Grondslagen van de tarieven voor herstel van schade aan verharding en groen in de provincie Limburg 2026

Burgemeester en wethouders besluiten:

  • 1.

    het bijgevoegde tarieventabel 2026 vast te stellen en als bijlage toe te voegen aan hetHandboek Kabels en Leidingen en de AVOI;

  • 2.

    de tarieventabel 2025 in te trekken

TARIEFGRONDSLAGEN t.b.v. HERSTELKOSTEN.

 

Inleiding:

 

De tariefgrondslagen voor 2026 zijn gebaseerd op de uitgangspunten van het GPKL (Gemeentelijk Platform Kabels en Leidingen) en wordt verwezen naar de “richtlijn Tarieven (graaf)-werkzaamheden telecom” van de VNG.

 

Deze zijn te downloaden op de website van de VNG;

 

Herstraattarieven: overzicht | VNG

 

Deze tariefgrondslagen zijn van toepassing voor de gemeenten in de provincie Limburg die de OGN 2021 hebben ondertekend en de nutsbedrijven Enexis Netwerk en WML.

 

Deel 1 van deze grondslagen is gebaseerd op de rekentool van de GPKL.

 

Deel 2 zijn de eenheidsprijzen die niet landelijk zijn vastgesteld.

 

DEEL 1

Onderstaande artikelen verwijzen naar de artikelen, beschreven in de “richtlijn Tarieven (graaf)-werkzaamheden telecom”, uitgave van de VNG

 

Algemeen.

Deze tariefgrondslagen zijn van toepassing voor de gemeenten in de provincie Limburg die de OGN hebben ondertekend en de nutsbedrijven Enexis Netwerk en WML.

 

Het nutsbedrijf is gehouden tot het vergoeden van alle schaden, geleden en te lijden door de gemeente, voortvloeiende uit de door het nutsbedrijf uit te voeren werken aan de leidingen.

 

De berekening van de vergoeding van de schaden is gebaseerd op vier voor de betrokken partijen optredende kostensoorten:

 

1. Uitvoeringskosten

3. Degeneratiekosten

2. Onderhoudskosten

4. Beheerkosten

 

De normen en tarieven dienen te leiden tot dekking van in redelijkheid gemaakte kosten.

 

In de rekentool onderscheidt men 7 tariefgroepen;

 

A = Herstel en onderhoud, uitgevoerd door de gemeente

B1 = Herstel en onderhoud door aanbieder / netbeheerder

B2 = Herstel door aanbieder / netbeheerder, onderhoud door de gemeente

C = Herstel en onderhoud door de gemeente voorafgaand aan gehele herbestrating

C1 = Herstel en onderhoud door de aanbieder voorafgaand aan gehele herbestrating

C2 = Herstel door de aanbieder en onderhoud door de gemeente voorafgaand aan gehele herbestrating

D = Overige tarieven (asfalt, struiken etc.)

Opmerking: tariefgroep C, C1 en C2: In gezamenlijk overleg in de OGN contactgroep (17 1 2024) is besloten

Dat deze tarieven niet meer worden opgenomen in dit document.

Opmerking m.b.t. alle tabellen in dit document:

het tarief behorend bij een onderdeel met hoeveelheid > 15 m² geldt tot en met een hoeveelheid van maximaal 100 m² als voor hetzelfde onderdeel ook een hoeveelheid is opgenomen > 100 m².

 

Uitvoeringskosten.

 

In tabel 1A zijn de normen (manuren per eenheid) opgenomen afgeleid van de GPKL.

 

Tabel 1A

 

Tabel 1B betreft de uitvoeringskosten die door de contactgroep OGN voor de provincie Limburg zijn toegevoegd. De tarieven voor tabel 1B zijn verder uitgewerkt in deel 2.

 

Tabel 1B

 

In bijlage 2 is d.m.v. foto’s duidelijk gemaakt welke soort bestrating onder sierbestrating type 1, 2 en 3 vallen.

