Beleidsregels woonkostentoeslag Oirschot 2026

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Oirschot,

 

gelet op de artikelen 35, 44 en 55 van de Participatiewet en artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht

 

Collegevoorstel 26.I000246

 

b e s l u i t

  • I.

    Vast te stellen de Beleidsregels Woonkostentoeslag Oirschot 2026;

  • II.

    In te trekken de artikelen 4.4 en artikel 4.5 van de Beleidsregel Bijzondere Bijstand Oirschot 2026.

overwegende dat:

  • woonkostentoeslag een vorm van bijzondere bijstand is die bedoeld is voor situaties waarin noodzakelijke woonlasten niet (volledig) kunnen worden opgevangen door huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen;

  • het college op grond van de Participatiewet beleid kan voeren om inwoners tijdelijk financieel te ondersteunen bij deze woonlasten;

  • het wenselijk is om het beleid omtrent de verstrekking van woonkostentoeslag vast te leggen in beleidsregels ter bevordering van de rechtszekerheid en een eenduidige uitvoering;

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    college: het college van burgemeester en wethouders

  • b.

    wet: de Participatiewet;

  • c.

    Wht: de Wet op de huurtoeslag;

  • d.

    woonlasten: de maandelijkse kale huur of, bij een eigen woning, de aan de eigen woning verbonden noodzakelijke lasten zoals hypotheekrente, erfpachtcanon, opstalverzekering, VvE-bijdrage en andere noodzakelijke eigenaarslasten;

  • e.

    woonkostentoeslag (WKT): bijzondere bijstand ter gedeeltelijke vergoeding van noodzakelijke woonlasten die niet volledig worden gedekt door de huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen;

  • f.

    maximale rekenhuur: de maximale huurprijs die op grond van de Wht in aanmerking wordt genomen voor de berekening van de huurtoeslag;

  • g.

    basishuur: het bedrag dat op grond van de Wht geldt als minimale eigen bijdrage in de woonkosten, zijnde het deel van de rekenhuur dat voor rekening van de huurder blijft en waarover geen huurtoeslag wordt verstrekt, zoals jaarlijks vastgesteld door of krachtens die wet;

  • h.

    aftoppingsgrens: het bedrag dat binnen deze beleidsregels maximaal als noodzakelijke woonlasten kan worden aangemerkt voor de WKT, gelijk aan 135% van de maximale rekenhuur zoals bedoeld in de Wht.

Artikel 2. Doel en grondslag

  • 1.

    De WKT is bijzondere bijstand als bedoeld in artikel 35 van de Participatiewet, en heeft tot doel inwoners met een laag inkomen tijdelijk te ondersteunen bij noodzakelijke woonlasten.

  • 2.

    Toekenning van WKT plaats na een individuele beoordeling van noodzaak, redelijkheid en passendheid; aan een aanvraag kan geen automatisch recht op WKT worden ontleend.

  • 3.

    WKT wordt slechts verleend voor zover huurtoeslag of andere voorliggende voorzieningen niet toereikend zijn.

Artikel 3. Doelgroep

  • 1.

    Inwoners van de gemeente Oirschot komen in aanmerking voor WKT indien zij:

    • a.

      woonlasten hebben die naar hun aard voor WKT in aanmerking kunnen komen en die worden beoordeeld op noodzakelijkheid en redelijkheid;

    • b.

      een inkomen hebben dat niet hoger is dan 100% van de bijstandsnorm;

    • c.

      geen in aanmerking te nemen vermogen hebben boven de vermogensgrens als bedoeld in artikel 34 van de Participatiewet.

  • 2.

    Ook huurders in de vrije sector komen in aanmerking, mits de woning als passend wordt aangemerkt en aan de voorwaarden van het eerste lid wordt voldaan.

Artikel 4. Voorwaarden voor toekenning

  • 1.

    Belanghebbende moet in geval van een huurwoning huurtoeslag hebben aangevraagd of aannemelijk maken dat dit niet mogelijk is.

