Besluit tot wijziging van de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010, partiële herziening Hoofdstuk 3 Seksbedrijven e.d. 2024

 

De raad van de gemeente Utrecht;

Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 03-12-2024, kenmerk 12917456;

Gelet op artikel 149, artikel 108, eerste lid, en 151a Gemeentewet;

Besluit de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010 als volgt te wijzigen:

Artikel I

De Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010 wordt als volgt gewijzigd:

 

  • A.

    In artikel 1:2, derde lid, onder a wordt “seksinrichting” vervangen door “seksbedrijf”.

  • B.

    In artikel 2:47, eerste lid, onder c wordt “seksinrichting” vervangen door “seksbedrijf”.

  • C.

    In het opschrift van hoofdstuk 3 wordt “Seksinrichtingen e.d.” vervangen door “Seksbedrijven e.d.”.

  • D.

    Artikel 3:1 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3: 1 D efinities

  • a.

    beheerder: de natuurlijke persoon die met het feitelijk beheer en het dagelijks toezicht in een seksbedrijf is belast of feitelijk het escortbedrijf beheert;

  • b.

    beheerderstaken: taken die essentieel onderdeel uitmaken van het toezicht op de dagelijkse gang van zaken binnen een seksbedrijf of escortbedrijf;

  • c.

    dagdeel: een aangesloten periode van minimaal vier uur;

  • d.

    darkroom: besloten, donkere ruimte waarin gelegenheid wordt geboden voor het uitvoeren en ontvangen van seksuele handelingen, zonder dat er voor die handelingen een vorm van vergoeding tegenover staat;

  • e.

    escortbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig of in een omvang alsof zij bedrijfsmatig was gelegenheid geven tot sekswerk in de vorm van bemiddeling tussen klant en sekswerker;

  • f.

    exploitant: natuurlijk persoon of rechtspersoon of bestuurder van een rechtspersoon of tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijk persoon, voor wiens rekening en risico de bedrijfsmatige activiteit wordt uitgeoefend; 

  • g.

    klant: degene die gebruik maakt of het kennelijk doel heeft gebruik te maken van de seksuele diensten die worden aangeboden:

  • 1.

    in een seksbedrijf;

  • 2.

    door bemiddeling van een escortbedrijf; of

  • 3.

    door een sekswerker;

  • h.

    seksbedrijf: de activiteit, bestaande uit het bedrijfsmatig gelegenheid geven tot sekswerk of tot het verrichten van seksuele handelingen voor of met een ander tegen betaling of uit het bedrijfsmatig aanbieden van vertoningen van erotisch-pornografische aard tegen betaling;

  • i.

    seksbedrijf met sekswerkers: de voor publiektoegankelijke, besloten ruimte met bedrijfsmatig seksgerelateerd aanbod met sekswerkers. Hieronder wordt in ieder geval verstaan parenclub met sekswerkers of webcam;

  • j.

    seksbedrijf zonder sekswerkers: de voor publiektoegankelijke, besloten ruimte met bedrijfsmatig seksgerelateerd aanbod zonder sekswerkers. Hieronder wordt in ieder geval verstaan een darkroom, seksbioscoop en parenclub zonder sekswerkers;

  • k.

    sekswerk: het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander of voor een ander tegen vergoeding;

  • l.

    sekswerker: degene die zich beschikbaar stelt tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander of voor een ander tegen vergoeding;

  • m.

    thuissekswerk: sekswerk waarbij een natuurlijke persoon bedrijfsmatig en tegen betaling of anders dan om niet seksuele handelingen verricht in een woning waar de sekswerker staat ingeschreven;

  • n.

    werkruimte: als zelfstandig aan te merken onderdeel van een seksbedrijf waarin seksuele handelingen met of voor een ander tegen betaling worden verricht.

  • E.

    In het opschrift van afdeling 3.2 wordt “Seksinrichtingen en escortbedrijven” vervangen door “Seksbedrijven en escortbedrijven”.

  • F.

    Artikel 3:4 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:4 Vergunningplicht

  • 1.

    Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd bestuursorgaan een seksbedrijf of escortbedrijf te exploiteren of de aard van het bestaande seksbedrijf te wijzigen.

  • 2.

