevensverstrekking basisregistratie personen Haarlemmermeer 2026;
Overwegende dat met inachtneming van deze kaders het wenselijk is om regels te stellen over de verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen (BRP) en het beheer van de BRP;
vast te stellen de volgende regeling:
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Dit reglement maakt, naast de begrippen als genoemd in artikel 1.1 van de Wet basisregistratie personen, gebruik van de volgende begrippen:
Artikel 1.2 De functionarissen
De clustermanager van het cluster Klant Contact Centrum is de functionaris die als informatiebeheerder is belast met het informatiebeheer. In geval van diens afwezigheid vindt vervanging plaats volgens de geldende vervangingsregeling. Het informatiebeheer omvat de dagelijkse zorg voor de BRP. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, eerste paragraaf, van dit reglement.
De informatiebeheerder wijst de functionarissen aan die als gegevensbeheerder zijn belast met het gegevensbeheer. Het gegevensbeheer omvat de verwerking van persoonsgegevens in de BRP. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, tweede paragraaf, van dit reglement.
De informatiebeheerder wijst de functionarissen aan die als seniorgegevensbeheerder zijn belast met het gegevensbeheer. De seniorgegevensbeheerder is belast met de zaken rondom de gegevenskwaliteit van de BRP. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, derde paragraaf, van dit reglement.
De informatiebeheerder wijst de functionarissen aan die als productbeheerder zijn belast met het productbeheer. Het productbeheer omvat de inhoudelijke aansturing van de gegevensbeheerders. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, vierde paragraaf, van dit reglement.
De rechtspersoon met wie dit is overeengekomen, is belast met het applicatiebeheer. Medewerkers van deze rechtspersoon treden op als applicatiebeheerder. Het applicatiebeheer omvat de ontwikkeling van de applicatie. De bepalingen omtrent de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn opgenomen in hoofdstuk 3, zesde paragraaf, van dit reglement.
Medewerkers van het cluster Info+ en medewerkers van de rechtspersoon met wie dit is overeengekomen, zijn belast met het technisch beheer. Functionarissen van dit organisatieonderdeel respectievelijk medewerkers van de rechtspersoon treden op als technisch beheerder. Het technisch beheer omvat het beheer van de server en de database en de beschikbaarheid van de applicatie op de werkplek van de gebruiker. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, zevende paragraaf, van dit reglement.
De informatiebeheerder wijst de functionarissen aan die als privacybeheerder zijn belast met de beleidsmatige en juridische componenten van het privacybeheer. Het privacybeheer omvat, uitsluitend voor wat betreft de in de BRP opgenomen gegevens, de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen op wie deze gegevens betrekking hebben. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, achtste paragraaf, van dit reglement.
De informatiebeheerder wijst de functionarissen aan die als uitvoerend privacybeheerder zijn belast met de uitvoerende componenten van het privacybeheer. Het privacybeheer omvat, uitsluitend voor wat betreft de in de BRP opgenomen gegevens, de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van de personen op wie deze gegevens betrekking hebben. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, negende paragraaf, van dit reglement.
De informatiemanager wijst de functionarissen aan die als toezichthouder zijn belast met het toezicht op de naleving van de verplichtingen van de burger, bedoeld in artikel 4.2 van de Wet BRP. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, tiende paragraaf, van dit reglement.
De informatiebeheerder wijst de functionarissen aan die als beveiligingsbeheerder zijn belast met het informatiebeveiligingsbeheer. Het informatiebeveiligingsbeheer omvat de uitvoering van de informatiebeveiligingsvoorschriften op het gebied van de BRP. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, elfde paragraaf, van dit reglement.
De Chief Information Security Officer (CISO) is de functionaris aan die als beveiligingsfunctionaris is belast met het toezicht op het informatiebeveiligingsbeleid aangaande de BRP. De verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van deze functionaris zijn benoemd in hoofdstuk 3, twaalfde paragraaf, van dit reglement.
Artikel 1.3 Verklaring bij toegang tot BRP-gegevens
Elke gebruiker legt ten behoeve van het verkrijgen van toegang tot BRP-gegevens een verklaring af met het oog op privacy- en gebruiksvoorschriften.
