Verordening tot wijziging van de Tarieventabel A behorende bij de Legesverordening Laren 2026

De raad van de gemeente Laren;

 

Gelezen het voorstel d.d. 27 januari 2026 van burgemeester en wethouders,

 

gelet op de artikelen 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b en 156 van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid en 7 van de Paspoortwet en artikel 13.1a van de Omgevingswet,

 

overwegende dat de raad op 17 december 2025 de eerste wijziging van het Omgevingsplan Laren heeft vastgesteld, onder gelijktijdige (gedeeltelijke) intrekking van de Verordening Fysieke Leefomgeving Laren 2023, waardoor het nodig is de tarieventabel bij de Legesverordening aan te passen,

 

B E S L U I T :

 

Vast te stellen de

 

VERORDENING tot wijziging van de tarieventabel A bij de legesverordening Laren 2026, inhoudende:

Artikel I  

De tarieventabel A behorende bij de legesverordening Laren 2026 wordt als volgt gewijzigd (wijzigingen geel gemarkeerd):

 

A.

Artikel 1.20.1.1

van een vergunning c.q. ontheffing op grond van het bepaalde in de Algemene Plaatselijke Verordening of de Verordening Fysieke Leefomgeving, voor zover niet afzonderlijk is genoemd in deze verordening per vergunning c.q. ontheffing

€ 121,44

Komt te luiden:

1.20.1.1

van een vergunning c.q. ontheffing op grond van het bepaalde in de Algemene Plaatselijke Verordening, de Verordening Fysieke Leefomgeving of het omgevingsplan, voor zover niet afzonderlijk is genoemd in deze verordening per vergunning c.q. ontheffing

€ 121,44

 

B.

Artikel 1.20.4.1a

spandoeken, per week (Verordening Fysieke Leefomgeving, art. 3:36)

€ 81,68

Komt te luiden:

Artikel 1.20.4.1a

spandoeken, per week (artikel 5.58 van het omgevingsplan)

€ 81,68

 

C.

Artikel 1.20.4.1b

plaatsen van publicatieborden, per week (Verordening Fysieke Leefomgeving, art. 3:36)

€ 81,68

Komt te luiden:

Artikel 1.20.4.1b

plaatsen van publicatieborden, per week (artikel 5.58 van het omgevingsplan)

€ 81,68

 

D.

(onder) artikel 2.26

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 3.39 van de Verordening Fysieke Leefomgeving in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 376,05

Komt te luiden:

artikel 2.26

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 5.71 van het omgevingsplan in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 376,05

 

E.

(onder) artikel 2.27

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel 3.40 van de Verordening Fysieke Leefomgeving in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de a1ndere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 376,05

Komt te luiden:

artikel 2.27

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel 5.76 van het omgevingsplan in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de a1ndere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

€ 376,05

 

F.

(onder) artikel 2.30

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in artikel 3.71 van de Verordening Fysieke Leefomgeving in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

--

Komt te luiden:

Artikel 2.30

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in artikel 5.123 van het omgevingsplan in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

--

 

G.

(onder) artikel 2.32

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit de opslag van roerende zaken in een aangewezen gedeelte van de gemeente, bedoeld in artikel 3.36 van de Verordening Fysieke Leefomgeving in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

--

Komt te luiden:

Artikel 2.32

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit de opslag van roerende zaken in een aangewezen gedeelte van de gemeente, bedoeld in artikel 5.58 van het omgevingsplan in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

--

 

H.

Artikel 3.5.1

b1

voor een standplaatsvergunning (Verordening Fysieke Leefomgeving art. 3.59)

€ 122,52

Komt te luiden:

Artikel 3.5.1

b1

Voor een standplaatsvergunning (artikel 5.84 Omgevingsplan)

€ 122,52

Artikel II  

Deze verordening treedt in werking op het tijdstip dat de eerste wijziging van het Omgevingsplan Laren in werking treedt.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 18 februari 2026.

mevrouw A.M. Kroon-Stam

griffier

de heer mr. R.K. van Rijn MBA

voorzitter

Naar boven