Gemeenteblad van Eindhoven
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Eindhoven | Gemeenteblad 2026, 11998 | gemeenschappelijke regeling |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Eindhoven | Gemeenteblad 2026, 11998 | gemeenschappelijke regeling |
REGELING METROPOOLREGIO EINDHOVEN - GEMEENTE WEERT
Het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven en het College van de gemeente Weert,
ieder voor zover voor de Metropoolregio Eindhoven en de eigen gemeente bevoegd,
De Brainportregio Eindhoven de economische ontwikkelmotor van Nederland is, die zich steeds verder ontwikkelt en een schaalsprong doormaakt;
Hierdoor het Daily Urban System, bijvoorbeeld de arbeidsmarkt, de woningmarkt, verzorgingsgebieden en verkeersbewegingen zich steeds meer ook buiten de regio Zuidoost Brabant uitbreidt;
Weert onderdeel uitmaakt van het Daily Urban System van Brainport Eindhoven en direct beïnvloed wordt door de schaalsprong, maar geen onderdeel uitmaakt van de Metropoolregio Eindhoven.
De samenwerking van de gemeenten binnen de Metropoolregio Eindhoven gericht is op het handhaven en uitbouwen van het kenmerkende economische profiel van de regio, om op die manier het vestigings-en verblijfsklimaat voor onze inwoners en bedrijven te stimuleren;
Het beleid van de gemeente Weert eveneens erop gericht is om het vestigings- en verblijfsklimaat voor haar inwoners en bedrijven te stimuleren;
Het Algemeen Bestuur van de MRE, en het college van B&W en de gemeenteraad van de gemeente Weert elk vanuit hun eigen bevoegdheden, de wens hebben uitgesproken om in gelijkwaardigheid gezamenlijk werk te maken van concrete opgaven en kansen die voortkomen uit de groei van de Brainportregio.
De Regeling Metropoolregio Eindhoven – Gemeente Weert te treffen, en deze luidt als volgt:
In deze gemeenschappelijke regeling bedoelen we met de volgende termen het volgende:
Wet - Wet gemeenschappelijke regelingen
Regeling - Regeling zonder meer tussen de Metropoolregio Eindhoven en de gemeente Weert
Metropoolregio Eindhoven - Het openbaar lichaam als bedoeld in artikel 2, eerste lid, van de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven
Dagelijks Bestuur - Het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven
Algemeen Bestuur - Het Algemeen Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven
Gemeente Weert - Het college van de gemeente Weert
College - Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Weert
Raad - De gemeenteraad van de gemeente Weert
Regio - De regio Zuidoost Brabant, bestaande uit de 21 gemeenten die gezamenlijk de gemeenschappelijke regeling Metropoolregio Eindhoven hebben getroffen
Raden - De gemeenteraden van de Regio
Partijen - Het Dagelijks Bestuur van de Metropoolregio Eindhoven en het College van de gemeente Weert
Partijen wijzen ieder een bestuurlijk en ambtelijk aanspreekpunt aan, die voor de wederpartij de eerste aanspreekpunten zijn. Partijen betrekken, indien nodig of wenselijk voor de realisatie van de samenwerkingsafspraken, bestuurlijke, ambtelijke en overige belanghebbenden. De governance blijft verder zo licht en functioneel mogelijk.
Partijen bespreken regelmatig de voortgang van de gemaakte afspraken. Hiervoor wordt zoveel mogelijk gebruik gemaakt van bestaande gremia, overlegstructuren en samenwerkingsverbanden. Indien Partijen elkaar willen spreken over onderwerpen en randvoorwaardelijke zaken met een gezamenlijk belang die niet zijn opgenomen in de Samenwerkingsagenda wordt hier zo pragmatisch mogelijk mee omgegaan.
Bij de totstandkoming en uitvoering van de Samenwerkingsagenda MRE-Weert worden de bevoegdheden van Derden te allen tijde gerespecteerd. Indien de afstemming en realisatie van afspraken niet uitsluitend binnen zoals vastgelegd in de Samenwerkingsagenda, van de Partijen valt en daarmee raakt aan de bevoegdheden van bijvoorbeeld andere partijen en overheden, blijft de doorslaggevende afstemming en besluitvorming plaatsvinden in de daarvoor bestemde, overkoepelende gremia.
