Verordening op de heffing en de invordering van leges gemeente Buren 2026

De raad van de gemeente Buren;

gelezen het voorstel van college van burgemeesters en wethouders van 4 november 2025;

gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h. en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet, de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet en artikel 13.1a van de Omgevingswet;

Besluit:

vast te stellen de

Verordening op de heffing en de invordering van leges gemeente Buren 2026

(Legesverordening gemeente Buren 2026)

 

Artikel 1 Definities

Deze verordening verstaat onder:

  • -

    dag : de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • -

    jaar : het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • -

    kalenderjaar : de periode van 1 januari tot en met 31 december;

  • -

    maand : het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is;

  • -

    week : een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • -

    liefdadig : gericht op het geven van steun aan noodlijdende personen;

  • -

    niet-commercieel: de (exploitatie van de) activiteit vindt niet plaats uit winstoogmerk, maar om in het commercieel algemeen belang gelegen redenen en de opbrengst komt ten goede aan niet commerciële verenigingen, kerken of stichtingen gevestigd in de gemeente Buren of aan een liefdadig doel;

  • -

    APV : Algemene plaatselijke verordening Gemeente Buren.

 

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

  • a.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een dienst of het nemen van een besluit;

  • b.

    het verlenen van een dienst op aanvraag; of

  • c.

    het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een document, een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

 

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager of degene voor wie de aanvraag is gedaan.

 

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor het in behandeling nemen van de volgende aanvragen:

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 13.6 van de Omgevingswet zijn of worden verhaald;

  • b.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

  • c.

    verklaringen omtrent inkomen en vermogen;

  • d.

    artikel 1.36 a Inzamelingsvergunning, indien er sprake is van een niet commerciële activiteit of indien er sprake is van een activiteit, waarvan de opbrengst voor een liefdadig doel is bestemd (voorbeeld: bedrijf organiseert actie voor slachtoffers tsunami).

  • e.

    artikel 3.6 Organiseren evenement, indien er sprake is van een niet commerciële activiteit of indien er sprake is van een activiteit, waarvan de opbrengst voor een liefdadig doel is bestemd, met uitzondering van de kosten voor de ontheffing op grond van artikel 35 van de Alcoholwet.

    Indien van toepassing wordt voor deze vergunning/ontheffing dus te allen tijde het genoemde legesbedrag voor de ontheffing op grond van artikel 35 van de Alcoholwet in rekening gebracht;

  • f.

    aanvragen tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor het realiseren van verduurzamingsmaatregelen op, aan of in een monument, een beschermd stads-/dorpsgezicht of karakteristiek pand. De lijst met groene leges – verduurzamingsmaatregelen is opgenomen als bijlage bij de Tarieventabel leges 2026. Uitgezonderd zijn de publicatiekosten en de leges die andere overheden aan de gemeente voor de aanvraag in rekening brengen. Deze worden doorberekend aan de aanvrager.

Artikel 5 Maatstaven van heffing

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel;

  • 2.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

  • 1.

    De leges worden geheven door middel van een mondelinge kennisgeving, een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, een zegel, een nota of andere schriftuur, of een kennisgeving langs elektronische weg. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving of langs elektronische weg aan de belastingschuldige  bekendgemaakt.

  • 2.

    Een gedagtekende schriftelijke kennisgeving wordt gevolgd door een definitieve gedagtekende schriftelijke kennisgeving.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6 van deze verordening:

    a. mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    b. schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen dertig dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

    c. langs elektronische weg in het aanvraagproces wordt gedaan onverwijld, dan wel als die mogelijkheid wordt geboden binnen 30 dagen na het indienen van de aanvraag langs elektronische weg;

    d. langs elektronische weg na indiening van de aanvraag wordt gedaan, binnen 30 dagen na dagtekening van kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid van dit artikel gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

 

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst, besluit of handeling wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst, besluit of handeling in die tarieventabel opgenomen bepaling.

 

Artikel 10 Machtiging tot overdracht van bevoegdheden

Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, als de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende paragrafen of artikelen van hoofdstuk 1 van de tarieventabel betreft:

    1. paragraaf 1.2 (reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart);

    2. paragraaf 1.3 (rijbewijzen);

    3. artikel 1.17 (schriftelijke verstrekking uit de basisregistratie personen);

    4. artikel 1.25, onder a (verklaring omtrent het gedrag);

    5. artikel 1.31 (Wet op de kansspelen);

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

 

Artikel 11 Overgangsrecht

De 'Verordening op de heffing en de invordering van leges Buren 2025’ met bijbehorende tarieventabel, vastgesteld in de vergadering van 17 december 2024, en de ‘Nieuwe tarieven leges en lijkbezorgingsrechten 2025’, vastgesteld in de vergadering van 18 maart 2025, worden ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid van deze verordening genoemde datum van ingang van heffing. Zij blijven van toepassing op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

 

Artikel 12 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2026.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.

 

Artikel 13 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als 'Legesverordening gemeente Buren 2026’

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Buren d.d. 16 december 2025.

 

De griffier,

D. J. Weststrate

De voorzitter,

H.M. Ostendorp

Bijlage 1 Tarieventabel leges 2026 Buren

Tarieventabel 2026 Buren

€ tarief

Hoofdstuk 1

Algemene dienstverlening

Paragraaf 1.1

Burgerlijke stand

Artikel 1.1

Huwelijk voltrekking / registratie partnerschap

1.

Voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op de volgende aangewezen trouwlocaties: - de trouwzaal van het gemeentehuis, De Wetering 1 in Maurik - de Prinsenhof, De Bijen 1 in Buren - het Weeshuis, Weeshuiswal 9 in Buren (excl. kosten van het Weeshuis)

a

Maandag tussen 09.30 en 16.30 uur en dinsdag t/m vrijdag tussen 09.00 en 16.30 uur

529,35

b

Maandagmorgen van 09.00 tot 09.30 uur

gratis

de voltrekking kan alleen kosteloos in het gemeentehuis in Maurik plaatsvinden

c

Overige tijdstippen op bestaande aangewezen trouwlocaties:

835,90

2.

Voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op een andere locatie dan in de bovengenoemde locaties op: - de trouwzaal van het gemeentehuis, De Wetering 1 in Maurik - de Prinsenhof, De Bijen 1 in Buren - het Weeshuis, Weeshuiswal 9 in Buren (excl. kosten van het Weeshuis zelf)

a

Maandag tussen 09.30 en 16.30 uur en dinsdag t/m vrijdag tussen 09.00 en 16.30 uur:

540,50

b

Overige tijdstippen dan genoemd onder lid 2, sub a:

847,00

Artikel 1.2

Omzetten geregistreerd partnerschap in een huwelijk

Voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk op de volgende bestaande aangewezen trouwlocaties: - de trouwzaal van het gemeentehuis, De Wetering 1 in Maurik - de Prinsenhof, De Bijen 1 in Buren - het Weeshuis, Weeshuiswal 9 in Buren (excl. kosten van het Weeshuis) bedraagt het tarief op:

a

Maandag tussen 09.30 en 16.30 uur en dinsdag t/m vrijdag tussen 09.00 en 16.30 uur

529,35

b

Maandagmorgen van 09.00 tot 09.30 uur:

-

de omzetting kan alleen kosteloos in het gemeentehuis in Maurik plaatsvinden

c

Overige tijdstippen:

835,90

d

Administratieve omzetting in spreekkamer gemeentehuis:

102,45

Artikel 1.3

Huwelijksvoltrekking of registratie partnerschap in bijzonder huis

De tarieven genoemd onder artikel 1.1 en 1.2 van deze paragraaf worden voor voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek verhoogd met:

203,90

Artikel 1.4

Omzetten geregistreerd partnerschap in huwelijk in bijzonder huis

De tarieven genoemd onder artikel 1.1 en 1.2 van deze paragraaf worden voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk in een bijzonder huis ingevolge artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek verhoogd met:

203,90

Artikel 1.5

Aanwijzing buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om bij besluit een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand aan te wijzen voor één dag:

a

als beëdiging bij de rechtbank al heeft plaatsgevonden:

115,55

b

als beëdiging bij de rechtbank nog niet heeft plaatsgevonden:

346,60

Artikel 1.6

Beschikbaar stellen getuige door gemeente

Het tarief bedraagt voor het van gemeentewege beschikbaar stellen van getuigen, per getuige:

