Wijziging gemeenschappelijke regeling Streekarchief Voorne-Putten 2024

De colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten Nissewaard en Voorne aan Zee;

 

overwegende dat de gemeente Goeree-Overflakkee heeft aangegeven per 1 januari 2026 te willen toetreden tot de gemeenschappelijke regeling Streekarchief Voorne-Putten 2024;

 

gelezen het advies van het bestuur van de gemeenschappelijke regeling Streekarchief Voorne-Putten van 10 juli 2025;

 

gezien de door de gemeenteraden van genoemde gemeenten verleende toestemming als bedoeld in artikel 1, vierde lid, van de Wet gemeenschappelijke regelingen;

 

gelet op de bepalingen van de Wet gemeenschappelijke regelingen, de Gemeentewet en de Archiefwet 1995;

 

besluiten vast te stellen de volgende wijziging van de gemeenschappelijke regeling Streekarchief Voorne-Putten 2024.

Artikel I  

De gemeenschappelijke regeling Streekarchief Voorne-Putten 2024 wordt gewijzigd als volgt.

 

A. Artikel 1 komt te luiden:

 

Artikel 1 Definities

 

  • 1.

    In deze regeling wordt verstaan onder:

     

    • -

      archiefbescheiden:

      • a.

        de documenten welke in gevolge artikel 12, eerste lid, en artikel 13, eerste lid, van de Archiefwet 1995 naar het archiefbewaarplaats van het Regionaal Historisch Centrum zijn, dienen te of zullen worden overgebracht;

      • b.

        de documenten welke van het Rijk, van besturen van openbare lichamen of van bijzondere personen of instellingen in bewaring, bruikleen of ten geschenke zijn of zullen worden ontvangen; en

      • c.

        de verzamelingen van geschreven, getekende of gedrukte stukken en alle overige verzamelingen, welke tot toelichting op of ter aanvulling van de vorengenoemde documenten kunnen dienen;

    • -

      archiefbewaarplaats: het door het bestuur van de gemeenschappelijke regeling aangewezen (e-)depot;

    • -

      college: het college van burgemeester en wethouders;

    • -

      gedeputeerde staten: het college van Gedeputeerde Staten van Zuid-Holland;

    • -

      gemeenten: de gemeenten Goeree-Overflakkee, Nissewaard en Voorne aan Zee;

    • -

      regeling: de gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten Goeree-Overflakkee;

    • -

      Regionaal Historisch Centrum: de rechtspersoonlijkheid bezittende bedrijfsvoeringsorganisatie als bedoeld in artikel 3;

    • -

      wet: Wet gemeenschappelijke regelingen (Wgr).

  • 2.

    Waar in de regeling artikelen van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing worden verklaard, dient in de plaats van de gemeente, de raad, het college van burgemeester en wethouders respectievelijk de burgemeester te worden gelezen: de bedrijfsvoeringsorganisatie Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten Goeree-Overflakkee, haar bestuur, respectievelijk haar voorzitter.

B. Artikel 2 vervalt.

 

C. Artikel 3, eerste lid, komt te luiden:

 

  • 1.

    Er is een bedrijfsvoeringsorganisatie genaamd Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten Goeree-Overflakkee, gevestigd te Hellevoetsluis, gemeente Voorne aan Zee.

D. Artikel 4, eerste lid, komt te luiden:

 

  • 1.

    Doel van het Regionaal Historisch Centrum is in het samenwerkingsgebied:

    • a.

      uitvoering geven aan de Archiefwet 1995; en

    • b.

      het vervullen van de functie van regionaal kennis- en informatiecentrum op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis door het opbouwen en beheren van een zo breed mogelijke collectie (regionaal) historische bronnen en deze op een zo actief mogelijke wijze dienstbaar te maken voor het publiek.

E. Artikel 5 komt te luiden:

 

Artikel 5 Taken en bevoegdheden

 

  • 1.

    Het Regionaal Historisch Centrum heeft tot taak:

     

    • a.

      het beheer van de in de archiefbewaarplaats berustende documenten van de gemeenten, zoals nader omschreven in de Archiefwet 1995;

    • b.

      het toezicht op het beheer van de documenten van de gemeenten voor zover deze niet zijn overgebracht;

    • c.

      het stimuleren van de lokale en regionale geschiedbeoefening en het daartoe aanleggen, beheren en bewaren van een zo compleet mogelijke collectie bronnen op het gebied van de lokale en regionale geschiedenis;

    • d.

      het exploiteren van een archiefbewaarplaats;

    • e.

      het beheer van door andere partijen dan de gemeenten overgedragen archieven.

  • 2.

