|
-
|
Artikel 6A - Routeontheffing zone zwaar verkeer – vervoer culturele producties
1.Voor voertuigen of samenstellen van voertuigen, eventueel langer dan 10 meter, met een toegestaan werkelijk gewicht inclusief lading van maximaal 30 ton, kan voor het vervoer van culturele producties met een culturele bestemming binnen de zone zwaar verkeer een routeontheffing worden verleend voor een specifieke route.
2.De routeontheffing wordt uitsluitend verleend voor het bereiken van de specifieke culturele bestemming in combinatie met een door de gemeente goedgekeurde route.
3.De culturele bestemming draagt zorg voor het doorsturen van een digitale versie van de ontheffing met bijlagen aan de transporteur en diens chauffeur.
4.Van de route waarvoor de ontheffing is verleend kan uitsluitend met voorafgaande toestemming van het college worden afgeweken.
5.De chauffeur van het voertuig is verplicht om uiterlijk op de dag van aankomst voor middernacht (23.59u) het kenteken van het voertuig dat gebruik maakt van de routeontheffing te registreren op de door de gemeente voorgeschreven wijze.
|
Met deze aanpassing wordt de pilot routeontheffing culturele instellingen voor het vervoer van podiumbenodigdheden aan culturele instellingen definitief in de beleidsregels Zone zwaar verkeer opgenomen.
|
|
Artikel 9 – ontheffingsvoorschriften
, lid 10:
Degene die het voertuig bestuurt dient zich binnen de zone te houden aan de volgende gedragsvoorschriften:
a. Zoveel mogelijk op de breed opgezette wegen rijden
|
Artikel 9 – ontheffingsvoorschriften, lid 10:
Degene die het voertuig bestuurt dient zich binnen de zone te houden aan de volgende gedragsvoorschriften:
a. Met ontheffing ex artikel 3 en 4 zoveel mogelijk op de breed opgezette wegen rijden
|
Bedoeld is het voorschrift te verduidelijken.
Ook voertuigen met een ontheffing ex artikel 3 en 4 maken zoveel mogelijk gebruik van de breed opgezette wegen.
Voertuigen waarvoor een ontheffing breed opgezette wegen is afgegeven, maken uitsluitend gebruik van breed opgezette wegen. Voertuigen met een routeontheffing maken uitsluitend gebruik van de goedgekeurde route.
|
|
Artikel 11 – Intrekking, wijziging of weigering ontheffing
1. Een ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd indien:
- Aan de ontheffing verbonden voorschriften en/of beperkingen niet in acht zijn of worden genomen;
- Sprake is van oneigenlijk gebruik van deze ontheffing of eventueel andere aan de ontheffinghouder afgegeven ontheffing(en) op grond van deze beleidsregels;
- De goedgekeurde route bij een routeontheffing zone zwaar verkeer niet meer mogelijk is omdat de actuele situatie met betrekking tot de draagkracht van bruggen of kademuren is gewijzigd;
- Ter verkrijging van de ontheffing onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
- Sprake is van veranderde wetgeving (of beleid) of een verandering van omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de ontheffing;
- De ontheffinghouder hierom verzoekt.
2. Een ontheffing kan in ieder geval worden geweigerd indien:
- Een eerdere ontheffing van de aanvrager maximaal twee jaren voorafgaand aan de aanvraag wegens handelen in strijd met ontheffingsvoorschriften en –beperkingen is ingetrokken;
- De verwachting bestaat dat er oneigenlijk gebruik zal worden gemaakt van de ontheffing.
|
Artikel 11 – Intrekking, wijziging of weigering ontheffing
1.Een ontheffing kan worden ingetrokken of gewijzigd indien:
a. Aan de ontheffing verbonden voorschriften en/of beperkingen niet in acht zijn of worden genomen;
b. Sprake is van oneigenlijk gebruik van deze ontheffing of eventueel andere aan de ontheffinghouder afgegeven ontheffing(en) op grond van deze beleidsregels;
c. Ter verkrijging van de ontheffing onjuiste of onvolledige gegevens zijn verstrekt;
d. De goedgekeurde route bij een routeontheffing zone zwaar verkeer niet meer mogelijk is omdat de actuele situatie met betrekking tot de draagkracht van bruggen of kademuren is gewijzigd;
e. Sprake is van veranderde wetgeving (of beleid) of een verandering van omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen van de ontheffing;
f. De ontheffinghouder hierom verzoekt.
2.Een ontheffing kan in ieder geval worden geweigerd indien:
a. Een eerdere ontheffing van de aanvrager maximaal twee jaren voorafgaand aan de aanvraag wegens handelen in strijd met ontheffingsvoorschriften en –beperkingen is ingetrokken;
b. De verwachting bestaat dat er oneigenlijk gebruik zal worden gemaakt van de ontheffing.
|
Met de wijziging in de volgorde en het alfabetisch nummeren van de in de opsomming is het artikel beter leesbaar en kan gemakkelijker naar de redenen van de intrekking, wijziging of weigering worden verwezen. Inhoudelijk zijn geen wijzigingen gedaan.