33,40

Artikel 1.7

Annuleren of wijzigen datum

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een gereserveerde datum voor de huwelijksvoltrekking, registratie van het partnerschap of omzetting van het geregistreerd partnerschap in een huwelijk te annuleren of te wijzigen binnen een periode van vier weken voorafgaand aan die gereserveerde datum:

102,45

Artikel 1.8

Trouwboekje of partnerschapsboekje

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:

a

een trouwboekje of partnerschapboekje in een normale uitvoering (duplicaat)

44,50

b

een trouwboekje of partnerschapboekje in een luxe uitvoering (duplicaat)

66,85

Artikel 1.8a

Verstrekken akten burgerlijke stand

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

Paragraaf 1.2

Reisdocumenten en Nederlandse Identiteitskaart

Artikel 1.9

Paspoorten of andere reisdocumenten

De tarieven voor reisdocumenten zijn gebaseerd op de maximum wettelijke tarieven uit het vigerende Besluit Paspoortgelden. wetten.nl - Regeling - Besluit paspoortgelden - BWBR0005264

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van:

a

van een nationaal paspoort:

Maximum wettelijk tarief

1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

Maximum wettelijk tarief

2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

Maximum wettelijk tarief

b

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel a (zakenpaspoort):

Maximum wettelijk tarief

1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

Maximum wettelijk tarief

2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

Maximum wettelijk tarief

c

een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

Maximum wettelijk tarief

1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

Maximum wettelijk tarief

2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

Maximum wettelijk tarief

d

een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

Maximum wettelijk tarief

 

Artikel 1.10

Nederlandse identiteitskaart

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van:

a

een Nederlandse identiteitskaart

Maximum wettelijk tarief

1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

Maximum wettelijk tarief

2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

Maximum wettelijk tarief

b

een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor een persoon met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon:

Maximum wettelijk tarief

Artikel 1.11

Modaliteiten

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

voor de versnelde uitreiking van een in artikel 1.9 en artikel 1.10, onder a, genoemd document, zijnde een toeslag op de in die artikelen genoemde bedragen:

Maximum wettelijk tarief

Paragraaf 1.3

Rijbewijzen

Artikel 1.12

Rijbewijzen

De tarieven voor rijbewijzen zijn gebaseerd op het maximum wettelijk tarief zoals in het Reglement Rijbewijzen wetten.nl - Regeling - Reglement rijbewijzen - BWBR0008074. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs:

Maximum wettelijk tarief

Artikel 1.13

Modaliteiten

a

Het tarief genoemd in artikel 1.12 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met:

Maximum wettelijk tarief

b

Voor het verkrijgen van een Gezondheidsverklaring wordt het bedrag in rekening gebracht zoals dat door het CBR in rekening wordt gebracht. Het tarief staat op www.cbr.nl

 

Paragraaf 1.4

Verstrekkingen in het kader van de basisregistratie persoonsgegevens

Artikel 1.14

Definities

1

Voor de toepassing van artikel 1.15 wordt onder één verstrekking verstaan verstrekking van een of meer gegevens over één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

2

Voor de toepassing van artikel 1.16 wordt onder één verstrekking verstaan verstrekking van een of meer gegevens over één persoon die niet zijn opgenomen in de basisregistratie personen.

Artikel 1.15

Verstrekking van gegevens uit de basisregistratie personen

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

a

tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking

10,35

Artikel 1.16

Verstrekking van aangehaakte gegevens

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

a

tot het verstrekken van gegevens: per verstrekking

10,35

Artikel 1.17

Schriftelijke verstrekking

In afwijking van de artikelen 1.15 en 1.16 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van gegevens bedoel in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen:

7,70

Artikel 1.18

Op aanvraag doornemen basisregistratie personen

Het tarief bedraagt voor het op aanvraag doornemen van de basisregistratie personen, voor ieder daaraan te besteden kwartier:

32,80

Artikel 1.18a

Bewijs van opneming in het BRP

a

Het tarief bedraagt voor het afgeven van een bewijs van opneming in de basisregistratie personen, via de balie

10,65

b

Het tarief bedraagt voor het afgeven van een bewijs van opneming in de basisregistratie personen, via het digitale loket

8,10

 

Paragraaf 1.5

Bestuursstukken (gereserveerd)

Bestuursstukken zijn via de website www.buren.nl gratis te downloaden.

Artikel 1.19

Afschriften van bestuursstukken

Het tarief bedraagt voor het in behandeling namen van een aanvraag tot het verstrekken van:

a.

een afschrift van de gemeentebegroting

1

voor een afschrift van de programmabegroting

58,55

2

voor een afschrift van de productenbegroting

58,55

b.

een afschrift van de gemeenterekening

1

voor een afschrift van de programmarekening

58,55

2

voor een afschrift van de productenrekening

58,55

c

Voor het aanleveren van een bestand bedraagt het tarief

d

een afschrift van het verslag van een raadsvergardering, per pagina

0,20

e

een afschrift van de stukken behorende bij een raadsvergadering, per pagina

0,20

f

een afschrift van het verslag van een voorbespreking, per pagina

0,20

met een maximum van € 12,50

Artikel 1.20

Abonnement op bestuursstukken (gereserveerd)

Bestuursstukken zijn via de website www.buren.nl gratis te downloaden. Het afsluiten van nieuwe abonnementen is niet meer mogelijk.

Paragraaf 1.6

Vastgoedinformatie (gereserveerd)

Informatie met betrekking tot (onder andere) een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, structuurplan of stadsvernieuwingsplan, Monumentenwet 1988, het gemeentelijk beperkingsregister of de gemeentelijke beperkingsregistratie als bedoeld in artikel 9, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, gemeentelijk adressenbestand, gebouwenregistratie en dergelijke is veelal digitaal beschikbaar. Deze informatie is niet meer via de gemeente Buren beschikbaar.

Artikel 1.21

Plan- of kaartinformatie (gereserveerd)

Artikel 1.22

Informatie uit registers (gereserveerd)

Artikel 1.23

Informatie uit adressenbestanden (gereserveerd)

 

Paragraaf 1.7

Overige publiekszaken

Artikel 1.24

Gemeentegarantie (gereserveerd)

Artikel 1.25

Overige publiekszaken

1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

a

tot het verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag, het bedrag zoals vermeld op Het Juridisch Loket van Justis Verklaring omtrent gedrag (VOG) aanvragen | Het Juridisch Loket

Maximum wettelijk tarief

b

tot het verstrekken van een bewijs van in leven zijn, via de balie

10,65

c

tot het verstrekken van een bewijs van in leven zijn, via het digitale loket

8,10

d

tot het legaliseren van een handtekening

10,65

e

tot het verstrekken van een waarmerking van documenten

10,65

f

tot het verstrekken van een bewijs van Nederlanderschap

10,65

Paragraaf 1.8

Gemeentearchief

Artikel 1.26

Naspeuringen in gemeentearchief

Het tarief bedraagt voor het op aanvraag doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan te besteden kwartier:

32,80

Informatie bij het Regionaal Archief Rivierenland is daar gratis te raadplegen. Informatie over de bodem kunt u raadplegen in de Bodemviewer www.gelderseomgevingsdiensten.nl/kennisbank/bodeminformatie-en-bodemonderzoek/

Artikel 1.27

Afschrift of uittreksel uit gemeentearchief

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven van:

a

een afschrift, fotokopie of digitale kopie van een in het gemeentearchief berustend stuk, voor 6 kopieën of meer, per pagina op papier van A4-formaat

0,20

b

een uittreksel uit een in het gemeentearchief berustend stuk

4,70

c

een lichtdruk van een bouwtekening, per lichtdruk of digitale kopie

6,05

Artikel 1.28

Uitlenen archiefbescheiden (gereserveerd)

-

 

Paragraaf 1.9

Bijzondere wetten

Artikel 1.29

Huisvestingswet 2014 (gereserveerd)

Artikel 1.30

Leegstandwet

1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

a.

een vergunning voor woonruimte in een gebouw conform artikel 15, lid 1 onder a. van de Leegstandswet

66,40

b.

een vergunning voor een voor de verkoop bestemde woning conform artikel 15, lid 1 onder b. van de leegstandswet

66,40

c.

een vergunning voor een voor verhuur bestemde woonruimte die bestemd is voor afbraak of vernieuwbouw conform artikel 15, lid 1 onder c. van de Leegstandswet

66,40

d.

een vergunning voor woonruimte in een te koop staande huurwoning conform artikel 15, lid 1 onder d. van de Leegstandswet

66,40

e.

een complexgewijze aanvraag voor een vergunning voor woningen conform artikel 15, lid 1 onder c. en/of d. van de Leegstandswet

396,70

f.

verlenging van een vergunning voor woningen conform artikel 15, lid 1 onder c.

