Gemeenteblad van Medemblik
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Medemblik | Gemeenteblad 2026, 127734 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Medemblik | Gemeenteblad 2026, 127734 | beleidsregel |
Agressieprotocol gemeente Medemblik 2025
Gemeente Medemblik is als werkgever verantwoordelijk voor de veiligheid van haar medewerkers. Op grond van wettelijke bepalingen is de gemeente verplicht om voor haar medewerkers een gezonde en veilige werkomgeving te bieden. Een belangrijk onderdeel hiervan is het voorkomen van agressie en geweld. De inspanningen van de gemeente op dit gebied zijn dan ook gericht op het beperken van risico’s door agressie en geweld. Dit agressieprotocol legt vast wat de regels en richtlijnen zijn voor het omgaan met agressie en geweld.
Het doel van dit agressieprotocol is om ervoor te zorgen dat medewerkers hun werk veilig en met respect kunnen doen. Dit betekent dat ze hun publieke taken zonder agressie of geweld van inwoners en/of bezoekers moeten kunnen uitvoeren. Dit geldt voor zowel binnen het gemeentehuis als daar buiten:
1.2. Standpunt gemeente Medemblik
Agressief gedrag van inwoners en/of bezoekers dat schade toebrengt aan medewerkers, persoonlijke bezittingen en/of gemeentelijke eigendommen is absoluut onaanvaardbaar en wordt nooit getolereerd. Bij ieder incident neemt gemeente Medemblik de benodigde maatregelen om agressief gedrag en geweld te voorkomen en te bestrijden.
Dit agressieprotocol is opgebouwd uit twee onderdelen:
Uitvoeringsplan agressieprotocol gemeente Medemblik 2025: hierin wordt de praktische en functionele implementatie en uitvoering beschreven. Daarbij is een onderhoudsplan opgenomen waarin het evalueren, beheren en aanpassen van het protocol is beschreven. Het uitvoeringsplan zal jaarlijks geëvalueerd en geactualiseerd worden.
Het agressieprotocol gemeente Medemblik 2025 wordt opgenomen in het personeelshandboek en wordt gepubliceerd op het intranet van de gemeente. Het uitvoeringsplan agressieprotocol gemeente Medemblik wordt overgedragen aan de afdeling Bedrijfsvoering om de uitvoering en het onderhoud van het agressieprotocol binnen de organisatie te borgen.
Politieke ambtsdragers worden niet meegenomen in dit agressieprotocol. Voor politieke ambtsdragers is een apart agressieprotocol door de raad vastgesteld op 6 december 2018. Dit protocol, genaamd ‘protocol grensoverschrijdend gedrag gemeente Medemblik’, valt onder verantwoordelijkheid van de Griffie en zal in 2025 aangepast en opnieuw vastgesteld worden.
De Vertrouwenspersoon treedt uitsluitend op bij interne meldingen van ongewenst gedrag tussen collega’s. Hiervoor is apart de regeling Vertrouwenspersoon vastgesteld. Dit agressieprotocol is gericht op agressierisico’s in de interactie met inwoners en/of bezoekers in het dagelijkse werk en daarin heeft de Vertrouwenspersoon geen rol.
Ondermijning kan raakvlakken hebben met agressie en geweld maar is in de kern toch anders. Dit komt doordat ondermijning in de basis gekenmerkt wordt door criminele activiteiten. Daardoor raakt ondermijning niet alleen de veiligheid van medewerkers en inwoners, maar ook de integriteit en het functioneren van de gehele gemeentelijke organisatie. Medewerkers kunnen allemaal te maken krijgen met situaties waarin ondermijning sluipenderwijs de kernprocessen binnendringt. Dit brengt niet alleen de integriteit en geloofwaardigheid van de organisatie in gevaar, maar heeft ook directe gevolgen voor het vertrouwen dat de inwoners in de gemeente hebben.
Om die reden heeft gemeente Medemblik voor medewerkers een intern meldpunt ingericht waar vermoedelijke zaken met betrekking tot ondermijning gemeld kunnen worden. Maak je iets mee waar je een onderbuikgevoel aan overhoudt of herken je een vreemd verhaal? Laat het weten via: vreemdverhaal@medemblik.nl. De meldingen worden vertrouwelijk en anoniem behandeld door de collega's van OOV.
