Gemeenteblad van Hoeksche Waard
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoeksche Waard | Gemeenteblad 2026, 129374 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Hoeksche Waard | Gemeenteblad 2026, 129374 | beleidsregel |
Beleidsregels Preventie, Toezicht en Handhaving WMO Gemeente Hoeksche Waard 2026
Hoofdstuk 4. Preventie en risicobeheersing
Artikel 4.2 Preventieve maatregelen
Het college geeft preventie structureel vorm door onder meer:
Artikel 4.3 Cirkel van naleving
Het college werkt volgens een samenhangende nalevingsaanpak bestaande uit communicatie, dienstverlening, controle en handhaving.
Preventieve en repressieve instrumenten worden in onderlinge samenhang ingezet, met als doel het bevorderen van duurzame naleving en het beperken van onrechtmatigheid.
Toezicht is gericht op het vaststellen van de rechtmatigheid, kwaliteit en doelmatigheid van de uitvoering van Wmo-voorzieningen en op het bieden van een feitelijke basis voor bestuurlijke besluitvorming.
Deze kunnen afzonderlijk of gecombineerd worden ingezet.
Kwaliteits- en rechtmatigheidstoezicht stemmen signalen, bevindingen en risico’s periodiek met elkaar af. Indien bevindingen van het ene toezicht relevant zijn voor het andere toezicht, worden deze binnen de wettelijke kaders gedeeld.
Artikel 6.4 Prioritering toezicht
Toezicht wordt risicogericht ingezet op basis van cliëntveiligheid, financiële impact, verwijtbaarheid en nalevingsgeschiedenis.
Artikel 8.3 Handhavingsinstrumentarium
Het college kan onder meer inzetten:
Bestuurlijke boetes en lasten onder dwangsom zijn binnen de Wmo niet beschikbaar.
Artikel 8.5 Intensief toezicht
Indien sprake is van verhoogde risico’s voor kwaliteit, rechtmatigheid of cliëntveiligheid kan het college besluiten tot intensief toezicht, waarbij aanvullende controle- of rapportageverplichtingen worden opgelegd.
Voordat een handhavingsbesluit wordt genomen, wordt de betrokkene in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen, tenzij spoedeisende omstandigheden zich hiertegen verzetten.
Deze beleidsregels geven invulling aan de verantwoordelijkheid van het college van burgemeester en wethouders voor preventie, toezicht en handhaving binnen de uitvoering van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015). De Wmo legt gemeenten niet alleen de taak op om passende ondersteuning te bieden aan inwoners, maar ook om de kwaliteit, continuïteit, rechtmatigheid en doelmatigheid van die ondersteuning te borgen. Preventie, toezicht en handhaving vormen daarbij één samenhangend geheel.
Het uitgangspunt van deze beleidsregels is dat naleving primair wordt bevorderd door duidelijkheid, voorspelbaarheid en samenwerking. Handhaving is geen doel op zich, maar een middel om naleving te stimuleren, onrechtmatigheden te herstellen en herhaling te voorkomen. Het college kiest daarom voor een integrale nalevingsaanpak waarin preventieve en repressieve instrumenten elkaar versterken.
De gemeente werkt volgens een samenhangende cyclus van communicatie, dienstverlening, controle en handhaving. Door heldere communicatie over rechten en plichten, toegankelijke dienstverlening en tijdige signalering van risico’s wordt onrechtmatigheid zoveel mogelijk aan de voorkant voorkomen. Toezicht en handhaving vormen het sluitstuk van deze cyclus.
Preventie vormt het fundament van het gemeentelijk nalevingsbeleid. Door duidelijke verwachtingen te stellen en vroegtijdig risico’s te onderkennen, kan worden voorkomen dat zwaardere handhavingsmaatregelen noodzakelijk zijn.
Preventieve maatregelen zijn onder meer:
Deze inzet draagt bij aan rechtmatige besteding van publieke middelen en versterkt het vertrouwen tussen gemeente, inwoners en aanbieders.
Toezicht is gericht op het vaststellen of wordt voldaan aan wettelijke, beleidsmatige en contractuele verplichtingen. Toezicht levert een feitelijke basis voor bestuurlijke besluitvorming.
