Gemeenteblad van Pijnacker-Nootdorp
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Pijnacker-Nootdorp | Gemeenteblad 2026, 159443 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Pijnacker-Nootdorp | Gemeenteblad 2026, 159443 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Subsidieregeling voor maatschappelijke ondersteuning Pijnacker-Nootdorp 2026
Het college van burgemeester en wethouders van Pijnacker-Nootdorp;
gezien het advies van het domein Samenleving d.d. 24 maart 2026;
gelet op artikel 3, het eerste lid van de Algemene Subsidieverordening gemeente Pijnacker-Nootdorp 2026;
besluit vast te stellen de volgende regeling:
Subsidieregeling voor maatschappelijke ondersteuning Pijnacker-Nootdorp 2026
Het doel van deze subsidieregeling is het ondersteunen van activiteiten die bijdragen aan het algemeen maatschappelijk belang en die ten goede komen aan de inwoners van Pijnacker-Nootdorp, die zonder financiële steun moeilijk of niet uitvoerbaar zouden zijn.
Subsidie op grond van deze subsidieregeling kan worden aangevraagd door instellingen die activiteiten aanbieden voor inwoners van Pijnacker-Nootdorp.
Artikel 4 - Subsidiabele activiteiten
Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten die bijdragen aan het bereiken van ambities en doelstellingen zoals opgenomen in:
De activiteiten niet bijdragen aan het bereiken van de doelstellingen zoals opgenomen in de programma’s 5, 6 of 7 van de programmabegroting van Pijnacker-Nootdorp, de Visie op een veerkrachtig sociaal domein 2024 of een door de gemeenteraad vastgestelde beleidsnota op het gebied van sport, welzijn, cultuur, gezondheid, zorg, schuldhulpverlening, jeugd en onderwijs;
Om voor subsidie in aanmerking te komen, moet worden voldaan aan de volgende vereisten:
De instelling zorgt ervoor dat medewerkers die direct contact hebben met kinderen en jongeren tot en met 23 jaar, ouderen vanaf 55 jaar, inwoners met een beperking en/of in kwetsbare situaties, beschikken over een geldige Verklaring Omtrent het Gedrag (VOG). De instelling houdt tevens een eenvoudige registratie bij van de afgegeven VOG’s.
Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling
De instelling die werkt met beroepskrachten heeft de Meldcode Huiselijk geweld en Kindermishandeling ingevoerd voor de gehele organisatie.
De instelling die werkt met vrijwilligers is op de hoogte van deze meldcode en weet hoe ze moet handelen bij signalen van kindermishandeling of huiselijk geweld.
Verwijsindex Samenwerkingsinstrument Sluitende Aanpak
De instelling die werkt met kinderen, jongeren en hun ouders maakt gebruik van de verwijsindex Samenwerkingsinstrument Sluitende Aanpak, als er zorgen zijn om een ongezonde en onveilige ontwikkeling bij de doelgroep (kinderen en jongeren tot 23 jaar en hun ouders).
Artikel 7 - Subsidiabele kosten
Voor zover noodzakelijk en adequaat in relatie tot het doel van de subsidie komen de volgende kosten voor subsidie in aanmerking:
Artikel 8 - Niet subsidiabele kosten
In afwijking van artikel 7 komen de volgende kosten niet voor subsidie in aanmerking:
Wanneer na toetsing en beoordeling van alle volledig ingediende aanvragen, genoemd in artikel 9, blijkt dat het subsidieplafond ontoereikend is, dan wordt de subsidie evenredig (procentueel) verdeeld onder de aanvragers.
Artikel 11 - Verplichtingen van de subsidieontvanger
De subsidieontvanger is verplicht om de activiteiten waarvoor subsidie wordt versterkt uit te voeren in het kalenderjaar waarvoor de subsidie is verstrekt.
In de subsidiebeschikking kan worden opgenomen op welke wijze de aanvrager de besteding van de subsidie dient te verantwoorden.
Op subsidieaanvragen als bedoeld in het Subsidiebeleidskader Maatschappelijke Voorzieningen 2019-2026 waarop op het tijdstip van inwerkingtreding van deze subsidieregeling nog niet onherroepelijk is beslist, blijft het Subsidiebeleidskader Maatschappelijke Voorzieningen 2019-2026, zoals die luidde op de dag voorafgaand aan het tijdstip van inwerkingtreding van deze subsidieregeling, van toepassing.
Vastgesteld in de vergadering van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Pijnacker-Nootdorp d.d. 24 maart 2026.
het college van Pijnacker-Nootdorp,
Annelies Kroeskamp
Björn Lugthart
Secretaris
Burgemeester
Artikel 4 – Gesubsidieerde activiteiten
Volgens artikel 4, het eerste lid, moet met de gesubsidieerde activiteiten worden bij gedragen aan:
Visie op een veerkrachtig sociaal domein 2024 ‘Samen gereed voor de toekomst’.