1.7. Besluitvorming agressieprotocol
Het agressieprotocol is onderdeel van het personeelshandboek en valt onder verantwoordelijkheid van team HR. In het mandaatbesluit van de gemeente staat dat de gemeentesecretaris, als WOR-bestuurder, gemandateerd is om het personeelshandboek vast te stellen en daarmee dus ook gemandateerd om dit agressieprotocol vast te stellen.
Bijlage 2 voorbehouden aan de gemeentesecretaris, onder B. Personeelsaangelegenheden, punt 7: Het vaststellen van het personeelshandboek.
Dit protocol is vastgesteld door de gemeentesecretaris, als WOR-bestuurder, en tevens is instemming verleend door de Ondernemingsraad.
Gemeente Medemblik heeft verschillende functionarissen in dienst die verschillende rollen bekleden. In dit agressieprotocol noemen we alle functionarissen “medewerker of medewerkers”. Onder “de leidinggevende” verstaan we de teamleider of strategisch manager. Daar waar het gaat om een specifieke rol, zal die rol expliciet benoemd worden.
Het agressieprotocol is een handreiking voor iedere medewerker die met agressie en geweld te maken kan krijgen. Dit protocol is voor iedere medewerker en functie van toepassing. Dit zijn alle ambtelijke medewerkers in vaste of tijdelijke dienst:
2.1. Definitie agressie en geweld
Onder agressie en geweld verstaan we alle vormen van lichamelijke en verbale geweldplegingen, belaging, intimidatie en bedreiging die inwoners en/of bezoekers plegen en die verband houden met de uitvoering van de publieke taak van medewerkers. Ook het beschadigen van persoonlijke goederen en eigendommen en de toenemende agressie via sociale media valt daaronder.
In dit agressieprotocol stelt gemeente Medemblik vier belangrijk zaken vast met betrekking tot agressie en geweld om adequaat en uniform te handelen wanneer een incident met agressie en/of geweld plaatsvindt:
2.2. Uitgangspunten agressieprotocol
Dit agressieprotocol geeft vorm aan een gemeentelijk aanpak voor agressie en geweld. Het is een gezamenlijke verantwoordelijkheid van management en medewerkers, waarbij de gemeentesecretaris eindverantwoordelijke is. Daarbinnen hebben alle betrokken medewerkers een eigen verantwoordelijkheid.
Het is daarom van belang dat alle medewerkers dit protocol onderschrijven en er inhoudelijk goed van op de hoogte zijn. Aangezien er grote verschillen zijn tussen de verschillende publieke taken vraagt een effectieve aanpak altijd om maatwerk. De leidinggevende zorgt voor de vertaling van dit protocol naar praktische werkafspraken voor het eigen taakveld om de doelen van het protocol te realiseren:
2.3. Preventie agressie en geweld
Agressie en geweld zijn niet altijd voorspelbaar en om die reden ook niet altijd te voorkomen. Agressie van inwoners en/of bezoekers tegen medewerkers van de gemeente ontstaat meestal niet zomaar. De interactie tussen de inwoner en/of bezoeker en de gemeentelijke overheid is niet alleen een formeel, maar vooral een communicatief proces waar zowel de gemeente als de inwoner en/of bezoeker een aandeel in heeft.
Inwoners en/of bezoekers kunnen ontevreden zijn over de dienstverlening, voelen zich soms niet prettig bejegend door een medewerker, vinden procedures vaak ingewikkeld of kunnen last hebben van wachttijden. Allemaal aanleiding voor het ontstaan van emoties, die kunnen uitmonden in agressie en geweld. Agressie en geweld door een inwoner en/of bezoeker is niet goed te praten. Desondanks kan de gemeente wel een aantal maatregelen nemen om de kans op agressie en geweld te verkleinen. Het is daarom belangrijk om te investeren in zogenaamde preventieve maatregelen gericht op het voorkomen van mogelijke incidenten.
