Subsidieregeling Ontmoeting en Verbinding gemeente Oostzaan 2026

Het college van de gemeente Oostzaan;

 

overwegende dat het gemeentebestuur ontmoeting en verbinding tussen inwoners onderling in Oostzaan wil bevorderen, door het verstrekken van subsidies voor activiteiten die daaraan bijdragen;

 

gelet op de Algemene Subsidieverordening gemeente Oostzaan 2026;

 

besluit vast te stellen de Subsidieregeling Ontmoeting en Verbinding gemeente Oostzaan 2026:

Artikel 1. Begripsomschrijvingen

Alle begrippen die in deze regeling worden gebruikt en niet nader worden omschreven, hebben dezelfde betekenis als in de Algemene Subsidieverordening gemeente Oostzaan 2026 (Asv) en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

 

  • 1.

    Asv: de Algemene Subsidieverordening Oostzaan 2026.

  • 2.

    Beperking: we onderscheiden de volgende beperkingen die inwoners kunnen hebben: een zintuigelijke (auditieve of visuele), lichamelijke of verstandelijke beperking of psychische problemen.

  • 3.

    Bezoekwerk: het op bezoek gaan bij ouderen om een gesprek aan te gaan over behoeften en wensen. Het gaat hierbij niet om mantelzorg of hulpverlening.

  • 4.

    Gezonde leefstijl: het RIVM benoemt als elementen van een gezonde leefstijl voeding, beweging, tabak (rookvrije generatie), gezond onderwijs.

  • 5.

    Jeugdigen: in de gemeente Oostzaan wonende personen tot een leeftijd van 18 jaar.

  • 6.

    Jeugdactiviteiten: openbare activiteiten die primair georganiseerd worden voor jeugdigen. Deze activiteiten vinden plaats in de vrije tijd van deze jeugdigen.

  • 7.

    Kindervakantieweek / jeugdkamp: een aantal aaneengesloten dagen in de schoolvakantie waarbij jeugdigen onder begeleiding deelnemen aan groepsactiviteiten gericht op ontmoeting, ontspanning en ontplooiing.

  • 8.

    Ontplooiing: de ontwikkeling en verruiming van het zelfbewustzijn van de jeugdige of oudere inwoner.

  • 9.

    Openbare activiteiten: vooraf aangekondigde activiteiten die voor iedereen vrij toegankelijk zijn of met een geldig toegangsbewijs. Lidmaatschap is geen vereiste.

  • 10.

    Ouderen: in de gemeente Oostzaan wonende personen met een leeftijd van 60 jaar en ouder.

  • 11.

    Ouderenactiviteiten: activiteiten die overwegend zijn gericht op ouderen.

  • 12.

    Structurele activiteit: een activiteit die minimaal maandelijks wordt herhaald.

  • 13.

    Voorlichtingsactiviteiten: groepsactiviteiten voor ouderen die gericht zijn op het overdragen van kennis en het bespreekbaar maken van onderwerpen. Het accent ligt op preventie, gezondheid en voeding.

  • 14.

    Wet: Algemene wet bestuursrecht

Artikel 2. Toepassingsbereik

  • 1.

    Het bepaalde in deze subsidieregeling is van toepassing op de verstrekking van reguliere subsidies door het college voor de in artikel 4 bedoelde activiteiten en voor de in artikel 5 genoemde doelgroepen. De activiteiten dienen bij te dragen aan het in artikel 3 omschreven maatschappelijk effect.

  • 2.

    De subsidie kan in aanvulling op lid 1.d Asv per boekjaar of voor drie boekjaren aan een aanvrager worden verstrekt. Indien de subsidie voor drie boekjaren wordt verstrekt, dient jaarlijks opgave gedaan te worden van het aantal actieve leden. De hoogte van de subsidie wordt jaarlijks aangepast op basis van het aantal actieve leden en jaarlijks geïndexeerd.

  • 3.

    Indien sprake is van een subsidie voor drie boekjaren, is het eerste jaar 2027, 2030 en vervolgens elke drie jaar.

Artikel 3. Maatschappelijk effect

De gemeente Oostzaan wil inwoners de ruimte geven elkaar te kunnen ontmoeten en verbindingen aan te gaan. Daarbij hebben we in het bijzonder oog voor de jeugd, senioren en inwoners waarvoor ontmoetingen en verbinding met anderen niet vanzelf gaan. Wij werken aan een samenleving waarin iedereen een plek heeft (inclusie) en gestimuleerd wordt tot een mentaal en fysiek gezond en vitaal leven, binnen ieders mogelijkheden.