Artikel 1.4 Het autorisatiebesluit voor de landelijke voorziening
De informatiebeheerder draagt namens het college zorg voor de aanvraag, de wijziging, de organisatorische inrichting, het beheer en de naleving van het autorisatiebesluit. Het autorisatiebesluit is het besluit als bedoeld in artikel 3.2, eerste lid, van de Wet BRP ten aanzien van het college. Dit betreft de systematische verstrekking van persoonsgegevens uit de landelijke voorziening van de BRP aan het college.
De verantwoordelijkheden, taken en bevoegdheden die de functionarissen op grond van dit reglement hebben, zijn voor zover mogelijk ook van toepassing op het autorisatiebesluit waar het betrekking heeft op het beheer, de beveiliging, de naleving, de vertegenwoordiging, de bevoegdheid, de applicatie en de verstrekking van gegevens uit de landelijke voorziening.
Hoofdstuk 2 Bepalingen over verstrekkingen
Paragraaf 1 Gebruik van de gegevens
Artikel 2.1 Verplicht gebruik van authentieke gegevens
Met inachtneming van artikel 1.7 van de Wet BRP is de binnengemeentelijke afnemer die bij de vervulling van de taak informatie over een ingeschrevene nodig heeft die in de vorm van een authentiek gegeven beschikbaar is in de BRP, verplicht om voor die informatie dat gegeven te gebruiken. In de volgende paragraaf van dit hoofdstuk is bepaald op welke wijze gegevens uit de BRP beschikbaar kunnen worden gesteld.
Artikel 2.2 Recht op eenmalige gegevensverstrekking
Op grond van artikel 1.8 van de Wet BRP behoeft een ingeschrevene aan wie door een binnengemeentelijke afnemer een gegeven wordt gevraagd waarop het vorige artikel van dit reglement van toepassing is, dat gegeven niet mede te delen. Dit geldt niet als het gegeven naar het oordeel van de binnengemeentelijke afnemer noodzakelijk is voor een deugdelijke vaststelling van de identiteit van betrokkene. In geval van twijfel over de uitvoering van dit artikel kan de binnengemeentelijke afnemer advies vragen aan de informatiebeheerder.
Artikel 2.4 Binnengemeentelijke systematische verstrekkingen
De verzoekende clustermanager overlegt met het oog op het zesde en zevende lid een privacy checklist en advies van de functionaris gegevensbescherming over de gegevensverwerking, als de informatiebeheerder dit wenst. De informatiebeheerder laat zich bij een verzoek ondersteunen door de privacybeheerder en de functioneel beheerder. Als de privacybeheerder negatief adviseert en de verzoekende clustermanager persisteert bij zijn verzoek, dan beslist het college op een voorstel van de informatiebeheerder. Het voorstel bevat het advies van de privacybeheerder.
De informatiebeheerder zorgt voor de inzageapplicatie als bedoeld in het achtste lid, onder a. De functioneel beheerder draagt zorg voor de implementatie in de applicatie van het autorisatiebesluit als bedoeld in het vierde lid. De privacybeheerder stemt met inachtneming van de bepalingen van dit reglement met de binnengemeentelijke afnemer af voor welke taak- of functierol binnen het proces dat de instroom, doorstroom en uitstroom (IDU) regelt, toegang voor de applicatie wordt verleend.
De beheerder van het systeem, bedoeld in het achtste lid, onder c, zorgt voor het vastleggen van raadplegingen van gegevens in logbestanden. Deze logbestanden worden gedurende een periode van twintig jaar bewaard. Indien het betreffende dossier voorafgaand aan de termijn van twintig jaar moet worden vernietigd, worden de identificerende gegevens bewaard alsmede een omschrijving van het doeleinde van de bevraging van de gegevens, tot de termijn van twintig jaar is bereikt. Als de binnengemeentelijke afnemer vanwege de stand van de techniek niet kan voldoen aan deze bepaling, dan geldt deze bepaling als inspanningsverplichting bij de eventuele ontwikkelingen, evaluaties en aanbesteding van het systeem.
Artikel 2.5 Incidentele selectieverstrekkingen
Indien op grond van artikel 3.5, 3.6 of 3.13 van de Wet BRP wordt verzocht om persoonsgegevens van een in het verzoek geïdentificeerde ingeschrevene, is geen sprake van een selectieverstrekking, maar van een incidentele selectieverstrekking. De gegevensbeheerder beslist op dit verzoek. De privacybeheerder kan een aanwijzing of een instructie geven ter afhandeling van een verzoek.