    In aanvulling op de taken voor alle gemeenten kan het Regionaal Historisch Centrum, voor zover dit geen verstoring veroorzaakt van deze taken, op verzoek van een van de gemeenten ook andere adviserende, ondersteunende of uitvoerende werkzaamheden op het werkterrein van het Regionaal Historisch Centrum, uitvoeren. De verschuldigde bijdrage voor deze plustaken wordt vastgesteld door het bestuur.

  • 3.

    Het Regionaal Historisch Centrum kan desgevraagd taken in het kader van de Archiefwet 1995 dan wel met betrekking tot de cultuurhistorische functie, voor derden uitoefenen; het bestuur beslist over de vraag of en in welke omvang het Regionaal Historisch Centrum voor een derde taken gaat uitvoeren.

  • 4.

    De raden zullen om een zienswijze gevraagd worden voor besluiten van groot maatschappelijke belang, besluiten met belangrijke beleidswijzigingen en/of van groot financieel belang.

  • 5.

    Er is niet voor gekozen voor het openen van een mogelijkheid tot participatie als bedoeld in artikel 10, zevende lid, van de wet.

F. Artikel 9 komt te luiden:

 

Artikel 9 Bevoegdheden

 

  • 1.

    Aan het bestuur komen alle bevoegdheden tot regeling en bestuur toe die noodzakelijk zijn ten behoeve van de uitvoering van taken die bij deze gemeenschappelijke regeling aan het Regionaal Historisch Centrum zijn opgedragen en die daarvoor bij of krachtens enig wettelijk voorschrift aan gemeentebesturen zijn of worden toegekend.

  • 2.

    Naast de uitoefening van taken en bevoegdheden op grond van het elders in deze regeling bepaald, is het bestuur in elk geval belast met en bevoegd tot:

    • a.

      het vaststellen van de jaar- en meerjarenbeleidsplannen;

    • b.

      het opstellen van voorwaarden voor toetreding;

    • c.

      het voorstaan van de belangen van het Regionaal Historisch Centrum bij andere overheden, instellingen, diensten en personen;

    • d.

      het nemen van alle conservatoire maatregelen zowel in als buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter voorkoming van verjaring van recht of bezit.

  • 3.

    Het bestuur kan ten behoeve van de bedrijfsvoering van het Regionaal Historisch Centrum met een of meer gemeenten afspraken maken om de daarop gerichte activiteiten te leveren.

  • 4.

    Het bestuur heeft de bevoegdheid te besluiten tot de oprichting van en de deelneming in stichtingen, maatschappen, vennootschappen, verenigingen, coöperaties en onderlinge waarborgmaatschappijen indien dat in het bijzonder aangewezen moet worden geacht voor de behartiging van het daarmee te dienen openbaar belang.

G. Artikel 11 komt te luiden:

 

Artikel 11 Taken en bevoegdheden

 

  • 1.

    De voorzitter is belast met de leiding van de vergaderingen van het bestuur.

  • 2.

    De voorzitter is belast met de uitvoering van de besluiten van het bestuur.

  • 3.

    Alle stukken, uitgaande van het bestuur worden door de voorzitter ondertekend, tenzij hij aan de directeur, als bedoeld in artikel 14, het tekenen van bepaalde stukken heeft opgedragen.

  • 4.

    De voorzitter vertegenwoordigt het Regionaal Historisch Centrum in en buiten rechte. Indien de voorzitter behoort tot het bestuur van een gemeente die partij is in een privaatrechtelijke aangelegenheid dan wel een geschil waarbij het Regionaal Historisch Centrum betrokken is, oefent de plaatsvervangend voorzitter deze bevoegdheid uit. Als ook zijn bestuur bij de privaatrechtelijke aangelegenheid dan wel het geschil is betrokken, oefent een ander lid deze bevoegdheid uit.

H. Artikel 14, derde lid, vervalt.

 

I. Artikel 18 komt te luiden:

 

Artikel 18 Boekjaar

 

Het boekjaar van het Regionaal Historisch Centrum is gelijk aan het kalenderjaar.

 

J. Artikel 19, tweede lid, komt te luiden:

 

  • 2.

    De ontwerpbegroting wordt door de zorg van de besturen van de gemeenten voor een ieder ter inzage gelegd en, tegen betaling van de kosten, algemeen verkrijgbaar gesteld. Artikel 190, tweede en derde lid, van de Gemeentewet is van overeenkomstige toepassing. Bovendien wordt deze op de website van het Regionaal Historisch Centrum gepubliceerd.

K. Artikel 21, vierde lid, komt te luiden:

 

  • 4.

