Het college van burgemeester en wethouders van Oostzaan
Bevoegdheid
Op grond van artikel 18, lid 1, sub d, van de Wegenverkeerswet 1994 (WVW) is het college van burgemeester en wethouders bevoegd tot het nemen van verkeersbesluiten.
Grondslag
- Op grond van artikel 15, eerste lid, van de WVW moet een verkeersbesluit worden genomen voor de plaatsing of verwijdering van de in artikel 12 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) genoemde verkeerstekens, alsmede voor onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat of wordt gewijzigd;
- Mede gelet op het delegatiebesluit van de Gemeenteraad
Overwegende dat:
- De bewoner van Twiskeweg 25 te Oostzaan een aanvraag heeft gedaan voor een mindervalidenparkeerplaats op kenteken;
- Dat er geen parkeergelegenheid op eigen terrein aanwezig is;
- Dat er sprake is van parkeerdruk in de omgeving Twiskeweg 25;
- Deze straat binnen de bebouwde kom ligt en bij de gemeente in beheer is.
Besluit:
I. Door plaatsing van bord E6 voorzien van een onderbord met kenteken, conform bijlage 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990, het parkeren in een parkeerplaats ter hoogte van Twiskeweg 25 uitsluitend toe te staan met het voertuig voorzien van het op het onderbord vermelde kenteken.
II. Aan te wijzen als gebruiker van de onder I bedoelde parkeerplaats de bewoner van Twiskeweg 25;
III. Aan de onder II bedoelde aanwijzing de voorwaarden te verbinden dat de gebruiker: 1. Burgemeester en wethouders onverwijld schriftelijk in kennis stelt, indien het genoemde adres verandert, 2. Burgemeester en wethouders onverwijld schriftelijk in kennis stelt, indien hij/zij niet meer in het bezit haar van een voertuig dan wel dit voertuig niet meer gebruikt,
Oostzaan, 20 maart 2026
namens burgemeester en wethouders van Oostzaan, i.o. L. Goossens Afdelingshoofd Leefomgeving
Bezwaarschrift
Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na de dag van publicatie van het besluit in het Gemeenteblad, een bezwaarschrift indienen bij het college van burgemeester en wethouders. Het bezwaarschrift is ondertekend en bevat ten minste:Naam en adres van de indiener, de dagtekening, een omschrijving van het besluit waartegen het bezwaar is gericht en de motivering van het bezwaarschrift. Een bezwaarschrift heeft geen schorsende werking. Als er sprake is van spoed, kunt u tegelijk met uw bezwaarschrift een verzoek om voorlopige voorziening indienen bij de voorzieningenrechter van de Rechtbank Haarlem (postbus 1621, 2003 BR Haarlem).