Artikel 2.6 Gegevensverstrekking aan door gemeente aan te wijzen derden
Gelet op artikel 3.9, tweede lid, van de Wet BRP en artikel 2, tweede lid, van de verordening zijn in bijlage 1 door derden verrichte werkzaamheden met een gewichtig maatschappelijk belang voor de gemeente aangewezen, ten behoeve waarvan gegevens uit de BRP kunnen worden verstrekt door de informatiebeheerder. Daarbij zijn ook de categorieën van derden benoemd die in verband met die werkzaamheden voor verstrekking in aanmerking komen.
De informatiebeheerder verstrekt slechts gegevens op grond van dit artikel aan een derde indien:
de derde voldoet aan de voorschriften bij of krachtens de Wet BRP, de AVG en eventuele specifieke regelgeving. Dit omvat onder meer het toezien op de toegang tot en het gebruik van de persoonsgegevens, het creëren van bewustzijn over privacy- en beveiligingsvoorschriften bij de personen die toegang hebben tot de gegevens en het zorgdragen voor een deugdelijke fysieke en technische beveiliging van de ruimten en voorzieningen waarin de gegevens beschikbaar zijn. Op verzoek van de informatiebeheerder verstrekt de derde bij het verzoek de inlichtingen of de geschriften ter ondersteuning hiervan.
Hoofdstuk 3 Bepalingen over het beheer
Paragraaf 1 De informatiebeheerder
Artikel 3.1 Verantwoordelijkheid
De informatiebeheerder is verantwoordelijk voor een onafhankelijke, objectieve en verifieerbare uitvoering van het onderzoek ten behoeve van de zelfevaluatie. In het kader van ENSIA treedt de informatiebeheerder op als proceseigenaar BRP en is de informatiebeheerder verantwoordelijk voor het aanleveren van informatie die nodig is om via ENSIA verantwoording af te leggen aan de toezichthouders en het college.
De informatiebeheerder is bevoegd om bij de beheerder van een voorziening als bedoeld in artikel 2.4, achtste lid, onder c, van dit reglement informatie op te vragen en te verkrijgen met betrekking tot de personen die toegang hebben tot de gegevens in de voorziening, de raadplegingen van persoonsgegevens die door middel van deze voorziening zijn gedaan alsmede de gerealiseerde koppelingen met andere informatiesystemen.
De informatiebeheerder voorziet in een plan waarin het privacy- en informatiebeveiligingsbeleid wordt uitgewerkt. Daarbij worden onder meer de resultaten van een risicoanalyse of business impact analyse (BIA), data protection impact assessment (DPIA, of wel een gegevensbeschermingseffectbeoordeling) en de zelfevaluatie betrokken. Dit plan wordt opgesteld in samenspraak met de betrokken functionarissen. Het vormt een samenhangend geheel van maatregelen dat de beschikbaarheid, integriteit en vertrouwelijkheid van het BRP-informatiesysteem garandeert, waaronder de continuïteit van de dienstverlening bij calamiteiten. De informatiebeheerder ziet toe op de tijdige uitvoering van de maatregelen.
De informatiebeheerder stelt de beveiligingsfunctionaris in de gelegenheid om gelijktijdig aan het uitbrengen van de rapportage uitspraak te doen over de mate waarin het onderzoek onafhankelijk, objectief en verifieerbaar heeft plaatsgevonden. Deze uitspraak wordt gelijktijdig met de rapportage van de informatiebeheerder aan het college aangeboden.
Paragraaf 2 De gegevensbeheerder
De gegevensbeheerder verstrekt gegevens uit de BRP, voor zover de verstrekking geregeld is bij of krachtens de Wet BRP en op de wijze zoals is voorgeschreven in de instructies, met uitzondering van de periodieke gegevensverstrekking en de selectieverstrekkingen als bedoeld in hoofdstuk 2 van dit reglement.
Paragraaf 3 De seniorgegevensbeheerder
Artikel 3.7 Verantwoordelijkheid
De seniorgegevensbeheerder is verantwoordelijk voor de uitvoering van de maatregelen en onderzoeken met betrekking tot de gegevenskwaliteit als bedoeld in het kwaliteitsbeleid.
