U bekijkt een publicatie met

Toon versie van document

Wijziging Omgevingsplan gemeente Lelystad: Technische transitie fase 2

De gemeenteraad van Gemeente Lelystad

Overwegende dat:

  • a.

    de gemeente voor 1 januari 2032 het van rechtswege verkregen omgevingsplan moet omzetten naar een omgevingsplan conform de Omgevingswet;

  • b.

    de gemeente deze wijzigingen gebiedsgericht uitvoert, waarbij nu de technische omzetting van enkele oude ruimtelijke plannen voorligt voor wijziging, zoals opgenomen in de afdelingen 2.1 en 2.2 van de motivering bij dit besluit;

  • c.

    in het kader van deze gebiedsgerichte aanpak een kennisgeving van het voornemen is gepubliceerd met als titel 'Kennisgeving voornemen Wijziging Omgevingsplan gemeente Lelystad: Technische transitie fase 2';

  • d.

    een ontwerpwijziging van het omgevingsplan van 11 augustus 2025 tot en met 21 september 2025 ter inzage heeft gelegen;

  • e.

    er tijdens de terinzagelegging van het ontwerp twee zienswijzen zijn ingediend;

  • f.

    de zienswijzen aanleiding hebben gegeven om het ontwerp aan te passen;

  • g.

    de zienswijzen zijn beantwoordt en samen met ambtshalve wijzigingen opgenomen in de nota van zienswijzen en wijzigingen;

besluit om de regels, opgenomen in bijlage A, als onderdeel van het Omgevingsplan gemeente Lelystad vast te stellen.

Artikel I Vaststelling wijziging omgevingsplan

Het "Omgevingsplan gemeente Lelystad", opgenomen in Bijlage A, wordt vastgesteld.

Artikel II Vervallen oude ruimtelijke plannen

De ruimtelijke plannen, zoals aangegeven in de Motivering bij dit besluit, te laten vervallen ter plaatse van deze wijziging, behorende bij de locatie van de pons met identificatie /join/id/regdata/gm0995/2025/4a0e8ec8eaa44572b5b66d75cec408f5/nld@2025‑12‑24;07050798.

Artikel III Juridische inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking per 11‑02‑2026.

Aldus vastgesteld in de raadsvergadering d.d. 16‑12‑2025 

De Griffier

L.A. Wieringa

Bijlage A Bijlage bij artikel I

A

Artikel 1.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 1.3 Doel omgevingsplan

  • 1.

     

    De doelen die worden nagestreefd in dit omgevingsplan, zijn:

    • a.

      het waarborgen van de veiligheid;

    • b.

      het beschermen van de gezondheid;

    • c.

      het beschermen van het milieu;

    • d.

      het duurzaam veiligstellen van de openbare drinkwatervoorziening;

    • e.

      het beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden;

    • f.

      het behoud van cultureel erfgoed;

    • g.

      het behoud van de uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed;

    • h.

      de natuurbescherming;

    • i.

      het tegengaan van klimaatverandering;

    • j.

      het beschermen tegen de gevolgen van klimaatverandering;

    • k.

      de kwaliteit van bouwwerken;

    • l.

      een evenwichtige toedeling van functies aan locaties;

    • m.

      de energiezuinigheid van bouwwerken;

    • n.

      het behoeden van de staat en werking van infrastructuur voor nadelige gevolgen van activiteiten;

    • o.

      het beheer van infrastructuur;

    • p.

      het beheer van watersystemen;

    • q.

      het beheer van geobiologische en geothermische systemen en ecosystemen;

    • r.

      het beheer van natuurlijke hulpbronnen;

    • s.

      het beheer van natuurgebieden;

    • t.

      het beperken van hinder;

    • u.

      het benutten van locaties en bouwwerken; en

    • v.

      het bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen.

  • 2.

    Dit omgevingsplan is ook gericht op de instandhouding van het bosareaal binnen de gemeente.

B

Na afdeling 3.2 wordt een afdeling ingevoegd, luidende:

Afdeling 3.3 Gereserveerd

Artikel 3.33 gereserveerd

gereserveerd

C

Het opschrift van afdeling 3.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 3.3 3.4 gereserveerd

D

Het opschrift van artikel 3.33 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.33 3.34 gereserveerd

E

Het opschrift van afdeling 3.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 3.4 3.5 gereserveerd

F

Het opschrift van artikel 3.34 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.34 3.35 gereserveerd

G

Het opschrift van afdeling 3.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 3.5 3.6 Campusgebied Midden - Roots

H

Het opschrift van paragraaf 3.5.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 3.5.1 3.6.1 Gebruik van gronden bouwwerken 

I

Het opschrift van subparagraaf 3.5.1.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.1.1 3.6.1.1 Algemene bepalingen

J

Artikel 3.35 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.35 3.36 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze paragraaf gaat over activiteiten rond het gebruik en gebruiksfuncties van gronden en bouwwerken.

  • 2.

    Deze paragraaf gaat over:

    • a.

      regels bij gebruiksfuncties, als opgenomen in paragraaf 3.5.1.23.6.1.2;

    • b.

      aan gebruiksfuncties gerelateerde activiteiten, als opgenomen in paragraaf 3.5.1.33.6.1.3;

    • c.

      regels over gebruik van de openbare buitenruimte, als opgenomen in paragraaf 3.5.1.43.6.1.4.

K

Het opschrift van subparagraaf 3.5.1.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.1.2 3.6.1.2 Gebruiksfuncties van gronden en bouwwerken, regels over gebruik

L

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.2.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.2.1 3.6.1.2.1 Algemene bepalingen

M

Artikel 3.36 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.36 3.37 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze subparagraaf gaat over gebruiksactiviteiten voor functies.

  • 2.

    Deze subparagraaf gaat over de volgende gebruiksactiviteiten:

    • a.

      woonactiviteiten, als opgenomen in subsubparagraaf 3.5.1.2.23.6.1.2.2; en

    • b.

      maatschappelijke activiteiten, als opgenomen in subsubparagraaf 3.5.1.2.33.6.1.2.3.

N

Artikel 3.37 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.37 3.38 Strijdig gebruik

  • 1.

    Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is met een in deze paragraaf aan een locatie gegeven gebruiksfunctie en de daarop betrekking hebbende regels.

  • 2.

    Tot een gebruik dat in overeenstemming is met een aan een locatie gegeven gebruiksfunctie, bedoeld in het eerste lid, behoort in ieder geval het gebruik van de openbare buitenruimte, zoals bedoeld in artikel 3.583.59

O

Het opschrift van artikel 3.38 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.38 3.39 Oogmerk gebruiksactiviteiten

P

Het opschrift van artikel 3.39 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.39 3.40 Algemene regel gebruik bijbehorend bouwwerk

Q

Artikel 3.40 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.40 3.41 Algemene beoordelingsregels gebruiksactiviteiten

Als voor gebruik of het wijzigen van gebruik een omgevingsvergunning vereist is, wordt deze alleen verleend als:

  • a.

    er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

    • 1.

      het straat- en bebouwingsbeeld;

    • 2.

      de woonsituatie;

    • 3.

      de verkeersveiligheid;

    • 4.

      de milieusituatie; en

    • 5.

      de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; en

  • b.

    er voldaan wordt aan artikel 3.973.98, waarbij het bevoegd gezag de beleidsregels van de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023', of nadien gewijzigd, toepast.

R

Het opschrift van artikel 3.41 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.41 3.42 Algemene aanvraagvereisten gebruiksactiviteiten

S

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.2.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.2.2 3.6.1.2.2 Woonactiviteiten

T

Het opschrift van artikel 3.42 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.42 3.43 Toepassingsbereik woonactiviteiten

U

Het opschrift van artikel 3.43 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.43 3.44 Functie wonen

V

Het opschrift van artikel 3.44 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.44 3.45 Omgevingsnorm maximaal aantal woningen

W

Het opschrift van artikel 3.45 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.45 3.46 Wonen op locatie

X

Het opschrift van artikel 3.46 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.46 3.47 Vergunningplicht wonen

Y

Artikel 3.47 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.47 3.48 Beoordelingsregels wonen

Binnen Wonen, beoordelingsregels 2 CMR wordt, in aanvulling op artikel 3.403.41, een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 3.463.47, alleen verleend als de stedenbouwkundige opzet van het gebied gebaseerd is op de beleidsregel ‘Beeldregieplan Roots’.

Z

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.2.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.2.3 3.6.1.2.3 Maatschappelijke activiteiten

AA

Het opschrift van artikel 3.48 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.48 3.49 Functie maatschappelijk

BB

Het opschrift van artikel 3.49 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.49 3.50 Maatschappelijk op locatie

CC

Het opschrift van subparagraaf 3.5.1.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.1.3 3.6.1.3 Functiegerelateerde gebruiksactiviteiten

DD

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.3.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.3.1 3.6.1.3.1 Algemene bepalingen

EE

Het opschrift van artikel 3.50 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.50 3.51 Toepassingsbereik

FF

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.3.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.3.2 3.6.1.3.2 Beroep of bedrijf aan huis

GG

Het opschrift van artikel 3.51 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.51 3.52 Beroep of bedrijf aan huis

HH

Artikel 3.52 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.52 3.53 Vergunningplicht afwijken beroep of bedrijf aan huis

Het is verboden zonder omgevingsvergunning een beroep of bedrijf aan huis uit te oefenen die niet past binnen de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 3.513.52.

II

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.3.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.3.3 3.6.1.3.3 Bed & breakfast 

JJ

Het opschrift van artikel 3.53 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.53 3.54 Vergunningplicht bed & breakfast

KK

Het opschrift van artikel 3.54 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.54 3.55 Beoordelingsregels bed & breakfast

LL

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.3.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.3.4 3.6.1.3.4 Kamerbewoning

MM

Het opschrift van artikel 3.55 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.55 3.56 Vergunningplicht kamerbewoning

NN

Artikel 3.56 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.56 3.57 Beoordelingsregels kamerbewoning

Een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 3.553.56, wordt, in aanvulling op artikel 3.403.41, alleen verleend als:

  • a.

    voldaan wordt aan de beleidsregel kamerverhuur bijzondere woonvormen, of nadien gewijzigd;

  • b.

    het gaat om kamerbewoning als bijzondere woonvorm; en

  • c.

    voorzien kan worden in de parkeerbehoefte.

OO

Artikel 3.57 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.57 3.58 Aanvraagvereisten kamerbewoning

Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor kamerbewoning worden, in aanvulling op artikel 3.413.42, eerste lid, gegevens en bescheiden verstrekt zoals opgenomen in artikel 3 van de Beleidsregel Kamerverhuur bijzondere woonvormen, of nadien gewijzigd.

PP

Het opschrift van subparagraaf 3.5.1.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.1.4 3.6.1.4 Gebruik openbare buitenruimte

QQ

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.4.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.4.1 3.6.1.4.1 Algemene bepalingen

RR

Het opschrift van artikel 3.58 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.58 3.59 Toepassingsbereik

SS

Het opschrift van artikel 3.59 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.59 3.60 Oogmerken

TT

Het opschrift van artikel 3.60 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.60 3.61 Activiteiten openbare ruimte

UU

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.1.4.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.1.4.2 3.6.1.4.2 Locatiegebonden bepalingen

VV

Het opschrift van artikel 3.61 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.61 3.62 Hoofdontsluitingen op locatie 

WW

Het opschrift van paragraaf 3.5.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 3.5.2 3.6.2 Bouwen

XX

Het opschrift van subparagraaf 3.5.2.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.2.1 3.6.2.1 Algemene bepalingen

YY

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.1.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.1.1 3.6.2.1.1 Inleidende bepalingen

ZZ

Het opschrift van artikel 3.62 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.62 3.63 Toepassingsbereik

AAA

Het opschrift van artikel 3.63 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.63 3.64 Oogmerken

BBB

Het opschrift van artikel 3.64 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.64 3.65 Anti-dubbeltelregel

CCC

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.1.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.1.2 3.6.2.1.2 Algemene vergunningplicht

DDD

Artikel 3.65 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.65 3.66 Beoordelingsregels

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

  • a.

    voldaan wordt aan de regels zoals gesteld in paragraaf 3.5.23.6.2 over de bouwactiviteit;

  • b.

    de geluidswaarden op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen aanvaardbaar is, waarbij het bevoegd gezag dit beoordeeld op basis van het geluidsbeleid van gemeente Lelystad;

  • c.

    aan of in dat bouwwerk, dan wel op het onbebouwde terrein bij het bouwwerk, wordt voorzien in ruimte om te laden of te lossen van goederen, als het beoogde gebruik van een bouwwerk aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan die ruimte; 

  • d.

    voldaan wordt aan artikel 3.973.98, waarbij het bevoegd gezag de beleidsregels van de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023', of nadien gewijzigd, toepast;

  • e.

    In aanvulling op de beoordelingsregels zoals opgenomen in sub a. t/m d., wordt een omgevingsvergunning bij specifieke bepalingen alleen verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

    • 1.

      het straat- en bebouwingsbeeld;

    • 2.

      de woonsituatie;

    • 3.

      de verkeersveiligheid; 

    • 4.

      de milieusituatie; en

    • 5.

      de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden;

  • f.

    bij de specifieke bouwactiviteiten zoals uiteengezet in paragraaf 3.5.23.6.2 kunnen specifieke beoordelingsregels gelden in aanvulling op of ter vervanging van de beoordelingsregels in dit artikel;

  • g.

    het bepaalde in sub d., geldt niet:

    • 1.

      voor bestaand gebruik, waarbij de herbouw van een bouwwerk zonder functiewijziging wordt beschouwd als bestaand gebruik;

    • 2.

      voor zover op andere wijze in de nodige laad- of losruimte wordt voorzien; en

    • 3.

      als het voldoen aan dit vereiste door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit;

  • h.

    voor wat betreft het uiterlijk van bouwwerken voldaan wordt aan de ruimtelijke ontwerpprincipes en spelregels van de beleidsregel ‘Beeldregieplan Roots’.

 

EEE

Het opschrift van artikel 3.66 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.66 3.67 Aanvraagvereisten bouwen van een bouwwerk

FFF

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.1.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.1.3 3.6.2.1.3 Omgevingsnormen

GGG

Het opschrift van artikel 3.67 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.67 3.68 Omgevingsnormen maximale bebouwing

HHH

Het opschrift van subparagraaf 3.5.2.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.2.2 3.6.2.2 Gebouw bouwen

III

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.2.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.2.1 3.6.2.2.1 Gebouw bouwen, in stand houden of gebruiken

JJJ

Het opschrift van artikel 3.68 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.68 3.69 Toepassingsbereik

KKK

Artikel 3.69 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.69 3.70 Algemene bouwregel

  • 1.

    Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots is het verboden een gebouw te bouwen buiten een Bouwvlak CMR.

  • 2.

    Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots mogen, met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid, en in afwijking van het eerste lid, gebouwen op locatie maximaal 1,5 m buiten het Bouwvlak CMR worden gebouwd, mits het gaat om:

    • a.

      plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen en schoorstenen;

    • b.

      gevel- en kroonlijsten en overstekende daken;

    • c.

      één erker per (hoofd)gebouw over maximaal de halve gevelbreedte;

    • d.

      ingangspartijen, luifels, balkons en galerijen; of

    • e.

      een hiermee gelijk te stellen ondergeschikt onderdeel van gebouwen.

LLL

Artikel 3.70 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.70 3.71 Omgevingsnorm bouwhoogte

MMM

Het opschrift van artikel 3.71 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.71 3.72 Bouwregels parkeervoorzieningen

NNN

Het opschrift van subparagraaf 3.5.2.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.2.3 3.6.2.3 Bijbehorend bouwwerk bouwen

OOO

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.3.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.3.1 3.6.2.3.1 Bijbehorend bouwwerk bouwen bij een woonhuis

PPP

Het opschrift van artikel 3.72 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.72 3.73 Toepassingsbereik

QQQ

Artikel 3.73 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.73 3.74 Algemene bouwregels

  • 1.

    Bijbehorende bouwwerken binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots moeten voldoen aan de volgende eisen:

    • a.

      een bijbehorend bouwwerk heeft een bouwhoogte van maximaal 5 m; 

    • b.

      de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag maximaal 3,5 m zijn;

    • c.

      een bijbehorend bouwwerk wordt niet voorzien van een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte;

    • d.

      de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per hoofdgebouw:

      • 1.

        maximaal 50 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel 500 m2 of minder is; of

      • 2.

        maximaal 10% van de oppervlakte van het bouwperceel tot maximaal 100 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel meer dan 500 m2 is;

    • e.

       een aan-, uit- of aangebouwd bijgebouw dat gesitueerd wordt aan de zijgevel van het hoofdgebouw, heeft een hoogte van maximaal 1 m minder dan de hoogte van het hoofdgebouw;

    • f.

      voor zover een aan-, uit- of aangebouwd bijgebouw gelegen in het achtererfgebied op een afstand van maximaal 4 m van het oorspronkelijke hoofdgebouw wordt gesitueerd:

      • 1.

        wordt het gebouwd met een plat dak, tenzij deze tegen de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd; en

      • 2.

        is de bouwhoogte niet hoger dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw met een maximale hoogte zoals opgenomen in sub a; en  

    • g.

       een vrijstaand bijbehorend bouwwerk is niet toegestaan;

    • h.

       een bijbehorend bouwwerk in het voorerfgebied is niet toegestaan;

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid, onder d, en met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid, mag binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw worden vergroot tot maximaal 80 m², mits:

  • 3.

    Met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid kan afgeweken worden van het eerste lid.

RRR

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.3.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.3.2 3.6.2.3.2 Bijbehorend bouwwerk bouwen bij een woongebouw

SSS

Het opschrift van artikel 3.74 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.74 3.75 Toepassingsbereik

TTT

Artikel 3.75 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.75 3.76 Algemene bouwregels

  • 1.

    Bijbehorende bouwwerken binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots moeten voldoen aan de volgende eisen:

    • a.

      een bijbehorend bouwwerk heeft een bouwhoogte van maximaal 3,5 m; en

    • b.

      de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per woongebouw maximaal 50 m2 zijn.

  • 2.

    Met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid kan afgeweken worden van het eerste lid.

UUU

Het opschrift van subparagraaf 3.5.2.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.2.4 3.6.2.4 Bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen

VVV

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.4.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.4.1 3.6.2.4.1 Algemene regels over bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen

WWW

Het opschrift van artikel 3.76 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.76 3.77 Toepassingsbereik

XXX

Artikel 3.77 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.77 3.78 Algemene bouwregels

  • 1.

    Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, tenzij:

    • a.

      het een bouwwerk, geen gebouw zijnde, is zoals opgenomen in subsubparagraaf 3.5.2.4.23.6.2.4.2 of 3.5.2.4.33.6.2.4.3;

    • b.

      voor een specifieke activiteit op locatie een andere bouwhoogte is opgenomen; of

    • c.

      in 3.5.2.4.13.6.2.4.1 een andere bouwhoogte is opgenomen en sub a. en b. niet van toepassing zijn.

  • 2.

    Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots mogen per bouwperceel bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale oppervlakte van 2 m2.

  • 3.

    Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots is het, met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, als opgenomen in deze paragraaf, te vergroten met maximaal 20%.

  • 4.

    Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots is het, met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, als opgenomen in deze paragraaf, te vergroten tot een maximale bouwhoogte van 30 m, mits het gaat om kunstwerken of zend-, ontvang- of sirenemasten.

YYY

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.4.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.4.2 3.6.2.4.2 Erf- of perceelafscheiding bouwen, in stand houden of gebruiken

ZZZ

Het opschrift van artikel 3.78 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.78 3.79 Toepassingsbereik

AAAA

Artikel 3.79 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.79 3.80 Algemene bouwregels

BBBB

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.4.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.4.3 3.6.2.4.3 Palen of masten bouwen, in stand houden of gebruiken

CCCC

Het opschrift van artikel 3.80 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.80 3.81 Toepassingsbereik

DDDD

Het opschrift van artikel 3.81 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.81 3.82 Algemene bouwregel

EEEE

Het opschrift van artikel 3.82 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.82 3.83 Algemene bouwregel

FFFF

Het opschrift van subparagraaf 3.5.2.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.2.5 3.6.2.5 Bouwwerk voor infrastructurele of openbare voorziening bouwen, in stand houden of gebruiken

GGGG

Het opschrift van subsubparagraaf 3.5.2.5.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 3.5.2.5.1 3.6.2.5.1 Algemene bepalingen

HHHH

Het opschrift van artikel 3.83 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.83 3.84 Toepassingsbereik

IIII

Het opschrift van artikel 3.84 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.84 3.85 Verbod bouwen of opschalen van windturbines

JJJJ

Artikel 3.85 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.85 3.86 Beoordelingsregels bouwen nutsvoorziening

Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots mogen, met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid, nutsvoorzieningen in de openbare buitenruimte gebouwd worden, mits voldaan wordt aan de volgende vereisten:

  • a.

    de nutsvoorziening is niet hoger dan 5 m; en

  • b.

    de nutsvoorziening heeft een maximale oppervlakte van 50 m². 

KKKK

Het opschrift van subparagraaf 3.5.2.6 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.2.6 3.6.2.6 Ander bouwwerk bouwen, in stand houden of gebruiken

LLLL

Artikel 3.86 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.86 3.87 Bouwregels kunstobjecten

Binnen het wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots mogen, met toepassing van artikel 3.653.66, tweede lid, kunstobjecten worden gebouwd, mits deze kunstobjecten bijdragen aan de ruimtelijke situatie en de beeldkwaliteit ter plaatse.

MMMM

Het opschrift van paragraaf 3.5.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 3.5.3 3.6.3 Geluid

NNNN

Het opschrift van artikel 3.87 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.87 3.88 Toepassingsbereik

OOOO

Het opschrift van artikel 3.88 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.88 3.89 Vergunningsplicht omgevingsplanactiviteit geluidgevoelige functie

PPPP

Artikel 3.89 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.89 3.90 Geluidgevoelige functie is aanvaardbaar wanneer wordt voldaan aan de standaardwaarde

  • 1.

    Van een aanvaardbaar geluid op de gevel van het geluidgevoelig gebouw is in elk geval sprake als het geluid op de gevel niet hoger is dan de standaardwaarde, bedoeld in artikel 3.893.90, tabel 1.

    Artikel 3.60 tabel 1: Standaardwaarde geluid op een geluidgevoelig gebouw per bronsoort

    Geluidbronsoort

    Standaardwaarde

    Provinciale wegen en rijkswegen

    50 Lden

    Gemeentewegen en waterschapswegen

    53 Lden

    Lokale spoorwegen en hoofdspoorwegen

    55 Lden

    Industrieterreinen

    50 Lden

    40 Lnight

  • 2.

    Artikel 5.78t, tweede lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving is van overeenkomstige toepassing.

  • 3.

    Voor een geluidgevoelig gebouw als bedoeld in artikel 3.21, eerste lid, onder b of d, van het Besluit kwaliteit leefomgeving, waarvan het gebruik in de nachtperiode in het omgevingsplan is uitgesloten:

    • a.

      gelden de waarden in Lnight niet; en

    • b.

      wordt in artikel 3.58 tabel 1 gelezen voor «Lden»: »Lde».

  • 4.

    Voor een geluidgevoelig gebouw als bedoeld in artikel 3.21, eerste lid, onder b of d, van het Besluit kwaliteit leefomgeving, waarvan het gebruik in de avondperiode en de nachtperiode in het omgevingsplan is uitgesloten:

    • a.

      gelden de waarden in Lnight niet; en

    • b.

      wordt in tabel 3.57 gelezen voor «Lden»: «Lday».

QQQQ

Artikel 3.90 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.90 3.91 Overschrijding van de standaardwaarde

  • 1.

    Wanneer het geluid op de gevel van het geluidgevoelig gebouw hoger is dan de in artikel 3.893.90 bedoelde standaardwaarde kan het geluid aanvaardbaar zijn als:

    • a.

      geen geluidbeperkende maatregelen kunnen worden getroffen om aan de standaardwaarde te voldoen;

    • b.

      de overschrijding van de standaardwaarde door het treffen van geluidbeperkende maatregelen zoveel mogelijk wordt beperkt; en

    • c.

      het geluid op geluidgevoelige gebouwen niet hoger is dan de grenswaarde, bedoeld in artikel 3.903.91 tabel 1.

    Artikel 3.61, tabel 1: Grenswaarde geluid op een geluidgevoelig gebouw per bronsoort

    Geluidbronsoort

    Grenswaarde

    Provinciale wegen en rijkswegen

    60 Lden

    Gemeentewegen en waterschapswegen

    70 Lden

    Lokale spoorwegen en hoofdspoorwegen

    65 Lden

    Industrieterreinen

    55 Lden

    45 Lnight

  • 2.

    Geluidbeperkende maatregelen als bedoeld in het eerste lid worden in aanmerking genomen als die financieel doelmatig zijn en daartegen geen overwegende bezwaren van stedenbouwkundige, verkeerskundige, vervoerskundige, landschappelijke of technische aard bestaan.

  • 3.

    Als de aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in 3.883.89, betrekking heeft op een gebouw of gedeelte van een gebouw waar bewoning is toegestaan, en geluidbeperkende maatregelen om aan de standaardwaarden te voldoen, gelet op het bepaalde in het tweede lid niet doelmatig of bezwaarlijk zijn, is sprake van een aanvaardbare geluidbelasting als elke afzonderlijke woning beschikt over een geluidluwe gevel waarop ten hoogste de standaardwaarde, bedoeld in artikel 3.893.90, is berekend.

  • 4.

    Als de aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 3.883.89, betrekking heeft op een gebouw of gedeelte van een gebouw waar bewoning is toegestaan, en geluidbeperkende maatregelen om aan de standaardwaarden te voldoen gelet op het bepaalde in het tweede lid niet doelmatig of bezwaarlijk zijn en niet elke afzonderlijke woning beschikt over een geluidluwe gevel waarop ten hoogste de standaardwaarde, bedoeld in artikel 3.893.90, is berekend, kan sprake zijn van een aanvaardbare geluidbelasting als:

    • a.

      elke afzonderlijke woning beschikt over een bijna-geluidluwe gevel; en

    • b.

      zwaarwegende economische belangen of zwaarwegende andere maatschappelijke belangen dit rechtvaardigen.

  • 5.

    Artikel 5.78u, tweede lid, van het Besluit kwaliteit leefomgeving is van overeenkomstige toepassing

  • 6.

    Voor een geluidgevoelig gebouw als bedoeld in artikel 3.21, eerste lid, onder b of d, van het Besluit kwaliteit leefomgeving, waarvan het gebruik in de nachtperiode in het omgevingsplan is uitgesloten:

    • a.

      gelden de waarden in Lnight niet; en

    • b.

       wordt in artikel 3.893.90, tabel 1 gelezen voor «Lden»: »Lde».

  • 7.

    Voor een geluidgevoelig gebouw als bedoeld in artikel 3.21, eerste lid, onder b of d, van het Besluit kwaliteit leefomgeving, waarvan het gebruik in de avondperiode en de nachtperiode in het omgevingsplan is uitgesloten:

    • a.

      gelden de waarden in Lnight niet; en

    • b.

      wordt in artikel 3.893.90, tabel 1 gelezen voor «Lden»: «Lday».

RRRR

Artikel 3.91 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.91 3.92 Belang van een geluidluwe gevel

Bij de toepassing van artikel 3.903.91 wordt het belang van het beschermen van de gezondheid door een geluidluwe gevel betrokken.

SSSS

Artikel 3.92 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.92 3.93 Belang van een geluidluwe buitenruimte

Bij de toepassing van artikel 3.903.91 wordt het belang van het beschermen van de gezondheid door een geluidluwe buitenruimte betrokken.

TTTT

Artikel 3.93 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.93 3.94 Beoordelen aanvaardbaarheid gecumuleerd geluid

  • 1.

    Bij de toepassing van artikel 3.903.91 wordt de aanvaardbaarheid van het gecumuleerde geluid op het geluidgevoelige gebouw beoordeeld.

  • 2.

    Bij het bepalen van het gecumuleerde geluid wordt in ieder geval betrokken:

    • a.

      voor een geluidgevoelig gebouw in een geluidaandachtsgebied van een weg, spoorweg of industrieterrein: het geluid door die geluidbronsoort;

    • b.

      voor een geluidgevoelig gebouw binnen de 48 Lden geluidcontour of, voor zover de geldende geluidcontouren in Kosteneenheden zijn uitgedrukt, binnen de 20 Kosteneenheden geluidcontour van een luchthaven waarvoor op grond van de Wet luchtvaart een luchthavenindelingbesluit, een luchthavenbesluit of een besluit beperkingengebied buitenlandse luchthaven is vereist: het geluid door luchtvaart;

    • c.

      voor een geluidgevoelig gebouw waarop het geluid door een windturbine of een windpark op een industrieterrein hoger is dan 43 Lden: het geluid door die windturbine of dat windpark; 

    • d.

      voor een geluidgevoelig gebouw waarop het geluid door een civiele buitenschietbaan, een militaire buitenschietbaan of een militair springterrein op een industrieterrein hoger is dan 50 BS, dan: het geluid door die buitenschietbaan of dat springterrein.

  • 3.

    Op het bepalen van het gecumuleerde geluid zijn de bij ministeriële regeling gestelde regels van toepassing.

UUUU

Artikel 3.94 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.94 3.95 Bepalen gezamenlijk geluid

Bij de toepassing van artikel 3.903.91 wordt het gezamenlijk geluid op de gevel van geluidgevoelige gebouwen bepaald en in de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 3.883.89, vastgelegd

VVVV

Artikel 3.95 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.95 3.96 Vergunningvoorschriften

  • 1.

    Aan de omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 3.883.89, worden de voorschriften verbonden die nodig zijn met het oog op het voorkomen van onaanvaardbare geluidhinder;

  • 2.

    Voor zover de in het eerste lid bedoelde voorschriften betrekking hebben op het nemen van bouwkundige maatregelen, waarvoor op grond van paragraaf 3.5.23.6.2 een vergunningplicht voor een omgevingsplanactiviteit bouwwerken geldt, dan is paragraaf 3.5.23.6.2 op het verrichten van die omgevingsplanactiviteit bouwwerken onverkort van toepassing.

WWWW

Artikel 3.96 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.96 3.97 Aanvraagverreisten

Bij een aanvraag om een omgevingsvergunning, bedoeld in artikel 3.883.89, wordt een rapport verstrekt:

  • a.

    waaruit de mate van geluid op de gevel van het geluidgevoelige gebouw blijkt; 

  • b.

    waarin, indien nodig in verband met een overschrijding van de standaardwaarde, inzicht wordt gegeven in de maatregelen die worden genomen met het oog op de bescherming van de gezondheid.

XXXX

Het opschrift van paragraaf 3.5.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 3.5.4 3.6.4 Verkeer en parkeren

YYYY

Het opschrift van subparagraaf 3.5.4.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.4.1 3.6.4.1 Algemene bepalingen

ZZZZ

Het opschrift van artikel 3.97 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.97 3.98 Voldoende parkeergelegenheid

AAAAA

Het opschrift van artikel 3.98 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.98 3.99 Maatwerkvoorschriften

BBBBB

Het opschrift van paragraaf 3.5.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 3.5.5 3.6.5 Water

CCCCC

Het opschrift van subparagraaf 3.5.5.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 3.5.5.1 3.6.5.1 Algemene bepalingen

DDDDD

Het opschrift van artikel 3.99 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 3.99 3.100 Algemene regels over water

EEEEE

Artikel 4.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.3 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze afdeling gaat over gebruiksactiviteiten voor functies.

  • 2.

    Deze afdeling gaat over de volgende gebruiksactiviteiten:

    • a.

      bedrijfsactiviteiten agrarische activiteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.2;

    • b.

      detailhandelsactiviteiten bedrijfsactiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.3;

    • c.

      dienstverleningsactiviteiten detailhandelsactiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.4;

    • d.

      horeca activiteiten dienstverleningsactiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.5;

    • e.

      kantooractiviteiten horeca activiteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.6;

    • f.

      maatschappelijke activiteiten kantooractiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.7; 

    • g.

      nutsbedrijfsactiviteiten maatschappelijke activiteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.8; 

    • h.

      recreatieactiviteiten nutsbedrijfsactiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.9;

    • i.

      sportactiviteiten recreatieactiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.10; en

    • j.

      sportactiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.11; en

    • j k.

      woonactiviteiten, als opgenomen in paragraaf 4.2.114.2.12.

FFFFF

Na artikel 4.3 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4.4 Strijdig gebruik

  • 1.

    Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is met een in deze afdeling aan een locatie gegeven gebruiksfunctie en de daarop betrekking hebbende regels.

  • 2.

    Op locaties zonder gebruiksfunctie mogen gronden en bouwwerken niet worden gebruikt voor gebruiksactiviteiten zoals opgenomen in deze afdeling.

  • 3.

    Tot een gebruik dat in overeenstemming is met een aan een locatie gegeven gebruiksfunctie, bedoeld in het eerste lid, behoort in ieder geval het gebruik van de openbare buitenruimte, zoals bedoeld in artikel 4.103.

GGGGG

Artikel 4.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.4 Strijdig gebruik

  • 1.

    Het is verboden gronden of bouwwerken te gebruiken op een wijze die niet in overeenstemming is met een in deze afdeling aan een locatie gegeven gebruiksfunctie en de daarop betrekking hebbende regels.

  • 2.

    Tot een gebruik dat in overeenstemming is met een aan een locatie gegeven gebruiksfunctie, bedoeld in het eerste lid, behoort in ieder geval het gebruik van de openbare buitenruimte, zoals bedoeld in artikel 4.66.

[Vervallen]

HHHHH

Artikel 4.7 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.7 Algemene beoordelingsregels gebruiksactiviteiten

Als voor gebruik of het wijzigen van gebruik een omgevingsvergunning vereist is, wordt deze alleen verleend als:

  • a.

    er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

    • 1.

      het straat- en bebouwingsbeeld;

    • 2.

      de woonsituatie;

    • 3.

      de verkeersveiligheid;

    • 4.

      de milieusituatie; en

    • 5.

      de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;

  • b.

    er voldaan wordt aan de in artikel 17.417.3 genoemde gronden, waarbij het bevoegd gezag de beleidsregels van de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023', of nadien gewijzigd, toepast; en

  • c.

    de geluidswaarden op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen aanvaardbaar is, waarbij het bevoegd gezag dit beoordeeldbeoordeelt op basis van het geluidsbeleid van gemeente Lelystad.

IIIII

Na paragraaf 4.2.1 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:

Paragraaf 4.2.2 Agrarische activiteiten

Subparagraaf 4.2.2.1 Algemene bepalingen

Artikel 4.9 Functie agrarisch
  • 1.

    Er is een functie agrarisch in dit omgevingsplan, bestaande uit agrarische locaties, waarbinnen agrarische activiteiten zijn toegestaan voor agrarische bedrijven binnen de op locatie geldende regels.

  • 2.

    Onder agrarische bedrijven wordt verstaan:

    • a.

      (grondgebonden) bedrijvigheid die zich geheel of voornamelijk richt op het bedrijfsmatig voortbrengen van producten door het telen van gewassen of het houden van dieren, en die verder te onderscheiden is in:

      • 1.

        akker- en tuinbouw: de teelt van gewassen op open grond; waarbij het niet gaat om bosbouw en sierteelt;

      • 2.

        fruitteelt: de teelt van fruit op open grond;

      • 3.

        grondgebonden veehouderij: het houden van vee (nagenoeg) geheel op open grond, waaronder ook de teelt van ruwvoergewassen;

      • 4.

        paardenfokkerij: het fokken van veulens en de opfok van jonge paarden met de daaraan verbonden basistraining tot een leeftijd van 3 jaar; of

      • 5.

        kwekerij: het telen, kweken en verzorgen van bomen, heesters, struiken, planten en bloemen of tuinbouwzaden, al dan niet met behulp van kassen en al dan niet gecombineerd met de handel in boomkwekerijgewassen en vaste planten waarbij het niet gaat om een tuincentrum;

      • 6.

        glastuinbouw: de teelt van tuinbouwgewassen (nagenoeg) geheel met behulp van kassen; of

    • b.

      andere vormen van (semi-)agrarische activiteiten, welke op locatie geregeld zijn.

     

Subparagraaf 4.2.2.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 4.10 Agrarisch hulpbedrijf uitoefenen

Binnen agrarisch, hulpbedrijf zijn agrarische activiteiten voor een agrarisch hulpbedrijf toegestaan.

Artikel 4.11 Intensieve veehouderij uitoefenen

Binnen agrarisch, intensieve veehouderij zijn agrarische activiteiten voor een bedrijf voor intensieve veehouderij toegestaan.

Artikel 4.12 Zorgboerderij uitoefenen

Binnen agrarisch, zorgboerderij zijn agrarische activiteiten voor een zorgboerderij toegestaan.

Artikel 4.13 Extensief agrarisch medegebruik toegestaan

Binnen agrarisch, zone waterkering zijn agrarische activiteiten in de vorm van extensief agrarisch medegebruik toegestaan.

Artikel 4.14 Agrarisch De Groene Velden

Binnen agrarisch, de groene velden zijn agrarische activiteiten toegestaan, mits het gaat om een bedrijf zoals opgenomen in artikel 4.9tweede lid, sub a, onder 1, 2 of 5.

Artikel 4.15 Vergunningplicht nevenactiviteiten

Binnen agrarisch, vergunningplicht nevenactiviteiten is het verboden zonder omgevingsvergunning agrarische nevenactiviteiten te verrichten.

Artikel 4.16 Beoordelingsregels nevenactiviteiten
  • 1.

    Binnen agrarisch, bewerking en opslag wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

    • b.

      de maximale oppervlakte niet meer dan 500 m² bedraagt;

    • c.

      de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

    • d.

      er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

    • e.

      het parkeren behorende bij het gebruik binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

    • f.

      er geen opslag van goederen in de open lucht plaatsvindt; en

    • g.

      het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

  • 2.

    Binnen agrarisch, loonwerk/veehandel wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      het om loonwerk- of veehandelsbedrijven met uitzondering van handel in evenhoevigen gaat;

    • b.

      het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

    • c.

      het gebruik op niet meer dan 30% van het erf plaatsvindt;

    • d.

      de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

    • e.

      er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

    • f.

      het parkeren behorende bij het loonwerk- of veehandelsbedrijf binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

    • g.

      er geen opslag van goederen, behorende bij het loonwerk- of veehandelsbedrijf, in de open lucht plaatsvindt; en

    • h.

      het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

Artikel 4.17 Vergunningplicht zorgboerderij uitoefenen

Binnen agrarisch, vergunningplicht zorgboerderij is het verboden zonder omgevingsvergunning activiteiten voor een zorgboerderij te verrichten.

Artikel 4.18 Beoordelingsregels zorgboerderij uitoefenen

Binnen agrarisch, vergunningplicht zorgboerderij wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

  • a.

    het om activiteiten voor een zorgboerderij gaat;

  • b.

    het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

  • c.

    het gebruik op niet meer dan 30% van het erf plaatsvindt;

  • d.

    de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

  • e.

    er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

  • f.

    het parkeren behorende bij de zorgboerderij binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

  • g.

    er geen opslag van goederen, behorende bij de zorgboerderij, in de open lucht plaatsvindt; en

  • h.

    het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

JJJJJ

Het opschrift van paragraaf 4.2.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.2 4.2.3 Bedrijfsactiviteiten

KKKKK

Het opschrift van artikel 4.9 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.9 4.19 Functie bedrijf

LLLLL

Het opschrift van artikel 4.10 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.10 4.20 Bedrijfstypen

MMMMM

Het opschrift van artikel 4.11 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.11 4.21 Bedrijf op locatie

NNNNN

Paragraaf 4.2.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.3 4.2.4 Detailhandelsactiviteiten

Artikel 4.12 4.22 Functie detailhandel

Binnen de functie detailhandel, bestaande uit detailhandel locaties, zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan binnen de op locatie geldende regels.

Artikel 4.13 4.23 Detailhandel, regels op locatie

  • 1.

    Binnen detailhandel, plint zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan in de eerste bouwlaag.

  • 2.

    Binnen detailhandel, supermarkt zijn detailhandelsactiviteiten voor een supermarkt toegestaan.

  • 3.

    Binnen detailhandel, geen supermarkt zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan met uitzondering van supermarkten.

  • 9 4.

    Binnen ondergeschikte detailhandel zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan, mits het gaat om detailhandel die ondergeschikt is aan de toegestane gebruiksactiviteiten.

  • 5.

    Binnen detailhandel, recreatie zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan voor recreatieve doeleinden.

  • 6.

    Binnen detailhandel, visvijver zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan voor de verkoop van vismaterialen, mits:

    • a.

      deze verkoop ondergeschikt is aan andere op locatie toegestane gebruiksactiviteiten;

    • b.

      de verkoopruimte maximaal 100 m2  is; en,

    • c.

      de openingstijden van de verkoopruimte gelijk zijn aan de openingstijden van ruimten waar andere op locatie toegestane gebruiksactiviteiten worden verricht.

  • 7.

    Binnen detailhandel, watersport zijn detailhandelsactiviteiten voor watersport toegestaan.

Artikel 4.24 Detailhandel, bedrijfsoppervlakte

    [Red: Lid 7. verplaatst van artikel 4.13 naar artikel 4.24. ]

  • 7 1.

    Binnen detailhandel, ondergeschikt, max. 600 m² zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan met een bedrijfsoppervlakte van maximaal 600 m2, mits het gaat om detailhandel die ondergeschikt is aan de toegestane gebruiksactiviteiten.

  • [Red: Lid 8. verplaatst van artikel 4.13 naar artikel 4.24. ]

  • 8 2.

    Binnen detailhandel, min. 800 m² zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan met per bedrijf een bedrijfsoppervlakte van minimaal 800 m2

  • 3.

    Binnen gebruik, meerdere functies max. 600 m² zijn detailhandelsactiviteiten, horeca-activiteiten en maatschappelijke activiteiten toegestaan met een gezamenlijke bedrijfsvloeroppervlakte van maximaal 600 m2.

  • 4.

    Binnen detailhandel, 2.000 m² zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan met een gezamenlijke bedrijfsvloeroppervlakte van maximaal 2.000 m2.

  • 5.

    Binnen detailhandel, ondergeschikt, max. 3.000 m2 zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan, mits:

    • a.

      het gaat om detailhandel die ondergeschikt is aan de toegestane gebruiksactiviteiten; en

    • b.

      de maximale oppervlakte van de detailhandelsactiviteiten 3.000 m2 is.

Artikel 4.25 Detailhandel, type goederen

    [Red: Lid 4. verplaatst van artikel 4.13 naar artikel 4.25. ]

  • 4 1.

    Binnen detailhandel, grote goederen zijn detailhandelsactiviteiten voor grote goederen toegestaan.toegestaan, mits het gaat om:

    • a.

      detailhandel in brand- en explosiegevaarlijke goederen;

    • b.

      detailhandel in volumineuze goederen: zoals auto's, keukens, badkamers, boter, motoren, caravans, landbouwwerktuigen en grove bouwmaterialen en daarmee rechtstreeks samenhangende artikelen, zoals accessoires, onderhoudsmiddelen, onderdelen en materialen;

    • c.

      tuincentra;

    • d.

      grootschalige meubelbedrijven, al dan niet - in ondergeschikte mate - in combinatie met woninginrichting en stoffering; of

    • e.

      bouwmarkten.

     

  • [Red: Lid 5. verplaatst van artikel 4.13 naar artikel 4.25. ]

  • 5 2.

    Binnen detailhandel, productie/auto/bouw zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan, mits het gaat om:

    • a.

      productiegebonden detailhandel, niet zijnde voedings- en genotmiddelen; 

    • b.

      AutoBootCaravan(ABC)- branches; 

    • c.

      grove bouwmaterialen.

  • [Red: Lid 6. verplaatst van artikel 4.13 naar artikel 4.25. ]

  • 6 3.

    Binnen detailhandel, voedingsmiddelen mogen, in afwijking van het vijfde lid, onder a, detailhandelsactiviteiten worden uitgeoefend mits het gaat om voedings- en genotmiddelen.

    Binnen detailhandel, voedingsmiddelen is, in afwijking van het tweede lid, onder a, productiegebonden detailhandel, zijnde voedings- en genotmiddelen toegestaan.

  • 4.

    Binnen detailhandel, niet levende tuinmaterialen zijn detailhandelsactiviteiten toegestaan voor niet levende tuinmaterialen, mits het bruto vloeroppervlak maximaal 40% is.

  • 5.

    Binnen detailhandel, productiegebonden zijn productiegebonden detailhandelsactiviteiten toegestaan met een maximale oppervlakte van 100 m2 per bouwperceel.

Artikel 4.14 4.26 Vergunningplicht detailhandel

Artikel 4.15 4.27 Beoordelingsregels detailhandel

  • 1.

    Binnen detailhandel, beoordelingsregels 1 wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      de detailhandel een maximale bedrijfsvloeroppervlakte heeft van 600 m2;

    • b.

      de detailhandel passend is binnen de actuele marktomstandigheden. Getoetst wordt daarbij aan het laatstgehouden Distributie Planologisch Onderzoek (DPO);

    • c.

      het detailhandel betreft voor:

      • 1.

        woninginrichting;

      • 2.

        keukens en sanitair;

      • 3.

        tuin gerelateerd;

      • 4.

        rijwielen; of

      • 5.

        kringloopwinkels.

  • 2.

    Binnen detailhandel, beoordelingsregels 2 wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      het om productiegebonden detailhandel gaat van ter plaatse voortgebrachte producten;

    • b.

      het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

    • c.

      de maximale verkoopvloeroppervlakte niet meer dan 200 m² bedraagt;

    • d.

      de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

    • e.

      er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

    • f.

      het parkeren behorende bij de detailhandel binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

    • g.

      er geen opslag van goederen, behorende bij de detailhandel, in de open lucht plaatsvindt; en

    • h.

      het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

  • 3.

    Binnen detailhandel, productiegebonden wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als het gaat om productiegebonden detailhandelsactiviteiten met een maximale oppervlakte van 200 m2 per bouwperceel.

Artikel 4.16 4.28 Verkoop van motorbrandstoffen

Artikel 4.17 4.29 Vergunningsplicht verkooppunt van motorbrandstoffen

Binnen tankstation, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning:

  • a.

    een nieuw motorbrandstofverkooppunt te starten; of

  • b.

    een bestaand motorbrandstofverkooppunt uit te breiden.

Artikel 4.18 4.30 Specifieke beoordelingsregels verkooppunt van motorbrandstoffen

In afwijking van artikel 4.7 wordt een omgevingsvergunning alleen verleend als:

  • a.

    er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

    • 1.

      het stedenbouwkundige beeld;

    • 2.

      de verkeersveiligheid; 

    • 3.

      de parkeergelegenheid;

    • 4.

      de sociale veiligheid;

    • 5.

      de milieusituatie;

    • 6.

      de groenstructuur; en

    • 7.

      de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden; en

  • b.

    een nieuw motorbrandstofverkooppunt past binnen de kaders van de Kadernota Tankstations Lelystad 2020, of nadien gewijzigd; of

  • c.

    een bestaand motorbrandstofverkooppunt alleen wordt uitgebreid met elektrische snellaadvoorzieningen.

OOOOO

Het opschrift van paragraaf 4.2.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.4 4.2.5 Dienstverleningsactiviteiten

PPPPP

Het opschrift van artikel 4.19 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.19 4.31 Functie dienstverlening

QQQQQ

Artikel 4.20 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.20 4.32 Dienstverlening op locatie

  • 1.

    Binnen dienstverlening, plint zijn dienstverleningsactiviteiten toegestaan in de eerste bouwlaag.

  • 2.

    Binnen dienstverlening, erotische massagesalon zijn dienstverleningsactiviteiten toegestaan voor een erotische massagesalon.

  • 3.

    Binnen gebruik, meerdere functies max. 1.700 m² zijn activiteiten voor commerciële dienstverlening, maatschappelijke dienstverlening en kantoren toegestaan. Gezamenlijk mogen zij geen groter bedrijfsvloeroppervlakte hebben dan 1.700 m2. Daarbij mag maximaal 1.000m2  gebruikt worden voor commerciële dienstverlening en kantoren.

  • 4.

    Binnen dagrecreatieve dienstverlening zijn dienstverleningsactiviteiten toegestaan voor dagrecreatie.

  • 5.

    Binnen dienstverlening, recreatie zijn dienstverleningsactiviteiten toegestaan voor recreatieve doeleinden.

  • 6.

    Binnen dienstverlening, lichte bedrijven zijn enkel de volgende lichte bedrijven en bedrijfsvormen toegestaan op locatie:

    • a.

      zakelijke dienstverlening (kantoren en praktijken);

    • b.

      (para)medische en therapeutische praktijken;

    • c.

      exploitatie van en handel in onroerend goed;

    • d.

      bank- en verzekeringsbedrijven;

    • e.

      kunst(nijverheids)ateliers en muziekstudio’s; of

    • f.

      showrooms en tentoonstellingsruimten;

  • 7.

    Binnen gebruik, meerdere functies max. 350 m² zijn dienstverleningsactiviteiten, kantooractiviteiten en maatschappelijke activiteiten toegestaan met een gezamenlijke bedrijfsvloeroppervlakte van maximaal 350 m2.

RRRRR

Het opschrift van artikel 4.21 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.21 4.33 Vergunningplicht dienstverlening

SSSSS

Na artikel 4.21 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4.34 Aanvullende beoordelingsregels 

Binnen dienstverlening, lichte bedrijven wordt, in aanvulling van artikel 4.7,  een omgevingsvergunning voor andere bedrijven dan opgenomen in artikel 4.32,  zesde lid, alleen verleend als:

  • a.

    de veroorzaakte hinder en de uitstraling op de omgeving vergelijkbaar zijn met andere bedrijven dan opgenomen in artikel 4.32zesde lid; 

  • b.

    sprake is van een representatieve, in een landgoed passende functie; en

  • c.

    het geen detailhandel is, met uitzondering van detailhandel in goederen die ter plaatse worden geproduceerd, bewerkt of hersteld en goederen die niet ter plaatse aan de koper ter hand worden gesteld. 

TTTTT

Het opschrift van paragraaf 4.2.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.5 4.2.6 Horeca activiteiten

UUUUU

Het opschrift van artikel 4.22 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.22 4.35 Functie horeca

VVVVV

Artikel 4.23 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.23 4.36 Horecacategorieën

Deze paragraaf gaat over horeca activiteiten, die onderverdeeld zijn in:

WWWWW

Het opschrift van artikel 4.24 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.24 4.37 Omgevingsnorm horecacategorieën

XXXXX

Artikel 4.25 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.25 4.38 Horeca op locatie

YYYYY

Na artikel 4.25 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4.39 Horeca op locatie (ondergeschikt)

  • 1.

    Binnen horeca, ondergeschikt zijn horeca-activiteiten toegestaan, mits het gaat om horeca die ondergeschikt is aan de andere op locatie toegestane gebruiksactiviteiten.

  • 2.

    Binnen horeca, ondergeschikt, golfbaan zijn horeca-activiteiten toegestaan, met uitzondering van een hotel, mits het gaat om horeca die ondergeschikt is aan de toegestane gebruiksactiviteiten.

  • 3.

    Binnen horeca, ondergeschikt, visvijver zijn horeca-activiteiten toegestaan, met uitzondering van logiesvoorzieningen, mits het gaat om horeca die ondergeschikt is aan de toegestane gebruiksactiviteiten.

  • 4.

    Binnen horeca, ondergeschikt, max. 3.000 m² zijn horeca-activiteiten toegestaan, mits:

    • a.

      het gaat om horeca die ondergeschikt is aan de toegestane gebruiksactiviteiten; en

    • b.

      de maximale oppervlakte van de horeca-activiteiten 3.000 m2 is.

ZZZZZ

Artikel 4.26 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.26 Vergunningplicht horecacategorie 3

Binnen horeca, vergunningplicht cat. 3 is het verboden zonder omgevingsvergunning horeca-activiteiten van horeca categorie 3 te verrichten.

[Vervallen]

AAAAAA

Na artikel 4.26 worden twee artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 4.40 Vergunningplicht horeca

Artikel 4.41 Aanvullende beoordelingsregels horeca

Binnen horeca, beoordelingsregels wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

  • a.

    het om horeca ten dienste van extensieve recreatie gaat, zoals:

    • 1.

      een theehuis;

    • 2.

      een speeltuin; of

    • 3.

      een pannenkoekenrestaurant; en

  • b.

    het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

  • c.

    de gezamenlijke oppervlakte niet meer dan 500 m² bedraagt;

  • d.

    de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

  • e.

    er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

  • f.

    het parkeren behorende bij de horeca binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

  • g.

    er geen opslag van goederen, behorende bij de horeca, in de open lucht plaatsvindt; en

  • h.

    het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

BBBBBB

Het opschrift van paragraaf 4.2.6 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.6 4.2.7 Kantooractiviteiten

CCCCCC

Het opschrift van artikel 4.27 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.27 4.42 Functie kantoor

DDDDDD

Artikel 4.28 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.28 4.43 Kantoor op locatie

EEEEEE

Het opschrift van artikel 4.29 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.29 4.44 Vergunningplicht kantoor

FFFFFF

Het opschrift van paragraaf 4.2.7 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.7 4.2.8 Maatschappelijke activiteiten

GGGGGG

Het opschrift van artikel 4.30 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.30 4.45 Functie maatschappelijk

HHHHHH

Artikel 4.31 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.31 4.46 Maatschappelijk op locatie

IIIIII

Na artikel 4.31 worden drie artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 4.47 Maatschappelijk op locatie

Artikel 4.48 Vergunningplicht maatschappelijk

Binnen maatschappelijk, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning maatschappelijke activiteiten op locatie te verrichten.

Artikel 4.49 Beoordelingsregels maatschappelijk

  • 1.

    Binnen maatschappelijk, beoordelingsregels 1 wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      het om natuurvoorlichting en -educatie gaat;

    • b.

      het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

    • c.

      het gebruik op niet meer dan 30% van het erf plaatsvindt;

    • d.

      de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

    • e.

      er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

    • f.

      het parkeren behorende bij de voorlichting en educatie binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

    • g.

      er geen opslag van goederen, behorende bij de voorlichting en educatie, in de open lucht plaatsvindt; en

    • h.

      het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

  • 2.

    Binnen maatschappelijk, beoordelingsregels 2 wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als voldaan wordt aan hetgeen opgenomen in artikel 5.49negende lid.

JJJJJJ

Het opschrift van paragraaf 4.2.8 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.8 4.2.9 Nutsbedrijfsactiviteiten

KKKKKK

Het opschrift van artikel 4.32 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.32 4.50 Functie nutsbedrijf

LLLLLL

Het opschrift van paragraaf 4.2.9 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.9 4.2.10 Recreatieactiviteiten

MMMMMM

Het opschrift van subparagraaf 4.2.9.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 4.2.9.1 4.2.10.1 Algemene bepalingen

NNNNNN

Het opschrift van artikel 4.33 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.33 4.51 Functie recreatie

OOOOOO

Artikel 4.34 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.34 4.52 Soorten recreatie

  • 1.

    Binnen de functie recreatie vallen verschillende soorten recreatie, die per soort op locatie worden weergegeven.

  • 2.

    De soorten recreatie in dit omgevingsplan zijn:

    • a.

      bedrijfsmatige recreatie, als opgenomen in subparagraaf 4.2.9.24.2.10.2;

    • b.

      recreatief nachtverblijf, als opgenomen in subparagraaf 4.2.9.34.2.10.3; en

    • c.

      specifieke recreatieve activiteiten, als opgenomen in subparagraaf 4.2.9.44.2.10.4.

PPPPPP

Het opschrift van subparagraaf 4.2.9.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 4.2.9.2 4.2.10.2 Bedrijfsmatige recreatie

QQQQQQ

Het opschrift van artikel 4.35 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.35 4.53 Bedrijfsmatige recreatie op locatie

RRRRRR

Het opschrift van subparagraaf 4.2.9.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 4.2.9.3 4.2.10.3 Recreatief nachtverblijf

SSSSSS

Het opschrift van subsubparagraaf 4.2.9.3.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 4.2.9.3.1 4.2.10.3.1 Algemene regels recreatief nachtverblijf

TTTTTT

Artikel 4.37 wordt geplaatst voor artikel 4.36. Het opschrift van artikel 4.37 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.37 4.54 Verbod gebruiken recreatief nachtverblijf voor niet-recreatieve activiteiten

UUUUUU

Na artikel 4.37 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4.55 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze subparagraaf is van toepassing op activiteiten voor recreatief nachtverblijf.

  • 2.

    Deze subparagraaf is niet van toepassing op het starten van een bed & breakfast, zoals opgenomen in paragraaf 4.3.3.

VVVVVV

Artikel 4.36 wordt geplaatst na artikel 4.55. Het opschrift van artikel 4.36 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.36 4.56 Recreatief nachtverblijf op locatie

WWWWWW

Na subsubparagraaf 4.2.9.3.1 wordt een subsubparagraaf ingevoegd, luidende:

Subsubparagraaf 4.2.10.3.2 Camperplaatsen

Artikel 4.57 Recreatief nachtverblijf camperplaatsen

Binnen recreatief nachtverblijf, camperplaats is het toegestaan een kampeerplaats aan te bieden aan campers, mits:

  • a.

    het om maximaal 4 campers gaat; en

  • b.

    de verblijfduur van een camper maximaal 2 keer 24 uur is.

XXXXXX

Subsubparagraaf 4.2.9.3.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subsubparagraaf 4.2.9.3.2 4.2.10.3.3 Kampeerterreinen

Artikel 4.58 Recreatief nachtverblijf kampeerterreinen

  • 1.

    Binnen recreatief nachtverblijf, kampeerterrein zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor kamperen, waaronder:

    • a.

      het plaatsen en gebruiken van kampeermiddelen;

    • b.

      het plaatsen en gebruiken van stacaravans; en

    • c.

      het gebruiken van trekkershutten.

  • 2.

