Gemeenteblad van Voorne aan Zee
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Voorne aan Zee | Gemeenteblad 2026, 118735 | beleidsregel |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Voorne aan Zee | Gemeenteblad 2026, 118735 | beleidsregel |
Beleidsregels voor subsidieverlening Maatschappelijke Ontwikkeling 2026
De gemeente Voorne aan Zee werkt samen met maatschappelijke instellingen om haar doelen op het sociaal domein te behalen. Deze beleidsregels hebben betrekking op de verdeling van de subsidiegelden over aanvragers op het terrein van Maatschappelijke Ontwikkeling (MO).
De beleidsregels voor subsidieverlening vallen onder de Algemene subsidieverordening (Asv 2023) van de gemeente Voorne aan Zee. De Asv stelt overkoepelende regels ten opzichte van subsidieaanvraag en subsidieafhandeling. De Asv is een raadsbevoegdheid en geldt voor alle vormen van subsidieverlening binnen de gemeente. De beleidsregels voor subsidieverlening dienen als specifieke regeling voor de verdeling van gelden voor een bepaald domein, doel of thema. Voor MO wordt jaarlijks een subsidieplafond door de gemeenteraad beschikbaar gesteld in de begroting voor het desbetreffende kalenderjaar. Dit is een pot aan subsidiegelden die door het college, aan de hand van de beleidsregels voor subsidieverlening, wordt verdeeld onder de subsidieaanvragers.
Inhoudelijk worden de kaders van de subsidieverdeling bepaald door het college. Daarvoor worden het collegeprogramma, de jaarlijkse begroting, visie sociaal domein en overige beleidsstukken gebruikt als onderleggers. De beleidsregels voor subsidieverlening MO dienen als vertaling van de inhoudelijke kapstok naar de verdeling van de subsidiegelden per aanvrager. Het doel is om de subsidiegelden zo effectief en efficiënt mogelijk te besteden, zodat er zoveel mogelijk maatschappelijke waarde voor inwoners ontstaat.
Hoofdstuk 2 behandelt het algemene kader van subsidieverdeling. In hoofdstuk 3 wordt een toelichting gegeven op de inhoudelijke beleidslijn bij de verdeling van de gelden. Vanaf hoofdstuk 4 komen de verschillende beleidsterreinen aan bod. De toekenning van subsidies gebeurt per beleidsterrein, waarbij onderscheid gemaakt is in de volgende beleidsterreinen: waarderingssubsidies welzijn, gezondheid, cultuur, evenementen, sport, armoede, zorg, ontwikkeling en dorps- en wijkraden.
Deze beleidsregels zijn een uitwerking van de Algemene subsidieverordening Voorne aan Zee eerste wijziging, hierna te noemen Asv 2023. Zij zijn gebaseerd op de Asv 2023 eerste wijziging, artikel 149 van de Gemeentewet en afdeling 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb). De omschrijvingen uit de Asv 2023 eerste wijziging zijn van overeenkomstige toepassing.
Subsidie wordt verstrekt aan instellingen die maatschappelijke waarde voor de gemeente hebben en bijdragen aan de maatschappelijke effecten die wij binnen onze gemeente willen bereiken en waarvoor geldt dat zij deze effecten zonder subsidie niet kunnen bereiken.
Subsidiebesluiten worden door het college genomen binnen de budgetten die daarvoor door de gemeenteraad worden verstrekt in de begroting. In hoofdstuk 3 is toegelicht op welke gronden de subsidiegelden worden verdeeld onder aanvragers.
2.1.3 Maatschappelijke effecten en Maatschappelijke opgaven
Voor Maatschappelijke Ontwikkeling worden de subsidieaanvragen via het model van ‘Maatschappelijke effecten en Maatschappelijke opgaven’ beoordeeld. Het werken met het model van Maatschappelijke effecten en Maatschappelijke opgaven is in ontwikkeling. Op grond hiervan zijn de beleidsregels voor subsidieverlening maatschappelijke ontwikkeling vernieuwd per 1-1-2026. Van aanvragers wordt verwacht dat zij kunnen aantonen op welke wijze en in welke mate zij bijdragen aan de te behalen effecten en opgaven. Aanvragers vertalen hun eigen dienstverlening naar de gemeentelijke effecten en opgaven, specifiek in relatie tot het betreffende beleidsterrein.
3. Algemene beleidslijnen subsidies
Inhoudelijk worden de kaders van de subsidieverdeling bepaald door het collegeprogramma, de jaarlijkse begroting en de visie sociaal domein. De toekenning van de subsidiegelden gebeurt aan de hand van het model van Maatschappelijke effecten en Maatschappelijke opgaven en de voorgenomen beleidsontwikkeling op diverse beleidsvelden.
Afspraken over individueel te leveren prestaties in de vorm van maatschappelijke effecten, maatschappelijke opgaven, activiteiten/producten/diensten, werkwijzen, prestatie-indicatoren en aanvullende voorwaarden worden vastgelegd in de subsidiebeschikking. Elke subsidieontvanger krijgt na toekenning van de subsidie een subsidiebeschikking toegestuurd.
3.1.1 Uitgangspunten voor subsidieverlening
Subsidieaanvragen worden getoetst op de bijdrage aan de maatschappelijke effecten en/of opgaven zoals verder uitgewerkt in paragraaf 3.1.2 en bijlage 1. Deze effecten en opgaven zijn gebaseerd op de doelstellingen uit het collegeprogramma, visie sociaal domein en onderliggende beleidsstukken van de gemeente Voorne aan Zee:
Van subsidieaanvragers wordt verwacht dat zij bijdragen aan het bereiken van de maatschappelijke effecten en opgaven. In hun subsidieaanvraag geven aanvragers hierop een toelichting. Subsidieaanvragers doen een aanvraag per beleidsterrein en/of maatschappelijk effect. In de hoofdstukken 4 t/m 15 zijn de beleidsterreinen toegelicht. De beleidsdoelen zijn een logisch vervolg op de te behalen effecten en opgaven.
