Gemeenteblad van Zandvoort
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zandvoort | Gemeenteblad 2026, 103084 | verkeersbesluit of -mededeling |
Zoals vergunningen, bouwplannen en lokale regelgeving.
Adressen en contactpersonen van overheidsorganisaties.
U bent hier:
| Datum publicatie | Organisatie | Jaargang en nummer | Rubriek |
|---|---|---|---|
| Zandvoort | Gemeenteblad 2026, 103084 | verkeersbesluit of -mededeling |
Verkeersbesluit instellen tijdelijke verkeersmaatregelen t.a.v. Strandbusroute in Zandvoort
Burgemeester en wethouders van de gemeente Zandvoort,
gelet op de Wegenwet, de Wegenverkeerswet 1994 (hierna: WVW 1994), het Reglement Verkeersregels en Verkeerstekens 1990 (hierna: RVV 1990), het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: BABW) en de Uitvoeringsvoorschriften van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (hierna: Uitvoeringsvoorschriften BABW).
dat de Burgemeester Engelbertsstraat en de Van Speijkstraat gelegen zijn binnen de bebouwde kom van Zandvoort;
dat de Burgemeester Engelbertsstraat en de Van Speijkstraat in beheer zijn bij de gemeente Zandvoort;
dat de Burgemeester Engelbertsstraat en de Van Speijkstraat wegen zijn als bedoeld in artikel 18, lid 1 onder d van de WVW 1994;
dat gelet op bovengenoemd artikel het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort bevoegd is verkeersbesluiten te nemen voor deze wegen;
dat de bevoegdheid voor het nemen van verkeersbesluiten door het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort is gemandateerd aan de afdelingsmanager Beheer en Beleid Openbare Ruimte, waarbij ondermandaat is verleend aan de Teammanager Bereikbaarheid;
dat de gemeentelijke wegencategorisering van Zandvoort op 20 januari 2026 door de gemeenteraad is vastgesteld in het Gemeentelijk Verkeer- en Vervoersplan (hierna: GVVP) Zandvoort 2026-2040;
dat deze categorisering aansluit op de categorisering, zoals bedoeld in het landelijke beleid Duurzaam Veilig;
dat de Burgemeester Engelbertsstraat gecategoriseerd is als gebiedsontsluitingsweg binnen de bebouwde kom waarop een maximumsnelheid van 30 km/u zal gelden, maar in de huidige situatie nog functioneert als gebiedsontsluitingsweg waarop een maximumsnelheid van 50 km/u geldt;
dat de verkeersfunctie op een gebiedsontsluitingsweg prevaleert boven de verblijfsfunctie;
dat de studie naar de herinrichting van de Burgemeester Engelbertsstraat al is gestart en gepland staat om te worden ingericht als een volwaardige gebiedsontsluitingsweg met een 30 km/u-regime;
dat daarmee deze wegcategorie naast een verkeersfunctie ook een verblijfsfunctie krijgt, waardoor dit type weg zowel gebruikt wordt voor het uitwisselen van verkeersdeelnemers als door verkeersdeelnemers met een bestemming elders;
dat de Van Speijkstraat gecategoriseerd is als erftoegangsweg binnen de bebouwde kom waarop een maximumsnelheid van 30 km/u geldt;
dat de verblijfsfunctie op een erftoegangsweg prevaleert boven de verkeersfunctie;
dat vanuit de Provincie Noord-Holland en de gemeenten Bloemendaal, Haarlem, Heemstede en Zandvoort de studie ‘Bereikbaarheid kust Zuid-Kennemerland’ is uitgevoerd en vastgesteld;
dat in het kader van deze studie uitgebreide en onderbouwde rapportages en plannen zijn opgesteld, waaruit aantoonbaar blijkt op welke wijze de bereikbaarheid van de kust met andere vervoerswijzen dan de auto kan worden verbeterd;
dat de verkeersbesluiten van Provincie Noord-Holland en de bovengenoemde gemeenten in onderlinge afstemming voorbereid zijn;
dat dit besluit onderdeel uitmaakt van een samenhangend pakket van afgestemde maatregelen, waarvoor de Provincie Noord-Holland eveneens een besluit zal nemen;
dat in het besluit van de Provincie Noord-Holland een aantoonbare belangenafweging staat beschreven, die toeziet op het beter geleiden van de verkeersstromen, het verbeteren van de doorstroming en het openbaar vervoer betrouwbaar te laten functioneren;
