Gemeenteblad van Enschede
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Enschede | Gemeenteblad 2026, 118354 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Enschede | Gemeenteblad 2026, 118354 | algemeen verbindend voorschrift (verordening) |
Reglement van orde vergaderingen gemeenteraad en raadscommissies Enschede 2026
Hoofdstuk I Algemene bepalingen
Artikel 1: Begripsomschrijvingen
In dit reglement wordt verstaan onder:
Agenda-overleg: voorbereidend overleg tussen de betreffende commissievoorzitter, commissiegriffier en ambtelijke ondersteuning van het college.
Amendement: voorstel tot wijziging van een ontwerp-raadsbesluit, naar de vorm geschikt om daarin direct te worden opgenomen;
Bestuurlijke driehoek: afstemmingsoverleg van burgemeester, griffier en gemeentesecretaris
College: het college van burgemeester en wethouders;
Commissiegriffier: medewerker van de raadsgriffie die als secretaris van een raadscommissie functioneert;
Commissievergadering: een vergadering van een raadscommissie;
Fractie: een politieke groepering in de raad;
Griffier: functionaris als bedoeld in art. 107a van de Gemeentewet;
Initiatiefvoorstel: een voorstel voor een verordening of een ander voorstel, voortkomend uit initiatief van één of meer leden, gericht op het nemen van een raadsbesluit;
Lid c.q. leden: een lid c.q. leden van de raad;
Motie: korte en gemotiveerde verklaring over een onderwerp waardoor een oordeel, wens of opdracht wordt uitgesproken;
Presidium: een commissie als bedoeld in artikel 83, lid 1, van de Gemeentewet bestaande uit fractievoorzitters;
Klein Presidium: een sub-commissie van het presidium als bedoeld in artikel 6, lid 1, van de Verordening op het presidium van de raad;
Raad: de raad van de gemeente Enschede;
Raadscommissie: een door de raad ingestelde commissie als bedoeld in artikel 82, 83 en 84 van de Gemeentewet;
Raadsgriffie: de ambtelijke organisatie ter ondersteuning van de raad;
Secretaris: functionaris als bedoeld in art. 103 van de Gemeentewet.
Seniorenconvent: informeel overlegorgaan van fractievoorzitters van de raad;
Sub-amendement: voorstel tot wijziging van een amendement, naar de vorm geschikt om daarin direct te worden opgenomen;
Vergaderingen: vergaderingen van de raad, de stedelijke commissie of de stadsdeelcommissie;
Voorstel van orde: mondeling voorstel van de voorzitter of een lid ter vergadering betreffende de orde van de vergadering;
Voorzitter: de voorzitter van de raad, diens plaatsvervanger en de voorzitter van een raadscommissie of diens plaatsvervanger.
Indien niet duidelijk is na een splitsing van een fractie welk deel kan worden beschouwd als voortzetting van een fractie als bedoeld in het eerste lid, bepaalt de politieke groepering die de kandidatenlijst bij het centraal stembureau heeft ingeleverd welk deel als voortzetting van een fractie wordt beschouwd.
Behoudens spoed, dit ter beoordeling van de betreffende voorzitter, zendt de voorzitter ten minste tien dagen voor een vergadering de raadsleden en commissieleden een schriftelijke oproep en de voorlopige agenda. De daarbij behorende stukken worden opgenomen in het daarvoor bedoelde digitale systeem met uitzondering van de op grond van de wet geheim verklaarde stukken. In spoedeisende gevallen kan de voorzitter na het verzenden van een schriftelijke oproep een aanvullende voorlopige agenda opstellen.
Jaarlijks stelt de gemeenteraad bij de Begroting op voorstel van het college een concept (kwartaal)planning van de bekende kaderstellende besluiten voor tenminste het volgende begrotingsjaar vast. Hierbij is aandacht voor de mate van betrokkenheid van de gemeenteraad en inwoners bij de totstandkoming van elk besluit. De planning wordt door de raadsgriffie verwerkt in een Bestuurlijke Termijnagenda die het uitgangspunt is voor de concept agendering in de commissies.
Artikel 7: Wijziging en intrekking van collegevoorstellen
Het college kan na verzending van een voorstel aan de raad besluiten om dit voorstel te wijzigen of in te trekken. Het college deelt dit via een raadsbrief mee aan de gemeenteraad. Indien het besluit tot wijziging of intrekking wordt genomen binnen 48 uur voor aanvang van de vergadering waarvoor het voorstel voorlopig is geagendeerd, laat de voorzitter het besluit met de meeste spoed aan de leden weten.
