Gemeenteblad van Katwijk
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Katwijk | Gemeenteblad 2026, 154248 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Katwijk | Gemeenteblad 2026, 154248 | beleidsregel |
Uitvoeringsprogramma Vergunningen Toezicht en Handhaving 2026 Gemeente Katwijk
Voor u ligt het Uitvoeringsprogramma Vergunningverlening, Toezicht en Handhaving (hierna te noemen VTH) voor het jaar 2026.
Het jaarlijks opstellen van een integraal Uitvoeringsprogramma waarin zowel uitvoering als handhavingstaken zijn opgenomen is een wettelijke verplichting. De provincie beoordeelt aan het einde van het jaar of de gemeente voldoet aan deze verplichting.
Het uitvoeringsprogramma is onderdeel van een cyclisch proces: plan – do – check – act. Elk jaar worden de behaalde resultaten verwerkt in een jaarverslag. Op basis van die resultaten, actuele ontwikkelingen, wetswijzigingen of veranderde inzichten worden nieuwe, aangepaste plannen vastgelegd in een uitvoeringsprogramma voor het volgende jaar. In het uitvoeringsprogramma staat waar de focus in het komende jaar naar toe gaat. Die focus kan per jaar verschuiven.
Op 12 maart 2024 heeft het college van de gemeente Katwijk het Vergunning, Toezicht- en Handhavingsbeleid (VTH-beleidsplan) vastgesteld. Het VTH-beleidsplan streeft naar een uniforme werkwijze en een integrale afweging van de beschikbare middelen voor VTH-taken afkomstig uit het Omgevingsrecht, de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), en Bijzondere Wetten. Dit uitvoeringsprogramma bevat de werkvoorraad, prioriteiten, doelen, activiteiten en methoden op operationeel niveau en fungeert als actieplan voor het komende jaar. De benodigde financiële en personele middelen worden ieder jaar geborgd in onze begroting onder de programma’s Volkshuisvesting, leefomgeving en stedelijke vernieuwing (onder taakveld Ruimte en Leefomgeving) en onder het taakveld Milieubeheer (onderdeel van programma Energie, groen en milieu).
In hoofdstuk 3 worden de ontwikkelingen benoemd die we verwachten voor 2026 en die impact hebben op het werk van VTH. In hoofdstuk 4 worden de doelstellingen uit het VTH-beleid herhaald en worden de acties op basis van deze doelstellingen bepaald voor 2026. In hoofdstuk 5 wordt de verwachte werkvoorraad, formatie en urenverdeling uitgewerkt. In hoofdstuk 6 wordt de prioritering bepaald. Tot slot wordt in hoofdstuk 7 nog aandacht besteed aan de kwaliteitscriteria en het opleidingsplan.
In 2026 gaan we verder met de ontwikkelingen in het stelsel van de Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen. De intensieve voorbereiding heeft zijn vruchten afgeworpen, maar we blijven de dienstverlening, werkprocessen en de kwaliteit van onze producten verbeteren waar dat kan. Verder is er in 2026 een evaluatie gepland voor het transitieplan Omgevingswet.
Een gebeurtenis die dit jaar gaat spelen is de ontwikkeling van Valkenhorst. Hiervoor worden de eerste omgevingsvergunningen aangevraagd.
In 2026 gaan er verschillende vergunningprocedures starten rondom de vestiging van Eli Lilly in Zijlhoek de Woerd.
Bij het taakveld vergunningen omgevingsrecht zien we sinds 2024 een stijging in het aantal aangevraagde vergunningen. Dit vraagt meer van VTH en van andere clusters binnen de organisatie. Samen met de Datafabriek maken we dit inzichtelijk om vroegtijdig te sturen op capaciteit en middelen.
Vanuit de Veiligheidsagenda wordt prioriteit gegeven aan de bestrijding van ondermijning. Dit vraagt ook een actieve bijdrage en uren van de VTH-taakvelden. Hiervoor worden uren gereserveerd bij meerdere taakvelden.