    Een vergunning wordt op naam gesteld van een exploitant; indien meerdere personen daaronder begrepen natuurlijke personen en rechtspersonen, exploitant zijn, wordt vergunning aan hen gezamenlijk verleend en zijn zij allen, afzonderlijk en gezamenlijk, verantwoordelijk voor de nakoming van de verplichtingen die door of krachtens deze verordening op hen rusten.

  • 3.

    Het bevoegd bestuursorgaan verleent uitsluitend vergunning voor een escortbedrijf dat naar zijn oordeel voldoende aan een vast adres is gebonden.

  • 4.

    De exploitatie van een escortbedrijf is gebonden aan het adres dat in de vergunning is vermeld.

  • 5.

    Het verbod uit het eerste lid is niet van toepassing op thuissekswerk, mits wordt voldaan aan de volgende voorschriften en beperkingen:

    • a.

      maximaal één en dezelfde ter plaatse ingeschreven bewoner mag sekswerk in de woning verrichten;

    • b.

      de sekswerker staat ten minste drie maanden ingeschreven in de Basisregistratie Personen op een woonadres in Nederland;

    • c.

      afdracht van verdiensten uit thuissekswerk aan een derde is niet toegestaan;

    • d.

      er is geen sprake van bemiddeling door derden, met uitzondering van advertentiesites waar de sekswerker zelf adverteert;

    • e.

      de werkruimte is hygiënisch;

    • f.

      de sekswerker is ten minste 21 jaar oud; en

    • g.

      de sekswerker ontvangt tussen 01.00 uur 's nachts en 06.00 uur 's ochtends geen klanten in de woning.

  • 6.

    Het college kan met het oog op de belangen bepaald in artikel 1:8 en artikel 3:10, tweede lid, van deze verordening nadere regels stellen over de voorschriften en beperkingen ten aanzien van thuissekswerk.

  • 7.

    Besluiten die op grond van artikel 3:4 van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Utrecht 2010 zijn genomen, gelden als besluiten op grond van artikel 3:4 onder het wijzigingsbesluit van de Algemene plaatselijke verordening gemeente Utrecht 2010, partiële herziening hoofdstuk 3 Seksbedrijven e.d. 2024.

  • 8.

    Het verbod uit het eerste lid is niet van toepassing op een darkroom in een horecabedrijf of op een evenement.

  • G.

    Artikel 3:4a wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:4a Aanvraag en vergunning   

    • 1.

      De aanvraag om vergunning voor een seksbedrijf wordt ingediend door gebruik te maken van het door het bevoegde bestuursorgaan vastgestelde formulier door de exploitant vanaf het moment dat de aanvraagperiode is geopend zoals is bepaald in lid 12.

    • 2.

      De aanvraag om vergunning voor een escortbedrijf wordt ingediend door gebruik te maken van het door het bevoegde bestuursorgaan vastgestelde formulier door de exploitant.

    • 3.

      In de aanvraag om vergunning worden in ieder geval de volgende gegevens verstrekt:  

      • a.

        de persoonsgegevens van de exploitant, indien een rechtspersoon: de persoonsgegevens van de tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon bevoegde natuurlijke persoon/personen;

      • b.

        de persoonsgegevens van de beheerder(s);

      • c.

        het nummer van inschrijving in het handelsregister bij de Kamer van Koophandel;

      • d.

        een geldig legitimatiebewijs van iedere exploitant en beheerder;

      • e.

        de aard van het seksbedrijf of het escortbedrijf; 

      • f.

        behoudens voor escortbedrijven, het aantal in het seksbedrijf aanwezige werkruimten;  

      • g.

        op welke wijze de exploitant invulling geeft aan de samenwerking met de betrokken partners, waaronder in ieder geval de gemeente en de politie;   

      • h.

        een bewijs waaruit blijkt dat de exploitant gerechtigd is tot het gebruik van de ruimte waarin de exploitant het seksbedrijf of het escortbedrijf wil exploiteren; en 

      • i.

        Het telefoonnummer dat in advertenties voor het seksbedrijf of het escortbedrijf zal worden gebruikt of wordt gebruikt.  

    • 4.

      Bij het indienen van een aanvraag om een vergunning voor een seksbedrijf of escortbedrijf wordt een bedrijfsplan overgelegd, waarin in ieder geval het bedrijfsbeleid wordt beschreven ten aanzien van de hygiëne, de gezondheid, het zelfbeschikkingsrecht, de zelfredzaamheid, de veiligheid en de arbeidsomstandigheden van de in het bedrijf werkzame sekswerkers, alsmede de veiligheid en de gezondheid van de klanten.  

