Gemeenteblad van Waadhoeke
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Waadhoeke | Gemeenteblad 2026, 106525 | ander besluit van algemene strekking |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Waadhoeke | Gemeenteblad 2026, 106525 | ander besluit van algemene strekking |
We ha mar ien ierde en dy bestiet al san fjouwerhûnderdfyftich miljard jier. Dat is net foar te stellen lang. As jo dy tiid foarstelle as in klok fan fjouwerentweintich oeren, dan komt de mins hjir op ierde pas yn de lêste heale minuut. Dêr moatte jo wol efkes oer neitinke…sa koart?
Wy as minsken ha yn it koarte skofke dat we hjir omslaan wol in hiele grutte ympakt op hoe as it giet mei dy ierde. Benammen sûnt we útfûn ha dat we masjines wurk dwaan litte kinne troch it ferbaarnen fan yn de ierde opsleine brânstoffen, giet it hurd. It besef dat dat in kearside hat dy’t ússels yn de sturt byt is by in protte minsken sa stadichoan wol tusken de earen kommen. Dat we dêr sels eltse dei noch oan bijdrage fine we faaks dreger te begripen. It is makliker foar te stellen dat oaren feroarsaker binne en dy der dus ek mar wat oan dwaan moatte. Lit in pear bielden sjen fan in fier lân wêr as it net goed giet en jo ha fuort effekt.
Yn Waadhoeke dogge we dat net. Fanôf de start fan ús gemeente ha we boud oan it better omgean mei ús stikje ierde. Wy ha ferantwurdlikhyd nommen en dêr ek ambysje yn toant. We diene dat troch in duorsemensaginda op te stellen, mei langetermyn doelen en konkrete saken. De Rie hat dy fêststeld. Dat hat prima risseltaten oplevere. Tink oan ekologysk bermbehear, gjin gif mear brûke, alle meiwurkers meinimme yn de tinkwize, duorsem ynkeapje, sirkulair wurkje, eigen catering biologysk, wurkje mei de SDG’s en noch folle mear. En net te ferjitten we binne op wei om yn 2040 ús eigen skjinne enerzjy op te wekken en de finansjele ynkomsten dêrfan sels besteegje te kinnen. It effekt dêrfan is dat om ús hinne minsken, bedriuwen, organisaasjes ek yn beweging komme, in ûntwikkeling dy’t net mear stoppet. It kin wat fertraagt wurde omt noch net elts safier is, mar de beweging kin út en sil trochgean.
De duorsemensaginda wurket dus hiel goed. Ik bin der dan ek grutsk op dat we no mei in team fan san tsien minsken wurkje meie oan ús stikje bettere wrâld. Dizze ûntwikkeling en groei is ek te tankjen oan de Rie dy ‘t as folksfertsjintwurdigers foar duorsumens keazen hawwe. Fansels binne we der noch net en giet it net allegear fansels, mar we bouwe troch mei ambysje en ferantwurdlikens. Dêrom doarre we jim hjirby ús nije aginda foar de kommende jierren te presentearjen. Op nei in tiid wêryn as ‘oars’ it nije normaal wurdt. Goed foar de minsken en alle libben op ierde. Dy ierde rêdt it ek wol sûnder ús, mar we dogge der alles oan om it net safier komme te litten.
Gemeente Waadhoeke bevindt zich midden in een wereldwijde verandering naar een duurzame samenleving. Een samenleving waarin wij zo voor de aarde gaan zorgen dat zij ook voor ons kan blijven zorgen. Voor de één kan dat niet snel genoeg gaan. Voor de ander is het vooral de vraag wie dat gaat betalen. Ook rijst de vraag wat het effect is van onze inspanningen. Waadhoeke is immers maar een stipje op de wereldkaart.
Waadhoeke vindt dat deze verandering ook onze verantwoordelijkheid is. Dat geldt voor ons, voor inwoners en bedrijven. Wij stimuleren en faciliteren deze veranderingen en zorgen voor een structureel en eenduidig beleid waar inwoners en bedrijven op kunnen bouwen. Dan is Waadhoeke met haar circa 47.000 inwoners en 41 kernen wél een speler van formaat. Daarom is het belangrijk dat ook wij in actie komen.
Sinds 2020 werken wij aan onze duurzaamheids-agenda 2020-2024 en aan het biodiversiteits-actieplan. Wat is er onder andere gedaan?
De huidige duurzaamheidsagenda loopt af in 2024. Ook is de wereld de afgelopen vier jaren veranderd. De effecten van klimaatverandering worden zichtbaarder, de oorlog in Oekraïne heeft grote impact en de EU en Rijksdoelstellingen voor het terugdringen van CO2 zijn aangescherpt. Tijd om opnieuw te bepalen wat wij de komende vier jaar willen bereiken en wat we daarvoor gaan doen.
We bouwen voort op de basis die is gelegd en maken een vertaalslag naar nu. In onze duurzaamheidsagenda 2020-2024 hadden we aandacht voor de drie thema’s Enerzjy, Grien en Ôffal. Ook beschreven wij wat we Sels Oars wilden doen. Nog steeds actuele thema’s die wereldwijd de aandacht krijgen. In deze geactualiseerde agenda gaan we hiermee verder op een manier die aansluit op de nieuwe ontwikkelingen. Zo wordt er eigenlijk niet meer gesproken over afval, maar over grondstoffen. We werken toe naar een circulaire economie waar al het ‘afval’ een grondstof is om her te gebruiken. Ook hebben we het niet langer over groen, maar over de natuur. Een veelomvattend begrip dat meer recht doet aan waar het over gaat. Zonder een gezonde natuur kunnen wij niet voortbestaan. Daarbij is het biodiversiteitsactieplan (BAP) nu geïntegreerd in deze duurzaamheidsagenda. In deze agenda hebben we de drie thema’s vertaald in Oars mei Enerzjy omgean, Oars mei Natuer omgean en Oars mei Grûnstoffen omgean. Hoe we het zelf anders gaan doen beschrijven we nu in een eigen hoofdstuk Sels Oars. We willen de komende jaren bereiken dat duurzaam handelen niet meer ‘oars’ is, maar gewoon normaal wordt.
In onze duurzaamheidsagenda zetten wij visie en doelstellingen om in concrete projecten. De duurzaamheidsagenda bestaat uit:
een visie die wordt vertaald in programma’s met concrete doelen met daarbinnen programmalijnen met subdoelen de doelen en subdoelen worden vertaald naar projecten (bestaand of nieuw).
Deze tekening is de verbeelding van de duurzaamheidsagenda. Het laat zien waar we de komende vier jaar aandacht aan besteden op weg naar een duurzame gemeente in 2040.
2.1 Op naar een duurzame gemeente
Gemeente Waadhoeke is ambitieus en neemt verantwoordelijkheid. We willen in 2040 een energie-neutrale gemeente zijn. We dringen de fossiele energievoorziening zoveel mogelijk terug en we gebruiken in 2040 niet meer energie dan we duurzaam opwekken. Daarnaast willen wij een voorbeeld zijn in duurzaam handelen. Wij hebben als lokale overheid een belangrijke voorbeeldrol in deze transitie waar al onze inwoners en ondernemers mee te maken hebben. Duurzaamheid moet overal zijn! Zichtbaar, tastbaar en dichtbij. We willen dat iedereen een bijdrage kan en wil leveren. Bewustwording is cruciaal bij de uitvoering van deze visie. We kunnen het als gemeente niet alleen. We hebben belangrijke partijen, zoals het MKB, dorpsbelangen, inwoners, woningbouwcorporaties, industrie en landbouw nodig.
Als gemeente stimuleren en faciliteren we waar mogelijk. Samen kunnen we de grootste stappen zetten. Onze visie en de duurzaamheidsagenda zetten een stip op de horizon. We hebben doelstellingen voor de middellange termijn en concrete projecten om mee te starten. Nieuwe ontwikkelingen kunnen invloed hebben op de plannen.
De mens heeft een gezonde biodiverse aarde nodig om te kunnen bestaan. Een gezonde bodem is nodig om ons voedsel te verbouwen, we kunnen niet zonder schoon drinkwater en we hebben grondstoffen nodig voor kleding en onderdak. Op dit moment zorgt onze manier van leven voor een te grote druk op het systeem aarde en ontstaat er schaarste en vervuiling. Daarmee brengen we het voortbestaan van onszelf en de generaties na ons in gevaar. We willen daarom op zo’n manier voor de aarde gaan zorgen dat zij ook voor ons kan blijven zorgen. Het hoogste doel van de transitie waar wij ons in bevinden is dan ook om, samen met zo veel mogelijk andere soorten, op een veilige, gezonde en rechtvaardige manier op deze aarde te kunnen (blijven) leven.
We worden wereldwijd geconfronteerd met grote duurzaamheidsproblemen. Door de opwarming van de aarde hebben we wereldwijd te maken met een veranderend klimaat. De zeespiegel stijgt, er zijn lange perioden van extreme hitte en droogte of er is juist sprake van te veel regen. De invloed op de natuur is aanzienlijk met een verlies aan biodiversiteit tot gevolg. Het water en de bodem, de basis van ons bestaan, raken steeds meer vervuild en uitgeput. Grondstoffen raken op en de afvalbergen worden steeds hoger. Veel mensen op de wereld worden beperkt in hun basisbehoeften. Zij hebben geen toegang tot schoon drinkwater, eten, gezondheidszorg of onderwijs. Al deze problemen maken de aarde steeds minder leefbaar voor de mens en voor dieren en planten.
Om te weten wat we oars moeten doen, moeten we weten waar het precies mis gaat. En wanneer handel je eigenlijk duurzaam? Wanneer ben je nu in de praktijk wel en niet duurzaam bezig? Een groep wetenschappers is daarom op initiatief van de Zweedse kankerwetenschapper en kinderoncoloog Karl-Henrik Robèrt op zoek gegaan naar deze ontbrekende kaders. Daarvoor hebben ze geanalyseerd welke mechanismen het leven op aarde mogelijk maken en op welke manieren die mechanismen worden aangetast. In hun denkoefening zijn de wetenschappers uitgekomen op vier basale manieren waarop we de toekomst voor de generaties na ons in gevaar brengen. Dit zijn de kernoorzaken van onduurzaamheid, waar we dus mee moeten stoppen om duurzaam te worden. Bron: www.rsdo.nl
Vanuit deze wetenschappelijke consensus over wat wel en niet duurzaam is, is een raamwerk voor duurzaamheid opgebouwd dat wetenschappelijk robuust, eenvoudig te begrijpen en praktisch toepasbaar is. Dit raamwerk is in de wetenschap bekend als het Framework for Strategic Sustainable Development (FSSD), in het Nederlands dus Raamwerk voor Strategische Duurzame Ontwikkeling (RSDO). Bron: www.rsdo.nl. In het raamwerk staan de vier basale manieren beschreven waarop wij de aarde schade toebrengen. Ook wel de 4 kernoorzaken van ‘onduurzaamheid’ genoemd. Er zijn 3 ecologische kernoorzaken te benoemen en 1 sociale kernoorzaak.
Afbeelding 2.1 - Eu- en Rijksdoelstellingen
En als we weten wat er misgaat en wat we dus eigenlijk niet moeten doen, dan weten we ook wat we wél moeten doen: De onderstaande vier uitgangspunten geven een duidelijk kader voor duurzaam handelen. Een kader waar we ons handelen aan kunnen toetsen. Het helpt ons bewust te zijn van de effecten van de keuzes die we maken.
We willen een bijdrage leveren aan het stoppen en terugdringen van klimaatverandering, aan meer biodiversiteit en minder vervuiling. Dit sluit aan bij de wereldwijd gemaakte afspraken die zijn vastgelegd in het Klimaatakkoord van Parijs en de Sustainable Development Goals (17 SDG’s) van de Verenigde Naties. Op de VN-top in 2022 heeft de EU-toezeggingen gedaan om de vereiste veranderingen door te voeren om de wereldwijde risis van klimaatverandering het hoofd te bieden. In afbeelding 2.1 staan de actuele doelstellingen vanuit de Europese Unie en het Rijk weergegeven.
Aanvullend op de Europese en Landelijke doelstellingen geeft gemeente Waadhoeke met deze duurzaamheidsagenda invulling aan onze eigen gemeentelijke ambitie: ’Als gemeente een voorbeeld zijn voor duurzaam handelen waarbij we streven naar een energie-neutrale gemeente in 2040’.
2.5 Hoe gaan we onze doelen bereiken?
De opgaven zijn groot en complex. Dat betekent dat we niet alles in een keer goed zullen doen. We bieden ruimte om te proberen en te leren: stap voor stap. We stimuleren innovatie en duurzame ontwikkelingen. We blijven in gesprek met anderen om de krachten te kunnen bundelen, want we hebben elkaar nodig om deze veranderingen tot een succes te maken. De vier principes van het RSDO helpen ons daarbij. Ze nodigen uit tot een gesprek en geven een kader waar wij onze keuzes aan kunnen toetsen.
Gemeente Waadhoeke beschrijft in deze duurzaamheidsagenda per thema haar aanpak. De drie wereldwijde thema’s klimaatverandering, biodiversiteitsverlies en vervuiling komen terug in onze programmalijnen Oars mei enerzjy omgean, Oars mei Natuer omgean en Oars mei Grûnstoffen omgean. Aan elk thema zijn concrete projecten verbonden. In de programmalijn Sels Oars beschrijven we hoe wij het goede voorbeeld willen geven. Zo verbinden we onze visie met de uitvoering. We zoeken daarbij naar een goede balans zodat verduurzaming ook leidt tot een versterking van ons landschap of sociaal-maatschappelijke situatie. Wij sluiten daarmee aan op de in voorbereiding zijnde omgevingsvisie waarin duidelijke kaders worden vastgelegd over hoe we met onze fysieke leefomgeving om willen gaan.
Daarnaast zijn wij aangesloten bij de gemeenten4GlobalGoals, een campagne van de Vereniging Nederlandse Gemeenten (VNG). Dit betekent dat wij de 17 Sustainable Development Goals (SDG’s) van de Verenigde Naties onderschrijven en aandacht geven. Deze duurzame ontwikkelingsdoelen vormen voor de periode tot 2030 dé wereldwijde duurzaamheidsagenda. Ook Nederland heeft deze ambitieuze agenda onderschreven. De inzet van gemeenten is onmisbaar omdat veel doelen raakvlakken hebben met opgaven van lokale overheden. In deze duurzaamheidsagenda koppelen wij onze eigen duurzame doelen aan een of meerdere SDG’s. Daarmee maken wij de verbinding zichtbaar tussen Waadhoeke en de wereldwijde duurzame opgaven.
De 17 SDG’s komen ook terug in de Brede Welvaart. Brede welvaart is een afwegingskader tussen deze ecologische, sociale en economische belangen en helpt om beter gebalanceerde, integrale keuzes te maken. Het centraal bureau van statistiek (CBS) monitort de brede welvaart jaarlijks op verschillende niveaus (landelijk, provinciaal en gemeentelijk). Planbureau Fryslân monitort het op Friese schaal met voor alle regio’s een jaarlijkse deelanalyse. Waadhoeke heeft de thema’s uit de brede welvaart gebruikt als onderlegger voor het coalitieakkoord 2022-2026. Ook vanuit het Ontwikkelperspectief van Waadhoeke is er aandacht voor het onderwerp Brede Welvaart en wordt dit als randvoorwaardelijk in het programma meegenomen. Daarmee dragen we met ons Ontwikkelperspectief indirect bij aan het behalen van de klimaatdoelstellingen en is er een verbinding met de duurzaamheidsagenda.