    Binnen recreatief nachtverblijf, kampeerterrein 1 zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor één kampeerterrein, waaronder:

    • a.

      het plaatsen en gebruiken van kampeermiddelen;

    • b.

      het plaatsen en gebruiken van stacaravans;

    • c.

      het gebruiken van trekkershutten; en

    • d.

      het gebruiken van recreatiewoningen.

  • 3.

    Binnen recreatief nachtverblijf, kampeerterrein 2 is het toegestaan een kampeerplaats aan te bieden voor kampeermiddelen, mits:

    • a.

      het om maximaal 25 kampeermiddelen gaat;

    • b.

      het binnen het bouwvlak op locatie wordt gedaan; en

    • c.

      het plaatsvindt in de periode van 15 maart tot 1 november.

  • 4.

    Binnen recreatief nachtverblijf, één kampeerterrein zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor één kampeerterrein.

Artikel 4.38 Recreatie kampeerterrein

Binnen recreatie, kampeerterrein zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor kamperen, waaronder:

  • a.

    het plaatsen en gebruiken van kampeermiddelen;

  • b.

    het plaatsen en gebruiken van stacaravans; en

  • c.

    het gebruiken van trekkershutten.

YYYYYY

Na subsubparagraaf 4.2.9.3.2 worden twee subsubparagrafen ingevoegd, luidende:

Subsubparagraaf 4.2.10.3.4 Ander recreatief nachtverblijf

Artikel 4.59 Recreatief nachtverblijf boomhutten

Binnen recreatief nachtverblijf, boomhut zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor verblijf in een boomhut.

Artikel 4.60 Recreatief nachtverblijf groepsverblijven

Binnen recreatief nachtverblijf, groepsverblijf zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor groepsverblijf.

Subsubparagraaf 4.2.10.3.5 Vergunningplicht recreatief nachtverblijf

Artikel 4.61 Vergunningplicht recreatief nachtverblijf

Binnen recreatief nachtverblijf, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning recreatief nachtverblijf aan te bieden.

Artikel 4.62 Beoordelingsregels recreatief nachtverblijf

  • 1.

    Binnen recreatief nachtverblijf, beoordelingsregels wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

    • b.

      de gezamenlijke oppervlakte niet meer dan 250 m² bedraagt;

    • c.

      de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

    • d.

      er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

    • e.

      het parkeren behorende bij de verblijfsrecreatie binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

    • f.

      er geen opslag van goederen, behorende bij de verblijfsrecreatie, in de open lucht plaatsvindt; en

    • g.

      het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

  • 2.

    Binnen recreatief nachtverblijf, max. 250 m² wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als de gezamenlijke oppervlakte niet meer dan 250 m2 per bouwperceel is.

Artikel 4.63 Uitzondering vergunningplicht recreatief nachtverblijf

Binnen recreatief nachtverblijf, uitzondering vergunningplicht is het verbod van artikel 4.61 niet van toepassing, mits:

  • a.

    het gaat om kamperen in agrarisch gebied conform artikel 4.58derde lid; of

  • b.

    het gaat om het aanbieden van recreatief nachtverblijf in de vorm van een bed and breakfast conform de regels in paragraaf 4.3.3.

ZZZZZZ

Het opschrift van subparagraaf 4.2.9.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Subparagraaf 4.2.9.4 4.2.10.4 Specifieke recreatieve activiteiten

AAAAAAA

Het opschrift van artikel 4.39 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.39 4.64 Specifieke recreatieve activiteiten op locatie

BBBBBBB

Het opschrift van artikel 4.40 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.40 4.65 Recreatie botenstalling

CCCCCCC

Artikel 4.41 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.41 Recreatie jachthaven

Binnen recreatie, jachthaven zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor een jachthaven.

[Vervallen]

DDDDDDD

Het opschrift van artikel 4.42 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.42 4.66 Recreatie kinderboerderij

EEEEEEE

Het opschrift van artikel 4.43 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.43 4.67 Recreatie strand

FFFFFFF

Het opschrift van artikel 4.44 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.44 4.68 Recreatie volkstuinen

GGGGGGG

Het opschrift van artikel 4.45 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.45 4.69 Recreatie weiden voor dieren

HHHHHHH

Na artikel 4.45 worden acht artikelen ingevoegd, luidende:

Artikel 4.70 Recreatie pannenkoekenboerderij

Binnen recreatie, pannenkoekenboerderij zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor één pannenkoekenboerderij.

Artikel 4.71 Recreatie gewassen en dieren 

Binnen recreatie, gewassen en dieren zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor het hobbymatig kweken van gewassen en het houden van dieren. 

Artikel 4.72 Recreatie jachthaven

  • 1.

    Binnen recreatie, jachthaven zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor een jachthaven.

  • 2.

    Binnen recreatie, jachthaven 2 zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor een jachthaven, waaronder in ieder geval vallen:

    • a.

      het gebruik van een jachtwerfwerkplaats;

    • b.

      het gebruik van opslag-, onderhoud- en reparatieruimten;

    • c.

      het gebruik van aanlegsteigers; en

    • d.

      het gebruik van sanitaire voorzieningen.

  • 3.

    Binnen recreatie, jachthaven, maximaal 60 ligplaatsen zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor een jachthaven, waarbij er maximaal 60 ligplaatsen in gebruik worden genomen.

Artikel 4.73 Recreatie moestuin

Binnen recreatie, moestuin zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor een moestuin, boomgaard en plantenkas.

Artikel 4.74 Recreatie scouting

Binnen recreatie, scouting zijn activiteiten toegestaan voor scouting en andere outdooractiviteiten.

Artikel 4.75 Recreatie strand

Binnen recreatie, strand zijn recreatieve activiteiten toegestaan voor een strand.

Artikel 4.76 Vergunningplicht recreatie

Artikel 4.77 Beoordelingsregels recreatie

  • 1.

    Binnen recreatie, beoordelingsregels 1 wordt een omgevingsvergunning, in aanvulling op artikel 4.7, alleen verleend als:

    • a.

      in ieder geval is onderzocht:

      • 1.

        de extra verkeersbewegingen (geluid, licht) op de Torenvalkweg en Knardijk;

      • 2.

        de uitstraling (geluid, licht, aanwezigheid mensen) op wezenlijke waarden; en

    • b.

      boscompensatie wordt gepleegd voor zover er bomen worden gerooid.

  • 2.

    Binnen recreatie, beoordelingsregels 2 wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      het gaat om gebruik in de vorm van:

      • 1.

        de opslag en stalling van caravans, campers of boten; of

      • 2.

        kunstnijverheid of ateliers; en

    • b.

      het gaat om een ondergeschikte nevenactiviteit bij een agrarisch bedrijfsgebouw;

    • c.

      het gebruik op niet meer dan 30% van het erf plaatsvindt;

    • d.

      de agrarische activiteiten van aangrenzende bedrijven niet onevenredig worden belemmerd;

    • e.

      er in vergelijking met het agrarische gebruik geen onevenredig zware verkeersbelasting op aangrenzende wegen plaatsvindt;

    • f.

      het parkeren behorende bij het bijkomende gebruik binnen het bouwvlak op eigen terrein plaatsvindt;

    • g.

      er geen opslag van goederen, behorende bij het bijkomende gebruik, in de open lucht plaatsvindt; en

    • h.

      het qua aard en schaal past bij de specifieke kwaliteiten en schaal van de omgeving, met name op het gebied van visuele aspecten, zoals reclame-uitingen en technische installaties. 

IIIIIII

Paragraaf 4.2.10 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.10 4.2.11 Sportactiviteiten

Subparagraaf 4.2.11.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 4.46 verplaatst van paragraaf 4.2.10 naar subparagraaf 4.2.11.1. ]

Artikel 4.46 4.78 Functie sport
  • 1.

    Er is een functie sport in dit omgevingsplan, bestaande uit sportlocaties, waarbinnen sportactiviteiten zijn toegestaan binnen de op locatie geldende regels.

  • 2.

    Onder sportactiviteiten vallen bijvoorbeeld de volgende activiteiten:

    • a.

      activiteiten met sportieve doeleinden;

    • b.

      activiteiten met sportief recreatieve doeleinden; en

    • c.

      de exploitatie van sportvoorzieningen, kantines, kleedruimten en soortgelijke gebouwen.

Subparagraaf 4.2.11.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 4.79 Sport op locatie 
  • 1.

    Binnen sport, manege zijn sportactiviteiten toegestaan voor een manege.

  • 2.

    Binnen sport, golfbaan zijn sportactiviteiten toegestaan voor een golfbaan.

  • 3.

    Binnen sport, visvijver zijn sportactiviteiten toegestaan voor één visvijvercomplex bedoeld voor sportvissen.

  • 4.

    Binnen sport, max. 10.000 m² zijn sportief recreatieve voorzieningen, zoals een zwembad of sporthal, toegestaan met een maximale gezamenlijke bedrijfsvloeroppervlakte van 10.000 m2.

  • 5.

    Binnen sport, schietbaan zijn sportactiviteiten toegestaan voor een handboog-, kruisboog- en luchtbuksschietbaan en paintballterrein.

JJJJJJJ

Paragraaf 4.2.11 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 4.2.11 4.2.12 Woonactiviteiten

Artikel 4.47 4.80 Toepassingsbereik woonactiviteiten

Deze paragraaf gaat over de activiteit wonen.

Artikel 4.48 4.81 Functie wonen

  • 1.

    Er is een functie wonen in dit omgevingsplan, bestaande uit woonlocaties, waarbinnen de activiteit wonen is toegestaan binnen de op locatie geldende regels.

  • 2.

    De activiteit wonen is toegestaan in een woning, in een hoofgebouw.

Artikel 4.49 4.82 Omgevingsnorm maximaal aantal woningen

Op locaties met een maximaal aantal woningen mogen de gronden en bouwwerken worden gebruikt voor maximaal het aantal woningen dat op locatie met de waarde maximaal aantal woningen is aangegeven.

Artikel 4.50 4.83 Wonen op locatie

Artikel 4.84 Bedrijfswoning

Artikel 4.51 4.85 Vergunningplicht wonen

Binnen wonen, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning op locatie te wonen.

Artikel 4.52 4.86 Beoordelingsregels wonen

  • 1.

    Binnen wonen, beoordelingsregels 1 wordt, in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 4.514.85, alleen verleend als:

    • a.

      het gaat om wonen in een woonhuis; en

    • b.

      de stedenbouwkundige opzet van het gebied gebaseerd is op de bebouwingsstructuur van de omliggende bebouwing.

  • 2.

    Binnen bedrijfswoning, beoordelingsregels 1 wordt een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 4.514.85, alleen verleend als het gaat om wonen in een incidentele bedrijfswoning.

  • 3.

    Binnen wonen, beoordelingsregels 2 wordt,  in aanvulling op artikel 4.7, een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 4.85, alleen verleend als: voldaan wordt aan het gestelde in artikel 5.53negende lid.

KKKKKKK

Het opschrift van artikel 4.53 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.53 4.87 Toepassingsbereik

LLLLLLL

Het opschrift van artikel 4.54 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.54 4.88 Beroep of bedrijf aan huis

MMMMMMM

Artikel 4.55 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.55 4.89 Vergunningplicht afwijken beroep of bedrijf aan huis

Het is verboden zonder omgevingsvergunning een beroep of bedrijf aan huis uit te oefenen die niet past binnen de voorwaarden zoals opgenomen in artikel 4.544.88.

NNNNNNN

Artikel 4.56 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.56 4.90 Beoordelingsregels afwijken beroep of bedrijf aan huis

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

  • a.

    er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

    • 1.

      het straat- en bebouwingsbeeld;

    • 2.

      de woonsituatie;

    • 3.

      de verkeersveiligheid;

    • 4.

      de milieusituatie; en

    • 5.

      de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden;

  • b.

    er voldaan wordt aan de in artikel 17.417.3 genoemde gronden, waarbij het bevoegd gezag de beleidsregels van de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023', of nadien gewijzigd, toepast; en

  • c.

    de geluidswaarden op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen aanvaardbaar is, waarbij het bevoegd gezag dit beoordeeldbeoordeelt op basis van het geluidsbeleid van gemeente Lelystad.

OOOOOOO

Het opschrift van artikel 4.57 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.57 4.91 Aanvraagvereisten afwijken beroep of bedrijf aan huis

PPPPPPP

Artikel 4.58 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.58 4.92 Bed & breakfast

QQQQQQQ

Het opschrift van artikel 4.59 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.59 4.93 Vergunningplicht bed & breakfast

RRRRRRR

Artikel 4.60 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.60 4.94 Beoordelingsregels bed & breakfast

  • 1.

     

    Binnen b&b, beoordelingsregels 1 wordt een omgevingsvergunning alleen verleend als:

  • 2.

    Binnen b&b, aanvullende beoordelingsregels 1 wordt, in aanvulling op het eerste lid, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      de bed & breakfast  bed and breakfast maximaal 8 slaapplaatsen heeft in maximaal 4 van elkaar afgescheiden ruimten bedoeld voor nachtverblijf; en

    • b.

      deze ruimten deel uit maken van het hoofdgebouw, aanbouw of aangebouwde bijgebouw.

  • 3.

    Binnen b&b, aanvullende beoordelingsregels 2 wordt, in aanvulling op het eerste lid, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      de bed & breakfast maximaal 2 slaapplaatsen heeft in maximaal 2 van elkaar afgescheiden ruimten bedoeld voor nachtverblijf; en

    • b.

      deze ruimten deel uit maken van het hoofdgebouw, aanbouw of aangebouwde bijgebouw.

  • 4.

    Binnen b&b, beoordelingsregels 2 wordt een omgevingsvergunning alleen verleend als: 

    • a.

      er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

      • 1.

        het straat- en bebouwingsbeeld;

      • 2.

        de woonsituatie;

      • 3.

        de verkeersveiligheid;

      • 4.

        de milieusituatie; en

      • 5.

        de gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden; en

    • b.

      de bed & breakfast maximaal 8 slaapplaatsen heeft in maximaal 4 van elkaar afgescheiden ruimten bedoeld voor nachtverblijf.

SSSSSSS

Het opschrift van artikel 4.61 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.61 4.95 Aanvraagvereisten bed & breakfast

TTTTTTT

Het opschrift van artikel 4.62 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.62 4.96 Vergunningplicht kamerbewoning

UUUUUUU

Artikel 4.63 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.63 4.97 Beoordelingsregels kamerbewoning

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

VVVVVVV

Het opschrift van artikel 4.64 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.64 4.98 Aanvraagvereisten kamerbewoning

WWWWWWW

Het opschrift van artikel 4.65 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.65 4.99 Omgevingsnormen vergunde kamerbewoning

XXXXXXX

Na artikel 4.65 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 4.100 Vergunde kamerbewoning

Binnen kamerbewoning, vergund, min. 5 kamers is het toegestaan (een deel van) de woning voor kamerbewoning in gebruik te geven, mits het gaat om minimaal 5 kamers.

YYYYYYY

Het opschrift van artikel 4.66 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.66 4.101 Toepassingsbereik

ZZZZZZZ

Het opschrift van artikel 4.67 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.67 4.102 Oogmerken

AAAAAAAA

Het opschrift van artikel 4.68 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.68 4.103 Activiteiten openbare ruimte

BBBBBBBB

Het opschrift van artikel 4.69 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.69 4.104 Algemene regels

CCCCCCCC

Het opschrift van artikel 4.70 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.70 4.105 Toepassingsbereik

DDDDDDDD

Het opschrift van artikel 4.71 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.71 4.106 Verbod hinderlijke of gevaarlijke plaatsing

EEEEEEEE

Het opschrift van artikel 4.72 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.72 4.107 Gedoogplicht voorzieningen voor verkeer en verlichting

FFFFFFFF

Het opschrift van artikel 4.73 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.73 4.108 Verbod incidentele as verstrooiing

GGGGGGGG

Het opschrift van artikel 4.74 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.74 4.109 gereserveerd

HHHHHHHH

Het opschrift van artikel 4.75 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.75 4.110 Toepassingsbereik

IIIIIIII

Het opschrift van artikel 4.76 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.76 4.111 Oogmerken

JJJJJJJJ

Het opschrift van artikel 4.77 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.77 4.112 Toepassingsbereik

KKKKKKKK

Het opschrift van artikel 4.78 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.78 4.113 Vergunningplicht plaatsen van voorwerpen op of aan de weg

LLLLLLLL

Artikel 4.79 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.79 4.114 Beoordelingsregels plaatsen van voorwerpen op of aan de weg

Een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 4.784.113, wordt alleen verleend als:

  • a.

    de activiteit niet in strijd is met de openbare veiligheid;

  • b.

    de activiteit niet in strijd is met de volksgezondheid;

  • c.

    de activiteit niet in strijd is met de bescherming van het milieu; en

  • d.

    de activiteit geen aanstoot geeft in het uiterlijke aanzien van de gemeente.

MMMMMMMM

Het opschrift van artikel 4.80 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.80 4.115 Aanvraagvereisten plaatsen van voorwerpen op of aan de weg

NNNNNNNN

Artikel 4.81 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.81 4.116 Algemene bepalingen plaatsen van voorwerpen op of aan de weg

  • 1.

    Het plaatsen van een voorwerp op of aan de weg is toegestaan, mits:

    • a.

      er een vrije doorgang wordt gelaten met een minimale breedte van:

      • 1.

        3,5 m op de rijbaan voor fietsen of gemotoriseerd verkeer;

      • 2.

        2 m op voetpaden in winkelcentra; en

      • 3.

        2 m in een galerij/arcade;

    • b.

      er een vrije doorgang wordt gelaten met een minimale hoogte van:

      • 1.

        4,2 m op plaatsen waar hulpvoertuigen meer ruimte nodig hebben; en

      • 2.

        2,3 m in een galerij/arcade;

    • c.

      het voorwerp niet op een dreef wordt geplaatst;

    • d.

      het voorwerp geen vluchtroutes, nooduitgangen en toegangsdeuren blokkeert; en

    • e.

      het voorwerp het gebruik van en de toegang tot nutsvoorzieningen niet beperkt of belemmerdbelemmert.

  • 2.

    Het plaatsen van een voorwerp op de stoep is, in afwijking van het eerste lid, toegestaan, mits:

    • a.

      de stoep over de totale lengte (gemeten vanaf de gevel) een minimale vrije doorgang heeft van 1,5 m; of

    • b.

      in het geval er een boom, fietsenrek of een vergelijkbaar object op de stoep staat, de stoep over de totale lengte een minimale vrije doorgang heeft van 1,2 m.

  • 3.

    Brandkranen en andere bluswaterwinplaatsen en inspectieputten van het riool moeten worden vrijgehouden voor toegang en gebruik door blusvoertuigen.

OOOOOOOO

Het opschrift van artikel 4.82 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.82 4.117 Informatieplicht plaatsen van voorwerpen op of aan de weg

PPPPPPPP

Het opschrift van artikel 4.83 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.83 4.118 Specifieke zorgplicht: plaatsen van voorwerpen op of aan de weg

QQQQQQQQ

Het opschrift van artikel 4.84 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.84 4.119 Toepassingsbereik

RRRRRRRR

Artikel 4.85 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.85 4.120 Meldplicht terrassen

  • 1.

    Het verbod in artikel 4.784.113eerste lid, is niet van toepassing als het gaat om de plaatsing van een terras, zoals bedoeld in artikel 2:27, eerste lid, onder b, van de Algemene plaatselijke verordening Lelystad 2021, en hiertoe minimaal 4 weken vóór de plaatsing van het terras een melding is gedaan bij het bevoegd gezag, mits:

    • a.

      de exploitant van het (horeca)bedrijf waarvoor de melding wordt gedaan in het bezit is van een vergunning op basis van de Alcoholwet of een exploitatievergunning waarop de oppervlakte van het terras vermeld staat;

    • b.

      het terras niet:

      • 1.

        tijdens een evenement op een aangewezen evenemententerrein zonder toestemming van de organisator van het evenement wordt geplaatst;

      • 2.

        tijdens een marktdag op een aangewezen markt-locatie wordt geplaatst;

      • 3.

        tijdens de uitvoering van aanleg-, bouw-, of onderhoudswerkzaamheden op locatie wordt geplaatst; of

      • 4.

        bij een coffeeshop, speelautomatenhal of seksinrichting wordt geplaatst; en

    • c.

      het terras:

      • 1.

        in het zicht van het betreffende (horeca)bedrijf wordt geplaatst;

      • 2.

        in het geval van een gevelterras, direct, dan wel zo direct mogelijk, tegen, vóór of haaks op de gevel wordt geplaatst; en

      • 3.

        in het geval van een terras onder een arcade, direct aan de gevel wordt geplaatst.

  • 2.

    In afwijking van het gestelde in het eerste lid, onder c, sub 2, mag een gevelterras voor de gevel van een ander bedrijf worden geplaatst, mits hier schriftelijke toestemming voor is afgegeven door de eigenaar/huurder van het betreffende bedrijf.

  • 3.

    Een melding bevat in ieder geval de volgende gegevens:

    • a.

      naam, adres en KvK-nummer van de exploitant van het (horeca)bedrijf;

    • b.

      naam en adres van het (horeca)bedrijf;

    • c.

      een afschrift van de vergunning of de aanvraag van de vergunning zoals bedoeld in het eerste lid, onder a;

    • d.

      een plattegrond van de indeling van het beoogde terras met afmetingen; en

    • e.

      indien van toepassing een afschrift van de schriftelijke toestemming zoals bedoeld in het tweede lid.

  • 4.

    Het bevoegd gezag kan na ontvangst van de melding extra gegevens opvragen die nodig zijn voor de controle van de melding.

SSSSSSSS

Het opschrift van artikel 4.86 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.86 4.121 Regels over terrassen

TTTTTTTT

Het opschrift van artikel 4.87 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.87 4.122 Toepassingsbereik

UUUUUUUU

Artikel 4.88 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.88 4.123 Meldplicht containers

  • 1.

    Binnen containers, meldplicht is het verbod in artikel 4.784.113eerste lid, niet van toepassing als het gaat om de plaatsing van een container op de weg voor het inzamelen van afval, anders dan een inzamelmiddel of inzamelvoorziening zoals bedoeld in de Afvalstoffenverordening 2020 Lelystad, of voor het opslaan van materialen waarvoor geen omgevingsvergunning is vereist, zoals bedoeld in artikel 22.291, en hiertoe een melding is gedaan bij het bevoegd gezag, mits:

    • a.

      de container een maximale oppervlakte heeft van 12.5 m2;

    • b.

      de container een maximale hoogte heeft van 1,5 m;

    • c.

      de container maximaal 14 dagen geplaatst wordt;

    • d.

      de container is voorzien van goed zichtbare reflecterende markeringen conform CROW 130;

    • e.

      in het geval de container bestemd is voor het bewaren van aan bederf onderhevig afval, de container een gesloten container is; en

    • f.

      in het geval de container een open container is, de inhoud van de container niet uitsteekt.

  • 2.

    Een melding bevat in ieder geval de volgende gegevens:

    • a.

      informatie over het type container;

    • b.

      informatie over de omvang van de container;

    • c.

      informatie over de plaatsing van de container;

    • d.

      informatie over het gebruik van de container;

    • e.

      de startdatum van de activiteit; en

    • f.

      de verwachte einddatum van de activiteit.

  • 3.

    Het is niet toegestaan een container op de stoep te plaatsen als er een geschikte ruimte op een parkeerplaats is.

  • 4.

    Een container dient afgesloten te worden vervoerd, bijvoorbeeld door middel van een net, ter voorkoming van vervuiling van de weg waarover de container wordt vervoerd en verkeersonveilige situaties op de weg.

VVVVVVVV

Artikel 4.89 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.89 4.124 Meldplicht kraanwagens

  • 1.

    Binnen kraanwagens, meldplicht is het verbod in artikel 4.784.113eerste lid, niet van toepassing als het gaat om de plaatsing van een kraanwagen op de weg en hiertoe een melding is gedaan bij het bevoegd gezag, mits:

    • a.

      de kraanwagen maximaal 12 uur en uiterlijk tot 20:00 uur geplaatst wordt;

    • b.

      de kraanwagen afgezet wordt conform CROW 96B;

    • c.

      er geen verkeer onder de giek van de kraanwagen door kan;

    • d.

      aan te leveren of af te voeren materiaal binnen het werkvlak valt;

    • e.

      naastgelegen panden minimaal 5 werkdagen vooraf in kennis zijn gesteld van eventuele belemmeringen; en

    • f.

      in het geval van een hoogwerker, de giek bij het in- of uitstappen van de bak in het afgezette werkvak valt danwel wordt afgezet.

  • 2.

    Onder 'kraanwagen' wordt in dit artikel verstaan:

    • a.

      kraanwagen;

    • b.

      hoogwerker;

    • c.

      verhuislift;

    • d.

      mobiele betonpompen;

    • e.

      zuig- en blaasvoertuigen;

    • f.

      grote transportwagens; en

    • g.

      hieraan gelijk te stellen voorwerpen.

  • 3.

    Een melding bevat in ieder geval de volgende gegevens:

    • a.

      informatie over het type kraanwagen;

    • b.

      informatie over de omvang van de kraanwagen;

    • c.

      informatie over de plaatsing van de kraanwagen;

    • d.

      de datum en starttijd van de activiteit; en

    • e.

      de verwachte eindtijd van de activiteit.

  • 4.

    Het is niet toegestaan een kraanwagen op de stoep te plaatsen als er een geschikte ruimte op een parkeerplaats is.

WWWWWWWW

Het opschrift van artikel 4.90 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.90 4.125 Regels over uitstallingen

XXXXXXXX

Het opschrift van artikel 4.91 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.91 4.126 gereserveerd

YYYYYYYY

Het opschrift van artikel 4.92 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.92 4.127 gereserveerd

ZZZZZZZZ

Het opschrift van artikel 4.93 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.93 4.128 gereserveerd

AAAAAAAAA

Het opschrift van artikel 4.94 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.94 4.129 Toepassingsbereik

BBBBBBBBB

Het opschrift van artikel 4.95 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.95 4.130 Oogmerken

CCCCCCCCC

Artikel 4.96 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.96 4.131 Algemene regels festiviteiten

  • 1.

    Op festiviteiten zoals bedoeld in deze afdeling zijn de volgende bepalingen niet van toepassing:

    • a.

      de geluidsnormen, zoals bedoeld in artikel 11.211.3 en artikel 22.65 tot en met artikel 22.73, voor zover de naleving van deze normen redelijkerwijs niet kan worden gevergd; en

    • b.

      de voorwaarden voor verlichting voor sportbeoefening in de buitenlucht, zoals bedoeld in artikel 14.3.

  • 2.

    Een festiviteit die ten hoogste een etmaal duurt, maar die zowel voor als na 00:00 uur plaatsvindt, wordt beschouwd als plaatshebbende op één dag.

DDDDDDDDD

Het opschrift van artikel 4.97 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.97 4.132 Aanwijzing collectieve festiviteiten

EEEEEEEEE

Het opschrift van artikel 4.98 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.98 4.133 Algemene regels collectieve festiviteiten

FFFFFFFFF

Het opschrift van artikel 4.99 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.99 4.134 Meldplicht incidentele festiviteiten

GGGGGGGGG

Het opschrift van artikel 4.100 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.100 4.135 Algemene regels incidentele festiviteiten

HHHHHHHHH

Het opschrift van artikel 4.101 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.101 4.136 Maximaal aantal incidentele festiviteiten

IIIIIIIII

Het opschrift van artikel 4.102 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.102 4.137 gereserveerd

JJJJJJJJJ

Hoofdstuk 5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Hoofdstuk 5 BOUWEN

Afdeling 5.1 Algemene bepalingen

Paragraaf 5.1.2 Aanwijzingen
Artikel 5.4 Beperkingengebied straalpad

Er is een beperkingengebied straalpad in dit omgevingsplan.

Paragraaf 5.1.4 Omgevingsnormen

[Vervallen]

Paragraaf 5.1.5 Locatie gebonden regels over bouwwerken
Subparagraaf 5.1.5.1 Bouwen algemeen

Artikel 5.9 Beperkingsregels bouwactiviteiten

Afdeling 5.2 Gebouw bouwen

Paragraaf 5.2.1 Algemene bepalingen
Artikel 5.13 Toepassingsbereik

gereserveerd

Paragraaf 5.2.2 Gebouw bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.2.2.1 Algemene bepalingen

[Vervallen]

Subparagraaf 5.2.2.2 Hoofdgebouw bouwen

Artikel 5.20 Bouwregel type hoofdgebouw

Binnen hoofdgebouw bouwen, woonhuis moet een gebouw gebouwd worden als woonhuis.

Artikel 5.23 Bouwregels afstand zijkant perceel

Artikel 5.25 Bouwregels bouwvlak

[Vervallen]

Artikel 5.26 Bouwregels vormgeving hoofdgebouw

Binnen hoofdgebouw bouwen, dove gevel moet de gevel van een hoofdgebouw als dove gevel worden gebouwd.

Artikel 5.27 Regel bij toevoegen tweede bouwlaag

Binnen hoofdgebouw bouwen, 2de bouwlaag boven omg.norm mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte opgenomen in artikel 5.16, de bouwhoogte op locatie worden verhoogt om een tweede bouwlaag te bouwen.

Artikel 5.28 Regel bij toevoegen extra bouwlaag

Binnen hoofdgebouw bouwen, extra bouwlaag boven omg.norm mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte opgenomen in artikel 5.16, de bouwhoogte op locatie worden verhoogt tot maximaal 12 m om een extra bouwlaag te bouwen.

Subparagraaf 5.2.2.3 Gebouwen bouwen

Subsubparagraaf 5.2.2.3.1 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.30 Bouwverbod

Binnen verbod gebouwen bouwen is het verboden gebouwen te bouwen.

Artikel 5.31 Bouwregels plaatsing bouwwerk

Artikel 5.32 Bouwregels vormgeving bouwwerk

[Vervallen]

Artikel 5.33 Bouwregels gebruik

[Vervallen]

Subsubparagraaf 5.2.2.3.2 Uit te werken locaties

[Vervallen]

Paragraaf 5.2.3 Recreatief nachtverblijf bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.42 Bouwregels gebouwen kampeerterreinen

 

Binnen gebouw bouwen, gebouwen kampeerterrein mogen gebouwen worden gebouwd voor: 

  • a.

    sanitaire voorzieningen en onderhoud en beheer, mits:

    • 1.

      de gezamenlijke maximale oppervlakte van de gebouwen 150 m2 is; en

    • 2.

      de bouwhoogte van de gebouwen maximaal 5 m is;

  • b.

    trekkershutten, mits:

    • 1.

      er niet meer dan 10 trekkershutten worden gebouwd;

    • 2.

      de maximale oppervlakte van een trekkershut 30 m2 is; en

    • 3.

      de maximale bouwhoogte van een trekkershut 5 m is; of

  • c.

    stacaravans, mits:

    • 1.

      de maximale oppervlakte van stacaravans, inclusief aan- en uitbouwen, 50 m2 is; en

    • 2.

      de maximale gezamenlijke oppervlakte van stacaravans 325 m2 is.

Afdeling 5.3 Bouwwerk veranderen

Paragraaf 5.3.1 Dakkapel bouwen
Artikel 5.43 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.3.2 Dakopbouw bouwen
Subparagraaf 5.3.2.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.44 gereserveerd

gereserveerd

Subparagraaf 5.3.2.2 Locatie gebonden bepalingen

[Vervallen]

Paragraaf 5.3.3 Dakraam, daklicht, lichtstraat of soortgelijke daglichtvoorziening bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.46 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.3.4 Kozijn, kozijninvulling, gevelpaneel of boeideel, of stucwerk bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.47 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.3.5 Woonruimte toevoegen
Artikel 5.48 Verbod woningsplitsing

Binnen het transitiegebied is woningsplitsing verboden.

Paragraaf 5.3.6 Zonnepaneel of zonnecollector bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.49 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.3.7 Zonwering, rolhek, luik of rolluik bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.50 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 5.4 Bijbehorend bouwwerk bouwen

Paragraaf 5.4.2 Locatie gebonden bepalingen
Artikel 5.54 Bouwregels plaatsing bouwwerk

[Vervallen]

Artikel 5.55 Bouwregels vormgeving bouwwerk
  • 4.

    Binnen aanbouw, plat dak, tenzij 2 moeten aan- of uitbouwen of bijgebouwen gebouwd worden met een plat dak, tenzij: 

    • a.

      het bouwwerk aan de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd;

    • b.

      het bouwwerk een maximale bouwhoogte van 5 m heeft; en

    • c.

      het bouwwerk 1 m lager dan het hoofdgebouw is.

  • 5.

    Binnen aanbouw, goothoogte 3,5 m mogen aan- of uitbouwen en bijgebouwen worden gebouwd met een maximale goothoogte van 3,5 m.

Afdeling 5.5 Bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen

Paragraaf 5.5.1 Algemene regels over bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwen
Subparagraaf 5.5.1.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.58 Algemene bouwregels

  • 2.

    Binnen het transitiegebied mogen per bouwperceel bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale oppervlakte van 2 m2.

Subparagraaf 5.5.1.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.60 Regels over bouwhoogte

  • 3.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 3 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, met een maximale bouwhoogte van 3 m worden gebouwd, tenzij voor specifieke bouwwerken, geen gebouw zijnde, op locatie specifieke regels zijn opgenomen.

  • 4.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, 7 m mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, met een maximale bouwhoogte van 7 m worden gebouwd, tenzij voor specifieke bouwwerken, geen gebouw zijnde, op locatie specifieke regels zijn opgenomen.

Paragraaf 5.5.2 Afscheiding tussen balkons of dakterrassen bouwen, in stand houden of gebruiken.
Artikel 5.61 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.3 Antenne-installatie bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.62 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.4 Bouwwerk voor agrarische bedrijfsvoering bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.63 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.5 Buisleiding bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.64 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.6 Constructie voor overbruggen van terreinhoogteverschil bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.5.6.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.65 Algemene bouwregel

Binnen het transitiegebied worden in de openbare buitenruimte bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken niet hoger dan 5 m gebouwd, tenzij in subparagraaf 5.5.6.2 op locatie andere regels zijn gesteld.

Subparagraaf 5.5.6.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.66 Bouwregels bruggen

  • 1.

    Binnen bruggen, 6 m mogen in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m.

Paragraaf 5.5.7 Erf- of perceelafscheiding bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.5.7.1 Algemene bepalingen

[Vervallen]

Subparagraaf 5.5.7.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.69 Erf- en perceelafscheiding op locatie

Binnen erfafscheiding, 2 m voor voorgevelrooilijn mogen erf- en perceelafscheidingen voor de voorgevelrooilijn worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 2 m.

Paragraaf 5.5.8 Palen of masten bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.5.8.2 Palen of masten bouwen, in stand houden of gebruiken:

Subsubparagraaf 5.5.8.2.1 Algemene bepalingen

[Vervallen]

Subsubparagraaf 5.5.8.2.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.72 Bouwregels op locatie

  • 1.

    Binnen palen en masten, 5 m mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, tenzij in artikel 5.73 anders is bepaald.

Artikel 5.73 Bouwregels specifieke palen en masten

  • 2.

    Binnen palen en masten, lichtmasten, 6 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m. 

  • 4.

    Binnen palen en masten, lichtmasten, 12 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 12 m. 

  • 5.

    Binnen palen en masten, lichtmasten 15 m mogen lichtmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 15 m.

Subparagraaf 5.5.8.3 Vlaggenmast bouwen, in stand houden of gebruiken

Subsubparagraaf 5.5.8.3.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.74  Algemene bouwregel

Binnen het transitiegebied mogen vlaggenmasten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m, tenzij in subsubparagraaf 5.5.8.3.2 op locatie andere regels zijn gesteld.

Subsubparagraaf 5.5.8.3.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.75 Bouwregels op locatie

[Vervallen]

Paragraaf 5.5.9 Sport- of speeltoestel bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.76 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.10 Tuinmeubilair bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.77 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.11 Zwembad, bubbelbad of soortgelijke voorziening of vijver bouwen, in stand houden of gebruiken

[Vervallen]

Paragraaf 5.5.12 Overkapping bouwen
Subparagraaf 5.5.12.1 Algemene bepalingen

[Gereserveerd]

Subparagraaf 5.5.12.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 5.80 Bouwregels overkapping

Binnen overkapping, wachtruimte carpool mag een wachtruimte voor een carpoolvoorziening worden gebouwd, mits:

  • a.

    de oppervlakte niet meer dan 100 m2 is; en

  • b.

    de hoogte niet meer dan 3 m is.

Paragraaf 5.5.13 Steiger of vlonder bouwen
Subparagraaf 5.5.13.1 Algemene bepalingen

[Gereserveerd]

Subparagraaf 5.5.13.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 5.81 Bouwregels steigers en vlonders

Binnen steiger bouwen, 3 m mogen steigers of soortgelijke bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 3 m.

Afdeling 5.6 Bouwwerk voor infrastructurele of openbare voorziening bouwen, in stand houden of gebruiken

Paragraaf 5.6.1 Algemene bepalingen

[Vervallen]

Paragraaf 5.6.2 Locatie gebonden bepalingen

[Vervallen]

Afdeling 5.7 Bouwkeet, bouwbord, steiger, heistelling, hijskraan, damwand, bouwweg, terreinverharding, terreininrichting of andere hulpconstructie bouwen, in stand houden of gebruiken

Artikel 5.86 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 5.8 Gewoon onderhoud verrichten aan een bouwwerk

Artikel 5.87 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 5.9 Ander bouwwerk bouwen, in stand houden of gebruiken

[Vervallen]

Afdeling 5.1 Algemene bepalingen

[Red: Paragraaf 5.1.1 ongewijzigd verplaatst van afdeling 5.1 naar afdeling 5.1. ]

Paragraaf 5.1.1 Inleidende bepalingen
Artikel 5.1 Toepassingsbereik

Dit hoofdstuk gaat over het bouwen, in stand houden en gebruiken van een bouwwerk zoals opgenomen in paragraaf 22.2.7.

Artikel 5.2 Oogmerken

De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op:

  • a.

    het bereiken en in stand houden van een goed woon- en leefklimaat;

  • b.

    het voorkomen en beperken van hinder;

  • c.

    het beschermen van de ruimtelijke kwaliteit;

  • d.

    het beschermen van cultureel erfgoed;

  • e.

    het beschermen van de gezondheid; en

  • f.

    het waarborgen van de veiligheid.

Artikel 5.3 Anti-dubbeltelregel

Grond die eenmaal in aanmerking is genomen bij het toestaan van een bouwplan waaraan uitvoering is gegeven of alsnog kan worden gegeven, blijft bij de beoordeling van latere bouwplannen buiten beschouwing.

Paragraaf 5.1.2 Aanwijzingen
Artikel 5.4 Beperkingengebied straalpad

Er is een beperkingengebied straalpad in dit omgevingsplan.

[Red: Paragraaf 5.1.3 verplaatst van afdeling 5.1 naar afdeling 5.1. ]

Paragraaf 5.1.3 Algemene vergunningplicht
Artikel 5.5 Beoordelingsregels
  • 1.

    Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

    • a.

      voldaan wordt aan de beoordelingsregels die van toepassing zijn uit paragraaf 22.2.7;

    • b.

      voldaan wordt aan de regels zoals gesteld in dit hoofdstuk over de bouwactiviteit;

    • c.

      de geluidswaarden op de gevel van geluidsgevoelige gebouwen aanvaardbaar is, waarbij het bevoegd gezag dit beoordeeld op basis van het geluidsbeleid van gemeente Lelystad;

    • d.

      aan of in dat bouwwerk, dan wel op het onbebouwde terrein bij het bouwwerk, wordt voorzien in ruimte voor het laden of lossen van goederen, als het beoogde gebruik van een bouwwerk aanleiding geeft tot een te verwachten behoefte aan die ruimte; en

    • e.

      voldaan wordt aan de in artikel 17.417.3 genoemde gronden, waarbij het bevoegd gezag de beleidsregels van de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023', of nadien gewijzigd, toepast.

  • 2.

    In aanvulling op de beoordelingsregels zoals opgenomen in het eerste lid, wordt een omgevingsvergunning bij specifieke bepalingen alleen verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

  • 3.

    Bij de specifieke bouwactiviteiten zoals uiteengezet in dit hoofdstuk kunnen specifieke beoordelingsregels gelden in aanvulling op of ter vervanging van de beoordelingsregels in dit artikel.

  • 4.

    Het bepaalde in het eerste lid, onder d, geldt niet:

    • a.

      voor bestaand gebruik, waarbij de herbouw van een bouwwerk zonder functiewijziging wordt beschouwd als bestaand gebruik;

    • b.

      voor zover op andere wijze in de nodige laad- of losruimte wordt voorzien; en

    • c.

      als het voldoen aan dit vereiste door bijzondere omstandigheden op overwegende bezwaren stuit. 

Artikel 5.6 Aanvraagvereisten bouwen van een bouwwerk
  • 1.

    Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning voor het bouwen van een bouwwerk worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

    • a.

      gegevens en bescheiden zoals opgenomen in artikel 22.34;

    • b.

      gegevens en bescheiden als opgenomen in afdeling 7.2 van de Omgevingsregeling; en

    • c.

      indien van toepassing, de gegevens en bescheiden zoals opgenomen in artikel 1.5 van het tijdelijke regelingdeel bij dit omgevingsplan genaamd 'Voorbereidingsbesluit bodem gemeente Lelystad';  en

    • d.

      overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.

  • 2.

    Bij de specifieke bouwactiviteiten zoals uiteengezet in deze afdeling kunnen specifieke aanvraagvereisten gelden in aanvulling op de aanvraagvereisten in dit artikel.

Artikel 5.7 Maatwerkvoorschriften bebouwing

Binnen bouwactiviteit maatwerkvoorschriften kan het bevoegd gezag voor bouwactiviteiten op locatie maatwerkvoorschriften stellen over de plaatsing en afmeting van de bebouwing voor:

  • a.

    een goede woonsituatie; 

  • b.

    de milieusituatie; 

  • c.

    de sociale veiligheid; 

  • d.

    de verkeersveiligheid; of

  • e.

    de gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden. 

Paragraaf 5.1.4 Omgevingsnormen

[Red: Artikel 5.8 verplaatst van paragraaf 5.1.4 naar paragraaf 5.1.4. ]

Artikel 5.8 Omgevingsnormen maximale bebouwing
Paragraaf 5.1.5 Locatie gebonden regels over bouwwerken
Subparagraaf 5.1.5.1 Bouwen algemeen

Artikel 5.9 Beperkingsregels bouwen

Artikel 5.10 Aanvullende beoordelingsregels bouwen

Binnen bouwwerken bouwen, gasleiding wordt, in aanvulling op artikel 5.5eerste lid, een omgevingsvergunning voor andere bouwwerken dan bedoeld in artikel 5.9derde lid, alleen verleend als:

  • a.

    de veiligheid van de betrokken leiding niet wordt geschaad;

  • b.

    het niet om een (zeer/beperkt) kwetsbare objecten gaat; en

  • c.

    er schriftelijk advies is ingewonnen bij de leidingbeheerder.

Artikel 5.11 Maatwerkvoorschriften bouwen

  • 1.

    Binnen maatwerkvoorschriften bouwwerken (1) kan het bevoegd gezag maatwerkvoorschriften stellen ter voorkoming van een onevenredige aantasting van bebouwings- en gebruiksmogelijkheden van aangrenzende gronden en bouwwerken met betrekking tot: 

    • a.

      de situering en grondoppervlakte van woningen, waarbij:

      • 1.

        de situering van de voorgevelbouwgrens nader kan worden bepaald;

      • 2.

        de diepte van woningen (afstand tussen voorgevel- en achterbouwgrens) nader kan worden bepaald;

      • 3.

        de breedte van bouwpercelen nader kan worden bepaald; of

      • 4.

        de afstanden nader kunnen worden bepaald van woningen tot de (zijdelingse) perceelsgrenzen of andere woningen; of

    • b.

      het aantal aaneen te bouwen woningen;

    • c.

      de plaatsing van bijgebouwen ten opzichte van de woning; of

    • d.

      de plaatsing en afmeting van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, indien dit in verband met een ingekomen bouwplan noodzakelijk is.

  • 2.

    Binnen maatwerkvoorschriften bouwwerken (2) kan het bevoegd gezag voor bouwactiviteiten op locatie maatwerkvoorschriften stellen over de plaatsing en afmeting van de bebouwing voor:

Subparagraaf 5.1.5.2 Bouwen specifiek

Artikel 5.12 Verkleinen van bouwpercelen

Binnen bouwwerken bouwen, verkleinen bouwperceel kan het bevoegd gezag op verzoek bestaande bouwpercelen, zoals opgenomen in de bijlage bij dit omgevingsplan met als naam Groene Velden, kadastrale begrenzing, 1/05/2011, verkleinen, en daarvoor afwijken van de bouwregels op locatie, mits:

  • a.

    het gaat om een een bouwperceel van meer dan 10.000 m2, welke verkleind worden naar een minimumomvang van 5.000 m2;

  • b.

    er een goede verhouding tussen bouwmassa en de open ruimte wordt gerealiseerd; en,

  • c.

    er een goede hoogte-/breedteverhouding tussen de bebouwing onderling wordt gerealiseerd. 

[Red: Artikel 5.10 verplaatst van subparagraaf 5.1.5.1 naar subparagraaf 5.1.5.2. ]

Artikel 5.10 5.13 Vergunningplicht geurgevoelige gebouwen

Binnen geurgevoelig gebouw, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning om geurgevoelige gebouwen als bedoeld in artikel 5.91 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, te bouwen.

[Red: Artikel 5.11 verplaatst van subparagraaf 5.1.5.1 naar subparagraaf 5.1.5.2. ]

Artikel 5.11 5.14 Beoordelingsregels geurgevoelige gebouwen

Binnen geurgevoelig gebouw, beoordelingsregels wordt een omgevingsvergunning alleen verleend, als is aangetoond dat de geur door een activiteit op geurgevoelige gebouwen aanvaardbaar is.

[Red: Artikel 5.12 verplaatst van subparagraaf 5.1.5.1 naar subparagraaf 5.1.5.2. ]

Artikel 5.12 5.15 Aanvraagvereisten geurgevoelige gebouwen

Binnen geurgevoelig gebouw, aanvraagvereisten worden bij de aanvraag voor een omgevingsvergunning de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    gegevens en bescheiden als opgenomen in afdeling 7.2 van de Omgevingsregeling;

  • b.

    overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.

Afdeling 5.2 Gebouw bouwen

Paragraaf 5.2.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 5.14 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.1 naar paragraaf 5.2.1. ]

Artikel 5.14 5.16 Toepassingsbereik
  • 1.

    Deze paragraaf gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van een gebouw, al dan niet als hoofdgebouw.

  • 2.

    Deze paragraaf gaat niet over het bouwen van:

    • a.

      een recreatief nachtverblijf; en

    • b.

      bijbehorende bouwwerken.

[Red: Artikel 5.15 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.1 naar paragraaf 5.2.1. ]

Artikel 5.15 5.17 Algemene bouwregel
  • 1.

    Binnen het transitiegebied is het verboden een gebouw te bouwen buiten een bouwvlak, tenzij in subparagraafparagraaf 5.2.2.25.2.2 of subparagraaf 5.2.2.3 hierover op locatie anders wordt bepaald.

  • 2.

    Binnen het transitiegebied mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van het eerste lid, gebouwen op locatie maximaal 1,5 m buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits het gaat om:

    • a.

      plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen en schoorstenen;

    • b.

      gevel- en kroonlijsten en overstekende daken;

    • c.

      één erker per (hoofd)gebouw over maximaal de halve gevelbreedte;

    • d.

      ingangspartijen, luifels, balkons en galerijen; of

    • e.

      een hiermee gelijk te stellen ondergeschikt onderdeel van gebouwen.

[Red: Artikel 5.16 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.1 naar paragraaf 5.2.1. ]

Artikel 5.16 5.18 Omgevingsnorm bouwhoogte
  • 1.

    Op locaties met een maximale bouwhoogte mag de bouwhoogte maximaal de met maximale bouwhoogte aangegeven waarde zijn.

  • 2.

    Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van de bouwhoogte zoals aangegeven op grond van het eerste lid, mogelijk om op locatie de bouwhoogte van gebouwen voor plaatselijke verhogingen, zoals schoorstenen, luchtkokers, liftkokers en lichtkappen, te vergroten, mits:

    • a.

      de maximale oppervlakte van de vergroting maximaal 10% van het bouwvlak is; en

    • b.

      de bouwhoogte maximaal 1,25 keer de maximale bouwhoogte van het gebouw is.

[Red: Artikel 5.17 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.1 naar paragraaf 5.2.1. ]

Artikel 5.17 5.19 Omgevingsnorm goothoogte

Op locaties met een maximale goothoogte mag de goothoogte maximaal de met maximale goothoogte aangegeven waarde zijn.

[Red: Artikel 5.18 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.1 naar paragraaf 5.2.1. ]

Artikel 5.18 5.20 Omgevingsnorm hellingshoek dak

Op locaties met regels over de dakhelling is de toegestane hellingshoek opgenomen op de locatie in de vorm van:

  • a.

    de maximale hellingshoek, waarbij de waarde 0° een verplicht plat dak aangeeft; of

  • b.

    de minimale en maximale hellingshoek.

[Red: Artikel 5.19 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.1 naar paragraaf 5.2.1. ]

Artikel 5.19 5.21 Omgevingsnorm garagebox

Op locaties met een maximale bouwhoogte voor garageboxen mag de bouwhoogte van garageboxen maximaal de met maximale bouwhoogte garageboxen aangegeven waarde zijn.

Artikel 5.22 Afwijken afstand perceelsgrenzen

Binnen het transitiegebied mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van paragraaf 5.2.2, de afstand van een gebouw of hoofdgebouw tot aan de perceelsgrenzen worden verkleind.

Paragraaf 5.2.2 Locatiegebonden bepalingen
Artikel 5.23 Bouwregels aantal bouwlagen
Artikel 5.24 Bouwregels afstand tussen woningen 

Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand tussen woningen is de afstand tussen woningen ten minste:

  • a.

    9 m tussen de zijgevel van een woning en de achtergevel van een andere woning;

  • b.

    14 m tussen een voorgevel van een woning en de achtergevel van een andere woning; en

  • c.

    18 m tussen achtergevels van woningen.

Artikel 5.25 Bouwregels afstand tussen woningen (afwijken)

Binnen hoofdgebouw bouwen, afwijken afstand tussen woningen mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.24, de afstand tussen woningen worden verkleind, mits

  • a.

    het type of de wijze van verkaveling een kleinere afstand mogelijk maakt; en

  • b.

    de privacy en zontoetreding op aangrenzende percelen niet in onevenredige mate wordt aangetast.

Artikel 5.26 Bouwregels afstand gebouw locatiegrens

Binnen gebouw bouwen, afstand locatiegrens 10 m worden gebouwen op ten minste 10 m vanaf de locatiegrens gebouwd, tenzij de bestaande afstand minder is, in welk geval die afstand geldt als minimale afstand.

Artikel 5.27 Bouwregels afstand gebouw locatiegrens (afwijken)

Binnen gebouw bouwen, afwijken afstand locatiegrens 10 m mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.26, een gebouw op minder dan 10 m afstand van de locatiegrens worden gebouwd.

[Red: Artikel 5.21 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.2 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.21 5.28 Bouwregels afstand voorkant perceel hoofdgebouw

Binnen hoofdgebouw bouwen, afstand voorkant perceel 2,5 m moet op locatie de afstand van het hoofdgebouw tot aan de voorste perceelgrens minimaal 2,5 m zijn.

[Red: Artikel 5.22 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.2 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.22 5.29 Afwijken bouwregels Bouwregels afstand voorkant perceel (afwijken)

Binnen het transitiegebied mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.215.28, de afstand van het hoofdgebouw tot aan de voorste perceelsgrens worden verkleind.

Artikel 5.30 Bouwregels afstand zijkant perceel gebouw

Binnen gebouw bouwen, afstand zijkant perceel 5 m moet op locatie de afstand van het gebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens minimaal 5 m zijn.

Artikel 5.31 Bouwregels afstand zijkant perceel hoofdgebouw

[Red: Artikel 5.24 verplaatst van subparagraaf 5.2.2.2 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.24 5.32 Afwijken bouwregels Bouwregels afstand zijkant perceel (afwijken)

Binnen het transitiegebied mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid en in afwijking van artikel 5.235.30 en 5.31, de afstand van het hoofdgebouw(hoofd)gebouw tot aan de zijdelingse perceelsgrens worden verkleind, mits de verschillende hoofdgebouwen niet aaneen gebouwd zijn.

Artikel 5.33 Bouwregels afstand perceelsgrens gebouw

Binnen gebouw bouwen, afstand perceelsgrens 10 m worden gebouwen op locatie minimaal 10 m vanaf de perceelsgrens gebouwd.

Artikel 5.34 Bouwregels afstand perceelsgrens gebouw (afwijken)

Binnen gebouw bouwen, afwijking afstand perceelsgrens 10 m mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel , op locatie gebouwen op een afstand van minder dan 10 m van de perceelsgrens worden gebouwd.

Artikel 5.35 Bouwregels afwijken bouwvlak gebouw
  • 1.

    Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (1) mogen kassen buiten het bouwvlak worden gebouwd.

  • 2.

    Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (2) mogen kassen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits de maximale oppervlakte aan kassen per bouwperceel 500 m2 is.

  • 3.

    Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (3) mogen veldschuren, schuilgebouwen en kassen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits:

    • a.

      de gezamenlijke oppervlakte van veldschuren en schuilgebouwen per bouwperceel maximaal 100 m2 is; en

    • b.

      de gezamenlijke oppervlakte van kassen per bouwperceel maximaal 500 m2 is.

  • 4.

    Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak (4) mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, veldschuren en schuilgebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits:

    • a.

      de gezamenlijke oppervlakte van deze gebouwen per bedrijf maximaal 100 m2 is; en

    • b.

      de maximale bouwhoogte van deze gebouwen 6 m is.

  • [Red: Lid 5. verplaatst van artikel 5.31 naar artikel 5.35. ]

  • 5.

    Binnen gebouw bouwen, fietsenberging max. 30 m²buiten bouwvlak (5) mag, in afwijking van artikel 5.155.17, op locatie een gebouw buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits:

    • a.

      het een fietsenberging is;

    • b.

      het maximaal één gebouw is; en

    • c.

      de oppervlakte van het gebouw maximaal 30 m2 is.

  • [Red: Lid 3. verplaatst van artikel 5.31 naar artikel 5.35. ]

  • 3 6.

    Binnen gebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen max. 20%(6) mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.155.17, op locatie gebouwen buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits maximaal 20% van de gebouwen buiten het bouwvlak wordt gebouwd.

  • 7.

    Binnen gebouw bouwen, 2,5 m buiten bouwvlak, mits is het, in afwijking van artikel 5.17, mogelijk op locatie dat gebouwen maximaal 2,5 m buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits het gaat om tot gebouwen behorende stoepen, stoeptreden, trappen(huizen), galerijen, hellingbanen, funderingen, balkons, entreeportalen, veranda's of afdaken.

  • [Red: Lid 6. verplaatst van artikel 5.31 naar artikel 5.35. ]

  • 6 8.

    Binnen gebouw bouwen, 2 m buiten bouwvlak mogen, in afwijking van artikel 5.155.17eerste lid en tweede lid onder d, gebouwen maximaal 2 m buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits het gaat om:

    • a.

      plinten, pilasters, kozijnen, gevelversieringen, ventilatiekanalen en schoorstenen;

    • b.

      gevel- en kroonlijsten en overstekende daken; en

    • c.

      balkons.

Artikel 5.36 Bouwregels afwijken bouwvlak hoofdgebouw

    [Red: Lid 1. verplaatst van artikel 5.25 naar artikel 5.36. ]

  • 1.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen (1) mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.155.17gebouwenhoofdgebouwen op locatie buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits:

    • a.

      een hoofdgebouw niet vóór de bestaande voorgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd; en

    • b.

      de uitbreiding niet meer dan 3 m gemeten ten opzichte van de bouwgrens is.

  • [Red: Lid 2. verplaatst van artikel 5.25 naar artikel 5.36. ]

  • 2.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen (2) mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.155.17, gebouwenhoofdgebouwen op locatie gedeeltelijk buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits maximaal 20% van de gebouwenhoofdgebouwen buiten het bouwvlak wordt gebouwd.

  • [Red: Lid 3. verplaatst van artikel 5.25 naar artikel 5.36. ]

  • 3.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen (3) mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.155.17, gebouwenhoofdgebouwen op locatie gedeeltelijk buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits:

    • a.

      maximaal 20% van de gebouwenhoofdgebouwen buiten het bouwvlak wordt gebouwd; en

    • b.

      het bouwvlak niet voorzien is van een maximaal bebouwingspercentage.

  • 4.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (4) mogen, in afwijking van artikel 5.17, hoofdgebouwen op locatie buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits:

    • a.

      de overschrijding van het bouwvlak maximaal 60% van de breedte van het bouwperceel is;

    • b.

      uitsluitend de naar de weg gekeerde zijde van het bouwvlak overschreden wordt;

    • c.

      de overschrijding maximaal 2,5 m diep is; en

    • d.

      het bebouwingspercentage van het bouwperceel vóór de voorgevelrooilijn maximaal 50% is.

  • 5.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (5) mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.17 hoofdgebouwen op locatie gedeeltelijk buiten het bouwvlak worden gebouwd, mits:

    • a.

      de afstand tot de perceelgrens minimaal 1 m is; en

    • b.

      de overschrijding maximaal 15% van de gevelbreedte van het bouwblok betreft. 

Artikel 5.37 Bouwregels bouwhoogte gebouwen (afwijken)
Artikel 5.38 Bouwregels bouwhoogte hoofdgebouwen (afwijken)
Artikel 5.39 Bouwregels bouwhoogte ondergrondse gebouwen

Binnen gebouw bouwen, ondergronds 3 m mogen, voor zover in afdeling 5.2 is bepaald waar het toelaatbaar is om gebouwen te bouwen, de gebouwen ook ondergronds worden gebouwd, mits de bouwhoogte van de gebouwen maximaal 3 m is.

[Red: Artikel 5.36 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.1 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.36 5.40 Bouwregels garageboxgarageboxen
  • 1.