 

Subsidie wordt uitsluitend verstrekt voor activiteiten die aan de volgende voorwaarden voldoen:

  • 1.

    De activiteiten zijn gericht op Oostzaanse jeugdigen, of

  • 2.

    De activiteiten zijn gericht op Oostzaanse ouderen, en/ of

  • 3.

    De activiteiten zijn gericht op inwoners met een beperking of achterstand

  • 4.

    De activiteiten leveren een bijdrage aan ontmoeting, verbinding, ontspanning, ontplooiing en gezonde leefstijl, en

  • 5.

    De activiteiten passen binnen de doelen die in de programmabegroting geformuleerd zijn.

Artikel 4. Activiteiten

  • 1.

    Subsidie wordt verstrekt voor de volgende activiteiten:

    • a.

      Jeugdactiviteiten die binnen de gemeente Oostzaan plaatsvinden met minimaal 20 deelnemende jeugdigen;

    • b.

      Een kindervakantieweek c.q. jeugdkamp met minimaal 20 deelnemende jeugdigen;

    • c.

      Ouderenactiviteiten met minimaal 10 deelnemende ouderen, die binnen de gemeente Oostzaan plaatsvinden;

    • d.

      Activiteiten voor inwoners met een beperking of achterstand met minimaal 10 deelnemers, die binnen de gemeente Oostzaan plaatsvinden.

    • e.

      Bewegen voor ouderen met minimaal 10 deelnemende ouderen, die binnen de gemeente Oostzaan plaatsvinden;

    • f.

      Organisatie van voorlichtingsactiviteiten op het gebied van preventie, gezondheid en/ of voeding met minimaal 10 deelnemende ouderen;

    • g.

      Organisatie van Koningsdag;

    • h.

      Organisatie van activiteiten op 4 of 5 mei;

    • i.

      Organisatie van Luilak activiteiten;

    • j.

      Organisatie van de Sinterklaasoptocht.

Artikel 5. Doelgroep

  • 1.

    Subsidie wordt uitsluitend verstrekt aan aanvragers, die aan de volgende voorwaarden voldoen:

    • a.

      De activiteiten worden georganiseerd door vrijwilligers in het jaar waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

    • b.

      De aanvrager is ingeschreven als vereniging of stichting.

Artikel 6. Kosten die voor subsidie in aanmerking komen

  • 1.

    Ongeacht de kosten van de activiteit, wordt per organisatie, activiteit, per deelnemer of per uur één normbedrag uitgekeerd.

Artikel 7. Hoogte van de subsidie

  • 1.

    De maximale normbedragen voor de subsidiabele activiteiten zijn als volgt:

    • a.

      Voor de organisatie van jeugdactiviteiten € 300,- per activiteit met een maximum van 5 jeugdactiviteiten per aanvrager:

    • b.

      Organisatie van openbare kindervakantieweek/ jeugdkamp en met een maximum van 1 kindervakantieweek/ jeugdkamp:

      • i.

        € 150,- per dag bij 20 tot 100 deelnemers;

      • ii.

        € 250,- per dag bij 100 deelnemers of meer;

    • c.

      Organisatie van ouderenactiviteiten of activiteiten voor inwoners met een beperking of achterstand:

      • i.

        € 150,- per activiteit die tot 5 uur duurt, met een maximum van 15 activiteiten;

      • ii.

        € 500,- per activiteit die meer dan 5 uur duurt, met een maximum van 1 activiteit;

    • b.

      Organisatie van voorlichtingsactiviteiten: € 50,- met een maximum van 10 voorlichtingsactiviteiten;

    • e.

      Organisatie van een structurele activiteit: € 1.000,- met een maximum van 1 structurele activiteit;

    • f.

      Voor de organisatie van activiteiten zoals bedoeld in artikel 4 lid 1 onder f. en g.: normbedrag van € 500,- per feestdag.

    • g.

      Voor de organisatie van activiteiten zoals bedoeld in artikel 4 lid 1 onder h.: normbedrag van € 1680,- per Sinterklaasintocht, met een maximum van 1 in de gemeente Oostzaan.

    • h.

      Voor scouting een bedrag van € 19 per jeugdlid uit de gemeente Oostzaan.

  • 2.

    De bedragen zoals vermeld onder 1worden overeenkomstig artikel 7, derde lid Asv, jaarlijks geïndexeerd op basis van de bij de kadernota vastgestelde begrotingsinflatie. Dit voor het eerst in 2027.