    • 5.

      Uit het bedrijfsplan voor een seksbedrijf met sekswerkers en een escortbedrijf blijkt in ieder geval:  

      • a.

        welke maatregelen de exploitant neemt om te voorkomen dat in het seksbedrijf met sekswerkers of door bemiddeling van het escortbedrijf sekswerkers werkzaam zijn die het slachtoffer zijn van mensenhandel of andere vormen van uitbuiting;  

      • b.

        welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de in het seksbedrijf met sekswerkers of door bemiddeling van het escortbedrijf werkzame sekswerkers voldoende zelfredzaam zijn;  

      • c.

        welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de in het seksbedrijf met sekswerkers of door bemiddeling van het escortbedrijf werkzame sekswerkers niet worden verplicht tot het verrichten van seksuele handelingen tegen hun wil en tot het gebruik van drugs of tot het nuttigen van alcoholhoudende dranken;  

      • d.

        welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de in het seksbedrijf met sekswerkers of door bemiddeling van het escortbedrijf werkzame sekswerkers klanten kunnen weigeren;  

      • e.

        welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat er voldoende toezicht plaatsvindt in het seksbedrijf met sekswerkers of op de activiteiten van het escortbedrijf;  

      • f.

        welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de gezondheid en veiligheid van klanten voldoende wordt beschermd;  

      • g.

        onder welke arbeids- en/of verhuurvoorwaarden sekswerkers in het seksbedrijf met sekswerkers of door bemiddeling van het escortbedrijf werken, waaronder in ieder geval de minimale en maximale verhuurperiode en de opbouw van en hoogte van de verhuurprijzen;  

      • h.

        op welke wijze de exploitant invulling geeft aan de samenwerking met de betrokken partners, waaronder in ieder geval de gemeente, depolitie en hulp- en dienstverlening; en

      • i.

        dat een gemeenschappelijke ruimte is ingericht binnen het seksbedrijf met sekswerkers, waar werkzame sekswerkers elkaar kunnen ontmoeten.  

    • 6.

      Uit het bedrijfsplan voor een seksbedrijf zonder sekswerkers blijkt in ieder geval:  

      • a.

        welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat er geen sekswerkers werken;  

      • b.

        welke maatregelen worden genomen om te waarborgen dat de gezondheid en veiligheid van klanten voldoende wordt beschermd;  

      • c.

        op welke wijze de exploitant invulling geeft aan de samenwerking met de betrokken partners, waaronder in ieder geval de gemeente en de politie.

    • 7.

      Indien het bevoegd bestuursorgaan dit nodig acht voor de beoordeling van de aanvraag, worden aanvullende bescheiden en gegevens overgelegd. 

    • 8.

      Het bevoegd bestuursorgaan kan nadere regels stellen ten aanzien van hetgeen in het bedrijfsplan wordt opgenomen.  

    • 9.

      Indien de exploitant het bedrijfsplan wil wijzigen, doet hij hiervan vooraf mededeling aan het bevoegde bestuursorgaan. De wijziging wordt na goedkeuring door het bevoegd bestuursorgaan als onderdeel van het bedrijfsplan aangemerkt.  

    • 10.

      Paragraaf 4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht is niet van toepassing. 

    • 11.

      In een vergunning worden opgenomen de gegevens genoemd in het tweede lid onder a., b., c., e. en g. alsmede de aan de vergunning verbonden voorschriften of beperkingen. 

    • 12.

      Het bevoegd bestuursorgaan maakt, in elk geval in het Gemeenteblad, bekend binnen welke periode aanvragen voor een vergunning voor een seksbedrijf kunnen worden ingediend. Hierin wordt in ieder geval aangegeven:

      • a.

        op welke wijze de selectie plaats zal vinden;

      • b.

        binnen welk tijdvak geïnteresseerden een aanvraag kunnen indienen;

      • c.

        op welke datum de uitslag van de procedure wordt bekendgemaakt;

      • d.

        op welke wijze met gebruikmaking van een (digitaal) aanvraagformulier, een aanvraag kan worden ingediend;

      • e.

        welke gegevens bij de aanvraag moeten worden gevoegd om als volledig te worden aangemerkt; en

      • f.

        binnen welk tijdvak een aanvrager eventuele gebreken op het aanvraagformulier kan herstellen.