  • 2.

    Woonlasten worden beoordeeld op noodzakelijkheid, redelijkheid en passendheid. Daarbij wordt rekening gehouden met:

    • a.

      de actuele aftoppingsgrens;

    • b.

      de plaatselijke woningmarkt, waaronder die van de gemeente Best en de gemeente Oirschot in verband met de per 1 januari 2028 beoogde gemeentelijke fusie, de regionale woningmarkt en de beschikbare huisvestingsmogelijkheden;

    • c.

      persoonlijke omstandigheden.

  • 3.

    Bij de beoordeling van de noodzakelijkheid en passendheid van de woonlasten wordt in ieder geval betrokken of de huurprijs uitkomt boven de maximale rekenhuur zoals bedoeld in de Wht en de aftoppingsgrens.

  • 4.

    WKT kan worden geweigerd of beperkt indien onvoldoende inspanningen zijn geleverd door de inwoner, overeenkomstig artikel 55 van de Participatiewet. Hierbij geldt:

    • a.

      Bij de eerste aanvraag wordt gekeken naar de inspanningen die tot dat moment zijn geleverd, bijvoorbeeld:

      • 1)

        Inschrijving bij woningcorporaties;

      • 2)

        Actief reageren op passende woningen;

      • 3)

        Gebruik van voorliggende voorzieningen waar mogelijk.

    • b.

      Bij verlenging of heronderzoek wordt de volledige inspanningsverplichting getoetst, waaronder:

      • 1)

        Actief zoeken naar een passende alternatieve woning en het benutten van alle redelijke mogelijkheden om woonlasten te verlagen;

      • 2)

        Gebruik van beschikbare voorliggende voorzieningen, zoals huurtoeslag of andere regelingen;

      • 3)

        Medewerking aan onderzoek en aanleveren van relevante gegevens;

      • 4)

        Aantonen van reacties op aangeboden woningen of andere passende huisvestingsmogelijkheden.

  • 5.

    Het college kan afzien van het vereisen van een daadwerkelijke verhuizing indien geen passende of beschikbare goedkopere woning aanwezig is, of indien verhuizen om medische, sociale of gezinsredenen niet verantwoord is. Bij een eerste aanvraag wordt beoordeeld of de inwoner redelijke inspanningen heeft geleverd om een passende alternatieve woning te vinden; een daadwerkelijke verhuizing wordt hierbij (nog) niet verwacht. Bij verlenging of heronderzoek wordt de inspanningsverplichting strenger getoetst, zoals nader uitgewerkt in lid 4, onderdeel b.

Artikel 5. Woonkostentoeslag voor huiseigenaren

  • 1.

    Huiseigenaren komen in aanmerking indien zij voldoen aan artikelen 3 en 4.

  • 2.

    Alleen de noodzakelijke lasten die verband houden met eigenaarschap komen voor WKT in aanmerking; aflossing van de hypotheek wordt niet meegenomen.

  • 3.

    De berekening van de WKT volgt de systematiek van artikel 6 en de duur en herbeoordeling zijn geregeld in artikel 7.

  • 4.

    Huiseigenaren moeten wijzigingen die van invloed zijn op woonlasten of toeslag tijdig melden.

Artikel 6. Hoogte van de woonkostentoeslag

  • 1.

    De WKT wordt vastgesteld op het bedrag van de noodzakelijke woonlasten dat uitkomt boven:

    • a.

      voor huurders: de maximale rekenhuur als bedoeld in de Wht;

    • b.

      voor huiseigenaren: de basishuur.

  • 2.

    De noodzakelijke woonlasten worden in beginsel vastgesteld tot maximaal 135% van de maximale rekenhuur.

  • 3.

    Het deel van de huur/woonkosten dat uitkomt boven deze grens (van 135%) wordt in beginsel niet als noodzakelijk aangemerkt.

  • 4.