Afbeelding 2.3 - De drie grote systemen die aan de brede welvaart ten grondslag liggen, zijn hiërarchisch geordend: zonder biosfeer geen leven, zonder samenleving geen economie.
De voortgang van alle projecten wordt zichtbaar gemaakt in de structurele Planning en Control cyclus van de gemeente. Twee keer per jaar beschrijven we in de BERAP (bestuursrapportage) of we nog in de pas lopen of dat er afwijkingen zijn. De eerste BERAP is na 4 maanden. De raad stelt deze begin juli vast. De tweede is na 8 maanden en wordt begin november vastgesteld.
Als er aanpassingen of aanvullingen nodig zijn, dan kan daarvoor gebruikt gemaakt worden van de kadernota en begrotingscyclus. Of er wordt een apart voorstel aan de gemeenteraad gedaan. De keuze hangt af van de aard van de wijziging: incidenteel, structureel en/of aanvullend budget. In 2028 vindt er opnieuw een actualisatie van de duurzaamheidsagenda plaats.
2.7 Communicatie en participatie
De duurzaamheidsagenda laat zien waar we de komende vier jaar naar toe werken. Om de doelen te halen is het belangrijk dat Waadhoeke een actieplan heeft waar medewerkers van op de hoogte zijn en waarin aandacht is voor onze bijdrage als organisatie. Voor het behalen van de duurzaamheidsdoelen hebben we de inzet nodig van alle inwoners. Daarvoor is het nodig dat zij kennis kunnen nemen van de activiteiten die voortkomen uit deze duurzaamheidsagenda, zodat zij zelf kunnen bepalen waar dit aansluit bij hun eigen leven en mogelijkheden. Onze informatie en activiteiten moeten er ook op gericht zijn mensen uit te nodigen zelf met ideeën te komen en deze te ondersteunen. Zoals al eerder geschreven: we kunnen het niet alleen.
De communicatie inzet bestaat uit een overzicht met alle activiteiten waar, op basis van de vier programmalijnen (enerzjy, natuer, grûnstoffen en sels oars), de komende vier jaar aandacht aan wordt besteed. De communicatieadviseur levert op basis hiervan per lijn een communicatieplan waarin de verschillende activiteiten een plek krijgen. In het plan wordt aangegeven:
Stimuleer bewustwording, betrek de jeugd erbij, geef voorlichting, zorg voor kennis en ga in gesprek. Dat was een van de centrale boodschappen van de aanwezigen op de participatieavond in juni. In de duurzaamheidsagenda staan hier al enkele projecten voor beschreven zoals natuur- en milieueducatie en het inrichten van pluktuinen dichtbij scholen. Vanuit de programmalijn enerzjy willen we de educatie uitbreiden met duurzaamheidseducatie. Door aandacht te besteden aan en/of mee te doen aan landelijke- en regionale campagnes die aansluiten bij onze projecten willen we het thema duurzaamheid breder onder de aandacht brengen. Daarnaast zijn we over verschillende onderwerpen met betrokken partijen in gesprek.
In alle gevallen wordt in het communicatieplan de verbinding gelegd met de visie, de kernwaarden, de afdelingsverhalen, de organisatie-brede afspraken en het coalitieakkoord. Kernwoorden daarbij zijn: Fijn wonen, duurzaamheid, meedoen, mooi landschap, de gemeente wil helpen, nabij besturen, online als het kan, dichtbij en persoonlijk, we moeten het samen doen, vele kleine stappen samen maken een grote.
Waadhoeke werkt binnen de provincie Fryslân samen om de doelen uit het Klimaatakkoord te halen. De Regionale Energiestrategie (RES) is het instrument om hier vorm aan te geven. Om in 2030 landelijk 55% CO2 te besparen ten opzichte van 1990 en in 2050 helemaal fossielvrij te zijn, zijn er grote veranderingen nodig. Lukt het de gemeente om in 2040 energieneutraal te zijn, dan dragen wij in grote mate bij aan de landelijke doelstellingen. Er is al wel een duidelijke neerwaartse trend te herkennen in de CO2-uitstoot, maar het doel is nog niet bereikt. Tussen 2017 en 2022 is er in Waadhoeke al 92 kiloton CO2 bespaard.
Tabel 3.2 laat een overzicht zien van de belangrijkste wet- en regelgeving waar wij binnen de programmalijn ‘Oars mei enerzjy omgean’ mee te maken hebben of gaan krijgen.
Daarnaast dragen we als SDG-gemeente binnen deze programmalijn ook bij aan drie van de zeventien globale doelstellingen. In bijlage 2 is een volledig overzicht van alle SDG’s te vinden.
Waadhoeke verwijst in hoofdstuk 2 (paragraaf 2.3) naar de vier duurzaamheidsprincipes. Één van die principes is dat we niet sneller grondstoffen uit de aardkorst in het milieu brengen dan de natuur kan verwerken. We sluiten hierbij aan door het doel te stellen om energieneutraal te worden. De energie die we in 2040 nog gebruiken, moet duurzaam opgewekt worden.
Afbeelding 3.2: Overzicht wet- en regelgeving Europa-Nederland-Fryslân-Waadhoeke gericht op energie en warmte.
Naar aanleiding van de participatieavond op 3 juni 2024 kwam naar voren dat de jeugd meer betrokken moet worden bij de energie- en warmtetransitie. Vanuit Waadhoeke wordt er momenteel actief ingezet op Natuur- en Milieueducatie (NME). Met onze samenwerkingspartners zijn we in gesprek om vanaf 2025 NME om te zetten in Natuur- en Duurzaamheidseducatie (NDE). Het pakket zal hierdoor uitgebreid worden met onderwerpen als de energietransitie, klimaatadaptatie en andere duurzaamheidsthema’s. Daarnaast werd tijdens het kernteamoverleg van 24 september 2024 de vraag gesteld om de mogelijkheden te onderzoeken van een faciliteit waar aanschouwelijk onderwijs kan worden gegeven. Dit ten behoeve van zowel basisonderwijs als voortgezet onderwijs. In deze faciliteit zou een overzicht kunnen komen van energiebesparende en energieopwekkende maatregelen, zodat er kennis van installaties en techniek kan worden opgedaan. Deze vraag gaan we breed uitzetten en we zullen met een voorstel naar de raad komen.
Naast een educatiecentrum, is tijdens het kern-teamoverleg aangegeven dat onderwijs op locatie moet worden gegeven. Op dit moment gebeurt dit al wel voor educatie omtrent afval en natuur.
De vervolgstap is besparen en isoleren
Energieneutraal worden en CO2 besparen, begint met minder energie gebruiken. Wat je niet verbruikt, hoef je ook niet op te wekken. In 2030 moet Nederland 55% minder CO2 uitstoten vergeleken met 1990. Waadhoeke heeft als doel gesteld om in 2040 zelfs energieneutraal te zijn. Wanneer de gemeente deze doelstelling waarmaakt, is het realistisch te stellen dat we in grote mate bijdragen aan de landelijke doelstelling. We zetten dan ook fors in op besparen. Het isoleren van woningen is een essentiële stap in het energieneutraal worden.Niet alleen om energie te besparen, maar ook als stap richting een duurzame warmtebron. In het projectenoverzicht zijn de projecten gericht op besparen en isoleren terug te vinden.
Alle energie die we nu en in de toekomst gebruiken, moet duurzaam worden opgewekt. Ook de warmtevraag voor inwoners én bedrijven moet van een duurzame en schone bron komen. De Regionale Energie Strategie (RES) richt zich op de duurzame opwek van energie en de (toekomstige) warmtevraag om de doelen van het landelijke Klimaatakkoord te halen. De Friese Energietafel (FET) is het samenwerkingsverband van de provincie, Wetterskip, de Friese gemeenten en de Friese Energie Alliantie (FEA) om de RES tot uitvoering te brengen. Wind op zee, energietransitie in sectoren als de landbouw, MKB/industrie en mobiliteit tellen niet mee in de RES. Waadhoeke is gestart met het gebiedsontwikkelingsproces Klimaatlandschap om hieraan invulling te geven.
Naar aanleiding van het Klimaatakkoord én omdat het huidige energiesysteem tegen zijn grenzen aanloopt, is besloten om binnen het samenwerkingsverband van de Friese Energietafel (FET) te starten met de aanpak van de energie-infrastructuur. De provincie Fryslân, de Friese gemeenten, It Wetterskip, de Friese Energiealliantie (FEA) en de netbeheerders werken samen aan de ontwikkeling van een Friese Energievisie.
De investeringen in het energienetwerk om de ontwikkelingen van bedrijven, woningbouw, mobiliteit en de plannen van energieproductie, - opslag en energie-infrastructuur mogelijk te maken, moeten beter op elkaar afgestemd worden qua plaats, planning, etc. Dit is noodzakelijk om de huidige en de verwachte toename van de netcongestie aan te pakken. Het vastlopen van het energiesysteem heeft schadelijke gevolgen voor de energietransitie, de economie en de samenleving.
Efficiënte energieopslagsystemen spelen steeds meer een rol in de energietransitie. Opslag van energie kan dan ook in vele vormen. In het kernteam kwam met name de opslag van elektriciteit in batterijen aan bod. Batterijopslag is erg in ontwikkeling. Voor thuisgebruik, maar ook bijv. naast de opwek van grootschalige opwek of bij bedrijven. Batterijopslag kan een positief effect hebben op de netcongestie, maar kan er ook aan bijdragen. Voor de gemeente geldt dat we goed moeten afwegen waar en hoe we dit stimuleren. Overmatig batterijgebruik heeft nadelen, maar mits goed toegepast kan het zeker bijdragen aan een evenwichtiger energiesysteem. De Friese Energie Tafel (FET) doet onderzoek naar de mogelijkheden van energieopslag en een batterijbeleid, dit onderzoek loopt op dit moment nog. Het onderzoek richt zich op een aantal sporen, namelijk het opslaan van energie thuis, opslag in de buurt of een grootschalige energieopslag.
In de duurzaamheidsagenda 2020/2024 is gekozen voor vier programmalijnen: besparing, opwek, warmtetransitie en duurzame mobiliteit. We pakken het nu anders aan. De lijn ‘duurzame mobiliteit’ komt te vervallen want deze past beter in de mobiliteitsvisie.
‘Besparen’ en ‘Isoleren’ komen in een nieuwe programmalijn. In de praktijk sluiten beide thema’s goed op elkaar aan. We voegen daar nog een nieuw onderwerp aan toe: ‘Aardgasvrij worden’. Deze drie onderwerpen komen terug onder de nieuwe programmalijn ‘Waarmte’. Dat betekent dat we het programma ‘Oars mei enerzjy omgean’ nu op de volgende manier indelen: In plaats van vier programmalijnen gaan we terug naar twee programmalijnen: ‘Opwek’ en ‘Waarmte’.
Bij het opstellen van de Duurzaamheidsagenda 2020-2024 zijn de cijfers van 2017 gebruikt uit de Klimaatmonitor. In 2017 verbruikte Waadhoeke 5.899 TJ. Een deel hiervan (circa 11,5%) werd duurzaam opgewekt: 683 TJ. Bij het opstellen van de nieuwe Duurzaamheidsagenda 2025-2028 zijn de cijfers tot en met 2021 bekend. In 2021 verbruikte Waadhoeke 5.742 TJ. Hiervan werd er 772 TJ duurzaam opgewekt. Een percentage van 13,5%. Het energieverbruik is in de periode 2017-2021 met 2,7% gedaald en de duurzame opwek met 2% gestegen. Het effect van projecten uit de Duurzaamheidsagenda 2020-2024 kunnen we niet of nauwelijks meten omdat de Duurzaamheidsagenda pas in juli 2020 werd vastgesteld. Ook de effecten van de coronapandemie en de Oekraïne-oorlog zijn nog niet volledig zichtbaar. Deze effecten zijn pas over een aantal jaar zichtbaar. De cijfers vanuit de Klimaatmonitor lopen ongeveer 3 jaar achter.
Het einddoel is om alle energie die we gebruiken, duurzaam op te wekken en dus alleen hernieuwbare energie te verbruiken. Dit betekent niet dat het huidige verbruik volledig duurzaam dient te worden opgewekt. We werken immers ook aan besparing.
Doel duurzaam opwekken = huidig energieverbruik – besparing.
In grafiek 3.3 is een daling van hernieuwbare energie te zien vanaf 2020. Lichte pieken en dalen door de jaren heen zijn niet ongewoon. De verwachting is dat in de cijfers die nog niet bekend zijn (2022-2024) het percentage hernieuwbare energie weer is gestegen. Deze verwachting is o.a. gebaseerd op de groei van het aantal zonnepanelen in Waadhoeke. De lichte daling in 2020 is onder andere te verklaren door het uitstel van investeringen in hernieuwbare energie door de coronapandemie. Een blijvende (sterke) daling in opwek van hernieuwbare energie is niet wenselijk aangezien het zowel een gemeentelijk als landelijk doel is om de opwek en het gebruik van hernieuwbare energie te stimuleren. De verwachting is dat de daling niet doorzet maar weer is gestegen in de jaren na 2021.
Afbeelding 3.3 - Verdeling regionale gegevens hernieuwbare energie o.b.v. verdeelsleutel per gemeente. Bron: klimaatmonitor.databank.nl
In de Duurzaamheidsagenda 2020-2024 heeft de raad een aantal uitgangspunten en criteria vastgesteld voor de opwek van schone energie:
Op 28 maart 2024 heeft de raad ingestemd met de analyse van de onderzoeken en met het voorstel de volgende stap te zetten naar een gebiedsontwikkelingsproces. In dit ontwikkelingsproces kan Waadhoeke met mandaat van de raad in gesprek gaan met grondeigenaren, bedrijven, belanghebbenden, inwoners en energiecoöperaties om te bepalen wat eraan grootschalige opwek kan worden gerealiseerd. Er wordt gekeken naar welk aandeel in oppervlakte de energie-opwek nodig heeft en wat acceptabel is met het oog op de uitdagingen. Het klimaatlandschap is in deze zin een NOVEX (Nationale Omgevingsvisie Extra) in het klein. Hoe leggen we de ruimtelijke puzzel waarin we de uitdagingen waar de gemeente voor staat, terwijl we tegelijkertijd oog houden voor de kwaliteit van het landschap.
Waadhoeke heeft voor het Klimaatlandschap gekozen omdat het aansluit bij de visie van de netbeheerders op de infrastructuur om de energietransitie mogelijk te maken. Ook sluit het aan bij de Energievisie Fryslân van de FET, waarin alle Friese gemeenten, provincie, Wetterskip en maatschappelijke partijen beschrijven hoe Fryslân de energietransitie mogelijk kan maken en zo bijdragen aan het Klimaatakkoord.
Afbeelding 3.4: In de tijdslijn wordt het participatieproces van de afgelopen 2 jaar beschreven.