dat bovenstaande aanpak tot resultaat heeft dat er een consistente en verkeerskundige samenhang bestaat in het betreffende gebied waar de Strandbus zal rijden;
dat op basis van dit onderzoek bestuurlijk is besloten tot het uitvoeren van een proef met een tijdelijke Strandbus, als gerichte maatregel om de bereikbaarheid van de kust te verbeteren;
dat deze Strandbus onderdeel uitmaakt van de maatregelen gericht op het bieden van een openbaar vervoer alternatief om de kust bereikbaar te houden, met name voor reizigers vanuit de gemeente Haarlemmermeer;
dat de Strandbus zal rijden tussen het Spaarne Gasthuis in Hoofddorp en Zandvoort, via Haarlem en Bloemendaal aan Zee;
dat, gelet op het recreatieve karakter van de Strandbus, deze uitsluitend op weekenddagen rijdt en met een vaste frequentie van vier keer per uur wordt ingezet;
dat de Strandbus in de periode van 20 juni 2026 tot en met 30 augustus 2026 gedurende tien weekenden zal rijden, met uitzondering van het Grand Prix-weekend;
dat de proef onder andere tot doel heeft te onderzoeken of deze Strandbus een volwaardig alternatief vormt voor autoritten vanuit de zuidoostzijde van de regio naar de kust;
dat het spoor vanuit deze richting namelijk geen goed alternatief vormt voor de auto;
dat de Burgemeester Engelbertsstraat nabij het strand is gelegen en de parkeerroute wordt aangeduid, via de Burgemeester van Alphenstraat, Van Lennepweg en de Kostverlorenstraat in Zandvoort;
dat de Burgemeester Engelbertsstraat is aangewezen als eindhalte van de Strandbus;
dat de Strandbus ter plaatse gedurende enige tijd moet kunnen stilstaan om de dienstregeling te waarborgen;
dat het halteren van de Strandbus op de rijbaan gedurende langere tijd niet wenselijk is, omdat de Strandbus dan op de rijbaan halteert en zich daar mengt met fietsers, wat kan leiden tot gevaarlijke verkeerssituaties;
dat fietsers achter de stilstaande bus langs blijven fietsen en het, gelet op de korte duur van deze tijdelijke situatie, niet rendabel is om het fietsverkeer en de bus volledig te scheiden;
dat het halteren van de Strandbus op de rijbaan gedurende langere tijd tevens niet wenselijk is, omdat dit de doorstroming van het overige verkeer belemmert;
dat langs de Burgemeester Engelbertsstraat parkeerhavens aanwezig zijn;
dat in de directe omgeving van de Burgemeester Engelbertsstraat meerdere grotere parkeerterreinen aanwezig zijn, die in het weekend toegankelijk zijn voor bewoners;
dat bewoners daarmee, op de drukke dagen, in de nabije omgeving over voldoende parkeermogelijkheden blijven beschikken en dat de genomen maatregelen niet leiden tot een toename van de zoektijd naar een parkeerplaats;
dat zodoende het tijdelijk innemen van de parkeerhavens aan de Burgemeester Engelbertsstraat, tussen de Koper Passarel en de Zeestraat, in het weekend niet leidt tot onaanvaardbare parkeerdruk in de omgeving;
dat de maximale extra loopafstand voor bezoekers tussen de parkeerplaats en de voorziening aan de Burgemeester Engelbertsstraat tussen nummer 90 en 96 circa 100 meter bedraagt;
dat het daarom gewenst is gedurende de proefperiode, uitsluitend op de weekenddagen, de parkeerhavens aan de Burgemeester Engelbertsstraat, tussen de Koper Passarel en de Zeestraat, te gebruiken voor het halteren van de Strandbus;
dat de inrichting van tijdelijk gereserveerde parkeerhavens voor de Strandbus dusdanig minimaal zal zijn, zodat de parkeerhavens op de doordeweekse dagen herkenbaar zijn voor het regulier parkeren;
dat de betreffende parkeerhavens in de Burgemeester Engelbertsstraat, tussen de Koper Passarel en de Zeestraat, worden aangewezen als parkeergelegenheid met een verbod te parkeren vanaf zaterdag om 00:00 tot en met zondag om 23:59, waarbij de Strandbus uitgezonderd is;
dat bovengenoemde wordt vormgegeven door middel van het plaatsen van borden E4 met onderbord “pijlen” en onderbord “parkeren verboden za 00:00 – zo 23:59, uitgezonderd Strandbus”;
dat de parkeerhavens hiermee doordeweeks weer beschikbaar zijn voor regulier parkeren, waardoor de parkeercapaciteit optimaal benut wordt;
