Gemeenteblad van Zevenaar
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zevenaar | Gemeenteblad 2026, 125912 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zevenaar | Gemeenteblad 2026, 125912 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Beleidsregels bijzondere bijstand en minimaregelingen gemeente Zevenaar 2026
Het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Zevenaar, in zijn vergadering van 3 maart 2026 overwegen dat het wenselijk is regels vast te stellen waarbinnen bijzondere bijstand kan worden verleend;
Gelet op: artikel 4:81 lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht, en de artikelen 7 lid 1 onder b, 11 en 35 van de Participatiewet;
besluiten vast te stellen ‘Beleidsregels bijzondere bijstand en minimaregelingen gemeente Zevenaar 2026’.
Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen
Alle begrippen die niet zijn uitgelegd hebben dezelfde betekenis als in de Participatiewet en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).
In deze beleidsregels betekent:
Een aanvraag voor bijzondere bijstand gebeurt via een vastgesteld formulier. Alle gevraagde bewijsstukken moeten worden meegestuurd. Bijzondere bijstand wordt niet verleend voor kosten die langer dan 13 weken vóór de aanvraag zijn gemaakt. De aanvraag moet uiterlijk binnen dertien weken na het maken van de kosten worden ingediend.
Hoofdstuk 2 Bijzondere bijstand
Artikel 3. Hoogte van de bijzondere bijstand
De hoogte van de bijzondere bijstand bedraagt niet meer dan de kosten van de goedkoopste toereikende voorziening, tenzij deze beleidsregels anders bepalen.
De hoogte van de te verlenen bijstand wordt verminderd met de draagkracht van belanghebbende.
Artikel 7. Draagkracht uit inkomen
Bij de bepaling van de draagkracht wordt de kostendelersnorm als bedoeld in artikel 22a van de wet buiten beschouwing gelaten. Voor de van toepassing zijnde bijstandsnorm als bedoeld in lid 3 moet als de kostdelersnorm van toepassing is, worden gelezen: de norm die van toepassing zou zijn geweest als de kostdelersnorm niet geldt.
Bij zelfstandig ondernemers wordt de draagkracht berekend op basis van het inkomen over het kalenderjaar voorafgaand aan de aanvraag. Basis hiervoor is in beginsel de (voorlopige) aanslag over dat jaar en secundair de belastingaangifte. Wijkt de draagkracht van de zelfstandige op moment van de aanvraag substantieel af (20 procent of meer], dan wordt de draagkracht van de zelfstandige in afwijking van de eerste volzin vastgesteld op basis van de gegevens die bekend zijn over het inkomen op moment van de aanvraag of de laatste 6 maanden voorafgaand aan de aanvraag. Basis hiervoor is de laatste kwartaalaangifte/BTW aangifte die is gedaan.
Tot het inkomen wordt gerekend behaalde opbrengsten uit gokken. Er moet sprake zijn van een goede administratie die de inleg en de behaalde opbrengst aantoont per gokactiviteit. Indien de behaalde opbrengst hoger is dan de hoogte van de inleg wordt dit tot het inkomen gerekend. Indien er geen sprake is van een goede administratie die de inleg en de behaalde opbrengst aantoont per gokactiviteit worden de opbrengst en de inleggelden als inkomen aangemerkt, tenzij op dezelfde datum bij dezelfde gokinstelling zowel geld is ingelegd als uitbetaald. In dat geval wordt alleen de behaalde opbrengst als inkomen aangemerkt.
De draagkracht wordt in beginsel telkens voor een periode van één jaar vastgesteld, beginnende op de eerste dag van de maand waarin de kosten zijn gemaakt.
Voor personen die algemene bijstand (inclusief AIO) ontvangen geldt dat de draagkrachtperiode gelijk is aan de periode dat de uitkering wordt ontvangen.
Artikel 11. Collectieve zorgverzekering
Inwoners met een netto maandinkomen tot 120% van de geldende bijstandsnorm kunnen deelnemen aan de collectieve zorgverzekering van Menzis. Voor de premie van de aanvullende pakketten wordt gedeeltelijk bijzondere bijstand verstrekt. Deze wordt rechtstreeks aan de zorgverzekeraar betaald om de premie te verlagen.
Artikel 12. Medische behandeling.
Voor bijzondere bijstandsverlening komen in ieder geval de volgende niet verzekerbare medische noodzakelijke kosten in aanmerking:
De hoogte van de bijstand wordt vastgesteld op basis van de onbelaste reiskostenvergoeding volgens de richtlijnen van de Belastingdienst. Voor het bepalen van de afstand wordt de kortste route vanaf het woonadres gehanteerd. In geval er gereisd is met het openbaar vervoer worden de werkelijke kosten vergoed.