Artikel 8. Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud

  • 1.

    Overeenkomstig artikel 6 uit de Asv stelt het college een subsidieplafond vast voor deze subsidieregeling, onder voorwaarde dat voldoende middelen in de begroting beschikbaar worden gesteld.

  • 2.

    Er worden deelsubsidieplafonds vastgesteld. Eén voor activiteiten gericht op jeugdigen (artikel 4.1 a, b, f, g, h), één voor activiteiten met name gericht op ouderen (artikel 4.1 c, d, e).

  • 3.

    Wanneer het aangevraagde bedrag voor het de ene categorie activiteiten lager uitvalt dan het gereserveerde budget, terwijl er voor de andere categorie juist meer dan het gereserveerde budget wordt aangevraagd, wordt er geschoven in de budgetten.

Artikel 9.A. Waardering van de te subsidiëren activiteiten

  • 1.

    Aanvragen die voldoen aan de gestelde voorwaarden, worden in behandeling genomen. Zij krijgen een waardering van 100 punten.

  • 2.

    Activiteiten die inclusief zijn, bedoeld voor inwoners met een beperking, zoals vermeld in artikel 1.a, kunnen aanvullend op de punten uit lid 1, de volgende punten behalen:

    • a.

      5 punten bij een inclusieve activiteit voor een groep inwoners met 1 van de benoemde beperkingen;

    • b.

      10 punten bij een inclusieve activiteit voor groepen inwoners met 2 of meer van de benoemde beperkingen.

  • 3.

    Activiteiten die een gezonde leefstijl bevorderen, op basis van de elementen uit artikel 1.d, kunnen, aanvullend op de punten uit lid 1, de volgende punten behalen:

    • a.

      5 punten bij een activiteit gericht op 1 element;

    • b.

      10 punten bij een activiteit gericht op 2 of meer elementen.

  • 4.

    Activiteiten die gericht zijn op ontplooiing, op basis van artikel 1.h, krijgt, aanvullend op de punten uit lid 1, 5 punten.

  • 5.

    Activiteiten waarbij de aanvrager overtuigend kan onderbouwen dat wordt samengewerkt met meerdere partijen in de gemeente krijgt, aanvullend op de punten uit lid 1, 10 punten.

Artikel 9.B. Wijze van verdeling

  • 1.

    Volledige aanvragen om subsidie als bedoeld in artikel 7 worden op basis van een onderlinge vergelijking in een rangorde geplaatst.

  • 2.

    De rangorde wordt bepaald door toepassing van de in artikel 9 opgenomen criteria met de daaraan gegeven weging. Het totaal aantal punten dat na toepassing van deze criteria wordt behaald, bepaalt de plaats in de rangorde.

  • 3.

    Het aantal behaalde punten, gedeeld door 100, wordt vermenigvuldigd met de maximale bedragen per activiteit uit artikel 7.

  • 4.

    De verdeling van het beschikbare bedrag begint bij de aanvraag met de hoogste score en gaat door tot het deelsubsidieplafond bereikt is.

  • 5.

    Als de te verstrekken subsidie voor een aanvraag hoger is dan het resterende bedrag van het deelsubsidieplafond, dan kan de subsidie lager worden verleend. Dit kan alleen na overleg met de aanvrager. Deze kan de begroting en het activiteitenplan op het beschikbare subsidiebedrag aanpassen.

  • 6.

    In het geval dat er meerdere aanvragen zijn met hetzelfde aantal punten, waarmee het deelsubsidieplafond bereikt wordt, wordt het totale beschikbare bedrag evenredig over de voor subsidie in aanmerking komende activiteiten verdeeld. Dat wil zeggen dat elke subsidie met een zelfde percentage wordt gekort.

  • 7.

    Nadat de hoogte van de subsidie op grond van lid 1 tot en met 6 van dit artikel is bepaald, geldt voor het jaar 2027 een overgangstermijn:

    • a.

      Als de hoogte van de subsidie in 2027 lager is dan in 2026, zal het verschil voor 100% worden gecompenseerd. Dit betekent dat de hoogte van de subsidie in 2027 nooit lager kan zijn dan in 2026.

    • b.

      Na het berekenen van de hoogte van de subsidie, op basis van a., wordt de indexering over het gehele bedrag toegepast.

Artikel 10. Aanvraag

De werkwijze van een aanvraag voor subsidie is geregeld in artikel 8 Asv. Aanvullend geldt het volgende:

  • 1.