66,40

g.

verlenging van een vergunning voor woningen conform artikel 15 lid 1, onder d.

66,40

h.

een complexgewijze aanvraag voor verlenging van een vergunning voor woningen conform artikel lid 1 onder c. en/of d. van de Leegstandswet

67,90

2

Als aanvragen als bedoeld in het eerste lid, gelijktijdig worden ingediend en woonruimten in hetzelfde gebouw, zoals een flat, een school of een kantoor betreffen, worden de in die onderdelen bedoelde leges slechts eenmaal geheven. [Dit geldt ook als het gaat om een geheel van huurwoningen bestemd voor sloop of renovatie waarvoor gelijktijdig aanvragen worden ingediend.]

 

Artikel 1.31

Wet op de kansspelen

1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen (wettelijke tarieven opgenomen in het Speelautomaten besluit 2000):

b

voor twee speelautomaten voor een periode van 12 maanden

92,95

Het bedrag wordt verhoogd met publicatiekosten, per geplaatst bericht.

35,60

3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning):

61,20

4

Het bedrag wordt verhoogd met publicatiekosten, per geplaatst bericht.

35,60

Artikel 1.32

Telecommunicatiewet

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet:

1.1

Leges voor een melding van werkzaamheden van niet ingrijpende aard, als bedoeld in de Algemene Verordening Kabels en leidingen, voor tracés tot 10 strekkende meter.

353,90

1.1.1

Leges instemmingsbesluit/vergunning voor het kruisen van wegen en watergangen en tracés van 10 tot 500 meter.

798,05

1.1.2

Leges instemmingsbesluit/vergunning tracés vanaf 500 tot 1000 meter.

1.285,00

1.1.3

Leges instemmingsbesluit/vergunning > 1000 meter.

1.833,25

1.2

Leges voor een melding van werkzaamheden van niet ingrijpende aard, als bedoeld in de Algemene Verordening Kabels en leidingen, voor het maken van handboringen, per boring.

16,45

2.

Leges instemming/vergunningaanvraag van één netbeheerder voor het plaatsen van een transformator-, schakel-, verdeel- en onderstations, distributie- en/of mutatiepunten, ondersteuningswerken en beschermingswerken met een afmeting groter dan 0,60 x 0,30 x 0,80 m (lxbxh).

695,20

3.

De tarieven van de artikelen 1.32 onder 1.1. worden, als met betrekking tot een instemming/vergunningaanvraag overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met:

266,80

4.

De tarieven van de artikelen 1.32 onder 1.1. worden, als met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met:

536,85

 

Artikel 1.33

Wegenverkeerswetgeving

1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:

a

het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

90,20

b

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

62,35

c

verstrekking van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

328,75

d

verlenging of vernieuwen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) indien daarvoor een medische keuring vereist is

328,75

e

verlenging of vernieuwen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW) indien daarvoor geen medische keuring vereist is

73,50

2

Bij het niet verschijnen op een gemaakte afspraak voor een medische keuring wordt het no-show tarief van de keuringsinstantie doorberekend aan de aanvrager. De regels van de keuringsinstantie met betrekking tot het tijdig afmelden zijn hierbij leidend.

73,50

3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerplaats als bedoeld in artikel 29 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

548,35

4

Het tarief bedraagt voor het wijzigen van een kenteken bij een verkregen gehandicaptenparkeerplaats als bedoeld in artikel 29 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

132,55

 

Paragraaf 1.10

Diversen

Artikel 1.34

Gewaarmerkte afschriften, kopieën, stukken of uittreksels

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

a

stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt of gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina:

10,65

b

een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

282,40

c

afschriften, doorslagen, fotokopieën of een digitale kopie van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

1

voor 6 kopieën of meer, per pagina op papier van A4-formaat

0,20

2

per pagina op papier van een ander formaat

0,40

3

bestanden op CD of DVD, per CD of DVD

13,85

4

kaarten en tekeningen, al dan niet behorend bij de onder a tot en met c genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart of tekening.

6,05

d

De stukken bedoeld onder lid c. zijn gratis als deze in digitale vorm worden aangeleverd.

Artikel 1.35

Diverse vergunningen of beschikkingen

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

a

tot het verstrekken van een inzamelingsvergunning als bedoeld in artikel 5:13 van de A.P.V.:

62,35

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

b

tot het opvragen van gegevens uit verkeerstellingen, per locatie

67,90

c

tot het uitvoeren van een verkeerstelling, per locatie

650,80

d

het door of vanwege de gemeente schriftelijk verstrekken van verkeersgegevens uit het regionale verkeersmodel voor ieder daaraan besteed kwartier

32,80

e

tot een ontheffing van het metaaldetectieverbod zoals verwoord in artikel 5:40 van de APV

135,30

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

 

Hoofdstuk 2

Dienstverlening en besluiten in het kader van de omgevingswet

Paragraaf 2.1

Algemene bepalingen

Artikel 2.1

Definities

1.

Begripsbepalingen die zijn opgenomen in de bijlage bedoeld in artikel 1.1 van de Omgevingswet, in bijlage I bij het Besluit activiteiten leefomgeving, het Besluit bouwwerken leefomgeving, het Besluit kwaliteit leefomgeving, het Omgevingsbesluit en de Omgevingsregeling en in de bijlagen bij het gemeentelijke omgevingsplan, zijn ook van toepassing op dit hoofdstuk, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.

2.

In dit hoofdstuk voorkomende begrippen die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander dan een in het eerste lid bedoeld wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld, tenzij in de legesverordening of deze tarieventabel anders is bepaald.

3.

In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:

binnenplanse omgevingsplanactiviteit: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die niet in strijd is met het omgevingsplan;

binnenplanse omgevingsplanactiviteit bij wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht: een activiteit waarvoor in het omgevingsplan is bepaald dat het is verboden deze zonder omgevingsvergunning te verrichten en die in strijd is met het omgevingsplan, maar die niet in strijd is met regels voor de toepassing van een wijzigingsbevoegdheid of het voldoen aan een uitwerkingsplicht in het tijdelijke deel van het omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet;

buitenplanse omgevingsplan activiteit: een activiteit waarvoor het omgevingsplan bepaalt dat een vergunning nodig is, maar het volgens de beoordelingsregels niet mogelijk is de vergunning te verlenen of een andere activiteit die in strijd is met het omgevingsplan;

concept verzoek: (omgevingsoverleg) bij een concept verzoek wordt vooraf aan een vergunningsaanvraag gekeken of en plan haalbaar is. Gekeken wordt of het plan past binnen het omgevingsplan en het plan wordt aan de welstandscommissie voorgelegd. Het is mogelijk dat er nog kosten bij komen als het plan behandeld moet worden in de intaketafel.

principeverzoek ruimtelijke ontwikkeling: een verzoek waarin indiener vraagt of en onder welke voorwaarden de gemeente in beginsel wil meewerken aan een voorgenomen plan. Een integrale beoordeling of een initiatief wenselijk en haalbaar is en waarvoor het niet nodig is om een intentieovereenkomst te sluiten.

regiekamer: door de regiekamer wordt van een initiatief dat niet past binnen de regels van het omgevingsplan beoordeeld op welke wijze het toch kan worden gerealiseerd. Een overleg in de regiekamer leidt tot een standpunt over de wenselijkheid van het initiatief, de eventuele medewerking en het vervolgproces.

omgevingstafel: De omgevingstafel is een overlegvorm voor initiatieven waarvan in de regiekamer is geoordeeld dat deze wenselijk zijn. Aan de omgevingstafel wordt met alle betrokkenen (initiatiefnemer, relevante specialisten van de gemeente, omgevingsdienst, ketenpartners en andere belanghebbenden) besproken onder welke voorwaarden het initiatief mogelijk is. Het initiatief kan ook worden verbeterd of verrijkt, met het doel om kwaliteit toe te voegen of kansen die het initiatief biedt te benutten.