De seniorgegevensbeheerder zorgt voor het treffen van voorbereidingen, het coördineren van werkzaamheden, het uitvoeren van onderzoeken, het opstellen van instructies en uitvoeringsmaatregelen, het geven van aanwijzingen aan andere functionarissen en het rapporteren aan de informatiebeheerder ten behoeve van het onderdeel datakwaliteit van de zelfevaluatie en de verbetering van de gegevenskwaliteit zoals omschreven in het kwaliteitsbeleid.
Paragraaf 4 De productbeheerder
Artikel 3.10 Verantwoordelijkheid
De productbeheerder is verantwoordelijk voor de inhoudelijke aansturing van de gegevensbeheerders.
Paragraaf 7 De technisch beheerder
Indien en voor zover het technisch beheer door de gemeentelijke organisatie wordt uitgevoerd, gelden de bepalingen zoals opgenomen in deze paragraaf. Indien het technisch beheer geheel of gedeeltelijk wordt uitgevoerd door een andere rechtspersoon, gelden de bepalingen zoals opgenomen in deze paragraaf onverkort, tenzij anders is overeengekomen met deze rechtspersoon of dit redelijkerwijs niet kan worden verwacht.
Artikel 3.18 Verantwoordelijkheid
De technisch beheerder is verantwoordelijk voor het functioneren en beheren van de server waarop de applicatie is geplaatst en de database van de gemeente, alsmede voor de noodzakelijke verbindingen en de beschikbaarheid van de applicatie.
De technisch beheerder zorgt voor een dagelijkse back-up van de systeemprogrammatuur, de applicatie, de databestanden en de digitale BRP-bescheiden. Back-upmedia worden ondergebracht in een daartoe uitgeruste en beveiligde ruimte in een andere locatie dan de ruimte waarin de apparatuur is opgesteld. De afstand is dermate dat het redelijkerwijs niet is aan te nemen dat beide locaties worden getroffen ingeval van een calamiteit.
Paragraaf 8 De privacybeheerder
Artikel 3.21 Verantwoordelijkheid
De privacybeheerder is verantwoordelijk voor de bescherming en vertrouwelijkheid van de BRP-gegevens.
De privacybeheerder zorgt voor het treffen van voorbereidingen, het coördineren van werkzaamheden, het uitvoeren van onderzoeken, het opstellen van instructies en uitvoeringsmaatregelen, het geven van aanwijzingen aan andere functionarissen en het rapporteren aan de informatiebeheerder op het gebied van de gegevensverstrekking uit de BRP, waaronder de desbetreffende onderdelen van de zelfevaluatie.
Paragraaf 9 De uitvoerend privacybeheerder
Artikel 3.24 Verantwoordelijkheid
De uitvoerend privacybeheerder is verantwoordelijk voor de kwaliteitsbewaking, het opstellen van instructies, het geven van aanwijzingen en de uitvoering van controles aangaande het verstrekken van gegevens uit de BRP, waaronder het verlenen van toegang tot de BRP-gegevens door middel van de applicatie aan raadplegers.
De uitvoerend privacybeheerder is bevoegd om te beslissen op een verzoek van een medewerker van een binnengemeentelijke afnemer om toegang te krijgen tot de BRP-gegevens via de applicatie. De uitvoerend privacybeheerder mag de uitvoering hiervan overdragen aan een andere functionaris en hierbij instructies geven.
De uitvoerend privacybeheerder is bevoegd om bij een gebruiker en bij de leidinggevende van de gebruiker informatie op te vragen over de noodzakelijkheid van de toegang tot de applicatie en over het feitelijk gebruik zelf, met als doel het tegengaan van onrechtmatige toegang en onrechtmatig gebruik van gegevens.
Paragraaf 10 De toezichthouder
Artikel 3.27 Verantwoordelijkheid
De toezichthouder naleving verplichtingen burger (hierna: de toezichthouder) is verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de verplichtingen van de burger ingevolge hoofdstuk 2, afdeling 1, paragraaf 5 van de Wet BRP.
Paragraaf 11 De beveiligingsbeheerder
De beveiligingsbeheerder zorgt voor het treffen van voorbereidingen, het coördineren van werkzaamheden, het uitvoeren van onderzoeken, het opstellen van instructies en uitvoeringsmaatregelen, het geven van aanwijzingen aan andere functionarissen en het rapporteren aan de informatiebeheerder over informatiebeveiliging op het gebied van de BRP.