 

Het bepalen van de oppervlakte wordt berekend aan de uitgebroken m2 elementenverharding, zie bijlage 3 op bladzijde 17.

 

Voor meer informatie wordt verwezen naar de “Handreiking toepassing VNG herstraattarieven” die is te downloaden op de website van de GPKL.

 

De kosten voor het straatwerk worden per m² c.q. m1 berekend door de op het werk betrekking hebbende kosten van de navolgende kostensoorten te sommeren:

  • A.

    Akostprijs per mensuur

  • B.

    bouwstofkosten straatzand per m3, franco werk, los gestort

    bouwstofkosten betontegels, per m², franco werk

    bouwstofkosten betonstraatstenen c.q. straatklinkers, per m², franco werk

    bouwstofkosten trottoirbanden in beton

    bouwstofkosten opsluitbanden in zand

    bouwstofkosten sierbestrating, per m², franco werk

    bouwstofkosten gazon, per m², franco werk

    bouwstofkosten berm, per m², franco werk

Opmerking: Voor het bepalen van de te herstellen oppervlakken wordt uitgegaan van het aangegeven oppervlak per aangevraagd instemmingsbesluit/graafvergunning.

Het is niet toegestaan om de in de afzonderlijke instemmingsbesluiten/graafvergunningen aangeven oppervlakken op te tellen ten einde boven de 15 m² respectievelijk 100 m² uit te komen. Dus:

  • 1.

    Per verleende vergunning (werkterrein) worden eerst alle herstelde oppervlakten per materiaalsoort bij elkaar opgeteld.

  • 2.

    Op het bij 1. berekende oppervlak wordt de bijbehorende tariefregel toegepast.

A kostprijs per mensuur

 

Tabel 2

 

De uurloonkosten voor het herstellen van elementen, bermen en gazon zijn:

 

Tabel 3

 

B Bouwstofkosten

 

Tabel 4

 

A + B Uitvoeringskosten

De uitvoeringskosten zijn dan de uurloonkosten vermeerderd met de bouwstoffenkosten.

 

Tabel 5

 

Bij tariefgroep A en D worden de eenheidsprijzen met ’n bepaald % verhoogd om ’n goede aansluiting op het bestaande straatwerk en bermen/gazon te kunnen realiseren, zie onderstaande tabel 5A.

Zie ook de verklaring in bijlage 3.

 

Tabel 5A

 

Onderhoudskosten.

 

Voor de kosten verbonden aan het onderhoud gedurende eerste jaar wordt een percentage van de berekende uitvoeringskosten in rekening gebracht.

 

Onderhoudskosten

Onderhoudskosten in % van de uitvoeringskosten

Percentage slechte bodem

< 50%

50-60%

60-70%

70-80%

≥ 80%

Voet- en fietspaden (betontegels)

5%

5,75%

8%

13,25%

15%

Rijbanen (klinkers)

8%

9%

12%

18%

20%

 

In bijlage 1 staat voor iedere gemeente het percentage slechte bodem vermeld.

 

In de rekentool van de GPKL maakt men geen onderscheid tussen klinkers en tegels in relatie met rijbaan en voet- en fietspaden. Bij klinkers is de verdeling rijweg 80% en voetpad 20% en bij tegels voetpad 95% en rijweg 5%. Voordeel van deze keuze is dat er maar 1 eenheidsprijs is voor klinkers en tegels en geen onderscheid meer is voor rijbanen en voet-/fietspaden. Voordeel is minder eenheidsprijzen.

 

Tabel 6

 

Toelichting: (80 x 8%) + (20 x 5%) / 100 levert een gemiddeld percentage op voor de onderhoudskosten van 7,4%.

 

Degeneratiekosten.

 

De degeneratiekosten worden berekend als een percentage van de uitvoeringskosten per m².

Hierbij worden de degeneratiekosten voor een langssleuf gerelateerd aan de oppervlaktenorm met een omvang van meer dan 15 m².