4.

In aanvulling op de in bijlage I bij de Omgevingsregeling opgenomen omschrijving van het begrip ‘bouwkosten’ wordt onder de in die omschrijving genoemde Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 verstaan de voorwaarden die bekendgemaakt zijn in Staatscourant 2012, 1567.

5.

in afwijking van bijlage I bij de Omgevingsregeling wordt onder bouwkosten verstaan: Bij het bepalen van de hoogte van de bouwkosten wordt uitgegaan van normkosten, zoals die staan vermeld in het overzicht (ROEB-lijst) dat bij deze tarieventabel als bijlage is opgenomen.

Indien de bouwkosten niet kunnen worden bepaald aan de hand van het hiervoor genoemde overzicht, worden de bouwkosten vastgesteld op basis van het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom conform de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 zoals bekendgemaakt in de Staatscourant 2012, 1567), de omzetbelasting daarin niet begrepen, of voor zover deze ontbreekt een raming van de kosten die voortvloeien uit aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en

indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen;

 

6.

In behandeling nemen en buiten behandeling stellen

Als een aanvraag in behandeling wordt genomen is één van de eerste uitvoeringshandelingen een toets op volledigheid van het dossier. Voor de legesheffing is de aanvraag op dat moment in behandeling genomen en worden leges geheven. Als uit de volledigheidstoets blijkt dat een dossier niet volledig is, krijgt de aanvrager 1 x de gelegenheid zijn aanvraag aan te vullen. Gebeurt dit niet, of niet volledig, wordt de verdere behandeling gestaakt. Dit heet het buiten behandeling stellen. Voor een deel van de verschuldigde leges wordt dan teruggaaf verleend.

7.

Ruimtelijke plannen

Ruimtelijke plannen zijn in klassen ingedeeld. Deze indeling is als volgt: Een splinter initiatief, een klein initiatief, een middelgroot initiatief en een groot initiatief. Zie hiervoor de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening". Deze indeling is voorbehouden aan het bevoegd gezag.

Artikel 2.2

Dienstverlening en besluiten waarvoor leges worden geheven

Leges worden geheven voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:

a.

een concept verzoek (omgevingsoverleg), een principeverzoek, de intaketafel, de omgevingstafel

b.

een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 5.1 of artikel 22.8 van de Omgevingswet in samenhang met artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit;

c.

een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet;

d.

toestemming voor het treffen van een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet;

e.

een wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning;

f.

intrekking van een omgevingsvergunning;

g.

wijziging van een besluit als bedoeld in de onderdelen b, c en d;

h.

een besluit in het kader van de Omgevingswet, anders dan bedoeld in de onderdelen b tot en met g.

Artikel 2.3

Bepalen tarief

1.

De in artikel 2.2 bedoelde leges worden geheven naar de tarieven zoals opgenomen in de volgende paragrafen van dit hoofdstuk.

2.

Als een aanvraag betrekking heeft op meerdere activiteiten, is het tarief opgebouwd uit de som van de verschuldigde leges behorend bij die activiteiten.

3.

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verhoogd met een of meer modaliteiten bedoeld in paragraaf 2.12.

4.

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag wordt in voorkomend geval verminderd overeenkomstig het bepaalde in paragraaf 2.13.

5.

Het tarief behorend bij een aanvraag om een maatwerkvoorschrift of bij een aanvraag om toestemming om een gelijkwaardige maatregel te treffen is niet van toepassing als het onderwerp waarop het maatwerkvoorschrift betrekking heeft of de gelijkwaardige maatregel onderdeel is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

6.

In afwijking van het tweede en derde lid kan ook per activiteit of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

7.

De tarieven in dit hoofdstuk worden niet in rekening gebracht als op andere wijze kostenverhaal is overeengekomen

Paragraaf 2.2

Voorfase

Artikel 2.4

Concept verzoek

Als de aanvraag betrekking heeft op een of meer activiteiten die gevolgen kunnen hebben voor de fysieke leefomgeving, bedraagt het tarief:

1.

Voor de beoordeling of het initiatief past binnen de regels van het omgevingsplan, dan wel de regels van het tijdelijke omgevingsplan bedraagt het tarief:

432,85

2.

Voor het behandelen van een aanvraag voor een principeverzoek ruimtelijke ontwikkeling bedraagt het tarief:

2.1

voor een overleg in de regiekamer:

a.

voor een klein initiatief conform de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening"

649,10

b.

voor een middelgroot initiatief conform de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening"

791,40

c.

voor een groot initiatief conform de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening"

933,70

2.2

voor een overleg aan de omgevingstafel:

a.

voor het eerste overleg:

1.502,95

b.

voor elk volgend overleg:

1.502,95

3.

De onder lid 2 genoemde bedragen worden, indien ten aanzien van het verzoek een bestuurlijk standpunt gewenst is voor wat betreft de planologische medewerking, vermeerderd met:

a.

voor een klein initiatief conform de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening"

569,20

b.

voor een middelgroot initiatief conform de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening"

996,15

c.

voor een groot initiatief conform de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening"

1.423,05

4.

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk, als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten, wordt, indien in het kader van een concept verzoek een andere in dit hoofdstuk opgenomen dienst dient te worden uitgevoerd, het tarief voor het concept verzoek vermeerderd met de leges zoals vermeld in deze tarieventabel voor die betreffende dienst of diensten.

Paragraaf 2.3

Activiteiten met betrekking tot bouwwerken

Artikel 2.5

Bouwactiviteit (bouwtechnische deel)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in paragraaf 2.3.2 van het Besluit bouwwerken leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

Indien de bouwkosten minder bedragen dan € 25.000, is het basisbedrag

154,50

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

1,00%

b.

Indien de bouwkosten € 25.000 tot € 50.000 bedragen, is het basisbedrag

414,30

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,25%

c.

Indien de bouwkosten € 50.000 tot € 200.000 bedragen, is het basisbedrag

542,15

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,80%

d.

Indien de bouwkosten € 200.000 tot € 2.500.000 bedragen, is het basisbedrag

2.178,95

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,65%

e.

Indien de bouwkosten € 2.500.000 of meer bedragen, is het basisbedrag

18.802,70

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,40%

 

Artikel 2.6

Omgevingsplanactiviteit: bouwactiviteit, in stand houden of gebruiken bouwwerk (ruimtelijke deel)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet of artikel 22.26 van het tijdelijk deel van het omgevingsplan, zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bestaande uit een bouwactiviteit en het in stand houden en gebruiken van het bouwwerk, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

1.

voor een omgevingsplanactiviteit waarbij sprake is van een bouwactiviteit:

a.

Indien de bouwkosten minder bedragen dan € 25.000, is het basisbedrag

152,75

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

1,00%

b.

Indien de bouwkosten € 25.000 tot € 50.000 bedragen, is het basisbedrag

409,20

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,20%

c.

Indien de bouwkosten € 50.000 tot € 200.000 bedragen, is het basisbedrag

511,50

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,80%

d.

Indien de bouwkosten € 200.000 tot € 2.500.000 bedragen, is het basisbedrag

2.148,30

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,60%

e.

Indien de bouwkosten € 2.500.000 of meer bedragen, is het basisbedrag

17.493,30

vermeerderd met een percentage van de bouwkosten van

0,20%

2.

Voor een omgevingsplanactiviteit waarbij sprake is van het in stand houden of gebruiken van een bouwwerk;

2.243,10

3.

De tarieven genoemd onder lid 1 worden, als sprake is van een binnenplanse omgevingsplanactiviteit waarvoor de wijzigingsbevoegdheid of uitwerkingsplicht, zoals bedoeld in artikel 22.1, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, moet worden toegepast, verhoogd met:

a.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'klein initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

2.846,15

b.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'middelgroot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

5.692,25

c.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'groot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

8.538,40

4.

Onverminderd de voorgaande onderdelen van dit artikel wordt, indien sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit het tarief verhoogd met:

a.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'klein initiatief' en wordt aangemerkt als een splinteractiviteit zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

999,15

b.

indien de aanvraag gaat over een overige activiteit onder de categorie 'klein initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

2.997,50

c.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'middelgroot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

7.088,00

d.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'groot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

11.719,55

e.

voor overige activiteiten die niet overeenkomen met de gevallen zoals genoemd onder a, b, c of d:

Het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

5.