Subsidies onderscheiden zich in juridische zin slechts door het feit of het jaarlijkse dan wel eenmalige subsidies zijn. In de Asv 2023 eerste wijziging is vastgehouden aan deze juridische onderverdeling. In deze beleidsregels zijn jaarlijkse en eenmalige subsidies verder onderverdeeld.
Eenmalige subsidies zijn subsidies die voor een eenmalige maatschappelijke bijdrage van een subsidieontvanger, voor of een specifiek tijdsgebonden doel, of een activiteit of een effect/opgave waarvoor het college slechts voor een van tevoren bepaalde tijd subsidie wil verlenen. Deze subsidies kunnen daarmee dan ook niet jaarlijks worden aangevraagd.
Onder de eenmalige subsidies vallen:
Subsidieontvangers die een budgetsubsidie ontvangen kunnen in aanmerking komen voor indexering. Dit percentage wordt jaarlijks vastgesteld voor de gemeente, instellingen dienen dit wel zelf aan te vragen. Indexering wordt toegepast onder voorwaarden dat en de gemeentelijke begroting ruimte laat voor ophoging en onder de voorwaarde dat de dienstverlening van de aanvrager aantoonbaar in het geding komt zonder indexering.
3.5 Eigen middelen subsidieaanvrager
Het college kan de inbreng van eigen middelen of middelen van derden als voorwaarde stellen voor het ontvangen van subsidie. Mocht dit aan de orde zijn, dan wordt dit vermeld in de verleningsbeschikking. Bronnen voor eigen middelen zijn onder meer: eigen inkomsten, contributie, fondsenwerving, subsidies of bijdragen van derden.
Subsidieontvangers die een subsidie groter dan €50.000,- ontvangen, mogen (een vorm van) reserve opbouwen (artikel 13 van de Asv 2023 eerste wijziging). Andere subsidieontvangers kunnen hiertoe een schriftelijk verzoek indienen bij het college.
Reserveopbouw kan onder de volgende voorwaarden:
3.10 Uitbetaling van de subsidie
Subsidieontvangers ontvangen hun subsidie voor 80% bevoorschot bij aanvang van het kalenderjaar/ aanvang van de subsidieperiode. De resterende 20% van de subsidie wordt in beginsel na vaststelling van de subsidie uitbetaald.
In specifieke omstandigheden kan het college hiervan afwijken en overgaan tot lagere of hogere bevoorschotting (per periode). De vorm van bevoorschotting is opgenomen in de verleningsbeschikking en wordt per instelling aan de hand van de omstandigheden van het geval bepaald.
Voor langdurige subsidierelaties van drie jaar of langer geldt dat de gemeente de subsidierelatie niet direct kan beëindigen bij gewijzigd beleid of gewijzigde omstandigheden. Dit is in overeenstemming met richtlijn voor subsidierecht vanuit de Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Algemene wet bestuursrecht.
Een subsidieontvanger kan zelf besluiten om de subsidierelatie bij aankondiging van of tijdens de afbouwperiode eenzijdig te beëindigen. Dit dient een ontvanger tenminste zes maanden voorafgaand aan dit voornemen kenbaar te maken aan de gemeente. Gemeente en subsidieontvanger maken afspraken over afbouw en overdracht van werkzaamheden.
Subsidies worden jaarlijks door het college opnieuw verdeeld afhankelijk van het beschikbare subsidieplafond en gemeentelijke prioriteiten. Dit kan betekenen dat een aanvrager een aanpassing (hoger of lager) op de subsidieverlening ten opzichte van een voorgaand jaar krijgt. Er gelden hierbij spelregels.
Subsidies met een looptijd van drie jaar of meer worden via onderstaande richtlijnen verlaagd.
Via vernieuwing/wijziging: de subsidieontvanger houdt haar subsidiebijdrage maar krijgt (voorafgaand aan de aanvraag) het verzoek een nieuw of andere activiteit/product/dienst aan te bieden met hetzelfde beleidsdoel. Dit kan ook voor een gedeelte van de subsidie waarop de wijziging betrekking heeft. Hierbij geldt dat de gemeente dit voorgenomen besluit uiterlijk 3 maanden voorafgaand aan het volgende subsidiejaar kenbaar maakt (te weten voor 1 oktober voorafgaand).
Subsidies kunnen worden verhoogd ten opzichte van een vorig jaar, maar nooit hoger dan het aangevraagde bedrag, en altijd zover de gemeentelijke begroting hiertoe ruimte laat.
De waarderingssubsidie is een subsidie van ten hoogste €5000,- die bedoeld is voor instellingen om hen te waarderen voor de maatschappelijke bijdrage die zij leveren. Deze subsidies onderscheiden zich van de budgetsubsidies in de zin dat er geen prestatiekader geldt voor de vaststelling van de subsidie. Waardering gaat in essentie om de bijdrage van een instelling aan de samenleving en de aansluiting bij de inhoudelijke beleidsdoelstellingen waarop de aanvraag betrekking heeft. Deze bijdrage wordt op voorhand bij de aanvraag ingeschat en leidt tot een bepaalde hoogte van waardering.