De beveiligingsbeheerder zorgt voor de voorbereiding op de zelfevaluatie, het coördineren van bijbehorende werkzaamheden en het doen van beantwoordingsvoorstellen op de vragen van het informatiekundig onderdeel van de zelfevaluatie. De beveiligingsbeheerder verleent aan de beveiligingsfunctionaris de gevraagde medewerking ten behoeve van de controle van de beantwoording, waaronder het aantonen van de beantwoording van de vragen als bedoeld in de vorige zin. De beveiligingsbeheerder treedt op als domeindeskundige BRP in het kader van ENSIA.
Paragraaf 12 De beveiligingsfunctionaris
Artikel 3.33 Verantwoordelijkheid
De beveiligingsfunctionaris is verantwoordelijk voor het interne toezicht op het proces rondom het informatiekundig onderdeel van de zelfevaluatie, waaronder de controle op de beantwoording van de vragen.
De in dit reglement opgenomen bepalingen gelden naast de BRP voor zover van toepassing ook voor het persoonsregister, bedoeld in het Besluit bevolkingsboekhouding.
Artikel 4.2 Intrekking oude regeling
De Regeling beheer en toezicht Basisregistratie personen gemeente Haarlemmermeer 2019 wordt ingetrokken met ingang van de dag waarop dit nieuwe reglement in werking treedt.
Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Haarlemmermeer van 5 maart 2026.
de secretaris,
Hermineke van Bockxmeer
de burgemeester,
Marianne Schuurmans-Wijdeven
Bijlage 1 Verstrekking aan derden
Bijlage bij artikel 2.6, eerste lid.
Dit reglement beschrijft privacy- en beheeraspecten met betrekking tot de basisregistratie personen (BRP). Hieronder wordt per hoofdstuk een toelichting gegeven.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
In het eerste hoofdstuk zijn de algemene bepalingen opgenomen. Dit hoofdstuk omvat de volgende onderdelen:
Hoofdstuk 2 Regels over verstrekkingen
De eerste paragraaf richt zich op het gebruik van de gegevens door de gemeentelijke organisatie. Op grond van de Wet BRP gelden de volgende regels:
Burgerzaken vervult een belangrijke rol binnen de gemeente als het gaat om het gebruik van BRP-gegevens. Twijfel over de juistheid van gegevens wordt daarom gemeld bij Burgerzaken. Om dit op een effectieve wijze te organiseren, is de informatiebeheerder bevoegd om voorwaarden te stellen over de wijze van terugmelden.
De tweede paragraaf regelt de verstrekkingen uit de BRP. De volgende bepalingen worden hieronder toegelicht:
Het doel van artikel 2.4 is het regelen van de systematische binnengemeentelijke verstrekkingen. Systematisch betekent hier dat het gaat om verstrekkingen die structureel of bij herhaling plaatsvinden, waarbij het doel vooraf is bepaald, evenals de te verstrekken gegevens, de wijze waarop de verstrekking plaatsvindt en de criteria waaraan de gegevens moeten voldoen.
In de Wet BRP is het voorgeschreven dat deze regels bij of krachtens verordening worden bepaald. In de Verordening gegevensverstrekking basisregistratie personen Haarlemmermeer 2026 (hierna: verordening) is dit overgedragen aan het college. Het college geeft met dit artikel nadere invulling hieraan. Dit artikel omvat de volgende regels:
Het organisatieonderdeel dat gegevens uit de BRP ontvangt (of hiertoe een verzoek doet), is zelf verantwoordelijk voor de gegevensverwerking. De verzoeker overlegt de privacy checklist en het advies van de functionaris gegevensbescherming over de gegevensverwerking door het betreffende organisatieonderdeel. De informatiebeheerder is niet verantwoordelijk voor de gegevensverwerking door het ontvangende organisatieonderdeel, maar wel voor de verstrekking uit de BRP voor dit doel.
Er zijn verschillende wijzen van gegevensverstrekking. Zo kan dat door middel van een directe of indirecte koppeling tussen de BRP en de afnemende applicatie, er kan gebruik worden gemaakt van een inzageapplicatie en het is mogelijk om selectiebestanden te leveren.