Openbaarheid vergadering en vergaderstukken
Artikel 9: Aankondiging vergaderingen
Dag, tijd en plaats van de vergaderingen worden aangekondigd via de gemeentelijke website, waarop eveneens de vergaderstukken worden geplaatst.
Artikel 16: Spreekrecht derden
Belanghebbende(n) met betrekking tot het betreffende geagendeerde onderwerp, , kunnen in een vergadering van de stedelijke commissies of de stadsdeelcommissies hun zienswijze op geagendeerde voorstellen geven door dit tot op de dag van de vergadering vóór 10.00 uur bij de betreffende commissiegriffier aan te vragen.
In afwijking van lid 1 bestaat er geen spreekrecht voor derden voor zover het een geagendeerd onderwerp betreft dat zich in de bezwaar- en of beroepsprocedure als bedoeld in hoofdstuk 6 van de Algemene wet bestuursrecht bevindt, of indien het onderwerp zich onder de rechter bevindt dan wel zich onder de rechter bevond en verder geen rechtsgang meer openstaat.
Een spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De voorzitter kan de lengte van de spreektijd beperken, in verband met het aantal sprekers of het tijdschema van de vergadering. De voorzitter kan sprekers onderbreken wanneer hij constateert dat eenzelfde onderwerp door één of meer andere sprekers al voldoende aan de orde is gesteld. De voorzitter kan in bijzondere gevallen een langere spreektijd dan vijf minuten toestaan, indien het tijdschema van de vergadering dat toelaat.
Artikel 17: Handhaving orde en schorsing vergadering
Het is voor deelnemers aan de vergadering niet toegestaan om visuele politieke symbolen te tonen die de orde van de vergadering verstoren. 1
te besluiten om een deelnemer, die door zijn gedragingen of uitingen de orde verstoort, de aanwezigheid bij de vergadering te ontzeggen. Daarover wordt niet beraadslaagd. De deelnemer verlaat onmiddellijk de vergadering. Zo nodig laat de voorzitter hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan de voorzitter de deelnemer bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen;
De deelnemers tot de orde te roepen als deze zich in beledigende of onbetamelijke uitdrukkingen uitlaten, afwijken van het in behandeling zijnde onderwerp, andere deelnemers herhaaldelijk interrumperen, dan wel anderszins de orde verstoren. Deelnemers die hieraan geen gevolg geven, kunnen door hem het woord ontnomen worden over het aanhangige onderwerp.
Het functioneren van de voorzitter van de vergadering vormt geen onderwerp voor bespreking in de betreffende vergadering. Leden van de raad kunnen dit indien gewenst via hun fractievoorzitter bespreken in het presidium, uitgezonderd het functioneren van de burgemeester. Dit laatste vindt indien gewenst plaats in de Commissie functioneringsgesprek burgemeester.
Artikel 24: Deelname aan de beraadslaging door andere personen
De raad of de raadscommissie kan onverminderd artikel 21 van de Gemeentewet besluiten dat anderen dan de leden, de voorzitter, de griffier, de leden van het college of de secretaris deelnemen aan de beraadslagingen over een bepaald agendapunt. Een besluit daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of een lid genomen alvorens met de beraadslagingen over het betreffende agendapunt wordt aangevangen.
Na het sluiten van de beraadslagingen en voordat tot stemming wordt overgegaan heeft ieder lid het recht zijn uit te brengen stem kort te motiveren.
Artikel 28: Procedure hoofdelijke stemming
Bij hoofdelijke stemming roept de voorzitter of de griffier de leden bij naam op hun stem uit te brengen, beginnend bij een door het lot aangewezen lid, in de volgorde waarin hun namen op de presentielijst voorkomen. De leden brengen hun stem uit door het woord “voor” of “tegen” uit te spreken, zonder enige toevoeging.
Een raadslid dat zich bij hoofdelijke stemming bij het uitbrengen van zijn stem vergist, kan deze vergissing herstellen totdat het volgende raadslid heeft gestemd. Bemerkt het raadslid zijn vergissing pas later dan kan het raadslid, nadat de voorzitter de uitslag van de stemming bekend heeft gemaakt, aantekening vragen van zijn vergissing. Dit brengt geen verandering in de uitslag van de stemming.