Voor een lasgat geldt de oppervlaktenorm kleiner dan of gelijk aan 15 m². Dwarssleuven groter dan 15 m² worden berekend als langssleuven en dwarssleuven kleiner dan of gelijk aan 15 m² worden gedefinieerd als lasgaten. De uitvoeringskosten, waaraan de degeneratiekosten volgens de Leidraad (https://www.gpkl.nl/page/102/tarieven/) zijn gekoppeld, worden berekend conform artikel 25 van deze Leidraad, waarbij de omzetbelasting buiten de berekening wordt gehouden. De genoemde prijsopbouw is daarmee “all-in” maar exclusief omzetbelasting.

De degeneratiekosten van de langssleuven worden berekend door de in de tabellen vermelde percentages te vermenigvuldigen met de uitvoeringskosten per omvangscategorie groter dan 15 m² en met de lengte van de sleuf in m1. De berekening voor de degeneratiekosten voor lasgaten vindt plaats door de in de tabellen vermelde percentages te vermenigvuldigen met de uitvoeringskosten per omvangscategorie kleiner dan of gelijk aan 15 m² en met het aantal te verrekenen lasgaten uitgedrukt in stuks.

 

In de “Richtlijn Tarieven (graaf)-werkzaamheden Telecom zijn de volgende % vastgesteld:

 

Bestratingsnorm 0 – 15 m²

Degeneratiekosten in % van de uitvoeringskosten

Percentage slechte bodem

< 50%

50-60%

60-70%

70-80%

≥ 80%

Voet- en fietspaden (betontegels)

0%

4%

16%

46%

56%

Rijbanen (klinkers)

32%

45%

84%

129%

158%

Tabel “Richtlijn Tarieven (graaf)- werkzaamheden telecom”

 

Bestratingsnorm meer dan 15 m²

Degeneratiekosten in % van de uitvoeringskosten

Percentage slechte bodem

< 50%

50-60%

60-70%

70-80%

≥ 80%

Voet- en fietspaden (betontegels)

0%

1%

4%

49%

64%

Rijbanen (klinkers)

13%

18,25%

34%

67,75%

79%

Tabel “Richtlijn Tarieven (graaf)- werkzaamheden telecom”

 

Tabel 7

 

*) De degeneratiekosten zijn in het degeneratieonderzoek 1987-1991, uitgevoerd door DHV, als percentage van de uitvoeringskosten vastgesteld. De degeneratiekosten waren in 1991 inclusief 18,5% BTW en daarom wordt op het totaalbedrag van de degeneratiekosten, nog steeds het toenmalige Btw-tarief van 18,5% in mindering gebracht.

 

Bovenstaande tekst staat in “Richtlijn Tarieven (graaf)-werkzaamheden telecom” op blad 60.

 

Tabel 7A:

 

Voorheen stond hier de tabel met vermelding van de jaarlijkse vergoeding vanuit Enexis en WML per aansluiting die aan (deelnemende) gemeenten werden verstrekt voor de beheer- en degeneratiekosten.

Deze tabel is met de komst van de OGN2021 komen te vervallen (beheer- en degeneratiekosten worden per 01-01-2021 afgerekend op basis van werkelijk uitgevoerde hoeveelheden).

 

Als aanvulling hierop verstrekt WML voor een periode van 10 jaar (tot en met 2030) een jaarlijkse uitkering aan gemeenten die deelnemen aan de OGN2021.

De uitkering wordt jaarlijks bepaald en is gebaseerd op het aantal WML aansluitingen in de betreffende gemeente. Het aantal aansluitingen wordt per 31 december van het voorafgaande jaar in het jaarverslag van WML aangegeven. De uitkering verschilt per gemeente en wordt bepaald door het aantal aansluitingen op genoemde datum te vermenigvuldigen met € 0,37. (Conform artikel 1.13 van de OGN2021)

 

Beheerkosten.