Bij het gebruik van de inzageapplicatie is nodig dat de taak waarvoor de gegevens nodig zijn, is opgenomen in het overzicht van organisatieonderdelen en taken van de informatiebeheerder en er een gemeentelijk autorisatiebesluit is genomen. Vervolgens kan een medewerker van dit organisatieonderdeel toegang tot de inzageapplicatie worden verleend.
Met een indirecte koppeling wordt de tussenkomst van een voorziening als een datadistributiesysteem, gegevensmagazijn of een ‘application programming Interface’ (API) bedoeld. Kenmerk van deze systemen is dat ze gegevens doorgeven, ophalen of opslaan voor vervolggebruik. De verstrekking van BRP-gegevens via deze ‘tussenvoorziening’ mag uitsluitend plaatsvinden op basis van dit reglement, wat betekent dat het gebruik van BRP-gegevens uit deze voorziening alleen is toegestaan als de taak en het uitvoerende organisatieonderdeel is opgenomen in het overzicht van de informatiebeheerder en er een gemeentelijk autorisatiebesluit is genomen.
Artikel 2.5 regelt de incidentele selectieverstrekkingen. Dit zijn verstrekkingen die op meerdere personen betrekking hebben. De selectie komt tot stand door gebruik te maken van enkele criteria, zoals personen woonachtig in een bepaald gebied of van een bepaalde leeftijd. Met incidenteel wordt bedoeld dat het niet een systematische verstrekking is, de verstrekking heeft dus geen terugkerend karakter maar vindt eenmalig plaats.
Voor de regels is aansluiting gezocht bij de regels op grond van artikel 2.4. Een belangrijk verschil is dat de informatiebeheerder beslist op incidentele verzoeken, zonder dat hier een collegebesluit voor nodig is.
Voor de volledigheid wordt opgemerkt dat, indien op grond van artikel 3.5, 3.6 of 3.13 van de Wet BRP wordt verzocht om persoonsgegevens van een in het verzoek geïdentificeerde ingeschrevene, er geen sprake is van een selectieverstrekking. Het derde lid stelt buiten twijfel dat indien het verzoek betrekking heeft op een enkele persoon die bij het verzoek is geïdentificeerd, dit geen selectie betreft. Vaak betreft dit een verzoek om een gewaarmerkt afschrift (“uittreksel”). De gegevensbeheerder handelt dergelijke verzoeken af. De privacybeheerder kan een aanwijzing of een instructie geven ter afhandeling van een verzoek.
Op grond van de Wet BRP kunnen er gegevens worden verstrekt aan derden. In veel verstrekkingen aan derden is al voorzien door middel van landelijke regelgeving. Daarnaast kunnen gemeenten ook zelf derden aanwijzen aan wie gegevens uit de BRP worden verstrekt. In de verordening heeft de raad het aanwijzen van de werkzaamheden waarvoor gegevens aan derden verstrekt kunnen worden en de categorieën van derden die hiervoor in aanmerking komen, overgedragen aan het college. In artikel 2.6 wordt hier invulling aan gegeven. Verstrekking aan een derde is mogelijk als de derde behoort tot een categorie van derden als benoemd in bijlage 1 van dit reglement en de gegevens nodig zijn voor de werkzaamheden die hierbij zijn opgenomen.
Het opnemen van een derde in bijlage 1 van dit reglement volgt na een voorstel van de informatiebeheerder. De derde moet aan voorwaarden op het gebied van informatiebeveiliging en aan privacyvoorschriften voldoen. De regels bieden geen ruimte voor het aanwijzen van een verzoeker indien deze hiermee een commercieel gebruik tot doel heeft.
Of er daadwerkelijk verstrekt wordt na een verzoek van een aangewezen derde, is afhankelijk van de voorwaarden die zijn opgenomen in artikel 2.6.
Op grond van artikel 1.5 worden er aangehaakte gegevens opgenomen in de BRP. Dit zijn extra gegevens, meer gegevens dan is voorgeschreven in de Wet BRP. In artikel 2.7 zijn bepalingen opgenomen over het ter beschikking stellen van deze gegevens. In principe worden deze gegevens alleen ter beschikking gesteld aan functionarissen die zich bezighouden met de verwerking van gegevens in de BRP. Deze gegevens worden alleen aan anderen verstrekt, als hiertoe een wettelijke grondslag bestaat.
