Wijzigingsverordening 2025 Algemene plaatselijke verordening Wageningen

De raad van de gemeente Wageningen,

 

Gelezen:

het raadsvoorstel van 18 november 2025;

 

gelet op:

Arikel 149 van de Gemeentewet;

 

BESLUIT

 

  • 1.

    De Wijzigingsverordening 2025 Algemene plaatselijke verordening Wageningen vast te stellen;

  • 2.

    De Wijzigingsverordening 2025 Algemene plaatselijke verordening Wageningen aan te merken als een referendabel besluit in de zin van de Referendumverordening Wageningen 2006.

Artikel I  

De Algemene plaatselijke verordening Wageningen 2024 wordt als volgt gewijzigd:

 

A

 

In artikel 1:1 wordt ‘- gebouw’ en de bijbehorende definitie vervangen door:- gebouw: hetgeen daaronder wordt verstaan in de bijlage, onder A, bij de Omgevingswet;

 

B

 

Artikel 2:4 Neerzetten van fietsen, scooters of bromfietsen en artikel 2:5a Verwijderen van fietsen, scooters vervallen.

 

C

 

Artikel 2:10 wordt als volgt gewijzigd:

  • 1.

    Het derde lid vervalt, onder vernummering van het vierde tot en met zesde lid naar het derde tot en met vijfde lid;

  • 2.

    Een nieuw zesde lid wordt ingevoegd luidende:

    • 6.

      Het verbod is ook niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, Omgevingsverordening of waterschapsverordening.

D

 

Artikel 2:12 komt te luiden:

 

Artikel 2:12 Maken of veranderen van een uitweg

  • 1.

    Het is verboden zonder omgevingsvergunning van het bevoegd gezag een uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in een bestaande uitweg naar de weg.

  • 2.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 wordt de vergunning slechts geweigerd:

    • a.

      ter voorkoming van gevaar voor het verkeer op de weg;

    • b.

      als de uitweg zonder noodzaak ten koste gaat van een openbare parkeerplaats;

    • c.

      als door de uitweg het openbaar groen op onaanvaardbare wijze wordt aangetast; of

    • d.

      als er sprake is van een uitweg van een perceel dat al door een andere uitweg wordt ontsloten, en de aanleg van deze tweede uitweg ten koste gaat van een openbare parkeerplaats of het openbaar groen.

  • 3.

    Het verbod is niet van toepassing op beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens de Omgevingswet, Omgevingsverordening of waterschapsverordening.

E

 

De artikelen 2:27 en 2:28 komen als volgt te luiden:

 

Artikel 2:27 Definitie

  • 1.

    In deze afdeling wordt onder openbare inrichting verstaan een hotel, restaurant, pension, café, waterpijpcafé, cafetaria, snackbar, afhaalhoreca, discotheek, buurthuis of clubhuis of elke andere voor het publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor directe consumptie ter plaatse worden bereid of verstrekt of rookwaren worden verstrekt.

  • 2.

    Een buiten de in het eerste lid bedoelde besloten ruimte liggend deel waar sta- of zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen voor directe consumptie ter plaatse kunnen worden bereid of verstrekt, waaronder in ieder geval een terras, maakt voor de toepassing van deze afdeling deel uit van die besloten ruimte.

Artikel 2:28 Exploitatie openbare inrichting

  • 1.

    Het is verboden een openbare inrichting te exploiteren zonder vergunning van de burgemeester.

  • 2.

    De burgemeester weigert de vergunning als de exploitatie van de openbare inrichting in strijd is met het omgevingsplan.

  • 3.

    In afwijking van het bepaalde in artikel 1:8 kan de burgemeester de vergunning slechts geheel of gedeeltelijk weigeren als naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat:

    • a.

      de woon- of leefsituatie in de omgeving van de openbare inrichting of de openbare orde op ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed;

    • b.

      de exploitant of de leidinggevende in enig opzicht van slecht levensgedrag is.

  • 4.

    Geen vergunning is vereist voor een openbare inrichting die zich bevindt in een:

    • a.

      winkel als bedoeld in artikel 1 van de Winkeltijdenwet voor zover de activiteiten van de openbare inrichting een nevenactiviteit vormen van de winkelactiviteit;

    • b.

      zorginstelling;

    • c.

      museum;

    • d.

      bedrijfskantine of -restaurant.

  • 5.

    Op de aanvraag om een vergunning is paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig beslissen) niet van toepassing.

F

 

In artikel 2:73 vervalt het tweede lid, onder vernummering van het derde lid tot tweede lid.

 

G

 

Afdeling 11 komt te luiden:

 

Afdeling 11. Drugsoverlast

 

Artikel 2:74 Drugshandel op straat

Onverminderd het bepaalde in de Opiumwet is het verboden zich op een openbare plaats op te houden met het kennelijke doel om, al dan niet tegen betaling, middelen als bedoeld in de artikelen 2 of 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar af te leveren, aan te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin te bemiddelen.

 

Artikel 2:74a Openlijk drugsgebruik

Het is verboden op door het college aangewezen openbare plaatsen of in daaraan grenzende voor het publiek openstaande gebouwen of op bij die gebouwen behorende erven middelen als bedoeld in de artikelen 2 of 3 van de Opiumwet of daarop gelijkende waar te gebruiken, toe te dienen, dan wel voorbereidingen daartoe te verrichten of ten behoeve van dat gebruik voorwerpen of stoffen voorhanden te hebben.

 

H

 

Artikel 2:78 wordt als volgt gewijzigd:

 

  • 1.

    In het eerste lid, wordt ‘ten hoogste 24 uur’ vervangen door ‘ten hoogste 48 uur’.

  • 2.

    Onder vernummering van het vierde lid tot vijfde lid een lid ingevoegd, luidende:

    • 4.

      Het is verboden te handelen in strijd met een krachtens het eerste of tweede lid opgelegd verbod.

I

 

In artikel 2:81, tiende lid, wordt ‘de vergunning en het verbod’ vervangen door ‘de vergunning of het verbod’.

 

J

 

Artikel 5:12 komt te luiden:

 

Artikel 5:12 Overlast van fietsen of bromfietsen

  • 1.

    Het is verboden op door het college in het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of beëindiging van overlast of ter voorkoming van schade aan de openbare gezondheid aangewezen plaatsen fietsen of bromfietsen onbeheerd buiten de daarvoor bestemde ruimten of plaatsen te laten staan.

  • 2.

    Het is verboden op door het college aangewezen plaatsen fietsen of bromfietsen langer dan een door het college vastgestelde periode onafgebroken te laten staan.

K

 

In artikel 6:8 wordt het jaartal ‘2024’ gewijzigd in ‘2025’.

Artikel II  

Deze wijzigingsverordening treedt in werking met ingang van de dag na de bekendmaking.

Artikel III  

Deze wijzigingsverordening wordt aangehaald als “Wijzigingsverordening 2025 Algemene plaatselijke verordening Wageningen”.

Aldus besloten in de openbare vergadering van 10 maart 2026,

de griffier,

de voorzitter,

Naar boven