4.2 Verdeling waarderingssubsidies
Waarderingsubsidies worden naar het oordeel van het college verhoogd of verlaagd op grond van de ‘waardering’ die het college toekent aan een instelling en de bijdrage die zij levert aan de maatschappelijke effecten. Het college hanteert een verdeelsleutel voor het verdelen van de waarderingssubsidies onder aanvragers. Elk college kan hiervoor een eigen verdeelsleutel opstellen. Dit wordt de beleidsregel ‘verdeling waarderingssubsidies’ genoemd.
Welzijn is een breed thema. Welzijn gaat onder meer over het welbevinden van inwoners in onze samenleving. Over de mate waarin zij mee kunnen doen en van waarde kunnen zijn binnen de samenleving. Welzijn gaat ook over het dierenwelzijn, over inclusie en over de veerkracht van dorpen en wijken. Ook gaat welzijn over het aanbod aan voldoende basisvoorzieningen voor inwoners, zoals plekken om te ontmoeten en om activiteiten te organiseren.
De gemeente investeert in een sterke sociale basis. Met de sociale basis bedoelen we dat inwoners een breed en toegankelijk aanbod van formele en informele activiteiten en voorzieningen hebben, die gericht zijn op ontmoeting en ondersteuning, ontplooiing en ontspanning. Het is belangrijk dat inwoners prettig samenleven, mee kunnen doen, eenzaamheid wordt voorkomen en dat mantelzorgers en vrijwilligers worden ondersteund. Het doel is een zorgzame samenleving waarin inwoners naar elkaar omkijken.
In een sterke sociale structuur zijn draagkracht en draaglast in balans. Het aantal inwoners dat in staat is voor zichzelf te zorgen en tegelijkertijd iets voor anderen kan en wil betekenen, moet in balans zijn met de inwoners die ondersteuning nodig hebben. Naast een eigen netwerk van familie en vrienden, is de sociale cohesie in een dorp of wijk essentieel. Een groene omgeving nodigt uit tot beweging en ontmoeting. Inwoners voelen zich welkom en krijgen gelijke kansen om mee te doen en zich te ontwikkelen. Voor wie het nodig heeft is laagdrempelige ondersteuning beschikbaar. Er wordt gebiedsgericht gewerkt, zodat de ondersteuning op de juiste plek terecht komt. Door zichtbaar te zijn in de woonomgeving weten inwoners waar zij terecht kunnen voor informatie, vragen en ondersteuning.
Voorne aan Zee is een natuurgemeente waarbij we het belangrijk vinden dat mens en dier in goede harmonie samen kunne leven. Dierenwelzijn richt zich op voorlichting van inwoners, het welzijn waarborgen van dieren en het naleven van onze wettelijke taken.
Het bevorderen van de gezondheid van inwoners is zowel een taak van de gemeente als van andere partijen zoals het Rijk en gezondheidsaanbieders. De gemeentelijke taak ligt met name bij het gebied van preventie en stimulans. De gemeente stimuleert de samenwerking tussen partijen en een basisaanbod aan gezondheidsvoorzieningen.
De ambitie van de gemeente is het bevorderen van de fysieke en mentale gezondheid van onze inwoners. Iedere inwoner krijgt dezelfde kansen om zo gezond mogelijk te kunnen leven. Hierbij worden inwoners gestimuleerd deze kansen zelf te pakken, waar nodig worden zij ondersteund en gefaciliteerd. Samen met inwoners, maatschappelijke partners en ondernemers creëren wij een leefomgeving die de gezondheid van inwoners bevordert en een gezonde leefstijl stimuleert. Wij richten onze aandacht op de omstandigheden die van invloed kunnen zijn op het maken van gezonde keuzes door onze inwoners, zoals onder andere de fysieke en sociale omgeving en sociaaleconomische status.
Het model van positieve gezondheid loopt als een rode draad door de ambities. De nadruk in dit model ligt op de veerkracht, eigen regie en het aanpassingsvermogen van de mens en niet op de beperkingen of ziekte zelf. Het gaat niet om wat iemand niet meer kan, maar juist om wat iemand wel kan, belangrijk vindt en eventueel wil veranderen. Door hier op een positieve manier op in te steken en mensen daarin de eigen regie te geven, willen we bereiken dat mensen positief naar de eigen gezondheid kijken en zingeving, veerkracht en geluk ervaren.
Cultuur is belangrijk voor de samenleving. Cultuur verbindt, verrijkt en is een bron van plezier. Ze is in zichzelf van onschatbare waarde en biedt tegelijk maatschappelijke meerwaarde: voor onder andere gezondheid, welzijn, kansengelijkheid, economie en toerisme. Hiermee wordt de motivatie om te investeren in cultuur treffend samengevat. Cultuur is een fundamenteel onderdeel van het menselijk bestaan en draagt bij aan zowel individuele ontwikkeling als sociale binding en vooruitgang. Het bevordert begrip, respect, creativiteit en waardering voor diversiteit. Cultuur verrijkt het leven van mensen op talloze manieren.
Aan cultuur kunnen verschillende waarden worden toegekend. We onderscheiden drie waarden: maatschappelijke waarde, artistieke waarde en economische waarde. Voor Maatschappelijke Ontwikkeling is met name de maatschappelijke waarde van belang bij het toekennen van subsidie. Hierbij wordt de kruisbestuiving met de artistieke en de economische waarde meegewogen. De maatschappelijke waarde verdelen we in: leefbaarheid, educatieve waarde, persoonlijke ontwikkeling en historisch besef. De artistieke waarde verdelen we in: kwaliteit van het aanbod (hoogwaardig), culturele keten (broedplek) en artistieke reputatie (naamsbekendheid). De economische waarde delen we in: werkgelegenheid en aantrekkelijke gemeente.