    • 13.

      Als binnen de termijn bedoeld in lid 12 van dit artikel meer dan één aanvraag voor een vergunning is ingediend dan worden de vergunningen door middel van loting verdeeld.

    • 14.

      Het bevoegd bestuursorgaan kan nadere regels stellen ten aanzien van de lotingsprocedure.

  • H.

    In artikel 3:5, vijfde lid, wordt “seksinrichting” vervangen door “seksbedrijf”.

  • I.

    Artikel 3:6 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:6 Maximumstelsel seksbedrijven en werkruimten

  • 1.

    Het bevoegd bestuursorgaan verleent aan ten hoogste zes seksbedrijven een vergunning.   

  • 2.

    Wanneer een seksbedrijf werkruimten verhuurt, dan mag de totale omvang van het bedrijf niet meer dan 15 werkruimten omvatten.

  • 3.

    In de vergunning wordt het aantal werkruimten per seksbedrijf vastgelegd.

  • J.

    Artikel 3:7 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:7 Geldigheidsduur

  • 1.

    De vergunning vervalt 5 jaar na de datum van inwerkingtreding daarvan of zoveel eerder als in de vergunning wordt aangegeven, met dien verstande dat geen vervaltermijnen van minder dan één jaar in de vergunning worden opgenomen.

  • 2.

    De vergunning vervalt ook wanneer:

    • a.

      de exploitatie van het seksbedrijf of het escortbedrijf feitelijk is beëindigd of overgedragen;

    • b.

      zes maanden zijn verlopen na het onherroepelijk worden van de vergunning, zonder dat van deze vergunning gebruik is gemaakt; of

    • c.

      de exploitatie van het seksbedrijf of het escortbedrijf gedurende zes maanden achtereen is gestaakt.

  • 3.

    Vergunningen voor seksbedrijven die zijn verleend voor de inwerkintreding van het wijzigingsbesluit van de Algemene plaatselijke verordening Utrecht 2010, partiële herziening hoofdstuk 3 Seksbedrijven e.d. 2024 kunnen na de in de vergunning gestelde vervaltermijn nog éénmaal verlengd worden met een duur van maximaal 5 jaar.

  • K.

    Artikel 3:8 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:8 B eheerders

  • Het is verboden beheerderstaken uit te laten voeren door personen die niet als zodanig op het aanhangsel van de vergunning staan vermeld. 

  • L.

    Artikel 3:10 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:10 Weigeringsgronden 

    • 1.

      Het bevoegd bestuursorgaan besluit omtrent een vergunning op de grondslag van een aanvraag en weigert een vergunning indien:  

      • a.

        de exploitant of beheerder niet voldoet aan de in artikel 3:5 gestelde eisen;

      • b.

        de vestiging, uitbreiding of de exploitatie van het seksbedrijf of het escortbedrijf in strijd is met het geldende omgevingsplan;

      • c.

        de vestiging, de uitbreiding of de exploitatie van het seksbedrijf in strijd is met artikel 3:6;  

      • d.

        het escortbedrijf wordt gevestigd in een voor het publiek toegankelijk gebouw, tenzij het escortbedrijf wordt gevestigd in een seksbedrijfwaarvoor op grond van artikel 3:4 vergunning is verleend;  

      • e.

        het escortbedrijf wordt gevestigd in een seksbedrijf waarvan de vergunning op grond van artikel 3:15 is ingetrokken of met toepassing van artikel 2:46 of 3:14, eerste lid van deze verordening of artikel 13b van de Opiumwet is gesloten;  

      • f.

        het escortbedrijf wordt gevestigd in een woonruimte waarvoor geen vergunning tot woningonttrekking als bedoeld in artikel 21 van de Huisvestingswet 2014 is verleend;

      • g.

        een niet in de aanvraag of vergunning als beheerder vermeld persoon beheerderstaken zal uitvoeren of uitvoert met betrekking tot het seksbedrijf of het escortbedrijf waarop de aanvraag respectievelijk de vergunning betrekking heeft;  

      • h.