    Binnen gebouw bouwen, garagebox mogen op locatie garageboxen worden gebouwd.

  • 2.

    Binnen gebouw bouwen, garagebox (1) gelden bij het bouwen van een garagebox op locatie de volgende regels:

    • a.

      de maximale bouwhoogte is 3,5 m; en

    • b.

      de maximale oppervlakte is 20 m2.

[Red: Artikel 5.35 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.1 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.35 5.41 Bouwregels gebouwen dierenweiden

Binnen gebouw bouwen, dierenweide gebouwen mogen gebouwen worden gebouwd, mits:

  • a.

    de bouwhoogte maximaal 3,5 m is; en

  • b.

    het gezamenlijk oppervlak van de gebouwen maximaal 150 m² is.

[Red: Artikel 5.37 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.1 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.37 5.42 Bouwregels gebouwen parkeervoorzieningen

[Red: Artikel 5.39 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.1 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.39 5.43 Bouwregels gebouwen passentenhaven

Binnen gebouw bouwen, passantenhaven mag, in afwijking van artikel 5.305.9,  zesde lid, een gebouw worden gebouwd, mits:

  • a.

    er op locatie nooit meer dan één gebouw staat;

  • b.

    een gebouw wordt gebouwd voor de haven;

  • c.

    de oppervlakte maximaal 100 m2 is;

  • d.

    de hoogte maximaal 5 m is; en

  • e.

    het gebouw niet gebouwd worden binnen het beperkingengebied hoogspanningsleidingen.

[Red: Artikel 5.34 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.1 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.34 5.44 Bouwregels gebouwen volkstuinen
  • 1.

    Binnen gebouw bouwen, volkstuin gebouwen (1) gelden de volgende regels:

    • a.

      per volkstuin mag maximaal één gebouw worden gebouwd;

    • b.

      de bouwhoogte van een gebouw is maximaal 3 m; en

    • c.

      de oppervlakte van een gebouw is maximaal 12 m2.

  • 2.

    Binnen gebouw bouwen, volkstuin gebouwen (2) gelden de volgende regels:

    • a.

      voor één gebouw voor gemeenschappelijk gebruik:

      • 1.

        de bouwhoogte van het gebouw is maximaal 4,5 m; en

      • 2.

        de oppervlakte van het gebouw is maximaal 100 m²;

    • b.

      voor gebouwen per volkstuin:

      • 1.

        er mogen maximaal twee gebouwen per volkstuin worden gebouwd;

      • 2.

        de bouwhoogte van de gebouwen is maximaal 2,2 m; en

      • 3.

        de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen is maximaal 11 m².

Artikel 5.45 Bouwregels goothoogte gebouw (afwijken)

Binnen gebouw bouwen, afwijken goothoogte mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van de goothoogte zoals opgenomen in artikel 5.19, op locatie worden afgeweken van de goothoogte.

Artikel 5.46 Bouwregels inhoud gebouw
Artikel 5.47 Bouwregels oppervlak gebouw

[Red: Artikel 5.38 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.1 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.38 5.48 Bouwregels toevoegingen aan gebouwen

[Red: Artikel 5.29 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.1 naar paragraaf 5.2.2. ]

Artikel 5.29 5.49 Bouwregel Bouwregels type gebouw
  • 1.

    Binnen gebouw bouwen, woongebouw moet op locatie een gebouw gebouwd worden als woongebouw.

    Binnen gebouw bouwen, beheer en onderhoud, landgoed mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, gebouwen worden gebouwd voor beheer en onderhoud van bos en groenvoorzieningen, mits:

    • a.

      de oppervlakte per gebouw maximaal 20 m² is;

    • b.

      de gezamenlijke oppervlakte van gebouwen maximaal 80 m² is; en

    • c.

      de bouwhoogte niet meer dan 4 m is.

  • 2.

    Binnen gebouw bouwen, beheersgebouw (1) mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een beheersgebouw worden gebouwd op het strand, mits:

    • a.

      er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de belangen van en de veiligheidssituatie rond de waterkering;

    • b.

      er schriftelijk advies is ingewonnen bij de waterbeheerder;

    • c.

      de oppervlakte van het beheersgebouw maximaal 200 m2 is; en

    • d.

      de bouwhoogte van het beheersgebouw maximaal 4,5 m is.

  • 3.

    Binnen gebouw bouwen, beheersgebouw (2) mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een beheersgebouw worden gebouwd op het strand, mits:

    • a.

      de oppervlakte van het beheersgebouw maximaal 300 m2 is; en

    • b.

      de bouwhoogte van het beheersgebouw maximaal 4,5 m is.

  • 4.

    Binnen gebouw bouwen, bergingen mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, bergingen worden gebouwd, mits er geen aantasting plaatsvindt van de landschaps- en natuurwaarden.

  • 5.

    Binnen gebouw bouwen, entreegebouw mag een entreegebouw worden gebouwd, mits:

    • a.

      de oppervlakte van het entreegebouw maximaal 50 m2 is; en

    • b.

      de bouwhoogte van het entreegebouw maximaal 5 m is.

  • 6.

    Binnen gebouw bouwen, golfbaan mogen op locatie maximaal 5 verenigingsgebouwen, zoals kantines en kleedruimtes worden gebouwd, mits:

    • a.

      de bouwhoogte van een gebouw maximaal 6 m is; en 

    • b.

      de oppervlakte van een gebouw maximaal 200 m2 is.

  • 7.

    Binnen gebouw bouwen, openbaar toiletgebouw mogen toiletgebouwen worden gebouwd op het strand, mits:

    • a.

      er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de belangen van en de veiligheidssituatie rond de waterkering;

    • b.

      er schriftelijk advies is ingewonnen bij de waterbeheerder;

    • c.

      de oppervlakte van de toiletgebouwen maximaal 20 m2 is; en

    • d.

      de bouwhoogte van de toiletgebouwen maximaal 3 m is.

  • 8.

    Binnen gebouw bouwen, nutsvoorziening mogen alleen gebouwen worden gebouwd voor nutsvoorzieningen.

  • 9.

    Binnen gebouw bouwen, onderhoudsgebouw mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, drie onderhoudsgebouwen worden gebouwd, mits:

    • a.

      de oppervlakte van een onderhoudsgebouw maximaal 500 m2 is; en

    • b.

      de bouwhoogte van een onderhoudsgebouw maximaal 8 m is.

  • 10.

    Binnen gebouw bouwen, recreatie/onderhoudsgebouw (1) mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, gebouwen worden gebouwd, mits:

    • a.

      er maximaal 10 gebouwen worden gebouwd voor recreatieve voorzieningen of onderhoud;

    • b.

      per object de oppervlakte van een bouwperceel maximaal 1.000 m2 is;

    • c.

      de oppervlakte van gebouwen per bouwperceel maximaal 200 m2 is; en

    • d.

      de goothoogte van gebouwen maximaal 3 m is.

  • 11.

    Binnen gebouw bouwen, recreatie/onderhoudsgebouw (2) mogen gebouwen worden gebouwd, mits:

    • a.

      er maximaal 10 gebouwen worden gebouwd voor recreatieve voorzieningen of onderhoud;

    • b.

      per object de oppervlakte van een bouwperceel maximaal 1.000 m² is;

    • c.

      de oppervlakte van gebouwen per bouwperceel maximaal 200 m² is; en

    • d.

      de goothoogte van gebouwen maximaal 6 m is.

  • 12.

    Binnen gebouw bouwen, sanitair mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, sanitaire voorzieningen worden gebouwd, mits:

    • a.

      de oppervlakte van de sanitaire voorzieningen per bedrijf maximaal 100 m2 is; en

    • b.

      de bouwhoogte van de sanitaire voorzieningen maximaal 5 m is.

  • 13.

    Binnen gebouw bouwen, sanitair en onderhoud mogen gebouwen worden gebouwd voor sanitaire voorzieningen en onderhoud en beheer, mits:

    • a.

      de gezamenlijke oppervlakte van de gebouwen maximaal 50 m2 is; en

    • b.

      de bouwhoogte van de gebouwen maximaal 3 m is.

  • [Red: Lid 2. verplaatst van artikel 5.33 naar artikel 5.29. ]

  • 2 14.

    Binnen gebouw bouwen, sanitair, onderhoud en beheer mogen uitsluitend gebouwen worden gebouwd voor onderhoud en beheer en sanitaire voorzieningen voor het gebruik op locatie.

  • 15.

    Binnen gebouw bouwen, sluis mogen uitsluitend gebouwen worden gebouwd voor de sluis en de waterkering.

  • [Red: Lid 1. verplaatst van artikel 5.33 naar artikel 5.29. ]

  • 1 16.

    Binnen gebouw bouwen, sluisgebouw mogen uitsluitend gebouwen worden gebouwd voor de waterhuishouding.

  • 17.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, woonhuis moet een hoofdgebouw gebouwd worden als woonhuis.

Artikel 5.50 Bouwregels vormgeving hoofdgebouw
Artikel 5.51 Bouwregels vormgeving hoofdgebouw (afwijken)
Artikel 5.52 Bouwregels woning en bedrijfsbebouwing
Artikel 5.53 Bouwregels woningtypen
  • 1.

    Binnen gebouw bouwen, rijwoning mag een gebouw als rijwoning worden gebouwd. 

  • 2.

    Binnen gebouw bouwen, twee-onder-één-kap mag een gebouw als twee-onder-een-kapwoning worden gebouwd.

  • 3.

    Binnen gebouw bouwen, twee-onder-een-kapwoning vergunningplicht mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van het vierde lid, een gebouw op locatie als twee-onder-een-kapwoning worden gebouwd.

  • 4.

    Binnen gebouw bouwen, vrijstaande woning mag een gebouw vrijstaand worden gebouwd.

  • 5.

    Binnen gebouw bouwen, vrijstaande woning vergunningplicht mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van het tweede lid een gebouw op locatie als vrijstaande woning worden gebouwd.

  • 6.

    Binnen gebouw bouwen, waterwoning (1) mogen waterwoningen worden gebouwd, mits:

    • a.

      de inhoud van een waterwoning maximaal 750 m3 is;

    • b.

      een zone van 50 m wordt aangehouden waarbinnen beide oevers onbebouwd blijven, als opeenvolgende woningen aan verschillende oevers van dezelfde vaart worden gebouwd;

    • c.

      een waterwoning maximaal 35% van de totale breedte van de betreffende vaart is.

  • 7.

    Binnen gebouw bouwen, waterwoning (2) mogen waterwoningen worden gebouwd, mits:

    • a.

      de onderlinge afstand tussen woningen minimaal 10 m is;

    • b.

      de inhoud van een woning maximaal 750 m3 is;

    • c.

      de bouwhoogte van een woning maximaal 1,5 m + NAP is;

    • d.

      de onderzijde van drijvende woningen zich op maximaal 6,7 m - NAP bevindt;

    • e.

      de onderkant van paalwoningen zich op minimaal 4,5 m - NAP en maximaal op 5,5 m - NAP bevindt.

  • 8.

    Binnen gebouw bouwen, waterwoning (3) mogen waterwoningen worden gebouwd, mits:

    • a.

      de inhoud van een woning maximaal 650 m3 is; en

    • b.

      de onderlinge afstand tussen woningen maximaal 5,6 m is.

  • 9.

    Binnen gebouw bouwen, wonen - wooncentrum mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een gebouw worden gebouwd als wooncentrum, mits:

    • a.

      er maximaal 3 wooneenheden worden gerealiseerd;

    • b.

      de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde maximaal 3 m is; en

    • c.

      de bouwhoogte van erf- en perceelafscheidingen vóór de naar de weg gekeerde gevel(s) van het (hoofd)gebouw of het verlengde daarvan maximaal 1 m is.

  • 10.

    Binnen gebouw bouwen, woongebouw moet op locatie een gebouw worden gebouwd als woongebouw.

Artikel 5.54 Bouwregels per woningtype
  • 1.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (1) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 1.

    Tabel 1: Bouwregels hoofdgebouwen 1

    Woningtype

    Afstand hoofdgebouw tot voorste perceelsgrens

    Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens

    Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

    Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel

    Maximaal aantal woningen per gebouweenheid

    Rijwoning

    minimaal 2,5 m

    hoekwoning die grenst aan openbaar gebied: minimaal 3 m;

    hoekwoning die niet grenst aan openbaar gebied: minimaal 1,5 m

    minimaal 7 m

    40%

    6

    Twee-onder-één-kap

    minimaal 4 m

    minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    30%

    2

    Vrijstaand

    minimaal 4 m

    minimaal 3 m aan beide zijden

    minimaal 7 m

    30%

    1

  • 2.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (2) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 2.

    Tabel 2: Bouwregels hoofdgebouwen 2

    Woningtype

    Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens

    Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

    Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel

    Maximaal aantal woningen per gebouweenheid

    Rijwoning

    hoekwoning: minimaal 1 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    40%

    8

    Twee-onder-één-kap

    minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    30%

    2

    Vrijstaand

    minimaal 3 m aan beide zijden

    minimaal 7 m

    30%

    1

  • 3.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (3) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 3.

    Tabel 3: Bouwregels hoofdgebouwen 3

    Woningtype

    Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens

    Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

    Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel

    Maximaal aantal woningen per gebouweenheid

    Twee-onder-één-kap

    minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    30%

    2

    Vrijstaand

    minimaal 3 m aan beide zijden

    minimaal 7 m

    30%

    1

  • 4.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (4) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 4.

    Tabel 4: Bouwregels hoofdgebouwen 4

    Woningtype

    Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens

    Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

    Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel

    Maximaal aantal woningen per gebouweenheid

    Rijwoning

    Hoekwoning: minimaal 1,5 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    40%

    Geen maximum

    Twee-onder-één-kap

    minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    30%

    2

    Vrijstaand

    minimaal 3 m aan beide zijden

    minimaal 7 m

    30%

    1

  • 5.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (5) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 5.

    Tabel 5: Bouwregels hoofdgebouwen 5

    Woningtype

    Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens

    Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

    Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel

    Maximaal aantal woningen per gebouweenheid

    Rijwoning

    Hoekwoning: minimaal 1,5 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    40%

    8

    Twee-onder-één-kap

    minimaal 3 m aan één zijde en 0 m aan de andere zijde

    minimaal 7 m

    30%

    2

    Vrijstaand

    minimaal 3 m aan beide zijden

    minimaal 7 m

    30%

    1

    Tiny house

    minimaal 2 m aan beide zijden

    minimaal 4 m

    30%

    1

  • 6.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (6) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 6.

    Tabel 6: Bouwregels hoofdgebouwen 6

    Locatie

    Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens

    Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

    Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel

    woningtype 1

    minimaal 0 m

    minimaal 0 m

    maximaal 75%

    vervallen

    vervallen

    vervallen

    vervallen

    woningtype 3

    minimaal 0 m

    minimaal 0 m

    maximaal 60%

    woningtype 4

    Twee-onder-één-kap: minimaal 3 m aan één zijde

    Vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden

    minimaal 0 m

    maximaal 30%

    woningtype 5

    minimaal 0 m

    minimaal 6 m

    maximaal 45%

    woningtype 6

    Twee-onder-één-kap: minimaal 3 m aan één zijde

    Vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden

    minimaal 7 m

    maximaal 30%

  • 7.

    Binnen hoofdgebouw bouwen, bouwregels (7) gelden voor het bouwen van een hoofdgebouw de regels als opgenomen in Tabel 7.

    Tabel 7: Bouwregels hoofdgebouwen 2

    Woningtype

    Afstand hoofdgebouw tot achterste perceelsgrens

    Bebouwingspercentage hoofdgebouw ten opzichte van het bouwperceel

    Afstand hoofdgebouw tot zijdelingse perceelsgrens

    woningtype 5a

    minimaal 7 m

    40%

    0 m

    woningtype 6a

    minimaal 7 m

    30%

    Twee-onder-één-kap: minimaal 3 m aan één zijde

    Vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden

Artikel 5.55 Bouwregels per woningtype (afwijken)
Paragraaf 5.2.3 Recreatief nachtverblijf bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.56 Bouwregels recreatief nachtverblijf
  • 1.

    Binnen recreatief nachtverblijf bouwen, gebouwen kampeerterrein mogen gebouwen worden gebouwd voor: 

    • a.

      sanitaire voorzieningen en onderhoud en beheer, mits:

      • 1.

        de gezamenlijke maximale oppervlakte van de gebouwen 150 m2 is; en

      • 2.

        de bouwhoogte van de gebouwen maximaal 5 m is;

    • b.

      trekkershutten, mits:

      • 1.

        er niet meer dan 10 trekkershutten worden gebouwd;

      • 2.

        de maximale oppervlakte van een trekkershut 30 m2 is; en

      • 3.

        de maximale bouwhoogte van een trekkershut 5 m is; of

    • c.

      stacaravans, mits:

      • 1.

        de maximale oppervlakte van stacaravans, inclusief aan- en uitbouwen, 50 m2 is; en

      • 2.

        de maximale gezamenlijke oppervlakte van stacaravans 325 m2 is.

  • 2.

    Binnen recreatief nachtverblijf bouwen, recreatiewoning is het toegestaan maximaal 14 recreatiewoningen te bouwen op een kampeerterrein.

Paragraaf 5.2.4 Uit te werken locaties

[Red: Artikel 5.41 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.2 naar paragraaf 5.2.4. ]

Artikel 5.41 5.57 Beoordelingsregels bouw woongebied
  • 1.

    Binnen woonhuis bouwen, beoordelingsregels 1 wordt, in afwijking van art. 5.5eerste lid en artikel 22.31, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      de stedenbouwkundige structuur van deze locatie zoveel mogelijk aansluit bij de omgeving, waarbij de bestaande groenstructuur aan de water- en straatzijde behouden moet blijven;

    • b.

      het aantal geschakelde woningen overeenkomt met het maximaal gestelde aantal in art. 4.494.82;

    • c.

      de bouwhoogte van de woonhuizen overeenkomt met de maximaal gestelde hoogte in art. 5.165.18;

    • d.

      het parkeren plaatsvindt op eigen erf; en

    • e.

      een motivering wordt gegeven die voldoet aan het bepaalde in art. 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving. 

  • 2.

    Binnen woonhuis bouwen, beoordelingsregels 2 wordt, in afwijking van art. 5.5eerste lid en artikel 22.31 een omgevingsvergunning alleen verleend als:

    • a.

      de stedenbouwkundige structuur van deze locatie zoveel mogelijk aansluit bij de omgeving, waarbij de bestaande groenstructuur aan de water- en straatzijde behouden moet blijven;

    • b.

      het aantal woningen op vrije kavels overeenkomt met het maximaal gestelde aantal in art. 4.494.82;

    • c.

      de bouwhoogte van de woonhuizen overeenkomt met de maximaal gestelde hoogte in art. 5.165.18; en

    • d.

      het parkeren plaatsvindt op eigen erf.

[Red: Artikel 5.40 verplaatst van subsubparagraaf 5.2.2.3.2 naar paragraaf 5.2.4. ]

Artikel 5.40 5.58 Beoordelingsregels bouw woongebouw

Binnen woongebouw bouwen, beoordelingsregels 1 wordt, in afwijking van art. 5.5eerste lid en artikel 22.31, een omgevingsvergunning alleen verleend als:

  • a.

    de stedenbouwkundige structuur van deze locatie zoveel mogelijk aansluit bij de omgeving, waarbij de bestaande groenstructuur aan de water- en straatzijde behouden moet blijven;

  • b.

    het aantal woningen overeenkomt met het maximaal gestelde aantal in art. 4.494.82;

  • c.

    de bouw gaat om:

    • 1.

      één appartemententoren in 4 bouwlagen waarvan een bouwlaag met sociale voorzieningen op één locatie; of

    • 2.

      een appartemententoren in 4 bouwlagen op één locatie en de sociale voorzieningen in één bouwlaag op de andere locatie; 

  • d.

    de bouwhoogte van de gebouwen overeenkomt met de maximaal gestelde hoogte in art. 5.165.18;

  • e.

    het parkeren plaatsvindt op eigen erf; en

  • f.

    een motivering wordt gegeven die voldoet aan het bepaalde in art. 5.129g Besluit kwaliteit leefomgeving. 

Afdeling 5.3 Bouwwerk veranderen

Paragraaf 5.3.1 Dakkapel bouwen
Artikel 5.59 Bouwregels dakkapel bouwen
  • 1.

    Binnen dakkapel bouwen mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een dakkapel worden gebouwd, mits: 

    • a.

      de breedte van de dakkapel maximaal 30% van de woning is; en

    • b.

      de dakkapel maximaal 2 m is, gemeten vanaf voet dakkapel tot bovenzijde boeiboord.

  • 2.

    Binnen dakkapel bouwen, zadeldak mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een dakkapel worden gebouwd, mits: 

    • a.

      de dakkapel wordt afgedekt met een zadeldak voorzien van dakoverstek; 

    • b.

      de hoogte van de dakkapel maximaal 60% van de in het verticale vlak geprojecteerde hoogte is tot maximaal 2,5 m, gemeten vanaf de nok van het zadeldak van de dakkapel tot aan de dakvoet; en

    • c.

      de breedte van de dakkapel maximaal 30% van de breedte van het dakvlak is tot maximaal 2,4 m, gemeten tussen de woningscheidende bouwmuren of eindgevels, gemeten aan de onderzijde/dakvoet van de dakkapel.

Paragraaf 5.3.2 Dakopbouw bouwen

[Red: Artikel 5.45 verplaatst van subparagraaf 5.3.2.2 naar paragraaf 5.3.2. ]

Artikel 5.45 5.60 Locatie gebonden bepalingen Bouwregels dakopbouw bouwen
  • 1.

    Binnen dakopbouw bouwen mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een dakopbouw worden gebouwd, mits:

    • a.

      de breedte van de verhoging van de goot maximaal 30% van de woning is; en

    • b.

      de verhoging van de goot maximaal 2 m is, gemeten vanaf voet dakopbouw tot bovenzijde boeiboord.

  • 2.

    Binnen dakopbouw bouwen, afwijken bouwhoogtemax. 11 m mag, in afwijking van artikel 5.165.18, de bouwhoogte van een hoofdgebouw, over de volledige breedte van het hoofdgebouw, maximaal 11 m zijn.

  • 3.

    Binnen dakopbouw bouwen, max. 15 m mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van artikel 5.18, de maximale bouwhoogte van een gebouw 15 m zijn, mits dit over maximaal 50% van de oppervlakte van het gebouw is.

Paragraaf 5.3.3 Dakraam, daklicht, lichtstraat of soortgelijke daglichtvoorziening bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.61 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.3.4 Kozijn, kozijninvulling, gevelpaneel of boeideel, of stucwerk bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.62 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.3.5 Woonruimte toevoegen
Artikel 5.63 Verbod woningsplitsing

Binnen het transitiegebied is woningsplitsing verboden.

Paragraaf 5.3.6 Zonnepaneel of zonnecollector bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.64 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.3.7 Zonwering, rolhek, leuk of rolluik bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.65 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 5.4 Bijbehorend bouwwerk bouwen

[Red: Paragraaf 5.4.1 verplaatst van afdeling 5.4 naar afdeling 5.4. ]

Paragraaf 5.4.1 Algemene bepalingen
Artikel 5.51 5.66 Toepassingsbereik

Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van aan- of uitbouwen of bijgebouwen bij een woonhuis.

Artikel 5.67 Algemene bouwregels
  • 1.

    Tenzij in paragraaf 5.4.2 anders is bepaald, moeten bijbehorende bouwwerken binnen het transitiegebied voldoen aan de volgende eisen:

    • a.

      een bijbehorend bouwwerk heeft een bouwhoogte van maximaal 5 m; 

    • b.

      een bijbehorend bouwwerk heeft een goothoogte van maximaal 3 m;

    • c.

      een bijbehorend bouwwerk wordt niet voorzien van een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte;

    • d.

      de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per hoofdgebouw:

      • 1.

        maximaal 50 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel 500 m2 of minder is; of

      • 2.

        maximaal 10% van de oppervlakte van het bouwperceel tot maximaal 100 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel meer dan 500 m2 is; en

    • e.

      een aan-, uit-, of aangebouwd bijgebouw dat gesitueerd wordt aan de zijgevel van het hoofdgebouw, heeft een hoogte van maximaal 1 m minder dan de hoogte van het hoofdgebouw;

    • f.

      de diepte van aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen aan de achtergevel van het hoofdgebouw is maximaal 4 m; en

    • g.

      Voor zover een aan-, uit-, of aangebouwd bijgebouw gelegen in het achtererfgebied op een afstand van maximaal 4 m van het oorspronkelijke hoofdgebouw wordt gesitueerd:

      • 1.

        wordt het gebouwd met een plat dak, tenzij deze tegen de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd; en

      • 2.

        is de bouwhoogte niet hoger dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw met een maximale hoogte zoals opgenomen in sub a;  of

    • h.

      voor zover een bijbehorend bouwwerk in het voorerfgebied is gelegen:

      • 1.

        wordt het gebouwd met een plat dak, tenzij deze tegen de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd;

      • 2.

        is het niet hoger dan 0,3 m boven de bovenzijde van de afgewerkte vloer van de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw;

      • 3.

        is het niet breder dan de helft van de voorgevel van het hoofdgebouw wanneer het bouwwerk aan de voorgevel wordt gesitueerd; en

      • 4.

        is het bebouwingspercentage van het voorerfgebied niet meer dan 50%.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid, onder d, en met toepassing van artikel 5.5tweede lid, mag binnen het transitiegebied de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw worden vergroot tot maximaal 80 m², mits:

    • a.

      dit uitsluitend wordt toegepast voor de huisvesting van (een) mindervalide(n); en

    • b.

      de noodzaak voor het treffen van bijzondere voorzieningen wordt aangetoond.

  • 3.

    Met toepassing van artikel 5.5tweede lid, kan worden afgeweken van het eerste lid en paragraaf 5.4.2.

Paragraaf 5.4.2 Locatiegebonden bepalingen
Artikel 5.68 Bouwregels plaatsing bijbehorende bouwwerken

    [Red: Lid 2. verplaatst van artikel 5.54 naar artikel 5.68. ]

  • 2 1.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, 1 m naar openbaar gebied, achtererf is het verboden aan- of uitbouwen en bijgebouwen in het achtererfgebied binnen 1 m van de zijdelingse perceelgrens te bouwen, als deze grenst aan openbaar toegankelijk gebied.

  • [Red: Lid 3. verplaatst van artikel 5.54 naar artikel 5.68. ]

  • 3 2.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, 2 m naar openbaar gebied, voorerf is het verboden aan- of uitbouwen en bijgebouwen in het voorerfgebied binnen 2 m van de zijdelingse perceelgrens te bouwen, als deze grenst aan openbaar toegankelijk gebied.

  • 3.

    Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, achtererf moeten bijbehorende bouwwerken 1 m achter de voorgevel of het verlengde daarvan worden gebouwd. 

  • 4.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, in zijdelingse perceelsgrens, achter stallingsgarage mag een bijbehorend bouwwerk in de zijdelingse perceelsgrens worden gebouwd, mits deze achter een stallingsgarage wordt gebouwd.

  • 5.

    Binnen bijgebouw achtererf mogen bijgebouwen uitsluitend in het achtererfgebied worden gebouwd.

  • 6.

    Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, voorerf mogen bijbehorende bouwwerken in het voorerfgebied worden gebouwd, mits: 

    • a.

      in de bestaande situatie een bijbehorend bouwwerk minder dan 1 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw is gesitueerd, in welk geval de bestaande situatie geldt; 

    • b.

      in de bestaande situatie een bijbehorend bouwwerk vóór de voorgevel van het hoofdgebouw is gesitueerd, in welk geval de bijbehorende bouwwerken uitsluitend over de halve aaneengesloten breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw mogen worden gebouwd.

  • 7.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, voorerf 2 mag een aan- of uitbouw in het voorerfgebied worden gebouwd, mits:

    • a.

      de aan- of uitbouw tussen de zijgevels van het hoofdgebouw wordt gebouwd;

    • b.

      de diepte van de aan- of uitbouw maximaal 2 m is; en

    • c.

      de bebouwing nooit meer dan de halve aaneengesloten breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw betreft.

  • 8.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, voorerf 3 mag een bijbehorend bouwwerk in het voorerfgebied worden gebouwd, mits:

    • a.

      het aantal bouwlagen maximaal 1 is;

    • b.

      de afstand van het bijbehorend bouwwerk tot openbaar gebied minimaal 2,5 m is; en

    • c.

      de bebouwing nooit meer dan de halve aaneengesloten breedte van de voorgevel van het hoofdgebouw betreft.

  • [Red: Lid 1. verplaatst van artikel 5.54 naar artikel 5.68. ]

  • 1 9.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, voorerf 4 mogen aan- of uitbouwen en bijgebouwen, in het voorerfgebied worden gebouwd in lijn met de eisen opgenomen inaanvulling op artikel 5.525.67eerste lid, sub gh, aan- of uitbouwen en bijgebouwen in het voorerfgebied worden gebouwd, mits er in de bestaande situatie al een aan- of uitbouw of bijgebouw vóór de voorgevel van het hoofdgebouw is gesitueerd.

  • 10.

    Binnen aanbouw zijgevel mogen aanbouwen aan de zijgevel van een eindwoning worden gebouwd, mits:

    • a.

      de diepte van de aanbouw maximaal 3,5 m is;

    • b.

      de afstand tot de grens van het openbaar gebied, gemeten vanaf de voorgevel van de aanbouw, minimaal 6 m is; en

    • c.

      in het verlengde van de aanbouw een opstelplaats voor een motorvoertuig aanwezig of geprojecteerd is.

  • 11.

    Binnen aanbouw, in achterste perceelsgrens mogen aan- en uitbouwen in de achterste perceelsgrens worden gebouwd.

  • 12.

    Binnen aanbouw, afstand achterkant perceel 6 m is het verboden in het achtererfgebied aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen binnen 6 m van de achterste perceelgrens te bouwen.

  • 13.

    Binnen aanbouw, afstand achterkant perceel 7 m is het verboden in het achtererfgebied aan- en uitbouwen en aangebouwde bijgebouwen binnen 7 m van de achterste perceelgrens te bouwen.

  • 14.

    Binnen aanbouw, 3 m naar zijkant perceel, zijgevel is het verboden aan- en uitbouwen aan de zijgevel van het hoofdgebouw binnen 3 m van de zijdelingse perceelsgrens te bouwen.

  • 15.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, max. 1 mag per hoofdgebouw maximaal 1 bijgebouw worden gebouwd.

  • 16.

    Binnen bijgebouw, niet op steigers of vlonders is het verboden om bijgebouwen op steigers en vlonders te bouwen.

Artikel 5.69 Bouwregels plaatsing bijbehorende bouwwerken per woningtype

Binnen bouwregels aanbouwen per woningtype gelden voor het bouwen van aan- en uitbouwen de regels als opgenomen in Tabel 1.

Tabel 1: Bouwregels aanbouwen 1

Locatie

Afstand aanbouw tot zijdelingse perceelsgrens

Afstand aanbouw tot achterste perceelsgrens

Afstand stallingsgarage tot voorste perceelsgrens

woningtype 1

0 m

0 m

minimaal 6 m

vervallen

vervallen

vervallen

vervallen

woningtype 3

0 m

0 m

minimaal 6 m

woningtype 4

Bij een twee-onder-één-kapwoning: minimaal 3 m aan één zijde

Bij een vrijstaande woning: minimaal 3 m aan beide zijden

0 m

minimaal 6 m

woningtype 5

0 m

minimaal 6 m

minimaal 6 m

woningtype 5a

0 m

minimaal 7 m

minimaal 6 m

woningtype 6 en woningtype 6a

Bij een twee-onder-één-kapwoning: 3 m aan één zijde

Bij een vrijstaande woning: 3 m aan beide zijden

minimaal 7 m

minimaal 11 m

[Red: Artikel 5.53 verplaatst van paragraaf 5.4.2 naar paragraaf 5.4.2. ]

Artikel 5.53 5.70 Oppervlakte Bouwregels oppervlakte bijbehorende bouwwerken
Artikel 5.71 Bouwregels bouwhoogte bijbehorende bouwwerken
Artikel 5.72 Bouwregels bouwvlak bijbehorende bouwwerken

Binnen bijbehorende bouwwerk bouwen, binnen bouwvlak tenzij mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, bijbehorende bouwwerken worden gebouwd, mits:

  • a.

    de oppervlakte maximaal 50 m2 is;

  • b.

    de bouwhoogte maximaal 4 m is.

Artikel 5.73 Bouwregels bijgebouwen buiten bouwvlak

Binnen bijgebouw bouwen, buiten bouwvlak mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, bijgebouwen bij woningen buiten bouwvlakken worden gebouwd, mits:

Artikel 5.74 Bouwregels diepte bijbehorende bouwwerken
  • 1.

    Binnen aanbouw bouwen, diepte 5 m mogen aan- of uitbouwen achter de achtergevel van het hoofdgebouw maximaal 5 m diep zijn.

  • [Red: Lid 7. verplaatst van artikel 5.55 naar artikel 5.74. ]

  • 7 2.

    Binnen aanbouw, diepte 4 m achter bouwvlak mag de diepte van aan- of uitbouwen maximaal 4 m achter de achterste zijde van het bouwvlak, zoals opgenomen in artikel 5.155.17eerste lid, zijn.

Artikel 5.75 Bouwregels goothoogte bijbehorende bouwwerken
Artikel 5.76 Bouwregels vormgeving bijbehorende bouwwerken
  • 1.

    Binnen bijbehorend bouwwerk, max. 1 bouwlaag wordt een bijbehorend bouwwerk met maximaal 1 bouwlaag gebouwd.

  • 2.

    Binnen aanbouw, 1 bouwlaag mag de goothoogte en de bouwhoogte van aanbouwen maximaal de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van de woning zijn.

  • 3.

    Binnen bijbehorend bouwwerk bouwen, plat dak, tenzij moeten bijbehorende bouwwerken met een plat dak worden gebouwd, tenzij: 

    • a.

      het bouwwerk aan de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd;

    • b.

      het bouwwerk een maximale bouwhoogte van 5 m heeft; en

    • c.

      het bouwwerk 1 m lager dan het hoofdgebouw is.

  • [Red: Lid 1. verplaatst van artikel 5.55 naar artikel 5.76. ]

  • 1 4.

    Binnen aanbouwbijbehorend bouwwerk, plat dak moeten aan- of uitbouwen en bijgebouwenbijbehorende bouwwerken gebouwd worden met een plat dak.

  • [Red: Lid 2. verplaatst van artikel 5.55 naar artikel 5.76. ]

  • 2 5.

    Binnen aanbouwbijbehorend bouwwerk, plat dak, voorerf moeten aan- of uitbouwen en bijgebouwenbijbehorende bouwwerken in het voorerfgebied gebouwd worden met een plat dak.

  • [Red: Lid 3. verplaatst van artikel 5.55 naar artikel 5.76. ]

  • 3 6.

    Binnen aanbouwbijbehorend bouwwerk, plat dak, tenzij 1 moeten bijbehorende bouwwerken in het voorerfgebied aan- of uitbouwen en bijgebouwen gebouwd worden met een plat dak, tenzij; 

    • a.

      het bouwwerk aan de zijgevel van een hoofdgebouw wordt gebouwd; en

    • b.

      het bouwwerk een maximale bouwhoogte van 5 m heeft.

[Red: Artikel 5.56 verplaatst van paragraaf 5.4.2 naar paragraaf 5.4.2. ]

Artikel 5.56 5.77 Bouwregels carport bouwen
  • 1.

    Binnen carport bouwen gelden voor het bouwen van een carport de volgende regels:

    Binnen carport bouwen mag een carport worden gebouwd, mits:

    • a.

      er wordt maximaal één carport per perceel wordt gebouwd;

    • b.

      de maximale bouwhoogte van een carport is  carport 3 m is; en

    • c.

      de maximale oppervlakte van een carport is  carport 25 m2 is.

  • 2.

    Binnen carport bouwen, voor voorgevelrooilijn gelden, in aanvulling op het eerste lid, voor het bouwen van een carport vóór de voorgevelrooilijn de volgende regels:

    • a.

      in de bestaande situatie is een bijbehorend bouwwerk voor de voorgevel van het hoofdgebouw gesitueerd;

    • b.

      de carport wordt gebouwd vóór een garage; of

    • c.

      de carport wordt gebouwd zonder toevoeging van wanden.

  • 2.

    Binnen carport bouwen, voorerf mag een carport vóór de voorgevelrooilijn worden gebouwd, mits in aanvulling op het eerste lid:

    • a.

      in de bestaande situatie een bijbehorend bouwwerk vóór de voorgevel van het hoofdgebouw gesitueerd is;

    • b.

      de carport vóór een garage wordt gebouwd; en

    • c.

      de carportwordt gebouwd zonder toevoeging van wanden.

  • 3.

    Binnen carport bouwen, voorerf 2 gelden, in aanvulling op het eerste lid, voor het bouwen van een carport in het voorerfgebied de volgende regels:

    • a.

      de afstand van de carport tot de voorste perceelsgrens is minimaal 1,5 m;

    • b.

      de carport wordt gebouwd vóór een garage; en

    • c.

      de carport wordt gebouwd zonder toevoeging van wanden.

  • 3 4.

    Met toepassing van artikel 5.5tweede lid, mag worden afgeweken van het eerste, tweede en tweedederde lid.

  • 4 5.

    Met toepassing van artikel 5.5tweede lid, mag binnen carport bouwen, vergunningplicht een carport worden gebouwd.

Artikel 5.78 Bouwregels stallingsgarage

Binnen stallingsgarage mogen stallingsgarages worden gebouwd, mits:

  • a.

    de stallingsgarages aan één zijde van het hoofdgebouw worden gebouwd;

  • b.

    de stallingsgarages minimaal 3 m achter de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd; en

  • c.

    de stallingsgarages in de zijdelingse perceelsgrens worden gebouwd.

Artikel 5.79 Bouwregels overkapping
  • 1.

    Binnen overkapping 1 mogen overkappingen worden gebouwd, mits:

    • a.

      de oppervlakte van de overkappingen maximaal 25 m2 is;

    • b.

      de bouwhoogte van de overkappingen maximaal 3,5 m is; en

    • c.

      de overkappingen plat worden afgedekt.

  • 2.

    Binnen overkapping 2 mogen overkappingen vóór de voorgevel van het hoofdgebouw worden gebouwd, mits:

    • a.

      de diepte van de overkappingen maximaal 2,5 m is;

    • b.

      de bouwhoogte van de overkappingen maximaal de bouwhoogte van de eerste bouwlaag van het hoofdgebouw is, vermeerderd met 0,3 m; en

    • c.

      de overkappingen beschikken over een hellend dakvlak.

  • 3.

    Binnen overkapping 3 mogen overkappingen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 4 m.

  • 4.

    Binnen overkapping 4 gelden voor het bouwen van overkappingen de volgende regels:

    • a.

      het gaat om een open constructie, als de overkapping voor de voorgevelrooilijn wordt gebouwd; of

    • b.

      de overkapping maximaal 3 wanden heeft, waarvan er maximaal 2 tot de constructie behoren, als de overkapping achter de voorgevelrooilijn wordt gebouwd.

Afdeling 5.5 Bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen

Paragraaf 5.5.1 Algemene regels over bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwen
Subparagraaf 5.5.1.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 5.57 verplaatst van subparagraaf 5.5.1.1 naar subparagraaf 5.5.1.1. ]

Artikel 5.57 5.80 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van bouwwerken, geen gebouw zijnde.

  • 2.

    Onder bouwwerken, geen gebouw zijnde, vallen onder andere de volgende activiteiten:

    • a.

      afscheiding tussen balkons of dakterrassen bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • b.

      antenne-installatie bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • c.

      bouwwerk voor agrarische bedrijfsvoering bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • d.

      buisleiding bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • e.

      constructie voor overbruggen van terreinhoogteverschil bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • f.

      erf- of perceelafscheiding bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • g.

      vlaggenmast bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • h.

      sport- of speeltoestel bouwen, in stand houden of gebruiken;

    • i.

      tuinmeubilair bouwen, in stand houden of gebruiken; en

    • j.

      zwembad, bubbelbad of soortgelijke voorziening of vijver bouwen, in stand houden of gebruiken.

Artikel 5.81 Algemene bouwregels

    [Red: Lid 1. ongewijzigd verplaatst van artikel 5.58 naar artikel 5.81. ]

  • 1.

    Binnen het transitiegebied mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 5 m, tenzij:

    • a.

      het een bouwwerk, geen gebouw zijnde, is zoals opgenomen in paragraaf 5.5.65.5.7 of 5.5.8;

    • b.

      voor een specifieke activiteit op locatie een andere bouwhoogte is opgenomen; of

    • c.

      in subparagraaf 5.5.1.2 een andere bouwhoogte is opgenomen en sub a. en b. niet van toepassing zijn.

  • 2.

    Binnen het transitiegebied mogen bouwwerken, geen gebouw zijnde, worden gebouwd met een maximale oppervlakte van 2 m2 per bouwperceel.

  • [Red: Lid 4. verplaatst van artikel 5.58 naar artikel 5.81. ]

  • 4 3.

    Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, alszoals opgenomen in deze afdeling, te vergroten tot een maximale bouwhoogte van 3010 m, mitstenzij het gaat om kunstwerken of zend-, ontvang- of sirenemastenerfafscheidingen en vlaggenmasten.

  • 4.

    Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals opgenomen in deze afdeling, te vergroten tot een maximale bouwhoogte van 30 m, mits het gaat om kunstwerken en reclamemasten.

  • 5.

    Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, zoals opgenomen in deze afdeling, te vergroten tot een maximale bouwhoogte van 40 m, mits het gaat om zend-, ontvang- en sirenemasten.

  • [Red: Lid 3. verplaatst van artikel 5.58 naar artikel 5.81. ]

  • 3 6.

    Binnen het transitiegebied is het, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, toegestaan om de bouwhoogte van bouwwerken, geen gebouw zijnde, als opgenomen in deze afdeling, te vergroten met maximaal 20%.

Subparagraaf 5.5.1.2 Locatie gebonden bepalingen

[Red: Artikel 5.59 verplaatst van subparagraaf 5.5.1.2 naar subparagraaf 5.5.1.2. ]

Artikel 5.59 5.82 Regels bouwen bouwwerken, geen gebouw zijnde Bouwregels bij hoogspanningsleiding

  • 1.

    Binnen bouwwerken, geen gebouw zijnde, bij hoogspanningsleiding mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, bouwwerken geen gebouw zijnde worden gebouwd, mits:

    • a.

      geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de hoogspanningsverbinding; en

    • b.

      vooraf advies wordt ingewonnen van de leidingbeheerder.

Artikel 5.83 Bouwregels bouwhoogte

Artikel 5.84 Bouwregels representatieve bouwwerken

Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, representatieve bouwwerken mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, bouwwerken, geen gebouw zijnde passend bij een landgoed, zoals een toegangspoort, worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 8 m.

Paragraaf 5.5.2 Afscheiding tussen balkons of dakterrassen bouwen, in stand houden of gebruiken.
Artikel 5.85 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.3 Antenne-installatie bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.86 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.4 Bouwwerk voor agrarische bedrijfsvoering bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.87 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.5 Buisleiding bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.5.5.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.88 gereserveerd

gereserveerd

Subparagraaf 5.5.5.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.89 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.6 Constructie voor overbruggen van terreinhoogteverschil bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.5.6.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.90 Algemene bouwregel

Binnen het transitiegebied worden in de openbare buitenruimte bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken niet hoger dan 5 m gebouwd, tenzij in subparagraaf 5.5.6.2 op locatie andere regels zijn gesteld.

Subparagraaf 5.5.6.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.91 Bouwregels bruggen

  • 1.

    Binnen bruggen, beperkt toegestaan is het verboden nieuwe bruggen te bouwen, tenzij de brug binnen de locatie bruggen, aangewezen locatie gebouwd wordt.

  • 2.

    Binnen bruggen, 6 m mogen in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m.

  • [Red: Lid 2. verplaatst van artikel 5.66 naar artikel 5.91. ]

  • 2 3.

    Binnen bruggen, 7 m mogen in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 7 m.

  • 4.

    Binnen bruggen, 12 m mogen in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 12 m.

  • 5.

    Binnen bruggen, 15 m mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, en in afwijking van het vierde lid, in het openbare buitengebied bruggen en daarmee gelijk te stellen bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 15 m.

Paragraaf 5.5.7 Erf- en perceelafscheiding bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.5.7.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 5.67 verplaatst van subparagraaf 5.5.7.1 naar subparagraaf 5.5.7.1. ]

Artikel 5.67 5.92 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze subparagraaf gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van erf- of perceelafscheidingen hoger dan 1 m.

  • 2.

    Deze subparagraaf gaat niet over het plaatsen, in stand houden of gebruiken van niet gebouwde afscheidingen, zoals hagen of heggen.

[Red: Artikel 5.68 verplaatst van subparagraaf 5.5.7.1 naar subparagraaf 5.5.7.1. ]

Artikel 5.68 5.93 Algemene bouwregel

  • 1.

    Binnen het transitiegebied wordt een erf- en perceelafscheiding niet hoger dan 2 m gebouwd, tenzij in subparagraaf 5.5.7.2 op locatie andere regels zijn gesteld.

  • 2.

    Binnen het transitiegebied wordt, in afwijking van het eerste lid, een erf- en perceelafscheiding voor de voorgevelrooilijn niet hoger dan 1 m gebouwd, tenzij in subparagraaf 5.5.7.2 op locatie andere regels zijn gesteld.

  • 3.

    Met toepassing van artikel 5.5tweede lid, mag worden afgeweken van het eerste en tweede lid.

Subparagraaf 5.5.7.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.94 Bouwregels erf- en perceelafscheidingen

Paragraaf 5.5.8 Palen of masten bouwen, in stand houden of gebruiken

[Red: Subparagraaf 5.5.8.1 verplaatst van paragraaf 5.5.8 naar paragraaf 5.5.8. ]

Subparagraaf 5.5.8.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.70 5.95 Toepassingsbereik

Deze paragraaf gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van:

  • a.

    palen en masten; en

  • b.

    vlaggenmasten.

[Red: Artikel 5.71 verplaatst van subsubparagraaf 5.5.8.2.1 naar subparagraaf 5.5.8.1. ]

Artikel 5.71 5.96 Algemene bouwregel

Binnen het transitiegebied mogen palen en masten worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 6 m, tenzij in subsubparagraafsubparagraaf 5.5.8.2.25.5.8.2 op locatie andere regels zijn gesteld.

Subparagraaf 5.5.8.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 5.97 Bouwregels palen en masten

Artikel 5.98 Bouwregels specifieke palen en masten

Paragraaf 5.5.9 Sport- of speeltoestel bouwen, in stand houden of gebruiken
Subparagraaf 5.5.9.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.99 gereserveerd

gereserveerd

Subparagraaf 5.5.9.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 5.100 Bouwregels speeltoestellen

Paragraaf 5.5.10 Tuinmeubilair bouwen, in stand houden of gebruiken
Artikel 5.101 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 5.5.11 Zwembad, bubbelbad of soortgelijke voorziening of vijver bouwen, in stand houden of gebruiken

[Red: Subparagraaf 5.5.11.1 verplaatst van paragraaf 5.5.11 naar paragraaf 5.5.11. ]

Subparagraaf 5.5.11.1 Algemene bepalingen

Artikel 5.78 5.102 Toepassingsbereik

Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van zwembaden, bubbelbaden of soortgelijke voorzieningen.

[Red: Subparagraaf 5.5.11.2 verplaatst van paragraaf 5.5.11 naar paragraaf 5.5.11. ]

Subparagraaf 5.5.11.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 5.79 5.103 Bouwregels zwembad

  • 1.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, zwembad, achtererf (1) is het toegestaan een niet-overdekt zwembad op te richten in het achtererfgebied, mits:

    • a.

      de oppervlakte niet meer dan 75 m2 is;

    • b.

      de bouwhoogte van het zwembad, gemeten vanaf het aansluitende terrein, niet meer dan 0,5 m is;

    • c.

      de bruto-oppervlakte (uitwendig gemeten constructie) van het zwembad niet meer dan 50% van de oppervlakte van het achtererfgebied van de woning is;

    • d.

      het totale bebouwingspercentage van de kavel niet meer dan 50% is; en

    • e.

      de afstand van het zwembad tot enig perceelsgrens minimaal 1,5 m is.

  • 2.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, zwembad, achtererf (2) mag met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een niet-overdekt zwembad in het achtererfgebied worden gebouwd, mits:

    • a.

      de bruto-oppervlakte (uitwendig gemeten constructie) maximaal 75 m2 is;

    • b.

      de bouwhoogte van het zwembad, gemeten vanaf het aansluitende terrein, maximaal 0,5 m is;

    • c.

      de bruto-oppervlakte (uitwendig gemeten constructie) maximaal 50% van de oppervlakte van het achtererfgebied van de woning is;

    • d.

      het totale bebouwingspercentage van de kavel maximaal 50% is; en

    • e.

      de afstand van het zwembad tot enig perceelsgrens minimaal 1,5 m is.

Paragraaf 5.5.12 Steiger of vlonder bouwen
Artikel 5.104 Steigers, vlonders en loopbruggen bouwen
  • 1.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, oppervlakte steigers en vlonders is de totale oppervlakte van steigers en vlonders niet meer dan de bebouwde oppervlakte van de begane grond van het hoofdgebouw.

  • 2.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, steiger, 3 m mogen steigers of soortgelijke bouwwerken worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 3 m.

  • 3.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, steigers, 1 per woning is met een omgevingsvergunning maximaal 1 steiger per woning toegestaan, mits:

    • a.

      de breedte van de steiger maximaal 25% van de breedte van het perceel is, met een maximum van 6 m;

    • b.

      de oever voor een verlaagd terras plaatselijk verlaagd wordt tot 5,00 m -NAP over maximaal 50% van de kavelbreedte; 

    • c.

      de maximale diepte 3 m, gemeten uit de erfgrens, is; 

    • d.

      tussen twee aangrenzende steigers zich een afstand van minimaal 2 m bevindt; en

    • e.

      er bij een hoekperceel een minimale afstand van 2 m vanaf de zijkant van de steiger naar de openbaar gebied is gehanteerd;

    • f.

      op of aan de steiger geen bouwwerken worden aangebracht zoals schermen of prieeltjes;

    • g.

      bij de steiger maximaal 1 meerpaal wordt gerealiseerd met een maximale hoogte van 2,20-NAP.

  • 4.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, verlaagde terrassen is het met een omgevingsvergunning toegestaan om verlaagde terrassen te bouwen, mits:

    • a.

      de breedte van het verlaagd terras maximaal 50% van de totale kavelbreedte is;

    • b.

      de diepte van een verlaagd terras minimaal 2 m is, gemeten vanuit de oeverbeschoeiing;

    • c.

      de hoogteligging van een verlaagd terras is maximaal 4,90 m - NAP en niet lager dan de oeverbeschoeiing;

    • d.

      de verlaging van het terras kan worden uitgevoerd met grond of met een beschoeiing; en

    • e.

      het grondlichaam ten behoeve van het verlaagd terras minimaal 0,5 m van de erfgrens begint, waarbij in geval van een beschoeiing de beschoeiing op minimaal 1 m van de erfgrens ligt (dit geldt niet als twee aan elkaar grenzende percelen gezamenlijk één verlaagd terras realiseren).

  • 5.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlonder gelden voor het bouwen van vlonders de volgende regels:

    • a.

      per woning is de totale oppervlakte van terrasvlonders maximaal 40 m2;

    • b.

      bij drijvende woningen bevindt de bovenzijde van een terrasvlonder zich op maximaal 4,7 m - NAP;

    • c.

      bij paalwoningen bevindt de bovenzijde van een terrasvlonder zich op maximaal 4,25 m - NAP;

    • d.

      loopbruggen zijn maximaal 2 m breed;

    • e.

      hekwerken bij vlonders of loopbruggen zijn minimaal 50% transparant; en

    • f.

      hekwerken bij vlonders of loopbruggen zijn maximaal 1 m hoog, gemeten vanaf de bovenzijde van de terrasvlonder of loopbrug.

  • 6.

    Binnen bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlonder, 0,5 m is de hoogte van een vlonder ten opzichte van de waterspiegel maximaal 0,5 m.

Paragraaf 5.5.13 Overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwen
Artikel 5.105 Overige bouwwerken, geen gebouw zijnde, bouwen

Afdeling 5.6 Bouwwerk voor infrastructurele of openbare voorziening bouwen, in stand houden of gebruiken

Paragraaf 5.6.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 5.82 verplaatst van paragraaf 5.6.1 naar paragraaf 5.6.1. ]

Artikel 5.82 5.106 Toepassingsbereik

Deze afdeling gaat over het bouwen, in stand houden of gebruiken van bouwwerken voor infrastructurele of openbare voorzieningen.

[Red: Artikel 5.83 verplaatst van paragraaf 5.6.1 naar paragraaf 5.6.1. ]

Artikel 5.83 5.107 Verbod bouwen of opschalen van windturbines

Binnen het transitiegebied is het verboden om nieuwe windmolens te realiseren of bestaande windmolens op te schalen.

[Red: Artikel 5.84 verplaatst van paragraaf 5.6.1 naar paragraaf 5.6.1. ]

Artikel 5.84 5.108 Beoordelingsregels bouwen nutsvoorziening

Binnen het transitiegebied mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, nutsvoorzieningen in de openbare buitenruimte gebouwd worden, mits voldaan wordt aan de volgende vereisten:

  • a.

    de nutsvoorziening is niet hoger dan 5 m; en

  • b.

    de nutsvoorziening heeft een maximale oppervlakte van 50 m². 

Paragraaf 5.6.2 Locatie gebonden bepalingen
Artikel 5.109 Bouwregels nutsvoorzieningen

[Red: Artikel 5.85 verplaatst van paragraaf 5.6.2 naar paragraaf 5.6.2. ]

Artikel 5.85 5.110 Bouwregels hoogspanningsverbinding

Binnen hoogspanningsleiding, 380 kV mag een bovengrondse hoogspanningsleiding worden gebouwd voor het transport van elektriciteit tot maximaal 380 kV, samen met de daarmee verbonden schakel- en transformatorstations en andere voor die hoogspanningsverbinding noodzakelijke hulpmiddelen.

Artikel 5.111 Bouwregels bioreactor

Binnen bioreactor, 4 m/200 m² mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, een nutsgebouw voor een bioreactor worden gebouwd, mits:

  • a.

    de bouwhoogte maximaal 4 m is; en

  • b.

    de oppervlakte maximaal 200 m2 is.

Afdeling 5.7 Bouwkeet, bouwbord, steiger, heistelling, hijskraan, damwand, bouwweg, terreinverharding, terreininrichting of andere hulpconstructie bouwen, in stand houden of gebruiken

Artikel 5.112 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 5.8 Gewoon onderhoud verrichten aan een bouwwerk

Artikel 5.113 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 5.9 Ander bouwwerk bouwen, in stand houden of gebruiken

Paragraaf 5.9.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 5.88 verplaatst van afdeling 5.9 naar paragraaf 5.9.1. ]

Artikel 5.88 5.114 Bouwregels kunstobjecten

Binnen het transitiegebied mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, kunstobjecten worden gebouwd, mits deze kunstobjecten bijdragen aan de ruimtelijke situatie en de beeldkwaliteit ter plaatse.

Paragraaf 5.9.2 Locatie gebonden bepalingen
Artikel 5.115 Bouwregels boomhutten

Binnen ander bouwwerk bouwen, boomhut mogen maximaal 5 boomhutten worden gebouwd.

Artikel 5.116 Bouwregels brandtorens

Binnen ander bouwwerk bouwen, brandtoren mag, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, één brandtoren voor brandpreventie en -bestrijding worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 30 m.

Artikel 5.117 Bouwregels geluidsschermen

Binnen ander bouwwerk bouwen, geluidsscherm 10 m mogen geluidsschermen worden gebouwd met een maximale bouwhoogte van 10 m.

Artikel 5.118 Bouwregels schuilplaatsen

Binnen ander bouwwerk bouwen, schuilplaats mogen, met toepassing van artikel 5.5tweede lid, schuilgelegenheden worden gebouwd, mits er geen aantasting plaatsvindt van de landschaps- en natuurwaarden.

KKKKKKKKK

Artikel 5.52 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.52 Algemene bouwregels

  • 1.

    Tenzij in paragraaf 5.4.2 anders is bepaald, moeten bijbehorende bouwwerken binnen het transitiegebied voldoen aan de volgende eisen:

    • a.

      een bijbehorend bouwwerk heeft een bouwhoogte van maximaal 5 m; 

    • b.

      de goothoogte van een bijbehorend bouwwerk mag maximaal 3 m zijn;

    • c.

      een bijbehorend bouwwerk wordt niet voorzien van een dakterras, balkon of andere niet op de grond gelegen buitenruimte;

    • d.

      de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken mag per hoofdgebouw:

      • 1.

        maximaal 50 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel 500 m2 of minder is; of

      • 2.

        maximaal 10% van de oppervlakte van het bouwperceel tot maximaal 100 m2 zijn, als de oppervlakte van een bouwperceel meer dan 500 m2 is; 

    • e.

      een aan-, uit-, of aangebouwd bijgebouw dat gesitueerd wordt aan de zijgevel van het hoofdgebouw, heeft een hoogte van maximaal 1 m minder dan de hoogte van het hoofdgebouw; en

    • f.

      de diepte van een aan de achtergevel van het hoofdgebouw gebouwde aan- of uitbouw is maximaal 4 m;

    • g.