|
|
Artikel 12 – Stappenplan intrekken ontheffing
1. Als wordt geconstateerd dat een ontheffinghouder of een ander die van de ontheffing gebruik maakt de voorschriften verbonden aan de ontheffing overtreedt, dan kan het volgende stappenplan in werking treden:
a. De ontheffinghouder ontvangt bij de eerste overtreding een schriftelijke waarschuwing dat de ontheffing bij een volgende overtreding kan worden ingetrokken;
b. Afhankelijk van de resterende geldigheidsduur en de ernst van de overtreding wordt bij een tweede of volgende overtreding:
i. De ontheffing gedurende drie maanden of in het geval de resterende geldingsduur korter dan drie maanden is, voor de rest van de geldingsduur ingetrokken, of;
ii. De ontheffing volledig ingetrokken en kan binnen een periode van maximaal twee jaar na de intrekking geen nieuwe aanvraag worden gedaan.
c. De ernst van de overtreding kan ook tot gevolg hebben dat wordt overgegaan tot het nemen van maatregelen ten aanzien van de overige kentekens van voertuigen waarvoor de aanvragende (rechts-) persoon ontheffing is verleend.
2. Afhankelijk van de ernst van de overtreding kan de eerste stap van het stappenplan zoals bedoeld in het eerste lid onder a worden overgeslagen.
Als een ernstige overtreding in dit kader geldt in elk geval:
a. Het in strijd met de voorschriften verbonden aan de jaarontheffing zone zwaar verkeer met verklaring als bedoeld in artikel 4, lid 1, zodanig hebben beladen van het voertuig of samenstel van voertuigen dat het werkelijk gewicht zwaarder is dan 30,00 ton;
b. Het afwijken van de bij een routeontheffing zone zwaar verkeer als in artikel 5 en 6 voorgeschreven en door de college goedgekeurde route, zonder expliciete toestemming van het college.
3. Behoudens de bepalingen in het eerste en tweede lid van dit artikel kan worden overgegaan tot het opleggen van overige bestuursrechtelijke sancties.
4. Overtreding van de ontheffingsvoorschriften is op basis van de Wegenverkeerswet artikel 150, lid 2 strafbaar gesteld.
|
Artikel 12 – Stappenplan intrekken ontheffing
1. Als wordt geconstateerd dat een ontheffinghouder, of een ander die van de ontheffing gebruik maakt, een overtreding begaat, zoals bedoeld in artikel 11, eerste lid onder a, b of c, dan treedt het volgende stappenplan in werking:
a. De ontheffinghouder ontvangt bij de eerste overtreding een schriftelijke waarschuwing dat de ontheffing bij een volgende overtreding kan worden ingetrokken;
b. Afhankelijk van de ernst van de overtreding wordt bij een tweede of volgende overtreding:
De ontheffing voor een bepaalde tijd ingetrokken en kan in het uiterste geval binnen een periode van maximaal twee jaar geen nieuwe aanvraag worden gedaan.
c. De ernst van de overtreding kan ook tot gevolg hebben dat wordt overgegaan tot het nemen van maatregelen ten aanzien van de overige kentekens van voertuigen waarvoor de aanvragende (rechts-) persoon ontheffing is verleend.
2.In geval van een ernstige overtreding kan de eerste stap van het stappenplan zoals bedoeld in het eerste lid onder a worden overgeslagen.
Als een ernstige overtreding in dit kader geldt in elk geval:
a. Het in strijd met de voorschriften verbonden aan de jaarontheffing zone zwaar verkeer met verklaring, zoals bedoeld in artikel 4, eerste lid, zodanig hebben beladen van het voertuig of samenstel van voertuigen dat het werkelijk gewicht zwaarder is dan 30,00 ton;
b. Het afwijken van de bij een routeontheffing zone zwaar verkeer, zoals bedoeld in artikel 5 en 6, voorgeschreven en door het college goedgekeurde route, zonder expliciete toestemming van het college.
3.Behoudens de bepalingen in het eerste en tweede lid van dit artikel kan worden overgegaan tot het opleggen van overige bestuursrechtelijke sancties.
|
In het gewijzigde artikel 12, lid 1 aanhef wordt een duidelijke verwijzing gemaakt naar de overtredingen als bedoeld in artikel 11, eerste lid. Voor het overige is het artikel ook tekstueel verbeterd.
Het 4e lid is vervallen. Het voegt niets toe.
|
|
Artikel 15 – Overgangsrecht
1. Ontheffingen ‘7,5 ton voor voertuigen met een toegestane maximum massa tot 30,00 ton’ worden op 1 oktober 2021 omgezet in jaarontheffingen zone zwaar verkeer krachtens deze beleidsregels voor de resterende looptijd van de ontheffing.
2. Ontheffingen ‘45 ton voor voertuigen met een toegestane maximum massa zwaarder dan 30,00 ton’ worden omgezet op 1 oktober 2021 in routeontheffingen zone zwaar verkeer krachtens deze beleidsregels voor de resterende looptijd van de ontheffing.
3. Ontheffingen ‘7,5 ton voor voertuigen met een toegestane maximum massa zwaarder dan 30,00 ton’ worden op 1 oktober 2021 ingetrokken.
4. Aanvragen voor een ontheffing die in behandeling zijn op of worden ingediend na het moment van bekendmaking van deze beleidsregels worden – indien aan de voorwaarden wordt voldaan – verleend tot uiterlijk 1 oktober 2021.
|
|
Artikel kan vervallen. De overgangsbepalingen zijn uitgewerkt.
|