Het boa-bestel wordt herzien. Dit kan effect hebben op de taken en bevoegdheden van de boa’s. Of dit verder invloed gaat hebben op de beschikbare uren is nog niet bekend.
In 2026 zijn de gemeenteraadsverkiezingen. Er zal een nieuw coalitieakkoord komen. Dit kan effect hebben op de verwachte urenbesteding.
De Europese drempel voor de aanbesteding van het VTH-systeem is bereikt. We starten daarom in 2026 met een nieuwe aanbesteding voor dit systeem. Een externe projectleider begeleidt dit proces tot aan de gunning en indien nodig worden we ondersteund in het implementeren van een nieuw zaaksysteem. Dit kan mogelijk veel impact hebben op onze bestaande processen, data-vergaring en het inzichtelijk maken daarvan.
De middelen voor het toezicht en handhaving op de Huisvestingsverordening zijn voor komende jaren gehalveerd in het kader van Meerjarig Financieel Gezond (MFG). Dit heeft impact op de intensiteit en prioritering van toezicht en handhaving.
De werkprocessen voor taakvelden “APV vergunningen” en “Toezicht omgevingsrecht” zijn volledig ingericht in het zaaksysteem. We starten in samenwerking met de dataspecialisten van cluster I&A (de Datafabriek) met het inzichtelijk maken van de uitvoeringsdoelstellingen van deze taakvelden.
Bij het Cluster Vergunningen, Toezicht en Handhaving van de gemeente Katwijk zijn we toegewijd aan het dienen van het algemeen belang van onze gemeenschap. Onze missie is Samenwerken voor een Veilige en Leefbare Leefomgeving in Katwijk.
Wij streven ernaar bij te dragen aan het karakter en de uitstraling van onze gemeente. Dit doen we door nauw samen te werken met alle belanghebbenden en stakeholders, zowel binnen als buiten de gemeentegrenzen.
Onze taken omvatten informatievoorziening, beleidsontwikkeling, vergunningverlening, het toezicht op het gebruik van de openbare ruimte, en het handhaven van regels die bijdragen aan een goede ruimtelijke ordening en een veilige leefomgeving. Deze missie en de visie zijn vertaald naar een vijftal doelstellingen. In dit uitvoeringsprogramma worden aan de hand van deze doelstellingen de acties voor 2026 bepaald. Hieronder volgt een opsomming van de acties per doelstelling voor 2026:
Doelstelling 1: Herijking van uitvoeringsdoelstellingen
In het VTH-beleid is het herijken van de uitvoeringsdoelstellingen als doelstelling opgenomen. Hierbij gaan we uit van een drietal vereisten; zij moeten bijdragen aan de kwaliteit van onze dienstverlening, zij moeten eenvoudig inzichtelijk zijn en zij moeten een relatie hebben met de kernwaarden uit het VTH-beleid. We zijn tevreden als wij komen tot een set aan uitvoeringsdoelstellingen die voldoet aan de drie genoemde vereisten en dit wordt bevestigd door monitoring. Voor 2026 is er nog één openstaande actie.
Verder is er naar aanleiding van het evenementenbeleid een uitvoeringsdoelstelling toegevoegd (aanvullend op de uitvoeringsdoelstellingen die in 2024 gemonitord zijn) waarmee we actief de termijnen monitoren. We houden bij wanneer evenementenvergunningen worden aangevraagd en wanneer deze gepubliceerd worden en maken daarmee inzichtelijk of vergunningen 6 weken vóór het evenement gepubliceerd worden zodat belanghebbenden hier tijdig van in kennis worden gesteld.
Doelstelling 2: Optimaliseren van urenverantwoording en managementinformatie
In het VTH-beleidsplan is als doelstelling opgenomen: “We gaan door met het optimaliseren van de urenverantwoording en de managementinformatie. Zo versterken wij de grip op onze capaciteit.