      Voor zover een aan-, uit-, of aangebouwd bijgebouw gelegen in het achtererfgebied op een afstand van maximaal 4 m van het oorspronkelijke hoofdgebouw wordt gesitueerd:

      • 1.

        wordt het gebouwd met een plat dak, tenzij deze tegen de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd; en

      • 2.

        is de bouwhoogte niet hoger dan de bouwhoogte van het hoofdgebouw met een maximale hoogte zoals opgenomen in sub a;  of

    • h.

      voor zover een bijbehorend bouwwerk in het voorerfgebied is gelegen:

      • 1.

        wordt het gebouwd met een plat dak, tenzij deze tegen de zijgevel van het hoofdgebouw wordt gebouwd;

      • 2.

        wordt niet hoger dan 0,3 m vanaf de bovenzijde van de afgewerkte vloer van de tweede bouwlaag van het hoofdgebouw;

      • 3.

        wordt het niet breder dan de helft van de voorgevel van het hoofdgebouw wanneer het bouwwerk aan de voorgevel wordt gesitueerd; en

      • 4.

        is het bebouwingspercentage van het voorerfgebied niet meer dan 50%

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid, onder d, en met toepassing van artikel 5.5tweede lid, mag binnen het transitiegebied de gezamenlijke oppervlakte van bijbehorende bouwwerken per hoofdgebouw worden vergroot tot maximaal 80 m², mits:

    • a.

      dit uitsluitend wordt toegepast voor de huisvesting van (een) minder valide(n); en

    • b.

      de noodzaak voor het treffen van bijzondere voorzieningen wordt aangetoond.

  • 3.

    Met toepassing van artikel 5.5tweede lid kan afgeweken worden van het eerste lid en paragraaf 5.4.2.

[Vervallen]

LLLLLLLLL

Voor afdeling 7.2 worden twee afdelingen ingevoegd, luidende:

Afdeling 7.1 Algemene bepalingen

Artikel 7.1 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 7.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 7.2 Aanleggen op locatie

MMMMMMMMM

Afdeling 7.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 7.2 gereserveerd

Artikel 7.7 gereserveerd

gereserveerd

[Vervallen]

NNNNNNNNN

Het opschrift van afdeling 7.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 7.1 7.3 Infrastructuur aanleggen

OOOOOOOOO

Het opschrift van artikel 7.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 7.1 7.3 Vergunningplicht aanleggen of veranderen van een weg

PPPPPPPPP

Het opschrift van artikel 7.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 7.2 7.4 Beoordelingsregels aanleggen of veranderen van een weg

QQQQQQQQQ

Het opschrift van artikel 7.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 7.3 7.5 Aanvraagvereisten aanleggen of veranderen van een weg

RRRRRRRRR

Het opschrift van artikel 7.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 7.4 7.6 Vergunningplicht aanleggen of veranderen van een uitweg

SSSSSSSSS

Het opschrift van artikel 7.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 7.5 7.7 Beoordelingsregels aanleggen of veranderen van een uitweg

TTTTTTTTT

Het opschrift van artikel 7.6 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 7.6 7.8 Aanvraagvereisten aanleggen of veranderen van een uitweg

UUUUUUUUU

Hoofdstuk 9 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Hoofdstuk 9 BODEM

Afdeling 9.1 Algemene bepalingen

Paragraaf 9.1.1 Inleidende bepalingen
Artikel 9.1 Toepassingsbereik

Dit hoofdstuk gaat over activiteiten die de bodem verstoren.

Artikel 9.2 Oogmerken

gereserveerd

Paragraaf 9.1.2 Aanwijzingen
Artikel 9.3 Beperkingengebied buisleidingen
Paragraaf 9.1.3 Algemene regels
Subparagraaf 9.1.3.1 Algemeen

Artikel 9.4 Zorgplicht ondergrondse infrastructuur

Bij het uitvoeren van activiteiten die de bodem verstoren, is iedereen vooraf verplicht:

  • a.

    een KLIC-melding te doen, mits het om het mechanisch verrichten van werkzaamheden in de ondergrond gaat;

  • b.

    alle voorgeschreven maatregelen die voortkomen uit de KLIC-melding, zoals bedoeld onder sub a, op te volgen;

  • c.

    te onderzoeken of de werkzaamheden graafschade kunnen veroorzaken ten aanzien van het gebruik en de kwaliteit van de aanwezige ondergrondse infrastructuur; en

  • d.

    als er een mogelijk risico op graafschade aanwezig is:

    • 1.

      alle mogelijke maatregelen te nemen om dit risico weg te nemen of dit zo veel als mogelijk te beperken; en

    • 2.

      advies in te winnen van de leidingbeheerder over de vraag of dit uit een oogpunt van doelmatig beheer en onderhoud bezwaren oplevert.

Subparagraaf 9.1.3.2 Watergang graven of dempen

Artikel 9.5 Toepassingsbereik

Deze subparagraaf gaat over activiteiten voor het:

  • a.

    graven van of het graven in een watergang; en

  • b.

    dempen van een watergang.

Artikel 9.6 Vergunningsplicht watergang graven of dempen

Het is verboden zonder omgevingsvergunning om:

  • a.

    een watergang uit te graven;

  • b.

    in de bodem van een bestaande watergang  te graven; of

  • c.

    een watergang te dempen.

Artikel 9.7 Beoordelingsregels watergang graven of dempen

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

  • a.

    de activiteit geen onevenredige afbreuk doet aan de waterhuishoudkundige situatie van het gebied; en

  • b.

    het, indien het gaat om het uitgraven van een nieuwe watergang, landschappelijk in te passen is en bijdraagt aan de ruimtelijke kwaliteit van het gebied.

Artikel 9.8 Aanvraagvereisten watergang graven of dempen

Bij de aanvraag worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    gegevens over de voorgenomen activiteit; en

  • b.

    de voorgenomen startdatum voor het verrichten van de activiteit.

Artikel 9.9 Uitzondering op vergunningsplicht

Het verbod van artikel 9.6 is niet van toepassing op activiteiten die behoren tot het normale onderhoud van de watergang.

Afdeling 9.2 Locatie gebonden bepalingen

Paragraaf 9.2.1 Bodem-activiteit
Artikel 9.10 Vergunningplicht bodem-activiteit
  • 1.

    Binnen bodemactiviteit, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning:

    • a.

      gronden te ontgronden;

    • b.

      gronden af te graven (waaronder inbegrepen het graven van watergangen en waterpartijen);

    • c.

      gronden te egaliseren;

    • d.

      gronden op te hogen; en

    • e.

      overige grondbewerkingen uit te voeren.

  • 2.

    Het eerste lid is niet van toepassing als de activiteit noodzakelijk is voor:

    • a.

      het uitvoeren van normaal onderhoud en beheer;

    • b.

      het aansluiten van bouwwerken op het net van openbare nutsvoorzieningen.

Artikel 9.11 Beoordelingsregels bodem-activiteit

Een omgevingsvergunning, zoals bedoeld in artikel 9.10, wordt alleen verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschaps- en natuurwaarden.

[Red: Paragraaf 9.2.1 verplaatst van afdeling 9.2 naar afdeling 9.2. ]

Paragraaf 9.2.1 9.2.2 Beperkingengebied buisleidingen
Artikel 9.10 9.12 Vergunningsplicht beperkingengebiedactiviteit buisleidingen

Binnen beperkingengebied, buisleidingen is het verboden om zonder omgevingsvergunning activiteiten uit te voeren die een negatieve invloed kunnen hebben op het functioneren van of het beheer en onderhoud van de op locatie aanwezige buisleidingen.

Artikel 9.11 9.13 Beoordelingsregels beperkingengebiedactiviteit buisleidingen

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

  • a.

    een activiteit geen negatieve invloed blijkt te hebben op het functioneren of het beheer en onderhoud van de buisleiding; en

  • b.

    er schriftelijk advies is ingewonnen bij de de leidingbeheerder:

    • 1.

      omtrent de toetsing of geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan het doelmatig en veilig functioneren van de leiding; en

    • 2.

      omtrent de vraag of voorgenomen activiteit uit een oogpunt van het functioneren en doelmatig beheer en onderhoud bezwaren oplevert.

Artikel 9.12 9.14 Aanvraagvereisten beperkingengebiedsactiviteit buisleidingen

Bij de aanvraag worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    gegevens over de voorgenomen activiteit; en

  • b.

    de voorgenomen startdatum voor het verrichten van de activiteit.

Artikel 9.13 9.15 Uitzondering op vergunningsplicht

Het verbod van artikel 9.109.12 is niet van toepassing op activiteiten die behoren tot het normale onderhoud en beheer van de buisleiding.:

Afdeling 9.2 Locatie gebonden bepalingen

[Vervallen]

VVVVVVVVV

Het opschrift van paragraaf 10.2.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 10.2.2 Gebruik kwetsbare gebouwen en terreinenlocaties

WWWWWWWWW

Artikel 10.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 10.5 Verbod gebruik zeer kwetsbare en (beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties

XXXXXXXXX

Afdeling 11.3 wordt geplaatst na afdeling 11.1. Afdeling 11.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 11.3 11.2 Locatiegebonden bepalingen

[Gereserveerd]

YYYYYYYYY

Afdeling 11.2 wordt geplaatst na afdeling 11.3. Afdeling 11.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 11.2 11.3 Onversterkte muziek

Artikel 11.2 Geluidsnormen onversterkte muziek

Bij het ten gehore brengen van onversterkte muziek zijn de geluidsnormen in tabel 1 van toepassing met dien verstande dat:

  • a.

    de in tabel 1 aangegeven waarden binnen in- of aanpandige gevoelige gebouwen niet gelden, als de gebruiker van deze gevoelige gebouwen geen toestemming geeft voor het in redelijkheid uitvoeren of doen uitvoeren van geluidsmetingen;

  • b.

    de in tabel 1 aangegeven waarden op de gevel ook gelden bij gevoelige terreinen op de grens van het terrein;

  • c.

    de waarden in in- en aanpandige gevoelige gebouwen, voor zover het woningen betreft, gelden in geluidsgevoelige ruimten als bedoeld in artikel 3.22 Besluit kwaliteit leefomgeving; en

  • d.

    bij het bepalen van de geluidsniveaus zoals vermeld in tabel 1 geen bedrijfsduurcorrectie wordt toegepast.

Tabel 1: Geluidsnormen voor onversterkte muziek.

 

7:00 - 19:00 uur

19:00 - 23:00 uur

23:00 - 7:00 uur

LAr, LT op de gevel van gevoelige gebouwen

50 dB(A)

45 dB(A)

40 dB(A)

LAr, LT in in- en aanpandige gevoelige gebouwen

35 dB(A)

30 dB(A)

25 dB(A)

LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen

70 dB(A)

65 dB(A)

60 dB(A)

LAmax in in- en aanpandige gevoelige gebouwen

55 dB(A)

50 dB(A)

45 dB(A)

Artikel 11.3 Algemene regels onversterkte muziek

  • 1.

    Voor de duur van 4 uur in de week is onversterkte muziek, vanwege het oefenen door muziek, vanwege het oefenen door muziekgezelschappen zoals orkesten, harmonie- en fanfaregezelschappen, binnen een locatie van een milieubelastende activiteit gedurende de dag- en avondperiode uitgezonderd van de genoemde geluidsniveaus in artikel 11.2.

  • 2.

    Als versterkte elementen worden gecombineerd met onversterkte elementen, wordt het hele samenspel beschouwd als versterkte muziek en is er geen sprake van onversterkte muziek.

  • 3.

    Hetgeen opgenomen in dit artikel en artikel 11.2 is niet van toepassing op collectieve en incidentele festiviteiten als bedoeld in afdeling 4.5.

[Red: Artikel 11.4 verplaatst van afdeling 11.3 naar afdeling 11.2. ]

Artikel 11.4 gereserveerd

gereserveerd

ZZZZZZZZZ

Hoofdstuk 15 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Hoofdstuk 15 GROENVOORZIENINGEN EN NATUUR

Afdeling 15.1 Algemene bepalingen

Paragraaf 15.1.1 Inleidende bepalingen
Artikel 15.1 Toepassingsbereik

Dit hoofdstuk is van toepassing op activiteiten met betrekking tot planten, bomen, groenvoorzieningen en natuur.

Artikel 15.2 Oogmerken

De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op:

  • a.

    het in stand houden en beschermen van bos- en natuurgebieden;

  • b.

    het aanbrengen, in standhouden en beschermen van bomen, planten en andere groenvoorzieningen;

  • c.

    het beschermen van milieuwaarden;

  • d.

    het beschermen van ecologische waarden;

  • e.

    het beschermen van de natuur en de biodiversiteit; en

  • f.

    het beschermen van een gezonde woon- en leefomgeving.

Paragraaf 15.1.2 Aanwijzingen
Artikel 15.3 Beperkingengebied ecologie
Artikel 15.4 Bebouwingscontour houtkap

Er is een bebouwingscontour houtkap , bestaande uit de locatie bebouwingscontour, houtkap, opgenomen in dit omgevingsplan.

Paragraaf 15.1.3 Specifieke zorgplicht
Artikel 15.5 Specifieke zorgplicht: groenvoorzieningen en natuur

De zorgplicht, zoals bedoeld in artikel 1.7, houdt voor groenvoorzieningen en natuur in ieder geval in dat een ieder verplicht is er zorg voor te dragen dat groenvoorzieningen en natuur geen schade worden toegebracht.

Paragraaf 15.1.4 Algemene bepalingen
Subparagraaf 15.1.4.1 Beschermen van natuur- en landschapswaarden

Subsubparagraaf 15.1.4.1.1 Beschermen van groenvoorzieningen en natuur

[Vervallen]

Subparagraaf 15.1.4.2 Bomen of beplanting aanbrengen

[Vervallen]

Subparagraaf 15.1.4.3 Bomen of beplanting verwijderen

[Vervallen]

Afdeling 15.2 Locatiegebonden bepalingen

Paragraaf 15.2.1 Beperkingengebied ecologie
Artikel 15.16 15.6 Vergunningsplicht beperkingengebiedactiviteit ecologie

Binnen het beperkingengebied, ecologie is het verboden om zonder omgevingsvergunning activiteiten uit te voeren die afbreuk kunnen doen aan de ecologische waarde van de gronden. 

Artikel 15.17 15.7 Beoordelingsregels beperkingengebiedactiviteit ecologie

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de ecologische waarden van de gronden.

Artikel 15.18 15.8 Aanvraagvereisten beperkingengebiedactiviteit ecologie

Bij de aanvraag worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt: :

  • a.

    gegevens over de voorgenomen activiteit; en

  • b.

    de startdatum voor het verrichten van de activiteit.

Artikel 15.9 Uitzondering op vergunningplicht beperkingengebiedactiviteit ecologie

Het verbod van artikel 15.6 is niet van toepassing als de activiteit noodzakelijk is voor:

  • a.

    het uitvoeren van normaal onderhoud en beheer; of

  • b.

    het aansluiten van bouwwerken op het net van openbare nutsvoorzieningen.

Artikel 15.19 15.10 Uitzondering op vergunningsplicht

Het verbod van artikel 15.1615.6 is niet van toepassing op activiteiten die behoren tot het normale onderhoud ten aanzien van de ecologische waarde van het gebied.

Afdeling 15.3 Beschermen van natuur- en landschapswaarden

Paragraaf 15.3.1 Beschermen van groenvoorzieningen en natuur

[Red: Artikel 15.6 verplaatst van subsubparagraaf 15.1.4.1.1 naar paragraaf 15.3.1. ]

Artikel 15.6 15.11 Vergunningplicht voertuigen in het groen
  • 1.

    Het is verboden zonder omgevingsvergunning met een voertuig, buiten de daarvoor bedoelde wegen, te rijden door, of te parkeren in:

    • a.

      een park, plantsoen of andere gemeentelijke groenvoorziening;

    • b.

      een natuurgebied; of

    • c.

      voor recreatief gebruik beschikbare terreinen.

  • 2.

    Onder voertuig wordt begrepen:

    • a.

      motorvoertuigen;

    • b.

      bromfietsen;

    • c.

      fietsen; en

    • d.

      paarden.

  • 3.

    Het verbod in het eerste lid is niet van toepassing op:

    • a.

      binnen de bij of krachtens de Omgevingsverordening provincie Flevoland aangegeven stiltegebieden, ten aanzien van motorrijtuigen die bij of krachtens die verordening zijn aangewezen als toestel;

    • b.

      voertuigen die worden gebruikt voor werkzaamheden, beheer, onderhoud of exploitatie van de terreinen door of vanwege de overheid;

    • c.

      voertuigen ten dienste van politie, brandweer en geneeskundige hulpverlening en van andere krachtens artikel 29, eerste lid, Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 aangewezen hulpverleningsdiensten;

    • d.

      voertuigen van de zakelijk gerechtigden, huurders en pachters van percelen die gelegen zijn binnen de terreinen als bedoeld in het eerste lid;

    • e.

      voor het verkeer ten behoeve van bezoek en van de verzorging van de onder d bedoelde personen; en

    • f.

      voertuigen waarmee een standplaats wordt of is ingenomen op terreinen die voor dit doel zijn bedoeld.

[Red: Artikel 15.7 verplaatst van subsubparagraaf 15.1.4.1.1 naar paragraaf 15.3.1. ]

Artikel 15.7 15.12 Beoordelingsregels voertuigen in het groen

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

  • a.

    de activiteit niet in strijd is met de openbare veiligheid;

  • b.

    de activiteit niet in strijd is met de volksgezondheid; en

  • c.

    de activiteit niet in strijd is met de bescherming van het milieu.

[Red: Artikel 15.8 verplaatst van subsubparagraaf 15.1.4.1.1 naar paragraaf 15.3.1. ]

Artikel 15.8 15.13 Aanvraagvereisten voertuigen in het groen

Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    informatie die noodzakelijk is voor de toetsing van de aanvraag; en

  • b.

    gereserveerd.

Afdeling 15.4 Beplanting aanbrengen of verwijderen

Paragraaf 15.4.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 15.9 verplaatst van subparagraaf 15.1.4.2 naar paragraaf 15.4.1. ]

Artikel 15.9 15.14 Toepassingsbereik

De regels in deze subparagraafafdeling hebben betrekking tot het aanbrengen of verwijderen van bomen of(opgaande) beplanting.

[Red: Artikel 15.10 verplaatst van subparagraaf 15.1.4.2 naar paragraaf 15.4.1. ]

Artikel 15.10 15.15 Afstand bomen of heesters tot erfgrens

Bij het aanbrengen van bomen of heesters op een erf bedraagt de afstand tot de erfgrens krachtens artikel 5.42 van het Burgerlijk Wetboek:

  • a.

    0,5 m voor bomen; en

  • b.

    0,1 m voor heesters.

Paragraaf 15.4.2 Locatie gebonden bepalingen
Artikel 15.16 Vergunningplicht beplanting

Binnen beplanting, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning:

  • a.

    opgaande beplanting aan te brengen; en

  • b.

    opgaande beplanting te verwijderen.

Artikel 15.17 Beoordelingsregels beplanting

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de landschaps- en natuurwaarden.

Artikel 15.18 Aanvraagvereisten beplanting

Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    gegevens over de voorgenomen activiteit; en

  • b.

    de startdatum voor het verrichten van de activiteit.

Artikel 15.19 Uitzondering op vergunningplicht beplanting

Het verbod van artikel 15.16 is niet van toepassing als de activiteit noodzakelijk is voor:

  • a.

    het uitvoeren van normaal onderhoud en beheer; of

  • b.

    het aansluiten van bouwwerken op het net van openbare nutsvoorzieningen.

Artikel 15.20 Regels over houtteelt en houtproductie

Binnen houtteelt en houtproductie is het toegestaan de gronden te gebruiken voor houtteelt/bosbouw, mits er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

  • a.

    natuur- en landschapswaarden; en

  • b.

    cultuurhistorische waarden.

Afdeling 15.5 Bomen kappen of houtopstanden vellen

Paragraaf 15.5.1 Algemene bepalingen

[Red: Artikel 15.11 verplaatst van subparagraaf 15.1.4.3 naar paragraaf 15.5.1. ]

Artikel 15.11 15.21 Toepassingsbereik
  • 1.

    De regels in deze subparagraafafdeling gaan over het kappen van bomen, en het vellen van houtopstanden en het verwijderen van beplanting.

  • 2.

    Deze afdeling is niet van toepassing op het kappen van bomen en het vellen van houtopstanden, waarvoor: 

    • a.

      regels zijn gesteld op grond van afdeling 15.4, voor zover het bepalingen betreffen over het verwijderen van bomen of houtopstanden; en

    • b.

      regels zijn gesteld in het tijdelijke deel van dit omgevingsplan, bedoeld in artikel 22.1, onder a, van de Omgevingswet.

[Red: Artikel 15.12 verplaatst van subparagraaf 15.1.4.3 naar paragraaf 15.5.1. ]

Artikel 15.12 15.22 Vergunningplicht bomen kappen of houtopstanden vellen
  • 1.

    Het is verboden zonder omgevingsvergunning bomen te kappen of houtopstanden te vellen, als:

  • 2.

    Het verbod in het eerste lid, onder b, is niet van toepassing op houtopstanden op niet-openbaar toegankelijke particuliere kavels van ten hoogste 5.000 m2.

[Red: Artikel 15.13 verplaatst van subparagraaf 15.1.4.3 naar paragraaf 15.5.1. ]

Artikel 15.13 15.23 Beoordelingsregels bomen kappen of houtopstanden vellen

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan:

  • a.

    de natuurwaarde van de houtopstand;

  • b.

    de landschappelijke waarde van de houtopstand;

  • c.

    de waarde van de houtopstand voor stads- en dorpsschoon;

  • d.

    de beeldbepalende waarde van de houtopstand;

  • e.

    de cultuurhistorische waarde van de houtopstand; en

  • f.

    de waarde voor de leefbaarheid van de houtopstand.

[Red: Artikel 15.14 verplaatst van subparagraaf 15.1.4.3 naar paragraaf 15.5.1. ]

Artikel 15.14 15.24 Aanvraagvereisten bomen kappen of houtopstanden vellen

Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    informatie die noodzakelijk is voor de toetsing van de aanvraag; en

  • b.

    gereserveerd.

[Red: Artikel 15.15 verplaatst van subparagraaf 15.1.4.3 naar paragraaf 15.5.1. ]

Artikel 15.15 15.25 Vergunningsvoorschrift omgevingsvergunning bomen kappen of houtopstanden vellen

Een vergunningvoorschrift kan aan een omgevingsvergunning worden verbonden in de vorm van een herplantplicht.

Paragraaf 15.5.2 Locatie gebonden bepalingen

[Gereserveerd]

AAAAAAAAAA

Paragraaf 16.1.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 16.1.1 Inleidende bepalingen

Artikel 16.1 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze afdeling Dit hoofdstuk is van toepassing op activiteiten met betrekking tot dieren.

  • 2.

    Activiteiten in dit hoofdstuk hebben betrekking op:

    • a.

      het beschermen van ecologische waarden;

    • b.

      het beschermen van diersoorten; en

    • c.

      het houden van dieren.

Artikel 16.2 Oogmerken

De regels in deze afdelingdit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op:

  • a.

    het beschermen van milieuwaarden;

  • b.

    het beschermen van de natuur en de biodiversiteit; 

  • c.

    het beschermen van diersoorten; en

  • d.

    het beschermen van een gezonde woon- en leefomgeving.

BBBBBBBBBB

Na afdeling 16.1 wordt een afdeling ingevoegd, luidende:

Afdeling 16.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 16.7 Uitloopgebeid edelherten

Binnen dieren, uitloopgebied edelherten is het gebruik van gronden als uitloopgebied voor edelherten toegestaan.

Artikel 16.8 Verbod houden evenhoevigen of pluimvee

Binnen dieren, verbod houden evenhoevigen of pluimvee is het gebruik van gronden of bouwwerken voor het houden van evenhoevigen of pluimvee verboden.

CCCCCCCCCC

Afdeling 16.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 16.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 16.7 Verbod houden evenhoevigen of pluimvee

Binnen verbod houden evenhoevigen of pluimvee is het gebruik van gronden of bouwwerken voor het houden van evenhoevigen of pluimvee verboden.

[Vervallen]

DDDDDDDDDD

Hoofdstuk 17 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Hoofdstuk 17 VERKEER EN PARKEREN

Afdeling 17.1 Algemene bepalingen

Paragraaf 17.1.1 Inleidende bepalingen
Artikel 17.1 Toepassingsbereik

Dit hoofdstuk is van toepassing op activiteiten rondom verkeer en parkeren.

Artikel 17.2 Oogmerken

De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op:

  • a.

    het waarborgen van de veiligheid;

  • b.

    het beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden; en

  • c.

    het beschermen en beheren van infrastructuur.

Paragraaf 17.1.2 Aanwijzingen

[Gereserveerd]

Paragraaf 17.1.3 Algemene bepalingenregels
Artikel 17.4 17.3 Voldoende parkeergelegenheid

Binnen het transitiegebied is het op locatie slechts toegestaan te bouwen, gronden te gebruiken of het gebruik van gronden te wijzigen, als er voldoende parkeergelegenheid gerealiseerd wordt, voor zover het bouwen, gebruiken of wijzigen van het gebruik gepaard gaat met een toename van de ruimtelijke impact vanwege het parkeren.

Artikel 17.5 17.4 Maatwerkvoorschriften

Binnen het transitiegebied kan het bevoegd gezag maatwerkvoorschriften stellen aan de situering van parkeergelegenheid en laad- en losruimte, als dit noodzakelijk is om een goede verkeersstructuur of bereikbaarheid voor een pand, perceel, straat (of deel daarvan) dan wel een andere ruimtelijke functionele structuur te waarborgen.

Afdeling 17.2 Locatie gebonden bepalingen

[Red: Artikel 17.3 verplaatst van paragraaf 17.1.2 naar afdeling 17.2. ]

Artikel 17.3 17.5 Regels over rijkswegen

Binnen beperkingengebied rijkswegen is het verboden om activiteiten te verrichten die afbreuk doen aan de staat en werking van infrastructuur in beheer van het Rijk, als bedoeld in hoofdstuk 8 van het Besluit activiteiten leefomgeving.

Afdeling 17.2 17.3 Parkeren

Paragraaf 17.2.1 17.3.1 Algemene bepalingen
Subparagraaf 17.2.1.1 17.3.1.1 Inleidende bepalingen

Artikel 17.6 Toepassingsbereik

Deze paragraaf gaat over het parkeren van een voertuig op de openbare weg in beheer bij de gemeente.

Subparagraaf 17.2.1.2 17.3.1.2 Aanwijzingen

Artikel 17.7 gereserveerd

gereserveerd

Subparagraaf 17.2.1.3 17.3.1.3 Algemene regels

Artikel 17.8 Specifieke zorgplicht: parkeren

De zorgplicht, zoals bedoeld in artikel 1.7, houdt voor het parkeren van voertuigen op de openbare weg in ieder geval in dat:

  • a.

    parkeerruimte niet buitensporig lang wordt ingenomen;

  • b.

    het uitzicht vanuit verblijfsruimten niet onevenredig wordt gehinderd; en

  • c.

    defecte motorvoertuigen, aanhangwagens en fietsen worden verwijderd.

Artikel 17.9 Maatwerkvoorschriften parkeren

  • 1.

    Het bevoegd gezag kan maatwerkvoorschriften stellen over de artikelen 1.7 en met betrekking tot de activiteiten opgenomen in deze afdeling.

  • 2.

    Met een maatwerkvoorschrift kan worden afgeweken van de bepalingen in paragraaf 17.2.217.3.217.2.317.3.3 en 17.2.417.3.4.

Paragraaf 17.2.2 17.3.2 Bedrijfsmatig parkeren
Subparagraaf 17.2.2.1 17.3.2.1 Algemene bepalingen

Artikel 17.10 Parkeren voor bedrijfsactiviteiten

  • 1.

    Met het oog op het doelmatig gebruik van de weg en het beperken van hinder wordt op de openbare weg niet geparkeerd voor bedrijfsmatige activiteiten, als hiervoor:

    • a.

      meer dan 2 voertuigen, die bedrijfsmatig gehouden worden, binnen een straal van 300 m van elkaar staan; of

    • b.

      de weg wordt gebruikt als werkplaats voor de voertuigen.

  • 2.

    Onder 'bedrijfsmatige activiteiten' wordt in dit artikel verstaan het:

    • a.

      stallen;

    • b.

      herstellen;

    • c.

      slopen;

    • d.

      verhandelen;

    • e.

      verhuren, waaronder ook wordt verstaan:

      • 1.

        het gebruik van het voertuig voor rijlessen; en

      • 2.

        het gebruik van het voertuig voor betaald personenvervoer; of

    • f.

      anderszins bedrijfsmatig houden van voertuigen. 

  • 3.

    Onder 'bedrijfsmatig' wordt in dit artikel mede verstaan: een situatie die qua aard of omvang gelijk moet worden gesteld aan het bedrijfsmatig uitvoeren van de activiteit.

  • 4.

    Het eerste lid is niet van toepassing als het gaat om:

    • a.

      voertuigen waaraan herstel- of onderhoudswerkzaamheden worden verricht die in totaal niet meer dan één uur duren, en de voertuigen gedurende de tijd die nodig is gebruikt worden voor deze werkzaamheden; of

    • b.

      een voertuig voor persoonlijk gebruik van degene die de bedrijfsmatige activiteit uitvoert. 

Artikel 17.11 Parkeren van voertuigen met handelsreclame

  • 1.

    Met het oog op het doelmatig gebruik van de weg en het beperken van hinder wordt op de openbare weg niet geparkeerd met een voertuig met een aanduiding van handelsreclame met het kennelijke doel om op locatie handelsreclame te maken. 

  • 2.

    Van een 'kennelijk doel' is in ieder geval sprake wanneer een voertuig langer dan 4 uur geparkeerd staat op een locatie. 

  • 3.

    Het eerste lid is niet van toepassing als het gaat om een voertuig op een bedrijventerrein, die voor bedrijfsmatige activiteiten geparkeerd staat voor een bedrijf dat daar gevestigd is.

  • 4.

    Onder 'bedrijfsmatige activiteiten' wordt in dit artikel verstaan: het laden en lossen van goederen, het stallen van bedrijfsvoertuigen en soortgelijke activiteiten.

Paragraaf 17.2.3 17.3.3 Parkeren van grote voertuigen
Subparagraaf 17.2.3.1 17.3.3.1 Algemene bepalingen

Artikel 17.12 Toepassingsbereik

  • 1.

    Deze paragraaf gaat over het parkeren van een groot voertuig.

  • 2.

    Onder 'groot voertuig' wordt in deze paragraaf verstaan een voertuig, dat met inbegrip van de lading:

    • a.

      een lengte heeft van meer dan 6 m; of

    • b.

      een hoogte heeft van meer dan 2,4 m.

Artikel 17.13 Parkeren van grote voertuigen

  • 1.

    Met het oog op het doelmatig gebruik van de weg en het beperken van hinder wordt op de openbare weg niet geparkeerd met een groot voertuig.

  • 2.

    Het eerste lid is niet van toepassing:

    • a.

      op werkdagen tussen 08.00 en 18.00 uur;

    • b.

      binnen parkeerplaatsen grote voertuigen; of

    • c.

      op het parkeren van een groot voertuig bedoeld voor kamperen, voor zover dit voertuig niet langer dan drie achtereenvolgende dagen op de weg wordt geparkeerd.

Artikel 17.14 Hinderlijk parkeren door grote voertuigen

  • 1.

    Met het oog op het beperken van hinder worden grote voertuigen niet op zodanige wijze geparkeerd dat het uitzicht vanuit een verblijfsruimte onevenredig wordt belemmerd.

  • 2.

    Het eerste lid is niet van toepassing gedurende de tijd die nodig is en gebruikt wordt voor het uitvoeren van werkzaamheden, waarvoor de aanwezigheid van het voertuig ter plaatse noodzakelijk is.

Paragraaf 17.2.4 17.3.4 Parkeerexcessen
Subparagraaf 17.2.4.1 17.3.4.1 Algemene bepalingen

Artikel 17.15 Parkeren defecte voertuigen

Met het oog op het doelmatig gebruik van de weg en het beperken van hinder worden voertuigen met rijtechnische gebreken niet langer dan 72 uur op de openbare weg geparkeerd.

Artikel 17.16 Parkeren voertuigwrakken

Het is verboden een voertuig op de weg te parkeren, wanneer deze:

  • a.

    technisch in onvoldoende staat van onderhoud is; en

  • b.

    kennelijk in een verwaarloosde toestand verkeert.

Artikel 17.17 Aanwijzing van locaties

Met betrekking tot hetgeen bepaald in artikel 17.18 en 17.19 is het college bevoegd om locaties aan te wijzen.

Artikel 17.18 Parkeren van (brom)fietsen

  • 1.

    Het is verboden (brom)fietsen onbeheerd te laten staan, buiten de daarvoor bedoelde ruimten of voorzieningen, op de door het bevoegd gezag aangewezen locaties, ter bescherming van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter voorkoming of opheffing van overlast of ter voorkoming van schade aan de openbare gezondheid.

  • 2.

    Het is verboden (brom)fietsen onafgebroken te laten staan, langer dan een door het bevoegd gezag vastgestelde periode, op de door het bevoegd gezag aangewezen locaties.

Artikel 17.19 Verbod parkeren voor andere doeleinden

  • 1.

    Het is verboden een voertuig binnen een aangewezen locatie op de weg te plaatsen, voor andere doeleinden dan verkeersdoeleinden, ter bescherming van het uiterlijk aanzien van de gemeente.

  • 2.

    Onder 'andere doeleinden dan verkeersdoeleinden' wordt in dit artikel onder andere verstaan: het voor recreatie plaatsen van een voertuig, zoals een camper.

Subparagraaf 17.2.4.2 17.3.4.2 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 17.20 Parkeren voor andere doeleinden

  • 1.

    Binnen de bebouwde kom wordt een voertuig niet langer dan 72 uur op de openbare weg geparkeerd voor andere doeleinden dan verkeersdoeleinden met het oog op:

    • a.

      het doelmatig gebruik van de weg;

    • b.

      het beperken van hinder; en

    • c.

      het beschermen van het uiterlijk aanzien van de gemeente

  • 2.

    Onder 'andere doeleinden dan verkeersdoeleinden' wordt in dit artikel onder andere verstaan: het voor recreatie plaatsen van een voertuig, zoals een camper. 

Afdeling 17.3 17.4 Het aanbieden van deelvoertuigen

Paragraaf 17.3.1 17.4.1 Algemene bepalingen
Subparagraaf 17.3.1.1 17.4.1.1 Inleidende bepalingen

Artikel 17.21 Toepassingsbereik

Deze afdeling gaat over het bedrijfsmatig aanbieden van deelvoertuigen.

Subparagraaf 17.3.1.2 17.4.1.2 Aanwijzingen

Artikel 17.22 gereserveerd

gereserveerd

Subparagraaf 17.3.1.3 17.4.1.3 Vergunningplicht aanbieden van deelvoertuigen

Artikel 17.23 Vergunningplicht aanbieden van deelvoertuigen

Het is verboden zonder omgevingsvergunning bedrijfsmatig deelvoertuigen, bedoeld voor gebruik door derden, op de weg te plaatsen.

Artikel 17.24 Beoordelingsregels aanbieden van deelvoertuigen

Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als:

  • a.

    de activiteit niet in strijd is met de openbare veiligheid;

  • b.

    de activiteit niet in strijd is met de volksgezondheid;

  • c.

    de activiteit niet in strijd is met de bescherming van het milieu;

  • d.

    de activiteit geen afbreuk doet aan de directe omgeving; en

  • e.

    de activiteit geen onevenredig beslag legt op de openbare ruimte.

Artikel 17.25 Aanvraagvereisten aanbieden van deelvoertuigen

Bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    informatie die noodzakelijk is voor de toetsing van de aanvraag; en

  • b.

    gereserveerd.

Artikel 17.26 Vergunningsvoorschrift omgevingsvergunning aanbieden van deelvoertuigen

Een vergunningvoorschrift, zoals bedoeld in artikel 4.5 van de Omgevingswet, kan aan een omgevingsvergunning worden verbonden, ten aanzien van het aantal, de categorie of het type deelvoertuigen, in het belang van:

  • a.

    het voorkomen van overlast;

  • b.

    het uiterlijk aanzien van de gemeente;

  • c.

    de veiligheid van het publiek;

  • d.

    de doorstroming van het verkeer; of

  • e.

    het voorkomen van onevenredig ruimtegebruik.

Artikel 17.27 Bevoegdheid tot aanwijzen

Het college kan wegen of weggedeelten aanwijzen waar:

  • a.

    uitsluitend deelvoertuigen mogen worden geplaatst en ter gebruik mogen worden aangeboden; of

  • b.

    geen deelvoertuigen mogen worden geplaatst en ter gebruik mogen worden aangeboden.

Paragraaf 17.3.2 17.4.2 Locatie gebonden bepalingen
Artikel 17.28 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 17.4 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 17.29 gereserveerd

gereserveerd

EEEEEEEEEE

Artikel 18.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 18.3 Beperkingengebied waterkering

FFFFFFFFFF

Het opschrift van paragraaf 18.1.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 18.1.4 Algemene bepalingenregels

GGGGGGGGGG

Artikel 18.14 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 18.14 Uitzondering innemen van een ligplaats in openbaar water

  • 1.

    In afwijking van het verbod van artikel 18.12 mag een vaartuig op een wachtplaats bij een sluis, ophaalburgophaalbrug of soortgelijke constructie tijdelijk een ligplaats innemen om te wachten totdat er verder gevaren kan worden, mits:

    • a.

      het vaartuig parellel langs de oever wordt afgemeerd;

    • b.

      op de walkant geen voorwerpen worden geplaatst; en

    • c.

      de openbare buitenruimte waarlangs het vaartuig is afgemeerd niet wordt gebruikt voor recreatieve doeleinden.

  • 2.

    Hetgeen opgenomen in artikel 18.12 en 18.13 is niet van toepassing voor zover op locatie beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot een weg of waterstaatswerk zijn opgenomen, waarvoor regels zijn gesteld bij of krachtens:

    • a.

      de Omgevingswet;

    • b.

      de Omgevingsverordening provincie Flevoland;

    • c.

      de waterschapsverordening;

    • d.

      de Wet milieubeheer; of

    • e.

      het Binnenvaartpolitiereglement.

  • 3.

    Binnen ligplaats innemen, bedrijfsactiviteiten is hetgeen opgenomen in artikel 18.12 en 18.13 niet van toepassing voor vaartuigen die ligplaatsen innemen voor bedrijfsactiviteiten van bedrijven.

HHHHHHHHHH

Voor paragraaf 18.3.1 wordt een paragraaf ingevoegd, luidende:

Paragraaf 18.3.1 Locatie gebonden bepalingen

Artikel 18.18 Regels over wateroppervlakte

Binnen wateroppervlakte 25% is de wateroppervlakte minimaal 25% per locatie.

IIIIIIIIII

Het opschrift van paragraaf 18.3.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 18.3.1 18.3.2 Beperkingengebied waterkering

JJJJJJJJJJ

Het opschrift van artikel 18.18 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 18.18 18.19 Vergunningsplicht beperkingengebiedactiviteit waterkering

KKKKKKKKKK

Het opschrift van artikel 18.19 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 18.19 18.20 Beoordelingsregels beperkingengebiedactiviteit waterkering

LLLLLLLLLL

Artikel 18.20 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 18.20 18.21 Aanvraagvereisten beperkingengebiedactiviteit waterkering

Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning worden de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    gegevens over de voorgenomen activiteit; en

  • b.

    de startdatum voor het verrichten van de activiteit.

MMMMMMMMMM

Artikel 18.21 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 18.21 18.22 Uitzondering op vergunningsplicht

Het verbod van artikel 18.1818.19 is niet van toepassing op activiteiten die behoren tot het normale onderhoud van het gebied van de waterkering.

NNNNNNNNNN

Artikel 19.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 19.2 Oogmerken

De regels in deze afdeling zijn gesteld met het oog op:

  • a.

    het beschermen van archeologische waarden archeologische waarde;

  • b.

    het beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden;

  • c.

    het beschermen van cultureel erfgoed; en

  • d.

    het beschermen van uitzonderlijke universele waarde van werelderfgoed.

OOOOOOOOOO

Na artikel 19.2 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 19.3 Aanwijzingen

PPPPPPPPPP

Artikel 19.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 19.3 19.4 Activiteiten in gebieden met archeologische verwachtingen

Bij het verrichten van activiteiten wordt in gebieden metbinnen een verwachtingengebied archeologie wordt voldaan aan afdeling 19.2.

QQQQQQQQQQ

Het opschrift van artikel 19.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 19.4 19.5 Activiteiten bij cultureel erfgoed

RRRRRRRRRR

Het opschrift van artikel 19.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 19.5 19.6 Activiteiten in beschermde landschapselementen en gebieden met aardkundige waarden

SSSSSSSSSS

Het opschrift van artikel 19.6 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 19.6 19.7 gereserveerd

TTTTTTTTTT

Na afdeling 19.1 wordt een afdeling ingevoegd, luidende:

Afdeling 19.2 Archeologisch erfgoed

Paragraaf 19.2.1 Algemene bepalingen

[Gereserveerd]

Paragraaf 19.2.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 19.8 Activiteiten ten behoeve van archeologische waarden

Binnen archeologie, activiteiten beschermde waarden zijn alleen activiteiten toegestaan ten behoeve van:

Artikel 19.9 Vergunningplicht archeologie
  • 1.

    Binnen archeologie, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning activiteiten te verrichten die de bodem kunnen verstoren.

  • 2.

    Het bepaalde in het tweede lid is niet van toepassing op activiteiten die:

    • a.

      het normale onderhoud en beheer betreffen;

    • b.

      in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen worden uitgevoerd, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie; en

    • c.

      niet dieper gaan dan 0,5 m beneden het maaiveld en een kleinere oppervlakte dan 100 m2 beslaan.

Artikel 19.10 Beoordelingsregels vergunning archeologie
  • 1.

    Binnen archeologie, beoordelingsregels 1 wordt een omgevingsvergunning alleen verleend, mits:

    • a.

      er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarden van de gronden;

    • b.

      er door de aanvrager een rapport wordt overlegd waarin:

      • 1.

        de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en

      • 2.

        in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en gedocumenteerd; en

    • c.

      voor de beoordeling van het onder b genoemde rapport, advies wordt ingewonnen bij de provinciaal archeoloog.

  • 2.

    Binnen archeologie, afwijking beoordelingsregels 1 wordt, in afwijking van het eerste lid, onder c, door het bevoegd gezag advies ingewonnen van een aangewezen deskundige, voordat de omgevingsvergunning wordt verleend, mits dit nodig is.

  • 3.

    Binnen archeologie, beoordelingsregels 2 wordt een omgevingsvergunning alleen verleend, mits:

    • a.

      er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarden van de gronden;

    • b.

      de mogelijkheden voor het herstel van de archeologische waarden niet onevenredig worden of kunnen worden verkleind; en

    • c.

      voor de beoordeling van het genoemde onder a en b, het bevoegd gezag schriftelijk advies inwint van de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.

Artikel 19.11 Uitzonderingen vergunningplicht archeologie
  • 1.

    Het bepaalde in artikel 19.9 is niet van toepassing op activiteiten die:

    • a.

      behoren tot het normale onderhoud en beheer;

    • b.

      niet dieper gaan dan 0,5 m beneden het maaiveld;

    • c.

      om een kleinere oppervlakte gaan dan 100 m2; en

    • d.

      worden uitgevoerd in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen, mits deze worden uitgevoerd door een daartoe bevoegde instantie.

  • 2.

    Binnen archeologie, uitzondering vergunningplicht is, in afwijking van het eerste lid, onder b, artikel 19.9 niet van toepassing op activiteiten die niet dieper gaan dan 1 m beneden het maaiveld.

  • 3.

    Binnen archeologie, vergunningvrij 1 is, in afwijking van het eerste lid, onder b, artikel 19.9 niet van toepassing op activiteiten die niet dieper gaan dan 0,3 m beneden het maaiveld.

  • 4.

    Binnen archeologie, vergunningvrij 2 is, in afwijking van het eerste lid, onder b, artikel 19.9 niet van toepassing op activiteiten die niet dieper gaan dan 0,4 m beneden het maaiveld.

Artikel 19.12 Aanvraagvereisten vergunning archeologie

Binnen archeologie, aanvraagvereisten worden bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    gegevens en bescheiden als opgenomen in afdeling 7.2 van de Omgevingsregeling;

  • b.

    een archeologisch rapport waarin:

  • c.

    overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.

Artikel 19.13 Aanvullende vergunningvoorschriften archeologie

Binnen archeologie, voorschriften vergunning kunnen, als uit het in artikel 19.10 genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarde van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen worden verstoord, één of meer van de volgende voorschriften worden verbonden aan de omgevingsvergunning:

  • a.

    de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden;

  • b.

    de verplichting tot het doen van opgravingen; en

  • c.

    de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg, die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties.

UUUUUUUUUU

Afdeling 19.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 19.2 Archeologisch erfgoed

Paragraaf 19.2.1 Algemene bepalingen

Artikel 19.7 gereserveerd

gereserveerd

Paragraaf 19.2.2 Locatiegebonden bepalingen

Artikel 19.8 Vergunningplicht archeologie
  • 1.

    Binnen archeologie, vergunningplicht is het verboden zonder omgevingsvergunning activiteiten te verrichten die de bodem kunnen verstoren.

  • 2.

    Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing op activiteiten die:

    • a.

      het normale onderhoud en beheer betreffen;

    • b.

      in het kader van archeologisch onderzoek en het doen van opgravingen worden uitgevoerd, mits verricht door een daartoe bevoegde instantie; en

    • c.

      niet dieper gaan dan 0,5 m beneden het maaiveld en een kleinere oppervlakte dan 100 m2 beslaan.

Artikel 19.9 Beoordelingsregels vergunning archeologie

Binnen archeologie, beoordelingsregels wordt een omgevingsvergunning alleen verleend, mits:

  • a.

    er geen onevenredige afbreuk wordt gedaan aan de archeologische waarden van de gronden;

  • b.

    er door de aanvrager een rapport wordt overlegd waarin:

    • 1.

      de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord in voldoende mate zijn vastgesteld; en

    • 2.

      in voldoende mate is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd; en

  • c.

    voor de beoordeling van het onder b genoemde rapport, advies wordt ingewonnen bij de provinciaal archeoloog.

Artikel 19.10 Aanvraagvereisten vergunning archeologie

Binnen archeologie, aanvraagvereisten worden bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:

  • a.

    gegevens en bescheiden als opgenomen in afdeling 7.2 van de Omgevingsregeling;

  • b.

    een archeologisch rapport waarin:

    • 1.

      de archeologische waarden van de gronden die blijkens de aanvraag kunnen worden verstoord zijn vastgesteld; en

    • 2.

      is aangegeven op welke wijze de archeologische waarden worden bewaard en/of gedocumenteerd; en

  • c.

    overige gegevens en bescheiden die samenhangen met een benodigde toetsing aan dit omgevingsplan.

Artikel 19.11 Aanvullende vergunningvoorschriften archeologie

Binnen archeologie, voorschriften vergunning kunnen, als uit het in artikel 19.9 genoemde rapport blijkt dat de archeologische waarden van de gronden door het verlenen van de omgevingsvergunning zullen worden verstoord, één of meer van de volgende voorschriften worden verbonden aan de omgevingsvergunning:

  • a.

    de verplichting tot het treffen van technische maatregelen waardoor de archeologische waarden in de bodem kunnen worden behouden;

  • b.

    de verplichting tot het doen van opgravingen; en

  • c.

    de verplichting de werken of werkzaamheden die leiden tot de bodemverstoring, te laten begeleiden door een deskundige op het terrein van archeologische monumentenzorg, die voldoet aan bij de vergunning te stellen kwalificaties.

[Vervallen]

VVVVVVVVVV

Paragraaf 20.2.1 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Paragraaf 20.2.1 Algemene bepalingen

Subparagraaf 20.2.1.1 Inleidende bepalingen

Artikel 20.2 gereserveerd

gereserveerd

Subparagraaf 20.2.1.2 Aanwijzingen

[Red: Artikel 20.2 verplaatst van paragraaf 20.2.1 naar subparagraaf 20.2.1.2. ]

Artikel 20.2 20.3 Aanwijzing hoogspanningsverbinding

WWWWWWWWWW

Het opschrift van artikel 20.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 20.3 20.4 Vergunningsplicht beperkingengebiedsactiviteit hoogspanningsleidingen

XXXXXXXXXX

Het opschrift van artikel 20.4 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 20.4 20.5 Beoordelingsregels beperkingengebiedsactiviteit hoogspanningsleidingen

YYYYYYYYYY

Het opschrift van artikel 20.5 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 20.5 20.6 Aanvraagvereisten beperkingengebiedsactiviteit hoogspanningsleidingen

ZZZZZZZZZZ

Artikel 20.6 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 20.6 20.7 Uitzondering op vergunningsplicht

AAAAAAAAAAA

Na afdeling 20.2 wordt een afdeling ingevoegd, luidende:

Afdeling 20.3 Warmtetransitie

Artikel 20.8 gereserveerd

gereserveerd

BBBBBBBBBBB

Afdeling 20.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 20.3 Warmtetransitie

Artikel 20.7 gereserveerd

gereserveerd

[Vervallen]

DDDDDDDDDDD

Afdeling 26.3 wordt geplaatst na afdeling 26.1. Afdeling 26.3 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 26.3 26.2 Kwaliteitsborging en afstemming uitvoering en handhaving

Artikel 26.3 gereserveerd

gereserveerd

EEEEEEEEEEE

Afdeling 26.2 wordt geplaatst na afdeling 26.3. Afdeling 26.2 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Afdeling 26.2 26.3 Strafbepalingen

[Gereserveerd]

FFFFFFFFFFF

Hoofdstuk 29 wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Hoofdstuk 29 SLOTBEPALINGEN

Afdeling 29.1 Uitvoerbaarheid en evaluatie

Artikel 29.1 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 29.2 Overige bepalingen

[Vervallen]

Afdeling 29.1 Uitvoerbaarheid en evaluatie

Artikel 29.1 gereserveerd

gereserveerd

Afdeling 29.2 Overige bepalingen

[Red: Artikel 29.2 ongewijzigd verplaatst van afdeling 29.2 naar afdeling 29.2. ]

Artikel 29.2 Citeertitel

Dit omgevingsplan wordt aangehaald als: Omgevingsplan gemeente Lelystad.