Hoofdstuk 3 Regels over het beheer
Paragraaf 1 De informatiebeheerder
Paragraaf 1 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de informatiebeheerder. De informatiebeheerder is verantwoordelijk voor de dagelijkse zorg voor de BRP, en alles wat hiermee te maken heeft op het gebied van informatiebeveiliging, de zelfevaluatie en de gegevenskwaliteit. Daarvoor beschikt hij over bevoegdheden zoals het toewijzen van taken aan ondergeschikte functionarissen en het vaststellen van instructies. Daarnaast heeft hij taken zoals het voorzien in een informatiebeveiligingsplan, het rapporteren aan het college over de gegevenskwaliteit en de zelfevaluatie en het verlenen van medewerking aan de beveiligingsfunctionaris ten behoeve van de toezichthoudende taken op het gebied van die zelfevaluatie.
Paragraaf 2 De gegevensbeheerder
Paragraaf 2 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de gegevensbeheerder. De gegevensbeheerder, aangewezen door de informatiebeheerder, is verantwoordelijk voor het bijhouden, onderzoeken en verstrekken van de gegevens. Daarvoor beschikt de gegevensbeheerder over de bevoegdheid om te beslissen op verzoeken en om brondocumenten te laten onderzoeken. De taken bevinden zich op het gebied van de uitvoering en liggen in het verlengde van de verantwoordelijkheden.
Paragraaf 3 De seniorgegevensbeheerder
Paragraaf 3 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de seniorgegevensbeheerder. De seniorgegevensbeheerder, aangewezen door de informatiebeheerder, is verantwoordelijk voor zaken rondom de gegevenskwaliteit en daarom voor de inhoudelijke aansturing van de gegevensbeheerders. Daarvoor beschikt hij over bevoegdheden om aanwijzingen te geven aan de gegevensbeheerders en om te beslissen in uitzonderlijke situaties. De taken houden direct verband met de verantwoordelijkheid van de seniorgegevensbeheerder.
Paragraaf 4 De productbeheerder
Paragraaf 4 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de productbeheerder. De productbeheerder, aangewezen door de informatiebeheerder, is verantwoordelijk voor de inhoudelijke aansturing van de gegevensbeheerders. Daarvoor beschikt hij over bevoegdheden om aanwijzingen te geven aan de gegevensbeheerders en om te beslissen in uitzonderlijke situaties. De taken die daarbij horen zijn bijvoorbeeld het verzorgen van instructies en de ondersteuning bij de behandeling van bezwaarschriften
Paragraaf 5 De functioneel beheerder
Paragraaf 5 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de functioneel beheerder. De functioneel beheerder, aangewezen door de informatiebeheerder, is samen met de technisch beheerder verantwoordelijk voor het functioneren van de applicatie, het opschonen van bestanden en de werking van het berichtenverkeer. Hij beoordeelt gewijzigde versies van de applicatie en hij is bevoegd om aanwijzingen te geven over het gebruik van de applicatie. De taken liggen in het verlengde van de verantwoordelijkheden.
Paragraaf 6 De applicatiebeheerder
Paragraaf 6 bepaalt dat de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de applicatiebeheerder worden vastgelegd in een overeenkomst met de rechtspersoon die hiervoor zorg draagt. Dit omvat de ontwikkeling van de applicatie en de wijze waarop wordt samengewerkt.
Paragraaf 7 De technisch beheerder
Paragraaf 7 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de technisch beheerder. Mogelijk wordt het technisch beheer (deels) door een andere partij uitgevoerd. Is dat het geval, dan gelden de bepalingen uit deze paragraaf onverkort, tenzij iets anders is overeengekomen of dit redelijkerwijs niet kan worden verwacht.
De technisch beheerder is verantwoordelijk voor de server, de database, de verbindingen en de beschikbaarheid van de applicatie. Daarvoor beschikt hij over de bevoegdheid om direct maatregelen te treffen als dat nodig zou zijn en om aanwijzingen te geven op dit gebied. De taken bevinden zich onder meer op het terrein van de beveiliging, de uitwijk, de back-up en de installatie van gewijzigde versies van de applicatie.