2.4. Grenzen agressie en geweld
2.4.1. Vormen agressie en geweld
Gemeente Medemblik tolereert geen enkele vorm van agressie en geweld. Het gaat hier om iedere vorm van (grensoverschrijdend) gedrag waardoor de medewerker gehinderd wordt in zijn werk of beïnvloed wordt in zijn besluitvorming door het gedrag van de ander, zoals:
Dit zijn de grenzen die de gemeente stelt en deze gelden voor alle contactmomenten tussen de medewerkers en de inwoners en/of bezoekers:
2.4.2. Gedragsregels inwoners en/of bezoekers
De gedragsregels voor de inwoners en/of bezoekers gelden zowel binnen het gemeentehuis als zij op bezoek komen als buiten het gemeentehuis en eveneens binnen en buiten kantoortijden. Deze gedragsregels worden op diverse manieren onder de aandacht gebracht:
Voor werken buiten het gemeentehuis gelden twee scenario’s:
Bij aangekondigde huis- en/of bedrijfsbezoeken wordt in de aankondigingsbrief de link naar de gedragsregels op de gemeentesite opgenomen. Tevens worden de gedragsregels als bijlage met de aankondigingsbrief of email meegestuurd. Deze handelingen worden in de sjablonen aangepast zodat het automatisch wordt meegenomen.
Bij onaangekondigde bezoeken en/of contactmomenten met inwoners en/of bezoekers op straat of elders worden de gedragsregels zo spoedig mogelijk opgestuurd of gemaild naar de betreffende inwoner en/of bezoeker indien een incident heeft plaatsgevonden. Dit is onderdeel van de afhandeling van de maatregel. Dit geldt voornamelijk voor buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s), medewerkers buitendienst en werven, toezichthouders, handhavingsjuristen, jeugdhulpverleners, WMO-medewerkers, wijkconsulenten. Maar het geldt ook voor alle medewerkers die buiten het gemeentehuis een contactmoment hebben met een inwoner en/of bezoeker waarbij een incident plaatsvindt.
De gedragsregels inwoners en/of bezoekers zijn gepubliceerd op het intranet en op de site van de gemeente.
2.4.3. Gedragsregels medewerkers
De gedragsregels voor de medewerkers gelden voor zowel binnen het gemeentehuis als inwoners en/of bezoekers op bezoek komen als buiten het gemeentehuis en eveneens binnen en buiten kantoortijden tijdens contactmomenten met inwoners en/of bezoekers. Deze gedragsregels worden op diverse manieren onder de aandacht gebracht:
De gedragsregels inwoners en/of bezoekers zijn gepubliceerd op het intranet.
2.5. Agressie Interventie Team (AIT) en alarmeren
Als een incident van agressie en geweld plaatsvindt binnen het gemeentehuis dan is het van groot belang om snel en adequaat te handelen. Elke seconde telt in dat soort situaties om verdere escalatie of schade te voorkomen. Om die reden heeft gemeente Medemblik ervoor gekozen om te werken met alarmeringssysteem en een Agressie Interventie Team (AIT) die gelijk in actie komt bij incidenten van agressie en geweld.
Het AIT is in principe alleen binnen het gemeentehuis actief. Voor medewerkers die buiten het gemeentehuis werken zal bij alarmering direct melding gedaan worden bij de alarmcentrale van de leverancier van het alarmeringssysteem. Zie paragraaf 2.5.4. “Alarmeren bij werken buiten het gemeentehuis”.
2.5.1. Agressie Interventie Team (AIT)
Leden van het Agressie Interventie Team zijn getraind om bij een incident van agressie en geweld snel op te treden. De leden van het AIT komen, na alarmering, zo spoedig mogelijk ter plaatse van het incident en nemen de situatie over waarbij de veiligheid van de bedreigde medewerker(s) wordt geborgd en de agressor wordt aangesproken en verzocht het gemeentehuis te verlaten. Bij weigering het gemeentehuis te verlaten of escalerend gedrag wordt via 112 de politie om assistentie gevraagd.
2.5.2. Registratie en toelaten nieuwe AIT-leden
De strategisch manager Bedrijfsvoering is verantwoordelijk voor de bezetting van het AIT. Alle medewerkers van de gemeente kunnen zich melden voor het AIT. Na aanmelding worden zij opgeleid en toegevoegd aan het alarmeringssysteem. Daarmee is de medewerker oproepbaar bij een calamiteit. Het Operationeel Hoofd AIT is verantwoordelijk voor het toevoegen aan en/of verwijderen van medewerkers van het alarmeringssysteem. Tevens heeft hij een signalerende functie bij onderbezetting van het AIT. Minimaal 5 leden moeten dagelijks aanwezig zijn tijdens kantooruren.