GGGGGGGGGGG

Bijlage I wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Bijlage I Begripsbepalingen

Voor de toepassing van dit omgevingsplan , met uitzondering van hoofdstuk 22 en 23,  wordt verstaan onder:

aanbouw

een gebouw dat als afzonderlijke ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw waarmee het in directe verbinding staat, welk gebouw onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw;

agrarisch hulpbedrijf

een bedrijf, dat is gericht op het verlenen van diensten, het leveren van dieren of goederen aan agrarische bedrijven of dat is gericht op het verwerken of het opslaan van dieren of producten, die afkomstig zijn van agrarische bedrijven;

archeologische verwachting

de aan een gebied toegekende verwachting in verband met de kans op de aanwezigheid van archeologische overblijfselen;

afmeervoorziening

een bouwwerk of constructie dat speciaal is ontworpen om schepen of andere vaartuigen te laten aanmeren;

archeologische waarde

waarde die aan een gebied is toegekend vanwege de kennis en wetenschap van de in dat gebied voorkomende overblijfselen van menselijke aanwezigheid of activiteiten uit het verleden;

bebouwing

één of meer gebouwen of bouwwerken geen gebouwen zijnde;

bebouwingspercentage

een in de regels aangegeven percentage, dat de grootte van het deel van het terrein aangeeft dat maximaal zal worden bebouwd, dit met inbegrip van de oppervlakte van (overdekte) bouwwerken, geen gebouwen zijnde;

bed and breakfast

het tegen betaling bieden van de ten opzichte van het hoofdgebruik ondergeschikte mogelijkheid tot recreatief nachtverblijf en ontbijt in de woning van de aanbieder;

bedrijfsgebouw

een gebouw dat dient voor de uitoefening van een bedrijf;

bedrijfsvloeroppervlakte

de totale oppervlakte van de voor bedrijfsuitoefening benodigde bedrijfsruimte, inclusief de verkoopvloeroppervlakte, opslag- en administratieruimten en dergelijke;

bedrijfswoning

een woning in of bij een gebouw of op een terrein, kennelijk slechts bedoeld voor (het huishouden van) een persoon, wiens huisvesting daar gelet op de functie van het gebouw of het terrein noodzakelijk is;

beroep of bedrijf aan huis

een beroeps- of bedrijfsactiviteit, waarvan de activiteiten in hoofdzaak niet publieksaantrekkend zijn en die op kleine schaal in een woning of de daarbij behorende bijgebouwen wordt uitgeoefend, waarbij de woning in overwegende mate haar woonfunctie behoudt en de desbetreffende activiteit een ruimtelijk uitstraling heeft die in overeenstemming is met de woonfunctie;

bestaande situatie

bebouwing, zoals aanwezig op het tijdstip van de ter inzagelegging van een ontwerpwijziging, dan wel zoals die mag worden gebouwd krachtens een vóór dat tijdstip aangevraagde vergunning en het gebruik van grond en opstallen, zoals aanwezig op het tijdstip dat de wijziging rechtskracht heeft verkregen;

bijgebouw

een op zichzelf staand, al dan niet vrijstaand gebouw, dat door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw;

bouwlaag

een doorlopend gedeelte van een gebouw dat door op gelijke of bij benadering gelijke hoogte liggende vloeren of balklagen is begrensd, zulks met inbegrip van de begane grond en met uitsluiting van onderbouw, dakopbouw en zolder;

bouwperceel

een aaneengesloten stuk grond, waarop ingevolge de regels een zelfstandige, bij elkaar behorende bebouwing is toegelaten;

buidelwoning

een onzelfstandige woonruimte in een woning, bedoeld voor de inwoning van ten hoogste twee personen die in een familie- of daarmee gelijk te stellen duurzame sociale relatie staan ten opzichte van de hoofdbewoner(s); 

carport

afdak voor een auto;

dakopbouw

een toevoeging aan de bouwmassa door het verhogen van de nok of dakrand van het dak, die het silhouet van het oorspronkelijke dak verandert;

detailhandel

het bedrijfsmatig te koop aanbieden, waaronder begrepen de uitstalling ten verkoop, het verkopen en/of leveren van goederen aan personen die goederen kopen voor gebruik, verbruik of aanwending anders dan in de uitoefening van een beroeps- of bedrijfsactiviteit;

detailhandel in grote goederen

detailhandel volgens een formule die vanwege de aard en/of omvang van de gevoerde artikelen een groot oppervlak nodig heeft voor de uitstalling, zoals de verkoop van auto's, boten, caravans, tuininrichtingsartikelen, bouwmaterialen, keukens en sanitair, alsmede woninginrichtingsartikelen, waaronder meubelen;

dienstverlening

het verlenen van economische en maatschappelijke diensten aan derden;

dierenhok

gebouw voor het houden van huisdieren;

erf

bebouwd of onbebouwd perceel, of een gedeelte daarvan, dat direct is gelegen bij een hoofdgebouw en in feitelijk opzicht is ingericht ten dienste van het gebruik van dat gebouw, waarbij het omgevingsplan die inrichting niet verbiedt;

erotisch getinte vermaaksfunctie

een vermaaksfunctie welke is gericht op het doen plaatsvinden van voorstellingen en/of vertoningen van porno-erotische aard, waaronder begrepen een seksbioscoop, een seksclub en een seksautomatenhal;

extensief agrarisch medegebruik

een agrarisch medegebruik in de vorm van extensief beheerd grasland en natuurakkers waarbij de instandhouding en versterking van omliggende en ter plaatse aanwezige natuur en landschapswaarden voorop staat;

extensieve dagrecreatie

een extensief dagrecreatief gebruik van gronden, dat ondergeschikt is aan de functie van de bestemming waarbinnen dit recreatief gebruik is toegestaan, zoals wandelen, fietsen, paardrijden, kanoën, met de daarbijbehorende voorzieningen zoals een vissteiger, een picknickplaats, of een naar de aard daarmee gelijk te stellen voorziening;

gebruiksmogelijkheden van de aangrenzende gronden

de mogelijkheden om gronden en daarop toegelaten bouwwerken overeenkomstig de daaraan toegekende functie te gebruiken;

geluidgevoelige functie

in een gebouw of op een ruimte aanwezige functies die maken dat een gebouw of ruimte als geluidgevoelig wordt aangemerkt;

geluidgevoelige gebouw

geluidgevoelig gebouwen op grond van artikel 3.21 Besluit kwaliteit leefomgeving;

geluidgevoelige ruimte

geluidgevoelige ruimten op grond van artikel 3.22 Besluit kwaliteit leefomgeving;

hoekperceel

een perceel, gelegen aan een hoek van twee wegen in het openbaar gebied;

hoofdbewoner

de eigenaar of de huurder van de woning die daar zijn hoofdverblijf heeft;

hoofdverblijf

de plaats die vanwege persoonlijke en economische belangen gezien wordt als de centrale levensplaats van een persoon;

horeca

een bedrijf waar bedrijfsmatig dranken en/of etenswaren voor gebruik ter plaatse worden verstrekt en/of waarin bedrijfsmatig logies wordt verstrekt, één en ander al dan niet in combinatie met een vermaaksfunctie, met uitzondering van een erotisch getinte vermaaksfunctie;

horeca categorie 1

een horecabedrijf dat aan detailhandelsfunctie verwante daghoreca voorziet, met een bedrijfsvloeroppervlak (B.V.O.) van minder dan 150 m2, en dat in beginsel alleen overdag en ‘s avonds geopend behoeft te zijn (vooral verstrekking van etenswaren en maaltijden) en daardoor slechts beperkte hinder voor omwonenden veroorzaakt. Daaronder worden begrepen: 

  • a.

    een automatiek;

  • b.

    een broodjeszaak of croissanterie;

  • c.

    een cafetaria;

  • d.

    een  koffiebar;

  • e.

    een lunchroom;

  • f.

    een ijssalon;

  • g.

    een snackbar;

  • h.

    tearoom;

  • i.

    een traiteur; of

  • j.

    een naar aard en openingstijden daarmee gelijk te stellen horeca-activiteit.

horeca categorie 2a

een horecabedrijf met een relatief beperkte verkeersaantrekkende werking dat in beginsel alleen overdag en ’s avonds geopend behoeft te zijn (vooral voor verstrekking van etenswaren en maaltijden) en daardoor slechts beperkte hinder voor omwonenden veroorzaakt. Daaronder worden begrepen:

  • a.

    een restaurant zonder bezorg- of afhaalservice;

  • b.

    een hotel; of

  • c.

    een horecabedrijf als bedoeld in horecabedrijf categorie 1, met een bedrijfsvloeroppervlakte van meer dan 150 m2.

horeca categorie 2b

een horecabedrijf met een relatief grote verkeersaantrekkende werking dat in beginsel alleen overdag en ’s avonds geopend behoeft te zijn (vooral voor verstrekking van etenswaren en maaltijden) en daardoor slechts beperkte hinder voor omwonenden veroorzaakt. Daaronder worden begrepen:

  • a.

    een restaurant met een bezorg- of afhaalservice; of

  • b.

    een naar aard daarmee gelijk te stellen horeca-activiteit.

horeca categorie 3

een horecabedrijf dat normaal gesproken ook delen van de nacht geopend is en dat daardoor aanzienlijke hinder voor omwonenden kan veroorzaken. Daaronder worden begrepen: 

  • a.

    een café of bar;

  • b.

    een grand-café;

  • c.

    een eetcafé;

  • d.

    een danscafé;

  • e.

    een biljartcentrum;

  • f.

    een shoarmazaak;

  • g.

    een grillroom;

  • h.

    een zalenverhuurcentrum (zonder regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek-/ dansevenementen; en

  • i.

    een naar aard en openingstijden daarmee gelijk te stellen horeca-activiteit.

horeca categorie 4a

een horecabedrijf dat voor een goed functioneren ook ’s nachts is geopend en dat tevens een groot aantal bezoekers aantrekt en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kan brengen en bedrijven waarin de bedrijfsvoering gericht is op het publiek gelegenheid te geven deel te nemen aan kansspelen. Daaronder worden begrepen:

  • a.

    partycentrum (regulier gebruik ten behoeve van feesten en muziek- / dansevenementen);

  • b.

    gereserveerd.

horeca categorie 4b

een horecabedrijf dat voor een goed functioneren ook ’s nachts is geopend en dat tevens een groot aantal bezoekers aantrekt en daardoor grote hinder voor de omgeving met zich mee kan brengen en bedrijven waarin de bedrijfsvoering gericht is op het publiek gelegenheid te geven deel te nemen aan kansspelen. Daaronder worden begrepen:

  • a.

    dancing/discotheek;

  • b.

    nachtclub;

  • c.

    speelautomaten- en gokhal; en

  • d.

    casino.

horeca categorie 5

een horecabedrijf dat is ingericht op het functioneren van een seksinrichting;

hospitaverhuur

de verhuur van een onzelfstandige woonruimte van maximaal 50% van het gebruiksoppervlak van een woning aan ten hoogste 1 persoon waarbij de woonvoorzieningen worden gedeeld met de hoofdbewoner die tevens verhuurder is;

houtteelt/bosbouw

de bedrijfsmatige uitoefening van uitsluitend de functie houtproductie op gronden, niet zijnde fruitteelt;

huishouden

een persoon of een groep personen die een met een gezinsverband vergelijkbaar huishouden voert waarbij sprake is van onderlinge verbondenheid, wederzijdse zorg en continuïteit in de samenstelling ervan, die binnen een woning gebruik maakt van dezelfde voorzieningen;  

kamerbewoning

het laten gebruiken van een (gedeelte van een) woning als onzelfstandige woonruimte;

kampeermiddel

een tent, een tentwagen, een kampeerauto, een caravan of een stacaravan, dan wel enig ander daarmee vergelijkbaar voertuig of onderkomen, dat geheel of ten dele is bestemd of opgericht dan wel wordt of kan worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf;

kantoorgebouw

een gebouw dat dient voor de uitoefening van administratieve werkzaamheden en werkzaamheden die verband houden met het doen functioneren van (semi)overheidsinstellingen, het bankwezen, en naar de aard daarmee gelijk te stellen instellingen;

kap

iedere bovenbeëindiging van een gebouw met een zekere helling;

kunstobject

voortbrengsel van de beeldende kunsten in de vorm van een bouwwerk, geen gebouw zijnde;

kunstwerk

een bouwwerk, geen gebouw zijnde, voor civieltechnische en/of infrastructurele doeleinden, zoals een brug, een dam, een duiker, een tunnel, een via- of aquaduct of een sluis, dan wel een daarmee gelijk te stellen voorziening;

landschappelijke waarden

de aan een gebied toegekende waarden in verband met de waarneembare verschijningsvorm van dat gebied;

ligplaats

een ruimte voor het afmeren en doen of laten liggen van een vaartuig;

logiesverstrekking

het bieden van de ten opzichte van het hoofdgebruik ondergeschikte mogelijkheid tot recreatief nachtverblijf en maaltijden binnen de hoofdfunctie, waaronder een bed & breakfast en een pension;

maatschappelijke dienstverlening

het verlenen van diensten in de medische, sociale, educatieve, culturele, religieuze en administratieve sfeer en andere vormen van dienstverlening, die een min of meer openbaar karakter hebben, met uitzondering van een seksinrichting;

milieusituatie

de situatie, waarbij milieuaspecten dienen te worden beoordeeld, zoals hinder voor omwonenden en een verkeersaantrekkende werking. In het bijzonder dient er bij de situering en omvang van milieubelastende functies (o.a. bedrijven) op te worden gelet dat de uitbreiding of nieuwvestiging van milieugevoelige functies (o.a. woningen) zo weinig mogelijk wordt beperkt. Omgekeerd dient er bij uitbreiding of nieuwvestiging van milieugevoelige functies op te worden gelet dat bestaande milieubelastende functies zo weinig mogelijk in hun functioneren worden beperkt;

natuurlijke waarden

de aan een gebied toegekende waarden in verband met de geologische, bodemkundige en biologische elementen voorkomende in dat gebied, waaronder soortenbescherming bij of krachtens de Omgevingswet;

nutsvoorzieningen

voorzieningen ten behoeve van het openbaar nut, zoals transformatorhuisjes, gasreduceerstations, schakelhuisjes, gemaalgebouwtjes, apparatuur voor telecommunicatie, middelen voor (ondergrondse) afvalinzameling en andere naar de aard daarmee gelijk te stellen voorzieningen;

ondergeschikte functie

een functie (gebruiksactiviteit) die aanvullend is aan een andere op locatie toegestane functie, wat betekent dat ze primair bedoeld is om bij te dragen aan de kwaliteit of beleving van die andere functie. Met ondergeschikt wordt bedoeld dat er duidelijk sprake is van een secundair karakter en de functie fysiek en functioneel verweven is met een andere functie, zoals door een gedeelde toegang en gelijke openingstijden;

onzelfstandige woonruimte

een woonruimte die geen eigen toegang heeft en die niet door een huishouden kan worden bewoond zonder gebruik te maken van wezenlijke voorzieningen, zoals een badkamer, toilet en keuken, buiten die woonruimte;

parkeren

parkeren als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

peil

Onder peil wordt verstaan:

  • a.

    voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang direct aan de weg grenst: de hoogte van de weg ter plaatse van die hoofdtoegang (straatpeil);

  • b.

    voor een bouwwerk waarvan de hoofdtoegang niet direct aan de weg grenst: de hoogte van het terrein ter plaatse van die hoofdtoegang bij voltooiing van de bouw (straatpeil); of

  • c.

    in andere gevallen en voor bouwwerken, geen gebouwen zijnde: de gemiddelde hoogte van het aansluitende afgewerkte maaiveld.

permanente bewoning

bewoning als hoofdverblijf binnen de vaste woonplaats;

productie gebonden detailhandel

detailhandel in goederen die ter plaatse worden vervaardigd, gerepareerd en/of toegepast in het productieproces, waarbij de detailhandelsfunctie ondergeschikt is aan het productieproces;

parkeerplaatsen grote voertuigen

Binnen gemeente Lelystad zijn de volgende locaties aangewezen voor het parkeren van grote voertuigen:

  • Het specifieke vrachtwagenparkeerterrein in de hoek Vaartweg-Zuiveringweg (bedrijventerrein Noordersluis);

  • Bedrijventerrein Noordersluis: alleen op de wegen Verlaatweg, Havenweg, Loodsweg, Bouwweg en het gedeelte van de Vaartweg tussen de Loodsweg en de rioolwaterzuivering De Kringloop;

  • Bedrijventerrein Oostervaart: alle wegen met uitzondering van de Binnenhavenweg, Bronsweg en Steenstraat;

  • Bedrijventerrein Gildenhof: alle wegen met uitzondering van de Schroefstraat.

recreatief nachtverblijf

recreatie in een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf, zoals een recreatiewoning, kampeerhuisje, logeergebouw, pension of kampeermiddel door personen die hun hoofdverblijf elders hebben; 

parkeren

parkeren als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

prostitutie

het zich beschikbaar stellen tot het verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen vergoeding;

recreatief nachtverblijf

recreatie in een bouwwerk voor recreatief nachtverblijf, zoals een recreatiewoning, kampeerhuisje, logeergebouw, pension of kampeermiddel door personen die hun hoofdverblijf elders hebben;

seksinrichting

een voor publiek toegankelijke, besloten ruimte waarin bedrijfsmatig, of in omvang alsof zij bedrijfsmatig was, seksuele handelingen worden verricht, of vertoningen van erotisch pornografische aard plaatsvinden. 

Onder seksinrichting wordt in ieder geval verstaan, al dan niet in combinatie met elkaar:

  • a.

     een (raam)prostitutiebedrijf;

  • b.

    een seksbioscoop;

  • c.

    een seksautomatenhal;

  • d.

    een sekstheater;

  • e.

    een parenclub; 

  • f.

    een privé-huis; of

  • g.

    een erotische massagesalon.

semi-agrarische activiteiten

activiteiten gericht op de handel in bloemen, planten en dieren en/of de bewaring van dan wel sportbeoefening met dieren, zoals een plantencentrum, fokken of kweken van dieren, hondenkennel -opvang en -africhtstation, pony- of paarden(koets)houderij, manege, imkerij met gerelateerde activiteiten, kleinschalige vormen van natuurgerichte educatie en workshops, tuinontwerpbureaus, hoveniersbedrijven, recreatieve of educatieve voorbeeld of siertuinen, vervaardiging plan- of bloemsieraden, detailhandel in tuinmeubelen / tuininrichtingsartikelen, koffie en theeschenkerijen;

sociale veiligheid

de mogelijkheid om zich in een omgeving te bevinden zonder bedreigd te worden of het gevoel te hebben persoonlijk lastig te worden gevallen;

standplaats

het vanaf een vaste plaats op een openbare en in de openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten aan te bieden, gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een wagen of een tafel;

straat- en bebouwingsbeeld

een in stedenbouwkundig opzicht, samenhangend straat- en bebouwingsbeeld, dat zich in het algemeen kenmerkt door: 

  • a.

    een goede verhouding tussen bouwmassa en open ruimte;

  • b.

    een goede hoogte-/breedteverhouding tussen de bebouwing onderling; en,

  • c.

     een samenhang in bouwvorm/architectonisch beeld tussen bebouwing die ruimtelijk op elkaar georiënteerd is;

uitbouw

een gebouw dat als vergroting van een bestaande ruimte is gebouwd aan een hoofdgebouw, welk gebouw door de vorm onderscheiden kan worden van het hoofdgebouw en dat in architectonisch opzicht ondergeschikt is aan het hoofdgebouw;

veiligheidszone

afstand van de plaatsgebonden risicocontour 10-6 van LPG-tankstations en kaststations;

verkeer

verkeer als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

verkeersveiligheid

de veiligheid voor het verkeer die wordt bepaald door de mate van overzichtelijkheid en vrij uitzicht (met name bij kruisingen van wegen en uitritten) en de (mogelijke) effecten van bebouwing en overige inrichtingselementen op de gedragingen van verkeersdeelnemers;

verkoopvloeroppervlakte

de totale oppervlakte van de voor het publiek toegankelijke en zichtbare winkelruimte, inclusief de etalageruimte en de ruimte achter de toonbank;

weg

weg als bedoeld in de bijlage bij de Omgevingswet;

voertuig

voertuigen als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

voorgevel

de naar de weg gekeerde gevel van een gebouw of, indien het een gebouw betreft met meer dan één naar de weg gekeerde gevels, de gevel die kennelijk als zodanig moet worden aangemerkt;

voertuig

voertuigen als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

voorgevelrooilijn

de lijn die loopt langs de voorkant van dat hoofdgebouw en vanaf daar evenwijdig loopt met het aangrenzend openbaar toegankelijk gebied zonder het hoofdgebouw te doorkruisen of in het gebouwerf achter het hoofdgebouw te komen;

vuurwerkbedrijf

een bedrijf dat is gericht op de vervaardiging of assemblage van vuurwerk, de (detail)handel in vuurwerk, de opslag van vuurwerk of de daarvoor benodigde stoffen;

vuurwerkverkooppunt

een bedrijf dat is gericht op de (detail)handel in vuurwerk;

waterpeil

het plaatselijk aan te houden waterpeil volgens vigerend peilbesluit;

weggebruikers

weggebruikers als bedoeld in artikel 1 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990;

windmolen

een turbine, voorzien van wieken, geplaatst op een hoge mast, waarmee de bewegingsenergie van de lucht (wind) wordt omgezet in rotatie-energie voor het opwekken van elektriciteit;

woonruimte

een besloten ruimte die, al dan niet tezamen met één of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden, met inbegrip van een woonwagen en een woonschip, mits aanwezig op een daartoe aangewezen standplaats dan wel ligplaats;

wonen

activiteit inhoudende de bewoning van een woonruimte;

woning

een woonruimte bedoeld voor de huisvesting van één afzonderlijk huishouden;

woningsplitsing

het bouwkundig of functioneel splitsen van een bestaande woning in twee of meer aparte woningen;

woongebouw

een gebouw dat meerdere naast elkaar en/of geheel of gedeeltelijk boven elkaar gelegen woningen omvat, met één of meer gemeenschappelijke toegangen en dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden;

woonhuis

een grondgebonden woning dat qua uiterlijke verschijningsvorm als een eenheid beschouwd kan worden;

woonruimte

een besloten ruimte die, al dan niet tezamen met één of meer andere ruimten, bestemd of geschikt is voor bewoning door een huishouden, met inbegrip van een woonwagen en een woonschip, mits aanwezig op een daartoe aangewezen standplaats dan wel ligplaats;

woonschepenligplaats

een (water)kavel, bedoeld voor het hebben en houden van een woonschip;

woonschip

een drijvend bouwwerk dat uitsluitend of hoofdzakelijk wordt gebruikt als woning;

woonsituatie

een situatie waarbij, mede door de situering van om de woonfunctie liggende functies en bebouwing, in ieder geval sprake is van een redelijke daglichttoetreding, een redelijke mate van uitzicht en voldoende privacy, alsmede van afwezigheid van hinder;

woonwagen

een niet duurzaam met de grond verenigde woning dat is geplaatst op een woonwagenstandplaats en dat in zijn geheel of in delen kan worden verplaatst;

woonwagenstandplaats

een kavel, bedoeld voor het plaatsen of geplaatst houden van een woonwagen;

woonzorgcentrum

een accommodatie met bijbehorende voorzieningen voor de huisvesting van personen die bij hun normale, dagelijkse functioneren huishoudelijke, sociale, sociaal-medische en/of medische begeleiding en/of verzorging behoeven, zoals ouderen of gehandicapten;

zelfstandige woonruimte

een woonruimte die een eigen toegang heeft en die door een huishouden kan worden bewoond zonder dat dit huishouden daarbij afhankelijk is van wezenlijke voorzieningen, zoals een badkamer, toilet en keuken, buiten de woonruimte;

zorgboerderij

een agrarisch bedrijf waar de ondernemer de activiteiten van het bedrijf combineert met zorgtaken;

zorgwoning

een woning die gekoppeld is:

  • a.

    aan een zorgfunctie, omdat minimaal een van de bewoners vanwege zijn of haar beperkte zelfredzaamheid vanaf de aanvang van de bewoning een zorgprofiel door middel van een objectieve zorgindicatie heeft op basis van een ter zake van overheidswege gehanteerd systeem (Wet langdurige zorg), waarbij de benodigde zorg beschikbaar is in de directe nabijheid van de woning en de benodigde zorg door de persoon of personen die is/zijn geïndiceerd voor zorg ook daadwerkelijk wordt afgenomen; of

  • b.

    aan een maatschappelijke functie, omdat aan minimaal een van de bewoners vanaf de aanvang van de bewoning een maatwerkvoorziening is verstrekt op basis van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 (Wmo 2015) ten behoeve van beschermd wonen dan wel opvang in de zin van artikel 1.1.1, eerste lid van de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015.

HHHHHHHHHHH

Bijlage III wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Bijlage III Overzicht Informatieobjecten

aanbouw, plat dak, tenzij 2

/join/id/regdata/gm0995/2024/680ac7a1d60e450ab97a17e90ff980e9/nld@2025‑06‑05;05522335

aanbouw bouwen, bouwhoogte 3,5 m voorerf

/join/id/regdata/gm0995/2025/3c94c218f2cb4d9b9b861d2282787340/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw bouwen, diepte 5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/46e55d1324bd4ef991007030ac70bdb7/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw zijgevel

/join/id/regdata/gm0995/2025/f65e4dfbc57240bd85135fde48d9163f/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, 1 bouwlaag

/join/id/regdata/gm0995/2025/320d14c415284568b60d735a64c0ebda/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, 3 m naar zijkant perceel, zijgevel

/join/id/regdata/gm0995/2025/b1777f546f09412d8c4a8cf5c85869c7/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, afstand achterkant perceel 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/8ad2a62cc0bb4da684c8d292cb04a996/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, afstand achterkant perceel 7 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/2558890d84ae41deba772221f32aef57/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, diepte 4 m achter bouwvlak

/join/id/regdata/gm0995/2024/bbd5be4b00b5442f9d12d7c3d2201f83/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/bbd5be4b00b5442f9d12d7c3d2201f83/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, goothoogte 3,5 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/fac9d85a74b14780a97e40f492ff9598/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/fac9d85a74b14780a97e40f492ff9598/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, beoordelingsregels

/join/id/regdata/gm0995/2024/06af7321fad047d49f65e82ab4a6152a/nld@2025‑06‑05;05522335

aanbouw, in achterste perceelsgrens

/join/id/regdata/gm0995/2025/e9e327606047408680c96b9391251f0d/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, voorwaarden goothoogte

/join/id/regdata/gm0995/2025/10d8ac6431f84ec59881b3bcbe05370c/nld@2025‑12‑24;07050798

afwijken afstand achterkant perceel 4 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/1b176f110e9f47d48c267b020dce7809/nld@2025‑12‑24;07050798

afwijken maximale korrelgrootte per gebouweenheid, 7

/join/id/regdata/gm0995/2025/14c362b84a114b8fadfe8f13a946c11b/nld@2025‑12‑24;07050798

afwijken maximale korrelgrootte per gebouweenheid, 9

/join/id/regdata/gm0995/2025/1e00b8aae5df4ddba027154fa85a976e/nld@2025‑12‑24;07050798

afwijking goothoogte, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/76278604805c4d7f969a81219e412491/nld@2025‑06‑05;05522335

agrarisch

/join/id/regdata/gm0995/2025/b24b6dd4cb4248c8a8e18bf305205cf7/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, bewerking en opslag

/join/id/regdata/gm0995/2025/13b4298e314b462290587c3075fcf5a3/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, de groene velden

/join/id/regdata/gm0995/2025/9d61f1d8feb442f7ac8420b50e25a8ea/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, hulpbedrijf

/join/id/regdata/gm0995/2025/89f065bdd9d941a19486fe91a18caf40/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, intensieve veehouderij

/join/id/regdata/gm0995/2025/97e2bffeb9a3404fad591cff88b550c9/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, loonwerk/veehandel

/join/id/regdata/gm0995/2025/f92e1ccf3bb141c3b34a10edc6e68abc/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, vergunningplicht nevenactiviteiten

/join/id/regdata/gm0995/2025/074249e4ba804898bae14c1991467912/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, vergunningplicht zorgboerderij

/join/id/regdata/gm0995/2025/5f7e39bc8fa44e88aec454cdfc7e5081/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, zone waterkering

/join/id/regdata/gm0995/2025/e4c14853f3d04a2f905c60622fae03a3/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarisch, zorgboerderij

/join/id/regdata/gm0995/2025/86c3bada3ca44348b382e0f039b082dd/nld@2025‑12‑24;07050798

agrarische locaties

/join/id/regdata/gm0995/2025/e980aece71aa4a51a27709a0b7037d49/nld@2025‑12‑24;07050798

ander bouwwerk bouwen, boomhut

/join/id/regdata/gm0995/2025/d62a68c2ae244daebc674e62b74df214/nld@2025‑12‑24;07050798

ander bouwwerk bouwen, brandtoren

/join/id/regdata/gm0995/2025/56cf20c9d048456c85bf165ef0b95d06/nld@2025‑12‑24;07050798

ander bouwwerk bouwen, geluidsscherm 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/ac1a60fd25ef4608b34ffd7547bb6292/nld@2025‑12‑24;07050798

ander bouwwerk bouwen, schuilplaats

/join/id/regdata/gm0995/2025/605c683962a24afcb45bf48b7427287e/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, aanvraagvereisten

/join/id/regdata/gm0995/2024/739550d3040549d69f8d7496991be168/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/739550d3040549d69f8d7496991be168/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, activiteiten beschermde waarden

/join/id/regdata/gm0995/2025/a9b9201a1e7b4da593a3d897513bc73f/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, afwijking beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/5c8e4e907bbc4e039b27d62505432f67/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/884a4b61ff664a28b2b801470905d446/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/10fb3efcdfcd432b9321c02002c23079/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, uitzondering vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/674bfb51e176431284117ba6696d2505/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/6082385deb0f4664a708ad64bfbf9409/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/6082385deb0f4664a708ad64bfbf9409/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, vergunningvrij 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/53dc4c6c80ce4d3d80544197079f9306/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, vergunningvrij 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/38b817f4c009401e95b2c8ed9de0de30/nld@2025‑12‑24;07050798

archeologie, voorschriften vergunning

/join/id/regdata/gm0995/2024/c811d3d6e0044c13a9cb5fe7b89797ba/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/c811d3d6e0044c13a9cb5fe7b89797ba/nld@2025‑12‑24;07050798

b&b, aanvullende beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/31a22d460bcc4bfcbc6a7ac4e66b67d5/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/31a22d460bcc4bfcbc6a7ac4e66b67d5/nld@2025‑12‑24;07050798

B&B, aanvullende beoordelingsregels 1 CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/c1a90b896b46412d8a29929aaf006b29/nld@2025‑12‑18;15563859

b&b, aanvullende beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2024/089de4a4da7c4be1b4f21effc53dc57a/nld@2025‑06‑05;05522335

b&b, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/188416c1c7874d388d2418e786883d2e/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/188416c1c7874d388d2418e786883d2e/nld@2025‑12‑24;07050798

B&B, beoordelingsregels 1 CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/6ed5f08b132e47e6a737b5d1cf4a98a9/nld@2025‑12‑18;15563859

b&b, beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/94dd99537cf44b8a84de70e5ae21fd67/nld@2025‑06‑05;05522335

b&b, toegestaan

/join/id/regdata/gm0995/2024/1c6ae8a634844e279c33969d3d61bd69/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/1c6ae8a634844e279c33969d3d61bd69/nld@2025‑12‑24;07050798

b&b, toegestaan 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/a5f01fa29de8478196194b673b3a27cd/nld@2025‑12‑24;07050798

b&b, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/29b93ee9210d4115aee1914fabdf874e/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/29b93ee9210d4115aee1914fabdf874e/nld@2025‑12‑24;07050798

B&B, vergunningplicht CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/4b2bc8b458a44732b94cabecca6749d3/nld@2025‑12‑18;15563859

bebouwde kom

/join/id/regdata/gm0995/2025/b5c539e963d14d2f9c6a4d19c6f656f3/nld@2025‑10‑29;08114054

bebouwingscontour houtkap

/join/id/regdata/gm0995/2025/7a087097101d492888d8434e108cd583/nld@2025‑10‑29;08114054

bebouwingscontour jacht

/join/id/regdata/gm0995/2025/5e945ad9d05a4e57be40edb2e086b334/nld@2025‑10‑29;08114054

bebouwingscontour, houtkap

/join/id/regdata/gm0995/2025/c160d8adfaf54e19a01a514bd32da177/nld@2025‑10‑29;08114054

bebouwingscontour, jacht

/join/id/regdata/gm0995/2025/eeadd1d1304f484f8182195e2cce3c04/nld@2025‑10‑29;08114054

bebouwingspercentage, woonhuis

/join/id/regdata/gm0995/2025/7eb8ff1e2a394ad9937333708aa3cdbe/nld@2025‑12‑24;07050798

bedrijf

/join/id/regdata/gm0995/2024/0a436e0f626246db8837577e9a5c38b5/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/0a436e0f626246db8837577e9a5c38b5/nld@2025‑12‑24;07050798

bedrijf, beperkte milieu-impact

/join/id/regdata/gm0995/2024/5f4718966bcd4665b258ad1677ca8fbf/nld@2025‑06‑05;05522335

bedrijf, kantoor max. 30% BVO

/join/id/regdata/gm0995/2024/7536c8cce8cc460ab5ec11ca6584fe0d/nld@2025‑06‑05;05522335

bedrijf, opslagterrein

/join/id/regdata/gm0995/2024/e1e2e0cd588448c4a0d1dc897112c1bb/nld@2025‑06‑05;05522335

bedrijf, stil en veilig

/join/id/regdata/gm0995/2024/47021cc35c42457bb6140f8b137ce275/nld@2025‑06‑05;05522335

bedrijf, verbod vuurwerkbedrijf

/join/id/regdata/gm0995/2025/0432679422bc4379bd0a3288d333e25d/nld@2025‑06‑05;05522335

bedrijfslocaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/986ddacc1a8149f2a0a1b9971d9f7e4a/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/986ddacc1a8149f2a0a1b9971d9f7e4a/nld@2025‑12‑24;07050798

bedrijfsmatige recreatie

/join/id/regdata/gm0995/2024/e8500793c4ec489496244593f0f7c09d/nld@2025‑06‑05;05522335

bedrijfsmatige recreatie, max. 1500 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/1eb5a6f345c5454fb98f559ac478a127/nld@2025‑06‑05;05522335

bedrijfswoning, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/6780c908b1984dc291f33c38a53fc4da/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2025/6780c908b1984dc291f33c38a53fc4da/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied buisleidingen

/join/id/regdata/gm0995/2024/f2b19c5a72a040acb354e19fd33bc2f2/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/f2b19c5a72a040acb354e19fd33bc2f2/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied ecologie

/join/id/regdata/gm0995/2024/c0c394d125b649ec85d08f83e947ed6c/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/c0c394d125b649ec85d08f83e947ed6c/nld@2025‑12‑24;07050798

carport bouwen, voor voorgevelrooilijn

/join/id/regdata/gm0995/2024/168bbe3db0fb4dad85220fada96a62db/nld@2025‑06‑05;05522335

beperkingengebied hoogspanningsleidingen

/join/id/regdata/gm0995/2024/851ca85d8b314ba9a465fa37406baf74/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/851ca85d8b314ba9a465fa37406baf74/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied rijkswegen

/join/id/regdata/gm0995/2025/77a37c56c58b4e8e818abe30498e0db6/nld@2025‑10‑29;08114054

beperkingengebied straalpad

/join/id/regdata/gm0995/2024/55af2c86dac94a9bb8655cd2572ce0a2/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/55af2c86dac94a9bb8655cd2572ce0a2/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied waterkering

/join/id/regdata/gm0995/2024/892f561afea74997a2846475242f2c9f/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/892f561afea74997a2846475242f2c9f/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied, buisleidingen

/join/id/regdata/gm0995/2024/beb259ed3560495f9496506bbca46af8/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/beb259ed3560495f9496506bbca46af8/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied, ecologie

/join/id/regdata/gm0995/2024/e26c99e0d67b4901838200ec9bafa9ad/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/e26c99e0d67b4901838200ec9bafa9ad/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied, straalpad

/join/id/regdata/gm0995/2025/57d2369dd5b24b72820529057a33e990/nld@2025‑12‑24;07050798

beperkingengebied, waterkering

/join/id/regdata/gm0995/2024/92f288b6f4e94e15b7d3994c6fd3909e/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/92f288b6f4e94e15b7d3994c6fd3909e/nld@2025‑12‑24;07050798

beplanting, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/7c0c72878bb348e1be5b034a311e0596/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, achtererf

/join/id/regdata/gm0995/2025/b6a718f98615491e91b560dbb85ab235/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, bouwhoogte 5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/114adfb0aacd471cbccf1221b39d4168/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, bouwhoogte 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/3453a36e5a124f59a115762ea569042f/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, goothoogte 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/e9275f83e2f3418089b2b050c87d8684/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, goothoogte 3,5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/580fc4139c8645f780856fc5ed613383/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, max. oppervlakte

/join/id/regdata/gm0995/2025/6949740f09164716a280f4be3a1b8382/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, oppervlakte max. 100 m2

/join/id/regdata/gm0995/2025/314692c3690f4186843aa32e2b1090ff/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, gezamenlijke oppervlakte max. 30 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/d718a8b4c845449badd5cc591e6c49e1/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/d718a8b4c845449badd5cc591e6c49e1/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, oppervlakte max. 50 m2

/join/id/regdata/gm0995/2025/045b3307869c4dfb869e479667538a6d/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, plat dak, tenzij

/join/id/regdata/gm0995/2025/fd0d25d9a14a4fd7b4284720536932ba/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk bouwen, voorerf

/join/id/regdata/gm0995/2025/e87f2473e5564c51add87cb0b00a7f4f/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, 1 m naar openbaar gebied, achtererf

/join/id/regdata/gm0995/2024/f33673924030432f837f04de9f085be1/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/f33673924030432f837f04de9f085be1/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, 2 m naar openbaar gebied, voorerf

/join/id/regdata/gm0995/2024/a176d1c608054cf58783941a6b965ee5/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/a176d1c608054cf58783941a6b965ee5/nld@2025‑12‑24;07050798

erfafscheiding, 2 m voor voorgevelrooilijn

/join/id/regdata/gm0995/2024/9975ed607b5c419db1300769c6006241/nld@2025‑06‑05;05522335

bijbehorend bouwwerk, in zijdelingse perceelsgrens, achter stallingsgarage

/join/id/regdata/gm0995/2025/d67aee353f7d43838347bc25771c2012/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, max. 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/ed73528169ae41b09c2863c2e1963f3d/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, max. 1 bouwlaag

/join/id/regdata/gm0995/2025/2cb691a2f45347a78b99e1c173adb9a0/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, max. 50% achtererf

/join/id/regdata/gm0995/2025/9a12554bb720462ca2a8d7e986352d00/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, plat dak

/join/id/regdata/gm0995/2024/809e510a88d04c4d816c3e9428021e56/nld@2025‑06‑05;05522335

bijbehorend bouwwerk, plat dak

/join/id/regdata/gm0995/2024/809e510a88d04c4d816c3e9428021e56/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, plat dak, tenzij 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/1d137444becf4073b95830c6db6506af/nld@2025‑06‑05;05522335

bijbehorend bouwwerk, plat dak, tenzij 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/1d137444becf4073b95830c6db6506af/nld@2025‑12‑24;07050798

aanbouw, plat dak, voorerf

/join/id/regdata/gm0995/2024/30a88b549fec4865ba3d4ec669f555ce/nld@2025‑06‑05;05522335

bijbehorend bouwwerk, plat dak, voorerf

/join/id/regdata/gm0995/2024/30a88b549fec4865ba3d4ec669f555ce/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, voorerf 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/538553fa37284f10bfd0abfdce4835d9/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, voorerf 3

/join/id/regdata/gm0995/2025/477f2c202cf24efeb01327b9770dd0e7/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorend bouwwerk, voorerf 4

/join/id/regdata/gm0995/2024/360640e5226743e6a157505d3c02e43d/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/360640e5226743e6a157505d3c02e43d/nld@2025‑12‑24;07050798

bijbehorende bouwwerk bouwen, binnen bouwvlak tenzij

/join/id/regdata/gm0995/2025/31b4d9fe23ce4eaa82e9218f325f5036/nld@2025‑12‑24;07050798

bijgebouw achtererf

/join/id/regdata/gm0995/2025/2bbce2bbbaef4d7aa98689fc15ce416b/nld@2025‑12‑24;07050798

bijgebouw bouwen, bouwhoogte 4 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/18b824511d32486e9c9725aaae6cc9cf/nld@2025‑12‑24;07050798

bijgebouw bouwen, buiten bouwvlak

/join/id/regdata/gm0995/2025/1c0e39aa46674c4bb4a89b1933cbccd2/nld@2025‑12‑24;07050798

bijgebouw bouwen, oppervlakte kleiner dan hoofdgebouw

/join/id/regdata/gm0995/2025/31dcf7fbed8f466a8916618bcd67fa9d/nld@2025‑12‑24;07050798

bijgebouw, 10 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/0996372380a94a4283ecbad15aa158b6/nld@2025‑12‑24;07050798

bijgebouw, niet op steigers of vlonders

/join/id/regdata/gm0995/2025/d00277a901b2447ba6a29c65377b3922/nld@2025‑12‑24;07050798

bioreactor, 4 m/200 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/b98442b3a96846579fc1eaef9f69de56/nld@2025‑12‑24;07050798

bodemactiviteit, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/444f8d57ab22496cba3ab07040276957/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwactiviteit maatwerkvoorschriften

/join/id/regdata/gm0995/2024/b89bacac5715425d80f7c9e9e35407a9/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwen, bouwlocatie toren

/join/id/regdata/gm0995/2025/0f07c775b8c240c38d622e00b8ea021a/nld@2025‑12‑17;12365274

bouwen, maximale oppervlakte in m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/001dba853637466a8fef453982d96132/nld@2025‑12‑17;12365274

bouwen, maximum bebouwingspercentage gebouw (%)

/join/id/regdata/gm0995/2025/56057b05d7b744c3a900c703bed52eec/nld@2025‑12‑17;12365274

bouwen, maximum bouwhoogte gebouw

/join/id/regdata/gm0995/2025/03ac2df684ec47b1b301c471c47404ef/nld@2025‑12‑17;12365274

bouwen, maximum goothoogte gebouw

/join/id/regdata/gm0995/2025/e3f31b4de72f4bf3a24853c4e94c06cb/nld@2025‑12‑17;12365274

bouwregels aanbouwen per woningtype

/join/id/regdata/gm0995/2025/ac65c4c373c04448a65feaba7e4f3b63/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwvlak

/join/id/regdata/gm0995/2024/8ee0a43eafc64913b6cf74edc9e9e0e5/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/8ee0a43eafc64913b6cf74edc9e9e0e5/nld@2025‑12‑24;07050798

Bouwvlak CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/977a006ebfa648adb4314c8af436ef07/nld@2025‑12‑18;15563859

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 1 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/509e0779a0f24ccda0e76ca4979b4d71/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/1e41aa3195bf4a9ab8f099b15ae95586/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/1e41aa3195bf4a9ab8f099b15ae95586/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/bb983ab9cda245b4b18afe8d78f0072a/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 2 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/1d77f05709a0482494fe68b74b15168c/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 20 m, mits

/join/id/regdata/gm0995/2025/4e705e3aae1b4497bba197c64ddb70f4/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/f9ce2e9a3e9c414d88c64a97178cfcd1/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/f9ce2e9a3e9c414d88c64a97178cfcd1/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 4 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/32e80bc7439642af9278f2bbaba59a51/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 5 m, mits (1)

/join/id/regdata/gm0995/2025/9155520d12774c7e96d4ff98efd02876/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 5 m, mits (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/3ee5908956904d36af3be8bf7f9a285f/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/343e3978ec7948f28e003c677bd5f6e3/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 60 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/941d5a9319874013b9ab965298f4c1da/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 60 m, mits

/join/id/regdata/gm0995/2025/d73da4c02f274f05ac1d807bfb8d30a3/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 7 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/2aa46a8d0eda4c42a8718e9c7ade046c/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/2aa46a8d0eda4c42a8718e9c7ade046c/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 9 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/1573be1eeb3b42ef83a5e86b1da323f6/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, 9 m, mits

/join/id/regdata/gm0995/2025/02e6de8145814525821f17e2613b5eb3/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, erfafscheiding 1 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/2c99bd042a2c4199b975299ab4b6299e/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, erfafscheiding 2 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/d389fc0b6a564b199b0c3bda39070984/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, representatieve bouwwerken

/join/id/regdata/gm0995/2025/f2c6ef4fdf7a42eeab37f3a224ee0cd8/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, speeltoestel 16 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/9c21e72213cd4762827568b4cd6cb486/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen, speeltoestel 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/36ff3f0f591e4f40b2b126af16ada154/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, entreeportaal, 8 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/a6b82ce32ce546f9b9aea115955c0663/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, kunstwerken 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/740615fe1f7041658112aa201e5c243e/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, kunstwerken 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/fdd28e2c2de34982b90328d75ea28da9/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, kunstwerken 5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/a68b86c796dc4fbba3f0cf7a6cc61397/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, lantaarnpalen, 8 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/f4667921405341b9912c8485e4c43908/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lantaarnpalen, 8 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/f4667921405341b9912c8485e4c43908/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/d8a1aa70fb74492487957b7f3feb2844/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten 6 m, mits

/join/id/regdata/gm0995/2025/d7135d3a8b7b4c30ab97df71f9cc5e17/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten en antennemasten 25 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/7144eba6aed948fd9448b23c09131610/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, lichtmasten, 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/08838969605644a195e07f9921c8d987/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/08838969605644a195e07f9921c8d987/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 12 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/dc2b59171ed44192a8e587c0e09c921e/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, lichtmasten 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/19d0fbc38bd14e50a517ba9641e28e50/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/19d0fbc38bd14e50a517ba9641e28e50/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 16 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/820b4f38c0d54828b91aff1f90276ad4/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 25 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/f29702c4d7b846bd9f7810e890931e0a/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, lichtmasten, 30 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/7c29faa59fd14322b34e0ae7b4d87bfc/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, lichtmasten, 30 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/7c29faa59fd14322b34e0ae7b4d87bfc/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, oppervlakte steigers en vlonders

/join/id/regdata/gm0995/2025/55a53d1832fb427f967df7f3c3238112/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/6e3097cfebb24e4da3abd61452faf1d3/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, 12 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/7b91a5c3582b423a968cd24449f04b22/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 12 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/7b91a5c3582b423a968cd24449f04b22/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/64b2725338be435babd88c26bbc2dd62/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/b61d0e2038a04d0caa9219a4f4265c3d/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, palen en masten, 5 m, mits

/join/id/regdata/gm0995/2025/b70be22d0c664a8289c8c6751cafb2c3/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, reclamemasten, 20 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/9865a3e4196b442598c74f989cf8c611/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, reclamemasten, 20 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/9865a3e4196b442598c74f989cf8c611/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, reclamemasten, 30 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/bc5dbab75a4245f09493ae304bf70f63/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, reclamemasten, 30 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/bc5dbab75a4245f09493ae304bf70f63/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, sportvoorzieningen 25 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/ad63bececb3f414a87207d2315e573af/nld@2025‑12‑24;07050798

steiger bouwen, 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/33facc8c37ab42a2927d9f04c870be2b/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, steiger, 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/33facc8c37ab42a2927d9f04c870be2b/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, steigers, 1 per woning

/join/id/regdata/gm0995/2025/b7ebe45d5cff4849bfaacc8aaa80618e/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, uitkijktoren, 16 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/30889da60c6b434e9f4459cb28af7aba/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, verlaagde terrassen

/join/id/regdata/gm0995/2025/2f910956bd384604966a4ae038550b99/nld@2025‑12‑24;07050798

vlaggenmasten, 12 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/6a3a39aa911e4d6a9b255377bc3efbd9/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlaggenmasten, 12 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/6a3a39aa911e4d6a9b255377bc3efbd9/nld@2025‑12‑24;07050798

vlaggenmasten, 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/905ad410887f423aabc09f4aaba5051a/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlaggenmasten, 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/905ad410887f423aabc09f4aaba5051a/nld@2025‑12‑24;07050798

vlaggenmasten, 16 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/0926960b83a0457e9200bb631b698ce1/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlaggenmasten, 16 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/0926960b83a0457e9200bb631b698ce1/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlonder

/join/id/regdata/gm0995/2025/36fa64bf6fff4b2c888540c2ddcc505d/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, vlonder, 0,5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/9102ec2e60e44d179ad945758d3e286f/nld@2025‑12‑24;07050798

overkapping, wachtruimte carpool

/join/id/regdata/gm0995/2024/9d58b6b3eab74987b3c2ff2b47c89b11/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, wachtruimte carpool

/join/id/regdata/gm0995/2024/9d58b6b3eab74987b3c2ff2b47c89b11/nld@2025‑12‑24;07050798

zwembad, achtererf

/join/id/regdata/gm0995/2024/7832d0b4c919470d9436f15c0839371c/nld@2025‑06‑05;05522335

bouwwerk, geen gebouw zijnde, zwembad, achtererf (1)

/join/id/regdata/gm0995/2024/7832d0b4c919470d9436f15c0839371c/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerk, geen gebouw zijnde, zwembad, achtererf (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/4b067bac8eb64f738585bd285f588535/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerken bouwen, gasleiding

/join/id/regdata/gm0995/2025/ecec7cbe50454f8cbd6a1013d30fbb2c/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerken bouwen, verkleinen bouwperceel

/join/id/regdata/gm0995/2025/11b3dffea8fa4a008bcef34158f96c2b/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerken bouwen, waterkering

/join/id/regdata/gm0995/2025/bec19d94c26046f9b3a0f5447e03e3af/nld@2025‑12‑24;07050798

bouwwerken, geen gebouw zijnde, bij hoogspanningsleiding

/join/id/regdata/gm0995/2024/88d2020b61d34b8c937a1b7aaecec8aa/nld@2025‑10‑29;08114054

bruggen, 12 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/1b32cc6c697f40f8a75171bead06afbc/nld@2025‑12‑24;07050798

bruggen, 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/300bdb2c89ed418dbe281c6683395056/nld@2025‑12‑24;07050798

bruggen, 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/dc844c1dac3a491bb3ab918d5d95e587/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/dc844c1dac3a491bb3ab918d5d95e587/nld@2025‑12‑24;07050798

bruggen, 7 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/ded51a174d8c4817882504bf2fa68a01/nld@2025‑06‑05;05522335

bruggen, aangewezen locatie

/join/id/regdata/gm0995/2025/38f9fdae54a24ac6924e63706491bcf2/nld@2025‑12‑24;07050798

bruggen, beperkt toegestaan

/join/id/regdata/gm0995/2025/0a610aa3f85f4505a238553c93ad09a1/nld@2025‑12‑24;07050798

carport bouwen

/join/id/regdata/gm0995/2024/4a5365eea5a6410eaccb8fd5ddf4c925/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/4a5365eea5a6410eaccb8fd5ddf4c925/nld@2025‑12‑24;07050798

carport bouwen, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/435777815c9d423a84b958c21ad4c9e1/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/435777815c9d423a84b958c21ad4c9e1/nld@2025‑12‑24;07050798

carport bouwen, voorerf

/join/id/regdata/gm0995/2025/f93ea3bc517845f092fefb1394d7005e/nld@2025‑12‑24;07050798

carport bouwen, voorerf 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/2929fc01d18444a5bf1ff2ce9d71e744/nld@2025‑12‑24;07050798

containers, meldplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/b3e996582f19486bb8f6096ac0c9778e/nld@2025‑10‑29;08114054

dagrecreatieve dienstverlening

/join/id/regdata/gm0995/2024/47b9c1096b024dfcb33398af290d428b/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/47b9c1096b024dfcb33398af290d428b/nld@2025‑12‑24;07050798

dakkapel bouwen

/join/id/regdata/gm0995/2025/6e81510d90ef453196fec3b13c338e76/nld@2025‑12‑24;07050798

dakkapel bouwen, zadeldak

/join/id/regdata/gm0995/2025/65092176fe1b43aea6604f5c839ee35f/nld@2025‑12‑24;07050798

dakopbouw bouwen

/join/id/regdata/gm0995/2025/e6f12e74c5a04bd7b414e3a33ab88b23/nld@2025‑12‑24;07050798

dakopbouw, afwijken bouwhoogte 11 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/850b2b9cd34646beb141740a0aa40f40/nld@2025‑06‑05;05522335

dakopbouw bouwen, max. 11 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/850b2b9cd34646beb141740a0aa40f40/nld@2025‑12‑24;07050798

dakopbouw bouwen, max. 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/02b1a854fecb4736bb50ac0de00ea1ee/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel

/join/id/regdata/gm0995/2024/8ae0027dcd9f4b049ecd6a0073887a3f/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/8ae0027dcd9f4b049ecd6a0073887a3f/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, 15 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/8bc87e03aa6d4e65af1c10caf53d32a9/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel locaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/c2a73d568d4d41138e66cc331abcf994/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/c2a73d568d4d41138e66cc331abcf994/nld@2025‑12‑24;07050798

palen en masten, 5 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/e103bea86057488d9ed51eda8ca3d114/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, 2.000 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/f04b5d3b390441899b97c75f4a183055/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/fadbf368ee7d491187ed39ba1a211025/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/c8905ad2ab154a109e137fe7ce05fbe2/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, geen supermarkt

/join/id/regdata/gm0995/2024/ac46e2c154e746a4a57399c7fad9ffab/nld@2025‑06‑05;05522335

palen en masten, lichtmasten, 12 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/8ec7904f1e5645d9896de6817ea81ea8/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, grote goederen

/join/id/regdata/gm0995/2024/281838c4aba94810883dda5854436ed0/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, min. 800 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/ddc9b0462c2a43029f26693645c35c16/nld@2025‑06‑05;05522335

palen en masten, lichtmasten, 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/b424d6c3c4ff4ba690a3cfeb476316e3/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, niet levende tuinmaterialen

/join/id/regdata/gm0995/2025/6d8b0e5cd53e4529a2acdea020bba39e/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, ondergeschikt, max. 3.000 m2

/join/id/regdata/gm0995/2025/a0631959e0be4666a34a66c46e9a63aa/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, ondergeschikt, max. 600 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/3a874febfa6444bfa262a962ca30bc4c/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, plint

/join/id/regdata/gm0995/2024/109e12bf95a6413a938ea53d343e19fe/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, productie/auto/bouw

/join/id/regdata/gm0995/2024/4be87701dda94b24a9b05a8b902bcb84/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, productiegebonden

/join/id/regdata/gm0995/2025/c0adf59699764c80a1d1025b50020cae/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, recreatie

/join/id/regdata/gm0995/2025/35fa7b5c648949b4be48ccdeebb9f9b3/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, supermarkt

/join/id/regdata/gm0995/2024/395dabdc611341f58f4601288738f9a3/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, vergunningplicht 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/779b6ef87e074d1293859340c0bed5c0/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/779b6ef87e074d1293859340c0bed5c0/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, verkooppunt motorbrandstof met lpg

/join/id/regdata/gm0995/2024/0638512a67bc4b628fed78d66c694abf/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, verkooppunt motorbrandstof zonder lpg

/join/id/regdata/gm0995/2024/ab3412268f0a42c1ba7250921b94ee68/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, visvijver

/join/id/regdata/gm0995/2025/c5a0ab2190a742d7bf6884ea607bfe63/nld@2025‑12‑24;07050798

detailhandel, voedingsmiddelen

/join/id/regdata/gm0995/2024/59e923a021184e9a81cc62b2800f859d/nld@2025‑06‑05;05522335

detailhandel, watersport

/join/id/regdata/gm0995/2025/b0a51e7229914f8286bbdf386720a201/nld@2025‑12‑24;07050798

dienstverlening

/join/id/regdata/gm0995/2024/9f9a4e408ae74fb6a059f39a134a51a6/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/9f9a4e408ae74fb6a059f39a134a51a6/nld@2025‑12‑24;07050798

dienstverlening, erotische massagesalon

/join/id/regdata/gm0995/2024/94ff8c37f193469aa992f1180cc55ac1/nld@2025‑06‑05;05522335

dienstverlening, lichte bedrijven

/join/id/regdata/gm0995/2025/1f398c0a95d947a8b01914bc50e4f13e/nld@2025‑12‑24;07050798

dienstverlening, plint

/join/id/regdata/gm0995/2024/63d2ec5607f941eead34e16238390b44/nld@2025‑06‑05;05522335

dienstverlening, recreatie

/join/id/regdata/gm0995/2025/926e0e333751422e88e2a6464caed02b/nld@2025‑12‑24;07050798

dienstverlening, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/23bc0e1cdf7f4a15b304a3e328454be6/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/23bc0e1cdf7f4a15b304a3e328454be6/nld@2025‑12‑24;07050798

dienstverleningslocaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/8adf866a90d4477ebf3bd56cb21ef591/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/8adf866a90d4477ebf3bd56cb21ef591/nld@2025‑12‑24;07050798

dieren, uitloopgebied edelherten

/join/id/regdata/gm0995/2025/9ba9606f29264317b374f8282ed5e993/nld@2025‑12‑24;07050798

dieren, verbod houden evenhoevigen of pluimvee

/join/id/regdata/gm0995/2025/3070b4b310ec4f959e876fa6c2f13c56/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, 10% 8 bouwlagen

/join/id/regdata/gm0995/2025/61dc38e73195483fb7039a101a87ddfd/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, 15% 6 bouwlagen

/join/id/regdata/gm0995/2025/89b19e016cfa4f3db97e8b594adac531/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, 2 m buiten bouwvlak

/join/id/regdata/gm0995/2024/c420de1c864841af97db05420c850a44/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, 2,5 m buiten bouwvlak, mits

/join/id/regdata/gm0995/2025/065a42cd13a94a8c8fdc45ca4a0e7a16/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afstand locatiegrens 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/fe855b08e0c24a75a009dedfe1f4c228/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afstand perceelsgrens 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/43e68399d8a7434a808b892dfa1c032f/nld@2025‑06‑05;05522335

verbod houden evenhoevigen of pluimvee

/join/id/regdata/gm0995/2024/d7e7804c4f4b46758dfb2625bc4be11a/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, afstand zijkant perceel 5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/d41f8f5ddceb41e1bda9221098485099/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afwijken afstand locatiegrens 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/cb31274d9fd94e56baba0c7cbb01a945/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afwijkingafwijken bouwhoogte 12 m.