Als een tarief onder artikel 2.6 onder lid 4. wordt geheven, wordt artikel 2.49 (onderzoeksrapporten) niet toegepast.

Artikel 2.7

Omgevingsplanactiviteit: slopen van een bouwwerk

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit, niet zijnde een sloopactiviteit met betrekking tot een monument of beschermd stads- en dorpsgezicht, als bedoeld in paragraaf 2.4, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit:

395,65

 

Paragraaf 2.4

Activiteiten met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed

Artikel 2.8

Omgevingsplanactiviteit: monumenten

1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, met betrekking tot een gemeentelijk monument, provinciaal monument, rijksmonument, voorbeschermd gemeentelijk monument, voorbeschermd provinciaal monument of voorbeschermd rijksmonument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor een binnenplanse dan wel buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

1˚ voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:

284,15

2˚ voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

284,15

2.

Als de in het eerste lid bedoelde aanvraag een archeologisch monument betreft, worden de in het eerste lid genoemde tarieven verhoogd met:

497,45

3.

Het eerste lid, aanhef en onder a is van overeenkomstige toepassing op een aanvraag om een omgevingsvergunning met betrekking tot een monument of archeologisch monument dat op grond van de Erfgoedverordening Buren 2021 is aangewezen respectievelijk waarop, voordat het is aangewezen, die verordening van overeenkomstige toepassing is. De vorige volzin is van toepassing:

a.

als het gaat om een aangewezen monument of archeologisch monument: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven; en

b.

als het gaat om een monument of archeologisch monument waarop voordat het is aangewezen de verordening van overeenkomstige toepassing is: zolang in het omgevingsplan daaraan nog niet de functie-aanduiding gemeentelijk monument is gegeven of het omgevingsplan nog geen voorbeschermingsregel bevat vanwege het voornemen om die functie-aanduiding te geven.

 

Artikel 2.9

Rijksmonumentenactiviteit

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een rijksmonumentenactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, met uitzondering van een rijksmonumentenactiviteit met betrekking tot een archeologisch monument, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of wijzigen van een monument of voorbeschermd monument:

284,15

b.

voor het herstellen of gebruiken van een monument of voorbeschermd monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

284,15

Artikel 2.10

Omgevingsplanactiviteit: sloopactiviteit in beschermd stads- of dorpsgezicht

1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een sloopactiviteit in een rijksbeschermd, provinciaal beschermd of gemeentelijk beschermd stads- of dorpsgezicht, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor een binnenplanse omgevingsplanactiviteit dan wel een buitenplanse omgevingsplanactiviteit, of bij toepassing van artikel 20 van de Erfgoedverordening 2021 in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit:

284,15

2.

Het eerste lid, aanhef en onder a, is van overeenkomstige toepassing op een sloopactiviteit die wordt verricht op een locatie waarvoor een op grond van artikel 4.35, eerste lid, van de Invoeringswet Omgevingswet als instructie geldende aanwijzing als beschermd stads- of dorpsgezicht als bedoeld in artikel 35, eerste lid, van de Monumentenwet 1988 zoals die wet luidde voor de inwerkingtreding van de Erfgoedwet van kracht is, zolang in het omgevingsplan aan die locatie nog niet de functie-aanduiding rijksbeschermd stads- of dorpsgezicht is gegeven.

Artikel 2.11

Omgevingsplanactiviteit: overig cultureel erfgoed en werelderfgoed

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een andere activiteit dan die genoemd in de artikelen 2.8, 2.9 en 2.10 en cultureel erfgoed of werelderfgoed betreft, waarvoor in het omgevingsplan met het oog op het behoud van cultureel erfgoed of van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed een verbod is opgenomen om zonder omgevingsvergunning deze activiteit te verrichten, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

497,45

Paragraaf 2.5

Milieubelastende activiteiten

Artikel 2.12

Omgevingsplanactiviteit: milieubelastende activiteit

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit een milieubelastende activiteit als bedoeld in paragraaf 22.3.26 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor de activiteit verwerken polyesterhars:

5.690,15

b.

voor de activiteit installeren gesloten bodemenergiesysteem:

5.690,15

c.

voor de activiteit kweken maden van vliegende insecten:

5.690,15

d.

voor de activiteit opslaan propaan of propeen:

5.690,15

e.

voor de activiteit tanken met LPG:

5.690,15

f.

voor de activiteit antihagelkanonnen:

3.706,55

g.

voor de activiteit biologische agens:

5.690,15

h.

voor de activiteit genetisch gemodificeerde organismen:

5.690,15

i.

voor de activiteit opslaan dierlijke meststoffen:

3.706,55

j.

voor de activiteit lozen in de bodem (vangnetvergunning):

5.690,15

k.

voor de activiteit lozen in schoonwaterriool (vangnetvergunning):

5.690,15

l.

voor een activiteit verbranden van snoeihout

803,00

m.

voor een andere activiteit dan genoemd in de onderdelen a tot en met k:

5.690,15

Artikel 2.13

Activiteiten die bedrijfstakken overstijgen

(afdeling 3.2 Besluit activiteiten leefomgeving)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten die bedrijfstakken overstijgen als bedoeld in de paragrafen 3.2.1, 3.2.3 tot en met 3.2.15, 3.2.17 tot en met 3.2.19 en 3.2.24 van afdeling 3.2 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor één milieubelastende activiteit:

5.690,15

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.983,10

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.414,05

Artikel 2.14

Nutssector en industrie (afdeling 3.4 Besluit activiteiten leefomgeving)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de categorie nutssector en industrie als bedoeld in de paragrafen 3.4.2, 3.4.4 tot en met 3.4.9 en 3.4.11 van afdeling 3.4 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor één milieubelastende activiteit:

5.690,15

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.983,10

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.414,05

Artikel 2.15

Afvalbeheer (afdeling 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector afvalbeheer als bedoeld in de paragrafen 3.5.1, 3.5.4, 3.5.7, 3.5.8 en 3.5.11 van afdeling 3.5 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor één milieubelastende activiteit:

5.690,15

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.983,10

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.414,05

Artikel 2.16

Agrarische sector (afdeling 3.6 Besluit activiteiten leefomgeving)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de agrarische sector als bedoeld in de paragrafen 3.6.1, 3.6.7 en 3.6.8 van afdeling 3.6 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor één milieubelastende activiteit:

3.706,55

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

2.594,60

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

2.223,90

 

Artikel 2.17

Dienstverlening, onderwijs en zorg (afdeling 3.7 Besluit activiteiten leefomgeving)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector dienstverlening, onderwijs en zorg als bedoeld in de paragrafen 3.7.6 en 3.7.10 van afdeling 3.7 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

5.690,15

Artikel 2.18

Transport, logistiek en ondersteuning daarvan (afdeling 3.8 Besluit activiteiten leefomgeving)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een of meer milieubelastende activiteiten, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een of meer activiteiten in de sector transport, logistiek en ondersteuning daarvan als bedoeld in de paragrafen 3.8.2, 3.8.3, 3.8.5, 3.8.6, 3.8.8 tot en met 3.8.11 van afdeling 3.8 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor één milieubelastende activiteit:

5.690,15

b.

voor twee tot vijf milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.983,10

c.

voor vijf of meer milieubelastende activiteiten, per milieubelastende activiteit:

3.414,05

Artikel 2.19

Sport en recreatie (afdeling 3.9 Besluit activiteiten leefomgeving)

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een milieubelastende activiteit, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder b, van de Omgevingswet, bestaande uit een activiteit in de sector sport en recreatie als bedoeld in paragraaf 3.9.1 van afdeling 3.9 van hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief per milieubelastende activiteit, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

5.690,15

Artikel 2.20

Samenloop van milieubelastende activiteiten

1.

Als bij de toepassing van de artikelen 2.13 tot en met 2.19 dezelfde milieubelastende activiteit onder meer dan een artikel valt, wordt die milieubelastende activiteit slechts eenmaal in de heffing betrokken, waarbij het voor de belastingplichtige meest gunstige tarief wordt toegepast.