De beschikbare toezichtcapaciteit wordt risicogericht en proportioneel ingezet. Prioritering vindt plaats op basis van onder meer:
Hiermee wordt geborgd dat toezicht doelmatig wordt ingezet waar de maatschappelijke meerwaarde het grootst is.
Zorgvuldige onderzoeksprocedure
Bij toezichtonderzoeken wordt zorgvuldig en transparant gehandeld. In beginsel worden onderzoeken aangekondigd, tenzij het onderzoeksbelang zich daartegen verzet. Bevindingen worden vastgelegd in een conceptrapport, waarop betrokkenen een zienswijze kunnen geven. Deze zienswijze wordt betrokken bij het definitieve rapport.
Het onderzoeksrapport bevat de aanleiding, onderzoek aanpak, feitelijke bevindingen, beoordeling en conclusies en vormt de feitelijke grondslag voor eventuele handhavingsbesluiten. Deze werkwijze waarborgt hoor en wederhoor en versterkt de juridische houdbaarheid van besluiten.
Handhaving binnen de Wmo is primair herstelgericht. Het doel is het beëindigen van onrechtmatigheden en het herstellen van de rechtmatige situatie, niet het bestraffen van betrokkenen.
Het college kan daarom eerst lichtere interventies inzetten, zoals:
Deze instrumenten bieden aanbieders en budgethouders de gelegenheid om tekortkomingen te herstellen. Indien herstel uitblijft of sprake is van ernstige of opzettelijke overtredingen, kan het college zwaardere maatregelen treffen, zoals herziening of intrekking van beschikkingen, terugvordering of contractuele maatregelen.
Bij herhaalde overtredingen (recidive) of structurele tekortkomingen kan een zwaardere maatregel worden toegepast. Daarbij wordt rekening gehouden met de mate van verwijtbaarheid, eerdere interventies en de bereidheid tot herstel.
Voorafgaand aan een handhavingsbesluit wordt betrokkenen in beginsel gelegenheid geboden hun zienswijze naar voren te brengen, tenzij spoedeisende omstandigheden zich hiertegen verzetten.
Rollen en verantwoordelijkheden
Toezicht is in de beleidsregels gepositioneerd als een zelfstandige en onafhankelijke functie. Het doel van toezicht is het vaststellen of wordt voldaan aan wettelijke, beleidsmatige en contractuele verplichtingen en het bieden van een feitelijke basis voor bestuurlijke afwegingen. De toezichthouder verricht onderzoek en rapporteert daarover, maar neemt geen besluiten, waarmee een duidelijke scheiding tussen toezicht en besluitvorming wordt geborgd. Deze rolzuiverheid voorkomt belangenverstrengeling en versterkt de objectiviteit en rechtszekerheid.
Samenwerking en gegevensdeling
Effectief toezicht en handhaving vereisen samenwerking met interne en externe partners, zoals contractmanagement, kwaliteitsmedewerkers en ketenpartners. Gegevensdeling vindt uitsluitend plaats binnen de wettelijke kaders en met inachtneming van de Algemene verordening gegevensbescherming, de Wmo 2015 en overige toepasselijke regelgeving.
Alleen gegevens die noodzakelijk en proportioneel zijn voor de uitvoering van de wettelijke taak worden verwerkt. Geheimhoudingsplichten en privacybelangen worden zorgvuldig gerespecteerd.
Monitoring maakt het mogelijk om de effectiviteit van preventie, toezicht en handhaving te beoordelen en waar nodig bij te sturen. Het college verzamelt daarom structureel informatie over onder meer:
Het college rapporteert jaarlijks over de uitvoering en resultaten aan het bestuur. De uitkomsten worden gebruikt om prioriteiten te bepalen en het beleid verder te verbeteren. Door periodieke evaluatie blijft het beleid aansluiten bij wetgeving, jurisprudentie en uitvoeringspraktijk.
Met deze beleidsregels geeft het college invulling aan zijn verantwoordelijkheid voor een rechtmatige, doelmatige en kwalitatief goede uitvoering van de Wmo. Door een evenwichtige inzet van preventie, toezicht en handhaving wordt zorgvuldig omgegaan met publieke middelen en wordt bijgedragen aan passende en betrouwbare ondersteuning voor inwoners van de Hoeksche Waard.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-129374.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.