/join/id/regdata/gm0995/2024/f6290a3646b146e48a72706e796b3e90/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/f6290a3646b146e48a72706e796b3e90/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afwijkingafwijken bouwhoogte tot 15 m hoog voor /50%

/join/id/regdata/gm0995/2024/b8d541deb90e43778bd8bc017f8df1b5/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/b8d541deb90e43778bd8bc017f8df1b5/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afwijkingafwijken bouwhoogte tot 16 m voor /105 m2

/join/id/regdata/gm0995/2024/c6ee0da897354c98a8b5738d381ab3b1/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/c6ee0da897354c98a8b5738d381ab3b1/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afwijken bouwhoogte 24 m/50%

/join/id/regdata/gm0995/2025/cdd0f8894d9a4650b31499a836f5aa37/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, afwijking afstand perceelsgrens 10 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/39fb210dfded4913952b7d77bdf1ebd4/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, agrarische bedrijfswoning

/join/id/regdata/gm0995/2025/11a80af1c99447c5892cf7ce3efdfcfb/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, bedrijf en woning

/join/id/regdata/gm0995/2025/9627563ddd5b414ebdd5ae3804894875/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, beheer en onderhoud, landgoed

/join/id/regdata/gm0995/2025/ff2b16a292d54788aa5828655528b762/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, beheersgebouw (1)

/join/id/regdata/gm0995/2025/f14772c2687b4edf8e2d6cfd0469eb13/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, beheersgebouw (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/c1a2ff77f2364de2952f303cb80b6e86/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, bergingen

/join/id/regdata/gm0995/2025/b282c5d0458d4b23a147e2433abef1ae/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, buiten bouwvlak (1)

/join/id/regdata/gm0995/2025/df6d7d043328465eb1754c7d3163956f/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, buiten bouwvlak (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/400afc54f0a943f8a122d451745aab50/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, buiten bouwvlak (3)

/join/id/regdata/gm0995/2025/1a33b210bc094f0bbb1cc29c23eead9e/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, buiten bouwvlak (4)

/join/id/regdata/gm0995/2025/71cc3f8ced7d44ee846e8419ffecdf46/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, fietsenberging max. 30 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/13eca10aa63c41c9a08f9511223828e4/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, buiten bouwvlak (5)

/join/id/regdata/gm0995/2024/13eca10aa63c41c9a08f9511223828e4/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen max. 20%(6)

/join/id/regdata/gm0995/2024/daee488b0fdd47aca4133a6812df6676/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/daee488b0fdd47aca4133a6812df6676/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, dierenweide gebouwen

/join/id/regdata/gm0995/2024/c1bf7c0872ac4e2d833b7e8e45ddf864/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/c1bf7c0872ac4e2d833b7e8e45ddf864/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, entreegebouw

/join/id/regdata/gm0995/2025/914ea67902f94ab285ae2128da20f82e/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, garagebox

/join/id/regdata/gm0995/2024/575a8f2b45674f218ac5b54a0744512e/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, garagebox (1)

/join/id/regdata/gm0995/2024/3b60338d5e014f52a6649b3434944c61/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/3b60338d5e014f52a6649b3434944c61/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (1)

/join/id/regdata/gm0995/2024/fcee6d3e8de24d319cbb53cfa2ab6762/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/fcee6d3e8de24d319cbb53cfa2ab6762/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (2)

/join/id/regdata/gm0995/2024/9b4e820adab34c348b097a536d148b9f/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/9b4e820adab34c348b097a536d148b9f/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (3)

/join/id/regdata/gm0995/2024/b3384d1bc0fe45d191b597b0ab0d2e70/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/b3384d1bc0fe45d191b597b0ab0d2e70/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (4)

/join/id/regdata/gm0995/2024/be5d5a89ee7245e997a2120e0317101b/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/be5d5a89ee7245e997a2120e0317101b/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw (5)

/join/id/regdata/gm0995/2025/07da41be517a4ffab8a822be3cfa6ff4/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2025/07da41be517a4ffab8a822be3cfa6ff4/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw, 3 m (6)

/join/id/regdata/gm0995/2024/459ade54f2784660955a34dc34c7581c/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/459ade54f2784660955a34dc34c7581c/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gebouwen bij hoofdgebouw, diepte 4 m (7)

/join/id/regdata/gm0995/2024/52d6d097eec14f4aa062808440792851/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/52d6d097eec14f4aa062808440792851/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, golfbaan

/join/id/regdata/gm0995/2025/d83888a97b454517a202c67eb76d6770/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, inhoud, 1500 m3

/join/id/regdata/gm0995/2025/af21ca28f68e4400a30af9561392ca0b/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, inhoud, 750 m3

/join/id/regdata/gm0995/2025/46f9ca690118476abde98a430258e975/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, max. 3 bouwlagen

/join/id/regdata/gm0995/2025/21a412e5f4cb4fbb852f24bb3f0177d5/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, max. 4 bouwlagen

/join/id/regdata/gm0995/2025/23d223a2946945a394ad11d64ddd9fdd/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, maximaal 1000 m2

/join/id/regdata/gm0995/2025/39a1206f45604b5397bed98a1abe7280/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, gezamenlijke oppervlakte maximaal 2 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/bf9ccd9a12fd4f82894f321f34ebeae0/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, maximaal 2 m2 per bouwperceel

/join/id/regdata/gm0995/2024/bf9ccd9a12fd4f82894f321f34ebeae0/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, maximaal 2000 m2 per bouwperceel

/join/id/regdata/gm0995/2025/2c7d1fb0837840928c7452d71bd97d69/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, maximaal 250 m2

/join/id/regdata/gm0995/2025/f2d35664c41845a2a062a1c113254785/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, maximaal 3000 m2 per bouwperceel

/join/id/regdata/gm0995/2025/9a383a042a1b4efc87f358e5dec088f7/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, maximaal 500 m2 per bouwperceel

/join/id/regdata/gm0995/2025/aea35483b7504494871520362cefcd9d/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, maximaal 5000 m2

/join/id/regdata/gm0995/2025/5bfd33f559e244e2bd07cb156eefcb79/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, nutsvoorziening

/join/id/regdata/gm0995/2025/a44c6df969c94d2f8ef8fcd3d4259906/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, ondergronds 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/7c9135e301524759a9b3eda633d95060/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, onderhoudsgebouw

/join/id/regdata/gm0995/2025/8e30140680ed4b40b6f20e0f8828e48f/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, openbaar toiletgebouw

/join/id/regdata/gm0995/2025/843d75c163b040cbacf82e573958b203/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, parkeervoorziening

/join/id/regdata/gm0995/2024/ef51d0ca90194aa682fad3936a751266/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, (half)ondergrondse parkeervoorziening

/join/id/regdata/gm0995/2024/180a9ce142c34d3cba2b1a389874191d/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, parkeervoorziening, (half)ondergronds

/join/id/regdata/gm0995/2024/180a9ce142c34d3cba2b1a389874191d/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, parkeervoorziening, diepte 4 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/e358b95f636b4e1f95348edb7a0c9087/nld@2025‑06‑05;05522335

Gebouw bouwen, parkeervoorzieningen CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/a6ab07d42cab4c6a933e227fcbe1f67c/nld@2025‑12‑18;15563859

gebouw bouwen, passantenhaven

/join/id/regdata/gm0995/2024/b351b97658d44477b5e9cef423ca6724/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, recreatie/onderhoudsgebouw (1)

/join/id/regdata/gm0995/2025/832e6ed9a5ed45a09692a9344464a06d/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, recreatie/onderhoudsgebouw (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/9204df45c8f844b6b372190aede88fcc/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, rijwoning

/join/id/regdata/gm0995/2025/4b61d5b4c8d3419eabf128a406d7fc77/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, sanitair

/join/id/regdata/gm0995/2025/f9d25730034747b0a9fb9b8a33266e59/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, sanitair en onderhoud

/join/id/regdata/gm0995/2025/eb00f86204c347ee9a766d5797dac1b4/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, sanitair, onderhoud en beheer

/join/id/regdata/gm0995/2024/4b29e6d1ea694c928c80c4d53ce21a51/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, sluis

/join/id/regdata/gm0995/2025/6596937578524f93a00c634d9d0e733d/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, sluisgebouw

/join/id/regdata/gm0995/2024/c0668be0d1e6415d95d583da7afc6d00/nld@2025‑06‑05;05522335

gebouw bouwen, twee-onder-één-kap

/join/id/regdata/gm0995/2025/8ea3cdd49d6d462ca483266b4c42ba99/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, twee-onder-een-kapwoning vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/22bf1f3718674424a240e9c122d8d227/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, volkstuin gebouwen (1)

/join/id/regdata/gm0995/2024/b9255dd214274032ab4511687e60ea34/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/b9255dd214274032ab4511687e60ea34/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, volkstuin gebouwen (2)

/join/id/regdata/gm0995/2024/1d51ee938316432cad8b09f054d515fe/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/1d51ee938316432cad8b09f054d515fe/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, vrijstaande woning

/join/id/regdata/gm0995/2025/414cbdcc432d492591889467a019d4c0/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, vrijstaande woning vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/92b0fa835cad472a9ac63c99bbe40973/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, waterwoning (1)

/join/id/regdata/gm0995/2025/dcd4cb6b8a884b8da24c84634be7c3a3/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, waterwoning (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/c16c358a36c44ac98dcd56c20aa1c5fe/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, waterwoning (3)

/join/id/regdata/gm0995/2025/25fbe609fc6d4970b683a15c2d61f71b/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, wonen - wooncentrum

/join/id/regdata/gm0995/2025/3a6d8cf52c5446c6ac1eaeff5a971401/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, woongebouw

/join/id/regdata/gm0995/2024/cceb7e7269d34832b225ec71a9d6c28f/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/cceb7e7269d34832b225ec71a9d6c28f/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw bouwen, zelfstandige woonruimte

/join/id/regdata/gm0995/2025/57515ce606f64a6ea9246ef9634d1c8c/nld@2025‑12‑24;07050798

gebruik, meerdere functies max. 1.700 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/14d83f36a5db4f539dd5a6baab0fcc93/nld@2025‑06‑05;05522335

gebruik, meerdere functies max. 350 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/092a9ee0d2d64c43b2df4dd702f188e2/nld@2025‑12‑24;07050798

gebruik, meerdere functies max. 600 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/6478c08b01ff4f03bac02730c6e66567/nld@2025‑12‑24;07050798

gemotoriseerde vaartuigen, verbod

/join/id/regdata/gm0995/2025/39f7663bbfd24845a7fe6c7d607aaa67/nld@2025‑10‑29;08114054

geurgevoelig gebouw, aanvraagvereisten

/join/id/regdata/gm0995/2024/f770e542d40e4f7b90233f955a2aa03f/nld@2025‑06‑05;05522335

geurgevoelig gebouw, beoordelingsregels

/join/id/regdata/gm0995/2024/e5b68d236dc243d787c73c7256625f7c/nld@2025‑06‑05;05522335

geurgevoelig gebouw, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/c30ad78e996b4d8e8455b95829c8f8e5/nld@2025‑10‑29;08114054

hoofdgebouw bouwen, 2de2e bouwlaag boven omg.norm

/join/id/regdata/gm0995/2024/0059396762814c1cb22605c284c0ab1f/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/0059396762814c1cb22605c284c0ab1f/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afstand tussen woningen

/join/id/regdata/gm0995/2025/da5730408fe34f9fabc770b7ae60fb46/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afstand voorkant perceel 2,5 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/3ff6284d3fdd4ce6b70d6ca8d3a7f1b6/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/3ff6284d3fdd4ce6b70d6ca8d3a7f1b6/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 1,5 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/a92d6369dfdf4b71ac6d4077b0ee6f2c/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 2 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/b3c2aa976f334b75aa832c11f63ec032/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 2,5 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/c5524fe12b3f4f768223e364ba235aa8/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/c5524fe12b3f4f768223e364ba235aa8/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afstand zijkant perceel 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/a4566490c0a1415c8f44488be5d187b5/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/a4566490c0a1415c8f44488be5d187b5/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afwijken afstand tussen woningen

/join/id/regdata/gm0995/2025/7884a0e0b41045d2bf5c26c86f706450/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afwijken dakhelling

/join/id/regdata/gm0995/2025/d974fbf8098143d8b900dc16e942f2c7/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afwijken dakvorm

/join/id/regdata/gm0995/2025/70575017c2cc4eee88193a9f02cb04e7/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, afwijken goothoogte, 6 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/09940daf282a48b4bbe94ccc4c381048/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, begane grond, min. 3,6 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/c527c7524164429a840f53742b182ada/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, bouwregels (1)

/join/id/regdata/gm0995/2025/f0681e5abdf447b285cce8d1a22c0a7d/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, bouwregels (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/7620df885f8246219380f92f9fe4db96/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, bouwregels (3)

/join/id/regdata/gm0995/2025/2317a1f997a04731b416e2c5d6ec820d/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, bouwregels (4)

/join/id/regdata/gm0995/2025/88ca1f81612b4f49ad819c3385912887/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, bouwregels (5)

/join/id/regdata/gm0995/2025/0f73318aaca642b182a1d6a75e39b850/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, bouwregels (6)

/join/id/regdata/gm0995/2025/493a374433e848d79b4bdc71d40f5b94/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, bouwregels (7)

/join/id/regdata/gm0995/2025/3865f91e2c804cf1baf8068e6260d84a/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen (1)

/join/id/regdata/gm0995/2024/65b3a2e1fc804a7ebdce6d739f2707a4/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/65b3a2e1fc804a7ebdce6d739f2707a4/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen (2)

/join/id/regdata/gm0995/2024/82697f486cb34dd3bdd643626375b6c7/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/82697f486cb34dd3bdd643626375b6c7/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak bouwen (3)

/join/id/regdata/gm0995/2024/3617159a7fdc4d2f87a099e838b536f6/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/3617159a7fdc4d2f87a099e838b536f6/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (4)

/join/id/regdata/gm0995/2025/fae059fb45c445fb83c185a8a90ef557/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, buiten bouwvlak (5)

/join/id/regdata/gm0995/2025/ee87c238953f4128a325fb97cd9df0c8/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, doorbreken dakgoot

/join/id/regdata/gm0995/2025/2c93b202201d41cea4476ea3635b2bae/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, dove gevel

/join/id/regdata/gm0995/2024/0aa54aea8136472d94ae15d0e38a8049/nld@2025‑06‑05;05522335

hoofdgebouw bouwen, dove gevel, derde bouwlaag

/join/id/regdata/gm0995/2025/894b2406796c4e1eb9db71f8ce3a3e73/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, extra bouwlaag boven omg.norm

/join/id/regdata/gm0995/2024/4781f8d609a345ccbcb6acce91a695bc/nld@2025‑06‑05;05522335

hoofdgebouw bouwen, inhoud, max. 650 m³

/join/id/regdata/gm0995/2025/cc6a9b05ac8b48d6948700944c7c9508/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, verplichte kap

/join/id/regdata/gm0995/2025/13dc8e22125d4da3b0dfe3af4560fd27/nld@2025‑12‑24;07050798

hoofdgebouw bouwen, woonhuis

/join/id/regdata/gm0995/2024/26e1635bdcf24523b06578b60ab20d88/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/26e1635bdcf24523b06578b60ab20d88/nld@2025‑12‑24;07050798

hoogspanningsleiding, 380 kV

/join/id/regdata/gm0995/2024/9791cc2a5cdb4f218e7b937496aaf16c/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/9791cc2a5cdb4f218e7b937496aaf16c/nld@2025‑12‑24;07050798

hoogspanningsleiding, uitzondering vergunningsplicht 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/f5c13c3445a6497f96f80c0838f9bb98/nld@2025‑12‑24;07050798

hoogspanningsleiding, uitzondering vergunningsplicht 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/c7b7d957c83945c79ba8c8422e72be0e/nld@2025‑12‑24;07050798

hoogspanningsverbinding met een spanning tot maximaal 380 kV

/join/id/regdata/gm0995/2024/e14bf7db58de4904b482a80802ce9490/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/e14bf7db58de4904b482a80802ce9490/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca

/join/id/regdata/gm0995/2024/bb60c562b7fb4b0496373425185d737c/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/bb60c562b7fb4b0496373425185d737c/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, beoordelingsregels

/join/id/regdata/gm0995/2025/f82252ad11e64632b58ff9c73840aeec/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, geen hotel

/join/id/regdata/gm0995/2025/f4fcc2ac87a84ca3918c2fe55a35fb80/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, max. 150 m²

/join/id/regdata/gm0995/2024/aed9fb5d9c5f464e9ec5fd280df6f8e9/nld@2025‑06‑05;05522335

horeca, max. 250 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/05764b87bbb3479784c1955b5bba7145/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, max. 250 m² per bouwperceel

/join/id/regdata/gm0995/2025/57a7dbc1b86e48d395f145614a8c8d2f/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, ondergeschikt

/join/id/regdata/gm0995/2025/38df485496754640b0faf2babfae7794/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, ondergeschikt, golfbaan

/join/id/regdata/gm0995/2025/397fc075cc724f3788401a36cdf8307f/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, ondergeschikt, max. 3.000 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/eada9bb03533424dbfec39364836fb9d/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, ondergeschikt, visvijver

/join/id/regdata/gm0995/2025/af5f4942b7274edeb595bddf98e0e398/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, plint

/join/id/regdata/gm0995/2024/45dcc261d52040598ddc375d674c9cdc/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/45dcc261d52040598ddc375d674c9cdc/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/28d224a7bd754c4d8ee5c84379686d2f/nld@2025‑12‑24;07050798

horeca, vergunningplicht cat. 3

/join/id/regdata/gm0995/2024/ed41d7c730d24a87ae01fd3d4e76f7a5/nld@2025‑06‑05;05522335

horecalocaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/56e0cd524fab4db9a1188918c4388cd8/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/56e0cd524fab4db9a1188918c4388cd8/nld@2025‑12‑24;07050798

houtteelt en houtproductie

/join/id/regdata/gm0995/2025/8b7877039dce48f3be1a8e53a91fa577/nld@2025‑12‑24;07050798

kamerbewoning, vergund, max. aantal kamers

/join/id/regdata/gm0995/2024/c4573ab96b6e4ce7b6e69b4433f37f6d/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/c4573ab96b6e4ce7b6e69b4433f37f6d/nld@2025‑12‑24;07050798

kamerbewoning, vergund, max. aantal personen

/join/id/regdata/gm0995/2024/931431e6eecf43f0b49a6e4c3a624c3c/nld@2025‑06‑05;05522335

kamerbewoning, vergund, min. 5 kamers

/join/id/regdata/gm0995/2025/ff635f05cb4a4ccebf35f088023f56fa/nld@2025‑12‑24;07050798

kantoor

/join/id/regdata/gm0995/2024/43d78ab366844d8bb6d53d76ae787ce0/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/43d78ab366844d8bb6d53d76ae787ce0/nld@2025‑12‑24;07050798

kantoor, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/52c0dc224dda4d3ba79c8f3b236c85b8/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/52c0dc224dda4d3ba79c8f3b236c85b8/nld@2025‑12‑24;07050798

kantoorlocaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/399fdba6bb3842298d99a093eeda9a52/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/399fdba6bb3842298d99a093eeda9a52/nld@2025‑12‑24;07050798

kraanwagens, meldplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/1cea1b47822d48a4a0d516245ff1a8af/nld@2025‑10‑29;08114054

ligplaats innemen, bedrijfsactiviteiten

/join/id/regdata/gm0995/2025/b5e9fb4c901a4318915b66787706f91e/nld@2025‑10‑29;08114054

locaties met een maximaal aantal woningen

/join/id/regdata/gm0995/2024/68016812f56d40d2bb2ee817d4475238/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/68016812f56d40d2bb2ee817d4475238/nld@2025‑12‑24;07050798

Locaties met een maximaal aantal woningen CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/79de7a9f41a44cad8e980d80ae9bc95b/nld@2025‑12‑18;15563859

locaties met een maximaal bebouwbaar oppervlak

/join/id/regdata/gm0995/2024/85c6763bbd8b46e19f45587e4eb0789a/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/85c6763bbd8b46e19f45587e4eb0789a/nld@2025‑12‑24;07050798

locaties met een maximale bouwhoogte

/join/id/regdata/gm0995/2024/f1abed93106a4eabb0d182609fb7d693/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/f1abed93106a4eabb0d182609fb7d693/nld@2025‑12‑24;07050798

Locaties met een maximale bouwhoogte CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/2577fcf5fbe845b19a1d6708164a2480/nld@2025‑12‑18;15563859

locaties met een maximale bouwhoogte voor garageboxen

/join/id/regdata/gm0995/2024/0b548646631f4338ab6ac551483e37d9/nld@2025‑06‑05;05522335

locaties met een maximale goothoogte

/join/id/regdata/gm0995/2024/e7e85c5c6e964bd59ee92a253d4fcea1/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/e7e85c5c6e964bd59ee92a253d4fcea1/nld@2025‑12‑24;07050798

locaties met regels over de dakhelling

/join/id/regdata/gm0995/2024/8e19c5b4f7e340ccb62f5de15fbb3acd/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/8e19c5b4f7e340ccb62f5de15fbb3acd/nld@2025‑12‑24;07050798

locaties waar een bebouwingspercentage geldt

/join/id/regdata/gm0995/2024/db283ff3cac84fd494a6e237cb386eb7/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/db283ff3cac84fd494a6e237cb386eb7/nld@2025‑12‑24;07050798

Locaties waar een bebouwingspercentage geldt CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/ff2ecc5bf35e42758eab524fde34563a/nld@2025‑12‑18;15563859

maatschappelijk

/join/id/regdata/gm0995/2024/1ee498dbd33e4595be691e0d020f1ce7/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/1ee498dbd33e4595be691e0d020f1ce7/nld@2025‑12‑24;07050798

Maatschappelijk CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/d069f17d8f6d4888941207aff79a1979/nld@2025‑12‑18;15563859

maatschappelijk, begraafplaats

/join/id/regdata/gm0995/2025/c0cacba76abe48bb81b4286085a3d9fb/nld@2025‑12‑24;07050798

maatschappelijk, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/b2aab263da6c411a8580cbda5364e7e2/nld@2025‑12‑24;07050798

maatschappelijk, beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/c5f85aae0dd84a8babe48e8f4e031db7/nld@2025‑12‑24;07050798

maatschappelijk, educatief centrum

/join/id/regdata/gm0995/2024/a849cd9b22ad48ef83ffe15c572c20cc/nld@2025‑06‑05;05522335

maatschappelijk, geen kinderdagverblijf

/join/id/regdata/gm0995/2024/fcfc04cd346b49baba431117b7149574/nld@2025‑06‑05;05522335

maatschappelijk, justitieel

/join/id/regdata/gm0995/2024/ec838578220047bf82815193eb2fe91f/nld@2025‑06‑05;05522335

maatschappelijk, kdv

/join/id/regdata/gm0995/2025/347625522f194214bb17408dd926d4ab/nld@2025‑12‑24;07050798

maatschappelijk, kdv, nso en logeerhuis

/join/id/regdata/gm0995/2025/1d5287c6f08a4d5a86773a477ea2cceb/nld@2025‑12‑24;07050798

maatschappelijk, kunstnijverheid en ateliers

/join/id/regdata/gm0995/2025/00ef4e80f2ba4327bc9c47874239170b/nld@2025‑12‑24;07050798

Maatschappelijk, max. 500 m² CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/fcb374c2340b4f2a90d08cfd67e6dc30/nld@2025‑12‑18;15563859

maatschappelijk, plint

/join/id/regdata/gm0995/2024/02bc36920602474d8eee9800852cd57c/nld@2025‑06‑05;05522335

Maatschappelijk, plint CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/f44fcc7a399340779fc0f218cb1dec87/nld@2025‑12‑18;15563859

maatschappelijk, sociaal-cultureel

/join/id/regdata/gm0995/2024/61b6e0f95718454e9336c51ff5fcf648/nld@2025‑06‑05;05522335

maatschappelijk, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/cea551f115f643d4ba38829743ed58de/nld@2025‑12‑24;07050798

maatschappelijke locaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/e76647553f05404dbf42ec44f813a11b/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/e76647553f05404dbf42ec44f813a11b/nld@2025‑12‑24;07050798

Maatschappelijke locaties CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/09b66f49306e4085a2a76ad956003d77/nld@2025‑12‑18;15563859

maatwerkvoorschriften bouwwerken (1)

/join/id/regdata/gm0995/2025/3b374cdbe72545e1a3723e71e4f5e9f2/nld@2025‑12‑24;07050798

maatwerkvoorschriften bouwwerken (2)

/join/id/regdata/gm0995/2025/5f961bc323764f069fa96d9e882d61cf/nld@2025‑12‑24;07050798

maximaal aantal kamers

/join/id/regdata/gm0995/2024/7b91f408a28f4903828003dc0979877c/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/7b91f408a28f4903828003dc0979877c/nld@2025‑12‑24;07050798

maximaal aantal personen

/join/id/regdata/gm0995/2024/446a1f4035cc453c90d67d3ef197607b/nld@2025‑10‑29;08114054

maximaal aantal woningen

/join/id/regdata/gm0995/2024/25ab688402e44cdca65486ca9d10da2c/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/25ab688402e44cdca65486ca9d10da2c/nld@2025‑12‑24;07050798

Maximaal aantal woningen, 840 CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/5df271bffbbe46b4a2a391211c7379ea/nld@2025‑12‑18;15563859

maximaal bebouwbaar oppervlak

/join/id/regdata/gm0995/2024/87215edad0744e1ab6ef1a4cc6a3b2c5/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/87215edad0744e1ab6ef1a4cc6a3b2c5/nld@2025‑12‑24;07050798

maximaal bebouwingspercentage

/join/id/regdata/gm0995/2024/00ba14c7e1a743a3b8d1e5c668eb10f4/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/00ba14c7e1a743a3b8d1e5c668eb10f4/nld@2025‑12‑24;07050798

Maximaal bebouwingspercentage, 50% CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/b09fe19693a0483b8fd00270ae66709e/nld@2025‑12‑18;15563859

maximale bouwhoogte

/join/id/regdata/gm0995/2024/4480f764b8c04665b5254dc6c2567c97/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/4480f764b8c04665b5254dc6c2567c97/nld@2025‑12‑24;07050798

maximale bouwhoogte garageboxen

/join/id/regdata/gm0995/2024/ba05209b443144ea846b48f3c9e0e585/nld@2025‑06‑05;05522335

Maximale bouwhoogte, 32 meter CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/b128e1f3801c4e7b9242987548a3b178/nld@2025‑12‑18;15563859

Maximale bouwhoogte, 71 meter CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/b7c9fae2d0e143b5afc33cae8d158913/nld@2025‑12‑18;15563859

maximale goothoogte

/join/id/regdata/gm0995/2024/d37e45cb620e49bbac0ce42a106458d1/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/d37e45cb620e49bbac0ce42a106458d1/nld@2025‑12‑24;07050798

natuurcamping, archeologische waarde

/join/id/regdata/gm0995/2025/b116513202d9445f9e71483581e90deb/nld@2025‑12‑17;12365274

natuurcamping, bos

/join/id/regdata/gm0995/2025/53d9723f59ef4761bed4e54df40489e5/nld@2025‑12‑17;12365274

natuurcamping, bouwen, chalet bouwen

/join/id/regdata/gm0995/2025/6f6f63bb5d184149b921fb889df7923f/nld@2025‑12‑17;12365274

natuurcamping, ecologische waarde

/join/id/regdata/gm0995/2025/57161291a6334f3483c440c5334bd86b/nld@2025‑12‑17;12365274

natuurcamping, parkeerterrein

/join/id/regdata/gm0995/2025/51cc3e6ad19345a8ac1ec89bb08599ea/nld@2025‑12‑17;12365274

natuurcamping, recreatie - camping

/join/id/regdata/gm0995/2025/cd46524cb72545588cd0be8bc22271b7/nld@2025‑12‑17;12365274

nutsbedrijf

/join/id/regdata/gm0995/2024/d9c1c84249754109808e60b76f86f5d5/nld@2025‑06‑05;05522335

nutsbedrijf locaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/5221155fd3dd4be19aecc544c9348ef5/nld@2025‑10‑29;08114054

nutsvoorziening bouwen 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/c5a055726497403faeb0f6dec136702e/nld@2025‑12‑24;07050798

nutsvoorziening bouwen 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/ddf39b1b716c4481a7c5be4f17a3a199/nld@2025‑12‑24;07050798

ondergeschikte detailhandel

/join/id/regdata/gm0995/2024/ddc2c6f166f04976ba7ed30504f7e5de/nld@2025‑06‑05;05522335

overkapping 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/aebe080785474bcaba6facc863975a9c/nld@2025‑12‑24;07050798

overkapping 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/80a0804790a340bbabb7863ccee2afa7/nld@2025‑12‑24;07050798

overkapping 3

/join/id/regdata/gm0995/2025/fa2f190773a848ef822275cd5c65408b/nld@2025‑12‑24;07050798

overkapping 4

/join/id/regdata/gm0995/2025/fcbea21080d6441c8493a3152db1ceff/nld@2025‑12‑24;07050798

parkeerplaatsen, max. 8

/join/id/regdata/gm0995/2025/957dbc1e81e24481bb9cbe1c8fbc73eb/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie

/join/id/regdata/gm0995/2024/4d3a4591cb93428cb480f6f3d77409f7/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/4d3a4591cb93428cb480f6f3d77409f7/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, bad- en surfstrand

/join/id/regdata/gm0995/2024/aa293bb8b25644e99d56b2ffc23ad208/nld@2025‑06‑05;05522335

recreatie, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/fc676a0593384edabcb29bc4c23a2e8b/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/2a484c93b3db4fb897f830a0f8a6d4fb/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, botenstalling

/join/id/regdata/gm0995/2024/1ec24c2aa8cf407181d1b71015c6a4eb/nld@2025‑06‑05;05522335

recreatie, dierenweide

/join/id/regdata/gm0995/2024/ec14886d76f44f62b9d51088994be8bf/nld@2025‑06‑05;05522335

recreatie, gewassen en dieren

/join/id/regdata/gm0995/2025/7cb3acf7a1654f14994cb496d06f10e4/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, jachthaven

/join/id/regdata/gm0995/2024/9c7603bb656841b79fdfaa714bee9b22/nld@2025‑06‑05;05522335

recreatie, jachthaven 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/9ace75b644bf4098a02f54585aea9c2c/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, jachthaven, maximaal 60 ligplaatsen

/join/id/regdata/gm0995/2025/87b07a5c01c74093ab78b8677f4ffa37/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, kinderboerderij

/join/id/regdata/gm0995/2024/4f0d728004de4b00838733545b48945a/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/4f0d728004de4b00838733545b48945a/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, moestuin

/join/id/regdata/gm0995/2025/b1b1111a262b4e3fbee9126f3ce20926/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, paardenweide

/join/id/regdata/gm0995/2024/8195df74d0cf4577867eb22a98f9fa5a/nld@2025‑06‑05;05522335

recreatie, pannenkoekenboerderij

/join/id/regdata/gm0995/2025/a469e075a26e4240b9a023358078fa73/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, scouting

/join/id/regdata/gm0995/2025/2e896cc39d9045d1b711dd60f5410397/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, strand

/join/id/regdata/gm0995/2025/f75b0b5087f3402ea6d626728c7850c7/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, vergunningplicht 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/1e3cd3b6cc994972a5a926538fa96d42/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, vergunningplicht 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/6a643d62efff4dc78adc8aa10c7bedcb/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, volkstuinen

/join/id/regdata/gm0995/2024/8a602773ea3748b288036e4e27e65a5d/nld@2025‑06‑05;05522335

recreatief nachtverblijf

/join/id/regdata/gm0995/2024/a0efd79f75464ec183e9b3303c046f97/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/a0efd79f75464ec183e9b3303c046f97/nld@2025‑12‑24;07050798

gebouw recreatief nachtverblijf bouwen, gebouwen kampeerterrein

/join/id/regdata/gm0995/2024/58748a669e0644909b7aaa673701d8d2/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/58748a669e0644909b7aaa673701d8d2/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf bouwen, recreatiewoning

/join/id/regdata/gm0995/2025/1c80b2e0be0f488496ea6ce12eeb7e68/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, beoordelingsregels

/join/id/regdata/gm0995/2025/773ae12269ca496eb7a7ec97e70563d0/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, boomhut

/join/id/regdata/gm0995/2025/db699440e5144ce9a11a86e06626e41f/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, camperplaats

/join/id/regdata/gm0995/2025/88fca21352954f9da46a13c4f07f343a/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, één kampeerterrein

/join/id/regdata/gm0995/2025/03d874b5879d498ea0b74407793c3a3b/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, groepsverblijf

/join/id/regdata/gm0995/2025/ce034b44ceac45118da677ba702890c6/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatie, kampeerterrein

/join/id/regdata/gm0995/2024/9fd751c5db4c48e1a5a32b481fbb977e/nld@2025‑06‑05;05522335

recreatief nachtverblijf, kampeerterrein

/join/id/regdata/gm0995/2024/9fd751c5db4c48e1a5a32b481fbb977e/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, kampeerterrein 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/673370880c474cb2b66fbf676a90f432/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, kampeerterrein 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/a57c6a7cb930415b92ae66989409b7ea/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, max. 250 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/c1cfe4f7c0fd42c6af39ac9b0f0a7321/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, uitzondering vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/46ffe71d09774eba850553cd72eec522/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatief nachtverblijf, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2025/9ce81a81372e4e19add81b4dc6ac0396/nld@2025‑12‑24;07050798

recreatielocaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/1e8c30c983ba4a7885de08ce41e449bb/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/1e8c30c983ba4a7885de08ce41e449bb/nld@2025‑12‑24;07050798

specifieke soorten recreatie

/join/id/regdata/gm0995/2024/653b14a5829c4b73b946781c41504659/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/653b14a5829c4b73b946781c41504659/nld@2025‑12‑24;07050798

sport

/join/id/regdata/gm0995/2024/1084170d35514089bc3dd09b95beae21/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/1084170d35514089bc3dd09b95beae21/nld@2025‑12‑24;07050798

sport, golfbaan

/join/id/regdata/gm0995/2025/03d43be9cf134517a4e305660f8d8d4f/nld@2025‑12‑24;07050798

sport, manege

/join/id/regdata/gm0995/2025/78228307bcfe4fafb9f57bbdee9d99ce/nld@2025‑12‑24;07050798

sport, max. 10.000 m²

/join/id/regdata/gm0995/2025/d4b823d3e2c944f18921f28268019069/nld@2025‑12‑24;07050798

sport, schietbaan

/join/id/regdata/gm0995/2025/eaa8aa4f3d0e488498a983e67a450409/nld@2025‑12‑24;07050798

sport, visvijver

/join/id/regdata/gm0995/2025/61d050eb5a3f4448889d8d7684a21449/nld@2025‑12‑24;07050798

sportlocaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/e607353348f647f9bce50e2e8a6a3b60/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/e607353348f647f9bce50e2e8a6a3b60/nld@2025‑12‑24;07050798

stallingsgarage

/join/id/regdata/gm0995/2025/4c3ece61c03f494396384af5c72e440d/nld@2025‑12‑24;07050798

tankstation, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/b4b458c5043a400386d41430a9e87d58/nld@2025‑06‑05;05522335

toegestane hellingshoek

/join/id/regdata/gm0995/2024/03b7b1c2cdf446edbbea49ff696353e7/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/03b7b1c2cdf446edbbea49ff696353e7/nld@2025‑12‑24;07050798

toegestane horecacategorie

/join/id/regdata/gm0995/2024/c33a4c6a19dd417c92bd77db381c372f/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/c33a4c6a19dd417c92bd77db381c372f/nld@2025‑12‑24;07050798

transitiegebied

/join/id/regdata/gm0995/2024/788202b1158b487185b80646f92136d2/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/788202b1158b487185b80646f92136d2/nld@2025‑12‑24;07050798

veiligheidszone plaatsgebonden risico

/join/id/regdata/gm0995/2025/11f511173c8e4ae6a9f34dcb3330b811/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2025/11f511173c8e4ae6a9f34dcb3330b811/nld@2025‑12‑24;07050798

veiligheidszones kaststations

/join/id/regdata/gm0995/2025/79a8e3faf7d445e58b6fdf240a019b3d/nld@2025‑06‑05;05522335

veiligheidszones LPG

/join/id/regdata/gm0995/2025/65aa950599fe4d25869bcc5f4073b51b/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2025/65aa950599fe4d25869bcc5f4073b51b/nld@2025‑12‑24;07050798

verbod (zeer) kwetsbare gebouwen en locaties

/join/id/regdata/gm0995/2025/799d3d85d2ca44b581eb008ef7f9ad4c/nld@2025‑12‑24;07050798

verbod (zeer/beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/a9d887f1ff004021a5ce4c3779620648/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/a9d887f1ff004021a5ce4c3779620648/nld@2025‑12‑24;07050798

verbod bouwwerken bouwen

/join/id/regdata/gm0995/2024/cdbc42fefb394e06a60d953774bab25d/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/cdbc42fefb394e06a60d953774bab25d/nld@2025‑12‑24;07050798

verbod bouwwerken bouwen, met uitzondering

/join/id/regdata/gm0995/2025/b9fbe7f404bd477fb3daeb0c5cc7a236/nld@2025‑12‑24;07050798

verbod bouwwerken, eerste bouwlaag

/join/id/regdata/gm0995/2024/a200e4bf287a470f803a0a56be78b0ff/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/a200e4bf287a470f803a0a56be78b0ff/nld@2025‑12‑24;07050798

verbod gebouwen bouwen

/join/id/regdata/gm0995/2024/5b02ab8afbf94c9abfe56a9cfa056060/nld@2025‑06‑05;05522335

vergunningplicht (beperkt) kwetsbare gebouwen en locaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/8fdc83ae8a4647f6a18feabe25a3e9b1/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/8fdc83ae8a4647f6a18feabe25a3e9b1/nld@2025‑12‑24;07050798

Verkeer, ontsluiting CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/4e740b0de82d422d87a67c767fc5dd10/nld@2025‑12‑18;15563859

verwachtingengebied archeologie

/join/id/regdata/gm0995/2024/2a73ab41cdae48db818d453f9e43841d/nld@2025‑10‑29;08114054

/join/id/regdata/gm0995/2024/2a73ab41cdae48db818d453f9e43841d/nld@2025‑12‑24;07050798

verwachtingengebied, archeologie

/join/id/regdata/gm0995/2025/9743ebba4d0e486abb422c904bfb7cdf/nld@2025‑12‑24;07050798

vrijstaand bijbehorend bouwwerk bouwen, bouwhoogte 3 m

/join/id/regdata/gm0995/2025/2f15c3bbfaeb4d7eb2381f585785bb90/nld@2025‑12‑24;07050798

vrijstaand bijgebouw, goothoogte 3,2 m

/join/id/regdata/gm0995/2024/d096410ecb734276af2d3303e600a809/nld@2025‑06‑05;05522335

wateroppervlakte 25%

/join/id/regdata/gm0995/2025/a523d68f94c84020ba91a218948e2ba0/nld@2025‑12‑24;07050798

wijzigingsgebied Campus Middengebied - Roots

/join/id/regdata/gm0995/2025/f69124883c964ea89aea063e913b82d9/nld@2025‑12‑18;15563859

wijzigingsgebied natuurcamping

/join/id/regdata/gm0995/2025/1e279598d0d14a79a2859e1b74650853/nld@2025‑12‑17;12365274

wonen

/join/id/regdata/gm0995/2024/3db0908759c54a95be10bdad763a2c9b/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/3db0908759c54a95be10bdad763a2c9b/nld@2025‑12‑24;07050798

Wonen CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/e9a183d8cf7c4723ab0445e49c34497c/nld@2025‑12‑18;15563859

wonen, (sociaal-)medisch

/join/id/regdata/gm0995/2024/8037eab3feb44fdd875d719fdfe13fc9/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/8037eab3feb44fdd875d719fdfe13fc9/nld@2025‑12‑24;07050798

wonen, bedrijfswoning

/join/id/regdata/gm0995/2024/a6aad964f29745b7b1510926a802be33/nld@2025‑06‑05;05522335

wonen, bedrijfswoning 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/b3d530aa60454b1ab915d43d1e581a37/nld@2025‑12‑24;07050798

wonen, bedrijfswoning recreatie 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/34ce71069bf24eefb6767c1f7fbdea76/nld@2025‑12‑24;07050798

wonen, bedrijfswoning recreatie 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/2e7f7307fa95405ba5f32f6f27e521e4/nld@2025‑12‑24;07050798

wonen, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/bb030403f6984e7bb360fb7bb75b7a93/nld@2025‑06‑05;05522335

wonen, beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2025/cb69a4cb2eb34641aadec22f72580a99/nld@2025‑12‑24;07050798

Wonen, beoordelingsregels 2 CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/8e39cf907d09409bb2571fd2b5aa7fab/nld@2025‑12‑18;15563859

wonen, boven eerste bouwlaag

/join/id/regdata/gm0995/2024/9d59dc87dd274efcbcdb6b6b5b01a9ff/nld@2025‑06‑05;05522335

wonen, gemeenschappelijke ruimte max. 450 m2

/join/id/regdata/gm0995/2024/832307c7bb9a4d2598e08e1d5d90c433/nld@2025‑06‑05;05522335

wonen, landgoed tuinen en erven

/join/id/regdata/gm0995/2025/9ae5de16dd1747bcb77771d5f6b643e4/nld@2025‑12‑24;07050798

wonen, max. 1 bedrijfswoning

/join/id/regdata/gm0995/2025/ca75d528dacc44fe8f2d0cbaa4de9f7a/nld@2025‑12‑24;07050798

wonen, sociaal-cultureel

/join/id/regdata/gm0995/2024/4d09afdc12d94aa1ba7ac596c7f6d3c8/nld@2025‑06‑05;05522335

wonen, vergunningplicht

/join/id/regdata/gm0995/2024/8f02b670686742529ca78ada0565c5ba/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/8f02b670686742529ca78ada0565c5ba/nld@2025‑12‑24;07050798

Wonen, vergunningplicht CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/6f6cf5119ec3492984a549c208d9048e/nld@2025‑12‑18;15563859

wonen, woonhuis

/join/id/regdata/gm0995/2024/23c34e7a23c043de991d7e7fdf4389c2/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/23c34e7a23c043de991d7e7fdf4389c2/nld@2025‑12‑24;07050798

Wonen, woonhuis CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/1cd5a678bad342e088b7bfad86e8d6cd/nld@2025‑12‑18;15563859

wonen, zorgwonen bij zorgboerderij

/join/id/regdata/gm0995/2025/14713f67a80d4ca88f0710138bec99fd/nld@2025‑12‑24;07050798

wonen, zorgwoningen

/join/id/regdata/gm0995/2025/08b3f9e3cef14b66a825032905d881cf/nld@2025‑06‑05;05522335

woningtype 1

/join/id/regdata/gm0995/2025/3ef69eda47a3407bbf77a93d7f5a67a6/nld@2025‑12‑24;07050798

woningtype 3

/join/id/regdata/gm0995/2025/4dfd41d2a5414a059061648454326ffd/nld@2025‑12‑24;07050798

woningtype 4

/join/id/regdata/gm0995/2025/143a2f05ea4c4739b96356593d71b2b1/nld@2025‑12‑24;07050798

woningtype 5

/join/id/regdata/gm0995/2025/b71996ef85a9487ca2c59a89652f802d/nld@2025‑12‑24;07050798

woningtype 5a

/join/id/regdata/gm0995/2025/f190dfa4b9214a2e9b98a543ec2da09e/nld@2025‑12‑24;07050798

woningtype 6

/join/id/regdata/gm0995/2025/d8d33f5a8dfe4b939b8c60514cc908d2/nld@2025‑12‑24;07050798

woningtype 6a

/join/id/regdata/gm0995/2025/92f3da6b74544ccd83a600bb4d6eaab8/nld@2025‑12‑24;07050798

woongebouw bouwen, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/3c4d0b9363ba41b886e85c6a725d2c03/nld@2025‑06‑05;05522335

woonhuis bouwen, beoordelingsregels 1

/join/id/regdata/gm0995/2024/5295ec99f0424a0886d6fbce7c420aac/nld@2025‑06‑05;05522335

woonhuis bouwen, beoordelingsregels 2

/join/id/regdata/gm0995/2024/f7c6e61e89bf4bea835692d2dffa4dba/nld@2025‑06‑05;05522335

woonlocaties

/join/id/regdata/gm0995/2024/5508adec2e6d4260a599c65f9295bbf2/nld@2025‑06‑05;05522335

/join/id/regdata/gm0995/2024/5508adec2e6d4260a599c65f9295bbf2/nld@2025‑12‑24;07050798

Woonlocaties CMR

/join/id/regdata/gm0995/2025/8ec5b63412de48268002131df40a9a64/nld@2025‑12‑18;15563859

IIIIIIIIIII

Bijlage IV wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

JJJJJJJJJJJ

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.4 Strijdig gebruik

Afdeling 4.2 wordt gebruikt om verschillende oud bestemmingen uit ruimtelijke plannen vanuit de Wet ruimtelijke ordening om te zetten naar de systematiek van het omgevingsplan. Aangezien het karakter van het omgevingsplan verordenend is, waar de oude ruimtelijke plannen enkel specifieke activiteiten op locaties toestonden, moet er opgenomen worden dat enkel toegelaten activiteiten in deze afdeling mogen op locatie. 

In het eerste lid wordt bepaald dat enkel de op locatie aangegeven gebruiksfuncties toegestaan zijn, waarmee de overige gebruiksfuncties zoals opgenomen in artikel 4.3tweede lid, verboden zijn. 

Het tweede lid ziet op het gebruik van de openbare buitenruimte binnen locaties met gebruiksfuncties. Dit lid is toegevoegd ter verduidelijking dat het gebruik van de openbare buitenruimte geen onderdeel uitmaakt van het verbod zoals opgenomen in het eerste lid. Een gebruiksfunctie heeft effect op de bouwwerken en gronden die hiervoor gebruikt worden en niet het gebruik van de openbare buitenruimte in het gebied.

[Vervallen]

KKKKKKKKKKK

Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.104.20 Bedrijfstypen

LLLLLLLLLLL

Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.114.21 Bedrijf op locatie

MMMMMMMMMMM

Na sectie ' Bedrijf op locatie' wordt een sectie ingevoegd, luidende:

Artikel 4.40 lid 2

Binnen deze locatie geldt de vergunningsplicht voor activiteiten die hoger zijn dan de op locatie 

NNNNNNNNNNN

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 4.944.129 Toepassingsbereik

In deze afdeling worden regels gesteld over festiviteiten zoals bedoeld in artikel 5.68 van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Een festiviteit is een kleinschalige uitbreiding van de gebruikelijk toegelaten (horeca)activiteiten, die plaatsvinden binnen de bebouwing op locatie, waarvoor de normen zoals opgenomen in artikel 4.964.131eerste lid op locatie tijdelijk worden versoepeld. Hiermee onderscheidt een festiviteit zich van het evenement op grond van artikel 2.24 van de Algemene plaatselijke verordening van Lelystad (hierna: APV), waar met name sprake van is bij (grootschalige) activiteiten in de openbare ruimte of met impact op de openbare ruimte. Evenementen worden daarmee strikter gereguleerd door middel van vergunningplichten en voorschriften in hoofdstuk 2, afdeling 3, van de APV.

OOOOOOOOOOO

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.4 Beperkingengebied straalpad

Voor het straalpad Lelystad – Zwolle gelden beperkingen ten aanzien van de hoogte van bouwwerken.

[Vervallen]

PPPPPPPPPPP

Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.145.16 Toepassingsbereik

QQQQQQQQQQQ

Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.215.28 Bouwregels afstand voorkant perceel hoofdgebouw

RRRRRRRRRRR

Sectie ' Beoordelingsregels bouw woongebied' wordt geplaatst na sectie ' Bouwregels afstand voorkant perceel'. Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.415.57 Beoordelingsregels bouw woongebied

SSSSSSSSSSS

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.26 Bouwregels vormgeving hoofdgebouw

Een dove gevel is een gevel van een constructie waarin geen te openen delen aanwezig zijn en die voldoen aan de eisen ten aanzien van de karakteristieke geluidwering. 

[Vervallen]

TTTTTTTTTTT

Sectie ' Beoordelingsregels bouw woongebouw' wordt geplaatst na sectie ' Bouwregels vormgeving hoofdgebouw'. Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.405.58 Beoordelingsregels bouw woongebouw

UUUUUUUUUUU

Na sectie ' Beoordelingsregels bouw woongebouw' wordt een sectie ingevoegd, luidende:

Artikel 5.67 Algemene bouwregels

In lid 1 van dit artikel wordt voorzien in regels waaraan een bijbehorend bouwwerk moet voldoen. Hierbij is afstemming is gezocht met de artikelen 22.26 en artikel 22.35. In de leden 2 en 3 zijn aanvullende regels opgenomen voor het bouwen van bijbehorende bouwwerken waarvoor een omgevingsvergunning is vereist.

VVVVVVVVVVV

Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.675.92 Toepassingsbereik

WWWWWWWWWWW

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.58 Algemene bouwregels

In lid 1 van dit artikel wordt voorziet in regels waaraan een bijbehorend bouwwerk moet voldoen. In de leden 3 en 4 zijn aanvullende regels opgenomen voor het bouwen van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, waarvoor een omgevingsvergunning is vereist.

[Vervallen]

XXXXXXXXXXX

Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 5.835.107 Verbod bouwen of opschalen van windturbines

YYYYYYYYYYY

Na sectie ' Verbod bouwen of opschalen van windturbines' wordt een sectie ingevoegd, luidende:

Artikel 9.12 Vergunningsplicht beperkingengebiedactiviteit buisleidingen

In dit artikel wordt de vergunningsplicht opgenomen voor de bescherming van het functioneren van de buisleidingen op locatie. Het gaat hier om activiteiten, geen omgevingsplanactiviteit bouwwerken zijnde. Voorbeelden van activiteiten welke op locatie vergunningplichtig zijn onder dit artikel zijn:

  • a.

    het aanbrengen en rooien van hoogopgaand en/of diepwortelende beplantingen en bomen;

  • b.

    het aanleggen van wegen of paden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen;

  • c.

    het indrijven van voorwerpen in de bodem, zoals lichtmasten, wegwijzers en ander straatmeubilair;

  • d.

    het uitvoeren van grondbewerkingen, waartoe worden gerekend afgraven, woelen, mengen, diepploegen, egaliseren, ontginnen, ophogen en aanleggen van drainage;

  • e.

    het permanent opslaan van goederen; en

  • f.

    het aanleggen, vergraven, verruimen of dempen van sloten, vijvers en andere wateren.

ZZZZZZZZZZZ

Het volgende opschrift wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 15.1615.6 Vergunningsplicht beperkingengebiedactiviteit ecologie

AAAAAAAAAAAA

Na sectie ' Vergunningsplicht beperkingengebiedactiviteit ecologie' wordt een sectie ingevoegd, luidende:

Artikel 15.21 Toepassingsbereik

Het eerste lid geeft aan dat deze afdeling betrekking heeft op het kappen van bomen en het vellen van houtopstanden. Het gaat hierbij om de algemene bepalingen die voorheen opgenomen waren in de Algemene plaatselijke verordening en sinds 2021 in de Verordening fysieke leefomgeving van de gemeente Lelystad.

Het tweede lid geeft aan dat de algemene bepalingen afkomstig uit de gemeentelijke verordening niet worden toegepast indien ruimtelijk op locatie specifieke regels zijn opgenomen op grond van het omgevingsplan. In het kader van de transitieperiode zijn hier twee mogelijkheden opgenomen, namelijk locatie specifieke regels opgenomen in het ‘nieuwe deel’ van het omgevingsplan (a.) en locatie specifieke regels opgenomen in de oude ruimtelijke plannen vanuit de Wet ruimtelijke ordening, welke onderdeel uitmaken van het tijdelijke deel van het omgevingsplan (b.). 

BBBBBBBBBBBB

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 19.8 Vergunningplicht archeologie

Dit artikel bevat regels voor de bescherming van gebieden met een hoge archeologische verwachtingswaarde.

[Vervallen]

CCCCCCCCCCCC

De volgende sectie wordt op de aangegeven wijze gewijzigd:

Artikel 20.320.4 Vergunningsplicht beperkingengebiedsactiviteit hoogspanningsleidingen

In dit artikel wordt de vergunningsplicht opgenomen voor de bescherming van het functioneren van de hoogspanningsleidingen op locatie. Voorbeelden van activiteiten welke op locatie vergunningplichtig zijn onder dit artikel zijn:

 

Motivering

1 Inleiding

1.1 Inleiding

Met de invoering van de Omgevingswet op 1 januari 2024 heeft de gemeente Lelystad een omgevingsplan dat van rechtswege in werking is gesteld. Dit plan heeft een tijdelijk deel dat bestaat uit de geldende bestemmingsplannen, beheersverordeningen, uitwerkings- en wijzigingsplannen, exploitatieplannen, inpassingsplannen, bodemkwaliteitskaarten, de geurverordening, de hemelwaterverordening, het deel met betrekking tot archeologie uit de erfgoedverordening en de Bruidsschat van het Rijk. Het tijdelijk deel voldoet echter nog niet aan de vereisten die gelden voor het omgevingsplan zoals bedoeld in de Omgevingswet. De gemeente Lelystad heeft tot 1 januari 2032 de tijd om het tijdelijke omgevingsplan om te zetten naar een volwaardig omgevingsplan voor het hele grondgebied dat aan alle eisen van de Omgevingswet, de instructieregels vanuit het Rijk en de provincie Flevoland en de digitale standaarden voldoet.

Om te voldoen aan alle eisen van de Omgevingswet wordt een begin gemaakt met een beleidsarme omzetting van het grootste deel van de reeds aanwezige woongebieden in de gemeente Lelystad. Dit betreft de eerste wijziging van het omgevingsplan. 

Voorliggend document bevat de motivering bij de eerste wijziging van het omgevingsplan in verband met een evenwichtige toedeling van functies aan locaties, zoals bedoeld in artikel 4.2, eerste lid van de Omgevingswet. 

1.2 Planvorm

De aanpak van de gemeente Lelystad voor het opstellen van het omgevingsplan is activiteitgericht. De eerste wijziging van het omgevingsplan betreft het omzetten van het grootste deel van de reeds aanwezige woongebieden. Hiermee worden bestemmingen van de plannen in het tijdelijke deel van het omgevingsplan vervangen door het nieuwe deel van het omgevingsplan. Bij de activiteitgerichte ombouw van de bestemmingsplannen worden geen nieuwe initiatieven meegenomen. Nieuwe initiatieven zullen een eigen procedure volgen.

1.3 Plankader

Er is geen afgebakende definitie van wat de fysieke leefomgeving is. In de Omgevingswet is aangegeven dat de fysieke leefomgeving in ieder geval bestaat uit: bouwwerken, infrastructuur, watersystemen, water, bodem, lucht, landschappen, natuur, cultureel erfgoed en werelderfgoed. Ook de gevolgen voor de fysieke leefomgeving en voor de mens kunnen deel uitmaken van een omgevingsplan. Hierbij wordt gedacht aan emissies, hinder of risico, maar ook aan gezondheid en duurzaamheid.

In een omgevingsplan moet sprake zijn van een ‘evenwichtige toedeling van functies aan locaties’. Dit wordt bereikt door regels voor activiteiten te stellen voor (een gedeelte van) het ambtsgebied en regels met de toegelaten activiteiten te koppelen aan locaties. Bij de evenwichtige toedeling dient de gemeente rekening te houden met alle betrokken belangen.

De Omgevingswet gaat voor wat betreft het omgevingsplan in het algemeen uit van een andere filosofie dan het bestemmingsplan. In het kort: minder regels, meer loslaten en deregulering: vertrouwen als uitgangspunt, integratie van aspecten rondom de fysieke leefomgeving in één plan, meer ruimte voor afwegingen op gemeentelijk niveau, meer ruimte en flexibiliteit voor wenselijke ontwikkelingen en het waarborgen van omgevingskwaliteit.

De gemeenteraad heeft hierbij, met inachtneming van de hierna te benoemen algemene rijksregels en regels van de provincie, een zekere beoordelingsruimte. De regels van het omgevingsplan zijn voor iedereen juridisch bindend. Wanneer iemand een activiteit wil verrichten die invloed heeft op de fysieke leefomgeving, wordt de aanvraag voor die activiteit getoetst aan de regels van het omgevingsplan. Het omgevingsplan heeft een ruime reikwijdte. Het beslaat alle aspecten van de fysieke leefomgeving.

Het omgevingsplan legt het in de omgevingsvisie, een programma of ander document vastgesteld gemeentelijk beleid ten aanzien van de fysieke leefomgeving vast in juridische regels. Activiteiten die getoetst worden aan het omgevingsplan zijn bijvoorbeeld: bouwen, slopen, kappen, aanleggen, houden van evenementen, maken van in-/uitritten en de gemeentelijke monumentenactiviteit. Burgemeester en wethouders houden op basis van de regels van het omgevingsplan toezicht en kunnen handhavend optreden. In het omgevingsplan wordt bepaald of een omgevingsvergunning nodig is voor bepaalde activiteiten. De gemeente kan voor die activiteiten ook een melding verlangen of informatie vragen over de activiteit. Activiteiten kunnen ook worden verboden in het omgevingsplan.

1.4 Leeswijzer

In deze motivering wordt ingegaan op de wijziging van het omgevingsplan en is als volgt opgebouwd: 

  • In hoofdstuk 2 wordt ingegaan op het planvoornemen.

  • In hoofdstuk 3 wordt ingegaan op het participatietraject en de inbreng van de verschillende ketenpartners.

  • In hoofdstuk 4 wordt ingegaan op de beleidskaders op de verschillende overheidsniveaus en de instructieregels die voor de wijziging van het omgevingsplan van toepassing zijn. 

  • In hoofdstuk 5 wordt ingegaan op de regeling van de wijziging van het omgevingsplan.

  • In hoofdstuk 6 komen de gevolgen voor de fysieke leefomgeving aan de orde.

  • In hoofdstuk7 wordt ingegaan op de financiële haalbaarheid.

  • In hoofdstuk 8 wordt ingegaan op het overgangsrecht en de inwerkingtreding van het omgevingsplan. 

  • In hoofdstuk 9 wordt ingegaan op de Evenwichtige Toedeling van Functies Aan Locaties.

 

2 Planvoornemen

2.1 Ligging

Het plangebied voor de wijziging van het omgevingsplan bestaat uit het stadsrandgebied van gemeente Lelystad, met uitzondering van de bedrijfsterreinen. In figuur 2.1 is het plangebied weergegeven.

Figuur 2.1. Plangebied wijziging omgevingsplan - Stadsrandgebied
afbeelding binnen de regeling

 

 

2.2 Geldende bestemmingsplannen

Het plangebied in de gemeente Lelystad is juridisch geregeld in de volgende bestemmingsplannen:

Vigerende bestemmingsplannen in het plangebied Woongebieden

Hollandse Hout

Stadsrandgebied

Stadsrandgebied uitspraak RvS (19‑03‑2014)

De Groene Velden

De Groene Velden, partiële herziening art. 5  (14-5 2013)

Lelystad Buitenhof

Wijzigingsplan Kraaienhof

Parapluplan Parkeren Lelystad

Parapluplan Algemene regels tankstations Lelystad

Parapluplan Algemene regels woningsplitsing en kamerbewoning Lelystad

Beschermingszone Centraal Veterinair (WBVR/CVI)

Gelderse Hout 1

Hondsdraf 51

Hondsdraf 56

Warande fase 1

Uitwerkingsplan deelgebied 1 Warande

Gedeeltelijke herziening deelgebied 1 Warande (postzegels)

Waterwoningen Ranonkellaan Warande fase 1

Wijzigingsplan Drijvend Wonen

Warande - De Olmen Buizerdweg

Warande - Olmenkwartier

Warande - Groot Nooten

Warande - Klein Nooten

Warande - De Elzen

Reparatieplan Stadsrandgebied

2.3 Bestaande activiteiten

In het stadsrandgebied waarop de wijziging van het omgevingsplan betrekking heeft is het deels mogelijk om te wonen. De woonbestemming is in de betreffende bestemmingsplannen op verschillend manieren geregeld. Naast de verschillende woonbestemmingen, zoals wonen - landgoed en buitenplaatsen, wonen- wooncentrum, wonen-woongebouw, woongebied-1 en woongebied zijn in de verschillende plannen bestemmingen voor agrarisch, bos, gemengd, gemengd-buiten, horeca, De Groene Velden, groen,  ,  natuur, recreatie-A, recreatie-B, sport, verkeer, verkeer- railverkeer, en water opgenomen. Bovendien heeft een aantal plannen de dubbelbestemmingen voor leiding- hoogspanningsverbinding, waarde-archeologie hoog, waarde archeologie SAS, waarde- archeologie, waarde-ecologie en waterstaat- waterkering.  Sommige (dubbel)bestemmingen zijn algemeen en sommige (dubbel)bestemmingen zijn planspecifiek.

2.4 Beoogde situatie

Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet maken onder andere de bestemmingsplannen deel uit van het tijdelijke omgevingsplan dat van rechtswege is ontstaan. Het voorliggende plan betreft een wijziging van dit omgevingsplan. Dit betekent dat een deel van het tijdelijke omgevingsplan van de gemeente Lelystad wordt vervangen. Met de wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied, worden de activiteiten die daar plaatsvinden geregeld in het omgevingsplan van de gemeente Lelystad. De regels die nu gelden op basis van de verschillende bestemmingsplannen die van toepassing zijn in het plangebied worden beleidsarm omgezet. Hierbij worden waar mogelijk regels geharmoniseerd en overbodige regels niet meer in het omgevingsplan opgenomen. Bestaande gebruiksmogelijkheden worden niet beperkt of verruimd.

Deze wijziging van het omgevingsplan bevat hiermee alle gemeentelijke regels op het terrein van de fysieke leefomgeving in het stadsrandgebied. Hierbij moet sprake zijn van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties. 

De regels van het omgevingsplan zijn voor iedereen juridisch bindend. Wanneer iemand een activiteit wil verrichten die invloed heeft op de fysieke leefomgeving, wordt de aanvraag voor die activiteit getoetst aan de regels van het omgevingsplan. Het omgevingsplan heeft een ruime reikwijdte. Het beslaat alle aspecten van de fysieke leefomgeving.

Activiteiten die getoetst worden aan het omgevingsplan zijn bijvoorbeeld: bouwen, slopen, kappen, aanleggen, houden van evenementen, maken van in-/uitritten, het voeren van een bedrijf en de gemeentelijke monumentactiviteit. Burgemeester en wethouders houden op basis van de regels van het omgevingsplan toezicht en kunnen handhavend optreden. In het omgevingsplan wordt bepaald of een omgevingsvergunning nodig is voor bepaalde activiteiten. Gemeenten kunnen voor die activiteiten ook een melding verlangen of informatie vragen over de activiteit. Activiteiten kunnen ook worden verboden.

3 Participatie en ketenpartners

3.1 Participatie

Een nieuw vormvrij maar verplicht onderdeel van de Omgevingswet is participatie. Per 1 januari 2024 vormen de bestemmingsplannen (automatisch) het omgevingsplan. De voorliggende wijziging betreft in eerste instantie een technische omzetting waarbij de bestaande regels uit bestemmingsplannen zo beleidsarm mogelijk zijn omgezet. Ontwikkelingen worden hierbij niet meegenomen, waardoor er geen veranderingen optreden in de fysieke leefomgeving. Om deze reden is er voor deze technische omzetting geen input gevraagd bij inwoners.  

Wel is er in het kader van het Omgevingsplan en het nieuwe digitale stelsel dat hiervoor wordt gebruikt een onderzoek met inwoners van Lelystad gedaan naar de begrijpbaarheid en vindbaarheid van de regels en de vergunningsaanvragen in het digitale systeem. De uitkomsten van dit onderzoek worden onder andere gebruikt om het voor inwoners makkelijker te maken om de regels die gelden in een gebied te vinden en begrijpen. 

In de aanloop naar de vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan worden de inwoners via de reguliere kanalen op de hoogte gebracht van het te nemen besluit. Voor het besluit zal een zienswijzeprocedure worden gevolgd, wat de inwoners de mogelijkheid biedt inbreng te leveren. 

Wanneer er in de toekomst aanleiding is om een inhoudelijke wijziging aan te brengen op het omgevingsplan dan zal het participatieproces worden vormgegeven afhankelijk van de impact op de omgeving en wat er al aan participatie is gedaan in het voortraject. 

De gemeente sluit met de participatie over het omgevingsplan en de omgevingsvergunning aan op de algemene participatie aanpak van Lelystad. Op die manier geeft de gemeente de participatie zo uniform mogelijk vorm. De gemeente zal een participatieverordening vaststellen. Hierin wordt vastgelegd hoe inwoners worden betrokken bij verschillende beleidsfasen en daarmee ook over het betrekken van inwoners bij een aantal kerninstrumenten van de Omgevingswet. Mocht blijken dat het nodig is participatie in sommige gevallen wel te verplichten, biedt het vaststellen van de participatieverordening de mogelijkheid. 

Deze wijziging van het omgevingsplan betreft een beleidsarme omzetting van het stadsrandgebied in Lelystad. Ontwikkelingen worden hierbij niet meegenomen, waardoor er geen veranderingen optreden in de fysieke leefomgeving. In de aanloop naar de vaststelling van de wijziging van het omgevingsplan worden de inwoners via de reguliere kanalen op de hoogte gebracht van het te nemen besluit. Voor het besluit zal een zienswijzeprocedure worden gevolgd, wat de inwoners de mogelijkheid biedt inbreng te leveren.

