Wijzigingsbesluit Leidraad Invordering 2025 (april 2026)

HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN DE GEMEENTE LEEUWARDEN;

 

overwegende,

  • -

    Dat een actualisatie van de huidige geldende Leidraad Invordering, vastgesteld op 25 februari 2025 en laatstelijk gewijzigd op 9 september 2025, gewenst is vanwege de laatste wijzigingen van de modelleidraad van de VNG van januari 2026;

BESLUIT:

 

De Leidraad Invordering 2025 te wijzigen:

  • 1.

    Artikel 1.1.5 wordt als volgt gewijzigd:

    • 1.

      In de eerste zin vervalt ‘en het Besluit Fiscaal bestuursrecht’.

    • 2.

      In de eerste zin van de vierde alinea wordt [zes] vervangen door zes.

    • 3.

      In de zesde alinea vervalt de tekst vanaf de tweede zin, beginnend met ‘Dit betekent onder meer’ en eindigend met ‘beoordeling ook zou hebben afgewezen.’.

  • 2.

    Na artikel 1.1.5a wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:

     

    Artikel 1.1.5b Marginale toetsing

    Als de belastingschuldige in zijn verzoek aan de gemeente aannemelijk maakt dat er gegronde twijfels bestaan over de verschuldigdheid van een onherroepelijk geworden belastingaanslag, toetst de ontvanger de belastingaanslag marginaal. Onder een onherroepelijk vaststaande belastingaanslag wordt in dit verband verstaan een belastingaanslag waartegen geen bezwaar of beroep meer openstaat en waarbij evenmin een ambtshalve beoordeling mogelijk is in verband met termijnoverschrijding. Als bij de marginale toetsing blijkt dat een belastingaanslag geheel of gedeeltelijk in materiële zin niet verschuldigd kan worden geacht, neemt de ontvanger in zoverre geen invorderingsmaatregelen. Onder invorderingsmaatregelen worden niet alleen dwangmaatregelen begrepen zoals de tenuitvoerlegging van een dwangbevel, maar ook de verrekening van een belastingaanslag met belastingteruggaven.

     

    Als de ontvanger invorderingsmaatregelen heeft genomen na indiening van het verzoek tot marginale toetsing, corrigeert hij de afboekingen op de belastingaanslag voor zover deze belastingaanslag niet materieel verschuldigd kan worden geacht. Wanneer het afboekingen betreffen die zien op de periode van vóór de ontvangst van het verzoek dan wel betalingen betreffen die de belastingschuldige uit eigen beweging heeft gedaan, corrigeert de ontvanger dit voor zover dat in redelijkheid nog mogelijk is.

     

    De ontvanger wijst het verzoek van belastingschuldige af als de inspecteur een tijdig verzoek voor ambtshalve beoordeling ook zou hebben afgewezen.

  • 3.

    Na artikel 1.1.5b (nieuw) wordt een nieuw artikel ingevoegd, luidende:

     

    Artikel 1.1.5c Verzoekschriften aan andere instellingen

    De ontvanger houdt de invordering aan als er een verzoekschrift is ingediend bij de raad, het college of de (gemeentelijke) ombudsman tot op dat verzoekschrift is beslist. Als naar het oordeel van de ontvanger aanwijzingen bestaan dat door het niet direct aanvangen of vervolgen van de invordering de belangen van de gemeente worden geschaad, kan de ontvanger toch invorderingsmaatregelen treffen.

  • 4.

    In artikel 1.2 vervalt ‘en het Besluit Fiscaal bestuursrecht’.

  • 5.

    Artikel 25.1.15 vervalt.

  • 6.

    Artikel 26.1.11 vervalt.

  • 7.

    In artikel 26.2.7, tweede alinea wordt ‘de overblijvende partner/erfgenaam’ vervangen door ‘de langstlevende echtgenoot’.

  • 8.

    In artikel 26.2.12 wordt ‘€ 77’ vervangen door ‘€ 80’ en wordt ‘€ 68’ vervangen door ‘€ 70’.

  • 9.

    In artikel 26.2.19 wordt ‘€ 45’ vervangen door ‘€ 47’ en wordt ‘€ 101’ vervangen door ‘€ 106’.

  • 10.

    In artikel 67 wordt na het eerste gedachtestreepje een gedachtestreepje ingevoegd, luidende:

    • -

      bekendmaking aan derden in het belang van de invordering;

  • 4.

    De wijzigingen treden met terugwerkende kracht tot 1 januari 2026, zijnde de datum van actualisatie, in werking.

Aldus vastgesteld in de vergadering van 14 april 2026,

burgemeester.

secretaris.

Naar boven