Ondanks dat Nederland een welvarend land is, leeft een deel van onze inwoners in armoede. Eigen kracht en bestaanszekerheid hoort voor iedere inwoner centraal te staan. Er zijn echter inwoners die moeite hebben om rond te komen, geldzorgen hebben of met schulden kampen. Armoede brengt de bestaanszekerheid in gevaar en leidt tot ongelijke kansen, waardoor een vicieuze cirkel kan ontstaan en problemen zich opstapelen.
Het armoedebeleid kent zeven centrale doelen: 1) een toegankelijk en laagdrempelige dienstverlening, 2) een integrale aanpak binnen het sociaal domein, 3) kinderen kansen bieden om mee te doen, 4) inkomensondersteunende maatregelen voor inwoners met een laag inkomen, 5) lokaal organiseren van schulddienstverlening, 6) preventie, vroeg signalering en nazorg en 7) aandacht voor verschillende doelgroepen.
Inwoners met langdurige financiële problemen of schulden komen vaak in een vicieuze cirkel terecht die moeilijk te doorbreken is. Daar spelen laaggeletterdheid, gezondheid en eenzaamheid eveneens een belangrijke rol bij. Doordat we ons in het armoedebeleid meer richten op een integrale aanpak binnen het sociaal domein dragen we eraan bij dat deze cirkel doorbroken wordt. Eén van de speerpunten daarbij is preventie. Preventie wordt steeds belangrijker. Want hoe sneller de inwoner de hulp en ondersteuning ontvangt die nodig is, hoe sneller die inwoner ook weer zelfredzaam kan zijn. Onze maatschappelijke partners spelen hierbij een belangrijke rol.
Daarnaast richten wij ons op de schuldenproblematiek. Ons uitgangspunt daarbij is dat schulddienstverlening beschikbaar is voor alle inwoners. Daaraan dragen de landelijke aanpak op dit gebied en de basisdienstverlening waarbij het hulpaanbod in elke gemeente uit dezelfde elementen bestaat bij.
Kent de volgende beleidsmatige ambities/doelen:
Aanvullende regels/afwijzingsgronden:
Subsidieaanvragers die in het verleden te kampen hebben gehad met integriteitsvraagstukken worden in principe geweerd bij subsidietoekenning. Dit vanwege de gevoeligheid van kwesties op het gebied van armoede.
Voorne aan Zee is een bijzondere recreatiegemeente vanwege de natuur, schone stranden, sportieve mogelijkheden en de historische bezienswaardigheden en activiteiten. Jaarlijks worden ongeveer 300 evenementen georganiseerd, die zowel door inwoners als bezoekers van buiten de gemeente werden bezocht. Grote en kleine evenementen, voor jong en oud.
Evenementen zorgen voor sociale binding, ontmoeting en economische activiteit binnen de gemeente. Evenementen verbinden inwoners, ondernemers, bezoekers en toeristen met elkaar. Ook dragen evenementen bij aan het creëren van een aantrekkelijke woongemeente. Nieuwe evenementen dienen iets nieuws of unieks toe te voegen aan het bestaande aanbod. Ze moeten bijdragen aan de merkwaarden van de gemeente, diversiteit aan evenementen en/of de spreiding over het jaar.
De gemeente Voorne aan Zee vindt het belangrijk dat ook in de toekomst een aantrekkelijk aanbod van activiteiten en evenementen blijft bestaan. Onze ambitie is om ruimte te bieden aan evenementen voor een brede doelgroep, met een extra focus op het aanbod voor jongeren.
Binnen het kader van Maatschappelijke Ontwikkeling (MO) is subsidie beschikbaar voor evenementen met een sociaal-maatschappelijk en/of cultureel karakter. Voor sociaal-maatschappelijke evenementen is het belangrijk dat zij zorgen voor inclusie en een verbonden gemeenschap. Voor culturele evenementen is het belangrijk dat zij kunst, erfgoed, diversiteit en gemeenschapsbinding een podium geven. Evenementen hebben tevens een kruisbestuiving met doelen voor toerisme, recreatie, economie en promotie.
De maatschappelijke effecten en opgaven zijn leidend bij de toekenning, maar daarnaast zullen kruiseffecten voor andere doelstellingen op het gebied van toerisme, recreatie, economie en promotie meegewogen worden.
Kent de volgende beleidsmatige ambities/doelen:
Aanvullende regels/afwijzingsgronden:
De gemeente biedt passende zorg en ondersteuning aan inwoners die het tijdelijk niet meer lukt om naar vermogen mee te doen. Deze inwoners hebben zelf, samen met hun netwerk en/of met ondersteuning van het welzijnswerk geprobeerd om hun zelfredzaamheid te herstellen. Of er is zorgwekkend gedrag van een inwoner gesignaleerd en dit wordt gemeld door één van onze samenwerkingspartners, bijvoorbeeld de woningcorporatie of politie. Op het moment dat dit niet lukt wordt de hulp en ondersteuning van het sociaal gebiedsteam of van andere professionals ingeroepen.