De afgelopen jaren was er binnen de kaders van de provincie en de gemeente vrijwel geen ruimte voor de ontwikkeling van grootschalige wind en zon. Binnen Waadhoeke zetten we, zoals hierboven is beschreven in op gecentreerde decentrale opwek in de vorm van het Klimaatlandschap. Naast deze vorm van decentrale opwek is er steeds meer vraag naar kleinschaligere opwek buiten het beoogde Klimaatlandschap in de vorm van bijv. dorpsmolens en zonneparken bij dorpen die ontwikkeld worden door lokale energiecoöperaties. De provincie heeft kortgeleden de regels rondom met name windenergie enigszins verruimd. Er was al ruimte om bijv. bestaande windmolens te vernieuwen binnen de gestelde kaders. In lijn met de Friese energievisie, gaat de gemeente, in samenwerking met onder andere lokale energie coöperaties, actief op zoek naar mogelijkheden van duurzame energie opwek, die buiten het klimaatlandschap vallen.
De ondernemers op onze huidige bedrijventerreinen zullen naast individuele maatregelen op bespaar- en isoleergebied ook voor een collectieve uitdaging komen te staan: het elektriciteitsnetwerk is overbelast en deze overbelasting zal een probleem gaan vormen voor de bedrijventerreinen. Om de continuïteit van de bedrijfsprocessen gaande te houden, zal er als collectief gekeken moeten worden naar kansen en mogelijkheden. Als gemeente onderzoeken we op welke manier wij op korte termijn hierop in kunnen spelen.
Samen met het SEAP en de provincie werken we aan een programma om op een aantal bedrijventerreinen voorlichtingen te geven en samenwerkingen op te zetten. We hopen hierdoor het belang van samenwerken tussen bedrijven onder het licht te zetten zodat we meer ruimte creëren op het bestaande net. Door bijv. congestiefixers in te zetten en op een bedrijventerrein te onderzoeken wat het energieprofiel is en daarbinnen oplossingen zoeken voor bedrijven die op slot zitten qua energieinfrastructuur.
Voor nieuw te vormen bedrijventerreinen zullen we kritisch moet kijken naar welke bedrijven zich daar kunnen vestigen. Door oog te hebben voor waterverbruik, elektriciteitsverbruik, circulariteit maar bijvoorbeeld ook voor biodiversiteit, zal er geselecteerd moeten worden welke bedrijven in aanmerking komen. Ook hier zal een onderlinge samenwerking vanzelfsprekend moeten zijn.
Afbeelding 3.5: Financiën programmalijn opwek. *klik op het nummer voor een uitgebreide beschrijving per project.
Het totale energieverbruik in 2021 van 5742 TJ bestaat voor een groot deel uit warmte, vooral aardgas, namelijk 3721 TJ. In de duurzaamheidsagenda 2020-2024 stond de overgang van aardgas naar duurzamere energie- en warmtebronnen centraal. Dit blijft ook gelden voor de komende vier jaar. Daarnaast willen we het gebruik van duurzamere technieken stimuleren.
Omdat er na 2022 nog geen cijfers vanuit de klimaatmonitor beschikbaar zijn, is de precieze daling niet inzichtelijk. Wel is er een daling te zien, vermoedelijk voor het grootste deel veroorzaakt door de coronacrisis en de gevolgen van de oorlog in Oekraïne.
In de duurzaamheidsagenda van 2020/2024 zijn de cijfers weergeven van het energieverbruik van afgelopen jaren. In 2017 verbruikte de gemeente Waadhoeke 5899 TJ. Dat was ongeveer 9% van het totale Friese verbruik. In de meest recente cijfers van de klimaatmonitor staat dat Waadhoeke in 2021 een totaalverbruik had van 5742 TJ.
De warmtetransitie in Waadhoeke richt zich vooral op woningen en bedrijfspanden. De grafiek van de klimaatmonitor hieronder geeft het totaalcijfer van aardgasverbruik in Waadhoeke in 2021 weer. Deze cijfers zijn verdeeld tussen gasverbruik door woningen en bedrijven.
30,9 miljoen m3, temperatuur gecorrigeerd 31,4
Totaal gasverbruik bedrijven en instellingen:
Afbeelding 3.6: Grafiek gasverbruik binnen de gemeente.
Afbeelding 3.7: Grafiek aardgasverbruik Bron: klimaatmonitor.databank.nl
Het eerste doel is om een besparing van 33,3% te realiseren in 2040 ten opzichte van de nulmeting (cijfers 2017). Dit doel sluit aan bij de gestelde gezamenlijke ambitie in de RES-Fryslân. Het betekent een jaarlijkse daling van het verbruik met 1,75%. De energie die we dan nog nodig hebben, zal duurzaam opgewekt moeten worden.
Aansluiten bij de bespaarambitie Friese Energie Tafel
In de FET is als ambitie gesteld om in 2030 een besparing van 22% te bereiken ten opzichte van 2016. Dit wordt bereikt met een besparing van ongeveer 1,75% per jaar, ten opzichte van het verbruik van het vorige jaar. De cijfers vanaf 2022 uit de klimaatmonitor zijn nog niet beschikbaar. Naar schatting heeft er wel een daling plaatsgevonden door de ontwikkelingen binnen de gasprijzen in Nederland. De daling startte al rond 2020. Toen zorgde de coronacrisis ervoor dat de vraag naar energie afnam. De oorlog in Oekraïne en de afname van Russisch gas speelden hier ook een grote rol in. De ambitie van 1,75% besparing die staat omschreven in de RES willen we vertalen naar Waadhoeke en het richtjaar 2040. In de duurzaamheidsagenda van 2020-2024 is het jaar 2017 als eerste nulmeting genomen. Hieruit blijkt dat er een besparing van ongeveer 33,33% zou zijn gerealiseerd in 2040 als we op huidige voet door zouden gaan. We hebben nog geen toegang tot de meest recente cijfers uit de Klimaatmonitor, maar schattingen geven aan dat de daling van het energieverbruik (met name het gasverbruik) veel groter was dan 1,75%. Volgens het CBS is het gasverbruik in 2022 t.o.v. 2021 met 25% gedaald.
Het tweede doel is om te voldoen aan de landelijke doelstelling om in 2050 aardgasvrij te zijn. De warmtetransitie omvat naast het besparen ook het overstappen van het verbruik van aardgas naar een volledig duurzame warmtebron.
De programmalijn Waarmte kunnen we opdelen in drie grote pijlers: besparen, isoleren en aardgasvrij maken. Waar de afgelopen jaren de pijler besparen de grootste rol had, zullen alle pijlers vanaf dit jaar even belangrijk zijn. In de volgende opsomming leggen we in grote lijnen uit wat dat betekent:
Aardgasvrij worden, wordt deels bereikt door besparing. De rol van de gemeente hierin is met name adviserend, informerend en sturend op gedragsverandering. Op dit moment zijn er meerdere projecten gericht op besparing. Te denken valt bijvoorbeeld aan de inzet van energiecoaches die actief bij inwoners van Waadhoeke langsgaan met besparingstips. Ook kunnen zij kleine maatregelen uitvoeren die de inwoner direct terugziet in de hoogte van de energierekening. Met gerichte, structurele, communicatie willen we de komende jaren gedragsverandering bevorderen. Alle bedrijven met een zakelijk pand staan voor dezelfde uitdaging als waar inwoners voor staan. Als Waadhoeke werken we aan een aanpak om deze ondernemers bij te staan. Hoe dat er concreet uit gaat zien, is nu nog onduidelijk maar zal op korte termijn vorm krijgen.
Voor de inwoners van Waadhoeke gaan we ook inzetten op het daadwerkelijk isoleren van woningen met een WOZ-waarde onder het gemeentelijk gemiddelde en een slecht energielabel (D, E, F, G). Voor verschillende doelgroepen zijn er subsidies en leningen beschikbaar om deze isolatiemaatregelen uit te voeren. Er is een provinciaal loket waar deze subsidie aangevraagd kan worden. Daarnaast is er ook een subsidie beschikbaar voor inwoners die een energieadvies willen uitvoeren voordat ze met de maatregelen starten. Bij het isoleren van woningen moet rekening worden gehouden met de natuurwetgeving onder de Omgevingswet. Deze wet verbiedt onder andere het vernietigen, doden en verwonden van beschermde dieren- en plantensoorten en het wegnemen van hun verblijfplaatsen. Het gaat hier om soorten als de huismus, gierzwaluw en verschillende vleermuissoorten. Deze dieren broeden vaak onder dakpannen of verblijven in de spouw van een woning. Door dakisolatie van buitenaf en spouwmuurisolatie gaan verblijfplaatsen verloren en is er een risico dat vleermuizen sterven in de spouw. Er is voor gekozen dat inwoners die subsidie aanvragen voor spouwmuurisolatie dit door een bedrijf moet laten uitvoeren die gecertificeerd is voor natuurvriendelijk isoleren.
Om huizen daadwerkelijk aardgasvrij te maken, zijn diverse maatregelen nodig. Denk daarbij aan de aanschaf van zonnepanelen en een warmtepomp. Hiervoor zijn diverse leningen en subsidies beschikbaar. In de komende jaren wordt ook onderzocht of er voor bepaalde wijken of dorpen collectieve oplossingen zijn. Hoe we dit gaan doen zal worden beschreven in de nieuwe Transitie Visie Warmte.
Inzet gemeentelijke energiecoaches en provinciale regio-energiecoördinator
Daarnaast onderzoeken we de mogelijkheden om de energiecoaches breder in te zetten. Dat is vooral bedoeld voor de doelgroep met woningen die onder de gemiddelde WOZ-waarde liggen en een energielabel D, E, F of G hebben. Voor de lokale initiatieven die ontstaan door bijvoorbeeld dorpsbelangen, lokale energiecoöperaties of een aantal bewoners van een straat, is er in 2024 een provinciale regio-energiecoördinator beschikbaar voor Waadhoeke. Deze coördinator werkt nauw samen met de energiecoaches en helpt bij het tot stand komen van projecten.
De rol van Waadhoeke ligt bij deze pijler niet alleen meer bij het informeren. Er heeft een ontwikkeling plaatsgevonden waardoor wij nu meer een aanjagende en financieel faciliterende rol krijgen. Ook streven we als Waadhoeke naar een regierol binnen de warmtetransitie. Het is belangrijk om overzicht te vergaren: welke instanties, (energie-)coöperaties en organisaties hebben invloed op de warmtetransitie? Met wie en op welk gebied is samenwerking wenselijk en mogelijk? Met dit overzicht streven we naar een efficiënte werkmethode waarmee dubbelingen in werkzaamheden en financiën worden voorkomen. Daarnaast geeft het ons inzicht in de vorderingen binnen de warmtetransitie. Dit inzicht helpt ons om bij te sturen indien nodig. Deze nieuwe rollen zijn groeiende en hebben nog veel ontwikkeling nodig, waarbij uitvoering een belangrijk onderdeel is. De komende jaren zullen we gebruiken voor deze ontwikkeling.
Transitievisie Warmte en Wijkuitvoeringsplannen
In 2021 is door Waadhoeke een Transitievisie Warmte (TVW) opgesteld en deze is in december 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. In deze visie staat beschreven welke manieren er zijn om de gebouwde omgeving in onze gemeente op een duurzame wijze te kunnen verwarmen. Dit is tot op buurtniveau inzichtelijk gemaakt. Voor onze gemeente geldt dat voor de meeste buurten een individuele warmtevoorziening de voorkeur heeft boven een collectieve voorziening. Eind 2026 zal door veranderende wet- en regelgeving en de vele technologische ontwikkelingen deze TVW herijkt moeten zijn.
Na de herijking in 2026 zal ook gestart worden met Wijkuitvoeringsplannen (WUP). In een WUP staat per wijk beschreven hoe invulling wordt gegeven aan de uitvoering van de TVW. Als gemeente zijn we verplicht om een WUP op te stellen voor wijken die voor 2030 van het aardgas af gaan.
In de meerjarige prestatieafspraken met de woningbouwcorporaties en huurdersvereniging zal de komende jaren veel meer aandacht komen voor duurzaamheid. De corporaties zijn een belangrijke speler omdat ze zo’n 30% van de woningen in eigendom hebben. Gemeente en corporaties zullen intensiever samenwerken om de gestelde doelen te behalen.
Ook ons eigen vastgoed moet verduurzamen. De werkwijze van deze maatregelen zijn terug te lezen in hoofdstuk 6.2: Sels oars.
Afbeelding 3.8 is een overzicht van de lopende en nieuwe projecten die onder de programmalijn waarmte vallen.
Financiën programmalijn Waarmte
|
Aanpak Energieongelijkheid (witgoedwissel, energiebesparende maatregelen en cv-tuning. Koffer van energiecoaches) |
||||||||||
|
Pilot inleverpunt gebruikte zonnepanelen t.b.v. minima (energieongelijkheid) |
||||||||||
Afbeelding 3.8: Grafiek financiën projecten programmalijn Waarmte. *Klik op het nummer voor een uitgebreide beschrijving per project.
4. Programma oars mei natuer omgean
In dit programma beschrijven we de lokale aanpak voor de wereldwijde crisis van biodiversiteitsverlies. In de EU- en Rijksdoelstellingen is afgesproken dat in 2030 zeker 30 procent van al het land en water op aarde beschermd gebied moet zijn. Nu heeft slechts 16 procent van het land en de binnenwateren en iets meer dan 8 procent van de zeeën en oceanen een officiële beschermde status. Binnen Waadhoeke willen we op lokale schaal bijdragen aan het behalen van deze doelstellingen. Dat doen we door de ecologische waarden die we hebben zo veel mogelijk te behouden en deze te herstellen en versterken waar het kan.
Wat betekent dit voor Waadhoeke?
Afbeelding 4.1 Gidssoorten en medebewoners Waadhoeke.
Met onze gemeentelijke doelstelling voor natuer dragen we als SDG-gemeente binnen deze programmalijn ook bij aan twee van de zeventien globale doelstellingen.
De begrippen biodiversiteit, natuur en groen worden vaak door elkaar gebruikt. In deze agenda is gekozen voor het begrip ‘natuer’. Vanwege het feit dat dit begrip alomvattend is. Met het begrip natuur hebben we het over alles op aarde wat niet door de mens is gemaakt: hieronder vallen de planten, dieren, bergen, water, schimmels, eencelligen enzovoorts. Daar vallen ook habitats, de interacties tussen soorten en ecosystemen onder.
Voor een gezonde leefomgeving en voedsel-zekerheid is het van belang om de natuur in stand te houden. Naast voedselvoorziening draagt dit bij aan de gezondheid van mensen, de veiligheid en de economie. Bovendien is een natuurlijke en biodiverse woon- en werkomgeving aantrekkelijk en plezierig om in te verblijven en te recreëren. Binnen de eigen gemeentelijke organisatie wordt het groen daarom steeds meer ecologisch beheerd en gaan we bewuster om met primaire grondstoffen. Daarmee wordt er niet alleen behouden wat er al is, maar zetten we ook in op meer diversiteit en het behoud van kostbare bodems en ecosystemen op de hele wereld. Biodiversiteitsverlies staat niet op zichzelf en is alleen positief te beïnvloeden als we werken volgens de SDG’s (zie bijlage 2) en bewuste keuzes maken voor alles wat we doen. Dan dragen wij bij aan het beperken van nog meer schade aan de aarde. Het is daarnaast belangrijk om de focus ook buiten beschermde natuur en natuurgebieden te verplaatsen.
