Besluit tot eerste wijziging van de Leidraad Invordering 2024 gemeente Súdwest-Fryslân

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Súdwest-Fryslân;

 

besluit:

 

de Leidraad Invordering Súdwest-Fryslân 2024 van gemeente Súdwest-Fryslân te wijzigen.

 

 

 

Artikel I

De Leidraad invordering 2024 gemeente Súdwest-Fryslân van 16 juli 2024 wordt als volgt gewijzigd:

 

  • A.

    Artikel 7.2.

De eerste zin wordt vervangen door: ‘De wijze van bekendmaking van de belastingaanslag, bedoeld in artikel 8, tweede lid van de Wet, is ter beoordeling van de invorderingsambtenaar.’.

 

  • B.

    Artikel 15.1.6 .

In de eerste alinea vervalt de zin: ‘Van deze mogelijkheid maakt de invorderingsambtenaar alleen gebruik als de belastingschuldige kan worden gekwalificeerd als een notoire wanbetaler in de zin van artikel 19, tweede lid, van de Invorderingswet’.

 

  • C.

    A rtikel 17.5.1.

In de eerste zin wordt ‘artikel 24, vierde lid, van de wet’ vervangen door ‘artikel 24, derde lid, van de wet’.

 

  • D.

    Artikel 18.1.13 .

De eerste zin wordt vervangen door: ‘De invorderingsambtenaar houdt de invordering aan als een verzoekschrift is ingediend bij de raad, het college of de (gemeentelijke) ombudsman tot op dat verzoekschrift is beslist.’.

 

  • E.

    Artikel 18.5.7.

Dit artikel komt te vervallen.

 

  • F.

    Artikel 18.7.5 .

Artikel 18.7.5 komt te luiden:

18.7.5. Administratief beroep of nieuw verzoek om uitstel van betaling bij de invorderingsambtenaar

  • 1.

    De invorderingsambtenaar merkt een door de belastingschuldige gemaakt bezwaar tegen de beslissing op het verzoek om uitstel van betaling aan als een administratief beroep dat is gericht aan het college. Dit geldt ook als de belastingschuldige een nieuw verzoek om uitstel van betaling indient voor dezelfde belastingschuld waarvoor de invorderingsambtenaar eerder een verzoek om uitstel van betaling geheel of gedeeltelijk heeft afgewezen en daarbij geen andere feiten of veranderde omstandigheden vermeldt.

  • 2.

    In de hiervoor genoemde situaties geeft de invorderingsambtenaar een nieuwe voor administratief beroep vatbare beschikking af als hij aanleiding ziet om een voor de belastingschuldige gunstigere beslissing te nemen.

  • 3.

    Als de belastingschuldige een nieuw verzoek om uitstel van betaling doet voor dezelfde belastingschuld en hij vermeldt hierin andere feiten of veranderde omstandigheden, dan beslist de invorderingsambtenaar op dat verzoek bij voor administratief beroep vatbare beschikking. Bij deze beslissing houdt hij rekening met deze andere feiten of veranderde omstandigheden. Dit geldt ook als het een belastingschuld betreft waarvoor het college al op een administratief beroep afwijzend heeft beslist.

  • 4.

    Als de belastingschuldige opnieuw verzoekt om uitstel van betaling ter zake van een belastingschuld waarvoor het college al op een administratief beroep afwijzend heeft beslist zonder daarbij andere feiten of veranderde omstandigheden te vermelden, wijst de invorderingsambtenaar dit verzoek af onder verwijzing naar de uitspraak van het college bij voor administratief beroep vatbare beschikking.

 

  • G.

    Artikel 19.1.12 .

De eerste zin wordt vervangen door ‘De invorderingsambtenaar houdt de invordering aan als er een verzoekschrift is ingediend bij het college, de raad of de (gemeentelijke) ombudsman tot op dat verzoekschrift is beslist.’.

 

  • H.

    Artikel 19.2.9 .

 

Het bedrag van € 86 onder A wordt vervangen door € 77.

Het bedrag van € 66 onder B wordt vervangen door € 68.

 

 

  • I.

    Artikel 19.2.16 .

 

De bedragen (normpremie) van € 42 en € 95, worden vervangen door € 45 en € 101.

 

 

  • J.

    Artikel 19.4.2.

Artikel 19.4.2 komt te luiden:

19.4.2. Administratief beroep of nieuw verzoek om kwijtschelding bij de invorderingsambtenaar

De invorderingsambtenaar merkt een door de belastingschuldige gemaakt bezwaar tegen de beslissing op het verzoek om kwijtschelding aan als een administratief beroep dat is gericht aan het college. Dit geldt ook als de belastingschuldige een nieuw verzoek om kwijtschelding indient voor dezelfde belastingschuld waarvoor de invorderingsambtenaar eerder een verzoek om kwijtschelding geheel of gedeeltelijk heeft afgewezen en daarbij geen andere feiten of veranderde omstandigheden vermeldt.

In de hiervoor genoemde situaties geeft de invorderingsambtenaar een nieuwe voor administratief beroep vatbare beschikking af als hij aanleiding ziet om een voor de belastingschuldige gunstigere beslissing te nemen.

Als de belastingschuldige een nieuw verzoek om kwijtschelding doet voor dezelfde belastingschuld en hij vermeldt hierin andere feiten of veranderde omstandigheden, dan beslist de invorderingsambtenaar op dat verzoek bij voor administratief beroep vatbare beschikking. Bij deze beslissing houdt hij rekening met deze andere feiten of veranderde omstandigheden. Dit geldt ook als het een belastingschuld betreft waarvoor het college al op een administratief beroep afwijzend heeft beslist.

Als de belastingschuldige opnieuw verzoekt om kwijtschelding ter zake van een belastingschuld waarvoor het college al op een administratief beroep afwijzend heeft beslist zonder daarbij andere feiten of veranderde omstandigheden te vermelden, wijst de invorderingsambtenaar dit verzoek af onder verwijzing naar de uitspraak van het college bij voor administratief beroep vatbare beschikking.

 

  • K.

    Artikel 27.4.13

In de eerste alinea wordt ‘EG-insolventieverordening’ vervangen door ‘EU-insolventieverordening’.

 

 

  • L.

    Artikel 27.5.1

 

In de achtste alinea komen de woorden ‘(zoals belastingaanslagen motorrijtuigenbelasting)’ te vervallen.

 

 

ARTIKEL II Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking de dag volgend op de bekendmaking in het Gemeenteblad en werkt terug tot 1 januari 2025.

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van 25 februari 2025,

mr. drs. J.A. de Vries, burgemeester

drs. W.J. Sikkes, waarnemend gemeentesecretaris

Naar boven