Het sociaal gebiedsteam is een samenwerkingsverband van organisaties die professionals beschikbaar stellen met uiteenlopende expertises en inwoners ondersteunen bij het hervinden van hun zelfredzaamheid. Het sociaal gebiedsteam werkt wijk- en dorpsgericht en is betrokken binnen de gemeenschap en bij vindplaatsen, zoals huisartsen, de Voedselbank, welzijn en scholen. De gemeente gelooft er namelijk in dat de oplossing voor een zelfredzaam bestaan in de eigen leefomgeving gevonden wordt. De ondersteuning van het sociaal gebiedsteam is tijdelijk en doelgericht, waarbij aan inwoners maatwerk wordt geboden. Op het moment dat het sociaal gebiedsteam onvoldoende ondersteuning kan bieden, wordt toegeleid naar inzet van specialistische hulp. De zorg voor inwoners richt zich ook op situaties waarin sprake is van (dreigende) escalatie, zoals huiselijk geweld en kindermishandeling, (neigen tot) zorgmijding, (dreigende) dak- en of thuisloosheid en onbegrepen gedrag.
Binnen de zorg en ondersteuning van inwoners wordt er gewerkt vanuit een aantal uitgangspunten. Het allerbelangrijkste uitgangspunt is onderzoeken en ondersteunen vanuit één huishouden - één plan – één casusregisseur. De inwoner houdt hierbij altijd de eigen regie. Een tweede uitgangspunt is om de middelen zo effectief en efficiënt mogelijk te besteden. Een interventie is daarom altijd tijdsgebonden en gericht op herstel van de (zoveel mogelijk) zelfredzaamheid (eventueel met behulp van het netwerk en/of welzijnswerk). Een derde uitgangspunt is de integrale werkwijze, waarbij over de grenzen van de eigen taken en kunde gekeken wordt, een samenhangend plan en ondersteuningsaanbod met de inwoner wordt vormgegeven en samengewerkt wordt met andere professionals. Een vierde uitgangspunt is een toegankelijke, overzichtelijke en aan wetgeving gebonden registratie via een centraal registratiesysteem.
Naast het sociaal gebiedsteam subsidieert de gemeente andere vormen van passende zorg en ondersteuning. De gemeente heeft daarbij een focus op collectivering van dienstverlening, innoverende vormen van zorg en ondersteuning en integrale vormen van samenwerking. Het doel is het kunnen blijven bieden van passende zorg en ondersteuning aan inwoners die dit nodig hebben, terwijl de vraag naar zorg toeneemt en middelen schaars zijn. Preventie heeft daarbij voorrang op zorg. Daarbij vinden we het belangrijk dat inwoners zo lang mogelijk thuis kunnen blijven wonen.
Voorne aan Zee vindt het belangrijk dat alle inwoners naar vermogen mee kunnen doen. Kansengelijkheid is daarbij een belangrijk thema. Gemeenten ontvangen Rijksmiddelen voor het onderwijsachterstandenbeleid (OAB) via een SPUK, omdat gemeenten wettelijk onder andere verantwoordelijk zijn voor de aanpak van onderwijsachterstanden. Het VVE-beleid van een gemeente is het lokale beleid voor Voor- en Vroegschoolse Educatie, gericht op het voorkomen en terugdringen van onderwijsachterstanden bij jonge kinderen. De kinderopvangorganisaties en welzijnspartijen ontvangen hiervoor subsidie vanuit het OAB, waarvoor een aparte subsidieverordening is opgesteld. Via de leerplichtambtenaren en doorstroomcoach wordt ingezet op het voorkomen van en de handhaving bij verzuim/schooluitval en op het toeleiden naar school of werk bij vroegtijdig schoolverlaten.
Het doel van de Wet Passend Onderwijs is dat het onderwijs voor alle kinderen met een specifieke onderwijsbehoefte een passende onderwijsplek aanbiedt en daarnaast ook ondersteuning aanbiedt. Het Samenwerkingsverband Onderwijscollectief is hiervoor verantwoordelijk. Ook voor de gemeente is het belangrijk dat kinderen niet buiten de boot vallen en onderwijs kunnen volgen. Via een zogenaamde thuiszitterstafel (overleg), waarbij leerplicht aansluit, wordt hier aandacht aan besteed. Daarnaast volgt de gemeente de ontwikkelingen rondom de oprichting van trajectklassen op het voortgezet onderwijs. Via het leerlingenvervoer kunnen kinderen, die niet in staat zijn om met de fiets of het OV naar school te reizen, ook niet met begeleiding, met een busje naar school gebracht worden.
Jongeren worden in hun ontwikkeling ondersteund door het Jongerenwerk. Het hoofddoel van jongerenwerk is om de ontwikkeling van jongeren naar volwassenheid te ondersteunen door middel van laagdrempelige begeleiding, talentontwikkeling en het bevorderen van maatschappelijke participatie. Dit wordt bereikt door jongeren te helpen hun vaardigheden, zoals zelfredzaamheid, sociaal-emotionele ontwikkeling en verantwoordelijkheidsgevoel, te versterken en door preventieve ondersteuning te bieden tegen problemen zoals schooluitval en overlast.
De Wet Educatie Beroepsonderwijs (WEB) is bedoeld voor het volwassenenonderwijs en richt zich op het verbeteren van basisvaardigheden, zoals lezen, schrijven, rekenen en digitale vaardigheden. De gemeente ontvangt middelen om hiervoor een aanpak te organiseren. De gemeente ontvangt ook middelen voor Overheidsbrede Dienstverlening. Via deze decentralisatie-uitkering worden gemeenten gefaciliteerd om laagdrempelige en empathische ondersteuning te bieden bij regelzaken met de (digitale) overheid en om hun regierol in het lokale netwerk in te vullen. Dit wordt uitgevoerd door het Informatiepunt Digitale Overheid (IDO).