Drie elementen bepalen hoe natuurlijk de omgeving is:
De ecologische verbindingen: de inrichting moet aansluiten bij het doel waarvoor deze in het leven is geroepen. Bijvoorbeeld: een verbinding voor een salamander bestaat uit faunapassages onder (drukke) wegen met onderweg voldoende vijvers en groen. Voor een vleermuis bestaat een verbinding uit bomenrijen tussen hun verblijf en plekken waar ze voedsel kunnen vinden.
De grootste spanning bestaat tussen natuer enerzijds en anderzijds de diverse (ruimtelijke) opgaven zoals wonen, mobiliteit, energietransitie en voedselproductie. Tegelijkertijd bieden ruimtelijke projecten ook kansen om gezamenlijk naar integrale oplossingen te zoeken voor complexe problemen. Dit speelt zich bijvoorbeeld ook ónder de grond af: zo heeft een volwassen boom 30 tot 70 m3 grond (ongeveer net zoveel als de boomkroon) nodig, maar die ruimte is er vaak niet in de brei van kabels en leidingen.
Waadhoeke herbergt geen Europees en wettelijke beschermde Natura2000 gebieden op het land. Daarnaast is het areaal natuur dat in beheer is bij terrein beherende organisaties (tbo’s) beperkt. Dit zijn organisaties zoals het Fryske Gea, Natuurmonumenten, landschapsbeheer etc. Een voorbeeld is de Slachtedyk die een groot deel van Waadhoeke doorkruist en wordt beheerd door het Fryske Gea. Een deel van het buitendijks gebied en de Waddenzee (Natura2000) is eigendom van gemeente Waadhoeke.
1 Paarse morgenster, bron: Emma Dijkgraaf
Verder bevinden zich weidevogel kansgebieden met name in het zuidelijke deel van Waadhoeke (bijvoorbeeld Greidhoeke) en buiten-NNN (Natuur Netwerk Nederland) -gebieden. Kansen voor het verbeteren en behouden van biodiversiteit en het creëren van verbindingen tussen gebieden liggen dan ook verspreid over de gemeente, op agrarische grond en gemeentegrond.
Binnen de gemeente zijn deze kansen inmiddels op verschillende manieren benadrukt, zoals in de Bodemvisie 2021, Beheerplan openbaar groen ‘Van natuur en mens 2023-2026’, Landschapsbiografie en de Inventarisatie waardevolle landschaps-elementen. Ook bevinden zich in Waadhoeke kansen voor het behoud en versterken van individuele soorten.
Afbeelding 4.3 Kaart ecologische waarden en elementen gemeente Waadhoeke.
Kaders en ontwikkelingen natuer
Er zijn landelijke ontwikkelingen waarbij beleid opgesteld wordt voor natuurinclusief bouwen, soortenbescherming binnen de energietransitie (onder andere de Landelijke aanpak natuurinclusief isoleren) en de landbouwtransitie op alle overheidsniveau’s. Waarbij in sommige gevallen al concrete handvatten en middelen geboden worden. De visie Natuerlik Fryslân 2050, Groenblauwe dooradering en Basiskwaliteit Natuur (BKN), bieden voor dit hoofdstuk de basis. Deze documenten geven een duidelijke richting aan de manier waarop moet worden voldaan aan een minimale eis van de gestelde klimaatdoelen en wet- en regelgeving.
Natuerlik Fryslân 2050 - laat zien hoe gebruik gemaakt kan worden van natuurlijke processen in het landschap om de grote opgaven van deze tijd in samenhang uit te werken.
Basiskwaliteit Natuur richt zich op het behoud van algemene soorten in het landelijk en stedelijk gebied, waar natuur niet de primaire functie is. Als in deze gebieden de kwaliteit van de leefomgeving op orde is, profiteert alle natuur daarvan mee. Realisatie van BKN is daarnaast een voorwaarde om de doelen voor natuurbehoud en -herstel in natuurgebieden te halen.
Groenblauwe dooradering - Vanuit het Deltaplan is in 2022 het Aanvalsplan Landschap gepresenteerd. Het doel van het Aanvalsplan is het realiseren van 10% groenblauwe dooradering. Het Aanvalsplan draagt ook nadrukkelijk bij aan het toekomstperspectief voor de landbouw en het landelijk gebied als geheel. Daarnaast levert het een significante bijdrage aan het halen van Europese verplichtingen rondom biodiversiteit (Vogel- en Habitatrichtlijn), de klimaatopgave (COP Parijs) en schoon water (Kaderrichtlijn Water). De volgende stap voor het Aanvalsplan is het concreet maken.
De projecten en uitvoering van de Duurzaamheidsagenda, onderdeel natuer, biedt kansen voor de verdieping en concretisering van voorgenoemde documenten, om toe te werken naar een blauwdruk voor onze gemeente.
Afbeelding 4.4 Wet, regelgeving en beleid op verschillende niveaus relevant voor het thema Natuer in Waadhoeke.
Om genoemde doelstellingen te bereiken, werken we met de volgende programmalijnen:
Datagedreven werken, door het samenvoegen van bestaande (geo)data en het door ont-wikkelen ervan, om duidelijkheid te creëren welke landschappelijke structuren, hotspots en verbindingen behouden, versterkt en herstelt moeten worden. Daarnaast wordt ook ingezet op de bescherming van soorten, flora en fauna. Ook is monitoring en evaluatie hierin belangrijk om effecten en ontwikkeling te meten.
4.2.1 Programmalijn Educatie & Communicatie
Sinds 2022 wordt natuur- en milieueducatie uitgerold binnen Waadhoeke, voor het basisonderwijs. Dit is conform de onderwijsvisie van 2022. We faciliteren cultuureducatie, natuur- en milieueducatie (NME) en meertaligheid. Dat willen we voortzetten en breed aanbieden in het basisonderwijs. Dit doen we bijvoorbeeld door kinderen in de klas en rond de school kennis te laten maken met gezond voedsel en natuur. Daarnaast vinden er ook locatie bezoeken plaats bij boeren (weidevogels) en komen kinderen bij de Waddenzee. Het voortgezet onderwijs integreert cultuureducatie en NME in een aantal vakken. In dit programma wordt hier verder geen uitwerking aan gegeven.
We merken dat bewustwording en draagvlak is toegenomen binnen onze gemeente. Maar er is meer nodig. Het is van belang dat er aandacht is en blijft en dat Waadhoeke initiatieven van inwoners stimuleert en hen ook aanspoort om zelf bij te dragen. Bijvoorbeeld door mee te doen aan teldagen en hun eigen leefomgeving te vergroenen.
Bewustwording en draagvlak vergroten op het gebied van natuur zowel intern als extern.
Door een communicatieplan op te stellen, in te zetten op campagnes en stimuleringsregelingen te realiseren. Denk ook aan het mogelijk maken van voedselbossen, bijvoorbeeld op gemeentegrond nabij scholen en het schoonhouden van bermen. Zo kunnen ook de ouders geïnspireerd raken. Verder is uit het participatieproces naar voren gekomen dat een grotere inzet op communicatie en bewustwording nodig is. Hierin werd geopperd om te gaan werken met gemeentelijke overkoepelende werkgroep voor biodiversiteit waarin lokale kennis gebruikt kan worden op allerlei manieren. Denk aan het geven van lezingen, maar ook input geven op de werkwijze van de gemeente.
Financiën programmalijn Communicatie en Educatie
Afbeelding 4.6 Financiën projecten Educatie & Communicatie *Klik op het nummer voor een uitgebreide beschrijving per project.
4.2.2 Programmalijn datagedreven werken
Waadhoeke wil dat de huidige ecologische waarden in stand worden gehouden en -daar waar het kansrijk is- worden hersteld en versterkt. Waadhoeke wil een groenblauwestructuur realiseren, binnen en buiten de bebouwde kom, waarbinnen belangrijke hotspots met elkaar worden verbonden door natuurlijke corridors.
Welke gebieden gaan we verbinden? Welke planten en dieren komen ervoor, en in welke aantallen? Laten deze soorten en populaties een negatieve of positieve trend zien? Dit zijn een aantal vragen die nu vaak niet te beantwoorden zijn specifiek voor ons gebied. Dergelijke vragen en antwoorden dragen bij aan het nemen van weloverwogen en onderbouwde beslissingen in beleid en uitvoering. De natuurwaardenkaart zal in de te actualiseren omgevingsvisie vastgesteld worden. De landschapsanalyse aangaande bomen wordt ook opgenomen in de groenblauwe structuren kaart en vormen ecologische verbindingen, naast de al bestaande ecologische verbindingen langs de watersystemen, zoals natuurlijke oevers. Deze groenblauwe structuren worden verder gedetailleerd uitgewerkt in het proces naar het omgevingsplan.
Sinds de fusie in 2018 zijn er voor het grondgebied van Waadhoeke landschappelijke en ecologische stukken geschreven en analyses uitgevoerd. Dit is waardevol (kaart)materiaal dat samengevoegd tot een eenduidig en helder visueel overzicht kan leiden. Door een verdieping uit te voeren, naar voorkomende (beschermde) flora en fauna, biedt dit handvatten en duidelijkheid voor de gemeente zelf en eventueel ook haar inwoners. Denk hierbij aan het in kaart brengen van vliegroutes van vleermuizen, jaarrond beschermde nesten van roofvogels en koloniebroeders zoals visdieven en roeken. Afdelingen zoals VTH, BOR en Omgeving hebben baat bij dergelijk informatie. Het scheelt tijd, maakt koppelkansen inzichtelijk en natuurinclusief werken mogelijk. Daarnaast wordt het risico tot wetsovertredingen met dergelijk kaartmateriaal ingeperkt. Verder is deze kaart een belangrijke onderlegger voor structureel beleid.
Het in kaart brengen en bundelen van bestaande data en verdiepen van deze informatie om te komen tot een blauwdruk voor het thema natuer in Waadhoeke.
Voor het grondgebied in Waadhoeke zijn er voor veel planten en diersoorten onvoldoende data bekend. Het is van belang dat deze data beschikbaar komen, door planmatig data van relevante flora en fauna te verzamelen. Dit kan door het breed inzetten en aanvullen van de Nederlandse databank Flora & Fauna (NDFF), maar ook soortenexperts in te schakelen. Daarnaast kan worden ingezet op citizen science. Dat vergroot niet alleen de beschikbaarheid aan data, maar ook bewustwording onder inwoners van Waadhoeke. Bestaande kaarten worden zo goed mogelijk gebruikt, bijvoorbeeld uit de kaarten kijkdoos van de provincie en kaartmateriaal van de gemeente zelf, aangevuld met de NDFF. Hieruit zal ook blijken waar zich hiaten in de data bevinden.
In 2023 is het Beheerplan groen vastgesteld, waarin meer aandacht is gekomen voor biodiversiteit en een verdieping gemaakt is richting minder traditioneel groenbeheer. Binnen de onderhouds-contracten met externen wordt gewerkt met de gedragscodes Stadswerk bestendig beheer, waarin aandacht is voor beschermde natuur. Hier is de behoefte groot om concreet te weten welke beschermde flora en fauna aanwezig is binnen het te beheren groen. Zodoende is een start gemaakt in 2022 met het uitrollen van monitoring van flora. Voor het monitoren van fauna is binnen Waadhoeke geen werkwijze of beheerplan. Tot 2018 vond er beheer voor de Roek plaats. Monitoring gebeurt nog wel, beheer niet. Ook is er behoefte voor andere soorten nu en in de toekomst, zoals bijvoorbeeld visdieven en wellicht de bever.
Vaststellen hoe het gaat met de natuur in Waadhoeke en meten of onze acties om biodiversiteitsverlies een halt toe te roepen ook echt invloed hebben.
Het verder uitwerken van de monitoring voor flora, en inventariseren van onder andere (beschermde) fauna en het opzetten van monitoring van insecten. Het is belangrijk om te beseffen dat de monitoring van flora en fauna meerdere jaren vraagt om inzichten te verkrijgen over trends en ontwikkeling van populaties. Het klimaat en lokale omstandigheden kunnen van grote invloed zijn op de soorten aantallen flora en fauna. Naast klimatologische omstandigheden kan verstoring en beheer ook van invloed zijn. Vanuit het beheerplan groen vindt al monitoring van flora in bermen plaats die gebruikt kan worden voor de evaluatie van beheer, maaifrequentie en andere vraagstukken.
We gebruiken lokale kennis van inwoners denk hierbij aan de werkgroep biodiversiteit uit Dronryp, de Fryske Feriening foar Fjildbiology (FFF) en de vogelwacht. Ook tijdens nationale teldagen voor bijvoorbeeld de egel en bodemdierendagen worden inwoners en scholen opgeroepen om deel te nemen en data in te voeren in databanken. Zo verzamelen data en vergroten we bewustwording.
Financiën programmalijn Datagedreven werken
Afbeelding 4.7 Financiën projecten datagedreven werken *Klik op het nummer voor een uitgebreide beschrijving per project.
4.2.3 Programmalijn natuurinclusiviteit
Een sterke en gevarieerde natuur zorgt voor (schoon) drinkwater en is bovendien beter bestand tegen hitte, droogte en andere klimaat gerelateerde onderwerpen. Het verhoogt beleef- en vastgoedwaarde en biedt ruimte voor medebewoners, zoals huismus, gierzwaluw, vleermuizen en merels. Het is dus belangrijk dat we voldoende biodiversiteit en natuur behouden en beschermen voor de leefbaarheid van zowel mensen, als flora en fauna. Natuur beperkt zich niet alleen tot natuurgebieden, maar is overal om ons heen.
Waadhoeke heeft de ambitie om natuur standaard mee te nemen in ruimtelijke plannen en de Basiskwaliteit Natuur (BKN) in de bebouwde omgeving te behouden en te versterken. Hiermee kan ook daar waar natuurbehoud niet de hoofdfunctie heeft biodiversiteit gestimuleerd worden en waar mogelijkheden en kansen zijn aan de natuur meer ruimte worden gegeven.
Thema’s waarbinnen veel kansen liggen om natuurinclusief te werken, zijn:
Waadhoeke heeft de ambitie om natuur standaard mee te nemen in ruimtelijke plannen en de Basiskwaliteit Natuur in de bebouwde omgeving te behouden en te versterken. Hiermee kan ook daar waar natuurbehoud niet de hoofdfunctie heeft biodiversiteit gestimuleerd worden, en waar mogelijkheden en kansen zijn aan de natuur meer ruimte worden gegeven.
Een van de dingen die we doen, is het werken met gidssoorten en aangewezen structuren en gebieden (biotopen) binnen de gemeentegrenzen. Deze kunnen voor duidelijkheid en handvatten zorgen voor de uitvoering en ruimtelijke ontwikkelingen. Hierbij kan de gemeente breed ingezet worden op een lijst met soorten voor de hele gemeente,
maar ook per project of initiatief bepaald worden welke gidssoorten in acht moeten worden genomen. Eerder in dit hoofdstuk is een aanzet gedaan tot een eerste versie van een dergelijke lijst. Dit is een dynamische lijst en moet worden uitgebreid.