 

1. Het nutsbedrijf is gehouden tot het vergoeden van de kosten van extra werkzaamheden, welke de gemeente moet verrichten in verband met de vergunningverlening dan wel het verlenen van toestemming

 

2. De beheerkosten worden berekend in de vorm van een toeslagpercentage en bedraagt 8 – 15% van de uitvoeringskosten.

 

Plattelandsgemeenten, A-gemeenten

8% - 10%

Verstedelijkte plattelandsgemeenten, B-gemeenten

9% - 11%

Gemeenten met stedelijk karakter; woonkern tot 50.000 inwoners, C1, C2 en C3-gemeenten

10% -13%

Gemeenten met stedelijk karakter; woonkern 50.000 inwoners, C4 en C5-gemeenten

12% - 15%

 

Tabel 8

 

Per 2026; Opmerking bij tabel 8: uitgangspunt is een percentage van 13% voor alle onderdelen en alle gemeenten.

Daarmee zijn de Beheerkosten voor een gemeente voldoende passend voor de opname en de registratie van het opgebroken oppervlak in een groot werk. Voor een groot werk zal de gemeente geen beroep doen op het nutsbedrijf zoals in artikel 2.16 in de OGN2021 is vermeld.

 

Samenvatting deel 1 (tarieven conform VNG / GPKL):

 

Tabel 9

 

Leveranciers van software m.b.t. digitaal meldsysteem kabels en leidingen nemen de bovenstaande eenheidsprijzen op in hun software.

 

Toelichting op de onderhoudskosten en degeneratiekosten van tariefgroep A >100 m2 in vergelijking tot:

  • 1.)

    de onderhoudskosten van de tariefgroepen B2,

  • 2.)

    de degeneratiekosten van de tariefgroepen B1 en B2.

Zowel bij 1.) als bij 2.) dient ook bij hoeveelheden > 100 m2 de post > 15 m2 gebruikt te worden.

 

Dit vindt volgens de GPKL zijn oorsprong in de gedachte dat een gemeente (Tariefgroep A) voor de te herstellen sleuven een bestek kan aanbesteden waarbij aanbestedingsvoordeel te halen is. Voor de onderhoudskosten is dit te verdedigen. Dit moet dan ook doorgetrokken worden voor de degeneratiekosten.

 

Bijlage 1: Overzicht gemeenten in de provincie Limburg en aantal inwoners (percentage slechte bodem in alle Limburgse gemeenten < 50%):

 

Nummer

Gemeentenaam

Aantal inw.

1

Maastricht

125.563

2

Venlo

103.984

3

Sittard-Geleen

92.491

4

Heerlen

87.522

5

Roermond

61.210

6

Weert

51.355

7

Kerkrade

45.881

8

Peel en Maas

45.490

9

Venray

44.807

10

Horst aan de Maas

44.242

11

Landgraaf

36.839

12

Leudal

36.108

13

Beekdaelen

35.824

14

Echt-Susteren

32.269

15

Brunssum

27.534

16

Eijsden-Margraten

26.181

17

Stein

24.653

18

Maasgouw

24.502

19

Roerdalen

20.836

20

Meerssen

18.460

21

Gennep

17.785

22

Nederweert

17.512

23

Valkenburg aan de Geul

16.464

24

Beek

16.251

25

Gulpen-Wittem

14.017

26

Beesel

13.524

27

Bergen (Limburg)

13.062

28

Voerendaal

12.583

29

Simpelveld

10.270

30

Vaals

10.007

31

Mook en Middelaar

8.102

Tabel 16 overzicht gemeenten

 

Bron: Ranglijst van de grootste en kleinste gemeenten in inwoners in de provincie Limburg | AlleCijfers.nl

 

Deel 2: Tarieven behorende bij de OGN

 

Voor het bepalen van de tarieven van Deel 2 (niet landelijk vastgestelde tarieven) worden de verschillende tarieven jaarlijks geïndexeerd. Op basis van CBS indexcijfer GWW sector 42/43, te vinden op:

 

StatLine - Grond-, weg- en waterbouw (GWW); inputprijsindex 2020=100

 

Middels onderstaande berekening worden de tarieven in Tabel 11 aangepast en doorberekend in de navolgende kostensoorten/Tabellen.