De zorgplicht voor bibliotheken is een wettelijke taak die gemeenten vanaf 2026 krijgen om ervoor te zorgen dat elke inwoner binnen een redelijke afstand toegang heeft tot een volwaardige openbare bibliotheek. Het doel van een bibliotheek is om de persoonlijke en maatschappelijke ontwikkeling van mensen te bevorderen, onder andere door het aanbieden van kennis, informatie en cultuur, en het stimuleren van leesplezier en levenslang leren. Bibliotheken bieden ook een ontmoetingsplek, een plek voor ontspanning en recreatie, en ondersteunen bij het ontwikkelen van digitale vaardigheden en basisvaardigheden.
Het Sport- en Beweegbeleid focust op het bevorderen van een gezonde, actieve levensstijl voor alle inwoners van de gemeente, het versterken van ontmoeting, verbinding en participatie, met een visie op sport en bewegen als een essentieel onderdeel van het dagelijks leven. Het doel is dat tegen 2028 minstens 50% van de inwoners voldoet aan de beweegrichtlijnen, met speciale focus op groepen die momenteel achterblijven in hun sportdeelname. Dit gaat niet alleen om eenmalig bewegen maar om zo vaak bewegen dat men voldoet aan de beweegrichtlijn. Het beleid benadrukt het belang van samenwerking tussen verschillende partijen en het integreren van sport in andere beleidsgebieden.
Het beleid heeft vijf belangrijke thema's:
13. Sport- en scoutingsinvesteringsregeling
Het doel van de sport- en scoutingsinvesteringsregeling is om sportverenigingen en scoutingverenigingen met een eigen accommodatie te stimuleren om investeringen te doen die bijdragen aan het bevorderen van een actieve en gezonde samenleving. De investering is specifiek gericht op het ondersteunen van sport- en scoutingverenigingen bij het realiseren van bouw-, renovatie- of uitbreidingsprojecten voor hun sportvoorzieningen. Het doel is om verenigingen in staat te stellen beter te voldoen aan de huidige en toekomstige behoeften van hun leden en de bredere gemeenschap.
13.3 Uitwerking van de regeling
13.3.1 Subsidiepercentage en maximum bedrag
Voorwaarden voor sport- of scoutingverenigingen:
Uitzondering voor hengelsportverenigingen:
13.3.2 Kosten die voor subsidie in aanmerking komen
De investering kan uitsluitend worden verleend aan sport- en scoutingverenigingen voor een bijdrage in de projectkosten ten behoeve van:
Onder renovatie valt de bouw, renovatie of uitbreiding van accommodatieonderdelen zoals kleedkamers, opslagruimtes en vissteigers. Per voorziening kan maximaal één aanvraag worden ingediend binnen een periode van vijf jaar, gerekend vanaf de datum van de laatste goedkeuring. Voor vissteigers geldt een maximum van één aanvraag per vijftien jaar.
Door het college kan van hoofdstuk 15.1.2 van deze regeling worden afgeweken als daaraan vasthouden voor een subsidieaanvrager of -ontvanger gevolgen zou hebben die wegens bijzondere omstandigheden onevenredig zouden zijn tot de daarmee te dienen belangen.
13.3.7 Weigeringsgronden van de subsidie
De aanvraag kan worden geweigerd indien één of meer van de volgende omstandigheden van toepassing zijn:
De gemeente Voorne aan Zee bestaat uit een veelzijdige verzameling van steden, dorpen en wijken, elk met een eigen, herkenbare identiteit. Wij koesteren deze diversiteit en zien de verschillen tussen onze dorpen en wijken als een kracht. Onze ambitie is om een constructieve en duurzame relatie met onze inwoners te onderhouden, waarin wederzijds vertrouwen en betrokkenheid centraal staan.
Dorps- en wijkraden vervullen een onmisbare rol in het versterken en behouden van vitale en leefbare gemeenschappen binnen onze gemeente. Als ‘ogen en oren’ binnen de gemeenschap signaleren zij ontwikkelingen en behoeften die zij terugkoppelen naar de gemeente. Hiermee dragen zij bij aan een beleid dat dicht bij de inwoners staat en aansluit bij de realiteit van de dorpen en wijken.
De gemeente biedt dorps- en wijkraden zowel financiële als inhoudelijke ondersteuning. Jaarlijks ontvangen deze raden een subsidie, gebaseerd op een werkplan dat zij zelf opstellen.
Kent de volgende beleidsmatige ambities/doelen:
Aanvullende regels/afwijzingsgronden:
Voor raden in oprichting geldt onderstaande:
Raden in oprichting kunnen zes maanden gebruik maken van hun status ‘in oprichting’. Zij dienen binnen deze zes maanden een registratie in de KvK te hebben om hun subsidieaanvraag te formaliseren. De raad informeert de gemeente schriftelijk over de datum van inschrijving in het handelsregister en overlegt het bewijs hiervan.
Voor dorps- en wijkraden die willen fuseren:
Voor dorps- en wijkraden die zich in een fusietraject bevinden, geldt dat zij maximaal twee jaar de maximale subsidie kunnen ontvangen die bedoeld is voor een zelfstandig opererende raad. Daarbij geldt dat binnen Voorne aan Zee per verzorgingsgebied maximaal één actieve dorps- of wijkraad kan bestaan.
15. Leefbaarheidsfonds voormalige gemeente Westvoorne
In dit hoofdstuk is het Leefbaarheidsfonds van de voormalige gemeente Westvoorne opgenomen. Deze regeling geldt alleen voor het grondgebied van de voormalige gemeente Westvoorne. Deze regeling is bedoeld voor duurzaamheidsinitiatieven en burgerinitiatieven gericht op duurzaamheid. Het is de wens om deze regeling op termijn uit te gaan faseren omdat deze regeling niet voor de hele gemeente beschikbaar is en refereert aan de voormalige gemeentes.