Partijen zorgen in relatie tot de samenwerking, elk afzonderlijk voor naleving van hun archiefverordening.
Artikel 8 SAMENWERKING MET EN TOETREDING VAN DERDEN
Toetreding van andere gemeenten, provincies en waterschappen tot de Regeling is op grond van Hoofdstuk IX van de Wet uitgesloten.
Artikel 9 INWERKINGTREDING, LOOPTIJD, EVALUATIE, WIJZIGING EN OPHEFFING
Partijen evalueren de Samenwerkingsagenda en de Regeling uiterlijk 1 jaar voor het einde van de looptijd van de Samenwerkingsagenda. Partijen nemen uiterlijk 6 maanden voor het einde van de looptijd van de Samenwerkingsagenda een voorlopig besluit om de looptijd van de vigerende Samenwerkingsagenda te verlengen dan wel een aangepaste Samenwerkingsagenda vast te stellen. Artikel 4, 5e lid is van toepassing op een aangepaste Samenwerkingsagenda. Indien Partijen besluiten om de looptijd van de vigerende Samenwerkingsagenda niet te verlengen dan wel geen aangepaste Samenwerkingsagenda vast te stellen, dan verbinden Partijen hieraan tevens een besluit om de Regeling op te heffen.
Partijen kunnen ook eenzijdig besluiten om voortijdig uit de Regeling te treden, hetgeen bij een deelname van twee partijen neerkomt op het opheffen van de regeling. Bij het voortijdig uittreden c.q. opheffen nemen partijen een opzegtermijn van 6 maanden in acht. Lid 5 is van overeenkomstige toepassing op de partij die wenst uit te treden.
Deze Regeling wordt aangehaald als ‘REGELING METROPOOLREGIO EINDHOVEN - GEMEENTE WEERT’
De Brainportregio Eindhoven is de economische ontwikkelmotor van Nederland, die zich steeds verder ontwikkelt. Verschillende gemeenten in de omgeving van de regio Zuidoost Brabant, waaronder Weert, maken daardoor in toenemende mate onderdeel uit van het “daily urban system” in de regio, en worden in hun ontwikkeling en opgaven beïnvloed door de schaalsprong van de regio. Deze ontwikkeling is verder toegelicht en onderbouwd in de Samenwerkingsagenda MRE-Weert.
De 21 gemeenten in de regio Zuidoost Brabant werken samen binnen de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven (MRE) om het kenmerkende economische profiel van de regio te handhaven en uit te bouwen om het vestigings- en verblijfsklimaat voor inwoners en bedrijven te stimuleren. Het beleid van de gemeente Weert is eveneens erop gericht om het vestigings- en verblijfsklimaat voor haar inwoners en bedrijven te stimuleren. De gemeente Weert is geen deelnemer aan de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven.
Tegen deze achtergrond hebben de besturen van de MRE en de gemeente Weert de wens uitgesproken om in gelijkwaardigheid gezamenlijk werk te maken van concrete opgaven en kansen die voortkomen uit de groei van de Brainportregio Eindhoven.
In deze samenwerking maken we een onderscheid tussen een inhoudelijke, adaptieve samenwerkingsagenda, en een meer permanente regeling die de juridische basis vormt.
De concrete opgaven en samenwerkingsafspraken zijn opgenomen in de samenwerkingsagenda. De regeling beschrijft de “spelregels” voor de samenwerking. Omdat het een samenwerking betreft tussen openbare lichamen (MRE en de gemeente Weert) én omdat de Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven het bestuur van de MRE daartoe de bevoegdheid geeft, betreft de juridische basis een “regeling zonder meer” op basis van de Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).
De regeling wordt getroffen tussen het dagelijks bestuur van de Metropoolregio Eindhoven en het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Weert.
Artikel 1 AARD VAN DE REGELING
Het 1e lid geeft aan dat het een regeling is die op grond van Hoofdstuk IX van de Wgr is vastgesteld.
Op grond van dit hoofdstuk kunnen de raad en het college van burgemeester en wethouders van een gemeente (in geval van deze regeling: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Weert) een gemeenschappelijke regeling treffen met - indien deze daartoe overigens bevoegd zijn - de besturen van een of meer andere openbare lichamen dan gemeenten, provincies en waterschappen (in het geval deze regeling: het dagelijks bestuur van de Metropoolregio Eindhoven).