        naar zijn oordeel het bedrijfsplan onvoldoende garanties geeft voor de bescherming van de in het seksbedrijf of de door bemiddeling van het escortbedrijf werkzame sekswerkers of niet voldoet aan de bij of krachtens artikel 3:4a gestelde regels;  

      • i.

        er aanwijzingen zijn dat bij het seksbedrijf of bij het escortbedrijf:  

        • 1.

          personen werkzaam zijn of zullen zijn in strijd met artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht of met bij of krachtens de wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;

        • 2.

          minderjarigen werkzaam of aanwezig zijn of zullen zijn;

        • 3.

          geen of onvoldoende toezicht aanwezig is of zal zijn van de exploitant of beheerder; of

        • 4.

          sekswerkers werkzaam zijn of zullen zijn die de leeftijd van 21 jaar nog niet hebben bereikt.

      • j.

        indien redelijkerwijs moet worden aangenomen dat de feitelijke toestand niet met het in de aanvraag vermelde in overeenstemming zal zijn.

    • 2.

      Het bevoegd bestuursorgaan kan een vergunning weigeren in het belang van:

      • a.

        de in artikel 1:8 van deze verordening vermelde belangen;

      • b.

        het voorkomen of beperken van aantasting van het woon- en leefklimaat; of

      • c.

        de arbeidsomstandigheden van de sekswerker.

    • 3.

      Het bevoegd bestuursorgaan kan een vergunning voor een seksbedrijfof een escortbedrijf eveneens weigeren:  

      • a.

        In het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet Bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur; of

      • b.

        Indien naar zijn oordeel onvoldoende aannemelijk is dat de exploitant of de beheerder het bepaalde bij of krachtens artikel 3:11 of 3:11a zal naleven.

    • 4.

      Bij de toepassing van de in het tweede lid onder b. genoemde weigeringsgrond houdt het bevoegd bestuursorgaan rekening met:  

      • a.

        het karakter van de straat en de wijk waarin het seksbedrijf of het escortbedrijf is of wordt gevestigd;  

      • b.

        de aard van het seksbedrijf of het escortbedrijf en de spanning waaraan het woon- en leefklimaat ter plaatse blootstaat of door de vestiging of uitbreiding van de inrichting of het bedrijf zou komen te staan; en  

      • c.

        bijzondere gebruiksfuncties in de omgeving waarmee de vestiging of uitbreiding van het seksbedrijf of van het escortbedrijf zich niet verdraagt.  

    • 5.

      Een weigering op grond van het bepaalde in het derde lid onder a, vindt niet plaats op basis van besluiten tot intrekking van vergunningen die zijn genomen voor de inwerkingtreding van deze wijzigingsverordening.

  • M.

    Artikel 3:11 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:11 Toezicht en verplichtingen seksbedrijven

  • 1.

    Het is verboden een seksbedrijfvoor klanten geopend te hebben, zonder dat de op de vergunning vermelde exploitant of beheerder in het seksbedrijf aanwezig is.  

  • 2.

    De exploitant draagt er zorg voor dat de vergunning of een afschrift daarvan zichtbaar aanwezig is in het seksbedrijf waarvoor de vergunning is verleend en dat tevens aan de buitenzijde van het seksbedrijf zichtbaar is dat de exploitant over een vergunning beschikt voor dat seksbedrijf.  

  • 3.

    De exploitant en/of de beheerder houdt ter plaatse voortdurend en zodanig toezicht dat in het seksbedrijf:  

    • a.

      geen strafbare feiten plaatsvinden, waaronder in ieder geval de feiten genoemd in de titels XIV (misdrijven tegen de zeden), XX (mishandeling), XXII (diefstal), artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht en XXX (begunstiging) van het Tweede Boek van het Wetboek van Strafrecht, in de Opiumwet en in de Wet wapens en munitie;

    • b.

      geen sekswerk wordt uitgeoefend door personen in strijd met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;

    • c.

      geen minderjarigen aanwezig zijn;

    • d.

      geen sekswerkers werkzaam zijn die de leeftijd van éénentwintig (21) jaar nog niet hebben bereikt. 

  • 4.