3.2 Inbreng ketenpartners

De provincie Flevoland kent grote opgaven op gebied van de fysieke leefomgeving. In de Omgevingsvisie van de provincie zijn hiervoor zeven thematische opgaven geformuleerd:

  • a.

    Ondersteunen bij het besparen van energieverbruik en ondersteunen van het zelf opwekken van energie

  • b.

    Het beschermen en ontwikkelen van het provinciale erfgoed en instandhouding van de ontwikkelingsgerichtheid

  • c.

    Het verzorgen van een trendbreuk op gebied van gezondheid en sociale veerkracht

  • d.

    Het toekomstbestendig maken van het agrarisch grondgebruik

  • e.

    De ontwikkeling tot grondstoffenleverancier voor de circulaire economie

  • f.

    Versterken van de regiovorming door ontwikkeling en bestendigen van netwerken

  • g.

    Ruimte bieden aan initiatieven die bijdragen aan een duurzame toekomst.

Om met alle lagere overheden binnen de provincie samen te werken aan het realiseren van deze doelen, zijn er tussen de provincie, de gemeenten binnen de provinciegrenzen, het Rijk, de GGD en de Veiligheidsregio werkafspraken gemaakt over onderlinge afstemming gedurende het proces waarlangs wijzigingen van het omgevingsplan tot stand komen. Dit proces kan als volgt worden beschreven:

Voorbereidingsfase:

De gemeente bepaalt welk proces er bij de planvorming wordt georganiseerd. Dit proces kan bijvoorbeeld zijn: een BOPA, een wijziging omgevingsplan, of een projectbesluit. Deze keuze is vervolgens op basis van de complexiteit om dit intern af te doen of een intaketafel te organiseren.

Ontwerp en vooroverlegfase:

Deze wijziging van het omgevingsplan betreft geen ingrepen in de fysieke leefomgeving. Ketenpartners worden voor aanvang van de terinzagelegging van het ontwerp betrokken om het plan te beoordelen.

Besluitvormingsfase:

Het ontwerp van het besluit wordt ter inzage gelegd. Regionale partners kunnen zienswijzen op het ontwerp indienen. Hierop volgt de feitelijke vaststelling van het besluit op de planologisch/juridische regeling.

4 Beleidskader en instructieregels

4.1 Rijksbeleid

4.1.1 Nationale Omgevingsvisie (NOVI)

Op 11 september 2020 is de Nationale Omgevingsvisie (hierna: NOVI) vastgesteld. De NOVI is de langetermijnvisie van het Rijk op de toekomstige inrichting en ontwikkeling van de leefomgeving in Nederland. Het versterken van de omgevingskwaliteit staat in de NOVI centraal. Dat wil zeggen dat alle plannen met oog voor de natuur, gezondheid, milieu en duurzaamheid gemaakt moeten worden. Bij de NOVI hoort een Uitvoeringsagenda. Hierin staat hoe uitvoering wordt gegeven aan de NOVI. 

Binnen de NOVI zijn een aantal aandachtsgebieden geformuleerd als zogeheten NOVI-gebied. Dit zijn gebieden waar omvangrijke transitieopgaven gewenst zijn. Lelystad maakt deel uit van het NOVI-gebied ‘Metropoolregio Amsterdam’. In dit gebied is sprake van een stapeling van opgaven in een grote stedelijke context.  

Opgaven 

Nederland heeft een aantal dringende maatschappelijke opgaven. Deze opgaven kunnen niet apart van elkaar worden opgelost; zij moeten in samenhang bekeken worden. Ze grijpen in elkaar en vragen om meer ruimte dan beschikbaar is in Nederland. Niet alles kan, niet alles kan overal. Op het niveau van nationale belangen wil het Rijk sturen en richting geven aan de omgeving in Nederland, verwoord in vijf opgaven: 

1. ruimte maken voor klimaatverandering en energietransitie; 

2. de economie van Nederland verduurzamen en het groeipotentieel behouden; 

3. steden en regio's sterker en leefbaarder maken; 

4. een toekomstbestendige ontwikkeling van het landelijk gebied;

5. de bouw van 1 miljoen woningen.

In de NOVI is een tweetal instrumenten opgenomen om de opgaven te realiseren: 

De Omgevingsagenda 

De Omgevingsagenda is de basis voor de samenwerking tussen Rijk en regio bij opgaven in de fysieke leefomgeving. Het doel van de Omgevingsagenda is om als overheden samen gebiedsgericht (dus met het gebied als uitgangspunt) uitwerking te geven aan de gedeelde ambities en opgaven. Deze zijn vastgelegd in de nationale, provinciale en lokale omgevingsvisies en de visies van de waterschappen.

Voor Noordwest (Utrecht, Flevoland en Noord-Holland) is een omgevingsagenda opgesteld, waar Lelystad als NOVI-gebied deel van uitmaakt. In de Omgevingsagenda agenderen het Rijk en de regio de gezamenlijke vraagstukken en de gewenste aanpak daarvan. De Omgevingsagenda biedt een basis voor uitvoeringsafspraken en inzet van programma's en projectbesluiten van Rijk en regio. Zo wordt het verstedelijken van de Metropoolregio Amsterdam (hierna: MRA) als een van de opgaven voor Noordwest gezien. 

Programma NOVEX

Een NOVEX-gebied is een programma instrument waarmee het Rijk en de regio meerdere jaren verbonden zijn aan de gezamenlijke uitwerking van de verschillende opgaven in het ruimtelijke domein. Vaak wordt voortgebouwd op bestaande samenwerkingstrajecten. In het NOVEX-gebied Metropoolregio Amsterdam (waar Lelystad onder valt), is de hoofdlijn van de gezamenlijke koers die de Metropoolregio Amsterdam (MRA) met het Rijk heeft opgesteld een toekomstbestendige en evenwichtige metropool met meerdere kernen. Ook de transitieopgaven mobiliteit, energie en klimaat zijn belangrijke onderdelen van het verstedelijkingsconcept. 

Doorwerking omgevingsplan Lelystad

Het is van belang dat het omgevingsplan Lelystad geen strijdigheden bevat met de belangen van het Rijk zoals genoemd in het NOVEX programma. 

4.1.2 Deltaplan Ruimtelijke adaptie

In het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie staan alle projecten en maatregelen die ervoor gaan zorgen dat Nederland in 2050 waterrobuust en klimaatbestendig is ingericht. In het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie zijn zeven ambities opgenomen:

1.    Kwetsbaarheid in beeld brengen

2.    Risicodialoog voeren en strategie opstellen

3.    Uitvoeringsagenda opstellen

4.    Meekoppelkansen benutten

5.    Stimuleren en faciliteren

6.    Reguleren en borgen

7.    Handelen bij calamiteiten

In het Deltaplan Ruimtelijke adaptatie staat hoe gemeenten, waterschappen, provincies en het Rijk het proces van ruimtelijke adaptatie willen versnellen en intensiveren. 

4.2 Regels en instructieregels Rijk

4.2.1 Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl)

Het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) is een onderdeel van de Omgevingswet in Nederland en legt vast welke kwaliteitseisen gelden voor de fysieke leefomgeving. In het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan regels over omgevingswaarden, instructieregels, beoordelingsregels en regels voor monitoring. Het Bkl geldt voor het Rijk en decentrale overheden. 

Het Bkl richt zich op bestuursorganen en geeft inhoudelijke normen waaraan zij bij het uitoefenen van taken en bevoegdheden moeten voldoen. Dit geldt onder ander voor het opstellen van omgevingsplannen, omgevingsverordeningen, waterschapsverordeningen en het vaststellen van omgevingsvergunningen en projectbesluiten. In hoofdstuk 5 van het Bkl zijn de instructieregels opgenomen die de gemeente bij het opstellen van het omgevingsplan in acht moet nemen. Deze instructieregels kunnen worden opgevat als de minimale vereisten waaraan een omgevingsplan in het kader van de evenwichtige toedeling van functies aan locaties moet voldoen. Deze instructieregels richten zich op de volgende thema's:

Thema instructieregels

Paragraafnr.

Inhoud

Onderwerp

§5.1.1

Algemene bepalingen

Dienstenrichtlijn

§5.1.2

Waarborgen van de veiligheid

(Externe) veiligheid

§5.1.3

Beschermen van de waterbelangen

Waterkwaliteit, -kwantiteit en -veiligheid

§5.1.4

Beschermen van de gezondheid en van het milieu

Lucht, geluid, trillingen, windturbines, bodem, geur

§5.1.5

Beschermen van landschappelijke of stedenbouwkundige waarden en cultureel erfgoed

Ladder duurzame verstedelijking,  

Cultureel erfgoed, werelderfgoed

§5.1.6

Behoud van ruimte voor toekomstige functies

Autowegen, buisleidingen

§5.1.7

Behoeden van de staat en werking van infrastructuur of voorzieningen voor nadelige gevolgen van activiteiten

Landsverdediging en nationale veiligheid, radar, vliegroutes, elektriciteit, vaarwegen, woningbouwcategorieën

§5.1.8

Bevorderen van de toegankelijkheid van de openbare buitenruimte voor personen

Voor personen met een functiebeperking

§5.2

De uitoefening van taken voor de fysieke leefomgeving

Voorkomen belemmeringen gebruik en beheer hoofdspoorwegen en rijkswegen

 

Lozen industrieel afvalwater in openbaar vuilwater-riool onder voorwaarden (voldoen aan gestelde eisen) 

 

bebouwingscontour jacht, bebouwingscontour houtkap 

§5.3

Ontheffingsmogelijkheden van instructieregels omgevingsplan

 

Met de wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad zijn regels opgenomen met als doel om aan de bovenstaande instructieregels te voldoen. De verschillende thema's zijn uitgewerkt in hoofdstuk 6 van deze motivering. Indien er specifieke regels zijn opgenomen is dit in hoofdstuk 6 aangegeven.

4.2.2 Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)

Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) is een onderdeel van de Omgevingswet en bevat regels voor activiteiten die invloed hebben op de fysieke leefomgeving. Het Bal regelt:

  • Vergunningen en meldingen: Bepaalt welke activiteiten vergunningsplichtig zijn en welke alleen gemeld moeten worden.

  • Specifieke zorgplichten: Geeft aan welke zorgplichten gelden voor verschillende activiteiten, bijvoorbeeld op het gebied van geluid, luchtkwaliteit, en afvalbeheer.

  • Milieueisen: Stelt milieueisen aan diverse activiteiten om bescherming van het milieu te waarborgen.

  • Toezicht en handhaving: Regelt hoe toezicht en handhaving plaatsvindt om naleving van de regels te waarborgen.

 

De regels van het Bal zijn afkomstig uit de verschillende Algemene Maatregelen van Bestuur (AMvB's) en wetten. In het Bal stelt het Rijk algemene regels voor de volgende activiteiten:

  • Milieubelastende activiteiten en lozingsactiviteiten;

  • Activiteiten in of bij waterstaatswerken in beheer bij het Rijk;

  • Activiteiten rond rijkswegen, spoorwegen en luchthavens;

  • Activiteiten die de natuur raken;

  • Activiteiten die cultureel erfgoed of werelderfgoed raken;

  • Landinrichtingsactiviteiten;

  • Gelegenheid bieden tot zwemmen en baden in een badwaterbassin;

  • Wateronttrekking voor industriële toepassingen en voor de drinkwatervoorziening;

  • Ontgrondingsactiviteit op land en regionale wateren.

 

Allereerst wordt in hoofdstuk 2 van het Bal voor de bovengenoemde activiteiten het bevoegd gezag aangewezen. In de tweede plaats worden in hoofdstuk 3 de hoofdcategorieën van de milieubelastende activiteiten benoemd én worden de procedureregels vastgesteld. In de derde plaats worden in hoofdstuk 4 voor deze hoofdcategorieën en daarbij behorende nevengeschikte milieubelastende activiteiten, gedragsregels vastgesteld. Daarnaast zijn in het Bal regels opgenomen over thematische onderwerpen zoals bodem, luchtkwaliteit, industrielawaai, activiteiten bij rijkswaterstaatswerken en- infrastructuur, activiteiten die de natuur beïnvloeden en overige activiteiten van nationaal belang.

Het is onder voorwaarden toegestaan om aanvullend op de regels uit het Bal, regels in het omgevingsplan op te nemen. Verder is het toegestaan om in het omgevingsplan onder beperkingen af te wijken van de regels uit het Bal. Daarbij is de hoofdregel dat decentrale regels geen verruiming mogen inhouden ten opzichte van het beschermingsniveau dat het Bal biedt. Het Bal bepaalt niet dat zaken in het omgevingsplan geregeld moeten worden, maar in dit besluit wordt aangegeven aan welke regels met name de zwaardere milieubelastende activiteiten moeten voldoen. Daarnaast bevat het Bal regels over locatiespecifieke en onderwerpspecifieke activiteiten. Onder voorwaarden is het toegestaan om decentraal aanvullend regels in het omgevingsplan op te nemen. Verder bepaalt het Bal voor welke activiteiten een melding of een omgevingsvergunning (op grond van het Bal) nodig is. Afwijken van of aanvullen op het Bal is alleen mogelijk als dit uitdrukkelijk in het Bal is opgenomen (via maatwerkregels, maatwerkvoorschriften of een gelijkwaardige maatregel).

4.2.3 Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl)

De regels uit het Bbl komen veelal overeen met regels uit het Bouwbesluit 2012. Het Bbl bevat rechtstreeks werkende, algemene rijksregels over activiteiten die betrekking hebben op bouwwerken. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om gebruik, bouwen en slopen, maar ook over aspecten zoals veiligheid, duurzaamheid en gezondheid. Het Bbl regelt met name de technische aspecten van een bouwwerk. Het ruimtelijke deel van het bouwen wordt met name in het omgevingsplan geregeld. De onderwerpen waarover rijksregels gesteld zijn, zijn uitputtend geregeld. Dit betekent dat als er over een onderwerp geen rijksregels gesteld zijn, de gemeente de bevoegdheid heeft om daar regels over te stellen.

Met de Omgevingswet wordt de omgevingsvergunning voor bouwen in een technisch en ruimtelijk deel gescheiden. Dit is de zogenoemde ‘knip’. Het gevolg hiervan is dat de activiteit bouwen feitelijk uit twee afzonderlijke activiteiten bestaat: de technische bouwactiviteit en de omgevingsplanactiviteit voor een bouwwerk. Hieronder worden beide activiteiten kort toegelicht. 

De technische bouwactiviteit

Deze activiteit gaat over de toets van een aanvraag aan de regels voor de technische bouwkwaliteit uit het Bbl. Hierbij kan bijvoorbeeld worden gedacht aan de constructieve veiligheid van een bouwwerk. Het is niet mogelijk af te wijken van de regels over de technische bouwactiviteit uit het Bbl in het omgevingsplan.

De omgevingsplanactiviteit voor een bouwwerk

Deze activiteit gaat over de toets van het bouwen van een bouwwerk voor het ruimtelijk bouwen, het in stand houden en het gebruiken van een bouwwerk aan het omgevingsplan. Deze omgevingsplanactiviteit bestaat dus uit het juridisch mogelijk maken van de feitelijke bouwactiviteit. Hierbij gaat het onder andere om regels over de beperking van de omvang van het bouwwerk (hoogte, oppervlakte en dergelijke), alsmede om het uiterlijk van een bouwwerk (welstand). Deze regels zijn niet alleen opgenomen in het Bbl, maar staan ook in de bruidsschat. Van de regels in de bruidsschat kan worden afgeweken in het omgevingsplan. Het gevolg van de ‘knip’ is dat de gemeente nu zelf in het omgevingsplan bepaalt voor welke omgevingsplanactiviteiten een vergunningplicht geldt.

Vergunningvrij bouwen

Zowel voor de technische bouwactiviteit als voor de omgevingsplanactiviteit voor een bouwwerk, heeft het Rijk vergunningvrije gevallen aangewezen in het Bbl. Hier kan lokaal niet van worden afgeweken. Voor de omgevingsplanactiviteit voor een bouwwerk zijn ook vergunningvrije gevallen aangewezen in de bruidsschat. De bruidsschat werkt hierin aanvullend op het Bbl. Voor deze gevallen kan in het omgevingsplan worden bepaald welke daarvan in het (nieuwe) deel van het omgevingsplan worden opgenomen.

Wet private kwaliteitsborging (Wkb)

De Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) heeft als doel de bouwkwaliteit en het bouwtoezicht te verbeteren en introduceert de onafhankelijke kwaliteitsborger. De toets vooraf op de bouwplannen wordt vervangen door de toets in de praktijk. Met de Wkb verandert de rol van gemeenten tijdens het bouwproces.

4.2.4 Bruidsschat

Onder de Omgevingswet verhuizen regels van het Rijk naar gemeenten en waterschappen. Gemeenten en waterschappen krijgen dankzij de bruidsschat de tijd om zelf een afweging te maken hoe ze deze onderwerpen willen regelen. Bij de activiteiten die onder de Omgevingswet van rijksregels naar lokale regels verhuizen, gaat het vooral om lokale vraagstukken. Denk aan geur, horeca of lozingen van huishoudens. De gemeenten en waterschappen besluiten voortaan hoe ze die onderwerpen regelen.

Met de komst van de Omgevingswet zijn veel regels van het Rijk naar gemeenten en waterschappen verhuisd. De wetten en uitvoeringsbesluiten waarin deze regels afkomstig van zijn, zijn ingetrokken. De bedoeling is dat gemeenten deze regels in het omgevingsplan opnemen. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet zijn deze Rijksregels komen te vervallen en zal het merendeel van de gemeenten geen gemeentedekkend omgevingsplan vastgesteld hebben. De voor de inwerkingtreding van de Omgevingswet van kracht zijnde bestemmingsplannen gaan dan over in een omgevingsplan van rechtswege (het tijdelijk deel van het omgevingsplan). 

Door opname van de bruidsschat in het omgevingsplan van rechtswege, wordt voorkomen dat deze (veelal noodzakelijke) regels vervallen. Zo hebben de regels uit de bruidsschat betrekking op verschillende onderwerpen zoals horeca, detailhandel, recreatie, lozingen, emissies van geluid, geur en trillingen door bedrijven en bouwen. Daarnaast bevat de bruidsschat ook regels over bouwen en gebruik, welstand, cultureel erfgoed en aanvraagvereisten. 

De bruidsschat is integraal overgenomen in hoofdstuk 22 in het omgevingsplan gemeente Lelystad.

4.3 Provinciaal beleid

4.3.1 Omgevingsvisie ‘FlevolandStraks’

De Omgevingsvisie ‘FlevolandStraks’ (8 november 2017) is een uitgebreide toekomstvisie waarin zeven cruciale opgaven centraal staan. Deze opgaven vormen de basis voor de duurzame ontwikkeling van de provincie Flevoland en zijn bedoeld om de unieke kenmerken van de regio te versterken en haar inwoners een hoge levenskwaliteit te bieden. De zeven opgaven worden hieronder kort toegelicht. 

Het Verhaal van Flevoland

De eerste opgave, 'Het Verhaal van Flevoland', benadrukt de unieke geschiedenis en identiteit van de provincie. Flevoland is ontstaan door de grootste inpoldering ter wereld en dit verhaal van innovatie, moed en samenwerking is een belangrijk aspect van de regio. Deze geschiedenis vormt de basis voor het versterken van de cultuurhistorische beleving en het bevorderen van toerisme. Dit gebeurt door middel van het ontwikkelen van erfgoedlocaties, musea en toeristische routes die de ontstaansgeschiedenis zichtbaar maken. Daarnaast zal er aandacht zijn voor het behoud en de versterking van landschapselementen zoals dijken en waterwerken, die de historische identiteit van Flevoland onderstrepen.

Krachtige Samenleving

De tweede opgave, 'Krachtige Samenleving', richt zich op het bevorderen van een inclusieve en vitale samenleving. Dit houdt in dat sociale cohesie, gezondheid, onderwijs en participatie centraal staan, met speciale aandacht voor kwetsbare groepen. Het ruimtelijk beleid zal zich richten op het creëren van inclusieve en toegankelijke woonomgevingen, waar diversiteit en gemeenschapsvorming worden bevorderd. Gezondheidsvoorzieningen, recreatievoorzieningen en groene ruimtes zullen strategisch worden geplaatst om de fysieke en mentale gezondheid van de inwoners te ondersteunen. Verder zal er geïnvesteerd worden in onderwijs- en culturele voorzieningen, zodat iedereen in de provincie toegang heeft tot deze essentiële diensten.

Ruimte voor Initiatief

'Ruimte voor Initiatief', de derde opgave, beoogt het stimuleren van initiatieven van inwoners, ondernemers en maatschappelijke organisaties. Flevoland wil een omgeving creëren waarin innovatieve ideeën en projecten kunnen floreren. Dit wordt bereikt door het bieden van flexibiliteit in regelgeving en het faciliteren van samenwerkingsverbanden. Het ruimtelijk beleid zal gericht zijn op het creëren van experimenteerruimtes en broedplaatsen waar initiatieven de ruimte krijgen om te groeien. Daarnaast zal de provincie investeren in infrastructuur en voorzieningen die het mogelijk maken om nieuwe ideeën snel en effectief te implementeren.

Duurzame Energie

De vierde opgave, 'Duurzame Energie', legt de focus op de transitie naar een energieneutrale provincie. Flevoland wil koploper zijn in de productie van hernieuwbare energie en het bevorderen van energiebesparing. Dit omvat de grootschalige inzet van wind-, zon- en biomassa-energie. Er zal een sterke nadruk liggen op het ontwikkelen van energieparken en het integreren van duurzame energieoplossingen in de bebouwde omgeving. Daarnaast zal er geïnvesteerd worden in innovaties op het gebied van energieopslag en -distributie, om zo een stabiele en betrouwbare energievoorziening te waarborgen.

Regionale Kracht

De opgave 'Regionale Kracht' benadrukt het belang van samenwerking binnen en buiten de provinciegrenzen. Flevoland wil haar positie versterken door samenwerking met omliggende regio's en het benutten van haar centrale ligging. Dit betekent dat er geïnvesteerd zal worden in de verbetering van de infrastructuur en de bereikbaarheid van de provincie. Verbindingen met andere belangrijke economische centra zullen worden versterkt om zo de regionale economie te stimuleren. Daarnaast zal er aandacht zijn voor het bevorderen van kennisuitwisseling en samenwerking tussen bedrijven, kennisinstellingen en overheden.

Circulaire Economie

De zesde opgave, 'Circulaire Economie', richt zich op de transitie naar een economie die gericht is op hergebruik en het minimaliseren van afval. Flevoland wil een voorloper zijn op het gebied van circulaire economie door het stimuleren van innovaties en samenwerkingsverbanden die bijdragen aan duurzaamheid. Dit betekent dat er ruimte zal worden geboden aan bedrijven die circulaire principes toepassen en dat er geïnvesteerd zal worden in de ontwikkeling van circulaire bedrijventerreinen. Daarnaast zal de provincie inzetten op educatie en bewustwording om zo een cultuur van duurzaamheid te bevorderen onder haar inwoners en bedrijven.

Landbouw: Meerdere Smaken

Tot slot, de opgave 'Landbouw: Meerdere Smaken', erkent de diversiteit en de innovatieve kracht van de agrarische sector in Flevoland. De provincie wil ruimte bieden voor verschillende vormen van landbouw, van grootschalige productie tot kleinschalige, duurzame initiatieven. Dit betekent dat er aandacht zal zijn voor het behoud van vruchtbare landbouwgronden en het ondersteunen van agrarische ondernemers bij de transitie naar duurzame productiemethoden. Daarnaast zal er geïnvesteerd worden in de ontwikkeling van voedselketens die lokaal en regionaal gericht zijn, om zo de verbinding tussen producent en consument te versterken.

Om met alle lagere overheden binnen de provincie samen te werken aan het realiseren van deze doelen, zijn er tussen de provincie, de gemeenten binnen de provinciegrenzen, het Rijk, de GGD en de Veiligheidsregio werkafspraken gemaakt over onderlinge afstemming gedurende het proces waarlangs wijzigingen van het omgevingsplan tot stand komen.

4.3.2 Omgevingsprogramma Flevoland

Het Omgevingsprogramma Flevoland (2019) bevat het beleid voor de ontwikkeling, het gebruik, het beheer, de bescherming of het behoud van de fysieke leefomgeving. In dit programma staan 7 thema's centraal: ruimte, landschap & cultuurhistorie, water, natuur, milieu & bodem, energie & duurzaamheid en mobiliteit. De 7 thema's worden hieronder kort toegelicht.

Ruimte

De ruimtelijke opgave ligt op het gebied van uitbreiden en herstructureren van het stedelijk gebied. Beoogd wordt om nieuwe (grootschalige) ontwikkelingen goed in te passen in een groen-blauwe omgeving die Flevoland zo kenmerkend en aantrekkelijk maken. Ontwikkelingen worden gerealiseerd in evenwicht met de ruimtelijke en landschappelijke kwaliteit. Uitgangspunt daarbij is om zoveel mogelijk te verstedelijken in aansluiting op bestaande kernen, waarmee efficiënt ruimtegebruik, kwaliteitsverbetering en herstructurering van het stedelijk gebied en draagvlak voor voorzieningen gerealiseerd wordt.

Landschap & cultuurhistorie

Het Flevolandse landschap kernmerkt zich door de drooglegging van de polders in de twintigste eeuw. Daarmee is het landschap zelf ook van cultuurhistorische waarde. Dit karakteristieke landschap wil de provincie daarom behouden en tegelijk inzetten als ruimtelijke kwaliteit ter versterking van nieuwe ontwikkelingen. Ook vóórdat de polder werd drooggelegd hebben mensen hier als bewoners of op zee hun sporen nagelaten. Deze archeologische waarden zijn van provinciaal belang. Er worden maatregelen getroffen om die waarden te behouden en te ontsluiten.

Water

Het waterbeleid is gericht op de ontwikkeling van een robuust watersysteem dat functies als wonen, natuur en agrarische activiteiten zoveel mogelijk faciliteert. Daarbij wordt ingezet op aantrekkelijk, toegankelijk, voldoende, veilig en schoon water. Bij ruimtelijke ontwikkelingen wordt rekening gehouden met de eisen die het watersysteem daaraan stelt. 

Natuur

De provincie is verantwoordelijk voor de bescherming en instandhouding van de (internationale) natuurwaarden in de provincie. Daarbij gaat het voor een belangrijk deel om (water)vogel-soorten en hun leefgebieden in kustzones en moerassen, maar ook om bosgebieden en de biodiversiteit die daar is. Het fundament daarvoor zijn het Natuurnetwerk Nederland (NNN) en de Natura 2000-gebieden. De provincie beoogt een robuust, samenhangend netwerk van natuurgebieden te hebben met voldoende leefruimte voor karakteristieke soorten en andere natuurwaarden voor de Flevolandse natuur. Bij nieuwe ontwikkelingen wordt beoogd om versterking daarvan tot stand te brengen.

Milieu & bodem

Met het oog op een goed woon- en leefklimaat zet de provincie in op het voorkomen van hinder door geluid, licht en geur. Daarbij wordt de bestaande belasting niet meer dan nu en wordt hinder door nieuwe ontwikkelingen voorkomen. Ook de toename van geluid door meer verkeer op provinciale wegen valt onder dat laatste. Wat betreft bodemkwaliteit geeft de provincie bij het afwegen van belangen over het benutten van de ondergrond voorrang aan duurzaamheidsdoelen ('beschermen gaat voor benutten'). Bij de invulling van maatschappelijk opgaven streeft de provincie ernaar om de gebruiksfuncties van de bodem en ondergrond langdurig (duurzaam) te kunnen faciliteren, dus zonder de kwaliteiten van het bodem- en ondergrondsysteem aan te tasten.

Energie & duurzaamheid

Om de ambitie voor duurzame energie te realiseren is een energietransitie nodig. De provincie zet, samen het gemeenten en andere partners, in op zowel duurzame productie van energie als energiebesparing. Wind- en zonne-energie zijn daarbij de grootste factoren. Voor windmolens wordt het uitgangspunt 'opschalen en saneren' gehanteerd. Daarmee beoogd de provincie optimaal gebruik te maken van de milieuvoordelen en economische potenties van windenergie, zonder de landschappelijke kwaliteiten van Flevoland aan te tasten. Zonne-energie kan zowel op daken als grondgebonden worden gerealiseerd. De provincie stuurt hierop middels de bouwstenen 'initiatief centraal', 'opgave voorop', 'bundel en combineer', 'rekening houden met landschap', 'zonneparken zijn tijdelijk', en 'betrokkenheid en draagvlak'.

Mobiliteit

De provincie richt zich op de bovengemeentelijke, regionale aspecten van mobiliteitsbeleid. Daarbij streeft ze ernaar dat reizigers snel, betrouwbaar en veilig kunnen reizen en kunnen kiezen tussen vervoersmiddelen. Er wordt gestreefd naar een grotere samenhang tussen gebieden en een versterking van de verbindingen daartussen. Daarbij wordt gezocht naar kansen om de bestaande infrastructuur zoveel mogelijk te optimaliseren en knooppunten te versterken.

4.3.3 Programma Landschap van de Toekomst

Het programma Landschap van de Toekomst is vastgesteld door de Provinciale Staten van Flevoland op 13 oktober 2021 als structuurvisie. Dit programma presenteert de richtinggevende provinciale kijk op de waarde en identiteit van het Flevolandse landschap. Het beschrijft het ontstaan en de kernkwaliteiten van het landschap. Deze worden vertaald in een visie en overwegingen voor de toekomst. Daarbij wordt geanticipeerd op de grote veranderingen die het landschap van Flevoland te wachten staan. Het programma werkt de visie uit in concrete doelen voor de komende jaren, waarbij de samenwerking met partners in Flevoland een belangrijke rol speelt.

Er zijn daarbij vier leidende overwegingen die bij ruimtelijke ontwikkelingen een rol spelen:

  • a.

    het waterbouwkundig bouwwerk als landschappelijk DNA;

  • b.

    panorama's van de polder geeft beleving langs lange lijnen;

  • c.

    de drie polderconcepten worden doorontwikkeld;

  • d.

    er is aandacht voor landschapsinnovatie in hybride gebieden.

Met het oog op de toekomst worden de veranderingen in het landschap als gevolg van ruimtelijke transities gekoppeld aan de kernkwaliteiten van het landschap middels vijf thema's:

  • a.

    het gezicht van Flevoland in het blauwe hart van Nederland krijgt vorm door fraaie, aantrekkelijke grenzen tussen water en land, met een sterke ecologie en recreatieve functies;

  • b.

    in het landelijk gebied beweegt de landbouw mee met geleidelijk veranderende klimatologische omstandigheden richting natuurinclusieve landbouw binnen krachtige kavel- en erfstructuren;

  • c.

    land en land zijn in balans en worden verbonden met water- en groenstructuren waarbij gebruik wordt gemaakt van kenmerkende Flevolandse lange lijnen;

  • d.

    energielandschappen zijn efficiënt en zorgvuldig ontworpen, met aandacht voor ruimtelijke kwaliteit, biodiversiteit en beleving;

  • e.

    rijke en robuuste groenstructuren zijn aantrekkelijk, veerkrachtig en toekomstbestendig, met aandacht voor variatie, een grote soortenrijkheid en biodiversiteit.

4.4 Regels en instructieregels provincie Flevoland

4.4.1 Omgevingsverordening Flevoland

De provinciale omgevingsverordening van de provincie Flevoland geldt per 1 januari 2024. De Omgevingsverordening is het juridisch instrument op provinciaal niveau dat wordt ingezet om de belangrijke onderwerpen uit de provinciale omgevingsvisie juridisch te borgen. In elk hoofdstuk zijn instructieregels opgenomen waar gemeenten zich bij het stellen van regels voor omgevingsplannen aan moeten houden. Deze instructieregels worden gesteld voor de doorwerking van provinciale belangen in gemeentelijke omgevingsplannen.

De wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van de gemeente Lelystad betreft geen ruimtelijke ingrepen. In een deel van het plangebied is de gebiedsaanwijzing ‘buiten het margegebied historische grondwaterverontreiniging’ van toepassing. Dit betekent dat een onderzoeksplicht van toepassing is indien ontwikkelingen plaatsvinden. Bovendien is in het plangebied de gebiedsaanwijzing ‘buiten windgebied’ van toepassing. Dit betekent dat er geen nieuwe windmolens mogen worden gerealiseerd of dat de bestaande windmolens worden opgeschaald. Hiervoor is in het omgevingsplan een regeling (verbod) opgenomen. Voor het verbod van geitenhouderijen (Hoofdstuk 16) wordt door de gemeente voor het gehele gemeentelijke grondgebied een voorbereidingsbesluit genomen. Die regels hebben dus geen gevolgen voor deze wijziging.

Tevens zijn de gebiedsaanwijzingen ‘gebied binnen de bebouwde kom’ en ‘luchthaven gelegen in de provincie Flevoland’ van toepassing. De gebiedsaanwijzingen hebben geen invloed op de wijziging van het omgevingsplan.

4.4.2 Waterprogramma

De provincie Flevoland heeft het Waterprogramma vastgesteld waarin het provinciale waterbeleid is opgenomen. Het beleid van de provincie is gericht op goed rentmeesterschap en ontwikkelperspectief. Dit betekent dat er nu en in de toekomst gestreefd wordt naar gezond, veilig en voldoende water en dat er kansen en beperkingen van het watersysteem zijn. 

Het waterprogramma van de provincie Flevoland gaat in op de volgende punten:

  • Water als sturend principe

    • Stedelijk water

    • Agrarisch water

    • Water voor natuur

    • Water voor archeologie

  • Grondwater

    • Grondwateronttrekkingen

    • Bescherming grondwaterkwaliteit

  • Drinkwater

    • Waterbesparing, innovaties en alternatieve bronnen

    • Interprovinciale levering

  • Oppervlaktewaterkwaliteit

    • Kaderrichtlijn Water

    • Doelen Overige Wateren

    • Zwemwater

  • Oppervlaktewaterkwantiteit

    • Wateroverlast

    • Watertekort

  • Waterveiligheid

    • Primaire waterkeringen

    • Regionale waterkeringen en buitendijkse gebieden

  • Uitvoering en monitoring

4.5 Waterschapsbeleid

4.5.1 Watervisie Zuiderzeeland 2022-2027

De Watervisie van waterschap Zuiderzeeland is een langetermijnperspectief dat de waterthema's en maatschappelijke opgaven met elkaar verbindt. Voor een gezonde en duurzame ontwikkeling van het gebied is het nodig om het natuurlijke systeem (bodem en water) en de ruimtelijke en economische ontwikkelingen met elkaar te verbinden in een gezamenlijke aanpak. Niet met maakbaarheid als vertrekpunt, maar toekomstbestendigheid.

4.5.2 Waterbeheerprogramma Zuiderzeeland 2022-2027

Het Waterbeheerprogramma 2022-2027 bevat de strategische en tactische doelen voor de komende planperiode en beschrijft op hoofdlijnen welke maatregelen het waterschap neemt om deze doelen te behalen. Het beheergebied wordt waterrobuust en klimaatbestendig ingericht. Investeringen in het watersysteem zorgt dat er ook in de toekomst voldoende water is bij langdurige droogte én voldoende bescherming bij hoogwater.

4.5.3 Waterschapsverordening

Alle regels over de fysieke leefomgeving die het waterschap binnen haar beheergebied stelt, zijn opgenomen in een waterschapsverordening. Deze verordening bevat lokale regels voor waterkeringen, watergangen, grondwater en afvalwaterlozingen. Hiermee zorgt het waterschap voor veilige waterkeringen, voldoende wateraanvoer en waterafvoer en schoon en gezond oppervlaktewater. De bijbehorende kaarten geven aan in welk het gebied welke regels van toepassing zijn, waar waterstaatwerken liggen en de beschermingszones bij keringen en oppervlaktewater. De Waterschapsverordening berust op artikel 2.5 van de Omgevingswet en vervangt de keur en de algemene regels. Er staan regels in voor verschillende soorten activiteiten. Het waterschap is bevoegd voor toezicht en handhaving van deze regels (artikel 18.2 Omgevingswet).

4.6 Regionaal beleid

4.6.1 Verstedelijkingsstrategie Metropoolregio Amsterdam

De verstedelijkingsstrategie van de Metropoolregio Amsterdam richt zich op een duurzame en evenwichtige groei van de regio. De strategie heeft als doel om voldoende nieuwe woningen te bouwen om de groeiende bevolking te huisvesten, met nadruk op betaalbaarheid en diversiteit in het woningaanbod. Tegelijkertijd wordt er geïnvesteerd in infrastructuur en bereikbaarheid, waaronder verbeteringen in het openbaar vervoer, fietsinfrastructuur en wegen, om de regio goed bereikbaar te houden. Economische groei wordt gestimuleerd door het aantrekken en ondersteunen van bedrijven, waarbij innovatie en duurzaamheid centraal staan. Duurzaamheid en klimaatadaptatie spelen een belangrijke rol, met aandacht voor groene energie, circulaire economie en het aanpassen van de regio aan klimaatveranderingen.

De strategie zet ook in op het verbeteren van de leefkwaliteit, met aandacht voor groenvoorzieningen, gezondheidszorg, onderwijs en sociale inclusiviteit, met als doel een aantrekkelijke en leefbare omgeving te creëren voor alle inwoners. Samenwerking tussen gemeenten, provincies, bedrijven en maatschappelijke organisaties binnen de regio is cruciaal voor de succesvolle uitvoering van deze strategie. In essentie streeft de verstedelijkingsstrategie van de Metropoolregio Amsterdam naar een duurzame, leefbare en economisch sterke regio, die voorbereid is op toekomstige uitdagingen en groei.

De verstedelijkingsstrategie van de Metropoolregio Amsterdam (MRA) heeft specifieke relevantie voor het stadsrandgebied van de gemeente Lelystad op de volgende manieren:

  • Woningbouw en bevolkingsgroei: Lelystad kan profiteren van de regionale focus op woningbouw om de bevolkingsgroei op te vangen. Door deel te nemen aan de strategie kan Lelystad bijdragen aan en profiteren van een groter, regionaal woningbouwprogramma, wat kan helpen om aan de lokale vraag naar betaalbare en diverse woningen te voldoen.

  • Bereikbaarheid en infrastructuur: De strategische investeringen in infrastructuur en openbaar vervoer in de MRA kunnen Lelystad beter verbinden met de rest van de regio. Dit betekent verbeterde bereikbaarheid voor inwoners van Lelystad, wat de aantrekkelijkheid van de stad als woongebied kan vergroten en economische kansen kan versterken.

  • Economie en werkgelegenheid: Door deel uit te maken van de MRA-strategie kan Lelystad meeprofiteren van economische groei en werkgelegenheid die door regionale samenwerking wordt gestimuleerd. Bedrijven en werknemers kunnen zich gemakkelijker vestigen in Lelystad, wat de lokale economie ten goede komt.

  • Duurzaamheid en klimaatadaptatie: Lelystad kan profiteren van regionale initiatieven op het gebied van duurzaamheid en klimaatadaptatie. Door mee te doen aan gezamenlijke projecten voor groene energie, circulaire economie, en klimaatbestendige infrastructuur kan de stad haar eigen duurzaamheidsdoelstellingen realiseren en een gezonde leefomgeving bevorderen.

  • Leefkwaliteit en inclusiviteit: De focus van de MRA op leefkwaliteit en inclusiviteit kan Lelystad helpen om haar eigen voorzieningen en sociale infrastructuur te verbeteren. Dit kan leiden tot een aantrekkelijker woonklimaat met betere groenvoorzieningen, gezondheidszorg, onderwijs, en sociale cohesie.

  • Regionale samenwerking: Door actief deel te nemen aan de MRA-strategie kan Lelystad profiteren van kennisdeling, middelen, en gemeenschappelijke doelen binnen de regio. Dit versterkt de positie van Lelystad binnen de bredere regio en maakt het mogelijk om gezamenlijk uitdagingen aan te pakken en kansen te benutten.

 

Kortom, de verstedelijkingsstrategie van de Metropoolregio Amsterdam biedt Lelystad kansen voor groei, verbetering van leefkwaliteit, economische ontwikkeling, en duurzaamheid door regionale samenwerking en investeringen.

4.6.2 Woondeal Metropoolregio Amsterdam

De Woondeal Metropoolregio Amsterdam is een strategisch akkoord tussen het Rijk, de provincie Noord-Holland, de gemeente Amsterdam en de omliggende gemeenten binnen de Metropoolregio Amsterdam (MRA). Deze deal is gericht op het aanpakken van de woningnood en het bevorderen van de bouw van nieuwe woningen in de regio. Hieronder volgt een samenvatting van de belangrijkste punten uit deze deal.

  • Doelstellingen

    • Woningbouwversnelling

    • Betaalbare woningen

    • Duurzaamheid en leefbaarheid

  • Samenwerkingsverbanden

    • Het Rijk ondersteunt de regio met financiële middelen, expertise en beleidsruimte. De regionale overheden werken samen aan de uitvoeringsagenda.

    • Lokale en provinciale overheden coördineren de planning en uitvoering van woningbouwprojecten en infrastructuurontwikkeling.

  • Belangrijke Speerpunten

    • Verbeteren van de bereikbaarheid en infrastructuur, zoals openbaar vervoer en wegen, om de nieuwe woningen goed bereikbaar te maken

    • Inzetten op innovatieve bouwmethoden zoals prefab woningen en modulair bouwen om de bouw te versnellen en flexibele bestemmingsplannen om sneller te kunnen inspelen op woningbehoeften.

    • Verhogen van de kwaliteit van de leefomgeving door te investeren in groenvoorzieningen, recreatiegebieden en klimaatadaptieve maatregelen.

  • Uitdagingen

    • Creatieve oplossingen voor ruimtegebrek zoals hoogbouw en herontwikkeling van bestaande gebieden

    • Integratie van sociaal beleid om gemengde wijken te creëren en segregatie tegen te gaan.

    • Aanpakken van de marktdruk door het reguleren van de woningmarkt en het tegengaan van speculatie.

4.7 Gemeentelijk beleid

4.7.1 Omgevingsvisie Lelystad 2040

De gemeente Lelystad heeft deze Omgevingsvisie opgesteld voor het hele grondgebied van de gemeente. De visie bevat het gemeentelijke beleid op hoofdlijnen voor de toekomstige ontwikkeling van de fysieke leefomgeving in de gemeente Lelystad. De visie richt zich op mogelijkheden om te wonen, werken, recreëren, ondernemen, maar ook op een gezond en veilig leefklimaat. Daarmee vormt zij een kapstok voor nieuwe initiatieven.

De omgevingsvisie Lelystad is vastgesteld door de gemeenteraad in juli 2021. In de omgevingsvisie wordt richting gegeven aan de toekomstige ontwikkeling van de gemeente, met een doorkijk naar 2040. Het is een samenhangende visie op de fysieke, ruimtelijke, sociale en economische ontwikkelingen van Lelystad. Daarbij staat het beschermen van de kernwaarden, het realiseren van de maatschappelijke opgaven en om de ontwikkeling van een optimale rol als gemeente centraal. Zodoende kunnen de inwoners van de gemeente Lelystad gezond, veilig en duurzaam leven.

De Omgevingsvisie van Lelystad (juli 2021) stelt een aantal ambities voor die de toekomstige ontwikkeling van de stad richting geven. Hieronder volgt een samenvatting van elk van deze ambities:

  • Sterke stad in de regio: Lelystad wil zich positioneren als een sterke stad binnen de regio door een mix van stedelijke voorzieningen en hoogwaardige woonmilieus te bieden. De stad streeft naar een levendig stadshart met goede bereikbaarheid en een aantrekkelijk woon- en werkklimaat. Er is een focus op het verbeteren van de verbindingen, zowel intern als extern, met een sterke nadruk op duurzaamheid en innovatie in transport en infrastructuur.

  • Hoofdstad van de Nieuwe Natuur: Lelystad wil zich onderscheiden door haar unieke relatie met de natuur. De stad zet in op het versterken van haar groene karakter en wil uitgroeien tot de 'Hoofdstad van de Nieuwe Natuur'. Dit betekent dat natuur en stedelijke ontwikkeling hand in hand gaan, met veel aandacht voor biodiversiteit, klimaatadaptatie en het creëren van groene en gezonde leefomgevingen. Zowel nieuwe als bestaande wijken zullen worden ontwikkeld met een sterke focus op natuurintegratie en duurzame bouwpraktijken.

  • Lelystad Next Level: Onder het Lelystad Next Level-programma werkt de stad samen met de provincie Flevoland en het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties (BZK) aan de ontwikkeling van Lelystad tot een financieel gezonde en zelfstandige stad. Het programma richt zich op het versterken van de economische basis, het verbeteren van de leefomgeving en het verhogen van de aantrekkelijkheid van de stad. Er wordt een uitvoeringsprogramma opgesteld om deze ambities te realiseren, waarbij een integrale benadering en samenwerking met verschillende partners centraal staan.

  • Gezonde en aantrekkelijke buurten: De gezondheid van bewoners staat centraal in de nieuwe buurtaanpak. Lelystad zet in op de transitie naar 'positieve gezondheid', wat betekent dat naast fysieke gezondheid ook mentaal welbevinden en dagelijks functioneren belangrijke aandachtspunten zijn. Dit wordt gecombineerd met andere maatschappelijke thema's zoals energietransitie, circulaire economie, klimaatadaptatie en veiligheid. Belangrijke ruimtelijke elementen zijn buurtparken, groene omzomingen, fiets- en wandelpaden, en buurtcentra die ontmoetingen bevorderen.

  • Opgavegericht werken: De gemeente Lelystad wil opgavegericht werken aan het realiseren van deze ambities. Dit betekent dat de gemeente een faciliterende en regisserende rol aanneemt, waarbij zij partners en bewoners betrekt bij het bepalen van opgaven, strategie, beleid en uitvoering. Er wordt sterk ingezet op dialoog, samenwerking en het gebruik van data en analyses om te monitoren of de juiste keuzes worden gemaakt en of deze effectief worden uitgevoerd.

 

Deze ambities vormen samen een samenhangende koers voor de ontwikkeling van Lelystad tot 2040, gericht op een duurzame, gezonde en aantrekkelijke stad voor huidige en toekomstige generaties.

4.7.2 Structuurvisie locatiebeleid Lelystad (2013-2025)

De Structuurvisie Locatiebeleid heeft betrekking op de verschillende werklocaties binnen de gemeente Lelystad.

De belangrijkste uitgangspunten van dit beleid zijn:

  • Zorgen voor voldoende aanbod aan werklocaties voor de kansrijke sectoren (industrieel- logistiek complex);

  • Tegengaan en voorkomen van overaanbod en leegstand van werklocaties;

  • Verruimen mogelijkheden voor het werken aan huis;

  • Bevorderen duurzaamheid op werklocaties;

  • Verbeteren van het economisch functioneren van de verschillende detailhandelslocaties.

4.7.3 Woonvisie 2022-2027 ‘Een leven lang wonen in Lelystad’

Lelystad biedt haar inwoners een steeds aantrekkelijkere en groene woonomgeving in een bruisende stad. Lelystad wordt een sterke stad in de regio en hoofdstad van de nieuwe natuur. Lelystad gaat zich de komende jaren onvermoeid inzetten om voor haar toekomstige 100.000 inwoners een economisch sterke, groene en gezonde leefomgeving te ontwikkelen. Hiertoe is een woonvisie vastgesteld die kaders geeft voor de woongebieden in de gemeente. 

De woonvisie bestaat uit de volgende visies en ambities:

  • Lelystad is een sterke groeistad

  • Lelystad biedt hoogwaardige woonkwaliteit

  • Lelystad is een evenwichtige en inclusieve stad

  • Lelystad is een groene, duurzame en natuur inclusieve stad

  • Lelystad trekt sterkere schouders aan

  • Lelystad biedt onderscheidende woonmilieus 

  • Lelystad biedt de ruimte voor nieuwe initiatieven en woonconcepten 

  • Lelystad stelt kwaliteit boven kwantiteit 

  • Lelystad gaat voor integrale gebiedsontwikkeling

  • Participatie hebben we hoog in het vaandel

4.7.4 Welstandsnota (2015)

Het doel van deze welstandsnota is het bieden van een toetsingskader voor de ruimtelijke kwaliteit van Lelystad. Eén van de kaders van de Woningwet, waarbinnen het welstandstoezicht dient plaats te vinden, is de verplichting tot het opstellen van een welstandsnota met gebieden objectgerichte welstandscriteria. Met het welstandsbeleid wil het gemeentebestuur potentiële indieners van bouwplannen en hun ontwerpers inspireren en uitdagen tot het ontwikkelen van plannen die de ruimtelijke kwaliteit van de gemeente duurzaam ten goede komen.

4.7.5 Kadernota duurzaamheid

De visie in de kadernota Duurzaamheid is dat Lelystad over 10 jaar een groene, vitale gemeente is waar het aantrekkelijk wonen, werken en verblijven is. Er is een sterk sociaal netwerk waarin de mensen elkaar inspireren en verantwoordelijkheid nemen voor elkaar en hun omgeving. Waarbij de overheid bestaande netwerken en nieuwe initiatieven ondersteunt waar nodig en zelf het goede voorbeeld geeft. Lelystad is een sociaal en financieel gezonde gemeente in een prettige, groene leefomgeving met vitale woonwijken, goed onderwijs en perspectief op voldoende banen. Lelystad profileert zich als een ondernemende stad met een duurzaam en innovatief profiel. Veel innovatieve oplossingen worden bedacht in Lelystad. De omgeving wordt ingezet om lokaal voedsel te verbouwen en grondstoffen te ontwikkelen. Steeds meer afval kan als grondstof dienen. Lelystad is een gemeente die haar eigen energiebehoefte volledig duurzaam opwekt.

De kadernota Duurzaamheid bevat zes speerpunten: 

  • Energie

  • Afval en circulaire economie

  • Voedsel

  • Fysieke leefomgeving

  • Mobiliteit

  • Onderwijzen en ondernemen

4.7.6 Mobiliteitsvisie Lelystad 2020 - 2030

Met de Mobiliteitsvisie 2020 -2030 legt Lelystad het fundament voor een toekomstgericht mobiliteitsbeleid. Mobiliteit is onlosmakelijk verbonden met de woongebieden van Lelystad. 

De mobiliteitsvisie kent de volgende beleidsdoelen:

  • Lelystad zet in op een duurzaam mobiliteitssysteem en gebruik van duurzame vervoermiddelen (lopen, fietsen en OV). 

  • Autoverkeer wordt geleid naar wegen van hogere orde: Rijks- en provinciale wegen voor doorgaand verkeer, de buitenring en de binnenring rondom het stadscentrum voor stedelijk verkeer en als parkeerroute rondom het stadshart.

  • De vlotte doorgankelijkheid en doorstroming op de Binnenring rondom het Stadshart wordt gehandhaafd en zo mogelijk verbeterd”. 

  • Knooppunten faciliteren een duurzame en efficiënte verplaatsing van deur tot deur.

  • De infrastructuur is passend door een mix van gedragsbeïnvloeding, slimme aanpassing en nieuwe aanleg van infrastructuur.

  • Voor de verkeersveiligheid heeft scheiding van vervoerwijzen met verschillende snelheid en massa de voorkeur.

  • ‘Verleiden’ gaat voor ‘afdwingen’; Lelystad stimuleert gewenst gedrag om doelen te bereiken. 

  • Lelystad bevordert door voorbeeldgedrag, stimulering en facilitering elektrisch vervoer en vervoersmiddelen die gebruik maken van waterstof als ‘brandstof’.

4.7.7 Economisch Perspectief Lelystad 2030

Het Economisch Perspectief Lelystad 2030  geeft een duidelijk streefbeeld voor de komende jaren tot 2030 en bevat de economische koers met bijbehorende strategie om tot dit streefbeeld te komen. Het bevat de economische ambities van Lelystad en hoe de stad deze onder invloed van verschillende trends en ontwikkelingen wil gaan verwezenlijken. Dit is gedaan door het formuleren van een aantal opgaven die inzichtelijk maken waar Lelystad nu staat, waar zij heen wil en wat er nodig is om daar te komen.  

Tijdens het opstellen van het EPL en ook de periode daarna, zijn de economische ontwikkelingen in Lelystad snel gegaan en komt Lelystad in economisch opzicht in een volgende fase. In deze fase zetten we in op een verdere versterking van de stedelijke kennisinfrastructuur en op het stimuleren van (innovatieve) clusters van bedrijven. Hierbij wordt met name gekeken naar die activiteiten waar Lelystad al goed in is en activiteiten waar Lelystad in de toekomst goed in kan worden (bijvoorbeeld activiteiten voortkomend uit de noodzakelijke duurzaamheidstransities). Ook een verdere versterking van het logistieke cluster komt hierbij aan bod. Deze is echter niet zozeer gelegen in een verdere uitbreiding van XXL logistiek, maar meer op thema’s als innovatie (bijv. elektrificatie van het wagenpark, robotisering/automatisering) en opleidingen/stageplekken binnen de logistiek.  

5 Hoe de wijziging van het omgevingsplan wordt geregeld

5.1 Inleiding 

5.1.1 Inleiding

Met deze wijziging van het omgevingsplan worden de bestaande juridisch planologische mogelijkheden uit het tijdelijk deel van het omgevingsplan gemeente Lelystad vertaald naar een omgevingsplan dat voldoet aan de Omgevingswet, de instructies vanuit het Rijk, de provincie Flevoland en de digitale standaarden. 

Voor een drietal gemeentelijke verordeningen geldt dat zij (deels) deel uitmaken van het tijdelijke omgevingsplan. Hierbij gaat het om de regels over archeologie uit de erfgoedverordening, de regels over geurbelasting door veehouderijen op een geurgevoelig object uit een gemeentelijke geurverordening en de regels over afvloeiend hemelwater of grondwater in de riolering die zijn opgenomen in een gemeentelijke verordening afvoer regen- en grondwater. Voor de regels uit de overige gemeentelijke verordeningen die zien op de fysieke leefomgeving, geldt dat gemeenten tot 1 januari 2032 de tijd hebben om deze over te brengen naar het omgevingsplan. De verordeningen zijn in het kader van deze wijziging van het omgevingsplan niet relevant en hierdoor niet meegenomen.

5.2 Uitwerking

5.2.1 Uitwerking in regels

Gemeente Lelystad heeft een structuur ontwikkeld van het casco omgevingsplan Lelystad. De hoofdlijnen zijn hiervoor uitgezet, maar het omgevingsplan Lelystad zal verder worden ontwikkeld en uitgewerkt bij de volgende wijzigingen van het omgevingsplan.

De volgende opzet is de basis voor de juridische vormgeving van het omgevingsplan:

  • Hoofdstuk 1 Algemene bepalingen

    Dit hoofdstuk bestaat uit algemene regels voor het omgevingsplan, waaronder de begripsbepalingen. In dit hoofdstuk zijn ook de doelen opgenomen.

  • Hoofdstuk 2 Programma’s

    De omgevingsprogramma’s, welke worden opgesteld onder de Omgevingswet worden in dit hoofdstuk verankerd in het omgevingsplan.

  • Hoofdstuk 3 Projecten

    In dit hoofdstuk worden de regels opgenomen voor nieuwe projecten, welke zijn vastgesteld. Hierin worden projectbepalingen als geheel opgenomen, waarmee alle bepalingen samen staan voor projecten. Na vaststelling zal dit worden verwerkt in het omgevingsplan via veegplannen.

  • Hoofdstuk 4 t/m 21 activiteiten en thema’s

    Deze hoofdstukken zijn ingedeeld in activiteiten op basis van activiteitengroep of thema. Deze hoofdstukken vormen de standaard activiteitenstructuur.

  • Hoofdstuk 22 Bruidsschat

    Dit hoofdstuk is in lijn met het door het Rijk gestelde overgangsrecht, gereserveerd voor de bruidsschat. Dit zijn de rijksregels die worden overgedragen aan de gemeenten. Dit hoofdstuk zal in de loop van de transitie verdwijnen met de integratie van de bruidsschat in de activiteitenstructuur van het omgevingsplan.

  • Hoofdstuk 23 Vangnetregeling

    De Vangnetregeling Omgevingswet is een regeling van de minister van BZK die de Omgevingswet op een aantal punten aanvult. De regels gelden van rechtswege. De wijziging vult de initiële regeling aan en corrigeert een aantal bepalingen, waaronder een aantal wijzigingen in de Bruidsschat. De uit de Vangnetregeling voortvloeiende aanpassingen zijn in dit hoofdstuk opgenomen.

  • Hoofdstuk 24 Financiële bepalingen

    In dit hoofdstuk worden bepalingen opgenomen rondom kostenverhaal en nadeelcompensatie (indien nodig naast de Verordening nadeelcompensatie van de gemeente Lelystad).

  • Hoofdstuk 25 Procesregels

    In dit hoofdstuk worden regels opgenomen met betrekking tot het proces van planvorming.

  • Hoofdstuk 26 Toezicht en handhaving

    Dit hoofdstuk stelt regels rondom het toezicht op en de handhaving van de naleving van de regels in dit omgevingsplan.

  • Hoofdstuk 27 Monitoring en informatie

    Dit hoofdstuk stelt regels rondom de monitoring en de informatievoorziening op basis van omgevingswaarden, programma’s en normen (indien van toepassing).

  • Hoofdstuk 28 Overgangsrecht

    In dit hoofdstuk is het overgangsrecht opgenomen, welke op bepalingen in het omgevingsplan van toepassing is.

  • Hoofdstuk 29 Slotbepalingen

    Dit hoofdstuk bevat de slotbepalingen van het omgevingsplan. Hierbij gaat het om uitvoerbaarheid en evaluatie en overige bepalingen.

5.3 Welke activiteiten worden toegestaan en waar

5.3.1 Inleiding

De wijziging van het omgevingsplan betreft een beleidsarme omzetting van de regels in de bestemmingsplannen die van toepassing zijn in het plangebied. Er zijn verschillende activiteiten mogelijk in het plangebied. Zoals genoemd in paragraaf 5.2 worden in hoofdstuk 4 tot en met hoofdstuk 21 van het omgevingsplan de verschillende activiteiten opgenomen.  Voor de wijziging van dit omgevingsplan zijn de hierna toegelichte hoofdstukken relevant. 