 

Indexcijfer aangehouden voor berekening tarieven 2025: Oktober 2024 134,6

Nieuw indexcijfer t.b.v. indexering 2026: Oktober 2025 136,3

 

Formule:

((nieuw-oud)/oud)*100=verhoging in % = (136,3-134,6)/136,3)*100= 1,26300149 %

 

Afgerond: 1,3%

 

Uitvoeringskosten

 

Tabel 11

 

Het bepalen van de oppervlakte wordt berekend aan de uitgebroken m² elementenverharding, zie bijlage 3.

Opmerking bij pos. 20: Post geldt voor trottoirband in het werk opgenomen. Bij additionele schade en vervangen trottoirband wordt in regie verrekend.

 

Bij tariefgroep A en D worden de eenheidsprijzen met ’n bepaald % verhoogd om ’n goede aansluiting op het bestaande straatwerk te kunnen realiseren, zie tabel 11A (gatvergroting)

 

Tabel 11A

 

Opmerking Uitvoeringskosten ingaande 2026: Afspraak voor asfaltherstel: het nutsbedrijf levert zelf de klinkers voor het tijdelijk herstel. Deze klinkers staat het nutsbedrijf daarna af aan de gemeente. Het nutsbedrijf zal geen gebruik maken van de betonstraatstenen van de gemeente zoals vermeld in artikel 2.12.3 van de OGN2021. Dit is in de tarieven verrekend.

 

Onderhoudskosten

 

Tabel 12

 

Degeneratiekosten

 

Tabel 13

 

Beheerkosten

 

Tabel 14

 

Samenvatting deel 2: Overige tarieven OGN:

 

 

Bijlage 2:

 

 

Tegels

 

Klinkers

Trottoirtegel 30x30 cm

 

Klinkers waalformaat gebakken

 

Klinkers

 

Klinkers

Klinkers beton

 

Klinkers gebakken

 

Trottoirband

 

Trottoirband

Trottoirband 18x20x25 cm

 

Trottoirband hardsteen

 

Sierbestrating type 1

 

Sierbestrating type 1

Betontegels groter dan 30x30cm

 

Artholiettegels

 

Sierbestrating type 1

 

Sierbestrating type 1

Cobblestones

 

Clifstone

 

 

Sierbestrating type 1

 

 

Rockstone

 

 

 

Sierbestrating type 2

 

Sierbestrating type 2

Padang

 

Klinkers met figuratie

 

Sierbestrating type 2

 

Sierbestrating type 2

Baleno in figuratie

 

Boulevard ('n soort Padang steen)

 

Sierbestrating type 3

 

Sierbestrating type 3

Kleinplaveisel

 

Kleinplaveisel

 

Sierbestrating type 3

 

Sierbestrating type 3

Keibestrating

 

Chinese steen

 

Sierbestrating type 3

 

Sierbestrating type 3

Platines

 

Vietnamese steen

 

Bijlage 3:

Bepaling te verrekenen oppervlakte elementenverharding voor niet-telecom sleuven:

Voor de toepassing van de tarieven is het oppervlakte van de opgenomen verharding bepalend, in de praktijk te bepalen door de lengte te vermenigvuldigen met de gemiddelde breedte van de opgenomen verharding.

 

 

Te verrekenen oppervlakte elementenverharding

Oppervlakte

Het oppervlak van de opgenomen verharding. In de praktijk is de lengte x gemiddelde breedte.

Voorbeeld

Rekenmethode

Lengte = 1,80m

Gem. Breedte = 0,45m (3x0,60+3x0,30)/6

Oppervlak = 0,81 m²

NB

In de praktijk zal het werkelijk herstelde straatwerk meer zijn dan wat opgenomen is. Deze zogenaamde gatvergroting is verwerkt in de tarieven door een toeslag van 20% op de tarieven voor tegels en klinkers.

 

Naar boven