2.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een kernactiviteit in een bedrijfstak gecombineerd met functioneel ondersteunende activiteiten uit andere bedrijfstakken, dan is, in afwijking van het bepaalde in deze paragraaf, op al deze activiteiten het artikel van toepassing waaronder de bedrijfstak die bepalend is voor de kernactiviteit valt.

Paragraaf 2.6

Lozingsactiviteiten

Artikel 2.21

Lozingsactiviteit niet afkomstig van milieubelastende activiteit

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktewaterlichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, en het gaat niet om het lozen van water of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

Artikel 2.22

Lozingsactiviteit afkomstig van milieubelastende activiteit

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een lozingsactiviteit op een oppervlaktelichaam in beheer bij de gemeente, als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, aanhef en onder c, onder 1, van de Omgevingswet, bestaande uit het lozen van afvalwater, koelwater of stoffen afkomstig van een milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Paragraaf 2.7

Aanlegactiviteiten

Artikel 2.23

Omgevingsplanactiviteit: opbreken en graven (gereserveerd)

Artikel 2.24

Omgevingsplanactiviteit: overige activiteiten beperkingengebied leidingen, landschapselement en aardkundige waarde (gereserveerd)

Artikel 2.25

Omgevingsplanactiviteit: geluid weg

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen of wijzigen van een weg als op grond van het omgevingsplan of bij omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit een geluidgevoelig gebouw is toegelaten binnen het aandachtsgebied van die weg, als bedoeld in artikel 22.272 van het tijdelijke deel van het omgevingsplan zoals opgenomen in artikel 7.1 van het Invoeringsbesluit Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

voor een binnenplanse dan wel een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

1.794,45

Artikel 2.26

Omgevingsplanactiviteit: aanleggen of veranderen weg

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

630,35

Artikel 2.27

Omgevingsplanactiviteit: uitweg/uitrit

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

445,80

 

Artikel 2.28

Omgevingsplanactiviteit: overige aanlegactiviteiten

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of een werkzaamheid (aanlegactiviteit), niet zijnde een activiteit die in de voorgaande artikelen van deze paragraaf is benoemd, of het een leidingtracé betreft, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

a.

voor een binnenplanse dan wel een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

497,75

Paragraaf 2.8

Overige activiteiten

Artikel 2.29

Omgevingsplanactiviteit: alarminstallatie (gereserveerd)

Artikel 2.30

Omgevingsplanactiviteit: kappen van bomen of vellen van houtopstanden

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een omgevingsplanactiviteit, als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bestaande uit het vellen van een houtopstand, bedoeld in artikel 4:11 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Buren 2025 in samenhang met de Waardevolle Bomenlijst, in samenhang met artikel 22.8 van de Omgevingswet en artikel 2.1a van het Omgevingsbesluit, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

206,15

Artikel 2.31

Omgevingsplanactiviteit: reclame (gereserveerd)

Artikel 2.32

Omgevingsplanactiviteit: opslag van roerende zaken (gereserveerd)

Artikel 2.33

Omgevingsplanactiviteit: standplaatsen (gereserveerd)

 

Artikel 2.34

Andere activiteiten

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit dan in deze paragraaf en voorgaande paragrafen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit:

a.

betreft een bij of krachtens artikel 5.1 van de Omgevingswet aangewezen vergunningplichtige activiteit, uitgezonderd de activiteit bedoeld in onderdeel b, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

412,35

b.

betreft een omgevingsplanactiviteit als bedoeld in artikel 5.1, eerste lid, aanhef en onder a, van de Omgevingswet, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk als het ook gaat om de in die artikelen bedoelde activiteiten:

400,40

voor een binnenplanse dan wel een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

Paragraaf 2.9

Maatwerkvoorschriften

Artikel 2.35

Maatwerkvoorschriften bij bouwactiviteiten

Als de aanvraag om één of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een bouwactiviteit, bedraagt het tarief

a.

voor een maatwerkvoorschrift dat betrekking heeft op:

1.

het in stand houden van een bestaand bouwwerk, bedoeld in artikel 3.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

2.

bouwactiviteiten die het bouwen van nieuwe bouwwerken betreffen als bedoeld in artikel 4.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

3.

het gebruik van een bouwwerk, bedoeld in artikel 6.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving; of

4.

het verrichten van bouw- of sloopwerkzaamheden als bedoeld in artikel 7.1 van het Besluit bouwwerken leefomgeving;

per maatwerkvoorschrift:

2.046,80

b.

in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel a, per maatwerkvoorschrift:

2.046,80

 

Artikel 2.36

Maatwerkvoorschriften bij milieubelastende activiteiten

1.

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving betrekking heeft op:

a.

één milieubelastende activiteit als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief:

5.690,15

b.

twee tot vijf milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, per milieubelastende activiteit:

3.983,10

c.

vijf of meer milieubelastende activiteiten als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving, bedraagt het tarief, per milieubelastende activiteit:

3.414,05

2.

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere milieubelastende activiteit dan bedoeld in het eerste lid, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:

5.690,15

Artikel 2.37

Maatwerkvoorschriften bij overige activiteiten

Als de aanvraag om een of meer maatwerkvoorschriften betrekking heeft op een andere activiteit dan genoemd in de artikelen 2.35 en 2.36, bedraagt het tarief per maatwerkvoorschrift:

2.046,80

Paragraaf 2.10

Gelijkwaardigheid

Artikel 2.38

Gelijkwaardige maatregel

1.

Als de aanvraag om toestemming voor een gelijkwaardige maatregel als bedoeld in artikel 4.7 van de Omgevingswet betrekking heeft op:

a.

een bouwactiviteit, bedraagt het tarief:

2.046,80

b.

een activiteit met betrekking tot cultureel erfgoed, bedraagt het tarief:

2.046,80

c.

een milieubelastende activiteit, bedraagt het tarief:

als de gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op een milieubelastende activiteit in de agrarische sector:

3.706,55

als de gelijkwaardige maatregel betrekking heeft op een milieubelastende activiteit in overige sectoren:

5.690,15

d.

een andere activiteit dan bedoeld in de onderdelen a, b of c, bedraagt het tarief:

2.046,80

 

Paragraaf 2.11

Overige tarieven

Artikel 2.39

Verlengen tijdelijke omgevingsvergunning bouwactiviteit

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om verlenging van de in een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit gestelde termijn, bedoeld in artikel 10.23, tweede lid, van het Omgevingsbesluit:

1.093,5

Artikel 2.40

Wijzigen omgevingsvergunning

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot:

1.

het wijzigen van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

330,05

2.

het wijzigen van de tenaamstelling van een verleende omgevingsvergunning:

108,20

3.

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag om andere wijzigingen van een omgevingsvergunning dan genoemd onder lid 1 of lid 2 is hetzelfde tarief verschuldigd als op grond van dit hoofdstuk verschuldigd is voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de activiteit of activiteiten waarop de aanvraag tot wijziging betrekking heeft.

Artikel 2.41

Wijzigen voorschriften omgevingsvergunning

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning:

364,50

Artikel 2.42

Intrekken omgevingsvergunning (gereserveerd)

Artikel 2.43

Beoordeling aanvullende gegevens

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, in behandeling is genomen:

99,75

Artikel 2.44

Beoordeling onderzoeksrapporten

De in artikel 2.49 opgenomen tarieven zijn van overeenkomstige toepassing op het in behandeling nemen van een aanvraag tot het beoordelen van een onderzoeksrapport, zonder dat sprake is van een aanvraag om een omgevingsvergunning.

 

Artikel 2.45

Wijzigen van het omgevingsplan

1.

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het omgevingsplan:

a.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'klein initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

5.692,25

b.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'middelgroot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

11.384,5

c.

indien de aanvraag valt onder de categorie 'groot initiatief', zoals bedoeld in de bijlage "Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening":

1.7076,75

2.

Als een tarief onder artikel 2.45 onder a. a.b. of c. wordt geheven, wordt artikel 2.49 (Onderzoeksrapporten) niet toegepast.

Artikel 2.46

Niet genoemd besluit op aanvraag

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een ander, in dit hoofdstuk niet benoemd besluit op grond van de Omgevingswet, de op die wet gebaseerde algemene maatregelen van bestuur of het omgevingsplan:

282,40

Artikel 2.46a

Geen omgevingsvergunning vereist

1.

Voor een aanvraag tot het verstrekken van een schriftelijke verklaring dat voor een bepaalde (bouw)activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bedraagt het tarief:

2.