5.3.2 Gebruiken (Hoofdstuk 4)

In hoofdstuk 4 van het omgevingsplan gemeente Lelystad zijn de gebruiksactiviteiten opgenomen. Dit hoofdstuk bevat in de eerste Afdeling de algemene bepalingen en in de tweede afdeling wordt het ‘functioneel gebruik’ geregeld. In de algemene bepalingen zijn de regels opgenomen die voor alle gebruiksactiviteiten gelden, zoals de voorwaarden die voor een eventuele vergunningplicht gelden (beoordelingsregels) en de aanvraagvereisten als er een omgevingsvergunning nodig is. 

De volgende gebruiksactiviteiten komen voor in het plangebied die per paragraaf zijn ingedeeld:

  • Agrarische activiteiten

  • Bedrijfsactiviteiten

  • Detailhandelsactiviteiten

  • Dienstverleningsactiviteiten

  • Horeca-activiteiten

  • Kantooractiviteiten

  • Maatschappelijke activiteiten

  • Nutsbedrijfsactiviteiten

  • Recreatieactiviteiten

  • Sportactiviteiten

  • Woonactiviteiten

 

Per paragraaf / gebruiksactiviteit is vervolgens de volgende indeling gemaakt:

Subparagraaf ‘Algemene bepalingen’

In deze paragraaf is het toepassingsbereik van de gebruiksactiviteit bepaald:

  • wat houdt de activiteit in? (juridische uitleg van de gebruiksactiviteit) 

  • wat zijn de gebruiksmogelijkheden en/of beperkingen van de activiteit? (specifieke regels van de gebruiksactiviteit die gekoppeld zijn aan regelkwalificaties 1) ‘toegestaan’ of ‘vergunningplicht’ met beoordelingsregels, en desgewenst omgevingsnormen 2).

 

Daar waar de locatie het ‘transitiegebied’ betreft, zijn de regels bedoeld voor het gehele gebied waarop de wijziging van het omgevingsplan betrekking heeft. Dit gaat veelal om algemene bouwregels die overal van toepassing zijn (bijvoorbeeld de regels voor vergunningvrije bijbehorende bouwwerken) en beoordelingsregels die voorheen in de bestemmingsplannen als algemene afwijkingsregels was opgenomen (bijv. regels om o.a. erkers onder voorwaarden buiten het bouwvlak te bouwen en regels voor de verhoging van bouwwerken, geen gebouwen zijnde tot maximaal 5 meter).

Subparagraaf ‘Locatiegebonden bepalingen’

In deze paragraaf zijn voor het betreffende gebruik specifieke regels opgenomen die gelden voor een bepaalde locatie. Dit kunnen beperkingen zijn, zoals het toestaan van een woonactiviteit uitsluitend op de verdieping van een gebouw of juist een beperking van een bedrijfs- of detailhandelsactiviteit in de plint van een gebouw. Ook kan het gaan om een beperking op of aanvulling van de gebruiksactiviteit zelf. Voorbeelden hiervan zijn respectievelijk dat het gebruik voor wonen is beperkt tot het gebruik als bedrijfswoning of dat naast de hoofdactiviteit ook nog een andere activiteit is toegestaan (bijvoorbeeld een sociaal-culturele functie naast de woonfunctie).

Ook aan deze locatiegebonden regels zijn regelkwalificaties toegekend, afhankelijk van of de gebruiksfunctie (zonder vergunning) is toegestaan dan wel vergunningplichtig is. In specifieke situaties zijn ook omgevingsnormen opgenomen, zoals het per locatie vastgelegde maximum aantal kamers voor kamerbewoning.

De inhoud van de artikelen zijn compact en duidelijk en laten in combinatie met het begrippenkader in de meeste gevallen niets aan juridische interpretatie over. Daar waar sprake is van een uitgebreide of (technisch) complexe regeling die tekst en nadere uitleg behoeven is bij het betreffende artikel een (artikelsgewijze) toelichting toegevoegd.

1)    Een regelkwalificatie is een niveau van regelgeving die in de digitaliseringsstandaarden van de Omgevingswet kan worden gebruikt: Verbod, Vergunningplicht, Algemene regels (Toegestaan, Informatieplicht, Meldplicht, Zorgplicht).

2)    Een omgevingsnorm is een norm over de fysieke leefomgeving die in een kwantitatieve of kwalitatieve waarde wordt uitgedrukt en die niet onder een omgevingswaarde valt, zoals bedoeld in afdeling 2.3 van de Omgevingswet. Voorbeelden hiervan zijn aantal woningen, maximum bouwhoogte e.d. 

5.3.3 Bouwen (Hoofdstuk 5)

In hoofdstuk 5 van het omgevingsplan gemeente Lelystad is de activiteit bouwen opgenomen. Hierin zijn alle bouwregels opgenomen die van toepassing zijn in het plangebied.

De regels moeten zo gelezen worden dat alleen hetgeen is geregeld in het omgevingsplan, ook is toegestaan (al dan niet met een omgevingsvergunning). 

In de eerste Afdeling zijn de algemene bepalingen voor de bouwactiviteiten opgenomen die in principe voor alle bouwwerken gelden, zoals de vergunningplicht en de beoordelingsregels en aanvraagvereisten voor de vergunningplicht. Ook zijn omgevingsnormen opgenomen als deze van toepassing zijn op alle bouwactiviteiten. Hierbij gaat het bijvoorbeeld om een bebouwingspercentage dat niet alleen geldt voor de oppervlakte van gebouwen, maar waar ook de overige bouwwerken meetellen.

De bouwactiviteiten zijn in hoofdlijnen als volgt ingedeeld:

  • Gebouw bouwen / Hoofdgebouw bouwen

  • Gebouw veranderen

  • Bouwwerk veranderen

  • Bijbehorend bouwwerk bouwen

  • Bouwwerk, geen gebouw zijnde, bouwen

 

Verder is een aantal regels gesteld voor specifieke bouwwerken (bijvoorbeeld infrastructurele voorzieningen, nutsvoorzieningen, bouwketen, kunstobjecten).

Per paragraaf / bouwactiviteit is vervolgens de volgende indeling gemaakt:

Subparagraaf ‘Algemene bepalingen’

In deze paragraaf is het toepassingsbereik van de bouwactiviteit bepaald:

  • wat houdt de activiteit in? (juridische uitleg van de bouwactiviteit) 

  • wat zijn de bouwmogelijkheden en/of bouwbeperkingen van de activiteit? (specifieke regels van de bouwactiviteit die gekoppeld zijn aan regelkwalificaties ‘toegestaan’ of ‘vergunningplicht’ met beoordelingsregels, en desgewenst omgevingsnormen.

 

Subparagrafen met beoordelingsregels voor de betreffende bouwactiviteit 

In deze paragraaf zijn voor de betreffende bouwactiviteit beoordelingsregels opgenomen die gelden voor een bepaalde locatie. Voor het merendeel zijn dit de voormalige bouwregels uit de voorheen geldende bestemmingsplannen, zoals situeringseisen (afstanden tot perceelsgrenzen, bouwvlakken) en regels ten aanzien van maximale bouw- en goothoogtes, geregeld via omgevingsnormen.

Ook gelden in afwijking van of in aanvulling op de hiervoor genoemde bouwregels in veel gevallen nog locatiegebonden regelingen. Voorbeelden hiervan zijn specifieke regelingen over plaatsing en vormgeving van (hoofd)gebouwen. Dit gaat bijvoorbeeld over regels ten aanzien van afstanden tot perceelgrenzen en specifieke bouwregels voor bepaalde type gebouwen (o.a. gebouwen bij volkstuinen en dierenweiden, garageboxen/carports, gebouwde parkeervoorzieningen, onderhoud en beheer, bruggen, palen en masten). 

Aan al deze bouwregels zijn regelkwalificaties toegekend, afhankelijk van het gegeven of het bouwen vergunningvrij (algemene regels) dan wel vergunningplichtig is.

Net als bij de gebruiksregels is de inhoud van de artikelen compact en duidelijk en laat in combinatie met het begrippenkader in de meeste gevallen niets aan juridische interpretatie over. Daar waar sprake is van een uitgebreide of (technisch) complexe regeling die tekst en nadere uitleg behoeven is bij het betreffende artikel een (artikelsgewijze) toelichting toegevoegd.

5.3.4 Hoofdstukken 8 tot en met 21

De hoofdstukken 8 tot en met 21 bevatten thematische regels in aanvulling op regels die elders in het omgevingsplan worden gesteld. Ze waarborgen dat bij het uitvoeren van activiteiten waar nodig rekening wordt gehouden met de thema’s uit deze hoofdstukken: afval, bodem, omgevingsveiligheid, geluid, geur, andere milieu onderwerpen, groenvoorzieningen en natuur, dieren, verkeer en parkeren, water, cultureel-/werelderfgoed, energie en warmtetransitie, duurzaamheid en gezondheid.

6 Gevolgen voor de fysieke leefomgeving

6.1 Inleiding

6.1.1 Algemeen

Op basis van artikelen 1.3 en 4.2 van de Omgevingswet dienen gemeenten ervoor te zorgen dat de regels in het omgevingsplan leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL).  Dit wordt bereikt door activiteiten en functies te reguleren en te koppelen aan locaties voor het gemeentelijke grondgebied. Alle regels in het omgevingsplan samen moeten leiden tot een ETFAL, rekening houdend met alle betrokken belangen. De instructieregels van het Rijk (Besluit kwaliteit leefomgeving) en de provincie (Provinciale verordening) geven mede invulling aan de ETFAL.

6.2 Milieueffectrapportage

6.2.1 Toetsingskader

In artikel 16.36, lid 3 en 4 Omgevingswet is aangegeven dat in een plan-mer-beoordeling het bevoegd gezag toetst of er bij het plan of programma aanzienlijke milieueffecten kunnen optreden. Onder een plan of programma wordt in ieder geval verstaan een omgevingsvisie, een programma, een omgevingsplan en een voorkeursbeslissing.

6.2.2 Toetsing

De wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad betreft een beleidsarme omzetting van de woongebieden en is conserverend van aard. De verschillende milieuaspecten worden in dit hoofdstuk beschreven en geven de milieusituatie in de huidige situatie weer. Mogelijke ontwikkellocaties zijn niet in dit plan meegenomen. Dit betekent dat deze wijziging van het omgevingsplan niet kaderstellend is voor nieuwe ontwikkelingen. Er vinden geen fysieke ingrepen plaats, waardoor geen milieueffecten optreden. Daarom is het besluit tot wijzigen van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad niet aan te wijzen als een m.e.r.-(beoordelings)-plichtig besluit. Om die reden is geen m.e.r.(-beoordeling) uitgevoerd.

6.3 Ladder voor duurzame verstedelijking

6.3.1 Toetsingskader

De ladder voor duurzame verstedelijking is een instructieregel voor zorgvuldig ruimtegebruik en tegengaan van leegstand. Artikel 5.129g Bkl regelt dat bij een wijziging van het omgevingsplan voor een nieuwe stedelijke ontwikkeling toepassing van de ladder is vereist. Bij een stedelijke ontwikkeling die bestaat uit de ontwikkeling of uitbreiding van een bedrijventerrein, een zeehaventerrein, een woningbouwlocatie, kantoren, een detailhandel voorziening of een andere stedelijke voorziening en die voldoende substantieel is, wordt met het oog op het belang van zorgvuldig ruimtegebruik en het tegengaan van leegstand rekening gehouden met de behoefte aan die stedelijke ontwikkeling.

6.3.2 Toetsing

De wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad betreft geen nieuwe stedelijke ontwikkeling, waardoor de ladder niet hoeft te worden toegepast.

6.4 Dienstenrichtlijn

6.4.1 Toetsingskader

Het omgevingsplan moet voldoen aan een specifieke Europese wetgeving, namelijk artikel 14, aanhef en onder 5, van Richtlijn nr. 2006/123/EG, ook wel bekend als de Dienstenrichtlijn. Deze wetgeving is opgesteld door het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie en heeft als doel handelsbelemmeringen voor diensten binnen de EU weg te nemen. Dit wordt gedaan door administratieve procedures voor dienstverleners te vereenvoudigen, de rechten van consumenten en bedrijven te versterken, en samenwerking tussen EU-landen te bevorderen.

De Dienstenrichtlijn gaat over mensen of bedrijven die diensten aanbieden als economische activiteit. Dit kunnen verschillende soorten diensten zijn, zoals zakelijke diensten, toerisme, bouw, detailhandel, enzovoort.

Volgens de Dienstenrichtlijn mogen regels in een omgevingsplan niet gebaseerd zijn op economische motieven. Dit betekent dat de regels die bepalen of een dienstverlenend bedrijf zich ergens mag vestigen, niet afhankelijk mogen zijn van economische criteria zoals bijvoorbeeld het aantal bestaande bedrijven in de buurt of de economische impact op bestaande bedrijven. Artikel 5.1a van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) bepaalt dat een omgevingsplan moet voldoen aan deze Europese regels. Dit houdt in dat alle verplichtingen, verboden, voorwaarden of beperkingen die gelden voor het starten en uitvoeren van een dienstverlenende activiteit, moeten voldoen aan de Dienstenrichtlijn.

Artikel 14 van de Dienstenrichtlijn bevat specifieke bepalingen met betrekking tot regels in omgevingsplannen. Onder artikel 14, aanhef en onder 5, wordt gesteld dat omgevingsplannen geen specifieke regels hoeven op te nemen die gericht zijn op dienstverleners.

6.4.2 Toetsing

Met de wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad, blijven dienstverlenende activiteiten die in de bestaande situatie worden uitgevoerd en zijn toegestaan mogelijk. Er worden met de wijziging van het omgevingsplan geen extra diensten mogelijk gemaakt en er worden geen beperkende maatregelen getroffen. Er zijn geen specifieke regels opgenomen met betrekking tot de dienstenrichtlijn.

6.5 Verkeer en parkeren

6.5.1 Toetsingskader

Op basis van de Omgevingswet moet worden aangetoond dat nieuwe ontwikkelingen geen negatieve invloed hebben op verkeer, parkeren, bereikbaarheid, leefbaarheid en verkeersveiligheid. 

In de bouw- en gebruiksregels een dynamische verwijzing opgenomen naar de 'Nota Parkeernormen Lelystad 2023'

6.5.2 Toetsing

Bij de wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad verandert er niets aan de huidige verkeerssituatie. De manier waarop het verkeer nu verloopt en hoe de parkeerplaatsen zijn ingericht, blijft hetzelfde.

6.6 Geluid

6.6.1 Geluidsaandachtsgebieden

Een geluidaandachtsgebied is een locatie langs een weg of spoorweg of rond een industrieterrein waarbinnen het geluid op een geluidgevoelig gebouw hoger kan zijn dan de standaardwaarde in Lden volgens tabel 1. Voor gemeentewegen geldt dat het geluidaandachtsgebied moet worden bepaald op basis van de nog vast te stellen basisgeluidemissie (op basis van een basisjaar dat uiterlijk 2026 is).

Totdat de basisgeluidemissie is vastgesteld, gelden vanuit overgangsrecht voor gemeentewegen, lokale spoorwegen en waterschapswegen vaste afstanden voor het geluidaandachtsgebied: 

  • voor een weg, bestaande uit een of twee rijstroken en een maximum snelheid van 30 km/uur of minder geldt: 100 m;

  • voor een weg, bestaande uit een of twee rijstroken, waarvoor een onbekende maximumsnelheid van meer dan 30 km/uur geldt, en een spoorweg, bestaande uit één of twee sporen: 200 m;

  • voor een weg, bestaande uit drie of meer rijstroken, en een spoorweg, bestaande uit drie of meer sporen: 350 m;

  • als de lokale spoorweg grotendeels is verweven of gebundeld met een gemeenteweg wordt het totaal van het aantal sporen of rijstroken beschouwd.

 

Voor provinciale wegen blijft de systematiek van de Wet geluidhinder van kracht tot het moment waarop geluidproductieplafonds als omgevingswaarden (provincie) zijn vastgesteld en vormt het geluidaandachtsgebied van een provinciale weg de geluidzone, bedoeld in artikel 74 van de Wet geluidhinder (voor nieuwe woningen binnen het geluidaandachtsgebied/geluidzone moeten dan nog hogere waarden worden vastgesteld).

Voor gezoneerde industrieterreinen blijft de systematiek van de Wet geluidhinder van kracht tot het moment waarop geluidproductieplafonds als omgevingswaarden zijn vastgesteld en is het geluidaandachtsgebied van een industrieterrein de op grond van de Wet geluidhinder vastgestelde zone (voor nieuwe woningen binnen het geluidaandachtsgebied/geluidzone moeten dan nog hogere waarden worden vastgesteld).

Een aantal geluidzones van (spoor)wegen die in de huidige bestemmingsplannen zijn opgenomen, zijn niet meer opgenomen in dit omgevingsplan. Dit vanwege gewijzigde regelgeving, het vervallen van de Wet Geluidshinder en de vervanging daarvan door het Besluit kwaliteit leefomgeving.

Tabel 1: Standaardwaarden en grenswaarden geluid per geluidbronsoort

Geluidbronsoort

Standaardwaarde Lden [dB] 2) 3)

Grenswaarde Lden[dB]

Grenswaarde Lden[dB]

 

 

Vaststellen geluidproductieplafonds

Aanleg/wijziging wegen/lokale spoorwegen zonder geluidproductieplafonds

Nieuw geluidgevoelig gebouw

Provinciale wegen

Rijkswegen

50

651)

60

Gemeentewegen

Waterschapswegen

53

70

70

Lokale spoorwegen

Hoofdspoorwegen

55

70

65

Industrieterreinen

50 Lden/40 Lnight

60 Lden/50 Lnight

55 Lden/45 Lnight

1) Voor een provinciale weg die binnen de bebouwde kom ligt, kan bij de vaststelling van een geluidproductieplafond de grenswaarde met ten hoogste 5 dB worden overschreden, als die overschrijding redelijkerwijs niet is te voorkomen.

2) Of de waarde van het geluid bij volledige benutting van het geldende geluidproductieplafond ten tijde van de vaststelling.

3) Bij de wijziging van een gemeenteweg, waterschapsweg of lokale spoorweg geldt de standaardwaarde of het geluid op geluidgevoelige gebouwen ten tijde van de wijziging.

6.6.2 Toetsingskader wegen, spoorwegen en industrieterreinen

Het Bkl kent met betrekking tot geluid instructieregels in hoofdstuk 3 en 5. De instructieregels in hoofdstuk 3 zijn bedoeld voor het beheersen van de geluidemissie door wegen, spoorwegen en industrieterreinen (gericht op de bronbeheerder, vaststellen geluidproductieplafonds). De instructieregels in hoofdstuk 5 zijn specifiek bedoeld voor de ETFAL bij de aanleg of wijziging van het gebruik van gemeentewegen, waterschapswegen of lokale spoorwegen (zonder geluidproductieplafonds) en het toelaten van nieuwe geluidgevoelige gebouwen binnen een geluidaandachtsgebied, waarbij rekening wordt gehouden met het geluid door wegen, spoorwegen en industrieterreinen. Het normenstelsel voor geluid op basis van het Bkl is samengevat weergegeven in bovenstaande tabel 1. Daarnaast regelt hoofdstuk 5 het geluid van activiteiten (zie volgend).

6.6.3 Toetsingskader voor geluid door activiteiten (anders dan wonen)

Activiteiten op industrieterreinen met geluidproductieplafonds als omgevingswaarden

Via een wijziging van het omgevingsplan worden als omgevingswaarden geluidproductieplafonds vastgesteld rondom industrieterreinen waar activiteiten worden verricht die in aanzienlijke mate geluid kunnen veroorzaken.  Deze activiteiten zijn vastgelegd in artikel 5.78b van het Bkl. Van belang is de uitzondering van activiteiten waarvoor het omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse omgevingsplanactiviteit waarborgt dat het langtijdgemiddelde beoordelingsniveau LAr,LT op 50 meter niet meer bedraagt dan de standaardwaarden volgens tabel 2. De geluidproductieplafonds dienen te worden vastgesteld conform § 3.5.4 van het Bkl. In het omgevingsplan worden regels opgenomen over activiteiten, gericht om te voldoen aan de geluidproductieplafonds.

Geluid vanwege activiteiten niet op een industrieterrein met geluidproductieplafonds als omgevingswaarden

In een omgevingsplan wordt rekening gehouden met het geluid door activiteiten op geluidgevoelige gebouwen en voorziet erin dat het geluid door een activiteit aanvaardbaar is (opnemen van waarden in het omgevingsplan). Dit is het geval als wordt voldaan aan de waarden als aangegeven in tabel 2 en 3.

Tabel 2: Standaardwaarden toelaatbaar geluid op een geluidgevoelig gebouw

 

07.00-19.00 uur

19.00-23.00 uur

23.00-07.00 uur

LAr,LT als gevolg van activiteiten

50 dB(A)

45 dB(A)

40 dB(A)

LAmax door aandrijfgeluid van transportmiddelen

--

70 dB(A)

70 dB(A)

LAmax door andere piekgeluiden

--

65 dB(A)

65 dB(A)

Tabel 3: Standaardwaarden toelaatbaar geluid in geluidgevoelige ruimten

 

07.00-19.00 uur

19.00-23.00 uur

23.00-07.00 uur

LAr,LT als gevolg van activiteiten

35 dB(A)

30 dB(A)

25 dB(A)

LAmax door aandrijfgeluid van transportmiddelen

--

55 dB(A)

55 dB(A)

LAmax door andere piekgeluiden

--

45 dB(A)

45 dB(A)

Voor een activiteit op een in het omgevingsplan aangewezen bedrijventerrein, kunnen de waarden uit tabel 2 en 3 met 5 dB worden verhoogd voor geluidgevoelige gebouwen op datzelfde bedrijventerrein. Voor een activiteit in een in het omgevingsplan aangewezen agrarisch gebied, kunnen de waarden uit tabel 2 en 3 met 5 dB worden verlaagd voor geluidgevoelige gebouwen binnen dat agrarisch gebied.

In een omgevingsplan kunnen andere waarden (ook hogere) worden opgenomen als in ieder geval wordt voldaan aan de binnenwaarden volgens tabel 3.

6.6.4 Toetsing geluid spoorwegen

Met de wijziging van dit omgevingsplan wordt een begin gemaakt met een beleidsarme omzetting van stadsrandgebied van de gemeente Lelystad. Er worden geen nieuwe geluidgevoelige gebouwen mogelijk gemaakt, dan wel worden er geen nieuwe wegen mogelijk gemaakt of bestaande wegen gewijzigd. Voor wat betreft het geluid door (spoor)wegen hoeft er geen toetsing plaats te vinden, aangezien de bestaande woonactiviteiten al zijn toegestaan.

Op basis van § 11.2.5.2 van het Bkl (gegevensbeheer) is er een landelijk geluidregister (CVGG) met daarin de geluidproductieplafond (Rijks- en provinciale wegen), de basisgeluidemissies (gemeentewegen), de bijbehorende geluidbrongegevens en de geluidaandachtsgebieden. Het is daarmee niet noodzakelijk deze gegevens op te nemen in de wijziging van het omgevingsplan, maar te verwijzen naar het CVVG (wat nog grotendeels gevuld moet worden). Bij eventuele nieuwe wijzigingen of BOPA’s gelden onverkort de instructieregels van het Bkl.

6.6.5 Toetsing geluid door activiteiten

Het geluid vanwege activiteiten anders dan wonen binnen het plangebied is momenteel geregeld via het tijdelijk deel van het omgevingsplan en de Bruidsschat. Uiteindelijk zullen voor hele gebied van de gemeente Lelystad geluidregels moeten worden bepaald die in lijn zijn met de instructieregels van het Bkl (op hoofdlijnen tabel 3 en 4). Het is mogelijk daarbij gebiedsgerichte grenswaarden op te nemen of op andere wijze invulling te geven aan de instructieregels.

Voor de wijziging van dit omgevingsplan is ervoor worden gekozen de Bruidsschat in stand te laten totdat bovengenoemde keuzes zijn gemaakt.

De grenswaarden die op grond van subparagraaf 22.3.4.2 uit de Bruidsschat op deze activiteiten van toepassing zijn, sluiten aan bij de akoestische kwaliteit die de gemeente voor de bestaande woongebieden aanvaardbaar vindt. De regels in het tijdelijke deel bieden voldoende waarborgen voor een goed akoestisch woon- en leefklimaat in de bestaande woongebieden in het stadsrandgebied van Lelystad.

6.6.6 Gewijzigde regelgeving

[Gereserveerd]

6.7 Luchtkwaliteit

6.7.1 Toetsingskader

Op grond van de artikelen 5.50 en 5.51 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) gelden bepaalde regels voor de luchtkwaliteit wanneer er plannen zijn om een autoweg, snelweg of tunnel aan te leggen. Dit geldt ook als een gemeente onderdeel is van een aangewezen stedelijk gebied en er milieubelastende activiteiten gepland zijn die de luchtkwaliteit kunnen beïnvloeden. Bij het aanpassen van het omgevingsplan moeten de normen voor luchtkwaliteit worden nageleefd.

Soms kan gebruik worden gemaakt van de 'niet in betekenende mate' argumentatie. Dit betekent dat de activiteiten die door de wijziging van het omgevingsplan mogelijk worden gemaakt, zo weinig bijdragen aan de vervuiling dat ze geen significante toename van schadelijke stoffen in de lucht veroorzaken.

In alle andere gevallen moet onderzoek worden gedaan naar de impact van de activiteiten op de luchtkwaliteit om te bepalen of aan de geldende normen wordt voldaan.

6.7.2 Toetsing

Deze wijziging van het omgevingsplan is van toepassing op  het stadsrandgebied van Lelystad. Er worden geen nieuwe woningen of andere nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt met deze wijziging van het omgevingsplan. Daarom is deze instructieregel niet op deze wijziging van het omgevingsplan van toepassing.

6.8 Geur

6.8.1 Toetsingskader

De geuruitstoot van activiteiten in en rondom bestaande woongebieden kan de kwaliteit van de leefomgeving beïnvloeden. Het omgevingsplan moet daarom rekening houden met de geurbelasting bij geurgevoelige gebouwen binnen en buiten deze woongebieden.

In hoofdstuk 5 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan instructieregels die bepalen dat het omgevingsplan regels moet bevatten om ervoor te zorgen dat het geurhinderniveau binnen de woongebieden aanvaardbaar blijft en aan welke voorwaarden die dan moeten voldoen. Het gaat daarbij bijvoorbeeld om richtlijnen voor regels rondom waterzuiveringsinstallaties en het houden van landbouwhuisdieren. 

Daarnaast kan de gemeente beslissen of er extra regels nodig zijn om de geurbelasting van andere activiteiten in het plangebied acceptabel te houden. Omdat de gemeente geen eigen geurbeleid heeft, is hier geen sprake van. De landelijke kaders en de bruidsschat blijven ongewijzigd van toepassing. Deze regels worden geacht te voorzien in aanvaardbare geurbelasting op geurgevoelige gebouwen.

6.8.2 Toetsing

De wijziging  van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad  maakt geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk. De huidige situatie is het uitgangspunt. De regels met betrekking tot het aspect geur zijn opgenomen in de Bruidsschat en maken deel uit van het tijdelijk deel van het omgevingsplan (paragraaf 22.3.6 Geur). De gemeente heeft geen extra regels in het omgevingsplan opgenomen in het kader van geurhinder. De regels over geur in de bruidsschat blijven ongewijzigd van toepassing.

6.9 Bodem

6.9.1 Toetsingskader

Volgens de instructieregels in paragraaf 5.1.4.5 van het Bkl moeten er in het omgevingsplan regels staan die de kwaliteit van de bodem waarborgen bij bouwactiviteiten op bodemgevoelige locaties. Het omgevingsplan kan toestaan dat er op locaties gebouwd wordt waar de bodemnormen worden overschreden, mits er sanerende of andere beschermende maatregelen worden genomen.

Daarnaast moet het omgevingsplan ten minste een meldingsplicht bevatten voor het bouwen van een bodemgevoelig gebouw op een bodemgevoelige locatie. Ook moeten er regels worden opgenomen die ervoor zorgen dat sanerings- en andere beschermende maatregelen worden gehandhaafd.

Verder moeten er in het omgevingsplan regels staan over het in de grond brengen van grond en baggerspecie. Het omgevingsplan kan een bodembeheergebied aanwijzen en de landbodem indelen in verschillende bodemfunctieklassen.

6.9.2 Toetsing

Met deze wijziging van het omgevingsplan worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt in het stadsrandgebied van de gemeente Lelystad. De bestaande activiteiten blijven mogelijk binnen het plangebied. Bodemgevoelige functies zijn nu reeds toegestaan waardoor de instructieregel voor het milieuaspect bodem niet op deze wijziging van het omgevingsplan van toepassing is.

In de provincie Flevoland vindt veel grondverzet plaats. De zes gemeenten in Flevoland hebben een gezamenlijke nota bodembeheer vastgesteld, waardoor de regels in de gehele provincie hetzelfde zijn. In de Nota bodembeheer staat aangegeven aan welke eisen het hergebruik van (licht verontreinigde) grond moet voldoen. In verband met het afwijken van de interventiewaarden en de regels over het toepassen van baggerspecie is een voorbereidingsbesluit genomen.

6.10 Trillingen

6.10.1 Toetsingskader

Volgens artikel 5.83 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moet bij het aanpassen van een omgevingsplan rekening worden gehouden met trillingen die activiteiten veroorzaken in trillinggevoelige ruimten en gebouwen. Het omgevingsplan moet ervoor zorgen dat deze trillingen in zulke ruimten en gebouwen aanvaardbaar zijn. Er moet een balans worden gevonden tussen het beschermen van de leefomgeving en het optimaal benutten van de locatie. In paragraaf 5.1.4.4 van het Bkl staan de instructieregels voor trillingen. Deze instructieregels zijn gericht op de bescherming van trillinggevoelige ruimten in trillinggevoelige gebouwen. In artikel 22.90 van de Bruidsschat zijn de standaardwaarden voor trillingen uit het Bkl overgenomen. 

6.10.2 Toetsing

Met de wijziging van het omgevingsplan worden geen activiteiten mogelijk gemaakt in het stadsrandgebied van de gemeente Lelystad die tot ontoelaatbare trilling leiden. 

6.11 Omgevingsveiligheid

6.11.1 Toetsingskader

Bij het wijzigen van een omgevingsplan moet volgens artikel 5.2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) rekening worden gehouden met risico's van branden, rampen en crises. Dit omvat het voorkomen, beperken en bestrijden van dergelijke incidenten, het waarborgen van de veiligheid van personen en het voorzien in geneeskundige hulpverlening.

Specifiek voor activiteiten die gevaarlijke stoffen, vuurwerk, explosieven en windturbines omvatten, zijn gedetailleerde instructieregels opgesteld. Deze regels hanteren een systeem van plaatsgebonden risico's en aandachtsgebieden om de nadelige gevolgen voor de externe veiligheid te beheersen.

Bij wijzigingen van het omgevingsplan moet een plaatsgebonden risico van 10-⁶ in acht worden genomen, wat betekent dat het risico op overlijden van een persoon tot één geval per miljoen jaar beperkt moet blijven. Er is ook een motiveringsverplichting voor het toestaan van kwetsbare gebouwen binnen aandachtsgebieden, en voor zeer kwetsbare gebouwen moet een voorschriftengebied worden aangewezen.

Aandachtsgebieden zijn zones waar mensen zonder extra maatregelen niet voldoende beschermd zijn tegen gevaren zoals brand, explosies en giftige stoffen. De gemeente bepaalt welke maatregelen nodig zijn om de veiligheid in deze gebieden te waarborgen.

Voorbeelden van aandachtsgebieden zijn:

  • Brandaandachtsgebieden (BAG): Gebieden met een warmtestraling van maximaal 10 kW/m².

  • Explosieaandachtsgebieden (EAG): Gebieden met een warmtestraling van maximaal 35 kW/m² bij een Boiling Liquid Expanding Vapor Explosion (BLEVE-explosie) en een overdruk van maximaal 10 kPa bij andere explosies.

  • Gifwolkaandachtsgebieden (GAG): Gebieden waar blootstelling aan een gevaarlijke stof dodelijk kan zijn, begrensd tot 1,5 km voor ruimtelijke ontwikkeling.

 

Een brandvoorschriftengebied en een explosievoorschriftengebied zijn locaties die in een omgevingsplan kunnen worden aangewezen als er een brandaandachtsgebied of explosieaandachtsgebied is toegelaten en waar de eis van artikel 4.90 van het Besluit bouwwerken leefomgeving geldt. In een omgevingsplan worden deze aandachtsgebieden aangewezen als voorschriftengebieden, tenzij er wordt afgezien van aanwijzing of een kleiner gebied wordt aangewezen. Dit geldt niet voor locaties met zeer kwetsbare gebouwen. Voor zeer kwetsbare gebouwen moet altijd een brand- of explosievoorschriftengebied worden aangewezen. De grenzen van deze gebieden worden vastgelegd in het omgevingsplan. Bepaalde activiteiten zijn uitgezonderd van deze aanwijzingen volgens bijlage VII van het besluit.

Naast gevaarlijke stoffen kunnen andere activiteiten ook branden, rampen of crises veroorzaken. De Handreiking Bouwstenen Fysieke Veiligheid in het Omgevingsplan van Brandweer Nederland wijst thema's aan zoals bluswater, natuurbranden, windturbines, overstromingen, evenementen, gebruik van gebouwen en rookoverlast.

Bij het opstellen van een omgevingsplan moet worden aangesloten bij deze handreiking om een veilige leefomgeving te garanderen.

6.11.2 Toetsing

Bestaande gebouwen en locaties

Het gaat om een consoliderend omgevingsplan, er worden geen nieuwe functies mogelijk gemaakt. Binnen het plangebied zijn zeer kwetsbare gebouwen, kwetsbare gebouwen, beperkt kwetsbare gebouwen en (beperkt) kwetsbare locaties aanwezig (bijlage VI Bkl).

Vanuit het oogpunt van een evenwichtige toedeling van functies en zorgvuldigheid is er een inventarisatie uitgevoerd naar risicobronnen waar met gevaarlijke stoffen gewerkt wordt of waar transport met deze stoffen plaatsvindt. 

Op de atlas leefomgeving staan de volgende risicobronnen in en nabij het plangebied:

  • a.

    Rijksweg A6

  • b.

    Spoortraject Weesp-Zwolle

  • c.

    Waterweg Corridor Amsterdam-Noord Nederland, traject IJmeer en Markermeer

  • d.

    Opslagtanks propaan

  • e.

    LPG-tankstations

  • f.

    Windturbines

In onderstaande figuren 6.1 en 6.2, zijn de risicobronnen op kaart weergegeven.

Figuur 6.1 Uitsnede risicokaart in en nabij plangebied (noordzijde)
afbeelding binnen de regelingAtlas Leefomgeving (www.atlasleefomgeving.nl (juni 2025))
Figuur 6.2 Uitsnede risicokaart in en nabij plangebied (zuidzijde)
afbeelding binnen de regelingAtlas Leefomgeving (www.atlasleefomgeving.nl (juni 2025))

Omdat het gaat om een conserverend plan is het niet noodzakelijk om te toetsen aan de plaatsgebonden risicocontouren van de risicobronnen. 

De aandachtsgebieden van de risicobronnen spoorweg Weesp- Zwolle, rijksweg A6 en de LPG-tankstations liggen in het plangebied. Omdat geen nieuwe functies worden toegestaan, blijft het aantal personen gelijk. Het is niet noodzakelijk om het groepsrisico  te motiveren.

Nieuwe situaties

Voor nieuwe situaties geldt dat deze aangevraagd moet worden met een BOPA. Om te borgen dat binnen de plaatsgebonden risicocontouren 10-6 van de LPG tankstations geen zeer kwetsbare gebouwen en (beperkt) kwetsbare gebouwen en (beperkt)kwetsbare locaties gerealiseerd worden, zijn in de artikelen 10.2, 10.3 en 10.4 van het omgevingsplan regels en beoordelingsregels opgenomen.

6.12 Windhinder

6.12.1 Toetsingskader

Wind kan hinderlijk en zelfs gevaarlijk zijn. Windhinder doet zich vooral voor in stedelijke gebieden rond hoge gebouwen waar de windsnelheid toeneemt. Dit kan het verblijf in de directe omgeving onaangenaam of zelfs gevaarlijk maken. Voor windhinder zijn er geen specifieke instructieregels in de Omgevingswet opgenomen. De gemeente heeft de vrijheid om hier zelf regels voor op te stellen.

6.12.2 Toetsing

De wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad is bedoeld om de huidige situatie te behouden. Er hoeft geen toetsing plaats te vinden. Bovendien zijn er geen normen opgenomen in het omgevingsplan.

6.13 Slagschaduw

6.13.1 Toetsingskader

Op grond van artikel 5.89c van het Bkl moet bij het aanpassen van het omgevingsplan rekening worden gehouden met de slagschaduw van windturbines op gevoelige gebouwen, zoals woningen. Als het omgevingsplan wordt aangepast om een nieuwe windturbine toe te laten of om een nieuw slagschaduwgevoelig gebouw in de buurt van een bestaande windturbine te bouwen, moet ervoor gezorgd worden dat aan artikel 5.89f van het Bkl wordt voldaan. Dit betekent dat in het omgevingsplan moet worden vastgelegd dat de slagschaduw in verblijfsruimten van een slagschaduwgevoelig gebouw, dat dichterbij is dan twaalf keer de rotordiameter van de windturbine, maximaal gemiddeld zeventien dagen per jaar en niet meer dan twintig minuten per dag mag optreden.

6.13.2 Toetsing

De wijziging van het omgevingsplan betreft geen ontwikkeling waarbij rekening moet worden gehouden met slagschaduw. Dit aspect is hier niet aan de orde.

6.14 Water

6.14.1 Toetsingskader

De belangrijkste verandering door de Omgevingswet voor het waterbeheer is dat gemeenten en waterschappen meer vrijheid krijgen in hun beleid. Een deel van de nationale regelgeving wordt namelijk via de Bruidsschat Omgevingswet overgedragen aan gemeenten en waterschappen. Dit betreft onder andere regels voor het lozen van afvalwater in het riool, de bodem, en het oppervlaktewater, evenals het aansluiten op de riolering. Met de inwerkingtreding van de Omgevingswet worden deze regels automatisch onderdeel van het gemeentelijke omgevingsplan (voor lozingen in de bodem en riool, en het aansluiten op de riolering) en de waterschapsverordening (voor lozingen in oppervlaktewater).

Lelystad ligt in het beheergebied van waterschap Zuiderzeeland. Vanaf 1 januari 2024 is de keur van het waterschap vervangen door de waterschapsverordening. Deze verordening bevat specifieke regels voor het watersysteem en waterstaatswerken binnen het beheergebied van het waterschap. Samen met het omgevingsplan bevat de waterschapsverordening de regels voor de fysieke leefomgeving op lokaal niveau. De waterschapsverordening bevat regels voor waterkeringen, watergangen, grondwater en afvalwaterlozingen.

Volgens artikel 5.37 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) moeten gemeenten bij het aanpassen van het omgevingsplan rekening houden met de gevolgen voor het beheer van watersystemen. De opvattingen van de waterbeheerder moeten hierbij betrokken worden. Ruimtelijke plannen worden vroegtijdig door de initiatiefnemer of de gemeente met het waterschap en Rijkswaterstaat afgestemd in kader van de weging van het waterbelang (voorheen: watertoets). De gemeente is verplicht om deze waterbelangen mee te nemen in de regels die zij in het omgevingsplan voor de fysieke leefomgeving opneemt. Artikel 5.37 van het Bkl vereist dat gemeenten rekening houden met de gevolgen voor het waterbeheer bij het opstellen van het omgevingsplan. Paragraaf 5.1.3 van het Bkl stelt aanvullende eisen om belemmeringen voor primaire waterkeringen te voorkomen (artikel 5.38) en het bouwen binnen het kustfundament (artikel 5.30).

De verantwoordelijkheid voor het onderhouden en veilig houden van de primaire keringen ligt bij het Rijk en de waterschappen. Het Rijk stelt de normen voor bescherming tegen overstromingen vast. De primaire keringen die door het waterschap worden beheerd, staan vermeld in de omgevingsverordening van de provincie Flevoland.

6.14.2 Toetsing

Met de wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt. Indien ruimtelijke ingrepen plaatsvinden zullen deze plannen in een vroegtijdig stadium moeten worden afgestemd met de gemeente, provincie, het waterschap en Rijkswaterstaat.

6.15 Cultureel erfgoed

6.15.1 Toetsingskader cultuurhistorie

De regels van het Rijk over cultureel erfgoed en werelderfgoed zijn vastgelegd in artikel 5.130 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) en in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Artikel 5.130 van het Bkl bepaalt dat een omgevingsplan rekening moet houden met het behoud van cultureel erfgoed, inclusief bekende of verwachte archeologische monumenten. Om dit te waarborgen, moeten in het omgevingsplan regels worden opgenomen die het cultureel erfgoed beschermen. Hierbij wordt rekening gehouden met de volgende principes:

a) Het voorkomen van ontsiering, beschadiging of sloop van (beschermde) monumenten en archeologische monumenten die door het omgevingsplan worden beschermd. 

b) Het voorkomen van verplaatsing van (beschermde) monumenten of delen daarvan, tenzij dit dringend nodig is voor het behoud van die monumenten. 

c) Het bevorderen van het gebruik van monumenten, eventueel door aanpassingen, waarbij de monumentale waarden behouden blijven. 

d) Het voorkomen van aantasting van:

  • De omgeving van rijksmonumenten en andere beschermde monumenten, zodat ze niet worden ontsierd of beschadigd.

  • Het karakter van beschermde stads- of dorpsgezichten en cultuurlandschappen door sloop, nieuwbouw of andere grote veranderingen. 

e) Het conserveren en behouden van archeologische monumenten, bij voorkeur op de oorspronkelijke locatie.

Het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) in Nederland geeft specifieke regels voor wat een omgevingsplan moet regelen met betrekking tot cultureel erfgoed en werelderfgoed:

  • regels voor een rijksmonumentenactiviteit

  • regels voor andere activiteiten die een rijksmonument betreffen

  • regels voor werelderfgoed

  • regels voor archeologische toevalsvondsten in de exclusieve economische zone, buiten de aansluitende zone

 

Artikel 13.8 van het Bal geeft aan gemeenten de mogelijkheid om in het omgevingsplan maatwerkregels te stellen ter invulling van de specifieke zorgplicht (13.7 Bal). 

Op 28 augustus 2008 heeft de gemeenteraad van Lelystad het archeologische beleid vastgesteld. Dit beleid is opgesteld om vorm te geven aan het rijks- en provinciaal beleid voor archeologie en cultuurhistorie. Het beleid bestaat uit beleidsafspraken en een beleidsadvieskaart. Bij toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen moet rekening worden gehouden met op de kaart aangemerkte gebieden.

6.15.2 Toetsing cultuurhistorie

In de ondergrond van Flevoland bevinden zich sporen van zeer oude, fossiele landschappen. Deze aardkundige elementen vertellen de geschiedenis van de Flevolandse bodem Het noordelijk deel van het plangebied is gelegen in het stroomgebied Oer-IJssel met rivierduinen. Dit is één van de aardkundig waardevolle gebieden van Flevoland. Dit gebied is deels beschermd.

Met deze wijziging van het omgevingsplan worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt. Grondroerende werkzaamheden worden niet uitgevoerd. In het omgevingsplan worden in hoofdstuk 19 onder meer regels opgesteld ter bescherming van archeologische en cultuurhistorische waarden.

6.15.3 Toetsingskader archeologie

Zoals in paragraaf 6.15.1 is aangegeven heeft de gemeenteraad van Lelystad op 28 augustus 2008 het archeologische beleid vastgesteld. In het beleid is ook de doorwerking van het beleid voor bestemmingsplannen opgenomen. Daarbij is een lijst opgenomen met categorieën van archeologische waarden en de manier waarop deze in het bestemmingsplan opgenomen moeten worden. Archeologische vindplaatsen, zoals scheepswrakken, worden in de bestemmingsplannen opgenomen. Deze vindplaatsen worden gelijkgesteld met Provinciaal Archeologische Kerngebieden (PArK). Bij ontwikkelingen in dergelijke gebieden moet altijd archeologisch onderzoek plaatsvinden.

De gemeente moet bij het vaststellen van het omgevingsplan rekening houden met het belang van het behoud van cultureel erfgoed. Hieronder vallen ook bekende of aantoonbaar te verwachten archeologische monumenten. Dit staat in artikel 5.130 lid 1 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). De provincie Flevoland heeft in bijlage II van de provinciale Omgevingsverordening archeologische beschermingszones in een geometrisch begrensd gebied vastgelegd. Het betreft de beschermingszone Provinciale Archeologische en Aardkundige Kerngebieden en de beschermingszone Top-10 Archeologische Locaties. De gemeente kan in het belang van archeologische monumentenzorg regels stellen in het omgevingsplan over archeologisch onderzoek.

6.15.4 Toetsing archeologie

De gemeente Lelystad kent naast scheepswrakken een rijk bodemarchief met archeologische resten die teruggaan tot het Mesolithicum (8.000 v. Chr.). Het plangebied valt grotendeels buiten het PArK en aandachtsgebied. Volgens de Indicatieve Kaart Archeologische Waarden (IKAW 2.0) bevindt het plangebied zich in een gebied met een lage archeologische verwachtingswaarde. In het gebied bevindt zich een pleistocene dekzandrug met een hoge archeologische verwachtingswaarde.

Binnen het plangebied zijn er verschillende locaties waar een archeologische waarde aan is toegekend. Hieronder wordt per gebied kort aangegeven waar deze waarden voor zijn opgenomen.

Kustpark

Het merendeel van het Kustpark kent een lage archeologische verwachtingswaarde met een geringe kans op prehistorische vindplaatsen. Alleen ten zuiden van de Houtribweg bevindt zich een langwerpige strook met een hoge archeologische waarde. Dit deel, dat momenteel als bos en agrarisch terrein (inclusief boomkwekerij) wordt benut, valt onder een archeologisch aandachtsgebied waarin goed geconserveerde sporen van prehistorische nederzettingen, zoals die van de Swifterbantcultuur, zijn aangetroffen. Bij nieuwe ontwikkelingen is aanvullend archeologisch onderzoek noodzakelijk.

De Velden

In De Velden heeft het grootste deel eveneens een lage archeologische verwachtingswaarde. Een specifiek gebied ten zuiden van de Houtribweg kent echter een hoge waarde en is in het omgevingsplan als beschermingsgebied aangeduid. Nieuwe ontwikkelingen vereisen hier archeologisch onderzoek.

Groene Velden

Aan de Binnenhavenweg, in het zuiden van de Groene Velden, is een ARCHIS-waarneming vastgesteld van een scheepswrak dat als "opgegeven" is geregistreerd en met het omgevingsplan beschermd wordt. Binnen het grotere gebied de Groene Velden zijn geen archeologische vondsten gedaan en wordt ook niet verwacht dat er resten aanwezig zijn.

Hollandse hout

De locatie van het aangetroffen waterschip wordt in het omgevingsplan beschermd. Nieuwe ontwikkelingen worden niet voorzien; vanwege het geldende bouwverbod zijn ingrepen beperkt tot verder onderzoek en behoud van de archeologische waarde. Aangezien de aanwezigheid van archeologische sporen nooit volledig kan worden uitgesloten, is alertheid tijdens bodemverstorende werkzaamheden essentieel. Scheepswrakken kunnen immers op meerdere punten van de voormalige Zuiderzeebodem voorkomen, waarbij de meeste relatief dicht bij de oppervlakte liggen.

Buitenhof

Uit onderzoeken blijkt dat er lokaal een dekzandrug aanwezig is in het centraal westelijk deel van Buitenhof. De top van deze dekzandrug bevindt zich op een diepte van ongeveer -8,4 tot -8,9 m NAP – dat wil zeggen 4 à 5 meter onder maaiveld – en de dekzandrug beslaat circa 7,4 hectare. Tijdens diverse uitvoeringsfasen kunnen grondwerkzaamheden tot in de top van de dekzandrug plaatsvinden. Ook het slaan van damwanden rond de haven kan reiken tot aan dit niveau, hoewel werkzaamheden zoals de aanleg van watergangen, infrastructuur en het uitgraven van de haven doorgaans ondieper zijn: de bodem van de haven ligt namelijk een meter boven het topniveau van de dekzandrug. Verder bevindt de pleistocene ondergrond in het overige deel van het plangebied zich op circa -9,0 tot -9,5 m NAP, zonder aanwijzingen voor oude kreekruggen of veraard veen waarin bewoningssporen verwacht zouden worden.

Met deze wijziging van het omgevingsplan worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt. Het betreft dus enkel het opnieuw toestaan van de bestaande activiteiten in het plangebied. Dit betekent dat er geen graafwerkzaamheden zullen plaatsvinden die de bodem verstoren en eventuele archeologische waarden aantasten. Indien ruimtelijke ingrepen plaatsvinden in het plangebied, moeten deze plannen in een vroegtijdig stadium worden afgestemd met de gemeente. In hoofdstuk 19 van het omgevingsplan zijn de regels opgenomen ter bescherming van de archeologische waarden. Deze regels zijn gebaseerd op de regels uit de bestemmingsplannen De_Groene_Velden,Hollandsehout, Lelystad - Buitenhof en Stadsrandgebied.

6.16 Natuur

6.16.1 Toetsingskader

Een van de thema's die op grond van de Omgevingswet deel uitmaakt van de fysieke leefomgeving, is de natuur. Deze wet verplicht bestuursorganen om bij hun werkzaamheden te zorgen voor de bescherming van natuurwaarden. Dit betekent dat zij, in lijn met Europese richtlijnen, kwetsbare soorten en gebieden moeten beschermen. Dit gebeurt onder andere door de uitstoot en neerslag van stikstof in de natuur te beperken.

Het nationale beleid richt zich op de bescherming van soorten die zijn aangewezen in de Vogelrichtlijn, de Habitatrichtlijn en de nationaal beschermde soorten. Gebiedsbescherming betreft Natura 2000-gebieden, het Natuur Netwerk Nederland en houtopstanden. Ook faunabeheer is een belangrijk onderdeel van natuurbescherming onder de Omgevingswet.

Hoofdstuk 11 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) bevat regels over activiteiten die invloed kunnen hebben op Natura 2000-gebieden, wilde dieren en planten, en houtopstanden en houtproducten. Het Bal biedt ook de mogelijkheid om, in afwijking van deze regels, maatwerkregels op te nemen in het omgevingsplan.

In hoofdstuk 3 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) staan instructieregels over de bescherming van habitats en soorten. De provincie is verantwoordelijk voor het nemen van maatregelen voor het behoud en herstel van habitats en soorten, het in stand houden van Natura 2000-gebieden, en het bestrijden van invasieve exoten en verwilderde dieren. Op basis van het Bkl moet een programma worden opgesteld om de uitstoot en neerslag van stikstof te verminderen en de natuur te verbeteren. Dit programma kan invloed hebben op de omgevingsplannen van gemeenten. Daarnaast kunnen gemeenten een eigen programma opstellen om stikstof aan te pakken.

De provincie kan haar beschermingsdoelen via instructieregels aan gemeenten opleggen. Gemeenten moeten deze instructieregels volgen bij het opstellen van hun omgevingsplan.

6.16.2 Toetsing

De wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied in Lelystad leidt niet tot ruimtelijke ingrepen die van invloed kunnen zijn op beschermde gebieden als Natura 2000 en NNN. Met deze wijziging van het omgevingsplan worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt. Het staat enkel de bestaande activiteiten in de woongebieden opnieuw toe. Hierdoor verandert de situatie voor beschermde plant- en diersoorten niet.

6.17 Duurzaamheid

6.17.1 Toetsingskader

Er is geen wettelijk kader voor ruimtelijke plannen op het gebied van energie, klimaatadaptatie en circulariteit, maar er zijn wel nationale, regionale en lokale doelstellingen waarmee aan de doelbijdrage kan worden getoetst.

6.17.2 Toetsing

Het is wettelijk geregeld dat alle nieuwbouw aardgasloos moet zijn. Ook het Besluit Bouwwerken Leefomgeving bevat duurzaamheidseisen waar initiatiefnemers rekening mee moeten houden, zoals de isolatiewaarde van het gebouw. Voor alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, geldt dat de vergunningaanvragen sinds 1 januari 2021 moeten voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG). Die eisen vloeien voort uit het Energieakkoord voor duurzame groei en uit de Europese Energy Performance of Buildings Directive (EPBD). 

De wijziging van het omgevingsplan betreft geen wijzigingen in de fysieke leefomgeving. Er vinden geen ingrepen plaats. Bij toekomstige ontwikkelingen zal rekening worden gehouden met bovengenoemde en de lokale en regionale doelstellingen op het gebied van duurzaamheid. 

6.18 Gezondheid

6.18.1 Toetsingskader

Artikel 2.1 van de Omgevingswet geeft aan dat bij het stellen van regels met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties in ieder geval rekening moet worden gehouden met het belang van het beschermen van de gezondheid.

Afdeling 2.2 van het Bkl gaat over de omgevingswaarden beschermen van de gezondheid en het milieu. Milieueisen worden gesteld om de kwaliteit van het milieu te beschermen. Met het beschermen van de kwaliteit van milieu wordt tevens de gezonde leefomgeving beschermd.

6.18.2 Toetsing

Het aspect gezondheid strekt verder dan ziekte en omvat ook mentale gezondheid. Het doel is dat ruimtelijke plannen een positieve bijdrage leveren aan de algehele gezondheid. Met deze wijziging van het omgevingsplan worden geen nieuwe ontwikkelingen toegestaan. Dit betekent dat er geen nieuwe activiteiten worden geïntroduceerd die de gezondheid kunnen schaden of verbeteren. Hierdoor blijft de bestaande situatie, die al voldoet aan de gestelde gezondheidsnormen, behouden.

Het Rijk stelt ondergrenzen voor de bescherming van de gezondheid. Deze zijn vastgelegd in instructieregels en omgevingswaarden voor geluid, luchtkwaliteit, geur en waterkwaliteit. Door geen nieuwe ontwikkelingen toe te staan, wordt gewaarborgd dat de huidige, gezonde leefomgeving behouden blijft. In het omgevingsplan is aangegeven dat de regels met betrekking tot gebruik (artikel 4.2) en bouwen (artikel 5.2) onder meer zijn gesteld met het oog op het beschermen van de gezondheid.

7 Financiële haalbaarheid

7.1 Bekostiging

Dit hoofdstuk heeft betrekking op de wijze van bekostiging. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de situatie waarin het omgevingsplan van rechtswege geldt en de situatie waarin er een gewijzigd omgevingsplan vigeert wat voldoet aan de wettelijke vereisten van de Omgevingswet (inclusief regels over kostenverhaal).

Omgevingsplan van rechtswege 

In het geval dat het omgevingsplan van rechtswege (nog) vigeert zijn er drie mogelijke scenario’s: 

  • a.

     Gemeentelijke bekostiging/geen kostenverhaal (eventueel wel een nadeelcompensatieovereenkomst); 

  • b.

    Anterieure overeenkomst; 

  • c.

    Posterieure overeenkomst.

Gewijzigd omgevingsplan conform wettelijke vereisten Omgevingswet 

Een gewijzigd omgevingsplan met nieuwe ontwikkelmogelijkheden dient regels over kostenverhaal te bevatten, wat (met name) tot uiting komt in kengetallen voor financiële bijdragen. 

In dit geval voorzien wij vier scenario’s: 

  • a.

    Gemeentelijke bekostiging/geen kostenverhaal (eventueel wel een nadeelcompensatieovereenkomst); 

  • b.

    Anterieure overeenkomst in overeenstemming met kengetallen; 

  • c.

    Anterieure overeenkomst niet in overeenkomst met kengetallen (tip: plaats dit scenario op de lijst met verplicht adviesrecht voor de gemeenteraad als de financiële bijdrage lager uitvalt dan op basis van de kengetallen). 

  • d.

    Anterieure overeenkomst zonder kengetallen/kostenverhaalregels

Deze wijziging van het omgevingsplan betreft een beleidsarme omzetting  van het stadsrandgebied in Lelystad. Ontwikkelingen zijn niet in dit plan meegenomen. Dit betekent dat er sprake is van een gemeentelijke bekostiging.

8 Overgangsrecht en inwerkingtreding

8.1 Algemeen

Artikel 3.2.1 en artikel 3.2.2 van het Besluit ruimtelijke ordening schreef dwingend het opnemen van het daar opgenomen overgangsrecht voor respectievelijk bouwwerken en gebruik in een bestemmingsplan voor. Deze instructieregel geldt niet voor het omgevingsplan. Enerzijds kan dat verklaard worden vanuit het perspectief dat het omgevingsplan (anders dan een bestemmingsplan) geen tijdshorizon heeft, anderzijds heeft een omgevingsplan meer het karakter van een verordening en bovendien een meer locatiegerichte regeling mogelijk maakt. 

In het omgevingsplan is in hoofdstuk 28 het overgangsrecht voor bestaande bouwwerken opgenomen.

9 Evenwichtige toedeling van functies aan locaties

9.1 Algemeen

Alle regels in het omgevingsplan samen moeten leiden tot een evenwichtige toedeling van functies aan locaties (art 1.3 en 4.2 Omgevingswet). De gemeente moet daarbij rekening houden met alle betrokken belangen. Verder gelden de instructieregels uit het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).

Ten behoeve van de wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied van Lelystad zijn de voor de fysieke leefomgeving relevante aspecten onderzocht en afgewogen. Deze wijziging van het omgevingsplan is een beleidsarme omzetting van de bestaande plannen die zijn opgenomen in het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Hierbij vinden geen ingrepen in de fysieke leefomgeving plaats: er worden geen nieuwe ontwikkelingen mogelijk gemaakt.

De wijziging van het omgevingsplan is ook getoetst aan het relevante beleid. Hieruit is gebleken dat het project in overeenstemming is met het beleid op de verschillende overheidsniveau's.

Bij de wijziging van het omgevingsplan voor het stadsrandgebied is sprake van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties.

Naar boven