Artikel 31: Herstemming over personen
Wanneer ook bij de tweede stemming niemand de volstrekte meerderheid heeft gekregen, vindt bij meer dan twee kandidaten een derde stemming plaats tussen de twee personen die bij de tweede stemming de meeste stemmen hebben gekregen. Zijn bij de tweede stemming de meeste stemmen over meer dan twee personen verdeeld dan wordt in een tussenstemming uitgemaakt tussen welke twee personen de derde stemming zal plaatshebben.
Hoofdstuk III Bevoegdheden, rechten en instrumenten raadsleden
Het college wordt, voordat over een amendement wordt gestemd, in de gelegenheid gesteld om zijn zienswijze te geven. Mocht het wijzigingsvoorstel van het amendement aanleiding zijn voor het college om dit te bespreken in de eerstvolgende collegevergadering, dan wordt besluitvorming over het betreffende amendement en het (te amenderen) raadsvoorstel aangehouden tot de eerstvolgende raadsvergadering. De raad beslist hierover.
Over een motie vreemd vindt geen uitgebreid debat plaats, tenzij de raad dit nodig acht. Indien een motie na indiening wordt aangepast, of als de raad constateert dat de motie niet rijp is voor besluitvorming, kan de raad beslissen de behandeling hiervan uit te stellen tot de eerstvolgende raadsvergadering ten behoeve van een goede voorbereiding.
Artikel 35: Schriftelijke vragen
De vragen worden ingediend via de raadsgriffie. Deze draagt er zorg voor dat de vragen zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige leden van de raad worden gebracht. Afhankelijk van het bestuursorgaan waaraan de vragen zijn gesteld worden de ingediende vragen ter kennis van het college of de burgemeester gebracht.
Beantwoording vindt schriftelijk plaats, zo spoedig mogelijk doch in ieder geval binnen drie weken na ontvangst van de vragen. Beantwoording wordt opgenomen in het daarvoor bedoelde digitale systeem. Indien beantwoording niet binnen deze termijn kan plaatsvinden, stelt de secretaris de vragensteller binnen drie weken hiervan gemotiveerd in kennis, waarbij de termijn wordt aangegeven waarbinnen beantwoording zal plaatsvinden.
Raadsleden dienen vragen voorafgaand aan de actualiteitenraad in via de raadsgriffie. De voorzitter beslist over de toelating. De voorwaarden omtrent toelating betreffen:
De voorzitter kan vragen die niet zijn toegelaten doorverwijzen naar een alternatieve behandeling zoals agendering in de stadsdeelcommissie, agendering in een stedelijke commissie, schriftelijke vragen dan wel ambtelijke bijstand. In dat geval wordt via de raadsgriffie contact opgenomen met de indiener over eventuele aanpassing van de vragen.
Een verzoek tot het houden van een interpellatie als bedoeld in artikel 155, tweede lid, van de Gemeentewet moet tenminste 48 uur voor aanvang van de vergadering schriftelijk bij de voorzitter worden ingediend, behoudens in naar het oordeel van de voorzitter spoedeisende gevallen. Als de vergadering op maandag plaatsvindt, moet het verzoek vóór vrijdag 12.00 uur worden ingediend. Het verzoek bevat een duidelijke omschrijving van het onderwerp waarover inlichtingen worden verlangd alsmede de te stellen vragen.
De voorzitter brengt het verzoek zo spoedig mogelijk ter kennis van de overige raadsleden en het college of de burgemeester. Het verzoek tot agendering wordt in de eerstvolgende vergadering na indiening in stemming gebracht bij het vaststellen van de agenda en naar aanleiding van de uitslag van de stemming eventueel toegevoegd aan de agenda.
De raad en het college respectievelijk de burgemeester kunnen een nader protocol overeenkomen, waarin spel- en gedragsregels worden uitgewerkt met het oog op de nadere invulling van de inlichtingenplicht zoals opgenomen in de Gemeentewet in art. 169 resp art. 180, hierbij tevens in aanmerking genomen de bepalingen in de Wet open overheid.
Hoofdstuk IV Lidmaatschap van andere organisaties
Artikel 40: Verslag; verantwoording
Een lid van de raad, een lid van het college, de burgemeester of de secretaris heeft, indien hij door de raad is aangewezen tot lid van het algemeen bestuur van een openbaar lichaam of een orgaan ingesteld op grond van de Wet gemeenschappelijke regelingen, het recht om in aansluiting op de behandeling van de ingekomen stukken of vóór het sluiten van de vergadering mededeling te doen van zaken die in het bedoelde algemeen bestuur aan de orde zijn. Door de raad gewenste bespreking kan de voorzitter verwijzen naar de desbetreffende raadscommissie.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-118354.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.