In hoofdstuk 3 van het VTH-beleidsplan is een nieuwe methode geïntroduceerd om urenverantwoording en managementinformatie te optimaliseren. Deze aanpak draagt bij aan beter inzicht en meetbaarheid van productieve uren en laat ruimte voor doorontwikkeling. De komende beleidsperiode implementeren wij deze aanpak en passen onze urenregistratie hierop aan. Onderstaande acties zijn nog openstaande acties uit 2025 die nog niet geheel uitgevoerd of ingericht waren. De openstaande acties worden voortgezet in 2026.
Doelstelling 3: Ruimte voor bestuurlijke ambities
Er is veel goede wil om invulling te geven aan bestuurlijke wensen en ambities. Een succesvolle implementatie van de methode uit doelstelling 2 stelt ons in staat nauwkeuriger uren hiervoor te reserveren. Deze uren worden voortaan uitsluitend projectmatig ingezet. Door een goede opdracht kunnen we onze schaarse tijd optimaal benutten. Het bestuur heeft zo meer controle over deze inzet. Voor 2026 worden voor de volgende projecten uren vrijgemaakt:
Naast de uren voor projecten die onder doelstelling 3 aangewezen zijn, worden er ook uren gereserveerd bij het taakveld Vergunningen omgevingsrecht en Vergunningen bijzondere wetten/APV.
Voor 2026 houdt dat voor het taakveld Vergunningen omgevingsrecht in dat er uren worden gereserveerd voor projecten zoals Valkenhorst, Eli Lilly en de Mient-Kooltuin. Verder worden deze uren besteed aan het deelnemen aan overige projecten voor ruimtelijke ontwikkelingen en wordt er deelgenomen aan het projectteam voor procesverbetering onder de Omgevingswet.
Voor het taakveld Vergunningen bijzondere wetten/APV geldt dat er tijd gereserveerd wordt voor de uitvoeringsagenda die bij het evenementenbeleid is vastgesteld en wordt er een bijeenkomst georganiseerd voor organisatoren van evenementen in het najaar van 2026. Verder worden er uren gereserveerd voor het project ‘Controles op bestaande horecavergunningen’. Dit vraagt ook extra uren van de bibob-coördinator dit heeft effect op de uitvoering van de Veiligheidsagenda.
Voor de juristen geldt dat de uren die zij over hebben voor projecten, besteed worden aan werkzaamheden rondom de projecten waar de toezichthouders aan werken en bijvoorbeeld input leveren aan het Omgevingsplan.
Doelstelling 4: Monitoren van implementatie-effecten
In 2024 is een ‘EHBO-team’ samengesteld (eerste hulp bij Omgevingswet) om de effecten van de implementatie van de Omgevingswet en Wkb te monitoren. Dit team houdt bij hoe de dienstverlening verloopt en evalueert of de werkprocessen en systemen goed werken.
In 2025 is de werkgroep omgevingsrecht met de gemeenteraad gestart. In 2026 gaat deze werkgroep verder met het optimaliseren van de processen en verbeteren van dienstverlening onder de omgevingswet. Voor het inrichten van werkprocessen voor het bindend adviesrecht van de raad is een raadswerkgroep ingericht.
Doelstelling 5: Borging toezicht en handhaving op de huisvestingsverordening
In 2026 gaan we verder met toezicht en handhaving op de huisvestingsverordening. Ook dit jaar wordt een evaluatie uitgevoerd die zich richt op meetbare criteria zoals de frequentie van overtredingen en de benodigde personeelscapaciteit. De acties van 2025 worden doorgezet in 2026, maar door halvering van het budget zal de intensiteit van toezicht en handhaving afnemen.
Voor 2026 staan de volgende acties gepland:
De prioritering van werkzaamheden omvat onder andere de behandeling van vergunningaanvragen, toezicht op verleende vergunningen, en het oppakken van klachten en fixi-meldingen op basis van een risicoanalyse. De gehanteerde methodieken zijn gericht op efficiënte en effectieve inzet van beschikbare uren.