Naast deze gidssoorten moeten soorten die in gebouwen wonen, zoals vleermuizen, huismus en gierzwaluw binnen de energietransitie meer aandacht krijgen. Hiervoor volgt Waadhoeke de landelijke ontwikkelingen en werkt volgens de Landelijke Aanpak Natuurvriendelijk isoleren en neemt haar verantwoordelijkheid voor specifieke soorten zoals de laatvlieger in de compensatie opgave. Daarnaast komt er meer aandacht voor dierenwelzijn en waterlichamen als leefgebied voor flora en fauna. Denk hierbij aan het beperkt toestaan en aanleggen van vissteigers en een toename in het ecologisch beheren van oevers en water. Een logisch gevolg is het terugdringen van de inzet van maaiboten en klepelmaaiers, waarbij ecosystemen vernield worden.
2 Meervleermuis in de kerk in Sexbierum. Bron: Johann Prescher
Waadhoeke is een landbouw gemeente en dat willen we ook blijven. Waadhoeke heeft meer aandacht voor de bodemgezondheid. Naast de chemische en organische samenstelling, is ook meer aandacht voor bodemdiversiteit op het gebied van flora en fauna. Het doel voor Waadhoeke is dat natuur, landschap en landbouw elkaar duurzaam versterken.
Eind 2022 heeft de minister van Infrastructuur en Waterstaat een kamerbrief verstuurd waarin de keuzes en maatregelen om water en bodem sturend te maken zijn uitgewerkt. Dit gaat een belangrijke rol spelen in de ontwikkeling van het platteland. De kamerbrief behandelt acht thema’s: Ruimte voor water, Bodem, Voldoende water, Schoon en gezond water, Bebouwd gebied, Hoge zandgronden, Laagveengebieden en Verzilting kustgebieden.
3 Een moshommel op een gewone smeerwortel. Bron: Mark Wierstra
Kijkend naar de opgaven voor natuur, water en klimaat die de komende jaren op de landbouw afkomen, zien wij als gemeente dat deze opgaven grote impact zullen hebben op de huidige manier van landbouw. Graag willen we als gemeente ondersteuning bieden aan de agrarische sector in de regio, met aandacht voor zoet water, om deze transitie mogelijk te maken. Waadhoeke heeft daarin een faciliterende, verbindende en onderzoekende rol. Zo komen er onder andere subsidies voor het natuurinclusief inrichten van boerenerven beschikbaar en willen we bewustwording over voedselbossen intern en extern vergroten.
Het NPLG (Nationaal Programma Landelijke Gebied), en daarmee samenhangend het FPLG (Fries Programma Landelijk Gebied), is op 10 juni 2022 in het leven geroepen om de doelen voor natuur, water en klimaat vorm te geven in gebiedsprogramma’s.
Het Hoofdlijnenakkoord van het nieuwe kabinet heeft gevolgen voor het NPLG/FPLG. De accenten die gelegd worden op natuur, water, klimaat en landbouw zijn veranderd. Het Transitiefonds, bedoeld voor de uitvoering van het NPLG/FPLG wordt her bestemd. Hierdoor komt de uitvoering van het FPLG, en daarmee samenhangende de transitie van de landbouw en het landelijke gebied, in het gedrang en brengt veel onzekerheid met zich mee,
Daarnaast zijn er andere programma’s gestart die de landbouw moeten helpen een meer natuurinclusief platteland te ontwikkelen.
Zo zal vanuit de Regio deal Noardwest-Fryslân invulling worden gegeven aan het opzetten van een Bioregio in de Greidhoeke. Daar wordt gestreefd naar een evenwichtige balans tussen natuur, gezondheid en landbouw. Door duurzame landbouwmethoden te stimuleren, zoals natuurinclusieve teelt en het verminderen van het gebruik van chemicaliën en kunstmest, willen we de biodiversiteit vergroten en de kwaliteit van de bodem verbeteren. Dit komt de gezondheid van onze inwoners ten goede.
Binnen de gemeente Waadhoeke is het Sociaaleconomsiche Actieprogramma (SEAP) opgesteld. Het SEAP heeft als doel de regionale welvaart te stimuleren. Het SEAP heeft ’Het Goud van Noordwest’ in het leven geroepen om overheid, ondernemers en onderwijs samen te brengen. Het Goud van Noordwest stimuleert innovaties/ontwikkelingen die een bijdrage leveren aan de verduurzaming van de landbouw onder andere het reduceren van gewasbeschermingsmiddelen en een het opzetten van een bodemmonitor.
4 De Argusvlinder op een Blauwe knoop. Bron: Mark Wierstra.
In deze duurzaamheidsagenda wordt via bovenstaande initiatieven gekeken naar mogelijkheden voor het creëren van onder andere voedselbossen/agroforestry, uitbreiding kruidenrijke akkers en onderzoek bodemgezondheid. Zo kan een bijdrage worden geleverd aan de vergroting van de biodiversiteit in het gebied.
In de Nationale Omgevingsvisie (NOVI) zijn 21 nationale belangen benoemd. Eén van die nationale belangen is ‘Verbeteren en beschermen van natuur en biodiversiteit’. Onderdeel hiervan is om bij belangrijke ontwikkelingen als de veranderingen in de landbouw, de energietransitie en de uitbreiding van woongebieden en infrastructuur rekening te houden met natuur (natuur-inclusief ontwikkelen).
In de provinciale Omgevingsvisie ‘De Romte Diele’ is natuur-inclusief ontwerpen en bouwen benoemd als doel, om dit mee te nemen bij nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen. Het doel is om natuur-inclusief ontwerpen bij nieuwe ontwikkelingen te bevorderen. Dit geldt ook voor het werken aan andere opgaven, in landelijk én stedelijk gebied, waarbij de natuur kan worden versterkt. Hiervoor heeft de provincie een factsheet gemaakt:
De duurzaamheidsagenda, met het programma ‘Oars mei natuer omgean’ koppelen we ook aan de gemeentelijke omgevingsvisie. Beiden worden naar verwachting eind 2024 vastgesteld. Hierin kan natuur-inclusief bouwen concreet als doel worden benoemd, met een inhoudelijke verwijzing naar het programma ‘Oars mei natuer omgean’. De factsheet van de provincie, met een geactualiseerde checklist die is toegesneden op Waadhoeke dient als advies en inspiratie bij ontwikkelingen. De kans is groot dat bij de aanpassing van het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) natuur-inclusief bouwen tot norm wordt verheven.
De energietransitie wordt uitgewerkt in de programmalijn enerzjy. Hieronder een korte samenvatting van punten die de gemeente kan faciliteren en/of al doet die betrekking hebben op de programmalijn natuurinclusiviteit:
Financiën programmalijn Natuurinclusief
Afbeelding 4.8: Financiën projecten. *Klik op het nummer voor een uitgebreide beschrijving per project.
5. Programma oars mei grûnstoffen omgean
Om de omslag naar een circulaire economie te stimuleren is door het kabinet het uitvoerings-programma Van Afval Naar Grondstof Huishoudelijk Afval (VANG-HHA) vastgesteld. Waadhoeke is goed op weg om de ambitie uit VANG-HHA te bereiken. Voor de periode 2021- 2025 blijft het streven om door goede afvalscheiding hoogwaardige recycling te faciliteren. Het accent komt sterker te liggen op hoogwaardigere (kwalitatief betere) ingezamelde stromen. Daarnaast kijkt de gemeente voor bepaalde reststromen ook naar mogelijkheden om de hoeveelheid afval te beperken door in te zetten op preventie. Het landelijke uitvoeringsprogramma zet in op de inzameling van schone afvalstromen. Als de andere ketenspelers in de afzonderlijke ketens hun verantwoordelijkheden nemen de ingezamelde stromen te recyclen, wordt de Kaderrichtlijn afvalstoffen gestelde doelstelling van 55% recycling in 2025 voor het aandeel huishoudelijk afval op landelijk niveau haalbaar geacht. Landelijk is de doelstelling om minimaal 60% recycling te halen in 2030.
Om de doelstellingen te bereiken:
Afbeelding 5.1: Invloedssfeer van de gemeente in de keten.
Voorheen lag de nadruk van het VANG-programma op de hoeveelheid te verbranden afval per inwoner en het scheidingspercentage. In de afgelopen jaren is de scheiding van alle categorieën afvalstoffen licht toegenomen, maar dat is nog niet genoeg. Voor verschillende afvalstromen staat het optimaliseren van afvalscheiding de komende jaren centraal. Daarnaast komt er steeds meer aandacht voor preventie: bewust en circulair inkopen, minder verspilling en efficiënter scheiden. Ook bij de productie van producten moet er een omslag gemaakt worden: betere repareerbaarheid en een langere levensduur wordt steeds belangrijker. In de komende jaren ligt de nadruk op de kwaliteit van de deelstromen en de daadwerkelijke recycling van de diverse deelstromen.
Per inwoner is de hoeveelheid restafval licht afgenomen. Daarnaast zien we een toename in het scheidingpercentage, vooral doordat het afval op Ecopark de Wierde door Omrin beter wordt nagescheiden. Met andere woorden er wordt meer gescheiden ten opzichte van voorgaande jaren. Dat betekent dat er steeds minder grondstoffen afgevoerd worden naar de Energiereststoffencentrale.
Afvalscheiding van huishoudelijk afval is een belangrijk onderdeel van de ontwikkeling van een circulaire economie. Betere afvalscheiding leidt tot meer circulariteit en draagt zo opnieuw bij aan afvalpreventie. Binnen de gemeentelijke programmalijn ligt de focus op circulaire economie. Het landelijk beleid voor circulaire economie is om in 2050 volledig circulair te zijn. Uitgangspunt is om het grondstoffengebruik verder te verlagen en de waarde van vrijgekomen materialen te behouden. Hierbij wordt ingezet op waarde behoud van materialen en producten en creatie van nieuwe circulaire producten en diensten. Hergebruik, circulair ontwerp, delen, lenen en repareren. Dit zijn elementen die daarbij van belang zijn. Diverse instrumenten om de transitie naar een circulaire economie te bevorderen en een versnelling te realiseren, zoals stimuleren van circulair productontwerp en circulaire producteisen, bevorderen van circulaire ambachtscentra, versterken van producentenverantwoordelijkheid en bevorderen van circulair consumentengedrag. Ook verbetering van afvalscheiding en de kwaliteit van deelstromen vormt een speerpunt.
Om de doelstelling van het programma ‘Oars mei grûnstoffen om te gean’ te halen, zetten we binnen deze programmalijn in op grondstoffen en circulariteit. Vaak wordt circulariteit gebruikt als synoniem voor duurzaamheid. Duurzaamheid is het doel, namelijk gericht op het behoud van de aarde, zodat mensen gezond, veilig en rechtvaardig kunnen leven. Circulariteit is een manier om dit te bereiken. De circulaire economie is dus een belangrijke strategie om aan de vier duurzaamheidsprincipes te voldoen. Het zorgt voor minder afvalstoffen die het milieu belasten. De vier principes staan uitgebreid beschreven op pagina 7 en pagina 38.
In Waadhoeke komt er jaarlijks ruim 565 kilogram huishoudelijk afval vrij per inwoner. Het afgelopen jaar werd ruim 75% van al het vrijgekomen afval van huishoudens in Waadhoeke gescheiden. Er blijft ongeveer 146 kilogram huishoudelijk restafval over dat naar de ReststoffenEnergieCentrale (REC) in Harlingen afgevoerd wordt en dus niet voor hergebruik in aanmerking komt (bron: OARS-afvalcijfers, Omrin). Dat is nog te veel. Ook belanden bepaalde categorieën bij het restafval die daar zeker niet in horen, zoals groente, fruit-, tuinafval en etensresten (ca. 30 %) en oud papier en karton (ca. 15%). Dat afval kan niet hergebruikt worden en wordt vernietigd. Door alle categorieën afvalstoffen nog beter te scheiden neemt de hoeveelheid restafval af en is hergebruik mogelijk.
De gemeente legt binnen dit programma de focus op het hergebruiken van grondstoffen voor een meer circulaire economie. Het landelijke uitgangspunt is 60% daadwerkelijk recycling van afvalstromen in 2030 en 65% in 2035.
In Waadhoeke bereiken we dit al ruimschoots, door een combinatie van zowel bron- als nascheiding. Doel is om ons scheidingspercentage van ten minste 75% vast te houden en door te groeien naar 80% in 2028.
5. Afbeelding 5.3: Samenstelling van de inhoud van de gemiddelde huisvuilcontainer.
Het doel is om grondstoffen zoveel mogelijk opnieuw in te (laten) zetten in de kringloop. Hiermee dragen we bij aan het terugdringen van de hoeveelheid afval in aansluiting bij het uitgangspunt van de vier duurzaamheidsprincipes.
7 Afbeelding 5.4: VANG-cijfers van de gemeente Waadhoeke 2021-2023 (B&S: Bouw- en sloopafval).
De projecten dragen allemaal bij aan betere afvalscheiding of verwerking.
Uitgangspunten bij het inbrengen van projecten zijn:
Waadhoeke wil een voorbeeld zijn in duurzaam handelen. Als gemeente en ook als werkgeversorganisatie. We willen het ‘sels oars’ doen. Dat betekent dat wij onze voorbeeldrol pakken en uitdragen in de transitie naar een duurzame samenleving. Dit sluit aan op de kernwaarden van Waadhoeke: we willen integer en betrouwbaar handelen. We zeggen wat we doen en doen wat we zeggen!
Van organisaties wordt steeds meer verantwoording gevraagd over hun milieu-impact. Bovendien vragen we als gemeente steeds meer van inwoners en bedrijven als het gaat om duurzaamheid. We kunnen dan als gemeente niet achterblijven. We moeten juist vooroplopen.
Als lokale overheid zijn wij direct verbonden aan de Europese en Rijksdoelstellingen. We hebben een verantwoordelijkheid in het behalen van deze doelen die we vertalen in de verschillende uitvoeringstaken in deze Duurzaamheidsagenda. Ook in het coalitieakkoord 2022-2026 is duurzaamheid een belangrijk thema. We hebben ons daarnaast als gemeente verbonden aan de 17 SDG’s, we zijn een Regenboog- en een Fairtrade gemeente en lid van Vereniging Circulair Fryslân.
Om onze doelen te bereiken, is het van belang dat iedereen in de organisatie weet:
Het is een veranderproces waar iedereen in de organisatie mee te maken krijgt. We willen duurzaamheid in ons DNA krijgen en een heldere koers volgen. We zetten daarom structureel in op bewustwording binnen de eigen organisatie.
Wat is duurzaamheid voor de gemeentelijke organisatie?
Het woord duurzaamheid betekent letterlijk ’het vermogen om voor onbepaalde tijd te kunnen blijven voortbestaan, om te kunnen voortduren’. We moeten zorgen dat we kunnen blijven voortbestaan op deze aarde. Niet alleen wij, maar ook de generaties na ons. Wij moeten daarom zo voor de aarde zorgen, dat de aarde voor ons kan blijven zorgen.
Duurzaam handelen betekent voor onze eigen bedrijfsvoering dat we bij alles wat we doen onszelf eerst de vraag stellen: Is het nodig? Vaak is het de meest duurzame keuze om iets niet te doen. Als we daarna toch overgaan tot actie, streven we ernaar om binnen het speelveld te blijven van de vier principes van duurzaamheid zoals beschreven in het Raamwerk voor Strategische Duurzame Ontwikkeling (RSDO) (zie 2.3).