15.2 Doel Leefbaarheidsfonds Westvoorne
Met het Leefbaarheidsfonds stellen Eneco, Vattenfall én de gemeente elk jaar gezamenlijk geld beschikbaar voor maatschappelijke organisaties, verenigingen en burgerinitiatieven om de voormalige gemeente Westvoorne duurzamer te maken.
Met deze subsidie beoogt de gemeente burgerinitiatieven te ondersteunen die de leefbaarheid bevorderen, projecten te ondersteunen die een kwaliteitsimpuls geven aan de energietransitie en verduurzaming van maatschappelijke accommodaties te ondersteunen (met uitzondering van gemeentelijke accommodaties).
Aanvragen worden beoordeeld door een toetsingscommissie. Deze commissie adviseert het college van B&W over de hoogte van de subsidieverlening. Waar nodig brengt deze commissie een rangorde aan in de aanvrager bij meerdere aanvragen die het plafond overschrijden. Bij gelijke kwaliteit volgt een voorstel tot verdeling van de gelden.
Bijlage 1: Definities Maatschappelijke effecten en Maatschappelijke opgaven
In deze bijlage zijn de vijf effecten en acht opgaven toegelicht.
Inwoners voelen zich vitaal en van waarde in onze samenleving
Het maatschappelijk effect 'Inwoners voelen zich vitaal en van waarde in onze samenleving' betekent dat inwoners zich energiek, gezond en betekenisvol ervaren binnen hun gemeenschap. Ze hebben het gevoel dat ze een rol spelen en gewaardeerd worden, wat bijdraagt aan hun welzijn en betrokkenheid bij de maatschappij. Dit effect benadrukt het belang van sociale inclusie, erkenning en een gezonde levensstijl voor het versterken van de samenhang en het geluk in de samenleving. Mensen voelen zich Positief Gezond.
Inwoners kunnen zo lang mogelijk zelfstandig wonen
Het maatschappelijk effect 'Inwoners kunnen zo lang mogelijk zelfstandig wonen' betekent dat inwoners in staat worden gesteld om, ondanks ouderdom, ziekte of andere beperkingen, zo lang mogelijk in hun eigen huis of omgeving te blijven wonen zonder dat ze daarvoor naar een zorginstelling hoeven te verhuizen. Dit draagt bij aan hun zelfredzaamheid, levenskwaliteit en welzijn, en vermindert de druk op de langdurige zorg. Het kan bereikt worden door ondersteuning, aanpassingen in de woning, technologieën voor zorg op afstand en maatschappelijke diensten.
Alle inwoners doen mee en ontwikkelen zich naar vermogen
Het maatschappelijk effect 'Alle inwoners doen mee en ontwikkelen zich naar vermogen’ betekent dat alle inwoners in de gemeente de kans krijgen om actief deel te nemen aan sociale, economische en culturele activiteiten. Daarnaast wordt er rekening gehouden met ieders eigen capaciteiten en mogelijkheden, zodat iedereen zich op zijn of haar eigen niveau kan ontwikkelen en bijdragen aan de gemeenschap. Dit effect bevordert inclusie, gelijkheid en persoonlijke groei.
Kinderen en jongeren groeien gezond en veilig op
Het maatschappelijk effect ‘Kinderen en jongeren groeien gezond en veilig op’ betekent dat alle kinderen en jongeren in een samenleving opgroeien in omstandigheden die hun lichamelijke en geestelijke gezondheid bevorderen, én waarbij hun veiligheid gewaarborgd is. Dit houdt in dat zij toegang hebben tot goede voeding, gezondheidszorg, onderwijs, veilige woon- en speelplekken, en dat zij beschermd worden tegen geweld, misbruik en verwaarlozing. Het effect streeft naar een omgeving waarin jongeren zich positief kunnen ontwikkelen, zich veilig voelen en hun talenten kunnen ontplooien.
Passende ondersteuning en zorg voor wie dit nodig heeft
Het maatschappelijk effect 'Passende ondersteuning en zorg voor wie dit nodig heeft' betekent dat inwoners die hulp, zorg of ondersteuning nodig hebben, deze op maat en tijdig krijgen. Dit betekent dat de zorg en ondersteuning aansluiten bij de individuele behoeften en omstandigheden van de persoon, zodat zij zelfstandig kunnen functioneren, zo lang mogelijk meedoen in de samenleving, en hun kwaliteit van leven behouden of verbeteren. Hiermee wordt ook beoogd dat er efficiënt en effectief met beschikbare middelen wordt omgegaan, zodat iedereen de juiste zorg ontvangt zonder onnodige wachttijden.'
Inwoners hebben bestaanszekerheid en gelijke kansen om mee te doen
Onder de maatschappelijke opgave ‘Inwoners hebben bestaanszekerheid en gelijke kansen om mee te doen’ wordt verstaan:
Kortom, deze maatschappelijke opgave richt zich op het creëren van een rechtvaardige samenleving waarin iedereen de basiszekerheden heeft om volwaardig mee te doen en gelijke kansen krijgt om zich te ontwikkelen.