dat de Strandbus vanaf de Boulevard Barnaart via de Burgemeester Engelbertsstraat arriveert en via de Van Speijkstraat terugrijdt richting de Boulevard Barnaart en Bloemendaal aan Zee;
dat het keren van de Strandbus op de Burgemeester Engelbertsstraat niet mogelijk is;
dat de Strandbus daarmee terug richting de Boulevard Barnaart rijdt via de Van Speijkstraat;
dat in de huidige situatie op de Van Speijkstraat tweerichtingsverkeer is toegestaan;
dat langs de rijbaan langsparkeervakken aanwezig zijn;
dat de rijbaanbreedte van de Van Speijkstraat varieert tussen circa 4,2 meter en 5,0 meter;
dat een rijbaanbreedte van circa 4,2 meter relatief smal is voor het veilig faciliteren van tweerichtingsverkeer, met name bij de passage van bussen;
dat het tweerichtingsverkeer in combinatie met de tijdelijke Strandbus in de weekenden leidt tot een verhoogde kans op conflicten met tegemoetkomend verkeer;
dat het wenselijk is deze kans op conflicten en onveilige situaties te beperken;
dat het daarom gewenst is om in de Van Speijkstraat eenrichtingsverkeer in te stellen voor verkeer in noordelijke richting, met uitzondering van (brom-)fietsers;
dat de Van Speijkstraat geschikt is als busroute voor de Strandbus, gezien de andere buslijnen vanaf en naar het Stationsplein;
dat voor het gedeelte van de Van Speijkstraat, tussen de Van Kinsbergenstraat en de Van Lennepweg, een grotere rijbaanbreedte beschikbaar is dan op de overige delen van deze straat;
dat deze grotere wegbreedte het veilig faciliteren van tweerichtingsverkeer mogelijk maakt;
dat daarom het tweerichtingsverkeer op de Van Speijkstraat, tussen de Van Lennepweg en de Van Kinsbergenstraat, behouden blijft;
dat het instellen van eenrichtingsverkeer tijdelijk van aard is en gekoppeld is aan de uitvoering van de proef met de Strandbus;
dat het noodzakelijk is te onderzoeken of een dergelijk openbaar vervoerssysteem een logisch en effectief onderdeel kan vormen van de totale bereikbaarheid van de kust en welke systeemonderdelen bepalend zijn om reizigers te verleiden de auto te laten staan;
dat voorafgaand aan en gedurende de proefperiode de Provincie Noord-Holland en haar partners de verkeersstromen zorgvuldig gaan monitoren en evalueren, met als doel objectief inzicht te verkrijgen in de effecten van de maatregel op de verkeersveiligheid, bereikbaarheid en leefbaarheid in de omgeving;
dat uit de monitoring en tussentijdse evaluatie kan blijken dat de maatregel naar behoren functioneert, slechts in beperkte mate aanleiding geeft tot klachten en geen onevenredige nadelige gevolgen heeft voor omwonenden en weggebruikers;
dat indien uit het onderzoek en de evaluatie blijkt dat de maatregel bijdraagt aan een aantoonbare verbetering van de verkeersveiligheid en verloop van de verkeersstromen, de keuze kan worden gemaakt om de tijdelijke verkeersmaatregelen om te zetten naar definitieve verkeersmaatregelen;
dat hiermee wordt beoogd om op basis van zorgvuldig verzamelde gegevens en praktijkervaring te komen tot een bestendige en verantwoorde inrichting van de verkeerssituatie, waarin de veiligheid van de weggebruikers geborgd is;
dat de proef toeziet op het bereikbaar houden van Zandvoort voor haar inwoners en bezoekers;
dat de verkeersmaatregelen in de Burgemeester Engelbertsstraat en de Van Speijkstraat van kracht zijn gedurende de periode van 20 juni tot en met 30 augustus 2026;
dat gelet op artikel 24 lid 3 onder d van het RVV 1990 de bestuurder zijn voertuig niet mag parkeren op dagen of uren waarop dit blijkens het onderbord is verboden;
dat gelet op artikel 12 van het BABW voor het plaatsen van borden C2, C3, C4 en E4 met bijbehorend onderbord van bijlage 1 van het RVV 1990 een verkeersbesluit is vereist;
dat gelet op artikel 15 lid 1 van de WVW 1994 voor de plaatsing of verwijdering van de aangewezen verkeerstekens, en onderborden voor zover daardoor een gebod of verbod ontstaat ofwel wijzigt een verkeersbesluit is vereist;