    De exploitant en/of de beheerder voert met iedere sekswerker een persoonlijk gesprek, zowel voordat als tijdens de periode dat de sekswerker in het seksbedrijf met sekswerkers werkzaam is waarbij de exploitant een informatieplicht heeft ten aanzien van de rechten en plichten van de sekswerkers en zich ervan dient te vergewissen dat de sekswerker voldoende zelfredzaam is. Het verslag van dit gesprek maakt deel uit van de verplicht te voeren bedrijfsadministratie.  

  • 5.

    De exploitant van een seksbedrijfis verplicht:  

    • a.

      De werkruimte te voorzien van een deugdelijke alarminstallatie; en

    • b.

      Een deugdelijke administratie te voeren.

  • 6.

    De exploitant en de beheerder heeft de verplichting actief signalen van misstanden en mensenhandel te herkennen en adequaat op te reageren en dienen, indien bij hen redelijkerwijs een vermoeden is ontstaan van misstanden, zoals mensenhandel en/of uitbuiting, dit direct te melden bij de gemeentelijke toezichthouders.  

  • 7.

    De exploitant of beheerder draagt er zorg voor dat de rechten en verplichtingen die hij en de sekswerker zijn overeengekomen schriftelijk tenminste in tweevoud worden vastgelegd en dat een exemplaar van deze overeenkomst aan de sekswerker wordt verstrekt en dat een exemplaar in de bedrijfsadministratie wordt bewaard. Elke beëindiging van een huurcontract dient schriftelijk te worden vastgelegd en vermeldt de aanleiding tot de beëindiging. Het document wordt in de bedrijfsadministratie bewaard.

  • 8.

    De exploitant draagt er zorg voor dat de hygiëne in het seksbedrijf aan de algemene eisen die hiervoor in de branche gelden voldoet.

  • N.

    Artikel 3:13 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:13 Minimale verhuurperiode en gebruik werkruimte

  • 1.

    Een werkruimte wordt per dagdeel aan één sekswerker verhuurd.

  • 2.

    In een seksbedrijf is het verboden werkruimten meer dan twaalf uur per dag te laten gebruiken door dezelfde sekswerker.

  • 3.

    Voor alle seksbedrijven geldt dat de werkruimte niet mag worden gebruikt voor andere doeleinden dan waarvoor deze is bedoeld.

  • O.

    Artikel 3:14 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:14 Sluiting(stijden)

  • 1.

    Het is de exploitant en de beheerder verboden een seksbedrijf voor bezoekers geopend te hebben of daarin bezoekers toe te laten of te laten verblijven tussen 1.00 en 6.00 uur, tenzij bij vergunning anders is bepaald. 

  • 2.

    Onverlet het bepaalde in lid 1 kan het bevoegde bestuursorgaan de, al dan niet tijdelijke, gehele of gedeeltelijke sluiting van een seksbedrijfbevelen indien:  

    • a.

      gehandeld wordt in strijd met het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde;

    • b.

      gehandeld wordt in strijd met de aan de vergunning verbonden voorschriften; of

    • c.

      dat met het oog op de bescherming van de in artikel 3:10, tweede lid, genoemde belangen noodzakelijk is.

  • 3.

    Het is verboden in het seksbedrijf klanten toe te laten gedurende de tijd dat het seksbedrijf bij of krachtens deze verordening gesloten dient te zijn.  

  • 4.

    Het bevoegd bestuursorgaan kan, indien wordt gehandeld in strijd met het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde, met het oog op de in artikel 3:10 genoemde belangen of bij overtreding van de aan de vergunning verbonden voorschriften, al dan niet tijdelijk voor een afzonderlijke seksbedrijf sluitingsuren vaststellen.  

  • 5.

    Het is de klant van een seksbedrijf verboden zich in het bedrijfte bevinden gedurende de tijd dat het seksbedrijf bij of krachtens deze verordening gesloten dient te zijn. 

  • P.

    Artikel 3:15 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 3:15 Intrekkingsgronden

    • 1.

      Onverminderd het bepaalde in artikel 1:6 kan het bevoegd bestuursorgaan een vergunning intrekken indien:  

      • a.

        de exploitant of beheerder niet langer voldoet aan de in artikel 3:5 gestelde eisen;

      • b.

        er aanwijzingen zijn dat bij het seksbedrijf of bij het escortbedrijf:

        • 1.

          personen werkzaam zijn of zijn geweest in strijd met artikel 273f van het Wetboek van Strafrecht of met het bij of krachtens de Wet arbeid vreemdelingen of de Vreemdelingenwet 2000 bepaalde;

        • 2.

          minderjarigen werkzaam en/of aanwezig zijn of zijn geweest; of

        • 3.

          sekswerkers werkzaam zijn of zijn geweest die de leeftijd van 21 jaar niet hebben bereikt.