Inwoners met een zorg en/of ondersteuningsvraag kunnen zo lang mogelijk thuis blijven wonen
De maatschappelijke opgave ' Inwoners met een zorg en/of ondersteuningsvraag kunnen zo lang mogelijk thuis blijven wonen’ verwijst naar de uitdaging om zorg en ondersteuning te bieden aan een toenemend aantal inwoners die vanwege hun zorgbehoefte zo lang mogelijk zelfstandig thuis willen blijven wonen. Dit vraagt om aanpassing en uitbreiding van voorzieningen, zoals thuiszorg, mantelzorgondersteuning, hulp bij dagelijks leven en technische hulpmiddelen, om ervoor te zorgen dat deze groep mensen veilig en comfortabel thuis kan blijven leven zonder onnodige opname in een zorginstelling.
Inwoners hebben toegang tot een passende woning
De maatschappelijke opgave ‘Inwoners hebben toegang tot een passende woning’ betekent het streven om voor alle inwoners in de gemeente een woning beschikbaar te hebben die aansluit bij hun behoeften, wensen en mogelijkheden. Dit houdt in dat er voldoende betaalbare, geschikte en kwalitatieve woningen moeten zijn voor diverse groepen, zoals starters, gezinnen, ouderen en kwetsbare mensen, zodat iedereen met een passend onderdak kan wonen.
Inwoners hebben een gezonde leefstijl en voelen zich vitaal
De maatschappelijke opgave 'Inwoners hebben een gezonde leefstijl en voelen zich vitaal' betekent dat er aandacht en inspanningen worden geleverd om mensen te ondersteunen bij het aannemen van gezonde gewoonten, zoals het kiezen voor gezonde voeding, voldoende lichaamsbeweging, en het vermijden van schadelijke gewoonten zoals roken en overmatig alcoholgebruik. Door het stimuleren van preventieprogramma's, het verstrekken van voorlichting, het verbeteren van de toegankelijkheid tot gezonde voeding en het creëren van meer mogelijkheden voor fysieke activiteit, wordt gestreefd naar een vitale en gezonde bevolking. Het uiteindelijke doel is het vergroten van de vitaliteit en kwaliteit van leven van inwoners, terwijl tegelijkertijd gezondheidsproblemen en zorgkosten worden verminderd.
Kinderen en jongeren groeien veilig, gezond en kansrijk op
De maatschappelijke opgave 'Kinderen en jongeren groeien veilig, gezond en kansrijk op' richt zich op het creëren van een omgeving waarin alle kinderen en jongeren zich optimaal kunnen ontwikkelen. Dit betekent dat zij kunnen opgroeien in een veilige en ondersteunende omgeving, met gelijke kansen om zich te ontplooien. Hierbij is aandacht voor factoren zoals lichamelijke of geestelijke gezondheidsproblemen, leer- of ontwikkelingsstoornissen, sociale problemen of moeilijke thuissituaties. Er wordt ingezet op preventie, vroegtijdige ondersteuning en het bieden van passende zorg en begeleiding wanneer dat nodig is om hen adequaat te ondersteunen. Zo wordt ervoor gezorgd dat kinderen en jongeren gezond, weerbaar en vol vertrouwen hun toekomst tegemoet kunnen gaan, met volop mogelijkheden om actief deel te nemen aan de samenleving.
Inwoners zijn zelfredzaam, en hebben betekenisvolle relaties
De maatschappelijke opgave 'Inwoners zijn zelfredzaam, en hebben betekenisvolle relaties' richt zich op het versterken van de eigen kracht van mensen én het belang van sociale verbondenheid. Het gaat erom dat inwoners in staat zijn om zelfstandig hun dagelijkse leven te organiseren en problemen op te lossen, terwijl zij tegelijkertijd betekenisvolle relaties onderhouden die zorgen voor steun en betrokkenheid. Door het bevorderen van zowel zelfredzaamheid als samenredzaamheid in sociale netwerken ontstaat een veerkrachtige gemeenschap waarin mensen elkaar kunnen vertrouwen en ondersteunen. De overheid en professionele hulpverleners geven minder direct hulp en stimuleren mensen om zoveel mogelijk zelfstandig of in samenwerking met anderen oplossingen te zoeken.
Dorpen en wijken zijn vitaal, leefbaar en bieden ruimte voor ontmoeting
De maatschappelijke opgave ‘Dorpen en wijken zijn vitaal, leefbaar en bieden ruimte voor ontmoeting ' betekent dat er wordt gewerkt aan het leefbaar, aantrekkelijk en sociaal verbonden houden van lokale gemeenschappen. Dit omvat het behouden en verbeteren van voorzieningen, sociale samenhang, veiligheid, economische kansen en een gezonde leefomgeving in dorpen en wijken. Het doel is om ervoor te zorgen dat inwoners zich betrokken voelen, zich kunnen ontwikkelen, en dat de woonomgeving bijdraagt aan hun welzijn en levenskwaliteit. Hiermee wordt voorkomen dat gebieden verarmen of vereenzamen en blijft het een fijne plek om te wonen en te leven.
Mantelzorgers en vrijwilligers versterken, zodat niemand er alleen voor staat
De maatschappelijke opgave ‘Mantelzorgers en vrijwilligers versterken, zodat niemand er alleen voor staat' houdt in dat er meer mensen worden gestimuleerd en ondersteund om mantelzorg te verlenen of vrijwilligerswerk te doen, én dat de kwaliteit en duurzaamheid van deze vormen van zorg en ondersteuning worden verbeterd. Het gaat hierbij om het herkennen van het belang van mantelzorgers en vrijwilligers, het bieden van passende ondersteuning, waardering en opleiding, zodat zij hun taken goed en langdurig kunnen uitvoeren. Dit draagt bij aan een sterke samenleving waarin informele zorg en betrokkenheid een belangrijke rol spelen in het welzijn van mensen.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-118735.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.