Subsidieregeling Markthal Geitenkamp

HET COLLEGE VAN BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN ARNHEM;

Gelezen/overwegende dat:

  • In april 2025 de twee supermarkten de Geitenkamp hebben verlaten, waaronder één op het marktplein;

  • Deze supermarkt meer was dan alleen een plek waar inwoners hun boodschappen deden. De supermarkt was ook een plek van belang voor de gehele wijkeconomie en een plek waar men elkaar trof voor een praatje;

  • Door het verdwijnen van deze supermarkten er voor veel Geitenkampers geen dagelijkse boodschappen meer op loopafstand kunnen worden gedaan;

  • het Nationaal Programma Arnhem-Oost de Geitenkamp sterker wil maken door concrete interventies in plaats van alleen lange termijn plannen. Een tijdelijke markthal is een haalbare stap: geen miljoeneninvestering in een permanente winkel, maar een realistische voorziening die ruimte biedt aan lokale ondernemers en ook een impuls kan geven aan de lokale economie op het plein;

  • er voor de huur van de marktkramen op grond van de Wet markt en overheid een kostendekkende huur moet worden gevraagd;

  • er sociaal ondernemers zijn die de huur niet kunnen dragen, die wel willen meewerken, maar de kosten onoverkomelijk zijn;

  • het van belang is deze lokale ondernemers een plek te geven in dit sociale initiatief.

Gelet op artikel 4:23 van de Algemene wet bestuursrecht en de Algemene subsidieverordening Arnhem 2016;

 

BESLUIT:

vast te stellen:

 

Subsidieregeling Markthal Geitenkamp

Artikel 1: Begripsomschrijvingen

Voor toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Markthal Geitenkamp: het pand aan de Geitenkamp 17, 6823 HC in Arnhem.

  • b.

    Sociaal ondernemer: een onderneming die aan de volgende drie criteria voldoet:

    • I.

      Sociaal karakter van de onderneming: de onderneming pakt volgens de statuten en in de praktijk primair een maatschappelijk probleem of levert een maatschappelijke bijdrage én zet daarbij ondernemerschap in als middel, níet als doel.

    • II.

      Maatschappelijke relevantie van de onderneming voor de markthal of de Geitenkamp, waarbij minstens één van de volgende punten geldt:

      • Het aanbod vult een essentieel gat in de basisvoorzieningen voor levensonderhoud; of

      • De ondernemer behoort tot één van de doelgroepen van het NPAO; of

      • De ondernemer draagt met zijn activiteit aantoonbaar bij aan de doelen van NPAO

        (bijv. participatie, werkgelegenheid, gezondheid.

    • III.

      Financiële noodzaak van subsidie voor de onderneming: de ondernemer maakt aannemelijk dat hij of zij de volledige kraamprijs (nog) niet kan dragen.

  • c.

    ASV: Algemene Subsidieverordening Arnhem 2016.

  • d.

    Awb: Algemene wet bestuursrecht.

  • e.

    College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Arnhem.

  • f.

    Jaar: Kalenderjaar.

  • g.

    NPAO: Nationaal Programma Arnhem Oost.

Artikel 2: Doel Subsidiëring

Het college kan aan sociale ondernemers die een marktkraam huren in de Markthal een subsidie verstrekken met als doel om via de activiteit de marktkramen te exploiteren en daarmee de basisvoorziening op het gebied van levensmiddelen op de Geitenkamp te verzorgen.

Artikel 3: Subsidiëring van activiteiten

  • 1.

    Het college kan een subsidie verstrekken voor het exploiteren van een marktkraam in de Markthal.

  • 2.

    De subsidie wordt per maand verstrekt. Het college kan een voorschot verlenen.

Artikel 4: Subsidieplafond

Het subsidieplafond wordt jaarlijks door het college vastgesteld. Voor het jaar 2026 wordt het subsidieplafond vastgesteld op €50.000. De subsidie wordt in volgorde van binnenkomst verleend (wie het eerst komt wie het eerst maalt).

Artikel 5: Subsidiabele kosten en hoogte van de subsidie

  • 1.

    Alleen de kosten van huur voor de marktkraam worden als subsidiabel aangemerkt.

  • 2.

    De hoogte van de subsidie wordt bepaald op grond van de werkelijk betaalde huur en de kosten die de ondernemer wel op kan brengen. Het maximaal te subsidiëren bedrag is € 60 per kraam per dag (inclusief eventueel verschuldigde BTW).

Artikel 6: De aanvraag

  • 1.

    Een aanvraag om een subsidie kan per jaar door de sociaal ondernemer ingediend.

  • 2.

    Dit moet - in afwijking van artikel 8 van de ASV – uiterlijk gebeuren een maand nadat de eerste kosten zijn gemaakt. Aanvragen die buiten deze periode worden ingediend kunnen worden afgewezen.