NB. Conform paragraaf H 10.5 van het Handboek Personeelszaken ontvangen de leden van het AIT een maandelijkse vergoeding voor hun deelname waarbij ze wel de verplichting hebben om, tijdens aanwezigheid, paraat te staan en aan de georganiseerde trainingen mee te doen.
2.5.3. Alarmeren bij werken binnen het gemeentehuis
Medewerkers welke zich op één of andere wijze onveilig voelen in een contactmoment met een inwoner en/of bezoeker kunnen het AIT inroepen door gebruik te maken van een vaste alarmknop. Deze vaste alarmknoppen bevinden zich op verschillende plekken binnen het gemeentehuis. Daarnaast stelt de gemeente een aantal mobiele alarmknoppen beschikbaar voor gebruik binnen het gemeentehuis die medewerkers kunnen gebruiken bij een gesprek met een inwoner en/of bezoeker op een andere locatie wanneer de spreekkamers met vaste alarmknoppen volgeboekt zijn. Het overzicht van de vaste alarmknoppen is opgenomen in het uitvoeringsplan en is tevens te raadplegen op het intranet van de gemeente.
2.5.4. Alarmeren bij werken buiten het gemeentehuis
Voor medewerkers die buiten het gemeentehuis werken (met uitzondering van de buitengewoon opsporingsambtenaren) wordt een alarmeringsapp geïnstalleerd op de mobiele telefoon die gebruik maakt van de GPS-functie van de mobiele telefoon. Bij een noodsituatie kan de medewerker op de alarmknop drukken om direct melding te doen bij de alarmcentrale van de leverancier van het alarmeringssysteem. De alarmcentrale is 24/7 bereikbaar en neemt bij elke melding de nodige acties richting de hulpdiensten. Afhankelijk van de situatie kan dit de politie, ambulance of brandweer zijn.
Verder biedt deze alarmeringsapp de volgende mogelijkheden:
2.5.5. Alarmeren bij buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s)
Buitengewoon opsporingsambtenaren (BOA’s) hebben een rode noodknop op hun portofoon die standaard onderdeel uitmaakt van hun uitrusting. Bij agressie wordt deze noodknop gebruikt en gaat dan automatisch een melding naar de meldkamer van de politie. Ook melden de BOA’s zich altijd aan en af bij de wachtcommandant van de politie voor extra veiligheid.
2.6.1. Melden en registratie van incidenten
In de Arbowet is afgesproken dat gemeenten incidenten van agressie en geweld registreren. Het is vaak onderdeel bij een controle van het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. Registratie vormt de basis voor de aanpak van agressie en geweld. Ieder incident wordt vastgelegd in het zaaksysteem door middel van het invullen van het incidentmeldingsformulier op het intranet van de gemeente.
Door incidenten te melden en daarmee te registreren ontstaat:
Het incidentmeldingsformulier is digitaal beschikbaar op het intranet van de gemeente. Na invulling wordt het formulier automatisch in het zaaksysteem geregistreerd. Daarbij wordt vanuit privacy oogpunt de registratie alleen toegankelijk gemaakt voor de betrokken medewerker(s), diens leidinggevende en strategisch manager, de gemeentesecretaris, HR en de adviseur Openbare Orde en Veiligheid. Na registratie zet de medewerker informatieregie de melding door naar de leidinggevende voor verdere afwikkeling en naar HR voor registratie. HR verzorgt eens per jaar een incidentenrapportage. De incidentenrapportage wordt ter informatie aangeboden aan het management en op het intranet geplaatst.
Bij een incident van agressie en geweld wordt (altijd) aangifte gedaan bij de politie door de betreffende medewerker en zijn leidinggevende. Daarbij wordt altijd naam en adres van de gemeente opgegeven. De leidinggevende informeert de Adviseur Openbare Orde en Veiligheid over de aangifte via veiligheid@medemblik.nl. Indien nodig, kan de Adviseur Openbare Orde en Veiligheid ondersteunen bij de bewaking van de voortgang van de aangifte en zich inspannen om de aangiften van de gemeente in behandeling te laten nemen door OM en politie. Door werkdruk kiest de politie er soms voor om een aangifte niet in behandeling te nemen. Voor ons is dit niet wenselijk omdat het behandelen van aangiften een grote bijdrage kan leveren voor het bestrijden van agressie en geweld.