In deze visie gaat het onder andere om het versterken van de algemene (gemeenschappelijke) sociale basis. De algemene (gemeenschappelijke) sociale basis gaat over de meer informele netwerken. Denk hierbij aan sportclubs, culturele organisaties, jeugdverenigingen, ouderensociëteiten of kaart- en biljartclubs. Maar ook over bewonersverenigingen of wijk- en buurtcomités. Vrijwillige inzet van inwoners voor verenigingen en organisaties valt hier ook onder. Met het financieel ondersteunen (lees = subsidiëren) van activiteiten, wordt bijgedragen aan het versterken van de algemene sociale basis.
Programma 5 – Onderwijs en kinderopvang
‘Passende onderwijs- en opvangvoorzieningen waar kinderen, jongeren en volwassenen zich kunnen ontwikkelen.’
Programma 6 – Collectieve voorzieningen
‘Vrij toegankelijke voorzieningen voor iedereen die bijdragen aan de ontwikkeling, participatie en zelfredzaamheid van inwoners’.
Het gaat om algemene activiteiten en diensten, waarmee we zoveel mogelijk willen voorkomen dat onze inwoners een beroep moeten doen op individuele voorzieningen. Of die daarop juist een aanvulling zijn. Collectieve voorzieningen zijn van belang voor preventie, het vroeg signaleren van problemen en het benutten van de eigen mogelijkheden van inwoners.
Programma 7 – Individuele voorzieningen
‘Individuele voorzieningen voor inwoners die het (tijdelijk) nodig hebben om deel te kunnen (blijven) nemen aan de samenleving, wanneer algemene of collectieve voorzieningen (programma 6) daarvoor niet voldoende zijn.’
Onder lid 2 wordt een aantal specifieke vereisten genoemd waar een aanvraag aan moet voldoen, wanneer dat van toepassing is op de uitvoering van de activiteiten. Het gaat om de volgende vereisten:
De instelling die activiteiten uitvoert door en voor kwetsbare groepen, zoals kinderen en jongeren tot en met 23 jaar, ouderen vanaf 55 jaar of inwoners met een verstandelijke beperking en/of in een kwetsbare situatie, moet een geldige Verklaring Omtrent het Gedrag kunnen overleggen voor vrijwilligers en medewerkers die direct contact hebben met deze doelgroepen.
Vrijwilligers en medewerkers zonder direct contact met de hierboven genoemde doelgroepen hoeven niet over een VOG te beschikken.
Van de afgegeven VOG’s wordt door de gesubsidieerde instelling een eenvoudige registratie bijgehouden. Deze registratie kan desgevraagd aan het college getoond worden.
Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling
Instellingen die actief zijn in de sectoren gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, WMO, jeugdhulp en jeugdzorg en waarvan de medewerkers werken met kinderen en jongeren tot en met 23 jaar, ouders of andere kwetsbare inwoners, werken met de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling.
De instelling die werkt met beroepskrachten heeft de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling ingevoerd voor de gehele organisatie. Medewerkers van vrijwilligersorganisaties zijn op de hoogte van deze meldcode en weten hoe zij moeten handelen bij signalen van kindermishandeling of huiselijk geweld.
Verwijsindex Samenwerkingsinstrument Sluitende Aanpak
De verwijsindex Samenwerkingsinstrument Sluitende Aanpak (SISA) is een digitaal systeem waarmee medewerkers kunnen signaleren dat zij betrokken zijn bij een kind of jongere (0–23 jaar) en hun ouders. De instelling is verplicht gebruik te maken van de verwijsindex Samenwerkingsinstrument Sluitende Aanpak, wanneer de aard van de dienstverlening dit vereist. Dit houdt minimaal in dat:
De instelling beschikt over een actueel calamiteitenprotocol dat beschrijft hoe wordt gehandeld in situaties waarin de veiligheid of continuïteit van de gesubsidieerde activiteiten in het geding is. Het protocol is passend bij de aard en omvang van de activiteiten en is bekend bij medewerkers en vrijwilligers die betrokken zijn bij de uitvoering. De instelling verstrekt het protocol desgevraagd aan het college.
Artikel 8 - Niet subsidiabele kosten
Niet voor subsidie in aanmerking komen de kosten voor de oprichting van een organisatie (onder c.). Hiermee worden bedoeld kosten voor ondersteuning of advies door bijvoorbeeld een advocaat of een notaris, specifiek voor de oprichting van een organisatie om de activiteiten te kunnen uitvoeren.
Artikel 15 - Eindverantwoording subsidies meer dan € 10.000
Volgens het tweede lid, onder d, dienen instellingen die een subsidie van meer dan € 100.000 hebben ontvangen, bij de aanvraag voor vaststelling een goedkeurende controle- of beoordelingsverklaring van een onafhankelijk accountant te overhandigen. Bij twijfel over de goedkeurende beoordelingsverklaring, heeft het college het recht om aan de gesubsidieerde instelling alsnog een goedkeurende controleverklaring te vragen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-159443.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.