  • 3.

    De aanvraag bevat naast hetgeen volgt uit artikel 4.2 Awb en artikel 7 ASV in elk geval:

    • a.

      Een onderbouwing dat er sprake is van een sociaal ondernemer (onder meer door overlegging van de statuten).

    • b.

      Een begroting waaruit de onderbouwing blijkt dat de sociaal ondernemer de kosten van de huur van de marktkraam (nog) niet kan dragen door overlegging van een eenvoudige begroting en een bedrijfsplan.

    • c.

      Informatie over het assortiment dat beoogd wordt verkocht te worden, de dagen en of dagdelen dat de marktkraam wordt ingenomen.

Artikel 7 Verplichtingen

  • 1.

    De sociaal ondernemer dient bij te houden hoeveel dagen/dagdelen de marktkraam daadwerkelijk is ingenomen.

  • 2.

    De sociaal ondernemer dient uiterlijk op 1 april van het jaar dat volgt op het kalenderjaar waarin de activiteiten zijn verricht een verantwoording in conform artikel 14 tot en met 16 van de ASV.

Artikel 8: Betaling

Op basis van een subsidieverlening kan door het college per kwartaal voorschotten worden verstrekt.

Artikel 9: Weigeringsgronden en intrekkingsgronden

  • 1.

    Subsidie kan, naast de in artikel 4:25 en 4:35 van de Awb en artikel 10 van de ASV genoemde gevallen, in ieder geval worden geweigerd:

    • a.

      Indien gegronde reden bestaat om aan te nemen dat de activiteiten niet plaats zullen vinden.

    • b.

      Indien niet wordt voldaan aan het gestelde in deze regeling.

  • 2.

    Subsidie kan, naast de in artikel 4:48 tot en met 4:51 van de Awb en artikel 10 van de ASV genoemde gevallen worden ingetrokken of gewijzigd:

    • a.

      Indien niet (meer) aannemelijk is dat voldaan wordt aan de definitie van artikel 1, sub b van deze regeling.

    • b.

      Indien de activiteiten in de markthal door de ondernemer of in zijn algemeenheid worden gestaakt.

Artikel 10: Afwijkingsmogelijkheid

Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van een aanvrager afwijken van één of meerdere bepalingen van deze regeling.

Artikel 11: Inwerkingtreding en Citeertitel

  • 1.

    Deze regeling wordt aangehaald als: 'Subsidieregeling Markthal Geitenkamp’.

  • 2.

    Deze regeling treedt op de dag na bekendmaking in werking en vervalt op 17 december 2027 of zoveel eerder de activiteiten in de Markthal worden gestaakt.

Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem,

De secretaris,

De burgemeester,

Toelichting

Het uitgangspunt voor het gebruik van marktkramen is dat de marktconforme prijs leidend blijft. De normale kraamprijs (€ 30 per dagdeel) is de marktconforme/kostprijsdekkende prijs voor alle ondernemers. De subsidieregeling is niet ingesteld om zomaar een korting te verlenen, maar is bedoeld voor een gerichte steun voor sociaal ondernemers die zonder deze steun niet kunnen instappen

 

Artikel 1 sub b

Om voor subsidie in aanmerking te komen is allereerst van belang dat deze onderneming behoort tot de sociale ondernemers. De ondernemer levert een expliciete maatschappelijke bijdrage (bijv. betaalbaar gezond voedsel voor lage inkomens, werkplekken voor mensen met afstand tot de arbeidsmarkt, activering van wijkbewoners). De onderneming accepteert dat maatschappelijke impact belangrijker is dan maximale winstuitkering (winst als middel, niet als doel)

Ten tweede moet de ondernemer maatschappelijke relevantie voor de markthal of de Geitenkamp hebben. Minstens één van de volgende punten geldt:

  • Het aanbod vult een essentieel gat in de basisvoorzieningen (bijv. betaalbare groente/fruit, halal‑vers, brood)

  • De ondernemer behoort tot de doelgroep van het NPAO (bijv. in verband met het stimuleren van ondernemerschap en het bieden van een aantrekkelijk vestigingsklimaat.)

  • De activiteit draagt aantoonbaar bij aan doelen van NPAO (bijv. participatie, werkgelegenheid, gezondheid

Ten derde moet de ondernemer de financiële noodzaak van een subsidie aannemelijk maken: uit een eenvoudige begroting moet blijken dat de ondernemer de volledige kraamprijs (nog) niet kan dragen, terwijl het bedrijfsplan wel realistisch is. De ondernemer toont hierbij eigen inzet: er is eigen inbreng (tijd/middelen), de vraag is niet 100% kostendekking. De steun is tijdelijk, waarbij de verwachting is dat de ondernemer na verloop van tijd meer zelf kan dragen.

Naar boven