Als het college van burgemeester en wethouders op grond van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning oordeelt dat voor de voorgenomen activiteit geen omgevingsvergunning is vereist, bedraagt het tarief in afwijking van de overige tarieven in dit hoofdstuk:

276,10

3.

Indien de verschuldigde leges voor de activiteit of activiteiten waarvoor de aanvraag is gedaan minder bedragen dan het tarief genoemd in lid 2, worden in afwijking van lid 2 de leges in rekening gebracht voor die activiteit of activiteiten waarvoor de aanvraag om een omgevingsvergunning werd ingediend.

 

Paragraaf 2.12

Modaliteiten

Artikel 2.47

Achteraf ingediende aanvraag

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een activiteit wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de activiteit, worden de op grond van de paragrafen 2.3 tot en met 2.8 verschuldigde leges verhoogd met:

25%

Artikel 2.48

Uitgebreide voorbereidingsprocedure

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is op de voorbereiding van het besluit:

a.

als sprake is van een milieubelastende activiteit:

11.533,65

b.

als sprake is van een buitenplanse omgevingsplanactiviteit:

2.276,90

c.

als sprake is van andere activiteiten dan bedoeld in de onderdelen a en b:

2.276,90

Artikel 2.49

Beoordeling onderzoeksrapporten en opstellen onderzoeksrapporten

1

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als krachtens wettelijk voorschrift voor de betreffende aanvraag dan wel op verzoek van de aanvrager een rapport moet worden beoordeeld:

a.

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport:

278,65

b.

voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:

278,65

c.

voor de beoordeling van een geluid- of luchtrapport betreffende de geluid- of luchtbelasting:

278,65

d.

voor de beoordeling van een akoestisch rapport betreffende de interne en externe geluidwering of nagalm van een bouwwerk:

278,65

e.

voor de beoordeling van een ecologisch onderzoeksrapport:

278,65

f.

voor de beoordeling van een milieueffectrapportage (MER):

278,65

g.

voor de beoordeling van een niet in de voorgaande onderdelen genoemd rapport:

278,65

 

Artikel 2.50

Advies

1.

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een daartoe aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet:

a.

voor een advies van de gemeenteraad:

284,15

b.

voor een advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Gemeente Buren 2023 dat uitsluitend betrekking heeft op redelijke eisen van welstand, als bedoeld in de gemeentelijke beleidsregels bedoeld in artikel 4.19 van de Omgevingswet worden de tarieven in rekening gebracht zoals in Tariefregeling Gelders Genootschap 2026 - bijlage 3

c.

voor een advies van de Commissie Ruimtelijke Kwaliteit als bedoeld in de Verordening op de gemeentelijke adviescommissie Ruimtelijke Kwaliteit Gemeente Buren 2023 in andere gevallen dan bedoeld in onderdeel b worden de tarieven in rekening gebracht zoals in Tariefregeling Gelders Genootschap 2026 - bijlage 3

d.

voor een advies in andere gevallen dan bedoeld in de onderdelen a tot en met c:

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

2.

Als een begroting als bedoeld in het eerste lid, onderdeel e, is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Artikel 2.51

Instemming

Onverminderd het bepaalde in de andere artikelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, als een aanvraag om een omgevingsvergunning of een ander besluit op grond van de Omgevingswet betrekking heeft op een activiteit waarvoor de beslissing op de aanvraag op grond van artikel 16.16 van de Omgevingswet instemming behoeft van een bestuursorgaan:

het bedrag dat dit bestuursorgaan aan rechten zou heffen als het voor de activiteit waarvoor instemming wordt verzocht zelf bevoegd gezag zou zijn.

Het bedrag bedoeld in het eerste lid wordt voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeeld. De aanvraag wordt dan in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop het verschuldigde bedrag aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

Artikel 2.51a

Publicatie

Onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van deze titel bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag publicatie middels advertentie plaatsvindt, per publicatie:

35,60

Artikel 2.52

Vermindering na concept verzoek (omgevingsoverleg)

1.

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel b, en zoals nader omschreven in de paragrafen 2.3 tot en met 2.7, is voorafgegaan door een aanvraag voor een conceptverzoek als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en onderdeel a, en zoals nader omschreven in paragraaf 2.2, waarop de aanvraag om de omgevingsvergunning betrekking heeft, bestaat onder de in het tweede lid genoemde voorwaarden aanspraak op vermindering van de voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning verschuldigde leges. De vermindering bedraagt:

100,00%

van de op grond van artikel 2.4, lid 1 geheven leges

2.

Voor de toepassing van het eerste lid wordt de aanvraag om een omgevingsvergunning gedaan:

a. voor dezelfde activiteit of activiteiten als waarop het concept verzoek (omgevingsoverleg) betrekking had;

b. in overeenstemming met de uitkomsten van het concept verzoek; en

c. binnen 12 maanden na het laatste concept verzoek of, als het conceptverzoek volgens afspraak leidt tot een kennisgeving aan de aanvrager, na de dagtekening van de kennisgeving.

3.

Bij de toepassing van het eerste lid blijft voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning in ieder geval verschuldigd:

154,50

Artikel 2.53

Vermindering bij meervoudige aanvraag (gereserveerd)

Paragraaf 2.14

Teruggaaf

Artikel 2.54

Teruggaaf bij aanvraag en oordeel geen omgevingsvergunning nodig (gereserveerd)

Artikel 2.55

Teruggaaf als aanvraag verder buiten behandeling wordt gelaten

Als na toepassing van artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht een aanvraag buiten behandeling wordt gelaten, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:

70%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is gedaan verschuldigde leges.

Artikel 2.56

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten of maatwerkvoorschrift bij reguliere procedure

1.

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten, als bedoeld in paragraaf 2.3, met uitzondering van artikel 2.6, lid 2 en lid 3, en als bedoeld in paragraaf 2.4 en paragraaf 2.7 of zijn aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht niet van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

a.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen één week na de indiening van de aanvraag

100%

b.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen vier weken na de indiening van de aanvraag:

70%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;

c.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf vier weken tot zes weken na de indiening van de aanvraag:

60%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;

d

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken na de indiening van de aanvraag:

40%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

2.

Indien binnen dertien weken na een verzoek tot intrekking een nieuwe aanvraag wordt ingediend voor hetzelfde bouwplan, wordt het teruggaafbedrag verrekend met de verschuldigde leges voor het in behandeling nemen van de nieuwe aanvraag.

Artikel 2.57

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten of maatwerkvoorschrift bij uitgebreide voorbereidingsprocedure

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten, als bedoeld in paragraaf 2.3, met uitzondering van artikel 2.6, lid 2 en lid 3, en als bedoeld in paragraaf 2.4 en paragraaf 2.7 of zijn aanvraag om een maatwerkvoorschrift op de voorbereiding waarvan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing is geheel of gedeeltelijk intrekt terwijl het college van burgemeester en wethouders daarover nog geen besluit heeft genomen, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

a.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking binnen zes weken na de indiening van de aanvraag:

70%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;

b.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf zes weken tot achttien weken na de indiening van de aanvraag:

60%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges;

c.

bij gehele of gedeeltelijke intrekking op een tijdstip vanaf achttien weken na de indiening van de aanvraag:

30%

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

Artikel 2.58

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten, of milieubelastende activiteiten

Als het college van burgemeester en wethouders een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten, als bedoeld in paragraaf 2.3, met uitzondering van artikel 2.6, lid 2 en lid 3, en als bedoeld in paragraaf 2.4 en paragraaf 2.7 of een verleende omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt:

van de voor de activiteit waarvoor de aanvraag is ingetrokken verschuldigde leges.

25,00%

 

Artikel 2.59

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- of aanlegactiviteiten, of milieubelastende activiteiten

a.

Als het college van burgemeester en wethouders een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- of aanlegactiviteiten, als bedoeld in paragraaf 2.3, met uitzondering van artikel 2.6, lid 2 en lid 3, en als bedoeld in paragraaf 2.4 en paragraaf 2.7 of voor een milieubelastende activiteit weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

40%

van de voor de activiteit waarvoor de omgevingsvergunning is geweigerd verschuldigde leges.

b.