Indien belanghebbende vanuit een niet verwijtbare situatie beschikt over onvoldoende draagkracht voor de betaling van duurzame gebruiksgoederen en redelijkerwijs niet heeft kunnen reserveren voor deze kosten en er geen geldlening bij de Kredietbank Nederland mogelijk is waarmee volledig in de kosten kan worden voorzien, is bijzondere bijstand mogelijk volgens artikel 51 van de wet.
De hoogte van de bijzondere bijstand voor duurzame gebruiksgoederen wordt bepaald aan de hand van de richtprijzen zoals die zijn vermeld in de Nibud prijzengids, waarbij in beginsel wordt uitgegaan van maximaal 60% van de genoemde bedragen, omdat belanghebbende de goederen tweedehands aan moet kunnen schaffen.
Artikel 19. Woonkostentoeslag eigenaren
De woonkostentoeslag als bedoeld in het tweede en derde lid wordt verleend tot belanghebbende beschikt over een woning met een huur onder de huurgrens maar maximaal voor de duur van 1 jaar. Hierbij wordt de verplichting opgelegd naar een goedkopere huurwoning te verhuizen met een huur tot maximaal de maximale huurgrens. Deze periode kan worden verlengd als sprake is van bijzondere omstandigheden. Hieronder wordt verstaan dat het een belanghebbende redelijkerwijs niet kan worden verweten nog niet te zijn verhuisd naar een goedkopere woning. De periode en de verhuisplicht worden telkens voor de duur van zes maanden verlengd.
Artikel 20. Woonkostentoeslag huurders
Meerkosten van huur die boven de huurgrens uitstijgen, worden aangemerkt als bijzondere kosten wanneer belanghebbende door omstandigheden buiten zijn schuld in redelijkheid niet kan beschikken over een huurwoning met een huur onder de huurgrens. De kosten boven de maximale huurgrens worden 100% vergoed.
De woonkostentoeslag als bedoeld in het eerste en tweede lid wordt verleend tot belanghebbende beschikt over een huurwoning met een huur onder de huurgrens maar maximaal voor de duur van 1 jaar. Hierbij wordt de verplichting opgelegd naar een goedkopere huurwoning te verhuizen met een huur tot maximaal de maximale huurgrens. Deze periode kan worden verlengd als sprake is van bijzondere omstandigheden. Hieronder wordt verstaan dat het een belanghebbende redelijkerwijs niet kan worden verweten nog niet te zijn verhuisd naar een goedkopere woning. De periode en de verhuisplicht worden telkens voor de duur van zes maanden verlengd.
Artikel 22. Kosten Rechtsbijstand
Bijzondere bijstand kan worden verstrekt voor de eigen bijdrage op grond van een toevoeging volgens de Wrb, voor griffierechten en voor andere door de wet of kantonrechter vastgestelde noodzakelijke kosten mits een diagnosedocument van het Juridisch loket of een vergelijkbaar document wordt overlegd.
Hoofdstuk 7 Toeslag levensonderhoud jongeren 18 tot 21 jaar
Artikel 26. Bepaling voor jongeren in een inrichting geen beroep op onderhoudsplicht.
Belanghebbenden van 18, 19 of 20 jaar die in een inrichting verblijven, komen in aanmerking voor bijzondere bijstand op grond van artikel 35 lid 1 van de wet voor de kosten van levensonderhoud als die belanghebbende voor de kosten van levensonderhoud geen beroep kan doen op zijn ouders, omdat:
De begrafeniskosten zijn voor rekening van de opdrachtgever, die daarvoor zo nodig de nabestaanden kan aanspreken. De nabestaanden, voor zover zij erfgenaam of bloedverwant zijn en op grond van artikelen 392 – 396 BW:1 tot onderhoud van de overledene verplicht zijn, kunnen ieder afzonderlijk voor hun aandeel in de kosten, bijzondere bijstand aanvragen.
Bij de beoordeling of iemand in aanmerking komt voor de minimaregelingen als in dit hoofdstuk genoemd, geldt dat de draagkracht uit vermogen wordt vastgesteld conform het bepaalde in artikel 8 van deze beleidsregels. Voor het overige gelden onderstaande voorwaarden.
Artikel 29. Kindpakket: vergoeding reiskosten schoolgaande kinderen
Ouders of verzorgers met een inkomen tot 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en/of in een schuldhulpverleningstraject of Wsnp traject zitten, van kinderen (die ingeschreven staan op het adres van de ouder, waarbij het BRP leidend is), op het voortgezet onderwijs komen in aanmerking voor een tegemoetkoming in de reiskosten. De reiskosten worden vergoed tot maximaal € 500,00 per schooljaar per kind als men aan de volgende voorwaarden voldoet:
De vergoeding wordt éénmaal per schooljaar aan de ouders toegekend.