Het 2e lid maakt duidelijk dat het een lichte regeling is, waarin geen bevoegdheden worden overgedragen of een entiteit (zoals een centrumgemeente constructie, gemeenschappelijk orgaan, bedrijfsvoeringsorganisatie of openbaar lichaam) wordt opgericht.
Het opnemen van het belang waarvoor de regeling wordt getroffen is verplicht (artikel 10.1 Wgr).
De formulering in het 1e lid is identiek aan de formulering van het doel van de GR MRE. De MRE gaat niet “buiten haar boekje” maar neemt de gemeente Weert als het ware mee in haar belang (zoals ook in de preambule tot uiting komt).
De samenwerkingsagenda is het middel waarmee de belangen worden behartigd (2e lid).
Het MRE bestuur kan geen afspraken die buiten haar bevoegdheden liggen (3e lid). Die bevoegdheden zijn inhoudelijk ingekaderd door de Regionale Agenda (de MRE samenwerkingsagenda) van dat moment. De MRE samenwerkingsagenda kan overigens ook tussendoor worden aangepast volgens de spelregels zoals opgenomen in het MRE Statuut Overlegorganen.
Artikel 4 SAMENWERKINGSAGENDA MRE-WEERT
Dit artikel bevat de spelregels voor de Samenwerkingsagenda MRE – Gemeente Weert.
Zoals aangegeven in de toelichting bij de Preambule bevat de samenwerkingsagenda de concrete opgaven en samenwerkingsafspraken. (1e lid). De samenwerkingsagenda kent een looptijd van 4 jaar (2e lid).
Het 3e lid en 4e lid zijn randvoorwaarden die vanuit het Algemeen Bestuur en de Raad zijn meegegeven. Het biedt Derden comfort dat er geen afspraken worden gemaakt die afwijken van bestaande afspraken.
Het 5e lid geeft aan hoe de Samenwerkingsagenda tot stand komt. Met de instemming van het Algemeen Bestuur en de Raad zijn zij kaderstellend voor de uitvoering. Deze route geeft de raden ook comfort om toestemming te kunnen geven voor het treffen van de regeling: aan hun kaderstellende rol wordt niet getornd.
De leden van het Algemeen Bestuur MRE zijn aangewezen door de raden van de deelnemende gemeenten. De Gemeenschappelijke Regeling Metropoolregio Eindhoven geeft het MRE bestuur de mogelijkheid om de raden van de regiogemeenten met een voorhangprocedure (zienswijzen) te betrekken.
Het 6e lid is bedoeld om ook financieringsafspraken te kunnen maken, voor zover Partijen daartoe bevoegd zijn.
Het 7e en 8e lid zijn bedoeld om beleidsmatige uitgangspunten, afwegingskaders en definities die aan de te maken afspraken ten grondslag liggen, zoveel mogelijk af te stemmen en over en weer gebruik te maken van kennisdeling. Deze algemene afspraken hoeven daarmee niet herhaald te worden in de samenwerkingsagenda.
Dit artikel bevat de bestuurlijke spelregels (governance) voor de samenwerking.
Vertrekpunt is een zo licht mogelijke governance (1e lid, 3e volzin). Daarom is gekozen voor een regeling zonder meer met bijpassende afspraken over aanspreekpunten (1e lid, 1e volzin) en gebruik van bestaande overlegstructuren (2e lid). Partijen kunnen (1e lid, 2e volzin) andere bestuurlijke, ambtelijke en andere belanghebbenden betrekken, indien nodig of wenselijk voor de realisatie van de samenwerkingsafspraken. Dit kan ook van belang zijn voor een evenwichtige inbreng van belangen. Partijen informeren elkaar over ontwikkelingen die van belang zijn (3e lid) en zorgen zelf voor interne afstemming en in hun bestuurlijke omgeving (bijvoorbeeld andere gemeenten) (4e lid). Partijen respecteren de bevoegdheden en mandaten die elders liggen (5e lid).