      • c.

        de verstrekte gegevens zodanig onjuist of onvolledig blijken te zijn dat op de aanvraag een andere beslissing zou zijn genomen indien bij de beoordeling daarvan de juiste gegevens bekend waren geweest;

      • d.

        Indien een eerdere of andere vergunning van dezelfde exploitant voor de exploitatie van een escortbedrijf of seksbedrijf is geweigerd of ingetrokken;

      • e.

        In het geval en onder voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur;

      • f.

        een niet in het aanhangsel van de vergunning vermeld persoon beheerderstaken uitvoert met betrekking tot het seksbedrijf of het escortbedrijf waarop de vergunning betrekking heeft;

      • g.

        geen of onvoldoende toezicht aanwezig is of is geweest van de exploitant of beheerder;

      • h.

        in strijd wordt gehandeld met de door het bevoegd bestuursorgaan gestelde nadere regels als bedoeld in artikel 3:3 van deze verordening;

      • i.

        het bedrijfsplan niet langer voldoende garanties geeft voor de bescherming van de sekswerkers en er in strijd is gehandeld met de maatregelen die in het bedrijfsplan zijn beschreven, zoals bedoeld in artikel 3:4a van deze verordening;

      • j.

        de exploitant niet langer voldoet aan de bij of krachtens artikel 3:4a gestelde regels;

      • k.

        de belangen genoemd in artikel 3:10, tweede lid, niet worden beschermd;

      • l.

        de exploitant of de beheerder niet voldoet aan het in artikel 3:11 of 3:11a bepaalde of in strijd handelt met artikel 3:15a van deze verordening;

      • m.

        de aard van het seksbedrijf is gewijzigd zonder dat daarvoor een vergunning is verleend; en

      • n.

        het seksbedrijf in strijd handelt met artikel 3:14 van deze verordening.

    • 2.

      Het bevoegd bestuursorgaan kan de vergunning voor een escortbedrijf eveneens intrekken, indien zich een omstandigheid voordoet die een weigeringsgrond oplevert als bedoeld in artikel 3:10, eerste lid, aanhef en onder b, e, f of g van deze verordening.

  • Q. In artikel 3:15a, eerste en tweede lid, wordt “de seksinrichting” vervangen door “het seksbedrijf”.

  • R, In het opschrift van afdeling 3.3 wordt “straatprostitutie” vervangen door “straatsekswerk”.

  • S. In het opschrift van artikel 3:17 wordt “straatprostitutie” vervangen door “straatsekswerk”.

  • T. In artikel 5:20 wordt bij de uitzondering onder e. activiteiten in een horecabedrijf achter ‘zijn’ toegevoegd, ‘behalve voor een darkroom in een horecabedrijf’.

  • U. In artikel 5:21 wordt een zesde lid toegevoegd dat komt te luiden: ‘De uitzondering op het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op een darkroom op een evenement.’

  • V. Artikel 5:22 wordt gewijzigd en komt te luiden:

  • Artikel 5:22 Nadere regels

  • Het college kan met het oog op de belangen in artikel 1:8 en artikel 5:27 van deze verordening nadere regels stellen over de voorschriften en beperkingen ten aanzien van evenementen, locatieprofielen voor evenementen, de reserveringskalender evenementen, geluidsnormen en darkrooms.

  • W. Artikel 5:33 wordt gewijzigd en komt te luiden:

Artikel 5:33 Nadere regels

Het college kan met het oog op de belangen in artikel 1:8 en artikel 5:37 van deze verordening nadere regels stellen over de voorschriften en beperkingen ten aanzien van evenementen, locatieprofielen voor evenementen, de reserveringskalender evenementen, geluidsnormen en darkrooms.

Artikel II

Dit besluit treedt in werking vijf weken na bekendmaking in het gemeenteblad.

 

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 22 februari 2025.

De burgemeester,

Sharon A.M. Dijksma

De griffier,

Miguel Israel

Naar boven