Artikel 29.1 Kindpakket: schoolkosten
Ouders of verzorgers met een inkomen tot 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en/of in een schuldhulpverleningstraject of Wsnp traject zitten, met kinderen (die ingeschreven staan op het adres van de ouder, waarbij het BRP leidend is) op het voortgezet onderwijs komen in aanmerking voor een jaarlijks bedrag van € 100 per kind, dit ter ondersteuning van de betaling van diverse schoolkosten (schriften, boekentas, regenpak, gymkleding, excursies etc).
Artikel 29.2 Kindpakket: computerregeling
Ouders of verzorgers met een inkomen tot 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en/of in een schuldhulpverleningstraject of Wsnp traject zitten, met kinderen (die ingeschreven staan op het adres van de ouder, waarbij het BRP leidend is) vanaf 10 jaar tot 18 jaar komen éénmaal per vijf jaar in aanmerking voor een bedrag van € 500,00 per kind voor de aankoop van een computer/laptop/tablet met een printer.
Artikel 29.3 Kindpakket: diplomazwemmen A en B
Ouders of verzorgers met een inkomen tot 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en/of in een schuldhulpverleningstraject of Wsnp traject zitten, met kinderen (die ingeschreven staan op het adres van de ouder, waarbij het BRP leidend is) in de leeftijd tot 18 jaar komen in aanmerking voor een vergoeding van de kostprijs voor diplomazwemmen A en B. Ook voor het inschrijfgeld wordt een vergoeding toegekend.
Ouders of verzorgers met een inkomen tot 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en/of in een schuldhulpverleningstraject of Wsnp traject zitten, met kinderen (die ingeschreven staan op het adres van de ouder, waarbij het BRP leidend is) in de leeftijd van 0 tot 18 jaar komen in aanmerking voor een vergoeding van de kostprijs vergoed voor de aanschaf van een identiteitskaart. De kosten voor een paspoort worden vergoed tot maximaal het bedrag van de kosten van een identiteitskaart.
Inwoners van de gemeente Zevenaar en gezinnen met kinderen (die ingeschreven staan op het adres van de ouder, waarbij het BRP leidend is) van 4 tot en met 17 jaar met een inkomen tot 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en/of in een schuldhulpverleningstraject of Wsnp traject zitten komen in aanmerking voor de Gelrepas. Kinderen onder de 4 jaar kunnen gebruik maken van het tegoed van hun ouder(s)/verzorgers. Zij hebben geen eigen tegoed op hun pas. De tegoeden op de pas worden jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de consumentenprijsindex van het CBS. De pas wordt jaarlijks verstrekt. Studenten komen niet in aanmerking.
Artikel 33. Doelgroep compensatieregeling chronisch zieken en gehandicapten
Inwoners van de gemeente Zevenaar met een chronische ziekte of handicap met een inkomen tot 120% van de van toepassing zijnde bijstandsnorm en/of in een schuldhulpverleningstraject of Wsnp traject zitten, die niet verzekerd zijn via de collectieve zorgverzekering voor minima van de gemeente en die in een bepaald jaar het volledige eigen risico hebben betaald komen in aanmerking voor een vergoeding van € 75,00 per persoon.
Artikel 34. Regeling duurzame gebruiksgoederen voor inwoners met AOW gerechtigde leeftijd
Inwoners van de gemeente Zevenaar hebben recht op de regeling duurzame gebruiksgoederen wanneer ze :
Inwoners met alleen een AOW inkomen worden gelijkgesteld aan inwoners die een bijstandsinkomen ontvangen en hebben daarom geen draagkracht. Op het pensioen dient de pensioenvrijlating in mindering te worden gebracht.
Van deze regeling kan eenmaal in de vier jaar gebruik worden gemaakt (aansluitend op de individuele inkomenstoeslag). De hoogte van de vergoeding wordt gelijkgesteld met de vergoeding voor de Individuele Inkomens Toeslag (IIT).
Artikel 36. Overgangs- en slotbepalingen
De Beleidsregels bijzondere bijstand gemeente Zevenaar 2021 blijven van toepassing op de aanvraag van bijstand die uiterlijk is ingediend op 31 december 2025 en op de resterende periode van reeds op grond van die beleidsregels toegekende bijzondere bijstand, voor zover dat leidt tot een gunstiger resultaat voor de belanghebbende tot:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-125912.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.