Onder een weigering bedoeld in onderdeel a wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

Artikel 2.60

Geen teruggaaf legesdeel modaliteiten

In afwijking van de voorgaande artikelen van deze paragraaf wordt geen teruggaaf verleend van het legesdeel dat betrekking heeft op de modaliteiten genoemd in paragraaf 2.12.

Artikel 2.61

Minimumbedrag voor teruggaaf (gereserveerd)

 

Hoofdstuk 3

Dienstverlening vallend onder de dienstenrichtlijn en niet vallend onder hoofdstuk 2

Paragraaf 3.1

Horeca

Artikel 3.1

Exploitatie openbare inrichting

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een ontheffing sluitingstijden zoals bedoeld in artikel 2:29 van de A.P.V.:

a

eenmalig, voor de duur van 1 dag

90,20

b

structureel, voor onbepaalde tijd

577,30

vermeerderd met publicatiekosten, per geplaatst bericht

35,60

Artikel 3.2

Uitoefenen horeca- of slijtersbedrijf

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

a

een aanvraag om een vergunning op grond van artikel 3 van de Alcoholwet

624,15

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

b

een aanvraag tot het verstrekken van een ontheffing schenktijden paracommerciële gelegenheden zoals bedoeld in artikel 2:34b lid 2 APV

71,20

c

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Alcoholwet

395,65

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

d

een aanvraag die betrekking heeft op de wijziging van een leidinggevende

312,05

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

e

een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Alcoholwet

195,05

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

f

een verklaring als bedoeld in artikel 8 lid 4 van de Alcoholwet

195,05

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

 

Paragraaf 3.2

Seksbedrijven

Artikel 3.3

Vergunning seksbedrijf

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzoek tot het verlenen van een vergunning voor het vestigen van een escortbedrijf als bedoeld in artikel 3:4 van de APV van de gemeente Buren:

541,65

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

Artikel 3.4

Wijzigen vergunning seksbedrijf (gereserveerd)

Paragraaf 3.3

Winkeltijdenwet

Artikel 3.5

Ontheffing winkeltijden

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

a

voor een ontheffing in het kader van de Verordening Winkeltijden Buren 2023

362,20

b

tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel a bedoelde ontheffing

362,20

c

tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel a bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

362,20

d

De genoemde bedragen in dit artikel worden verhoogd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

 

Paragraaf 3.4

Organiseren evenement of markt

Artikel 3.6

Organiseren evenement

1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het éénmalig organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2:25 van de A.P.V. als het betreft:

a

een evenement in categorie A

261,90

b

een evenement in categorie B

652,00

c

een evenement in categorie C

3.254,60

d

De tarieven genoemd onder a, b en c worden vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

Bovenstaande categorieën worden bepaald aan de hand de vigerende beleidsregels. Zie artikel 2 van de Beleidsregels voor het verlenen van evenementenvergunningen 2019 Beleidsregels voor het verlenen van evenementenvergunningen 2019 | Lokale wet- en regelgeving

2

Voor de toepassing van het bepaalde in lid 1 wordt onder een aanvraag om toestemming om een evenement te houden verstaan: een aanvraag die betrekking heeft op artikel 2:25 A.P.V. of een aanvraag waarbij 2 of meer van de onderstaande besluiten van toepassing zijn:

artikelen 2:10, 2:11, 2:24, 2:29, 4:6, 5:13, 5:2 en 5:34 van de APV van de gemeente Buren;

artikelen 3, derde lid en 4, derde lid, van de Zondagswet;

artikel 35 van de Alcoholwet, en

artikel 18, eerste lid, onder d, van de Wegenverkeerswet 1994 en artikel 12 van het Besluit Administratieve Bepalingen Wegverkeer.

3

In het geval sprake is van een meerjarige vergunning in categorie A, zoals bedoeld in lid 1 onder a, bedragen de leges voor de eerste maal van het evenement:

261,90

vermeerderd met

130,90

per keer dat het evenement na de eerste keer nog binnen de vergunningsperiode zal plaatsvinden.

 

Artikel 3.6a

Teruggaaf bij éénmalige evenementen

a

Als een aanvrager zijn aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement, zoals bedoeld in artikel 3.6, lid 1 intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges.

De teruggaaf bedraagt:

30%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende aanvraag verschuldigde leges.

b

Als een aanvrager een evenement, zoals bedoeld in artikel 3.6, lid 1 annuleert vóór het plaatsvinden van het evenement terwijl deze reeds is vergund door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges.

De teruggaaf bedraagt:

30%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende aanvraag verschuldigde leges, exclusief de publicatiekosten.

c

Als de gemeente een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement, als bedoeld in artikel 3.6, lid 1 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges.

De teruggaaf bedraagt:

30%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende aanvraag verschuldigde leges, exclusief de publicatiekosten.

Artikel 3.6b

Teruggaaf bij meerjarige evenementen

a

Als een aanvrager zijn aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een meerjarig evenement, zoals bedoeld in artikel 3.6, lid 3 intrekt voor één evenement terwijl deze reeds is vergund door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges.

De teruggaaf bedraagt:

30%

van de op grond van dat onderdelen voor de betreffende aanvraag verschuldigde leges exclusief de publicatiekosten.

b

Als een aanvrager zijn aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een meerjarig evenement, zoals bedoeld in artikel 3.6, lid 4 intrekt voor één evenement terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van de leges.

De teruggaaf bedraagt:

30%

van de op grond van dat onderdelen voor de betreffende aanvraag verschuldigde leges exclusief de publicatiekosten.

 

Artikel 3.7

Organiseren markt (gereserveerd)

Paragraaf 3.5

Standplaatsen (gereserveerd)

Artikel 3.8

Marktstandplaatsvergunningen en andere vergunningen op markt (gereserveerd)

Artikel 3.9

Overige administratieve dienstverlening markt (gereserveerd)

Artikel 3.10

Losse standplaatsen (gereserveerd)

Paragraaf 3.6

Huisvestingswet 2014 (gereserveerd)

Artikel 3.11

Vergunning onttrekken woonruimte (gereserveerd)

Artikel 3.12

Vergunning samenvoegen woonruimte (gereserveerd)

Artikel 3.13

Vergunning omzetten zelfstandige in onzelfstandige woonruimte (gereserveerd)

Artikel 3.14

Vergunning verbouwen woonruimte tot meer woonruimten (gereserveerd)

Artikel 3.15

Splitsingsvergunning (gereserveerd)

Artikel 3.16

Toeristische verhuur (gereserveerd)

Artikel 3.17

Verhuurvergunning opkoopbescherming (gereserveerd)

Paragraaf 3.7

In dit hoofdstuk niet benoemd besluit

Artikel 3.18

Plaatsen reclameborden

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor ontheffing plaatsing reclameborden ingevolge artikel 2:10 APV lid 3

128,15

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

Artikel 3.19

Kamperen

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een ontheffing voor kamperen buiten aanwezige kampeergelegenheden (schoolkamp) ingevolge artikel 4:18 lid 3 APV

128,15

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

 

Artikel 3.20

Vuurwerk

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een vuurwerk verkoopvergunning als bedoeld in artikel 2:72 van de A.P.V.:

553,90

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

Artikel 3.21

Wet kinderopvang

1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot registratie van een kinderopvangvoorziening:

a

voor een instelling voor kinderopvang (kinderdagverblijf, buitenschoolse opvang en gastouderbureau)

1.321,75

b

voor gastouders

367,65

2

Een uittreksel is via het landelijk register (www.landelijkregisterkinderopvang.nl ) gratis in te zien. Het is niet langer mogelijk om deze gegevens bij de gemeente op te vragen.

Artikel 3.22

Niet benoemd besluit op aanvraag

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

282,40

vermeerderd met de publicatiekosten, per geplaatst bericht:

35,60

Deze tarieventabel 2026 behoort bij de verordening Leges 2026,

de griffier,

D.J. Weststrate

Bijlage 2 Bouwkosten ROEB-lijst 2026

Bijlage 2a ROEB-Lijst bouwkosten zonneparken t.b.v. berekeningen voor bouwleges 2026

Bijlage 3 Tarieven Gelders Genootschap 2026

 

Bijlage 4 Overzicht categorieën van initiatieven Ruimtelijke Ordening

Bijlage 5 Tarieventabel leges Verduurzamingsmaatregelen

Naar boven