    Het bedrag dat maximaal door de WKT kan worden gecompenseerd, mag niet hoger zijn dan 35% van de maximale rekenhuur. Alles daarboven wordt niet vergoed.

  • 5.

    In bijzondere medische, sociale of gezinsomstandigheden kan het college besluiten de WKT hoger vast te stellen dan de berekende noodzakelijke woonlasten volgens lid 1 tot en met 3, maar nooit hoger dan het maximum als bedoeld in lid 4.

Artikel 7. Duur van de Woonkostentoeslag en heronderzoek

  • 1.

    De WKT wordt in beginsel toegekend voor een periode van 12 maanden.

  • 2.

    Tegen het einde van de toekenning wordt een heronderzoek uitgevoerd naar de noodzaak, redelijkheid en passendheid van de woonlasten, inclusief de mate waarin de inspanningsverplichting is nagekomen.

  • 3.

    Indien uit het heronderzoek blijkt dat de WKT nog steeds noodzakelijk is en de inspanningsverplichting is nagekomen, kan de WKT worden verlengd voor een tweede periode van maximaal 12 maanden.

  • 4.

    Tegen het einde van de tweede periode vindt opnieuw een heronderzoek plaats. In zeer bijzondere en schrijnende omstandigheden kan de WKT vervolgens nog een derde periode van maximaal 12 maanden worden toegekend.

  • 5.

    In normale omstandigheden eindigt de WKT na de tweede periode van 12 maanden (dus na 24 maanden) zodra uit het heronderzoek blijkt dat verlenging niet gerechtvaardigd is.

  • 6.

    De totale duur van de WKT, inclusief alle perioden waarvoor een verlenging is verleend, kan niet langer zijn dan 36 maanden binnen een aaneengesloten periode. Na het verstrijken van deze maximale periode stopt de WKT automatisch.

  • 7.

    Elke toekenning blijft maatwerk; het college houdt steeds rekening met noodzakelijkheid, redelijkheid en passendheid van de woonlasten.

Artikel 8. Vorm van de bijstand

WKT wordt om niet verleend.

Artikel 9. Aanvraag

  • 1.

    WKT wordt toegekend op basis van een ingediende aanvraag. Het indienen van een aanvraag geeft geen automatisch recht op WKT; iedere aanvraag wordt beoordeeld op basis van de geldende voorwaarden en de individuele situatie.

  • 2.

    De WKT gaat in op de eerste dag van de maand waarin de aanvraag is ontvangen door de gemeente.

  • 3.

    In afwijking van lid 2 kan het college besluiten de WKT met terugwerkende kracht toe te kennen tot maximaal drie maanden voorafgaand aan de dag waarop de aanvraag voor WKT is ontvangen, indien individuele omstandigheden daartoe noodzaken.

    • a.

      Hierbij wordt beoordeeld of de belanghebbende zich tijdig heeft gemeld, gelet op wat in de gegeven omstandigheden redelijkerwijs van hem of haar kon worden verwacht.

    • b.

      Het college motiveert de toepassing van terugwerkende kracht in het besluit.

  • 4.

    Een nieuwe aanvraag voor WKT kan buiten behandeling worden gelaten zolang de belanghebbende dezelfde woning bewoont en de overige relevante omstandigheden, zoals inkomen en woonlasten, onveranderd zijn gebleven.

Artikel 10. Hardheidsclausule

Het college kan in specifieke, bijzondere gevallen ten gunste van de aanvrager afwijken van de bepalingen van deze beleidsregel als onverkorte toepassing hiervan gevolgen zou hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de beleidsregel te dienen doelen.

Artikel 11. Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Inwerkingtreding: met terugwerkende kracht per 1 januari 2026.

  • 2.

    Citeertitel: “Beleidsregels Woonkostentoeslag Oirschot 2026”.

Aldus besloten in de vergadering van het college van Oirschot op 7 april 2026.

Burgemeester en wethouders van Oirschot,

Rob Brekelmans

secretaris a.i.

Judith Keijzers – Verschelling

burgemeester

Naar boven