Vergunningaanvragen dienen te allen tijde behandeld te worden. Dit is een wettelijk verplichte taak waar ook wettelijke behandeltermijnen aan gekoppeld zijn. In deze werkzaamheden wordt dan ook geen prioritering aangebracht. We zien wel een stijging in het aantal aangevraagde omgevingsvergunningen, dit vraagt meer van ons als organisatie. Om hetzelfde niveau van dienstverlening te kunnen garanderen is het belangrijk dat er voldoende capaciteit is om deze aanvragen te behandelen. In bijlage 4 is voor de werkvoorraad vergunningen een prognose opgenomen.
Ook in het toezicht op de verleende vergunningen wordt geen directe prioritering aangebracht. Bij het toezicht op verleende vergunningen kan er echter wel gekozen worden voor steekproefsgewijze controle. Naar aanleiding van de uitkomsten van de steekproeven kan besloten worden of het toezicht kan worden afgebouwd, moet worden geïntensiveerd of kan worden gehandhaafd.
Concreet betekent dit dat de verleende vergunningen met een laag risico (gevolgklasse 1) in principe niet meer worden gecontroleerd (zowel de vergunningen voor de bouw- als de omgevingsplanactiviteit). Door middel van een steekproef van 10% van de verleende vergunningen wordt gemonitord of dit goed verloopt. Verleende vergunningen met een hoger risico (gevolgklasse 2 en 3) worden te allen tijde gecontroleerd.
Voor wat betreft het toezicht op de verleende (APV) vergunningen/ontheffingen wordt de intensiviteit van het toezicht bepaald aan de hand van de bij het VTH-beleidsplan opgestelde risicoanalyse. Dit betekent dat op vergunningen en ontheffingen die in de risicoanalyse laag geprioriteerd zijn (bijv. meldingsplichtig evenement, kennisgeving bingo, ontheffing winkeltijdenverordening), in principe geen toezicht wordt gehouden. Door middel van een steekproef van 10% van de verleende vergunningen wordt gemonitord of dit goed verloopt. Is de vergunning/ ontheffing gemiddeld geprioriteerd (bijv. ontheffing staandwantvissen, ontheffing ligplaats, standplaatsvergunning) dan wordt in 50% van de gevallen toezicht gehouden. Bij de hoog/ zeer hoog geprioriteerde vergunning/ontheffing (bijv. ontheffing rijden op het strand, vuurwerkverkoopvergunning, evenementenvergunning B en C) wordt altijd toezicht gehouden.
Voor de prioriteringslijst en de wijze waarop de prioritering tot stand is gekomen, zie de bijlagen 5 en 6 bij het VTH-beleidsplan.
Voor wat betreft het oppakken van klachten, fixi-meldingen geldt dat reeds in het VTH-beleidsplan is opgenomen dat we deze geprioriteerd oppakken. Voor de volledigheid melden we hier nog wel de werkwijze.
Om de prioritering te bepalen is een risicoanalyse opgesteld om te bepalen waar toezicht en handhaving het meest nodig zijn. Voor meer informatie hierover zie het VTH-beleidsplan. Als resultaat van de risicoanalyse zijn de in onderstaande tabel benoemde hoofdprioriteiten vastgesteld. Hierdoor kunnen we gerichte inspanningen leveren waar dat het meest nodig is.
De boa’s houden toezicht op de bepalingen in de APV en bijzondere wetten. Hiervoor geldt dat dit toezicht grotendeels gebiedsgericht zal gaan plaatsvinden. Hierbij gaan we van melding gericht toezicht naar informatie gestuurd toezicht. Meldingen zullen als signaal worden gebruikt. Indien nodig wordt daarbij gebruik gemaakt van de prioritering uit de risicoanalyse, hoe hoger de prioritering des te sneller er geacteerd zal worden.
Objectgericht toezicht en surveillance:
De toezichthouders omgevingsrecht hebben geen objectgericht toezicht. Aangezien er 4 projecten zijn aangewezen voor dit jaar (in 2025 waren dit 3 projecten), worden de uren voor surveillance afgeschaald. Dit betekent dat de toezichthouders vooral melding gestuurd werken en er meer aandacht wordt besteed aan grotere veiligheidsprojecten. De feitelijke urenbesteding ten opzichte van de ingeschatte urenbesteding van 2025 laat zien dat een herverdeling mogelijk is.