dat gelet op artikel 15 lid 2 van de WVW 1994 voor maatregelen op of aan de weg die tot wijziging van de inrichting van de weg of tot het aanbrengen of verwijderen van voorzieningen ter regeling van het verkeer, indien de maatregelen leiden tot een beperking of uitbreiding van het aantal categorieën weggebruikers dat van een weg of weggedeelte gebruik kan maken een verkeersbesluit is vereist;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen strekken tot het verzekeren van de veiligheid op de weg en het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen strekken tot het beschermen van weggebruikers en passagiers;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen strekken tot het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte overlast, hinder alsmede de gevolgen voor het milieu, bedoeld in de Wet Milieubeheer;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen strekken tot het voorkomen of beperken van door het verkeer veroorzaakte aantasting van het karakter of van de functie van objecten of gebieden;
dat gelet op artikel 2 van de WVW 1994 het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer in het geding komt met uitvoeren van de hiervoor benoemde verkeersmaatregelen;
dat gelet op alle voorgaande overwegingen het zoveel mogelijk waarborgen van de vrijheid van het verkeer ondergeschikt is aan het verzekeren van de veiligheid op de weg en het in stand houden van de weg en het waarborgen van de bruikbaarheid daarvan;
dat gelet op artikel 24 van het BABW overleg is gevoerd met de gemandateerde van de politie;
dat de politie heeft ingestemd met de hierna genoemde verkeersmaatregelen.
Het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort besluit:
door middel van het plaatsen van drie borden E4 van bijlage 1 van het RVV 1990 met onderbord “pijlen” (OB501/502) en onderbord met opschrift “parkeren verboden za 00:00 – zo 23:59 uitgezonderd Strandbus”, een parkeergelegenheid in te stellen op de parkeerhavens aan de Burgemeester Engelbertsstraat, tussen de Koper Passarel en de Zeestraat, met een tijdsbepaling voor het parkeerverbod en een uitzonderingsregeling voor de Strandbus;
Aldus vastgesteld op 24 februari 2026 te Zandvoort
Namens het college van burgemeester en wethouders van Zandvoort,
Hellen Jennissen
Teammanager Bereikbaarheid, Afdeling Beheer en Beleid Openbare Ruimte
Dit besluit treedt in werking na bekendmaking in het Gemeenteblad. Belanghebbenden kunnen binnen zes weken na publicatie van dit besluit in het Gemeenteblad bezwaar maken bij burgemeester en wethouders van Zandvoort, Postbus 2, 2040 AA te Zandvoort. Het bezwaarschrift moet de naam en het adres vermelden van degene die bezwaar maakt, zijn ondertekend en de datum vermelden waarop het is opgesteld. In het bezwaarschrift moet ook worden aangegeven tegen welk besluit bezwaar wordt gemaakt en waarom het bezwaar wordt gemaakt. Door het indienen van het bezwaarschrift wordt dit besluit niet opgeschort. Bij een spoedeisend belang kan degene die een bezwaarschrift heeft ingediend een voorlopige voorziening vragen aan de voorzieningenrechter van de rechtbank, sector bestuursrecht, postbus 1621, 2003 BR te Zandvoort. Bij het indienen van een verzoek om voorlopige voorziening moeten griffierechten worden betaald.
Kopieer de link naar uw clipboard
https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2026-103084.html
De hier aangeboden pdf-bestanden van het Staatsblad, Staatscourant, Tractatenblad, provinciaal blad, gemeenteblad, waterschapsblad en blad gemeenschappelijke regeling vormen de formele bekendmakingen in de zin van de Bekendmakingswet en de Rijkswet goedkeuring en bekendmaking verdragen voor zover ze na 1 juli 2009 zijn uitgegeven. Voor pdf-publicaties van vóór deze datum geldt dat alleen de in papieren vorm uitgegeven bladen formele status hebben; de hier aangeboden elektronische versies daarvan worden bij wijze van service aangeboden.