Deze principes geven het speelveld aan waarbinnen we ons moeten bewegen als we duurzaam willen handelen. In deze tijd van transitie zal het nog niet altijd haalbaar zijn om volledig binnen het speelveld te blijven. Het geeft ons echter wel een duidelijk kader en een bewustzijn in welke effecten ons handelen kan hebben. Het stelt ons in staat om weloverwogen keuzes te maken die zoveel mogelijk bijdragen aan een duurzame samenleving. Of er -op zijn minst- voor zorgen dat we niet bijdragen aan het verergeren van de problemen. In afbeelding 6.1 zijn de duurzaamheidsprincipes vertaald in een positieve formulering (blauwe tekst), zodat we ook weten wat we dan wél moeten doen.
Afbeelding 6.1: Cursus ‘Duurzaamheid: wat je moet weten voor in je werk – basis’, Bron: Local Matters.
Vanuit de 3 programma’s in de duurzaamheids-agenda ‘Oars mei enerzjy en waarmte omgean’, ‘Oars mei natuer omgean’ en ‘Oars mei grûnstoffen omgean’ volgen ook doelen voor de eigen organisatie, namelijk:
Het doel is om alle energie die we zelf verbruiken, uiterlijk in 2040 duurzaam op te wekken. Dat doen we door duurzaam energie op te wekken, maar ook door te besparen. Voor de monitoring van het eigen energieverbruik, de reductie daarvan en de CO2-uitstoot die wordt veroorzaakt, wordt met ingang van 2024 gebruik gemaakt van de Milieubarometer en de CO2-prestatieladder.
Het doel is om alle energie die we zelf verbruiken, uiterlijk in 2040 duurzaam op te wekken. Dat doen we door duurzaam energie op te wekken, maar ook door te besparen. Voor de monitoring van het eigen energieverbruik, de reductie daarvan en de CO2-uitstoot die wordt veroorzaakt, wordt met ingang van 2024 gebruik gemaakt van de Milieubarometer en de CO2-prestatieladder.
In juni 2023 heeft de raad het geactualiseerde Beheerplan Gebouwen 2023-2032 vastgesteld. In het bijbehorende Duurzaam Meerjaren Onderhoudsplan (DMJOP) is de verduurzaming van de gemeentelijke gebouwen voor een periode van tien jaar in beeld gebracht. Daarmee is duurzaamheid een integraal onderdeel van het gebouwenbeheer geworden. In het DMJOP is uitgegaan van de instandhouding van gebouwen, dat wil zeggen dat er gekeken is naar het onderhoud voor de huidige functie en het gebruik, inclusief de verduurzaming. In lijn met de ambitie van de gemeente om in 2040 energieneutraal te zijn, is een kostenraming gemaakt waarbij is uitgegaan van uitvoering over zestien jaar. De verduurzaming van het gemeentelijk vastgoed is op ruwweg 10 miljoen euro geraamd. In de Kadernota is voor 2024 een bedrag van € 2.500.000 gereserveerd om met de verduurzaming te kunnen starten.
Momenteel wordt gewerkt aan het accommodatie-beleid, dat naar verwachting voor de zomer van 2025 wordt vastgesteld. Dit beleid heeft betrekking op sporthallen en gymzalen, sportterreinen en -velden, speelplekken, musea, podia, dorps- en buurthuizen, MFA’s/MFC’s en clubhuizen. Voor deze accommodaties geldt dat besluiten over verduurzaming afhankelijk zijn van keuzes die gemaakt worden in het accommodatiebeleid. Voor de verduurzaming van sportaccommodaties en dorpshuizen zijn er al subsidieregelingen. Daarnaast kunnen gebouwen in gemeentelijk eigendom die niet onder het accommodatiebeleid vallen, zoals het gemeentehuis, worden verduurzaamd.
De mens is onderdeel van de natuur, zonder ecosystemen/biodiversiteit zijn er geen mensen. Voor een gezonde leefomgeving en voedselzekerheid moeten we de ecosystemen in stand houden. Dit vraagt dat we anders omgaan met natuur: we moeten ons meer richten op behoud en herstel van natuurlijke kringlopen en biodiversiteit.
We geven dit in de lijn ‘Sels oars’ op verschillende manieren vorm:
Een concreet voorbeeld om aan bovenstaande ambities vorm te geven is de realisatie van de kruidentuin bij het gemeentehuis waar vergroening en biodiversiteit centraal staan. Eetbare (biologische) producten uit deze tuin kunnen worden benut voor bijv. catering binnen de gemeente en door inwoners. Dit laatste gebeurt al.
Sels oars mei grûnstoffen omgean
Ook voor de gemeentelijke organisatie geldt dat we de volgende doelen moeten behalen:
De gemeente moet dus ook ‘sels oars mei grûnstoffen omgean’. Dat doen we op twee manieren: aan de voorkant via inkoop en aan het eind van de keten via afvalscheiding.
Via inkoop kan de gemeente de circulaire economie stimuleren. Vanwege de toenemende schaarste aan grondstoffen willen we het gebruik van primaire of nieuwe grondstoffen voor producten voor de gemeentelijke organisatie zoveel mogelijk beperken. In het inkoopbeleid is daarom aandacht voor grondstoffengebruik en circulariteit verankerd. Bij elk inkooptraject gaan we na op welke wijze maximaal kan worden voldaan aan de principes van circulariteit. We maken gebruik van landelijke criteria voor maatschappelijk verantwoord inkopen (MVI) om sociale, innovatieve en duurzame inkoop te realiseren. Per productgroep kiezen we criteria die aansluiten bij ons ambitieniveau.
Bij afvalscheiding ligt de focus op het nog beter scheiden van restafval. Optimale afvalscheiding draagt bij aan hoogwaardige recycling. We werken aan het zoveel mogelijk terugdringen en scheiden van onze afvalstromen en werken toe naar gesloten kringlopen waarbij alle afval kan worden hergebruikt.
In 2022 is een onderzoek uitgevoerd naar de afvalstromen binnen het gemeentekantoor en de werkplaats. De uitkomst van dat onderzoek is dat het afval van het gemeentehuis en de gemeentewerkplaats al goed wordt gescheiden.
De aanbevelingen zijn opgepakt en voor een aantal zal blijvend aandacht nodig zijn om het juist scheiden van afval vast te houden. Met aandacht voor juiste afvalscheiding is het gemeentehuis al zo goed als restafvalvrij.
Voor onze eigen (werkgevers)organisatie is er een visie op Sels oars geformuleerd en zijn acties in een uitvoeringsprogramma vastgelegd. Het uitvoeringsprogramma is een nieuw document waarmee we de verduurzaming van de bedrijfsvoering willen versterken en versnellen. De acties komen voort uit de opbrengsten van de workshops die organisatie breed zijn gehouden. Daarmee komt het programma ‘van onderaf’ uit de organisatie en creëren we een gedeeld eigenaarschap.
Het uitvoeringsprogramma is een document dat wordt aangepast bij nieuwe ontwikkelingen,
wettelijke taken en andere trends. Een interne werkgroep met vertegenwoordiging vanuit diverse afdelingen zal de acties uit het uitvoeringsprogramma monitoren. Voor de monitoring van de eigen CO2-uitstoot zijn twee concrete tools in handen: de Milieubarometer brengt de eigen CO2-footprint in kaart en de CO2-prestatieladder helpt de (effecten van) maatregelen voor CO2-reductie inzichtelijk te maken.
Verduurzaming binnen de bedrijfsvoering is een verantwoordelijkheid van het management van de verschillende bedrijfsonderdelen. Het expertteam Sels oars heeft de rol van aanjager, maar is niet verantwoordelijk voor de uitvoering. Verduurzaming binnen de bedrijfsvoering vindt dan ook plaats vanuit de reguliere budgetten die beschikbaar zijn voor de verschillende activiteiten, zoals vervanging van het wagenpark, onderhoud van huisvesting, aanschaf van relatiegeschenken en kantoorartikelen, catering en aanbod in het werkcafé, ICT en data-opslag etc.
Wanneer de verduurzaming leidt tot meerkosten, is het aan de manager van de betreffende afdeling hiervoor budget vrij te maken of aan te vragen. Voor inzet van de Milieubarometer en CO2-prestatieladder is al budget beschikbaar gesteld.
Voor een extra impuls (campagnes, voorlichting, innovatie) of het opvangen van incidentele meerkosten voor interne verduurzaming, wordt een werkbudget aangevraagd van € 20.000 per jaar vanaf 2026.
Afbeelding 6.2 Financiën. *klik op het nummer voor een uitgebreide beschrijving per project.
De nummering verwijst naar de projecten uit de verschillende hoofdstukken. Onder aan elke bladzijde staat een link om weer terug te keren naar het financiële overzicht van de programmalijn.
PROJECTEN ‘OARS MEI ENERZJY OMGEAN’
3.a Gebiedsontwikkelingsproces Klimaatlandschap
Inhoud: Na instemming met de onderzoeksresultaten voor het Klimaatlandschap op 28 maart 2024 wordt gestart met het gebiedsontwikkelingsproces. In dit proces gaat Waadhoeke samen met inwoners, belanghebbenden, bedrijven en energiecoöperaties de puzzel leggen wat eraan duurzame opwek in het aangewezen gebied komt.
Looptijd: Juni 2024 - juni 2025
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaande CDOKE middelen
Resultaat: Afronden van de concretiseringsfase van het gebiedsontwikkelingsproces (definitie, ontwerp en voorbereiding)
3.b Deelname Regionale Energiestrategie en Friese Energietafel
Inhoud: Waadhoeke neemt deel aan de Friese Regionale Energie Strategie (RES) en de daarvoor ingestelde uitvoeringsorganisatie ‘de Friese Energietafel’ (FET). Op deze manier geven we binnen Fryslân invulling aan het landelijke Klimaatakkoord.
Financiering: Gemeente (is reeds in de begroting opgenomen)
Resultaat: Structurele deelname aan de RES en FET om binnen Fryslân te werken aan de transitie naar groene opwek van energie en de transitie van fossiele naar duurzame warmtebronnen. Binnen de FET werken binnen Fryslân veel partijen samen om de kennis te vergroten en efficiënter samen te werken.
3.c Doorontwikkeling energieloket Waadhoeke
Inhoud: In de Duurzaamheidsagenda 2020-2024 is gestart met het opzetten van een eigen loket. Op de gemeentelijke website is een loket gecreëerd om inwoners van de gemeente van informatie over de energietransitie te voorzien. Ook zijn er mogelijkheden gemaakt voor het aanvragen van subsidies en het doorverwijzen naar externe websites. Vanuit dit loket werken we verder aan het optimaliseren van deze processen om de communicatie richting inwoners te verbeteren.
Financiering: Gemeente. Dekking vanuit Energie- en klimaatmiddelen.
Resultaat: Een loket waar inwoners alle nodige informatie op een gebruiksvriendelijke manier kunnen vinden en ook gemakkelijk doorverwezen worden naar externe partijen.
3.d Uitvoeringsmiddelen Energie- en Klimaatbeleid
Inhoud: Waadhoeke krijgt vanaf 2024 structurele middelen voor het uitvoeren van energie- en klimaatbeleid. Dit geld moet ingezet worden voor het opbouwen van het gemeentelijk apparaat om de transitie verder te brengen. De CDOKE komt in de jaren 2023/2024/2025 in de vorm van een SPUK. Daarna wordt het beschikbaar gesteld via het gemeentefonds.
Resultaat: Een team met voldoende capaciteit om de vastgesteld doelen te halen.
3.e Onderzoek optimaal gebruik aansluitingen (congestie)
Inhoud: Het klimaatlandschap richt zich op ontwikkelingen van duurzame opwek en op het optimaliseren van de netinfrastructuur (onderstations etc.). Totdat er een optimale infrastructuur is (+/- 10 jaar) zijn er in de tussentijd mogelijkheden om vraag en aanbod beter op elkaar af te stemmen zodat er toch nog ruimte ontstaat voor grootschalige opwek zonder dat die het onderstation nog meer belast. Dit zal samen met bedrijven opgezet worden.
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaande CDOKE middelen
Resultaat: Totdat de nodige investeringen in de netinfrastructuur zijn gedaan mogelijkheden onderzoeken om toch ruimte te creëren voor investering in grootschalige duurzame opwek.
3.f Transitievisie Warmte (TVW)
Inhoud: In 2021 is door Waadhoeke een TVW opgesteld; deze is in december 2021 vastgesteld door de gemeenteraad. Eind 2026 zal de huidige TVW herijkt moeten zijn wegens veranderende wet- en regelgeving. In een TVW staat beschreven welke manieren er zijn om de gebouwen in onze gemeente op een alternatieve, duurzame wijze te kunnen verwarmen. Dit is tot op buurtniveau inzichtelijk gemaakt. We gaan door middel van nieuw bronnenonderzoek kijken of we de huidige plannen kunnen voortzetten of dat er nieuwe kansen zijn voor bepaalde buurten.
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaande energie- en klimaatmiddelen
Resultaat: Een visie waarin duidelijk wordt welke stappen moeten worden ondernomen om inzicht te krijgen in de planning, de vraag naar warmte, de alternatieve bronnen en de benodigde infrastructuur.
Inhoud: Sinds 2022 werken we met energiecoaches binnen Waadhoeke. De coaches helpen inwoners met besparen en kijken welke energiebesparende maatregelen zij kunnen krijgen in hun woning. De komende jaren zullen zij zich ook meer gaan inzetten ten behoeve van grotere verduurzamingsmaatregelen en de subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie.
Financiering: Gemeente, is reeds in begroting opgenomen, na 2026 dekking uit CDOKE
Resultaat: een gratis dienst naar die inwoners toe die hulp nodig hebben bij energiebesparende maatregelen en/of het verduurzamen van hun huis.
3.h Aanpak Energieongelijkheid
Inhoud: De energiecoaches van gemeente Waadhoeke gaan langs bij inwoners op afspraak. Zij kunnen dan een aantal maatregelen treffen in de woning van de inwoner. De energiecoach kiest voor een van deze opties en kiest voor wat beste past bij die specifieke situatie: een witgoedwissel, energiebesparende maatregelen (zoals ledlampen, tochtstrips, infrarood kachel etc.) of een CV-tuning. Op deze manier kan de inwoner zijn of haar energiekosten naar beneden brengen.
Financiering: Gemeente, dekking uit ‘SPUK energiearmoede’
Resultaat: Inwoners die een lagere energierekening krijgen en meer kunnen besparen.
3.i Subsidieregeling Lokale Aanpak Isolatie
Inhoud: In 2023 heeft de gemeente Waadhoeke een Specifieke Uitkering (SpUk) Lokale Aanpak Isolatie (LAI) vanuit het Nationaal Isolatie Programma aangevraagd en ontvangen. Daarnaast hebben we nog middelen uit de SpUK Energiearmoede die we in mogen zetten voor deze subsidieregeling. Voor de jaren 2024 - 2026 heeft Waadhoeke een bedrag van €3.000,- per object beschikbaar om 1316 koopwoningen met een WOZ-waarde op of onder het gemeentelijk gemiddelde (€ 242.000) en een energielabel D, E, F of G te isoleren. Voor de uitvoering werken we nauw samen met Duurzaam Bouwloket, de provincie en andere Friese gemeenten. In 2024 wordt een nieuwe aanvraag gedaan voor het vervolg van deze regeling.
