Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Boekel 2026

De raad van de gemeente Boekel;

 

gezien het voorstel van de griffie d.d. 19 januari 2026;

 

Gelet op:

  • Artikel 149 van de Gemeentewet en het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers;

Besluit:

vast te stellen de

 

VERORDENING RECHTSPOSITIE RAADS- EN COMMISSIELEDEN GEMEENTE BOEKEL 2026

Artikel 1. Toelage raadslid onderzoekscommissie en bijzondere commissie

  • 1.

    Aan een raadslid dat lid is van een onderzoekscommissie als bedoeld in artikel 155a, derde lid, van de Gemeentewet, wordt overeenkomstig artikel 3.1.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, voor de duur van de werkzaamheden van die commissie, ten laste van de gemeente een toelage toegekend. De toelage bedraagt 25% van de maandelijkse vergoeding, bedoeld in artikel 3.1.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, per maand.

  • 2.

    Een raadslid dat lid is van een bijzondere commissie als bedoeld in artikel 3.1.4, eerste lid van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers wordt voor de duur van de activiteiten van de commissie een toelage toegekend per maand ter hoogte van 100% van de maximale vergoeding als bedoeld in art. 3.1.4, eerste lid.

  • 3.

    Raadsleden die roulerend voorzitter zijn in één commissie als bedoeld in artikel 3.1.4a, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, ontvangen ieder een toelage per vergadering die zij voorzitten van 100% van het bedrag genoemd in artikel 3.1.4, eerste lid, per persoon.

Artikel 2. Verhoging vergoeding commissieleden (niet-raadsleden) voor het bijwonen van commissievergaderingen i.v.m. zwaarte taak

Een commissielid ontvangt, naast de reguliere vergoeding als bedoeld in artikel 3.4.1, eerste lid, van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, een aanvullende vergoeding van 100% van die vergoeding indien het commissielid extra taken verricht ter voorbereiding van een commissievergadering.

Artikel 3. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden

  • 1.

    Raads- en commissieleden declareren reis- en verblijfskosten via het door de gemeente beschikbaar gestelde declaratieformulier.

  • 2.

    Boetes en naheffingsaanslagen voor parkeren worden niet vergoed.

  • 3.

    Als een raads- of commissielid een tijdelijke functionele beperking heeft, kan voor reizen als bedoeld in het eerste lid, een voor de beperking geschikte vervoersvoorziening worden vergoed of ter beschikking gesteld.

Artikel 4. Nadere regels niet-partijpolitiek georiënteerde scholing raads- en commissieleden

  • 1.

    Een raads- of commissielid dat wil deelnemen aan niet-partijpolitiek georiënteerde scholing in verband met de vervulling van zijn functie als bedoeld in artikel 3.3.3 van het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers, dient daartoe vooraf een gemotiveerde aanvraag in bij de griffier.

  • 2.

    Deze aanvraag gaat vergezeld van stukken met inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.

  • 3.

    De maximale vergoeding van de scholing bedraagt € 750 per jaar per raads- of commissielid.

  • 4.

    De raad beslist op de aanvraag op basis van de overlegde stukken.

Artikel 5. Informatie- en communicatievoorzieningen raads- en commissieleden

  • 1.

    Een raads- of commissielid tekent een bruikleenovereenkomst wanneer hem ten laste van de gemeente voor de duur van de uitoefening van zijn functie informatie- en communicatievoorzieningen ter beschikking worden gesteld bedoeld in artikel 3.3.2 Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst ter beschikking.

  • 2.

    Een raads- of commissielid levert na beëindiging van zijn functie de ter beschikking gestelde informatie- en communicatievoorzieningen in bij de gemeente.

  • 3.

    Overname van de informatie- en communicatievoorzieningen is mogelijk na schoning en tegen vergoeding van de resterende waarde van de voorzieningen in het economisch verkeer.

Artikel 6. Betaling vaste vergoedingen

Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van de vergoeding van commissieleden, bedoeld in artikel 3.4.1 het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers jaarlijks aan het eind van een kalenderjaar plaats met inachtneming van een vergoeding per bijgewoonde vergadering.

Artikel 7. Betaling en declaratie van onkosten

  • 1.

    Tenzij het Rechtspositiebesluit decentrale politieke ambtsdragers of de Regeling rechtspositie decentrale politieke ambtsdragers anders bepalen, vindt de betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen plaats door:

    • a.

      betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreeks aan de gemeente toegezonden factuur of

    • b.

      betaling vooruit uit eigen middelen.

  • 2.

    Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.

  • 3.

    Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden binnen twee maanden na factuurdatum of betaling door raads- of commissieleden ingediend bij de griffier.

  • 4.

    Voor zover van toepassing draagt de gemeente er zorg voor dat de betaling aan raads- of commissieleden binnen 6 weken na het indienen van de aanvraag wordt overgemaakt.

Artikel 8. Intrekking oude verordening

De Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Boekel 2022 wordt ingetrokken.

Artikel 9. Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na publicatie.

Artikel 10. Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening rechtspositie raads- en commissieleden gemeente Boekel 2026.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Boekel, gehouden op 12 februari 2026.

De griffier,

L.M.C. Verheijen-Janssen

de voorzitter,

C.J.M. van den Elsen

Naar boven