Eveneens dient bij de aangifte aangegeven te worden dat het een aangifte betreft voor uitoefening van een publieke taak. Deze meldcode VPT is van belang voor het OM en de rechter.
2.6.3. Afzien van aangifte bij politie
Indien er bezwaren zijn van de betrokken medewerker(s) om aangifte bij de politie te doen, kan het incident zonder aangifte afgewikkeld worden. De “Instructies voor aangifte bij de politie” is gepubliceerd op het intranet van de gemeente.
2.6.4. Afwikkeling van het incident
Uitgangspunt is dat we binnen twee werkdagen maatregelen nemen tegen de agressor. Afhankelijk van de zwaarte van het incident kan dit een schriftelijke waarschuwing, een contactverbod, ontzegging tot het gemeentehuis of een combinatie van genoemde maatregelen zijn. De leidinggevende van de betreffende medewerker(s), die betrokken is bij het incident, beslist over de te nemen maatregelen en maakt de sanctiebrief op. Daarna wikkelt de leidinggevende het incident als volgt af:
Hij kan een ordegesprek met de agressor inplannen binnen twee werkdagen na het incident. Dit gesprek kan fysiek op het gemeentehuis plaatvinden of via de telefoon of digitaal. Bij een fysiek ordegesprek overhandigt hij de sanctiebrief aan de agressor. Dezelfde brief wordt tevens via de post (aangetekend) naar de agressor verstuurd, zowel bij een fysiek gesprek als bij een gesprek via de telefoon of digitaal;
Een ordegesprek is gericht op het gedrag van de agressor. Doel is om dit gedrag te corrigeren om herhaling in de toekomst te voorkomen. Het is van belang dat dit gesprek plaatsvindt na een incident om de agressor duidelijk te maken dat we agressief gedrag niet accepteren. Bij een fysiek ordegesprek is het verstandig om ondersteuning te vragen aan de beveiliging en is het van belang dat de beveiliging zich zichtbaar opstelt ten opzichte van de agressor.
Indien een fysiek ordegesprek niet mogelijk is kan de leidinggevende ervoor kiezen op dit telefonisch of digitaal te doen. Indien de leidinggevende redenen heeft om van het ordegesprek af te zien, dan kan hij het incident afwikkelen zonder ordegesprek.
2.6.6. Maatregelen en sancties
Grensoverschrijdend gedrag zoals benoemd in de gedragsregels inwoners en/of bezoekers wordt niet geaccepteerd. De leidinggevende beoordeelt het incident en bepaalt welke maatregel de agressor krijgt. Dit kan een waarschuwing zijn, een contactverbod tot het direct opnemen van contact met de medewerkers, zowel telefonisch als via de mail, of een ontzegging tot het gemeentehuis. Daarnaast kan de leidinggevende kiezen voor een ordegesprek om de agressor aan te spreken op zijn gedraging.
Tijdens de periode van het contactverbod en/of de ontzegging tot het gemeentehuis kan de agressor op eigen initiatief alleen via de post of via, een formeel aangewezen en gemachtigd, zaakwaarnemer contact met de gemeente hebben. Bij bezoek aan het gemeentehuis moet de zaakwaarnemer zich identificeren en de schriftelijke machtiging van de agressor overleggen.
Op initiatief van de gemeente kan wel een afspraak met de agressor gemaakt worden, zowel fysiek als digitaal. Ook hier, bij een fysieke afspraak, is het raadzaam om de beveiliging in te schakelen en is het van belang dat de beveiliging zich zichtbaar opstelt ten opzichte van de agressor.
Een contactverbod of ontzegging tot het gemeentehuis duurt minimaal drie maanden en het is voor de leidinggevende altijd mogelijk om af te wijken en een kortere of langere periode vast te stellen. Dit is afhankelijk van de ernst van de situatie, recidive, etc.
In onderstaande tabel staan de sanctiemogelijkheden.
2.6.7. Mandaatsbesluit bij agressie en geweld
Conform het mandaatsbesluit van gemeente Medemblik zijn de teamleiders bevoegd tot het nemen van besluiten over sancties in verband met agressie en geweld tegen medewerkers.