Financiering: Gemeente, dekking uit SpUk Lokale Aanpak Isolatie
Resultaat: Deze regeling draagt bij aan de ambitie om in 2040 in Waadhoeke energieneutraal te zijn
3.j Subsidieregeling Energieadviezen
Inhoud: Waadhoeke heeft de ambitie om in 2040 energieneutraal te zijn. Om deze ambitie na te streven is het belangrijk om een handreiking te bieden aan eigenaar-bewoners zodat ook zij initiatief kunnen nemen in het verduurzamen van hun huis. Voor de jaren 2024-2026 heeft Waadhoeke een budget van €180,000,- beschikbaar die we in kunnen zetten voor energieadviezen. Via een subsidieregeling kunnen eigenaar-bewoners aanspraak maken op een bedrag van €250,- die zij vervolgens in kunnen zetten voor het deels vergoedt krijgen van een energieadvies. Naast een maatwerkadvies, een luchtdichtheidsadvies en een warmtescan, is er ook de mogelijkheid om een ecologische quickscan deels bekostigd te krijgen. Deze quickscan is een eerste check om te kijken of er beschermde diersoorten in of om het huis wonen die wellicht negatief beïnvloedt kunnen worden bij de gewenste isolatiemaatregelen.
Financiering: Gemeente, is reeds opgenomen in begroting
Resultaat: Inwoners verkrijgen een duidelijk beeld over hun verduurzamingsvraag zodat zij hierop kunnen handelen. Dit draagt bij aan de ambitie om in 2040 in Waadhoeke energieneutraal te zijn.
3.k Bronnenonderzoek warmtemogelijkheden
Inhoud: De ontwikkelingen binnen de duurzame verwarmingsmogelijkheden gaan snel. Het is verstandig om langjarig en strategisch naar duurzame warmtebronnen te kijken die beschikbaar zijn binnen deze regio. Op basis van dit nieuwe bronnenonderzoek kunnen we in gesprek met onze kernen en kan de nieuwe TVW geschreven worden.
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaande energie- en klimaatmiddelen
Resultaat: Een duidelijk overzicht waar in Waadhoeke welke duurzame warmtebronnen bruikbaar zijn om in 2040 energieneutraal te kunnen zijn.
3.l Duurzaamheidslening Waadhoeke
Inhoud: Het instellen van een doorlopend fonds om duurzaamheidsleningen voor inwoners beschikbaar te stellen. Inwoners kunnen onder gunstige condities geld lenen van de gemeente om duurzaamheidsinvesteringen te doen. De lagere energielasten, door de investeringen, zorgen voor ruimte om de lening af te lossen. Er kan voor € 500.000 aan leningen worden uitgegeven.
Financiering: Gemeente, reeds eenmalig in begroting opgenomen.
Resultaat: Een duurzaamheidslening van Waadhoeke voor inwoners van de gemeente.
Inhoud: Het instellen van een doorlopend fonds om verzilverleningen voor inwoners beschikbaar te stellen. Inwoners van Waadhoeke kunnen gebruik maken van deze lening om hun woning te verduurzamen of te verbeteren, wat de woning levensloopbestendiger maakt. Ook kan de eigenaar-bewoner de lening gebruiken voor het vergroenen van hun erf. De lening wordt afgelost bij verkoop of bij het erven van de woning, de overwaarde wordt gebruikt voor het afbetalen van de lening. Er kan voor € 400.000 aan leningen worden uitgegeven.
Financiering: Gemeente, reeds eenmalig in begroting opgenomen.
Resultaat: Een verzilverlening van Waadhoeke voor inwoners van de gemeente.
3.n Pilot hergebruik zonnepanelen t.b.v. energieongelijkheid en circulariteit
Inhoud: In samenwerking met een aantal bedrijven onderzoeken we de mogelijkheid voor het hergebruiken van zonnepanelen. Zonnepanelen die nu van daken komen, intact zijn en goed werken, kunnen worden schoongemaakt en getest. Bij een goed testrapport kunnen deze zonnepanelen weer jarenlang worden gebruikt. Het is de bedoeling dat deze zonnepanelen beschikbaar komen voor minima-huishoudens.
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaand energie- en klimaatmiddelen.
Resultaat: door het hergebruiken van zonnepanelen kunnen minima-huishoudens geholpen worden met het verduurzamingsproces
3.o Opzetten programma duurzaamheidseducatie scholen
Inhoud: Naar aanleiding van de participatieavond kwam naar voren dat de jeugd meer betrokken kan worden bij de energie- en warmtetransitie. Vanuit Waadhoeke wordt er actief ingezet op Natuur- en Milieueducatie. Er zal op korte termijn gekeken worden naar mogelijkheden om deze educatie uit te breiden met een onderdeel energie- en warmtetransitie. Ook komen we met een apart voorstel om de mogelijkheden te onderzoeken voor een op te zetten faciliteit ten behoeve van aanschouwelijk onderwijs gericht op duurzaamheid.
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaande energie- en klimaatmiddelen.
Resultaat: Bewustwording bij kinderen over de energie- en warmtetransitie
Inhoud: Wanneer de resultaten van het bronnenonderzoek bekend zijn, willen we op pad de gemeente in; naar de vertegenwoordigers van de dorpen. We willen het gesprek aan gaan betreffende hun visie op gasloos wonen. Waar kan de gemeente in ondersteunen, wat heeft het dorp nodig, hoe gaan we ons doel samen behalen? Met deze gesprekken kunnen we concrete invulling geven aan de TVW die eind 2026 herijkt moet zijn.
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaande energie- en klimaatmiddelen.
Resultaat: Door het gesprek lokaal, per dorp/kern aan te gaan, krijgen we een duidelijk beeld over hun visie. Deze gegevens kunnen worden meegenomen in de nieuwe TVW
3.q Onderzoek mogelijkheden Energie-gemeenschap/WijkUitvoeringsPlan (WUP)
Inhoud: Door het vernieuwde bronnenonderzoek, de daaropvolgende gesprekken met dorpen en stad over een gasloze toekomst én het schrijven van een nieuwe Transitievisie Warmte, is het van belang dat er een vervolg komt. Dit kan door het schrijven van wijkuitvoeringsplannen. Per wijk wordt beschreven hoe zij gasloos wordt. Tegen die tijd zal ook gekeken worden naar het concept energiegemeenschap. Bij een energiegemeenschap wordt de energievraag en energieaanbod lokaal op elkaar afgestemd. Dit kan wijkoverstijgend zijn.
Financiering: Gemeente, dekking uit bestaande CDOKE-middelen.
Resultaat: Concrete uitvoeringsplannen die bijdragen aan de ambitie van Waadhoeke om in 2040 energieneutraal te zijn.
PROJECTEN ‘OARS MEI NATUER OMGEAN’
Inhoud: Projecten die hieronder vallen zijn o.a. ‘Wat zullen we nou beleven’, winacties, benutten van lokale kennis, abonnementen, tuinbon etcetera.
Resultaat: Incidenteel en structureel deelnemen en uitvoering geven aan kleinere projecten, grotendeels berust op bewustwording.
Inhoud: Samenwerking Operatie Steenbreek en IVN verdiepen. Onder andere om tuinen te vergroenen neemt de gemeente deel aan de actie Steenbreek. Voor deze gelden worden acties uitgewerkt en begeleiding hiervoor gefaciliteerd. Verder wordt er begeleiding gegeven bij het opstellen van jaarlijkse plannen. Toepassen van de jaarlijkse kansenkaart en focussen op jaarlijks 1-2 wijken vergroenen. Samenwerking met IVN. Oa de huidige tuinbon valt hieronder en kansen om samenwerking met tuincentra te verdiepen, dat wil zeggen een milieuplein in elk tuincentrum en het aanbod biologisch en lokaal plantgoed vergroten.
Financiering: Gemeente, meenemen in kadernota 2026.
Resultaat: Bewustwording inwoners over biodiversiteit en het vergoenen van wijken en dorpen.
4.c Subsidieregeling voedselbossen/pluktuinen
Inhoud: Voedselbossen/pluktuinen realiseren (nabij scholen) en op openbaar gemeentelijk groen door scholen en/of vereniging bijvoorbeeld. Het streven is om 1 à 3 per jaar te realiseren, dit in samenwerking met IVN en het voedselbosloket (onderdeel van de vereniging van Drentse voedselbossen.
Financiering: Gemeente, meenemen in kadernota 2026.
Resultaat: Het onderwijs, buurten en dorpen betrekken bij biodiversiteit en voedselvoorziening om zo de kennis over de natuur te vergroten bij een grote groep inwoners
4.d Voedselbos en pluktuin kennis en bekendheid vergroten
Inhoud: Doel om kennis en bekendheid te vergroten. Voorbeelden hiervan zijn het volgen en organiseren van trainingen, cursussen en opleidingen. Ook kunnen er projecten aangedragen worden.
Financiering: Gemeente, meenemen in kadernota 2027.
Resultaat: Bewustwording en kennis vergroten over voedselbossen onder inwoners en initiatiefnemers.
4.e Habitatverbetering en aanbrengen nest-gelegenheid in openbare ruimte voor bestuivers
Inhoud: Aanbrengen van kasten of beschermen van nestgelegenheid in verharding voor wilde bijen, zoals de rosse metselbij en pluimvoetbij in de openbare ruimte aan bijvoorbeeld lantaarnpalen. Hieraan is ook communicatie gekoppeld en monitoring. Onderdeel Bijenpact.
Financiering: Gemeente, meenemen in kadernota 2027.
Resultaat: Meer data over voorkomende soorten bijen in Waadhoeke en het vergroten van bewustwording.
Inhoud: Projecten die hieronder vallen zijn oa, ‘Wat zullen we nou beleven’, winacties, benutten van lokale kennis, abonnementen, tuinbon etcetera.
Financiering: Gemeente, meenemen in kadernota 2025.
Resultaat: Incidenteel en structureel deelnemen en uitvoering geven aan kleinere projecten, grotendeels berust op bewustwording.
4.g Ontwikkelen van een natuurwaardenkaart voor gemeente Waadhoeke
Inhoud: Bestaande data en analyses bundelen in kaarten. Hierdoor zijn we beter in staat om afwegingskaders voor o.a bouwen en beheer op te stellen. Uitdiepen natuurwaardenkaart. Kan ook voor specifieke soorten die voor de gemeente Waadhoeke uniek zijn. Denk hierbij aan de Argusvlinder, mos- en grashommel en waterspitsmuis.
Resultaat: Inzicht in natuurwaarden in Waadhoeke en inzetbaar bij ruimtelijke ontwikkelingen, beheer en vergunningverlening en als praatplaat.
4.h Flora en fauna monitoring opstarten en uitdiepen
Inhoud: Het voorkomen van insecten en planten gemeente breed beter in kaart brengen en trends inzichtelijk maken. Hierdoor kan beleid en beheer beter afgestemd worden op de praktijk. Onder andere in het kader van het Bijenpact dat door de gemeente Waadhoeke is ondertekend. Ook extra inzet van specifieke soorten in kaart brengen. Ook het uitvoeren van een risico analyse voor de komst van de bever uit laten voeren.
Financiering: Gemeente, meenemen in kadernota 2025.
Resultaat: Kennis vergroten en gericht beheer en ruimtelijke ontwikkeling afstemmen.
4.i Subsidieregeling voor opvang van regenwater en meer groen
Inhoud: Huidige regeling vanuit BOR; riolering geregeld. Jaarlijks is hier nu een bedrag van € 20.000 beschikbaar. Denk hierbij aan het vergroenen van tuinafscheidingen, aanschaf plantgoed (uitbreiding plantenvoucher in voor- en najaar) en het inmetselen van nestkasten voor gebouwbewonende soorten in de woningen, bruine daken voor onder andere de visdief en scholekster. Ook zwaluwen bij boeren en uilen.
Resultaat: Maatwerk bieden voor specifieke kansen bij particulier terrein op het gebied van ecologie.
4.j Openbare ruimte vergroenen
Inhoud: Kansen onderzoeken en uitvoering geven aan kansen voor vergroening. Denk aan boomspiegels vergroten, verharding om te vormen van bestrating naar groen en oevers verzachten en te vergroten. Onder andere ook het verbeteren en aanbrengen van straatmeubilair in gebieden zoals Franeker Zuid. Onder andere uitvoering geven aan ‘Anders groen Franeker’ van de jongerenraad.
Financiering: Gemeente, meenemen in kadernota 2026.
Resultaat: Terugdringen wateroverlast, hittestress en meer leefgebied realiseren voor flora en fauna.
4.k Uitbreiding van de huidige subsidieregeling voor opvang van regenwater en meer groen
Inhoud: (huidige regeling wordt vanuit BOR; riolering geregeld, WRP wordt vernieuwd). Jaarlijks is hier nu een bedrag van € 20.000,- beschikbaar. Dit bedrag wordt opgehoogd om ook andere maatregelen mogelijk te maken voor inwoners. Denk hierbij aan het vergroenen van tuinafscheidingen, aanschaf plantgoed (uitbreiding plantenvoucher in voor- en najaar) en het inmetselen van nestkasten voor gebouwbewonende soorten in de woningen, bruine daken voor onder andere de visdief en scholekster. Ook zwaluwen bij boeren en uilen.
Budget: € 20.000,- structureel
Financiering: Gemeente, incidenteel 2025, meenemen in kadernota 2025.
Resultaat: Maatwerk bieden voor specifieke kansen bij particulier terrein op het gebied van ecologie.
4.l Kruidenrijke akkerlanden, 1001 hectare
Inhoud: Bevorderen van kruidenrijkdom en bewustwording bij boeren om kruidenrijke vegetaties te behouden ten behoeve van een inclusievere landbouw.
Budget: € 15.000,- structureel
Financiering: Gemeente (eventueel cofinanciering Regiodeal), incidenteel 2025, meenemen kadernota 2025.
Resultaat: Bewustwording boeren en onder andere voedselbeschikbaarheid voor fauna realiseren.
4.m Subsidieregeling boerenerven in het groen
Inhoud: Vanuit de landschapsanalyse waardevolle bomen is gebleken dat een klein deel van de boerenerven in Waadhoeke nog in het oorspronkelijk groen staan. Dit project heeft als doel om de ecologische meerwaarde van boerenerven te herstellen door een stimuleringsregeling op te tuigen voor boerenerven. Streven om 10 erven te vergroenen per jaar.
Budget: € 90.000,- incidenteel
Resultaat: Versterken en herstellen van ecologische stapstenen in het buitengebied.
Inhoud: De bodembiologie levert veel nuttige functies, zoals stikstofvastlegging, koolstof-vastlegging, ziektewering) en zorgt voor de vitaliteit van een bodem. Dat is over het algemeen nog een black box. Er komen steeds meer onderzoeks-resultaten die laten zien dat er veel bruikbare potentie zit in de bodembiologie en een extra sturingsknop is voor het bodembeheer. Om dit toe te kunnen passen zijn kennis en ervaring nodig alsmede de bewustwording bij gebruikers, zoals agrariërs.
Financiering: Gemeente, incidenteel 2025, meenemen in kadernota 2025.