Paragraaf 8 De privacybeheerder
Paragraaf 8 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de privacybeheerder. De privacybeheerder, aangewezen door de informatiebeheerder, is verantwoordelijk voor de bescherming en de vertrouwelijkheid van de gegevens. De privacybeheerder zorgt voor de juridische en beleidsmatige componenten van de bescherming en de vertrouwelijkheid van de gegevens en voor het verstrekken van gegevens. Dit doet hij onder meer door het adviseren over verzoeken om gegevensverstrekkingen. De werkzaamheden met een meer uitvoerend karakter liggen bij de uitvoerend privacybeheerder, waarbij de privacybeheerder aanwijzingen kan geven. De taken van de privacybeheerder liggen in het verlengde van de verantwoordelijkheden.
Paragraaf 9 De uitvoerend privacybeheerder
Paragraaf 9 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de uitvoerend privacybeheerder. De uitvoerend privacybeheerder, aangewezen door de informatiebeheerder, is verantwoordelijk voor de kwaliteitsbewaking, het opstellen van instructies, het geven van aanwijzingen en de uitvoering van controles aangaande het verstrekken van gegevens uit de BRP, waaronder het verlenen van toegang tot de BRP-gegevens door middel van de applicatie aan raadplegers. De taken liggen in het verlengde van de verantwoordelijkheden.
Paragraaf 10 De toezichthouder
Paragraaf 10 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de toezichthouder. De toezichthouder is aangewezen door het college en verantwoordelijk voor het toezicht op de naleving van de verplichtingen van de burger ingevolge hoofdstuk 2, afdeling 1, paragraaf 5 van de Wet BRP. Dit omvat onder meer de verplichtingen om aangifte te doen van adreswijziging of het vertrek uit Nederland, het verstrekken van inlichtingen en het overleggen van brondocumenten. Wat de bevoegdheid betreft wordt voornamelijk verwezen naar de bevoegdheden op grond van de Algemene wet bestuursrecht. De belangrijkste taak van de toezichthouder is het afleggen van huisbezoeken, met het doel om de feitelijke bewoning vast te stellen. Hiervan maakt hij een rapportage, die door de gegevensbeheerder kan worden gebruikt bij een adresonderzoek.
Paragraaf 11 De beveiligingsbeheerder
Paragraaf 11 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de beveiligingsbeheerder. De beveiligingsbeheerder, aangewezen door de informatiebeheerder, is verantwoordelijk voor zaken op het gebied van informatiebeveiliging en voor de bewaring en vernietiging van verwerkte brondocumenten. Daarvoor beschikt hij over de bevoegdheid om aanwijzingen te geven aan functionarissen en kan hij aanbevelingen doen over informatiebeveiliging. De taken bevinden zich op het terrein van informatiebeveiliging en de zelfevaluatie.
Paragraaf 12 De beveiligingsfunctionaris
Paragraaf 12 voorziet in de verantwoordelijkheden, bevoegdheden en taken van de beveiligingsfunctionaris. De beveiligingsfunctionaris is onafhankelijk van de uitvoering. Hij is verantwoordelijk voor het toezien op het proces van de zelfevaluatie. De beveiligingsfunctionaris is bevoegd om onderzoek en aanbevelingen te doen, aanwijzingen te geven en de gewenste medewerking te krijgen. Wat zijn taken betreft, het volgende. De uitvoering van de zelfevaluatie, waaronder de beantwoording van de vragen, wordt grotendeels door de informatiebeheerder, de seniorgegevensbeheerder en de beveiligingsbeheerder gedaan. De beveiligingsfunctionaris controleert de beantwoording en geeft dwingende aanwijzingen. Hij ziet erop toe dat hierbij de gewenste objectiviteit in acht wordt genomen en hij doet hier jaarlijks uitspraak over aan het college, gelijktijdig met de rapportage van de informatiebeheerder over de resultaten van de zelfevaluatie.
Paragraaf 13 gaat over de raadpleger. Een raadpleger is een medewerker van een organisatieonderdeel van de gemeente met toegang tot de BRP-gegevens via de inzageapplicatie. Deze raadpleger mag slechts gegevens gebruiken waarvoor hij is geautoriseerd en alleen voor uitvoering van de taak waarvoor hij is geautoriseerd. Hij moet de aanwijzingen volgen die worden gegeven op grond van dit reglement, bijvoorbeeld over privacyvoorschriften en het gebruik van de applicatie.
In hoofdstuk 4 zijn bepalingen opgenomen over het oude bevolkingsregister, het intrekken van de oude regeling, de inwerkingtreding en de citeertitel.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-205679.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.