Verordening tot wijziging van de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Zwijndrecht

De raad van de gemeente Zwijndrecht;

 

gelet op artikel 96 van de Gemeentewet, de artikelen 3.1.1, eerste lid, 3.1.4, eerste lid, 3.3.2, 3.4.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers en de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers;

 

besluit vast te stellen

 

de Verordening tot wijziging van de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Zwijndrecht

 

Artikel I

De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Zwijndrecht wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 3A komt te luiden:

Artikel 3A. Toelage raadslid onderzoekscommissie

Een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet wordt voor de duur van de activiteiten van die commissie ten laste van de gemeente een toelage toegekend.

Bij instellingsverordening van de onderzoekscommissie bepaalt de raad de hoogte van de toelage alsmede het doel en de strekking van de opdracht van de onderzoekscommissie.

De toelage bedraagt per kalenderjaar ten hoogste driemaal de maandelijkse vergoeding voor de werkzaamheden, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

B

Artikel 3B komt te luiden:

Artikel 3B Toelage raadslid lid werkgeverscommissie

De werkgeverscommissie wordt gezien als een bijzondere commissie zoals bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Een raadslid dat lid is van deze werkgeverscommissie wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend gelijk aan het bedrag, genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

C

Artikel 3C komt te luiden:

Artikel 3C Toelage raadslid lid auditcommissie

De auditcommissie wordt gezien als een bijzondere commissie zoals bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Een raadslid dat lid is van deze auditcommissie wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend gelijk aan het bedrag, genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

D

Artikel 3D komt te luiden:

Artikel 3D Vergoeding voor werkzaamheden raadscommissieleden

Benoemde leden van de carrouselvergadering en/of de oriëntatievergadering, niet zijnde een raadslid, ontvangen per bijgewoonde commissievergadering een vergoeding gelijk aan het bedrag, genoemd in artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

De maandelijkse betaling van de vergoeding, bedoeld in het eerste lid, geschiedt achteraf op basis van het aantal bijgewoonde commissievergaderingen van de carrousel- en/of de oriëntatievergaderingen en de door het raadscommissielid zelf getekende presentielijsten.

E

Artikel 3E komt te luiden:

De agendacommissie wordt gezien als een bijzondere commissie zoals bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

Een raadslid dat lid is van deze agendacommissie wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend gelijk aan het bedrag, genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers.

F

Artikel 4, eerste lid, onderdeel b, komt te luiden:

b. bij gebruik van een eigen vervoermiddel het maximumbedrag dat door een werkgever aan een werknemer per afgelegde kilometer onbelast kan worden verstrekt alsmede de parkeer- of stallingkosten, veerkosten en tolkosten;

G

De artikelen 5 en 6 vervallen.

H

Artikel 9 komt te luiden:

Artikel 9. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden

Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld, bedoeld in artikel 3.3.2 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

Het raads- of commissielid levert binnen acht weken na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente. Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen na schoning is mogelijk tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer. Het college bepaalt in de bruikleenovereenkomst hoe deze resterende waarde wordt berekend.

Artikel II Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als de “Verordening tot wijziging van de Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Zwijndrecht”.

Artikel III Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag na bekendmaking.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van de raad van de gemeente Zwijndrecht, 24 februari 2026,

 

De voorzitter, De griffier,

L.C.A. Anink, I.M. Odinot

Naar boven