Resultaat: Door onderzoek inzicht te verkrijgen over de vitaliteit van de bodem om gebruikers bewust te maken van de functies
4.o Actieplan Weidevogels Vogelwacht
Inhoud: Inzetten op het verbeteren van de habitat van weidevogels in heel Waadhoeke, in samenwerking met boeren en Vogelwacht. Daarnaast wordt ook aandacht besteedt aan monitoring en bewustwording.
Financiering: Gemeente, wordt meegenomen in kadernota.
Resultaat: Verbeteren habitat van weidevogels, broedsucces en bewustwording
4.p Toolbox natuur-inclusiviteit
Inhoud: Middelen en handvaten ontwikkelen om natuurincliviteit in de praktijk makkelijker tot uitvoering te brengen in ruimtelijke ontwikkelingen. Denk hierbij aan communicatiemiddelen om bewustzijn te vergroten, maar ook handreikingen etc. Hangt ook samen met de omgevingsvisie en landelijke ontwikkelingen, zoals het bouwbesluit.
Financiering: nog nader te bepalen
Resultaat: Praktijk vertaling van natuurinclusiviteit
4.q Vergroenen binnenstad en dorpen
Inhoud: Denk aan groene erfafscheidingen (hagen), gevelgroen, een groene daken, groene verharding en het terugbrengen van niet nuttige verharding. Halfverharding parkeerplaatsen, vergroten boomspiegels etc.
Financiering: nog nader te bepalen
Resultaat: Meer ruimte bieden aan stad- en dorps ecologie bij particulieren en klimaatadaptieve koppelkansen benutten.
PROJECTEN ‘OARS MEI GRUNSTOFFEN OMGEAN’
5.a Uitvoeren Zwerfafvalprogramma Samen Friesland Schoon
Inhoud: In samenwerking met de Friese Milieu Federatie, het Instituut voor Natuur en Duurzaamheid (IVN) en Omrin worden verschillende uitvoeringsprojecten gericht op de aanpak van zwerfafval opgezet. Samen met inwoners, onderwijs (o.a. Himmelwike), organisaties en instellingen. Ook sluit de gemeente zich aan bij de aanpak van Nederland Schoon. Jaarlijks wordt, aan de hand van een keuzeprogramma, bepaald welke uitvoeringsprojecten worden gestart.
Financiering: Rijk. Aanvraag landelijke zwerfafval-vergoeding (m.i.v. 2025 SUP gelden).
Resultaat: Bewustwording van de effecten van zwerfafval in de leefomgeving met als doel daarmee bij dragen aan een schone gemeente.
5.b Basismonitoring Zwerfafval
Inhoud: Om grip te hebben op de zwerfafvalproblematiek in de gemeente is inzicht nodig. Monitoring is daarbij een goed hulpmiddel. Monitoring basis geeft een totaalbeeld van de aanwezige zwerfafvalsituatie.
Financiering: Rijk. Aanvraag landelijke zwerfafval-vergoeding (m.i.v. 2025 SUP gelden).
Resultaat: Beproefde meetmethode over de aanwezige zwerfafvalsituatie in de gemeente.
5.c Project communicatiecampagne ‘Samen halen we alles eruit’
Inhoud: Deelname aan de provinciale voorlichtings- en communicatiecampagne “Samen halen we alles eruit” van Friese gemeenten en Omrin. We zetten communicatiemiddelen in, gericht op het verbeteren van het afvalscheidingsgedrag van huishoudens met focus op specifieke deelstromen (zoals gft + etensresten) en afgestemd op specifieke doelgroepen.
Financiering: Gemeente (dekking uit beschikbare budget binnen het taakveld Afval).
Resultaat: Verbeteren van het scheidingsgedrag van huishoudens.
5.d Uitvoeren van onderzoek over de samenstelling van afvalstromen (sorteeranalyses)
Inhoud: De restafvalcontainer van huishoudens bevat diverse componenten, zoals bijvoorbeeld papier en gft-afval, die niet in het restafval thuishoren. Op grond van de samenstelling kan worden bepaald wat er bij de inzameling goed gaat, wat beter kan en welke afvalstromen extra aandacht vragen. Periodiek onderzoek naar de samenstelling is nodig om zicht te krijgen op het scheidingsgedrag van huishoudens. Door middel van een steekproef, in de vorm van sorteeranalyses, wordt er gekeken naar de samenstelling van de inhoud van restafvalcontainers. De sorteeranalyses vinden tweemaal per jaar plaats.
Financiering: Gemeente (dekking uit beschikbare budget binnen het taakveld Afval).
Resultaat: Inzicht krijgen in de actuele samenstelling van het huishoudelijk restafval.
5.e Deelname en uitvoeren ambities Circulair Fryslân
Inhoud: In 2016 is de Vereniging Circulair Friesland (VCF) opgericht. Dit is een samenwerkingsverband van Friese bedrijven, de provincie Fryslân, Friese gemeenten, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties die zich inzetten voor een circulaire economie. De gemeente Waadhoeke heeft zich in 2019 aangesloten bij dit Friese netwerk. De gemeente draagt daarmee bij aan de vastgestelde gezamenlijke ambities over het bereiken van circulaire economie. Tevens is aangesloten bij Bouwcirculair voor het verduurzamen van de beton- en asfaltketen.
Resultaat: Samenwerken met allerlei partijen in Fryslân bij het aanjagen van de nieuwe circulaire economie.
5.f Deelname en ontwikkeling programma Circulair Bouwen
Inhoud: De opdrachtgeversaanpak ‘Fryslân bouwt Circulair’ is een collectieve aanpak om aan de hand van concrete (woning)bouwprojecten aan de slag te gaan met circulair bouwen in de grote (woning)bouw-, renovatie- en verduurzamingsopgaven van Fryslân. De gemeente heeft een belangrijke positie in de transitie naar een circulaire bouweconomie. Daarmee is een eerste belangrijke stap gezet in gezamenlijk versnellen van de transitie naar een circulaire bouwsector. De gemeente heeft ingestemd met deelname aan de gezamenlijke opdrachtgeversaanpak en er zijn minimaal twee bouwprojecten aangewezen.
Resultaat: Een collectieve Friese aanpak kennis, ervaring en capaciteit over circulair bouwen op efficiënte wijze in te zetten, te delen en aan te jagen. Daarmee te bevorderen dat circulariteit standaard in bouwprojecten wordt toegepast volgens het principe van het Nieuwe Normaal (gemeenschappelijke taal en prestaties ten aanzien van circulair bouwen) in Friesland.
5.g Inzicht en voorlichting over de afvalverwerkingsketen voor dorpen/wijken/verenigingen/Instellingen/inwoners
Inhoud: Wat er na het legen van de afvalcontainer met het afval gebeurt is voor heel veel inwoners niet duidelijk. Het afval van huishoudens wordt afgevoerd naar verwerkingslocaties zoals Ecopark de Wierde van Omrin, vlakbij Heerenveen. Een excursie naar verwerkingslocaties, zoals het Ecopark, geeft duidelijkheid over wat er verder met het huishoudelijke afval gebeurd. Vaak is dit voor mensen ‘eye opener’. Dorpsbelangen en wijkverenigingen worden benaderd om met een groep vanuit het dorp mee te gaan op excursie naar Ecopark de Wierde. Daarnaast is het mogelijk dat Omrin een informatiebijeenkomst in dorpen organiseert, waarbij preventie en afvalscheiding centraal staan. Hierbij kunnen de aanwezigen via een VR bril een virtueel bezoek brengen aan de SBI, de KSI en de REC.
Financiering: Gemeente, dekking uit beschikbare budget binnen het taakveld Afval.
Resultaat: Het vervolg van de afvalverwerking te laten zien in combinatie met voorlichting en daarmee inwoners te motiveren voor afvalscheiding (ambassadeursfunctie richting de eigen omgeving).
5.h Uitbreiden (bestaande) samenwerking lokaal hoogwaardig (her)gebruik van groene reststromen in landbouw
Inhoud: Op basis van Samenwerkingsovereenkomst (SOK) tussen Agricycling Fryslân Coöperatief en de gemeente Waadhoeke (ondertekend op 12 september 2023) wordt bermmaaisel en hekkelmateriaal geleverd aan agrariërs die zijn aangesloten bij Agricycling. Voor aanvang van het maaiseizoen worden afspraken over de aanpak vastgelegd in een jaarlijks Werkplan. Primair is Agricycling Fryslân Coöperatief verantwoordelijk voor een efficiënte aanpak wat leidt tot een rendabele bedrijfsvoering. Het merendeel van de te maken kosten zit in de beschikbaarstelling van de machine voor het omzetproces en het monitoringsproces. Het materiaal gaat rechtstreeks naar de agrariërs. De vergoeding per aangeleverde hoeveelheid materiaal is exclusief de transportkosten. Naast een besparing op de stortkosten en de economische waarde realiseert de gemeente ook een maatschappelijke waarde door haar bijdrage aan minder CO2-uitstoot op het boerenerf, vastleggen van CO2 in de bodem en de reductie van kunstmestgebruik door het gebruik van kwalitatief hoogwaardige compost. Insteek is om de bestaande samenwerking voor de periode 2023 tot en met 2025 (pilot) de komende jaren te continueren en verder uit te gaan breiden in Waadhoeke.
Financiering: Gemeente (verschuiving binnen taakveld groenbeheer)
Resultaat: Het eindproduct (compost) wordt toegepast op de eigen landbouwgrond. Per hectare wordt maximaal 15 ton compost per jaar uitgereden ter verbetering van de grond.
5.i Kennisuitwisseling door aan te sluiten bij bestaande en nieuwe grondstoffenketens
Inhoud: Binnen bedrijven en productieketens komen allerlei afvalstromen vrij die te maken hebben met het type onderneming en het bijbehorende productieproces. Ieder bedrijf is binnen geldende wet- en regelgeving autonoom als het gaat om inkoop van benodigdheden, afzet van producten en de afvoer van afvalstoffen. Allerlei ketens lopen daardoor wellicht langs elkaar of kunnen op lokaal niveau beter met elkaar worden verbonden dan wel benut. Afvalstoffen of overtollige materialen op de ene locatie kunnen misschien weer goed dienen als (secundaire) grondstof op een andere locatie. Door een ketenanalyse te doen van lokale bedrijfscategorieën kan inzicht worden verkregen in vrijgekomen en benodigde materialen. Met een proef worden de stromen in een bepaalde branche in beeld gebracht en wordt gezocht naar (nieuwe) lokale afzetmogelijkheden. Hierdoor kunnen ketens op lokaal niveau worden verkort dan wel gesloten.
Resultaat: Inzicht krijgen in de keten van afvalstromen binnen bedrijven en bij te dragen aan een lokale circulaire economie.
Inhoud: Om grip te hebben op de zwerfafval-problematiek in de gemeente is inzicht nodig. Monitoring is daarbij een goed hulpmiddel. Monitoring basis geeft een totaalbeeld van de aanwezige zwerfafvalsituatie. Voor meer details over gebiedsdelen en soorten zwerfafval is Monitoring plus een beproefde meetmethode dat voldoet aan het handboek Monitoring Zwerfafval van Nederland Schoon. Het betreft een uitbreiding van het onderzoek naar de aanwezige zwerfafvalsituatie, via het plus pakket. Dit sluit aan bij het adequaat monitoren van de effecten bij wijzigingen in het bestaande systeem, zoals de voornemens rond invoering van diftar.
Financiering: Rijk. Aanvraag landelijke zwerfafval-vergoeding (m.i.v. 2025 SUP gelden).
Resultaat: Beproefde meetmethode over de aanwezige zwerfafvalsituatie in de gemeente.
5.k Optimaliseren en opwaarderen inzamelvoorzieningen
Inhoud: Voor het stimuleren van de gescheiden inzameling van afvalstromen uit huishoudens stelt de gemeente allerlei voorzieningen beschikbaar, zoals mini-containers, ondergrondse of bovengrondse verzamelcontainers, speciale inzamelbakken, biobakjes, compostvaten e.d. Het is van belang dat beschikbare inzamelvoorzieningen aansluiten bij de wensen van inwoners en gebruikers, hedendaagse inzichten uitstraling, lokale omstandigheden en moderne vormgeving. Moderne, zichtbare, gebruiksvriendelijke en goed bereikbare voorzieningen dragen bij aan het bevorderen van de scheiding.
Financiering: Gemeente (dekking uit beschikbare budget binnen het taakveld Afval).
Resultaat: Verbeteren van het scheidingsgedrag van huishoudens.
5.l Invoeren systeem registratie aangeboden hoeveelheid kilogram (diftar)
Inhoud: De gemeente onderzoekt de mogelijk-heden voor invoering van gedifferentieerde tariefstelling (diftarsysteem), waarbij de hoeveelheid per huishouding wordt geregistreerd en op basis daarvan in rekening wordt gebracht via de afvalstoffenheffing. Bij de inzameling van afvalstoffen wordt de aangeboden hoeveelheid per huishouding geregistreerd. Hoe meer restafval en hoe minder afvalstromen worden gescheiden hoe hoger de afvalstoffenheffing zal zijn. Omgekeerd levert het beter aanbieden van minder afval een lagere variabele afvalstoffenheffing op. Het diftarsysteem is een vorm van bronscheiding: het afval wordt gescheiden voordat het wordt aangeboden. Het is een financiële prikkel om huishoudens te stimuleren om grondstoffen gescheiden aan te bieden en afname van het aanbod van huishoudelijk restafval.
Looptijd: onderzoek in 2025, invoeren 2026-2028
Kosten: onderzoek € 20.000 eenmalig, invoering diftar € 100.000 per jaar.
Financiering: Gemeente, wordt meegenomen in de kadernota 2025.
Resultaat: Minder restafval en betere bronscheiding van deelstromen. Verwacht 26% reductie van de hoeveelheid restafval per inwoner.
Inhoud: De CO2-Prestatieladder is een duurzaamheidsinstrument dat bedrijven en over-heden helpt bij het reduceren van CO2 en kosten. De Ladder wordt als CO2-managementsysteem gebruikt en geeft inzicht in de CO2-uitstoot en reductiemogelijkheden van de gemeentelijke organisatie. Doel is certificering op niveau 3 (Handboek 3.1).
Resultaat: Certificaat CO2-prestatieladder en reductie CO2-uitstoot.
Inhoud: De Milieubarometer is een duurzaam-heidsmonitor die de CO2-impact van een organisatie zichtbaar maakt. De gemeente ondersteunt bedrijven en organisaties bij het nemen van energiebesparende maatregelen en de bijbehorende CO2-reductie door een gratis startabonnement op de Milieubarometer aan te bieden. Gemeente Waadhoeke gebruikt de Milieubarometer zelf om de CO2-footprint van de eigen organisatie in kaart te brengen voor de CO2-prestatieladder. Onderzoeksresultaten over mogelijkheden van invoering van diftar worden in een separaat voorstel aan de raad voorgelegd inclusief financiering en wijze van dekking.
Resultaat: CO2-footprint eigen organisatie en ondersteuning bedrijven en instellingen.
Inhoud: Interne verduurzaming kan leiden tot incidentele meerkosten. Ook kan een extra impuls nodig zijn om interne verduurzaming blijvend onder de aandacht te houden (campagnes, voorlichting, innovatie). Om het proces van interne verduurzaming gaande te houden en tijdelijke financiële belemmeringen weg te nemen, wordt een werkbudget ingezet.
Alle 17 duurzame ontwikkelingsdoelen in een overzicht:
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-106525.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.