    Wanneer het bestuur overeenkomstig het gestelde in het tweede lid een besluit heeft genomen omtrent het bijdragen door de gemeenten in het nadelig exploitatiesaldo, wordt het nadelig exploitatiesaldo door de gemeenten gedragen op basis van de in artikel 23, tweede lid, genoemde verdeelsleutel.

L. Artikel 22, tweede lid, komt te luiden:

 

  • 2.

    Voor het betalen van rente en aflossing van geldleningen en in rekening-courant opgenomen gelden staan de gemeenten garant voor zover ter zake door andere overheidsorganen geen garantie is verstrekt. De gemeenten nemen aan de garantie deel in de verhouding tot de bijdragen als bedoeld in artikel 23, tweede lid, van deze regeling. Indien uit deze bepaling in enig jaar voor de gemeenten betalingsverplichtingen voortvloeien, worden deze aan de met de gemeenten te verrekenen bijdragen toegevoegd.

M. Artikel 23 komt te luiden:

 

Artikel 23 Bijdragen

 

  • 1.

    De door de gemeenten verschuldigde bijdrage voor een specifiek boekjaar wordt aangeduid in de begroting van dat boekjaar.

  • 2.

    De deelnemende gemeenten dragen ieder voor gelijke delen bij in de kosten van het Regionaal Historisch Centrum.

  • 3.

    In afwijking van het tweede lid draagt de gemeente Voorne aan Zee voor twee delen bij in de huur van de vestiging van het Regionaal Historisch Centrum.

N. Artikel 25 komt te luiden:

 

Artikel 25 Uittreding

 

  • 1.

    Een gemeente kan uittreden door toezending van een daartoe strekkend aangetekend schrijven aan het bestuur waarin met inachtneming van het bepaalde in het derde lid staat vermeld per wanneer de uittreding is voorzien.

  • 2.

    Het bestuur zendt het in het eerste lid bedoelde schrijven in kopie aan de colleges van de overige gemeenten.

  • 3.

    Tenzij het bestuur een kortere termijn bepaalt, kan de uittreding niet eerder plaatsvinden dan op 31 december van het tweede kalenderjaar volgende op het jaar waarin het bestuur van het besluit tot uittreding in kennis is gesteld.

  • 4.

    De financiële schade die door de uittreding aan het Regionaal Historisch Centrum is toegebracht, wordt aan de uittredende gemeente in rekening gebracht.

  • 5.

    Voor de vaststelling van het financiële nadeel als bedoeld in het vierde lid wordt door het Regionaal Historisch Centrum en de uittredende gemeente gezamenlijk advies gevraagd aan een onafhankelijke externe deskundige. Het advies van deze deskundige is voor partijen bindend. De kosten voor het inschakelen van de deskundige zijn voor rekening van de uittredende gemeente.

O. Artikel 28, derde lid, komt te luiden:

 

  • 3.

    Voor de bewaring van de over te brengen archiefbescheiden van de regeling wordt aangewezen de archiefbewaarplaats van het Regionaal Historisch Centrum.

P. Artikel 31, zevende lid, komt te luiden:

 

  • 7.

    De regeling kan worden aangehaald als gemeenschappelijke regeling Regionaal Historisch Centrum Voorne-Putten Goeree-Overflakkee.

Artikel II  

  • 1.

    Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2026.

  • 2.

    In afwijking van artikel 3 wordt, zolang de in Hellevoetsluis nieuw te bouwen archiefbewaarplaats niet is opgeleverd, voor wat betreft de plaats van vestiging van de bedrijfsvoeringsorganisatie gelezen “Brielle”.

  • 3.

    In afwijking van artikel 23:

    • a.

      draagt de gemeente Goeree-Overflakkee eerst bij in de huur van de vestiging van het Regionaal Historisch Centrum na oplevering van de nieuw in Hellevoetsluis te bouwen archiefbewaarplaats;

    • b.

      dragen de gemeenten Nissewaard en Voorne aan Zee tot de oplevering van de nieuw in Hellevoetsluis te bouwen archiefbewaarplaats voor gelijke delen bij in de huur van de vestiging van het Regionaal Historisch Centrum;

    • c.

      worden de kosten verbonden aan de archiefbewaarplaats te Middelharnis gedragen door de gemeente Goeree-Overflakkee zolang die als zodanig wordt gebruikt.

Aldus vastgesteld op 18 november 2025 door burgemeester en wethouders van Nissewaard,

drs. M. Visscher

secretaris

C.H.J. Lamers

wnd burgemeester

Aldus vastgesteld op 11 november 2025 door burgemeester en wethouders van Voorne aan Zee,

L. Mans MSc

secretaris

A. Scheepers MSc RA

burgemeester

Naar boven