Artikel 6 RAPPORTERING EN INFORMATIEVERSTREKKING
Voor melding van de voortgang bij de raden gebruiken partijen bestaande rapportages (1e lid). Dit past ook bij het vertrekpunt van een lichte governance.
Bij andere communicatie gebeurt dat met dezelfde inhoud en zoveel mogelijk gelijktijdig (2e lid).
Partijen handelen daarbij overeenkomstig hetgeen in wet- en regelgeving is vastgelegd, dan wel in hun eigen regelingen en verordeningen. Dat maakt het opnieuw vastleggen hiervan in deze regeling overbodig.
De Archiefwet bevat een verplichting om in gemeenschappelijke regelingen een voorziening op te nemen omtrent de zorg voor de archiefbescheiden.
Omdat zowel MRE als de Gemeente Weert een verordening hiervoor hebben wordt in deze regeling hiernaar verwezen. De woorden “elk afzonderlijk” geven aan dat ze allebei de documenten die voortkomen uit de samenwerking moeten archiveren. Deze dubbele archivering voorkomt ook dat de gemeente Weert voor documenten over de samenwerking een andere archiefbewaarplaats zou moeten aanwijzen.
Artikel 8 SAMENWERKING MET EN TOETREDING VAN DERDEN
Het opnemen van een bepaling over toetreding is verplicht (art 9 Wgr).
Echter een andere gemeente kan niet toetreden onder Hoofdstuk IX van de Wet. Provincies en waterschappen ook niet. Andere openbare lichamen kunnen wel toetreden maar dan dient een nieuwe regeling te worden getroffen. Afspraken in de Samenwerkingsagenda kunnen wel leiden tot samenwerking en afspraken daarover met derden.
Artikel 9 INWERKINGTREDING, LOOPTIJD, EVALUATIE, WIJZIGING EN OPHEFFING
Het opnemen van bepalingen over de inwerkingtreding is verplicht (art 26 Wgr)
Het opnemen van bepalingen over wijziging, opheffing, en uittreding is verplicht (art 9 Wgr)
Het opnemen van bepalingen over evaluatie van de regeling is verplicht (art 11a Wgr)
De regeling treedt in werking op de datum vermeld in het 1e lid. De regeling treedt niet in werking voordat zij is bekendgemaakt. Het dagelijks bestuur van de MRE draagt zorgt voor de bekendmaking (2e lid).
De regeling geldt voor onbepaalde tijd (3e lid). Op grond van het 4e lid evalueren partijen uiterlijk 1 jaar voor het einde van de looptijd van de samenwerkingsagenda, de samenwerkingsagenda én de regeling. Partijen kunnen dan besluiten de looptijd te verlengen (bijvoorbeeld om afspraken af te ronden) of een aangepaste (nieuwe) agenda vast te stellen.
Indien partijen besluiten de looptijd van de samenwerkingsagenda niet te verlengen of een aangepaste (nieuwe) agenda vast te stellen, dan vervalt de noodzaak om de regeling voor te zetten en verbinden partijen hieraan tevens een besluit om de Regeling op te heffen (4e lid, 3e volzin).
Het 5e lid zorgt ervoor dat de raden betrokken worden bij besluiten om de regeling te wijzigen of te beëindigen; de betrokkenheid van raden bij besluiten over de samenwerkjngsagenda is geregeld in artikel 4.
Op grond van het 6e lid kunnen partijen ook al eerder dan op het moment van evaluatie gezamenlijk besluiten de regeling te wijzigen of op te heffen en dan is het 5e lid ook van toepassing.
Het 7e lid houdt rekening met de mogelijkheid dat een van beide partijen de samenwerking wil beëindigen. De regeling betreft 2 partijen dus een uittreding staat gelijk aan opheffing.
Het 8e lid draagt partijen op te zorgen voor borging van hetgeen is voortgekomen uit de samenwerking. Er wordt geen rechtspersoon gevormd door de regeling.
Artikel 10 GESCHILLENBESLECHTING
Partijen streven bij een geschil naar een oplossing in goed overleg (1e lid). Als dat niet lukt informeren partijen de raad en het Algemeen Bestuur (2e lid). Dat past bij hun controlerende functie.
Er is geen bepaling opgenomen hoe partijen tot een oplossing dienen te komen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-11998.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.