    Een aanvraag voor subsidie wordt ingediend via de website van de gemeente Oostzaan met gebruikmaking van het aanvraagformulier ‘Ontmoeting en Verbinding.

  • 2.

    Niet volledig ingevulde aanvraagformulieren worden niet in behandeling genomen. Aanvragers worden in de gelegenheid gesteld de gegevens binnen 14 dagen aan te vullen. Aanvragers krijgen hierover bericht.

  • 3.

    Op het aanvraagformulier dient door subsidie-ontvangers, bij activiteiten onder , opgave te worden gedaan van het aantal leerlingen.

  • 4.

    Verplichte bijlagen zijn, in afwijking van artikel 8 lid 2 Asv:

    • a.

      een activiteitenplan van het jaar waarvoor subsidie wordt gevraagd: een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd, met de doelen, prestaties en resultaten welke met die activiteiten worden nagestreefd, en hoe de activiteiten daaraan bijdragen.

    • b.

      een begroting (inclusief dekkingsplan) van het jaar/ de periode waarvoor subsidie wordt gevraagd.

    • c.

      een balans van het jaar voorafgaand aan de subsidieaanvraag.

Artikel 11. Aanvraagtermijn

Een aanvraag voor een subsidie wordt, in afwijking van artikel 9.1 Asv, ingediend tussen 1 september en 30 september voorafgaand aan het jaar waarop de aanvraag betrekking heeft.

Artikel 12. Beslistermijn

Het college beslist uiterlijk op 31 december van het jaar waarin de aanvraag voor subsidie is ingediend.

Artikel 13. Aanvullende weigeringsgronden

Niet van toepassing.

Artikel 14. Algemene verplichtingen van de subsidie-ontvanger

  • 1.

    Het college kan bij de verleningsbeschikking aanvullende verplichtingen aan de subsidie-ontvanger opleggen.

  • 2.

    Het college kan steekproefsgewijs het door de vereniging opgegeven ledenaantal controleren door inzicht te vragen in de ledenadministratie van de vereniging. De vereniging dient hieraan haar medewerking te verlenen.

  • 3.

    Overeenkomstig artikel 14, vierde lid Asv, behoeft de subsidie-ontvanger toestemming van het college voor de volgende onderdelen van het bepaalde in artikel 4:71 van de wet:

    • a.

      het oprichten van dan wel deelnemen in een rechtspersoon;

    • b.

      het wijzigen van de statuten;

    • c.

      het aangaan van kredietovereenkomsten en van overeenkomsten van geldlening;

    • d.

      het aangaan van overeenkomsten waarbij de subsidie-ontvanger zich verbindt tot zekerheidsstelling met inbegrip van zekerheidsstelling voor schulden van derden of waarbij hij zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt of zich voor een derde sterk maakt;

    • e.

      het vormen van fondsen en reserveringen;

    • f.

      het ontbinden van de rechtspersoon;

    • g.

      het doen van aangifte tot zijn faillissement of het aanvragen van zijn surséance van betaling.

Artikel 15. Publicatie

  • 1.

    In afwijking van artikel 4:24 van de wet, publiceert het college jaarlijks een overzicht van alle verleende subsidies die op grond van deze regeling zijn toegekend.

  • 2.

    Over de doeltreffendheid en de effecten van de subsidies in de praktijk, in relatie tot de andere ingezette acties per beleidsterrein, doet het college verslag via de reguliere planning en control cyclus en (tussentijdse) evaluatie van beleid.

Artikel 16. Hardheidsclausule

Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van deze subsidieregeling buiten toepassing laten of daarvan afwijken, voor zover toepassing gelet op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot onbillijkheid van overwegende aard. Het van toepassing verklaren van dit artikel wordt gemotiveerd in het besluit.

Artikel 17. Slotbepalingen

  • 1.

    Deze subsidieregeling treedt in werking de dag na de bekendmaking.

  • 2.

    Deze subsidieregeling kan worden aangehaald als ‘Subsidieregeling Ontmoeting en Verbinding gemeente Oostzaan 2026’.

  • 3.

    Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze subsidieregeling worden de volgende subsidieregelingen ingetrokken, maar behouden hun werking voor subsidies die zijn verstrekt tot de inwerkingtreding van deze regeling:

    • o

      ‘Subsidieregeling Straathoekwerk 2015’

    • o

      ‘Subsidieregeling Jongerenwerk 2015’

    • o

      ‘Subsidieregeling Recreatie en ontmoeting 2015’

Vastgesteld door het college van de gemeente Oostzaan op 10 maart 2026.

Naar boven