De strategisch managers zijn bevoegd tot het nemen van besluiten over maatregelen in verband met agressie tegen teamleiders of bezoekers. Meer informatie over het mandaatbesluit kun je vinden op het intranet van de gemeente.
De leidinggevende vangt de betrokken medewerker(s) in eerste instantie op. Daarna wordt de nazorg automatisch geregeld via de arbodienst, bedrijfsmaatschappelijk werk en/of een externe traumabegeleider indien dit nodig is. Dit gebeurt nadat het incidentmeldingsformulier door de medewerker is ingevuld op het intranet. De leidinggevende van de medewerker kan hierbij ondersteunen. Van belang is dus dat het incidentmeldingsformulier op het intranet zo spoedig mogelijk wordt ingevuld en geregistreerd.
Direct na een incident staan de volgende acties centraal. Deze acties kunnen ondernomen worden door de leidinggevende, diens vervanger of leden van het AIT of door directe collega’s. Dit naar gelang de situatie erom vraagt en wie er op dat moment aanwezig is:
2.7.2. Collegiale opvang door het bedrijfsopvangteam (BOT)
Het Bedrijfsopvangteam (BOT) is er voor collegiale opvang en bestaat uit een aantal medewerkers die opvang biedt aan medewerkers die een heftig incident of een schokkende gebeurtenis hebben meegemaakt, zoals agressie en geweld, dreiging, ongevallen, overlijden en/of rampen. De BOT-leden hebben een speciale training Bedrijfsopvangteam gevolgd voor collegiale opvang na heftige incidenten. De opvanggesprekken zijn vertrouwelijk en medewerkers ervaren een gesprek met een collega vaak als minder bedreigend. Het BOT biedt laagdrempelige en toegankelijke opvang/nazorg voor medewerkers en ondersteunt de leidinggevende bij het doorverwijzen van medewerkers naar professionele opvang/nazorg.
2.7.3. Professionele opvang/nazorg
Na de eerste opvang, collegiale opvang (BOT) en het invullen van een incidentmeldingsformulier beoordeelt de leidinggevende (of diens vervanger), indien nodig in overleg met het BOT, of professionele opvang of nazorg noodzakelijk is en doet eventueel melding bij de arbodienst, bedrijfsmaatschappelijk werk en/of een externe traumadeskundige. Afhankelijk van de situatie beoordeelt de leidinggevende in overleg met de betrokken medewerker de spoedeisendheid voor het maken van een afspraak voor professionele opvang of nazorg. Dit kan direct na het incident, maar ook een paar dagen na het incident. De medewerker bepaalt altijd zelf of inzet van professionele opvang/nazorg nodig is.
De beschreven nazorgstructuur geldt voor alle medewerkers. Na overleg met en toestemming van de betrokken medewerker(s) zal door de professionele zorgverlener een verslag gemaakt worden van de begeleiding ten behoeve van het individueel personeelsdossier van betrokken medewerker(s) en aangereikt worden aan de leidinggevende en aan afdeling HR.
2.8. Rollen, taken en verantwoordelijkheden betrokkenen
Diverse medewerkers hebben taken en verantwoordelijkheden om het agressieprotocol optimaal te laten functioneren. Onderstaand is een overzicht gemaakt van taken en verantwoordelijkheden van diverse functionarissen.
Als gemeente dragen wij verantwoordelijkheid voor alle werkzame medewerkers binnen onze organisatie, inclusief extern ingehuurd personeel. In dit agressieprotocol is daarom vastgelegd dat ingehuurde krachten bij agressie- en geweldsincidenten gelijk worden behandeld als interne medewerkers. Wat betreft agressietrainingen ligt de verantwoordelijkheid in principe bij het uitlenende bedrijf. Aangezien deze eis in eerdere aanbestedingen niet is opgenomen, kunnen wij dit momenteel niet afdwingen. Wel kunnen we bij toekomstige aanbestedingen een verplichting tot aantoonbare agressietraining in het Programma van Eisen (PvE) opnemen.
Voor de huidige ingehuurde krachten kunnen de volgende maatregelen worden genomen om aan onze wettelijke verplichtingen te voldoen:
In onderstaande tabel is overzichtelijk gemaakt hoe het aanbod van opleidingen en trainingen is vastgesteld:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-127734.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.