De boa’s voeren ook surveillance uit. Er zijn boa’s met verschillende taakaccenten die gericht surveilleren. Zij surveilleren op specifieke onderwerpen en pakken deze gericht aan. Er wordt onder andere gesurveilleerd op parkeren, overlast van fietsen (zowel weesfietsen als opruimacties binnen aangewezen locaties), strand, horeca, Panbos en loslopende honden/ controle opruimplicht in burger. Voor het beleggen van het toezicht en handhaving in Panbos is er een tijdelijke uitbreiding van de formatie met 0,8 fte voor 2026.
In het VTH-beleidsplan is een methodiek geïntroduceerd om meer grip te krijgen op de capaciteit, waarbij wordt uitgegaan van het totaal aan beschikbare uren. Om meer inzicht te krijgen in deze uren hebben we de medewerkers onderverdeeld in 6 functiegroepen. Per functiegroep hebben we vastgesteld hoeveel uren inzet zij in totaal kunnen plegen op jaarbasis. Deze beschikbare uren zijn onderverdeeld in categorieën werkzaamheden; directe werkzaamheden, going concern, klachten/fixi-meldingen, projecten en objectgericht toezicht en surveillance.
De ureninzet op de categorieën directe werkzaamheden en going concern is gebaseerd op ambtelijk vastgestelde kengetallen. Deze kengetallen worden de komende periode herijkt, om nauwkeuriger overeen te komen met de daadwerkelijke situatie (dit is onderdeel van doelstelling 2). Het aantal uren dat we aan de hiervoor genoemde categorieën besteden, bepaalt namelijk de beschikbare tijd voor de andere categorieën; klachten en fixi-meldingen, projecten en objectgericht toezicht en surveillance. De verdeling over de categorieën klachten en fixi-meldingen en surveillance vindt op dit moment plaats op basis van informatie van voorgaande jaren, door middel van de uitvoering van doelstelling 2 kan deze inschatting nauwkeuriger worden. Doelstelling 2 is nog niet behaald, waardoor deze inschatting nog niet goed gedaan kan worden. De projecturen worden gebaseerd op de uren die na voorgaande verdeling overblijven. Aan de hand van deze uren wordt het aantal projecten bepaald. Afhankelijk van het onderwerp van het project is een minimaal aantal uren nodig om een gewenst effect te bereiken.
Voor 2026 zijn we van plan de uren als volgt te verdelen. In bijlage 2 is de urenverdeling van 2025 opgenomen ter referentie.
De landelijke kwaliteitscriteria voor VTH zijn vernieuwd. Deze kwaliteitscriteria geven eenduidige randvoorwaarden die zorgen voor professionele kwaliteit van de uitvoering van vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH). Er moet aan de hand van de kwaliteitscriteria worden gemeten of er voldoende opleiding, kennis, werkervaring en competenties binnen de organisatie aanwezig zijn. Verder moet er worden uitgelegd hoe dit onderhouden en geborgd wordt binnen de organisatie. De nieuwe kwaliteitscriteria (3.0) zijn per 1 januari 2025 van kracht. Aan de hand van de nieuw geldende kwaliteitscriteria is het opleidingsniveau van het personeel geïnventariseerd (bijlage 4).
Over het algemeen voldoen we aan de kwaliteitscriteria. Taken zijn ook uitbesteed (naar bijvoorbeeld Omgevingsdiensten of externe constructeurs), maar we zijn in sommige gevallen nog afhankelijk van het inhuren van personeel om het opleidingsniveau op peil te houden. Om deze afhankelijkheid weg te nemen wordt er aanbevolen om vast personeel op te leiden overeenkomstig de kwaliteitscriteria. Daarvoor moet de opleiding Ambtenaar bouw- en woningtoezicht II aankomend jaar toegevoegd aan het opleidingsplan worden toegevoegd.
Bijlage 1: Uitvoeringsdoelstellingen
Taakveld: vergunningverlening omgevingsrecht
Taakveld: APV vergunningverlening
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-154248.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.